Bijlage 3 Ontwerp-omgevingsvisie, Bernheze 2040
Tekst van het document
P R
E
Omgevingsvisie Bernheze 2040
N
W T
Integrale visie van de partners op de fysieke leefomgeving van Bernheze 2040.
O
Colofon Gemeente Bernheze, oktober 2023 Bestuurlijke opdrachtgever: Wethouder Edwin Daandels Projectleider: Tom Keek Bestuurlijk procesleider: Lisa Coolen Ondersteuning: Bureau Kragten
Voorwoord Vol trots presenteer ik u de eerste integrale visie van de partners op de fysieke leefomgeving van Bernheze 2040. Een omgevingsvisie die richting geeft en kansen creëert voor nieuwe initiatieven. En een visie die voor het eerst alle ambities van partners en overheden bundelt in één document. Dat is een prestatie van formaat van de honderd partners die gewerkt hebben aan deze visie. Daarnaast hebben inwoners en ondernemers een inspirerende bijdrage geleverd door het leveren van ideeën en ambities.
Edwin Daandels Wethouder Omgevingsvisie Wonen, ruimte en buitengebied
Omgevingsvisie voor de fysieke leefomgeving van Bernheze 2040 Op 15 februari 2023 verkenden we tijdens de derde dialoogsessie aan vijf thematafels wat de partners voor ogen hebben voor de fysieke leefomgeving in 2040. Dat deden we op basis van de voorlopige uitkomsten van de omgevingseffectrapportage en de opbrengst van dialoogsessies, inwonersbijeenkomsten, polls, enquêtes en de kindertekeningen. De visie die voor u ligt is samengesteld uit de bijdrage van al deze betrokkenen. Een visie waarin we overeenstemming zoeken over onze gezamenlijke toekomst voor Bernheze. En een visie waar we samen mee aan de slag gaan. In de visie geven we aan welke toekomst we wenselijk vinden en hoe de initiatieven een plek kunnen krijgen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan initiatieven van het waterschap, rijkspartijen (bijvoorbeeld de LNV/BZK regiodeal, Staatsbosbeheer en Rijkswaterstaat), provincie, wooncorporaties, vrijwilligers, boeren en andere ondernemers. Met het brede draagvlak voor de visie bij maatschappelijke organisaties, ondernemers en inwoners, verwachten we met deze visie gezamenlijke koers te zetten naar een toekomstbestendig Bernheze. De ondertekening van de intentieverklaring op 15 februari 2023 door alle deelnemers schept vertrouwen om dit proces voort te zetten.
Omgevingsverklaring De gemeente voert de regie op het proces van tot stand komen van de omgevingsvisie. In het hele proces vanaf 2021 tot 2024 werken partnerorganisaties, inwoners en ondernemers samen aan de integrale visie op de leefomgeving van Bernheze in 2040. We zijn er van overtuigd dat de toekomst van Bernheze afhankelijk is van de bijdrage van alle partners. De volgende stap is dat we een omgevingsverklaring sluiten. Daarmee bevestigen we met alle partners in 2024 deze samenwerking. We spreken uit dat iedereen naar vermogen gaat bijdragen aan de realisatie van de gezamenlijke ambities.
Vervolgproces, waar onder ter visie leggen ontwerp-omgevingsvisie Nadat de gemeenteraad heeft ingestemd met de ontwerp-omgevingsvisie leggen we de visie ter inzage, zodat iedereen indien gewenst zienswijzen kan indienen. In de omgevingseffectrapportage (OER) staat beschreven hoe de scenario’s en de ontwerp-omgevingsvisie scoren op de afwegingscriteria. De commissie m.e.r. zal tegelijkertijd de OER beoordelen. We zullen in één of meerdere bijeenkomsten de ambities uit de visie toelichten. U kunt dan ook uw vragen stellen. Ook het versterken van de samenwerking heeft onze aandacht, want we hebben iedereen nodig om deze visie tot stand te brengen. Alleen met uw bijdrage gaan we Bernheze samen gezond, ondernemend, mooi, leefbaar, klimaatbestendig, biodivers en duurzaam doorgeven aan de volgende generatie. 5
Managementsamenvatting De omgevingsvisie Bernheze 2040 is een richtinggevende visie voor de fysieke leefomgeving. Nieuwe initiatieven toetsen we op basis van deze omgevingsvisie. De Omgevingswet verplicht gemeenten een omgevingsvisie op te stellen. Het schets de ambities voor de komende 20 jaar. Ambities en doelen die samen met de partners zijn bepaald. We staan immers samen aan de lat voor het realiseren van deze ambities en doelen van deze visie. Met deze omgevingsvisie willen we de kwaliteit van de leefomgeving behouden en versterken. Daarvoor hanteren we de volgende aanknopingspunten om slim met de ruimte om te gaan: • Kenmerken en identiteit van het gebied centraal stellen; • Meervoudig ruimtegebruik, waar het kan; • Voorkomen van afwenteling. Deze omgevingsvisie vervangt de gemeentelijke structuurvisie en andere lange termijn visies op de fysieke leefomgeving van de gemeente, tenzij de omgevingsvisie niet of nauwelijks aandacht besteed aan een beleidsdomein. Deze omgevingsvisie beschrijft nog niet alle beleidsterreinen van de fysieke leefomgeving. We nemen daarom 5 jaar de tijd om al deze visies te integreren. Dit betekent dat we in 2029 slechts één visie voor de fysieke leefomgeving hebben. De omgevingsvisie is een dynamisch document en zal ook meebewegen met nieuwe en veranderende maatschappelijke opgaven.
Dat kan ook aanleiding geven om met de partners tot een aangepaste omgevingsvisie te komen. Integraal samenwerken en omgevingsverklaring We zijn van mening dat de gemeente een goed schaalniveau is om alle ambities en opgaven van partners, inwoners en ondernemers samen te laten komen. Mede daarom voert de gemeente de regie over het proces van het tot stand komen van de omgevingsvisie. Daarnaast heeft de gemeente ook een eigen verantwoordelijkheden als een van de partners. We noemen dat ook wel netwerkgovernance. In februari 2023 hebben de aanwezige partners van de derde dialoogsessie de intentieverklaring getekend. In deze intentieverklaring spreken ze de intentie uit om samen te werken aan het opstellen en uitvoeren van de omgevingsvisie. In de omgevingsvisie staan daarom ook ambities waar we als gemeente niet (primair) voor verantwoordelijk zijn. Deze ambities zijn wel integraal onderdeel van het gewenste toekomstperspectief. De ontwerp-omgevingsvisie is in co-creatie met (keten) partners opgesteld, wat betekent dat de verantwoordelijkheden gespreid zijn. Het waterschap gaat bijvoorbeeld over grondwaterpeil, de Rijksoverheid gaat over stikstofbeleid en de provincie gaat over natuurnetwerk Brabant en subsidies.
Met het besluit van de gemeenteraad om de omgevingsvisie vast te stellen, betreft dit alleen die onderdelen van de omgevingsvisie die de bevoegdheden van de gemeente raken. Begin 2024 leggen we tijdens het festival van de toekomst de omgevingsverklaring voor aan al onze partners. We vragen hen dan of ze zich willen inzetten voor de betere toekomst, zoals deze in de omgevingsvisie is beschreven.
6
Flexibel, integraal en aan de slag De omgevingsvisie is geen blauwdruk voor de toekomst. We kunnen nu nog niet overzien welke maaatschappelijke ontwikkelingen over 5 of 10 jaar op ons pad komen. Daarom bestaat altijd de mogelijkheid om gemotiveerd van de visie af te wijken. Hierbij is het belangrijk dat we de gestelde ambities en doelen op een andere manier bereiken. Dat vereist van de initiatiefnemer een brede blik op de doelen en ambities van de omgevingsvisie. Dit zodat hij/zij deze kan integreren in het initiatief. Meer dan in het verleden toetsen we op het bereiken van de integrale doelen uit de visie. De omgevingsvisie realiseren we via verschillende sporen: • juridische kaders van het omgevingsplan en kaders van onze ketenpartners; • verleiden: met geld, inzetten van grondposities, communicatie en partnerdeals; • programma’s onder de omgevingswet, gebiedsgericht of thematisch; • monitoring en evaluatie; • aanpassen van de omgevingsvisie middels de vierjarige cyclus. Drie deelgebieden met drie ontwikkelperspectieven De visie maakt onderscheid in drie deelgebieden. 1. De hoog gelegen Peelhorst (de rug) met de Maashorst als kenmerkend natuurgebied. De westgrens van de Peelhorst is de kenmerkende Peelrandbreuk met de wijstgronden. In een ‘levendige schil’ rondom het natuurgebied extensiveert de landbouw en bieden we mogelijkheden voor meer bos en andere natuur. 2.
De Dekzandgebieden (de flank) waar de intensieve veehouderij bijdraagt aan grootschalige en innovatieve voedselproductie. Hier ontwikkelen we ook kansen voor nieuwe verdienmodellen op het gebied van bijvoorbeeld de productie van biobased grondstoffen, natuur en landschap in perceelsranden, toerisme en recreatie, klimaatadaptatie (zoals tijdelijke waterber-ging), lokaal voedsel et cetera. 3. Het Beekdallandschap van de Aa en de Leijgraaf, waar het watersysteem van afvoeren ombuigt naar water vasthouden in combinatie met natuurontwikkeling en extensieve landbouw. Vijf strategische thema’s De kern van de omgevingsvisie bestaat uit de uitwerking in vijf strategische thema’s. In deze uitwerking vertalen we de opgaven naar ambities en doelen. De vijf thema’s zijn: 1. Gezonde leefomgeving 2. Leefbare kernen 3. Klimaatadaptatie en herstel biodiversiteit 4. Vitale en duurzame landbouw en economie 5. Kwaliteit landschap en erfgoed
7
stand erstand aterwateroging ing
t
Ammoniak Ammoniak Inclusiviteit Inclusiviteit Inclusiviteit
Vermindering Vermindering concentratie concentratie Iedereen mag en en kan Iedereen Iedereen mag mag en kan kan ammoniak ammoniak enen fijnstof fijnstof in in dede gelijkwaardig meedoen gelijkwaardig gelijkwaardig meedoen meedoen lucht lucht
Biodiversiteit Biodiversiteit Transitie landbouw Transitie Transitie landbouw landbouw
Mobiliteit Mobiliteit Mobilite
Herstel Herstel biodiversiteit biodiversiteit diedie Veranderen naar kringvormen van Veranderen Veranderen naar naar kringkring- Slimmere Slimmere Slimmere vormen vormen vag past past bijbij groen groen karakter karakter looplandbouw en en minder en en anders benutten va looplandbouw looplandbouw en minder minder en anders anders benutten benutt Bernheze Bernheze gezondheidsrisico’s infrastructuur. Nieuwe v gezondheidsrisico’s gezondheidsrisico’s infrastructuur. infrastructuur. Nieuw Nieu ningen zoals laadpa ningen ningen zoals zoals laad la
Ambities ininvijf thema’s Ambities Ambities invijf vijf thema’s thema’svan Bernheze De vijf thema's COCO -neutraal -neutraal
Gezondheid Gezondheid
2 2 vinden partners, inwoners enen ondernemers belangrijk voor een omgevin Wat Wat vinden partners, partners, inwoners inwoners en ondernemers ondernemers belangrijk belangrijk voor voor een een omgev omge gronde grond- Wat Devinden De uitstoot uitstoot van van CO CO Beweegvriendelijke Beweegvriendelijke 2
doordat ordat ebruiken uiken
uw ouw
kringngminder nder ’s co’s
verminderen verminderen met met 55% 55% in in 2030 2030
2
omgeving omgeving enen verbetering verbetering van van dede luchtkwaliteit luchtkwaliteit
Gezonde Gezonde Gezonde Mobiliteit Mobiliteit leefomgeving leefomgeving leefomgeving
en Leefbare kernen Klimaatbestendig Klimaatbestendig Vitale Vitale Vital Leefbare Leefbare kernen kernen Klimaatbestendig Wonen Wonen biodiversiteit landb Passende woningen, en biodiversiteit biodiversiteit lan la Passende Passende woningen, woningen, enen Slimmere Slimmere vormen vormen van van gebruik gebruik Meer Meer betaalbare betaalbare en en econ Een gezonde leefSchoner water, mobiliteit, ec Een Een gezonde gezonde leefleef- duurzame Schoner Schoner water, water, duurzame duurzame mobiliteit, mobiliteit,
en en anders anders benutten benutten van van dede duurzame duurzame woningen woningen omgeving bevordert biodiversiteit, veiligheid, voldoende omgeving omgeving bevordert bevordert herstel herstel biodiversiteit, biodiversiteit, Gezondhe Gezond Gezo veiligheid, veiligheid, voldoende voldoende herstel infrastructuur. infrastructuur. Nieuwe Nieuwe voorzievoorziede de fysieke, sociale en enen voorzieningen wateroverlast, en en een de fysieke, fysieke, sociale sociale minder minder wateroverlast, wateroverlast, voorwaa voorw voo voorzieningen voorzieningen en een een minder ningen ningen zoals zoals laadpalen laadpalen mentale gezondheid en en hittestress gemeenmentale mentale gezondheid gezondheid levendige droogte droogte en hittestress hittestress kringloop kringlo kring levendige levendige gemeengemeen- droogte van inwoners en enen schone schap van van inwoners inwoners schon sche schap schap nodigt uituit tot activicirculaire nodigt nodigt uit tot tot activiactivicircula circu teitteit voor jong en en oud teit voor voor jong jong en oud oud
rs belangrijk belangrijk voor voor een een omgevingsvisie? omgevingsvisie?
Voor ieder thema moeten keuzes gemaakt worden voor dede toekomst. DieDie keuzes m Voor Voor ieder ieder thema thema moeten moeten keuzes keuzes gemaakt gemaakt worden worden voor voor de toekomst. toekomst. Die keuzes keuz EnEn ook dat doen wewe samen. Want wewe gaan voor een omgevingsvisie waar iedereen En ook ook dat dat doen doen we samen. samen. Want Want we gaan gaan voor voor een een omgevingsvisie omgevingsvisie waar waar iedere iede
Meer weten enen meedenken? Meer Meer weten weten enmeedenken? meedenken? Kijk opop www.samenbernheze.nl/omgevingsvisie Kijk Kijk opwww.samenbernheze.nl/omgevingsvisie www.samenbernheze.nl/omgevingsvisie
Klimaatbestendig Klimaatbestendig enen biodiversiteit biodiversiteit
Schoner Schoner water, water, erstel herstel biodiversiteit, biodiversiteit, inder minder wateroverlast, wateroverlast, oogte droogte enen hittestress hittestress
Vitale Vitale enen duurzame duurzame landbouw landbouw && economie economie Gezondheid Gezondheid alsals randrandvoorwaarde, voorwaarde, meer meer kringloop-landbouw, kringloop-landbouw, schone schone energie energie enen circulaire circulaire economie economie
Kwaliteit Kwaliteit landlandschap schap && erfgoed erfgoed
Versterken Versterken cultuurcultuurhistorie, historie, beschermen beschermen enen behouden behouden landschappelijke landschappelijke waarden, waarden, kwaliteit kwaliteit openbare openbare ruimte ruimte
voor n voor dede toekomst. toekomst. Die Die keuzes keuzes maken maken wewe in in dede ontwerpfase. ontwerpfase. een n omgevingsvisie omgevingsvisie waar waar iedereen iedereen in in Bernheze Bernheze voor voor wilwil tekenen. tekenen.
8 ngsvisie vingsvisie
doe doemee, mee,denk denkvooruit vooruit
doe m doe doe
1.
Gezonde leefomgeving Een gezonde leefstijl en een gezonde leefomgeving krijgt steeds meer aandacht. De provincie zet in op drie gezonde levensjaren voor iedereen in 2030. In Bernheze werken we daar graag aan mee. Dat doen we door de kwaliteit van de lucht, bodem en water te verbeteren met onze partners. Overlast door geur, geluid en dergelijke willen we in en nabij de kernen terugdringen, evenals de risico’s van zoönose. We faciliteren agrarische bedrijven die willen innoveren en agrarische bedrijven die in omvang willen groeien te verplaatsen naar het dekzandgebied. Met het introduceren van groene gezonde structuren (GGS) bundelen we de ambities van onder meer gezondheid, recreatie, bewegen in aantrekkelijk groen & blauw, meer biodiversiteit, klimaatadaptatie en biologisch voedsel. Zo kunnen we verstandig omgaan met de ruimtedruk. In het Groenstructuurplan van de gemeente is de GGS binnen de dorpskernen opgenomen. De stilte en donkerte in Bernheze koesteren we. Goed voor mens en dier. Gezondheid is ook zorgen voor elkaar, het bouwen aan gemeenschappen en inwonerscollectieven voor wonen, voedsel, energie en dergelijke en het benutten van ons erfgoed voor maatschappelijke functies. De openbare ruimte is van en voor iedereen. Daarom hechten we waarde aan toegankelijkheid en inclusiviteit.
We maken bijvoorbeeld prikkelarme zones en aantrekkelijke (speel)plekken, zodat inwoners met een kleine beurs ook een uitje hebben.
2.
Leefbare kernen We creëren leefbare kernen waar het fijn wonen is voor een goede leeftijd mix aan mensen. Dit doen we door innovatief, groen en compact te bouwen en te ondernemen. De kernen staan voor een forse opgave. Om in het grote woningtekort te voorzien heeft Bernheze in de woondeal een enorme bouwopgave afgesproken. Betaalbare en duurzame woningen zijn de uitdaging, zeker met het oog op dat meer huishoudens uit minder personen bestaan. Tegelijkertijd willen we anticiperen op demografische veranderingen. Denk daarbij aan de sterke vergrijzing in met name de plattelandsgebieden. Hier kan het voorkomen dat in 2040 een derde van de bevolking 65+'er is. Duurzame kernen zijn kernen die in 2030 voor 50% gebruik maken van ‘niet-primaire grondstoffen’ als bouwmateriaal zoals hout, stro, vlas en hennep. Kernen maken we klimaatneutraal, door de energie- en warmte transitie voortvarend aan te pakken. Verdergaande elektrificatie vraagt meer ruimte voor opslag van energie en een verdrievoudiging van de transformatorhuisjes in de bebouwde kom. Kernen en gebouwen maken we groen, klimaatadaptief en natuurinclusief. We houden het water zoveel mogelijk vast en koppelen de regenwatersystemen af van het riool. We gaan werken met een groennorm.
Dit omdat we weten dat groen bijdraagt aan de gezondheid van onze inwoners, de omvang van de populaties van dieren en planten versterkt en daarmee ook de biodiversiteit. We verwachten steeds vaker grote wateroverlast. Met onze partners richten we tijdelijke waterbergingen in onder meer in de randen van de kernen. De identiteit en het groene karakter van elke kern willen we versterken. Veranderingen moeten hieraan bijdragen. Zo willen we voor onze woningbouwopgave inbreiden, maar niet ten koste van de identiteit en het groen. Daar waar we niet voldoende tempo kunnen maken in het bouwen, wijken we uit naar de kernranden. Gezondheid, groen, klimaat, landschap, bodem en water zijn sturend voor het bepalen van de locatie en de inrichting. In de Peelhorst en het beekdallandschap willen we terughoudend zijn met bouwen en de aanleg van zonneparken.
9
Vitale kernen hebben een vitaal en compact centrum, met voldoende basisvoorzieningen en sterke ondernemers. Om kernen meer leefbaar en veilig te maken en de gezondheid van onze inwoners te versterken zetten we in op prioriteit aan langzaam verkeer en ontmoedigen we doorgaand verkeer. Stil en schoon vrachtverkeer in de kernen geven we prioriteit. In het nog op te stellen mobiliteitsprogramma werken we dit verder uit. Ook in het buitengebied willen we doorgaand verkeer zo snel mogelijk afleiden naar de A59, A50 en de N279. Het openbaar vervoer handhaven we op het huidige niveau, maar we maken het slimmer. Leefbare kernen blijven leefbaar omdat we in Bernheze voor elkaar zorgen. Dat willen we zo houden en nieuwe vormen van zorgwonen introduceren. Een aantal naoorlogse wijken in Heesch vragen om een revitaliseringsslag. Inwoners en ondernemers nodigen we uit met initiatieven te komen die bijdragen aan deze visie. Een veilige leefomgeving creëren in onze kernen en in de omliggende bedrijven staat voorop. Florerende bedrijven, zonder leegstand en verpaupering, geven ondermijnende activiteiten geen kans. 3.
Klimaatbestendig en (herstel) biodiversiteit Klimaatverandering en de sterke afname aan biodiversiteit vragen om ingrijpende maatregelen op het hele grondgebied van Bernheze. Verdroging en extreme wateroverlast zijn twee uitersten waar we ons op moeten voorbereiden. Bodem en water sturend is een inrichtingsprincipe dat we volop hanteren, conform landelijk regelgeving. Het hele watersysteem is nu eenzijdig ingericht om zo snel mogelijk het water af te voeren. Dat moet veranderen. Vanaf nu richten we alles in op het zoveel mogelijk vasthouden van elke druppel water. Dit doen we om het grondwaterpeil te verhogen, zodat we in tijden van droogte een buffer hebben. Dit omdat we niet altijd kunnen rekenen op de Maas als bron van water. Vasthouden van water betekent in de Peelhorst het verondiepen of dempen van sloten, herstel van Wijstgronden en omvormen van naald- naar loofbos om de verdamping te verminderen. Ook tijdelijke waterbergingen bij hevige piekbuien helpen hierin. In het beekdallandschap willen we de afvoer vertragen door bijvoorbeeld het terug brengen van de oorspronkelijke meanderende beek, natuurvriendelijke oevers en overstromingsgebieden in te richten. Zo zorgen we ook dat 's-Hertogenbosch niet alleen staat voor het verwerken van grote afvoerpieken in de stad. Natuurinclusieve en extensieve landbouw passen het beste bij deze aanpassingen in het beekdalsysteem.
Om de biodiversiteit te herstellen richten we ons niet alleen op de natuurgebieden, maar gaan we natuurinclusief werken. We zoeken naar nieuwe verdienmodellen voor onze agrariërs bij het inrichten van bloemrijke perceelsranden, weidevogelgebieden en beheren en in standhouden van zoogdieren als marterachtigen, bevers en dassen. We zetten ook in op bewustwording en gedrag, zodat ondernemers en inwoners het meer vanzelfsprekend vinden om bij te dragen aan duurzame oplossingen, natuur, klimaat en anders omgaan met ‘afval’.
4.
Vitale en duurzame landbouw en economie We zijn een trotse en vitale agrarische gemeente, met een groot exportvolume aan hoogwaardig voedsel. De veerkracht en innovatie van onze agrarische ondernemers is toonaangevend en oogst veel waardering op het gebied van kwaliteit en voedselveiligheid. De agrarische sector staat voor nieuwe uitdagingen, zoals stikstof, mest, klimaat, energie, biodiversiteit en circulariteit. We gaan deze uitdaging met onze agrariers aan en zoeken naar kansen om een sterke vitale sector te behouden.
10
Daarnaast zijn in Bernheze veel lokale sterke bedrijven, die zorgen voor werkgelegenheid en die voortdurend aan het innoveren zijn. Dat is ook nodig om in de veranderende vraag te voorzien. De bestaande bedrijfsterreinen volstaan en maken we indien nodig alleen meer geschikt voor lokale bedrijvigheid. Regionale bedrijventerreinen zijn na Heesch West niet meer wenselijk. De agrarische sector verandert de komende tijd. De ondernemers spelen daar flexibel op in en maken daarin hun eigen afweging. Diverse ondernemers willen stoppen en willen overstappen naar nieuwe ondernemingen, die niet direct bijdragen aan voedselproductie. Niet altijd kan dat op het eigen erf. Dan zoeken we samen naar een geschikte locatie. Andere ondernemers willen graag door en pakken de uitdaging op om te innoveren voor een schonere en circulaire voedselproductie met minder uitstoot van schadelijke gassen of ziektekiemen en willen bijdragen aan klimaat, energie en biodiversiteit. In het dekzandgebied willen we deze ondernemers de ruimte bieden. In het beekdallandschap en de Peelhorst en rond de kernen vinden we dergelijke grote bedrijven niet passend. Daarom faciliteren we grote bedrijven hier om te verplaatsen naar het dekzandgebied.
Een derde groep agrariërs willen veranderen naar meer extensieve vormen zoals bijvoorbeeld kringlooplandbouw, natuurinclusieve landbouw of andere vormen van regeneratieve landbouw, al of niet gecombineerd met verdienmodellen op het gebied van natuur, landschap, productie van biobased bouwmateriaal en toerisme. Deze willen we juist in de Peelhorst en het beekdallandschap de ruimte geven. Ook al beslist de ondernemer uiteindelijk zelf welke plek het beste bij hem/haar past. De veranderingen in de landbouw grijpen diep in op de ondernemers en hun gezinnen. We waarderen het initiatief van de landbouworganisaties om aandacht te geven aan de menskant van de boer. De economie is sterk afhankelijk van energie. We werken hard aan het voldoen aan de RESopgave tot 2030 en dat lijkt te lukken met zonnedaken op gebouwen en parkeerplaatsen en zonneparken. We juichen experimenten toe om energie op te slaan. Voor energiecoöperaties en agrariërs liggen daar kansen. Na 2030 sluiten we windmolens niet uit, maar we wachten eerst de nieuwe normen van de rijksoverheid af en de nadere onderzoeken in verband met de radarcontour van Volkel. 5.
Kwaliteit landschap en erfgoed Het landschap in Bernheze is uniek en divers, gezien de ligging van de hoge Peelhorst, de peelrandbreuk en de kenmerkende wijstgronden (Geopark), de flanken met lager gelegen kommen, die wij het dekzandgebied noemen en het laag gelegen beekdallandschap. Elk landschap heeft zijn unieke karakteristieken en cultuurhistorische kenmerken, zichtlijnen en waardevol erfgoed. Deze willen we in samenhang behouden, beschermen en herstellen. Het erfgoed en andere kenmerkende gebouwen in en rondom de kernen willen we meer toegankelijk en beleefbaar maken. Tegelijkertijd willen we ook ruimte bieden aan nieuwe ontwikkelingen die de historie niet uitwissen, maar daar juist op voortbouwen. We voegen zo als het ware een nieuwe laag toe die voortbouwt op het verleden.
11
Herkomstwaarde, identiteit en keuzes naar de toekomst Bernheze is onder meer gevormd door de ontwikkelreis van een agrarische sector, een handelsroute tussen Grave en 's-Hertogenbosch en de vestigingsgeschiedenis langs de Aa en de Peelhorst. Bernheze is de groene long in de driehoek 's-Hertogenbosch, Veghel en Oss. De kernen zijn voor de grootstedelijke voorzieningen afhankelijk van deze omliggende steden. De landschapstypen van rug, flank en dal zijn eerder beschreven. Bernheze ligt op een helling, waarbij de ontwerp principes van bodem en water (klimaatonderlegger) leidend zijn. Toekomstscenario’s Met drie toekomstscenario’s hebben we verkend welke mogelijke toekomstbeelden denkbaar zijn: 1. Innovatief Bernheze, waar we uitgaan van een blijvende koploperspositie met een grootschalige en intensieve agrarische sector, maar ook innovatief in nieuwe vormen van extensieve landbouw. We verwachten in dit scenario met technische innovaties te kunnen werken aan een schonere en circulaire wereld. 2. Coöperatief Bernheze, gaat uit van gemeenschapsdenken, waarbij voedselproductie en productie van biobased bouwmateriaal in korte ketens zich maximaal richt op de behoefte in Bernheze en de directe regio en pas dan voor de export. Ook de woonvormen sluiten aan bij het gemeenschapsdenken.
De inrichting van de infrastructuur is gericht op lokaal transport met fiets of kleinschalige schone transporttechnologie. 3. Duurzaam Bernheze, stelt klimaatadaptatie en biodiversiteit centraal. In dit scenario gaan we uit van een radicale omslag in de waterhuishouding naar vasthouden van water, herstel van wijstgronden en schoner water. De biodiversiteit herstellen we door meanderende beken en sloten, nieuwe bossen en natuurgebieden en extensieve vormen van landbouw. Naaldbossen vormen we om naar natuurlijk loofbos. Mobiliteit wordt duurzaam en het verdienmodel van onze boeren verbeterd door meer inkomsten uit de door de maatschappij gewenste ecosysteemdiensten. Op basis van de uitkomsten van de omgevingseffecten van deze scenario’s is een vierde scenario ontwikkeld. Dit vierde scenario is de ontwerp-omgevingsvisie. We verwachten met de ontwerp-omgevingsvisie bijdraagt aan een forse verbetering op de omgevingseffecten van alle beoordelingscriteria die we in de OER (Omgevings Effect Rapportage) toetsten.
Participatie De omgevingsvisie is tot stand gekomen dankzij de inbreng van: • 100 partnerorganisaties die in drie dialoogsessies meewerkten aan het verkennen van de mogelijkheden per thema, het ‘vullen’ van de scenario’s en het ontwikkelen van de ontwerpomgevingsvisie; • 100 kinderen die in tekeningen hun wensen voor de leefomgeving verbeelden; • een enquête onder 300 inwoners; • een fotowedstrijd; • drie bijeenkomsten voor 200 inwoners in drie deelgebieden; • polls op SamenBernheze.nl; • een interactieve kaart voor de Groene Gezonde Structuren met ruimte voor suggesties van inwoners; • Q&A bijeenkomsten voor inwoners en ondernemers over de ontwerp-omgevingsvisie. De samengestelde kaart op pagina 14 geeft in grote lijnen weer wat de visie beoogd. 12
13
14
OMGEVINGSVISIE BERNHEZE 2040
Integrale kaart Bernheze Legenda Bestuurlijk & bebouwing
Landschappelijk
Infrastructuur
Thema 1: Gezonde Leefomgeving
We realiseren groene gezonde structuren.
Thema 2: Leefbare kernen
We realiseren groene kernen, waarin het aantrekkelijk wonen en leven is, en waarin we de diverse karakters van de kernen versterken.
Thema 3: Klimaatbestendig en (herstel) biodiversiteit Ons watersysteem richten we in op het vasthouden van water en we herstellen gelijktijdig de biodiversiteit.
Thema 4: Vitale en duurzame landbouw & economie
We hebben oog voor de economisch sterke landbouwgebieden, maar zijn ook innovatief met andere (meer extensieve) vormen van landbouw.
Thema 5: Kwaliteit landschap & erfgoed Ons erfgoed en landschap maken we beter beleefbaar en toegankelijk en zijn daarnaast een inspiratiebron voor toekomstige ontwikkelingen.
15
16
Inhoudsopgave Voorwoord....................................................................................................................................4 Managementsamenvatting.........................................................................................................6 Hoofdstuk 1: Waarom een omgevingsvisie?...........................................................................18 Hoofdstuk 2: De omgevingsverklaring en wie doet wat........................................................24 Hoofdstuk 3: Realisatiestrategie..............................................................................................32 Hoofdstuk 4: De omgevingsvisie van Bernheze.....................................................................38 4.1.1 De gezonde leefomgeving..................................................................................44 4.1.2 Leefbare kernen..................................................................................................58 4.1.3 Klimaatbestendig en (herstel) biodiversiteit........................................................76 4.1.4 Vitale en duurzame landbouw & economie........................................................94 4.1.5 Kwaliteit landschap & erfgoed..........................................................................110 Hoofdstuk 5: Herkomstwaarde, identiteit en keuzes naar de
toekomst.............................126 Hoofdstuk 6: Werking van de omgevingsvisie.....................................................................152 Hoofdstuk 7: Hoe hebben we gezamenlijk de omgevingsvisie tot stand gebracht?........158 Literatuurlijst............................................................................................................................164 Bijlagen.....................................................................................................................................166
17
Hoofdstuk 1:
Waarom een omgevingsvisie?
1.1 Omgevingswet: Nieuwe opgaven vragen om een heldere visie De Omgevingswet treedt op 1 januari 2024 in werking. Deze wet verplicht elke gemeente een omgevingsvisie op te opstellen. De omgevingsvisie is een strategisch beleidsdocument. Het huidige strategische beleidsdocument over de kwaliteit en ontwikkelingen buiten (de fysieke leefomgeving) is de gemeentelijke Structuurvisie ’Structuurvisie Bernheze’ uit 2010 en vervalt hiermee. Sinds deze structuurvisie in 2010 is geschreven is het een en ander veranderd. Zo hebben we te maken met een aantal opgaven die destijds niet of nauwelijks de beleidsagenda bepaalden. Denk hierbij aan klimaatverandering, biodiversiteit, de energietransitie, vergrijzing, een CO2 neutrale samenleving, gezondheid en veiligheid. Trends en ontwikkelingen, die in de structuurvisie benoemd werden hebben zich inmiddels doorgezet of zijn opgelost. Deze veranderde context én de nieuwe Omgevingswet maken het noodzakelijk om tot een nieuwe toekomstvisie te komen. Een visie is geen blauwdruk voor de toekomst, maar geeft richting aan de gewenste ontwikkeling voor de toekomst van Bernheze.
1.2 Omgevingsvisie: een visie in samenhang voor de lange termijn De Omgevingswet verplicht alle overheidslagen – nationaal, provinciaal en gemeentelijk – een omgevingsvisie op te stellen. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is vastgesteld in 2020. Hierin staat centraal dat we bij het maken van omgevingskeuzes voor de aanpak van de maatschappelijke opgaven onze ruimtelijke kwaliteit behouden of verbeteren. De drie NOVI-principes hanteren we als praktische aanknopingspunten om slim met de ruimte om te gaan en de kwaliteit van de leefomgeving te behouden en te ontwikkelen: • • •
meervoudig ruimtegebruik; kenmerken en identiteit van het gebied staan centraal; voorkomen van afwenteling.
De Provinciale Omgevingsvisie (POVI) van de Provincie Noord-Brabant is vastgesteld in 2018. De provinciale omgevingsverordening stelt ook de zorgplicht (zie bijlage VII) voor de omgevingskwaliteit centraal. Nu is het de beurt aan de gemeente Bernheze om een omgevingsvisie op te stellen. Dit nieuwe strategische document is de toelichting van de Omgevingsvisie Bernheze. We kijken vooruit naar het jaar 2040, met een doorkijk naar 2050. Deze visie richt zich op het behoud van de omgevingskwaliteit en het richting geven aan nieuwe ontwikkelingen voor onze fysieke leefomgeving voor de lange termijn. Deze visie gaat over alles dat buiten aanwezig is, zichtbaar en onzichtbaar, en zoekt de samenhang. Denk hierbij aan de samenhang tussen ruimte, gezondheid, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur (wegen, sporen, kanalen, bruggen et cetera), recreatie, landbouw en cultureel erfgoed. In deze omgevingsvisie verkennen we hoe deze verschillende onderdelen zich in de toekomst ontwikkelen. Het motto van de Omgevingswet ‘ruimte voor ontwikkeling’, werken we in deze visie uit. Separaat werken we uit hoe de gemeente de omgevingsvisie gaat gebruiken in programma’s onder de Omgevingswet, het omgevingsplan en het beoordelen van initiatieven.
1.3 De partnerfilosofie voor de omgevingsvisie in Bernheze: De omgevingsvisie is van ons samen! We zien de omgevingsvisie als een belangrijk strategisch document. Een richtinggevend document voor de toekomst van Bernheze met haar partnerorganisaties, ketenpartners, inwoners en ondernemers. In Bernheze werken we graag samen aan deze toekomst. Dat is de stijl van Bernheze! Een toekomst die leefbaar en veerkrachtig is voor volgende generaties. En dat kan geen enkele partner alleen bereiken, ook de overheid niet. Wanneer we dus in de visie over “wij” spreken, bedoelen we iedereen die meewerkt aan de het tot stand komen en realiseren van de omgevingsvisie voor Bernheze. Op deze manier willen we laten zien dat we alleen door samen te werken en samen de schouders eronder te zetten we die betere toekomst kunnen bereiken. Daarom hebben we in dialoogsessies, tekenwedstrijd, inwonersbijeenkomsten, digitale polls op het platform en enquêtes samen bepaald welke toekomst we wenselijk vinden. Dit document is daarom samengesteld uit de inbreng van velen. De gemeente Bernheze heeft dit proces gefaciliteerd en geregisseerd.
20
Daarmee is dit ook jouw document, en ben jij onderdeel van die “wij”. In 2021 verzamelden we al onze dromen, ambities en ideeën in het inspiratiedocument omgevingsvisie Bernheze. Het inspiratiedocument vormde de input voor drie toekomstbeelden van Bernheze in 2040, die we in een dialoogsessie vorm hebben gegeven. Deze toekomstbeelden noemen we ook wel toekomstscenario’s. Deze toekomstscenario’s staan beschreven in het rapport ‘Drie toekomstscenario’s voor Bernheze in 2040’. Die toekomstbeelden en de reacties hierop hebben we in een derde dialoogsessie en inwonersbijeenkomsten gebruikt om tot één voorkeursscenario te komen: de ontwerp-omgevingsvisie. Het document dat voor u ligt is daarvan het resultaat. Een visie, waar we allemaal voor willen tekenen. Allemaal, want het is niet aan de overheid om de toekomst alleen te bepalen. Daarom hebben we de omgevingsvisie in Bernheze de ondertitel van Integrale visie van de partners op de fysieke leefomgeving van Bernheze 2040 meegegeven. De beste toekomst bereiken we door samen te werken.
21
1.4 Disclaimer en status van de omgevingsvisie De partners in de gemeente Bernheze hebben samen de voorliggende visie gemaakt voor de leefomgeving van Bernheze 2040. Het college van B&W heeft dit proces gefaciliteerd en heeft zelf ook voorstellen gedaan voor de toekomst van Bernheze. De gemeente is dus één van de partners, met de bijzonder bevoegdheid de omgevingsvisie vast te stellen cf. de Omgevingswet. De omgevingsvisie Bernheze 2040 is een richtinggevende visie. De ambities en doelen zijn samen met de partners bepaald. We staan immers samen aan de lat voor het realiseren van deze visie. We zijn van mening dat de gemeente de overheidslaag is waar alle ambities en opgaven samenkomen. In februari 2023 hebben de aanwezige partners van de derde dialoogsessie de intentieverklaring getekend, waarin ze de intentie hebben uitgesproken samen te werken aan het opstellen en uitvoeren van de omgevingsvisie. Besluit van de gemeenteraad In de omgevingsvisie staan ambities waar we als gemeente niet (primair) voor verantwoordelijk zijn. Deze ambities zijn wel integraal onderdeel van het gewenste toekomstperspectief. De gemeenteraad gaat enkel en alleen over bevoegdheden van de gemeente. De ontwerp-omgevingsvisie is in cocreatie met (keten)partners opgesteld, wat betekent dat de verantwoordelijkheden gespreid zijn.
Het waterschap gaat bijvoorbeeld over grondwaterpeil, de Rijksoverheid gaat over stikstofbeleid en de provincie gaat over natuurnetwerk Brabant en subsidies. Met het besluit van de gemeenteraad om de ontwerp-omgevingsvisie vast te stellen, betreft het alleen die onderdelen van de omgevingsvisie die de bevoegdheden van de gemeente raken. Omgevingsverklaring Tegelijkertijd wil het college van B&W samen met de partners een omgevingsverklaring afsluiten, waarbij ook de partners toezeggen met de ambities in de visie aan de slag te willen en toezeggen zich te zullen inspannen om de visie te realiseren. Het college komt met de partners tot een beschrijving van een heldere rolverdeling. Immers voor het tot stand brengen van diverse onderdelen van de visie ligt het voortouw niet bij de gemeente maar bij andere partners. De gemeente voert wel de regie door besluitvormingsprocessen te faciliteren en integraal af te stemmen. Verhouding omgevingsvisie met andere beleidsdocumenten en -plannen van de gemeente In de visie leggen de gemeente en partners hun ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn vast. De visie bevat dus het strategische, integrale, langetermijnbeleid voor de fysieke leefomgeving.
De gemeente en haar partners voegen het beleid op de verschillende terreinen van de fysieke leefomgeving niet alleen samen in deze visie, maar verbinden dit ook met elkaar. De gemeente en haar partners maken dus één samenhangende visie. Deze visie komt in de plaats van gemeentelijke beleidsvisies, voor zover het gemeentelijke beleid betreft, en heeft betrekking tot de fysieke leefomgeving, zoals: • • •
22
gebiedsdekkende structuurvisies; verkeers- en vervoersvisies; groen-, natuur- en milieubeleidsvisies.
Maar dat doen we niet in één keer. Het samenvoegen van al het beleid op de fysieke leefomgeving in één visie is een omvangrijk proces. We hanteren een groeimodel, waarbij we de komende jaren stapsgewijs het gemeentelijk beleid dat nu nog niet is verwerkt in deze visie hieraan toevoegen en integraal afwegen samen met de partners. Zo hopen we in 2028 alle gemeentelijke visies te hebben geïntegreerd in één omgevingsvisie voor de fysieke leefomgeving. Daar waar de visie nog geen of onvoldoende uitspraken doet met betrekking tot het bestaande gemeentelijk beleid met betrekking tot de fysieke leefomgeving, blijft dus het vigerende gemeentelijke beleid gelden. Dit om te voorkomen dat we onbedoeld op sommige terreinen plotseling geen visie of beleid meer kunnen hanteren. De integrale door de raad vastgestelde visie gaat echter altijd voor op sectorale gemeentelijke beleidsvisies, zolang beiden geldend zijn. Bij strijdig beleid is dus de omgevingsvisie leidend. In de komende jaren gaan we samen met onze partners de omgevingsvisie verder aanvullen met nu nog ontbrekende delen van beleidsvisies op terreinen van de fysieke leefomgeving om zo steeds meer compleet te worden. Afwijken van de omgevingsvisie De omgevingsvisie, door de raad vastgesteld, is in iedere geval bindend voor de gemeente.
De partners hebben met de omgevingsverklaring afgesproken zich te zullen inspannen om de ambities uit de visie tot stand te brengen. De visie is een richtinggevend document en niet een statisch en in beton gegoten beleidsdocument. Door de tijd heen kunnen er andere afwegingen gemaakt worden door trends, ontwikkelingen of andere inzichten die op dat moment aan de orde van de dag zijn. Dit maakt de visie op de fysieke leefomgeving een dynamisch document. Te allen tijde is het dus mogelijk om gemotiveerd afwijkend te besluiten van deze visie, waarbij wel recht wordt gedaan aan de in de visie gestelde ambities en doelen. De visie is in samenwerking met inwoners, ondernemers, partnerorganisaties en de gemeente tot stand gekomen. Wij streven naar de juiste richting voor Bernheze, zonder daarbij de actualiteit uit het oog te verliezen. De gemeente gebruikt de omgevingsvisie om te toetsen of initiatieven wenselijk zijn, omdat ze passen in het toekomstbeeld of passend gemaakt worden. De partners gebruiken deze visie als inspiratiebron om te kunnen bijdragen aan het realiseren van de gewenste toekomst. Indien de gemeente en/of de partnerorganisaties gemotiveerd willen afwijken van de visie, zullen zij de in de visie beschreven ambities van het toekomstbeeld op een andere gelijkwaardige manier tot stand brengen.
Je kunt dan denken aan bijvoorbeeld het veranderen van de exacte ligging van een Groene Gezonde Structuur (GGS) op de kaart van de omgevingsvisie. Indien bepaalde functies, zoals wonen en infrastructuur, het nodig maken de GGS gelijkwaardig, maar op een andere plek te realiseren dan kunnen het college en de raad daartoe besluiten.
23
Hoofdstuk 2:
De omgevingsverklaring en wie doet wat?
2.1 Integraal samenwerken ‘Een omgevingsvisie is de integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving en haar grondgebied.’ Voor Bernheze is dit de eerste keer dat we een integrale visie maken. Dat is ook nodig, omdat de druk op de openbare ruimte steeds groter wordt. Dan kun je niet meer volstaan met een optelsom van sectorale ambities. Je moet integraal, samen met elkaar, aan de slag. De fysieke leefomgeving houdt niet op bij de grens en bevoegdheid van een gemeente, waterschap of provincie. De verantwoordelijkheden en omgevingsvisies van andere bestuursorganen betrekken we bij onze omgevingsvisie. Goede samenwerking, afstemming en verbinding is dus van groot belang. Dat vereist heldere samenwerkingsafspraken en -structuur. Het nieuwe omgevingsbeleid stelt dat de rol van de overheid op het gebied van de fysieke leefomgeving verandert. Hier is een veel prominentere rol weggelegd voor de samenwerking en het vertrouwen tussen overheid, partners, inwoners en ondernemers. De Omgevingswet heeft daarom als uitgangspunt dat er meer flexibiliteit moet zijn, zodat we vaker de ‘ja-mits’ filosofie van de Omgevingswet hanteren.
Proces tot nu toe De gemeenteraad heeft het college van B&W opgedragen een omgevingsvisie MET partners, inwoners en ondernemers te maken en afspraken te maken hoe we samen verantwoordelijk nemen voor de gewenste toekomst. De gemeenteraad van Bernheze is degene die conform de Omgevingswet de omgevingsvisie vaststelt en heeft getoetst of aan de opdracht van een rijk en intensief participatieproces is voldaan. De partners committeren zich aan de ambities die in deze visie staan. Zij zijn ook gevraagd welke rol en bijdrage zij willen leveren bij het realiseren van de ambities. Immers we zijn van elkaar afhankelijk hoe snel we de ambities voor 2040 realiseren. Ruwe opbrengst dialoogsessies met partners op 15 februari 2023 De dialoogsessies zijn constructief verlopen en hebben tot het ondertekenen van een intentieverklaring geleid. Alle partners voelen zich erg betrokken bij de omgevingsvisie van Bernheze en zijn voornemens om alle inspanningen te leveren om de visie voor Bernheze te laten slagen.
2.2 Inhoudelijke scope van de omgevingsvisie De omgevingsvisie werkt volgens de instructies van de nieuwe Omgevingswet. Dat blijkt uit de brede scope van de omgevingsvisie, die gericht is op de hele fysieke leefomgeving en daarbij behorende integraliteit van opgaven en ambities. De scope is met de komst van de Omgevingswet en daarbij behorende instrumenten veranderd van slechts Ruimtelijke Ordening naar de gehele fysieke leefomgeving. Niet alleen ruimtelijke aspecten zijn meer onderdeel van het beleid, maar ook onderdelen met andere componenten, zoals water, natuur, milieu, leefbaarheid en gezondheid zijn onderdeel van de omgevingsvisie. In Bernheze hebben we met de partners voor vijf thema’s gekozen welke passen bij de scope van de omgevingsvisie in brede zin. De volgorde geeft het belang aan dat we met de partners en de gemeenteraad hebben bepaald: 1. 2. 3. 4. 5.
Gezonde leefomgeving Leefbare kernen Klimaatbestendig en (herstel) biodiversiteit Vitale en duurzame landbouw en economie Landschap en erfgoed
We hanteren in onze omgevingsvisie een planhorizon van 2040, met een doorkijk naar 2050.
26
2.3 Sturing en governance Het is belangrijk dat we als partners een sturingsstijl kiezen. Deze sturingsstijl bestaat uit enerzijds de rol die we hebben gekozen van samenwerken , anderzijds een instrumentenmix (geld, juridisch, communicatie). Deze nemen we op in deze omgevingsvisie. Samenwerkende overheid Communicatieve instrumenten
-
Experiment Gesprekstafel Gebiedsvisie Participatie Denktank
Financieel-economische instrumenten
-
Maatschappelijk fonds Lening Publiek-private samenwerking Eigendom van grond en gebouwen
Juridische instrumenten
-
Omgevingsplan Bestuursovereenkomst Publiek-private overeenkomst Green Deal Convenant Concessie
Netwerkgovernance Zoals al eerder gesteld, is deze omgevingsvisie een product van iedereen die eraan heeft meegewerkt. Dit gaat van partners, naar inwoners, tot ondernemers en de rol die zij daarin pakken. In de omgevingsvisie legt de gemeente de ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving voor lange termijn vast. De wetgever heeft vastgelegd dat in de omgevingsvisie moet staan hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere bestuursorganen betrokken zijn. In Bernheze hebben we deze aanpak goed vormgegeven en hebben we veel actoren betrokken. De governance-structuur die we daarmee impliciet hebben gekozen is die van een netwerk.
Naar: Kenis en Provan (2008).
27
Om verder te verdiepen in netwerken, onderscheiden Provan en Kenis (2007) een drietal vormen van netwerk governance. Het zelfregulerende netwerk, het leiderorganisatie netwerk en een netwerk administratieve organisatie.
De netwerksamenwerking en governance-structuur die gelieerd is aan de omgevingsvisie van Bernheze, typeert zich het beste als een leiderorganisatie-netwerk. De gemeente is leider van de netwerkorganisatie. De gemeente draagt zorg voor het proces, zodat de gezamenlijke doelen van het netwerk worden behaald. De gemeente faciliteert en regisseert. Tegelijkertijd draagt de gemeente verantwoordelijkheid voor een aantal collectieve belangen, in het bijzonder daar waar geen andere partij zich als belanghebbende aandient. Je kunt dan denken aan bijvoorbeeld rioolwater, infrastructuur en schone lucht. Daarnaast is de gemeente degene die de juridische kaders (omgevingsplan) bepaalt op basis van de ambities in de gezamenlijke omgevingsvisie.
2.4 Rollen van samenwerkingspartners Niet alleen de gemeente gaat werken volgens de Omgevingswet. Ook Rijkspartijen, provincies en waterschappen zijn als overheden gebonden aan deze wet. Het Rijk heeft de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld en gepubliceerd. Ook de provincie Noord-Brabant heeft een eigen omgevingsvisie en omgevingsverordening gepubliceerd. Bovendien moeten provincies aanvragen en meldingen uit het Omgevingsloket kunnen ontvangen en behandelen. Waterschappen moeten een projectbesluit kunnen vaststellen en meldingen uit het Omgevingsloket kunnen ontvangen en behandelen (bron: IPLO).
28
Deze bovenstaande partijen hebben wettelijke taken in relatie tot de Omgevingswet en de beschikking over juridische instrumenten. Andere partijen hebben deze wettelijke taken niet, maar zijn wel betrokken bij het opstellen van de omgevingsvisie. De partijen die hierin echt onmisbaar zijn voor de omgevingsvisie van Bernheze hebben wij partnerorganisaties genoemd. We gaan in kaart brengen welke rol partijen vervullen in het netwerk en welke taken zij op zich nemen. In netwerken hebben actoren diverse rollen, die zij voor een belangrijk deel zelf bepalen, bijvoorbeeld budgethouder, kadersteller, participant, netwerkleider of coalitieleider. ‘De budgethouder heeft de beschikking over financiële middelen (overheidsbudget, fondsen en vrijwillige bijdrage (in tijd en geld). De kadersteller stelt juridische kaders vast, dat kan publiekrechtelijk als privaatrechtelijk. De rol van participant draait om het vertegenwoordigen van een organisatie of achterban in het netwerk. Wij noemen de mensen die zo’n rol innemen ook wel grenswerkers, omdat ze opereren op de grens van de eigen organisatie en het netwerk. […] Een netwerkleider is bezig met vele activiteiten die gericht zijn op de samenhang in het netwerk. Een netwerkleider is niet de baas, maar wel degene die de boel bij elkaar houdt en waar nodig stuurt.
De netwerkleider moet het vertrouwen hebben van de andere partijen dat hij het netwerk – en niet zijn eigen organisatie – voorop stelt. […] De coalitieleider is degene die een coalitie binnen het netwerk leidt. Hier komen twee rollen bij elkaar: die van projectmanager en die van coalitieleider. De coalitie zal altijd bestaan uit mensen die vanuit verschillende organisaties komen en iets willen bereiken en daarmee hun eigen belangen willen behartigen door mee te werken aan een opgave. Je werkt toe naar een bepaald resultaat volgend op de gezamenlijke ambitie van alle deelnemers. Dat maakt dat een coalitieleider veel meer stuurt dan een regisseur’ (Boommanagement, 2018). Zie de bijlage III voor een overzicht van betrokken partners en hun de rol die zij willen pakken. Deze zal ook onderdeel zijn van de omgevingsverklaring. De gemeente Bernheze werkt samen met buurgemeenten in diverse samenwerkingsverbanden, zoals de RNOB, de RES, openbaar vervoer, arbeidsmarkt, toezicht en handhaving (Omgevingsdienst). In deze formele en informele samenwerkingsverbanden bundelen we onze krachten en werken we het best mogelijke resultaat met een efficiënte inzet van mensen en middelen. Deze samenwerkingsverbanden zijn geen partner van de omgevingsvisie, maar zijn wel ingezet om de omgevingsvisies van de regio op elkaar af te stemmen.
Zo worden bijvoorbeeld de omgevingsvisies gebruikt om in RNOB verband een ruimtelijk voorstel te schrijven voor de provincie en het rijk en te werken aan regiodeals. Omgevingsverklaring: festival van de toekomst Tijdens de dialoogsessies van 15 februari is, met de ondertekening van de intentieverklaring, de eerste stap gezet naar een omgevingsverklaring. Deze willen we begin 2024, met een festival van de toekomst, gaan ondertekenen. Met de omgevingsverklaring wordt door alle deelnemende partijen de omgevingsvisie en het belang hiervan onderschreven. Alle partijen zetten zich in voor de uitvoering van het convenant in de rollen die zij kunnen en willen pakken. Aan de omgevingsverklaring is een inspanningsverplichting verbonden met betrekking tot omgevingsprogramma’s waarin we afspreken wie wat doet. Bijvoorbeeld: wie betaalt, wie faciliteert, wie de monitoring doet en hoe de juridische kaders er uit komen te zien.
29
2.5 De omgevingsverklaring (concept) ‘Samen vooruit!’ We werken samen aan een betere toekomst voor Bernheze. Inwoners, ondernemers en partnerorganisaties dragen hier allemaal aan bij. Iedereen vanuit zijn/haar verantwoordelijkheid en mogelijkheden. Daarom hebben we samen een omgevingsvisie Bernheze 2040 gemaakt. Hiermee geven we richting aan onze activiteiten, zodat we met een gemeenschappelijke visie werken aan de leefomgeving van Bernheze. De partners die in Q1 2024 hun handtekening zetten onder de omgevingsverklaring, spreken af samen de schouders te gaan zetten onder het realiseren van de ambities in de omgevingsvisie. Dat betekent dat deze partners op de onderdelen van de visie waarvoor ze hun rol kunnen en willen pakken initiatief nemen en medewerking verlenen. Daarom maakt een globale rolbeschrijving per partner onderdeel uit van dit omgevingsverklaring. In februari 2023 heeft u ook al een intentieovereenkomst symbolisch getekend. Dit omgevingsverklaring is hier een vervolg op. De bestuurder(s) die onderstaande partnerorganisaties vertegenwoordigen: • • •
• • • •
spreken af dat iedereen zijn of haar rol pakt om de gewenste toekomst in de omgevingsvisie Bernheze 2040 te realiseren. Erkennen dat de partnersvisie richtinggevend is. Dat betekent dat het doel en de ambitie voorop staat en er ruimte blijft voor lokaal maatwerk, mits deze doelen en ambities onderdeel van het initiatief zijn. Dit is de ‘ja, mits-benadering’ van de Omgevingswet. Komen elk jaar in een dialoogsessie bijeen, om de voortgang te bespreken, aanpassingen van de omgevingsvisie in te brengen, bijvoorbeeld wanneer de actualiteit van maatschappelijke opgaven daarom vraagt en te ijken of de partners met de voorgestelde aanpassingen kunnen instemmen. Exitbepaling: indien een partner uit de omgevingsverklaring wil stappen dan dragen we zorg voor een gezamenlijk communicatie die we tijdens een dialoogsessie afspreken. Spreken af aan de slag te gaan in programma’s onder de Omgevingswet en uitvoeringsprojecten. Zo gaan we ook samen werken aan de realisatie. Gaan een inspanningsverplichting en geen resultaatverplichting aan. We besluiten dus dat we ons samen inzetten voor de toekomst van Bernheze, zonder dat we elkaar ergens op afrekenen. Samen gaan we vooruit! Stemmen er mee in dat de gemeente Bernheze de procesregie voert op de uitvoering van de omgevingsverklaring (netwerkleider).
De volgende bestuurders die de partnerorganisaties vertegenwoordigen verklaren dat zij zich inzetten voor een betere toekomst voor Bernheze zoals deze in de omgevingsvisie is beschreven.
30
31
Hoofdstuk 3:
Realisatiestrategie
3.1 Bernheze maken we samen! De omgevingsvisie Bernheze 2040 hebben we samen met partnerorganisaties, inwoners en ondernemers ontwikkeld. In Bernheze zetten we die samenwerkende stijl graag door in de realisatie van de omgevingsvisie. Immers, Bernheze maken we samen. Dat doen we door in een omgevingsverklaring met elkaar af te spreken dat we ons gaan inspannen om tot het gewenste toekomstbeeld te komen. Daar waar we meer concrete (financiële) afspraken willen maken, gaan we programma’s onder de Omgevingswet opstarten, samen met onze partners. De omgevingsvisie is een levend document en zal op z’n tijd aangepast moeten worden. Nieuwe ontwikkelingen in de samenleving, nieuwe maatschappelijke opgaven en veranderende politieke ambities vragen om een vierjaarlijkse herijking van de omgevingsvisie.
3.2 Hoe gaan we na het vaststellen van de visie en de omgevingsverklaring de ambities samen realiseren? Met het vaststellen van de visie en de omgevingsverklaring begint het echte werk pas. Dit doen we langs verschillende sporen: 1. Omgevingsplan en andere kaders In het omgevingsplan legt de gemeente de juridische kaders vast op basis van de visie. Dit doen we stap voor stap. Deze juridische kaders zijn bindend voor inwoners, ondernemers en andere initiatiefnemers. De gemeente werkt het ‘ja-mits’ principe hierin uit. Omdat we samen werken met provincie en waterschap aan de realisatie van de visie, verwachten we dat zij ook hun kaders waar mogelijk en gewenst afstemmen op deze visie. 2. Verleiden In Bernheze kiezen we er voor om mensen te verleiden het goede te kiezen. Alleen wanneer het echt nodig is gebruiken we juridische kaders in het omgevingsplan. Dat verleiden doen we met vier sporen: a. Met geld Met subsidies en andere financiële prikkels geven we initiatiefnemers en inwoners een extra duwtje in de rug om te kiezen voor de ambities uit de visie. De overheidspartners zoals de EU, het rijk, de provincie, het waterschap en de gemeente maken de ambities uit deze visie mogelijk door hun specifieke uitkeringen, innovatiefondsen en stimuleringsgelden. Maar daarnaast zijn er ook andere particuliere fondsen die initiatieven ondersteunen die bijdragen aan de ambities.
We maken zo min mogelijk gebruik van negatieve prikkels als straf of dwang en gaan dus niet met bijv. een tegeltax bewoners straffen. We willen eerder belonen met bijvoorbeeld een vergroeningskorting of klimaatkorting op de rioolheffing als voorbeeld. b. Grondposities Inzetten van grondpositie van overheden voor het realiseren van de ambities uit de visie. c. Communicatie Door informatie en kennis te delen over de belangrijke opgaven uit deze visie en de praktische oplossingsrichtingen, kunnen onze inwoners, ondernemers en partnerorganisaties andere en betere keuzes maken. d. Partnerdeals Partners kunnen met elkaar een deal sluiten om zowel de ambities uit de visie te realiseren als de ambities van inwoners en ondernemers. 3. Monitoring en evaluatie Niet alleen het opstellen van de omgevingsvisie vraagt tijd en aandacht, maar ook het vervolg ervan. De omgevingsvisie is een continu proces en past binnen de beleidscyclus. Monitoringsinformatie en evaluatie kan daarom aanleiding zijn om de omgevingsvisie bij te stellen. We worden als het ware gedwongen om vooruit te kijken en de haalbaarheid van onze visie te bepalen. Monitoring en evaluatie zijn belangrijke instrumenten om onze leefomgeving continu te verbeteren. De Omgevingswet schrijft dit zelfs voor. 34
4. Vierjarige cyclus We gaan aan de slag met een vierjarige cyclus, waarin we het monitoren, evalueren, herijken en aanpassen elke vier jaar organiseren. De ambities uit onze omgevingsvisie werken door in alle andere acties van de gemeente, zoals het omgevingsplan, programma’s en vergunningverlening. Maar dat geldt ook voor de andere partners. De omgevingsvisie werkt door in hun bedrijfsvoering of planning. Omdat de Omgevingswet iedereen ruimte geeft voor initiatieven in de leefomgeving, is de gemeente niet meer alleen aan zet. Monitoring is een instrument om te toetsen of we de gezamenlijke doelen en ambities uit de omgevingsvisie dichterbij brengen. Met de omgevingsvisie bepaalt de gemeente welke ontwikkelingen wenselijk zijn. We stellen, zoals eerder geschreven, een vierjarige cyclus voor. We monitoren voortdurend, evalueren vierjaarlijks, waarna we kunnen herijken en aanpassen. De omgevingsvisie is dynamisch en onderhevig aan maatschappelijke veranderingen. Het beste moment daarvoor lijkt ons binnen een jaar na de gemeenteraadsverkiezingen. Dit betekent dat we aan het einde van de eerst volgende bestuursperiode in 2029 de evaluatie af moeten hebben en in 2030 het proces starten om samen te herijken of de ambities uit de visie willen aanpassen.
Dan willen we ook de ontbrekende onderdelen van de omgevingsvisie aanvullen, zodat alle andere beleidsvisies met betrekking tot de fysieke leefomgeving kunnen vervallen. In 2030 hebben we dan voor het eerst een complete integrale visie. 5. Omgevingsprogramma’s als instrument Een omgevingsprogramma is een flexibel instrument uit de omgevingswet dat de overheid kan toepassen in verschillende fasen van de beleidscyclus. Het instrument is een beleidsdocument, net als de omgevingsvisie zelf. Een programma omvat maatregelen en is zelfbindend voor het bestuursorgaan dat het vaststelt. Een programma is, anders dan een omgevingsplan, niet direct bindend voor derden, tenzij we dat met hen afspreken. Het instrument leent zich voor beleidsdoorwerking in de beleidscyclus van de Omgevingswet en kan daarnaast ook worden ingezet bij beleidsontwikkeling en uitvoering. Als de het college van B&W van de gemeente een programma opstelt, dan moeten ze motiveren hoe de samenleving en andere bestuursorganen betrokken zijn geweest bij de voorbereiding. Er zijn verschillende methodes om een programma op te stoelen. In Bernheze denken we aan zowel gebiedsgerichte programma’s als thematische programma’s.