Centrumregeling stcrt-2018
Tekst van het document
STAATSCOURANT
Nr. 16337 20 maart 2018
Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814
Centrumregeling Leerplicht en Regionale Meld- en Coördinatiefunctie Regio Brabant Noord Oost (Regio 36b)
Hoofdstuk 1 Algemene bepaling Artikel 1 Begripsbepalingen Deze regeling verstaat onder: regeling: Centrumregeling Leerplicht en Regionale Meld- en Coördinatiefunctie Regio Brabant a. Noord Oost (Regio 36b); centrumgemeente: gemeente waaraan de bevoegdheden op grond van de Leerplichtwet 1969 en b. de Wet van 6 december 2001 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs enz. (regels inzake regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten) worden gemandateerd als bedoeld in artikel 8, vierde lid, van de Wgr: gemeente Oss; gastgemeenten: gemeenten die de onder b. genoemde bevoegdheden aan de centrumgemeente c. mandateren als bedoeld in artikel 8, vierde lid, van de Wgr: gemeenten Bernheze, Boekel, Boxmeer, Cuijk, Grave, Landerd, Meierijstad, Mill en Sint Hubert, Sint Anthonis en Uden; gemeenten: centrumgemeente en de gastgemeenten; d. colleges: colleges van burgemeester en wethouders van de centrumgemeente en de gastgemeene. ten; regio: Regio Brabant Noord Oost (Regio 36b); f. portefeuillehoudersoverleg Leerplicht en RMC: bestuurlijk overleg van de wethouders Leerplicht g. en RMC van de gemeenten in de regio; RBL BNO: Regionaal Bureau Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten Brabant Noordoost, organih. satieonderdeel van de centrumgemeente; wet: Leerplichtwet 1969; i.
RMC-wetgeving: Wet van 6 december 2001 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs, j. de Wet educatie en beroepsonderwijs en de Wet op de expertisecentra in verband met de invoering van de verplichting voor het bevoegd gezag tot het melden van voortijdige schoolverlaters die niet meer leerplichtig zijn, alsmede van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor het bestrijden van voortijdig schoolverlaten (regels inzake regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten).
Hoofdstuk 2Centrumconstructie: belangen, taken en bevoegdheden Artikel 2 Belangen De regeling is aangegaan met als doel het behartigen van de belangen van de gemeenten op het gebied van de doelmatige uitvoering van de wet en van de RMC-wetgeving. Artikel 3 Centrumgemeente De gemeente Oss is aangewezen als centrumgemeente. 1. Er zijn drie locaties vanuit waar de centrumgemeente haar taken uitvoert: Cuijk, Oss en Meierijstad 2. (locatie Veghel). Artikel 4 Taken De centrumgemeente is belast met de uitvoering van de wet en van de RMC-wetgeving, waaronder in ieder geval wordt begrepen: het aanwijzen van ambtenaren die regionaal toezien op de naleving van de wet en de werkzaam1. heden uitvoeren die voortvloeien uit de RMC-wetgeving; het vaststellen, het wijzigen en/of actualiseren van de instructie leerplichtambtenaar en RMC2. functionaris; het voorbereiden van de jaarlijkse begroting en afrekening; 3. het opstellen van het jaarverslag; 4. het monitoren op de verplichtingen van onderwijsinstellingen in het kader van de wet en RMC5. wetgeving; het toezenden van de gemeenschappelijke regeling aan Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, 6. zoals bedoeld in artikel 26 van de Wgr, en het toezenden aan de Minister en de hoofden als bedoeld in artikel 17 van de wet.
1
Staatscourant 2018 nr. 16337
20 maart 2018
Artikel 5 Bevoegdheden De colleges van de gastgemeenten geven aan de centrumgemeente mandaat, volmacht en 1. machtiging om binnen de kadernota zoals bedoeld in artikel 12 van deze regeling de in artikel 4 genoemde taken uit te voeren. Het college van de centrumgemeente kan de bevoegdheden in het eerste lid ondermandateren 2. aan de medewerkers van het RBL BNO, met uitzondering van de bevoegdheid tot het aanwijzen van ambtenaren die toezien op de naleving van de wet en het wijzigen van de instructie leerplichtambtenaar en RMC-functionaris. Artikel 6 Extra dienstverlening De centrumgemeente of een gastgemeente kan na instemming van de portefeuillehouders Leer1. plicht en RMC van de gemeenten extra dienstverlening inkopen bij het RBL BNO. Het RBL BNO brengt een offerte uit aan de inkopende gemeente. 2.
Hoofdstuk 3 Informatie en verantwoording Artikel 7 Bestuurlijk overleg De portefeuillehouder Leerplicht en RMC van de centrumgemeente overlegt ten minste tweemaal 1. per jaar met de portefeuillehouders Leerplicht en RMC van de gastgemeenten in het portefeuillehoudersoverleg Leerplicht en RMC. De portefeuillehouders Leerplicht en RMC van de gemeenten komen voorts bijeen wanneer een 2. derde van hen dit onder opgaaf van redenen noodzakelijk acht. Het extra bestuurlijk overleg bedoeld in het tweede lid wordt uiterlijk binnen twee weken na het 3. verzoek van een derde van de portefeuillehouders Leerplicht en RMC belegd door de centrumgemeente. De portefeuillehouder Leerplicht en RMC van de centrumgemeente bereidt samen met de afge4. vaardigde(n) van de portefeuillehouders Leerplicht en RMC van de gastgemeenten het (extra) bestuurlijk overleg voor. In het bestuurlijk overleg bedoeld in het eerste lid wordt in ieder geval gesproken over de algemene 5. financiële en beleidsmatige kaders en de (voorlopige) jaarrekening over de leerplicht en de RMCfunctie van de regio 36b. Artikel 8 Ambtelijk overleg Er is ambtelijk overleg voorafgaand aan het bestuurlijk overleg. 1. In het ambtelijk overleg is iedere gemeente vertegenwoordigd. 2.
Artikel 9 Informatievoorziening gastgemeenten – centrumgemeente De gastgemeenten leveren op aanvraag van de centrumgemeente alle informatie aan die de centrumgemeente voor de uitoefening van haar taken als bedoeld in deze regeling nodig heeft. Zij dragen zorg voor de tijdige levering van actuele BRP-gegevens van alle in de gastgemeente woonachtige jongeren in de leeftijd van 4 tot 23 jaar. Artikel 10 Informatievoorziening centrumgemeente – gastgemeenten Tussentijdse bestuurlijke terugkoppeling over de uitvoering van deze centrumregeling vindt plaats 1. via het portefeuillehoudersoverleg Leerplicht en RMC. Het college van de centrumgemeente geeft de colleges van de gastgemeenten schriftelijk de door 2. een of meer leden van de colleges van de gastgemeenten gevraagde inlichtingen, tenzij het verstrekken daarvan in strijd is met de wetgeving of het openbaar belang. Artikel 11 Managementinformatie De centrumgemeente verstrekt jaarlijks aan de gemeenten: een leerplichtjaarverslag; 1. een afschrift van de RMC effectrapportage zoals ingediend bij het ministerie van OCW; 2. een afschrift van de leerplichtjaarcijfers verstrekt aan het ministerie van OCW op grond van artikel 3. 25 van de wet; overige rapportages over de uitvoering van de gemandateerde taken die aan het college en de 4. raad van de centrumgemeente worden aangeboden.
Hoofdstuk 4 Financiële bepalingen Artikel 12 Kadernota Het college van de centrumgemeente zendt voor 1 februari van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de kadernota met daarin de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de collegesen raden van de gemeenten, die beiden hun zienswijzen kenbaar kunnen maken. Artikel 13 Begroting Het college van de centrumgemeente zendt voor 15 april van het jaar voorafgaande aan dat 1. waarvoor de begroting dient, de conceptbegroting met daarin de te vergoeden kosten per gemeente
2
Staatscourant 2018 nr. 16337
20 maart 2018
2. 3.
voor het komende kalenderjaar aan de colleges en radenvan de gemeenten, die beiden hun zienswijzen kenbaar kunnen maken. Het college van de centrumgemeente stelt voor 15 juli met inachtneming van de ingebrachte zienswijzen de begroting vast. Wijzigingen in de begroting worden na instemming van de colleges van de gemeenten doorgevoerd.
Artikel 14 Financiële verantwoording Het college van de centrumgemeente zendt voor 15 april van het jaar de conceptjaarrekening met 1. daarin de kosten per gemeente van het afgelopen jaar aan de colleges en raden van de gemeenten. Het college van de centrumgemeente stelt de jaarrekening voor 15 juli vast. 2. Artikel 15 Wijze van betaling Betaling van de gemeentelijke bijdrage aan de centrumgemeente geschiedt jaarlijks op basis van de vastgestelde begroting.
Hoofdstuk 5Wijziging, toetreding, uittreding, en opheffing Artikel 16 Wijziging De colleges van de gemeenten kunnen aan de centrumgemeente voorstellen doen tot wijziging 1. van de regeling. Na een positief advies van het portefeuillehoudersoverleg Leerplicht en RMC over het wijzigings2. voorstel stuurt de centrumgemeente een daartoe strekkend voorstel aan de gemeenten. Een wijziging is tot stand gekomen, wanneer alle colleges daartoe hebben besloten na verkregen 3. toestemming van hun raden. Op de wijziging van deze regeling is artikel 26 van deze regeling van overeenkomstige toepassing. 4. Artikel 17 Toetreding Andere gemeenten kunnen tot deze regeling toetreden, wanneer alle colleges daartoe hebben 1. besloten na verkregen toestemming van hun raden. De gemeenten regelen in overleg de rechten en verplichtingen die voor de toe te treden gemeente 2. uit de regeling voortvloeien. Indien een gemeente tot de regeling wenst toe te treden, draagt deze gemeente de financiële 3. gevolgen van deze toetreding. Op de toetreding tot deze regeling is artikel 26 van deze regeling van overeenkomstige toepassing. 4. Artikel 18 Uittreding Een gastgemeente kan uit deze regeling treden door daartoe strekkend besluit van het college 1. van die gemeente na verkregen toestemming van de betreffende raad. Een gastgemeente kan uitsluitend per 1 januari van een kalenderjaar uittreden. 2.
Het voornemen tot uittreding wordt door de gastgemeente minimaal één jaar van tevoren per 3. aangetekende brief kenbaar gemaakt aan de centrumgemeente. Als een gastgemeente uittreedt, betaalt deze gemeente: 4. het eerste jaar na uittreding 100 % van de laatst betaalde gemeentelijke bijdrage; het tweede jaar na uittreding 80% van haar gemeentelijke bijdrage; het derde jaar na uittreding 60% van haar gemeentelijke bijdrage; het vierde jaar na uittreding 40% van haar gemeentelijke bijdrage; het vijfde jaar na uittreding 20% van haar gemeentelijke bijdrage. 1.Op de uittreding uit deze regeling is artikel 26 van deze regeling van overeenkomstige toepassing. Artikel 19 Opheffing De regeling wordt opgeheven, wanneer alle colleges daartoe hebben besloten na verkregen toe1. stemming van hun raden. Indien de regeling wordt opgeheven regelt de centrumgemeente de financiële 2. gevolgen daarvan in een opheffingsplan. De centrumgemeente registreert de werkelijke kosten die zij na het besluit tot opheffing per jaar 1. maakt voor het te herplaatsen personeel en declareert deze bij de gastgemeenten. De verdeelsleutel van de opheffingsbijdrage is gelijk aan het percentage van het totaalbudget Leerplicht van het jaar van opheffing. Het is in ieders belang de opheffingskosten zo laag mogelijk te houden. Iedere gemeente levert 2. een bijdrage aan het te herplaatsen personeel.
De bijdrage aan de opheffingskosten voor alle gemeenten komt te vervallen als al het personeel 3. is herplaatst. Op de opheffing van deze regeling is artikel 26 van deze regeling van overeenkomstige toepassing. 4.
3
Staatscourant 2018 nr. 16337
20 maart 2018
Hoofdstuk 6Overige bepalingen Artikel 20 Duur van de regeling De regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. Artikel 21 Bezwaar en klachten Een belanghebbende kan een bezwaarschrift indienen tegen een besluit: 1. in het kader van uitvoering van de wet en in het kader van de RMC-functie van de regio 36b: a. bij het college van de centrumgemeente; op grond van artikel 14, derde lid tweede volzin van de wet: bij de leerplichtambtenaar. b. 1. 2. 3.
De belanghebbende dient het bezwaarschrift in bij het college van de centrumgemeente respectievelijk de leerplichtambtenaar die het bestreden besluit heeft genomen. Het bezwaarschrift wordt behandeld conform de bezwaarschriftenprocedure van de centrumgemeente. Op een klacht ingediend tegen een gedraging van een medewerker van het RBL BNO zijn de interne en externe klachtenprocedure van de centrumgemeente van toepassing.
Artikel 22 Archief De centrumgemeente draagt zorg voor de archiefbescheiden conform haar archiefregeling. Artikel 23 Privacy De centrumgemeente beschermt en beveiligt de onder haar berustende persoonsgegevens van de gastgemeenten overeenkomstig de daarvoor geldende wetgeving. Artikel 24 Geschillen In geval van een geschil over de inhoud, strekking of uitvoering van deze regeling wordt eerst en vooral getracht dit op ambtelijk niveau tot een oplossing te brengen. Mocht dat niet slagen, dan wordt de kwestie aan het portefeuillehoudersoverleg Leerplicht en RMC voorgelegd. Als dat niet leidt tot een oplossing, wordt het geschil voorgelegd aan de bevoegde rechter. Artikel 25 Onvoorziene omstandigheden In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, treden de centrumgemeente en de betreffende gastgemeente(n) in overleg. Dit wordt gemeld en/of geagendeerd tijdens de eerstvolgende bijeenkomst van het portefeuillehoudersoverleg. Hoofdstuk 7Slotbepalingen Artikel 26 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na bekendmaking van de regeling 1. in de Staatscourant door de centrumgemeente. Het centrumgemeente zendt deze regeling aan Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant. 2. De gemeenten nemen deze regeling op in het door hen bij te houden register als bedoeld in artikel 3. 27, lid 1 van de Wgr.
Artikel 27 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Centrumregeling Leerplicht en Regionale Meld- en Coördinatiefunctie Regio Brabant Noord Oost (Regio 36b). Aldus vastgesteld door Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bernheze d.d. Namens de gemeente Bernheze … , wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boekel d.d. Namens de gemeente Boekel …., wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxmeer d.d. Namens de gemeente Boxmeer …, wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cuijk d.d. Namens de gemeente Cuijk …., wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Grave d.d. Namens de gemeente Grave …., wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Mill en Sint Hubert d.d. Namens de gemeente Mill en Sint Hubert …, wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Landerd d.d. Namens de gemeente Landerd …, wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad d.d.
4
Staatscourant 2018 nr. 16337
20 maart 2018
Namens de gemeente Meierijstad …, wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss d.d. Namens de gemeente Oss …, wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Sint Anthonis d.d. Namens de gemeente Sint Anthonis …, wethouder Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Uden d.d. Namens de gemeente Uden …, wethouder
5
Staatscourant 2018 nr. 16337
20 maart 2018