Beantwoording vragen over Kadernota 2022 RBL BNO.docx
Tekst van het document
Beantwoording vragen agendapunt 16 Kadernota RBL/BNO Vraag van Politieke Partij Blanco. 1. Er is een toename van het aantal voortijdig schoolverlaters. RBL geeft aan eerder op huisbezoek te willen gaan en werkgevers beter te willen betrekken. Maar het RBL duidt dit aan als risico. De fractie begrijpt deze risico’s niet goed. Er vinden toch nu ook al huisbezoeken plaats en werkgevers worden betrokken. De vraag is hoe dit zit? Antwoord De term risico is gekozen omdat het aantal voortijdig schoolverlaters de laatste jaren toeneemt ondanks alle inspanningen. Het RBL BNO blijft zoeken naar nieuwe manieren om met de jongeren in contact te komen en te blijven. De genoemde pilots zijn zeker geen risico. Beide pilots die genoemd worden zijn nieuw en aanvullend op wat het RBL BNO al doet. En ook zonder de pilots blijft het RBL BNO zich inspannen om in contact te komen en te blijven met de VSV’ers. Afleggen huisbezoeken: Het RBL BNO benadert alle jongeren tussen 18 en 23 jaar die zonder startkwalificatie school hebben verlaten om in contact te komen en te blijven. Bij de pilot huisbezoeken wordt de stap om op huisbezoek te gaan eerder in het proces gezet. Vanwege corona wordt het huisbezoek nu niet afgelegd ter bescherming van de jongere en de medewerker. Als het noodzakelijk is, kan natuurlijk een deurbezoek afgelegd worden.
De trajectbegeleider blijft dan buiten bij de deur en gaat niet naar binnen. Ook zonder deze pilot blijft de trajectbegeleider op verschillende manieren contact leggen met de jongere. Het RBL BNO stemt af met de afdelingen werk en Inkomen van de gemeenten en maakt onderdeel uit van de structuur van Brabant Noordoost Werkt. Het benaderen van werkgevers is echter niet belegd bij het RBL BNO, maar belegd bij de gemeenten Werk en inkomen, bij het Werkgeversservicepunt en wordt regionaal afgestemd in het arbeidsmarktoverleg en Brabant Noordoost Werkt. De taak van het RBL BNO is naast de leer- en kwalificatieplicht gericht op het monitoren en volgen van jongeren in een kwetsbare positie en alle voortijdig schoolverlaters benaderen. Er wordt wel nauw samengewerkt met de werk consulenten van de gemeenten. Indien terug naar school gaan geen optie is wordt warm overgedragen en wordt direct gekeken of de stap naar werk gemaakt kan worden of dat er eerst nog een voortraject nodig is. Vragen van Lokaal 1. Absoluut verzuim: Kinderen/jongeren die niet staan ingeschreven op een onderwijsinstelling, terwijl deze kinderen/jongeren wel leerplichtig zijn. Veelal administratieve vergissingen. Het is opvallend dat in Bernheze, ten opzichte van andere gemeenten, de groei veruit het grootst is.
Is het mogelijk dat RBLBNO een actievere rol kan spelen in samenwerking met betrokkenen in het zorgdragen voor een betere administratieve afhandeling om daardoor volgend jaar een beter beeld te krijgen van werkelijk absoluut verzuim Antwoord Het jaarverslag rapporteert aan de gemeenten welke werkzaamheden het RBL BNO verricht. Daardoor ziet de gemeente alle werkprocessen die te maken hebben met absoluut verzuim. Dit maakt dat het RBL BNO niet alleen een goed beeld heeft van het werkelijke absoluut verzuim maar ook van kinderen die wel naar school gaan maar door een administratieve oorzaak geen schoolinschrijving hebben. Om de thuiszittende kinderen zo snel mogelijk te vinden, is het noodzakelijk dat het RBL BNO elke melding snel en proactief oppakt. Vaak blijkt dat administratieve oorzaken ten grondslag liggen aan het absoluut verzuim en er gelukkig geen sprake is van een thuiszittende leerling. Wanneer er wel sprake is van een thuiszittend kind is er geen tijd te verliezen en wordt er direct actie ondernomen. De toename van het aantal meldingen absoluut verzuim is inderdaad in de gemeente Bernheze het grootst. Procentueel gezien is echter bij minder dan 1% van de 4492 leer- en kwalificatieplichtigen in de gemeente Bernheze sprake van een melding absoluut verzuim. Bij 20 meldingen ging het niet om een thuiszittende leerling maar om een administratieve oorzaak.
Het kan zijn dat bijv. een
schoolinschrijving niet goed is doorgegeven aan DUO of dat DUO het niet goed heeft doorgegeven aan het RBL BNO. Het werkelijk absoluut verzuim is goed in beeld: 10 keer was in 2019/2020 sprake van een kind dat niet naar school ging in afwachting van een passende onderwijsplek. In 6 gevallen was de jongere net in Nederland komen wonen. U vraagt om een zo zuiver mogelijk beeld te krijgen van het werkelijke absoluut verzuim. Dat beeld is er, maar het jaarverslag laat óók het absolute verzuim zien waarbij geen sprake is van een thuiszittend kind, omdat gerapporteerd wordt over de werkzaamheden van het RBL BNO. Het aantal absoluut verzuimmeldingen met een administratieve oorzaak is de laatste jaren al teruggebracht. Zo is er inmiddels een automatische koppeling met het GBA van alle gemeenten behorend bij het RBL BNO. Daarnaast neemt het RBL BNO bij elke melding contact op met school, DUO, de afdeling burgerzaken of de ouders om de oorzaak te onderzoeken en op te lossen. 2. Verder wordt er gesproken van de implementatie van een protocol ziekteverzuim (dit in hoofdstuk thuiszitters) door GGD uitgerold binnen PO wat al door instellingen voortgezet onderwijs wordt gebruikt.
Wat ik graag zou willen weten: Is er al zicht op stavaza van de invoering danwel implementatie van dit protocol ziekteverzuim? En hoe is in deze ingewikkelde periode daar aandacht voor ofwel is routing van implementatie haalbaar? Wanneer moet deze implementatie zijn afgerond in ingebed in organisaties? En zijn PO-besturen betrokken bij de ontwikkeling van dit beleid, met andere woorden, is het beleid ook voldoende toepasbaar bij PO-scholen omdat er wezenlijk een verschil is tussen PO en VO. Vraag is niet voor RBL BNO en is uitgezet bij de GGB Hart voor Brabant. Het antwoord is nog niet binnen.