CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Heeswijkse Akkers_Toelichting

Raadsvergadering 6 oktober 2022, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingplan en exploitatieplan Heeswijkse Akkers24.930 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan - Toelichting -

Heeswijkse Akkers Gemeente Bernheze

BESTEMMINGSPLAN - Toelichting -

Heeswijkse Akkers Gemeente Bernheze

IDN-nummer:

NL.IMRO.1721.BPHeeswijkseAkkers-VG01

Status:

vastgesteld

Datum:

19 juli 2022

Locatie Nijmegen St. Stevenskerkhof 2 6511 VZ Nijmegen

Locatie Vught Parklaan 21 5261 LR Vught

024 - 322 45 79 info@pouderoyentonnaer.nl www.pouderoyentonnaer.nl

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding

5

1.1 1.2 1.3 1.4

5 5 6 8

Aanleiding Plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer

Hoofdstuk 2 Bestaande situatie

9

2.1 2.2 2.3

9 12 13

Heeswijk-Dinther Westelijke kernrandzone Plangebied Heeswijkse Akkers

Hoofdstuk 3 Beschrijving planvoornemen

15

3.1 3.2 3.3 3.4

Planbeschrijving Het plangebied binnen de kernrandzone Heeswijk-Dinther Ruimtelijke structuur plangebied Stedenbouwkundig plan

15 15 18 20

3.5 3.6 3.7 3.8

Beeldkwaliteitplan Verkeersafwikkeling Groen en water Kwaliteitsverbetering landschap

21 21 27 27

Hoofdstuk 4 Beleidskader

29

4.1 4.2 4.3

29 32 36

Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid

Hoofdstuk 5 Milieutechnische aspecten

45

5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12 5.13

45 48 56 57 63 66 68 69 70 73 75 80 83

Bodem Gezondheid en veehouderij Luchtkwaliteit Externe veiligheid Niet gesprongen explosieven Bedrijven en milieuzonering Gewasbeschermingsmiddelen Geluid Archeologie Cultuurhistorie en landschap Water Gebieds- en soortenbescherming Ondergrondse infrastructuur

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

3

Hoofdstuk 6 Juridische toelichting

85

Hoofdstuk 7 Uitvoerbaarheid

89

7.1 7.2

89 89

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid

Hoofdstuk 8 Procedure

91

8.1 8.2 8.3

91 91 92

Overleg en inspraak Zienswijzen Vaststelling

Toelichting

4

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

De gemeente Bernheze is voornemens aan de westflank van de kern Heeswijk-Dinther een nieuw woongebied te ontwikkelen, onder de naam Heeswijkse akkers. Het plangebied is gelegen tussen de Hoofdstraat en de Veldstraat. Het plan omvat de bouw van 72 woningen, in zowel de koop- als huursecor. Ook is er ruimte voor zelfrealisatie. Het bouwplan kan niet worden gerealiseerd binnen de kaders van de voor het plangebied geldende bestemmingsplannen. Dit bestemmingsplan dient als basis voor een partiële herziening, waarmee de voor het plan benodigde planologische ruimte wordt gecreëerd. Middels dit ontwerpbestemmingsplan is, aan de hand van een verkaveling, een integrale verkenning van de haalbaarheid van het plan uitgevoerd. Hierbij is de ontwikkeling getoetst aan geldende beleidskaders en relevante milieuaspecten.

Entree Heeswijk-Dinther

1.2

Plangebied

Het plangebied omvat een aantal kadastrale percelen en heeft een omvang van circa 2,9 hectare. Het wordt als volgt begrensd: Aan de noordzijde door de Veldstraat, danwel de achterzijde van (woon)percelen die aan de Veldstraat grenzen; Aan de oostzijde door de Doctor Boutkanstraat, danwel de achterzijde van de percelen die aan de Doctor Boutkanstraat grenzen; Aan de zuidzijde door de achterzijde van percelen die aan de Hoofdstraat respectievelijk Gouverneursweg grenzen; Aan de westzijde door de zijdelingse erfgrenzen van de percelen, plaatselijk bekend Gouverneursweg 2 en Veldstraat 29.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

5

Begrenzing plangebied (wit omkaderd) (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Voor het plangebied vigeren twee bestemmingsplannen, te weten bestemmingsplan 'De kommen van Bernheze' en bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze'. Ter plaatse van het bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze' vigeren ook het bestemmingsplan 'BPL Teeltondersteunende voorzieningen gemeente Bernheze' en het bestemmingsplan 'Vrijkomende Agrarische bebouwing Bernheze 2018'. Aangezien deze beide regelingen geen relevantie hebben voor de planologische afweging rond onderhavig plan, worden deze niet nader toegelicht. Bestemmingsplan 'De kommen van Bernheze' Het bestemmingsplan 'De kommen van Bernheze' (NL.IMRO.1721.BPKommenBernheze-VG01) is op 1 juni 2011 vastgesteld door de gemeenteraad van Bernheze. Het deel van het plangebied dat in dit bestemmingsplan ligt, omvat de enkelbestemmingen 'Agrarisch', 'Bedrijf', 'Wonen', 'Tuin' en 'Water', met de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie 2', 'Waarde - Archeologie 3' en 'Waterstaat - Natte Natuurparel bufferzone'.

6

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan 'De kommen van Bernheze' (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze' Het noordwestelijke deel van het plangebied is gelegen in het bestemmingsplan 'Buitengebied Bernheze' (NL.IMRO.1721.BPBuitengebied-oh01). Dit bestemmingsplan is door de gemeenteraad van Bernheze vastgesteld op 26 juni 2012. De gronden binnen het plangebied die onder dit bestemmingsplan vallen, hebben de enkelbestemmingen 'Agrarisch met waarden - Landschappelijke, cultuurhistorische en/ of abiotische waarden' en 'Water', de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' en de gebiedsaanduiding 'reconstructiewetzone extensiveringsgebied'. Enkele percelen zijn voorzien van een bouwvlak waar specifieke functies als bedrijf, wonen of opslag zijn toegestaan.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

7

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan 'Buitengebied' (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

De realisatie van het beoogd bouwplan is in strijd met beide bestemmingsplannen. Geen van beide bestemmingsplannen bevat een wijzigingsbevoegdheid waarmee de benodigde planologische ruimte kan worden geboden. Een partiële herziening van het bestemmingsplan is noodzakelijk om de vereiste planologische ruimte te creëren.

1.4

Leeswijzer

Deze toelichting van het bestemmingsplan is als volgt opgebouwd: Hoofdstuk 2: beschrijft de huidige situatie van het plangebied; Hoofdstuk 3: beschrijft het planvoornemen; Hoofdstuk 4: geeft een beschrijving van het relevante ruimtelijke beleid van rijk, provincie en gemeente; Hoofdstuk 5: geeft een toetsing van het voornemen aan de relevante milieu- en omgevingsaspecten; Hoofdstuk 6: bevat een toelichting op de juridische regeling; Hoofdstuk 7: beschrijft de (economische) uitvoerbaarheid; Hoofdstuk 8: beschrijft de procedure.

8

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Hoofdstuk 2 2.1

Bestaande situatie

Heeswijk-Dinther

Heeswijk en Dinther zijn ontstaan op de oeverwal die tussen de beekdalen van de Aa en Leijgraaf is gelegen. Op de brede dekzandrug zijn twee kernen ontstaan te midden van een complex van akkers en weilanden, waar een kleinschalig kampenlandschap is ontstaan.

Topografische situatie (kaartbeeld 1950) (bron: Kadaster)

In de loop van de geschiedenis zijn de kernen Heeswijk en Dinther aan elkaar gegroeid. Dit gebeurde initieel door intensivering van de lintbebouwing langs de doorgaande verbindingen in oost-west richting. Vanaf de jaren '60 en '70 van de 20e eeuw nam de aanwas van woningen toe en kreeg Heeswijk Dinther, via opeenvolgende planmatige uitbreidingen tussen de doorgaande linten, geleidelijk haar huidige stedenbouwkundige structuur. Deze wordt gekenmerkt door de aaneengesloten lintbebouwing van de voormalige kernen, parallel aan het dal van de Aa. Na de samenvoeging is tussen Heeswijk en Dinther, rondom Plein 1969, een nieuw dorpscentrum met winkels en voorzieningen gerealiseerd. De centrale ruimtes van de vroegere dorpen (met karakteristieke open ruimtes en monumentale bomen) zijn, net als de historische lintstructuur, nog herkenbaar. Uitbreidingen van de kern

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

9

liggen met name aan de noordzijde van de oorspronkelijke lintbebouwing. Aan de oostzijde van de kern ligt een klein bedrijventerrein, dat qua maat en schaal bij de kern past.

Topografische situatie (kaartbeeld 2019) (bron: Kadaster)

Heeswijk-Dinther heeft aan de noordzijde van de kern, richting de Leijgraaf, een kleinschalige, rafelige dorpsrand met waterlopen, bomenrijen en bosjes. Aan de zuidzijde, richting de Aa, is sprake van een meer transparante overgang tussen het dorp en het beekdal. De laanbeplanting langs de Hoofdstraat is op enkele plaatsen onderbroken. Enkele oude wegen verbinden, met veelal restanten van laanbeplanting, de historische centra met het buitengebied. In Heeswijk vormt de Abdij van Berne met bijbehorende lanen een karakteristiek element in de groenstructuur. De monumentale beplanting rond de abdij staat niet in relatie met de groenstructuur van Dinther en langs de Hoofdstraat. De dorpsranden zijn over het algemeen zacht te noemen, met uitzondering van de harde rand langs de uitbreiding aan de noordzijde van de kern.

10

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

11

Landschappelijk raamwerk Heeswijk-Dinther Op grond van de bestaande ruimtelijk-functionele structuur zoals hiervoor geschetst, is een set uitgangspunten geformuleerd voor de wenselijke ruimtelijk-functionele ontwikkeling van de kern: Ruimte voor aanvullende verstedelijking dient te worden gevonden langs de oude linten (in westelijke richting) of richting het noorden met behoud van eigenheid van de historische bebouwingslinten; De dorpsrand langs het beekdal van de Aa kan worden versterkt, waarbij de inzet is te komen tot een contrastrijke overgang van dorp naar beekdal; De structuur van groene lobben het dorp in is waardevol en dient behouden te blijven; Het beekdal van de Leijgraaf kan worden versterkt door passende landschapsinrichting, zoeken naar ruimte voor natuurontwikkeling en waterberging en het inpassen van storende (agrarische) bebouwing; De harde storende dorpsrand bij het bedrijventerrein aan de oostzijde kan worden verbeterd.

2.2

Westelijke kernrandzone

De westelijke kernrandzone ligt globaal ingeklemd tussen de beekdalen van de Aa in het zuiden en de Leijgraaf in het noorden. Het gebied kan worden gekenschetst als een waardevol en kleinschalig cultuurhistorisch landschap, met nog zichtbare authentieke elementen zoals akkers, reliëf en verkavelingsstructuren. De westflank van de dorpskern wordt gedragen door de Gouverneursweg, het historische lint richting Middelrode dat de dekzandrug langs de Aa volgt. Ook de agrarische linten Veldstraat en Fokkershoek-Kameren volgen de glooiingen parallel aan de dekzandrug. Het gebied tussen de linten Veldstraat en Fokkershoek-Kameren betreft een oude langgerekte es die nog intact is.

Luchtfoto westelijke kernrandzone

12

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

De linten Gouverneursweg en Fokkershoek-Kameren worden deels begeleid door dubbele bomenrijen, maar deze stoppen in de kernrandzone. Langs het lint Veldstraat ontbreekt een structurerende laanbeplanting. Het gebied wordt gekenmerkt door een veelheid aan functies, variërend van gerenoveerde woonboerderijen tot kleinschalige bedrijvigheid. Tevens zijn er enkele grondgebonden agrarische bedrijven. Het gebied heeft een afwisselend en groen karakter met een goede balans tussen ruimte en massa. Er is een aantal bepalende doorzichten aanwezig, die het gebied visueel verknopen met de omgeving, zoals de historische es.

2.3

Plangebied Heeswijkse Akkers

Het plangebied Heeswijkse Akkers wordt aan de zuidzijde begrensd door de woonbebouwing langs de Hoofdstraat en Gouverneursweg en aan de noordzijde door de Veldstraat. Langs deze laatste is sprake van een open bebouwingsstructuur, waarbinnen enkele woningen en kleinschalige bedrijfsopstallen gelegen zijn. Aan westelijke zijde wordt het plangebied begrensd door een tweetal recent ontwikkelde woonkavels, die samen een duidelijke functionele begrenzing in het landschap vormen. Aan de oostelijke zijde wordt het plangebied begrensd door het bestaand woongebied van Heeswijk-Dinther, meer precies de bebouwing aan weerszijden van de Doctor Boutkanstraat. Het plangebied laat zich in de huidige situatie karakteriseren als een kernrandzone, gekenmerkt door een rafelige mix van functies zoals wonen, agrarische en andere bedrijvigheid. Globaal komen in het plangebied de onderstaande functies voor:

Functies binnen het plangebied (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

13

1. 2. 3. 4. 5. 6.

(Paarden)wei; Bedrijfsbebouwing Veldstraat 25; Achter- en zijtuinen Hoofdstraat 116. hoofdstraat 118 en Hoofdstraat 120; Maisakker; Achtertuinen Veldstraat 21 en Veldstraat 23; Braakliggend terrein.

Plangebied, gezien vanaf de Veldstraat (bron: google StreetView)

14

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Hoofdstuk 3 3.1

Beschrijving planvoornemen

Planbeschrijving

Bij een stedelijke invulling van het plangebied wordt bij de stedenbouwkundige en landschappelijke inrichting rekening gehouden met de aanwezige ruimtelijke kwaliteiten en structuren, zowel die in het plangebied zelf als in de omgeving. In navolgende paragrafen worden deze beschreven, waarbij wordt toegelicht hoe het planvoornemen hierbij aansluit. Vertrekpunt bij de planbeschrijving is een korte beschrijving van het plangebied, in de context van de westelijke kernrandzone rond Heeswijk-Dinther. Dit is beschreven in paragraaf 3.2. Van daaruit wordt meer in detail ingezoomd op het plangebied, beschreven in paragraaf 3.3. Vanuit deze context wordt in paragraaf 3.4 de vertaalslag gemaakt naar de ontwikkelde stedenbouwkundige opzet, zoals die voor het plan is ontwikkeld. Aanvullend wordt daarbij nader ingegaan op de aspecten ontsluiting (3.5) en groen en water (3.6).

3.2

Het plangebied binnen de kernrandzone Heeswijk-Dinther

Kernranden, zo ook rond Heeswijk-Dinther, vormen het snijvlak tussen woonkern en buitengebied en herbergen dikwijls een mix aan functies, zoals woningen, (agrarische) bedrijven, sportvelden, begraafplaatsen en volkstuinen. De provincie Noord-Brabant beschrijft de 'kernrandzone' als het overgangsgebied gelegen langs het bestaand stedelijk gebied en binnen het agrarisch gebied met daarin relatief veel bebouwing op korte afstand van elkaar en met een ondergeschikte of afnemende agrarische functie (bron: toelichting Verordening ruimte Noord-Brabant).

(Historische) context - ontwikkeling Heeswijk-Dinther Heeswijk en Dinther zijn ontstaan op de oeverwal die tussen de beekdalen van de Aa en Leijgraaf is gelegen. Op de brede dekzandrug zijn twee kernen ontstaan te midden van een complex van akkers en weilanden, waar een kleinschalig kampenlandschap is ontstaan. Door uitbreiding van de bebouwing op aangrenzende akkers zijn de kernen Heeswijk en Dinther aan elkaar gegroeid. De ruimtelijke structuur wordt bepaald door de aaneengesloten lintbebouwing van de voormalige kernen, parallel aan het dal van de Aa. Na de samenvoeging is tussen Heeswijk en Dinther, rondom Plein 1969, een nieuw dorpscentrum met winkels en voorzieningen gerealiseerd. De centrale ruimtes van de vroegere dorpen (met karakteristieke open ruimtes en monumentale bomen) zijn, net als de historische lintstructuur, nog herkenbaar aanwezig. Uitbreidingen van de kern liggen met name aan de noordzijde van de oorspronkelijke lintbebouwing. Aan de oostzijde van de kern ligt een klein bedrijventerrein, dat qua maat en schaal goed bij de kern past. Heeswijk-Dinther heeft aan de noordzijde van de kern, richting de Leijgraaf, een kleinschalige, rafelige dorpsrand met waterlopen, bomenrijen en bosjes. Aan de zuidzijde, richting de Aa, is sprake van een meer transparante overgang tussen het dorp en het beekdal.

De laanbeplanting langs de Hoofdstraat is op enkele plaatsen onderbroken. Enkele oude wegen verbinden, met veelal restanten van laanbeplanting, de historische centra met het buitengebied. In Heeswijk vormt de Abdij van Berne met bijbehorende lanen een karakteristiek element in de groenstructuur. De monumentale beplanting rond de abdij staat niet in relatie met de groenstructuur van Dinther en langs de Hoofdstraat. De dorpsranden zijn over het algemeen zacht te noemen, met uitzondering van de harde rand langs de uitbreiding aan de noordzijde van de kern. (bron: Structuurvisie)

Uitgangspunten voor toekomstige ontwikkeling In de Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze (13 september 2021) zijn de volgende uitgangspunten

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

15

benoemd voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van Heeswijk-Dinther: Het dorp uitbreiden langs de oude linten (in westelijke richting) of richting het noorden met behoud van eigenheid van de historische bebouwingslinten; De dorpsrand aan het beekdal van de Aa versterken door verwijderen van bebouwing en/ of het toepassen van een groene inpassing. Hier tevens inzetten op een contrastrijke overgang van dorp naar beekdal; De structuur van groene lobben die het dorp ingaan is waardevol en dient behouden te blijven. Dit in verband met de sterke verwevenheid dorp en landschap en hoge woonkwaliteit: i. lob entree west: het historische landschap met de es en de agrarische linten vormt een waardevolle kernrand. Inzetten op duurzame agrarische functies en cultuurgronden op de historische es; ii. lob Pater v.d. Elsenstraat: de groene parkachtige zone bij de Abdij van Berne versterken als schakel tussen dorp en landschap. Inzetten op recreatieve functies en landschappelijke versterking i.r.t. de abdij, het beekdal en de Heeswijkse Bossen (via Meerstraat); iii. lob Dintherse Broek: de groene lob tussen Heeswijk en Dinther met sportcomplex is waardevol als buffer tussen de twee oorspronkelijke dorpen. Inzetten op kleinschalig dorpslandschap ('de tuin tussen Heeswijk en Dinther') met gebruiksfuncties passend in het kleinschalig landschap (sport, moestuinen, ontmoeting).

Het beekdal van de Leijgraaf versterken door passende landschapsinrichting, zoeken naar ruimte voor natuurontwikkeling en waterberging en het inpassen van storende (agrarische) bebouwing. De harde storende dorpsrand bij het bedrijventerrein aan de oostzijde verbeteren.

Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Bernheze - visiekaart Heeswijk Dinther

Analyse westelijke kernrandzone De westelijke kernrandzone van Heeswijk-Dinther heeft een afwisselend en groen karakter met een goede

16

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

balans tussen ruimte en massa. Er is een aantal bepalende doorzichten aanwezig die het gebied visueel verknopen met de omgeving, zoals de historische es. Het historische lint van Heeswijk (Gouverneursweg) volgt westwaarts richting Middelrode de dekzandrug langs de Aa. Ook de agrarische linten Veldstraat en Fokkershoek-Kameren volgen de glooiingen parallel aan de dekzandrug. Deze landschappelijke eenheid ligt ingeklemd tussen de beekdalen van de Aa in het zuiden en de Leijgraaf in het noorden. Dit gebied is een waardevol en kleinschalig cultuurhistorisch landschap met nog zichtbare authentieke (agrarische) elementen zoals akkers, reliëf en verkavelingsstructuren. Het gebied tussen de linten Veldstraat en Fokkershoek-Kameren betreft een oude langgerekte es die nog intact is (groene lob I). Dit is een waardevol element. De linten Gouverneursweg en Fokkershoek-Kameren worden deels begeleid door een dubbele bomenrij, maar deze stoppen in de kernrandzone. Langs het lint Veldstraat ontbreekt een structurerende laanbeplanting. Het gebied wordt gekenmerkt door een veelheid aan functies variërend van gerenoveerde woonboerderijen tot kleinschalige bedrijvigheid. Tevens zijn er enkele grondgebonden agrarische bedrijven. Het gebied heeft een afwisselend en groen karakter met een goede balans tussen ruimte en massa.

Er is een aantal bepalende doorzichten aanwezig die het gebied visueel verknopen met de omgeving, zoals de historische es. Het verder verdichten van deze linten is niet wenselijk. Waar de landschappelijke inpassing rondom de voormalige hoeves sterk is, met grote, groene tuinen, is deze rondom agrarische bedrijven matig en kaal. Een grootschaligere uitbreiding van de dorpsrand van Heeswijk kan in deze zone gevonden worden met de Herpersteeg als absolute grens. Dit heeft geleid tot de aanduiding van de plangebieden Heeswijkse Akkers en Kamersche Hoef, aangeduid op onderstaand kaartbeeld.

Ligging plangebieden Heeswijkse Akkers en Kamersche Hoef

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

17

3.3

Ruimtelijke structuur plangebied

Het grondgebied van de gemeente Bernheze heeft een goeddeels agrarisch karakter. De kernen zijn door de jaren heen relatief klein gebleven, waardoor ook in de kernen het contact met het buitengebied nog vaak goed te ervaren is. Heeswijk-Dinther is ontstaan op de oeverwal die tussen het beekdal van de Aa en de Leijgraaf is gelegen. Hier ontstond een kleinschalig kampenlandschap. In dit landschap, temidden van akkers- en weidecomplexen, ontstonden Heeswijk en Dinther als afzonderlijke kernen, die (vooral) sinds de jaren '60 en '70 aaneengegroeid zijn tot één bebouwingskern. De ruimtelijke structuur wordt bepaald door de aaneengesloten lintbebouwing van en tussen de voormalige kernen, evenwijdig met het dal van de Aa. Heeswijk-Dinther grenst aan de noordzijde van de kern, richting de Leijgraaf, aan een kleinschalig landschap met verspreide agrarische bebouwing, bomenrijen en houtwallen. Aan de zuidzijde, richting de Aa, is sprake van een scherpere overgang tussen het dorp en het beekdal van de Aa. Dit gebied is vrijwel onbebouwd en heeft een duidelijk open karakter.

Beekdal van de Aa, gezien vanaf de Baron van den Bogaerdelaan (bron: Google StreetView)

Ter plaatse van het plangebied is de structuur van het resterend agrarisch gebied sterk versnipperd. De resterende akkers en weilanden binnen het gebied maken geen deel uit van een groter, samenhangend agrarisch complex. Deze versnipperde structuur beperkt de huidige en potentiële landschappelijke en ecologische waarden. De woonbebouwing langs de Hoofdstraat en Veldstraat kent een grote variatie, waarbij historische (agrarische) bebouwing afwisselt met bebouwing van jongere leeftijd. Het is een gemeleerd bebouwingsbeeld, waarbij een sterke variatie aanwezig is in rooilijn, beukmaat, goot- en nokhoogte en dakorientatie. De ruimtelijke eenheid wordt evenwel gedragen door het ritme van vrijwel uitsluitend vrijstaande bebouwing. Een robuuste, doorgaande groenstructuur ontbreekt, al is er her en der sprake van fragmenten van laanbeplanting.

18

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Bebouwingsbeeld Hoofdstraat (bron: Google StreetView)

Aan de Veldstraat bepaalt de afwisseling tussen bebouwde percelen en aanliggende agrarische gronden het ruimtelijk beeld. Net als het geval is aan de Hoofdstraat, is ook hier sprake van een grote variatie in het bebouwingsbeeld. Een duidelijke dragende groenstructuur ontbreekt geheel; aanwezige erfbeplanting bepaalt het straatbeeld. De afwezigheid van laanbeplanting of andere opgaande groenstructuren, leidt tot een open landschapsbeeld in noordelijke richting.

Het plangebied tussen de beide bebouwingslinten heeft een indifferente en gefragmenteerde ruimtelijke structuur. Dit wordt veroorzaakt door een grillig verlopende grens tussen bebouwde percelen met verschillende diepten enerzijds, en open restanten van het agrarisch landschap daartussen. Er is geen sprake van een heldere stedenbouwkundige structuur en het gebied heeft een stedelijke noch duidelijk landelijke identiteit. Door benutting van het plangebied als woningbouwlocatie, wordt het onderdeel van de bebouwingskern van Heeswijk-Dinther. Dit sluit aan bij de historische ontwikkeling van deze kern, waarbij resterende en gefragmenteerde agrarische enclaves tussen bebouwingslinten zijn ingevuld. De verkaveling respecteert aan noord- en zuidzijde de Veldstraat en Hoofdstraat als duidelijke grens tussen verstedelijkt en open gebied. In westelijke richting vertoont het gebied tussen de Veldstraat en de Gouverneursweg op hoofdlijn dezelfde

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

19

ruimtelijke structuur als het plangebied; in zoverre is er in westelijke richting geen sprake van een nadrukkelijke 'stedenbouwkundige afronding', maar veeleer van een versterking van de westelijke komgrens. Die komt de facto te liggen bij de westelijke perceelsgrenzen van Gouverneursweg 2 en Veldstraat 29.

3.4

Stedenbouwkundig plan

Voor het plangebied is een stedenbouwkundige verkaveling ontwikkeld, die voorziet in de realisatie van 72 grondgebonden woningen met bijbehorende openbare ruimten voor verkeer, groen en water.

Stedenbouwkundige verkaveling Heeswijkse Akkers

Het verkavelingsplan biedt ruimte aan 36 rijwoningen, 12 twee onder een kap woningen, 5 vrijstaande woningen, en 7 patiowoningen, alle in het koopsegment. Daarnaast worden er 12 rijwoningen in het huursegment gerealiseerd. Een aantal kavels zijn in particulier bezit. De overige vrijstaande woningen zullen als bouwkavels worden uitgegeven. De overige woningen zullen waarschijnlijk in clusters worden aangeboden door ontwikkelaars. In het plan zijn ook een aantal kavels op particulier grondbezit gesitueerd, deze eigenaren kunnen gebruik maken van zelfrealisatie conform een te sluiten anterieure overeenkomst danwel via het exploitatieplan. Het bedrijfsgebouw aan de Veldstraat 25 zal ten behoeve van het plan worden gesloopt. De bestaande (bedrijfs)woningen die aan het plangebied grenzen, blijven alle behouden. In enkele gevallen worden delen van tuinen of bedrijfspercelen aan het plangebied toegekend. Dit is onder meer het geval ter plaatse van de zijtuin van Hoofdstraat 120, waar de zuidelijke ontsluiting van het plangebied op de Hoofdstraat is geprojecteerd.

20

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

De verkaveling voorziet in een structuur, die zich in de basis voegt naar de bestaande bebouwing langs de Veldstraat en de Hoofdstraat. Daarbij wordt aan de noordzijde het halfopen bebouwingslint aan de Veldstraat verder ingevuld met vrijstaande en twee onder een kap woningen. De kavelgrootte en het bebouwingsritme sluit aan bij de reeds aanwezige bebouwing langs de Veldstraat. Centraal in het plangebied is voorzien in twee openbaar groenconcentraties, die groene hofjes vormen waarop een groot deel van de woningen is geörienteerd. Aan de zuidzijde van deze hofjes volgt de verkaveling een patroon, dat zich ruggelings voegt naar de woonpercelen langs respectievelijk de Hoofdstraat en de Doctor Boutkanstraat.

3.5

Beeldkwaliteitplan

Ten behoeve van de nadere sturing op de ruimtelijke verschijningsvorm van woningen binnen het plangebied, is een beeldkwaliteitplan opgesteld. Dit beeldkwaliteitplan onderscheidt twee deelgebieden, waarvoor onderling onderscheidende welstandscriteria zijn geformuleerd. Het beeldkwaliteitplan maakt deel uit van de juridische regeling zoals in dit bestemmingsplan opgenomen. Het beeldkwaliteitplan is integraal aan de regels toegevoegd als Bijlage 2.

3.6

Verkeersafwikkeling

De ontwikkeling van de nieuwe woonbuurten Heeswijkse Akkers en Kamersche Hoef heeft effecten op de hoeveelheid verkeer die over het wegennet wordt afgewikkeld. Om inzicht te krijgen in de verkeerskundige impact en mogelijk noodzakelijke maatregelen om een goede verkeersafwikkeling te garanderen, is een onderzoek verricht naar de verwachte verkeersgeneratie. De resultaten van dit onderzoek zijn opgenomen als Bijlage 1 bij deze toelichting. Ten behoeve van het onderzoek is gebruik gemaakt van het verkeersmodel BBMA. Om te bepalen of de verwachte verkeersintensiteiten (motorvoertuigen per etmaal) toelaatbaar geacht mogen worden, is gebruik gemaakt van een toetsingskader. Dit toetsingskader biedt voor de afzonderlijk beoordeelde wegen de etmaalintensiteiten die bij de functie en inrichting van de betreffende weg passen. Dit is weergegeven in onderstaande tabel en kaartbeeld:

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

21

In onderstaande tabel is voor de onderzochte wegen weergegeven wat de etmaalintensiteit in de huidige situatie is (Referentiesituatie) en wat de verwachte intensiteit zal zijn na realisatie van beide woonbuurten:

22

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

De grootste intensiteitstoenamen concentreren zich op de Veldstraat, de Abdijstraat en de Baron van Bogaerdelaan. In het toetsingskader is opgenomen dat er als gevolg van de woningbouw geen verkeerstoename mag plaatsvinden op de Veldstraat, Dr. Boutkanstraat en Abdijstraat. Op basis van de verwachte intensiteiten in de basissituatie, kan gesteld worden dat het niet wenselijk is de woonwijken te realiseren zonder dat aanvullende maatregelen genomen worden op het wegennet. Ten aanzien van mogelijke maatregelen zijn vier varianten onderzocht: 1. 2. 3. 4.

Afsluiten Veldstraat tussen Dr. Boutkanstraat en Herpersteeg, tussen de twee nieuwe aansluitingen van Kamersche Hoef; Toevoegen nieuwe erftoegangsweg (30 km/h) Heeswijkse Akker, deze weg sluit aan op de Hoofdstraat en Veldstraat; Afsluiten Veldstraat tussen Dr. Boutkanstraat en Herpersteeg, tussen de twee nieuwe aansluitingen van Kamersche Hoef, en toevoegen nieuwe erftoegangsweg door Heeswijkse Akkers; Afsluiten Veldstraat tussen nieuwe erftoegangsweg Kamersche Hoef en Dr. Boutkanstraat en toevoegen nieuwe erftoegangsweg door Heeswijkse Akkers.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

23

Voor de afzonderlijke vier varianten is onderzocht welke effecten ze naar verwachting hebben op de verkeersafwikkeling, waarbij het toetsingskader is gehanteerd om tot een onderling vergelijkbare afweging te komen. De samenvattende resultaten van deze toetsing zijn schematisch als volgt weergegeven:

24

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Geadviseerd wordt om variant 4 te realiseren: een knip op de Veldstraat tussen de wijk Kamersche Hoef en de Dr. Boutkanstraat inclusief de aanleg van een verbindingsweg door de wijk Heeswijkse Akkers, die zowel aansluit op de Veldstraat als de Hoofdstraat. Hiermee wordt het verkeer verdeeld over de Lariestraat en Hoofdstraat, beide beschikken over voldoende capaciteit om deze toename op te vangen. Verder heeft het realiseren van de verbindingsweg door Heeswijkse Akkers een positief effect op de bereikbaarheid van de wijk, zowel voor bewoners als voor hulpdiensten. Daarnaast is er geen toename, maar zelfs een afname van intensiteiten waarneembaar op de Veldstraat en blijven de intensiteiten op de Abdijstraat na realisatie van de woningbouw bij variant 4 nagenoeg gelijk. Verkeerskundige opzet Heeswijkse Akkers Met de stedenbouwkundige opzet zoals deze voor het plan Heeswijkse Akkers is ontwikkeld, wordt invulling gegeven aan de verkeerskundige structuur zoals deze in variant 4 is geschetst. Het plangebied wordt ontsloten middels een interne ontsluiting die op drie punten aansluit op de bestaande, omliggende wegenstructuur. Aan de zuidzijde, westelijk van de woning aan de Hoofdstraat 120, wordt het plan ontsloten via de Hoofdstraat-Gouverneursweg.

Met de aanleg van de N279 heeft deze haar oorspronkelijke functie als bovenlokale verbindingsweg verloren en is het een lokale ontsluitingsweg geworden tussen Heeswijk-Dinther en Middelrode. De weg voorziet in een dubbele rijbaan met gescheiden fietspad.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

25

De Hoofdstraat-Gouverneursweg, de beoogde zuidelijke ontsluiting van het plangebied

Aan de noordzijde wordt het plan ontsloten via de Veldstraat en aan de oostzijde via een langzaam verkeersverbinding op de Doctor Boutkanstraat.

De verkeersruimten in het plangebied zullen worden gedimensioneerd en ontworpen conform de uitgangspunten voor 30-km gebied. Daarbij zal worden aangesloten bij de standaarden en inrichtingsprincipes die de gemeente Bernheze hieromtrent hanteert.

26

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

3.7

Groen en water

De verkaveling voorziet in een doorgaande openbaar groenstructuur, die de interne wegenstructuur door het gebied heen begeleidt. Centraal in het plangebied zijn twee concentraties voorzien in de vorm van groene hofjes. Het merendeel van de woningen in het plan is op één van deze hofjes georiënteerd, waarmee deze een belangrijke rol spelen in de beleving van het gebied. Bij de nadere inrichting van de groenstructuur kan worden aangesloten bij de karakteristiek van het landschap, zoals dit oorspronkelijk aanwezig was. Hierover meer in paragraaf 5.10 en bijlagen 12 en 13 bij deze toelichting. Daarbij kan worden verwezen naar oorspronkelijk aanwezige elementen in het landschap en toepassing worden gegeven aan beplanting die daarbij aansluit. Daarbij kan worden gedacht aan de toepassing van meidoornhagen en ruige of bloemrijke graslanden. Bij inrichting en plantsoenkeuze verdient het aanbeveling om maximale ecologische meerwaarde te creëren en duurzaam beheer mogelijk te maken. In de achtertuin van Hoofdstraat 120 staat een monumentale boom. Deze staat buiten het plangebied en blijft gehandhaafd op particulier terrein. Het betreft geen gemeentelijke boom. Verder staan binnen de directe invloedssfeer van de ontwikkeling geen (gemeentelijke) monumentale bomen of structuren.

De openbaar groenvoorziening speelt een sleutelrol bij het bereiken van een klimaatadaptieve inrichting van het plangebied. Dit betekent niet alleen dat met het reduceren van het verhard oppervlak en de plaatsing van bomen het ontstaan van hittestress zoveel als mogelijk wordt voorkomen, maar ook dat het openbaar groen bijdraagt aan het bereiken van een toekomstbestendige waterhuishouding in het plangebied. Daarbij kan worden gedacht aan het vasthouden en zonodig bergen van hemelwater, door het in onderling verband vormgeven van 'het grijs en het groen'. Hierover meer in paragraaf 5.11 (waterparagraaf).

3.8

Kwaliteitsverbetering landschap

Op grond van artikel 3.9 van de Interim Omgevingsverordening van de Provincie Noord-Brabant is het volgende van toepassing: Een bestemmingsplan dat een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt in Landelijk Gebied bepaalt dat die ruimtelijke ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving. Het bestemmingsplan motiveert dat de verbetering past binnen de gewenste ontwikkeling van het gebied én op welke wijze de uitvoering is geborgd door dat: dit financieel, juridisch en feitelijk is geborgd in het plan; of de afspraken uit het regionaal overleg, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken, worden nagekomen. Een verbetering van de landschappelijke kwaliteit kan mede de volgende aspecten omvatten: de op grond van deze verordening verplichte landschappelijke inpassing; het toevoegen, versterken of herstellen van landschapselementen die een bijdrage leveren aan de versterking van de landschapsstructuur of de relatie stad-land; het behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing of terreinen; het wegnemen van verharding; het slopen van bebouwing; de realisering van het Natuur Netwerk Brabant en ecologische verbindingszones; het aanleggen van extensieve recreatieve mogelijkheden.

Ingeval er toepassing wordt gegeven aan het tweede lid onder b geldt dat een passende financiële bijdrage in een landschapsfonds is verzekerd én over de besteding van dat fonds periodiek verslag wordt gedaan in het

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

27

regionaal overleg, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken.

Binnen dit plan wordt circa 15% groen gerealiseerd. Dit groen maakt onderdeel uit van het stedenbouwkundig plan. Er is hier geen sprake van invulling van de kwaliteitsverbetering in natura. De uitgeefbare gronden gelegen in het gearceerde deel in de afbeelding hieronder, hebben een gezamenlijke oppervlakte 11.058 m2. Hier zal een financiële bijdrage ter hoogte van een percentage van 1% berekend over de gemiddelde taxatiewaarde € 376,90 per m² uitgeefbare grond in het Exploitatiegebied, ofwel in totaal € 41.679,22, zijnde 1% van € 4.167.921,90,- (€ 376,90 x 11.058 m²).worden gestort in het fonds voor landschappelijke kwaliteitsverbetering.

28

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Hoofdstuk 4 4.1

Beleidskader

Rijksbeleid

4.1.1 Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is op 11 september 2020 vastgesteld en vervangt daarmee de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte als richtinggevend beleidskader voor het landelijk omgevingsbeleid. De NOVI is door het Rijk opgesteld in het kader van de Omgevingswet, die naar verwachting medio 2022 in werking zal treden. Aan de hand van een toekomstperspectief is hierin de langetermijnsvisie voor de ontwikkeling van onze leefomgeving in beeld gebracht. Op nationale belangen wil het Rijk (net als in het voorgaand beleid, vastgelegd in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte) richting geven. Hiertoe worden de volgende vier prioriteiten onderscheiden: 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor klimaatadaptatie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkelingen van het landelijk gebied.

Om invulling te kunnen geven aan deze vier prioriteiten hanteert het Rijk de volgende drie afwegingsprincipes: Combinaties van functies gaat voor enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen. De ontwikkeling van het plan Heeswijkse Akkers staat ten dienste aan een toekomstbestendige woningvoorraad in Heeswijk-Dinther. Daarmee draagt de ontwikkeling bij aan het demografisch en economisch groeipotentieel van de gemeente Bernheze en de regio waarin deze ligt. Het bouwplan wordt op zorgvuldige wijze landschappelijk ingepast en de woningen worden op duurzame wijze gebouwd, zowel waar het materiaalgebruik, isolatiewaarde en energiehuishouding betreft. Gelet op het bovenstaande is er sprake van een ontwikkeling die recht doet aan de prioriteiten en afwegingsprincipes zoals in de NOVI beschreven. 4.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd en vastgelegd als procesvereiste in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het Bro bepaalt dat voor ondermeer bestemmingsplannen de treden van de ladder moeten worden doorlopen. De ladder voor duurzame verstedelijking is kaderstellend voor alle juridisch bindende ruimtelijke plannen van de decentrale overheden.

Hieronder vallen het bestemmingsplan, het inpassingsplan en de provinciale verordening die een locatie voor stedelijke ontwikkeling aanwijst. Een bestemmingsplan heeft een looptijd van 10 jaar en moet voor die periode gebaseerd zijn op reële inschattingen van de ontwikkelingen binnen de ruimtevraag. Daarmee is er een directe relatie met de wettelijke eisen die artikel 3.1.6. van het Bro stelt aan bestemmingsplannen. Artikel 3.1.6. lid 2 van het Bro luidt: De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, voldoet aan de volgende voorwaarden:

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

29

Trede 1: er wordt beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een actuele regionale behoefte; Trede 2: indien uit de beschrijving, bedoeld in trede 1, blijkt dat sprake is van een actuele regionale behoefte, wordt beschreven in hoeverre in die behoefte binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan worden voorzien door benutting van beschikbare gronden door herstructurering, transformatie of anderszins, en; Trede 3: indien uit de beschrijving, bedoeld in onderdeel b, blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied van de betreffende regio kan plaatsvinden, wordt beschreven in hoeverre wordt voorzien in die behoefte op locaties die, gebruikmakend van verschillende middelen van vervoer, passend ontsloten zijn of als zodanig worden ontwikkeld. Laddertoets planvoornemen

Trede 1: Voorziet de behoefte in een actuele regionale behoefte? Ja, het woningbouwplan past in de woonvisie. In de periode tot 2030 is er in de gemeente Bernheze behoefte aan 1625 woningen. Voor Heeswijk-Dinther wordt de actuele resterende bouwopgave geraamd op 176 woningen. In het plan Heeswijkse Akkers worden 72 woningen gerealiseerd, waarvan 27% in het goedkope segment en 36% in het middeldure segment. Daarbij wordt nadrukkelijk aansluiting gezocht bij de behoefte aan woningen in het middeldure segment, voor jonge gezinnen en terugkeerders uit andere gemeenten. Het college van burgemeester en wethouders heeft als aanvullend kader gesteld dat nieuwbouwplannen voor 80% moeten bijdragen aan het oplossen van de kwalitatieve woningbouwopgave. Het programma van Heeswijkse Akkers draagt voor 84% bij aan het invullen van de kwalitatieve bouwopgave en past in de totale kwantitatieve opgaaf.

Trede 2: Is de behoefte op te vangen in bestaand stedelijk gebied? De afgelopen jaren is volop ingezet op het benutten van de beschikbare inbreidingslocaties en is aanvullend één uitbreidingslocatie gerealiseerd. Op dit moment is er nog een planvoorraad van circa. 30 woningen in ontwikkeling. Er loopt hernieuwd onderzoek naar de beschikbaarheid van verdere inbreidingslocaties, maar die zijn op korte termijn niet beschikbaar. Om de kwantitatieve en kwalitatieve bouwopgave in te vullen, is het verder benutten van uitbreidingslocaties noodzakelijk.

Trede 3: Is de locatie multimodaal ontsloten? Ja, de locatie ligt niet ver van de centrumvoorzieningen in Heeswijk-Dinther, waarmee wandelen en fietsen voor lokale verplaatsingen een volwaardig alternatief vormen. Daarnaast is het plangebied met openbaar vervoer (buslijn 158 Den Bosch-Veghel v.v.) goed te bereiken. De dichtstbijzijnde bushalte ligt gemiddeld op ca. 150 meter loopafstand, aan de Hoofdstraat.

Conclusie toetsing aan 'Ladder voor duurzaame verstedelijking': Het uitbreidingsplan Heeswijkse Akkers voldoet aan de uitgangspunten voor duurzame verstedelijking, zoals te motiveren middels de laddertoets.

30

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

4.1.3 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), beter bekend als de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) Ruimte, zijn de 13 nationale belangen conform de SVIR opgenomen die juridische borging vereisen. Het Barro is gericht op doorwerking van de nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Het Barro is op 30 december 2011 deels in werking getreden en met enkele onderwerpen aangevuld per 1 oktober 2012. De realisatie van het plan Heeswijkse Akkers is niet van invloed op een of meerdere van de in het Barro benoemde en gereguleerde nationale belangen. Daarmee hoeven ze niet nader afgewogen of getoetst te worden. Het Barro vormt als zodanig geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van onderhavig plan. 4.1.4 Structuurvisie Buisleidingen 2011-2035 Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft op 12 oktober 2012 de Structuurvisie Buisleidingen vastgesteld. Tussen Heeswijk-Dinther en Berlicum is een strook opgenomen ten behoeve van het tracé van de buisleiding door Noord-Brabant en Limburg. Deze strook is bedoeld voor één of twee aardgastransportleidingen en eventueel CO2-transport als de noodzaak hiervoor zich mocht aandienen. De strookbreedte is beperkt tot 45 meter. De geprojecteerde leidingstrook is op meer dan 2 kilometer van het plangebied gelegen en levert derhalve geen beperkingen op voor het plan.

Uit de navolgende afbeelding blijkt de grote afstand van het plangebied tot aan het geplande tracé van de buisleidingenstrook.

Projectie buisleidingenstrook, plangebied globaal aangeduid met blauwe contour (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

31

4.2

Provinciaal beleid

4.2.1 Provinciale Structuurvisie Ruimtelijke Ordening Op 7 februari 2014 hebben Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant de Structuurvisie RO 2010 – partiële herziening 2014 vastgesteld, die op 19 maart 2014 in werking is getreden. De ruimtelijke visie van de provincie bestaat op hoofdlijnen uit een robuust en veerkrachtig natuur- en watersysteem, met aandacht voor hoogwaterbescherming, droogteproblematiek en biodiversiteit. Een multifunctioneel landelijk gebied, waar de functies landbouw, recreatie en natuur in relatie tot elkaar ruimte krijgen. Met aandacht voor cultuurhistorische waarden en de leefbaarheid van kleine kernen. En tevens een gevarieerd en aantrekkelijk stedelijk gebied, met sterke steden, groene geledingszones en uitloopgebieden (intensieve recreatie, stadslandbouw). Dit alles met aandacht voor sterke regionale economische clusters, (inter) nationale bereikbaarheid, knooppuntontwikkeling (zowel in de centra als aan de randen van de steden). In de structuurvisie zijn de kwaliteiten met een provinciaal belang aangegeven en op basis hiervan zijn keuzes gemaakt voor het provinciale beleid. De belangrijkste keuzes zijn geordend in vier ruimtelijke structuren. Dit zijn de 'groenblauwe structuur', 'de agrarische structuur', 'de stedelijke structuur' en ten slotte 'de infrastructuur'.

Deze zoneringen zijn bepalend voor de ontwikkelingsmogelijkheden van de diverse functies in het buitengebied zoals landbouw, wonen, natuur, recreatie en infrastructuur voor zover deze het provinciaal belang aangaan. De zonering is het resultaat van een afweging op hoofdlijnen van de aanwezige kwaliteiten en belangen. Voor de planlocatie zijn zowel de aanduidingen op de visiekaart als de structurenkaart van de structuurvisie relevant. Beschouwing Op de visiekaart is de planlocatie gelegen binnen het mozaïeklandschap en is het gebied aangeduid als economisch kerncluster. De structuurvisie stelt dat het mozaïeklandschap van het Brabantse land versterkt moet worden door menging van functies die de afwisseling en kleinschaligheid versterken. De stad (rood) staat niet tegenover het land (groen), maar ontwikkelen zich in balans met elkaar, het zogenaamde "stadteland". Zoekgebied verstedelijking Het plangebied is nagenoeg geheel gelegen in het Zoekgebied voor verstedelijking, zoals aangeduid op de structurenkaart. De aanduiding 'zoekgebied verstedelijking' geeft aan dat transformatie van buitengebied naar stedelijk gebied (wonen, werken, voorzieningen, stedelijk groen) afweegbaar is, als dat nodig is om in de stedelijke ruimtebehoefte te voorzien.

De keuze voor de zoekgebieden voor verstedelijking is tot stand gekomen na een integrale afweging vanuit de gebiedskwaliteiten (hanteren lagenbenadering) in overleg met gemeenten en waterschappen.

32

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Structurenkaart Structuurvisie Noord Brabant, plangebied aangeduid met blauwe contour (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Voor de kernen in het landelijk gebied zijn de zoekgebieden met name bedoeld voor het opvangen van de lokale stedelijke behoefte (wonen, werken en voorzieningen). De provincie vraagt gemeenten om in regionaal verband afspraken te maken over de verdeling van het programma voor wonen en werken. De kernen in het landelijk gebied, met de bijbehorende zoekgebieden voor verstedelijking, kunnen worden ingezet voor de opvang van de lokale verstedelijkingsbehoefte (wonen, werken, voorzieningen). Later in dit hoofdstuk, in het regionaal- en gemeentelijk beleid, wordt ingegaan op de lokale verstedelijkingsbehoefte. In de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening staat vermeld dat de provincie onder andere streeft naar een concentratie van verstedelijking, zorgvuldig ruimtegebruik en meer aandacht voor een betere verknoping van stedelijke ontwikkeling met de infrastructuur. Er wordt invulling gegeven aan de uitgangspunten 'concentratie van verstedelijking' en 'zorgvuldig ruimtegebruik'. De nieuwe woningen worden geconcentreerd aan de rand van de bebouwde kom, waarbij versnipperde open ruimten tussen reeds aanwezige lintbebouwing wordt getransformeerd naar woongebied. Het planvoornemen voorziet in de bouw van 72 woningen. Hiermee wordt invulling gegeven aan de bovenlokale opvangtaak van verstedelijking.

Daarmee past het planvoornemen binnen het provinciale beleid, zoals verwoord in de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening.

Conclusie Geconcludeerd kan worden dat het woningbouwplan past binnen de uitgangspunten van de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

33

4.2.2 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant De omgevingsverordening (geconsolideerd kaart 1 oktober 2021, regels 16 november 2021) bevat, daar waar het provinciaal beleid rechtstreekse doorwerking behoeft, regels waaraan overheden en initiatiefnemers zich moeten houden. Het plangebied is in het kader van de omgevingsverordening gelegen binnen een zone waar verstedelijking afweegbaar is. Voorts ligt het plangebied in de attentiezone waterhuishouding. Ten aanzien van deze beide gebiedsclassificaties stelt de Interim omgevingsverordening het volgende:

Verstedelijking afweegbaar Een bestemmingsplan kan, ter plaatse van Verstedelijking afweegbaar, voorzien in de nieuwvestiging van een duurzame stedelijke ontwikkeling als: a. b. c. d.

binnen Stedelijk Gebied feitelijk of vanuit kwalitatieve overwegingen onvoldoende ruimte beschikbaar is; transformatie van cultuurhistorisch waardevol of geschikt leegstaand vastgoed niet tot de mogelijkheden behoort; de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken; de stedenbouwkundige- en landschappelijke inrichting rekening houdt met de omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en de naaste omgeving waaronder een duurzame afronding van het Stedelijk Gebied.

Verkeersdoeleinden Voorts geldt, dat indien een bestemmingsplan de aanleg van wegen mogelijk maakt, in dit plan onderbouwd dient te worden: a. b. c.

d.

waarom de aanleg van de weg nodig is gelet op het verkeerskundige probleem of de ontwikkelingen die plaatsvinden; van de keuze van het tracé gelet op de verrichte onderzoeken; van de maatregelen voor de inpassing van de weg waarbij de ontwikkeling in samenhang wordt bezien met zijn omgeving om een grotere kwaliteitswinst voor meerdere ruimtelijke functies, waaronder natuur en landschap, te bereiken; van de noodzaak voor een aan de weg gerelateerde voorziening.

Attentiezone waterhuishouding Lid 1. Een bestemmingsplan van toepassing op Attentiezone waterhuishouding strekt tot bescherming van de waterhuishouding en sluit functies en activiteiten uit die een negatief effect hebben op de hydrologische instandhoudingsdoelen van het hierbinnen gelegen Natuur Netwerk Brabant.

Lid 2. Een bestemmingsplan als bedoeld in het eerste lid stelt in ieder geval regels over: a. b. c. d.

34

het verzetten van grond van meer dan 100 m³ of op een diepte van meer dan 60 centimeter beneden maaiveld, voor zover geen vergunning is vereist op grond van de Ontgrondingenwet; de aanleg van drainage ongeacht de diepte, tenzij het gaat om vervanging van een bestaande drainage; het verlagen van de grondwaterstand anders dan door middel van het graven van sloten of het toepassen van drainagemiddelen, met uitzondering van grondwateronttrekkingen; het beperken van het buiten een agrarisch bouwperceel aanbrengen van oppervlakteverhardingen of verharde oppervlakten.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Lid 3. Het tweede lid is niet van toepassing op werkzaamheden die behoren tot het normale beheer en onderhoud.

Beschouwing Ten aanzien van de classificatie 'Verstedelijking afweegbaar' wordt gelet op de planbeschrijving (Hoofdstuk 3 in deze toelichting) en de toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking (paragraaf 4.1) verondersteld voldoende invulling te zijn gegeven aan de onder lid a t/m d beschreven afwegingscriteria. Specifiek ten aanzien van het afwegingscriterium 'verkeersdoeleinden' geldt dat het plan de ontwikkeling van een nieuwe ontsluitingsstructuur mogelijk maakt. Dit is vrijwel geheel een interne ontsluitingsstructuur, bedoeld om de woningen in het plan op adequate wijze te ontsluiten. Gelet op de beoogde stedelijke ontwikkelingen aan de westflank van Heeswijk-Dinther, is de verwachting dat deze effecten zullen hebben op de wegvakintensiteiten op de bestaande omliggende wegen en straten. Om die reden worden aanvullende, flankerende maatregelen voorzien. Het onderzoek naar de verwachte verkeerseffecten van de geprojecteerde verstedelijking, de oplossingsmogelijkheden en de toetsing daarvan, zijn beschreven in het verkeersonderzoek dat als Bijlage 1 aan de toelichting is gehecht. Een samenvatting is weergegeven in paragraaf 3.6.

Artikel 5.3 wijziging grenzen van werkingsgebieden Er is in de Interim omgevingsverordening een algemene bevoegdheid opgenomen voor Gedeputeerde Staten om de grenzen van de werkingsgebieden te wijzigen. In de verschillende verordeningen bestonden hiertoe specifieke wijzigingsbevoegdheden. Deze zijn nu tot één bevoegdheid samengevoegd. Dit betekent voor een (beperkt) aantal werkingsgebieden dat de bevoegdheid is verruimd. Dit leidt tot een uniforme benadering van alle werkingsgebieden en sluit aan op de Omgevingswet, waarin de bevoegdheid voor de geometrische vastlegging van grenzen bij wet aan Gedeputeerde Staten is toebedeeld. In het artikel zijn voor diverse gebieden specifieke voorwaarden opgenomen gebaseerd op de bestaande regels, bijvoorbeeld voor de grenzen van het Natuur Netwerk Brabant, de Attentiezone waterhuishouding of Verstedelijking afweegbaar. Gedeputeerde Staten kunnen ambtshalve besluiten om tot wijziging van de grenzen van een werkingsgebied over te gaan. Bijeen dergelijke wijziging wordt toepassing gegeven aan afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht. Gemeenten kunnen ook in het kader van een ruimtelijk plan verzoeken om tot grenswijziging over te gaan. In een dergelijk geval geldt de procedure zoals opgenomen in artikel 6.2 Procedure grenswijziging werkingsgebied op verzoek.

Voorliggend initiatief wordt dan ook tevens beschouwd als een verzoek aan Gedeputeerde Staten (GS) om de begrenzing van het bestaand stedelijk gebied te wijzigen ten behoeve het realiseren van de nieuwe uitbreidingswijk Heeswijkse Akkers, conform artikel 6.2 van de Interim omgevingsverordening. Na de grenswijziging ligt het plangebied binnen het bestaand stedelijk gebied.

Conclusie Geconcludeerd kan worden dat het woningbouwplan past binnen de uitgangspunten van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. Na realisatie van het plan dient de nieuwe verstedelijkingsgrens in het provinciaal omgevingsbeleid te worden bestendigd.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

35

4.2.3 Omgevingsvisie Noord-Brabant De Omgevingsvisie Noord-Brabant (vastgesteld 18 december 2018) loopt vooruit op de invoering van de Omgevingswet (inwerkingtreding naar verwachting in 2022), waarbij iedere overheidslaag verplicht wordt een omgevingsvisie vast te stellen. De omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Het betreft ambities op het gebied van de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de middellange (horizon 2030) en lange (horizon 2050) termijn. Naast deze specifieke ambities geldt als basisopgave: werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit. De Brabantse Omgevingsvisie zal de komende periode concreet worden vertaald in een omgevingsprogramma en een omgevingsverordening. Tot die tijd blijft de vigerende structuurvisie en interim omgevingsverordening, al dan niet in samenhang met nadere regels, als toetsingskader voor gemeentelijke ruimtelijke plannen bestaan.

4.3

Gemeentelijk beleid

4.3.1 Structuurvisie Bernheze De Structuurvisie Bernheze (vastgesteld d.d. 11 februari 2010) geeft een samenhangend beeld van de gewenste ruimtelijke ontwikkeling van de hele gemeente. Deel A: Ruimtelijk Casco In deel A wordt vanuit een bondige analyse een visie geformuleerd op de gemeente. Deze visie bestaat uit het ontwikkelingskader (bestaand en nieuw beleid) en droombeeld (mission statement) voor de lange termijn en komt tot stand door een locatie-overstijgende discussie. Het Ruimtelijk Casco beoogt de samenhangende structuren naar boven te halen en hieraan logische strategieën te koppelen, waarmee het een casco vormt voor concrete projecten en plannen. Het is een afwegingskader, maar tegelijkertijd ook een inspiratiekader voor ruimtelijke ontwikkeling. Het Ruimtelijk Casco geeft richting zonder te spreken over een programma. Het geeft de mogelijkheden weer en is flexibel wat betreft de exacte invulling op de korte termijn. Bernheze wil een gemeente met een dorpse uitstraling blijven. Kleinschalige verstedelijking wil de gemeente niet uitsluiten, maar dient groen ingepast te zijn. Voor mensen die in de directe omgeving werken is de landelijke uitstraling van de gemeente een reden om naar een dorp te verhuizen. Bijna elk dorp heeft zijn eigen voorzieningenaanbod waardoor de afzonderlijke dorpen als zelfstandig benoemd kunnen worden.

De komende jaren wenst de gemeente de verstedelijking te concentreren in de gebieden rondom de dorpen en op de vrijkomende percelen in de dorpen zelf (inbreiding). Hierbij is het streven gericht op kwaliteit en in mindere mate op kwantiteit. Om te voorkomen dat zowel senioren als jongeren de gemeente verlaten, wordt ingezet op kleinschalige woningbouw met passende woningtypen. Deze kwalitatieve woningbehoefte is leidend bij de locatiekeuze. Waardevolle doorzichten naar het buitengebied dienen behouden te blijven. In eventuele nieuwe uitbreidingen komt het onderliggende landschap terug in het stedenbouwkundig ontwerp. Dit alles vraagt grote aandacht voor stedenbouwkundig ontwerp en beeldkwaliteit. Plaatselijk kan ingezet worden op de realisatie van exclusieve woonbuurten. Ook hierbij wordt het onderliggende landschap als inspiratiebron gebruikt. Het landelijk wonen nabij een verstedelijkte omgeving is een kwaliteit van de gemeente. Beschouwing Het plangebied is in het Ruimtelijk Caso aangeduid als 'zoekgebied wonen'. Het gebied dat is aangeduid als

36

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

'zoekgebied wonen' kan worden getransformeerd van onbebouwd gebied naar bebouwd gebied in de vorm van wonen en daarbij behorende voorzieningen. Het betreft een locatie grenzend aan de bestaande bebouwing waar geen of beperkt duurzame waarden uit de onderste lagen voorkomen. Voorwaarden waaraan ruimtelijke plannen in dit gebied moeten voldoen zijn hierna geformuleerd: De voorgestelde plannen moeten aansluiten bij de bestaande ruimtelijke en stedenbouwkundige structuur van de kern; Bij de inrichting van ruimtelijke plannen moet rekening worden gehouden met de kwaliteiten en structuren in het gebied en de omgeving; Bij het ontwikkelen van ruimtelijke plannen is het uitgangspunt zorgvuldig met de ruimte om te gaan; De natuurlijke ondergrond en de historisch gegroeide structuur van Bernheze moetenmeegenomen worden bij de planvorming.

Kaart Ruimtelijk Casco van de Structuurvisie Bernheze

Deel B: Uitvoeringsprogramma In deel B worden de ruimtelijke opgaven voor de korte en middellange termijn benoemd en de meest geschikte locaties hiervoor aangewezen. Daarnaast is geformuleerd welke concrete projecten en plannen op korte termijn richting uitvoering worden gebracht en hoe deze gerealiseerd gaan worden. Het uitvoeringsprogramma zal periodiek worden geactualiseerd en geeft daarmee steeds voor een bepaalde periode weer, op welke wijze het droombeeld tot uitvoering wordt gebracht.

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

37

Uitvoeringsprogramma Wonen kern Heeswijk uit de Structuurvisie Bernheze

Conclusie Het voorgestane initiatief sluit aan bij de uitgangspunten zoals gesteld in de Structuurvisie Bernheze. 4.3.2 Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties Op 19 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders de Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties vastgesteld. Met deze gebiedsvisie wordt beoogd een actueel en toepasbaar ruimtelijk afwegingskader te bieden voor initiatieven in en rond de afzonderlijke bebouwingsconcentraties in de gemeente Bernheze. Daarbij worden - in overeenstemming met de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant - de volgende drie typologiën bebouwingsconcentraties onderscheiden: kernrandzone; bebouwingslint; bebouwingscluster. Het werkingsgebied van de Gebiedsvisie bebouwingsconcentraties is weergegeven op onderstaand kaartbeeld:

38

bestemmingsplan Heeswijkse Akkers

Heeswijk en Dinther zijn ontstaan op de oeverwal die tussen de beekdalen van de Aa en Leijgraaf is gelegen. Op de brede dekzandrug zijn twee kernen ontstaan te midden van een complex van akkers en weilanden, waar een kleinschalig kampenlandschap is ontstaan. Door uitbreiding van de bebouwing op aangrenzende akkers zijn de kernen Heeswijk en Dinther aan elkaar gegroeid. De ruimtelijke structuur wordt bepaald door de aaneengesloten lintbebouwing van de voormalige kernen, parallel aan het dal van de Aa. Na de samenvoeging is tussen Heeswijk en Dinther, rondom Plein 1969, een nieuw dorpscentrum met winkels en voorzieningen gerealiseerd. De centrale ruimtes van de vroegere dorpen (met karakteristieke open ruimtes en monumentale bomen) zijn, net als de historische lintstructuur, nog herkenbaar aanwezig. Uitbreidingen van de kern liggen met name aan de noordzijde van de oorspronkelijke lintbebouwing. Aan de oostzijde van de kern ligt een klein bedrijventerrein, dat qua maat en schaal goed bij de kern past. Heeswijk-Dinther heeft aan de noordzijde van de kern, richting de Leijgraaf, een kleinschalige, rafelige dorpsrand met waterlopen, bomenrijen en bosjes. Aan de zuidzijde, richting de Aa, is sprake van een meer transparante overgang tussen het dorp en het beekdal. De laanbeplanting langs de Hoofdstraat is op enkele plaatsen onderbroken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=05aee5ce-8bc4-470e-b1eb-aaecdbad7609