Nota van zienswijzen
Tekst van het document
NOTA VAN ZIENSWIJZEN LANGE KRUISDELSTRAAT 5C HEESWIJK-DINTHER ‘het bouwen van een bedrijfswoning met bijgebouw en het aanleggen van een inrit’ De ontwerpbeschikking, met als bijlagen onder andere de aanvraag en ontwerp verklaring van geen bedenkingen en andere bijbehorende stukken zijn op grond van de Algemene wet bestuursrecht met ingang van 18 oktober 2023 ter inzage gelegd tot en met 29 november 2023. Een ieder is in de gelegenheid gesteld om daartegen zienswijzen naar voren te brengen. Het ontwerpbesluit is tezamen met de ruimtelijke onderbouwing tevens ter inzage gelegd op www.ruimtelijkeplannen.nl. Er is op 27 november 2023 een schriftelijke zienswijze ontvangen, gericht tegen het ontwerpbesluit en de afgegeven verklaring van geen bedenkingen. Deze zienswijze is ontvangen binnen de termijn waarin de ontwerpbeschikking ter inzage heeft gelegen. De zienswijze is daarmee ontvankelijk. Op 29 november 2023 is er nog een schriftelijke zienswijze ontvangen, gericht tegen het ontwerpbesluit. Deze zienswijze is ook ontvangen binnen de termijn waarin de ontwerpbeschikking ter inzage heeft gelegen en daarmee ook ontvankelijk. De ingediende zienswijzen worden hieronder samengevat met daarbij onze reactie. Reclamant geeft aan dat er een koppeling is tussen de bedrijfsvoering aan de Lange Kruisdelstraat 5c en Lange Kruisdelstraat 5b te Heeswijk-Dinther.
In de zienswijze wordt door reclamant meerdere malen aangevoerd dat er een koppeling is met de bedrijfsvoering en bedrijfswoning aan de Lange Kruisdelstraat 5b te Heeswijk-Dinther. De basis voor ons is het huidige vigerende bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan heeft geen enkele relatie en geen enkel verband gelegd met de (bedrijfsvoering van) Lange Kruisdelstraat 5b te Heeswijk-Dinther. Door middel van adviezen van de Agrarische adviescommissie voor bouwaanvragen heeft de gemeente kunnen concluderen dat er aan de Lange Kruisdelstraat 5c sprake is van een zelfstandige, op zichzelf staande, volwaardige agrarische bedrijfsvoering. Reclamant geeft daarnaast aan dat er zeer veel uitwisseling is van paarden tussen beide locaties, waarbij er nauwelijks paarden gehouden worden aan de Lange Kruisdelstraat 5c. In september 2022 is er door de Omgevingsdienst Brabant Noord namens de gemeente een controle uitgevoerd waaruit is gebleken dat er geen nauwe samenhang is tussen de bedrijven. De agrarische bedrijfsvoering aan de Lange Kruisdelstraat 5c is een losse op zichzelf staande agrarische bedrijfsvoering. Er kan worden uitgewisseld met andere bedrijvigheid aan de Lange Kruisdelstraat, maar dit zal altijd in overeenstemming zijn met de wettelijke eisen die van toepassing zijn, zoals de registratie van dieren. Er is een apart UBN nummer.
Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze niet tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. Reclamant geeft aan dat het ontwerpbesluit niet voldoet aan de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. Het provinciaal ruimtelijk beleid is vastgelegd in de Brabantse Omgevingsvisie en de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. Het realiseren van de bedrijfswoning, het bijgebouw en het maken van de inrit voldoet aan de voorschriften en uitgangspunten van deze beleidsstukken. Er is sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Er wordt gebruik gemaakt van het bestaande agrarische bouwvlak, er is sprake van een goed woon- en leefklimaat en er vindt landschappelijke kwaliteitsverbetering plaats. Er wordt voldaan aan artikel 3.70 lid 1 van de IOV, waarin is opgenomen dat er een nieuwe bedrijfswoning binnen het bouwperceel kan worden gerealiseerd als er aan bepaalde eisen voldaan
wordt. Het is voldoende onderbouwd dat er een bedrijfswoning noodzakelijk is voor de agrarische bedrijfsvoering ter plaatse. Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze niet tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. Reclamant geeft aan dat er geen sprake van een volwaardige bedrijfsvoering. In het vigerende bestemmingsplan wordt een volwaardig agrarisch bedrijf omschreven als: “Een agrarisch bedrijf met ten minste de arbeidsomvang van een volwaardige arbeidskracht en een zodanige bedrijfsomvang dat de continuïteit ook op langere termijn in voldoende mate is gewaarborgd, getoetst door een agrarisch deskundige”. De Agrarische adviescommissie voor bouwaanvragen (hierna: AAB) is een agrarisch deskundige adviescommissie die voor de gemeente Bernheze beoordeelt of er sprake is van een volwaardige agrarische bedrijfsvoering. De gemeente heeft daarom de AAB verzocht om te laten beoordelen of er sprake is van een volwaardig agrarisch bedrijf. Als er sprake is van een volwaardig agrarisch bedrijf, dan wordt het oprichten van een bedrijfswoning in dit geval gerechtvaardigd. De AAB heeft in 2018 aangegeven dat zij een tijdelijke woonunit als bedrijfswoning op het perceel aan de Lange Kruisdelstraat 5c te Heeswijk-Dinther voorstelbaar acht.
De AAB heeft daarbij aangegeven dat zij een permanente bedrijfswoning aanvaardbaar vindt bij het agrarische bedrijf aan de Lange Kruisdelstraat 5c te Heeswijk-Dinther, mits er vastgesteld kan worden dat er na een periode van 5 jaar sprake is van een volwaardige agrarische bedrijfsvoering. De AAB heeft daarna bekeken of de bedrijfsvoering aan de Lange Kruisdelstraat 5c, inderdaad gezien kan worden als een volwaardig agrarisch bedrijf. Op 19 april 2022 heeft de AAB als gevolg daarvan beoordeeld dat er inderdaad sprake is van een volwaardig agrarisch bedrijf aan de Lange Kruisdelstraat 5c te Heeswijk-Dinther. Reclamant geeft aan dat de AAB dit advies op onjuiste gronden heeft afgegeven. De huidige situatie (zie ruimtelijke onderbouwing) omvat echter meer bedrijfsvoering (ca. 85 in plaats van 60 paarden), dan waarover de AAB geadviseerd heeft. In eerste instantie was daarnaast het doel dat de paarden drachtig zouden komen, dus het embryo niet geplaatst zou worden op deze locatie maar elders. Het AAB advies is bij het geven van het advies hier van uitgegaan. Uiteindelijk is besloten om deze werkzaamheden ook uit te voeren aan de Lange Kruisdelstraat 5c. Dus het scannen van paarden, controle door dierenarts, embryo’s plaatsen etc . Dat zijn extra werkzaamheden, binnen en buiten reguliere tijden, maar ook risico’s zoals het drachtig krijgen van de merries i.p.v.
al drachtig zijn bij aankomst. Er is continu toezicht vereist. Dit is onderbouwd in de ruimtelijke onderbouwing. Het gaat daarmee om bedrijfsactiviteiten van een volwaardig agrarische bedrijfsvoering waarbij, gezien onder andere bovenstaande aspecten, toezicht en een bedrijfswoning noodzakelijk zijn. Er is volgens de AAB sprake van een volwaardig agrarisch bedrijf met minder bedrijfsvoering dan de huidige situatie. Geconcludeerd kan worden dat er wel degelijk sprake is van een volwaardige agrarische bedrijfsvoering. Een permanente bedrijfswoning wordt gerechtvaardigd gezien de aard van de bedrijvigheid en werkzaamheden ter plaatse. Er is geen deskundig tegenadvies aangeleverd waaruit blijkt dat dit niet het geval is.
Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze niet tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. Reclamant geeft aan dat het ontwerpbesluit niet voldoet aan het gemeentelijke beleid. Ontwerp-omgevingsvisie Bernheze 2040 Op 28 september 2023 heeft de gemeenteraad van Bernheze besloten om het ontwerp van de Omgevingsvisie Bernheze 2040 ter inzage te leggen. Dit is gebeurd tijdens een publieke zitting (de raadsvergadering). Het besluit van de gemeenteraad om een verklaring van geen bedenkingen af te geven voor dit besluit is op hetzelfde moment geweest, tijdens dezelfde publieke vergadering (28 september 2023). Er kan daarmee niet verwacht worden dat er aan de ontwerp-omgevingsvisie getoetst is. We zitten daarnaast in een fase van overgang tot de vaststelling van de omgevingsvisie. Desondanks heeft de aanvrager nu alsnog getoetst aan de ontwerp-omgevingsvisie Bernheze 2040 en dit toegevoegd in een aangepaste ruimtelijke onderbouwing. Structuurvisie Bernheze Het plan ligt volgens de Structuurvisie in een ‘Landbouwontwikkelingsgebied’ en ‘Open landschap’. Reclamant geeft aan dat de beoogde bedrijfswoning niet in overeenstemming is met de Structuurvisie, nu er niet wordt voldaan aan het conserveren van het open landschap. Om het open landschap te behouden worden de bedrijfswoning en het bijgebouw zo dicht mogelijk gerealiseerd bij het agrarische bedrijf.
Binnen het landbouwontwikkelingsgebied mogen geen nieuwe functies worden mogelijk gemaakt die de ontwikkeling van veehouderijen zouden kunnen beperken. Omliggende bedrijven worden niet belemmerd in hun ontwikkelingsmogelijkheden door de bedrijfswoning toe te voegen. Dit is voldoende onderbouwd in de ruimtelijke onderbouwing. In de structuurvisie wordt enerzijds terughoudendheid voorgestaan bij ontwikkelingen, maar anderzijds wordt zeker ook ruimte gegeven aan agrarische bedrijfsontwikkelingen als deze. De agrarische sector blijft de drager van het landschap. Derhalve wordt ingezet op het behoud van de agrarische sector en het versneld leren omgaan met processen zoals schaalvergroting en verbreding. De aanwezige bedrijven krijgen de ruimte om zich binnen vooraf opgestelde kaders verder te ontwikkelen. Het bestemmingsplan heeft een ruim bouwvlak. Dat maakt extra bebouwing mogelijk. Als dat geen bedrijfswoning is, dan kan het een extra bedrijfsgebouw zijn. De vorm van het bouwvlak is al vastgelegd in het bestemmingsplan Buitengebied van 2012. Die mogelijkheid tot verdichting is volgens het bestemmingsplan dus al een gegeven. De bebouwing opgericht binnen het bouwvlak en is er geen vergroting of vormverandering nodig. In theorie kan hier dus ook een ‘stal’ worden opgericht.
Landschappelijke inpassing Er is, in tegenstelling tot wat reclamant aangeeft, wel degelijk sprake van een zorgvuldige landschappelijke inpassing. De aangeleverde landschappelijke inpassing is beoordeeld en getoetst op landschapswaarden en is zorgvuldig voorbereid. Het landschappelijke inpassingsplan sluit aan op de ecologische waarden in omgeving en draagt bij aan een verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving. De landschappelijke inpassing wordt zowel feitelijk als juridisch geborgd. Woonvisie 2022-2026 Reclamant geeft aan dat er niet wordt voldaan aan de Woonvisie 2022-2026. Voor dit plan is de Woonvisie een richtsnoer, waarbij maatwerk met het oog op haalbaarheid en de reeds bestaande woningvoorraad van de kern belangrijk is. In onderhavige situatie is sprake van maatwerk, waarbij de noodzaak voor de realisatie van een eerste bedrijfswoning bij een agrarisch bedrijf onder andere is gebleken uit een AAB-advies. In dit advies wordt er geconcludeerd dat er sprake is van een volwaardige agrarische bedrijfsvoering. Er wordt derhalve wel voldaan aan de Woonvisie 2022-2026.
Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze deels tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. De ruimtelijke onderbouwing gaat in op de ontwerp-omgevingsvisie van de gemeente Bernheze. Reclamant geeft aan dat er niet goed genoeg is ingegaan op de beoordeling van de activiteit ‘’Bouwen’’. Reclamant merkt terecht op dat de activiteit ‘’Bouwen’’ onvoldoende is onderbouwd in het ontwerpbesluit. De overweging is wel degelijk gemaakt, maar onvoldoende omschreven in het ontwerpbesluit. Dit onderdeel van de zienswijze leidt daarmee tot een aanpassing van het besluit. De overweging en motivering van de activiteit ‘’Bouwen’’ is toegevoegd aan het besluit. Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze deels tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. De motivering voor de activiteit bouwen is toegevoegd aan het besluit. Reclamant geeft aan dat er geen sprake is van zorgvuldig ruimtegebruik. Zorgvuldig ruimtegebruik houdt in dat in beginsel gebruik wordt gemaakt van een bestaand ruimtebeslag. Alle gebouwen, bijbehorende bouwwerken en ander permanente voorzieningen dienen te worden geconcentreerd binnen een bouwperceel. De bedrijfswoning wordt gerealiseerd binnen het bestaande agrarische bouwvlak en dus binnen een bestaand bouwperceel. Er is geen sprake van een vergroting van het bouwvlak.
De bedrijfswoning en het bijbehorend bijgebouw zullen geconcentreerd worden binnen het bestaande agrarische bouwvlak. Er is derhalve sprake van een zorgvuldig ruimtegebruik. Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze niet tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. Reclamant geeft aan dat er geen sprake is van een aantoonbare kwaliteitsverbetering. De realisatie van een bedrijfswoning gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare kwaliteitsverbetering van het landschap. Er wordt geïnvesteerd in de kwaliteitsverbetering van het landschap door de beoogde ontwikkeling te combineren met een zorgvuldige landschappelijke inpassing en een berekening kwaliteitsverbetering waaruit is gebleken dat er wel degelijk voldoende geïnvesteerd wordt in het landschap. Er wordt daarnaast nog een bedrag gestort in het fonds Voorziening kwaliteitsverbetering landschap. Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze niet tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. Reclamant geeft aan dat onvoldoende is onderbouwd dat de bedrijfsvoering aan de Lange Kruisdelstraat 5a niet onevenredig wordt belemmerd door het toevoegen van een bedrijfswoning en benoemd hierbij specifiek de aspecten geluid, geur en spuitzones. De nieuwe bedrijfswoning is een geurgevoelig object dat in het kader van de Wet geurhinder en veehouderij een aangepast beschermingsniveau heeft.
In de nabije omgeving van de planlocatie zijn zowel veehouderijen gelegen waar dieren met als dieren zonder vastgestelde geuremissiefactor worden gehouden. Er is onderbouwd of alle omliggende veehouderijen in de omgeving wel of niet belemmerd worden door de voorgenomen plannen. De zorg die wordt geuit in de zienswijze, is dat de onvoldoende is onderbouwd dat de bedrijfsvoering aan de Lange Kruisdelstraat 5a niet onevenredig wordt belemmerd. Om inzichtelijk te maken of de inrichting aan de Lange Kruisdelstraat 5a al dan niet wordt belemmerd door de beoogde nieuwbouw van de bedrijfswoning aan de Lange Kruisdelstraat 5c wordt aangesloten bij de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ (2009).
In de ruimtelijke onderbouwing is beoordeeld of wordt voldaan aan de richtafstanden vanuit omliggende bedrijven. Voor het bedrijf aan de Lange Kruisdelstraat 5a is de maximale planologische mogelijkheid van een akkerbouwbedrijf meegenomen. Dit omdat het vigerende bestemmingsplan een grondgebonden bedrijf toestaat. In de werkelijke situatie is bovendien een akkerbouwbedrijf ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. De richtafstanden hiervoor zijn 10 meter voor het aspect geur, 10 meter voor het aspect stof, 30 meter voor het aspect geluid en 10 meter voor het aspect gevaar. In de ruimtelijke onderbouwing is de daadwerkelijke afstand gemeten van ‘werkelijke afstand tussen de bouwvlakken’. Dit is niet geheel correct1, maar hierdoor wijzigt de conclusie dat er geen overschrijding van de richtafstanden plaatsvindt niet. De werkelijke afstand bedraagt circa 55 meter. Geur De zienswijze geeft reden om de geuremissie van de inrichting gelegen aan de Lange Kruisdelstraat 5a nader te beschouwen. In de ruimtelijke onderbouwing is beoordeeld dat er sprake is van een akkerbouwbedrijf met bijbehorende richtafstanden. Er zijn geen aanwijzingen dat dit niet de werkelijke huidige bedrijfssituatie betreft. In het verleden was er op de locatie sprake van een melkveebedrijf. Echter is op 8 november 2022 de vergunning voor het gehele veebestand ingetrokken (KRD (igoview.nl)).
Gezien het feit dat de werkelijke situatie overeen lijkt te komen met de beschrijving van de bedrijfsactiviteiten in de ruimtelijke onderbouwing is de beoordeling volgens de VNG-systematiek correct (en behoeft geen nadere onderbouwing omdat de richtafstanden niet overschreden worden) en hoeft er niet getoetst te worden aan vaste afstanden of geurnormen. In de zienswijze wordt tot slot gerefereerd aan een mestplaat. De mestplaat waar naar verwezen wordt, is een Alligator mestzak met een oppervlakte van circa 300 m2. Onduidelijk is wat het volume van de mestzak is. De zienswijze geeft reden te beschouwen of voldoende rekening is gehouden met deze mestzak in de ruimtelijke onderbouwing. Zoals aangegeven is de vergunning voor het veebestand ter plaatse van Lange Kruisdelstraat 5a ingetrokken op 8 november 2022. Indien de op- en overslag van mest ook (automatisch) is ingetrokken, dan is de mestzak niet meer relevant in het ruimtelijke spoor. Het is dan correct dat deze niet is opgenomen in de ruimtelijke onderbouwing. In de aanvraag tot intrekking van het veebestand is alleen de grondwal om de mestzak ingetekend. Omdat de opslag geen onderdeel meer uitmaakt van een veehouderij was ten tijde van de intrekking van het veebestand artikel 3.51 derde lid van het Abm van toepassing. Er geldt dan een afstand van 25 meter.
De oppervlakte is circa 300 m2 wat met een dikte/hoogte van 1 meter resulteert in circa 300 m3. Deze opslag valt daarmee onder algemene regels en voldoet daaraan. Als gevolg van bovenstaande is te concluderen dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren bedrijfswoning en dat het bedrijf aan de Lange Kruisdelstraat 5a niet belemmerd wordt in zijn activiteiten wat betreft het aspect geur. Geluid
1 De richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemmingen (bestemmingsvlak) die bedrijven (of
andere milieubelastende functies) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is. Meet dus vanaf de bedrijfsbestemmingsgrens tot aan de gevel van de woning (of waar deze gevel zou mogen staan).
De zienswijze geeft reden om de geluidemissie van de inrichting gelegen aan de Lange Kruisdelstraat 5a nader te beschouwen. In de ruimtelijke onderbouwing is beoordeeld dat er sprake is van een akkerbouwbedrijf met bijbehorende richtafstanden. Er zijn geen aanwijzingen dat dit niet de werkelijke huidige bedrijfssituatie betreft. In het verleden was er op de locatie sprake van een melkveebedrijf. Echter is op 8 november 2022 de vergunning voor het gehele veebestand ingetrokken (KRD (igoview.nl)). Gezien het feit dat de werkelijke situatie overeen lijkt te komen met de beschrijving van de bedrijfsactiviteiten in de ruimtelijke onderbouwing is de beoordeling volgens de VNG-systematiek correct (en behoeft geen nadere toelichting omdat de richtafstanden niet overschreden worden) en hoeft er niet getoetst te worden aan het aspect industrielawaai. Als gevolg van bovenstaande is te concluderen dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren bedrijfswoning en dat het bedrijf aan de Lange Kruisdelstraat 5a niet belemmerd wordt in zijn activiteiten wat betreft het aspect geluid. Spuitzones De zienswijze geeft reden om de bedrijfsactiviteiten van de inrichting gelegen aan de Lange Kruisdelstraat 5a nader te beschouwen. In de ruimtelijke onderbouwing is beoordeeld dat er sprake is van een akkerbouwbedrijf.
Voor de gronden gelegen tussen Lange Kruisdelstraat 5a en Lange Kruisdelstraat 5c kan gesteld worden dat er de afgelopen jaren sprake was van grasland en voor het jaar 2023 sprake van bouwland (snijmaïs (kadastraal nummer 1342) en consumptie aardappelen (kadastraal nummer 1344)). Er zijn geen aanwijzingen dat dit niet de werkelijke huidige bedrijfssituatie betreft. De zienswijze geeft reden om de bedrijfsactiviteiten van de inrichting gelegen aan de Lange Kruisdelstraat 5b nader te beschouwen. Voor de gronden gelegen tussen Lange Kruisdelstraat 5b en Lange Kruisdelstraat 5c kan gesteld worden dat er de afgelopen jaren sprake was van bouwland en voor het jaar 2023 sprake van bouwland (maïs (kadastraal nummer 360). Er zijn geen aanwijzingen dat dit niet de werkelijke huidige bedrijfssituatie betreft. Reclamant heeft een akkerbouwbedrijf. Zijn gronden zijn bestemd voor agrarisch grondgebruik. Er mogen dus allerlei gewassen worden geteeld. Daarbij kan sprake zijn van teelt van gewassen waarbij gewasbeschermingsmiddelen gebruikt kunnen worden. Er dient dan rekening te worden gehouden met een richtafstand van 50 meter. De afstand is 25 meter tot de bedrijfswoning aan de Lange Kruisdelstraat 5c. Om het perceel aan de Lange Kruisdelstraat wordt afschermend wintergroen-groen aangeplant om te dienen als vanggewas voor de optredende drift. De beplanting is 3 meter hoog en 1 meter breed.
Er wordt onderbouwd dat eventuele toekomstige drift gereduceerd wordt met het realiseren van de landschappelijke inpassing behorende bij deze omgevingsvergunning. De driftreducerende haag van 3 meter hoog moet te allen tijde in stand worden gehouden. De haag moet ook wintergroen zijn en blijven, zodat deze groen blijft en het blad behoudt in de winterperiode. Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. Er worden voorschriften gesteld over het onderhoud van de wintergroene haag. De ruimtelijke onderbouwing is op dit vlak met een nadere onderbouwing aangevuld. Reclamant geeft aan dat er onterecht geen rekening wordt gehouden met de bedrijfsvoering aan ‘’Lange Kruisdelstraat 5a’’.
Reclamant betoogt dat het toevoegen van een bedrijfswoning leidt tot beperking van de bedrijfsvoering aan de Lange Kruisdelstraat 5a te Heeswijk-Dinther. De bedrijfswoning is gelegen op een afstand van 55 meter vanaf het bouwvlak aan de Lange Kruisdelstraat 5a. Er kan worden voorzien in een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Hierboven gaan we daar nader op in. Ter plaatse aan de Lange Kruisdelstraat 5a is geen veehouderij meer aanwezig. Er is op dit moment sprake van een akkerbouwbedrijf. De conclusie in de ruimtelijke onderbouwing dat er sprake zal zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren woning en dat deze woning de ontwikkelingsmogelijkheden van nabijgelegen bedrijven niet belemmerd, wordt gedeeld. Concluderend leidt dit onderdeel van de zienswijze niet tot een aanpassing van het ontwerpbesluit. Reclamant geeft aan dat de inrit niet voldoet aan artikel 6.2.2 sub 2 onder d van de Verordening Fysieke Leefomgeving. Het is op basis van artikel 6.2.2 van de Verordening Fysieke Leefomgeving Bernheze 2021 (hierna: VFL) verbonden om zonder omgevingsvergunning een uitweg te maken naar de weg of verandering aan te brengen in een bestaande uitweg naar de weg.
Deze vergunning kan slechts geweigerd worden (sub 2): 1) ter voorkoming van gevaar voor het verkeer op de weg, 2) als de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats, 3) als door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast of 4) als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten én de aanleg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen. Aangevraagde betreft de aanleg van een tweede inrit voor een bedrijfswoning. De aanvraag van de inrit is getoetst aan het gemeentelijke beleid en na aanpassen van de (oorspronkelijke) breedte van 8,50 meter naar 3,00 meter, is geconcludeerd dat de aanvraag voldoet aan het beleid (en dus ook de VFL). Hierbij is als voorwaarde meegegeven dat de aanleg gebeurt volgens het advies van een bijgevoegde Boom Effect Analyse. De berm maakt onderdeel uit van de weg (art. 1 B wegenverkeerswet) en is geen openbaar groen. Er is daarmee geen grond om de omgevingsvergunning voor de tweede inrit te weigeren. Dit onderdeel van de zienswijze leidt tot een aanpassing van het besluit. De onderbouwing voor de activiteit inrit is aangevuld met de onderbouwing.