Meespreeknotitie Mw. L. van de Scheur
Tekst van het document
Raadscommissie Maatschappij en Bestuur Bernheze t.a.v. de griffier mw. L. Kilian griffie@bernheze.org De Missie 6 5384BZ Heesch BetreG: Inzake:
NoJJe t.b.v de behandeling van het collegevoorstel m.b.t. voorstel adequate huisvesJng huisvesJng SAM College
Heesch, 27 november 2025 Geachte leden van de raadscommissie, Via deze noJJe willen wij graag onze zienswijze geven op het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders ten behoeve van het beschikbaar stellen van het gebouw aan de Schoonstraat 24 te Heesch voor het onderwijs dat verzorgd gaat worden door de sJchJng SAMANAS onder de naam SAM College. 1. Verantwoordelijkheden onderwijshuisves5ng Tot 1-9-2025 was het betreffende gebouw toegewezen aan het Hooghuis College dat onderwijs op VMBO-t-niveau verzorgde. In de huidige regelgeving is er sprake van een verdeling van de kosten van huisvesJng welke door de Gemeente moeten worden gedragen en welke door het schoolbestuur. De Gemeente is verantwoordelijk voor de levering van een adequaat schoolgebouw of voor de renovaJe van een bestaand gebouw. Hiertoe krijgt de Gemeente jaarlijks een bedrag (niet geoormerkt) in het Gemeentefonds. De Gemeente maakt een integraal huisvesJngsplan (IHP) samen met de schoolbesturen om de verplichJngen, de uitgaven en de prioriteringen te verhelderen. De Gemeente Bernheze is op dit moment bezig het IHP opnieuw vast te stellen op basis van de nieuwe wet- en regelgeving. Zoals bekend heeG het CoronaJjdperk veel inzicht gegeven in de slechte kwaliteit van de meeste onderwijsgebouwen en wordt er nu een inhaalslag gemaakt.
De Rijkssubsidie is bedoeld om ervoor te zorgen dat de schoolgebouwen voldoen aan verschillende kwaliteitseisen. Zoals: • een gezond binnenklimaat • geschikt voor inclusief onderwijs • duurzaam gebouwd Het geld hiervoor komt uit het Innovatieprogramma onderwijshuisvesting. Dat programma loopt van 2024 tot 2039. De Arbowet stelt daarboven eisen aan een verantwoorde inrichting van het schoolgebouw. Het gaat dan bijvoorbeeld om regels voor:
• • • •
het schoolterrein; de veiligheid; de omgang met gevaarlijke sto=en; het binnenklimaat.
In het Bouwbesluit staan vervolgens algemene regels voor de bouw en het verbouwen van een schoolgebouw. Scholen hebben ook te maken met de eisen uit het Gebruiksbesluit (brandveiligheid) en de bouwverordening van de gemeente. De Memorie van Toelichting wet buitenonderhoud (Tweede kamer vergaderjaar 2012-2013, 33 663 nr. 3) stelt : “Bevoegde gezagsorganen zullen de bevoegdheid en middelen krijgen om te investeren in aanpassingen aan het gebouw, bijvoorbeeld op het gebied van energiezuinigheid, binnenklimaat of het aanpassen van het gebouw aan het onderwijsconcept. Bevoegde gezagsorganen zullen ook niet meer afhankelijk van de gemeente zijn bij buitenonderhoud en bij aanpassingen aan het gebouw. Nog meer dan de nu verantwoordelijke gemeenten, zullen bevoegde gezagsorganen een op de lokale situatie toegespitste afweging kunnen maken. ..”. De Onderwijsraad heeG een advies m.b.t. moderne onderwijshuisvesJng in voorbereiding waar uitwerking wordt gegeven aan de volgende uitgangspunten: hdps://www.onderwijsraad.nl/adviezen/adviezen-in-voorbereiding/invoorbereiding/onderwijshuisvesJng : “Er wordt lokaal heel verschillend omgegaan met onderwijshuisvesJng. Verantwoordelijkheden voor nieuwbouw en onderhoud zijn gesplitst, wat leidt tot geschillen en verschillen. Veel scholen hebben verouderde gebouwen.
Ongeveer een kwart van de schoolgebouwen voor primair en voortgezet onderwijs voldoet niet aan de minimumeisen voor venJlaJe. Ook het realiseren van een goed en constant binnenklimaat, denk aan temperatuur en licht, is voor veel scholen een onmogelijke opgave. Dit heeG negaJeve effecten op de schoolprestaJes van leerlingen. Daarnaast vormen de (on)toegankelijkheid van gebouwen en het ruimtegebrek problemen, bijvoorbeeld voor leerlingen met een beperking of voor leerlingen met een extra ondersteuningsbehoeGe. HuisvesJng is daarmee een belangrijke factor in de ambiJe toe te werken naar inclusiever onderwijs. Een andere ontwikkeling die eisen stelt aan de kwaliteit van huisvesJng is de integraJe van onderwijs met andere voorzieningen in mulJfuncJonele accommodaJes…” hdps://open.overheid.nl/documenten/ronl-ef2b60a9-d422-45f2-bf1c-bb8a63583b9a/pdf hdps://www.pohv.nl/ hdps://www.pohv.nl/innovaJeprogramma/over-ipohv Er is de komende jaren dus veel aangekondigd en te verwachten als het gaat om de aanpassing/renovaJe van schoolgebouwen aan de eisen van deze Jjd met betrekking tot goede gezonde gebouwen voor modern onderwijs. Er was dus in de situaJe van Het Hooghuis al te voorzien dat er in de komende jaren aanpassingen aan dit gebouw noodzakelijk zouden worden. Het Hooghuis had in haar meerjarenonderhoudsplan (MJOP) hiervoor deels zelf voorzieningen kunnen (moeten)
treffen, maar zou zeker ook voor wat betreG venJlaJe, binnenklimaat (Frisse Scholen) energie zuinige maatregelen (BENG c,q, ENG) een beroep op uw Gemeente hebben gedaan. Ook de nieuwe eisen die nu verwerkt worden in het IHP zijn hierdoor gemoJveerd en leveren verplichJngen voor de Gemeente op. Echter, er is een nieuwe situaJe ontstaan die van grote betekenis is. Het Hooghuis is geen gesprekspartner meer in dezen van de Gemeente. Er is een nieuwe bestuurlijke situaJe ontstaan. De sJchJng SAMANAS (SAM College) start met ingang van augustus 2026 met voortgezet onderwijs. Zoals hierboven al aangegeven heeG de Gemeente de wedelijke plicht een schoolgebouw beschikbaar te stellen dat voldoet aan de eisen die nu gesteld mogen worden aan het onderwijs. Die eisen zijn, zoals u hierboven heeG kunnen zien, behoorlijk anders geworden. Dan hebben we het nog niet over ambiJes of extra voorzieningen met betrekking tot inclusief en/of passend onderwijs. Het SAM College wordt vanaf juni 2026 bekosJgd. Dit betekent dat de reserve of voorzieningen voor onderhoud op dat moment 0 EURO is. Dit betekent dus ook dat de Gemeente een gebouw moet opleveren dat voor een lange periode nauwelijks kosten voor onderhoud voor rekening van het bestuur zal hebben, omdat het schoolbestuur nog niet heeG kunnen reserveren, er geen MJOP is en direct een exploitaJetekort zal hebben.
Nu is het te begrijpen dat de gedachte ontstaat dat het beschikbaar stellen van dit gebouw eenvoudig is, namelijk simpelweg de ene school eruit en de nieuwe school erin. Uit bovenstaande blijkt dat dit een misvalng is. Er is een nieuwe situaJe ontstaan, met een nieuw schoolbestuur en een andere verhouding/verplichJng van de Gemeente als het bestuur hetzelfde gebleven was. 2. Noodzakelijke aanpassing aan het gebouw Zoals al blijkt uit bovenstaande zijn de eisen die worden gesteld aan schoolgebouwen behoorlijk veranderd. Veel onderwijsgebouwen voldoen niet meer aan de huidige eisen. Hiertoe kan deze noJJe, die is samengesteld door de sectorraden en de VNG als document ten behoeve van gemeentebesturen en schoolbesturen, inzicht bieden. Het Kwaliteitskader HuisvesJng voor funderend onderwijs bestaat uit drie delen: Deel A: “Architectonische kwaliteitscriteria” die inzicht geven in de prestaJe die verwacht mag worden van de belevingswaarde van het gebouw. Denk aan verschijningsvorm en uitstraling. Deel B: “Func7onele kwaliteitscriteria” die inzicht geven in de prestaJe die verwacht mag worden van de gebruikswaarde van het gebouw. Denk aan de omvang, situering en indeling van ruimten. Deel C: “Technische kwaliteitscriteria” die inzicht geven in de prestaJe die verwacht mag worden van de bouwkundige waarde van het gebouw. Denk aan gezondheid, duurzaamheid en het onderhoud.
hdps://www.ruimte-ok.nl/sites/default/files/202505/Kwaliteitskader_HuisvesJng_2025_Def.pdf
Zoals bekend hanteert de VNG normbedragen voor huisvesJng. Hierbij is het soort onderwijs van belang. In het gebouw werd voorheen alleen VMBO-T onderwijs geboden. Het SAM College zal ook VMBO-kader aanbieden, dat meer eisen stelt aan prakJjkruimten. In de onderbouw zal ook havo en vwo-onderwijs worden aangeboden. Door het in onderwijsgebouwen gespecialiseerd bureau SORS en ambtenaren van de Gemeente is een schouw gedaan in het gebouw om inzicht te krijgen in de funcJonele en technische kwaliteitscriteria. Uit die schouw is gebleken dat het gebouw op dit moment niet voldoet aan de eisen die gesteld worden aan een adequaat schoolgebouw. Bijvoorbeeld de normen van BENG of Frisse Scholen klasse B worden niet gehaald. Hierdoor zijn grote en ingrijpende aanpassingen nodig. Bijvoorbeeld het hele systeem van venJlaJe en binnenklimaat (verwarmen/koelen) moet worden vernieuwd. De huidige CV installaJe is afgeschreven en nu al zeer storingsgevoelig. Voor wat betreG de funcJonele aanpassingen is er gelukkig al veel gerealiseerd door Het Hooghuis en zullen de noodzakelijke aanpassingen vanwege het onderwijsconcept relaJef meevallen. Los van het feit dat het gebouw er van buiten en van binnen goed verzorgd uitziet is dit echter voor wat betreG de echte kwaliteit een vorm van “window dressing”, zowel funcJoneel als technisch.
Ingrijpende aanpassingen zijn hoe dan ook noodzakelijk en is de Gemeente verplicht om door te voeren. De nu voorgestelde wijzingen voldoen aan de wedelijke verplichJngen van de Gemeente en is de meest doelmaJge en efficiënte besteding van de middelen, zoals hieronder duidelijk wordt. 3. Uitstel van renova5e Gezien de stroomversnelling waarin dit project terecht is gekomen, is de gedachte om even de situaJe aan te kijken en af te wachten een begrijpelijke reflex. Men zou kunnen denken dat het SAM College eerst maar moet bewijzen dat ze bestaansrecht heeG voordat de Gemeente deze miljoenen-investering gaat doen. Dan zou je eerst het gebouw vooral op cosmeJsche wijze kunnen aanpassen om pas na twee jaar over te gaan tot noodzakelijke aanpassingen om het gebouw te laten voldoen aan de BENG- en Frisse scholen (klasse B) normen. Dit is echter een fouJeve en kostbare aanname. Ten eerste omdat de Gemeente maximaal twee jaar kan uitstellen. Wij krijgen van het Rijk echter minimaal de eerste vier jaar bekosJging. Dus over twee jaar kan de Gemeente helemaal niet vaststellen of de school wel of niet toekomstbestendig is en besluiten geen adequaat gebouw te leveren. Het is daarmee een vorm van “uitstel van execuJe”. Ten tweede is de toestemming om onderwijs te mogen verzorgen in juni 2025 gekomen van het ministerie van OC&W. Dit was een moeilijk en qua snelheid bijzonder proces.
Direct daarna is contact gezocht met de Gemeente om te zoeken naar een geschikt gebouw. Die samenwerking verdient grote waardering voor de betrokken wethouder en ambtenaren. Ook het college van B&W heeG hierin snel, coöperaJef en slagvaardig geacteerd. De Jjdsdruk is ook hoog. De school start per 1-8-2026 en het gebouw moet dan geschikt zijn gemaakt voor het onderwijs. Alle uitstel maakt een oplevering per augustus 2026 lasJg of onmogelijk. Ten derde is op dit moment reeds een aanbesteding in gang gezet voor de noodzakelijke bouwkundige en installaJetechnische werkzaamheden. Het zou onzorgvuldig zijn en van
onbehoorlijk bestuur getuigen om de betrokken aannemers, die inmiddels aanzienlijke voorbereidende werkzaamheden hebben verricht, mee te delen dat het totale pakket geen doorgang zal vinden (het kan niet worden opgeknipt). Dit brengt een reel risico op aanzienlijke schadeclaims met zich mee. Ten vierde wijzen we er op dat OBDN nog geen controle heeG uitgevoerd op de verplichte duurzaamheidsmaatregelen. Vaststaat dat het gebouw in de huidige staat niet voldoet aan de wedelijke eisen voor energiebesparing en verduurzaming. Bij alle natuurlijke vervangingsmomenten-en die zijn in dit gebouw ruimschoots aan de orde- is de Gemeente verplicht om verduurzaming integraal en direct mee te nemen. Uitstel van deze wedelijke verplichJng is juridisch niet houdbaar en leidt ongetwijfeld tot hogere kosten. Daar komt bij dat de huidige installaJe technisch op is. De CV-ketels dienen te worden vervangen door warmtepompen. Dit betekent dat het bestaande hoge-temperatuursysteem volledig moet worden omgebouwd naar een laag-temperatuursysteem. In veel gevallen betekent het aanleggen van vloerverwarming, frezen van leidingen in de vloeren en aanpassen van het distribuJesysteem. Deze werkzaamheden maken logischerwijze deel uit van de onvermijdelijke renovaJe.
Ten slode: wanneer deze werkzaamheden pas over twee jaar worden uitgevoerd, ontstaat een nieuwe complicaJe: een groot deel van de school zal Jjdens de verbouwing moeten uitwijken naar Jjdelijke huisvesJng. Dat brengt een zeer forse kostenpost met zich mee. De ervaring leert dat dergelijke Jjdelijke voorzieningen snel in de miljoenen lopen. Ter illustraJe: de Jjdelijke huisvesJng voor 120 leerlingen bij basisschool Opweg in Vorstenbosch bedraagt op dit moment circa 2 miljoen euro. Uitgaande van de leerlingaantallen die wij verwachten, moet voor onze situaJe gerekend worden met ruim 3 miljoen euro alleen al voor Jjdelijke onderwijshuisvesJng. Daarnaast is het onzeker of een geschikte locaJe beschikbaar is en of er Jjdig een elektriciteitsaansluiJng kan worden gerealiseerd. Het risico bestaat dat, bij een tekort op het net, gedurende lange Jjd met dieselaggregaten moet worden verwarmd—met hoge kosten én ongewenste milieubelasJng als gevolg.
Meer-kostenoverzicht uitstel (indicaJef): - Bestaande aanbesteding inclusief risico op claims: € 350.000,- Tijdelijke huisvesJng: € 3,2 miljoen (awankelijk van locaJe en leerlingenaantallen; mogelijk hoger) - Hogere bouwkosten (6-10%) Concluderend: een eventueel uitstel leidt niet tot een besparing, de Jjdelijke kosten zullen enorm zijn en over twee jaar zal de Gemeente alsnog een hoger bedrag moeten investeren voor hetzelfde pakket aan noodzakelijke aanpassingen. Als ondanks alle inspanningen de school niet levensvatbaar blijkt na vier of meer jaren. Dan nog is het geld niet over de balk gegooid (wat met uitstel wel het geval is). Dan heeG de Gemeente immers een goed gebouw geschikt voor allerlei maatschappelijke funcJes, flexibel en snel aan te passen. Dat kost mogelijk ook geld maar dat staat in geen enkele verhouding tot uitstel van renovaJe.
4. Verwach5ngen/prognoses Het is begrijpelijk dat het tempo en de verwachte kosten de Gemeenteraad verrassen. Met name als je er van uitgaat dat het huidige gebouw eenvoudig geschikt te maken is (quod non) om opnieuw onderwijs aan te bieden. Hierboven is dat afdoende betoogd. Onze aanvraag is ondersteund door een groot aantal (bijna 300) steunbetuigingen De opkomst op de informaJe-avond overtrof onze verwachJngen (> 170 unieke bezoekers). De steunbetuigingen zijn nodig voor een berekening. Voor een aanvraag waren 278 geldige verklaringen vereist; wij hebben er 291 gerealiseerd. De uitkomst hiervan vormt de berekende ondergrens van het te verwachten leerlingenaantal over een periode van elf jaar. 1 Daarbij moet worden benadrukt dat de periode waarbinnen deze verklaringen moesten worden verzameld beperkt is tot Jen weken, waarvan zes weken samenvallen met de zomervakanJe en bovendien nog de herfstvakanJe binnen dezelfde periode valt. Dit maakt het behalen van 291 geldige steunbetuigingen niet slechts bijzonder, maar een krachJg en objecJef signaal van stevig regionaal draagvlak en toekomstbestendigheid. Om verdere houvast te hebben werkt het ministerie bij de aanvraag met prognoses die gebaseerd zijn op demografische gegevens en historische keuzes in de regio, waaruit wel een gemiddelde bezelng kan worden gedesJlleerd.
Voor het SAM College hebben we voort mogen bouwen op de prognoses van de vorige gebruiker van de school. Andere prognoses zijn ook niet beschikbaar. Voor onze school is de conclusie dat het leerlingaantal voorzien wordt op gemiddeld 300 leerlingen iets oplopend naar 2040. De opheffingsnorm is 260. Daar ziden en blijven we dus ruim boven. Onze eigen ambiJe ligt overigens hoger dan dit aantal. TegelijkerJjd moet worden opgemerkt dat geen enkele school leerling-aantallen kan garanderen. Iedere school is awankelijk van de inschrijvingen die ieder jaar opnieuw kunnen veranderen. Bij het IHP werkt de Gemeente overigens ook met deze prognoses (zie het geldende IHP Gemeente Bernheze). Wat ons nu bevreemdt is dat het Rijk deze prognoses als basis voor de toekomstbestendigheid, aangevuld met de steunverklaringen, wel voldoende en afdoende acht om over te gaan tot goedkeuring en bekosJging. Het kan dan toch niet zijn dat Gemeenteraadsleden ondanks deze cijfers er eigen opvalngen op na houden die dit in twijfel trekt. De criteria die aan die gedachte aan de basis liggen zijn ons onbekend. Er zijn ons geen andere cijfers en berekeningswijzen over toekomstverwachJngen bekend dan die wij hebben gepresenteerd. Een eventueel besluit op die grondslag lijkt ons dan niet houdbaar, gezien de ontbrekende draagkrachJge en volledige moJvering.
1
Het verzamelen van deze steunbetuigingen is een uitzonderlijk zware opgave, zeker voor een ini8a8ef zonder bestaande s8ch8ng of leerlingpopula8e. Ouders moesten via DigiD inloggen en het BSN-nummer van hun kind verstrekken. Bovendien betrof het uitsluitend ouders binnen een straal van 15 kilometer van de beoogde schoolloca8e, met kinderen die op het moment van ondertekenen tussen de 10 en 12 jaar oud waren. De drempel is hoog en de doelgroep uiterst beperkt. Wanneer onder deze strikte voorwaarden—zonder nieuwbouw in de regio, uitgaande van een gemiddelde posi8e in een krimpende markt—dit aantal steunbetuigingen wordt behaald, concludeert het ministerie dat mag worden uitgegaan van een verwachte ondergrens van 268 leerlingen over elf jaar. Dat ligt boven de weKelijke opheffingsnorm van 260 leerlingen. Juist op dit punt stranden de meeste nieuwe ini8a8even: zij slagen er niet in om de benodigde verklaringen 8jdig te verkrijgen.
Als we levensvatbaar blijken (en dat is een van de criteria van het Rijk om ons groen licht te geven en zie ook de prognoses) dan gooit de Gemeente miljoenen over de balk met de kosten van dat uitstel gekoppeld aan het signaal dat de Gemeente dit gewenste iniJaJef van de gemeenschap zo extra moeilijk en minder kansrijk maakt. Immers als de Gemeenteraad publiekelijk twijfelt over de mogelijkheden voor het SAM College dan heeG dat een ondermijnende impact op onze inspanningen juist wel een toekomstbestendige school neer te zeden. Het is bovendien in tegenspraak met de eerder door de Gemeenteraad uitgesproken wens om het voortgezet onderwijs voor de Gemeente te behouden. Het iniJaJef voor het SAM College is daaruit voortgekomen. Het hoeG geen betoog wat dit iniJaJef doet met de kwaliteit van voorzieningen voor Bernheze. Maar ook voor wat betreG de geloofwaardigheid van de Gemeenteraad in dit dossier. Is dit het signaal dat de Gemeenteraad wil uitzenden aan haar inwoners? Samenvattend 1. De Gemeente heeft een wettelijke verplichting een schoolgebouw beschikbaar te stellen dat voldoet aan alle huidige wet- en regelgeving met betrekking tot de functionele en technische kwaliteit van het gebouw; 2. Het huidige gebouw voldoet niet aan die eisen en aanpassingen/renovatie is noodzakelijk en moet voor 1-8-2026 zijn gerealiseerd; 3.
Een bouwtechnisch begeleidingsteam en ambtenaren van de Gemeente hebben op basis van de basisnormbedragen een budget vastgesteld om het gebouw adequaat te maken. De goedkeuring van dat bedrag ligt nu voor. De Gemeente heeft in principe deze kosten gereserveerd vanuit de normbekostiging voor onderwijshuisvesting; 4. Uitstel van de noodzakelijke aanpassingen leidt tot een zeer forse kostenverhoging zonder dat het een redelijk doel dient of de verplichtingen voor de Gemeente doet verdwijnen; 5. Het initiatief is levensvatbaar op basis van de door het Rijk gehanteerde normen en de normen die de Gemeente zelf hanteert in het IHP; 6. Het nu niet goedkeuren van dit budget geeft een negatief signaal aan de initiatiefnemers (de kans dat zij dan stoppen is niet denkbeeldig), de gemeenschap en druist in tegen de motie van de Gemeenteraad om juist voortgezet onderwijs te behouden. De meerwaarde van deze voorziening is niet te onderschatten zeker gezien het verbindende lokale concept. Daarnaast zal dat leiden tot kostenclaims gezien het werk dat intussen al is verzet. Het bestuur en direcJe van het SAM College verzoekt hierbij de Gemeenteraad om in te stemmen met het College-voorstel en meent met bovenstaand betoog een overtuigend en bestuursrechtelijke gedegen moJvering gegeven te hebben voor die toekenning gebaseerd op huidige wet- en regelgeving, gedegen advies m.b.t.
benodigd budget, de wens van de gemeenschap en de Gemeenteraad, de huidige normen gehanteerd door het ministerie van OC&W. Mw. L. van de Schreur, directeur-bestuurder sJchJng SAMANAS Mr. Th.G.M. Bekker, directeur SAM College