Bijlage 1 Antwoorden op vragen over de nti Nieuwe wet inburgering
Tekst van het document
Bijlage 1: Beantwoording vragen over nti Nieuwe wet inburgering Onderbouwing Progressief Bernheze – agenderen notitie ter informatie Nieuwe wet inburgering
De reden dat ik deze nti doorverwijs, is dat wethouder van Moorselaar eerder heeft aangekondigd dat dit een belangrijke wetswijziging is waar wij als gemeenteraad beleidskaders voor vast moeten stellen. In constateer dat het college een besluit heeft genomen om de beleidslijn vast te leggen in een verordening zonder hierover de commissie/raad te consulteren. Waarom heeft het college voor deze route gekozen? Het beleidsplan dat er nu ligt is voornamelijk een plan met de gemeentelijke taken: voor alle gemeenten zijn deze taken gelijk (dus met weinig beleidsruimte). We hebben dit dus kunnen vaststellen zonder u vooraf te consulteren, omdat de taken op hoofdlijnen zijn, taken die we nog op lokaal niveau verder invullen met onze partners. Daarnaast kent de nieuwe Wet inburgering geen verordeningsplicht. De modelverordening die is gepubliceerd is niet kaderstellend maar ligt vooral op de uitvoering. Daarom heeft het college besloten om een uitvoeringsplan Wet inburgering en beleidsregels vast te stellen. De wet inburgering is een aantal keren uitgesteld en ondertussen zijn gemeenten opgeroepen om al aan de slag te gaan met de doelen die zijn gesteld. Dit hebben wij ook gedaan. Wij hebben er voor gekozen om al een klantmanager statushouders aan de slag te laten gaan met de brede intake en intakes op het AZC en meer regie te laten pakken op het gehele inburgeringstraject.
(een aantal van jullie hebben haar verhaal gehoord op de extra bijeenkomst sociaal domein op 13 december 2021). Daarnaast zijn we (sub)regionaal aan de slag gegaan met invulling te geven en het inregelen van de verschillende leerroutes. Met de commissie zou ik graag van gedachten wisselen of een bredere discussie over de maatschappelijke resultaten van inburgering nodig is en of wij als commissie uitgangspunten voor een goede inburgering aan het college mee hadden willen geven. Hiervoor verwijs ik ook naar bijgevoegde rapportage van de VNG Er is gesteld dat de inburgeringswet een lerende wet is. Dit betekent dat gemeenten aan de slag gaan maar dat er nog ruimte is voor bijstelling en aanpassingen en invulling. De inhoudelijke vragen die ik heb voor de wethouder:
•
Hoe is de ondersteuning en begeleiding van de inburgering geregeld en is dit gericht op het ontzorgen van de inburgeringsplichtige?
Nadat een statushouder gekoppeld wordt aan onze gemeente, wordt er al gestart met de brede intake. Tijdens de brede intake worden de verschillende leefgebieden in kaart gebracht door de klantmanager statushouders en wordt er gekeken, in overleg met vluchtelingenwerk, huisvesting (gemeente) en Ons Welzijn welke stappen ondernemen moeten worden. Indien nodig bij een complexe situatie wordt er opgeschaald naar wegwijzer. Ook pakt de gemeente nu regie op de taaltrajecten en wordt een statushouder de eerste maanden financieel ontzorgt. De inzet is er wel op gericht om de statushouder zelfredzaam te maken. Het aanbod en aanpak is de eerste maanden specifiek, maar uiteindelijk is het natuurlijk een gewone inwoner in onze gemeente.
•
Hoe wordt de inburgering gepositioneerd binnen het brede sociale domein?
Wij vinden het van groot belang dat onze statushouders naast een woning ook een plek krijgen in onze gemeente waar ze mee kunnen doen. Inburgering had daarom een belangrijke positie binnen de programmalijn meedoen naar vermogen. Ook hebben wij er voor gekozen om extra in te zetten op deze doelgroep, zowel op de nieuwe instroom als op de statushouders die al langer in Nederland zijn.
Er is gekozen om de programmalijnen af te ronden zodat er voor de nieuwe raad en het nieuwe college ruimte ontstaat voor nieuwe beleidskeuzes. Wij adviseren om in de nieuwe bestuursperiode een integraal meerjarenbeleidsplan en -uitvoeringsplan sociaal domein de raad voor te leggen, waar inburgering een belangrijke plek krijgt.
•
Hoe wil het college de invoering van de wet monitoren en wat zijn daarbij de belangrijkste indicatoren?
Om goed inzicht in de cijfers te krijgen en om te kunnen vergelijken met andere gemeenten s er gekozen om aan te sluiten bij de Divoa benchmark statushouders. Deze rapportage is als bijlage toegevoegd. Met deze gegevens worden statushouders gevolgd (inclusief nareizigers en gezinsherenigers), die een verblijfsvergunning asiel in Nederland hebben gekregen. Ook na naturalisatie worden ze gevolgd. Belangrijkste indicatoren zijn:
-
Percentage werk Percentage reguliere opleiding Aantal geslaagden Aantal in de bijstand
AVG: De groep statushouders in een gemeente is gemiddeld genomen vrij klein (0,006% van de bevolking). Bij een aantal indicatoren waarbij de groep statushouders meer in detail wordt uitgesplitst, zullen de aantallen daarom zo klein zijn dat ze daar niet meer over kunnen rapporteren vanwege het risico dat er individuen herkenbaar zijn. Het gaat om groepen die kleiner zijn dan 5 personen. Progressief Bernheze Ellen Neelen