Bijlage bij motivering - Bijlage 5 - Verkennend bodem- en asbestonderzoek
Tekst van het document
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Mei 2025 Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Opdrachtgever Contactpersoon
: :
Projectnummer Rapportagedatum
: LBS.350225 : 28-05-2025
Het voorliggend onderzoek is uitgevoerd onder de ‘Algemene voorwaarden Van Oort Bodemonderzoek BV’ die ter inzage liggen op het kantoor aan de Zoggelsestraat 15a te Heesch en de Kamer van Koophandel te ’s-Hertogenbosch. Van Oort Bodemonderzoek BV is gecertificeerd volgens BRL SIKB 2000 (EC-SIK-20257) en beschikt over een kwalibo-erkenning.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
1
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Inhoudsopgave
Blz
1.
Inleiding
3
2.
Vooronderzoek 2.1 Algemeen 2.2 Onderzoeksvragen 2.3 Afbakening en locatiegegevens 2.4 Terreingebruik onderzoekslocatie 2.5 Voorgaande onderzoeken en saneringen 2.6 Omgeving locatie 2.7 Bodemkwaliteitskaart 2.8 Bodemopbouw en geohydrologie
4 4 4 5 6 8 8 9 9
3.
Hypothese en onderzoeksopzet
11
4.
Uitgevoerd onderzoek 4.1 Veldonderzoek 4.2 Laboratoriumonderzoek
13 13 14
5.
Onderzoeksresultaten 5.1 Veldwaarnemingen 5.1.1 Verkennend bodemonderzoek 5.1.2 Verkennend asbestonderzoek 5.2 Analyseresultaten 5.2.1 Toetsingskader 5.2.2 Grond 5.2.3 Grondwater 5.2.4 Asbest 5.2.5 CROW-toets 5.3 Conclusies
15 15 15 15 16 16 17 18 18 19 20
6.
Samenvatting en advies
21
Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Kadastrale kaart Informatie vooronderzoek Situatietekening met boorlocaties Boorprofielen Toetsing analyseresultaten grond en grondwater Analysecertificaten grond- en grondwatermonsters Analysecertificaten asbestonderzoek
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
2
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
1.
Project LBS.350225
Inleiding
In opdracht van de is er een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de locatie aan de Loosbroeksestraat 4 te Heesch (gemeente Bernheze). Aanleiding tot het bodemonderzoek is een herbestemming en nieuwbouw. Het doel van het onderzoek is het vastleggen van de kwaliteit van grond en grondwater en te beoordelen of er met betrekking tot de bodemkwaliteit bezwaren zijn tegen bestemmingswijziging en het verlenen van een omgevingsvergunning voor nieuwbouw. De uitvoering van het verkennend bodem- en asbestonderzoek heeft plaatsgevonden op basis van de NEN 5725, NEN 5740 en NEN 5707. Het onderzoek is onafhankelijk van de opdrachtgever uitgevoerd. Er bestaat geen relatie tussen de opdrachtgever en Van Oort Bodemonderzoek BV en/of een ingehuurde monsternemer. De locatie is daarnaast niet in eigendom van Van Oort Bodemonderzoek BV.
Betrouwbaarheid en aansprakelijkheid Een bodemonderzoek wordt uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van grond en grondwater. Deze in wet- en regelgeving vastgestelde benadering maakt het onmogelijk om op basis van de resultaten van een onderzoek garanties te geven ten aanzien van de gemeten bodemkwaliteit en de eventueel aanwezige verontreinigingen. Aan de hand van een bodemonderzoek wordt de kans op de aanwezigheid van later aan te treffen bodemverontreinigingen zoveel mogelijk beperkt. Van Oort Bodemonderzoek BV accepteert geen aansprakelijkheid ten aanzien van beslissingen die opdrachtgever of derden nemen naar aanleiding van het uitgevoerd onderzoek. Een vooronderzoek is sterk afhankelijk van de bronnen en (historische) gegevens die aangeleverd worden. Van Oort Bodemonderzoek BV kan niet instaan voor de volledigheid van de ontvangen informatie en gegevens van derden.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
3
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
2.
Vooronderzoek
2.1.
Algemeen, aanleiding en doel
Project LBS.350225
Bij de uitvoering van het vooronderzoek is gebruik gemaakt van de NEN 5725 (Bodem- LandbodemStrategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, oktober 2023). Het doel van het vooronderzoek is om inzicht te krijgen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem op de onderzoekslocatie en de mogelijke aanwezigheid van verontreinigingen binnen het onderzoeksgebied. Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie van de locatie en directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. Dit gebeurt onder meer door het opvragen van informatie bij de opdrachtgever, eigenaar en gemeente/omgevingsdienst en door het uitvoeren van een terreinverkenning en eventueel archiefonderzoek. Afhankelijk van de aanleiding voor het bodemonderzoek dienen een aantal onderzoeksvragen te worden beantwoord. De volgende aanleiding(en) is/zijn van toepassing: Aanleiding A: uitvoeren van bodemonderzoek, saneren van een milieubelastende activiteit en/of realiseren van een gebouw op een bodemgevoelige locatie. Aanleiding H: uitvoeren van de (milieubelastende) activiteit graven in grond en inschatten van de arbeidshygiënische risico’s.
2.2.
Onderzoeksvragen
Hieronder staan de onderzoeksvragen opgesomd zoals geformuleerd in de NEN 5725. Dit met een verwijzing naar de paragraaf of hoofdstuk waarin deze gemotiveerd wordt beantwoord.
Wat is de afbakening van de onderzoekslocatie en is deze voldoende? (2.3) Zijn er potentiële bronnen van bodembelasting (verdachte (deel)locatie(s)), zowel vanuit het verleden als het heden? Zo ja, wat zijn deze en waar liggen ze? (2.4) Welke kwaliteitsklasse is toegekend aan de bodem in de bodemkwaliteitskaart en welke lagen zijn daarbij onderscheiden? (2.7) Is de bodem asbestverdacht? Zo ja, wat zijn de mogelijke bronnen en verdachte terreindelen? (2.4) Wat is de bodemopbouw en geohydrologie? (2.8) Is er sprake van beïnvloeding vanuit de omgeving van de bodemkwaliteit of de kwaliteit van het grondwater? Zo ja, welke en waar bevinden deze zich? (2.6) Heeft er in het verleden bodemonderzoek plaatsgevonden? Zo ja, welke en wat zijn de resultaten. Wordt er op de locatie of een deel daarvan een sterke bodemverontreiniging (tot boven de interventiewaarde verwacht? Zo ja, waar bevindt deze zich? (2.5) Is de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem afdoende bekend of wordt bodemonderzoek noodzakelijk geacht? Welke hypothese is van toepassing (H3)
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
4
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Ten behoeve van het vooronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: - Kadaster - Informatie opdrachtgever en eigenaar - Regionaal bodemloket gemeente/omgevingsdienst - Informatie gemeente en BHIC (bodemkwaliteitskaart en bouw- en milieuarchief) - Historische kaarten en registratiekaart gebouwen (topotijdreis.nl, BAG-viewer) - Actuele luchtfoto’s (google earth) - Grondwaterkaart van Nederland (TNO, Dino-loket)
2.3.
Afbakening en locatiegegevens
De te onderzoeken locatie bevindt zich in het buitengebied tussen Heesch, Vinkel en Loosbroek. Kadastraal staat de locatie bekend als; gemeente Heesch, sectie F, nummers 789, 1241, 1539, 1540 (ged) en 1541. In bijlage 1 is een kadastrale kaart bijgevoegd. De oppervlakte van de te onderzoeken locatie bedraagt circa 8.000 m2. Het onderzoeksgebied van het vooronderzoek is geografisch afgebakend tot de onderzoekslocatie en tot 25 meter in de aangrenzende percelen. Gezien de ligging en gebruik van de locatie is deze afbakening als voldoende beschouwd. Hieronder is een luchtfoto bijgevoegd met de globale begrenzing van de onderzoekslocatie.
Figuur 2.1: Globale ligging onderzoekslocatie
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
5
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
2.4.
Project LBS.350225
Terreingebruik onderzoekslocatie
Historisch gebruik Op de te onderzoeken locatie bevindt zich sinds 1978 een varkenshouderij. Daarvóór was de locatie onbebouwd en in agrarisch gebruik als akkerbouwland. Hieronder zijn een aantal historische kaarten bijgevoegd waarop het historisch gebruik zichtbaar is en een en ander wordt bevestigd.
Figuur 2.2: Historische kaart 1975
Figuur 2.3: Historische kaart 1990
Figuur 2.4: Historische kaart 2005
Figuur 2.5: Historische kaart 2020
In het BHIC en het gemeentearchief zijn een aantal milieu- en bouwvergunningen aangetroffen die betrekking hebben op de huidige varkenshouderij. De verleende vergunningen worden in chronologische volgorde benoemd en daar waar nodig toegelicht.
08-06-1978; Een oprichtings- en bouwvergunning van de varkenshouderij en bedrijfswoning van 1978 zijn niet aangetroffen in het archief van de gemeente en het BHIC. 25-03-1985; Het betreft een bouwvergunning voor de uitbreiding van één van de twee stallen. Aanvrager was Maatschap School. Uit de tekeningen valt op te maken dat de stallen voorzien zijn van mestputten en gedekt zijn met asbestgolfplaten.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
6
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
02-02-1988; Het betreft een bouwvergunning voor de uitbreiding van de andere stal tot een afstand gelijk aan de uitbreiding van de stal in 1985. 12-07-1988; Een revisievergunning voor de varkenshouderij vanwege de wijzigingen en uitbreidingen. Aanvrager was Maatschap School. Binnen de inrichting werden mestvarkens, fokvarkens, biggen en een beperkt aantal beren gehouden. Destijds was er geen sprake van brandstofopslagen. In bijlage 2 is een kopie van de inrichtingstekening bijgevoegd. 24-04-1990; Vergunning voor het bouwen van een stalling voor fietsen en een auto. De stalling is in hout opgetrokken en gedekt met dakpannen (als op de woning). 28-11-1991; Melding in het kader van de Wet milieubeheer volgens artikel 8.19 vanwege de verandering/uitbreiding van de stallen. Op het kopeind van één van de stallen werd een beperkte ruimte ingericht voor een tractor en een bovengrondse dieselopslag (600 liter). 08-09-1992; Bouwvergunning voor de uitbreidingen zoals genoemd bij de kennisgeving van 1991. De uitbreidingen zijn gerealiseerd in 1993-1994 waarbij gebruik is gemaakt van asbestvrije golfplaten. 19-07-2010; Melding in het kader van de Wet milieubeheer volgens artikel 8.19 vanwege de uitbreiding van de inrichting met een loods/machineberging oostelijk van de twee varkensstallen. De loods is bestemd voor stalling en opslag.
De oude dieseltank werd vervangen door een dubbelwandige dieseltank met een inhoud van 1200 liter en geplaatst in de nieuwe loods. 16-08-2010; Bouwvergunning voor de oprichting van een nieuwe loods/machineberging. Aanvrager was J. School VOF. De loods werd voorzien van een vloeistofkerende betonvloer, werd opgetrokken uit steen en damwandplaten en werd gedekt met asbestvrije golfplaten. 21-04-2016; Melding voor het veranderen van de inrichting. In bijlage 2 is de tekening van de inrichting bijgevoegd. De tekening geeft de huidige situatie weer.
In het verleden zijn er geen ondergrondse brandstofopslagen aanwezig geweest en hebben er geen bodembedreigende bedrijfsactiviteiten en calamiteiten plaatsgevonden. Sinds september 2024 worden er geen varkens meer gehouden en staan de stallen leeg. De loods is in gebruik door een hoveniersbedrijf. De bodeminformatie van de gemeente Bernheze wordt ontsloten via het bodeminformatiesysteem van de regionale omgevingsdienst. In bijlage 2 is een rapportage met deze informatie bijgevoegd. De locatie zelf staat niet geregistreerd. Huidig gebruik Voorafgaand aan de veldwerkzaamheden heeft er een terreinverkenning plaatsgevonden. In bijlage 3 zijn een situatietekening en een aantal terreinfoto’s bijgevoegd. Binnen de te onderzoeken locatie bevinden zich een bedrijfswoning met nabije garage en stalling voor fietsen/auto, een tweetal mestvarkensstallen en een loods. Het erf en de opritten zijn verhard met betonklinkers. Nabij de woning zijn de toegangspaden verhard met tegels. Voor het overige is rond de woning en het voorterrein voornamelijk sprake van gazon. De garage tegen de stal en het voorste gedeelte van de twee varkensstallen zijn gedekt met asbestgolfplaten. De garage en het gedeelte van de varkensstal ter hoogte van de tuin zijn voorzien van een gerioleerde dakgoot. Het voorste gedeelte tussen de stallen is geheel verhard met beton.
Vervolgens is sprake van betonnen vloergoten en/of dakgoten. Het achterste gedeelte van de stallen (circa 19 meter) is gedekt met asbestvrije platen. Tussen de stallen bevinden zich dus geen drupzones asbest.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
7
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Aan de westzijde van stal 1 bestaat het laagste gedeelte van het dak uit asbestvrije golfplaten. Vanaf de asbesthoudende golfplaten daarboven loopt het regenwater echter tot over deze platen tot op de onbedekte bodem. Dit laatst geldt ook voor het grootste gedeelte van de oostelijke daklijn van stal 2. De loods is gedekt met asbestvrije golfplaten en bovendien voorzien van gerioleerde dakgoten. In de loods bevindt zich op een vloeistofkerende betonvloer een dubbelwandige dieseltank met een inhoud van 1.200 liter. Het achterste gedeelte van stal 2, waar voorheen een bovengrondse dieseltank stond, is verhard met betonklinkers. Een beperkt terreindeel achter de loods is in 2014 verhard met gecertificeerd schoon puingranulaat. Het gronddepot betreft grond die vrijgekomen is bij de bouw van de loods. Tijdens de terreinverkenning zijn er geen bijzonderheden en/of potentiële bronnen van bodemverontreiniging waargenomen. Toekomstig gebruik Het agrarisch bedrijf wordt omgezet in een bedrijfsfunctie in de vorm van statische opslag en een hoveniersbedrijf. Het bouwvlak wordt verkleind en de varkensstallen worden gesloopt. Voor de bedrijfsfunctie blijft een loods van 800 m2 behouden en wordt een nieuwe loods gebouwd van 700 m2 in plaats van de te slopen varkensstallen. De bestaande bedrijfswoning wordt herbouwd binnen het huidige bouwvlak.
Daarnaast worden twee nieuwe woningen gerealiseerd in de vorm van ruimte-voor-ruimte-woningen. Eén op de plek van de bestaande woning en één ten westen daar van. De locatie krijgt een maatschappelijke bestemming en een woonbestemming. In bijlage 2 is een tekening van het schetsontwerp (concept) met de beoogde plaats van de woningen bijgevoegd.
2.5.
Voorgaande onderzoeken en saneringen
Voor zover bekend zijn er op de locatie in het verleden geen bodemonderzoeken of bodemsaneringen uitgevoerd.
2.6.
Omgeving locatie
De locatie ligt in een agrarische omgeving. Aan de overzijde van de weg bevinden zich woningen waarvan de meest westelijke vrij recent zijn gebouwd. De te onderzoeken locatie grenst aan akkerbouwland welke in eigendom is van de opdrachtgever. Binnen een straal van 25 meter uit de onderzoekslocatie is er in het bodemloket van de regionale omgevingsdienst de volgende bodeminformatie aangetroffen (zie ook bijlage 2): Loosbroeksestraat 1B t/m 1D (NB172107191); Het betreft de locatie waar recent woningen zijn gebouwd. In verband met een herbestemming en nieuwbouw heeft hier in 2020 een bodem- en asbestonderzoek plaatsgevonden (Ortageo, rapport 211753/R01). De bovengrond was plaatselijk maximaal licht verontreinigd met minerale olie. In de ondergrond werden geen verontreinigingen aangetoond en het grondwater was licht verontreinigd met barium en naftaleen. Er werd maximaal een asbestgehalte van 0,12 mg/kg ds gemeten.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
8
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Op basis van de verzamelde informatie is aangenomen dat er in de nabijheid van de locatie geen (grootschalige) gevallen van verontreinigingen bekend zijn die mogelijk van invloed kunnen zijn (geweest) op de bodemkwaliteit en onderzoeksopzet ter plaatse van de te onderzoeken locatie.
2.7.
Bodemkwaliteitskaart
De gemeente Bernheze beschikt over een bodemkwaliteitskaart (regio Noordoost Brabant, februari 2019). Voor ontgraving en toepassing zijn kaarten van boven- en ondergrond onderscheiden. De kaart sluit aan op het landelijk bodembeleid waarbij onderscheid is gemaakt tussen natuur en landbouw, wonen en industrie. Binnen de gemeente geldt overwegend de bodemkwaliteitsklasse natuur en landbouw AW2000’. De woonkernen (wonen) en industrieterreinen zijn uitgezonderd (industrie). De te onderzoeken locatie valt geheel binnen de zonering ‘natuur en landbouw’. PFAS Het tijdelijk handelingskader met betrekking tot de toepassing van PFAS-houdende grond en baggerspecie is van juli 2019. Tijdens een actualisatie in juli 2020 is het beleid aangepast en zijn landelijke maximale toepassingswaarden vastgesteld. Als gevolg van de Omgevingswet is er vanaf 1 januari 2024 een gewijzigde versie van het handelingskader van toepassing.
2.8.
Bodemopbouw en geohydrologie
De gegevens van de bodemopbouw en geohydrologie zijn verkregen van de Grondwaterkaart van Nederland (TNO) en het DINO-loket. In de onderstaande tabel is de bodemopbouw ter plaatse van de onderzoekslocatie schematisch weergegeven. De locatie ligt in de geologisch lager gelegen Centrale Slenk. Tabel 2.1: Regionale bodemopbouw Globale diepte (m-mv) 0-20
20-65 65-105 105-200
Geohydrologische eenheid Deklaag
Lithostratigrafische eenheid Nuenengroep en Holoceen
1e watervoerende pakket Scheidende laag
Formaties van Veghel en Sterksel Formaties van Kedichem en Tegelen Formaties van Tege;en en afzettingen van Icenien
2e watervoerende pakket
Lithologie Matig fijn tot matig grof zand Fijne en grove grindrijke zanden Fijne slibhoudende zanden en kleilagen Fijne en grove zanden
De stromingsrichting van het freatisch grondwater is ter plaatse noordwest gericht. De grondwaterstand is voorafgaand aan het onderzoek ingeschat op een diepte van 1,5 tot 2,2 m-mv.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
9
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
De onderzoekslocatie ligt verder niet in een grondwaterbeschermingsgebied van een waterpompstation. Verder is niet onderzocht of er op korte afstand industriële grondwateronttrekkingen aanwezig zijn met een invloedssfeer tot aan de onderzoekslocatie.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
10
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
3.
Project LBS.350225
Hypothese en onderzoeksopzet
De uitvoering van het bodemonderzoek heeft plaatsgevonden op basis van de NEN 5740 (BodemLandbodem-Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek-Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond, oktober 2023). De NEN 5740 beschrijft voor verschillende situaties de te hanteren onderzoeksstrategie. Verdachte en niet-verdachte locaties worden daarbij onderscheiden. Bij een verkennend asbestonderzoek zijn de NEN 5707 en NEN 5987 van toepassing. Bij minder dan 50% bodemvreemd materiaal (waaronder puin) dient gebruik gemaakt te worden van de NEN 5707 (Bodem-Inspectie en monsterneming van asbest in de bodem en partijen grond, december 2017). Bij meer dan 50% bodemvreemd materiaal is de NEN 5897 van toepassing (Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat, december 2017). Een asbestonderzoek wordt noodzakelijk geacht wanneer daar aanleiding toe is. Op basis van het uitgevoerd vooronderzoek zijn de volgende conclusies getrokken: De plaats van de voormalige bovengrondse dieseltank aan het einde van stal 2 is verdacht beschouwd van bodemverontreiniging met minerale olie. De toplaag van de onbedekte asbest-drupzones van de twee varkensstallen zijn verdacht van een bodemverontreiniging met asbest.
Vanwege het ontbreken van een mogelijke oorzaak van bodemverontreiniging is het overig terrein niet-verdacht beschouwd van bodemverontreiniging. Er zijn geen vermoedens van de aanwezigheid van PFAS in de bodem (geen puntbronnen). In overleg met de opdrachtgever is op basis van de bovenstaande conclusies de onderstaande onderzoeksopzet vastgesteld. Het gronddepot maakt geen deel uit van het onderzoek. Tabel 3.1: Onderzoeksstrategie NEN 5740 met beoogd veld- en laboratoriumonderzoek Locatie
Opp. (m2)
Onderzoeks strategie 1)
Veldwerkzaamheden Grond Grondwater Aantal boringen Aantal peilbuizen
Laboratoriumonderzoek Grond 2) Grondwater 3) (NEN-pakket) (NEN-pakket)
(diepte in m-mv)
(filterdiepte m-mv)
Gehele locatie
8.000
ONV-NL
14x 0,5 4x 2,0
1 (ca. 2,5-3,5)
3x bgr 2x ogr
1x grw
Voormalige bovengrondse dieseltank
<100
VEP
2x 0,5
1 (ca. 2,5-3,5)
1x bgr
1x grw 4)
1) ONV-NL: Onderzoeksstrategie voor een onverdachte niet-lijnvormige locatie VEP: Onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie met bekende plaats van voorkomen 2) Standaardpakket grond: zware metalen (9), PCB (7), PAK 10, minerale olie (GC), organische stof en lutum 3) Standaardpakket grondwater: zware metalen (9), aromaten (BTEXN), chloorkoolwaterstoffen (17) en minerale olie 4) Grondwateronderzoek wordt gecombineerd uitgevoerd.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
11
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Tabel 3.2: Onderzoeksstrategie NEN 5707 met beoogd veld- en laboratoriumonderzoek Locatie
Druplijn object (L= <50 m)
Aantal (st)
Aantal proefgaten tot 0,05 m in de verdachte laag (bovengrond)
Aantal te analyseren mengmonsters 1)
2
4x (0,3x0,3x0,05)
2
1) Betreft een analyse op asbest van de fijne fractie (<20 mm), de allerfijnste fractie (<0,5 mm) en PCB’s
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
12
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
4.
Uitgevoerd onderzoek
4.1.
Veldonderzoek
Project LBS.350225
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op basis van de BRL SIKB 2000 en de van toepassing zijnde NEN-normen (NPR 5741 en NEN 5742 t/m NEN 5744). Het veldwerk is uitgevoerd onder certificaat door de heren M. van Oort en D. van de Giessen. Erkende veldwerkers die geregistreerd staan onder de BRL SIKB 2000. De werkzaamheden hebben plaatsgevonden op 9, 14 en 21 mei 2025. Een overzicht van de uitgevoerde veldwerkzaamheden is weergegeven in tabel 4.1. De locaties van de boringen, peilbuizen en proefgaten zijn weergegeven op de situatietekening in bijlage 3. Tabel 4.1: Uitgevoerde veldwerkzaamheden Aantal boringen met boordiepte Ondiep tot ca. 0,5 m-mv
Diep tot ca. 1,5 á 2,0 m-mv
Peilbuizen
Proefgaten
15 (01, 02, 04, 05, 06, 08, 10, 11,
5 (07, 09, 12, 17, 22)
2 (P03, P15)
5 (01, 02, 03, 04, 05)
13, 14, 16, 18, 19, 20, 21)
De grondboringen 01 t/m 03 zijn uitgevoerd nabij de voormalige bovengrondse dieseltank. Eén van de boringen is afgewerkt met een peilbuis (P03). De overige boringen zijn gelijkmatig verdeeld over de te onderzoeken locatie. De andere peilbuis (P15) is stroomafwaarts van de stromingsrichting van het freatisch grondwater geplaatst. De bovenkant van de filters van de peilbuizen zijn aangebracht op een diepte van 0,5 tot 1,0 meter beneden de aangetroffen grondwaterspiegel. De peilbuizen zijn afgewerkt met een straatpot. Het opgeboorde materiaal is in het veld geclassificeerd en zintuiglijk beoordeeld op de aanwezigheid van verontreinigingen. Van de grond zijn monsters genomen in trajecten van maximaal 0,5 meter. Bodemlagen met kenmerken van verontreinigingen of een afwijkende textuur zijn separaat bemonsterd. Het grondwater uit de peilbuizen is ná minstens een wachttijd van zeven dagen bemonsterd met behulp van een slangenpomp. Ná het vaststellen van de grondwaterstand is het grondwater afgepompt waarna de zuurgraad (pH), geleidingsvermogen (EC) en troebelheid (NTU) zijn gemeten. Ten behoeve van een analyse op zware metalen is het grondwater in het veld gefiltreerd met een wegwerpfilter (0,45 µm). Bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden is niet afgeweken van protocol 2001 en 2002 van de BRL SIKB 2000.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
13
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
4.2.
Project LBS.350225
Laboratoriumonderzoek
Op basis van het veldwerk en de zintuiglijke waarnemingen heeft een selectie plaatsgevonden van de te analyseren (meng)monsters. De mengmonsters zijn niet in het veld maar in het laboratorium samengesteld. Een overzicht van de uitgevoerde laboratoriumwerkzaamheden is weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 4.2: Laboratoriumonderzoek Monstercode (traject m-mv) Grond
Deelmonsters (traject m-mv)
Analyses
MMB1 (0,00-0,50)
1.1 (0,07-0,50); 2.1 (0,07-0,50); 3.1 (0,07-0,50)
Minerale olie
MMB2 (0,00-0,70)
4.1 (0,00-0,50); 5.1 (0,00-0,50); 6.1 (0,00-0,50); 8.2 (0,25-0,70); 9.1 (0,07-0,50); 10.1 (0,00-0,50)
NEN-pakket
MMB3 (0,00-0,60) MMB4 (0,00-0,50) MMO5 (0,50-2,00) MMO6 (0,50-1,80)
11.1 (0,00-0,50); 12.1 (0,10-0,60); 13.1 (0,00-0,50); 14.1 (0,00-0,50); 15.1 (0,07-0,50); 16.1 (0,07-0,50) 17.1 (0,00-0,50); 18.1 (0,00-0,50); 19.1 (0,00-0,50); 20.1 (0,00-0,40); 21.1 (0,00-0,50); 22.1 (0,00-0,40) 7.3 (0,80-1,30); 7.4 (1,30-1,80); 9.2 (0,50-0,70); 9.3 (0,70-1,10); 9.4 (1,10-1,60); 12.3 (0,60-1,00); 12.4 (1,00-1,50); 12.5 (1,50-2,00) 15.2 (0,50-0,90); 15.3 (0,90-1,40); 15.4 (1,40-1,90); 17.3 (0,70-1,20); 17.4 (1,20-1,70); 22.2 (0,40-0,90); 22.3 (0,90-1,40); 22.4 (1,40-1,80)
NEN-pakket
P03 (2,20-3,20)
NEN-pakket
P15 (2,20-3,20)
NEN-pakket
mmAB1 mmAB2
01 (0,00-0,10); 02 (0,00-0,10); 03 (0,00-0,10) 04 (0,00-0,10); 05 (0,00-0,10)
Asbest (+SEM) Asbest (+SEM)
mmPCB1 mmPCB2
01.1+02.1+03.1 (0,00-0,10) 04.1+05.1 (0,00-0,10)
PCB PCB
Grondwater GRW1 (2,20-3,20) GRW2 (2,20-3,20) Asbest
NEN-pakket NEN-pakket NEN-pakket
Het zogenaamd standaard NEN-pakket bevat een analyse van de volgende parameters. Grond ; droge stof, organische stof, lutum, zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PCB’s, PAK en minerale olie. Grondwater ; zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), aromatische koolwaterstoffen, chloorkoolwaterstoffen en minerale olie. Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics BV uit Rotterdam en door AL-West BV uit Deventer. Geaccrediteerde en AS3000-erkende laboratoria voor milieuhygiënisch bodem- en asbestonderzoek. De analysecertificaten van SGS zijn opgenomen in bijlage 6 en van AL-West in bijlage 7 (asbest).
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
14
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
5.
Onderzoeksresultaten
5.1.
Veldwaarnemingen
Project LBS.350225
5.1.1. Verkennend bodemonderzoek De boorprofielen van de uitgevoerde boringen en geplaatste peilbuizen zijn opgenomen in bijlage 4. De bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie is opgebouwd uit zand. De humushoudende bovenlaag is over het algemeen aangetroffen tot een diepte van 0,7 á 1,0 m-mv. Beneden de erfverharding van klinkers bevindt zich tot minstens 0,5 m-mv cunetzand. Het grondwater bevond zich op een diepte van afgerond 1,7 m-mv. Zintuiglijk zijn tijdens de uitvoering van de boringen geen verontreinigingen, bijmengingen of andere bijzonderheden waargenomen. Ter plaatse van de boringen 07 en 08 bevindt zich menggranulaat met een dikte van 25 tot 30 cm. Tijdens de monsterneming van het grondwater zijn zintuiglijk geen bijzonderheden waargenomen die zouden kunnen duiden op de aanwezigheid van bodemverontreiniging. De meetresultaten van het grondwateronderzoek zijn in onderstaand overzicht opgenomen. Tabel 5.1: Veldmetingen grondwater Peilbuis (filter, m-mv) P03 (2,20-3,20)
Grondwaterstand (m-mv) 1,72
pH (-) 6,2
EC (µS/cm) 595
Troebelheid (NTU) 48,6
Overig* Goedlopende peilbuis, niet belucht
P15 1,74 5,9 235 9,11 Goedlopende peilbuis, niet belucht (2,20-3,20) *) Bij een slechtlopende peilbuis waarbij het filter gedeeltelijk droog is gevallen zijn de analyseresultaten indicatief. Wanneer bij goedlopende peilbuizen het filter snijdend staat met de grondwaterspiegel (belucht) zijn de analyseresultaten voor vluchtige verbindingen indicatief.
Er zijn geen indicaties voor een afwijkende situatie. Opgemerkt wordt dat de troebelheid in het grondwater van peilbuis P03 hoger is dan 10 NTU. Dit hangt waarschijnlijk samen met de aanwezigheid van onoplosbare bestanddelen in het grondwater. Een verhoogde NTU kan leiden tot een overschatting van organische parameters en zware metalen.
5.1.2. Verkennend asbestonderzoek Ten behoeve van het asbestonderzoek is ter plaatse van de drupzones een maaiveldinspectie uitgevoerd. Ten tijde van het onderzoek was er nauwelijks sprake van begroeiing (inspectie efficiëntie 90-100%). Tijdens de maaiveldsinspectie zijn aan het oppervlakte geen asbestverdachte materialen waargenomen. De plaats van de uitgevoerde proefgaten zijn aangegeven op de tekening in bijlage 3. De boorprofielen zijn bijgevoegd in bijlage 4. In de toplaag was in lichte mate sprake van bijmengingen met puinresten (<20 mm). Visueel werd geen asbestverdacht materiaal waargenomen.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
15
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Van de toplaag van de twee onderzochte drupzones zijn mengmonsters genomen van 10 tot 15 kg. Naast een analyse van de fijne fractie is een zogenaamde SEM-analyse uitgevoerd naar de aanwezigheid van respirabele asbestvezels. Om een PCB-verontreiniging uit te sluiten is van elke drupzone tevens een mengmonster samengesteld voor een analyse op PCB’s.
5.2.
Analyseresultaten
5.2.1. Toetsingskader Sinds 1 januari 2024 is de Omgevingswet van kracht en is de Circulaire bodemsanering niet meer van toepassing. Het nieuwe toetsingskader voor de kwaliteit van bodem en grond is vastgelegd in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Besluit en de regeling bodemkwaliteit (Bbk). Het nieuwe toetsingskader voor de kwaliteit van het grondwater is vastgelegd in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). De resultaten van het onderzoek zijn getoetst aan het nieuwe toetsingskader onder de Omgevingswet (Ow). -> Voor landbodem en grond zijn er 5 kwaliteitsklassen.
Klasse landbouw/natuur (LN) Het maximaal niveau ligt gelijk aan de voormalige achtergrondwaarde. Grond van deze klasse is niet verontreinigd en vrij toepasbaar. Klasse wonen (WO) Grond van deze klasse voldoet aan de maximale waarde wonen en is licht verontreinigd. Onder bepaalde voorwaarden kan de grond als bodem worden toegepast. Klasse Industrie (IND) Grond van deze klasse voldoet aan de maximale waarde industrie en is licht verontreinigd. Onder bepaalde voorwaarden kan de grond als bodem worden toegepast. Matig verontreinigde grond Grond van deze klasse ligt beneden de interventiewaarde bodemkwaliteit en voldoet niet aan de maximale waarde industrie. Deze matig verontreinigde grond komt niet voor toepassing in aanmerking. Interventiewaarde bodemkwaliteit Het toetsingsniveau ligt gelijk aan de voormalige interventiewaarde. Daarboven treedt ernstige vermindering of dreigende vermindering op van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant. Bij een overschrijding van de interventiewaarde bodemkwaliteit is sprake van sterk verontreinigde grond dat niet voor toepassing in aanmerking komt.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
16
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
-> Voor grondwater geldt er één toetsingsniveau.
Signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering Dit toetsingsniveau ligt gelijk aan de voormalige interventiewaarde. Bij overschrijding dient beoordeeld te worden of, als maatregel in een waterbeheerprogramma of als maatregel in een regionaal of nationaal waterprogramma, een grondwatersanering van historische grondwaterverontreiniging noodzakelijk is.
De interpretatie en toetsing vindt plaats middels de Bodem, Toets en Validatie (BoToVa) van Rijkswaterstaat. De BoToVa is het instrument dat de toetsingsregels uit de bodemwetgeving vanuit het Rijk op digitale wijze toegankelijk maakt voor gebruikers die de toetsingen uitvoeren. De nieuwe Omgevingswet-toetsen in BoToVa zijn nog niet geheel beschikbaar. De interpretatie en toetsing aan het nieuwe toetsingskader heeft plaatsgevonden volgens Terraindex en is indicatief. Gebruik is gemaakt van de applicatie @mis van laboratorium SGS Environmental Analytics BV. PFAS Bij grondverzet (grondtoepassing) geldt een tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie. De locatie is niet-verdacht van PFAS. De grondmonsters zijn niet onderzocht op PFAS.
5.2.2. Grond In bijlage 5 zijn de toetsingstabellen bijgevoegd waarin de analyses zijn getoetst aan de genoemde toetsingsniveaus (T101 en T130). De meetwaarden voor grond zijn op basis van organische stof en lutum omgerekend naar een standaardbodem. In de onderstaande tabel is een overzicht opgenomen waarin uitsluitend de verhoogde parameters staan aangegeven. Tabel 5.2: Overschrijdingstabel grond Monster/boring
MMB1 MMB2
MMB3
MMB4
01 02 03 04 05 06 08 09 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22
Traject /textuur (m-mv)
Zintuiglijk
0,07-0,50 0,07-0,50 0,07-0,50 0,00-0,50 0,00-0,50 0,00-0,50 0,25-0,70 0,07-0,50 0,00-0,50 0,00-0,50 0,10-0,60 0,00-0,50 0,00-0,50 0,07-0,50 0,07-0,50 0,00-0,50 0,00-0,50 0,00-0,50 0,00-0,40 0,00-0,50 0,00-0,40
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
-
Overschrijdingen > LN >WO =WO =IN -
>IN =MV -
>I =SV -
Toetsingen Rbk CROW 400 LN Basishygiëne
-
-
-
-
-
LN
Basishygiëne
-
-
-
-
-
LN
Basishygiëne
-
-
-
-
-
LN
Basishygiëne
17
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
MMO5
MMO6
07 07 09 09 09 12 12 12 15 15 15 17 17 22 22 22
0,80-1,30 1,30-1,80 0,50-0,70 0,70-1,10 1,10-1,60 0,60-1,00 1,00-1,50 1,50-2,00 0,50-0,90 0,90-1,40 1,40-1,90 0,70-1,20 1,20-1,70 0,40-0,90 0,90-1,40 1,40-1,80
Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand Zand
Project LBS.350225
-
-
-
-
-
LN
Basishygiëne
-
-
-
-
-
LN
Basishygiëne
LN= Klasse landbouw/natuur, WO= Klasse wonen, IN= Klasse industrie, NT= niet toepasbaar >LN / <WO : Concentratie is hoger dan de achtergrondwaarde en lager dan de maximale waarde Wonen [licht verontreinigd] >WO / <IN : Concentratie is hoger dan de maximale waarde Wonen en lager dan de maximale waarde Industrie >IN / <I : Concentratie is hoger dan de maximale waarde Industrie en lager dan de interventiewaarde [MV= matig verontreinigd] >I : Concentratie is hoger dan de interventiewaarde [SV= sterk verontreinigd]
5.2.3. Grondwater In bijlage 5 zijn de toetsingstabellen bijgevoegd waarin de analyses zijn getoetst aan de signaleringsparameter (T1001). In de onderstaande tabel is een overzicht opgenomen. Tabel 5.3: Overschrijdingstabel grondwater Monster GRW1 GRW2
Peilbuis (filter m-mv) P03 (2,20-3,20)
Grondwaterstand (m-mv) 1,72
Zintuiglijk -
Overschrijding >SN Nee
Toetsingen CROW 400 Basishygiëne
P15 (2,20-3,20)
1,74
-
Nee
Basishygiëne
Betekenis SN= Signaleringsparameter (= voormalige interventiewaarde)
5.2.4. Asbest Proefgaten In de tabel op de volgende pagina zijn de resultaten van het onderzoek naar asbest en PCB’s samengevat. De analysecertificaten zijn bijgevoegd in bijlage 7.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
18
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
Tabel 5.4: Gehaltes asbest en PCB Monster
Proefgaten
Gewogen asbestgehalte
Gemeten asbestgehalte
PCB-gehalte
Kwaliteitsklasse
fijne fractie (mg/kg ds)
asbestvezels (mg/kg ds)
(mg/kg ds)
Rbk
mmAB1
01, 02, 03
<2
<1,1
-
-
mmAB2
04, 05
<2
4,0
-
-
mmPCB1
01, 02, 03
-
-
0,0049*
LN
mmPCB2
04, 05
-
-
0,0049*
LN
Rapportagegrens vermenigvuldigd met 0,7
Totaal gewogen asbestgehalte Voor asbest geldt dat er sprake is van onaanvaardbare risico’s wanneer de interventiewaarde van 100 mg/kg ds wordt overschreden of wanneer het gewogen gehalte aan respirabele vezels hoger is dan 10 mg/kg ds. Bij een overschrijding van de helft van de interventiewaarde (=50 mg/kg ds) is er aanleiding tot een vervolgonderzoek met proefsleuven. Ter plaatse van de beide onderzochte drupzones zijn geen verhoogde gehaltes asbest en/of PCB’s aangetoond. In mengmonster mmAB1 zijn met SEM geen respirabele asbestvezels waargenomen. In mengmonster mmAB2 is een gewogen gehalte aan asbestvezels gemeten van 4,0 mg/kg ds. Het meetgehalte ligt lager dan 10 mg/kg ds. Er is geen sprake van onaanvaardbare risico’s.
5.2.5. CROW-toets Het onderzoek heeft mede tot doel te bepalen onder welke arbo-omstandigheden het werk uitgevoerd moet worden. De CROW 400 is opgemaakt voor het werken in en met verontreinigde grond. Het is een richtlijn voor veilig, zorgvuldig en risico-gestuurd werken. Er zijn drie veiligheidsklassen; oranje, rood en zwart. Vanwege de wijze en kans op blootstelling is bij de indeling van deze klassen rekening gehouden met niet-vluchtige en vluchtige stoffen. Niet-vluchtige stoffen worden ingedeeld op basis van de Serious Risk Concentrations (SRC), vluchtige stoffen op basis van de tussen- en interventiewaarde. Bij geen overschrijdingen van 75% van de SRC en geen overschrijdingen van de tussenwaarde geldt er geen veiligheidsklasse. Tabel 5.5: Veiligheidsklassen CROW 400 Niet vluchtig
Vluchtig
75% ≤ SRC < 100%
> T-waarde
SRC ≥ 100% en CM ≤ 1000 mg/kg of µg/l
> Interventiewaarde (goede ventilatie)
SRC ≥ 100% en CM ≥ 1000 mg/kg of µg/l Asbest > 100 mg/kg of respirabel > 10 mg/kg
> Interventiewaarde (beperkte ventilatie)
CM= carcinogene en mutagene stoffen
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
19
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
Project LBS.350225
De veiligheidsklasse bepaalt niet automatisch welke maatregelen moeten worden getroffen. Ze vormt een indicatie voor de veiligheidsdeskundige om te bepalen welke maatregelen in het werk passend zijn. Wanneer er geen veiligheidsklasse is vastgesteld is de basishygiëne van toepassing. Voor alle grondmengmonsters geldt dat geen verontreinigingen zijn aangetoond. Alle meetgehaltes van de niet-vluchtige stoffen liggen beneden de grenswaarde van 75% SRC en alle meetgehaltes van de vluchtige stoffen beneden de tussenwaarde (<Tw). Dit betekent dat voor eventuele graafwerkzaamheden geen veiligheidsklasse geldt. De basishygiëne is van toepassing.
5.3.
Conclusies
Grond Op basis van het laboratoriumonderzoek zijn de volgende conclusies te trekken: Alle meetwaarden liggen beneden de interventiewaarde bodemkwaliteit. In zowel de mengmonsters van de bovengrond als de mengmonsters van de ondergrond zijn ten opzichte van de kwaliteitseis landbouw/natuur geen verhoogde gehaltes aangetoond. Voor toepassing op of in de landbodem is de kwaliteit van de boven- en ondergrond indicatief beoordeeld als grond van klasse landbouw/natuur. Op basis van de CROW-toets is beoordeeld dat de basishygiëne van toepassing is. Grondwater Op basis van het laboratoriumonderzoek zijn de volgende conclusies te trekken: Alle meetwaarden liggen beneden de signaleringsparameter. Asbest (+PCB) Op basis van het laboratoriumonderzoek zijn de volgende conclusies te trekken: Ter plaatse van de drupzones zijn geen verhoogde asbestgehaltes gemeten die leiden tot onaanvaardbare risico’s. Ter plaatse van de drupzones zijn ten opzichte van de kwaliteitseis landbouw/natuur geen verhoogde gehaltes PCB’s gemeten. Hypothese Voormalige bovengrondse dieseltank Op basis van de onderzoeksresultaten dient de hypothese ‘verdacht’ te worden verworpen. Met veld- en laboratoriumonderzoek zijn in grond en grondwater geen olieverwante verontreinigingen waargenomen.
Toplaag asbest-drupzones Op basis van de onderzoeksresultaten dient de hypothese ‘verdacht’ vanwege de aangetoonde asbestvezels bij één van de drupzones te worden aangenomen. Met veld- en laboratoriumonderzoek is echter geen asbest en/of PCB-verontreiniging aangetoond welke leidt tot onaanvaardbare risico’s. Overig terrein Op basis van de onderzoeksresultaten dient de hypothese ‘niet-verdacht’ te worden aangenomen. Met veld- en laboratoriumonderzoek zijn in grond en grondwater geen verontreinigingen waargenomen. Er is geen aanleiding tot een vervolgonderzoek.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
20
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Loosbroeksestraat 4 te Heesch
6.
Project LBS.350225
Samenvatting met advies
Op de locatie aan de Loosbroeksestraat 4 te Heesch is een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd in verband met een herbestemming en nieuwbouw. Kadastraal staat de locatie bekend als; gemeente Heesch, sectie F, nummers 789, 1241, 1539, 1540 (ged) en 1541. De oppervlakte van de te onderzoeken locatie bedraagt circa 8.000 m2. Het doel van het onderzoek is het vastleggen van de kwaliteit van grond en grondwater en te beoordelen of er op de bodemgevoelige locatie sprake is van bodemverontreiniging die bezwaarlijk is voor een herbestemming en nieuwbouw. Bij de uitvoering van het onderzoek is gebruik gemaakt van de NEN 5725, NEN 5740 en NEN 5707. De strategie van het onderzoek is afgestemd op het vooronderzoek (historie). Gebruik is gemaakt van de opzet voor een onverdachte locatie (ONV-NL). De toplaag van de onbedekte asbest-drupzones en de plaats van een voormalige dieseltank (VEP) zijn als verdacht beschouwd. Het veldwerk is uitgevoerd op basis van de BRL SIKB 2000. De analyses (AS3000) zijn uitgevoerd door SGS Environmental Analytics BV uit Rotterdam en AL-West BV uit Deventer. Zintuiglijk zijn tijdens de veldwerkzaamheden in de bodem geen verontreinigingen of andere bijzonderheden waargenomen. Met laboratoriumonderzoek zijn in de boven- en ondergrond geen verontreinigingen aangetoond.
Voor toepassing op of in de landbodem is de kwaliteit van zowel de boven- als ondergrond beoordeeld als grond van klasse landbouw/natuur (LN). In het grondwater zijn geen verontreinigingen gemeten tot boven de signaleringsparameter. Ter plaatse van de onderzochte asbest-drupzones zijn geen verhoogde gehaltes asbest en/of PCB’s aangetoond. Met aanvullende SEM-analyses zijn bij één van de drupzones respirabele asbestvezels waargenomen. De toegestane norm van 10 mg/kg ds wordt echter niet overschreden. Er is geen sprake van onaanvaardbare risico’s. De resultaten van het onderzoek geven geen aanleiding tot een vervolgonderzoek. Op basis van het totaal aan onderzoeksgegevens behoeft de bodemkwaliteit naar ons inziens geen belemmering te vormen voor een herbestemming en het verlenen van een omgevingsvergunning voor nieuwbouw. Geadviseerd wordt de resultaten van het bodemonderzoek voor te leggen aan de gemeente Bernheze. Als onderzoeksbureau hebben we een adviserende taak. Het bevoegd gezag bepaald of het onderzoek volstaat en/of aanvullend onderzoek noodzakelijk is. Op basis van de Omgevingswet en een omgevingsplan kan de gemeente aanvullende eisen stellen aan de kwaliteit van de bodem.
Van Oort Bodemonderzoek BV Heesch
21
Van Oort Bodemonderzoek BV
BIJLAGE 1
Kadastrale kaart
Uw referentie: Heesch F1540
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2300
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Heesch F 1540
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 7 mei 2025 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
Van Oort Bodemonderzoek BV
BIJLAGE 2
Behoort bij aanvraag omgevingsvergunning d.d. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . project:
Varkenshouderij aan de Loosbroeksestraat 4, 5384 SV te Heesch
getekend: J.Danen
opdrachtgever:
J. School V.O.F. Loosbroeksestraat 4 5384 SV Heesch 0412-451723
wijzigingsdatum
A: 20-08-13
B: 12-02-16
C: 04-03-16
D: 12-04-16
E: 28-07-16
Milieutekening
F: 10-10-16
G: -
schaal:
1:200
Postbus 300 5340 AH Oss
formaat:
A1
Tel: 088-4882929 Fax: 088-4882102 Mail: mail@exlan.nl Site: www.exlan.nl
proj.leider: A.v.Zeeland
onderdeel:
datum:
18-05-2011
projectnr.: 10.287
tekeningnr: 10SH1.M1
Bodeminformatie Loosbroeksestraat 4 Heesch
Geselecteerd gebied
Onderzoek
25.00-meter contour
Percelen
Locatie
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 1 van 11 - 17-04-2025
Inhoudsopgave Inleiding
3
Gegevens binnen het geselecteerde gebied
5
Locaties
5
Gegevens binnen de 25.00-meter contour rond het geselecteerde gebied
6
Locaties
6
Disclaimer
8
Toelichting
9
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 2 van 11 - 17-04-2025
Inleiding Dit betreft een rapportage van de milieu-hygiënische bodemkwaliteit van het perceel waarvan de locatie op de eerste pagina van deze rapportage is aangegeven. De rapportage is gemaakt met behulp van het bodeminformatiesysteem (bis) van de gezamenlijke omgevingsdiensten in Noord-Brabant. Indien er van het perceel, of de directe omgeving hiervan, bodemonderzoeken of ondergrondse tanks in het bis bekend zijn, bevat deze rapportage een uittreksel hiervan. Welke informatie bevat het bodeminformatiesysteem? Bij de uitvoering van de gemeentelijke en provinciale bodemtaken ontvangen wij bodemrapporten bij grondwerken, bodemen tanksaneringen, grondtransacties en het behandelen van aanvragen voor omgevingsvergunningen. De resultaten van de bodemonderzoeken worden verwerkt in het bis. Geen informatie aanwezig Indien er in het bis geen informatie over een perceel aanwezig is, kan niet geconcludeerd worden dat er dan ook geen bodemverontreiniging aanwezig is. Alleen na uitvoering van een volledig verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 kan hierover meer zekerheid worden verkregen. Indien u onderzoek wilt laten uitvoeren dan adviseren wij u contact op te nemen met een SIKB BRL 2000 gecertificeerd adviesbureau. Alleen onderzoeken die uitgevoerd zijn door een gecertificeerd bureau worden voor overheidsbeslissingen in behandeling genomen.
Locaties met historisch bodembedreigende activiteiten Om inzicht te krijgen waar de bodem in het verleden mogelijk verontreinigd is geraakt zijn de locaties met een risico op bodemverontreiniging in kaart gebracht. Deze gegevens zijn afkomstig uit oude bestanden en tekeningen, zoals het Hinderwetarchief, milieuarchief en de bestanden van de Kamer van Koophandel. Deze historische informatie zegt iets over het vermoeden van bodemverontreiniging. In feite is het een risicoanalyse die kan leiden tot vervolgonderzoek. Deze locaties zijn ondergebracht in het zogenaamde historische bodembestand (HBB). Op tal van locaties met de meest verdachte bodembedreigende activiteiten en waar nog niet eerder bodemonderzoek heeft plaatsgevonden, heeft inmiddels oriënterend bodemonderzoek plaatsgevonden. Opbouw van de rapportage Op basis van de ingevoerde geografische gegevens die voor de aanvraag van de rapportage zijn ingevoerd, is met behulp van software gecontroleerd of er op het perceel of in de directe omgeving hiervan gegevens over de bodem en grondwater beschikbaar zijn.
Indien deze informatie aanwezig is dan wordt deze getoond in de onderstaande volgorde: Informatie over de milieukwaliteit op de locatie: • Overzicht locatiegegevens • Overzicht bodemonderzoeken • Overzicht historische bodembedreigende activiteiten • Overzicht ondergrondse tanks Naast het geselecteerde perceel wordt ook in een straal van 25 meter rond het geselecteerde perceel gekeken of er onderzoeksgegevens beschikbaar zijn. Indien er informatie aanwezig is, dan wordt deze getoond onder het hoofdstuk: ”Informatie over de milieukwaliteit in de directe omgeving van de locatie”.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 3 van 11 - 17-04-2025
Vervolgens worden ook voor de percelen in de directe omgeving de locatiegegevens, de historische bodembedreigende activiteiten en de ondergrondse tanks weergegeven. Toelichting bij informatie over de bodemkwaliteit op de locatie
Overzicht locatiegegevens Onder deze paragraaf worden de locatiegegevens getoond zoals deze in het bis bekend zijn. Onder de locatiegegevens worden ook de status van de bodemlocatie, eventuele verontreinigingen en de vervolgactie aangeven.
Overzicht onderzoeken Onder deze paragraaf worden de gegevens van de bodemrapporten die op de locatie zijn uitgevoerd weergeven, zoals soort onderzoek, aanleiding, rapportdatum, beknopte conclusie en resultaat Wet bodembescherming.
Overzicht historische bodembedreigende activiteiten Onder deze paragraaf worden de historische bodembedreigende activiteiten getoond zoals deze in het bis bekend zijn.
Overzicht aanwezige ondergrondse tanks Onder deze paragraaf worden de ondergrondse tanks getoond, zoals deze in het bis bekend zijn. Informatie over de bodemkwaliteit in een straal van 25 meter rond de locatie Idem als informatie over de bodemkwaliteit op de locatie maar dan binnen een straal van 25 meter rond de locatie.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 4 van 11 - 17-04-2025
Gegevens binnen het geselecteerde gebied Locaties Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn over locaties, onderzoeken en documenten geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 5 van 11 - 17-04-2025
Gegevens binnen de 25.00-meter contour rond het geselecteerde gebied Locaties De volgende bodemlocaties zijn bekend in het geselecteerde gebied:
Locatie: Loosbroeksestraat 1B, 1C en 1D te Heesch Locatienaam
Loosbroeksestraat 1B, 1C en 1D te Heesch
Adres
Loosbroeksestraat 1
Woonplaats
Heesch
Gemeente
Bernheze
Locatiecode
AA172100265
Locatiecode bevoegd gezag Wbb
NB172107191
Gegevensbeheerder
Bernheze
Vervolgactie Wbb
voldoende onderzocht
Statusverontreiniging op basis van onderzoeken
niet ernstig, licht tot matig verontreinigd
Laatst uitgevoerd onderzoek
Verkennend onderzoek NEN 5740: Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 15-01-2020
Uitgevoerde onderzoeken De volgende bodemonderzoeken zijn bekend binnen deze locatie: Datum
Type
Naam
15-012020
Verkennend onderzoek Verkennend NEN 5740 bodemonderzoek NEN 5740
Auteur
Gegevensbeheerder
Conclusie overheid
ORTAGEO
Omgevingsdienst Brabant Noord
ZW: zwak grind- en puinhoudend / sporen en glas BG: minerale olie >AW OG: <AW GW: Ba en naftaleen >S ASB: <I (0,12 mg/kg d.s.) De bovengrond en het grondwater zijn licht verontreinigd. Er is tevens een heel kleine hoeveelheid asbest aangetroffen in de bovengrond van perceel 3479. Nader onderzoek is niet noodzakelijk. Voldoende onderzocht.
05-112010
Historisch onderzoek
Historisch onderzoek Van Oort Omgevingsdienst NEN-5725 Bodemonderzoe Brabant Noord k Heesch
Beschikbare documenten per onderzoek Onderzoek
Downloadlink
Historisch onderzoek NEN-5725
AVG_Loosbroeksestraat_1_en_3,_H,_2010-1105,_Rapport_van_vooronderzoek.pdf
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740
AVG_Document 1480130 - rapport Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 en NEN... - Brondocument.pdf
Verontreinigende activiteiten Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 6 van 11 - 17-04-2025
Geconstateerde verontreinigingen Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
Besluiten Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
Beschikbare documenten per besluit Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
Sanering Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
Saneringscontouren Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
orgmaatregelen Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
Overige beschikbare documenten Bij de omgevingsdiensten in Noord-Brabant zijn hierover geen digitale gegevens beschikbaar of (nog) niet ingevoerd.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 7 van 11 - 17-04-2025
Disclaimer De informatie die wij in deze rapportage beschikbaar stellen, dient u te interpreteren als een inschatting van de situatie. Aangezien de informatie is gebaseerd op onderzoeken die in het verleden hebben plaatsgevonden kunnen wij nooit 100 zekerheid geven met betrekking tot de actuele kwaliteit van grond en grondwater. De gezamenlijke omgevingsdiensten in Noord - Brabant zijn niet aansprakelijk voor enige schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade als blijkt dat in de praktijk de kwaliteit van grond of grondwater anders is dan in dit rapport is vermeld. Wij attenderen u op het feit dat u als makelaar, eigenaar, toekomstig eigenaar of als derde, bij aan- of verkoop van onroerend goed een vergaande onderzoeksplicht heeft als het gaat om het vaststellen van de kwaliteit van de bodem en
of de aanwezigheid van
ondergrondse brandstoftanks. Wij adviseren u om in voorkomende gevallen zelf zorg te dragen voor bodemonderzoek dan wel onderzoek naar de aanwezigheid van een tank. De informatie uit deze rapportage kan niet worden gebruikt bij de aanvraag van een omgevingsvergunning of andere gemeentelijke producten of diensten. Bij een vergunningaanvraag dient elke situatie opnieuw afzonderlijk te worden beoordeeld. Ook al heeft er op een locatie eerder bodemonderzoek plaatsgevonden is het niet uitgesloten dat de gemeente opnieuw bodemonderzoek eist. De aanwezige informatie kan verouderd zijn, ook kan er een onjuiste onderzoeksstrategie zijn toegepast.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 8 van 11 - 17-04-2025
Toelichting Toelichting op gebruikte terminologie itleg begrippen bij deze rapportage De analyseresultaten in relatie tot de onderzoeksstrategie geven een beeld van de verontreinigingsituatie. Op basis van hiervan wordt een locatie beoordeeld. Hieronder volgt een opsomming: • Niet verontreinigd geen vervolg: Volgens de beschikbare informatie is de locatie niet verontreinigd, een nader bodemonderzoek is niet noodzakelijk. • Ernstig: Potentieel ernstig. Het vermoeden bestaat dat er sprake is van een ernstige verontreiniging. • Een locatie wordt ook als Pot. Ernstig gekwalificeerd als er alleen bodembedreigende handelingen hebben plaatsgevonden (historisch bodemonderzoek). De locatie is dan als het ware verdacht met betrekking tot het voorkomen van bodemverontreiniging. •
rgent c.
. Spoedeisend: Potentieel urgent. Het vermoeden bestaat dat de ernstige verontreiniging risico
s vormt voor de
gezondheid, ecologie en verspreiding. • verontreinigd: Geen vervolg. Het vermoeden bestaat dat de locatie wel verontreinigd is maar er is geen aanleiding tot het doen van vervolgonderzoek. • Niet Ernstig: Er is geen sprake van een ernstige bodemverontreiniging. • Ernstig, niet urgent c.
. Spoedeisend: Door de provincie in een beschikking vastgelegd dat sprake is van een sterke
verontreiniging in meer dan 25 m3 grond en verspreidingsrisico • Ernstig, urgentie c. en
of 100 m3 grondwater. Er zijn geen gezondheids- , Ecologische en
s. . spoedeisendheid niet bepaald: Er is sprake van een sterke verontreiniging in meer dan 25 m3 grond
of 100 m3 grondwater waarvan de urgentie (risico
• Ernstig en urgent c.
of
s) niet zijn vastgesteld.
. spoedeisend, sanering binnen 4 jaar: Door de provincie in een beschikking vastgelegd dat sprake is
van een sterke verontreiniging in meer dan 25 m3 grond en
of 100 m3 grondwater. De verontreiniging vormt een actueel
gevaar voor de volksgezondheid, en
of verspreiding.
of het ecosysteem en
Indien er op een locatie een geval van ernstige bodemverontreiniging is aangetroffen is de provincie bevoegd gezag. De provincie zal afhankelijk van de situatie een beschikking afgeven. • Op basis van de status van de verontreiniging (beoordeling van de locatie) worden de vervolgstappen vastgesteld. We onderscheiden de volgende stappen (activiteiten): • Voldoende onderzocht
gesaneerd, geen vervolg: Op basis van de huidige bodemonderzoeken of op grond van een
goedgekeurd evaluatierapport (naar aanleiding van een bodemsanering) is vervolgonderzoek niet noodzakelijk. •
itvoeren (aanvullend) HO, OO, NO, SO en SP: Respectievelijk het uitvoeren van een (aanvullend) Historisch Onderzoek, een Oriënterend Onderzoek, een Nader Onderzoek, een Saneringonderzoek en het opstellen van een Saneringsplan.
•
itvoeren van een sanering en
of aanvullend sanering: De grond en
verontreinigende componenten.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 9 van 11 - 17-04-2025
of het grondwater worden ontdaan van de
•
itvoeren tijdelijke beveiliging: Het plaatsen van tijdelijke sanerende maatregelen met als doel verspreiding van de verontreiniging tegen te gaan of de risico
•
s van de verontreiniging terug te dringen.
itvoeren (aanvullende) saneringsevaluatie: De resultaten (hoeveelheid verwijderde grond, terugsaneerwaarde, etc) worden vastgelegd in een rapport.
•
itvoeren actieve nazorg: Na afronding van de sanering gelden nog zorgverplichtingen die door de provincie in een beschikking zijn vastgelegd.
•
onitoring: De verontreiniging wordt periodiek gecontroleerd of geen verspreiding plaatsvindt. Ook deze activiteiten zijn in een beschikking vastgelegd.
• Registratie restverontreiniging: Na sanering is een verontreiniging achter gebleven. De aard en omvang van deze verontreiniging wordt geregistreerd bij de provincie en de gemeente. Bij het kadaster wordt een aantekening gemaakt. Er zijn verschillende soorten bodemonderzoeken, elk met een ander doel en uitvoeringsstrategie. De volgende onderzoekstypen worden onderscheiden: • PreHo: Prehistorisch bodemonderzoek, er is een verdenking van bodembedreigende activiteiten. De locatie is bijvoorbeeld afkomstig uit de lijst van de Kamer van Koophandel. • Historisch onderzocht: Er is een historisch bodemonderzoek verricht.
onder de locatie te bezoeken is in de
gemeentelijke archieven gezocht naar aanwijzingen voor een bodembedreigende activiteit. • Beperkt onderzoek: Eenvoudig onderzoek met een specifiek doel (bv verdenking van asbest of een calamiteit). Een beperkt onderzoek geeft geen uitsluitsel over de algemene bodemkwaliteit. • BOOT of indicatief onderzoek: Een beperkt onderzoek geeft geen uitsluitsel over de algemene bodemkwaliteit. • Onderzocht op aard (O.O.
NVN
NEN): Op de locatie is een analytisch bodemonderzoek verricht om te onderzoeken of er
sprake is van bodemverontreiniging. Dit kunnen verschillende typen onderzoek zijn die echter allemaal tot doel hebben om een eventuele verontreiniging aan het licht te brengen. (OO bodemonderzoek conform de Nederlandse Voornorm en NEN
oriënterend onderzoek, NVN
indicatief
verkennend bodemonderzoek conform de Nederlandse
Eenheidsnorm (NEN 5740)). • Nulsituatie onderzoek: Om in de toekomst vast te kunnen stellen of de huidige eigenaar de bodem (verder)verontreinigd heeft wordt de kwaliteit van de bodem vastgelegd. Indien later blijkt dat de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem is verslechterd dan kan de eigenaar hiervoor aansprakelijk worden gesteld. Wordt toegepast bij de vestiging van bedrijven op een locatie die potentieel bodembedreigende activiteiten uitvoeren. • B.O.O.T. (Besluit Opslag Ondergrondse Tanks): Onderzoek dat wordt uitgevoerd om vast te stellen of zich bij een ondergrondse brandstoftank verontreinigingen bevindt. • Asbest in grond onderzoek (NEN 5707) • Nader onderzoek: Onderzoek naar de grootte van de verontreiniging en het vaststellen van de ernst en de urgentie (NTA 5755). • Saneringsonderzoek opgesteld: er is, naar aanleiding van de resultaten van het nader bodemonderzoek, een onderzoek naar de saneringsmogelijkheden uitgevoerd.
(c) 2023 Visma Roxit B.V. (Nazca) - Pagina 10 van 11 - 17-04-2025
• Saneringsplan opgesteld: Een saneringsplan is een planmatige beschrijving van de saneringsmethode en
of de
saneringstechnieken. • Saneringsevaluatie uitgevoerd: een opsomming van de resultaten en gebeurtenissen naar aanleiding van een sanering.
nal
seresultaten in conclusie
De analyseresultaten worden weergegeven in de vorm van letters en symbolen. De combinatie hiervan geeft aan of de bodem verontreinigd is of niet. De letters hebben de volgende betekenis (conform de Wet bodembescherming). AW
Achtergrondwaarde
S
Streefwaarde
T
Tussenwaarde
I
Interventiewaarde
In feite geven de letters een concentratieniveau aan dat iets zegt over de aard van de verontreiniging en de sanering daarvan. In het kader van het Besluit bodemkwaliteit is dit de van nature in de bodem aanwezige gehalte aan verontreinigende” stoffen. Streefwaarde: is de waarde waarbij sprake is van schone grond, geschikt voor alle mogelijke doeleinden. Als van
n of meerdere stoffen de streefwaarde of achtergrondwaarde wordt overschreden, is sprake van een
lichte bodemverontreiniging. Tussenwaarde: Als van
n of meerdere stoffen de tussenwaarde wordt overschreden, is
sprake van een matige bodemverontreiniging. Overschrijding van de tussenwaarde is het criterium voor uitvoering van nader bodemonderzoek. Interventiewaarde: is de waarde waarbij maatregelen (interventies) noodzakelijk zijn. Als van
n
of meerdere stoffen de interventiewaarde wordt overschreden, is sprake van een sterke bodemverontreiniging. De omvang van de verontreiniging, de risico en de urgentie c.