CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Vb nader Bodemonderzoek

Raadsvergadering 4 juli 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Aa-Brugstraat 19 – Veldstraat ongenummerd, Heeswijk-Dinther*24.610 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Verkennend- en nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek in grond en puin Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther (2208/051/TW-01, versie 0)

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Verkennend- en nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek in grond en puin

in opdracht van Elings De heer A. van Dooren Zwanenburgseweg 6a 5473 KT Heeswijk-Dinther betreffende locatie Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther documentkenmerk 2208/051/TW-01 versie 0 vestiging Nuenen datum 23 februari 2023

opgesteld door:

gecontroleerd door:

T.T.D. (Tom) Wijnands

N. (Nicole) Lammers

Senior projectleider bodem en bouwstoffen

Projectleider bodem

Dit document is digitaal gegenereerd en derhalve niet voorzien van een handtekening. De inhoud is aantoonbaar gecontroleerd en vrijgegeven. Het document mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen dan wel oneigenlijk gebruik van het document vallen niet onder de verantwoording van Tritium Advies. Op dit rapport is een disclaimer van toepassing; zie https://www.tritium.nl/algemene-disclaimer/

Tritium Advies B.V. Adviseurs in bouwen, milieu en veiligheid

Tritium Advies is gevestigd in:

T.

088 44 02 900

E.

info@tritium.nl

Arkel >> Neer >> Nuenen >>

I.

www.tritium.nl

Breda >> Rijkevoort

Kvk-nr.

17108024

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Samenvatting In opdracht van Elings heeft Tritium Advies een verkennend- en nader bodemonderzoek en een verkennend asbestonderzoek in grond en puin uitgevoerd op de locatie Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging en in een later stadium mogelijk een aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen. Doel van het onderzoek is meerledig namelijk; -

het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging die een belemmering kan vormen voor de geplande bestemmingsplanwijziging;

-

het bepalen of de verdenking op een bodemverontreiniging met asbest terecht is en het

-

het bepalen of de verdenking op een verontreiniging met asbest terecht is en het doen van

doen van een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de grond; een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de halfverharding; -

het indicatief bepalen van de hergebruiksmogelijkheden van de halfverharding.

Op basis van het vooronderzoek zijn de volgende deellocaties onderscheiden: •

deellocatie A1 :

toekomstig bouwblok;

•

deellocatie A2 :

opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van

•

deellocatie A2:

opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van

•

deellocatie A3:

opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide;

•

deellocatie A4:

volledige puinverharding.

huidige woning (afwatering oostzijde); huidige woning (afwatering westzijde);

Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende. Deellocatie A1 toekomstig bouwblok (3.770 m²) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond ter plaatse van het westelijke deel van de deellocatie licht verontreinigd met zink. De bovengrond van het overig deel van de deellocatie en in de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater blijkt licht verontreinigd met barium en nikkel. Een nader onderzoek wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond, traject 0,00 – 0,10 m-mv sterke verontreinigd te zijn met PCB. Hiertoe is een nader onderzoek uitgevoerd. Uit de analyseresultaten blijkt uit de horizontale en verticale inkadering dat de grond niet tot nauwelijks verontreinigd is met PCB. Hiermee is de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag voldoende in beeld. De sterke verontreiniging is ter plaatse van de druppelzone aan de oostzijde, in het traject vanaf het maaiveld tot 0,10 m-mv aangetoond.

De sterke verontreiniging is aangetoond over een

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

oppervlakte van 12 m². De totale sterke verontreiniging met PCB wordt geraamd op circa 9 m³. Gezien de aanlegdatum van de opstal (omstreeks 1983) bestaat er echter geen aanleiding om te veronderstellen dat de verontreiniging na 1987 is ontstaan. Gezien de omvang van de sterke verontreiniging met PCB in de grond is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (< 25 m³). Uit de analyseresultaten van het verkennend asbestonderzoek ter plaatse van deze deellocatie is in eerste instantie asbest met een gehalte van 17 mg/kg d.s. aangetoond. Echter was sprake van verdachte vezels. Derhalve is een SEM-analyse uitgevoerd. Uit de analyseresultaten bleek een concentratie asbest met een gehalte van 5,4 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Het berekende gewogen gehalte asbest bedraagt derhalve 22,4 mg/kg d.s. De hoeveelheid verdachte vezels welke in eerste instantie als verdacht werden aangemerkt werd niet bevestigd in de SEM-analyse. Derhalve is geen sprake van een risico ten aanzien van verdachte vezels. Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen.

Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond (traject 0,00 – 0,10 m-mv) licht verontreinigd met PCB. Verder blijkt in de toplaag asbest met een concentratie van 3 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Deellocatie A3 opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond niet verontreinigd is met PCB. Verder blijkt in de toplaag zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest te zijn aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte. Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A4 volledige puinverharding Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Ter plaatse van AG02, traject 0,00 - 0,15 m-mv en AG03, traject 0,00 – 0,50 m-mv zijn bijmengingen met resp. sporen tot zwak puin zijn waargenomen. Daar dit de enige plek is waar bijmengingen met puin in de grond zijn waargenomen, is het aannemelijk dat deze door transportbewegingen van en naar de schuur (noordelijk gelegen ten opzicht van de inspectiegaten) in de bodem zijn gekomen.

Uit de analyseresultaten blijkt dat het materiaal indicatief voldoet aan de klasse “N-bouwstof”. Gesproken kan worden van een schone bouwstof. Uit de resultaten blijkt verder dat in het materiaal asbest met een concentratie van 9 mg/kg d.s. is aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte. Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Daarmee is de volledige puinlaag (meest verdachte laag) reeds onderzocht. Een verkennend bodemonderzoek ten aanzien van de sporen tot zwak puin die in de grond zijn waargenomen wordt derhalve niet noodzakelijk geacht.

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Conclusie en aanbevelingen De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het huidige en voorgenomen gebruik van de locatie en vormen naar mening van Tritium Advies geen belemmering voor de voorgenomen bestemmingswijziging en mogelijk de afgifte van een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit. Ten aanzien van de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag ter plaatse van deellocatie “A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde)” wordt aanbevolen om een plan van aanpak in de dienen bij het bevoegd gezag. In het plan van aanpak wordt de afstemming tussen de betrokken vastgelegd. Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen. De adviezen zoals vermeld in de onderhavige rapport zijn gebaseerd op geldende wetgeving ten tijde van het opstellen deze rapportage. Indien de omgevingswet in werking treed dient mogelijk het advies te worden herzien.

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Inhoudsopgave pagina Samenvatting 1.

Inleiding

1

2.

Vooronderzoek

2

2.1

Locatiegegevens

2

2.2

Eerder uitgevoerd onderzoek

4

2.3

Terreinverkenning en overige waarnemingen

5

2.4

Bodemopbouw

5

2.5

Conclusies vooronderzoek

6

3.

Verkennend bodem- en asbestonderzoek

7

3.1

Onderzoeksstrategie

7

3.2

Uitvoering

8

3.2.1 Kwalibo

8

3.3

Maaiveldinspectie

9

3.4

Inspectiegaten en boorwerk

9

3.5

Bemonstering grondwater

9

3.6

Analyses

10

3.7

Analyseresultaten

11

3.7.1 Toetsingskader(s)

11

3.8

Parameters grond (NEN 5740)

12

3.9

Asbest in grond en puin (NEN 5707 en 5898)

12

3.10 Indicatief uitloogonderzoek

13

3.11 Grondwater

13

4.

Nader bodemonderzoek

14

4.1

Onderzoeksopzet

14

4.1.1 Conceptueel model

14

4.2

Onderzoeksvragen

14

4.3

Onderzoeksstrategie

14

4.4

Uitvoering

15

4.4.1 Kwalibo

15

4.4.2 Plaatsen boringen en peilbuizen

15

4.5

Analyses

16

4.6

Analyseresultaten

16

4.6.1 Toetsingskader (s)

16

4.7

Grond

17

4.8

Verontreinigingssituatie

17

4.9

Toetsing conceptueel model

17

5.

Conclusie en aanbevelingen

18

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Bijlagen Bijlage 1:

Kadastrale gegevens

Bijlage 1.1:

Topografische kaart

Bijlage 1.2:

Kadastrale kaart

Bijlage 2:

Situatietekening(en)

Bijlage 3:

Profielbeschrijvingen

Bijlage 4:

Analyseresultaten grond

Bijlage 5:

Analyseresultaten asbest

Bijlage 6:

Analyseresultaten uitloogonderzoek

Bijlage 7:

Analyseresultaten grondwater

Bijlage 8:

Toelichting toetsingskader(s)

Bijlage 9:

Toetsingstabellen grond

Bijlage 10:

Toetsingstabellen puinfundering

Bijlage 11:

Toetsingstabellen grondwater

Bijlage 12:

Analyseresultaten nader onderzoek

Bijlage 13:

Toetsingstabellen nader onderzoek

Bijlage 14:

Foto’s onderzoekslocatie

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

1. Inleiding In opdracht van Elings heeft Tritium Advies een verkennend- en nader bodemonderzoek en een verkennend asbestonderzoek in grond en puin uitgevoerd op de locatie Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging en in een later stadium mogelijk een aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen. Doel van het onderzoek is meerledig namelijk; -

het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging die een belemmering kan vormen voor de geplande bestemmingsplan wijziging;

-

het bepalen of de verdenking op een bodemverontreiniging met asbest terecht is en het

-

het bepalen of de verdenking op een verontreiniging met asbest terecht is en het doen van

-

het indicatief bepalen van de hergebruiksmogelijkheden van de halfverharding.

doen van een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de grond; een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de halfverharding;

Tritium Advies heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. Kwalibo Op een deel van de werkzaamheden die in het voorliggende rapport worden beschreven is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelt het Besluit de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor deze kwaliteitsborging zijn onderdelen van het onderzoek onder Kwalibo uitgevoerd. Indien dit het geval is, dan is dit bij het betreffende onderdeel expliciet vermeld. Onderdelen zonder vermelding van Kwalibo, zijn niet onder Kwalibo uitgevoerd.

pagina 1 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

2. Vooronderzoek Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5725 (oktober 2017). De geraadpleegde bronnen zijn weergegeven in de volgende tabel. Tabel 2.1: overzicht geraadpleegde bronnen tijdens vooronderzoek vooronderzoek type

“aanleiding A” opstellen hypothese milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van bodemonderzoek

categorie

bron

geraadpleegd datum

contactpersoon

08-08-2022

n.v.t.

internet kadastrale gegevens

kadastralekaart.com Kadaster online

actuele terreinsituatie

BAG Viewer - Kadaster Bing Maps Google Maps

historische gegevens

Topotijdreis

bodeminformatie

Actueel Hoogte Bestand DINOloket Grondwatertools bodematlas en stortplaatsenkaart Provincie Noord-Brabant Omgevingsrapportage Noord-Brabant

gemeente Bernheze bodeminformatie

bodemkwaliteitskaart

08-08-2022

n.v.t.

bodeminformatiesysteem

11-10-2022

mevr. J. Van Gaal

locatiegegevens

opdrachtgever

04-08-2022

dhr. A. van Dooren

terreinverkenning

Tritium Advies

07-1-2022

dhr. V. Loderus

overig

2.1 Locatiegegevens Op basis van de geraadpleegde bronnen, is een overzicht opgesteld van de locatiegegevens. Het overzicht is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 2.2: overzicht onderzoekslocatie actuele locatiegegevens adres straat

Aa-Brugstraat

huisnummer

19

plaats

Heeswijk-Dinther

kadastraal gemeente

Heeswijk-Dinther

sectie

E

nummer

406 (gedeeltelijk)

pagina 2 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Tabel 2.3: overzicht onderzoekslocatie (vervolg) actuele locatiegegevens locatie oppervlak onderzoekslocatie

3.770 m2

huidig gebruik

boerderij met bijbehorend erf

bebouwd circa 480 m2

geplande werkzaamheden

de bestemming van de huidige boerderij wordt omgezet naar de bestemming wonen, waarna op één stal na de aanwezig bebouwing wordt gesloopt

voormalig gebruik

Tot omstreeks 1983 kende de onderzoekslocatie een agrarisch gebruik. Daarna is de boerderij met bijbehorende stallen gerealiseerd. De bebouwing is door de jaren heen wel gewijzigd.

toekomstig gebruik

wonen met tuin

dempingen, ophogingen,

geen bekend

bijmengingen met puin bodembedreigende activiteiten

geen bekend

en calamiteiten PFAS

In december 2021 heeft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat het ‘Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ van toepassing verklaard. Door het wijdverbreide gebruik en door emissies en incidenten worden poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) inmiddels in Nederland (en breder in de wereld), niet alleen bij puntbronnen, maar ook als diffuse verontreinigingen in bodem, grondwater en oppervlaktewater aangetoond. Derhalve zijn de bovengrond (tot 1,0 m-mv) en geroerde bodems verdacht op PFAS.

bodemkwaliteitskaart

•

ontgravingskaart boven- en ondergrond: ‘achtergrondwaarde’

•

toepassingskaart boven- en ondergrond: ‘achtergrondwaarde’’

•

bodemfunctiekaart: ‘landbouw/natuur’

asbestaspecten jaartallen

toepassing

opstallen

bouwjaar 1983

terrein

aanleg in 1983

Van de locatie is bekend dat twee opstallen aanwezig zijn welke zijn voorzien van een asbestverdachte dakbedekking zonder regengoot.

terreinsituatie bebouwing

boerderij

maaiveld

gedeeltelijk tuin en gedeeltelijk verhard

verhardingen

bebouwing:

installaties

uit de omgevingsrapportage bleek dat op het adres Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther

beton

een ondergrondse huisbrandolie-tank geregistreerd was. Uit navraag bij de gemeente Bernheze blijkt hiervan geen informatie aanwezig te zijn. omgeving gebruik belendende percelen

gemengd

bodembedreigende activiteiten

stortplaats op land (op 15 meter ten westen van het zuidelijk deel)

en calamiteiten

De kadastrale gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in bijlage 1. Een situatietekening is weergegeven in bijlage 2. Foto’s van de onderzoekslocatie zijn toegevoegd in bijlage 8. De ligging van de locatie is weergegeven in de volgende figuur.

pagina 3 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Figuur 2.1: luchtfoto onderzoekslocatie

2.2 Eerder uitgevoerd onderzoek Op de onderzoekslocatie en in de directe omgeving zijn eerder de in de volgende tabel vermelde bodemonderzoeken uitgevoerd. Voor zover relevant voor dit onderzoek zijn de gegevens weergegeven in dit hoofdstuk. Tabel 2.4: eerder uitgevoerd onderzoek en overige documenten nr.

titel

locatie

opgesteld door

kenmerk

datum

Aa-Brugstraat 19

Optifield Adviesbureau LG

niet bekend

01-05-1997

Aa-Brugstraat

Provincie Noord-Brabant

NB2400004

04-01-2007

onderzoekslocatie 1.

verkennend onderzoek

directe omgeving 2.

eindrapportage NAVOS-onderzoek

Het verkennend onderzoek [1] is in de archieven van de gemeente Bernheze niet teruggevonden Uit het beschikbare document in de voornoemde tabel blijkt het volgende. Ad 2 Deze eindrapportage heeft betrekking op een stortplaats welke op circa 15 meter ten westen van het zuidelijk terreindeel gelegen is. Opgemerkt wordt dat eerst een verkennend onderzoek stortplaatsen (VOS) is uitgevoerd waarbij alle relevante gegevens over ligging, samenstelling stortmateriaal, omvang en geohydrologie zijn uitgewerkt. Vervolgens is een onderzoek naar de deklaag uitgevoerd (dikte en kwaliteit). Vervolgens zijn er twee monitoringsronden ten aanzien van de kwaliteit van het grondwater uitgevoerd. pagina 4 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Die gegevens zijn samengevat is de eindrapportage [2]. Het onderzoek maakte onderdeel uit van het landelijk onderzoeksprogramma naar de risico’s voor de volksgezondheid en het milieu. Tijdens de veldwerkzaamheden ten behoeve van het onderzoek naar de deklaag werd zintuiglijkgeen stortmateriaal waargenomen. Hiertoe werd de omvang van de stortplaats aangepast naar 700 m². Uit de analyseresultaten bleek dat de deklaag licht verontreinigd was met cadmium, kwik, zink en PAK. Uit de analyseresultaten van het grondwateronderzoek bleek dat het grondwater in de bovenstroomse peilbuis licht verontreinigd was met kwik. het grondwater in de benedenstroomse peilbuis bleek licht verontreinigd te zijn met benzeen en kwik. Tevens bleek de fenolindex verhoogd ten opzichte van de detectiegrens. Geconcludeerd werd dat geen sprake was van humane, ecologische en verspreidingsrisico’s.

2.3 Terreinverkenning en overige waarnemingen Voorafgaand aan de monstername is een terreinverkenning uitgevoerd. Hierbij zijn geen bijzonderheden geconstateerd. De resultaten van de terreinverkenning hebben dan ook geen aanleiding gegeven om de onderzoeksstrategie aan te passen. Tijdens de uitvoering van de boorwerkzaamheden is in de bodem op een klein deel van de onderzoekslocatie een volledige puinlaag aangetroffen. Volledige puinlagen waarvan de herkomst onbekend is dienen als asbestverdacht te worden beschouwd. Naar aanleiding hiervan is de onderzoeksstrategie gewijzigd en is direct een verkennend asbestonderzoek in puin uitgevoerd.

2.4 Bodemopbouw In de volgende tabel is een overzicht opgenomen van de regionale bodemopbouw en de geohydrologische situatie. Tabel 2.5: bodemopbouw en geohydrologie bodemopbouw maaiveldhoogte

circa 7 m+NAP

deklaag

dikte

22,2 m

samenstelling

zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus; leem, lokaal zandig, lokaal humeus; klei, siltig tot zandig

1e watervoerende pakket

doorlatendheid

goed

dikte

33,9 m

samenstelling

zand, matig grof tot uiterst grof, lokaal grindig; grind, fijn tot grof, lokaal zandig; stenen; keien; blokken; klei, lokaal siltig

doorlatendheid

goed

stijghoogte

circa 6 m+NAP

stromingsrichting

wordt sterk beinvloed door rivier “Aa”

stijghoogte

onbekend

stromingsrichting

onbekend

geohydrologie freatisch grondwater 1e watervoerende pakket

pagina 5 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Tabel 2.6: waterhuishouding waterhuishouding oppervlaktewater

direct ten noorden is rivier “Aa” gesitueerd

grondwaterbeschermingsbied /

De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied of een boringsvrije zone.

boringsvrije zone grondwateronttrekking

op de onderzoekslocatie vindt geen grondwateronttrekking plaats. Van de omgeving zijn geen gegevens bekend.

2.5 Conclusies vooronderzoek Op basis van het vooronderzoek worden de in de volgende tabel vermelde deellocaties onderscheiden. Tabel 2.7: deellocaties deel-

omschrijving

afmeting

hypothese

motivatie

A(1)

toekomstig bouwblok

A(2)

verdachte stoffen 1)

locatie

opstal met asbest verdachte

2

3.770 m

12 m²

verdacht

verdacht

verdacht op basis van de

en asbest (bij

bedrijfsactiviteiten

aantreffen puin)

mogelijk eroderen van

asbest(vezels) en

dakbedekking zonder regengoot ten

asbestverdacht

zuiden van huidige woning

plaatmateriaal door

(afwatering oostzijde) opstal met asbest verdachte

NEN-parameters

(voormalige)

PCB

weersinvloeden en 12 m²

verdacht

afwatering

dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering westzijde) A(3)

opstal met asbest verdachte

4 m²

verdacht

<100 m²

verdacht

dakbedekking ter plaatse van de weide A(4)

volledige puinverharding

puin van onbekende

zware metalen,

herkomst en kwaliteit

minerale olie, PAK, PCB, uitloogparameters en asbest

Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring verdachte stoffen: NEN- parameters

:

pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en minerale olie) en NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie);

PCB

:

polychloorbifenylen;

PAK

:

polycyclische aromatische koolwaterstoffen.

PFAS Onderzoek naar PFAS in de grond is in het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen niet verplicht. Voor Noord-Brabant is een provinciebrede bodemkwaliteitskaart PFAS opgesteld. Derhalve is onderzoek naar PFAS niet opgenomen in het onderzoek.

pagina 6 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

3. Verkennend bodem- en asbestonderzoek 3.1

Onderzoeksstrategie

Het verkennend bodem- en asbestonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5707+C2 (december 2017) en de NEN 5740+A1 (april 2016). De puinlaag bestaat voor meer dan vijftig procent uit bodemvreemde materialen waardoor dit geen bodem betreft. Het onderzoek hiervan wordt uitgevoerd conform de NEN 5897+C2 (december 2017). De te volgen strategie is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.1: strategie verkennend bodemonderzoek strategie 1)

analyses 2)

veldwerkzaamheden maaiveld-

inspectie-

boringen

inspectie

gaten

(diepte in

(diepte in

m-mv)

peilbuizen

asfalt- of

grond

grondwater

4 x NEN-g3)

1 x NEN-gw

betonboringen

m-mv)

(diameter)

deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) VED-HE-NL

-

-

12 x (0,5)

1

-

2 x (2,0) deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) VEP

2 richtingen,

2 x (0,5)

-

-

-

stroken 1,5 m

2 x asb-g

-

1 x PCB, L+H

deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) VEP

2 richtingen,

2 x (0,5)

-

-

-

stroken 1,5 m

2 x asb-g

-

1 x PCB, L+H

deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) VEP

2 richtingen,

1 x (0,5)

-

-

-

stroken 1,5 m

2 x asb-g

-

1 x PCB, L+H

deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) HALF

-

3 x onderzijde puinlaag

-

-

1 x asb-p,

-

1 x org. parameters + uitloog Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring strategie: ONV-NL

: onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie, niet lijnvormig;

VEP

: onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een

VED-HE-NL

: onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde

HALF

: onderzoeksstrategie volgens NEN 5897+C2 voor halfverhardingslagen.

duidelijke verontreinigingskern; verontreiniging op schaal van monsterneming, (niet lijnvormig); 2)

verklaring analyses: asb-g

: asbest in grond NEN 5898;

asb-p

: asbest in puin NEN5898;

NEN-g

: pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en

NEN-gw

: pakket NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen

minerale olie); en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie);

pagina 7 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

3)

PCB

: polychloorbifenylen;

L+H

: struktuurpakket bestaande uit humus (organisch stof) en lutum;

org. parameters

: de organische parameters PAK, PCB en minerale olie;

uitloog

: schudproef met een eluaatanalyse op 15 metalen en 4 anionen;

conform de strategie VED-HE-NL dienen drie analyses te worden verricht op de meest verdachte laag. Om ook een uitspraak te kunnen doen over de milieuhygiënische kwaliteit van de (onverdachte) ondergrond is één extra analyse opgenomen.

De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De monsters worden voor zover mogelijk conform AS3000 voorbewerkt.

3.2 Uitvoering 3.2.1 Kwalibo Op de veldwerkzaamheden is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelt het Besluit de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor dit onderzoek zijn de werkzaamheden uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 (versie 6.0, 1 februari 2018) conform protocollen 2001 (versie 6.0, 1 februari 2018), 2002 (versie 6.0, 1 februari 2018) en 2018 (versie 6.0, 1 februari 2018) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Opgemerkt wordt dat wanneer meer dan 50% bodemvreemde materialen worden aangetroffen, het protocol 2018 niet van toepassing is. Dit heeft geen invloed op de onderzoeksstrategie en de resultaten van het onderzoek. In de volgende tabel zijn de namen van de erkende veldwerkers weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk hebben uitgevoerd. Tabel 3.2: erkende veldwerkers Tritium Advies veldwerkers

datum uitvoering

nummers

07-11-2022

maaiveld

07-11-2022

01 t/m 18

15-11-2022

01

dhr. V. Loderus en dhr. R. van Hoof (in opleiding)

07-11-2022

AG01 t/m AG08

dhr. R. van der Steen

15-11-2022

AG04 t/m AG07

maaiveldinspectie dhr. V. Loderus boorwerkzaamheden (protocol 2001) dhr. V. Loderus en dhr. R. van Hoof (in opleiding) monstername grondwater (protocol 2002) dhr. R. van der Steen inspectiegaten (protocol 2018)

Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau.

pagina 8 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

3.3 Maaiveldinspectie Het maaiveld van de locatie was tijdens de maaiveldinspectie plaatselijk bedekt met vegetatie (gras, onkruid). Vanwege de toestand van het maaiveld wordt de efficiëntie van de maaiveldinspectie geschat op 50 - 70 %. Tijdens de maaiveldinspectie zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen op het maaiveld.

3.4 Inspectiegaten en boorwerk De locaties van de inspectiegaten, boringen en peilbuizen zijn weergegeven in bijlage 2. Tijdens de uitvoering van het veldwerk bleek dat ter plaatse van boring 15 een volledige puinlaag vanaf het maaiveld tot 0,5 m-mv aanwezig was. Verder deden zich geen belemmeringen of bijzonderheden voor. De bij de werkzaamheden vrijkomende grond is in het veld zintuiglijk beoordeeld. Hierbij zijn in de volgende tabel weergegeven waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging met asbest. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de profielbeschrijvingen in bijlage 3. Tabel 3.3: waarnemingen en bijzonderheden inspectiegat

traject

of boring

(m-mv)

asbestverdacht materiaal

overige waarnemingen en

einddiepte

bijzonderheden

(m-mv)

volledige puinlaag

1,00

deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 15

0,00 – 0,50

-

deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) AG01

0,00 – 0,50

-

volledige puinlaag

1,00

AG02

0,00 – 0,15

-

zwak puin

1,00

0,15 – 0,50

-

volledige puinlaag

0,00 – 0,50

-

sporen puin

AG03

0,50

Opgemerkt wordt dat ter plaatse van AG02 (traject 0,00 - 0,15 m-mv) en AG03 (traject 0,00 – 0,50 m-mv) bijmengingen met sporen tot zwak puin zijn waargenomen. Daar dit de enige plek op de onderzoekslocatie is waar deze bijmengingen zijn waargenomen, is het aannemelijk dat deze door transportbewegingen van en naar de schuur (noordelijk gelegen ten opzicht van de inspectiegaten) in de bodem terecht zijn gekomen. Daarnaast is de volledige puinlaag (meest verdachte laag) reeds onderzocht. Derhalve wordt een verkennend asbestonderzoek ten aanzien van de bijmengingen met sporen tot zwak puin niet noodzakelijk geacht.

3.5 Bemonstering grondwater Tijdens de grondwatermonstername zijn in het veld de zuurgraad (pH), de troebelheid en de elektrische geleidbaarheid (Ec) van het grondwater bepaald. De peilbuisspecificaties en meetresultaten zijn weergegeven in de volgende tabel. De plaats van de peilbuis is weergegeven in bijlage 2. Tabel 3.4: peilbuisspecificaties

pagina 9 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

peilbuis

datum

filtertraject

grondwaterstand

pH

Ec

troebelheid

bemonstering

(m-mv)

(m-mv)

(-)

(µS/cm)

(ntu)

6,2

546

1,99

belucht

deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 01

15-11-2022

2,10 - 3,10

1,57

nee

Tijdens de bemonstering van het grondwater deden zich geen belemmeringen of bijzonderheden voor.

3.6 Analyses De monsters zijn volgens de volgende tabel geanalyseerd. Tabel 3.5: geanalyseerde monsters (NEN 5740) monster-

traject

code

(m-mv)

analyses 1) toelichting

deelmonsters

deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) MM01

0,00 - 0,50

04 (0,00 - 0,50), 05 (0,00 - 0,50),

NEN-g

zintuiglijk schone bovengrond

NEN-g

zintuiglijk schone bovengrond

NEN-g

zintuiglijk schone bovengrond

NEN-g

zintuiglijk schone ondergrond

06 (0,00 - 0,50), 07 (0,00 - 0,50) MM02

0,00 - 0,50

02 (0,00 - 0,50), 08 (0,00 - 0,50), 11 (0,00 - 0,50), 12 (0,00 - 0,50)

MM03

0,00 - 0,50

13 (0,08 - 0,50), 14 (0,20 - 0,50), 16 (0,05 - 0,50), 17 (0,00 - 0,40)

MM04

0,50 - 2,00

01 (0,80 - 1,20), 01 (1,20 - 1,70), 02 (1,50 - 2,00), 03 (0,50 - 1,00)

deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) MM05 (PCB)

0,00 – 0,10

AG04 (0,00 - 0,10), AG05 (0,00 - 0,10)

PCB, L+H

meest verdachte laag

MM07 (PCB)

0,10 – 0,50

AG04 (0,10 - 0,50), AG05 (0,10 - 0,50)

PCB, L+H

verticale afperking

deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) MM06 (PCB)

0,00 – 0,10

AG06 (0,08 - 0,18), AG07 (0,08 - 0,18)

PCB, L+H

meest verdachte laag

deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) AG08 (PCB)

0,00 - 0,10

AG08 (0,00 - 0,10)

PCB, L+H

meest verdachte laag

Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring analyses: NEN-g

:

pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en

PCB

:

polychloorbifenylen;

L+H

:

structuurpakket bestaande uit humus (organisch stof) en lutum.

minerale olie);

Tabel 3.6: geanalyseerde monsters asbest (NEN 5707 en 5898) inspectiegat

monstercode

traject

analyses 2)

toelichting

(m-mv) 1) grond

deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) AG04, AG05

ASBMM03

0,00 - 0,10

asb-g

0,00 - 0,10

asb-SEM

afwatering zonder regengoot oostzijde toplaag verdachte vezels in ASBMM03

deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) AG06, AG07

ASBMM04

0,00 - 0,10

asb-g

afwatering zonder regengoot oostzijde toplaag

pagina 10 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Tabel 3.7: geanalyseerde monsters asbest (NEN 5707 en 5898) (vervolg) inspectiegat

monster-

analyses 2)

traject

code

(m-mv)

toelichting

1)

grond deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) AG08

AG08-1

0,00 - 0,10

asb-g

afwatering zonder regengoot, toplaag

puinfundering deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) AG01, AG02

ASBMM01

0,00 - 0,50

MMuitloog

0,00 - 0,50

asb-p

volledige puinlaag van onbekende herkomst en

1 x org. parameters kwaliteit + uitloog

Opmerkingen bij de tabel: 1)

in geval er sprake is van een monster dat samengesteld is uit deelmonsters, betreft het aangegeven traject de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster.

2)

verklaring analyses: asb-g

:

asbest in grond NEN 5898;

asb-p

:

asbest in puin NEN 5898;

asb-SEM

:

respirabele vezels;

org. parameters

:

de organische parameters PAK, PCB en minerale olie;

uitloog

:

schudproef met een eluaatanalyse op 15 metalen en 4 anionen.

Tabel 3.8: geanalyseerd monster (grondwater) monster-

peilbuis-

filtertraject

code

nummer

(m-mv)

analyses 1)

motivatie

deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 01-1-1

01

2,10 - 3,10

NEN-gw

onderzoek grondwater

Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring analyses: NEN-gw

:

pakket NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie).

3.7 Analyseresultaten 3.7.1 Toetsingskader(s) De analyseresultaten van de grond en/of grondwatermonsters zijn vergeleken met de reeds geldende toetsingskader(s. Voor een nadere toelichting op de gehanteerde toetsingskaders wordt verwezen naar bijlage 8. In de volgende tabel is weergegeven op welke wijze de mate van verontreiniging na toetsing van de analyseresultaten aan de normen uit de Wet bodembescherming (Wbb). Tabel 3.9: aanduiding mate van verontreiniging volgens Wbb aanduiding in rapport

betekenis voor grond

-

=

niet verontreinigd

De toetsingswaarden worden niet overschreden.

betekenis voor grondwater

>AW of >S

=

licht verontreinigd

Het aangetoonde gehalte ligt tussen de

Het aangetoonde gehalte ligt tussen de

achtergrond- en tussenwaarde.

streef- en tussenwaarde.

>T

=

matig verontreinigd

Het aangetoonde gehalte ligt tussen de tussen- en interventiewaarde.

>I

=

sterk verontreinigd

Het aangetoonde gehalte ligt boven de interventiewaarde.

pagina 11 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

3.8 Parameters grond (NEN 5740) De analyseresultaten van de grondmonsters zijn weergegeven in bijlage 4. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 9. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.10: samenvatting toetsingsresultaten grond monster-

traject

code

(m-mv)

deelmonsters

toetsingsresultaten Wbb 1)

motivatie

> AW

>T

>I

zink

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) MM01

0,00 - 0,50

MM02

0,00 - 0,50

MM03

0,00 - 0,50

MM04

0,50 - 2,00

04 (0,00 - 0,50), 05 (0,00 - 0,50),

zintuiglijk schone

06 (0,00 - 0,50), 07 (0,00 - 0,50)

bovengrond

02 (0,00 - 0,50), 08 (0,00 - 0,50),

zintuiglijk schone

11 (0,00 - 0,50), 12 (0,00 - 0,50)

bovengrond

13 (0,08 - 0,50), 14 (0,20 - 0,50),

zintuiglijk schone

16 (0,05 - 0,50), 17 (0,00 - 0,40)

bovengrond

01 (0,80 - 1,20), 01 (1,20 - 1,70),

zintuiglijk schone

02 (1,50 - 2,00), 03 (0,50 - 1,00)

ondergrond

deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) MM05 (PCB)

0,00 – 0,10

AG04 (0,00 - 0,10), AG05 (0,00 - 0,10)

meest verdachte laag

-

-

PCB

deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) MM06 (PCB)

0,00 – 0,10

AG06 (0,08 - 0,18), AG07 (0,08 - 0,18)

meest verdachte laag

PCB

-

-

-

-

deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) AG08 (PCB)

0,00 - 0,10

AG08 (0,00 - 0,10)

meest verdachte laag

-

Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring afkortingen: PCB

Polychloorbifenylen.

Uit de analyseresultaten blijkt dat voor MM05 (PCB) sprake is van een sterke verontreiniging met PCB. Hiertoe is in overleg met de opdrachtgever een nader onderzoek uitgevoerd. De resultaten van het nader onderzoek zijn weergegeven in hoofdstuk 4 van deze rapportage.

3.9 Asbest in grond en puin (NEN 5707 en 5898) De analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 5. De berekening van de totale gewogen gehalte asbest is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.11: berekening gewogen gehalte vindplaats of

traject

monster-

inspectiegat

(m-mv)

code

omschrijving

gehalte asbest (mg/kg d.s.) fractie

fractie

totaal

< 20 mm

> 20 mm

gewogen1)

grond deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) AG04, AG05

0,00 – 0,10 ASBMM03

afwatering zonder

17

n.a.

5,4

n.a.

regengoot oostzijde toplaag ASBMM03 SEM

verdachte vezels in

22,4

ASBMM03

pagina 12 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Tabel 3.12: samenvatting toetsingsresultaten uitloog vindplaats of

traject

monster-

inspectiegat

(m-mv)

code

omschrijving

gehalte asbest (mg/kg d.s.) totaal fractie gewogen 3) 2) < 20 mm > 20 mm fractie

grond deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) 0,00 – 0,10 ASBMM04

AG06, AG07

afwatering zonder

3

n.a.

3

regengoot westzijde toplaag deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) 0,00 – 0,10 AG08-1

AG08

afwatering zonder

<2

n.a.

<2

9

n.a.

9

regengoot, toplaag puinfundering deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) 0,00 – 0,50 ASBMM01

AG01, AG02

volledige puinlaag van onbekende herkomst en kwaliteit

Opmerkingen bij de tabel: 1)

dit gehalte is bepaald op basis van een verkennend onderzoek en betreft derhalve een indicatieve waarde.

n.a.:

niet aangetroffen

In ASBMM01 is tevens in de fractie < 0,5 mm met de optische lichtmicroscoop verdachte vezels (50 chrysotiel en 18 crocidoliet) waargenomen. Hiertoe is met een SEM analyse uitgevoerd. De resultaten zijn geïntegreerd in de voorgaande tabel. Uit de analyseresultaten blijkt dat vier vezels zijn gemeten. Derhalve is geen sprake van risico.

3.10 Indicatief uitloogonderzoek De analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 6. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 10. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.13: samenvatting toetsingsresultaten uitloog monstercode

motivatie

samenvatting toetingsresultaten >N-bouwstof

>IBC-bouwstof

-

-

classificatie

deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) MM uitloog

puin van onbekende herkomst en

N-bouwstof

kwaliteit

3.11

Grondwater

De analyseresultaten van het grondwatermonster zijn weergegeven in bijlage 5. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 10. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.14: samenvatting toetsingsresultaten grondwater peilbuis- monsternummer

code

filtertraject

motivatie

(m-mv)

toetsingsresultaten Wbb >S

>T

>I

barium, nikkel

-

-

deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 01

01-1-1

2,10 – 3,10

onderzoek grondwater

pagina 13 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

4. Nader bodemonderzoek Gedurende de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek, zoals beschreven in het voorgaande onderzoek, in ter plaatse van “deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²)” in de grond een sterke verontreiniging met PCB aangetoond. Hiertoe is direct een nader onderzoek uitgevoerd.

4.1 Onderzoeksopzet Het nader onderzoek wordt uitgevoerd volgens de NTA 5755 ‘Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek – Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging’ (Nederlandse Normalisatie-Instituut, juli 2010).

4.1.1 Conceptueel model Op basis van de beschikbare gegevens is voor het nader onderzoek het volgende conceptueel model opgesteld. “In de bovengrond is een sterke verontreiniging met PCB aangetoond. De oorzaak van deze verontreiniging is te relateren aan de asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot. De omvang van de verontreiniging in de grond niet nog niet bekend.

4.2 Onderzoeksvragen Op basis van de aanleiding en het doel van het onderzoek, de verzamelde gegevens en het conceptueel model zijn voor het nader onderzoek de volgende onderzoeksvragen geformuleerd. Tabel 4.1: onderzoeksvragen vraag 1.

wat is de omvang van de sterke verontreiniging in de grond ter plaaste van deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde)?

2.

is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging of een verontreiniging waarvoor zorgplicht van toepassing is?

4.3 Onderzoeksstrategie Het nader onderzoek omvat de onderstaande werkzaamheden.

pagina 14 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Tabel 4.2: strategie nader bodemonderzoek doel

boorwerk

asfalt- of

(diepte in m-mv)

betonboringen

analyses 1)

boringen

peilbuizen

(diameter)

grond

grondwater

verticale afperking

combi met v.o.2)

-

-

1 x PCB, L+H

-

verticale afperking

4 x (1,0)

-

-

4 x PCB, L+H

-

Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring analyses: PCB

2)

:

polychloorbifenylen.

ten aanzien van de verticale afperking wordt in eerste instantie de onderliggende laag van MM03 geanalyseerd.

De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De grond monsters worden conform AS3000 voorbewerkt.

4.4 Uitvoering 4.4.1 Kwalibo Op de veldwerkzaamheden is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelt het Besluit de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor dit onderzoek zijn de werkzaamheden uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 (versie 6.0, 1 februari 2018) conform protocollen 2001 (versie 6.0, 1 februari 2018) en 2002 (versie 6.0, 1 februari 2018) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. In de volgende tabel is de naam van de erkende veldwerker weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk heeft uitgevoerd. Tabel 4.3: erkende veldwerkers Tritium Advies veldwerker

datum uitvoering

boornummers

boorwerkzaamheden (protocol 2001) dhr. Y. Janssen

13-02-2023

101 t/m 104

Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau.

4.4.2 Plaatsen boringen De locaties van de boringen zijn weergegeven in bijlage 2. Tijdens het plaatsen van de boringen deden zich geen belemmeringen of bijzonderheden voor. De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld zintuiglijk beoordeeld. Hierbij zijn de in de volgende tabel weergegeven waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de profielbeschrijvingen in bijlage 3.

pagina 15 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Tabel 4.4: waargenomen afwijkingen boring

traject

waarnemingen en bijzonderheden

einddiepte

(m-mv)

(m-mv)

101

0,10 - 0,50

zwak puinhoudend

1,00

103

0,00 - 0,50

sporen puin

1,00

104

0,10 - 0,60

uiterst puinhoudend

1,00

4.5 Analyses De grond- en grondwatermonsters zijn volgens de volgende tabellen geanalyseerd. Tabel 4.5: geanalyseerde monsters (grond) doel

monster boring -code

traject

analyses 2)

toelichting

(m-mv)

horizontale

101-1

101

0,00 - 0,10

PCB, L+H

horizontale afperking noordzijde buiten de druppelzone

afperking

102-1

102

0,00 - 0,10

PCB, L+H

horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone

103-1

103

0,00 – 0,10

PCB, L+H

horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone

104-1

104

0,00 – 0,10

PCB, L+H

horizontale afperking zuidzijde buiten de druppelzone

MM07

AG04, AG05

0,10 – 0,50

PCB, L+H

verticale afperking

verticale afperking

Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring analyses: PCB

:

polychloorbifenylen;

L+H

:

structuurpakket bestaande uit humus (organisch stof) en lutum.

4.6 Analyseresultaten 4.6.1 Toetsingskader (s) De analyseresultaten van de grond en/of grondwatermonsters zijn vergeleken met de momenteel geldende toetsingskader(s). Voor een nadere toelichting op de gehanteerde toetsingskaders wordt verwezen naar bijlage 8. In de volgende tabel(len) is weergegeven op welke wijze de mate van verontreiniging na toetsing van de analyseresultaten aan de normen uit de Wet bodembescherming (Wbb) in het rapport wordt weergegeven. Tabel 4.6: aanduiding mate van verontreiniging volgens Wbb aanduiding in rapport

betekenis voor grond

betekenis voor grondwater

-

=

niet verontreinigd

De toetsingswaarden worden niet overschreden.

>AW of >S

=

licht verontreinigd

Het aangetoonde gehalte ligt tussen de

Het aangetoonde gehalte ligt tussen de

achtergrond- en tussenwaarde.

streef- en tussenwaarde.

>T

=

matig verontreinigd

Het aangetoonde gehalte ligt tussen de tussen- en interventiewaarde.

>I

=

sterk verontreinigd

Het aangetoonde gehalte ligt boven de interventiewaarde.

pagina 16 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

4.7 Grond De analyseresultaten van de grondmonsters zijn weergegeven in bijlage 4. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 6. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 4.7: samenvatting toetsingsresultaten grond doel

monster- boring

traject

code horizontale 101-1

101

0,00 - 0,10

afperking

toetsingsresultaten Wbb 1)

motivatie

horizontale afperking noordzijde

> AW

>T

>I

PCB

-

-

PCB

-

-

PCB

-

-

-

-

-

PCB

-

-

buiten de druppelzone 102-1

102

0,00 - 0,10

horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone

103-1

103

0,00 – 0,10

horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone

104-1

104

0,00 – 0,10

horizontale afperking zuidzijde buiten de druppelzone

verticale afperking

MM07

AG04,

0,10 – 0,50

verticale afperking

AG05

Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring afkortingen: PCB

polychloorbifenylen.

4.8 Verontreinigingssituatie Bij het op deellocatie A-2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is sterke verontreiniging met PCB in de grond (druppelzone) aangetroffen. De aard en omvang van de sterke verontreiniging zijn door middel van dit nader onderzoek afdoende vastgesteld. De sterke verontreiniging is ter plaatse van de druppelzone aan de oostzijde, in het traject vanaf het maaiveld tot 0,10 m-mv aangetoond. De sterke verontreiniging is aangetoond over een oppervlakte van 12 m². De omvang van de sterke verontreiniging met PCB wordt geraamd op circa 9 m³. Gezien de aanlegdatum van de opstal (omstreeks 1983) bestaat er echter geen aanleiding om te veronderstellen dat de verontreiniging na 1987 is ontstaan. Gezien de omvang van de sterke verontreiniging met PCB in de grond is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (< 25 m³).

4.9 Toetsing conceptueel model Conform de NTA 5755 is getoetst of voldoende onderzoeksgegevens aanwezig zijn, of dat aanvullend onderzoek noodzakelijk is om de onderzoeksvragen te kunnen beantwoorden. Tabel 4.8: resultaten toetsing conceptueel model vraag

antwoord

1.

ca. 9 m³

wat is de omvang van de sterke verontreiniging in de grond ter plaaste van deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde)?

2.

is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging of een verontreiniging waarvoor

nee

zorgplicht van toepassing is?

pagina 17 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

5. Conclusie en aanbevelingen Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende. Deellocatie A1 toekomstig bouwblok (3.770 m²) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond ter plaatse van het westelijke deel van de deellocatie licht verontreinigd met zink. De bovengrond van het overig deel van de deellocatie en in de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater blijkt licht verontreinigd met barium en nikkel. Een nader onderzoek wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond, traject 0,00 – 0,10 m-mv sterke verontreinigd te zijn met PCB. Hiertoe is een nader onderzoek uitgevoerd. Uit de analyseresultaten blijkt uit de horizontale en verticale inkadering dat de grond niet tot nauwelijks verontreinigd is met PCB. Hiermee is de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag voldoende in beeld.

De sterke verontreiniging is ter plaatse van de druppelzone aan de oostzijde, in het traject vanaf het maaiveld tot 0,10 m-mv aangetoond. De sterke verontreiniging is aangetoond over een oppervlakte van 12 m². De totale sterke verontreiniging met PCB wordt geraamd op circa 9 m³. Gezien de aanlegdatum van de opstal (omstreeks 1983) bestaat er echter geen aanleiding om te veronderstellen dat de verontreiniging na 1987 is ontstaan. Gezien de omvang van de sterke verontreiniging met PCB in de grond is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (< 25 m³). Uit de analyseresultaten van het verkennend asbestonderzoek ter plaatse van deze deellocatie is in eerste instantie asbest met een gehalte van 17 mg/kg d.s. aangetoond. Echter was sprake van verdachte vezels. Derhalve is een SEM-analyse uitgevoerd. Uit de analyseresultaten bleek een concentratie asbest met een gehalte van 5,4 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Het berekende gewogen gehalte asbest bedraagt derhalve 22,4 mg/kg d.s. De hoeveelheid verdachte vezels welke in eerste instantie als verdacht werden aangemerkt werd niet bevestigd in de SEM-analyse. Derhalve is geen sprake van een risico ten aanzien van verdachte vezels.

Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond (traject 0,00 – 0,10 m-mv) licht verontreinigd met PCB. Verder blijkt in de toplaag asbest met een concentratie van 3 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Deellocatie A3 opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen.

pagina 18 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond niet verontreinigd is met PCB. Verder blijkt in de toplaag zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest te zijn aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte. Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A4 volledige puinverharding Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Ter plaatse van AG02, traject 0,00 - 0,15 m-mv en AG03, traject 0,00 – 0,50 m-mv zijn bijmengingen met resp. sporen tot zwak puin zijn waargenomen. Daar dit de enige plek is waar bijmengingen met puin in de grond zijn waargenomen, is het aannemelijk dat deze door transportbewegingen van en naar de schuur (noordelijk gelegen ten opzicht van de inspectiegaten) in de bodem zijn gekomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat het materiaal indicatief voldoet aan de klasse “N-bouwstof”. Gesproken kan worden van een schone bouwstof. Uit de resultaten blijkt verder dat in het materiaal asbest met een concentratie van 9 mg/kg d.s. is aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte.

Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Daarmee is de volledige puinlaag (meest verdachte laag) reeds onderzocht. Een verkennend bodemonderzoek ten aanzien van de sporen tot zwak puin die in de grond zijn waargenomen wordt derhalve niet noodzakelijk geacht. Resumé De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het huidige en voorgenomen gebruik van de locatie en vormen naar mening van Tritium Advies geen belemmering voor de voorgenomen bestemmingswijziging en mogelijk de afgifte van een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit. Ten aanzien van de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag ter plaatse van deellocatie “A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde)” wordt aanbevolen om een plan van aanpak in de dienen bij het bevoegd gezag. In het plan van aanpak wordt de afstemming tussen de betrokken vastgelegd. Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is.

Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen. De adviezen zoals vermeld in de onderhavige rapport zijn gebaseerd op geldende wetgeving ten tijde van het opstellen deze rapportage. Indien de omgevingswet in werking treed dient mogelijk het advies te worden herzien.

pagina 19 van 19

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Bijlage 1:

Kadastrale gegevens

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Bijlage 1.1: Topografische kaart

13

15

17

Dro

eve

nda

al

t raa

gst bru Aa-

4

Aa-brugstr

aat

19

deellocatie A3 deellocatie A2 - west

deellocatie A2- oost

deellocatie A4

2c

Laverdonk

0

1000 m.

LEGENDA REGIONALE LIGGING . 0

Wijz.

. . 20-02-'23 .

Datum

. TW

Omschrijving Opdrachtgever Project Titel

Getekend

Elings AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther

Gec.

Regionale ligging .

Vestiging

Nuenen

Schaal

1:12.500

Gezien

BIJLAGE 1.1 Form.

A4 0 mm

Ordernummer

Tekeningnummer

2208/051/TW-01 10

20

30

Blad

001

40

50

60

1 70

80

van

1

90

Wijz.

0

100

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Bijlage 1.2: Kadastrale kaart

Kadastrale kaart

Uw referentie: 2208051TW

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 2000

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Heeswijk-Dinther E 406

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 20 februari 2023 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Bijlage 2:

Situatietekening(en)

11 02

10

12

19 09

Aa-br

ugstra at

14

13

08 01 07 18 16

AG08

AG05

deellocatie A3 deellocatie A2 - west

102

03

deellocatie A2- oost

AG06

AG04

15 17

04

101

AG07

AG01

103

06 05

104

deellocatie A4

AG02

AG03

LEGENDA Locatiegrens Interventiewaarde contour PCB (traject 0,0 - 0,1 m-mv)

Boring 0,5 m-mv Boring 2,0 m-mv Boring 1,0 m-mv Asbestgat

0

.

.

.

20-02-2023 .

Wijz. Datum

Peilbuis

.

Omschrijving

25 m.

. TW

Opdrachtgever Project Titel

Getekend

Gec.

Gezien

Elings Verkennend bodemonderzoek AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther

Situatietekening BIJLAGE

2

Vestiging

.

Schaal

Form.

Ordernummer

Tekeningnummer

Blad

van

Wijz.

Nuenen

1 : 500

A3

2208/051/TW-01

1

1

1

0

mm

0

10

20

30

40

50

60

70

80

90

100

documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0

Bijlage 3:

Profielbeschrijvingen

Bijlage: Boorprofielen Boring:

01

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022 0

0

gras

X (RD):

161441,00

Y (RD):

405901,57

Z (NAP): 7.392

Boring:

02

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022 0

0

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor

1 50 3 100

70 80

4 120

5

150

Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak roesthoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, uiterst fijn, matig siltig, zwak roesthoudend, neutraal geelbeige, Edelmanboor

2

161465,21

Y (RD):

405935,21

Z (NAP): 7.257

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

2

gras

X (RD):

60

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor

3 100 4 150

150

Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen roest, lichtgrijs, Edelmanboor

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor

5

6 200

200

200

200 Zand, zeer fijn, matig siltig, lichtgrijs, van der Horstboor

250

300

310

Boring:

03

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022 0

0

gras

X (RD):

161497,90

Y (RD):

405888,61

Z (NAP): 7.19

04

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

1 50

50

Boring:

gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

50 Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbeige, Edelmanboor

2 100 3 150 4 200

200

Boring:

05

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022 0

0

161504,76

Y (RD):

405880,52

Z (NAP): 7.144

06

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

50

Projectcode: 2208051TW-01 Projectnaam: AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther

7-11-2022 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

gras

X (RD):

Boring:

161505,82

Y (RD):

405893,68

Z (NAP): 7.045

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

gras

X (RD):

50

Schaal1: 50

Bijlage: Boorprofielen Boring:

07

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022 0

0

Y (RD):

405897,76

Z (NAP): 7.231

Boring:

09

Boormeester:

Victor Loderus

7-11-2022 0

0

Boring:

11

Boormeester:

Victor Loderus

7-11-2022 0

Datum:

7-11-2022 0

tuin

X (RD):

161467,60

Y (RD):

405916,30

Z (NAP): 7.742

10

Boormeester:

Victor Loderus

7-11-2022 0

0

gras

161442,20

Y (RD):

405938,58

Z (NAP): 7.19

12

Boormeester:

Victor Loderus

7-11-2022 0

0

50

Boring:

14

Boormeester:

Victor Loderus

Boormeester:

Victor Loderus

0 8

0

0 1

Boring:

15

Boormeester:

Victor Loderus

7-11-2022 0

0

50

gras

X (RD):

161461,97

Y (RD):

405879,91

Z (NAP): 7.722

1 50

50 2

80

3

100

405922,34

Z (NAP): 7.614

161439,26

Y (RD):

405911,85

Z (NAP): 7.599

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal geelbeige, Edelmanboor

Victor Loderus

7-11-2022 0 5

0

X (RD):

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

Boormeester:

tegel

X (RD):

161458,61

Y (RD):

405892,32

Z (NAP): 7.725

Zand, matig fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor

1 50

161437,91

Y (RD):

tuin

16

Volledig puin, sterk zandhoudend, neutraal bruinbeige, Graven, Geen av 14,2kg^20mm ASBMM01 uitloog 01

gras

X (RD):

20

Boring:

Datum:

405928,69

Z (NAP): 7.553

0

2

50

50

100

klinker

7-11-2022

Zand, matig fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor

1

Datum:

Datum:

161453,30

Y (RD):

50

50

13

7-11-2022

tuin

X (RD):

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

Boring:

Datum:

405904,31

Z (NAP): 7.63

50

Boring:

Datum:

Y (RD):

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

X (RD):

161465,80

50

Boring:

Datum:

tuin

X (RD):

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

Victor Loderus

50

50

0

08

Boormeester:

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1 50

Boring:

0

50

50

Datum:

161484,54

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

1

Datum:

gras

X (RD):

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal geelbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor

Projectcode: 2208051TW-01 Projectnaam: AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther

Schaal1: 50

Bijlage: Boorprofielen Boring:

17

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022 0

0

40 50

2

Boring:

101

Boormeester:

Youri Janssen

Datum: 0

161436,13

Y (RD):

405878,40

Z (NAP): 7.011

Boring:

18

Boormeester:

Victor Loderus

Datum:

7-11-2022

13-2-2023 0 10

1 2 3

161481,42

Y (RD):

405893,94

Z (NAP): 7.299

100

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

4

Boring:

102

Boormeester:

Youri Janssen

0

161431,06

Y (RD):

405894,50

Z (NAP): 6.996

50

50

Datum:

gras

X (RD):

Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, licht bruinbeige, Edelmanboor

1

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

70

5 100

X (RD):

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor

50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor

braak

0

0

Zand, matig fijn, matig siltig, licht bruinbeige, Edelmanboor

1 50

gras

X (RD):

13-2-2023 0

1

braak

X (RD):

161482,71

Y (RD):

405889,70

Z (NAP): 7.232

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, neutraalbruin, Edelmanboor

2 50

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor

3 100

100

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor

Boring:

103

Boormeester:

Youri Janssen

Datum: 0

13-2-2023 0

1

braak

X (RD):

161482,61

Y (RD):

405884,74

Z (NAP): 7.269

Boormeester:

Youri Janssen

Datum: 0

50

13-2-2023 0 10

1 2

5

50 Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor

3 100

100

104

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen puin, neutraalbruin, Edelmanboor

2 50

Boring:

60

3 100

6

4

90 100

braak

X (RD):

161478,16

Y (RD):

405879,20

Z (NAP): 7.62

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, uiterst fijn, zwak siltig, zwak humeus, uiterst puinhoudend, licht beigebruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, donker bruingrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=30ffad3f-914b-4f7b-8469-f49af61ca5c4