CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage VI Notitie geurhinder en veehouderij

Commissie Ruimtelijke Zaken 19 juni 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Aa-Brugstraat 19 – Veldstraat ongenummerd, Heeswijk-Dinther1.917 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

Geurhinder en veehouderij Veldstraat ong. Heeswijk-Dinther (2208/018/FB-06, versie 0)

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

Geurhinder en veehouderij

in opdracht van Elings Landschap B.V. T.a.v. de heer A. van Dooren Zwanenburgseweg 6A 5473 KT HEESWIJK-DINTHER betreffende locatie Veldstraat ong. Heeswijk-Dinther documentkenmerk 2208/018/FB-06 versie 0 vestiging Nuenen datum 15 december 2022

opgesteld door:

gecontroleerd door:

ing. F.C.A. van den Borne

E. Barnard, Bsc.

Projectleider ruimtelijke ordening

Projectleider ruimtelijke ordening

Op dit rapport is een disclaimer van toepassing; zie https://www.tritium.nl/disclaimer/29-04-2021/

Tritium Advies B.V. Adviseurs in bouwen, milieu en veiligheid

Tritium Advies is gevestigd in:

T.

088 44 02 900

E.

info@tritium.nl

Arkel >> Breda >> Neer >>

I.

www.tritium.nl

Nuenen >> Rijkevoort

KvK-nr.

17108024

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

Inhoudsopgave pagina 1

Inleiding

1

2

Toetsingskader

2

3

Inventarisatie

4

4

Toetsing

5

5

Conclusie

7

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

1 Inleiding In opdracht van Elings Landschap B.V. is het aspect omgekeerde werking geur en veehouderij beschouwd ten behoeve van de beoogde nieuwbouw van twee woningen aan de Veldstraat te Heeswijk-Dinther. De ontwikkeling past niet binnen het vigerende bestemmingsplan. Het onderzoek is derhalve uitgevoerd ten behoeve van de hiervoor noodzakelijke juridischplanologische procedure. Het plangebied is gelegen aan de Veldstraat ong. te Heeswijk-Dinther, kadastraal bekend als ‘gemeente HEESWIJK-DINTHER, sectie E, nummers 3156 en 3157’ met een grootte van 3.765 m². Ter plaatse van dit kadastrale perceel worden de agrarische gronden omgezet naar twee kavels ten behoeve van wonen. In Figuur 1 is het plangebied weergegeven dat bestemd zal worden ten behoeve van wonen. De exacte locaties van de woningen/bouwvlakken is nog niet bekend.

Figuur 1.1: Ligging plangebied.

pagina 1 van 7

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

2 Toetsingskader De Wet geurhinder en veehouderij (Wgv), evenals het Activiteitenbesluit milieubeheer welke vanwege een vergelijkbaar toetsingskader in dit rapport verder niet beschouwd wordt, vormt het toetsingskader voor het aspect geurhinder vanuit dierenverblijven van veehouderijen. Met minimumafstanden en maximale waarden voor geurbelasting krijgen geurgevoelige objecten bescherming tegen geurhinder. Dit toetsingsregime wordt andersom ook toegepast bij beoordeling van plannen volgens het principe van de omgekeerde werking. Zodat bedrijven niet in hun mogelijkheden worden beperkt ten gevolge van planontwikkelingen en er ter plaatse van de (nieuwe) geurgevoelige objecten een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd. Eén en ander op basis van het wettelijke kader en de ‘Handreiking Wet geurhinder en veehouderij’. Vanaf 1 januari 2007 vormt de Wet geurhinder en veehouderij (hierna: Wgv) het toetsingskader als het gaat om geurhinder afkomstig van dierenverblijven van (individuele) veehouderijen. De geuremissie is afhankelijk van het aantal en soort dieren dat binnen de inrichting aanwezig is. In de aan de Wgv gekoppelde Regeling geurhinder en veehouderij (hierna: Rgv) is per diercategorie een geuremissiefactor vastgesteld, uitgedrukt in Europese odour units per tijdseenheid per dier (ouE/s/dier).

De totale geuremissie van een veehouderij is de som van alle geuremissies van de verschillende diercategorieën die binnen de inrichting aanwezig zijn. In de Wgv zijn normen opgenomen om de geurbelasting op geurgevoelige objecten te maximaliseren. De geurnormen zijn opgenomen in artikel 3, lid 1 van de Wgv en zijn van toepassing op veehouderijen waar dieren worden gehouden waarvoor een geuremissiefactor is vastgesteld. De normen zijn afhankelijk van de ligging van de geurgevoelige objecten, waarbij onderscheid wordt gemaakt ‘binnen concentratiegebied’ of ‘buiten concentratiegebied’ en de ligging ‘binnen de bebouwde kom’ of ‘buiten de bebouwde kom’. Voor een aantal diercategorieën zijn geen geuremissiefactoren vastgesteld. In het geval dat er geen geuremissiefactoren zijn vastgesteld, gelden minimaal aan te houden afstanden. Deze zijn opgenomen in artikel 4.1 van de Wgv. Voor alle dieren (met of zonder geuremissiefactor) geldt een minimumafstand tussen de buitenzijde van een dierenverblijf en de buitenzijde van een geurgevoelig object. Deze zijn opgenomen in artikel 5.1 van de Wgv. Hierna volgt een overzicht met de wettelijke geurnormen en minimale afstanden op basis van artikel 3, 4 en 5 van de Wgv. Tabel 2.1: Geurnormen en vaste afstanden op basis van artikel 3, 4 en 5 Wgv Geurnormen artikel 3.1 Concentratiegebieden 3

Afstanden artikel 4.1

Afstanden artikel 5.1

Niet-

(zonder emissiefactor,

(minimale afstanden

concentratiegebieden

emissiepunt tot gevel)

gevel-tot-gevel)

3

Bebouwde kom

3 ouE/m

2 ouE/m

100 meter

50 meter

Buiten bebouwde

14 ouE/m3

8 ouE/m3

50 meter

25 meter

kom

pagina 2 van 7

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

Gemeenten mogen van de hiervoor genoemde normen en afstanden afwijken middels een gemeentelijke verordening. In de Wgv is in artikel 6.1 opgenomen dat gemeenten middels deze verordening binnen bepaalde bandbreedten mogen afwijken van de wettelijk bepaalde normen/afstanden. Mits onderbouwd op basis van artikel 8 Wgv, namelijk op basis van een zorgvuldig tot stand gekomen ‘gebiedsvisie’. De maximale bandbreedtes voor het afwijken van de normen (artikel 3 Wgv) bedragen: •

0,1 - 14 ouE/m³ binnen een concentratiegebied in de bebouwde kom

•

3 – 35 ouE /m³ binnen een concentratiegebied buiten de bebouwde kom

•

0,1 - 8 ouE /m³ buiten een concentratiegebied in de bebouwde kom

•

2 - 20 ouE /m³ buiten een concentratiegebied buiten de bebouwde kom

De minimale afstanden bij afwijking van de afstanden (artikel 4 Wgv) bedragen: •

minimaal 50 meter binnen de bebouwde kom

•

minimaal 25 meter buiten de bebouwde kom

Gemeente Bernheze heeft geen gemeentelijke geurverordening vastgesteld. De eerder vastgestelde Verordening Geurhinder en Veehouderij gemeente Bernheze is inmiddels ingetrokken (was geldig tot 31 oktober 2021). Wel heeft de gemeente de ‘Beleidsregel ruimtelijke ontwikkelingen en geurhinder gemeente Bernheze 2013’ die nog steeds actueel is. Hierin wordt concreet aangegeven wat bij het beoordelen van ruimtelijke initiatieven en plannen met geurgevoelige objecten als een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor het aspect cumulatieve geurhinder uit stallen van veehouderijen kan worden beschouwd. Dit op basis van de navolgende toetswaarden.

Figuur 2.1: Toetsingskader woon- en leefklimaat op basis van cumulatieve geurhinder (uitgedrukt in ouE).

Het plangebied aan de Veldstraat ong. te Heeswijk-Dinther is gelegen buiten de bebouwde kom en binnen een concentratiegebied. In onderhavige toetsing worden derhalve de normen gehanteerd zoals opgenomen in onderstaande tabel. Tabel 2.2: Van toepassing zijnde geurnormen en vaste afstanden ter plaatse van plangebied Ligging

Binnen concentratiegebied /

Geurnormen

Afstanden artikel 4.1

Afstanden artikel 5.1

Toetsingskader

artikel 3.1

(zonder emissiefactor,

(minimale afstanden

achtergrondbelasting

emissiepunt tot gevel)

gevel-tot-gevel)

gemeente Bernheze

50 meter

25 meter

0 - 20 ouE/m3

14 ouE/m3

Buiten bebouwde kom

pagina 3 van 7

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

3 Inventarisatie In de omgeving van het plangebied zijn een aantal veehouderijbedrijven gelegen, dit blijkt uit de inventarisatie van het vergunningenbestand vanuit KRD (Kernregistratie Dierenverblijven) en de bijbehorende kaart. Hierna volgt een overzichtskaart van de (voormalige) veehouderijbedrijven.

Figuur 3.1: Globale ligging plangebied (rood omcirkeld) ten opzichte van (voormalige) veehouderijbedrijven.

In de directe omgeving (straal van 1000 meter) zijn volgens het vergunningenbestand van de provincie Noord-Brabant de volgende actieve veehouderijen gelegen: Tabel 3.1: Inventarisatie veehouderijen binnen een straal van 1 kilometer Adres

Type veehouderij

Afstand van bouwperceel tot bouwperceel

Gouverneursweg 1A

Melkvee, dieren zonder geuremissie

180 meter

Gouverneursweg 3A

Melkvee, dieren zonder geuremissie

270 meter

Fokkershoek 4

Vleeskalveren, dieren met geuremissie

310 meter

Kameren 2A

Paarden, dieren zonder geuremissie

470 meter

Lariestraat 23

Paarden, dieren zonder geuremissie

470 meter

Lariestraat 32

Pluimvee, dieren met geuremissie

600 meter

Lariestraat 36

Melkvee/varkens, dieren met geuremissie

600 meter

Kameren 2

Melkvee, dieren zonder geuremissie

670 meter

Muggenhoek 1

Paarden, dieren zonder geuremissie

780 meter

Muggenhoek 1A

Paarden, dieren zonder geuremissie

780 meter

Kameren 4

Melkvee/schapen/varkens, dieren met geuremissie

910 meter

In de directe omgeving (straal van 1000 meter) zijn volgens het vergunningenbestand van de provincie voornamelijk veehouderijbedrijven gelegen met dieren zónder geuremissiefactor, allen op een afstand van minimaal 180 meter. De enkele veehouderijen met dieren mét geuremissiefactor zijn gelegen op een afstand van respectievelijk 310, 600 en 910 meter.

pagina 4 van 7

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

4 Toetsing Gesteld kan worden dat de veehouderijen met dieren zónder geuremissiefactor allen ruimschoots zijn gelegen buiten de wettelijk vastgestelde vaste afstand van tenminste 50 en 25 meter vanuit de Wvg. Gesteld kan worden dat de beoogde planontwikkeling geen onevenredige belemmeringen oplevert voor de bedrijfsvoering van deze veehouderijen. Volgens vaste jurisprudentie kan gesteld worden dat het voldoen aan de vaste afstanden tevens voldoende verzekert dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat als gevolg van deze veehouderijen. Met betrekking tot de dieren mét geuremissiefactor is het van belang dat de norm van 14 ouE ter plaatse van het plangebied niet zal worden overschreden, zodat deze bedrijven niet onevenredig belemmerd worden in hun bedrijfsvoering. Hiervoor is gekeken naar de cumulatieve geurbelasting die ontstaat als gevolg van deze veehouderijen, dit vanuit de geurkaart van de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant. Deze wordt hierna weergegeven.

Figuur 4.1: Achtergrondbelasting geur (maart 2022), ODZOB.

Uit de kaart van de achtergrondbelasting geur vanuit de ODZOB blijkt dat ter plaatse van het plangebied een achtergrondbelasting van geur aanwezig is van 3 tot 7 ouE (peildatum maart 2022). Uit de zoneringen van deze kaart blijkt tevens dat de achtergrondbelasting in de eerste helft van deze bandbreedte uit zal komen. Daarnaast is te zien dat de veehouderij aan de Fokkershoek 1, welke niet meer als veehouderij actief is, invloed uitoefent op de achtergrondbelasting van geur in de omgeving. Aangezien deze veehouderij reeds is beëindigd en daarmee de achtergrondbelasting vanuit geur feitelijk gezien lager zal liggen dan is weergegeven op de kaart, kan gesteld worden dat de achtergrondbelasting (cumulatieve geurbelasting vanuit alle veehouderijen tezamen) ter plaatse van het plangebied circa 3 ouE zal bedragen. Op basis van voorgaande kan gesteld worden dat de individuele geurbelasting als gevolg van de afzonderlijke veehouderijen nooit meer kan en zal bedragen dan 3 ouE. Hiermee is zeker gesteld dat de norm van 14 ouE vanuit de Wgv ter plaatse van het plangebied niet overschreden wordt. Hiermee zijn onevenredige belemmeringen voor de veehouderijen met dieren mét geuremissiefactor als gevolg van de planontwikkeling dan ook uit te sluiten. Temeer doordat

pagina 5 van 7

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

andere, bestaande geurgevoelige objecten in de bestaande windrichting binnen hetzelfde normgebied reeds dichterbij deze veehouderijen zijn gelegen en deze daarom maatgevend en meer belemmerend zijn. Voor wat betreft de aanvaardbaarheid van het woon- en leefklimaat als gevolg van de geurbelasting van veehouderijen met geuremissiefactor, kan gesteld worden dat de achtergrondbelasting van 3 OUe ruimschoots voldoet aan de toetswaarde van 20 ouE vanuit de ‘Beleidsregel ruimtelijke ontwikkelingen en geurhinder gemeente Bernheze 2013’.

pagina 6 van 7

documentkenmerk: 2208/018/FB-06, versie 0

5 Conclusie In onderhavige notitie is het aspect omgekeerde werking geur en veehouderij beoordeeld met het oog op de planologische ontwikkeling van twee nieuwe woningen aan de Veldstraat ong. te Heeswijk-Dinther. Uit de beoordeling is gebleken dat omliggende veehouderijen niet onevenredig zullen worden belemmerd in hun ontwikkelingsmogelijkheden als gevolg van dit voornemen, doordat er ruimschoots wordt voldaan aan de gestelde geurnormen en vaste afstanden in het kader van de Wet geurhinder en veehouderij. Daarbij kan gesteld worden dat ter plaatse van het plangebied zelf, daar waar de (nieuwe) geurgevoelige objecten worden gerealiseerd, er sprake zal zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De achtergrondbelasting vanuit geur blijft ruimschoots onder de toetswaarde van 20 ouE. Het aspect omgekeerde werking geur en veehouderij vormt derhalve geen belemmering met oog op het planvoornemen.

pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=d98dafe9-6976-46b0-8123-5a1fd659ec06