CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

bestemmingsplan Toelichting (met wijzigingen)

Commissie Ruimtelijke Zaken 8 mei 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Hofsteeg (tegenover nr. 3), Nistelrode19.605 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

5.9 Geurhinder Algemeen Bij ruimtelijke ontwikkelingen kan het aspect geurhinder van belang zijn. Er moet worden aangetoond dat het plan geen belemmering vormt voor agrarische bedrijven en dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van het plan. In de verre omgeving van het plangebied is een aantal agrarische bedrijven aanwezig. De verder weg gelegen veehouderijen mogen geen belemmerende werking hebben op de beoogde herontwikkeling. De Wet geurhinder en veehouderij vormt vanaf 1 januari 2007 het toetsingskader voor vergunningverlening, als het gaat om geurhinder vanwege dierverblijven van veehouderijen. De Wet geurhinder en veehouderij geeft normen voor de geurbelasting die een veehouderij mag veroorzaken op een geur-gevoelig object (bijvoorbeeld een woning). Voor de geurbelasting op geurgevoelige objecten gelden wettelijke geurnormen. Voor een concentratiegebied geldt een maximale geurbelasting van 3 odour units per kubieke meter lucht (ouE/m³) binnen de bebouwde kom en een norm van 10 oue/m³ buiten de bebouwde kom. Anders dan voorheen is het mogelijk maatwerk te leveren, niet per bedrijf of object, maar per gebied. Zo kunnen oplossingen worden gezocht voor de spanning tussen het voortbestaan/de ontwikkeling van veehouderijen en de ontwikkeling van dorpskernen of recreatie.

De gemeente kan zo een balans vinden tussen de gewenste ruimte voor de veehouderijen enerzijds en de bescherming van gevoelige objecten anderzijds. De gemeenteraad van de gemeente Bernheze heeft in december 2013 in aanvulling op de Wet geurhinder en veehouderij de ‘Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Bernheze 2013’ vastgesteld. Op basis van deze verordening gelden geen afwijkende normen ter plaatse van de onderzoekslocatie. Ter plaatse van het plangebied geldt een geurnorm van 8 ouE/m². Beoordeling Het plangebied ligt in het buitengebied nabij Nistelrode en in een extensiveringsgebied. Op circa 200 meter ligt dichtstbijzijnde veehouderij met een geuremissie.

70

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Geurberekening

71

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

De geurbelasting zal op de nieuwe woning niet de norm van 8 ouE/m3 overschrijden. De woning aan de Donzel 80 heeft altijd een hogere geurbelasting dan op de nieuwe woning op de Hofsteeg. CONCLUSIE Geconcludeerd wordt dat er sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat. Het aspect geur levert geen belemmering voor het initiatief.

5.10 Hoogspanningslijnen Bij het opstellen van ruimtelijke plannen moet rekening worden gehouden met de magneetvelden van bovengrondse hoogspanningslijnen. Hiervoor is beleid opgesteld. Het beleid voor bovengrondse hoogspanningslijnen is gebaseerd op het voorzorgprincipe. Bij het opstellen van een bestemmingsplan kan het daarom soms noodzakelijk zijn een bepaalde afstand vrij te houden tussen gevoelige bestemmingen en bovengrondse hoogspanningslijnen. De internationale norm is dat voorkomen moet worden dat burgers worden blootgesteld aan magneetvelden van meer dan 100 μTesla. Deze norm wordt in Nederland op maaiveldniveau nergens overschreden.

72

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Aanvullend hierop adviseert het rijk, vanuit het voorzorgprincipe, om zoveel als mogelijk te voorkomen dat er nieuwe situaties ontstaan waarbij kinderen (tot 15 jaar) langdurig worden blootgesteld aan magneetvelden van bovengrondse hoogspanningslijnen van meer dan 0,4 μTesla. CONCLUSIE De dichtstbijzijnde hoogspanningslijn ligt op circa 1,3 kilometer afstand van het plan. Er is geen sprake van relevante magneetvelden ten gevolge van bovengrondse hoogspanningslijnen

5.11 Spuitzones Binnen 50 meter afstand (vuistregel voor spuitzones) zijn geen fruitboomgaarden of andere gewassen waar gewasbescherming noodzakelijk is aanwezig.

5.12 Volksgezondheid i.r.t. veehouderijen Algemeen In de Handreiking veehouderij en volksgezondheid 2.0 (versie mei 2018) is een stappenplan opgenomen om te beoordelen of er knelpunten worden gevonden voor een bestemmingsplan en of nadere advisering vanuit de GGD wenselijk is. Dit stappenplan is voor het te realiseren plan doorlopen. 1. Endotoxinen Een veehouderij kan ten gevolge van blootstelling aan endotoxinen een effect hebben op de volksgezondheid. Endotoxinen zijn celwandresten van bacteriën die met name op de luchtwegen werken. Voor de beoordeling van endotoxinen is geen wettelijk kader vastgesteld. In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt een door de Gezondheidsraad voorgestelde advieswaarde van 30 EU/m³ gehanteerd. Afstanden, waarbinnen deze advieswaarde wordt overschreden, zijn te berekenen door middel van het endotoxine-toetsingskader. Omdat endotoxinen zich met (fijn)stofdeeltjes naar de omgeving verspreiden, zijn in het toetsingskader voor veehouderijen met vleeskuikens, legkippen en vleesvarkens op basis van de fijnstofemissie afstanden bepaald die een te hoge blootstelling aan endotoxinen zullen voorkomen. Wat betreft mogelijke cumulatieve effecten wordt in het toetsingskader endotoxinen bij de beoordeling van individuele initiatieven een omgevingsbewuste benadering geadviseerd.

Beoordeling Het plangebied ligt buiten de richtafstanden die aangehouden moeten worden rondom de varkensen pluimveehouderijen in de omgeving. Er is geen sprake van een verhoogd volksgezondheidsrisico. Uit het VGO-2 onderzoek is gebleken dat zich in een straal van circa 2 km rond geitenbedrijven een verhoogd aantal gevallen van longontsteking voordoet. Binnen 2 km van het plangebied zijn geen geitenhouderijen gelegen. Er is geen sprake van een verhoogd volksgezondheidsrisico. Het aspect volksgezondheid in relatie tot veehouderijen vormt geen belemmering voor het plan.

73

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

2. Emissies De realisatie van een enkele woning zal niet leiden tot relevante emissies van geur, fijnstof of ammoniak. 3. Geur, aanvaardbaarheid woon-/leefklimaat Zie paragraaf 5.9. Geconcludeerd wordt dat er sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat en er wordt voldaan aan de minimaal te hanteren afstand. Daarnaast levert het plan geen onevenredige belemmeringen op voor de veehouderijen in de omgeving. 4. Veehouderij met meerdere diersoorten Binnen 200 meter van het plangebied liggen geen varkensbedrijven of pluimveebedrijven. 5.5 5. Afstand t.o.v. geitenhouderij en/of pluimveebedrijven Het plangebied ligt buiten de richtafstanden die aangehouden moeten worden rondom pluimveehouderijen in de omgeving. Uit het recente onderzoek Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO3)2 , uitgevoerd door het RIVM is tevens gebleken dat er geen sprake meer is van een statistisch significante associatie tussen een verhoogd risico op longontsteking en het wonen in de buurt van een pluimveehouderij. Met betrekking tot geitenhouderijen bevestigt het VGO-3 het vastgestelde verhoogde risico uit eerdere studies. Binnen een straal van circa 2 kilometer rond geitenhouderijen is sprake van een verhoogd risico op longontsteking. Binnen een afstand van 2 kilometer van het plan liggen geen geitenhouderijen en worden geen verhoogde risico’s verwacht met betrekking tot de volksgezondheid. 6.

Mestbewerking of mestverwerking Het plan betreft de bouw van een woning. Er zal geen mest bewerkt of verwerkt worden. Ook in de nabije omgeving vindt geen mestverwerking plaats. 7. Ongerustheid volksgezondheid omwonenden Gezien de realisatie van één woning voorzien wij geen ongerustheid over de volksgezondheid. Ook zijn er bij ons geen gevallen van ongerustheid bekend bij de omwonenden. CONCLUSIE Na het doorlopen van het stappenplan kan worden geconcludeerd dat er geen knelpunten worden gevonden in de opgestelde plannen. Tevens wordt verondersteld dat een advisering door de GGD niet nodig is. Het aspect volksgezondheid vormt geen belemmering voor het initiatief.

5.13 Stikstof Ten behoeve van de realisatie en het gebruik van de nieuwe woning is de stikstofuitstoot inzichtelijk gemaakt. De locatie waar de nieuwe bebouwing is gepland ligt op ongeveer 20 kilometer nabij Natura 2000-gebieden ‘Vlijmense Ven, Moerputten en Bossche Broek’ en ‘Kampina en Oisterwijkse

74

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Vennen’. In onderstaande figuur is de ligging van het plangebied ten opzichte van de Natura 2000gebieden weergegeven. Het rappoort, d.d. 1 december 2022, kenmerk 190310, inclusief de bijlagen, is integraal toegevoegd als bijlage van deze toelichting.

Het betreft de volgende dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden met de bijbehorende afstanden tot de ontwikkellocatie: - Rijntakken circa 16 kilometer - Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek circa 17 kilometer - Kampina & Oisterwijkse Vennen circa 23 kilometer Het projectgebied betreft een momenteel onbebouwd perceel dat gebruikt wordt als grasland voor beweiding. In het kader van een worst-case scenario wordt in het navolgende onderzoek aangenomen dat er in de huidige situatie geen relevante stikstofemissie naar de lucht plaatsvindt. Onderzoeksgegevens Aanlegfase Het plan voorziet in de realisatie van één woning. De start van de aanlegfase zal in 2023 plaatsvinden. Daarom is in dit onderzoek uitgegaan van rekenjaar 2023. Ten behoeve van de aanlegfase voor het plangebied vinden een aantal relevante stikstofemissies naar de lucht plaats. Deze stikstofemissies worden veroorzaakt door mobiele werktuigen en bouwverkeer ten behoeve van het project en worden in onderstaande paragrafen beschreven. In bijlage 1 bij de bij deze toelichting gevoegde rapportage is de Aerius export van de aanlegfase bijgevoegd. 75

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Mobiele werktuigen Voor de aanleg zal gebruik worden gemaakt van mobiele werktuigen. Door de aannemer is een overzicht gemaakt van de te gebruiken machines, inclusief gebruikstijden. De bouwfase duurt circa 26 weken. Onderstaande tabel geeft een overzicht van het groot materieel en het te verwachten dieselverbruik in deze periode.

Bouwverkeer Ten behoeve van de aan- en afvoer van bouwmaterialen en het personeel ter plaatse vindt van en naar de ontwikkellocatie werkverkeer plaats. Gemiddeld per jaar komen er 2 busjes (lichtverkeer) en 1 vrachtwagen per dag naar het plangebied, dat zijn respectievelijk circa 4 en 2 bewegingen. Het bouwverkeer is gemodelleerd vanuit de ontwikkellocatie tot aan het kruispunt Hofsteeg/Donzel. Hierna is het aan- en afrijdende verkeer door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet dan wel niet meer te onderscheiden van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt en derhalve opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Toekomstige situatie, gebruiksfase Het plan voorziet in de realisatie van één woning. De voor stikstofdepositie relevante bronnen voor dit plan in de gebruiksfase betreffen de stookinstallaties van de te realiseren nieuwbouw en de aantrekkende verkeersbewegingen ten gevolge van het plan. Deze worden in onderstaande paragrafen beschreven. In bijlage 2 van de bij deze toelichting gevoegde rapportage is de Aerius export van de gebruiksfase bijgevoegd. De nieuwbouw is op zijn vroegst in 2023 gereed. Daarom is in dit onderzoek uitgegaan van rekenjaar 2023 voor de gebruiksfase. Stookinstallaties De nieuwbouw krijgt geen aansluiting op het gastransportnet (Wet voortgang energietransitie, 01-072018) en is haardloos verwarmd.

Er vindt derhalve geen stikstofdepositie naar de lucht plaats ten gevolge van stikstof emitterende stookinstallaties. De stikstofdepositie voor de gebruiksfase betreft voor dit plan enkel de stikstofdepositie door de verkeersgeneratie. Verkeer Aan de hand van CROW, ASVV 2021, d.d. oktober 2021, is de verkeersgeneratie bepaald. Op basis van de omgevingsadressendichtheid (CBS, 2020) wordt de stedelijkheidsgraad van een gemeente vastgesteld. De gemeente Bernheze wordt geclassificeerd als ‘weinig stedelijk’. Onderhavige locatie wordt beschouwd als ‘buitengebied’. Onderstaande tabel geeft de verkeersgeneratie weer van de beoogde nieuwbouw waarbij het getal naar boven is afgerond. Zo wordt de worst-case situatie berekend.

76

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Bovenop de hierboven beschreven verkeersgeneratie wordt gerekend met een aantrekkende werking voor middelzwaar vrachtverkeer van 1% van de totale verkeersgeneratie. In dit geval betreft dit, naar boven afgerond, gemiddeld per jaar 1 middelzware vrachtverkeerbeweging per etmaal. Het verkeer is gemodelleerd vanaf de nieuwbouw tot aan het kruispunt Hofsteeg/ Donzel. Hierna is het aan- en afrijdende verkeer door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet dan wel niet meer te onderscheiden van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt en derhalve opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Onderzoeksresultaten Aanlegfase Onderstaande figuur geeft een uitsnede van de Aerius-berekening van de aanlegfase weer.

Uit de uitgevoerde berekeningen van de aanlegfase blijkt dat er geen resultaten zijn voor de projectberekening en situatieberekening onder het Wnb registratieset. Daarmee kunnen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten. Gebruiksfase Onderstaande figuur geeft een uitsnede van de Aerius-berekening van de gebruiksfase weer.

77

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Uit de uitgevoerde berekeningen van de gebruiksfase blijkt dat er geen resultaten zijn voor de projectberekening en situatieberekening onder het Wnb registratieset. Daarmee kunnen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten. CONCLUSIE Geconcludeerd wordt dat zowel voor de aanlegfase als voor de gebruiksfase blijkt dat de nu gehanteerde grenswaarde van de stikstofdepositie van 0,00 mol/ha/j niet wordt overschreden. Er zijn geen belemmeringen voor het aspect stikstof voor zowel de aanlegfase als de gebruiksfase. Er is geen vergunning ten behoeve van de Wet natuurbescherming nodig.

5.14 M.e.r.-beoordeling Toetsingskader Behalve aan de uitvoeringsaspecten bedoeld in de Awb en het Bro dient ook te worden getoetst aan het Besluit m.e.r. Per 1 april 2011 is het Besluit m.e.r. gewijzigd. De belangrijkste aanleidingen hiervoor zijn de modernisering van de m.e.r wetgeving in 2010 en de uitspraak van het Europese Hof van 15 oktober 2009. (HvJ EG 15 oktober 2009, zaak C-255/08 – Commissie vs. Nederland). Uit deze uitspraak volgt dat de omvang van een project niet het enige criterium mag zijn om wel of geen m.e.r.-(beoordeling) uit te voeren. Ook als een project onder de drempelwaarde uit lijst C en D zit, kan een project belangrijke nadelige gevolgen hebben, als het bijvoorbeeld in of nabij een kwetsbaar natuurgebied ligt. Gemeenten en provincies moeten daarom per 1 april van 2011 ook bij kleine bouwprojecten beoordelen of een m.e.r.-beoordeling nodig is.

78

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Achterliggende gedachte hierbij is dat ook kleine projecten het milieu relatief zwaar kunnen belasten en ook bij kleine projecten van geval tot geval moet worden beoordeeld of een m.e.r. nodig is. Een m.e.r.-beoordeling is een toets van het bevoegd gezag om te beoordelen of bij een project belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. Wanneer uit de toets blijkt dat er belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden moet er een m.e.r.-procedure worden doorlopen. Met andere woorden dan is het opstellen van een m.e.r. nodig. Beoordeling noodzakelijkheid m.e.r.-beoordeling Met het plan wordt één nieuwbouwwoning mogelijk gemaakt. Het realiseren van een woning valt onder onderdeel D (Stedelijke ontwikkeling, categorie D.11.2) van de bijlage bij het Besluit m.e.r. Aangezien het gaat om het realiseren van slechts 1 woning, wordt dit niet gezien als een stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit m.e.r. Een aanmeldnotitie is derhalve niet noodzakelijk. Naast een beoordeling conform het Besluit m.e.r. dient de EEG-richtlijn in acht te worden genomen. Het plan ligt niet in of nabij een gevoelig gebied. Een belangrijk nadelig milieugevolg kan gezien de kenmerken, de situering van het plan en de in de notitie opgenomen milieueffecten, worden uitgesloten. Geconcludeerd wordt dat een m.e.r.-beoordeling voor het plan niet aan de orde is.

CONCLUSIE Zoals beschreven in de voorafgaande alinea’s zijn er geen 'belangrijke nadelige milieugevolgen’ te verwachten en daarom is het niet noodzakelijk een m.e.r.-beoordeling uit te voeren.

79

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

HOOFDSTUK 6 JURIDISCHE PLANBESCHRIJVING 6.1 Inleiding Een bestemmingsplan is een zogenaamd bindend plan. Dat wil zeggen dat het bindend is voor zowel de overheid als voor de burgers. Regels (voorschriften) en verbeelding (de plankaart) zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De toelichting is niet juridisch bindend, maar moet zoals de naam al zegt worden gezien als een nadere toelichting op de regels en de verbeelding. Bovendien geeft het inzicht in de afweging die tot het bepalen van de bestemmingen heeft geleid.

6.2 Toelichting verbeelding De verbeelding is getekend op een kadastrale ondergrond, schaal 1:1.000. Op de verbeelding is een aantal bestemmingen (Agrarisch met waarden – leefgebied dassen en Waarde-Archeologie 2) en aanduidingen (Bouwvlak en Specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte).

6.3 Toelichting regels De planregels zijn verdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 geeft de inleidende regels met daarin de begrippen en de wijze van meten. In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsplanregels weergegeven. In dit hoofdstuk worden de op de verbeelding opgenomen bestemmingen geregeld. In hoofdstuk 3 zijn algemene regels opgenomen waaronder de anti-dubbeltelbepaling en algemene regels voor afwijken bij omgevingsvergunning. In hoofdstuk 4 zijn de overgangsregels en is de slotregel opgenomen. Een bestemmingsartikel is als volgt opgebouwd: Bestemmingsomschrijving Bouwregels Nadere eisen Afwijking van de bouwregels Specifieke gebruiksregels Afwijking van de gebruiksregels Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Wijzigingsbevoegdheden

80

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

6.4 Toelichting bestemmingen 6.4.1 Agrarisch met waarde De voor “Agrarisch met waarden – Leefgebied dassen” aangewezen gronden zijn bestemd voor agrarisch grondgebruik. Burgerwoningen zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding “Specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte”. De woning die ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte” – binnen het bouwvlak - mag worden opgericht, moet als ‘vrijstaand’ worden opgericht. Deze woning mag een inhoud hebben van maximaal 1.000 m³. Bij de woning zijn bijgebouwen toegestaan met een oppervlakte van maximaal 100 m². Deze mogen ook uitsluitend binnen het bouwvlak, binnen de aanduiding “Specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte” worden opgericht.

6.4.2 Waarde-Archeologie 2 De voor “Waarde - Archeologie 2” bestemde gronden zijn mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden en gronden, met een hoge archeologische verwachtingswaarde.

81

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

HOOFDSTUK 7 UITVOERBAARHEID 7.1 Economische uitvoerbaarheid Onderhavig bestemmingsplan is opgesteld naar aanleiding van een verzoek van initiatiefnemers voor herontwikkeling van hun locatie in het kader van de regeling Ruimte voor Ruimte. De locatie voor dit individuele verzoek wordt in onderhavig bestemmingsplan her bestemd. De initiatiefnemers zijn zich ervan bewust dat alle kosten die gemaakt worden in of ten behoeve van de procedure en de uitvoering voor rekening van de initiatiefnemers komen. Dit betreft onder meer de kosten voor de benodigde onderzoeken, de kosten voor het opstellen het bestemmingsplan en de legeskosten die voldaan dienen te worden. De initiatiefnemers zullen voor vaststelling van onderhavig bestemmingsplan een anterieure overeenkomst met de gemeente Bernheze sluiten. Door de initiatiefnemers wordt tevens een planschadeverhaalsovereenkomst gesloten met de gemeente Bernheze waarin is bepaald dat de initiatiefnemer de eventuele kosten voor planschade voor zijn rekening neemt. CONCLUSIE Het plan is financieel uitvoerbaar.

7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Het bestemmingsplan zal de wettelijke procedure doorlopen en conform de wettelijke vereisten kenbaar worden gemaakt. Eventuele reacties en/of zienswijzen zullen worden beoordeeld en afgewogen. Op onderdelen kan in dat geval besloten worden het onderhavige bestemmingsplan te wijzigen. Omgevingsdialoog Initiatiefnemer heeft een omgevingsdialoog gevoerd. Bij omwonenden (zie onderstaande afbeelding) heeft initiatiefnemer een brief met toelichting op zijn initiatief en een afbeelding van het toekomstige bouwvlak afgegeven. De betreffende brief is als bijlage bij deze toelichting gevoegd.

82

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

Als reactie op de brief zijn wat aanvullende vragen gekomen, die initiatiefnemer heeft beantwoord. Ook heeft initiatiefnemer aangegeven met de omwonenden opnieuw in gesprek te zullen gaan op het moment dat er meer duidelijkheid bestaat over de status van het bestemmingsplan en het ontwerp van de woning en inrichting van de gronden. Insprekers hebben aangegeven dit te waarderen. In de eerste fase van deze omgevingsdialoog zijn er derhalve geen concrete bezwaren op het plan geuit.. De omgevingsdialoog heeft om die reden niet geleid tot aanpassing van de plannen. Nadat het ontwerpbestemmingsplan bij de gemeente was ingediend, werd wel duidelijk dat er omwonenden waren, die bezwaar hadden tegen deze ontwikkeling. In die fase is nog verschillende keren schriftelijk en fysiek overleg geweest. Dit heeft echter niet geleid tot een oplossing.

83

Bestemmingsplan Hofsteeg ong. (tegenover 3) Nistelrode Toelichting

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=80597c57-b9ba-407d-91e7-af91da8a4ca8