Bijlage Vb nader Bodemonderzoek
Tekst van het document
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Verkennend- en nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek in grond en puin Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther (2208/051/TW-01, versie 0)
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Verkennend- en nader bodemonderzoek en verkennend asbestonderzoek in grond en puin
in opdracht van Elings De heer A. van Dooren Zwanenburgseweg 6a 5473 KT Heeswijk-Dinther betreffende locatie Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther documentkenmerk 2208/051/TW-01 versie 0 vestiging Nuenen datum 23 februari 2023
opgesteld door:
gecontroleerd door:
T.T.D. (Tom) Wijnands
N. (Nicole) Lammers
Senior projectleider bodem en bouwstoffen
Projectleider bodem
Dit document is digitaal gegenereerd en derhalve niet voorzien van een handtekening. De inhoud is aantoonbaar gecontroleerd en vrijgegeven. Het document mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen dan wel oneigenlijk gebruik van het document vallen niet onder de verantwoording van Tritium Advies. Op dit rapport is een disclaimer van toepassing; zie https://www.tritium.nl/algemene-disclaimer/
Tritium Advies B.V. Adviseurs in bouwen, milieu en veiligheid
Tritium Advies is gevestigd in:
T.
088 44 02 900
E.
info@tritium.nl
Arkel >> Neer >> Nuenen >>
I.
www.tritium.nl
Breda >> Rijkevoort
Kvk-nr.
17108024
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Samenvatting In opdracht van Elings heeft Tritium Advies een verkennend- en nader bodemonderzoek en een verkennend asbestonderzoek in grond en puin uitgevoerd op de locatie Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging en in een later stadium mogelijk een aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen. Doel van het onderzoek is meerledig namelijk; -
het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging die een belemmering kan vormen voor de geplande bestemmingsplanwijziging;
-
het bepalen of de verdenking op een bodemverontreiniging met asbest terecht is en het
-
het bepalen of de verdenking op een verontreiniging met asbest terecht is en het doen van
doen van een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de grond; een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de halfverharding; -
het indicatief bepalen van de hergebruiksmogelijkheden van de halfverharding.
Op basis van het vooronderzoek zijn de volgende deellocaties onderscheiden: •
deellocatie A1 :
toekomstig bouwblok;
•
deellocatie A2 :
opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van
•
deellocatie A2:
opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van
•
deellocatie A3:
opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide;
•
deellocatie A4:
volledige puinverharding.
huidige woning (afwatering oostzijde); huidige woning (afwatering westzijde);
Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende. Deellocatie A1 toekomstig bouwblok (3.770 m²) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond ter plaatse van het westelijke deel van de deellocatie licht verontreinigd met zink. De bovengrond van het overig deel van de deellocatie en in de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater blijkt licht verontreinigd met barium en nikkel. Een nader onderzoek wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond, traject 0,00 – 0,10 m-mv sterke verontreinigd te zijn met PCB. Hiertoe is een nader onderzoek uitgevoerd. Uit de analyseresultaten blijkt uit de horizontale en verticale inkadering dat de grond niet tot nauwelijks verontreinigd is met PCB. Hiermee is de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag voldoende in beeld. De sterke verontreiniging is ter plaatse van de druppelzone aan de oostzijde, in het traject vanaf het maaiveld tot 0,10 m-mv aangetoond.
De sterke verontreiniging is aangetoond over een
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
oppervlakte van 12 m². De totale sterke verontreiniging met PCB wordt geraamd op circa 9 m³. Gezien de aanlegdatum van de opstal (omstreeks 1983) bestaat er echter geen aanleiding om te veronderstellen dat de verontreiniging na 1987 is ontstaan. Gezien de omvang van de sterke verontreiniging met PCB in de grond is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (< 25 m³). Uit de analyseresultaten van het verkennend asbestonderzoek ter plaatse van deze deellocatie is in eerste instantie asbest met een gehalte van 17 mg/kg d.s. aangetoond. Echter was sprake van verdachte vezels. Derhalve is een SEM-analyse uitgevoerd. Uit de analyseresultaten bleek een concentratie asbest met een gehalte van 5,4 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Het berekende gewogen gehalte asbest bedraagt derhalve 22,4 mg/kg d.s. De hoeveelheid verdachte vezels welke in eerste instantie als verdacht werden aangemerkt werd niet bevestigd in de SEM-analyse. Derhalve is geen sprake van een risico ten aanzien van verdachte vezels. Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen.
Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond (traject 0,00 – 0,10 m-mv) licht verontreinigd met PCB. Verder blijkt in de toplaag asbest met een concentratie van 3 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Deellocatie A3 opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond niet verontreinigd is met PCB. Verder blijkt in de toplaag zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest te zijn aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte. Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A4 volledige puinverharding Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Ter plaatse van AG02, traject 0,00 - 0,15 m-mv en AG03, traject 0,00 – 0,50 m-mv zijn bijmengingen met resp. sporen tot zwak puin zijn waargenomen. Daar dit de enige plek is waar bijmengingen met puin in de grond zijn waargenomen, is het aannemelijk dat deze door transportbewegingen van en naar de schuur (noordelijk gelegen ten opzicht van de inspectiegaten) in de bodem zijn gekomen.
Uit de analyseresultaten blijkt dat het materiaal indicatief voldoet aan de klasse “N-bouwstof”. Gesproken kan worden van een schone bouwstof. Uit de resultaten blijkt verder dat in het materiaal asbest met een concentratie van 9 mg/kg d.s. is aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte. Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Daarmee is de volledige puinlaag (meest verdachte laag) reeds onderzocht. Een verkennend bodemonderzoek ten aanzien van de sporen tot zwak puin die in de grond zijn waargenomen wordt derhalve niet noodzakelijk geacht.
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Conclusie en aanbevelingen De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het huidige en voorgenomen gebruik van de locatie en vormen naar mening van Tritium Advies geen belemmering voor de voorgenomen bestemmingswijziging en mogelijk de afgifte van een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit. Ten aanzien van de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag ter plaatse van deellocatie “A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde)” wordt aanbevolen om een plan van aanpak in de dienen bij het bevoegd gezag. In het plan van aanpak wordt de afstemming tussen de betrokken vastgelegd. Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen. De adviezen zoals vermeld in de onderhavige rapport zijn gebaseerd op geldende wetgeving ten tijde van het opstellen deze rapportage. Indien de omgevingswet in werking treed dient mogelijk het advies te worden herzien.
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Inhoudsopgave pagina Samenvatting 1.
Inleiding
1
2.
Vooronderzoek
2
2.1
Locatiegegevens
2
2.2
Eerder uitgevoerd onderzoek
4
2.3
Terreinverkenning en overige waarnemingen
5
2.4
Bodemopbouw
5
2.5
Conclusies vooronderzoek
6
3.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek
7
3.1
Onderzoeksstrategie
7
3.2
Uitvoering
8
3.2.1 Kwalibo
8
3.3
Maaiveldinspectie
9
3.4
Inspectiegaten en boorwerk
9
3.5
Bemonstering grondwater
9
3.6
Analyses
10
3.7
Analyseresultaten
11
3.7.1 Toetsingskader(s)
11
3.8
Parameters grond (NEN 5740)
12
3.9
Asbest in grond en puin (NEN 5707 en 5898)
12
3.10 Indicatief uitloogonderzoek
13
3.11 Grondwater
13
4.
Nader bodemonderzoek
14
4.1
Onderzoeksopzet
14
4.1.1 Conceptueel model
14
4.2
Onderzoeksvragen
14
4.3
Onderzoeksstrategie
14
4.4
Uitvoering
15
4.4.1 Kwalibo
15
4.4.2 Plaatsen boringen en peilbuizen
15
4.5
Analyses
16
4.6
Analyseresultaten
16
4.6.1 Toetsingskader (s)
16
4.7
Grond
17
4.8
Verontreinigingssituatie
17
4.9
Toetsing conceptueel model
17
5.
Conclusie en aanbevelingen
18
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Bijlagen Bijlage 1:
Kadastrale gegevens
Bijlage 1.1:
Topografische kaart
Bijlage 1.2:
Kadastrale kaart
Bijlage 2:
Situatietekening(en)
Bijlage 3:
Profielbeschrijvingen
Bijlage 4:
Analyseresultaten grond
Bijlage 5:
Analyseresultaten asbest
Bijlage 6:
Analyseresultaten uitloogonderzoek
Bijlage 7:
Analyseresultaten grondwater
Bijlage 8:
Toelichting toetsingskader(s)
Bijlage 9:
Toetsingstabellen grond
Bijlage 10:
Toetsingstabellen puinfundering
Bijlage 11:
Toetsingstabellen grondwater
Bijlage 12:
Analyseresultaten nader onderzoek
Bijlage 13:
Toetsingstabellen nader onderzoek
Bijlage 14:
Foto’s onderzoekslocatie
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
1. Inleiding In opdracht van Elings heeft Tritium Advies een verkennend- en nader bodemonderzoek en een verkennend asbestonderzoek in grond en puin uitgevoerd op de locatie Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging en in een later stadium mogelijk een aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen. Doel van het onderzoek is meerledig namelijk; -
het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging die een belemmering kan vormen voor de geplande bestemmingsplan wijziging;
-
het bepalen of de verdenking op een bodemverontreiniging met asbest terecht is en het
-
het bepalen of de verdenking op een verontreiniging met asbest terecht is en het doen van
-
het indicatief bepalen van de hergebruiksmogelijkheden van de halfverharding.
doen van een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de grond; een uitspraak over het indicatieve asbestgehalte in de halfverharding;
Tritium Advies heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. Kwalibo Op een deel van de werkzaamheden die in het voorliggende rapport worden beschreven is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelt het Besluit de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor deze kwaliteitsborging zijn onderdelen van het onderzoek onder Kwalibo uitgevoerd. Indien dit het geval is, dan is dit bij het betreffende onderdeel expliciet vermeld. Onderdelen zonder vermelding van Kwalibo, zijn niet onder Kwalibo uitgevoerd.
pagina 1 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
2. Vooronderzoek Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5725 (oktober 2017). De geraadpleegde bronnen zijn weergegeven in de volgende tabel. Tabel 2.1: overzicht geraadpleegde bronnen tijdens vooronderzoek vooronderzoek type
“aanleiding A” opstellen hypothese milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van bodemonderzoek
categorie
bron
geraadpleegd datum
contactpersoon
08-08-2022
n.v.t.
internet kadastrale gegevens
kadastralekaart.com Kadaster online
actuele terreinsituatie
BAG Viewer - Kadaster Bing Maps Google Maps
historische gegevens
Topotijdreis
bodeminformatie
Actueel Hoogte Bestand DINOloket Grondwatertools bodematlas en stortplaatsenkaart Provincie Noord-Brabant Omgevingsrapportage Noord-Brabant
gemeente Bernheze bodeminformatie
bodemkwaliteitskaart
08-08-2022
n.v.t.
bodeminformatiesysteem
11-10-2022
mevr. J. Van Gaal
locatiegegevens
opdrachtgever
04-08-2022
dhr. A. van Dooren
terreinverkenning
Tritium Advies
07-1-2022
dhr. V. Loderus
overig
2.1 Locatiegegevens Op basis van de geraadpleegde bronnen, is een overzicht opgesteld van de locatiegegevens. Het overzicht is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 2.2: overzicht onderzoekslocatie actuele locatiegegevens adres straat
Aa-Brugstraat
huisnummer
19
plaats
Heeswijk-Dinther
kadastraal gemeente
Heeswijk-Dinther
sectie
E
nummer
406 (gedeeltelijk)
pagina 2 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Tabel 2.3: overzicht onderzoekslocatie (vervolg) actuele locatiegegevens locatie oppervlak onderzoekslocatie
3.770 m2
huidig gebruik
boerderij met bijbehorend erf
bebouwd circa 480 m2
geplande werkzaamheden
de bestemming van de huidige boerderij wordt omgezet naar de bestemming wonen, waarna op één stal na de aanwezig bebouwing wordt gesloopt
voormalig gebruik
Tot omstreeks 1983 kende de onderzoekslocatie een agrarisch gebruik. Daarna is de boerderij met bijbehorende stallen gerealiseerd. De bebouwing is door de jaren heen wel gewijzigd.
toekomstig gebruik
wonen met tuin
dempingen, ophogingen,
geen bekend
bijmengingen met puin bodembedreigende activiteiten
geen bekend
en calamiteiten PFAS
In december 2021 heeft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat het ‘Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ van toepassing verklaard. Door het wijdverbreide gebruik en door emissies en incidenten worden poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) inmiddels in Nederland (en breder in de wereld), niet alleen bij puntbronnen, maar ook als diffuse verontreinigingen in bodem, grondwater en oppervlaktewater aangetoond. Derhalve zijn de bovengrond (tot 1,0 m-mv) en geroerde bodems verdacht op PFAS.
bodemkwaliteitskaart
•
ontgravingskaart boven- en ondergrond: ‘achtergrondwaarde’
•
toepassingskaart boven- en ondergrond: ‘achtergrondwaarde’’
•
bodemfunctiekaart: ‘landbouw/natuur’
asbestaspecten jaartallen
toepassing
opstallen
bouwjaar 1983
terrein
aanleg in 1983
Van de locatie is bekend dat twee opstallen aanwezig zijn welke zijn voorzien van een asbestverdachte dakbedekking zonder regengoot.
terreinsituatie bebouwing
boerderij
maaiveld
gedeeltelijk tuin en gedeeltelijk verhard
verhardingen
bebouwing:
installaties
uit de omgevingsrapportage bleek dat op het adres Aa-Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther
beton
een ondergrondse huisbrandolie-tank geregistreerd was. Uit navraag bij de gemeente Bernheze blijkt hiervan geen informatie aanwezig te zijn. omgeving gebruik belendende percelen
gemengd
bodembedreigende activiteiten
stortplaats op land (op 15 meter ten westen van het zuidelijk deel)
en calamiteiten
De kadastrale gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in bijlage 1. Een situatietekening is weergegeven in bijlage 2. Foto’s van de onderzoekslocatie zijn toegevoegd in bijlage 8. De ligging van de locatie is weergegeven in de volgende figuur.
pagina 3 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Figuur 2.1: luchtfoto onderzoekslocatie
2.2 Eerder uitgevoerd onderzoek Op de onderzoekslocatie en in de directe omgeving zijn eerder de in de volgende tabel vermelde bodemonderzoeken uitgevoerd. Voor zover relevant voor dit onderzoek zijn de gegevens weergegeven in dit hoofdstuk. Tabel 2.4: eerder uitgevoerd onderzoek en overige documenten nr.
titel
locatie
opgesteld door
kenmerk
datum
Aa-Brugstraat 19
Optifield Adviesbureau LG
niet bekend
01-05-1997
Aa-Brugstraat
Provincie Noord-Brabant
NB2400004
04-01-2007
onderzoekslocatie 1.
verkennend onderzoek
directe omgeving 2.
eindrapportage NAVOS-onderzoek
Het verkennend onderzoek [1] is in de archieven van de gemeente Bernheze niet teruggevonden Uit het beschikbare document in de voornoemde tabel blijkt het volgende. Ad 2 Deze eindrapportage heeft betrekking op een stortplaats welke op circa 15 meter ten westen van het zuidelijk terreindeel gelegen is. Opgemerkt wordt dat eerst een verkennend onderzoek stortplaatsen (VOS) is uitgevoerd waarbij alle relevante gegevens over ligging, samenstelling stortmateriaal, omvang en geohydrologie zijn uitgewerkt. Vervolgens is een onderzoek naar de deklaag uitgevoerd (dikte en kwaliteit). Vervolgens zijn er twee monitoringsronden ten aanzien van de kwaliteit van het grondwater uitgevoerd. pagina 4 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Die gegevens zijn samengevat is de eindrapportage [2]. Het onderzoek maakte onderdeel uit van het landelijk onderzoeksprogramma naar de risico’s voor de volksgezondheid en het milieu. Tijdens de veldwerkzaamheden ten behoeve van het onderzoek naar de deklaag werd zintuiglijkgeen stortmateriaal waargenomen. Hiertoe werd de omvang van de stortplaats aangepast naar 700 m². Uit de analyseresultaten bleek dat de deklaag licht verontreinigd was met cadmium, kwik, zink en PAK. Uit de analyseresultaten van het grondwateronderzoek bleek dat het grondwater in de bovenstroomse peilbuis licht verontreinigd was met kwik. het grondwater in de benedenstroomse peilbuis bleek licht verontreinigd te zijn met benzeen en kwik. Tevens bleek de fenolindex verhoogd ten opzichte van de detectiegrens. Geconcludeerd werd dat geen sprake was van humane, ecologische en verspreidingsrisico’s.
2.3 Terreinverkenning en overige waarnemingen Voorafgaand aan de monstername is een terreinverkenning uitgevoerd. Hierbij zijn geen bijzonderheden geconstateerd. De resultaten van de terreinverkenning hebben dan ook geen aanleiding gegeven om de onderzoeksstrategie aan te passen. Tijdens de uitvoering van de boorwerkzaamheden is in de bodem op een klein deel van de onderzoekslocatie een volledige puinlaag aangetroffen. Volledige puinlagen waarvan de herkomst onbekend is dienen als asbestverdacht te worden beschouwd. Naar aanleiding hiervan is de onderzoeksstrategie gewijzigd en is direct een verkennend asbestonderzoek in puin uitgevoerd.
2.4 Bodemopbouw In de volgende tabel is een overzicht opgenomen van de regionale bodemopbouw en de geohydrologische situatie. Tabel 2.5: bodemopbouw en geohydrologie bodemopbouw maaiveldhoogte
circa 7 m+NAP
deklaag
dikte
22,2 m
samenstelling
zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus; leem, lokaal zandig, lokaal humeus; klei, siltig tot zandig
1e watervoerende pakket
doorlatendheid
goed
dikte
33,9 m
samenstelling
zand, matig grof tot uiterst grof, lokaal grindig; grind, fijn tot grof, lokaal zandig; stenen; keien; blokken; klei, lokaal siltig
doorlatendheid
goed
stijghoogte
circa 6 m+NAP
stromingsrichting
wordt sterk beinvloed door rivier “Aa”
stijghoogte
onbekend
stromingsrichting
onbekend
geohydrologie freatisch grondwater 1e watervoerende pakket
pagina 5 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Tabel 2.6: waterhuishouding waterhuishouding oppervlaktewater
direct ten noorden is rivier “Aa” gesitueerd
grondwaterbeschermingsbied /
De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied of een boringsvrije zone.
boringsvrije zone grondwateronttrekking
op de onderzoekslocatie vindt geen grondwateronttrekking plaats. Van de omgeving zijn geen gegevens bekend.
2.5 Conclusies vooronderzoek Op basis van het vooronderzoek worden de in de volgende tabel vermelde deellocaties onderscheiden. Tabel 2.7: deellocaties deel-
omschrijving
afmeting
hypothese
motivatie
A(1)
toekomstig bouwblok
A(2)
verdachte stoffen 1)
locatie
opstal met asbest verdachte
2
3.770 m
12 m²
verdacht
verdacht
verdacht op basis van de
en asbest (bij
bedrijfsactiviteiten
aantreffen puin)
mogelijk eroderen van
asbest(vezels) en
dakbedekking zonder regengoot ten
asbestverdacht
zuiden van huidige woning
plaatmateriaal door
(afwatering oostzijde) opstal met asbest verdachte
NEN-parameters
(voormalige)
PCB
weersinvloeden en 12 m²
verdacht
afwatering
dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering westzijde) A(3)
opstal met asbest verdachte
4 m²
verdacht
<100 m²
verdacht
dakbedekking ter plaatse van de weide A(4)
volledige puinverharding
puin van onbekende
zware metalen,
herkomst en kwaliteit
minerale olie, PAK, PCB, uitloogparameters en asbest
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring verdachte stoffen: NEN- parameters
:
pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en minerale olie) en NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie);
PCB
:
polychloorbifenylen;
PAK
:
polycyclische aromatische koolwaterstoffen.
PFAS Onderzoek naar PFAS in de grond is in het kader van de aanvraag van een omgevingsvergunning voor bouwen niet verplicht. Voor Noord-Brabant is een provinciebrede bodemkwaliteitskaart PFAS opgesteld. Derhalve is onderzoek naar PFAS niet opgenomen in het onderzoek.
pagina 6 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
3. Verkennend bodem- en asbestonderzoek 3.1
Onderzoeksstrategie
Het verkennend bodem- en asbestonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5707+C2 (december 2017) en de NEN 5740+A1 (april 2016). De puinlaag bestaat voor meer dan vijftig procent uit bodemvreemde materialen waardoor dit geen bodem betreft. Het onderzoek hiervan wordt uitgevoerd conform de NEN 5897+C2 (december 2017). De te volgen strategie is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.1: strategie verkennend bodemonderzoek strategie 1)
analyses 2)
veldwerkzaamheden maaiveld-
inspectie-
boringen
inspectie
gaten
(diepte in
(diepte in
m-mv)
peilbuizen
asfalt- of
grond
grondwater
4 x NEN-g3)
1 x NEN-gw
betonboringen
m-mv)
(diameter)
deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) VED-HE-NL
-
-
12 x (0,5)
1
-
2 x (2,0) deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) VEP
2 richtingen,
2 x (0,5)
-
-
-
stroken 1,5 m
2 x asb-g
-
1 x PCB, L+H
deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) VEP
2 richtingen,
2 x (0,5)
-
-
-
stroken 1,5 m
2 x asb-g
-
1 x PCB, L+H
deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) VEP
2 richtingen,
1 x (0,5)
-
-
-
stroken 1,5 m
2 x asb-g
-
1 x PCB, L+H
deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) HALF
-
3 x onderzijde puinlaag
-
-
1 x asb-p,
-
1 x org. parameters + uitloog Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring strategie: ONV-NL
: onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie, niet lijnvormig;
VEP
: onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een
VED-HE-NL
: onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde
HALF
: onderzoeksstrategie volgens NEN 5897+C2 voor halfverhardingslagen.
duidelijke verontreinigingskern; verontreiniging op schaal van monsterneming, (niet lijnvormig); 2)
verklaring analyses: asb-g
: asbest in grond NEN 5898;
asb-p
: asbest in puin NEN5898;
NEN-g
: pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en
NEN-gw
: pakket NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen
minerale olie); en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie);
pagina 7 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
3)
PCB
: polychloorbifenylen;
L+H
: struktuurpakket bestaande uit humus (organisch stof) en lutum;
org. parameters
: de organische parameters PAK, PCB en minerale olie;
uitloog
: schudproef met een eluaatanalyse op 15 metalen en 4 anionen;
conform de strategie VED-HE-NL dienen drie analyses te worden verricht op de meest verdachte laag. Om ook een uitspraak te kunnen doen over de milieuhygiënische kwaliteit van de (onverdachte) ondergrond is één extra analyse opgenomen.
De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De monsters worden voor zover mogelijk conform AS3000 voorbewerkt.
3.2 Uitvoering 3.2.1 Kwalibo Op de veldwerkzaamheden is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelt het Besluit de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor dit onderzoek zijn de werkzaamheden uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 (versie 6.0, 1 februari 2018) conform protocollen 2001 (versie 6.0, 1 februari 2018), 2002 (versie 6.0, 1 februari 2018) en 2018 (versie 6.0, 1 februari 2018) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Opgemerkt wordt dat wanneer meer dan 50% bodemvreemde materialen worden aangetroffen, het protocol 2018 niet van toepassing is. Dit heeft geen invloed op de onderzoeksstrategie en de resultaten van het onderzoek. In de volgende tabel zijn de namen van de erkende veldwerkers weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk hebben uitgevoerd. Tabel 3.2: erkende veldwerkers Tritium Advies veldwerkers
datum uitvoering
nummers
07-11-2022
maaiveld
07-11-2022
01 t/m 18
15-11-2022
01
dhr. V. Loderus en dhr. R. van Hoof (in opleiding)
07-11-2022
AG01 t/m AG08
dhr. R. van der Steen
15-11-2022
AG04 t/m AG07
maaiveldinspectie dhr. V. Loderus boorwerkzaamheden (protocol 2001) dhr. V. Loderus en dhr. R. van Hoof (in opleiding) monstername grondwater (protocol 2002) dhr. R. van der Steen inspectiegaten (protocol 2018)
Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau.
pagina 8 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
3.3 Maaiveldinspectie Het maaiveld van de locatie was tijdens de maaiveldinspectie plaatselijk bedekt met vegetatie (gras, onkruid). Vanwege de toestand van het maaiveld wordt de efficiëntie van de maaiveldinspectie geschat op 50 - 70 %. Tijdens de maaiveldinspectie zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen op het maaiveld.
3.4 Inspectiegaten en boorwerk De locaties van de inspectiegaten, boringen en peilbuizen zijn weergegeven in bijlage 2. Tijdens de uitvoering van het veldwerk bleek dat ter plaatse van boring 15 een volledige puinlaag vanaf het maaiveld tot 0,5 m-mv aanwezig was. Verder deden zich geen belemmeringen of bijzonderheden voor. De bij de werkzaamheden vrijkomende grond is in het veld zintuiglijk beoordeeld. Hierbij zijn in de volgende tabel weergegeven waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging met asbest. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de profielbeschrijvingen in bijlage 3. Tabel 3.3: waarnemingen en bijzonderheden inspectiegat
traject
of boring
(m-mv)
asbestverdacht materiaal
overige waarnemingen en
einddiepte
bijzonderheden
(m-mv)
volledige puinlaag
1,00
deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 15
0,00 – 0,50
-
deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) AG01
0,00 – 0,50
-
volledige puinlaag
1,00
AG02
0,00 – 0,15
-
zwak puin
1,00
0,15 – 0,50
-
volledige puinlaag
0,00 – 0,50
-
sporen puin
AG03
0,50
Opgemerkt wordt dat ter plaatse van AG02 (traject 0,00 - 0,15 m-mv) en AG03 (traject 0,00 – 0,50 m-mv) bijmengingen met sporen tot zwak puin zijn waargenomen. Daar dit de enige plek op de onderzoekslocatie is waar deze bijmengingen zijn waargenomen, is het aannemelijk dat deze door transportbewegingen van en naar de schuur (noordelijk gelegen ten opzicht van de inspectiegaten) in de bodem terecht zijn gekomen. Daarnaast is de volledige puinlaag (meest verdachte laag) reeds onderzocht. Derhalve wordt een verkennend asbestonderzoek ten aanzien van de bijmengingen met sporen tot zwak puin niet noodzakelijk geacht.
3.5 Bemonstering grondwater Tijdens de grondwatermonstername zijn in het veld de zuurgraad (pH), de troebelheid en de elektrische geleidbaarheid (Ec) van het grondwater bepaald. De peilbuisspecificaties en meetresultaten zijn weergegeven in de volgende tabel. De plaats van de peilbuis is weergegeven in bijlage 2. Tabel 3.4: peilbuisspecificaties
pagina 9 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
peilbuis
datum
filtertraject
grondwaterstand
pH
Ec
troebelheid
bemonstering
(m-mv)
(m-mv)
(-)
(µS/cm)
(ntu)
6,2
546
1,99
belucht
deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 01
15-11-2022
2,10 - 3,10
1,57
nee
Tijdens de bemonstering van het grondwater deden zich geen belemmeringen of bijzonderheden voor.
3.6 Analyses De monsters zijn volgens de volgende tabel geanalyseerd. Tabel 3.5: geanalyseerde monsters (NEN 5740) monster-
traject
code
(m-mv)
analyses 1) toelichting
deelmonsters
deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) MM01
0,00 - 0,50
04 (0,00 - 0,50), 05 (0,00 - 0,50),
NEN-g
zintuiglijk schone bovengrond
NEN-g
zintuiglijk schone bovengrond
NEN-g
zintuiglijk schone bovengrond
NEN-g
zintuiglijk schone ondergrond
06 (0,00 - 0,50), 07 (0,00 - 0,50) MM02
0,00 - 0,50
02 (0,00 - 0,50), 08 (0,00 - 0,50), 11 (0,00 - 0,50), 12 (0,00 - 0,50)
MM03
0,00 - 0,50
13 (0,08 - 0,50), 14 (0,20 - 0,50), 16 (0,05 - 0,50), 17 (0,00 - 0,40)
MM04
0,50 - 2,00
01 (0,80 - 1,20), 01 (1,20 - 1,70), 02 (1,50 - 2,00), 03 (0,50 - 1,00)
deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) MM05 (PCB)
0,00 – 0,10
AG04 (0,00 - 0,10), AG05 (0,00 - 0,10)
PCB, L+H
meest verdachte laag
MM07 (PCB)
0,10 – 0,50
AG04 (0,10 - 0,50), AG05 (0,10 - 0,50)
PCB, L+H
verticale afperking
deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) MM06 (PCB)
0,00 – 0,10
AG06 (0,08 - 0,18), AG07 (0,08 - 0,18)
PCB, L+H
meest verdachte laag
deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) AG08 (PCB)
0,00 - 0,10
AG08 (0,00 - 0,10)
PCB, L+H
meest verdachte laag
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring analyses: NEN-g
:
pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en
PCB
:
polychloorbifenylen;
L+H
:
structuurpakket bestaande uit humus (organisch stof) en lutum.
minerale olie);
Tabel 3.6: geanalyseerde monsters asbest (NEN 5707 en 5898) inspectiegat
monstercode
traject
analyses 2)
toelichting
(m-mv) 1) grond
deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) AG04, AG05
ASBMM03
0,00 - 0,10
asb-g
0,00 - 0,10
asb-SEM
afwatering zonder regengoot oostzijde toplaag verdachte vezels in ASBMM03
deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) AG06, AG07
ASBMM04
0,00 - 0,10
asb-g
afwatering zonder regengoot oostzijde toplaag
pagina 10 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Tabel 3.7: geanalyseerde monsters asbest (NEN 5707 en 5898) (vervolg) inspectiegat
monster-
analyses 2)
traject
code
(m-mv)
toelichting
1)
grond deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) AG08
AG08-1
0,00 - 0,10
asb-g
afwatering zonder regengoot, toplaag
puinfundering deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) AG01, AG02
ASBMM01
0,00 - 0,50
MMuitloog
0,00 - 0,50
asb-p
volledige puinlaag van onbekende herkomst en
1 x org. parameters kwaliteit + uitloog
Opmerkingen bij de tabel: 1)
in geval er sprake is van een monster dat samengesteld is uit deelmonsters, betreft het aangegeven traject de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster.
2)
verklaring analyses: asb-g
:
asbest in grond NEN 5898;
asb-p
:
asbest in puin NEN 5898;
asb-SEM
:
respirabele vezels;
org. parameters
:
de organische parameters PAK, PCB en minerale olie;
uitloog
:
schudproef met een eluaatanalyse op 15 metalen en 4 anionen.
Tabel 3.8: geanalyseerd monster (grondwater) monster-
peilbuis-
filtertraject
code
nummer
(m-mv)
analyses 1)
motivatie
deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 01-1-1
01
2,10 - 3,10
NEN-gw
onderzoek grondwater
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring analyses: NEN-gw
:
pakket NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie).
3.7 Analyseresultaten 3.7.1 Toetsingskader(s) De analyseresultaten van de grond en/of grondwatermonsters zijn vergeleken met de reeds geldende toetsingskader(s. Voor een nadere toelichting op de gehanteerde toetsingskaders wordt verwezen naar bijlage 8. In de volgende tabel is weergegeven op welke wijze de mate van verontreiniging na toetsing van de analyseresultaten aan de normen uit de Wet bodembescherming (Wbb). Tabel 3.9: aanduiding mate van verontreiniging volgens Wbb aanduiding in rapport
betekenis voor grond
-
=
niet verontreinigd
De toetsingswaarden worden niet overschreden.
betekenis voor grondwater
>AW of >S
=
licht verontreinigd
Het aangetoonde gehalte ligt tussen de
Het aangetoonde gehalte ligt tussen de
achtergrond- en tussenwaarde.
streef- en tussenwaarde.
>T
=
matig verontreinigd
Het aangetoonde gehalte ligt tussen de tussen- en interventiewaarde.
>I
=
sterk verontreinigd
Het aangetoonde gehalte ligt boven de interventiewaarde.
pagina 11 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
3.8 Parameters grond (NEN 5740) De analyseresultaten van de grondmonsters zijn weergegeven in bijlage 4. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 9. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.10: samenvatting toetsingsresultaten grond monster-
traject
code
(m-mv)
deelmonsters
toetsingsresultaten Wbb 1)
motivatie
> AW
>T
>I
zink
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) MM01
0,00 - 0,50
MM02
0,00 - 0,50
MM03
0,00 - 0,50
MM04
0,50 - 2,00
04 (0,00 - 0,50), 05 (0,00 - 0,50),
zintuiglijk schone
06 (0,00 - 0,50), 07 (0,00 - 0,50)
bovengrond
02 (0,00 - 0,50), 08 (0,00 - 0,50),
zintuiglijk schone
11 (0,00 - 0,50), 12 (0,00 - 0,50)
bovengrond
13 (0,08 - 0,50), 14 (0,20 - 0,50),
zintuiglijk schone
16 (0,05 - 0,50), 17 (0,00 - 0,40)
bovengrond
01 (0,80 - 1,20), 01 (1,20 - 1,70),
zintuiglijk schone
02 (1,50 - 2,00), 03 (0,50 - 1,00)
ondergrond
deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) MM05 (PCB)
0,00 – 0,10
AG04 (0,00 - 0,10), AG05 (0,00 - 0,10)
meest verdachte laag
-
-
PCB
deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) MM06 (PCB)
0,00 – 0,10
AG06 (0,08 - 0,18), AG07 (0,08 - 0,18)
meest verdachte laag
PCB
-
-
-
-
deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) AG08 (PCB)
0,00 - 0,10
AG08 (0,00 - 0,10)
meest verdachte laag
-
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring afkortingen: PCB
Polychloorbifenylen.
Uit de analyseresultaten blijkt dat voor MM05 (PCB) sprake is van een sterke verontreiniging met PCB. Hiertoe is in overleg met de opdrachtgever een nader onderzoek uitgevoerd. De resultaten van het nader onderzoek zijn weergegeven in hoofdstuk 4 van deze rapportage.
3.9 Asbest in grond en puin (NEN 5707 en 5898) De analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 5. De berekening van de totale gewogen gehalte asbest is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.11: berekening gewogen gehalte vindplaats of
traject
monster-
inspectiegat
(m-mv)
code
omschrijving
gehalte asbest (mg/kg d.s.) fractie
fractie
totaal
< 20 mm
> 20 mm
gewogen1)
grond deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) AG04, AG05
0,00 – 0,10 ASBMM03
afwatering zonder
17
n.a.
5,4
n.a.
regengoot oostzijde toplaag ASBMM03 SEM
verdachte vezels in
22,4
ASBMM03
pagina 12 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Tabel 3.12: samenvatting toetsingsresultaten uitloog vindplaats of
traject
monster-
inspectiegat
(m-mv)
code
omschrijving
gehalte asbest (mg/kg d.s.) totaal fractie gewogen 3) 2) < 20 mm > 20 mm fractie
grond deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering westzijde) (ca. 12 m²) 0,00 – 0,10 ASBMM04
AG06, AG07
afwatering zonder
3
n.a.
3
regengoot westzijde toplaag deellocatie A-3: opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide (<10 m²) 0,00 – 0,10 AG08-1
AG08
afwatering zonder
<2
n.a.
<2
9
n.a.
9
regengoot, toplaag puinfundering deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) 0,00 – 0,50 ASBMM01
AG01, AG02
volledige puinlaag van onbekende herkomst en kwaliteit
Opmerkingen bij de tabel: 1)
dit gehalte is bepaald op basis van een verkennend onderzoek en betreft derhalve een indicatieve waarde.
n.a.:
niet aangetroffen
In ASBMM01 is tevens in de fractie < 0,5 mm met de optische lichtmicroscoop verdachte vezels (50 chrysotiel en 18 crocidoliet) waargenomen. Hiertoe is met een SEM analyse uitgevoerd. De resultaten zijn geïntegreerd in de voorgaande tabel. Uit de analyseresultaten blijkt dat vier vezels zijn gemeten. Derhalve is geen sprake van risico.
3.10 Indicatief uitloogonderzoek De analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 6. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 10. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.13: samenvatting toetsingsresultaten uitloog monstercode
motivatie
samenvatting toetingsresultaten >N-bouwstof
>IBC-bouwstof
-
-
classificatie
deellocatie A-4: volledige puinlaag (<100 m²) MM uitloog
puin van onbekende herkomst en
N-bouwstof
kwaliteit
3.11
Grondwater
De analyseresultaten van het grondwatermonster zijn weergegeven in bijlage 5. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 10. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.14: samenvatting toetsingsresultaten grondwater peilbuis- monsternummer
code
filtertraject
motivatie
(m-mv)
toetsingsresultaten Wbb >S
>T
>I
barium, nikkel
-
-
deellocatie A-1: toekomstig bouwblok (3.770 m²) 01
01-1-1
2,10 – 3,10
onderzoek grondwater
pagina 13 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
4. Nader bodemonderzoek Gedurende de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek, zoals beschreven in het voorgaande onderzoek, in ter plaatse van “deellocatie A-2: opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²)” in de grond een sterke verontreiniging met PCB aangetoond. Hiertoe is direct een nader onderzoek uitgevoerd.
4.1 Onderzoeksopzet Het nader onderzoek wordt uitgevoerd volgens de NTA 5755 ‘Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek – Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging’ (Nederlandse Normalisatie-Instituut, juli 2010).
4.1.1 Conceptueel model Op basis van de beschikbare gegevens is voor het nader onderzoek het volgende conceptueel model opgesteld. “In de bovengrond is een sterke verontreiniging met PCB aangetoond. De oorzaak van deze verontreiniging is te relateren aan de asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot. De omvang van de verontreiniging in de grond niet nog niet bekend.
4.2 Onderzoeksvragen Op basis van de aanleiding en het doel van het onderzoek, de verzamelde gegevens en het conceptueel model zijn voor het nader onderzoek de volgende onderzoeksvragen geformuleerd. Tabel 4.1: onderzoeksvragen vraag 1.
wat is de omvang van de sterke verontreiniging in de grond ter plaaste van deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde)?
2.
is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging of een verontreiniging waarvoor zorgplicht van toepassing is?
4.3 Onderzoeksstrategie Het nader onderzoek omvat de onderstaande werkzaamheden.
pagina 14 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Tabel 4.2: strategie nader bodemonderzoek doel
boorwerk
asfalt- of
(diepte in m-mv)
betonboringen
analyses 1)
boringen
peilbuizen
(diameter)
grond
grondwater
verticale afperking
combi met v.o.2)
-
-
1 x PCB, L+H
-
verticale afperking
4 x (1,0)
-
-
4 x PCB, L+H
-
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring analyses: PCB
2)
:
polychloorbifenylen.
ten aanzien van de verticale afperking wordt in eerste instantie de onderliggende laag van MM03 geanalyseerd.
De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De grond monsters worden conform AS3000 voorbewerkt.
4.4 Uitvoering 4.4.1 Kwalibo Op de veldwerkzaamheden is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelt het Besluit de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor dit onderzoek zijn de werkzaamheden uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 (versie 6.0, 1 februari 2018) conform protocollen 2001 (versie 6.0, 1 februari 2018) en 2002 (versie 6.0, 1 februari 2018) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. In de volgende tabel is de naam van de erkende veldwerker weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk heeft uitgevoerd. Tabel 4.3: erkende veldwerkers Tritium Advies veldwerker
datum uitvoering
boornummers
boorwerkzaamheden (protocol 2001) dhr. Y. Janssen
13-02-2023
101 t/m 104
Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau.
4.4.2 Plaatsen boringen De locaties van de boringen zijn weergegeven in bijlage 2. Tijdens het plaatsen van de boringen deden zich geen belemmeringen of bijzonderheden voor. De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld zintuiglijk beoordeeld. Hierbij zijn de in de volgende tabel weergegeven waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de profielbeschrijvingen in bijlage 3.
pagina 15 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Tabel 4.4: waargenomen afwijkingen boring
traject
waarnemingen en bijzonderheden
einddiepte
(m-mv)
(m-mv)
101
0,10 - 0,50
zwak puinhoudend
1,00
103
0,00 - 0,50
sporen puin
1,00
104
0,10 - 0,60
uiterst puinhoudend
1,00
4.5 Analyses De grond- en grondwatermonsters zijn volgens de volgende tabellen geanalyseerd. Tabel 4.5: geanalyseerde monsters (grond) doel
monster boring -code
traject
analyses 2)
toelichting
(m-mv)
horizontale
101-1
101
0,00 - 0,10
PCB, L+H
horizontale afperking noordzijde buiten de druppelzone
afperking
102-1
102
0,00 - 0,10
PCB, L+H
horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone
103-1
103
0,00 – 0,10
PCB, L+H
horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone
104-1
104
0,00 – 0,10
PCB, L+H
horizontale afperking zuidzijde buiten de druppelzone
MM07
AG04, AG05
0,10 – 0,50
PCB, L+H
verticale afperking
verticale afperking
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring analyses: PCB
:
polychloorbifenylen;
L+H
:
structuurpakket bestaande uit humus (organisch stof) en lutum.
4.6 Analyseresultaten 4.6.1 Toetsingskader (s) De analyseresultaten van de grond en/of grondwatermonsters zijn vergeleken met de momenteel geldende toetsingskader(s). Voor een nadere toelichting op de gehanteerde toetsingskaders wordt verwezen naar bijlage 8. In de volgende tabel(len) is weergegeven op welke wijze de mate van verontreiniging na toetsing van de analyseresultaten aan de normen uit de Wet bodembescherming (Wbb) in het rapport wordt weergegeven. Tabel 4.6: aanduiding mate van verontreiniging volgens Wbb aanduiding in rapport
betekenis voor grond
betekenis voor grondwater
-
=
niet verontreinigd
De toetsingswaarden worden niet overschreden.
>AW of >S
=
licht verontreinigd
Het aangetoonde gehalte ligt tussen de
Het aangetoonde gehalte ligt tussen de
achtergrond- en tussenwaarde.
streef- en tussenwaarde.
>T
=
matig verontreinigd
Het aangetoonde gehalte ligt tussen de tussen- en interventiewaarde.
>I
=
sterk verontreinigd
Het aangetoonde gehalte ligt boven de interventiewaarde.
pagina 16 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
4.7 Grond De analyseresultaten van de grondmonsters zijn weergegeven in bijlage 4. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 6. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 4.7: samenvatting toetsingsresultaten grond doel
monster- boring
traject
code horizontale 101-1
101
0,00 - 0,10
afperking
toetsingsresultaten Wbb 1)
motivatie
horizontale afperking noordzijde
> AW
>T
>I
PCB
-
-
PCB
-
-
PCB
-
-
-
-
-
PCB
-
-
buiten de druppelzone 102-1
102
0,00 - 0,10
horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone
103-1
103
0,00 – 0,10
horizontale afperking oostzijde buiten de druppelzone
104-1
104
0,00 – 0,10
horizontale afperking zuidzijde buiten de druppelzone
verticale afperking
MM07
AG04,
0,10 – 0,50
verticale afperking
AG05
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring afkortingen: PCB
polychloorbifenylen.
4.8 Verontreinigingssituatie Bij het op deellocatie A-2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde) (ca. 12 m²) uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is sterke verontreiniging met PCB in de grond (druppelzone) aangetroffen. De aard en omvang van de sterke verontreiniging zijn door middel van dit nader onderzoek afdoende vastgesteld. De sterke verontreiniging is ter plaatse van de druppelzone aan de oostzijde, in het traject vanaf het maaiveld tot 0,10 m-mv aangetoond. De sterke verontreiniging is aangetoond over een oppervlakte van 12 m². De omvang van de sterke verontreiniging met PCB wordt geraamd op circa 9 m³. Gezien de aanlegdatum van de opstal (omstreeks 1983) bestaat er echter geen aanleiding om te veronderstellen dat de verontreiniging na 1987 is ontstaan. Gezien de omvang van de sterke verontreiniging met PCB in de grond is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (< 25 m³).
4.9 Toetsing conceptueel model Conform de NTA 5755 is getoetst of voldoende onderzoeksgegevens aanwezig zijn, of dat aanvullend onderzoek noodzakelijk is om de onderzoeksvragen te kunnen beantwoorden. Tabel 4.8: resultaten toetsing conceptueel model vraag
antwoord
1.
ca. 9 m³
wat is de omvang van de sterke verontreiniging in de grond ter plaaste van deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot (afwatering oostzijde)?
2.
is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging of een verontreiniging waarvoor
nee
zorgplicht van toepassing is?
pagina 17 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
5. Conclusie en aanbevelingen Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende. Deellocatie A1 toekomstig bouwblok (3.770 m²) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond ter plaatse van het westelijke deel van de deellocatie licht verontreinigd met zink. De bovengrond van het overig deel van de deellocatie en in de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater blijkt licht verontreinigd met barium en nikkel. Een nader onderzoek wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond, traject 0,00 – 0,10 m-mv sterke verontreinigd te zijn met PCB. Hiertoe is een nader onderzoek uitgevoerd. Uit de analyseresultaten blijkt uit de horizontale en verticale inkadering dat de grond niet tot nauwelijks verontreinigd is met PCB. Hiermee is de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag voldoende in beeld.
De sterke verontreiniging is ter plaatse van de druppelzone aan de oostzijde, in het traject vanaf het maaiveld tot 0,10 m-mv aangetoond. De sterke verontreiniging is aangetoond over een oppervlakte van 12 m². De totale sterke verontreiniging met PCB wordt geraamd op circa 9 m³. Gezien de aanlegdatum van de opstal (omstreeks 1983) bestaat er echter geen aanleiding om te veronderstellen dat de verontreiniging na 1987 is ontstaan. Gezien de omvang van de sterke verontreiniging met PCB in de grond is geen sprake van een ernstig geval van bodemverontreiniging (< 25 m³). Uit de analyseresultaten van het verkennend asbestonderzoek ter plaatse van deze deellocatie is in eerste instantie asbest met een gehalte van 17 mg/kg d.s. aangetoond. Echter was sprake van verdachte vezels. Derhalve is een SEM-analyse uitgevoerd. Uit de analyseresultaten bleek een concentratie asbest met een gehalte van 5,4 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Het berekende gewogen gehalte asbest bedraagt derhalve 22,4 mg/kg d.s. De hoeveelheid verdachte vezels welke in eerste instantie als verdacht werden aangemerkt werd niet bevestigd in de SEM-analyse. Derhalve is geen sprake van een risico ten aanzien van verdachte vezels.
Deellocatie A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde) Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt de bovengrond (traject 0,00 – 0,10 m-mv) licht verontreinigd met PCB. Verder blijkt in de toplaag asbest met een concentratie van 3 mg/kg d.s. te zijn aangetoond. Deellocatie A3 opstal met asbest verdachte dakbedekking ter plaatse van de weide Zintuiglijk zijn in de grond geen waarnemingen gedaan die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Op het maaiveld zijn ook geen asbestverdachte materialen waargenomen.
pagina 18 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond niet verontreinigd is met PCB. Verder blijkt in de toplaag zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest te zijn aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte. Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Deellocatie A4 volledige puinverharding Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Ter plaatse van AG02, traject 0,00 - 0,15 m-mv en AG03, traject 0,00 – 0,50 m-mv zijn bijmengingen met resp. sporen tot zwak puin zijn waargenomen. Daar dit de enige plek is waar bijmengingen met puin in de grond zijn waargenomen, is het aannemelijk dat deze door transportbewegingen van en naar de schuur (noordelijk gelegen ten opzicht van de inspectiegaten) in de bodem zijn gekomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat het materiaal indicatief voldoet aan de klasse “N-bouwstof”. Gesproken kan worden van een schone bouwstof. Uit de resultaten blijkt verder dat in het materiaal asbest met een concentratie van 9 mg/kg d.s. is aangetoond. Omdat er sprake is van een verkennend bodemonderzoek betreft het een indicatief gehalte.
Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde, mag worden aangenomen dat de grond niet verontreinigd is met asbest. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Daarmee is de volledige puinlaag (meest verdachte laag) reeds onderzocht. Een verkennend bodemonderzoek ten aanzien van de sporen tot zwak puin die in de grond zijn waargenomen wordt derhalve niet noodzakelijk geacht. Resumé De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het huidige en voorgenomen gebruik van de locatie en vormen naar mening van Tritium Advies geen belemmering voor de voorgenomen bestemmingswijziging en mogelijk de afgifte van een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteit. Ten aanzien van de sterke verontreiniging met PCB in de toplaag ter plaatse van deellocatie “A2 opstal met asbest verdachte dakbedekking zonder regengoot ten zuiden van huidige woning (afwatering oostzijde)” wordt aanbevolen om een plan van aanpak in de dienen bij het bevoegd gezag. In het plan van aanpak wordt de afstemming tussen de betrokken vastgelegd. Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is.
Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen. De adviezen zoals vermeld in de onderhavige rapport zijn gebaseerd op geldende wetgeving ten tijde van het opstellen deze rapportage. Indien de omgevingswet in werking treed dient mogelijk het advies te worden herzien.
pagina 19 van 19
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Bijlage 1:
Kadastrale gegevens
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Bijlage 1.1: Topografische kaart
13
15
17
Dro
eve
nda
al
t raa
gst bru Aa-
4
Aa-brugstr
aat
19
deellocatie A3 deellocatie A2 - west
deellocatie A2- oost
deellocatie A4
2c
Laverdonk
0
1000 m.
LEGENDA REGIONALE LIGGING . 0
Wijz.
. . 20-02-'23 .
Datum
. TW
Omschrijving Opdrachtgever Project Titel
Getekend
Elings AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther
Gec.
Regionale ligging .
Vestiging
Nuenen
Schaal
1:12.500
Gezien
BIJLAGE 1.1 Form.
A4 0 mm
Ordernummer
Tekeningnummer
2208/051/TW-01 10
20
30
Blad
001
40
50
60
1 70
80
van
1
90
Wijz.
0
100
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Bijlage 1.2: Kadastrale kaart
Kadastrale kaart
Uw referentie: 2208051TW
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Heeswijk-Dinther E 406
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 20 februari 2023 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Bijlage 2:
Situatietekening(en)
11 02
10
12
19 09
Aa-br
ugstra at
14
13
08 01 07 18 16
AG08
AG05
deellocatie A3 deellocatie A2 - west
102
03
deellocatie A2- oost
AG06
AG04
15 17
04
101
AG07
AG01
103
06 05
104
deellocatie A4
AG02
AG03
LEGENDA Locatiegrens Interventiewaarde contour PCB (traject 0,0 - 0,1 m-mv)
Boring 0,5 m-mv Boring 2,0 m-mv Boring 1,0 m-mv Asbestgat
0
.
.
.
20-02-2023 .
Wijz. Datum
Peilbuis
.
Omschrijving
25 m.
. TW
Opdrachtgever Project Titel
Getekend
Gec.
Gezien
Elings Verkennend bodemonderzoek AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther
Situatietekening BIJLAGE
2
Vestiging
.
Schaal
Form.
Ordernummer
Tekeningnummer
Blad
van
Wijz.
Nuenen
1 : 500
A3
2208/051/TW-01
1
1
1
0
mm
0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100
documentkenmerk: 2208/051/TW-01, versie 0
Bijlage 3:
Profielbeschrijvingen
Bijlage: Boorprofielen Boring:
01
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022 0
0
gras
X (RD):
161441,00
Y (RD):
405901,57
Z (NAP): 7.392
Boring:
02
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022 0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50 3 100
70 80
4 120
5
150
Zand, zeer fijn, matig siltig, matig humeus, zwak roesthoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, uiterst fijn, matig siltig, zwak roesthoudend, neutraal geelbeige, Edelmanboor
2
161465,21
Y (RD):
405935,21
Z (NAP): 7.257
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
2
gras
X (RD):
60
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
3 100 4 150
150
Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen roest, lichtgrijs, Edelmanboor
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
5
6 200
200
200
200 Zand, zeer fijn, matig siltig, lichtgrijs, van der Horstboor
250
300
310
Boring:
03
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022 0
0
gras
X (RD):
161497,90
Y (RD):
405888,61
Z (NAP): 7.19
04
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50
50
Boring:
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50 Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbeige, Edelmanboor
2 100 3 150 4 200
200
Boring:
05
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022 0
0
161504,76
Y (RD):
405880,52
Z (NAP): 7.144
06
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
50
Projectcode: 2208051TW-01 Projectnaam: AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther
7-11-2022 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
gras
X (RD):
Boring:
161505,82
Y (RD):
405893,68
Z (NAP): 7.045
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
gras
X (RD):
50
Schaal1: 50
Bijlage: Boorprofielen Boring:
07
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022 0
0
Y (RD):
405897,76
Z (NAP): 7.231
Boring:
09
Boormeester:
Victor Loderus
7-11-2022 0
0
Boring:
11
Boormeester:
Victor Loderus
7-11-2022 0
Datum:
7-11-2022 0
tuin
X (RD):
161467,60
Y (RD):
405916,30
Z (NAP): 7.742
10
Boormeester:
Victor Loderus
7-11-2022 0
0
gras
161442,20
Y (RD):
405938,58
Z (NAP): 7.19
12
Boormeester:
Victor Loderus
7-11-2022 0
0
50
Boring:
14
Boormeester:
Victor Loderus
Boormeester:
Victor Loderus
0 8
0
0 1
Boring:
15
Boormeester:
Victor Loderus
7-11-2022 0
0
50
gras
X (RD):
161461,97
Y (RD):
405879,91
Z (NAP): 7.722
1 50
50 2
80
3
100
405922,34
Z (NAP): 7.614
161439,26
Y (RD):
405911,85
Z (NAP): 7.599
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal geelbeige, Edelmanboor
Victor Loderus
7-11-2022 0 5
0
X (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
Boormeester:
tegel
X (RD):
161458,61
Y (RD):
405892,32
Z (NAP): 7.725
Zand, matig fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor
1 50
161437,91
Y (RD):
tuin
16
Volledig puin, sterk zandhoudend, neutraal bruinbeige, Graven, Geen av 14,2kg^20mm ASBMM01 uitloog 01
gras
X (RD):
20
Boring:
Datum:
405928,69
Z (NAP): 7.553
0
2
50
50
100
klinker
7-11-2022
Zand, matig fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor
1
Datum:
Datum:
161453,30
Y (RD):
50
50
13
7-11-2022
tuin
X (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
Boring:
Datum:
405904,31
Z (NAP): 7.63
50
Boring:
Datum:
Y (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
X (RD):
161465,80
50
Boring:
Datum:
tuin
X (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
Victor Loderus
50
50
0
08
Boormeester:
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
Boring:
0
50
50
Datum:
161484,54
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
Datum:
gras
X (RD):
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal geelbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
Projectcode: 2208051TW-01 Projectnaam: AA Brugstraat 19 te Heeswijk-Dinther
Schaal1: 50
Bijlage: Boorprofielen Boring:
17
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022 0
0
40 50
2
Boring:
101
Boormeester:
Youri Janssen
Datum: 0
161436,13
Y (RD):
405878,40
Z (NAP): 7.011
Boring:
18
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
7-11-2022
13-2-2023 0 10
1 2 3
161481,42
Y (RD):
405893,94
Z (NAP): 7.299
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
4
Boring:
102
Boormeester:
Youri Janssen
0
161431,06
Y (RD):
405894,50
Z (NAP): 6.996
50
50
Datum:
gras
X (RD):
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, licht bruinbeige, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
70
5 100
X (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbeige, Edelmanboor
braak
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, licht bruinbeige, Edelmanboor
1 50
gras
X (RD):
13-2-2023 0
1
braak
X (RD):
161482,71
Y (RD):
405889,70
Z (NAP): 7.232
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
2 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
3 100
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
Boring:
103
Boormeester:
Youri Janssen
Datum: 0
13-2-2023 0
1
braak
X (RD):
161482,61
Y (RD):
405884,74
Z (NAP): 7.269
Boormeester:
Youri Janssen
Datum: 0
50
13-2-2023 0 10
1 2
5
50 Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
3 100
100
104
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen puin, neutraalbruin, Edelmanboor
2 50
Boring:
60
3 100
6
4
90 100
braak
X (RD):
161478,16
Y (RD):
405879,20
Z (NAP): 7.62
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, uiterst fijn, zwak siltig, zwak humeus, uiterst puinhoudend, licht beigebruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, donker bruingrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalgrijs, Edelmanboor