CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen begroting 2025-2028_17 okt 2024

Raadsvergadering 7 november 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Programmabegroting 2025 - 20288.459 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen Begroting 2025 - 2028 Programma: Leefbare kernen Blz. Vergroting areaal i.r.t. toename kosten Vraag 1 - Lokaal: Het areaal (o.a. nieuwe woningen) wordt groter terwijl de kosten niet toenemen, graag uitleg / onderbouwing in deze. Antwoord: Jaarlijks worden alle areaalwijzigingen in de bestekken doorgerekend. Naast uitbreiding door nieuwbouw, speelt hierbij ook vergroening en omvorming naar andere beheergroepen een rol. Alle plussen en minnen worden tegen elkaar weggestreept en de verschillen bij de tussentijdse rapportages op de juiste taakvelden verwerkt . Blz. 8 Actualisatie nota grondbeleid Vraag 2 - CDA: 5 miljoen grondnota, waar wordt dit uit gedekt? Is dit om strategische grondposities (snel) aan te kunnen kopen? Antwoord: Aankoop gronden betreft een balansmutatie of terwijl gronden worden geactiveerd op de balans. Op gronden vindt geen afschrijving plaats waardoor de exploitatie niet wordt belast. Aankoop vraagt dus uitsluitend liquide middelen. Met vaststelling van de begroting kan het college tot € 5 miljoen gronden aankopen en daardoor snel schakelen op strategische kansen en om te voorkomen dat andere partijen zich kunnen mengen in deze potentiële posities. Blz. 8 Afwegingskader projecten openbare ruimte Vraag 3 - Ons Bernheze: Er staan in de grafische afbeelding diverse wegen genoemd, met daarbij de kleur welke afweging geldt.

Echter in de volgende omschrijving komen niet alle genoemde wegen terug. Ook in het financiële plaatje (dat loopt t/m 2027) worden niet alle wegen genoemd. Vraag: Is het juist dat de niet genoemde wegen de komende jaren (nog) niet aan bod komen? Antwoord: De wegen met een lagere score worden inderdaad niet in de planperiode aangepakt. Blz. 9 Herinrichting Hommelsedijk Vraag 3a - CDA: Waarom is de gemeente maar voor 50% verantwoordelijk voor de herinrichtingskosten voor de Hommelsedijk? Antwoord: De overige 50% van de herinrichtingskosten voor het gedeelte van de Hommelsedijk tussen de Dieppoel en de Koffiestraat worden betaald door de projectontwikkelaar van het plan Nobisweg-Hommelsedijk. Blz. 12 Mobiliteit en infrastructuur – uitvoeren verkeersanalyse Heeswijk-Dinther en Heesch Vraag 4 - Lokaal: Op gebied van mobiliteit zijn er al verscheidenen onderzoeken gedaan maar lezen nu dat wederom extra onderzoek nodig is, graag uitleg wat deze extra onderzoeken ons gaan brengen aan inzichten zodat we aan de slag kunnen.

1

Antwoord: In Heeswijk-Dinther en Heesch zijn op planniveau diverse onderzoeken uitgevoerd. Daarnaast zijn er de nodige infrastructurele aanpassingen en ontwikkelingen voorzien en uitgevoerd. Met de uitvoering van een verkeersanalyse willen we net zoals in de kern Nistelrode een volledig en integraal beeld inzichtelijk krijgen. Blz. 12 Mobiliteit en infrastructuur – uitvoeren verkeersanalyse Heeswijk-Dinther en Heesch Vraag 5 – Progressief Bernheze: De afgelopen jaren zijn er veel verkeersanalyses uitgevoerd. Wat is het doel van deze analyses en wat gaan we doen met de resultaten? Aan welke afwegingen en/of besluiten moeten de resultaten gaan bijdragen? Voor welke besluiten zijn de uitkomsten van deze analyses voorwaardelijk? Antwoord: Zie antwoord 5. Het integrale beeld geeft ons inzicht en de handvaten om de kernen toekomstbestendig, veilig en leefbaar te houden of te maken. Blz.13/ 15 Bestrijden invasieve exoten Vraag 6 - CDA: Waarop is de € 40.000,- voor invasieve exoten bestrijding gebaseerd? Antwoord: Dit is een inschatting waarmee we verwachten de invasieve exoten op het huidige peil te kunnen houden (dus om uitbreiding te voorkomen). De gevolgen van bestrijding zullen we monitoren en op basis van de effecten van de bestrijding zullen we het benodigde budget bijstellen Blz.

12 Groen, natuur en landschap Vraag 7 - Lokaal: Op gebied van Groen, Natuur en Landschappen worden meerdere zaken tegelijk in gang gezet met weinig onderbouwing voor mogelijke keuzes, graag transparantie in beweegredenen. Antwoord: Het Groenstructuurplan, vastgesteld in de raadsvergadering van 14 december 2023, geeft de onderbouwing van deze keuzes. Blz. 12 Groen, natuur en landschap Vraag 8 – Progressief Bernheze: Uitvoeren vergroeningsplannen: waar zijn de extra kosten voor onderhoud ten gevolge van meer groen ondergebracht? Antwoord: Indien een bijstelling noodzakelijk is dan wordt deze via de tussentijdse rapportages en/of begroting aan u voorgelegd. Blz. 13/15 Ecologisch groenbeheer Vraag 9 - CDA: Waar zitten de meerkosten van het ecologisch maaien in? We gaan minder maaien maar het kost meer? Antwoord: Dit betreft ecologisch maaien van onze bermen in het buitengebied. We gaan hier niet minder frequent maaien. Ecologisch maaien vergt meer werkgangen omdat we het maaisel eerst enkele dagen laten liggen voordat het wordt opgeruimd. Dat geeft levende organismen de kans te overleven maar maakt het werk wel duurder. Blz. 13/15 Ecologisch maaien alle bermen - meerkosten

2

Vraag 10 - Ons Bernheze: Groenstructuurplan 2023, 9.3 Beheerplan stedelijk groen. Het beheerplan stedelijk groen richt zich op al het openbaar groen in de kernen. Het heeft tot doel om de huidige stedelijk groen in stand te houden en te ontwikkelen conform de richtlijnen in het Groenstructuurplan. Hoofduitgangspunten zijn: • Het onderhoudsniveau van alle gras- en plantvakken is ‘gewoon goed’. Dit is sober en doelmatig en te vergelijken met niveau B in de CROW-systematiek • Biodiversiteitsverhoging doorvoeren binnen de mogelijkheden van hun functievervulling Vraag (los van het feit dat er lopende contracten zijn): Wat zouden globaal de meerkosten zijn om het huidige onderhoudsniveau van alle gras- en plantvakken van ‘gewoon goed’ met één niveau ter verbeteren? Antwoord: Het is mogelijk om alle gras- en plantvakken intensiever te beheren op netheid waarmee we op een niveau A (CROW-norm) uitkomen. Zonder gedegen doorrekening kunnen we hier echter geen antwoord op geven. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is dat met een intensiever onderhoud het netheidsniveau toeneemt maar de kans bestaat dat de biodiversiteitswaarde van ons groen daarmee afneemt. Blz.

16/17 Verplaatsen bakhuis Vraag 11 - CDA: Welke alternatieven voor toilet en toegang mindervalide is er onderzocht? Is er gekeken naar het aanleggen van een pad en het afzetten van het ‘draaigebied’ van de molenwieken zodat op die manier de situatie veiliger wordt? Antwoord: Het aanleggen van een pad langs de molenbelt is bekeken als mogelijkheid om de toegankelijkheid van de toiletvoorziening voor mindervaliden te verbeteren. Dit is echter niet als een wenselijke oplossing gebleken. De schuine kant van de molenbelt loopt aan beide zijden tot aan de perceelsgrens. Het realiseren van een pad zou betekenen dat een aanzienlijk deel van de molenbelt moeten worden verwijderd en dat er met een keerwand gewerkt moeten worden etc. Dit is vanuit het oogpunt van de instandhouding van de molen niet wenselijk. Daarnaast is met deze oplossing voor mindervaliden het probleem van de veiligheid niet opgelost. Vanuit het bakhuisje is er geen toezicht op wie het perceel/ molenbelt betreedt als de molen aan het draaien is. Dit kan potentieel gevaarlijke situaties opleveren. Het plaatsen van hekken op de plek waar nu een heg staat als afrastering is niet mogelijk omdat de wieken dan tegen het hek aankomen tijdens het draaien.

Tevens wordt het zicht op de molen dermate belemmerd dat dit ten koste gaat van de beleving van dit cultuurhistorisch waardevolle object en de ruimtelijke kwaliteit van die plek. Het probleem van toezicht/veiligheid en toegankelijkheid voor mindervaliden kan alleen worden opgelost door het realiseren van een gebouwtje aan de straatzijde. Blz. 17 Verplaatsen bakhuis Vraag 12 - Lokaal: € 74.000,- met als argumenten: molenaars zijn zichtbaarder aanwezig en mensen met lichamelijke beperkingen kunnen ook van een toiletvoorziening gebruik maken. Wij gaan er van uit dat er een plan B aanwezig is zodat voor ons al raad een keuze kan worden gemaakt. Graag inzicht hierin.

3

Antwoord: In het zoeken naar oplossingen om het probleem met toezicht/veiligheid en toegankelijkheid van mindervaliden te verbeteren zijn meerdere oplossingen overwogen. Zoals een pad langs de molenbelt. Dit is echter niet als een wenselijke oplossing gebleken. De schuine kant van de molenbelt loop aan beide zijden tot aan de perceelsgrens. Het realiseren van een pad zou betekenen dat een aanzienlijk deel van de molenbelt moeten worden verwijderd en dat er met een keerwand gewerkt moeten worden etc. Dit is vanuit het oogpunt van de instandhouding van de molen niet wenselijk. Daarnaast is met deze oplossing voor mindervaliden het probleem van de veiligheid niet opgelost. Vanuit het bakhuisje is er geen toezicht op wie het perceel/ molenbelt betreedt als de molen aan het draaien is. Dit kan potentieel gevaarlijke situaties opleveren. Het plaatsen van hekken op de plek waar nu een heg staat als afrastering is niet mogelijk omdat de wieken dan tegen het hak aankomen tijdens het draaien. Tevens wordt het zicht op de molen dermate belemmerd dat dit ten koste gaat van de beleving van dit cultuurhistorisch waardevolle object en de ruimtelijke kwaliteit van die plek. Het probleem van toezicht/veiligheid en toegankelijkheid voor mindervaliden kan alleen worden opgelost door het realiseren van een gebouwtje aan de straatzijde. Er is dus geen plan B om de genoemde problemen op te lossen.

Blz. 17 Faciliteren ontwikkeling Abdij van Berne Vraag 13 - CDA: PM post Abdij, is hier meer duidelijkheid over te geven? Antwoord: We starten met het opstellen van de gebiedsvisie, in samenwerking met andere partijen. Dit wordt komende maanden verder uitgewerkt waarmee ook de consequenties in beeld worden gebracht. Blz. 18 Renovatie toplaag MHC HDL Vraag 14 - CDA: MHC HDL, hoe duurzaam is het om daar in 2027 aan de slag te gaan, kan ter verduidelijking niet beter worden opgenomen dat de post mogelijk wordt ingezet bij de aanleg van een nieuw sportpark? Antwoord: De sportbonden keuren periodiek de sportvelden van onze verenigingen, om te checken of de velden nog veilig zijn en goede speleigenschappen hebben. Als deze afgekeurd worden hebben we geen andere keus dan deze te vervangen. Er wordt conform uw verzoek inderdaad getracht dit zo efficiënt mogelijk te doen, en de relatie met het verplaatsingstraject en afstemming met de betreffende sportbond en vereniging zijn hierin voorwaardelijk Blz. 18 Renovatie toplaag MCH HDL Vraag 15 - Lokaal: Waarom voor dat jaar (2027) deze gelden opgenomen en ook nog voor een waterveld nota bene (€ 825.000,-) als er tegen die tijd centralisatie van het sportpark in HD plaatsvindt en de voorziene woningbouw aldaar in een uitvoerende fase terechtkomt.

Idem voor 2028 renovatie toplaag van het kwart zandveld bij MHC HDL Antwoord: Zie antwoord vraag 14. Blz. 18 Renovatie toplaag MCH HDL Vraag 16 – Progressief Bernheze: Renovatie toplaag MHC HDL (waterveld): Het bedrag dat is opgenomen is erg hoog. Hoe komt dit? Hoe is dit bedrag opgebouwd? Antwoord: De kosten zijn gebaseerd op de investering die gedaan is bij MHC Heesch. De kosten zijn hoger dan een regulier hockey waterveld door de duurzame gedachte van deze investering, inclusief waterterugwin-systeem. Bij de realisatie van het veld van MHC HDL zal afgewogen worden of en op welke wijze een dergelijk systeem gewenst is. Blz. 18 Vervanging 5 robotmaaiers in 2025 (Prinses Irene en Sportclub Loosbroek)

4

Vraag 17 - Lokaal: Voor 2025 wordt voorgesteld om 5 robotmaaiers te vervangen. Daar is een fors bedrag mee gemoeid. Onder aftrek van SPUK-sport een bedrag van ruim € 60.000,-. Zijn de huidige maaiers niet alleen volledig afgeschreven maar ook technisch niet meer in staat hun werk te doen? Antwoord: Van diverse maaiers is te merken dat ze tegen het eind van hun verwachte levensduur aanlopen, er ontstaan steeds meer mankementen. Daarnaast is de technische ontwikkeling afgelopen jaren hard gegaan, waardoor met nieuwe maaiers de belasting van vrijwilligers teruggebracht kan worden. Blz. 18 Heroverwegen beleidskader buitensportaccommodaties Vraag 18 - Lokaal: Heroverwegen van beleidskaders aangaande buitensportaccommodaties, wordt hier met name gerefereerd naar voetbalverenigingen maar kan breder zoals bv. de hockeyclubs waar grote investeringen voor de deur staan. Graag inzicht of we deze kaders over de gehele breedte gaan heroverwegen. Antwoord: Deze ambitie behelst de mogelijke overcapaciteit die aanwezig is bij buitensportaccommodaties. We betrekken deze op al onze buitensportverenigingen en niet op een specifieke sport. Blz. 19 Het Hooghuis te Heesch Vraag 19 - CDA: Waarom worden er niet nu al plannen gemaakt m.b.t.

de leegstand en pas na 1-8-2026 in de herijking meenemen in IHP? Antwoord: Er worden momenteel al plannen gemaakt voor het (gedeeltelijke) leegstandsbeheer van het schoolgebouw in de periode vanaf 1 september 2025. Het IHP is opgesteld in 2021. Op dat moment was nog niet bekend dat de Hooghuis locatie in Heesch zou gaan sluiten. Er is in het huidige IHP dus nog geen rekening gehouden met een nieuwe bestemming en inzet voor het betreffende schoolgebouw. In het nieuwe IHP, dat in 2025 wordt opgesteld, moet de bestemming en inzet van het schoolgebouw per 1 augustus 2026 (start van een nieuws schooljaar) duidelijk worden. Blz. 19 Renovatie/uitbreiding Eikenwijs te Heesch en Het Hooghuis te Heesch Vraag 20 - Lokaal: In hoeverre is de renovatie / uitbereiding Eikenwijs en het Hooghuis een mogelijke koppelkans? Antwoord: In het proces rondom planvorming voor de renovatie/uitbreiding van het Eikenwijs worden de mogelijkheden die zich in de directe omgeving voor doen onderzocht. Het schoolgebouw aan de Schoonstraat in Heesch is zeker onderdeel van dit onderzoek. Blz. 21/22 Omgevingswet Vraag 21 - CDA: Omgevingswet gaat komende 3 jaar nog minimaal € 757.500,- kosten. Is er al zicht op compensatie vanuit het Rijk?

5

Antwoord: Ter compensatie van de invoeringskosten/transitie hebben we de volgende incidentele middelen ontvangen: - Septembercirculaire 2022: € 329.743,- Decembercirculaire 2023: € 227.250,- Meicirculaire 2024: € 156.837,In de meicirculaire 2024 is toegelicht dat er volgt nog een stelselevaluatie volgt, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten in kaart worden gebracht. Op de aanvullende post bij het ministerie van Financiën staat nog een reservering van in totaal ruim € 80 miljoen (Bernheze: ± € 160.000,-) in 2025 voor gemeenten. Deze middelen zullen naar verwachting in een volgende circulaire worden toegevoegd aan het gemeentefonds. In de septembercirculaire 2024 is hierover nog niet gecommuniceerd. Blz. 21/22 Omgevingswet Vraag 22 - Lokaal: Er wordt extern personeel opgenomen voor de uitvoering/vormgeving van het omgevingsplan terwijl hiervoor extra formatie plaatsen zijn gecreëerd in afgelopen jaren, graag uitleg waarom deze insteek wederom wordt gekozen. Antwoord: In de afgelopen jaren heeft er geen structurele uitbreiding van de formatie plaatsgevonden voor de uitvoering/vormgeving van het omgevingsplan. We hebben uitsluitend ingezet op incidentele externe inhuur omdat dit de implementatiefase betreft. Het is nog niet bekend wat dit aan structurele formatie gaat vragen. Blz.

22/23 Tabel Wat mag het kosten – lasten en baten 2023-2-25 taakveld 5.4 en 5.5 Vraag 23 - Ons Bernheze: 1. Een overzicht van de baten en lasten met betrekking tot gemeentelijke musea en andere culturele instellingen. 2. Een overzicht van de gemeentelijke kosten voor onderhoud, restauratie en instandhouding van cultureel erfgoed (bijvoorbeeld monumenten). 3. De hoogte van subsidies aan musea en erfgoedinstellingen, evenals bijdragen vanuit andere overheidsinstanties of private partijen.

6

Antwoord:

Programma: Gezonde zorgzame gemeente Blz. 27/28 Huisvesting statushouders, asielzoekers en Oekraïners Vraag 24 - VVD: Er worden in Bernheze diverse mensen opgevangen. Er zijn nu diverse benamingen: vluchtelingen, veilige-landers, AMV’ers, statushouders, ontheemden, asielzoekers en vergunningshouders. Tevens zijn er nog een groot aantal arbeidsmigranten gevestigd. Graag ontvangen wij een gespecificeerd overzicht van alle aantallen (en nog te verwachten aantallen), de kosten en baten (bv ozb, toeristenbelasting, rijksbijdrage) van 2023, 2024 en een prognose over 2025. Antwoord: Het is complex om alle aantallen in beeld te brengen omdat hiervoor geen eenduidig registratiesysteem beschikbaar is. Daarnaast zijn de effecten op toeristenbelasting, etc. niet te berekenen. Het betreft dus een complexe vraag die niet eenvoudig te beantwoorden is en waarvoor op dit moment niet de capaciteit beschikbaar is om dit in beeld te brengen. Blz. 29 Uitbreiding uitvoering vluchtelingenwerk Vraag 25 - Lokaal: Op pag. 29 van de begroting wordt voor de uitvoering vluchtelingenwerk m.b.t. asielzoekers (€ 50.000,-) en Oekraïense vluchtelingen (€ 45.000,-) ook nog uitbreiding genoemd. Dit zijn structurele kosten.

Wij verkeren in de veronderstelling dat er ook bijdragen van het Rijk tegenover staan (sterker nog er zou flink worden verdiend op de opvang van Oekraïners !!) Waar zijn deze inkomsten verantwoord? En kunnen de kosten niet uit die inkomsten worden betaald?

7

Antwoord: Wij willen capaciteit uitbreiden bij Vluchtelingenwerk. Enerzijds voor de maatschappelijke begeleiding voor statushouders. Dit betalen we uit rijksinkomsten (SPUK inburgering). Anderzijds voor begeleiding asiel. Onbekend is of we hiervoor inkomsten ontvangen, vooralsnog niet. Omdat de volumegroei van vluchtelingen (Oekraïners, statushouders en asiel) op de gemeentelijke organisatie drukt, stellen we een structurele formatie-uitbreiding voor. De rijksinkomsten die we ontvangen voor Oekraïne betreffen incidentele middelen waardoor we deze niet kunnen inzetten ter dekking van een structurele uitbreiding. Blz. 29 Participatie via Werk en inkomen – Mensen ondersteunen naar (passend) werk Vraag 26 – Progressief Bernheze: Mensen ondersteunen naar passend werk: ‘Omdat de gemeenten hier een taak in krijgen kan dat zorgen voor extra inzet en daarmee gepaard gaande kosten’ - Worden deze kosten gedekt door een uitkering van het rijk? In hoeverre? Antwoord: De individuele gemeenten krijgen extra middelen voor de aanvullende taak voor preventieve en passende ondersteuning terug naar school, werk of een combinatie van beide voor jongeren tot 27 jaar. Omdat onlangs besloten is dat de wet niet per 1 juli 2025 maar op 1 januari 2026 in werking treedt komen er voor 2025 geen middelen naar de gemeenten.

Daarnaast ontvangen de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s vanaf 2026 middelen voor de coördinatie in de arbeidsmarktregio. Naar alle waarschijnlijkheid worden deze middelen rechtstreeks naar de centrumgemeenten uitgekeerd. In het wetsvoorstel staat nog dat voor de uitvoering van deze wet de gelden worden uitgekeerd in een specifieke uitkering (zogenaamde SPUK-regeling). Maar het nieuwe kabinet heeft echter besloten van de SPUK regelingen af te willen (dus niet geoormerkt meer uit te keren). Het is nog niet bekend hoe en wat aan financiering richting gemeenten komt. Blz. 38 Gezamenlijk sportpark Heeswijk-Dinther Vraag 27 - VVD: Wat is de status van het onderzoek naar de samenvoeging van de sportvelden in HeeswijkDinther? Volgens een onderzoek van VNG is een overcapaciteit aan velden. Wij nemen aan dat de uitkomst van deze rapportage ook is meegenomen in het onderzoek? Zijn er mogelijkheden om de overcapaciteit van de voetbalvelden te gebruiken voor andere sporten? Antwoord: Het onderzoek naar de toekomstige locatie van het sportpark Heeswijk-Dinther is inmiddels afgerond. U wordt hierover binnenkort geïnformeerd. Blz. 38 Gezamenlijk sportpark Heeswijk-Dinther Vraag 28 - CDA: Hoe ver is het onderzoek naar een mogelijke nieuwe locatie van sportpark in HD? Antwoord: Zie antwoord 27. Blz.

38 Uitstel stelselwijziging van de lokale omroep Vraag 29 - CDA: DTV, is er een jaarverslag en zo ja wordt deze jaarlijks ter verantwoording aan ons toegestuurd? Zo nee, kunnen wij die z.s.m. ontvangen? Hebben zij reserves die de incidentele subsidie eventueel overbodig maken?

8

Antwoord: We ontvangen jaarlijks de jaarverslagen, dus ook het jaarverslag 2023 van Omroep Maasland/DTV (zie bijlage 1). Ultimo 2023 is op de balans een algemene reserve opgenomen van € 112.812,-. De solvabiliteitsratio is 37%. Het resultaat over 2023 bedroeg 20.522,- positief inclusief de extra incidentele subsidie van € 105.000,-, die door gemeente Oss en Bernheze aan DTV beschikbaar is gesteld. Het niet verstrekken van een extra incidentele subsidie zou o.b.v. de geraamde resultaten 2024 en 2025 tot een verlaging van de algemene reserve leiden in 2025 van zo’n € 11.000,-. De solvabiliteitsratio komt dan onder de 5%. Blz. 38 Uitstel stelselwijziging van de lokale omroep Vraag 30 - Lokaal: Incidentele subsidie a.g.v. stelselwijziging Lokale Omroep DTV: in 2023 en 2024 is incidente subsidie versterkt voor een bedrag van € 25.000,- met als argumentatie dat de bedrijfsvoering onder druk stond door de arbeidsmarkt (tekort aan arbeidskrachten, inflatie en niet mee stijgende inkomsten). Deze argumentatie vinden we niet meer terug om voor 2025 wederom € 25.000,- beschikbaar te stellen. Telt de eerdere argumentatie niet meer? Nu wordt aangevoerd dat de stelselwijziging nog niet is ingevoerd. En moet over de eerder verstrekte € 25.000,- in 2023 en 2024 geen verantwoording worden afgelegd door DTV? Antwoord: In 2023 en 2024 ontving Omroep Maasland/DTV een aanvullende subsidie.

Bij besluitvorming hierover in 2022 was de verwachting dat er per 2025 een nieuw stelsel voor lokale omroepen in zou gaan, waarbij het Rijk een groter deel van de financiering voor haar rekening gaat nemen. Nu de introductie van het nieuwe omroepstelsel pas in 2027 is gepland, loopt de aanvullende bijdrage vanuit het Rijk vertraging op. Dit betekent dat DTV ook voor 2025 en 2026 aanvullende subsidie nodig heeft, omdat er nog steeds sprake is van een kritieke bedrijfsvoering o.a. door stijgende kosten. De verantwoording over de aanvullende subsidies 2023 (bijlage 1) en 2024 vinden we terug in de jaarrekeningen van de betreffende jaren. Blz. 39 Subsidiebeleid niet-professionele instellingen Vraag 31 – Progressief Bernheze: Subsidiebeleid niet-professionele instellingen: In hoeverre worden de subsidies geïndexeerd? Antwoord: Alle subsidies voor professionele en niet-professionele instellingen worden in 2025 geïndexeerd met een gelijke index van 2,3 %. Blz. 43 Lasten en baten programma Gezonde en zorgzame gemeente – taakveld 6.1 Vraag 32 - CDA: Taakveld 6.1,: 4,6 miljoen minder in 2024 t.o.v. 2023, waar zit dat in, zowel baten als lasten? Antwoord: Dit betreft vnl. de lasten en de baten van de opvang vluchtelingen uit Oekraïne. Hiermee is in de begroting 2024 nog geen rekening gehouden. Blz.

43 Lasten en baten programma Gezonde en zorgzame gemeente – taakveld 6.3 inkomensregelingen Vraag 33 - VVD: Wat wordt begrepen onder “6.3 inkomensregelingen”? Waarom is de verwachting dat deze met meer dan 1 miljoen worden verlaagd?

9

Antwoord: Dit betreffen: - Uitvoeringskosten dienstverleningsovereenkomst Sociale zaken door gemeente Meierijstad - Kosten participatiewet, IOAW, IOAZ, BBZ en TOZO - Minimabeleid - Regeling maatschappelijk ondersteuningsfonds - Kwijtschelding gemeentelijke belastingen - Kosten schuldhulpverlening - Heffingskorting huishoudens (eenmalige teruggave van € 12 per huishouden in 2024) De verlaging van 2024 ten opzichte van 2023 is vnl. het gevolg de kosten van de eenmalige energietoeslag voor huishoudens in 2023.

Programma: Klimaatbestendig, biodivers en circulair Blz. 50 Uitvoeringsmiddelen energiebeleid Vraag 34 - CDA: Waar gaan de uitvoeringsmiddelen € 522.000,- naar toe? Antwoord: Deze middelen zijn toegekend voor de inzet van interne of externe capaciteit voor de uitvoering van het Klimaatakkoord. We zetten deze middelen met name in voor 2 fte (vaste formatie) op de warmtetransitie en 0,4 fte (vaste formatie) voor duurzame mobiliteit (publieke laadinfrastructuur) en het bekostigen van het soortenmanagementplan en dieptestudies naar alternatieve warmtebronnen. Blz. 50 Afval, circulariteit en schone lucht Vraag 35 - CDA: Kosten zijn niet nader uitgelegd/gespecificeerd? Graag toevoegen Antwoord: Toelichting op de vraag leidde tot twee meer specifieke vragen: Waaraan wordt het budget van € 5.000,- t.b.v. het Schone Lucht Akkoord besteed? Jaarlijks wordt dit budget aangewend om aan te kunnen haken bij kleinschalige initiatieven. Voor votering voor grotere projecten wordt de raad een raadsvoorstel voorgelegd. Waaraan wordt vanaf 2026 het structurele budget voor duurzaamheid monitoring en communicatie besteed? De monitoringsmethodiek die in 2025 opgesteld wordt, zal gebruik maken van monitoringsoftware en ondersteuning. Deze post is opgenomen als raming voor het abonnement en ondersteuning tijdens het gebruik van die methodiek. Blz.

50 Afval, circulariteit en schone lucht Vraag 36 – Progressief Bernheze: Vervanging ondergrondse luier- en incontinentiematerialen containers: Met de raad is afgesproken dat alternatieven verkend en aan de raad voorgelegd zouden worden. Waarom wordt er toch al gekozen voor vervanging? Antwoord: In afwachting van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid zetten we de huidige systematiek voort. Vervanging is noodzakelijk omdat de ondergrondse containers het einde van hun levensduur hebben bereikt. De ondergrondse containers kunnen altijd een andere rol krijgen in de afvalinfrastructuur.

10

Programma: Duurzame landbouw en economie Blz. 57 Agrarische begeleiding Vraag 37 - CDA: Agrarische begeleiding, moeten we dat zien als een soort bedrijfscontactfunctionaris? En wat betekent dat voor de inzet/fte van de huidige bedrijfscontactfunctionaris? Antwoord: Nee, deze rol is bedoeld om proactief de agrarische ondernemers die willen stoppen of hun activiteiten veranderen (met kennis van zaken over landbouw en opgaven buitengebied) te begeleiden tot aan de intaketafel. De projectleider is een sparringpartner voor de ondernemer, zijn adviseurs en bijvoorbeeld de provincie. Een verbindende rol, zowel intern als extern. De inspanningen van de projectleider zijn gericht op de doelen van het programma transitie landbouw, zoals het bieden van een duurzaam perspectief voor agrarische ondernemers. Blz. 57 Agrarische begeleiding Vraag 38 - Lokaal: Voor transitie landbouw wordt een fulltime projectmanager verzocht vanuit het programma management, graag extra uitleg en toelichting in de onderliggende beweegredenen hiervoor. Antwoord: De landbouw is een grote sector in de gemeente en de verwachting is dat de veranderingen die de sector ondergaat de komende decennia nog door zullen gaan. Borging van kennis en kunde in de organisatie is belangrijk. Blz.

57 Agrarische begeleiding Vraag 39 – Progressief Bernheze: Agrarische begeleiding en stallenaanpak: De formatie wordt structureel gemaakt. Wat zijn concrete resultaten die de gemeente behaald heeft dankzij de inzet van de aangestelde formatie? Zijn er concrete aantallen stoppers, mindering in aantal dieren of verminderde geurbelasting aan de inzet van de gemeente te linken?. Antwoord: De projectleider transitie buitengebied is afgelopen jaar betrokken geweest bij ruim 70 initiatieven. De betrokkenheid is op gebied van advies aan interne collega’s over het buitengebied, maar ook het voeren van keukentafelgesprekken voor er een vooroverleg wordt aangevraagd. Afgelopen jaar zijn gesprekken gevoerd met 20 ondernemers die aangegeven hebben te willen stoppen. Bovenop die 20 ondernemers zijn er ook gesprekken gevoerd met initiatiefnemers die al gestopt zijn, die andere activiteiten willen ontplooien, of nevenactiviteiten willen toepassen. Dit zien we ook in het aantal aanvragen wat iedere maand (en soms week) toeneemt. De trend van minder dieren en geurbelasting is een resultaat van de transitie waar de gemeente samen met ondernemers en gebiedspartners aan werkt. Ieder vanuit zijn eigen rol.

Programma: Weerbare en veilige samenleving Blz. 64 Wet Bibob Vraag 40 - CDA: Er staat uitbreiding, hoeveel fte is er nu mee bezig? Wat maakt dat we meer fte nodig hebben? Welke beleidsvrijheid hebben we hier in?

11

Antwoord: De Bibob-toets was ondergebracht als taak bij de algemeen juristen. Met de invoering van de nieuwe beleidsregel is het toepassingsbereik uitgebreid. Vanuit het oogpunt van ondermijning is Bibob nu beter als middel tegen de aanpak criminaliteit in te zetten. Dat vraagt extra toetsingscapaciteit en kennis van over het toepassen van het beleid. Beleidsvrijheid zit hem in de ‘kan-bepaling’ vanuit formele wet, welke we vertaald hebben naar ons beleid. Blz. 65 Verhoging bijdrage HoKaZo Vraag 41 - CDA: Wat betalen we nu? De € 25.000, - is een verhoging? Antwoord: We betalen nu € 25.811,- (€ 0,80 per inwoner). Het bedrag van € 25.000,- is een verhoging van de huidige bijdrage.

Programma: Dienstverlening en sterke organisatie Blz. 68 Security gegarandeerd Vraag 42 - CDA: Wat gaan we hier dan concreet doen? Waar gaat dit geld aan uitgegeven worden? Antwoord: Uitbreiding dienstverleningscontract met huidige auditor door opname aanvullende audittaken in kader van invoering nieuwe wetgeving (Nis2) en uitbreiding intern hiertoe benodigd verantwoordingsinstrumentarium. Blz. 70 Werken aan personeel dat voorbereid is op huidige en toekomstige ontwikkelingen Vraag 43 - Lokaal: De geplande uitbreiding van de flexibele schil (van 7 naar 10 fte) wordt uitgesteld naar 2026. Er wordt aangegeven (pag. 70) dat er in de begroting 2024 al structureel 7 fte aan flexibele schil beschikbaar is. De vraag is of de voorgestelde formatie-uitbreidingen voor 2025 in die flexibele schil van 7 zitten en de financiële middelen daarvoor al beschikbaar zijn. Eerlijk gezegd is er aan de formatie-uitbreidingen, wat daarvoor aan financiële middelen beschikbaar is en dan ook nog eens in relatie met de flexibele schil, zo langzamerhand geen touw meer aan vast te knopen. Graag een uitgebreide toelichting Antwoord: Bij de begroting 2023 is het instellen van een zgn. flexibele schil vastgesteld met een ingroeipad tot 10 fte. In de begroting 2024 zijn reeds 7 fte opgenomen voor de flexibele schil met de financiële consequenties.

De 3 fte die opgenomen zijn in de jaarschijf 2026 zijn een uitbreiding op de 7 fte. De integrale afweging van de 3 fte vindt pas plaats bij de programmabegroting 2026-2029. Blz. 70 Werken aan personeel dat voorbereid is op huidige en toekomstige ontwikkelingen Vraag 44 - VVD: Er wordt 3 fte aan het personeelsbestand toegevoegd t.b.v. het in standhouden/opbouwen van goed personeelsbestand. Kunt u aangegeven wat hiermee wordt bedoeld? Wat gaan die mensen concreet doen? Antwoord: Deze flexibele schil wordt ingezet om er zorg voor te dragen dat kennis, kunde en ervaring via bijvoorbeeld (pre) pensionering niet verloren gaan maar er tijdige vervanging geworven kan worden waarbij er ruimte is voor overdracht van deze waardevolle kennis, kunde en ervaring. Binnen 10 jaar zal ongeveer een derde van ons personeel de pensioengerechtigde leeftijd bereiken waarmee deze flexibele schil bijdraagt aan het borgen van een goed personeelsbestand met de gewenste competenties, kennis, kunde en ervaring.

12

Blz. 70

Werken aan personeel dat voorbereid is op huidige en toekomstige ontwikkelingen Vraag 45 - CDA: Flexibiliteit / inventiviteit in stand houden / opbouwen goed personeelsbestand (3 fte) € 273.000,-  Wat betekent opbouwen goed personeelsbestand? Antwoord: Zie antwoord vraag 43. Blz. 70 Werken aan personeel dat voorbereid is op huidige en toekomstige ontwikkelingen Vraag 45a - CDA: Met 10 fte is de flexibele schil al klein en nu stellen ze de uitbreiding van 7 naar 10 fte uit. Hoe verhoudt zich dit tot de externe inhuur, die veel duurder is dan een flexibele schil? Antwoord: De flexibele schil is met name bedoeld voor borging en behoud van kennis, kunde en ervaring bij (komend) verloop van medewerkers en flexibel kunnen inspelen op mogelijkheden op de arbeidsmarkt in relatie tot onze gemeentelijke en complexe opgaves. Daarmee kan de flexibele schil er zorg voor dragen dat we minder inhuur hoeven te plegen om tijdelijke gaten in het personeelsbestand op te vangen bij verwacht verloop van personeel door bijvoorbeeld pensionering e.d.. In deze programmabegroting wordt voorgesteld de uitbreiding van 3 fte flexibele schil naar 10 fte uit te stelen naar 2026. We verwachten dat we voor 2025 met de bestaande 7 fte dergelijke vervangingsvraagstukken kunnen opvangen. Blz.

70 Kwaliteitsverbetering dienstverlening Vraag 46 – Progressief Bernheze: ‘ De structurele investering in 2025 van € 50.000,- op het gebied van de beheerkosten voor digitalisering schuiven wij een jaar door’. Eerder moest de raad tussentijds een besluit nemen om aanvullend budget beschikbaar te stellen. Want er was haast. Hoe is dit te verklaren? Antwoord: De structurele kosten die opgenomen is in het programmaplan van het programma dienstverlening voor 2025 van € 50.000,- op het gebied van de beheerkosten voor digitalisering schuiven wij binnen programma een jaar door. Gezien de huidige ontwikkelingen van de projecten gaan wij er vanuit pas in 2026 aanspraak te hoeven maken op dit budget. Blz. 71 Huisvesting de Misse 2, 4 en 6 te Heesch Vraag 47 - Lokaal: Geconstateerd wordt dat er geen voortgang zit in het optimaliseren van de huisvesting de Misse 2,4 en 6. ( pag. 71). Daarnaast is het budget verlaagd van € 2,5 naar € 1,6 miljoen. Wat is op dit moment de stand van zaken en wordt de raad geïnformeerd over de mogelijk nieuwe scenario’s. In de toelichting graag niet alleen vermelden wanneer partijen weer overleg hebben, maar ook hoe inhoudelijk de stand van zaken is. Antwoord: De stand van zaken in het project De Misse 2, 4 en 6 is dat er eind 2024 een raadsvoorstel wordt ingediend met het verzoek een beslissing te nemen in het te kiezen scenario rondom de theaterzaal.

Met een gekozen scenario kunnen de plannen voor de herhuisvesting worden uitgewerkt. Het budget voor deze herhuisvesting is niet verlaagd. In de begroting 2023 en 2024 was al een budget opgenomen van € 900.000,-, De laatste tranche van € 1,6 miljoen hebben we doorgeschoven naar 2026. Blz. 71 Huisvesting de Misse 2, 4 en 6 te Heesch

13

Vraag 48 - Progressief Bernheze: Wij ontvangen graag een bijgewerkt overzicht van alle kosten die tot nu toe gemaakt zijn om te komen tot een plan voor ten minste de Pas. Dus alle kosten die gemaakt zijn in dit proces (Huisvesting de Misse 2, 4 en 6) en ook de hiervoor doorlopen processen voor de Pas. Graag uitgesplitst. Antwoord: De kosten zijn globaal (i.v.m. overgang naar nieuw financieel systeem per boekjaar 2022 ontbreekt detailinfo over voorgaande jaren). 2015-2018 Kosten DNI (vnl. kosten huisvestingsonderzoek, externe projectleider, Due dilligence onderzoek, exploitatieanalyse, behoefteonderzoek): € 197.515,2019: CC de Pas verg expertisekosten DNI € 50.000,2020: Opzet exploitatie scenario 3 en vervolgonderzoek DNI € 7.925 2021: verkenning/oriëntatie huisvesting € 3.947 2022: verkenning/oriëntatie huisvesting € 71.921 2023: Project de Misse 2-4-6 (vnl. kn ICS adviseurs) € 45.425,2024: Project de Misse 2-4-6 (vnl. kn ICS adviseurs) € 83.014,-

Programma: Financiën Blz. 75 Betaalbaarheid Vraag 49 - CDA: OZB gaat 5% omhoog maak ik hieruit op, wat doet de benchmark? (vanuit ombuigingsbijeenkomst bleek dat we “laag” zaten. Antwoord: In de paragraaf Lokale heffingen op pag. 90 hebben we een overzicht van de gemiddelde woonlasten opgenomen over 2024 van de omliggende en vergelijkbare gemeenten. Daarnaast wordt jaarlijks per gemeente de woonlasten gepubliceerd op Coelo. In dit overzicht wordt per gemeente met een rangnummer aangegeven hoe hoog de woonlasten zijn in vergelijking met andere gemeenten. Nummer 1 heeft hierbij de laagste woonlasten. Het hoogste rangnummer bij koopwoningen is 345 en bij huurwoningen 347. Voor 2024 zijn voor gemeente Bernheze de volgende rangnummers van toepassing: - Eigenaar – bewoner -> rangnummer 67 (2023: 73; 2022: 134) - Huurder -> rangnummer 10 (2023: 8; 2022: 24)

Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Blz. 80 Algemene uitkering van het gemeentefonds Vraag 50 - VVD: De septembercirculaire is al gepubliceerd. Graag ontvangen een doorrekening hiervan. Antwoord: De Notitie ter informatie inzake de septembercirculaire is inmiddels via raadsnet/ibabs aan uw raad ter beschikking gesteld. Blz. 82 Overhead Vraag 51 - VVD: Wij zien dat op de begroting diverse FTE’s worden bij-geplust. Graag ontvangen wij een overzicht van de alle toevoegingen aan het personeelsbestand incl. externe inhuur en flexwerkers alsmede de hiermee gepaard gaande kosten.

14

Antwoord: In meerjarenbegroting 2025-2028 worden de volgende formatie-uitbreidingen voorgesteld: - Wmo-consulent -> 2025 -> 1 fte - Formatie op peil: databeheer groen -> 2025 -> 0,25 fte - Flexibiliteit/inventiviteit in stand houden/opbouwen goed personeelsbestand -> 2026 -> 3 fte - Toenemende zorg- en ondersteuningsvraag voor vluchtelingen en koppelvraagstukken huisvesting (spreidingswet) -> 2025 -? 0,5 fte - Formatie Bibob -> 2025 -> 0,5 fte - Projectleider agrarische begeleiding en stallenaanpak -> 2025 -> 1 fte - Uitvoering doelgroepenverordening -> 2025 -> 0,2 fte - Bestaanszekerheid regisseur/ambassadeur -> 2025 -> 0,5 fte - Formatie op peil: toename handhaving openbaar groen en landschap ->2028 -> 0,5 fte In meerjarenbegroting 2025-2028 worden de volgende bedragen voor externe inhuur voorgesteld: - Omgevingswet – kernteam omgevingsplan -> 2025 -> € 305.000 - Omgevingswet – kernteam omgevingsplan -> 2026 -> € 155.000 - Projectleider weerbare kernen 2025-2027 -> jaarlijks € 75.000

Paragraaf A: Lokale heffingen Blz. 90

Overzicht gemiddelde woonlasten 2024 omliggende en vergelijkbare gemeenten Vraag 52 - VVD: Huurders betalen als gebruiker in verhouding lage lokale lasten ook t.o.v. omliggende gemeente. Kunt u dit verklaren? Is dit een keuze? Wie heeft deze keuze gemaakt? Antwoord: Een huurder/gebruiker kan uitsluitend worden aangeslagen voor afvalstoffenheffing en/of rioolheffing. Elke gemeente is vrij hoe en aan wie deze heffingen worden opgelegd. In Bernheze leggen we rioolheffing op aan eigenaren (o.b.v. woz-waarden) en afvalstoffenheffing aan huurder/gebruiker. Voor afvalstoffenheffing geldt het uitgangspunt maximaal kostendekkende tarieven. Door deze lokale beleidsvrijheid is een verklaring niet te geven. De besluitvorming over de belastingverordeningen (en dus tarieven) vindt plaats door de gemeenteraad. Blz. 91 Toeristenbelasting – vervanging forfaitaire heffing naar heffing vast bedrag per arrangement of standplaats Vraag 53 - CDA: Toeristenbelasting: zijn de ondernemers hier al van op de hoogte? Aangezien zij de bedragen doorberekenen aan gasten dient dit ruim van tevoren bekend te zijn. Antwoord: Grotere aanbieders van overnachtingen zijn in de periode juni - augustus 2024 benaderd dat zij kunnen opteren om hier gebruik van te maken. Blz.

91 Toeristenbelasting Vraag 54 - Ons Bernheze: Om redenen van juridische houdbaarheid wordt overwogen de forfaitaire heffing te vervangen door een vast bedrag per arrangement of standplaats. Vraag: Is een heffing in de vorm van een percentage van de kosten van het arrangement / standplaats wel juridisch houdbaar?

15

Antwoord: De reden om de forfaitaire heffing te vervangen door een vast bedrag per arrangement op standplaats is juist de bezwaarlijke juridische houdbaarheid van de forfaitaire heffing. Sinds het arrest Aalsmeer worden zware eisen gesteld aan de onderbouwing van een forfaitaire heffing. Die eisen zijn lastig in te vullen, vanuit de noodzaak tot een hoge periodiciteit van onderzoek, daarmee gepaarde kosten, tijd en mogelijk inbreuk op privacy. De heffing op basis van een vast bedrag per arrangement of standplaats is veel eenvoudiger te onderbouwen. Bij een dergelijk heffing zal een rechter slechts marginaal toetsen op onredelijkheid of willekeur. Blz. 94/95 Grafrechten Vraag 55 - VVD: Hoe hoog zijn de legeskosten m.b.t. begrafenissen op dit moment. Hoe hoog zou dit zijn indien 100% kostendekkend? Waarom is er geen (opbouw)toeslag i.p.v. alleen indexering? Al in 9-2023 (programmabegroting 2024) was een onderzoek aan de gang naar de kostendekkendheid van ’t Loo. Is het onderzoek inmiddels afgerond? Zo ja, waarom is deze nog niet meegenomen in deze begroting? Zo nee, wanneer kunnen we deze verwachten? Antwoord: In 2024 bedragen de kosten voor begraven € 2.774,-. Bij kostendekkend tarief zou het legesbedrag circa € 4.400,- bedragen. Het onderzoek is inmiddels afgerond. In 2025 komen we voor de besluitvorming bij u hierop terug. In afwachting hiervan indexeren wij de tarieven. Blz.

96 Leges Vraag 56 - VVD: Legeskosten voor rijbewijzen en paspoorten zijn maar voor 54,8% kostendekkend. Hoeveel kost het aanvragen indien 100% kostendekkend. Hoe verhoudt zich dat t.o.v. omliggende gemeenten? Wat zijn de totale kosten voor het “gratis” bezorgen van een paspoort/rijbewijs door de gemeente? Antwoord: De tarieven voor paspoorten en rijbewijzen worden door het rijk vastgesteld/gemaximeerd. Kostprijs voor paspoorten rijbewijzen wordt vanwege de gemaximeerde tarieven niet doorberekend. Zover bekend rekenen alle gemeenten de zelfde gemaximeerde legesbedragen door aan haar burgers. O.b.v. de legesverordening (art. 1.11b) 2024 wordt een bedrag van € 18,- in rekening gebracht van reisdocumenten en rijbewijzen.

Paragraaf B: Weerstandsvermogen en risicobeheersing Blz. 100 Reserve nog nader te bestemmen Vraag 57 - VVD: De reserve nader te bestemmen bedraagt € 23.003.715,-. Waarom wordt deze niet ingezet om evt. tekorten te dekken i.p.v. ombuigingstraject t.b.v. rampjaar 2026?

16

Antwoord: De provinciale toezichthouder ziet er op toe dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Dit betekent dat structurele taken bekostigd moeten worden met structurele opbrengsten. De reserve Nog nader te bestemmen is een incidenteel dekkingsmiddel. Inmiddels is er wel, onder voorwaarden, een verruiming van de inzet van het surplus van de algemene reserve. Het surplus van de algemene reserve mag worden aangewend voor dekking van structurele exploitatielasten. De voorwaarden is dat het surplus uitsluitend ingezet mag worden bij voldoende en een blijvende solvabiliteit van ≥ 20%. Daarnaast is het een voorwaarden dat het weerstandsvermogen naar het oordeel van de toezichthouder voldoende moet zijn. De inzet van de reserve nog nader te bestemmen nemen we zeker mee als een van de knoppen waar we aan kunnen draaien bij het ombuigingstraject. Echter deze inzet is niet onbeperkt. Blz. 100 Tabel reserves Vraag 58 - VVD: Onder de tabel staat * waar verwijst deze naar? Wat maakt geen onderdeel uit van de weerstandscapaciteit? Antwoord: Deze opmerking verwijst naar de algemene reserve (Nog nader te bestemmen). Hier is een sterretje weggevallen. Blz. 103 Renovatie woonwagencentrum Bruijstenhof Vraag 59 - VVD: Renovatie Bruijstenhof; sanering van vervuilende grond.

Geldt hier niet het principe “de vervuiler betaald”? Antwoord: De grond is in eigendom van de gemeente waardoor de kosten van de sanering van de vervuilde grond ten laste van de gemeente komen. Blz. 103 Renovatie woonwagencentrum Bruijstenhof Vraag 60 - Ons Bernheze: € 500.000,- in zich van vervuilde grond. Vanuit het principe dat veroorzaker vervuiling betaald zijn kosten dan toch verhaalbaar. Vraag: ziet het risico op de kans van vervuiling of de verhaalbaarheid? Antwoord: Het risico betreft de ingeschatte kosten voor de gemeente voor de sanering van de vervuilde grond.

Paragraaf E: Bedrijfsvoering Blz. 130 Inkoopbeleid Vraag 61 - CDA: We hebben vaak gevraagd om lokaal aan te besteden, waarom komt dat niet terug in het beleid?

17

Antwoord: In het inkoopbeleid is het stimuleren van de deelname van lokale ondernemers opgenomen: Pag. 5: “Daar waar mogelijk stimuleren we de deelname van lokale ondernemers bij inkoop en aanbestedingen” Pag. 12: “..en verbetert de kansen op opdrachten voor het MKB in zijn algemeenheid en het lokale en regionale MKB in het bijzonder.” Pag. 12: “De gemeente heeft oog voor de lokale economie, zonder dat dit tot enigerlei vorm van discriminatie van ondernemers leidt. In gevallen waar een enkelvoudig onderhandse offerteaanvraag en/of een meervoudig onderhandse offerteaanvraag volgens de geldende wet- en regelgeving is toegestaan, zal er rekening worden gehouden met de lokale economie en lokale ondernemers. Discriminatie moet daarbij worden voorkomen en de gemeente moet niet onnodig regionale, nationale, Europese of mondiale kansen laten liggen. ‘Local sourcing’ kan bijdragen aan de doelmatigheid van inkoop.” Er wordt in diverse projecten nadrukkelijk gestuurd op de betrokkenheid van lokale en regionale partijen Blz. 132 Beleidsindicatoren Vraag 62 - CDA: Formatie. Is dit exclusief inhuur? Hoezo zijn er geen benchmark-referentiecijfers toegevoegd? Antwoord: Ja, dit betreft de formatie exclusief externe inhuur. Op de website van www.waarstaatjegemeente.nl worden geen benchmark-referentiecijfers gepubliceerd. Blz.

133 Beleidsindicatoren Vraag 63 - CDA: Valt me op dat externe inhuur van 25-28% naar 7% gaat. Waar komt die daling vandaan? Antwoord: De data over 2019 t/m 2023 zijn de gerealiseerde cijfers. De cijfers over 2024 en 2025 zijn de begrote cijfers. Als gevolg van het tijdelijk invullen van vacatures door extern personeel zijn de gerealiseerde cijfers over de periode 2019 t/m 2023 hoger. Blz. 133 Beleidsindicatoren Vraag 64 - Lokaal: Als we de formatie tegen de actuele bezetting afzetten zitten wij structureel rond de 81%, indien correct kan er inzicht gegeven worden binnen welke functionele groepen dit zich voordoet, of we daarmee achterstanden hebben of creëren en de service / kwaliteit daarmee in het gedrang komt. Antwoord: Op peildatum 15-10-2024 hebben we een formatie – bezettingsgraad van 92%. De openstaande vacatures en de vacatures die we afgelopen jaar hebben ingevuld zijn niet heel specifiek aan één functionele groep toe te wijzen en dit kunnen we ook niet statistisch verifiëren.

Paragraaf H: Subsidies Blz. 157 Subsidie Muzelinck Vraag 65 - VVD: Wij zien bij het overzicht van de subsidieverkrijgers ook “De Muzelinck” staan. Dit is toch een vereniging in Oss. Wat doet deze voor Bernheze?

18

Antwoord: Muzelinck is voor de gemeenten Bernheze en Oss het Centrum voor de kunsten en biedt dienstverlening op het gebied van cultuureducatie en cultuurparticipatie. Dit is de intermediairsfunctie Cultuureducatie die cultuur in de basisscholen brengt zodat ieder kind in aanraking komt met cultuurdisciplines. Daarnaast het vrijetijdsaanbod zoals muzieklessen, drama, literatuur etc. Daarnaast biedt Muzelinck ondersteuning aan amateurverenigingen op het gebied van cultuur. De Muzlinck heeft haar locatie in Oss, maar biedt dus dienstverlening in Bernheze: op alle bassischolen, vrijetijdsaanbod in de CC de Pas en Bernrode en werkt samen met organisaties in Bernheze zoals het Kasteel, Meierijsche museumboerderij, Kersouwe, ONS welzijn. Blz. 158 Subsidie kernnetwerken Vraag 66 - CDA: Wat betekent kernnetwerken. Wat is dat? Antwoord: Een kernnetwerk is een samenwerkend netwerk per kern van vrijwilligersorganisaties op het gebied van het sociaal domein. Zij richten zich op het organiseren van activiteiten in de kern. Dit bevordert de sociale basis en het elkaar leren kennen in de kern, zodat inwoners ondersteuning in de eigen kern krijgen en minder snel zijn aangewezen op maatwerk voorzieningen.

Algemene vragen Wel of niet vaststellen van de begroting Vraag 67 - VVD: Wat zijn de consequenties indien we de begroting niet vaststellen? Antwoord: De raad heeft volgens de gemeentewet het budgetrecht. Door de begroting vast te stellen geeft de gemeenteraad het college toestemming om geld uit te geven aan de afgesproken activiteiten. Door de begroting niet vast te stellen zou het college geen uitgaven kunnen doen (bijv. salarissen, onderhoudskosten). Daarnaast zou het niet vaststellen van de begroting betekenen dat we onder preventief toezicht komen van de provincie. Preventief toezicht is een verscherpte vorm van toezicht. Bij deze vorm van toezicht moet de provincie de begroting en de eventuele wijzigingen vooraf goedkeuren voordat tot uitvoering kan worden overgegaan. Dit betekent dat we beperkt worden bij het uitvoeren van de begroting. Blz. Consequenties overheveling SPUKS naar algemene uitkering Vraag 68 - Lokaal: Het kabinet is voornemens verreweg de meeste specifieke uitkeringen (spuks) over te hevelen naar de algemene uitkering van het gemeentefonds, maar boekt daarbij wel een besparing in van 10%. Is daar in de begroting al rekening mee gehouden? Zo niet, wat betekent dit financieel globaal voor ons? Antwoord: Nee, met deze korting van 10% is nog geen rekening gehouden.

De korting zal betekenen dat de hoogte van de rijksbijdragen voor diverse taken die via een specifieke uitkering worden bekostigd lager zullen zijn. Deze korting is voorzien met de reden dat gemeenten bij overgang van de SPUKS naar de algemene uitkering lagere administratieve lasten zullen hebben. Het is nog niet duidelijk wat dit lokaal gaat betekenen. Het is nl. nog niet duidelijk welke SPUKS worden overgeheveld naar de algemene uitkering. Waarschijnlijk komt er pas in 20269 meer duidelijkheid. Blz. Inflatiecorrectie algemene uitkering

19

Vraag 69 - Lokaal: In de algemene uitkering is rekening gehouden met een tegemoetkoming van 4% inflatiecorrectie. Dit is een te lage inschatting. Berekend nu is 5,1 %. Er is veel over gepubliceerd. Het betekent dat 400 miljoen euro te weinig wordt overgeheveld naar het gemeentefonds. Het kabinet is niet bereid genoemd bedrag te compenseren. Wat betekent globaal het mislopen van deze compensatie voor onze gemeente waardoor mogelijke investeringen niet kunnen worden uitgevoerd, en is het niet zinvol om gezamenlijk met alle gemeenten dit onder de nadrukkelijke aandacht bij de VNG te brengen. Antwoord: Voorheen werd voor het accres de trap-op/trap-af systematiek gehanteerd. Dus als het rijk meer geld uitgaf kregen gemeenten ook meer geld/accres, gaf het rijk minder uit dan kregen gemeenten ook minder geld. Dit gaf grote schommelingen in de inkomsten vanuit de algemene uitkering. Daarom is besloten tot een nieuwe normeringssystematiek. Deze systematiek houdt in dat de ontwikkeling van het accres is gekoppeld aan de bbp-ontwikkeling. Uitgangspunt is dat het gemeentefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product volgt. De vergoeding voor de prijsontwikkeling (loon- en prijs) volgt de prijs bbp van het lopende jaar. Het rijk stelt in het voorjaar (meicirculaire) de vergoeding vast en deze wordt niet meer bijgesteld gedurende het jaar (septembercirculaire).

Dus de vergoeding in het lopende jaar is gebaseerd op een voorspelling maar deze voorspelling wordt niet meer gecorrigeerd. Voor 2024 betekent dit dat de inflatie 1,1 procent hoger is dan waar in de meicirculaire rekening mee is gehouden (4% versus 5,1%). Hierdoor krijgen gemeenten 450 miljoen te weinig. Bernheze loopt door deze systematiek ongeveer € 588.000,- mis over 2024 terwijl we wel met stijgende kosten te maken hebben. Met de nieuwe normeringssystematiek worden we ‘gestraft’ bij verkeerde inschattingen door het CPB. Het schijnt dat het CPB de afgelopen 7 jaar de inflatie te laag heeft ingeschat (2019, 2021 en 2023 1,5% te laag en voor 2022 2,1% te laag). Echter de jaren daarvoor was het andersom (te hoog ingeschat). Aan elke systematiek kleven voor- en nadelen. De Vereniging voor Nederlandse Gemeenten is natuurlijk wel in gesprek met het rijk. Blz. P.M. - posten in begroting Vraag 70 - Lokaal: Er staan nogal een aantal pm-posten opgenomen in de begroting voor 2025. Als de voornemens die daarbij staan vermeld worden uitgevoerd, betekent dit dat daarvoor extra financiële dekkingsmiddelen moeten worden gezocht. Daarmee wordt toch een vertekend beeld geschetst van een sluitende begroting die nu voor ons ligt? Of biedt de post onvoorzien met inachtneming van de voorwaarden die daaraan verbonden zijn een mogelijke oplossing (tot een bedrag van € 94.500 – pag. 83).

Antwoord: Voor de pm-posten geldt dat nog niet duidelijk is wat de financiële consequenties zijn. De post Onvoorzien biedt uitsluitend een incidentele dekking voor het lopende begrotingsjaar. Indien de post Onvoorzien onvoldoende dekking biedt dan zal voor het lopend jaar een aanpassing van het budget worden gevraagd aan uw raad d.m.v. een separaat voorstel of tussentijdse rapportage. Eventuele structurele consequenties worden meegenomen in de volgende kadernota/begroting. Blz. Beleidsindicatoren Vraag 71 - Lokaal: Ontbreken van beleidsfactoren op meerdere gebieden, huishoudelijk afval en bezettingscijfers als twee voorbeelden die volgens relatief makkelijk te verkrijgen zijn en nodig zijn om te toetsten of beleid ook daadwerkelijk het gewenste resultaat te weeg brengt. Graag kijken of deze twee, en/of andere beleidsfactoren kunnen worden achterhaald en opgenomen in kadernota.

20

Antwoord: Met ingang van 2023 hebben we de programmabegroting omgevormd naar een begroting langs de thema’s van De staat van Bernheze. Volgens het besluit Begroting en Verantwoording moet onder elk programma een overzicht worden opgenomen met een aantal verplichte indicatoren uit ‘Waar staat je gemeente’. Andere indicatoren nemen we nu niet op in de begroting. In het kader van de doorontwikkeling van de P&C cyclus zijn we ons aan het beraden over welke aanpassingen we kunnen, moeten en willen doen in die cyclus.

Beantwoording vragen Commissie Maatschappij en Bestuur Progressief Bernheze heeft tijdens de commissievergadering M&B een opmerking gemaakt over de vele PM posten bij het onderdeel ‘Werk en Inkomen’ (pagina 29). Onderstaand per PM post een toelichting Breed offensief Deze wet is ingegaan op 1 juli 2023. Het kabinet heeft 53 miljoen euro vrijgemaakt voor de plannen Breed Offensief om mensen met een arbeidsbeperking aan een baan te helpen. In 2021 hebben we incidenteel € 14.008,- ontvangen voor de implementatie van de onderdelen van Breed Offensief die geen wetswijziging vereisten en in 2022 hebben we incidenteel € 8.527,- ontvangen voor dat onderdeel van Breed Offensief die wel tot wetswijzigingen heeft geleid. Hiermee is 24,6 miljoen van de € 53 miljoen verstrekt aan de gemeenten. In 2023 en 2024 hebben we geen extra middelen meer ontvangen. Wetsvoorstel Participatiewet in Balans De invoering van deze wet is inmiddels uitgesteld naar 1 juli 2025. De uitvoering van het programma vraagt middelen: budget en menskracht. Het ministerie van SZW draagt zorg voor de benodigde programmabegroting en capaciteit. Een aantal maatregelen uit het wetsvoorstel zal in ieder geval leiden tot een verhoging van de benodigde budgetten voor de dienstverlening op basis van de Participatiewet: denk hierbij bijvoorbeeld aan het BUIG-budget en het re-integratiebudget.

De impact van het wetsvoorstel op deze budgetten moet nog in een afzonderlijk onderzoek in beeld gebracht worden. Het is dus nog niet duidelijk wat dit voor ons financieel gaat betekenen. Wetsvoorstel Van School naar Duurzaam Werk De individuele gemeenten krijgen extra middelen voor de aanvullende taak voor preventieve en passende ondersteuning terug naar school, werk of een combinatie van beide voor jongeren tot 27 jaar. Omdat onlangs besloten is dat de wet niet per 1 juli 205 maar op 1 januari 2026 in werking treedt komen er voor 2025 geen middelen naar de gemeenten. Daarnaast ontvangen de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s vanaf 2026 middelen voor de coördinatie in de arbeidsmarktregio. Naar alle waarschijnlijkheid wordt dit rechtstreeks naar de centrumgemeenten uitgekeerd. In het wetsvoorstel staat nu nog dat voor de uitvoering van deze wet de gelden worden uitgekeerd in een specifieke uitkering (zogenaamde SPUK-regeling). Maar het nieuwe kabinet heeft echter besloten van de SPUK-regelingen af te willen (dus middelen niet geoormerkt meer uit te keren). Het is nog de vraag op welke wijze en wat aan financiering richting de gemeenten gaat komen.

21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=cd9a09f7-bfaf-40e3-82af-56e0b54b268b