CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Factsheet kaders ecologisch beheer

Commissie Ruimtelijke Zaken 13 september 2023, gemeente BernhezeBij agendapunt: Opiniërende bespreking Groenstructuurplan 80% versie2.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Factsheet kaders voor (ecologisch) groenbeheer

Het Groenstructuurplan geeft richting aan de doelen die we willen bereiken. Beheer is één van de instrumenten daarvoor. Het GSP biedt de kaders voor het beheer. Deze beheerplannen stelt het college eind 2023 vast.

Visie op Bernhezer groenbeheer In Bernheze beheren we groen volgens de volgende uitgangspunten • • • •

Bernhezer groenbeheer is nuchter, sober en doelmatig Het bijdragen aan een hogere biodiversiteit is een belangrijke functie van ons openbaar groen We werken planmatig Bewoners mogen participeren in inrichting en beheer

Bernhezer groenbeheer is nuchter, sober en doelmatig Er zijn verschillende niveau’s van onderhoud mogelijk. Maar in Bernheze onderhouden we ons groen overal ‘gewoon goed‘ . Dat is vergelijkbaar met niveau B in de standaard van het landelijke norminstituut CROW. Als we kwaliteitsverschillen wensen, regelen we dat bij de aanleg door andere materialen en beplantingen te gebruiken. Hoofdontsluitingswegen, dorpsentrées en centrumgebieden kunnen bijvoorbeeld een wat luxere uitstraling hebben door materiaalkeuze. Wel blijven we daarbij streven naar een inrichting die in een standaard beheer mee kan. Dat is efficiënt. We schoffelen de groenvakken er even vaak als in de woonwijken. Ook planten we zo veel mogelijk in de volle grond planten omdat dat een betere groei en gezondere planten oplevert, maar ook omdat het goedkoper is en meer bijdraagt aan klimaatadaptatie. Planten in bakken passen we slechts in uitzonderlijke situaties toe. N.B. in de winkelcentra bestaat een wens tot een schoner en verzorgder beeld dan in de woonwijken. Die wens komt voort uit het feit dat de centra de plekken zijn waar de gemeente zich representeert aan haar inwoners en bezoekers. Maar ook omdat de centra plekken zijn waar veel mensen elkaar ontmoeten en langere tijd in de openbare ruimte vertoeven.

Dat verzorgder beeld is meer afhankelijk van het onderhoud aan de verhardingen (zwerfvuil ruimen) dan van het groenonderhoud. Zwerfvuil ruimen regelen we door de inzet van Gluttons. Daarom houden we het groenonderhoud op het huidige niveau. Invasieve exoten zijn een belangrijk aandachtspunt. Vanuit de zorgplicht moeten wij ervoor zorgen dat soorten als de aziatische duizendknoop en de reuzenberenklauw zich niet excessief verspreiden. Daarbij kan men kiezen voor: -

Beheersen: we spannen ons in om te zorgen dat de soort zich niet verder uitbreidt dan nu het geval is (dat doen we nu) Bestrijden: waarbij we actief haarden van japanse duizendknoop verwijderen.

Ons voorstel is om in elk geval te blijven beheersen en de bestrijding kleinschalig op te pakken. De haarden die de grootste problemen bestrijden we actief, leren van de resultaten en breiden de bestrijding op basis van die resultaten uit. Daarbij blijven we de ontwikkelingen in de markt en de ervaringen bij andere gemeenten volgen om tot de beste bestrijdingsmethode te komen. Groenbeheer Financiële middelen

Invasieve exoten (waaronder duizendknoop) gaan we op kleine schaal bestrijden We denken te starten met een (nog te bepalen) basisbedrag om de bestrijding in gang te zetten. Op basis van evaluatie (input/resultaat) kunnen we de bestrijding uitbreiden.

Capaciteit

Het opzetten van een bestrijdingsplan, uitvoeren en monitoren kost beheerderscapaciteit. Dit hoort bij het regulier groenbeheer. Het probleem gaat verder dan openbaar groen en moet daarom ook breder in de organisatie worden opgepakt. Dit vergt capaciteit bij de afdelingen RO, VTH-V en communicatie.

Draagvlak

We ervaren veel aversie tegen de aanwezigheid van duizendknoop. We willen mensen goed informeren over wat er van de gemeente mag worden verwacht en wat ze zelf kunnen doen.

Het bijdragen aan een hogere biodiversiteit is een belangrijke functie van ons openbaar groen Jarenlang hebben we groen vooral gezien als aankleding van de openbare ruimte. We komen er steeds meer achter dat (openbaar) groen belangrijke ecosysteemdiensten levert. Dat maakt ook dat het beheer van ons openbaar groen meer wordt gericht op vergroting van de biodiversiteit. Een hogere biodiversiteit in ons openbaar groen bouwen we op vanaf de basis. We zorgen voor een gezonde bodem en richten ons op een goede insectenstand. De soorten die hoger staan in de voedselpiramide volgen dan vanzelf. Onze maatregelen zijn primair gericht op het juiste sortiment en de juiste beheervormen. Aanvullende maatregelen zoals insectenhotels en nestkasten zijn ‘uitzondering op de regel’. We zien hierin vooral een rol voor derdenpartijen en passen ze zelf alleen toe voor de educatieve meerwaarde of ter bewustwording. Inspirerende voorbeelden vindt u in de bijlagen (Flyer ‘Bestuurders op de bres voor de bedreigde bij’ en Rapport 'Aan de slag met biodiversiteit')

Afbeelding: voedselpiramide Beheertypen als gazon, bermen, waterlopen en houtwallen komen veel voor in onze gemeente en bieden veel potentie voor biodiversiteitsverhoging. Die potenties willen we optimaal gaan benutten door middel van ecologischer beheer. Kansen biodiversiteit beheer stedelijk groen In het GSP staat de ambitie om de verhouding tussen cultuurlijke en natuurlijke beheertypen steeds meer te laten verschuiven naar natuurlijke beheertypen. Voor een deel kan dat middels beheeringrepen. Gazons die nu strak gemaaid worden, kunnen door aanpassing van het maaibeheer worden omgevormd naar gevarieerder grasvegetaties. Het is per situatie verschillend welke delen kunnen worden omgezet naar ruig gras, en welke delen wel strak gazon blijven. Voor sommige functies (honden uitlaten, speelveld) is nog steeds strak gemaaid gazon nodig. Daarnaast draagt het bij aan de acceptatie als stroken vlak langs de wandel- en fietspaden ook strak gemaaid blijven. We willen dit omvormen van grasvegetaties via de geleidelijke weg invoeren. Elk jaar wordt een aantal grote grasvakken omgevormd. Dit vergt een beoordeling door de groenbeheerder, (soms) wat eenmalige maatregelen zoals doorzaaien met bloemen en kruiden, aanpassing van het beheerplan, communicatie met de aannemer en de omwonenden.

Stedelijk groen Financiële middelen

Gazons  gevarieerder grasvegetaties

Capaciteit

Het inregelen van de aanpassingen vergt structurele beheerderscapaciteit (omdat we dit via de geleidelijke weg invoeren, kost het elk jaar tijd)

Draagvlak

Met een goede communicatiecampagne en een geleidelijke invoering verwachten we voldoende draagvlak

We denken de transitie naar ecologischer beheer in de kernen binnen de huidige middelen op te kunnen lossen.

Afbeelding: sfeerbeeld ander maaibeheer gazons

Kansen biodiversiteit beheer landschapselementen (groen buitengebied) Onder de landschapselementen valt het groen in het buitengebied zoals wegbermen, sloten en houtwallen. Omdat dit lijnvormige elementen zijn, kunnen ze een belangrijke verbindende functie vervullen voor flora en fauna. Een belangrijk thema in het Groenstructuurplan is biodiversiteit. Op deze beheertypen is hierin een grote winst te boeken. Bermen: hoofdfuncties zijn stabiliteit van de weg en uitwijkmogelijkheid voor de automobilist. We benutten de kansen voor biodiversiteit optimaal, zonder afbreuk te doen aan de hoofdfuncties van de bermen. Dit betekent concreet dat we overal in willen zetten op ecologisch bermbeheer. Door een ander maairegime werken we toe naar gevarieerder bermen. We maaien minder en voeren maaisel af. Door deze methode zorgen we ervoor dat er altijd voedsel en schuilmogelijkheden voor insecten en andere kleine fauna beschikbaar is. Voor de veiligheid blijven we de eerste meter naast wegen en fietspaden extra maaien. Waterlopen: de waterlopen die door het waterschap niet zijn bestempeld als schouwloot, hebben ook geen watervoerende functie. Hun hoofdfunctie is het verzamelen en weg laten zakken van water van wegen en aangrenzende percelen. Door het beheer van deze waterlopen extensiveren kunnen we een grote winst boeken op het gebied van biodiversiteit.

We denken aan minder frequent maaien, en periodiek houtachtig gewas verwijderen. Daarmee voorkomen we dat we elke winter allerlei kwetsbare organismen uit de slootbodems verwijderen.

Landschapselementen Bermen en zaksloten worden minder gemaaid. Financiële middelen Ecologisch maaien is duurder dan regulier maaien. Sloten worden minder gemaaid, maar vergen periodiek een wat grotere opschoonactie. Capaciteit Het inregelen van de aanpassingen vergt eenmalig beheerderscapaciteit (aanpassingen voeren we in één keer door en borgen we in een goed bestek) Draagvlak

Burgers kunnen minder dit beeld ervaren als rommelig en onverzorgd. ZLTO heeft aandacht gevraagd voor het feit dat meer kruiden in bermen

kan leiden tot een hogere onkruiddruk in hun percelen. Ook hebben zij de vrees uitgesproken dat sloten minder water afvoeren en boeren daardoor minder vroeg hun land kunnen bewerken. Met een goede communicatiecampagne werken we aan begrip en draagvlak. Als naburige eigenaren menen dat minder maaien van sloten leidt tot problemen op hun percelen, zoeken we in samenspraak met het waterschap en de nabuur naar oplossingen. Indien een nabuur medeeigenaar is, kan hij zelf extra onderhoudsronden verzorgen.

Afbeelding: sfeerbeelden ander maaibeheer sloten en bermen

Houtwallen: hoofdfuncties van houtwallen zijn het bijdragen aan de landschappelijke kwaliteiten en biodiversiteit in het buitengebied. Op dit moment zijn veel houtwallen in een eindfase beland waarbij grote bomen domineren. Die bomen zijn vaak alleen maar eiken. Er is biodiversiteitswinst te behalen door bomen weg te halen zodat de struiklagen weer kunnen uitgroeien. We willen voor elke houtwal een streefbeeld vastleggen en daar via de geleidelijke weg naar toe gaan werken.

Landschapselementen Houtwallen worden beheerd gericht op ontwikkeling van variatie. Financiële middelen Het gericht beheren van houtwallen vergt extra middelen Capaciteit het inregelen van de aanpassingen vergt eenmalig beheerderscapaciteit (aanpassingen voeren we in één keer door en borgen we in een goed bestek) Draagvlak

Het rooien van bomen ligt gevoelig en kan op weerstand of onbegrip stuiten. Met een goede communicatiecampagne werken we aan begrip en draagvlak.

We werken planmatig De afgelopen jaren is in het buitengebied vaak ad hoc gewerkt om problemen op te lossen. We willen dit beheer planmatig gaan aanpakken omwille van de volgende voordelen: -

Een continue cyclus van maatregelen maakt dat we beter kunnen plannen We verminderen de kans dat burgers en boeren hinder ervaren van bijvoorbeeld overhangend groen Als desondanks toch meldingen binnen komen, kunnen we precies aangeven wanneer een locatie voor onderhoud aan de beurt is. Dat geeft duidelijkheid voor iedereen Een continu beheer kan positief uitwerken op flora en fauna.

Een keerzijde van dit planmatig werken kan zijn dat alle maatregelen grootschaliger worden ingezet. Dat kan een beeld geven van rigoureus ingrijpen. Met planmatig werken maken we heel gerichte keuzes. Als een berm te smal is om houtachtig gewas vrij uit te laten groeien, zorgen we dat deze berm vrij wordt gemaakt én gehouden van houtachtig gewas. Als we op dergelijke locaties andere keuzes willen maken en specifiek beheer willen toepassen vergt dat maatwerk. Met de capaciteit die we op dit moment voorhanden hebben is dat niet mogelijk. In dat opzicht kan planmatig werken op gespannen voet staan met de wens tot meer biodiversiteit. Extra capaciteit maakt het mogelijk om meer maatwerkbeoordelingen te doen, overleg te voeren met belangenpartijen zoals ZLTO, IVN en buurtbewoners, en om samen met aannemers op zoek te gaan naar (meer) passende maatregelen. Landschapselementen Planmatig beheer Financiële middelen -Capaciteit Planmatig onderhoud is een vereiste om met de huidige capaciteit alle groentypen te kunnen onderhouden. Als we maatwerk per locatie willen leveren (wat een meerwaarde kan zijn voor biodiversiteit) is extra capaciteit nodig. Draagvlak

Het rooien van bomen ligt gevoelig en kan op weerstand of onbegrip stuiten. Met een goede communicatiecampagne werken we aan begrip en draagvlak.

Bewoners mogen participeren in inrichting en beheer Er wordt steeds meer opgeroepen om bewoners te betrekken bij de inrichting en het onderhoud van de openbare ruimte. Als er vanuit bewoners initiatieven voor inrichting of het onderhoud van het openbaar groen bij ons binnenkomen pakken we dit op. Zeker als het groen in aanmerking komt voor renovatie, gaan we samen met de bewoners kijken hoe renovatie bij kan dragen aan een prettigere woonomgeving. We kijken dan ook samen met de bewoners hoe zij een renovatie voor zich zien en wat deze als resultaat op moet leveren. Als bewoners zelf de handen uit de mouwen willen steken, dan hebben we hier ook middelen voor beschikbaar, groenrenovaties waarbij bewoners zelf iets willen doen prioriteren wij hoger en worden dan ook sneller opgepakt. Naar aanleiding van renovatieprojecten die we samen met bewoners oppakken, maar ook doordat bewoners soms graag de handen uit de mouwen steken om de kwaliteit van het groen in onze

gemeente tot een hoger niveau te tillen gaan we beheerovereenkomsten aan. In deze overeenkomst spreken we af dat het beheer niet meer door onze aannemer uitgevoerd wordt, maar door de bewoners(s). Op dit moment werken we reactief. We promoten renovatie- en beheerprojecten met bewoners niet actief. Deze participatie vergt namelijk maatwerk en kost ambtelijke begeleidingstijd die er nu niet is. De financiële middelen voor dergelijke participatie zijn dit jaar afgeroomd omdat ze in de afgelopen jaren nooit werden opgebruikt. Het goed begeleiden van initiatieven kost veel tijd. We stellen voor om: -

Reactief te blijven werken Geen initiatieven meer te begeleiden die door één individu worden geïnitieerd Meer richting te geven aan wat mensen van de gemeente mogen verwachten. We willen hiervoor een soort menukaarten met mate van participatie ontwikkelen.

Openbaar groen Financiële middelen Capaciteit

Participatie

Draagvlak

Er worden alleen initiatieven opgepakt die door derden worden aangedragen en waar duidelijk voldoende draagvlak en energie aanwezig is om een succes te worden

Er is een beperkt budget beschikbaar om initiatieven te faciliteren. Er is heel weinig capaciteit beschikbaar om initiatieven te begeleiden. We hebben hiervoor geen aparte functie en participatie begeleiden is een neventaak.

Bomen Voor het beheer van bomen geldt vooral de wettelijke zorgplicht die stelt dat we bomen veilig moeten houden. Daarnaast zijn technische eisen medebepalend die ervoor zorgen dat bomen geen hinder veroorzaken voor het wegverkeer. Hier verandert niks aan.

Op dit moment zorgen gebrek aan vervangingsmiddelen en gebrek aan ruimte ervoor dat bomen uit lanen soms niet worden herplant. Per saldo gaat het aantal gemeentelijke bomen in wegbermen daardoor achteruit. Als we vinden dat er actief moet worden ingezet op behoud van het huidige aantal bomen, of zelfs een toename daarvan, zijn er meerdere strategieën mogelijk: -

Beheerbudget aanvullen met een vervangingsbudget zodat elk jaar een aantal kansrijke lanen kan worden aangevuld met extra bomen. Projectmatig (incidentele) middelen beschikbaar stellen om lanen en plantsoenen aan te vullen met bomen Een compensatieregeling instellen waarmee voor elke gerooide boom een bedrag wordt gestort in een groencompensatiefonds zodat (elders) bomen kunnen worden teruggeplant.

(N.B. het betreft 95% gemeentelijke bomen. Vulling van een dergelijk fonds is daarmee met name administratief van aard) De voorkeur gaat uit naar de eerste optie omdat daarmee structureel en planmatig ingezet kan worden op het aanvullen van het bomenbestand. In alle gevallen is het nodig om inzicht te hebben in de locaties waar het wenselijk en mogelijk is om bomenlanen aan te vullen. Dit vergt een uitgebreide analyse en plan. Daarbij moet ook de relatie worden gelegd met het nog op te stellen mobiliteitsplan omdat dat inzicht geeft in de wegfuncties (en daarmee berminrichting). Laanbomen Financiële middelen Capaciteit Draagvlak

Vervanging Er is nu 30.000,- beschikbaar voor het vervangen van bomen. Hiermee kunnen 30 bomen worden aangeplant inclusief de benodigde groeiplaatsverbetering en nazorg. Het aanplanten van laanbomen valt binnen de reguliere taken. Er worden op dit moment kritische vragen gesteld als geen bomen worden teruggeplant op plekken waar is gekapt.

Bos In de Omgevingsvisie is aangegeven dat we willen toewerken naar een natuurlijker bos. Hoe we dat doen, bepalen we in samenspraak met onze partners uit het buitengebied. Dat proces loopt nog. Wel is het volgende al bekend: • • • • •

•

Op dit moment dekken houtoogst en subsidies de kosten van ons bosbeheer. Beheersubsidies blijven gelijk, maar houtopbrengsten nemen af, omdat er minder oogstbaar hout beschikbaar is. Maatschappelijk is er wat weerstand tegen houtoogst. Als we ervoor kiezen om houtoogst verder te laten afnemen, gaat bosbeheer meer geld kosten We zien dat er steeds meer gerecreëerd wordt in onze bossen. Doordat er meer wordt gewoond in het buitengebied, hebben onze bossen ook meer ‘buren’ die kritisch zijn op de veiligheid van onze bossen, bosranden en bospaden. Ook is er een tendens waarbij aansprakelijkheid een steeds grotere rol speelt in onze openbare ruimte. De kans bestaat dat we zwaarder moeten gaan inzetten op boomveiligheid in onze bossen om aan de wettelijke zorgplicht te voldoen. Als we bossen (versneld) willen omvormen naar klimaatrobuuste en biodiverse bossen, is het nodig actief andere soorten aan te planten. Dat zijn projectkosten die niet gedekt worden door beheersubsidies.

Bijlagen • •

flyer ‘Bestuurders op de bres voor de bedreigde bij’ rapport ‘Aan de slag met … biodiversiteit’

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=444a686c-a413-4792-b7bb-456054c6e995