CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

BP Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther - Regels

Commissie Ruimtelijke Zaken 3 april 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther10.339 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

het ophogen, egaliseren en ontginnen van gronden; het bodemverlagen of afgraven van gronden; het uitvoeren van grondbewerkingen dieper dan 0,40 m vanaf maaiveld; het aanbrengen van diepwortelende beplantingen; het aanleggen of verharden van wegen, rijwielpaden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport- energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies.

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (vastgesteld) 27

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

6.3.2

Verlening

Een omgevingsvergunning wordt slechts verleend, indien door de werken en/of werkzaamheden, dan wel door de daarvan (direct of indirect) te verwachten gevolgen de archeologische waarden niet onevenredig (kunnen) worden geschaad.

6.3.3

Uitzondering omgevingsvergunning

Het in 6.3.1 vervatte verbod is niet van toepassing, indien: a. het gaat om onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels en leidingen; b. er sprake is van bodemingrepen kleiner dan 2.500 m² en niet dieper dan 0,4 m vanaf het maaiveld; c. op basis van bureauonderzoek, inventariserend of aanvullend archeologisch vooronderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen behoudenswaardige archeologische relicten aanwezig zijn; d. de werken en werkzaamheden 1. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; 2. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning; e. de werken en werkzaamheden op aanvullend of definitief archeologisch onderzoek zijn gericht; f. de werken en werkzaamheden het normale onderhoud en/of de normale exploitatie betreffen.

28 vastgesteld)

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

Hoofdstuk 3 Artikel 7

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwpan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (vastgesteld) 29

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

Artikel 8 8.1

Algemene aanduidingsregels

Landschappelijke inpassing

Ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van groen - landschappelijke' zijn specifieke regels van toepassing die zijn opgenomen in artikel 3.5.3.

8.2

Natuurontwikkeling

In aanvulling op het bepaalde in overige artikelen geldt ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - natuurcompensatie' dat die gronden tevens bestemd zijn voor de ontwikkeling, instandhouding, het behoud van natuur conform het natuurontwikkelingsplan zoalsopgenomen in Bijlage 3 Natuurontwikkelingsplan bij deze regels.

8.3

Overige zone - groenblauwe mantel

Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - groenblauwe mantel' zijn specifieke regels van toepassing die zijn opgenomen bij: 3.1, 3.2.1, 3.8.1 onder b en c.

8.4

Reconstructiewetzone - extensiveringsgebied

Ter plaatse van de aanduiding 'reconstructiewetzone - extensiveringsgebied' zijn specifieke regels van toepassing, die zijn opgenomen in artikel 3.2.2.

30 vastgesteld)

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

Artikel 9 9.1

Algemene afwijkingsregels

Afwijkingsbevoegdheid

Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning verlenen: a. voor het toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geven; b. van de planregels met het oog op de aanpassing aan de werkelijke afmetingen van het terrein, mits de structuur van het plan niet wordt aangepast, de belangen van derden in redelijkheid niet worden geschaad en de omgevingsvergunning gewenst en noodzakelijk wordt geacht voor de juiste verwezenlijking van het plan; c. van de planregels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde en toestaan dat de bouwhoogte van kunstwerken en van zend-, ontvang- en/of sirenemasten wordt vergroot tot maximaal 40 m.; d. van het bepaalde ten aanzien van de maximale bouwhoogte van gebouwen en toestaan dat de bouwhoogte van gebouwen wordt vergroot ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen hoger dan 2,5 m., luchtkokers, liftkokers en lichtkappen; e. van in het plan genoemde goothoogten, bouwhoogten, oppervlaktematen, mits: 1. dit noodzakelijk is vanuit constructieve vereisten, architectonisch belang of oogpunt van duurzaamheid; 2. de vergroting maximaal 10% bedraagt; 3. de toegestane maximale inhoudsmaat niet wordt overschreden. 9.2

Afwegingskader

Een in 7.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. b. c. d. e. f.

het straat- en bebouwingsbeeld; de milieusituatie; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; de sociale veiligheid; de externe veiligheid.

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (vastgesteld) 31

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

Artikel 10 10.1

Algemene wijzigingsregels

Wijzigingsbevoegdheid

10.1.1 Algemeen Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen en: a. nadere aanduidingen met betrekking tot de functie van de verbeelding verwijderen of wijzigen in een andere nader te bepalen aanduiding; b. bestemmingsgrenzen met max. 5 m. verschuiven. 10.1.2 Afwegingskader Ter beoordeling van de toelaatbaarheid van de in 8.1.1 genoemde wijzigingsregels vindt een evenredige belangenafweging plaats, waarbij betrokken worden: a. de mate waarin waarden, die het plan beoogt te beschermen, kunnen worden geschaad; b. de mate waarin de belangen van gebruikers en/of eigenaren van de aanliggende gronden worden geschaad; c. de mate waarin de uitvoerbaarheid, waaronder begrepen de milieutechnische-, de waterhuishoudkundige-, de archeologische-, de ecologische-, de verkeerstechnische toelaatbaarheid en de stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond. 10.2

Algemene sloopregeling

10.2.1 Algemeen Burgemeester en wethouders kunnen, conform het bepaalde in de artikelen 3.8.1 het plan wijzigen en de functietypen 'agrarisch bedrijf' wijzigen in het functietype 'wonen', onder de voorwaarden dat: a. bestaande bedrijfsgebouwen worden gesloopt, waarbij geldt dat 100 m² als bijgebouw bij de woning is toegestaan, met dien verstande dat wanneer de bestaande oppervlakte aan bedrijfsgebouwen meer bedraagt dan 100 m² ten hoogste 75% van deze meerdere oppervlakte behouden of vervangen mag worden tot een maximale gezamenlijke oppervlakte van 500 m²; b. de gebouwen niet betrokken zijn geweest bij de ruimte-voor-ruimte-regeling, Regeling Beëindiging Veehouderijtakken of een andere regeling waarvoor een sloopvergoeding wordt ontvangen. 10.2.2 Specifieke bevoegdheid De onder 10.2.1 bedoelde sloop van bestaande gebouwen, mag ook inhouden de sloop van bestaande gebouwen elders in het plangebied, met dien verstande dat de bestemming van het bouwperceel waar gesloopt wordt, gewijzigd wordt in de gebiedsbestemming, danwel het functietype 'wonen' met inachtneming van de wijzigingsbevoegdheid.

10.2.3 Aanvullend afwegingskader Deze wijzigingsbevoegdheid is niet van toepassing op gebouwen, die weliswaar bestaan op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan, doch zijn gebouwd in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

10.3

Strijdig gebruik

Tot een met de bestemming strijdig gebruik, wordt gerekend het gebruik van de gronden en opstallen anders dan het toegestane gebruik, wanneer het gebruik leidt tot een toename van stikstofdepositie.

32 vastgesteld)

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

Artikel 11 11.1

Overige regels

Werking wettelijke regelingen

De wettelijke regelingen waarnaar in de regels van dit plan wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van de inwerkingtreding van het plan.

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (vastgesteld) 33

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

Hoofdstuk 4 Artikel 12 12.1

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in sub a met maximaal 10%; c. Sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 12.2

Overgangsrecht gebruik

a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde in sub a te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. Indien het gebruik, bedoeld in sub a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. Sub a is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

34 vastgesteld)

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (

bestemmingsplan Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther

Artikel 13

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther'.

bestemmingsplan "Laverdonk 9a Heeswijk-Dinther" (vastgesteld) 35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=d0d6f6d0-f339-4820-8cc1-4ccbe3200d06