CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van zienswijzen

Commissie Ruimte en Leefbaarheid 13 mei 2026, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststelling TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22p, Liniedijk 1-1a Heeswijk-Dinther1.135 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota zienswijzen Ontwerp TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22p, Liniedijk 1-1a, Heeswijk Dinther

In verband met de AVG zijn de NAW gegevens van indieners van zienswijzen in deze Nota geanonimiseerd.

1

Nota van zienswijzen Zienswijzefase Op 23 december 2025 hebben burgemeesters en wethouders van de gemeente Bernheze bekend gemaakt dat het ontwerp TAM-Omgevingsplan ‘Hoofdstuk 22p, Liniedijk 1-1a, Heeswijk Dinther’ (planidentificatie NL.IMRO.1721.TAM22p-OW01) gedurende zes weken ter inzage komt te liggen. Het ontwerp TAM-Omgevingsplan heeft vervolgens van 24 december 2025 tot en met 4 februari 2026 ter inzage gelegen. Tevens is het ontwerp TAM-Omgevingsplan toegezonden aan Waterschap Aa en Maas en de provincie Noord-Brabant. Van deze overlegpartners ontvingen wij van de provincie Noord-Brabant een zienswijze. Alle stukken konden gedurende deze periode op afspraak worden ingezien op het gemeentehuis, evenals digitaal op www.omgevingswet.overheid.nl en www.ruimtelijkeplannen.nl. Binnen genoemde termijn heeft een ieder zienswijzen naar voren kunnen brengen tegen het ontwerp TAM-Omgevingsplan. Zienswijzen De gemeente heeft gedurende de inzagetermijn twee zienswijzen ontvangen. Ontvankelijkheid zienswijzen De ontvangen zienswijzen zijn tijdens de inzagetermijn ingediend en voldoen aan de indieningsvereisten. De zienswijzen zijn daarmee ontvankelijk en worden in de besluitvorming betrokken. Overzicht ontvangen zienswijzen Zienswijzen Zienswijze 1 Pro Forma Zienswijze 1a Zienswijze 2

d.d. 30 januari 2026 6 maart 2026 3 februari 2026

ingekomen 3 februari 2026 6 maart 2026 3 februari 2026

Kenmerk 128779 128779 129059

De zienswijzen hebben betrekking op het TAM-Omgevingsplan ‘‘Hoofdstuk 22p, Liniedijk 1-1a, Heeswijk Dinther’’. In deze nota zijn de ingekomen zienswijzen samengevat en van een reactie voorzien. In de beantwoording is aangegeven of er gevolgen voor het vast te stellen TAM-Omgevingsplan zijn. De zienswijzen geven aanleiding tot het aanpassen van het TAM-Omgevingsplan.

2

Zienswijze 1 en 1a – d.d. 30 januari en 6 maart 2026, binnengekomen 3 februari en 6 maart 2026, Djuma nr. 128779 Samenvatting Reclamant voert ten aanzien van zijn zienswijze de volgende gronden aan: 1. Reclamant geeft aan dat een nieuw geurgevoelig object in de omgeving van het bedrijf van reclamant wordt toegevoegd. Deze beperkt de toelaatbare uitbreidingsruimte van het bedrijf van reclamant. 2. Reclamant geeft aan dat hij zich niet kan verenigen met het standpunt dat de kinderopvang onderdeel is van het agrarisch bedrijf. Reclamant is van mening dat er geen planologische waarborg is dat het kinderdagverblijf is gekoppeld aan het agrarische bedrijf. Daarom mag er vanuit het aspect geur niet worden uitgegaan van een dergelijke functionele binding. 3. Reclamant geeft aan dat er geen sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit omdat het plan een gevoelige functie introduceert voor een kwetsbare doelgroep in een agrarisch gebied waar meerdere veehouderijen aanwezig zijn. Reactie 1. In de onderbouwing van het plan is ingegaan op milieuaspecten. Hierin is ingegaan op omliggende bedrijven en de geurbelasting van deze bedrijven op het toevoegen van een geurgevoelig object. De omgevingsdienst Noordoost-Brabant heeft met betrekking tot de milieuaspecten het plan beoordeeld. Hierbij is ook het bedrijf van reclamant meegenomen.

Uit het advies van de omgevingsdienst komt niet naar voren dat het toevoegen van een nieuw geurgevoelig object het bedrijf van reclamant belemmerd. 2. Het kinderdagverblijf is aangeduid als ‘specifieke vorm van agrarisch – kinderdagverblijf’ en onderdeel van het bouwvlak van het agrarisch bedrijf. Bedrijven die niet onderdeel zijn van de agrarische bedrijfsvoering worden in het omgevingsplan aangeduid als ‘specifieke vorm van bedrijf’. Door het een specifieke vorm van agrarisch te noemen in de regels en door het onderdeel van het bouwvlak van het agrarisch bedrijf te maken is voldoende planologische waarborging dat er geen sprake is van een losstaande functie die onafhankelijk van het agrarisch bedrijf kan blijven bestaan. Doordat het onderdeel is twee gekoppelde functies kan er vanuit het aspect geur uitgegaan worden van een functionele binding. 3. In het kader van het toetsingskader ETFAL (Evenwichtige Toedeling van Functies aan Locaties) is een integrale belangenafweging gemaakt ten aanzien van de vestiging van een kinderdagverblijf bij een agrarisch bedrijf. Daarbij is vastgesteld dat het initiatief past binnen de bredere beleidsdoelstelling om functies in het buitengebied te verbreden en nieuwe economische activiteiten voor agrariërs te stimuleren.

Het combineren van agrarische activiteiten met maatschappelijke voorzieningen, zoals kinderopvang, draagt bij aan de vitaliteit van het platteland en versterkt de sociaaleconomische positie van deze ondernemers. Ten aanzien van gezondheid is een locatie specifieke beoordeling uitgevoerd. Hieruit blijkt dat er sprake kan zijn van negatieve gezondheidseffecten als gevolg van blootstelling aan relevante emissies. Deze effecten zijn onderkend en meegewogen in de besluitvorming. Ondanks het bestaan van potentiële negatieve gezondheidseffecten is in het kader van ETFAL gemotiveerd afgeweken, gelet op het belang van functiemenging zoals benoemd in de voorgaande alinea en de bijdrage aan nieuwe economische verdienmodellen van agrariërs wat een thema is uit de omgevingsvisie.

3

Daarbij is tevens van belang dat sprake is van een bewuste keuze van ouders/verzorgers om gebruik te maken van deze vorm van kinderopvang. Zij worden expliciet geïnformeerd over de mogelijke gezondheidsrisico’s die samenhangen met de ligging nabij een agrarisch bedrijf, zodat een weloverwogen keuze kan worden gemaakt. Gevolgen voor het TAM-omgevingsplan: De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van het TAM-omgevingsplan. Zienswijze 2 – d.d. 30 3 februari, binnengekomen 3 februari 2026, Djuma nr. 129059 Samenvatting Reclamant voert ten aanzien van zijn zienswijze de volgende gronden aan: 1. Reclamant geeft aan dat het plan onvoldoende onderbouwd dat het past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. 2. Reclamant geeft aan er sprake is van een categorie 3 ontwikkeling omdat het bouwvlak wordt vergroot. Daarom moet een berekening en kwaliteitsverbeteringen maatregelen toegevoegd worden. 3. Reclamant geeft aan dat de landschappelijke inpassing nog niet correct is. Deze wordt niet goed aangeduid in de verbeelding, een goede landschapsanalyse ontbreekt en een deel van de maatregelen ziet op erfinrichting. Reactie 1. Er vindt een aanpassing plaats van de onderbouwing waarbij uitgebreider wordt onderbouwd dat het plan past binnen de ontwikkelrichting van het gebied. 2. Het plan behelst een vormverandering van het bouwvlak.

In de motivering is per abuis één keer benoemd dat het bouwvlak wordt vergroot. Deze foutieve benoeming wordt verwijderd. Er blijft daardoor sprake van een categorie 2 ontwikkeling. 3. De landschappelijke inpassing wordt aangepast op de verbeelding waardoor deze niet meer over bebouwing heen komt. Ook wordt deze zo aangepast dat er geen sprake is van erfinrichting. Als laatst wordt de landschapsanalyse verder uitgewerkt. Gevolgen voor het TAM-omgevingsplan: De zienswijze leidt tot aanpassingen van het TAM-omgevingsplan.

4

Overzicht van wijzigingen ingevolge zienswijze(n) TAM-omgevingsplan ‘‘Hoofdstuk 22p, Liniedijk 1-1a, Heeswijk Dinther’ Plantoelichting 1. De onderbouwing van de ontwikkelrichting wordt onder 6.2 verder gemotiveerd. 2. De foutieve vermelding van het vergroten van het bouwvlak wordt verwijderd. 3. De landschapsanalyse wordt uitgebreid. Verbeelding 1. De aanduiding van de landschappelijke inpassing wordt aangepast zodat deze alleen ligt op de plek van realisatie.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=e17d3e47-b6c7-4f87-b3e8-92183074ce29