Motivering TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Tekst van het document
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Motivering
Motivering (vastgesteld)
3
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 1 1.1
INLEIDING
Aanleiding
De Stichting Nieuw Zevenbergen (SNZ) exploiteert nabij knooppunt Paalgraven het Sportpark Nieuw Zevenbergen, gelegen in de gemeente Oss. Dit sportpark is een van de weinige locaties in Brabant waar lawaaisport nog is toegestaan. SNZ pacht het terrein van de gemeente Oss en het wordt gebruikt door drie verenigingen: de Berghemse Scherpschutters Vereniging (BSSV), Circuit Park Berghem (CPB) en de Stichting Regionale Motorsport Verenigingen Berghem (SRMV Berghem). In het geldende bestemmingsplan 'Buitengebied Oss - 2020', nu onderdeel van het omgevingsplan gemeente Oss, heeft het sportpark een sportbestemming, waarbinnen motorcross, karting, schietsport en ook ondersteunende voorzieningen zoals horeca zijn toegestaan. Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant hebben op 13 april 1993 een vergunning verleend op basis van de Wet milieubeheer. Deze vergunning is in 2003 en 2007 bij melding gewijzigd. Gemeente Oss en SNZ willen graag het bestaande vergunde gebruik beter in het omgevingsplan verankeren en waarborgen. Daarvoor is een wijziging van het omgevingsplan gemeente Oss nodig. Eén van de wijzigingen betreft een aanpassing van de huidige geluidszone rond het crossterrein. Deze geluidzone houdt echter niet op bij de gemeentegrens en valt deels over het ambtsgebied van de gemeente Bernheze.
Hoewel de geluidzone feitelijk al bestond, is deze nooit formeel vastgesteld door de gemeente Bernheze. Met dit TAM-omgevingsplan wordt daarin voorzien door de (aangepaste) geluidzone op te nemen in het omgevingsplan van de gemeente Bernheze. De bestaande geluidzone maakte geen onderdeel uit van het bestemmingsplan Buitengebied 2014 van de gemeente Bernheze. Om deze omissie te herstellen en de feitelijke situatie juridisch te verankeren, wordt het omgevingsplan nu aangepast. Met deze wijziging wordt de geluidzone alsnog formeel vastgelegd en geborgd binnen het omgevingsplan van de gemeente Bernheze. Het industrieterrein (de crossbaan) bestond reeds, en op grond van het destijds geldende zonebesluit Wet geluidhinder (Wgh) gold daarvoor ook een geluidzone. Dit zonebesluit werd destijds geacht onderdeel uit te maken van het bestemmingsplan, zonder dat daarvoor een afzonderlijke wijziging van het toen geldende plan nodig was. Er was sprake van een directe doorwerking van het zonebesluit. Hoewel de geluidzone nooit formeel is vastgelegd in het bestemmingsplan van de gemeente Bernheze, heeft deze feitelijk wel bestaan en werd zij geacht deel uit te maken van dat plan. Op grond van artikel 41, derde lid, van de Wet geluidhinder blijft de geluidzone uit het oorspronkelijke zonebesluit voortbestaan, waardoor deze met toepassing van artikel 41, eerste lid, kan worden gewijzigd.
Een "opgeheven" zone kan in dit verband ook worden opgevat als een zone die nooit expliciet in het bestemmingsplan is vastgelegd. Dit TAM-omgevingsplan voorziet in het opnemen van de (aangepaste) geluidzone in het Omgevingsplan gemeente Bernheze. Daarbij blijven alle bestemmingen, aanduidingen en regels die gelden ter plaatse van de geluidzone onverkort van kracht.
1.2
Plangebied
Het plangebied van dit TAM-omgevingsplan betreft de in paragraaf 1.1 vermelde geluidzone, voor zover deze in de gemeente Bernheze ligt. Het plangebied van dit TAM-omgevingsplan is in figuur 1 weergegeven.
4
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Figuur 1: ligging geluidzone ten opzichte van het circuit Stichting Nieuw Zevenbergen in Oss
Figuur 2: begrenzing plangebied
1.3
Omgevingsplan
De bestaande geluidzone is niet opgenomen in het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2014’ van de gemeente Bernheze, dat nu deel uitmaakt van het Omgevingsplan gemeente Bernheze. Om deze situatie te herstellen en de bestaande praktijk juridisch te verankeren, wordt het omgevingsplan aangepast. Met deze TAM-omgevingsplanwijziging wordt de geluidzone alsnog vastgelegd en gewaarborgd in het omgevingsplan van Bernheze. Dit biedt duidelijkheid en rechtszekerheid voor zowel de gemeente als belanghebbenden.
Motivering (vastgesteld)
5
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
1.4
Medewerking opheffen strijdigheid
Om de aangepaste geluidzone rondom het circuit (nu wel) juridisch te verankeren is dit TAM-omgevingsplan opgesteld. Dit plan moet worden gezien als een partiële wijziging van het Omgevingsplan gemeente Bernheze. De wijziging betreft uitsluitend het opnemen van de geluidzone in het omgevingsplan. Er is gekozen voor een wijziging van het omgevingsplan en niet voor het toepassen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Een BOPA is bedoeld voor het tijdelijk of incidenteel afwijken van het omgevingsplan. In dit geval bevriest een BOPA de planologisch-juridische situatie, maar zorgt deze er niet voor dat de nieuwe geluidzone direct in het omgevingsplan wordt opgenomen. De toetsing aan de geluidzone is echter pas mogelijk als deze daadwerkelijk is opgenomen in het omgevingsplan. Met het oog daarop is gekozen voor een wijziging van het omgevingsplan het daartoe aangewezen instrument.
6
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 2
PLANBESCHRIJVING
Dit TAM-omgevingsplan voorziet in een planologisch-juridische borging van de aangepaste geluidzone rond het circuit van Stichting Nieuw Zevenbergen in de gemeente Oss. Op dat circuit zijn onder meer motorcross- en kartingactiviteiten zijn toegestaan. Deze activiteiten zijn planologisch alleen aanvaardbaar wanneer er rondom het circuit een wettelijke geluidzone geldt, waarbinnen restricties gelden ten aanzien van het toelaten van geluidgevoelige gebouwen en locaties, zoals woningen. Deze geluidzone strekt zich deels uit over het ambtsgebied van de gemeente Bernheze. Deze geluidzone ligt in het buitengebied ten oosten van de kern Heesch, nabij knooppunt Paalgraven, in en rondom de buurtschap Zevenbergen. Binnen de geluidzone gelden regels die het toevoegen van nieuwe woningen (en andere geluidgevoelige gebouwen, ruimten en locaties) niet toestaan. Dat betekent niet dat deze nooit mogelijk zijn, maar hiervoor moet dan een buitenplanse procedure worden gevolgd. In het kader van die procedure moet dan worden onderzocht of het uit het oogpunt van geluidhinder mogelijk is om medewerking aan een dergelijk initiatief te verlenen en - zo nodig - welke maatregelen getroffen moeten worden.
Motivering (vastgesteld)
7
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 3 3.1
VOORBEREIDING
Vooroverleg
Tijdens de voorbereiding van dit plan is overleg gevoerd tussen ambtelijke vertegenwoordigers en bestuurders van de gemeenten Bernheze, Oss en Maashorst. In dat overleg heeft de gemeente Oss de gemeenten Bernheze en Maashorst geïnformeerd over dit TAM-omgevingsplan, en in het bijzonder over de planologisch-juridische gevolgen daarvan voor beide gemeenten, namelijk de wijziging van de geluidzone vanwege het motorcrossterrein. Tijdens de voorbereiding van dit plan is bovendien overleg gevoerd met Provincie Noord-Brabant. Dat overleg handelde vooral over de nieuwe aansluiting op het motorcrossterrein vanaf de Graafsebaan. De aansluiting valt weliswaar buiten het plangebied van dit TAM-omgevingsplan, maar opgemerkt wordt dat Provincie Noord-Brabant kan instemmen met de wijze waarop de gemeente Oss de aansluiting wil aanleggen.
3.2
Participatie omgeving
Tijdens de voorbereiding van dit TAM-omgevingsplan is overleg gevoerd met het Klankbordgroep Nieuw Zevenbergen. Meer informatie over de samenstelling van de klankbordgroep, verslagen en presentaties zijn te vinden via: https://www.oss.nl/inwoners/Actueel-2/plannen-en-projecten/nieuw_zevenbergen.htm. Ook kort voorafgaand aan de terinzagelegging van het ontwerp van deze wijziging is dit wijzigingsplan besproken in de hiervoor genoemde klankbordgroep. De resultaten van de beraadslagingen van de klankbordgroep zijn, voor zover van toepassing op deze wijziging, meegenomen in de onderhavige wijziging van het omgevingsplan.
8
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 4
T OET SING AAN HET OM GEVINGSPLAN
In dit hoofdstuk wordt het initiatief getoetst aan (onder meer) het Omgevingsplan gemeente Bernheze. Omgevingsplan gemeente Bernheze In het Omgevingsplan gemeente Bernheze (voormalig bestemmingsplan "Buitengebied Bernheze"), vastgesteld op 8 oktober 2014, is de bestaande geluidzone vanwege het motorcrossterrein Nieuw Zevenbergen niet opgenomen. Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is het noodzakelijk alsnog een passende geluidzone in het genoemde omgevingsplan op te nemen. Dit TAM-omgevingsplan is niet in strijd met de regels uit Hoofdstuk 22 van het Omgevingsplan gemeente Bernheze. Verordening Fysieke Leefomgeving (archeologie, geur, hemelwaterafvoer) Dit TAM-omgevingsplan is niet in strijd met de Verordening Fysieke Leefomgeving. Bodemkwaliteitskaart en veiligheidscontouren Dit TAM-omgevingsplan is niet in strijd met de Bodemkwaliteitskaart en veiligheidscontouren. Conclusie Dit TAM-omgevingsplan voorziet in een wijziging van het Omgevingsplan gemeente Bernheze. Andere gemeentelijke regels inzake de fysieke leefomgeving staan niet aan deze wijziging in de weg.
Motivering (vastgesteld)
9
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 5
VISIE EN BELEID
In dit hoofdstuk wordt het beleid dat relevant is voor de activiteit toegelicht getoetst. Er wordt onderscheid gemaakt tussen het beleid van Rijk, provincie en gemeente.
5.1
Rijksbeleid
5.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
Met de Nationale omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie duurzaam economisch groeipotentieel sterke en gezonde steden en regio's toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Planspecifiek Het initiatief betreft uitsluitend het juridisch-planologisch vastleggen van de gewijzigde geluidzone van het motorcrossterrein SNZ, als gevolg van ontwikkelingen in de gemeente Oss. Het initiatief heeft geen betrekking op één van de nationale belangen die zijn opgenomen in de NOVI. Er worden geen nieuwe functies toegevoegd en er vindt geen fysieke ingreep plaats in het landelijk gebied van Bernheze. Conclusie Het initiatief past binnen de beleidskaders van de Nationale Omgevingsvisie.
5.1.2
Instructieregels Rijk (AMvB's)
De Omgevingswet werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur (AMvB's): 1. 2. 3. 4.
het Omgevingsbesluit (Ob); het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl); het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal); het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl).
In deze AMvB's staan regels voor het praktisch uitvoeren van de wet. Voor de volgende onderwerpen gelden er rijksinstructieregels: Waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2 Bkl); Beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3 Bkl); Beschermen van gezondheid en milieu, waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit (paragraaf 5.1.4 Bkl); Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed, waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking (paragraaf 5.1.5 Bkl); Het behoud van ruimte voor toekomstige functies voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden (paragraaf 5.1.6 Bkl); Het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten, waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoorziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes, aanwijzing van woningbouwcategorieën (paragraaf 5.1.7 Bkl); Het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8 Bkl). Daarnaast bevat afdeling 5.2 van het Bkl instructieregels voor de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het onder meer om het voorkomen van belemmeringen van gebruik en beheer
10
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch van spoorwegen en rijkswegen. In heel bijzondere gevallen kunnen B&W de Minister vragen om een ontheffing van bepaalde instructieregels te verlenen. Dit volgt uit afdeling 5.3 van het Bkl. Analyse plangebied De toetsing aan de instructieregels van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) zijn vooral relevant voor de activiteiten op het circuit. Deze toetsing aan het Bkl vindt plaats in het TAM-omgevingsplan van de gemeente Oss. Voor de wijziging van de geluidzone in Bernheze is alleen het volgende onderdeel van het Bkl van belang. 5.1.4.2 Geluid door activiteiten Op grond van artikel 5.59 van het Bkl wordt in een omgevingsplan rekening gehouden met het geluid door activiteiten op geluidgevoelige gebouwen. Een omgevingsplan voorziet erin dat het geluid door een activiteit op geluidgevoelige gebouwen aanvaardbaar is. Een akoestisch onderzoek is uitgevoerd met het oog op deze instructieregel. In paragraaf 6.1 wordt uitvoerig op het aspect geluid ingegaan. Hier wordt reeds vermeld dat een van de resultaten van het onderzoek is dat de bestaande geluidzone moet worden aangepast. Dit TAM-omgevingsplan voorziet in het opnemen van de betreffende geluidzone in het Omgevingsplan gemeente Bernheze. Conclusie Het TAM-omgevingsplan is in overeenstemming met de instructieregels uit het Bkl.
5.2
Provinciaal beleid
5.2.1
Brabantse omgevingsvisie
Op 14 december 2018 heeft de provincie de Omgevingsvisie Noord-Brabant vastgesteld Deze omgevingsvisie bevat de visie van het provinciale bestuur op de Brabantse leefomgeving van de toekomst (2050). Naar de uitgangspunten van de Omgevingswet zijn daarbij geen routes naar de gestelde doelen vastgelegd, omdat daarmee een beter samenspel en draagvlak kunnen ontstaan. De Omgevingsvisie kent één basisopgave: "werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit". Elke ruimtelijke ontwikkeling moet - ongeacht de omvang - hieraan bijdragen. In vier hoofdopgaven worden nadere accenten gelegd: 1. 2. 3. 4.
werken aan de Brabantse energietransitie; werken aan een klimaatproof Brabant; werken aan een slimme netwerkstad; werken aan een concurrerende, duurzame economie.
Analyse plangebied Het initiatief heeft geen betrekking op één van de provinciale belangen die zijn opgenomen in de Omgevingsvisie, omdat de wijziging van het TAM-omgevingsplan uitsluitend gaat over het wijzigen en juridisch-planologisch verankeren van de geluidszone. Conclusie Het initiatief past binnen de beleidskaders van de provinciale omgevingsvisie, omdat het niet in strijd is met de vier hoofdopgaven.
5.2.2
Omgevingsverordening Noord-Brabant
Vanuit de Omgevingswet moet de provincie naast een omgevingsvisie ook een omgevingsverordening vaststellen voor haar grondgebied. In de omgevingsvisie staat wat de provincie wil bereiken en wat ze wil doen om dat te bereiken. Soms vraagt dat om een nadere uitwerking van beleid en maatregelen in een (omgevings)programma, soms zijn er regels in een omgevingsverordening nodig om de ambities te realiseren.
Motivering (vastgesteld)
11
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant hebben op 23 maart 2021 het ontwerp van de Omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld. De Omgevingsverordening Noord-Brabant is op 1 januari 2024 tegelijk met de Omgevingswet in werking getreden. In de Omgevingsverordening staan regels voor: 1. Initiatiefnemers, inwoners en bedrijven: dit zijn zogenaamde algemene (rechtstreeks werkende) regels voor activiteiten. Deze regels bevatten voorwaarden om zo'n activiteit te verrichten en geven ook aan of je bijvoorbeeld eerst een melding moet doen voordat je mag beginnen. 2. Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het omgevingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren De instructieregels voor omgevingsplannen staan in Hoofdstuk 5 van (de geconsolideerde versie van) omgevingsverordening d.d. 1 januari 2025. Voor dit TAM-omgevingsplan moeten de volgende onderdelen uit de verordening worden overwogen. Mogelijk relevante aanduidingen in instructieregels voor gemeenten: Stalderingsgebied. Attentiezone geluid provinciale weg. Voor de hiervoor genoemde aanduidingen en daarbij behorende regels geldt dat de activiteiten in dit plan daarop niet van toepassing zijn.
Overige instructieregels, zonder relatie met aanduiding op de kaart betreffen: Art. 5.8 Zorgvuldig ruimtegebruik Art. 5.9 Toepassing van de lagenbenadering Art. 5.10 Meerwaardecreatie Art. 5.11 Kwaliteitsverbetering landschap Art. 5.12 Ontwikkelingsrichting Art. 5.13 Maatwerk voor verplaatsing van functies en activiteiten Instructieregel artikel 5.8 Zorgvuldig ruimtegebruik Lid 1 Zorgvuldig ruimtegebruik houdt in dat: a. een ontwikkeling plaatsvindt binnen bestaand ruimtebeslag; b. bij een ontwikkeling rekening wordt gehouden met de mogelijkheden voor intensivering van bestaand ruimtebeslag en meervoudig ruimtegebruik; c. bij stedelijke ontwikkeling toepassing wordt gegeven aan de ladder voor duurzame verstedelijking, bedoeld in artikel 5.129g van het Besluit kwaliteit leefomgeving; d. gebouwen, bijbehorende bouwwerken en andere permanente voorzieningen worden geconcentreerd binnen een bouwperceel ; en e. splitsing van een bestaand bouwperceel niet is toegestaan.
Lid 2 Als uit een zorgvuldige afweging blijkt dat een ontwikkeling niet binnen bestaand ruimtebeslag mogelijk is, is uitbreiding van ruimtebeslag mogelijk onder de in dit hoofdstuk opgenomen voorwaarden.
12
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Motivering Dit TAM-omgevingsplan wijzigt een bestaande geluidzone, die echter nog niet eerder in het voormalige bestemmingsplan was opgenomen. De geluidzone rondom met Sportpark Nieuw Zevenbergen wordt kleiner, waardoor het gebied waarin beperkingen gelden voor het toevoegen van geluidgevoelige gebouwen of ruimten, eveneens kleiner wordt. Die verkleining leidt echter niet tot wezenlijk meer (of andere) planologische ontwikkelingsmogelijkheden dan nu het geval is. Per saldo is er geen uitbreiding van ruimtebeslag. Eventuele intensivering van ruimtebeslag is weliswaar mogelijk, maar leidt ook niet tot een wezenlijke verandering ten opzichte van hetgeen nu reeds planologisch mogelijk is gemaakt. Er wordt niet voorzien in uitbreiding van de oppervlakte bebouwing. Gelet op de aard van de wijziging van het omgevingsplan mag en moet van het doorlopen van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking worden afgezien. Splitsing van een bouwperceel is hier niet aan de orde.
Conclusie Aan het bepaalde in artikel 5.8 lid 1 wordt, voor zover de instructieregel relevant is voor deze wijziging, voldaan. Het bepaalde in lid 2 is voor deze wijziging niet van toepassing. De voorgaande conclusie betekent dat de instructieregels in artikel 5.9 en artikel 5.10 op deze wijziging niet van toepassing zijn. Instructieregel artikel 5.11 Een omgevingsplan dat de ontwikkeling van activiteiten mogelijk maakt in Landelijk gebied bepaalt dat die ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving. Motivering Met deze wijziging wordt geen wezenlijke ontwikkeling van activiteiten in landelijk gebied mogelijk gemaakt. Er is hoofdzakelijk sprake van consolidering van de bestaande hoofdactiviteiten. De enige verandering is dat binnen een beperkte zone het verbod tot bouwen of toevoegen van geluidgevoelige gebouwen en ruimten wordt opgeheven. Dit leidt echter niet tot een planologische uitbreiding van het bouwvolume. Conclusie Dit TAM-omgevingsplan geeft geen aanleiding tot het opnemen van een bepaling als bedoeld in de betreffende instructieregel.
Instructieregel artikel 5.12 Ontwikkelingsrichting Een omgevingsplan dat de uitbreiding mogelijk maakt van een bestaande activiteit of dat een nieuwe functie of activiteit toedeelt in Landelijk gebied, bevat een onderbouwing dat die ontwikkeling past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. Een ontwikkelingsrichting wordt opgesteld met toepassing van de basisprincipes, bedoeld in Paragraaf 5.1.2 , en gaat in ieder geval in op de volgende aspecten: (…).
Deze wijziging bevat geen uitbreiding van bestaande activiteiten en deelt geen nieuwe functies of activiteiten toe in Landelijk gebied.
Conclusie
Motivering (vastgesteld)
13
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Het opstellen van een specifieke ontwikkelingsrichting als bedoeld in de instructieregel is niet noodzakelijk. Instructieregel artikel 5.13 Maatwerk voor verplaatsing van functies en activiteiten Deze instructieregels vereisen (onder meer) omgevingskwaliteitswinst te behalen, in gevallen van verplaatsing van functies of activiteiten in Landelijk Gebied, maar ook in andere gevallen waarin een bouw- of gebruiksactiviteit daar mogelijk wordt gemaakt. Motivering Zoals uit het voorgaande reeds is gebleken heeft deze wijziging geen betrekking op een verplaatsing van functies en activiteiten en treden ten aanzien van de bestaande gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden geen wezenlijke veranderingen op. Conclusie Deze instructieregel is niet van toepassing op deze wijziging.
Conclusie Voor het wijzigen van de geluidszone zijn zowel de algemene regels voor activiteiten en de instructieregels slechts beperkt van toepassing. De TAM-omgevingsplanwijziging is niet in strijd met de Omgevingsverordening Noord-Brabant.
5.3
Gemeentelijk beleid
5.3.1
Omgevingsvisie Bernheze 2040
De omgevingsvisie Bernheze2040, vastgesteld in maart 2024, beschrijft de belangrijkste punten van het gewenste beleid voor een langere periode. In de omgevingsvisie worden vijf thema's (ambities) centraal gesteld. Deze ambities zijn: Gezonde leefomgeving; Leefbare kernen; Klimaatbestendig en biodiversiteit; Vitale en duurzame landbouw en economie; Kwaliteit landschap en erfgoed. De vijf ambities zijn onderling verbonden en vormen samen een integrale aanpak voor een toekomstbestendig Bernheze. De gemeente werkt samen met inwoners, ondernemers en partners om deze doelen te realiseren. De visie is flexibel en dynamisch, zodat zij kan inspelen op nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen. Het uiteindelijke doel is een gezonde, klimaatbestendige, leefbare en economisch vitale gemeente met een sterk landschap en erfgoed. Gezonde leefomgeving Bernheze wil een omgeving creëren die de fysieke, mentale en sociale gezondheid van inwoners bevordert. Dit betekent een beweegvriendelijke inrichting, schone lucht, goede waterkwaliteit en een veilige leefomgeving. Inclusiviteit staat centraal: iedereen moet kunnen meedoen. De visie stimuleert ontmoetingsplekken, groen in de kernen en een inrichting die uitnodigt tot bewegen en sociale interactie. Leefbare kernen De gemeente zet in op vitale dorpen met voldoende voorzieningen, betaalbare en duurzame woningen en een sterke sociale cohesie.
Mobiliteit speelt hierbij een grote rol: slimme en duurzame vervoersoplossingen, zoals laadpalen en betere fietsverbindingen, moeten de bereikbaarheid verbeteren.
14
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch Ook veiligheid en een levendige gemeenschap zijn speerpunten om de leefbaarheid te waarborgen. Klimaatadaptatie en herstel biodiversiteit Bernheze wil klimaatbestendig worden door wateroverlast, droogte en hittestress tegen te gaan. Dit gebeurt via maatregelen zoals het verhogen van de grondwaterstand, water vasthouden in beekdalen en het creëren van tijdelijke wateropvang. Daarnaast is herstel van biodiversiteit een prioriteit: meer natuur, bosaanplant en groene structuren die passen bij het karakter van Bernheze. Deze ambitie draagt bij aan een robuust ecosysteem en een aantrekkelijk landschap. Vitale en duurzame landbouw en economie De landbouwsector transformeert naar kringlooplandbouw en innovatieve verdienmodellen, zoals biobased grondstoffen en lokaal voedsel. Gezondheid is een randvoorwaarde: minder emissies van ammoniak en fijnstof en een circulaire economie waarin afval wordt hergebruikt. Ook de energietransitie speelt een rol: opwekking van duurzame energie en een CO2-reductie van 55% in 2030. Het doel is een economisch vitaal Bernheze dat duurzaam produceert en bijdraagt aan een gezonde leefomgeving. Kwaliteit landschap en erfgoed Het versterken van cultuurhistorie en het beschermen van landschappelijke waarden staan centraal.
Bernheze wil de identiteit van het gebied behouden door zorgvuldig om te gaan met erfgoed en het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte. Dit betekent ook aandacht voor recreatie, toerisme en het beleefbaar maken van het landschap, zodat inwoners en bezoekers het unieke karakter van Bernheze ervaren. Overweging en conclusie Zowel de continuering van de activiteiten op Sportpark Nieuw Zevenbergen als het waarborgen van een aanvaardbaar geluidniveau sluiten op de eerstgenoemde ambitie aan. Het wijzigen van de geluidszone zelf staat niet haaks op deze en andere ambities uit de omgevingsvisie. Daarom kan geconcludeerd worden dat het wijzigen van de geluidszone passend is binnen het beleid van de gemeente en daarmee een wenselijk initiatief is.
Motivering (vastgesteld)
15
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 6
ASPECT EN FYSIEKE LEEFOM GEVING
Artikel 2.25 en 2.26 van de Omgevingswet bepalen dat een omgevingsplan moet voldoen aan Hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (hierna: Bkl). In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de instructieregel voor geluid en de milieueffectenrapportage, in verband met het wijzigen van een reeds bestaande geluidszone. De overige instructieregels zijn daarom niet relevant voor dit TAM-omgevingsplan en worden om die reden ook niet verder uiteengezet.
6.1
Geluid
6.4.1.1 Bkl
Geluid door activiteiten
In een omgevingsplan moet rekening gehouden worden met het geluid door activiteiten op geluidgevoelige gebouwen (art. 5.59 Bkl). Dat is het geval bij het toelaten van een activiteit op een locatie, anders dan het wonen, die geluid veroorzaakt op een geluidgevoelig gebouw dat is toegestaan. En bij het toelaten van een geluidgevoelig gebouw waarop geluid wordt veroorzaakt door een activiteit op een locatie die is toegestaan, anders dan het wonen. Een omgevingsplan moet erin voorzien dat het geluid door een activiteit op geluidgevoelige gebouwen aanvaardbaar is (art. 5.59 Bkl). Bij toelaten van een activiteit, gemeenteweg, waterschapsweg, lokale spoorweg of geluidgevoelig gebouw op een locatie houdt het bevoegd gezag in ieder geval rekening met geluid. Deze instructieregel bevat geen concreet kwaliteitsniveau voor geluid. Daarom heeft het bevoegd gezag een grote beoordelingsvrijheid.
Voor de volgende activiteiten gelden verschillende specifieke instructieregels: standaardactiviteiten (paragraaf 5.1.4.2.1 en 5.1.4.2.2 Bkl) specifieke activiteiten (paragraaf 5.1.4.2.1 en 5.1.4.2.3 Bkl) activiteiten op industrieterrein met een geluidproductieplafond (gpp) 'activiteiten in de openbare buitenruimte' en evenementen ((paragraaf 5.1.4.2.1 en artikel 5.73 (uitzonderingen geluidbronnen) Bkl) De wetgever maakt onderscheid tussen geluidbronnen met een geluidproductieplafond als omgevingswaarde (gpp) en bronnen met een basisgeluidemissie (bge). Geluid afkomstig van wegen, spoorwegen en industrieterreinen heeft invloed op de omgeving. Het bevoegd gezag beoordeelt geluid van deze bronnen bij geluidgevoelige gebouwen (artikel 3.20 Bkl). Het rijk stelt voor een aantal gebouwen specifieke regels. Deze instructieregels van het Bkl voor geluid zijn gericht op aangewezen geluidgevoelige gebouwen (artikel 3.20 Bkl) en stiltegebieden (artikel 7.11 Bkl). In de aanwijzing van geluidgevoelige gebouwen is de functie (zoals wonen, onderwijs of zorg) bepalend (artikel 3.20 Bkl). Voor andere gebouwen of locaties bepaalt de gemeente zelf de mate van bescherming tegen geluid. Dat doet de gemeente vanuit haar taak 'evenwichtige toedeling van functies aan locaties'. Ook zijn direct werkende regels in de bruidsschat opgenomen.
Dit zijn de regels voor het bepalen en beoordelen van geluid door een toegelaten activiteit. In de bruidsschat is het onderdeel geluid geregeld in paragraaf 22.3.4. Daarin staan regels over geluid door een activiteit op of in een geluidgevoelig gebouw die op een locatie is toegelaten op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. In de Bruidsschat zijn waarden bepaald (zie artikel 22.57 Bruidsschat waar waarden gelden). Daarbij is onderscheid gemaakt in geluid door de volgende activiteiten: Activiteiten anders dan door windturbines en windparken en civiele buitenschietbanen, militaire buitenschietbanen en militaire springterreinen (par. 22.3.4.2 BS); Geluid door windturbines en windparken (par. 22.3.4.3 BS); Geluid door civiele buitenschietbanen, militaire buitenschietbanen en militaire springterreinen (par. 22.3.4.4 BS). Planspecifiek Om te voldoen aan de hierboven vermelde instructieregels is getoetst of de activiteiten op het ciruit Stichting Nieuw Zevenbergen in Oss, zoals toegelaten op grond van het Omgevingsplan gemeente Oss,
16
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch qua geluidhinder aanvaardbaar zijn. Daarbij is als vertrekpunt genomen de geldende vergunning van de Stichting Nieuw Zevenbergen, de geldende geluidzone (zie hierna) en het huidige gebruik en bebouwingsmogeljkheden. Het gebruik en de bebouwingsmogelijkheden blijven in het TAM-omgevingsplan dat de gemeente Oss voor het circuit vaststelt, in belangrijke mate gelijk aan wat reeds is vergund en planologisch toegelaten. Er worden alleen enkele beperkte veranderingen doorgevoerd op het gebied van openingstijden, activiteiten op de motorcross- en kartingbaan en bebouwingsmogelijkheden. De beperkte stikstofdepositieruimte heeft als gevolg dat het TAM-omgevingsplan van de gemeente Oss geen belangrijke uitbreidingen op het gebied van het gebruik en bebouwing van het circuit kan toestaan. Uitbreidingsmogelijkheden kunnen wel geboden worden wanneer de ontsluiting van het circuit wordt mogelijk gemaakt via de Graafsebaan. De gemeente Oss is daarom, in overleg met de provincie, voornemens om een nieuwe verkeersaansluiting van het terrein te realiseren tussen het sportpark en de N329, aan de westzijde van het terrein.
De nieuwe ontsluiting op de N329 zorgt ervoor dat het verkeer van en naar het sportpark wordt verlegd van de Zevenbergseweg naar een beter geschikte hoofdweg, waardoor de verkeersafwikkeling verbetert en lokale hinder afneemt. Hierdoor nemen de verkeersintensiteiten op de N329 slechts beperkt toe en ontstaan geen knelpunten in de afwikkeling van het verkeer. Omdat sprake is van voornamelijk een verschuiving van verkeer en geen substantiële toename, leidt de ontsluiting niet tot negatieve gevolgen voor stikstofdepositie en ontstaat ruimte voor het uitbreiden van activiteiten op het terrein van SNZ. Hetgeen wél kan worden toegestaan is akoestisch onderzocht, om te bepalen of dat nog past binnen de eerder vastgestelde geluidzone op basis van de Wet geluidhinder (Wgh). Deze geluidzone is binnen de gemeente Bernheze niet in een bestemmingsplan geborgd, maar is juridisch van kracht op grond van artikel 12.7, derde lid Bkl, juncto de artikelen 52, 54, 41 en 40 Wgh. Het circuit (aan te merken als industrieterrein) bestond reeds op 1 januari 2007. Op grond van het zonebesluit Wgh ook de geluidzone rond dat industrieterrein. Het zonebesluit werd destijds geacht deel uit te maken van het bestemmingsplan, ook al is het daarin niet daadwerkelijk opgenomen. Er is dus sprake van directe doorwerking.
Op grond van artikel 41, derde lid, blijft de geluidzone uit het zonebesluit Wgh voortbestaan. Deze kan daarom nu worden gewijzigd met toepassing van artikel 41, eerste lid Wgh.
Onderzoek Er is akoestisch onderzoek uitgevoerd om te bepalen hoe het voornemen zich verhoudt tot de geluidzonering om het terrein, maar ook of het voornemen past binnen de van toepassing zijnde wet- en regelgeving inzake geluid. Het onderzoeksrapport is opgenomen in Bijlage 1 van deze motivering. Jaargemiddelde geluidniveaus Voor de gemeente Bernheze zijn drie woningen aan de Zevenbergen van belang, met name de woning Zevenbergen 10. Onder meer deze woning is als maatgevend beschouwd in de berekening van de jaargemiddelde equivalente geluidbijdragen. Bij de berekeningen van de jaargemiddelde geluidniveaus is rekening gehouden met de verscheidene beoogde activiteiten (voor zover akoestisch relevant) en de jaarkalender oftewel het aantal dagen per jaar waarop de activiteiten plaatsvinden. Uit de berekeningen volgt dat de equivalente geluidniveaus, jaargemiddeld bezien, 48 tot en met 50 dB(A) zijn. Om enig inzicht te krijgen in de geluidimmissies wordt de beoogde situatie met de vergunde situatie 1993 vergeleken. Het vergelijken van geluidniveaus is alleen reëel als wordt uitgegaan van een identieke rekenwijze. Daarom vindt het vergelijken van de beide genoemde situaties plaats zonder toepassing van de tonale toeslag. De conclusie is dat de beoogde situatie, jaargemiddeld bezien, circa 2 dB(A) minder luid is dan de vergunde situatie.
Cumulatie sportpark en wegen Het verschil tussen de cumulatie in- en exclusief het sportpark is voor alle adressen binnen de gemeente Bernheze maximaal 1 dB. Bij twee relevante woningen in de gemeente Bernheze vindt hierbij een verschuiving van de categorie plaats. Voor elk van deze adressen geldt een verschuiving van de categorie matig naar tamelijk slecht. Daarbij moet worden vermeld dat deze woningen zich in de situatie
Motivering (vastgesteld)
17
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch exclusief het sportpark al tegen de bovengrens van de categorie matig bevonden. Hoewel de berekende geluidniveaus en de vastgestelde geluidzone aantonen dat de beoogde activiteiten wel binnen de wettelijke normen blijven, is het niet uitgesloten dat omwonenden in de gemeente Bernheze veranderingen ten aanzien van het geluid van het sportpark zullen ervaren. conclusies onderzoek Op basis van de uitgevoerde akoestische analyses en modelberekeningen kan worden geconcludeerd dat de beoogde activiteiten op het Sportpark Nieuw Zevenbergen – zowel trainingen als wedstrijden met karts en crossmotoren – binnen de geluidzone blijven zoals vastgesteld op grond van de Wet geluidhinder. De geluidcontouren zijn zorgvuldig bepaald en tonen aan dat de geluidbelasting bij de omliggende woningen acceptabel is, mede doordat de tonale toeslag niet van toepassing is gebleken op basis van recente metingen en inzichten. De hoogst toelaatbare geluidbelasting (MTG) bij de meest belaste woningen is geactualiseerd en blijft grotendeels gelijk aan de eerder vastgestelde waarden. Bij één woning (De Breeter 1) neemt de geluidimmissie met 1 dB(A) toe, maar deze is verdedigbaar gezien de realistischere modellering en het ontbreken van effectieve mitigerende maatregelen.
Daarnaast biedt de toepassing van redelijke sommatie mogelijkheden om de geluidzone verder te beperken en de MTG’s te verlagen richting de saneringsdoelstelling. Met toepassing van redelijke sommatie is geen sprake meer van de bovengenoemde toename van 1 dB(A) bij adres De Breeter 1. De jaargemiddelde geluidniveaus zijn lager dan in de vergunde situatie van 1993, wat bevestigt dat de beoogde situatie akoestisch gunstiger is. Daarmee vormt deze geluidnotitie een solide basis voor het vastleggen van de gewijzigde geluidzone in het omgevingsplan en voor het nemen van besluiten over hogere waarden waar nodig. Hoewel de berekende geluidniveaus en de vastgestelde geluidzone aantonen dat de beoogde activiteiten binnen de wettelijke normen blijven, betekent dit niet dat omwonenden geen verandering zullen ervaren. Door de uitbreiding van het aantal trainingsuren en wedstrijddagen zal het geluid van motoren en karts hoorbaar zijn en blijven in de omgeving. Vanuit belevingsperspectief is dus te verwachten dat de frequentie van hoorbare activiteiten en de subjectieve hinder bij een deel van de omwonenden kunnen toenemen, ondanks dat de objectieve geluidbelasting voldoet aan de wettelijke grenswaarden.
Borging in het TAM-omgevingsplan van de gemeente Oss In het TAM-omgevingsplan voor het circuit zelf, dat door de gemeente Oss wordt vastgesteld, zijn de belangrijkste normatieve uitgangspunten voor de berekening vastgelegd, waaronder: de openingstijden van de cross- en de kartbaanpend van de betreffende motorcross- en kartbaan; het maximaal aantal cross- en race-uren voor trainingen en wedstrijden; differentiatie tussen zomer en winter, weekdagen en schoolvakanties; beperking van het aantal wedstrijddagen per jaar; maximale geluidemissies van motoren en karts; maximaal aantal karts in de baan; geen wedstrijden gelijkijdig en geen wedstrijden en trainingen gelijktijdig. Inhoud van dit TAM-omgevingsplan van de gemeente Bernheze De gewijzigde geluidcontour wordt in de vorm van een geluidzone in dit TAM-omgevingsplan opgenomen. Binnen deze geluidzone zijn nieuwe geluidgevoelige gebouwen, ruimten en locaties niet zonder meer toegestaan, maar alleen als wordt voldaan aan de vergunningplicht zoals opgenomen in artikel 3.3 van de planregels.
Monitoring Ten behoeve van een goede monitoring van het geluid, neemt de Stichting Nieuw Zevenbergen passende
18
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch maatregelen om de opgelegde normen na te leven door middel van (onder meer) het plaatsen van meetregistratiesystemen op de baan. Daarnaast is in het TAM-omgevingsplan van de gemeente Oss ook een monitorings- en registratieverplichting voor de stichting opgenomen, zodat dit ook langs planologisch-juridische weg is gewaarborgd.
Conclusie Door middel van het bepalen van gebruiksuitgangspunten is geluidonderzoek verricht. Daaruit is gebleken dat het voorgenomen gebruik past binnen de bestaande contour en dat de bestaande contour enigszins verklein kan worden. De nieuwe contour wordt als geluidzone in het Omgevingsplan gemeente Bernheze opgenomen. Daarnaast worden de normatieve uitgangspunten die aan de contour ten grondslag liggen gedetailleerd opgenomen in de regels van het TAM-omgevingsplan voor het circuit dat door de gemeente Oss wordt vastgesteld. Hiermee wordt in voldoende mate aan de betreffende instructieregels over geluid voldaan en daarmee aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
6.2
Milieueffectrapportage
De wetgeving over de milieueffectrapportage (m.e.r) is opgenomen in afdeling 16.4 van de Omgevingswet en in hoofdstuk 11 en bijlage V bij het Omgevingsbesluit. Daarin is bepaald dat het bevoegd gezag bij de voorbereiding van een plan of programma een milieueffectrapport opstelt, als dat plan of programma het kader vormt voor te nemen besluiten voor projecten die zijn aangewezen in artikel 16.43 van de Omgevingswet. Onder een plan of programma, als bedoeld in artikel 2, onder a, van de SMB-richtlijn (EU-richtlijn voor strategische milieubeoordeling), wordt in ieder geval verstaan een omgevingsvisie, programma, omgevingsplan en voorkeursbeslissing. Voor de plannen en programma's waarvoor een plan-milieueffectrapport moet worden opgesteld is in de Omgevingswet een generieke aanwijzing opgenomen. Hiervoor is aansluiting gezocht bij de SMB-richtlijn. In Bijlage V bij het Omgevingsbesluit staan de aangewezen categorieën van projecten waarvoor een m.e.r.-procedure verplicht is. Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de voorbereiding van een plan of programma waarvoor een milieueffectrapport moet worden gemaakt. Voor plannen die betrekking hebben op kleine gebieden op lokaal niveau en/of kleine wijzigingen heeft de Omgevingswet de plan-m.e.r.-beoordeling geïntroduceerd. Voor deze ontwikkelingen is een plan-m.e.r.
alleen verplicht als voor de activiteit aanzienlijke milieugevolgen worden verwacht. Een plan-m.e.r.-beoordeling is ook van toepassing op plannen die een kader vormen voor m.e.r.-(beoordelings)plichtige projecten en besluiten die niet in het Omgevingsbesluit zijn genoemd. De plan-m.e.r.-beoordeling betreft een toets om na te gaan of sprake is van een plan met grote milieugevolgen. Deze toets dient plaats te vinden aan de hand van de criteria van Bijlage III, van de EU-richtlijn m.e.r. De hoofdcriteria waaraan moet worden getoetst zijn: kenmerken van het project, plaats van het project en kenmerken van het potentiële effect.
Planspecifiek Uit de toetsing aan de regels over milieueffectrapportage blijkt dat er géén plicht is om een milieueffectrapport (MER) op te stellen voor deze planwijziging. Wel geldt een mer-beoordelingsplicht, gelet op de activiteiten op het circuit. Op basis van een uitgevoerde mer-beoordeling is vastgesteld dat er geen belangrijke nadelige milieugevolgen optreden die het opstellen van een MER noodzakelijk maken.
Motivering (vastgesteld)
19
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Conclusie Uit de mer-beoordeling is gebleken dat de gevolgen van het uitvoeren van de activiteit op de fysieke leefomgeving geen aanleiding geven tot het opstellen van een milieueffectrapportage.
20
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 7 7.1
JURIDISCHE PLANOPZET
Wijzigingsbesluit
Onderhavig TAM-omgevingsplan vormt een wijziging van het omgevingsplan. De wijziging voorziet in het opnemen van een geluidzone vanwege de activiteiten op Sportpark Nieuw Zevenbergen in Oss. Deze geluidzone lag en ligt gedeeltelijk in de gemeente Bernheze. Vanwege de aanpassing van de bestaande geluidzone én het feit dat de bestaande geluidzone onbedoeld niet in het Omgevingsplan gemeente Bernheze (voormalig bestemmingsplan "Buitengebied Bernheze") is opgenomen, is sprake van een wijziging van het omgevingsplan. Het TAM-omgevingsplan is op het oog een omgevingsplan dat losstaat van de rest van het omgevingsplan. Toch is het functioneel en juridisch een integraal onderdeel van het omgevingsplan. Om te zorgen dat het TAM-omgevingsplan juridisch één geheel is met het omgevingsplan van rechtswege, wordt het als het ware als een nieuw hoofdstuk toegevoegd. Onderhavig TAM omgevingsplan dient dus ook als dusdanig gelezen te worden, in samenhang met de bruidsschat van het omgevingsplan. Daarom is er in de regels van onderhavig TAM-omgevingsplan een pre-ambule opgenomen, waarin staat dat het plan vigeert als hoofdstuk 22q van het omgevingsplan.
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Dit TAM-omgevingsplan maakt onderdeel uit van het omgevingsplan van de gemeente Bernheze. Dat betekent dat alle regels uit het omgevingsplan ook van toepassing zijn op onderhavige ontwikkeling aan (tenzij ze daarmee strijdig zijn). Daarom worden in de regels alleen maar bepalingen opgenomen welke specifiek relevant zijn voor de op te nemen geluidzone. Zo is er voor dit plan ook gekozen om niet de specifieke bepaling over de het afwijken van bepalingen uit de bruidsschat op te nemen, aangezien er bij dit TAM-omgevingsplan niet wordt afgeweken van de bruidsschat. Hoofdstuk 1 bevat een toepassingsbereik en enkele begripsbepalingen.
Hoofdstuk 2 Algemene regels over functies Het hoofdstuk bestaat uit een toepassingbereik, aanwijzing van de geluidzone en verbodsregels die gelden binnen de geluidzone. Het verbod geldt voor het toevoegen geluidgevoelige gebouwen, ruimten en locaties. Hoofdstuk 3 Overige bepalingen Dit hoofdstuk bestaat uit één artikel, dat de overgangsregels voor planologisch gebruik en bouwwerken bevat.
Verbeelding De verbeelding behorende bij dit TAM-omgevingsplan is getekend en gecodeerd conform de technische eisen van IMRO2012. Voor een weergave van de analoge kaart, zie 7.2.
Motivering (vastgesteld)
21
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
7.2
22
Analoge kaart
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 8 8.1
Economisch
8.1.1
Kostenverhaal
UIT VOERBAARHEID
Ten aanzien van het wettelijk kostenverhaal wordt opgemerkt dat voor deze wijziging alleen plankosten voor verhaal in aanmerking komen. Daar waar nodig zal op basis van artikel 13.18 het publiekrechtelijke kostenverhaal worden verrekend door middel van een kostenverhaalsbeschikking (artikel 13.18 Ow). In het geval van onderliggende ontwikkeling worden de kosten via de leges verrekend. Het is daardoor niet noodzakelijk om kostenverhaalsregels op te stellen. Het verhaal van kosten is anderszins verzekerd. 8.1.2
Financieel economische uitvoerbaarheid
Dit TAM-omgevingsplan, dat alleen voorziet in een juridische wijziging, is financieel-economische uitvoerbaar. Er is geen sprake van een ruimtelijke ontwikkeling. Deze wijziging zou evenwel kunnen leiden tot het verlenen van nadeelcompensatie. Op dat laatste wordt hierna ingegaan. 8.1.3
Nadeelcompensatie
Nadeelcompensatie binnen de Omgevingswet gaat over besluiten of maatregelen: die rechtstreeks werkende rechten en verplichtingen voor burgers en bedrijven bevatten die rechtstreeks gevolgen hebben voor burgers en bedrijven door verandering van de fysieke leefomgeving De schadeoorzaken zijn limitatief opgesomd in artikel 15.1 van de Omgevingswet. Dit betekent dat de wet de schadeoorzaken uitputtend regelt. Er zijn dus geen andere schadeoorzaken mogelijk dan die in de Omgevingswet staan. Staat een schadeoorzaak niet in artikel 15.1 dan is voor taken en bevoegdheden van de Omgevingswet ook de Awb-regeling niet mogelijk. Schadeoorzaken zijn bijvoorbeeld: een omgevingsvergunning of het weigeren daarvan; een regel in het omgevingsplan. Deze moet rechtstreekse rechten of verplichtingen voor burgers en bedrijven bevatten; een maatwerkvoorschrift. Voor dit TAM-omgevingsplan voor het aanpassen van de geluidszone is het volgende van toepassing: ''Een regel in het omgevingsplan''. Het betreft hier een verbod om zonder omgevingsvergunning (nieuwe) geluidgevoelige gebouwen, ruimten en locaties toe te voegen. De nadeelcompensatie die voor eventuele vergoedingen in aanmerking komt wordt door de betreffende gemeente (in dit geval Bernheze) zelf gedragen. Zodoende is voor wat betreft nadeelcompensatie de uitvoerbaarheid van het initiatief geborgd (zoals bedoeld in artikel 13.3C Ow).
8.2
Maatschappelijk
8.2.1
Zienswijzen
Het ontwerp van dit TAM-omgevingsplan heeft met ingang van 17 december 2025 gedurende een termijn van zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn is één zienswijze op het ontwerp van dit plan ingediend. Deze zienswijze is beoordeeld en geeft geen aanleiding tot een aanpassing van dit plan. 8.2.2
Beroep
Afdeling 3.4 Awb is van toepassing op de voorbereiding van een omgevingsplan of de wijziging van een omgevingsplan. Tegen het besluit tot vaststelling van een omgevingsplan of het wijzigen van een omgevingsplan kan rechtstreeks beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in eerste en enige aanleg. Dezelfde procedure is van toepassing op de afwijzing van een verzoek tot
Motivering (vastgesteld)
23
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch wijziging van een omgevingsplan. Tegen een beschikking krachtens een omgevingsplan waarbij maatwerkvoorschriften worden gesteld, of waarbij wordt toegestaan gelijkwaardige maatregelen te treffen, staat (na de bezwaarfase) beroep in eerste aanleg open bij de rechtbank met de mogelijkheid van hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als een dergelijke beschikking wordt geweigerd, geldt hetzelfde. Het omgevingsplan treedt in werking vier weken nadat van het omgevingsplan mededeling is gemaakt. Een verzoek om een voorlopige voorziening heeft niet automatisch schorsende werking.
24
Motivering (vastgesteld)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch
Hoofdstuk 9
BELANGENAFWEGING EN CONCLUSIE
Bij het nemen van een besluit op een aanvraag tot wijziging van het omgevingsplan gelden in ieder geval de volgende criteria: 1. de doelen van de Omgevingswet (zie artikel 1.3 en 2.1, lid 1, Omgevingswet) 2. de evenwichtige toedeling van functies aan locaties (zie artikel 4.2, Omgevingswet) 3. de instructieregels over het omgevingsplan uit hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) 4. de instructieregels over het omgevingsplan uit de omgevingsverordening Redenen voor de gemeente om het omgevingsplan niet te wijzigen zijn dan bijvoorbeeld: 1. De gewenste ontwikkeling past niet binnen gemeentelijk beleid. Dit kan blijken uit bijvoorbeeld de omgevingsvisie en programma's van de gemeente. Dan is er geen sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties of is er strijd met andere doelen van de Omgevingswet. 2. Voor de gewenste ontwikkeling zijn regels nodig die in strijd zijn met de doelen van de Omgevingswet. 3. Er is geen bereidheid bij de gemeenteraad om het omgevingsplan aan te passen. Hierbij kunnen ook financiële overwegingen meespelen. De aanvrager dient bij zijn aanvraag de gegevens aan te leveren die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en die hij redelijkerwijs kan krijgen. De gemeente Bernheze mag besluiten de aanvraag niet te behandelen indien de aangeleverde stukken (ook na aanvulling) onvoldoende zijn.
Zie de artikelen 3:10, derde lid, 4:2, tweede lid en 4:5 en Awb.
9.1
Doelen van de wet (Omgevingswet artikel 1.3)
De maatschappelijke doelen van de Omgevingswet (artikel 1.3 Omgevingswet) geven richting over welke belangen in deze afweging mee te nemen. Bij de evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet de gemeente in ieder geval rekening houden met het belang van het beschermen van de gezondheid (artikel 2.1 lid 4 Omgevingswet) en een aantal aspecten uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Hiervoor zijn algemene instructieregels opgesteld. Het oogmerk van dit TAM-omgevingsplan is het bereiken van een aanvaardbare omgevingskwaliteit in de omgeving van het circuit alsmede van doelmatige gebruiksmogelijkheden van het circuit zelf.
Conclusie Het opnemen van de geluidszone in het Omgevingsplan gemeente Bernheze draagt bij aan het beschermen van de leefomgeving en aan het benutten van de leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften. Met het juridisch-planologisch vastleggen van de aangepaste geluidzone wordt voldaan aan het oogmerk van balans tussen bescherming en benutting van de leefomgeving.
9.2
Een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL)
De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente één omgevingsplan vast waarin regels over de fysieke leefomgeving worden opgenomen. Uit artikel 1.2 van de Omgevingswet volgt welke activiteiten in elk geval tot de fysieke leefomgeving behoren. Alle regels in het omgevingsplan samen moeten leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De gemeente moet daarbij rekening houden met alle betrokken belangen. Hoe dit evenwicht er precies uitziet, hangt af van de wijze waarop de betrokken belangen worden gewogen. Net als bij de beoordeling van een goede ruimtelijke ordening heeft het bevoegd gezag beleidsruimte bij het bepalen
Motivering (vastgesteld)
25
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22q, Geluidzone SNZ Heesch welke belangen bij botsing prevaleren. De gemeente Bernheze beoordeelt aan de hand van de gegevens of er voldaan wordt aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Om dit te kunnen beoordelen zijn voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten (voor zover betrekking hebbend op de gevraagde activiteit) nader onderzocht en afgewogen (zie hoofdstuk 6). Gelet op het beleidskader en de effecten op de fysieke leefomgeving is er voor de onderhavige wijziging van het Omgevingsplan gemeente Bernheze sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
9.3
Verwerken TAM-omgevingsplan
Vóór 2032 moet dit TAM-IMRO omgevingsplan worden omgezet naar het integrale omgevingsplan in STOP. Voor het omzetten moet een wijzigingsbesluit in STOP worden genomen. Het ministerie van BZK heeft de intentie uitgesproken om in de wet- en regelgeving vast te leggen dat regels in het STOP omgevingsplan die inhoudelijk gelijk zijn aan het TAM-IMRO plan niet opnieuw appellabel worden bij het overbrengen. Dit TAM-omgevingsplan bevat een geluidzone die bij omzetting naar het integrale omgevingsplan nagenoeg op dezelfde wijze als in dit TAM-omgevingsplan is geregeld, kan worden opgenomen. Dat betekent dat beperkende regels worden gesteld, die gelden ter plaatse van de geluidzone. De geluidzone wordt door middel van een geografisch informatieobject (een locatie en eventueel een gebiedsaanwijzing) in het omgevingsplan vastgelegd.
26
Motivering (vastgesteld)