CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

EVI-magazine

Commissie Maatschappelijke Zaken 22 juni 2021, gemeente BernhezeBij agendapunt: Energievouchers voor minima13.441 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bovendien kan de onrendabele top soms behoorlijk groot zijn en de financiële draagkracht van huishoudens te boven gaan. Bij het opstarten van een collectieve aanpak (wijkaanpakken en gespikkeld bezit) is het daarom belangrijk om na te gaan of er een (publieke) instelling is, die de onrendabele top (deels) wil afdekken, zodat woonlastenneutraliteit mogelijk wordt. Als dat niet het geval is, dan is de kans groot dat de groep woningeigenaren met (net voldoende) leencapaciteit niet meedoet en dan ontstaat er alsnog tweedeling op het niveau van de straat of buurt.

38 / 56

Wat is er al wel mogelijk? Uit bovenstaande blijkt dat voor de particuliere woningeigenaren met een smalle beurs op dit moment nog weinig mogelijkheden beschikbaar zijn om de benodigde investering te financieren. Wel worden vanuit verschillende hoeken – publiek en privaat – nieuwe mogelijkheden uitgewerkt. Geen van deze mogelijkheden is op dit moment generiek (overal in Nederland) beschikbaar. We geven een aantal voorbeelden, die in Brabant beschikbaar zijn of op korte termijn komen:

39 / 56

Nieuwe maatwerklening: Energiebespaarhypotheek

Het woningabonnement Breda

In mei 2020 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) een nieuw financieringsproduct aangekondigd binnen het nationaal Warmtefonds. Een maatwerklening voor woningeigenaren met een smalle beurs: de Energiebespaarhypotheek. Dit is een maatwerklening voor woningeigenaren, die hun maximale leenruimte al benut hebben en die elders geen financiering (meer) kunnen krijgen. De maatwerklening komt ergens tussen 1 april en 1 juli 2021 beschikbaar voor woningeigenaren in buurten waar sprake is van een wijkaanpak. Ook komt deze hypotheekvorm beschikbaar voor het gespikkeld bezit, waarbij de woningcorporatie de huurwoningen die er omheen liggen wil gaan verduurzamen. Bij deze Energiebespaarhypotheek bepaalt de financiële positie van het huishouden in hoeverre zij de financiering maandelijks kunnen terugbetalen. Een huishouden lost af naar draagkracht op basis van een inkomenstoets, die periodiek wordt herhaald. Het maximale financieringsbedrag is € 25.000,- . Verder wordt zeker gesteld dat bij verkoop van de woning en aan het einde van de looptijd geen restschuld achterblijft . Woningeigenaren die in aanmerking komen voor de EBH hoeven niet, of pas later, af te lossen en profiteren direct van de energiebesparing: zij houden per maand meer geld over.

De gemeente Breda werkt aan een maatwerklening, die in 2021 in heel Breda beschikbaar komt voor mensen die geen spaargeld hebben en hun hypotheek niet kunnen ophogen. Daarbij ontzorgt het woningabonnement Breda vanaf advies en financiering tot leveranciers en installatie. Een energieadviseur van de lokale energiecoöperatie BRES bekijkt wat er aan het huis moet gebeuren om het te verduurzamen. Deze rekent ook uit hoeveel euro een woningeigenaar dan vervolgens elke maand kan besparen op de energierekening. Ook rekent de adviseur uit hoeveel geld geleend moet worden om de maatregelen uit te laten voeren. Vervolgens wordt gekeken wat voor de betreffende woningeigenaar de beste financieringsvorm is: spaargeld, hypotheek, groene lening, etc. Indien er onvoldoende leencapaciteit is, kan aanvullend een maatwerklening worden afgesloten bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn): met bijvoorbeeld een looptijd van 20 jaar. De basisgedachte achter het woningabonnement is dat de kosten van het energieverbruik en het afbetalen van de lening niet hoger zijn dan huidige energierekening. Dit wordt voor de lengte van het abonnement gegarandeerd. Bij de maatwerkinglening hoeft een huishouden de eerste drie jaar niet af te lossen. Daarna wel, maar naar draagkracht op basis van een inkomenstoets, die eens in de drie jaar wordt herhaald. De gemeente staat garant voor de betalingen.

Het woningabonnement is geen objectgebonden lening, maar een persoonlijke. Bij verhuizing moet het openstaande bedrag dan ook worden voldaan.

Naast het hebben van onvoldoende leencapaciteit zijn er andere redenen waarom sommige woningeigenaren niet in aanmerking komen voor reguliere financiering. Zo kunnen senioren op grond van hun leeftijd geen financiering (meer) krijgen bij een marktpartij. De minister heeft aangekondigd het Warmtefonds ook voor deze senioren open te willen stellen.

Het woningabonnement is voor iedereen toegankelijk, ongeacht het inkomen en een eventuele negatieve BKR- registratie. Alleen voor renovaties met een onrendabele top biedt het vooralsnog geen oplossing: “….het werkt het beste als mensen nog niks gedaan hebben en in één keer bereid zijn zoveel mogelijk te laten doen. Dan kun je qua verbruik van die € 150 naar € 50 euro per maand gaan. Als je als laatste stap alleen nog een warmtepomp moet installeren, daar tienduizend euro aan uitgeeft en er maandelijks maar een paar tientjes mee bespaart, ga je het niet redden met de financiering.” (Coen Vos, gemeente Breda).

40 / 56

Waar is behoefte aan? Uit de EVI-pilot en bovengenoemde voorbeelden van wat er al wel mogelijk is, komt een behoefte naar boven ten aanzien van het nog te ontwikkelen financieringsinstrumentarium. Om het verduurzamen van de woning haalbaar te laten zijn voor woningeigenaren met een smalle beurs, is een financieringsvorm nodig, die toegankelijk is voor huishoudens zonder leencapaciteit en met een eventuele BKRregistratie. Een financieringsvorm bovendien, die uitgaat van de financiële draagkracht van het huishouden en van woonlastenneutraliteit. Dat betekent dat de te nemen verduurzamingsmaatregelen gefinancierd moeten kunnen worden uit de maandelijkse besparing op de energierekening of dat het mogelijk moet zijn om een eventuele onrendabele top woonlastenneutraal mee te financieren. Om daarnaast te voorkomen dat mensen bij verkoop van de woning in de problemen komen als gevolg van een restschuld, is het nodig de financiering overdraagbaar te maken. Dat betekent dat gezocht moet worden naar bijvoorbeeld een vorm van gebouw gebonden financiering met lange looptijden. Ontwikkeling van een instrumentarium dat aan deze randvoorwaarden tegemoet komt is nodig voor het realiseren van een inclusieve energietransitie en vraagt erom ingebracht te worden in de onderhandelingen tussen de decentrale overheden en het Rijk over financiering van de transitie.

Lees meer over Warmtefonds

Verzilverlening Buiten de Energiebespaarhypotheek in buurten met een wijkaanpak, hebben sommige Brabantse gemeenten de Verzilverlening beschikbaar voor 57plussers met overwaarde op de eigen woning . Voor deze specifieke doelgroep biedt deze lening de mogelijkheid om te investeren in de verduurzaming van de woning, zonder dat dit invloed heeft op wat mensen maandelijks kunnen uitgeven. Bij de verstrekking van de Verzilverlening kijkt men niet naar bestaande verplichtingen. De verschuldigde rente wordt jaarlijks bij de restschuld opgeteld en bij verkoop van de woning wordt deze schuld vereffend.

Breda - inzichten, lessen & tips

Lees meer over Verzilverlening Tilburg

Zie hier een compleet overzicht van de tools die zijn gebruikt

41 / 56

8. Energie voor iedereen achtergrond pilotprojecten Betrokken bestuurders ontmoeten elkaar tijdens energiefestival 2019

Om huishoudens te betrekken bij de energietransitie, is het nodig te weten waarom bewoners bepaalde keuzes maken, over welke capaciteiten zij beschikken en hoe en waarmee zij het beste aangesproken kunnen worden. Ook van de groep huishoudens met lagere inkomens en weinig bestedingsruimte zouden wij dit graag weten. Om te werken aan een haalbare en betaalbare energietransitie voor iedereen, is de Brabantse provinciale pilot ‘Energie voor Iedereen’ (EVI) gestart.

Bestuurlijke startbijeenkomst pilot Energie voor Iedereen

Binnen deze pilot is gewerkt aan nieuwe mogelijkheden om huishoudens met geen of weinig investeringsmogelijkheden bij de energietransitie te betrekken. De pilot EVI is een samenwerking tussen het provinciale programma Versterken Sociale Veerkracht, het provinciale programma Energie en Enpuls B.V (samenwerkingsovereenkomst Sociale Innovatie), en de gemeenten Bernheze, Breda, Tilburg en ’s-Hertogenbosch, die ieder een eigen pilotproject hebben uitgevoerd. Stichting Zet heeft de vier gemeenten met een social design aanpak begeleid bij de uitvoering van de pilotprojecten. Het PON & Telos heeft de gemeentelijke pilotprojecten gemonitord, om zo zowel gemeentelijke, als overkoepelende leerlessen over een haalbare en betaalbare energietransitie voor iedereen op te halen.

42 / 56

Onderwerpen binnen de EVI-pilot Binnen de EVI-pilots zijn ervaringen opgedaan rondom een inclusieve energietransitie die haalbaar is voor iedereen. Binnen de vier lokale omgevingen is hiermee geëxperimenteerd, met de focus op verschillende invalshoeken en onderwerpen. Elke pilot is situationeel en qua (lokale) context verschillend. De ervaringen en leerlessen binnen dit EVI-magazine zijn dus gebaseerd op de vier pilots, maar dienen steeds per (lokale) context en situatie bekeken en ingevuld te worden. Er was onder meer aandacht voor randvoorwaarden om een project rondom inclusieve energietransitie op te starten. Er is gekeken naar bewoners in beeld: welke verschillende doelgroepen zijn er, en om hoeveel huishoudens gaat het dan? Ook was er aandacht voor een belangrijk onderwerp, namelijk het financieringsvraagstuk. De belangrijkste inzichten van de pilots vind je in hoofdstuk 9.

Pilotprojecten in vogelvlucht De Energie voor Iedereen-pilot bestond uit vier gemeenten die met het onderwerp inclusieve energietransitie aan de slag gingen. Hieronder staan de vier pilotgemeenten in vogelvlucht.

43 / 56

Gemeente Bernheze - Energietransitie voor particuliere woningeigenaar met smalle beurs

Gemeente Breda - Zet de knop om in Hoge Vucht

Gemeente Bernheze koos in deze EVI-pilot voor een zelfstandig traject (dus niet ondergebracht bij een ander project/pilot). Het doel was in eerste instantie om bij 21 particuliere huishoudens met een smalle beurs te onderzoeken hoe zij betrokken kunnen worden bij de energietransitie en welke rol stakeholders hierbij kunnen spelen. Uiteindelijk bleek het lastig om huishoudens te vinden en richt de EVI-pilot zich op één huishouden dat een casestudy vormt voor het projectteam. Vragen die centraal staan: Hoe zorgen we ervoor dat we de doelgroep kunnen faciliteren en laten participeren in de energietransitie? Wat zijn de voorwaarden voor de woningeigenaren om een aanbod te kunnen en willen accepteren? Hoe kan de doelgroep benaderd en betrokken worden? Hoe organiseer je daarvoor de benodigde samenwerking tussen stakeholders?

Gemeente Breda haakt met de EVI-pilot aan bij het groot onderhoudsproces van woningcorporatie Wonen Breburg. De Bredase pilot kent twee sporen. Enerzijds richt de pilot zich op de huurders van twee flats met de vraag welke informatie zij nodig hebben en hoe deze overgedragen kan worden om de benodigde Aanvullende Huurovereenkomst (AHOK) te tekenen. Anderzijds is er een tweede spoor in Breda dat zich richt op het in contact treden met de particuliere woningeigenaren die tegenover de flats wonen die aangepakt gaan worden door de woningcorporatie. Vragen die centraal staan: Hoe kan de doelgroep (huurders en particulieren) worden benaderd en betrokken (voor het ontwikkelen van effectieve wijkgerichte aanpakken)? Hoe organiseer je de daarvoor benodigde samenwerkingen (intern en extern)?

Periode: januari 2019 – december 2020

Periode: januari 2019 – december 2020

Gemeente ‘s-Hertogenbosch - Aansluiten bij aardgasvrije buurten

Gemeente Tilburg - Verduurzaming gespikkeld bezit Abdijbuurt

In gemeente ’s-Hertogenbosch sluit de EVI-pilot aan bij het project ‘Aardgasvrije buurten’. Binnen dit project wordt gekeken naar hoe bewoners in een vijftal Bossche buurten staan ten opzichte van het idee om uiteindelijk als een proeftuin te gaan fungeren binnen het landelijke programma ‘Aardgasvrije wijken’. De EVI-pilot kijkt naar hoe particuliere huizenbezitters met een smalle beurs hier tegenover staan en hoe zij hierin uiteindelijk ook mee kunnen doen.

Woningcorporatie Tiwos is bezig met een grootschalig renovatietraject in de Tilburgse Abdijbuurt. Het doel van de EVI-pilot is om acht gespikkeld bezit woningen, de particuliere woningeigenaren die tussen de huurwoningen wonen, in deze buurt aan te laten haken bij deze renovatie, zodat deze eigenaren niet achterblijven met een nietgerenoveerd huis.

Vragen die centraal staan: Hoe kan de doelgroep betrokken worden? Welk handelingsperspectief kan de gemeente bieden om aardgasvrij te worden? Welke aanbevelingen kunnen we doen om ten minste één handelingsperspectief vanuit de gemeente te kunnen bieden? Periode: juni 2019 – mei 2020

Vragen die centraal staan: Hoe kan het gesprek met woningeigenaren het beste gevoerd worden om te bevorderen dat zij: openstaan voor het aanbod van Tiwos en de aannemer; hun overwegingen willen delen; mee willen denken over mogelijke oplossingen? Welke obstakels (financieel, organisatorisch, sociaal-maatschappelijk en/of communicatief) blijken in de praktijk de deelname te blokkeren en welke oplossingen zijn denkbaar? Periode: augustus 2019 – januari 2021

44 / 56

Zie hier een compleet overzicht van de tools die zijn gebruikt

45 / 56

9. Inzichten en uitdagingen

Met het uitbrengen van dit EVI-Magazine komt er een eind aan de EVI-pilot. De pilotgemeenten willen een vervolg geven aan de geleerde lessen en uitgezocht wordt hoe de geleerde lessen ook Brabant-breed opvolging zouden kunnen krijgen. ‘Energie voor Iedereen’ als maatschappelijke opgave kent vooralsnog een weerbarstige praktijk. De pilotprojecten hebben op het niveau van de onderscheiden doelgroepen uitdagingen, randvoorwaarden, inzichten en knelpunten laten zien. Een deel van deze knelpunten heeft een meer strategisch karakter en zijn niet eenvoudig op het lokale niveau van individuele gemeenten, wijkaanpakken of renovatie- en onderhoudsprojecten op te pakken of schaalbaar op te lossen. Deze knelpunten vragen erom ingebracht te worden in de onderhandelingen tussen decentrale overheden en het Rijk over de financiering en procesmatige borging van de energietransitie specifiek voor de mensen met een smalle beurs. Dat vraagt om ‘schakelen tussen schalen’ en het op basis van deze inzichten en knelpunten zoeken naar de verantwoordelijkheidsbalans in relatie tot deze knelpunten. Onderstaand staan op generiek niveau de belangrijkste inzichten gegroepeerd naar thema.

Omvang, geografische spreiding en karakter van de doelgroepen

Doelgroepen

Voor elke Brabantse gemeente is er tot op het niveau van individuele buurten in beeld gebracht hoeveel woningeigenaren de investering in verduurzaming van de woning niet op kunnen brengen en hoeveel huishoudens te maken hebben met een relatief hoge energierekening. Ook achtergrondkenmerken, zoals inkomenspositie, huishoudsamenstelling, bouwjaar, woningtype en kwaliteit van de woning zijn bekend van deze huishoudens. Deze inzichten kunnen door gemeenten en woningcorporaties meegenomen worden bij het opstellen van de Transitievisie Warmte en de prioritering van wijken. Ook kunnen deze inzichten worden meegenomen bij doelgroepgericht vormgeven van beleid: bij huishoudens met een hoge energiequote in een label A of B woning ligt het bijvoorbeeld voor de hand om in te zetten op de mogelijkheid tot gedragsaanpassing. Het aantal huishoudens dat meer dan 10% van het huishoudinkomen kwijt is aan energiekosten (huishoudens met een hoge energiequote) loopt op gemeenteniveau uiteen van 6,5 tot 15,7%. Op buurtniveau kan dit percentage oplopen tot 39,3% van de huishoudens (zie hier het rapport). Het aantal woningeigenaren dat geen eigen geld heeft of geen leningen kan afsluiten om investeren in energiemaatregelen, ligt in heel Noord-Brabant tussen de 5,9% en 13,6% (afhankelijk van de hoogte van het benodigde investeringsbedrag).

Op wijkniveau kan dit percentage bij een investeringsbedrag van € 25.000,- oplopen tot 47,6% van de woningeigenaren (zie hier het rapport).

46 / 56

De opgave kent verschillende doelgroepen, die elk hun eigen uitdagingen en hobbels tegenkomen als het gaat om meedoen met de energietransitie. Het onderscheid tussen woningeigenaren en huurders met een smalle beurs is belangrijk. Huurders zijn afhankelijk van de verhuurder voor het verduurzamen van de woning. Woningcorporaties hebben hierbij een sleutelpositie en zijn primair verantwoordelijk voor het verduurzamen van de eigen woningvoorraad. Woningeigenaren zullen zelf moeten financieren. Dat is niet voor alle woningeigenaren mogelijk. Bovendien ontbreekt voor particuliere woningeigenaren met een smalle beurs een duidelijke probleemeigenaar als het gaat om financiering en ontzorging. Woningeigenaren die te maken krijgen met een collectieve aanpak, zoals de woningeigenaren in gespikkeld bezit, vormen een bijzondere doelgroep: zij dienen zelf te investeren, maar hebben geen invloed op het moment waarop de collectieve renovatie plaatsvindt en ook niet altijd op de wijze van verduurzaming.

Ondersteuning van bewoners en contact met bewoners En nog veel meer

Financiering – woningeigenaren Alles valt of staat met financiering. Financiële overwegingen spelen een belangrijke rol in het beslisproces van mensen als het gaat om het verduurzamen van de woning.

De drempels die de energietransitie opwerpt (de complexiteit van de opgave, het financieringsvraagstuk, toegankelijkheid van informatie en taalgebruik) maken dat (de meeste) mensen het verduurzamen van de woning niet uit zichzelf initiëren of doen. Het is te ingewikkeld. Een koppeling aan collectieve aanpakken (een renovatie- en verduurzamingsproces van een woningcorporatie / wijkaanpakken) is nodig om woningeigenaren met een smalle beurs te bereiken en om de voorwaarden te creëren om hen mee te laten doen. Zorg in de collectieve aanpakken voor een vaste, vertrouwde en onafhankelijke contactpersoon voor de woningeigenaren. Dit geldt ook voor huurders in renovatie- en onderhoudsprocessen. Deze contactpersoon is de koppeling tussen de systeemwereld en de dagelijkse leefwereld van bewoners. Het vereenvoudigen en gevisualiseerd en stapsgewijs aanbieden van informatie is belangrijk in het contact met de woningeigenaren, maar op zichzelf niet voldoende. Per stap in het proces moet visualisatie gepaard gaan met opvolging in de vorm van persoonlijk contact. Dit om aanvullende vragen te beantwoorden, zorgen weg te nemen en mensen op weg te helpen. Persoonlijk contact is noodzakelijk, dit moet laagdrempelig zijn, bijvoorbeeld door een 06 nummer of een foto bij correspondentie toe te voegen.

Sluit in de communicatie aan bij de leefwereld van bewoners en maak gebruik van kennis over wat er speelt in de buurt en in hoeverre bewoners elkaar kennen en elkaar tot actie kunnen aanzetten (peer-to-peer). In de afwegingen van bewoners om mee te doen met een collectieve aanpak speelt de beschikbaarheid van een financiële regeling een cruciale rol. Daarbij moet rekening gehouden worden met: o financiële draagkracht en maandlasten o leenaversie o toekomst: verhuizing en terugval in inkomen (werkloosheid) Daarnaast geldt: o individueel belang boven collectief belang (‘wat betekent het voor mij’) o woningaanzicht (waarde behoud woning) en wooncomfort (tocht, schimmel, vocht) zijn belangrijke motivatoren van bewoners o keuzevrijheid (kunnen kiezen tussen verschillende maatregelenpakketten) o energiebesparing, die zich vertaalt in lagere maandlasten o energietransitie of verduurzaming speelt bijna geen rol

47 / 56

In het huidige stimuleringssysteem moeten woningeigenaren, gebruik makend van eigen geld of door het aangaan van leningen, zelf investeren en aan de slag met hun woning. Echter, voor woningeigenaren met een smalle beurs en (te) weinig leencapaciteit is het (landelijke) financieringsinstrumentarium nog beperkt uitgewerkt of in ontwikkeling. Er ontstaat bovendien een probleem als mensen geen of weinig spaargeld hebben en de totale investering, qua verduurzaming en (achterstallig) onderhoud aan de woning, niet wordt terugverdiend met de maandelijkse besparing op de energierekening. De maandlasten stijgen dan als gevolg van de maandelijkse aflossing: er is sprake van een onrendabele top. De onrendabele top kan soms behoorlijk groot zijn en de financiële draagkracht van huishoudens te boven gaan. Voor woningeigenaren met (net) voldoende leencapaciteit, blijft de onrendabele top voorlopig een probleem. De financiering voor deze huishoudens is niet woonlastenneutraal rond te krijgen met bestaande financieringsvormen: hypotheken en groene leningen. Bij het opstarten van collectieve aanpakken (wijkaanpakken en gespikkeld bezit) is daarom de vraag belangrijk of er een (publieke) instelling is die de onrendabele top wil afdekken. Collectieve aanpakken zijn arbeidsintensief.

Vooralsnog is er geen (landelijke) regeling, van waaruit budgetten voor de proceskosten beschikbaar gesteld worden en is het afhankelijk van het bestuurlijk commitment en de capaciteit (menskracht en middelen) van gemeenten en andere stakeholders zoals de woningcorporaties in hoeverre deze willen en kunnen gaan in het bieden van ontzorgingstrajecten voor huishoudens met een smalle beurs.

Samenwerking lokaal

Uitdagingen

Collectieve verduurzamingsprocessen zijn arbeidsintensief – zowel in de fase waarin de samenwerking met stakeholders lokaal moet worden vormgegeven als in de uitvoeringsfase waarin contact gelegd en onderhouden moet worden met de doelgroep, en waarbij continu geschakeld moet worden tussen systeem- en leefwereld.

De systeemwereld matcht niet goed met de leefwereld van bewoners. Collectieve renovatie- en onderhoudsprocessen zijn een manier om huishoudens met een smalle beurs te bereiken, maar komen deze voor huishoudens vrijwel ‘nooit op het juiste moment’: deze processen sluiten qua timing en fasering lang niet altijd aan bij de wensen en behoeften van bewoners.

Bestuurlijk commitment is een voorwaarde: dit moet vertaald worden in budget en capaciteit voor betrokken (beleids)medewerkers – zowel vanuit het energie-/duurzaamheidsdomein als vanuit het sociaal domein (leefbaarheidsconsulent, welzijnswerk, onafhankelijke contactpersoon voor bewoners).

Het financieringsvraagstuk speelt in elke pilot een belangrijke rol. Het gebrek aan financieringsmogelijkheden of -aanbod problematiseert het benaderen van of het in contact gaan met de doelgroep.

Schaalbaarheid en versnelling van de energietransitie zijn vragen, die boven ‘de markt’ hangt. Tegelijkertijd hebben we in alle pilotprojecten gezien dat een aanpak die rekening houdt met de mogelijkheden, wensen en behoeften van bewoners en die hen ontzorgt in het verduurzamingsproces de kans vergroot dat huishoudens met een smalle beurs meedoen. Dat is arbeidsintensief en vraagt om maatwerk.

Bij externe inhuur, waar wegens beperkte capaciteit of tekort aan interne expertise, regelmatig sprake van is, is het belangrijk dat de ingehuurde krachten een goede inbedding krijgen in de gemeente of organisatie.

Zie hier een compleet overzicht van de tools die zijn gebruikt

48 / 56

10. Tools & producten

De pilot Energie voor Iedereen heeft verschillende tools en producten ontwikkeld. Deze zijn in co-creatie vanuit een social design aanpak ontwikkeld met stakeholders, ter ondersteuning én verbinding met de doelgroep en binnen de projectgroep. Hieronder een overzicht per categorie. Heb je vragen over de social design aanpak of één van de tools en/of producten? Neem contact op met info@wijzijnzet.nl

In gesprek met de doelgroep

Gesprekstool kennismaking Bernheze

Gesprekstool kennismaking Tilburg

Deze tool is gebruikt in Bernheze om met particuliere huiseigenaren in gesprek te gaan over hun persoonlijke en financiële situatie en hun woning. Dit ging om open gesprekken zonder directe aanleiding.

Deze tool is gebruikt in Tilburg om met particuliere huiseigenaren in gesprek te gaan over hun persoonlijke, financiële situatie en woning. De aanleiding was een aanstaande wijkrenovatie waar zij mogelijk aan mee konden doen.

Illustraties groot onderhoud Illustraties zijn beter te begrijpen dan woorden. Deze set illustraties hebben we gebruikt in Breda in gesprekken met huurders om het aanstaande groot onderhoud en alle gevolgen makkelijker uit te leggen.

Open tool

Open tool Open tool

49 / 56

Coronaproof straatgesprekken In Breda gingen we op straat in gesprek met wijkbewoners over welke maatregelen zij nu al nemen en zouden willen nemen in de toekomst. Door gebruik te maken van een groene loper, een bakfiets en een whiteboard konden we dat coronaproof doen.

Ondersteunen doelgroep

Stappenplan naar wijkrenovatie Een wijkrenovatie is een complex proces. Particuliere woningeigenaren (gespikkeld bezit) moeten dit proces snappen om er zelf aan deel te kunnen nemen. In Tilburg hebben we meerdere malen een visueel stappenplan ingezet om bewoners hierbij te ondersteunen.

Hulp bij voorwerk financiële mogelijkheden

Aangepaste visualisatie voor gespikkeld bezit In Tilburg hebben we de illustratie over de renovatie van de woningcorporatie aan hun huurders aangepast voor het gespikkeld bezit. Hier zijn de voordelen van de maatregelen voor de particuliere woningeigenaren en de bijbehorende kosten in beeld gebracht.

Particuliere woningeigenaren (gespikkeld bezit) moeten op een bepaald moment beslissen of ze mee doen met de wijkrenovatie. Hiervoor hebben ze inzicht nodig in hun financiële mogelijkheden. Deze tool helpt hen bij het voorwerk dat hiervoor nodig is.

Rekenvoorbeeld energiebespaarlening Renovatie van de woning gaat om grote bedragen die niet eenvoudig zijn op te brengen voor de doelgroep. Dit rekenvoorbeeld laat zien wat een energiebespaarlening aan maandlasten zou kosten en wat de renovatie aan besparing zou opleveren. Zo kregen particuliere woningeigenaren (gespikkeld bezit) in Tilburg meer inzicht in de maandlasten.

Open tool Open tool

Open tool

Open tool

Communicatie met de doelgroep

50 / 56

Aantrekkelijke brief Formele brieven van instanties worden vaak niet gelezen. In Tilburg gebruikten we een visueel aantrekkelijke brief in heldere taal met de contactpersonen zichtbaar in beeld.

Presentje als contactmoment in Tilburg

Aankondiging én resultaten van straatgesprekken

Toen er lang niks te melden was zijn we persoonlijk langs de deuren gegaan met een presentje. Zo hielden we op een positieve manier contact.

Formele brieven van instanties worden vaak niet gelezen. In Breda gebruikten we een herkenbare flyer om de straatgesprekken aan te kondigen. Diezelfde opmaak gebruikten we ook om onze inzichten uit die gesprekken weer aan bewoners terug te koppelen.

Open presentje Open tool

Open tool

Praatplaten projectgroep

51 / 56

Presentje als gespreksaanleiding Als je met bewoners in gesprek wilt is het fijn om een aanleiding te hebben. In Breda hadden we voor alle bewoners van de wijk een tasje met o.a. twee LEDlampen. Het overhandigen van het tasje was een positieve aanleiding om hen voor een gesprekje uit te nodigen.

Visualiseren als werkwijze Door te visualiseren wat de uitdagingen en vraagstukken waren maakten we complexe materie begrijpelijk voor de betrokken stakeholders in de projectgroep. Dit hielp ons om keuzes te maken.

Open tool

Flowchart wijkrenovatie en gespikkeld bezit

Analyse van gesprekken gespikkeld bezit Door de gesprekken met woningeigenaren te analyseren en te visualiseren kregen de stakeholders in Tilburg een beter beeld van de uitdagingen en consequenties met betrekking tot de wijkrenovatie.

Betrekken van particuliere woningeigenaren bij wijkrenovatie maakt het proces complexer. Om vat te krijgen op dit proces hebben we in Tilburg de verschillende stappen en rollen van de stakeholders in een flowchart bijeen gebracht. Dit helpt bij vooruitblikken én bij terugkijken om te leren.

Inzichten terugkoppelen Door open in gesprek te gaan met bewoners komt er veel meer informatie boven dan waar je in eerste instantie naar op zoek was. In Breda en in Tilburg hebben we die inzichten gebundeld zodat er binnen de gemeente acties op genomen kunnen worden.

Open tool

Open tool

Open tool

52 / 56

11. Zelf aan de slag?

Wil je ook aan de slag met een inclusieve energietransitie binnen jouw gemeente? We hopen dat alle ervaringen die we in het magazine met je hebben gedeeld, je hierin op weg helpt. Mocht je meer willen weten, schroom dan niet om contact op te nemen met de projectleiders EVI van de vier betrokken gemeenten. Op deze pagina zie je wie je waarvoor kunt benaderen en vind je hun contactgegevens. Zij zijn bereid om hun ervaringen te delen en te vertellen vanuit hun expertise.

Noëlle Peters Sengers

Organisatie: Gemeente Tilburg Functie: Beleidsmedewerker energietransitie Je kan mij benaderen voor: vragen over de Tilburgse aanpak van de sociale energietransitie.

Mariëlle Pieterse

Organisatie: Gemeente Breda Functie: Beleidsadviseur participatie Je kan mij benaderen voor: vraagstukken over participatie, armoede, werk en wijkgericht werken.

md.pieterse@breda.nl noelle.peters.sengers@tilburg.nl

Coen Vos

Organisatie: Gemeente Breda Functie: Beleidsadviseur duurzaamheid Je kan mij benaderen voor: vraagstukken over verduurzaming gebouwde omgeving, advisering aan inwoners over verduurzaming eigen woning, sociale energietransitie en financieringsconstructies.

cjm.vos@breda.nl

53 / 56

Merel van den Tillaart

Nicolaas Veltman

Organisatie: Gemeente Tilburg Functie: Projectleider EVI gemeente Tilburg Je kan mij benaderen voor: opstellen wijkgerichte verduurzamingsaanpak, verbinden van de wensen en behoeften van publieke, private en particuliere stakeholders

Pauline Slaa

Organisatie: Gemeente 'sHertogenbosch Functie: Beleidsmedewerker energietransitie Je kan mij benaderen voor: de energietransitie in het algemeen en de aanpak aardgasvrije buurten in het bijzonder.

Organisatie: Gemeente Bernheze Functie: Beleidsmedewerker duurzaamheid Je kan mij benaderen voor: vragen over het lokale duurzaamheidsbeleid binnen de gemeente Bernheze. Zie e-mailadres: Noëlle Peters Sengers (gemeente Tilburg)

m.vanden.tillaart@bernheze.org

54 / 56

p.slaa@s-hertogenbosch.nl

Ralf Klop

Organisatie: Gemeente Bernheze Functie: Projectleider EVI gemeente Bernheze Je kan mij benaderen voor: opstellen en uitvoeren van wijkgerichte aanpakken en begeleiding inwoners tot en met financiering en realisatie. Zie e-mailadres: Merel van den Tillaart (gemeente Bernheze)

55 / 56

Colofon Dit magazine is een uitgave van gemeenten Bernheze, Breda, Tilburg en 's-Hertogenbosch, provincie NoordBrabant, Enpuls B.V., Het PON & Telos en ZET.

EINDREDACTIE EN REALISATIE Het PON & Telos, Zet, Provincie Noord-Brabant Provincie Noord-Brabant VIDEO'S FOTO'S Marc Bolsius Jeroen van Eijndhoven / Beeld Werkt

Privacyverklaring

56 / 56

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=444bed76-79d6-44e3-bbcd-9a15629f9f1e