CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen toelichting_Bijlage 20 Stikstofdepositie-onderzoek

Commissie Ruimte en Leefbaarheid 11 november 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Herstelbesluit Woonlocatie Hommelsedijk/Nobisweg4.387 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Opdrachtgever: Projectnr: Datum:

Ruimte voor Ruimte RVR007 7 oktober 2025

1

Opdrachtgever: Projectnr: Rapportnr: Status: Datum:

Ruimte voor Ruimte RVR007 20251007-RVR007-RAP-STD-5.0 Definitief 7 oktober 2025

Opsteller: RSC

-+C0RSC+-

Verificatie: SR

-+R0SR+-

Validatie: T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl

SR

+V0SR+-

© 2025 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.

2

INHOUDSOPGAVE 2.1 2.2

Algemeen.................................................................................................................................................................. 5 Situering Natura 2000-gebieden.................................................................................................................................... 6

3.1 3.2 3.3 3.4

Landelijke wet- en regelgeving ...................................................................................................................................... 8 Voortoets .................................................................................................................................................................. 8 Passende beoordeling .................................................................................................................................................. 8 Toetsingskader buurlanden ........................................................................................................................................... 9

4.1 4.2 4.2.1 4.2.2 4.3 4.3.1 4.3.2

Algemeen................................................................................................................................................................ 11 Beoogde situatie....................................................................................................................................................... 11 Stookinstallaties ....................................................................................................................................................... 12 Verkeer .................................................................................................................................................................. 12 Aanlegfase .............................................................................................................................................................. 13 Mobiele werktuigen .................................................................................................................................................. 13 Bouwverkeer ........................................................................................................................................................... 14

BIJLAGEN B1.1 B1.2 B1.3

Gebruiksfase Aanlegfase 2027 Aanlegfase 2028

3

1

INLEIDING In opdracht van Ruimte voor Ruimte is door Kragten een stikstofdepositie onderzoek uitgevoerd in verband met het woningbouwplan te Heeswijk-Dinther. Het plan behelst de beoogde ontwikkeling van maximaal 208 woningen uit verschillende segmenten. Doel van het onderzoek is toetsing van (negatieve) effecten op Natura 2000-gebieden, als gevolg van de beoogde ontwikkeling, aan de Wet natuurbescherming. Een van de mogelijke beïnvloedingsfactoren is stikstofdepositie, waarvoor voorliggend onderzoek is uitgevoerd. Ten behoeve van een toets in het kader van de Wet natuurbescherming is de beoogde situatie gemodelleerd op basis van expert-judgement en aangeleverde gegevens door de opdrachtgever. De stikstofdepositie is op de nabijgelegen Natura 2000-gebieden berekend en vervolgens is getoetst of de ontwikkeling (mogelijk) significant negatieve effecten veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. Voorliggende rapportage geeft een overzicht van de gehanteerde uitgangspunten en rekenmethodiek, de rekenresultaten en de bevindingen.

4

2

UITGANGSPUNTEN

2.1

Algemeen Het plangebied is gelegen aan de Nobisweg en Hommelsedijk te Heeswijk-Dinther. Navolgende afbeelding geeft een geografisch overzicht van de ligging van het plan en de omgeving.

Afbeelding 1

Ligging plangebied (bron: AERIUS Calculator)

Binnen het plangebied zijn 3 intensieve veehouderijen gelegen. Als gevolg van de beoogde gebiedsontwikkeling worden deze 3 agrarische bedrijven gesaneerd, te weten: Hommelsedijk 4a Hommelsedijk 4b Nobisweg 15 Het plan voorziet in de ontwikkeling van maximaal 208 woningen uit verschillende segmenten inclusief openbare ruimte en infrastructuur. Navolgende verbeelding geeft een weergave van het plan gelegen in Heeswijk-Dinther.

5

Afbeelding 2

2.2

Schetsontwerp woonlocatie Heeswijk-Dinther behorende bij het principeverzoek.

Situering Natura 2000-gebieden Ten behoeve van de stikstofdepositieberekeningen dient rekening gehouden te worden met de Natura 2000gebieden waar een relevante bijdrage vanwege het plan verwacht kan worden. Navolgend zijn de meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden opgesomd en weergegeven in de navolgende verbeelding. Aerius Calculator bepaalt in de berekening automatisch de van toepassing zijnde Natura 2000-gebieden met een relevant effect. -

Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek Kampina & Oisterwijkse Vennen Rijntakken Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen

circa 12,4 km van plan circa 16,0 km van plan circa 18,7 km van plan circa 18,9 km van plan

Overige Natura 2000-gebieden zijn op grotere afstand gelegen. De opgesomde en grafisch weergegeven Natura 2000-gebieden zijn niet gelijk aan de Natura 2000-gebieden met een relevante bijdrage maar geven slechts een overzicht van de ligging van het plan ten opzichte van nabijgelegen Natura 2000-gebieden.

6

Afbeelding 3

Situering Natura 2000-gebieden (bron: AERIUS Calculator)

7

3

WETTELIJK KADER

3.1

Landelijke wet- en regelgeving In het kader van de toets aan de Omgevingswet wordt bepaald of een project of plan (mogelijke) significante gevolgen veroorzaakt op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. Voor plannen en projecten dient middels een voortoets, eventueel gevolgd door een passende beoordeling, getoetst te worden of het plan of project mogelijk significante gevolgen kan hebben op gevoelige habitattypen die gelegen zijn binnen omliggende Natura 2000-gebieden.

3.2

Voortoets Bij de voortoets in het kader van de Omgevingswet draait het om de vraag of sprake kan zijn van significante gevolgen. De significantie van de gevolgen voor een gebied als gevolg van een plan of project worden afgezet tegen de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied, die zijn neergelegd in het aanwijzingsbesluit en zijn uitgewerkt in het beheerplan voor dat gebied. Wanneer een plan of project gevolgen heeft voor het gebied, maar de instandhoudingsdoelstellingen daarvan niet in gevaar brengt, zijn significante gevolgen uitgesloten. Bij deze toetsing wordt bekeken of de ontwikkeling afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben. In hoeverre stikstofdepositie voor significante gevolgen op Natura 2000gebieden kan zorgen, wordt in eerste instantie bepaald door te bezien of de ontwikkelingen die het plan of project mogelijk maakt tot een toename van stikstofdepositie leiden. Van ontwikkelingen die geen toename van de stikstofdepositie veroorzaken op Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige habitats waarvan de Kritische Depositie Waarde (KDW) wordt overschreden, zijn significante gevolgen met zekerheid uit te sluiten. In dit geval hoeft geen passende beoordeling te worden opgesteld.

Als uit de toets blijkt dat de realisatie van de in het plan opgenomen ontwikkelingsmogelijkheden wel leidt tot een toename van stikstofdepositie op één of meer in het kader van Natura 2000 beschermde stikstofgevoelige habitats waarvan de KDW al wordt overschreden of dreigt te worden overschreden door de toename van de stikstofdepositie. Waarbij tevens uit een ecologische toets blijkt dat significant negatieve gevolgen hierdoor niet kunnen worden uitgesloten, dan moet wel een passende beoordeling worden opgesteld. Ingeval een ontwikkeling een herhaling of voortzetting is van een plan of project waarvoor reeds eerder een passende beoordeling is gemaakt, kan ingevolge artikel 16.53c lid 2 van de Omgevingswet een nieuwe passende beoordeling achterwege blijven, voor zover deze redelijkerwijs geen nieuwe gegevens of inzichten kan opleveren omtrent de significante gevolgen ervan. De plan-m.e.r. die voor planologische procedures is gekoppeld aan het opstellen van een passende beoordeling is in een dergelijke situatie niet nodig. Feitelijk is er dan al een (nog steeds actuele) passende beoordeling aanwezig, die aantoont dat schadelijke gevolgen als gevolg van het plan zijn uitgesloten.

3.3

Passende beoordeling Wanneer een plan of project significante negatieve gevolgen kan hebben, moet het bestuursorgaan ingevolge de vergunningplicht Natura 2000-activiteit een passende beoordeling opstellen vóórdat een plan kan worden vastgesteld. In geval van een project kan middels een vergunning voor een Natura 2000-activiteit de ontwikkeling worden vergund. Deze passende beoordeling moet de zekerheid geven dat de natuurlijke kenmerken van het betreffende gebied niet worden aangetast.

8

Een plan of project dient rekening te houden met de in het aanwijzingsbesluit voor het betrokken gebied vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen en de wijze waarop deze zijn uitgewerkt in het voor het gebied vastgestelde beheerplan. De aanwijzingsbesluiten worden vastgesteld door de Minister van Economische Zaken. De beheerplannen worden over het algemeen vastgesteld door Gedeputeerde Staten van de provincie waarin het gebied geheel of grotendeels is gelegen, behalve voor zover de verantwoordelijkheid voor het beheer bij het Rijk ligt. Als het bevoegd gezag op grond van de passende beoordeling niet de vereiste zekerheid heeft verkregen dat een plan of project de natuurlijke kenmerken niet zal aantasten, kan het plan in beginsel niet worden vastgesteld of kan het project niet vergund worden. Dat is alleen anders als er geen alternatieve oplossingen beschikbaar zijn, sprake is van dwingende redenen van openbaar belang en compenserende maatregelen worden getroffen. In dat geval kan een plan toch worden vastgesteld c.q. een project worden vergund.

3.4

Toetsingskader buurlanden Nederland heeft met Duitsland en met België overlegd over de wijze waarop de bevoegde gezagen bij de beoordeling van aanvragen van toestemmingsbesluiten de gevolgen toetsen van activiteiten die stikstofdepositie veroorzaken op buitenlandse Natura 2000-gebieden. Nederland zal voor de toetsing van activiteiten die in Nederland plaatsvinden met gevolgen voor Natura 2000-gebieden in Duitsland of België dezelfde toetsingskaders hanteren als Duitsland en België zelf. Voor de toetsing op Belgische Natura 2000-gebieden wordt verwezen naar het “Decreet over de programmatische aanpak stikstof”1, hierbij gelden de volgende drempelwaarden: 1. Bij een omgevingsvergunningsaanvraag of een ontwerp van projectbesluit voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van Habitatrichtlijn niet vereist als de impactscore2 kleiner is dan of gelijk is aan een drempelwaarde van 1%. 2. Bij een omgevingsvergunningsaanvraag of een ontwerp van projectbesluit voor een mobiliteitsgerelateerd project is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht, ten aanzien van Habitatrichtlijn, niet vereist als de impactscore kleiner is dan of gelijk is aan een drempelwaarde van 1%. 3.

Voor een omgevingsvergunningsaanvraag voor de exploitatie van een veehouderij of mestverwerkingsinstallatie is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van Habitatrichtlijn niet vereist als de impactscore kleiner is dan of gelijk is aan een drempelwaarde van 0,025%. Voor de toetsing op Duitse Natura 2000-gebieden geldt het volgende toetsingskader: 1. Wanneer een project of een handeling op Nederlands grondgebied op geen enkel Natura 2000gebied in Duitsland een toename van stikstofdepositie van meer dan 7,14 mol per hectare per jaar veroorzaakt, is er geen bezwaar tegen het verlenen van toestemming voor deze activiteit. Dit stikstofaspect staat een vergunningverlening door het Nederlandse bevoegde gezag dan niet in de weg. 2. Wanneer een project of een handeling op Nederlands grondgebied op een Duits Natura 2000-gebied meer dan 7,14 mol per hectare per jaar aan stikstofdepositie veroorzaakt, maar minder dan 3% van de kritische depositiewaarde van een voor stikstof gevoelig habitattype of leefgebied waar de totale deposities hoger zijn dan de kritische depositiewaarde, verzoekt het Nederlandse bevoegd gezag aan het desbetreffende Duitse bevoegd gezag om vast te stellen of in cumulatie sprake kan zijn van significante gevolgen.

Als het Duitse bevoegd gezag vaststelt dat daarvan geen sprake is, staat dit stikstofaspect vergunningverlening door het Nederlandse bevoegd gezag niet in de weg.

1

Decreet over de programmatische aanpak van stikstof, goedgekeurd door Vlaams Parlement d.d. 24 januari 2024. 2 De impactscore is de procentuele bijdrage van jouw exploitatie aan de kritische depositiewaarde (KDW) voor de actuele oppervlakten habitattypen in de speciale beschermingszones aangewezen in uitvoering van de Habitatrichtlijn. 9

3.

Wanneer een project of handeling op Nederlands grondgebied op een Duits Natura 2000-gebied aan stikstofdepositie meer veroorzaakt dan 3% van de kritische depositiewaarde van een voor stikstof gevoelig habitattype of leefgebied waarvan de totale deposities hoger zijn dan de kritische depositie waarde, heeft het desbetreffende Nederlandse bevoegd gezag overleg met het desbetreffende Duitse bevoegd gezag. Zij zullen gezamenlijk bezien of en zo ja onder welke voorwaarden toestemming mag worden verleend. Ingeval het gaat om een project met mogelijk significante gevolgen als bedoeld in artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn, stelt degene die voornemens is het project te realiseren, daartoe een passende beoordeling op.

10

4

BEREKENINGSSYSTEMATIEK

4.1

Algemeen Ten behoeve van de berekening van de stikstofdepositie in de Natura 2000-gebieden is een rekenmodel opgesteld met behulp van AERIUS Calculator, versie 20253. AERIUS Calculator rekent op basis van het Operationele Prioritaire Stoffen model (OPS) van het RIVM en de Standaardrekenmethode 2 (SRM-2) uit artikel 8.10 van de Omgevingsregeling. In het kader van een voortoets dient beschouwd te worden of het plan afzonderlijk – of in combinatie met andere plannen – significante gevolgen ter plaatse van nabijgelegen Natura 2000-gebieden heeft.

4.2

Beoogde situatie Het plan is verdeeld in drie deelgebieden en wordt gefaseerd uitgevoerd. Navolgende afbeelding geeft een overzicht van deelgebieden voor de planfasering.

Afbeelding 4

Verdeling deelgebieden voor planfasering

In deelgebied A zijn maximaal 93 woningen voorzien, in deelgebied B maximaal 87 woningen en in deelgebied C maximaal 26 woningen. Navolgend een overzicht van de beoogde fasering.

3 https://calculator.aerius.nl/calculator/

11

Tabel 1

Fasering plan

Rekenjaar 2026 2027 2028 2029

Aanleg Sloop en bouwrijp maken Woningbouw deelgebied B en C Woningbouw deelgebied A Geen bouw

Gebruik Geen gebruik Geen gebruik Gebruik deelgebied B en C Gebruik volledige plan

Binnen het plan zijn verschillende bronnen met een relevante stikstofemissie aanwezig. De uitgangspunten voor de verschillende bronnen zijn in de navolgende paragrafen beschreven. Bijlage B1.1 geeft een weergave van de invoergegevens.

4.2.1

Stookinstallaties Middels de inwerkingtreding van de Wet voortgang energietransitie op 1 juli 2018 is voor netbeheerders de aansluitplicht op het landelijk gastransportnet voor nieuwbouwwoningen vervallen. De woningen worden gasloos, zonder stikstofemitterende stookinstallaties, gerealiseerd. Er vinden derhalve géén relevante emissies naar de lucht plaats ten gevolge van gasgestookte stookinstallaties. De NOx-emissie van het plan bedraagt derhalve 0,00 kg/jaar. De voor stikstofdepositie relevante bronnen in de gebruiksfase betreffen enkel de verkeersbewegingen ten gevolge van het plan en worden navolgend beschreven.

4.2.2

Verkeer Ten gevolge van het woningbouwplan vindt een verkeersaantrekkende werking plaats. In de bepaling van de stikstofdepositie is rekening gehouden met het arriverend en vertrekkend verkeer binnen het plan. Overeenkomstig de verkeerstoets is de verkeersgeneratie van het plan 1.409 voertuigbewegingen per dag middels licht verkeer. Het plan wordt echter gefaseerd uitgevoerd waardoor het verkeer jaarlijks toeneemt. In navolgende tabellen een overzicht van het verkeer ten gevolge van het gebruik per jaar. Tabel 2 Richtingsverdeling verkeer 2028 Richtingsverdeling 1 Centrum Heeswijk-Dinther / Veghel - 's Hertogenbosch 2 Nistelrode - Nijmegen 3 Uden - Vorstenbosch Totaal

Procentueel 70% 20% 10% 100%

Verkeersgeneratie 503 144 72 719

Totaal

Procentueel 70% 20% 10% 100%

Verkeersgeneratie 986 282 141 1.409

Tabel 3 Richtingsverdeling verkeer 2029 Richtingsverdeling 1 Centrum Heeswijk-Dinther / Veghel - 's Hertogenbosch 2 Nistelrode - Nijmegen 3 Uden - Vorstenbosch

Het verkeer is gemodelleerd binnen het plangebied en zal zich verdelen over een zuidelijke ontsluiting (route 1: Hommelsedijk), een noordelijke ontsluiting (route 2: Hommelsedijk) en een oostelijke ontsluiting (route 3: Vorstenbosserweg). Het verkeer is meegenomen tot waarna het verkeer is opgenomen in het heersend verkeersbeeld. De verkeersgeneratie is gemodelleerd middels het itemtype ‘Binnen bebouwde kom (normaal)’. Uit onderzoek van TNO4 is gebleken dat de emissie van wegverkeer kort na het starten met een koude motor, veel hoger is dan de emissie tijdens het rijden. Dit wordt de ‘koude start’ genoemd. Het aantal koude starten is toegevoegd als separate emissiebron “Verkeer” onder sector “Koude start: Overig”. Navolgende verbeelding geeft een weergave van de gehanteerde bronnen in de gebruiksfase.

4 Emissiefactoren wegverkeer 2024, TNO 2024 R11049, d.d. 4 juni 2024

12

Route 2 (20%)

Route 3 (10%)

Route 1 (70%)

Afbeelding 5

4.3

Grafische weergave gehanteerde bronnen gebruiksfase

Aanlegfase Aanvullend is een berekening uitgevoerd naar de aanlegfase. Zoals in tabel 1weergegeven wordt het plan gefaseerd uitgevoerd. In 2027 vindt de woningbouw plaats van deelgebieden B & C en in 2028 worden de woningen van deelgebied A gebouwd. Navolgend worden de uitgangspunten voor de berekening naar de aanlegfase beschreven. Bijlage B1.2 geeft een weergave van de invoergegevens voor de aanlegfase in 2027 en bijlage B1.3 voor de invoergegevens voor de aanlegfase in 2028.

4.3.1

Mobiele werktuigen Ten behoeve van de aanlegfase van het project wordt gebruik gemaakt van mobiele werktuigen. De AERIUS Calculator berekend de stikstofemissie van mobiele werktuigen op basis van de STAGE categorie (motortechniek), het vermogen, het brandstofverbruik, de draaiuren en het AdBlue verbruik.  De exacte inzet van type materieel en draaiuren is ten tijde van uitvoeren van dit onderzoek nog niet bekend. De gehanteerde uitgangspunten zijn op basis van expert judgement bepaald.  Voor de stagecategorie wordt uitgegaan van STAGE IV (bouwjaar vanaf 2014).  Het vermogen is bepaald op basis van het type materieel.  Voor het bepalen van het brandstofverbruik is conform de TNO methodiek5 gebruik gemaakt van de invoer van het vermogen, de belasting en de motortechnologie (STAGE-klasse).  Voor het AdBlue verbruik wordt uitgegaan van een percentage van het dieselverbruik conform de Instructie Gegevensinvoer bij mobiele werktuigen met een vermogen hoger dan 56 kW. Bij een vermogen lager dan 56 kW is geen AdBlue toegepast. Het percentage AdBlue is 3% voor Stage IIIb en 6% voor Stage IV en nieuwer. Bijlage B2 geeft een volledige weergave van de gehanteerde uitgangspunten. De stikstofemissie is tevens bepaald ter controle van de invoergegevens, hier kunnen kleine afwijking in zitten ten gevolge van afronding.

5 TNO 2021 R12305 AUB (AdBlue verbruik, Uren, en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot

van mobiele werktuigen, 13 december 2021

13

4.3.2

Bouwverkeer In de berekening is aangenomen dat voor de aan- en afvoer van bouwmaterialen in deelgebied B in het rekenjaar 2027 ongeveer 260 voertuigen zwaar vrachtverkeer en 130 voertuigen middelzwaar vrachtverkeer nodig zijn. Voor deelgebied C, eveneens in 2027, bedraagt dit aantal respectievelijk 435 en 870 voertuigen. Voor deelgebied A wordt in het rekenjaar 2028 uitgegaan van 465 voertuigen zwaar vrachtverkeer en 930 voertuigen middelzwaar vrachtverkeer. Verder zijn de emissies van het stationair draaien van vrachtwagens tijdens het laden en lossen meegenomen conform “Instructie Gegevensinvoer voor Aerius Calculator”. Stationair draaien geldt alleen voor zwaar verkeer zoals betonmixer en laadkranen, middelzwaar vrachtverkeer hoeft niet stationair te draaien tijdens het laden en lossen. Er is rekening gehouden met 5 minuten stationair draaien per vrachtwagen. In navolgende tabel een overzicht van de emissie kentallen voor stationair draaiend verkeer.

Tabel 4 Emissies stationair draaiend verkeer (bron: TNO) Op basis van de emissie kentallen uit bovenstaande tabel bedragen de emissies ten gevolge van stationair draaiend vrachtverkeer voor deelgebied B 1,53 kg NOX en 0,02 kg NH3, en voor deelgebied C 2.55 kg NOX en 0,03 kg NH3. Beide waarden gelden voor het rekenjaar 2027. Voor deelgebied A, met rekenjaar 2028, bedragen de emissies 2,59 kg NOX en 0,04 kg NH3. Daarnaast wordt rekening gehouden in elk deelgebied met 20 voertuigen licht verkeer per etmaal (40 bewegingen) voor het arriveren en vertrekken van uitvoerders en ondersteunend personeel. Het verkeer is gemodelleerd binnen het plangebied en meegenomen tot aan de Edmundus van Dintherstraat voor de aanlegfase in 2027 en tot aan de Kanaaldijk-Noord voor de aanlegfase in 2028. Hierna is het verkeer ruimschoots opgenomen in het heersend verkeersbeeld. De verkeersgeneratie is gemodelleerd middels het itemtype ‘Binnen bebouwde kom (normaal)’. Daarnaast is rekening gehouden met de koude start van het verkeer. Volgens de Handleiding AERIUS Calculator 20246 kunnen koude start emissies gekoppeld worden aan de locaties waar verkeer langer dan twee uur geparkeerd staat. Het vrachtverkeer voor de aan- en afvoer van bouwmateriaal zal echter maar enkele minuten geparkeerd staan. Voor de aanleg gelden de koude start emissies dus enkel voor de uitvoerders en het ondersteunend personeel.

Het aantal koude starten is toegevoegd als separate emissiebron “Verkeer” onder sector “Koude start: Overig”. Navolgende verbeelding geeft een weergave van de gehanteerde bronnen in de aanlegfase.

6 Handboek “Werken met AERIUS Calculator” versie 2024 v2, 1 oktober 2024

14

Afbeelding 6

Grafische weergave gehanteerde bronnen aanlegfase 2027

Afbeelding 7

Grafische weergave gehanteerde bronnen aanlegfase 2028

15

5

REKENRESULTATEN EN BEOORDELING Met behulp van het rekenprogramma Aerius Calculator is de stikstofdepositiebijdrage vanwege de gebruiks- en aanlegfases berekend ter plaatse van nabijgelegen gevoelige habitattypen in de voor het plan relevante Natura 2000-gebieden. In bijlage B1.1, B1.2 en B1.3 zijn voor zowel de uitgevoerde berekening naar gebruiksfase als de aanlegfases weergegeven middels de Aerius PDF-export. Uit de uitgevoerde berekeningen naar de gebruiksfase en de aanlegfases blijkt dat de stikstofdepositie in beide situaties niet meer dan 0,00 mol N/ha/jaar bedraagt. In het kader van een voortoets kunnen significant negatieve effecten derhalve worden uitgesloten waardoor het uitvoeren van een passende beoordeling evenals een vergunningplicht Natura 2000-activiteit niet aan de orde is. Het aspect stikstofdepositie vormt geen belemmering vormt voor de realisatie van het plan.

16

6

CONCLUSIE In opdracht van Ruimte voor Ruimte is door Kragten een stikstofdepositie onderzoek uitgevoerd in verband met het woningbouwplan te Heeswijk-Dinther. Het plan behelst de beoogde ontwikkeling van maximaal 208 woningen uit verschillende segmenten. Doel van het onderzoek is toetsing van (negatieve) effecten op Natura 2000-gebieden, als gevolg van de beoogde ontwikkeling, aan de Wet natuurbescherming. Een van de mogelijke beïnvloedingsfactoren is stikstofdepositie, waarvoor voorliggend onderzoek is uitgevoerd. Uit de uitgevoerde berekeningen naar de gebruiksfase en de aanlegfases blijkt dat de stikstofdepositie in beide situaties niet meer dan 0,00 mol N/ha/jaar bedraagt. In het kader van een voortoets kunnen significant negatieve effecten derhalve worden uitgesloten waardoor het uitvoeren van een passende beoordeling evenals een vergunningplicht Natura 2000-activiteit niet aan de orde is. Het aspect stikstofdepositie vormt geen belemmering vormt voor de realisatie van het plan.

17

BIJLAGEN

B1 AERIUS EXPORT B1.1 Gebruiksfase

B1-1

B1.2 Aanlegfase 2027

B1-2

B1.3 Aanlegfase 2028

B1-3

B2 EMISSIEBEPALING

B2-1

Emissiebepaling aanleg Rekenjaar Projectnummer

2026 RVR007

Mobiele Werktuigen Naam Sloopkraan Graafmachine Laadschop

STAGE Klasse

Motorbelasting/ aandrijving

STAGE IV STAGE IV STAGE IV

Dynamisch - hydrauliek Dynamisch - hydrauliek Dynamisch - hydrauliek

Inzet

Wisselend Wisselend Wisselend

Vermogen [kW]

Classificatie tabel TNO

Motorefficientie [%]

Belasting [%]

Dieselkental [L/uur]

Bedrijfsduur [uren]

Diesel-verbruik [L]

2018 2018 2018

125 100 100

D D D

92,2745% 92,2745% 92,2745%

36,7% 36,7% 36,7%

12,65 10,23 10,23

120 1000 1000

1518,2 10227,4 10227,4

91,1 613,6 613,6

Voertuigen per dag 20

Bewegingen per dag 40 0 0

Voertuigen totaal

Bewegingen totaal 0,0 0,0 1500,0

Bouwverkeer

Input mobiele werktuigen AERIUS STAGE klasse en vermogen STAGE IV van 75 - 560 kW

Bouwjaar

AdBlue verbruik [L]

Bedrijfsduur [uren] 2120

Diesel-verbruik [L] 21973

AdBlue verbruik [L] 1318

Categorie Lichtverkeer Middel zwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer

750,0

NOx-emissie [kg]

NH3emissie [kg]

8,80 60,23 60,23 129,25

0,36 2,45 2,45 5,27

Emissiebepaling aanleg Rekenjaar Projectnummer

2027 deelgebied B RVR007

Mobiele Werktuigen Naam Betonstorter Graafmachine Hijskraan Laadschop Trilplaat Verreiker

STAGE Klasse

Motorbelasting/ aandrijving

STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV

Dynamisch - transmissie Dynamisch - hydrauliek Hoge last - vaste as Dynamisch - hydrauliek Beperkt - vaste as Dynamisch - hydrauliek

Inzet

Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend

Vermogen [kW]

Classificatie tabel TNO

Motorefficientie [%]

Belasting [%]

Dieselkental [L/uur]

Bedrijfsduur [uren]

Diesel-verbruik [L]

2018 2018 2018 2018 2018 2018

200 100 200 100 10 75

D D D D A D

92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745%

29,9% 36,7% 38,0% 36,7% 25,3% 36,7%

16,45 10,23 20,59 10,23 1,30 7,80

119,6 312 208 312 104 208

1967,8 3191,0 4282,0 3191,0 135,0 1623,1

118,1 191,5 256,9 191,5 0 97,4

Voertuigen per dag 20

Bewegingen per dag 40 0 0

Voertuigen totaal

Bewegingen totaal 0,0 260,0 520,0

Bouwverkeer

Input mobiele werktuigen AERIUS STAGE klasse en vermogen STAGE IV van < 56 kW STAGE IV van 75 - 560 kW

Bouwjaar

AdBlue verbruik [L]

Bedrijfsduur [uren] 104 1160

Diesel-verbruik [L] 135 14255

AdBlue verbruik [L] 0 855

Categorie Lichtverkeer Middel zwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer

130,0 260,0

NOx-emissie [kg]

NH3emissie [kg]

11,22 18,79 24,16 18,79 3,22 9,80 85,99

0,47 0,77 1,03 0,77 0,00 0,39 3,42

Emissiebepaling aanleg Rekenjaar Projectnummer

2027 deelgebied C RVR007

Mobiele Werktuigen Naam Betonstorter Graafmachine Hijskraan Laadschop Trilplaat Verreiker

STAGE Klasse

Motorbelasting/ aandrijving

STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV

Dynamisch - transmissie Dynamisch - hydrauliek Hoge last - vaste as Dynamisch - hydrauliek Beperkt - vaste as Dynamisch - hydrauliek

Inzet

Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend

Vermogen [kW]

Classificatie tabel TNO

Motorefficientie [%]

Belasting [%]

Dieselkental [L/uur]

Bedrijfsduur [uren]

Diesel-verbruik [L]

2018 2018 2018 2018 2018 2018

200 100 200 100 10 75

D D D D A D

92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745%

29,9% 36,7% 38,0% 36,7% 25,3% 36,7%

16,45 10,23 20,59 10,23 1,30 7,80

400,2 1044 696 1044 348 696

6584,6 10677,4 14328,3 10677,4 451,6 5431,2

395,1 640,6 859,7 640,6 0 325,9

Voertuigen per dag 20

Bewegingen per dag 40 0 0

Voertuigen totaal

Bewegingen totaal 0,0 870,0 1740,0

Bouwverkeer

Input mobiele werktuigen AERIUS STAGE klasse en vermogen STAGE IV van < 56 kW STAGE IV van 75 - 560 kW

Bouwjaar

AdBlue verbruik [L]

Bedrijfsduur [uren] 348 3880

Diesel-verbruik [L] 452 47699

AdBlue verbruik [L] 0 2862

Categorie Lichtverkeer Middel zwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer

435,0 870,0

NOx-emissie [kg]

NH3emissie [kg]

37,56 62,88 80,85 62,88 10,77 32,81 287,75

1,58 2,56 3,44 2,56 0,00 1,30 11,45

Emissiebepaling aanleg Rekenjaar Projectnummer

2028 RVR007

Mobiele Werktuigen Naam Betonstorter Graafmachine Hijskraan Laadschop Trilplaat Verreiker

STAGE Klasse

Motorbelasting/ aandrijving

STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV STAGE IV

Dynamisch - transmissie Dynamisch - hydrauliek Hoge last - vaste as Dynamisch - hydrauliek Beperkt - vaste as Dynamisch - hydrauliek

Inzet

Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend Wisselend

Vermogen [kW]

Classificatie tabel TNO

Motorefficientie [%]

Belasting [%]

Dieselkental [L/uur]

Bedrijfsduur [uren]

Diesel-verbruik [L]

2018 2018 2018 2018 2018 2018

200 100 200 100 10 75

D D D D A D

92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745% 92,2745%

29,9% 36,7% 38,0% 36,7% 25,3% 36,7%

16,45 10,23 20,59 10,23 1,30 7,80

427,8 1116 744 1116 372 744

7038,7 11413,8 15316,4 11413,8 482,8 5805,8

422,3 684,8 919,0 684,8 0 348,3

Voertuigen per dag 20

Bewegingen per dag 40 0 0

Voertuigen totaal

Bewegingen totaal 0,0 930,0 1860,0

Bouwverkeer

Input mobiele werktuigen AERIUS STAGE klasse en vermogen STAGE IV van < 56 kW STAGE IV van 75 - 560 kW

Bouwjaar

AdBlue verbruik [L]

Bedrijfsduur [uren] 372 4148

Diesel-verbruik [L] 483 50989

AdBlue verbruik [L] 0 3059

Categorie Lichtverkeer Middel zwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer

465,0 930,0

NOx-emissie [kg]

NH3emissie [kg]

40,15 67,21 86,43 67,21 11,52 35,07 307,59

1,69 2,74 3,68 2,74 0,00 1,39 12,24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=edff57c8-c423-45dc-9ca7-e3838b3d44b5