CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2026 en beleidsplan 2026-2029 Regionaal Bureau Leerplicht Brabant Noordoost

Raadsvergadering 20 februari 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Kadernota 2026 en beleidsplan 2026-2029 Regionaal Bureau Leerplicht Brabant Noordoost *1.368 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

§r

Res,srratenummer: 88107 / 88109

-@:::"'::: é

Raadsvoorstel v6re6d6íne: 20 lebÍuaÍi 2025 as€ndapuor, 15 DErum

ond.rwérp,

Kadernota 2026 en beleidsplan 2026-2029 Regionaal Bureau Leerplicht Brabant Noordoost

pon6r6uir6houd6r' WethouderMaartenEverling Heesch, 14 januari 2025

lnleiding Het Regionaal Bureau Leerplicht Brabant Noordoost (RBL) voert namens zes gemeenten, waaronder Bernheze, wettelijke taken uit op het gebied van de leer- en kwaliÍicatieplicht en de aanpak van voortijdig schoolverlaten. JaarliJks dient het RBL een kadernota in voor de begroting van het volgende jaar en om de vier jaar wordt een beleidsplan ingediend met de meerjaren koers.

Voor het nieuwe beleidsplan voot 2026-2029, waarin de kadernota van 2026 is geïntegreerd, wordt een zienswijze gevraagd van de gemeenteraad. De adoptiegemeente Oss adviseert een positieve zienswijze te geven. Het adoptieadvies is bijgevoegd. Wij adviseren het adoptieadvies over te nemen.

VooÍstel 1

. Een positieve zienswijze te geven op het Beleidsplan 2026-2029, tevens kadernota 2026, van het Regionaal Bureau Leerplicht Brabant Noordoost.

2. Het Regionaal Bureau Leerplicht Brabant Noordoost op te roepen terughoudend te zijn met het ontwikkelen van nieuw beleid waaraan extra kosten verbonden zijn in verband met de slechte Íinanciële vooruitzichten voor gemeenlen.

Argumonten 1.1. ln het beleidsplan en de kademota bouwt het RBL voot't op de bestaande koers waar uw raad eerder een positieve zienswijze op heeft gegeven en waarmee goede resultaten zin bereikt. Het RBL ziet erop toe dat kinderen van 5-16 jaar naar school gaan en dat jongeren van 16-23 jaar een startkwalificatie behalen (dit is een HAVO, VWO of MBO 2,3 of 4 diploma), tenzij leerlingen hiervan zijn vrijgesteld. ln vorige beleidskadeÍ heeft het RBL de ambities benoemd die zij voor de komende periode wil doortrekken: Het RBL streeft ernaar dat geen enkel leerplichtig kind langer dan 3 maanden thuis zit zonder zorg oí onderwijs en dat alle voortijdig schoolverlaters worden begeleid naar school, een leer-werktraject of de arbeidsmarkt. Bij verzuim richt het RBL zich eerst op preventie en hulp, daarna op handhaving. Om het schoolveízuim zoveel mogelijk te voorkomen, heeft het RBL de afgelopen periode ingezet op vaste contact functionarissen voor de scholen en gemeenten en sluit het RBL aan bij het zorgadviesteam van de scholen. Voor het beter ondersteunen van voortijdig schoolverlaters is geïnvesteerd in de samenwerking met de arbeidsmarktregio en is de capaciteit voor het afleggen van huisbezoeken bij thuiszitters uitgebreid. Met deze inzet heeft het RBL goede resullaten bereikt: het aantal thuiszitters is

teruggebÍacht, de voortijdig schoolverlaters zijn goed in beeld en dit aantal is ook lager dan de andere leerplichtregio's in Nederland. 1.2 ln het beleídsplan en de kadernota wordt geanticipeerd op de wetswijziging Van school naar duurzaam werk en wordt ingezet op verbetering van de díensfuerlening. Met de wetswijziging Van school naar duurzaam werk, welke naar verwachting 1 januati 2026 van kracht zal zijn, zal het RBL ook jongeren van 23-27 iaat zonder startkwalificatie begeleiden naar werk of opleiding. Het RBL keft in 2025 verdere voorbereidingen op de wetswijziging. Verder wil het RBL meer inzetten op het voorkomen van beginnend verzuim door te focussen op leeÍlingen die meer dan 95% aanwezig zijn op school (ongeveer 807o van de leerlingen populatie) in plaats van leerlingen die verzuimen. Tot slot ziet het RBL dat de aanpak van het ongeooÍloofd verzuim op de basisscholen verbeterd kan worden. ln de komende beleidsperiode kijkt het RBL of, gelijk aan het voortgezet onderwijs, ook voor de basisscholen een uniform verzuimprotocol opgesteld kan worden. 1.3 Het nieuwe beleidsplan loopt gelik met het Regionale programma Jongerenaanpak Onderwis-Arbeidsmarkt zodat een integrale aanpak in stand kan blijven. Het RBL ontvangt een deel van haar middelen uit het regionale programma wat loopt tot 2026. Voot 2026-2029 wordt een nieuw convenant afgesloten.

Het RBL is als coördinator van de iongerenaanpak nauw betrokken bij het opstellen van dit nieuwe convenant en de samenhang met het voorliggende beleidsplan.

.4 Het takenpakket van het RBL is zwaarder geworden, daarom is een structurele uitbreiding van de capaciteít nodig. Het takenpakket van het RBL is verzwaard. Dit komt o.a. dooÍ wachtlijsten in de jeugdzorg waardoor jongeíen langer en intensiever begeleid moeten worden, een toename van nieuwkomersleerlingen die meer begeleiding vragen en een toenemende regeldruk (zoals de Wet Politiegegevens). Dit is ook landelijk de tendens en daarom heeft de vakvereniging lngrado de foÍmatienorm vooÍ leerplicht verhoogd. Voor de komende periode gaat het RBL daarom uit van een structurele uitbreiding van de formatie met 1,5 fte om de taken uit te kunnen blijven voeren. Het RBL blijft met deze uitbreiding nog onder de lngradonorm. 1

1.5 Het nieuwe beleidsplan sluit aan bij de lokale ambities. ln het Breed Maatschappelijk Beleid is als doel opgenomen dat iedere inwoneÍ zich kan ontwikkelen en ontplooien. De inzet van het RBL geeft hier mede uitvoeÍing aan. Door het aanpakken van (beginnend) verzuim, het voorkomen van schooluitval en het ondersteunen van leerlingen die uitgevallen zijn op school worden de ontwikkelkansen van jeugd vergroot.

ln Bernheze wordt ook ingezet op de aanpak van ziekteverzuim. De GGD voert deze taak uit op alle scholen. Dit blijfl belangrijk, omdat het RBL en de GGD met name op het voortgezet onderwijs meer zorgvragen signaleren, waarbij er risico is op schooluitval. 2.1 De komende jaren zullen voor gemeenten in financieel opzicht zwaar worden. We willen daarom de groei van kosten door de ontwikkeling van nieuw beleid beperken. De gemeente Bernheze kiesl er voor om de prijsindexering die gemeenschappelijke regelingen, waaronder het RBL, in haar begroting verwerkt, mee te nemen in de gemeentelijke begroting. Dit om geen (extra) bezuiniging op te leggen die negatieve gevolgen kan hebben voor de uit te voeren taken.

-2-

Het beleidsplan van het RBL bouM voort op de ambities van de voorgaande periode. De geraamde bijdrage voot 2026 is nagenoeg gelijk aan de bijdrage 2025. Echter, de kadernota bevat nog een groot aantal onzekerheden als gevolg van een wijziging van de financiering-systematiek vanwege de wetswijziging Van school naar duurzaam werk. Daarnaast heeft de gemeente Oss haar systematiek vooÍ het in rekening brengen van de ambtelijke inzet aangepast waarvan de effecten nog niet zijn meegenomen in de kadernota. Ondanks deze onzekerheden zullen we RBL oproepen terughoudend om te gaan met het ontwikkelèn van nieuw beleid dat extra kosten met zich mee brengt, afgezien van de Ílnanciële gevolgen van wettelijke ontwikkelingen.

Risico's

o Met de aankomende wetswiJziging Van school naar duurzaam werk wijzigt de financie-

.

ringssystematiek. De incidentele middelen worden structureel, maar het is nog onduidelijk oÍ deze middelen via het gemeentefonds of als specifieke uitkering woÍden verstrekt. Daarnaast worden de bedragen naar verwachting aangepast, de bijdragen kunnen hoger of lager zijn dan de middelen die het RBL nu ontvangt. Tot de wetswi.iziging blijft het RBL daarom uitgaan de huidige financiering en bi.ibehorende bedragen. Dit betekent dat de kadernota slechts een indicatie geeft van de gemeentelijke bijdrage. Bij de begroting die we in het voorjaar van 2025 zullen ontvangen, hoopt het RBL meer duidelijkheid te geven over de rijksbildragen en de gemeentelijke bijdrage vanaÍ 2026. Gemeente Oss heefl met ingang van 2024 de systematiek voor het in rekening brengen van de ambtelijke inzet aan de regio aangepast. Deze nieuwe systematiek zal de gemeente Oss ook gaan doorvoeren voor de centrumregeling RBL. Het financiële effect hiervan is nog niet bekend. Het zal waarschijnlijk leiden tot een lastenverzwaring voor het RBL en daarmee tot een verhoging van de biidragen voor de regiogemeenlen.

Kosten en dckking Voor Bernheze is de voorlopige bijdrage van 2026 bepaald op € 89.096, dit is € 330 hoger dan de bijdrage voor 2025. HierbiJ merken we op dat dit een indicatief bedrag is gezien de eerder genoemde risico's. De indexering wordt bij het vaststellen van de begroting van 2026 definitief bepaald.

Vervolg

o Het RBL wordt per brief geïnÍormeeÍd over de zienswijze van de raad. . Het Algemeen Bestuur van het RBL stelt de kadernota op í 3 maart a s. vast. o Na vaststelling zal de kadernota vertaald worden naar de begroting 2026, waar de taad omstreeks juni a s. een zienswijze op kan geven.

Bijlagen

. Raadsbesluit . Aanbiedingsbrief o Beleidsplan 2026-2029 tevens kadernota 20?6 van het Regionaal Bureau Leerplicht en .

voortijdig schoolverlaten Brabant NooÍdoost. Adoptieadvies gemeente Oss

3

rgemeester en wethouders,

Peggy Hurkmans secretaris

Mark

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=7bbe33a0-1649-4e4e-a1e2-4120a38b257a