CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Leerplicht jaarverslag 2022-2023 voor gemeenten

Commissie Maatschappelijke Zaken 20 februari 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Kadernota 2025 Regionaal Bureau Leerplicht en Voortijdig schoolverlaten Brabant Noordoost9.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Jaarverslag 2022/2023 Regionaal Bureau Leerplicht en voortijdig schoolverlaten Brabant Noordoost

JAARVERSLAG 2022/2023 ................................................................................................................................ 1 REGIONAAL BUREAU LEERPLICHT EN VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN BRABANT NOORDOOST ....................... 1 1

INLEIDING ............................................................................................................................................... 3

2

ONTWIKKELINGEN .................................................................................................................................. 4 2.1 NIEUWE WETTEN............................................................................................................................................ 4 2.1.1 Van school naar duurzaam werk ..................................................................................................... 4 2.1.2 Wetsvoorstel terugdringen verzuim. ............................................................................................... 4 2.1.3 Wetsvoorstel Leerwet ...................................................................................................................... 5 2.1.4 Wetsvoorstel verlengde kwalificatieplicht ....................................................................................... 5 2.1.5 Wetsvoorstel doorbraakaanpak onderwijs en jeugdhulp ................................................................ 5 2.1.6 Samenwerking praktijkonderwijs en mbo-entree ............................................................................ 6 2.2 WEL IN ONTWIKKELING ...................................................................................................................................

6 2.3 SAMENWERKING ONDERWIJSINSPECTIE EN GEMEENTEN BIJ SCHOOLONDERZOEKEN ..................................................... 6 2.4 JONGERENAANPAK ONDERWIJS-ARBEIDSMARKT 2021-2024 ................................................................................. 6 2.5 AUDIT OP BASIS VAN DE WET POLITIE GEGEVENS.................................................................................................. 6 2.6 OPLEIDING EN TRAINING MEDEWERKERS RBL BNO .............................................................................................. 7 Permanent her- en bijscholen buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA) ................................................ 7 2.6.1 Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) .................................................................................... 7 2.6.2 Bijscholing Doorstroomcoaches ....................................................................................................... 7 2.7 KLACHTAFHANDELING ..................................................................................................................................... 8

3

CIJFERS LEER- EN KWALIFICATIEPLICHT ................................................................................................... 9 3.1 AANTAL LEER- EN KWALIFICATIEPLICHTIGEN ......................................................................................................... 9 3.2 VERZUIMMELDINGEN ...................................................................................................................................... 9 3.2.1 Absoluut verzuim. .......................................................................................................................... 10 3.2.2 Relatief verzuim ............................................................................................................................. 12 3.2.2.1 Thuiszitters ................................................................................................................................ 13 3.2.3 Luxe verzuim .................................................................................................................................. 15 3.3 VRIJSTELLING VAN INSCHRIJVING...................................................................................................................... 16 3.4 VRIJSTELLING VAN GEREGELD SCHOOLBEZOEK.....................................................................................................

17 3.5 JONGEREN IN EEN KWETSBARE POSITIE: DE AANTALLEN ........................................................................................ 19

4

CIJFERS VOORTIJDIG SCHOOLVERLATEN ............................................................................................... 21 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

STIJGING VAN HET AANTAL VSV’ERS LANDELIJK .................................................................................................. 21 VSV OP BASIS VAN DUO DEFINITIE .................................................................................................................. 23 CIJFERS EN KENMERKEN NIEUWE VSV’ERS OP BASIS VAN DUO-DEFINITIE ................................................................ 25 BEGELEIDING VSV’ERS DOOR HET RBL BNO ..................................................................................................... 27 INZET EDUCATIEMETER .................................................................................................................................. 27 VERZUIM 18+ ............................................................................................................................................. 27

Voorwoord Kenmerkend voor schooljaar 2022-2023 waren: zorgen om het welzijn van leerlingen en studenten, niet alleen door de coronaperiode maar ook door bijvoorbeeld stress om huiswerk of gepest worden. 21% van de MBOstudenten ervaarde in 2022 een slechte mentale gezondheid1. Een lichtpuntje is dat de inzet van scholen om leervertraging en -achterstanden te verminderen zijn vruchten begint af te werpen in het basisonderwijs.2 De krapte op de arbeidsmarkt geeft druk in het onderwijs, jeugdzorg, de GGD. Daarnaast is sprake van zwaardere casuïstiek, blijvende wachtlijsten en een stijging van het aantal voortijdig schoolverlaters. Het blijft noodzakelijk dat partners schouder aan schouder samenwerken. Leerplichtambtenaren blijven in nauw contact staan met de scholen, doorstroomcoaches monitoren jongeren in een kwetsbare positie en bieden jongeren die uitvallen hulp. En dat blijft het RBL BNO doen.

Kees van Geffen

Voorzitter bestuur RBL BNO

1 2

OCW, Nationaal Programma Onderwijs, 3e voortgangsrapportage, 2022 Hoofdlijnen – De Staat van het Onderwijs 2023 – Het stelsel

2

1

Inleiding

Dit jaarverslag beschrijft hoe het RBL BNO in het schooljaar 2022-2023 invulling heeft gegeven aan de taken op het terrein van leerplicht en voortijdig schoolverlaten (VSV). Na een beschrijving van de belangrijkste ontwikkelingen voor het RBL BNO (hoofdstuk 2) ziet u de cijfers die betrekking hebben op de leer- en kwalificatieplicht (hoofdstuk 3) en de cijfers met betrekking tot de bestrijding van VSV (hoofdstuk 4). De Leerplichtwet schrijft voor dat burgemeester en wethouders jaarlijks verslag uitbrengen aan de gemeenteraad3. In overleg met de gemeenten die deelnemen aan het RBL BNO wordt het jaarverslag tegelijk met de kadernota 2025 aangeboden aan de gemeenteraad. Het college van Burgemeester en Wethouders is verantwoordelijk voor toezicht en naleving van de leer- en kwalificatieplicht en stelt hiervoor leerplichtambtenaren aan. Het RBL BNO voert deze taak uit in de regio Brabant Noordoost. Ook het Doorstroompunt (voorheen Regionale Meld- en Coördinatiefunctie, RMC) is bij het RBL BNO belegd. Grofweg zijn de wettelijke taken onder te verdelen in 3 onderdelen. Leerplicht: Alle kinderen en jongeren van 5 tot 16 jaar worden door de Leerplichtwet in staat gesteld zich optimaal te ontwikkelen en te ontplooien door middel van onderwijs. Alle kinderen en jongeren: ongeacht afkomst, religie of financiële positie.

Kwalificatieplicht: Als de jongere nog geen startkwalificatie heeft als de leerplicht eindigt, blijft de jongere verplicht om ingeschreven te staan bij een school of instelling en deze geregeld te bezoeken. Dit noemen we de kwalificatieplicht. De kwalificatieplicht stopt zodra de jongere 18 jaar wordt of een startkwalificatie heeft. Voorkomen voortijdig schoolverlaten en aanpak jongeren in een kwetsbare positie: Jongeren met een startkwalificatie zijn beter voorbereid op de maatschappij en de arbeidsmarkt. De gemeente werkt nauw samen met het onderwijs om te voorkomen dat jongeren voor hun 23ste het onderwijs zonder startkwalificatie verlaten. Deze taak moet regionaal worden uitgevoerd en heet het Doorstroompunt. Voor een deel van de jongeren, de jongeren in een kwetsbare positie is het behalen van een startkwalificatie niet haalbaar omdat het hoogst haalbare binnen onderwijs is bereikt. In dat geval is begeleiding naar de arbeidsmarkt het doel.

3

Artikel 25 Leerplichtwet 1969

3

2

Ontwikkelingen

2.1 Nieuwe wetten Op het gebied van onderwijs worden veel wetsvoorstellen verwacht. Het is afwachten hoe de kabinetsformatie verloopt en welke plannen dan verder worden gebracht.

2.1.1

Van school naar duurzaam werk

De wet beoogt dat meer jongeren duurzaam aan het werk komen of naar een vervolgopleiding gaan. Daarvoor is een sluitende en integrale aanpak nodig van school naar werk waarbij scholen, gemeenten en Doorstroompunten verplicht samenwerken met een regionaal plan. Niets nieuws voor de partijen in regio Brabant Noordoost Werkt die al jaren op eigen initiatief op deze manier samenwerken in ‘Jongerenaanpak Onderwijs-Arbeidsmarkt 20212024’.4 In de afgelopen jaren hebben partijen zich ingezet om met de Aanpak Jeugdwerkloosheid jongeren te ondersteunen naar vervolgonderwijs of werk. Hiervoor waren in het kader van het corona steun- en herstelpakket en het Nationaal Programma onderwijs tijdelijk extra middelen beschikbaar. Voor de opdracht in het wetsvoorstel worden middelen beschikbaar gesteld: voor een deel betreft het tijdelijke middelen tot 1.1.2025 en gedeeltelijk structureel. De kern van de aanpak van school naar werk is het volgende: •

De Doorstroomfunctie wordt opgehoogd van 23 naar 27 jaar. Het Doorstroompunt monitort of jongeren zonder startkwalificatie tot 27 naar school gaan of werk hebben. Als het nodig is begeleidt het Doorstroompunt ze terug naar onderwijs of werk.

•

Het MBO bereidt jongeren (entree en MBO2) voor op de overstap naar vervolgonderwijs of werk en biedt een half jaar nazorg.

•

Gemeenten ondersteunen vanaf het laatste schooljaar kwetsbare jongeren naar werk samen met school en het Doorstroompunt.

De wetswijziging treedt 1 augustus 2025 in werking.

2.1.2

Wetsvoorstel terugdringen verzuim.

Het wetsvoorstel terugdringen verzuim bevordert een goed zicht op aanwezigheid op school: •

de wijze van het registreren van alle soorten van verzuim wordt eenduidig;

•

samenwerkingsverbanden passend onderwijs worden beter uitgerust om verzuim tegen te gaan en

•

het onderwijskundig perspectief wordt verplicht betrokken bij de afgifte van een vrijstelling op medische en/of psychische grond (artikel 5 onder a van de Leerplichtwet). Dit moet ervoor zorgen dat een vrijstelling alleen afgegeven wordt als dit het beste aansluit bij het kind. Daarnaast vervalt de keuze voor een vrijstelling voor een jaar of voor de hele schoolse periode. De termijn wordt voortaan bepaald op basis van het ontwikkelingsperspectief van het kind. Het RBL BNO hanteert overigens al een termijn die

4

Zie 2.4

4

de GGD-arts het best passend vindt bij het kind. Leerplicht krijgt hiermee een grotere rol bij deze vrijstellingen. De werkwijze zal hierop aangepast worden. Het wetsvoorstel ligt voor advies bij de Raad van State. Het eerdere wetsvoorstel voor meer toezicht op het thuisonderwijs van jongeren met vrijstelling vanwege richtingsbezwaren (artikel 5 onder b) lijkt voorlopig niet verder in procedure te worden gebracht.

2.1.3

Wetsvoorstel Leerwet

Het recht op leren wordt expliciet opgenomen in de Leerplichtwet die veranderd wordt in de Leerwet. Diverse onderwijswetten worden aangepast om het recht op onderwijs en ontwikkeling van het kind centraal te stellen. Door aanpassing van de wetten wordt het mogelijk om flexibele oplossingen te bieden wat betreft de onderwijstijd, de locatie en het programma zodat een kind passend bij de eigen mogelijkheden onderwijs kan volgen en zich kan ontwikkelen. Deze wet maakt het mogelijk dat kinderen die fysiek niet (volledig) naar school kunnen meer digitaal onderwijs kunnen volgen. Voor een deel is dat al mogelijk maar in de huidige wet- en regelgeving wordt afstandsonderwijs niet gezien als onderwijstijd. Volledig digitaal onderwijs is voorlopig nog niet aan de orde. Het wachten is op het advies van de Raad van State.

2.1.4

Wetsvoorstel verlengde kwalificatieplicht

Met dit wetsvoorstel wordt het voor gemeenten mogelijk om de verlengde kwalificatieplicht op aanvraag in te zetten. Hiermee worden jongeren van 18 tot 21 jaar verplicht om naar school te gaan totdat zij 21 jaar worden of tot aan het behalen van een startkwalificatie. Indien de jongere zich niet houdt aan de verlengde kwalificatieplicht, dan kan de gemeente een boete opleggen. De Raad van State heeft in juni 2021 advies uitgebracht over dit voorstel. Zij vragen zich net als het RBL BNO af of een dwangmaatregel de oplossing biedt voor schooluitval omdat daar vele oorzaken voor zijn. Het is niet bekend wanneer en of dit wetsvoorstel verder wordt behandeld.

2.1.5

Wetsvoorstel doorbraakaanpak onderwijs en jeugdhulp

Voorkomen dat leerlingen thuis komen te zitten omdat er geen passend aanbod komt vanuit onderwijs en jeugdhulp: dat is het doel van dit wetsvoorstel. Samenwerkingsverbanden moeten zorgen voor een dekkend aanbod. Het wetsvoorstel regelt dat deze taak explicieter in de wet komt. Gemeenten en samenwerkingsverbanden worden verplicht om een gezamenlijke doorbraakaanpak met casusregie vast te leggen om te komen tot een aanbod bij vastgelopen casuïstiek. Of deze aanpak gaat werken is de vraag. Meestal weten de partijen elkaar goed te vinden en worden er oplossingen gezocht en ook gevonden. De grootste zorg is wanneer het probleem aanhoudt en partijen er gezamenlijk niet uitkomen: voor die situatie blijft

5

de vraag of de voorgestelde aanpak werkt. 5 In 2021 was de internetconsultatie van dit wetsvoorstel maar nog niet verder in procedure gebracht.

2.1.6

Samenwerking praktijkonderwijs en mbo-entree

De Minister van OCW wil de samenwerking tussen het praktijkonderwijs en mbo-entree wettelijk verankeren. Het vorige kabinet had het voornemen om een wetstraject te starten dat het mogelijk maakt dat leerlingen in het praktijkonderwijs, voor wie de overstap naar het mbo (nog) te groot is, binnen hun opleiding ook de entreeopleiding geheel of gedeeltelijk kunnen volgen en afronden. 2.2 WEL in ontwikkeling De subsidieregeling van het Nationaal Programma Onderwijs-project WEL in ontwikkeling is voor nietingeschreven kinderen. Samenwerkingsverbanden ontvangen subsidie om kinderen zonder inschrijving zich weer te laten ontwikkelen en om bij te dragen aan de terug geleiding naar onderwijs. De subsidie mag vrij ingezet worden als het maar bijdraagt aan de ontwikkeling van het kind. Het RBL BNO werkt samen met de Samenwerkingsverbanden om te onderzoeken hoe en bij welke casussen de middelen het beste ingezet kunnen worden. 2.3 Samenwerking Onderwijsinspectie en gemeenten bij Schoolonderzoeken Aanwezigheid op school start met een goede verzuimregistratie. De Onderwijsinspectie houdt daar toezicht op. In het verleden voerden gemeentes, die immers dicht bij school staan, deze onderzoeken uit. Dit stopte omdat de juridische basis ontbrak. Inmiddels is deze er wel. Het RBL BNO neemt deze taak op zich zodra dat mogelijk is.

De Onderwijsinspectie bereidt dit nu voor samen met onder meer het RBL BNO, gemeenten Amsterdam, Den Haag, ’s-Hertogenbosch en Apeldoorn. 2.4 Jongerenaanpak Onderwijs-Arbeidsmarkt 2021-2024 De Jongerenaanpak Onderwijs-Arbeidsmarkt 2021-2024 is vastgesteld door de regio Brabant Noordoost Werkt. Het RBL BNO neemt als partner deel aan de stuur- en werkgroepen ‘VSV en kwetsbare jongeren’ om een bijdrage aan de opgave te leveren en om te waarborgen dat deze opdracht onder de aandacht blijft. De werkwijze van het RBL BNO sluit aan op de brede jongerenaanpak waarin extra aandacht is voor de jeugdwerkloosheid. Samen met het onderwijs kijkt het RBL BNO welke maatregelen genomen moeten worden die inspelen op de krapte op de arbeidsmarkt in relatie tot schooluitval. 2.5 Audit op basis van de Wet Politie Gegevens De gegevensverwerking door BOA’s valt sinds 1 januari 2019 onder de Wet politiegegevens (Wpg). Elke 4 jaar laat de verwerkingsverantwoordelijke een externe audit plaatsvinden. In de tussenliggende jaren wordt een interne controle houden. 5

NB: De doorbraakaanpak in dit wetsvoorstel moet niet verward worden met de doorbraakteams bedoeld in de notitie ‘Naar

een stabiele toekomst voor alle jongeren’ die op in december 2021 is besproken op diverse overlegtafels in de regio.

6

Centrumgemeente Oss is de verwerkingsverantwoordelijke voor het RBL BNO. De 1e externe audit vond in 2022 plaats. De hercontrole daarop is in 2023 geweest die tevens als interne controle fungeerde. Het leerlingvolgsysteem is zodanig ingericht dat alleen BOA’s en ondersteunende medewerkers toegang hebben tot de Halt verwijzingen en Processen verbaal. Dat zijn de werkprocessen die onder de Wpg vallen. 2.6

Opleiding en training medewerkers RBL BNO

Permanent her- en bijscholen buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA) Alle leerplichtambtenaren van het RBL BNO beschikken over een BOA bevoegdheid in het domein “onderwijs“ of zijn hiervoor in opleiding. Om deze bevoegdheid te behouden zijn de leerplichtambtenaren verplicht om zich permanent te laten her- en bijscholen. Op deze manier blijven de kennis en vaardigheden van de leerplichtambtenaren op een goed niveau en door middel van een examen wordt dit ook objectief vastgesteld. De eisen aan de modules van de her- en bijscholing zijn per 1.1.2023 veranderd. Dit is verwerkt in de opleidingen die gevolgd worden.

2.6.1

Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS)

Het RBL BNO werkt met de MAS. Bij de aanpak van schoolverzuim is het belangrijk dat snel stappen worden gezet om (langdurige) schooluitval te voorkomen. Een methodische aanpak en duidelijkheid over wie wat doet in welke fase helpt daarbij. De Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) beschrijft in een stappenplan vier routes bij meldingen van ongeoorloofd verzuim: vrijwillige jeugdhulp, Halt-straf, dwang in civielrechtelijk kader en dwang in strafrechtelijk kader. Bij verzuim met achterliggende problematiek staat de inzet van jeugdhulp voorop. Kern van de aanpak is het volgende: -

terug- of toeleiding naar een passend onderwijs programma is het doel;

-

vroegtijdige inzet van (jeugd)hulp bij verzuim staat voorop;

-

ketensamenwerking draagt bij aan een effectieve aanpak van schoolverzuim;

-

de aanpak is licht waar het kan en zwaarder waar het moet, maatwerk dus.

Op de meeste onderdelen is duidelijk wat de doorwerking van de MAS is in het strafrecht maar niet altijd. Om dit duidelijk te krijgen stemmen we regelmatig af met het Openbaar Ministerie en één keer per jaar komen we bijeen met het OM en Leerplicht uit de regio.

2.6.2

Bijscholing Doorstroomcoaches

Alle Doorstroomcoaches werken met de Educatiemeter van Dilemmamanager. Om deze test af te mogen nemen moeten zij zich elk jaar bijscholen en de training succesvol afronden. Met dit online instrument achterhaalt de Doorstroomcoach samen met de jongere waarom hij/zij uitgevallen is. Daarnaast kijken zij wat er nodig is om een jongere terug te laten keren naar school. Hiermee wordt op objectieve wijze vastgesteld welke problematiek(en) er ten grondslag liggen aan het uitvallen. Op basis van deze informatie worden de vervolgstappen in de begeleiding bepaald.

7

2.7 Klachtafhandeling Het RBL BNO ontving dit schooljaar twee klachten. Iemand kan een klacht indienen als hij/zij onheus bejegend is door een medewerker. Eén klacht was niet ontvankelijk en de andere niet gegrond.

8

3

Cijfers leer- en kwalificatieplicht

In dit hoofdstuk staan de cijfers die betrekking hebben op de leer- en kwalificatieplicht, namelijk het aantal jongeren, het verzuim en de vrijstellingen. 3.1 Aantal leer- en kwalificatieplichtigen Al jaren daalt het aantal leer- en kwalificatieplichtige kinderen met ongeveer 1000 per jaar. Vorig jaar daalde de groep met slechts 316 en nu zien we een kleine stijging. Tabel 1: leer- en kwalificatieplichtigen Gemeente Bernheze Boekel Land van Cuijk Maashorst Meierijstad Oss Totaal

okt-20 4492 1603 11730 8103 11312 12373 49613

okt-21 4387 1556 11494 7926 11091 12087 48541

okt-22 4335 1547 11348 7861 11086 12048 48225

okt-23 Verschil 4357 22 1556 9 11349 1 7881 20 11107 21 12116 68 48366 141

3.2 Verzuimmeldingen We onderscheiden drie categorieën van verzuim met elk hun eigen definitie en wijze van afhandeling: Meldingen van absoluut verzuim Het leerplichtig kind heeft geen schoolinschrijving en volgt dus geen onderwijs. De ouders/verzorgers zijn verantwoordelijk voor aanmelding van hun leerplichtige kind bij een school of onderwijsinstelling. Meldingen van relatief verzuim De leerling bezoekt de school of instelling waar zij staan ingeschreven niet geregeld. Het grote verschil met absoluut verzuim is dat deze leerlingen wel staan ingeschreven op een school of instelling. De ouders/verzorgers en ook de leerling zelf als deze 12 jaar of ouder is zijn verantwoordelijk voor geregeld schoolbezoek. Meldingen van luxe verzuim Dit is een vorm van relatief verzuim waarbij zonder toestemming van het hoofd van de school (bij tien schooldagen of minder) of zonder toestemming van de leerplichtambtenaar (bij elf dagen of meer) buiten de vastgestelde schoolvakanties om van school wordt verzuimd, waarbij het eigen belang (vaak ten behoeve van een vakantie) van ouder(s)/verzorger(s) of jongere prevaleert op dat van het schoolbezoek6.

6

Definitie uit de handleiding Methodische Aanpak Schoolverzuim

9

In de volgende paragrafen wordt het aantal verzuimmeldingen in het schooljaar 2022-2023 per categorie getoond. Vervolgens wordt ingegaan op de wijze waarop deze meldingen zijn afgehandeld.

3.2.1

Absoluut verzuim.

Vaak start een onderzoek naar absoluut verzuim na vestiging en inschrijving van een leerplichtige in de BRP (Basisregistratie personen). Het RBL BNO handelt op iedere melding van absoluut verzuim proactief en start direct een onderzoek. Uit het onderzoek blijkt vaak dat administratieve oorzaken ten grondslag liggen aan het absoluut verzuim en dat er geen sprake is van een thuiszittende leerling in afwachting van een onderwijsplek. Wanneer er wel sprake is van thuiszittende leerlingen is er geen tijd te verliezen en wordt er direct actie ondernomen. Dit jaarverslag rapporteert over de werkprocessen absoluut verzuim. Doordat het RBL BNO sinds 1 juni 2021 met een nieuw softwaresysteem werkt is het moeilijk om absoluut verzuim te vergelijken met de jaren daarvoor. Het nieuwe systeem maakt de werkprocessen voor Absoluut verzuim automatisch aan waardoor aantallen niet te vergelijken zijn met eerdere schooljaren. De cijfers van de komende jaren maken een meerjarig vergelijk weer beter mogelijk. Dit schooljaar waren er 1059 werkprocessen absoluut verzuim een stijging met 236. Deze toename is toe te schrijven aan 208 overstappers naar een andere school. Zij gingen wel naar school maar door een administratieve oorzaak was de inschrijving op de nieuwe school niet zichtbaar. Tabel 2: Aantal meldingen absoluut verzuim per schooljaar Gemeente

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Verschil

Bernheze

30

22

49

92

43

Boekel

5

15

23

21

-2

Land van Cuijk

76

160

314

236

-78

Maashorst

29

59

99

155

56

Meierijstad

67

122

165

252

87

Oss

81

132

183

303

120

Totaal

288

510

833

1059

226

10

Hoe komt een melding van absoluut verzuim tot stand?

JVS

In de BRP staan alle leer- en kwalificatieplichtigen ingeschreven. Bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) zijn alle inschrijvingen op door het Rijk bekostigd onderwijs bekend. Het leerlingvolgsysteem van het RBL BNO (JVS) is

BRP

gekoppeld met de BRP en de DUO en vergelijkt beide bestanden. Wanneer

DUO

een leer- of kwalificatieplichtige niet staat ingeschreven, volgt er een melding van absoluut verzuim in JVS. Afhandeling van een melding van absoluut verzuim (zie tabel 3) Afhankelijk van de achtergronden van het absoluut verzuim wordt de melding als volgt afgehandeld: Administratief 46%--> veelal berust een melding van absoluut verzuim op een administratieve onvolkomenheid en blijkt er na nader onderzoek door de administratie geen sprake te zijn van verzuim. De administratief medewerker handelt deze zaken zelf af in contact met DUO, de afdeling burgerzaken van de betreffende gemeente, de school en soms ouders. Actieve bemiddeling 54%--> iets meer dan de helft van de meldingen wordt door middel van actieve bemiddeling door een leerplichtambtenaar beëindigd. Achter het absoluut verzuim kan een diversiteit aan problemen bij leerling en/of gezin schuilen en/of de mogelijkheid dat scholen een leerling niet willen plaatsen. De leerplichtambtenaar kan er in een dergelijke situatie voor kiezen om het verzuim niet af te doen met een procesverbaal. Voorwaarde is dat ouders meewerken aan een oplossing en zorgen voor een schoolinschrijving. Dit jaar is het aantal waarbij actieve bemiddeling nodig was gestegen met meer dan 200.

Dit komt doordat een groter deel van de nieuwkomers is opgepakt door de leerplichtambtenaar en niet door de administratie (dit jaar zijn 303 van 475 nieuwkomers opgepakt door de leerplichtambtenaar tegen 180 van de 455 vorig jaar). Proces-verbaal 0%--> Wanneer blijkt dat ouders weigeren mee te werken aan opheffing van het verzuim, kan de leerplichtambtenaar proces-verbaal opmaken. Deze vorm van afdoening is bij absoluut verzuim slechts een enkele keer noodzakelijk. In dit schooljaar is één keer proces verbaal opgemaakt. Dit ligt in de lijn van de MAS waarbij het accent nog meer van dwang naar zorg is verschoven. Tabel 3: specificering van de afhandeling van absoluut verzuim Schooljaar

Administratief

Actieve bemiddeling

Proces Verbaal

Totaal

2019-2020

155(54%)

133(46%)

0

288

2020-2021

285(56%)

224(44%)

1(0%)

510

2021-2022

480(58%)

353(42%)

0 (0%)

833

2022-2023

490(46%)

568(54%)

1 (0%)

1059

11

3.2.2

Relatief verzuim

Het RBL BNO onderzocht dit schooljaar 2225 meldingen van relatief verzuim van 1635 leerlingen terwijl in het jaar daarvoor het 1812 meldingen van 1347 leerlingen betrof (zie tabel 4 en tabel 5 voor een nadere specificering van de afhandeling). Niet alleen is het aantal meldingen gestegen maar 300 kinderen meer zijn gemeld. Het is dus ook een stijging ten opzichte van de periode vóór corona. Vanaf maart 2020 daalde het aantal verzuimmeldingen na sluiting van de scholen en ook de motie die bepaalde dat niet handhavend opgetreden mocht worden bij verzuim had zeker invloed op het aantal verzuimmeldingen. Ook het schooljaar 2020-2021 stond nog voor een groot deel in het kader van corona en het Nationaal Programma Onderwijs om achterstanden in te halen. Tabel 4: meldingen van relatief verzuim Gemeente

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Verschil

97 35 438 241 196 499 1506

95 24 342 190 255 513 1419

126 36 427 301 348 574 1812

163 29 584 348 410 691 2225

37 -7 157 47 62 117 413

Bernheze Boekel Land van Cuijk Maashorst Meierijstad Oss Totaal

Het RBL BNO vindt het aantal verzuimmeldingen of een daling of stijging hiervan geen doel op zich. Dit zou onverstandig beleid zijn en getuigen van kortzichtigheid. Ter illustratie: een school die minder meldt is niet per definitie een school waarop minder leerlingen verzuimen, het kan ook het gevolg zijn van falend verzuimbeleid. En juist wanneer een school werk maakt van de aanpak van ziekteverzuim zal dit waarschijnlijk leiden tot een toename van het aantal meldingen. Wanneer een school ondanks haar inspanningen het verzuim niet snel kan stoppen moet leerplicht onmiddellijk worden ingezet om erger te voorkomen. Het RBL BNO toetst bij het oppakken van een verzuimmelding altijd of de school de juiste stappen heeft gezet om het verzuim te stoppen en geeft een terugkoppeling aan de school wanneer dit niet is gedaan. Het aantal relatief verzuimmeldingen op een school is voor het RBL BNO wel een waardevolle indicator maar de waarde moet in de volledige context worden bezien en gewogen. Juist om deze reden is iedere leerplichtambtenaar nauw verbonden met de zorgstructuur op een school en voert het gesprek over het verzuimbeleid.

Afhandeling van een melding van relatief verzuim (zie tabel 5) Afhankelijk van de achtergronden van het relatief verzuim wordt de melding als volgt afgehandeld: Waarschuwing of overige afdoeningen 97%--> Door preventief te werken en al in een vroeg stadium een interventie te plegen kan veel van het verzuim worden afgedaan met een gesprek eventueel gevolgd door een schriftelijke waarschuwing. Ook bij een vroege interventie vanuit leerplicht om het verzuim te stoppen blijft het

12

onderwijs verantwoordelijk om ook zelf tegen het verzuim op te treden. Leerplicht werkt hier dus nauw samen met het onderwijs en de Leerplichtwet dient voor het onderwijs als stok achter de deur. Halt 1%--> Wanneer er geen sprake is van achterliggende problematiek en het optreden van school en een waarschuwing van leerplicht niet leidt tot geregeld schoolbezoek wordt door de leerplichtambtenaar een Halt-straf opgelegd. Proces verbaal 2%--> Wanneer sprake is van schoolverzuim in combinatie met achterliggende problematiek of wanneer interventies zoals doorverwijzing naar hulpverlening of het opleggen van Halt straf niet leidt tot het stoppen van het schoolverzuim maakt de leerplichtambtenaar Proces Verbaal op. Parallel aan bovenstaande wijzen van afhandeling kan de leerplichtambtenaar verwijzen naar de basisteams of andere hulpverlenende instanties. Bemiddeling naar een alternatief traject in samenwerking met het onderwijs behoort ook tot de mogelijkheden. In onderstaand overzicht zien we dat het aantal keren dat HALT of een Proces-Verbaal werd ingezet is toegenomen. Tabel 5: specificering van de afhandeling van relatief verzuim Schooljaar

Halt

Proces Verbaal

Totaal

2019-2020

Waarschuwing of overige afdoening 1460(97%)

28(2%)

18(1%)

1506

2020-2021

1347(95%)

35(2%)

37(3%)

1419

2021-2022

1754(97%)

31(2%)

27(1%)

1812

2022-2023

2151(97%)

28(1%)

46(2%)

2225

3.2.2.1 Thuiszitters Wanneer het relatief verzuim langer duurt dan 4 weken aaneengesloten spreken we van een thuiszitter. De leerplichtambtenaren geven altijd prioriteit aan het zo snel als mogelijk stoppen van het schoolverzuim. Uitgangspunt hierbij is dat iedere dag er één te veel is; de definitie van thuiszitters (4 weken verzuim) is hierbij dus niet leidend. Ondanks diverse onderwijsopvangmogelijkheden en bijvoorbeeld de inzet van een onderwijsconsulent of het basisteam jeugd/CJG blijken oplossingen niet altijd direct voorhanden of is nader onderzoek noodzakelijk om tot een duurzame oplossing te komen. Om het verzuim te stoppen en in de toekomst te voorkomen worden scholen door leerplicht aangesproken op hun zorgplicht en is er structureel overleg met de samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs. Tabel 6 geeft een overzicht van het aantal thuiszitters per gemeente en tabel 7 over de afhandeling daarvan. Het aantal is de laatste jaren minder dan 20 terwijl voorheen meer dan 50 thuiszitters werden geteld. Dit is mede te danken aan de structurele inzet van het RBL BNO op preventie, en het onderwijs aanspreken op verantwoordelijkheden om verzuim en uitval te voorkomen.

13

De daling van het aantal thuiszitters sinds 2016-2017 is een goede ontwikkeling, maar daarmee zijn we er nog niet. Niet voor niets stelt het beleidsplan 2021-2024 van het RBL BNO als doel dat geen enkel leerplichtig kind langer dan 3 maanden thuis zit zonder passend aanbod van onderwijs en/of zorg. Dat is een ambitieus streven maar in het belang van onze kinderen kan en mag er geen ander doel zijn. De groep thuiszittende kinderen heeft dan ook onze voortdurende aandacht. In overleg met de acht samenwerkingsverbanden passend onderwijs in onze regio blijven we werken aan het verminderen van het aantal thuiszitters en de duur van het thuiszitten. In de afgelopen jaren hebben we daarom signalen over wachtlijsten en het uitblijven van een zorgmelding door de hulpverlening onder de aandacht gebracht bij de verantwoordelijke beleidsambtenaren. Het aantal thuiszitters gaat over kinderen met meer dan 4 weken ongeoorloofd verzuim. Daarnaast is er ook een groep kinderen die vanwege lichamelijke of psychologische redenen geoorloofd thuis zitten (vrijstelling op grond van artikel 5 sub a, zie 3.3). Tabel 6: Thuiszitters per gemeente Gemeente

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Verschil

0 0 1 2 2 7 12

0 0 5 0 6 5 16

0 0 5 3 2 6 16

1 0 5 1 3 6 16

1 0 0 -2 1 0 0

Verhuisd en 18 jaar geworden

opgelost

Bernheze Boekel Land van Cuijk Maashorst Meierijstad Oss Totaal

Tabel 7: Detailinformatie thuiszitters Gemeente Bernheze Boekel Land van Cuijk Maashorst Meierijstad Oss Totaal 2022-2023 Totaal 2021-2022 Verschil

Aantal thuiszitters 2022-2023

langer dan 3 maanden 1

0 5 1 3

6 16 16 0

1 0 2 1

0 0 0

2 5

0

11 8 3

1 1 2 0 2

1

0

Aantal thuiszitters bij einde schooljaar

0 0

5 0 2 4

0 1

0

12

2

14 -2

2 0

1

14

3.2.3

Luxe verzuim

Het RBL BNO onderzocht dit schooljaar 141 meldingen van luxe verzuim (zie tabel 8 en 9 voor een nadere specificering van de afhandeling). Dit is een toename met 15% ten opzichte van het eerdere schooljaar en ook meer dan in de periode vóór corona. Tijdens corona was het makkelijk om onderwijs vanuit het vakantieadres te volgen. Misschien melden scholen nu meer om een duidelijk signaal af te geven dat het niet meer mogelijk is om de schoolvakantie met één of meer dagen te verlengen. Afhandeling van een melding van luxe verzuim (zie tabel 9) Afhankelijk van de achtergronden van het luxe verzuim wordt de melding als volgt afgehandeld: Niet verwijtbaar 40%→ Aangezien bij luxe verzuim een school ook ziekteverzuim meldt op de dag voorafgaand aan de vakantie komt het regelmatig voor dat meldingen bij nader inzien niet verwijtbaar zijn. Met andere woorden, de leerling was wel afwezig op de dag voor of na een vakantie maar had hiervoor een geldige reden of verklaring. Waarschuwing 31%--> Luxe verzuim wordt afgedaan met een proces verbaal als school de ouders duidelijk daarover heeft geïnformeerd. Als dat niet zo is en het verzuim is maximaal 1 schooldag, dan wordt het verzuim afgedaan met een waarschuwing. Voordat een Proces-Verbaal opgemaakt kan worden voor 1 schooldag luxe verzuim moet er een waarschuwing aan ouders gegeven zijn door school of leerplicht.

Leerplichtambtenaren wijzen scholen erop dat zij de juiste informatie op de website te plaatsen. Proces verbaal 29%--> Het luxe verzuim wordt door leerplicht afgedaan met een proces verbaal en het Openbaar Ministerie legt een boete op. Tabel 8: meldingen van luxe verzuim Gemeente Bernheze Boekel Land van Cuijk Maashorst Meierijstad Oss Totaal

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Verschil

2 1 6 6 15 15 45

1 0 3 2 8 37 51

0 3 9 18 33 60 123

8 0 17 12 43 61 141

8 -3 8 -6 10 1 18

Tabel 9: specificering van de afhandeling van luxe verzuim Schooljaar

Niet verwijtbaar

Waarschuwing

Proces verbaal

Totaal

2019-2020

22(49%)

9(20%)

14(31%)

45

2020-2021

29(57%)

7(14%)

15(29%)

51

2021-2022

45(37%)

47(38%)

31(25%)

123

2022-2023

56(40%)

44(31%)

41(29%)

141

15

Tabel 10: verzoeken om vrijstelling van inschrijving Gemeente

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Verschil

18 7 60 20 35 43 183

11 12 53 24 29 48 177

15 14 63 25 45 61 223

19 17 78 46 44 73 277

4 3 15 21 -1 12 54

Bernheze Boekel Land van Cuijk Maashorst Meierijstad Oss Totaal

Tabel 11: specificering van de afhandeling van verzoeken om vrijstelling van inschrijving Schooljaar Toekenning artikel 3a/3b Toekenning artikel 5 sub a Toekenning artikel 5 sub b Toekenning artikel 5 sub c Toekenning artikel 5a Toekenning artikel 15 Gedogen Ingetrokken Afgewezen Totaal

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Verschil

2 63 21 44 1 6 25 10 11 183

1 59 21 41 2 14 17 16 6 177

3 75 23 51 0 14 18 29 10 223

1 86 27 58 0 39 15 40 11 277

-2 11 4 7 0 25 -3 11 1 54

3.3 Vrijstelling van inschrijving Het RBL BNO behandelde dit schooljaar 277 verzoeken om vrijstelling van inschrijving (zie tabel 10 en tabel 11). Wanneer vrijstelling van inschrijving wordt verleend, hoeft de ouder of verzorger de jongere niet in te schrijven als leerling of deelnemer bij een school of instelling. Het aantal vrijstellingen waarbij de jongere vrijgesteld wordt van geregeld schoolbezoek vanwege lichamelijke of psychologische redenen (artikel 5 sub a) is gestegen van 75 naar 86 vrijstellingen terwijl het aantal thuiszitters hetzelfde is gebleven. Op de totale populatie leerlingen gaat het om kleine aantallen zodat daar geen conclusies aan verbonden kunnen worden. Het RBL BNO en haar partners gaan door met de preventieve aanpak: kinderen die verzuimen worden snel gezien. Het protocol ziekteverzuim dat al toegepast wordt in het voortgezet onderwijs wil de GGD Hart voor Brabant uit gaan rollen in het primair onderwijs. Het RBL BNO heeft zicht op het aantal vrijstellingen vanwege medisch/psychische oorzaak maar niet op de onderwijstijdverkorting die de scholen kunnen toestaan. In de komende jaren wil het RBL BNO daar verandering in brengen en samen met het onderwijs ook meer zicht krijgen op het geoorloofde verzuim.

16

Het RBL BNO en haar ketenpartners handelen met deze preventieve aanpak in lijn met voorgenomen wet- en regelgeving om de systemen van zorg en onderwijs aan te passen aan de ondersteuningsbehoefte van het kind 7. Vrijstelling van leerplicht op grond van overwegende bedenkingen (artikel 5 sub b) is opgenomen in de huidige Leerplichtwet. Een wetsvoorstel om meer toezicht op het thuisonderwijs te regelen ligt op de planken maar lijkt voorlopig niet verder in procedure te worden gebracht. In 2022-2023 werd 27 keer voor 20 kinderen in 10 gezinnen met succes een beroep op deze vrijstelling gedaan (tabel 11) tegen 18 kinderen in 8 gezinnen het schooljaar daarvoor. 3.4 Vrijstelling van geregeld schoolbezoek Het RBL BNO behandelde dit schooljaar 22 verzoeken om vrijstelling van geregeld schoolbezoek waarvan er 10 werden toegekend (zie tabel 12 en tabel 13 voor een nadere specificering van de afhandeling). Hiermee is het aantal verzoeken gestegen maar afgezet tegen de totale populatie is het nog steeds heel weinig. De bevoegdheid om te beslissen over vrijstelling van schoolbezoek ligt in bijna alle gevallen bij het hoofd van de school. Alleen een verzoek om verlof op grond van gewichtige omstandigheden voor een periode van meer dan 10 dagen wordt door het RBL BNO afgehandeld en is om die reden opgenomen in dit jaarverslag.

Het RBL BNO controleert en adviseert het onderwijs door middel van een verlofprotocol, adviesgesprekken en schoolcontroles. Tabel 12: verzoeken vrijstelling van geregeld schoolbezoek Gemeente 2019-2020 2020-2021 Bernheze Boekel Land van Cuijk Maashorst Meierijstad Oss Totaal

0 0 2 1 6 1 10

1 1 2 1 3 1 9

2021-2022

2022-2023

Verschil

2 0 2 0 5 5 14

0 1 7 5 2 7 22

-2 1 5 5 -3 2 8

Tabel 13: specificering van afhandeling van verzoeken vrijstelling geregeld schoolbezoek Schooljaar

2019-2020

2020-2021

2021-2022

2022-2023

Verschil

7 3 10

3 6 9

3 11 14

10 12 22

7 1 8

Verlof toegekend Afgewezen of ingetrokken Totaal

7

Experiment Onderwijszorgarrangementen 2023

17

Vrijstelling van inschrijving is van toepassing wanneer: -

Artikel 3a/3b→

bij bijzondere omstandigheden kan aan 14 of 15 jarigen worden toegestaan dat

aangepast onderwijs wordt gevolgd. Daarnaast bestaat er bij bijzondere omstandigheden de mogelijkheid om 15 jarigen toestemming te verlenen onderwijs te volgen aan een MBO-instelling -

Artikel 5 sub a→ de jongere op lichamelijke of psychologische gronden niet geschikt is om tot een school of instelling te worden toegelaten. Deze vrijstelling ontstaat van rechtswege wanneer ouders/verzorgers een verklaring van de aangewezen GGD jeugdarts kunnen overleggen

-

Artikel 5 sub b→ de ouders/verzorgers tegen de richting van het onderwijs op alle binnen redelijke afstand van de woning - of, indien zij geen vaste verblijfplaats hebben, op alle binnen Nederland - gelegen scholen onderscheidenlijk instellingen waarop de jongere geplaatst zou kunnen worden, overwegende bedenkingen hebben.

-

Artikel 5 sub c→ de jongere als leerling van een inrichting van onderwijs buiten Nederland staat ingeschreven en deze inrichting geregeld bezoekt..

-

Artikel 5a→

de ouders of verzorgers een trekkend bestaan leiden, waarbij de jongere hen vergezelt.

De leeftijd van de jongere en de bereikbaarheid van scholen worden hierbij meegewogen. -

Artikel 15→

bij bijzondere omstandigheden kan een vrijstelling worden gegeven aan

kwalificatieplichtigen, indien wordt aangetoond dat de jongere op andere wijze voldoende onderwijs geniet. -

Gedogen→

Er zijn situaties waarbij geen wettelijke grond voor vrijstelling mogelijk is maar waarbij de

leerplichtambtenaar wel gebruik maakt van zijn discretionaire bevoegdheid om niet te handhaven. Gedogen wordt veelal toegepast bij kwalificatieplichtigen die na een verkeerde studiekeus op het MBO niet langer het volledige onderwijsprogramma volgen en deels werken)

Vrijstelling van geregeld schoolbezoek is van toepassing wanneer: -

de school onderscheidenlijk de instelling is gesloten of het onderwijs is geschorst;

-

bij of op grond van algemeen verbindende voorschriften het bezoeken van de school onderscheidenlijk de instelling is verboden.

-

de jongere bij wijze van tuchtmaatregel tijdelijk de toegang tot de school onderscheidenlijk instelling is ontzegd.

-

de jongere wegens ziekte verhinderd is de school onderscheidenlijk instelling te bezoeken.

-

de jongere wegens vervulling van plichten voortvloeiend uit godsdienst of levensovertuiging verhinderd is de school of instelling te bezoeken.

-

de jongere vanwege de specifieke aard van het beroep van de ouders/verzorgers slechts buiten de schoolvakanties met hen op vakantie kan gaan.

-

de jongere door andere gewichtige omstandigheden verhinderd is de school onderscheidenlijk instelling te bezoeken.

-

De jongere die nog niet de leeftijd van zes jaar heeft bereikt, voor ten hoogste vijf uren per week vrijgesteld van de verplichting tot geregeld schoolbezoek.

18

3.5

Jongeren in een kwetsbare positie: de aantallen

Tabel 14 en 15 geven meer beeld bij de grootte van de groep jongeren in een kwetsbare positie (JIKP) in onze regio, welke onderwijsvormen zij volgen of hebben gevolgd en wat hun bestemming is na het onderwijs. Sinds 2021 gebruiken we hiervoor niet meer de data uit het leerlingvolgsysteem van het RBL BNO maar de dataset8 die DUO jaarlijks aanreikt. Hierdoor kunnen de gegevens meerjarig vergeleken worden met andere gemeenten. Alle jongeren in een kwetsbare positie zijn in beeld. In onze regio werken gemeenten en het onderwijs nauw samen om al in het laatste jaar van het onderwijs voor te sorteren op een overstap naar de arbeidsmarkt. Dit gebeurt onder andere in het operationeel overleg arbeidstoeleiding jongeren in een kwetsbare positie. Het RBL BNO bracht als pionier in 2016-2017 voor het eerst en als voorloper op andere gemeenten jongeren in een kwetsbare positie in beeld en gaf overzichtsinformatie over deze groep uit de eigen data. Hiermee liep het RBL BNO vooruit op nieuwe wetgeving gesteund door de portefeuillehouders. Pas later, nadat de wet daarvoor was aangepast, reikte DUO jaarlijks een dataset aan om overzicht te krijgen over de groep. In februari 2021 werd de wet voor het laatst aangepast zodat ook jongeren uit het VSO met uitstroomprofiel ‘dagbesteding’ bij de doelgroep horen. Deze jongeren werden al gemonitord maar nu is dat ook wettelijk zo geregeld.

In tabel 14 staan: •

de jongeren tot 23 jaar die op 1 oktober 2023: o

ingeschreven staan bij een entree-opleiding of

o

ingeschreven zijn op MBO2 of geen schoolinschrijving hebben én die eerder een schoolinschrijving hadden op het VSO, het Praktijkonderwijs, de beroepsgericht leerweg van het VMBO of de entree opleiding.

In 2021 steeg de doelgroep ten opzichte van 2020 met 126 door een aanpassing van de definitie: leerlingen die één jaar eerder (T-1) de entreeopleiding volgden, en op de peildatum (T=0) uitstromen, of doorstromen naar een basisberoepsopleiding, worden sinds die tijd wel meegenomen. In 2021 waren er 125 jongeren op MBO2 niveau die één jaar eerder entree volgden terwijl deze jongeren in 2020 nog niet meegerekend werden. In tabel 15 staan de jongeren van 16 tot 23 jaar zonder startkwalificatie die op 1 oktober 2023 geen schoolinschrijving hadden en het schooljaar daarvoor nog wel ingeschreven waren op het PRO, VSO, VMBO (basisberoepsgerichte leerweg) of Entree met daarbij hun inkomenssituatie. 37 van deze jongeren hebben geen burgerservicenummer en wonen op het AZC in Boxmeer of Grave. Deze jongeren horen bij de doelgroep omdat 8 Deze rapportage verschijnt in november op basis van de actuele gegevens bij DUO en is de startset van jongeren in een kwetsbare positie

19

ze één jaar geleden in een taalklas zaten die geregistreerd wordt als basisberoepsgerichte leerweg van het VMBO. Niemand van deze jongeren heeft een inkomen. Deze jongeren laten we in tabel 15a buiten beschouwing om een beter beeld te krijgen van de jongeren in een kwetsbare positie. Tabel 14. Jongeren in een kwetsbare positie per gemeente in de afgelopen 3 jaren. 2023 Gemeente 2020 2021 2022 94 Bernheze 58 78 87 26 Boekel 15 18 22 223 Land van Cuijk 282 252 254 152 Maashorst 161 188 176 243 Meierijstad 173 204 255 293 Oss 228 303 278 1031 Eindtotaal 917 1043 1072

Verschil 7 4 -31 -24 -12 15 -41

Tabel 15. Jongeren van 16-23 jaar in een kwetsbare positie die in 2022 school hebben verlaten met hun inkomenssituatie (jongeren met en zonder bsn) Uitkering Inkomen uit Inkomen uit UWV/GSD Geen Gemeente werk > €300 werk < €300 en werk Wajong gegevens Eindtotaal Bernheze 6 2 1 4 9 22 Boekel 0 0 0 0 3 3 Land van Cuijk 12 6 3 10 63 94 Maashorst 13 1 1 8 15 38 Meierijstad 29 4 4 6 19 62 Oss 42 6 8 7 32 95 Eindtotaal 17 314 102 19 35 141 Tabel 15a. Jongeren van 16-23 jaar in een kwetsbare positie die in 2022 school hebben verlaten met hun inkomenssituatie (jongeren met bsn). Uitkering Gemeente (alleen Inkomen uit Inkomen uit UWV/GSD Geen JIKP mét bsn) werk > €300 werk < €300 uit werk Wajong gegevens Eindtotaal Bernheze 6 2 1 4 9 22 Boekel 0 0 0 0 3 3 Land van Cuijk 12 6 3 10 26 57 Maashorst 13 1 1 8 15 38 Meierijstad 29 4 4 6 19 62 Oss 42 6 8 7 32 95 Eindtotaal 102 19 17 35 104 277 Het merendeel van de jongeren met BSN (62%) beschikt over een inkomen uit werk of uitkering. Het deel dat niet over een inkomen uit uitkering of inkomen beschikt is in beeld bij het RBL BNO die bekijkt of dienstverlening van het domein zorg of inkomen noodzakelijk en gewenst is.

20

4

Cijfers voortijdig schoolverlaten

De inspanningen van het RBL BNO zijn gericht op het voorkomen van Voortijdig schoolverlaten (VSV). Wanneer jongeren toch het onderwijs verlaten zonder startkwalificatie registreert het RBL BNO deze jongeren, benadert hen en probeert de jongeren via een passend traject (onderwijs, baan of een combinatie daarvan) alsnog te begeleiden naar een startkwalificatie. In dit hoofdstuk worden de cijfers ten aanzien van VSV getoond. Om een goed beeld te krijgen is gebruik gemaakt van de cijfers van DUO en de cijfers van het RBL BNO. 4.1 Stijging van het aantal VSV’ers landelijk Na een jarenlange daling van het aantal VSV’ers zien we sinds 2016-2017 zowel landelijk als regionaal een stijging van het aantal VSV’ers behalve in 2019-2020. In 2021-2022 waren er 30.617 nieuwe vsv’ers wat sinds tien jaar het hoogste aantal is. Daarmee stijgt het landelijk percentage VSV’ers van 1,9% naar 2,4%. In regio 36b, de 6 gemeenten van RBL BNO stijgt het percentage van 1,5% naar 2,1%.

Aantal VSV landelijk 33000 31000

30617

29000 27067

27000 25000

25666 24480

23000

22766

21000 19000 17000 15000 2017/2018

2018/2019

2019/2020

2020/2021

2021/2022

21

% VSVers regionaal vergeleken met landelijk 2,50% 2,00% 1,50% 1,00% 0,50% 0,00% 2017/2018

2018/2019

2019/2020

Landelijk

2020/2021

2021/2022

Regio 36b

De landelijke vervolgaanpak voortijdig schoolverlaten 2020-2024 streeft naar het verder terugdringen van het aantal VSV’ers naar 20.0009 in 2024 en nog verder naar 18.000 in 202610. Gelet op de ontwikkeling van het aantal VSV’ers de laatste jaren lijkt dit vrij ambitieus.11 Natuurlijk wil RBL BNO net als de vakvereniging Ingrado dat zoveel mogelijk jongeren een startkwalificatie halen. Onderzoek wijst uit dat je daarmee meer kans hebt op de arbeidsmarkt, zowel om werk te vinden als om werk te behouden in tijden van krapte op de arbeidsmarkt. Maar voor veel jongeren is dit niet de weg die bij ze past. Bovendien worden er door het Doorstroompunt, onderwijs en sociale partners steeds meer mooie trajecten gerealiseerd waar jongeren volledig tot hun recht komen en zich kunnen ontwikkelen. Helaas tellen plaatsingen van jongeren op deze trajecten niet mee in de cijfers voortijdig schoolverlaten, terwijl ze hiermee een vak leren en maatschappelijke uitval voorkomen wordt. Ieder Doorstroompunt heeft regionale programma’s opgesteld waarin acties worden geformuleerd om regionaal het aantal VSV’ers verder terug te dringen. In onze regio is het convenant Jongerenaanpak onderwijsarbeidsmarkt 2021-2024 vastgesteld door de regionale stuurgroep VSV en jongeren in kwetsbare positie.

De voorzitter van het bestuurlijk overleg en het afdelingshoofd van het RBL BNO zijn lid van deze stuurgroep naast de wethouder van ’s-Hertogenbosch, vertegenwoordigers van het MBO en VO, het ministerie van onderwijs, de Doorstroom-coördinator en de programmamanager VSV van het Koning Willem1 College en sinds juni 2023 één vertegenwoordiger namens IBN, WSD en Weener XL. De monitoring van de plannen ligt bij deze partners.

9

Brief ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, ‘Vervolgaanpak voortijdig schoolverlaten 2020-2024’, oktober 2019. 10

Motie 31524/ nr 518 Motie El Yassini over een aanvalsplan om het aantal voortijdige schoolverlaters te verlagen tot onder de 18.000 in 2026- Beroepsonderwijs en Volwassenen Educatie 11 Brief Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, Aanpak voortijdig schoolverlaten, 4 maart 2020

22

Voor onze regio blijft er inzet plaatsvinden op het monitoren van de jongeren zonder startkwalificatie vanaf het behalen van hun diploma op het VO naar een geschikte vervolgopleiding in het MBO. Het Doorstroompunt pakt alle verzuimmeldingen van 18+ leerlingen op en biedt passende ondersteuning. Ook alle jongeren van 16 tot 23 jaar zonder startkwalificatie en zonder onderwijs heeft het Doorstroompunt in beeld en biedt passende ondersteuning. Het Doorstroompunt werkt hierbij samen met onder andere Werk en Inkomen en zorg. 4.2 VSV op basis van DUO definitie Om landelijk goed te kunnen vergelijken maakt DUO bij het bepalen van het aantal nieuwe VSV`ers per schooljaar gebruik van een definitie en aanvullende rekenregels. Definitie DUO Wanneer een leerling van 12 tot 23 jaar gedurende een schooljaar het onderwijs verlaat zonder startkwalificatie (diploma op havo, vwo of mbo 2, 3 of 4 niveau ), dan wordt deze leerling gerekend tot VSV’er. Jaarlijks wordt er op 1 oktober (T) gekeken welke leerlingen het voorgaande jaar (T-1) stonden ingeschreven. Wanneer een leerling op 1 oktober (T) niet meer ingeschreven staat en nog niet in het bezit is van een startkwalificatie, dan is dit volgens de definitie een VSV’er. Leerlingen die gedurende het schooljaar uitvallen, maar op 1 oktober ook weer zijn ingeschreven worden niet beschouwd als VSV’er.

Op basis van deze definitie ontstaat het volgende beeld (tabel 16 en 17) waarbij regio 36b met 2,1% een gedeelde 4e plaats bezet. De regio’s liggen steeds dichter bij elkaar wat betreft het percentage schooluitval; elke regio ligt tussen de 1,8% en 3,1%. De Minister12 heeft onderzocht wat de hoofdoorzaken zijn van de stijging in 2020-2021 en 2021-2022: 1.

Door sluiten van het mbo-onderwijs vanwege Covid-19 in de winter van studiejaar 2021-2022 en het online onderwijs verloren veel studenten hun motivatie.

2.

In de studiejaren 2019-2020 en 2020-2021 zijn door coronamaatregelen zoals de duimregeling, terughoudendheid om negatieve bindende studie adviezen af te geven meer studenten overgegaan dan andere jaren. Veel van deze studenten vallen alsnog uit.

3.

De krappe arbeidsmarkt verleidde veel studenten om werk boven school te verkiezen.

Een structurele oorzaak van voortijdig schoolverlaten is dat jongeren niet altijd goed op de hoogte van de inhoud van de opleiding en het toekomstige werkveld zijn. Tijdens corona is dit nog versterkt doordat de mogelijkheden voor begeleiding en hulp bij loopbaanoriëntatie minder waren.13

Tabel 16: Aantal Vsv’ers per gemeente

12

Brief aan de Tweede Kamer, Hoofdlijnen aanvalsplan voorkomen voortijdig schoolverlaten en begeleiden naar een kansrijke toekomst, 3 april 2023 13

Kamerstukken 26 695 nr. 140

23

Gemeente 2018-2019 2019-2020 2020/2021 2021/2022 %VSV Bernheze 37 33 29 49 Boekel 12 7 10 17 LandvanCuijk 109 100 122 148 Maashorst 82 71 65 86 Meierijstad 104 100 84 115 Oss 154 136 130 175 Totaal 498 447 440 590

Verschil 1,9% 1,8% 2,1% 2,0% 1,9% 2,6% 2,1%

20 7 26 21 31 45 150

Tabel 17: vergelijking vsv-percentage 2020-2021 RMC regio’s

Doorstroompunt 05-Zuid-West Friesland 13-Achterhoek 15-Rivierenland 07-Noord- en Midden Drenthe 10-IJssel-Vecht 27-Zuid-Holland-Oost 19-Utrecht 12-Twente 16-Eem en Vallei 20-Gooi en Vechtstreek 36-Noord-Oost-Brabant 06-Friesland-Oost ('de Friese Wouden') 26-Zuid-Holland-Noord 31-Oosterschelde Regio 17-Noordwest-Veluwe 34-West-Brabant 38-Gewest Limburg-Noord 09-Zuid-West Drenthe 25-Zuid-Kennemerland en IJmond 30-Zuid-Holland-Zuid 40-Rijk van Nijmegen 11-Stedendriehoek 24-Noord-Kennemerland

t0 startpopulatie 12064 24926 20344 15493 38314 29805 71593 51844 54272 18782 49492

t1 nieuwe vsvers 216 445 379 291 747 601 1462 1062 1115 391 1038

t1 nieuwe vsvers % 1,8 1,8 1,9 1,9 2,0 2,0 2,0 2,1 2,1 2,1 2,1

20518 30397 12813 16775 51715 34498 11025

440 655 278 366 1163 778 251

2,1 2,2 2,2 2,2 2,3 2,3 2,3

27258 36331 21955 34778 22817

624 845 515 826 542

2,3 2,3 2,4 2,4 2,4

24

37-Zuidoost-Brabant 41-Arnhem 28-Haaglanden/Westland 22-West-Friesland 23-Kop van Noord-Holland 35-Midden-Brabant 04-Friesland Noord 32-Walcheren 21-Agglomeratie Amsterdam 02-Noord-Groningen-Eemsmond 01-Oost-Groningen 33-Zeeuws-Vlaanderen 29-Rijnmond 08-Zuid-Oost Drenthe 03-Centraal en Westelijk Groningen 18-Flevoland 39-Gewest Zuid-Limburg

55051 31654 77689 16864 12535 29993 20790 8204 105429 7372 9993 6270 95543 12971

1317 757 1862 413 311 755 529 219 2840 201 283 179 2778 381

2,4 2,4 2,4 2,5 2,5 2,5 2,5 2,7 2,7 2,7 2,8 2,9 2,9 2,9

23447 35590 32693

693 1054 1015

3,0 3,0 3,1

4.3 Cijfers en kenmerken nieuwe VSV’ers op basis van DUO-definitie Het RBL BNO legt de nadruk niet op aantallen maar op het in beeld hebben van alle VSV’ers tot ze weer ingeschreven zijn of 23 jaar zijn geworden. Tabel 18 laat per gemeente de uitkomst van de begeleiding zien. Tabel 18: uitkomst van de begeleiding van nieuwe vsv’ers op peildatum 12-2022 GEMEENTE Heeft nu SK Volgt nu Is nu 23+ of Wajong/Hoo opleiding

verhuisd

gst haalbaar

Nog in

Totaal

begeleiding

Bernheze

1

13

11

0

24

49

Boekel

0

4

1

0

12

17

Land van Cuijk

2

29

20

2

95

148

Maashorst

1

9

7

1

68

86

Meierijstad

2

21

8

0

84

115

Oss

2

27

22

2

122

175

Totaal

8

103

69

5

405

590

Het RBL BNO zoekt steeds naar nieuwe middelen om in contact te komen en te blijven met de jongere zoals: •

eerder op deurbezoek. Contact is belangrijk om jongeren te bewegen om alsnog een startkwalificatie te behalen. Elkaar zien helpt daarbij. Zelfs als de jongere niet thuis is heeft een deurbezoek meerwaarde omdat het informatie kan geven over hoe het met de jongere gaat. Het deurbezoek is dan ook vast onderdeel van de outreachende werkwijze van het Doorstroompunt.

25

•

Aanbod groepsgewijze training. Het RBL BNO benadert elke voortijdig schoolverlater individueel en de Doorstroomcoach houdt contact en begeleidt de jongeren individueel. Voor het 2e jaar is bij wijze van pilot een meerdaagse groepstraining aangeboden waarin jongeren inzicht krijgen in hun proces en motivatie, bewust worden van hun talenten en mogelijk weer terug gaan naar school. In het 1e pilotjaar heeft de training gedraaid in regio Oss met 5 deelnemers en in regio Meierijstad met 6 deelnemers. De meeste deelnemers wilden daarna naar school, 2 hebben zich ook daadwerkelijk ingeschreven. In Land van Cuijk was onvoldoende animo. Aan de hand van de evaluatie is de training aangepast: inhoudelijk, op andere tijdstippen (ook in de avond) en meer tijd ingeruimd om jongeren persoonlijk te werven. Deze training heeft alleen in Land van Cuijk gedraaid met 6 deelnemers. In de regio’s Oss en Meierijstad waren onvoldoende aanmeldingen. Dit aanbod sluit blijkbaar niet aan bij de vraag van de jongeren en geeft onvoldoende rendement.

Suwi kenmerk van de nieuwe VSV’ers In onderstaande grafiek zijn de inkomensgegevens van de nieuwe VSV’ers die nog in begeleiding zijn vergeleken met de nieuwe VSV’ers van vorig jaar. Het RBL BNO gebruikt deze gegevens om de juiste keuzes te maken bij het stellen van prioriteiten in de begeleiding. Hierbij wordt de hoogste prioriteit gegeven aan jongeren waarvan geen inkomen in de suwi-keten bekend is.

26

4.4 Begeleiding VSV’ers door het RBL BNO De medewerkers van het RBL BNO benaderen iedere jongere tussen de 12 en 23 jaar die het onderwijs verlaat zonder startkwalificatie14. Deze definitie is ruimer dan de definitie van DUO zodat alle jongeren in onze regio in beeld zijn en blijven. Tot 18 jaar worden deze jongeren opgepakt door leerplichtambtenaren en daarom niet meegenomen in dit hoofdstuk. Vanaf 18 tot 23 jaar worden deze jongeren begeleid door Doorstroomcoaches. In het wetsvoorstel van school naar duurzaam werk wordt de leeftijd van de doelgroep van het Doorstroompunt van 23 jaar opgehoogd naar 27 jaar met ingang van 1.8.2025. De komende periode gebruikt het RBL BNO om zich samen met de afdelingen participatie van de gemeenten zo goed mogelijk voor te bereiden op de wetswijziging (zie ook 2.1.5). VSV’ers tussen de 18 en 23 jaar zijn niet verplicht om een startkwalificatie te behalen. De Doorstroomcoaches benaderen VSV’ers in deze leeftijdsgroep. In nauwe samenwerking met het onderwijs en de arbeidsmarkt onderzoeken zij op welke wijze alsnog een startkwalificatie kan worden behaald. 4.5 Inzet educatiemeter In het schooljaar 2022-2023 werd bij 52 jongeren de educatiemeter ingezet. Met dit online instrument wordt door de Doorstroomcoach samen met de jongere achterhaald waarom hij/zij uitgevallen is.

Daarnaast wordt gekeken wat er voor nodig is om een jongere terug te begeleiden naar school. Hiermee wordt op objectieve wijze vastgesteld welke problemen er ten grondslag liggen aan de uitval. Op basis van deze diagnose wordt een plan van aanpak gemaakt om de jongere op een effectieve en methodische wijze te begeleiden.

4.6 Verzuim 18+ In het schooljaar 2022-2023 behandelde het RBL BNO 969 verzuimmeldingen van 611 jongeren die 18 jaar of ouder waren (18+). Vorig jaar waren dat 973 meldingen van 641 jongeren. Zowel het aantal jongeren als het aantal verzuimmeldingen is nagenoeg gelijk gebleven. In de 2 schooljaren daarvoor werd door de invloed van de corona-maatregelen minder verzuim gemeld. Hiermee lijkt het aantal verzuimmeldingen weer terug op het niveau van voor corona/ Van de 611 jongeren die in 2022-2023 zijn gemeld haalden 90 jongeren (15%) voor 1-10-2023 een startkwalificatie en van de resterende groep hadden 324 jongeren (53%) een schoolinschrijving op 1-10-2023. Dus 68% (415 jongeren van de 611) haalde een startkwalificatie of bleef op school. Zij werden geen VSV’er en vervolgden hun opleiding of stapten over naar een andere opleiding. Kortom: het oppakken van verzuim 18+ loont.

14

Met uitzondering van jongeren die niet in staat worden geacht een startkwalificatie te behalen

27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=2714e352-3e4c-458e-b568-fd9d912ec6a3