CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluit weigering VVGB door GS d.d. 15 juli 2025

Commissie Ruimte en Leefbaarheid 7 oktober 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Afgeven verklaring van geen bedenkingen Langenbergsestraat 7-9, Heeswijk-Dinther2.159 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Brabantlaan 1

Beschikking

Postbus 90151 5200 MC ’s-Hertogenbosch Telefoon (073) 681 28 12 Fax (073) 680 76 80 www.brabant.nl IBAN NL86INGB0674560043

Bereikbaarheid openbaar vervoer en fiets: www.brabant.nl/route

Onderwerp

Datum

Aanvraag VVGB geitenhouderij gemeente Bernheze

15 juli 2025 Ons kenmerk

C2359208

’s-Hertogenbosch, 15 juli 2025 Verzoek Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant hebben op 22 april 2022 van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bernheze een verzoek om een verklaring van geen bedenkingen (hierna: VVGB) ontvangen voor een aanvraag om een omgevingsvergunning. De aanvraag betreft het wijzigen/uitbreiden van de geitenhouderij aan de Langenbergsestraat 7-9 te Heeswijk-Dinther. Op 18 november 2022 heeft GS besloten dat er in dit geval geen sprake was van een uitzonderlijke situatie, en geweigerd een VVGB af te geven. In haar uitspraak van 24 oktober 2024 oordeelde de rechtbank Oost-Brabant dat in het besluit het algemeen belang van de volksgezondheid niet op een deugdelijke manier is afgewogen tegen het belang van de geitenhouderij bij het wijzigen van de inrichting en het belang van dierenwelzijn. De rechtbank draagt het college van B&W van de gemeente Bernheze daarom op om een nieuw besluit op de aanvraag te nemen. GS dient eveneens opnieuw te beslissen op de aanvraag om een verklaring van geen bedenkingen. Toetsingskader

Gelet op artikel 4.3, onder a, van de Invoeringswet Omgevingswet blijft het oude recht op de aanvraag van toepassing, omdat de aanvraag voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet is ingediend. Dat betekent dat de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna: IOV) op de aanvraag om een VVGB van toepassing blijft. In artikel 2.71 van de IOV zijn rechtstreeks werkende regels opgenomen, inhoudende een verbod opgenomen voor het uitbreiden van de oppervlakte dierenverblijf voor geiten. Voor uitzonderlijke gevallen is in artikel 2.71 lid 3 en 4 een afwijkingsmogelijkheid van het verbod opgenomen. Voor deze regels geldt dat afwijking slechts mogelijk is als dit in de regeling zelf is bepaald

Datum

15 juli 2025 Ons kenmerk

C2359208

(artikel 2.12, lid 1 onder c Wabo) en als Gedeputeerde Staten daarvoor een verklaring van geen bedenkingen hebben verleend (artikel 6.6 Bor). Voor de beoordeling van de omgevingsvergunningsaanvraag dient naast de vereiste VVGB eveneens voldaan te worden aan overige bepalingen van de IOV. Ontvankelijkheid Ten aanzien van de aspecten van het verzoek (toename oppervlakte voor geiten in verband met dierenwelzijn) om een VVGB af te geven hebben wij beoordeeld of de aanvraag volledig is en voldoende gegevens bevat. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie/gegevens bevat voor een goede beoordeling van die aspecten waarvoor een VVGB is vereist. Documenten bij de aanvraag vvgb d.d. 21 april 2022 (bij de gemeente Bernheze geregistreerd onder nr. 790840/1461684): ▪ Aanvraag omgevingsvergunning ingediend door L.A.A.

van der Heijden, en ontvangen door de gemeente Bernheze op: 28 december 2015, OLO nummer 2122515 ▪ De aanvraag omgevingsvergunning is aangevuld op: o 25-01-2016 BZV-toets, o 06-04-2016 gewijzigde milieu- en bouwtekening, o 07-04-2106 omgevingsdialoog, o 26-04-2016 bepaling vuurlast, o 29-09-2016 brandwerende info, • bouwtekeningen, • gewijzigde bijlage 1 en 2 en ventilatie info, o 27-06-2017 gewijzigde bijlage 1, o 12-09-2017 gewijzigde milieu- en bouwtekening, o 01-03-2018 plattegrond tekening milieu o 18-06-2018 wijziging aanvraag bijlage 1 en 2 • dierenwelzijn, • aerius berekeningen, • gewijzigde milieu en bouw tekeningen, • gezondheidstoets o 21-09-2021 besluit MER beoordeling o 09-03-2022 milieutekening, o 09-03-2022 wijziging aanvraag voor • dierenwelzijn, • gewijzigde bijlage 2, o 21-07-2022 wijziging aanvraag • Milieutekening • Aan en afvoerbewegingen motorvoertuigen • Diverse aerius berekeningen en onderbouwing randeffect 25 km • Bijlage 2

2/7

Datum

15 juli 2025 Ons kenmerk

C2359208

Planbeschrijving Het initiatief behelst de bouw van een dierenverblijf voor geiten met een omvang van 1758 m², ten behoeve van dierenwelzijn, passend binnen het bestaande bouwperceel. Op de gronden ligt een agrarische functie. Het bouwperceel heeft een omvang ca 1.57 ha. Het bouwperceel ligt ca. 770 m ten westen van Vorstenbosch. Aspecten waarop de VVGB is beoordeeld Artikel 2.71, lid 1, IOV bevat voor geitenhouderijen een tijdelijk verbod op toename van de bestaande oppervlakte dierenverblijf voor geiten. Een afwijking van dit verbod is in uitzonderingsgevallen mogelijk als wordt voldaan aan de voorwaarden opgenomen in artikel 2.71, lid 4 IOV: 1. tenzij de uitbreiding is ingegeven vanuit een dierenwelzijnsconcept en 2. onder de voorwaarde dat er geen sprake is van toename van het aantal geiten dat op het bedrijf aanwezig mag zijn op grond van de huidige omgevingsvergunning. Bij toepassing van deze afwijking is een verklaring van geen bedenkingen nodig van het college van Gedeputeerde Staten. Wij hebben de aanvraag om de VVGB beoordeeld op basis van artikel 2.71, lid 4 van de IOV en de aspecten zoals genoemd in de provinciale gedragslijn “moratorium geitenhouderij en Verordening ruimte”.

Geitenmoratorium uit voorzorg Uit eerdere VGO-onderzoeken (Veehouderij en gezondheid omwonenden) blijkt een verhoogde kans op longontsteking voor mensen die binnen 2 kilometer rondom een geitenhouderij wonen. Dit heeft geleid tot het uit voorzorg opnemen van een tijdelijk verbod voor een toename van de oppervlakte dierenverblijf voor geiten in de IOV. Belangrijke achterliggende reden voor het opnemen van het moratorium is dat de oorzaak van de verhoogde kans op longontsteking onbekend is zodat ook geen maatregelen kunnen worden voorgeschreven die de risico’s voor de volksgezondheid kunnen beperken. Ook is het onbekend welke veranderingen op een bedrijf het gezondheidsrisico vergroten (bijvoorbeeld de toename van het aantal geiten, meer oppervlakte per melkgeit, het al dan niet houden van geiten op een strobed). Wel komt er uit nieuwe onderzoeken van de Gezondheidsraad dat het verband tussen wonen in de nabijheid van geitenhouderijen en longontstekingen waarschijnlijk oorzakelijk is. Daarom wil de provincie, vanuit het voorzorgprincipe voorkomen dat nieuwe dierenverblijven voor geiten worden gebouwd. In februari 2025 heeft het RIVM het VGO-III onderzoek gepubliceerd. De oorzaak van het verhoogde risico op longontstekingen kon in dit onderzoek niet worden aangegeven. Variabelen zoals fijn stof, endotoxinen en de Qkoorts bacterie zijn als oorzaak uitgesloten.

We kunnen dus niet aangeven of

3/7

Datum

15 juli 2025 Ons kenmerk

C2359208

maatregelen die op het bedrijf getroffen worden een verbetering dan wel een verslechtering voor de volksgezondheidrisico vormen. Op grond van artikel 2.71, vierde lid IOV heeft het college van GS een discretionaire bevoegdheid voor het al dan niet verlenen van een VVGB. Om deze bevoegdheid te gebruiken moet sprake zijn van een uitzonderlijk belang. In de nieuwe situatie moet verder per melkgeit minimaal een oppervlakte van 1,3 m² beschikbaar zijn naast andere aspecten om te komen tot een goed dierenwelzijnsconcept. Gelet op de eerdergenoemde onzekerheden zijn wij zeer terughoudend ten aanzien van het veranderen van bedrijfssituaties van geitenhouderijen. De bescherming van de volksgezondheid is een zwaarwegend maatschappelijk belang dat wij ook in procedures hebben aangevoerd en waarvan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 4 november 2020 ECLI:NL:RVS:2020:2619 ons in het gelijk heeft gesteld. Daarnaast willen wij met het moratorium voorkomen dat er nu stallen worden gebouwd of ontwikkelingen plaatsvinden waarvan straks blijkt dat die een oorzakelijk verband hebben met de optredende luchtwegaandoeningen. Zolang niet bekend is wat de oorzaak is én welke maatregelen getroffen kunnen worden om de risico’s te verminderen vinden wij dat de uitbreiding van dierenverblijven in beginsel onwenselijk is, ook niet als er sprake is van een gelijkblijvend aantal dieren.

Voorwaarden voor toepassen uitzondering dierenwelzijn De aanvraag van de gemeente Bernheze om een VVGB is beoordeeld op basis van artikel 2.71, lid 4 van de IOV en de aspecten zoals genoemd in de provinciale gedragslijn geitenmoratorium. In de gedragslijn “moratorium geitenhouderij en Verordening ruimte” en de nadere uitleg daarvan hebben wij aangegeven dat wanneer een gemeente een verandering op een geitenhouderij wenselijk en verdedigbaar acht en daarvoor een verzoek om een VVGB bij de provincie indient, de gemeente dit VVGBverzoek zeer zorgvuldig moet onderbouwen. Dierenwelzijnsconcept In het VVGB-verzoek is aangegeven dat de initiatiefnemer het dierenwelzijnsconcept Maatlat Duurzame Veehouderij van de Stichting Milieu Keur (SMK) wil volgen. Er wordt aangegeven welke aanpassingen in de stal getroffen gaan worden. De gemeente geeft daarbij aan waarom de voorgestelde nieuwe bedrijfsopzet kan worden beschouwd als een goed ‘dierenwelzijnsconcept’, zoals dat gevraagd wordt in de gedragslijn. Uit de nadere onderbouwing blijkt wat de initiatiefnemer precies verstaat onder het dierenwelzijnsconcept. 1. Het aantal geiten niet toeneemt;

4/7

Datum

15 juli 2025 Ons kenmerk

C2359208

2. De oppervlakte dierenverblijf per dier minimaal 2,2 m² is; 3. Het aantal punten van de dierenwelzijnsmaatlat (maatlat duurzame veehouderij) 56 punten is ten opzichte van de benodigde 40 en hiermee bovengemiddeld scoort. 4. Er extra techniek wordt toegepast om fijn stof- en ammoniakemissie te verminderen te weten: a. Dakisolatie b. Frequent instrooien stro (automatisch) c. Overdekte mestopslag buiten de stal d. Mechanisch geventileerde stal e. Verplaatsen dichtstbijzijnde emissie punt f. Ionisatiesysteem met coronadraden Het plan overstijgt ruimschoots de kaders van bestaande regelgeving en sectorale normen. Er worden extra, wetenschappelijk onderbouwde maatregelen getroffen die het dierenwelzijn aantoonbaar verbeteren. Daarnaast wordt actief toegewerkt naar een SKAL-certificering, waarmee de hoogste standaarden voor biologische productie worden nagestreefd. De Raad voor Dierenaangelegenheden heeft zes leidende principes geformuleerd die richting geven aan een dierwaardige veehouderij. Op basis van deze principes is het uitbreidingsplan als volgt door ons beoordeeld: • Intrinsieke waarde van het dier – De uitbreiding is niet gericht op productie, maar puur op het verbeteren van het welzijn van de dieren. De familie investeert vrijwillig in meer ruimte en comfort, zonder toename van het aantal dieren. Onthoornen en omgang met geitenbokjes zijn opgenomen in SKAL-certificering.

• Goede voeding – Er is continue toegang tot ruwvoer via een automatisch voersysteem, ruime vreetplaatsen (0,43 m per geit), en aandacht voor mineralenbenutting. Voeding is afgestemd op behoefte en toegankelijkheid is geborgd. • Goede leefomgeving – Geiten krijgen 2,2 m² ingestrooide ruimte per dier dat ver boven de norm ligt, automatische stroverstrekking, daglichttoetreding (20%), ventilatie, hittestressmaatregelen, en een aparte ziekenruimte. Er is veel aandacht voor comfort, klimaat en rust. • Gezondheid – Er is een hygiënesluis, ongediertebestrijding, gescheiden opfok, spoelplaats, ventilatie, en een managementsysteem voor monitoring. De diergezondheidsmaatlat wordt ruim gehaald. • Natuurlijk gedrag – Hoewel klimmogelijkheden ontbreken, zijn borstels aanwezig (>1 per 100 geiten) en is er veel ruimte voor beweging. De keuze om geen klimmogelijkheden aan te bieden is onderbouwd vanuit veiligheidsoverwegingen. • Positieve emotionele toestand - De ruime, rustige en schone omgeving, met toegang tot voer, stro en borstels, draagt bij aan comfort en welzijn. Het plan bevat geen maatregelen die gericht zijn op het

5/7

Datum

15 juli 2025 Ons kenmerk

C2359208

bevorderen van positieve ervaringen bij de dieren, zoals nieuwsgierigheid, spel of sociale interactie. Het ingediende welzijnsconcept laat zien dat het bedrijf bewust en aantoonbaar verder gaat dan de minimale eisen. Conclusie De uitbreiding is bedoeld om de leefruimte per dier aanzienlijk te vergroten, zonder toename van het aantal dieren. De voorgestelde maatregelen gaan aantoonbaar verder dan de geldende minimumeisen en zijn gericht op het structureel verbeteren van het welzijn van de dieren. Deze maatregelen sluiten aan bij de zes leidende principes van dierwaardige veehouderij, zoals geformuleerd door de Raad voor Dierenaangelegenheden. Daarmee is sprake van een ontwikkeling die niet alleen bijdraagt aan het welzijn van de dieren, maar ook past binnen de maatschappelijke wens tot verduurzaming van de veehouderij. Het is echter onzeker dat, op basis van deze aanvraag, het risico op longontsteking afneemt of niet zelfs toeneemt. Dit komt doordat de VGO-III onderzoeksresultaten geen duidelijk oorzaak aantonen en het is dus onzeker dat stalaanpassing de frequentie van longontstekingen in de nabijheid van 2km doet afnemen. Wel is er nog steeds een verband gevonden tussen het wonen nabij een geitenhouderij en longontstekingen. De Gezondheidsraad in haar advies d.d. 3 juli 2025 geconcludeerd dat er waarschijnlijk sprake is van een oorzakelijk verband.

De onzekerheid over de gevolgen voor de gezondheid en uitbreiden van stal oppervlak spelen bij de afweging voor een uitzonderlijk belang zwaar mee. Met het moratorium willen wij voorkomen dat er nu stallen worden gebouwd of ontwikkelingen plaatsvinden waarvan straks blijkt dat die een oorzakelijk verband hebben met de optredende luchtwegaandoeningen. Zolang niet bekend is wat precies de oorzaak is én welke maatregelen getroffen kunnen worden om de risico’s te verminderen vinden wij dat de uitbreiding van dierenverblijven onwenselijk is, ook niet als er sprake is van een gelijkblijvend aantal dieren.

Beslissing Gelet op de bepalingen van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, het Besluit omgevingsrecht en de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant, besluiten wij: I.

De door de gemeente Bernheze aangevraagde verklaring van geen bedenking voor de bouw van een nieuwe stal bij de geitenhouderij aan de Langenbergsestraat 7 – 9 te Heeswijk-Dinther, waardoor er ter

6/7

Datum

15 juli 2025 Ons kenmerk

C2359208

plekke een toename van het bestaande oppervlakte dierverblijf voor geiten is, te weigeren.

’s-Hertogenbosch, 15 juli 2025.

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, de voorzitter,

de secretaris,

mr. I.R. Adema

drs. G.H.E. Derks MPA

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=5efff100-9ea1-4ace-883f-11611ca6c24d