Aanbiedingsbrief Rekenkameronderzoek Invoering Omgevingswet gemeente Bernheze
Tekst van het document
Rekenkamercommissie Bernheze Aan de gemeenteraad Postbus 19 5384 ZG HEESCH
Behandeld door:
Nico op de Laak
Uw brief van:
Telefoonnummer:
0412 458888
Uw kenmerk:
Bijlage(n): Onderwerp:
Registratienummer:
Onderzoek ‘Invoering Omgevingswet gemeente Bernheze
Datum:
19-12-2022
Geachte raadsleden, Hierbij bieden wij u het rekenkameronderzoek ‘Invoering Omgevingswet gemeente Bernheze’ aan. De rekenkamercommissie is vlak na de zomervakantie 2022 gestart met dit onderzoek. Bij de start van het onderzoek zijn wij er van uitgegaan dat de Omgevingswet op 1-1-2023 zou worden uitgevoerd en daarom werd een zeer strakke planning opgezet1. Begin oktober 2022 werd duidelijk dat de invoeringsdatum “zou gaan schuiven”. Bij het schrijven van deze aanbiedingsbrief is het nog niet duidelijk of de nieuwe datum 1-7-2023 wordt dan wel 1-1-2024. De invoering van de Omgevingswet is een complex bestuurlijk traject. Bij het vorige onderzoeksrapport, ‘Visie werken aan de toekomst Bernheze’ hebben wij al aangegeven dat het een logisch vervolg was om ook de invoering van de Omgevingswet te gaan onderzoeken. Eerder, in het voorjaar van 2018, hebben wij u met een rekenkamerbrief over de stand van zaken van de Omgevingswet geïnformeerd. Wij concludeerde toen dat de gemeente al gestart was met een deel van de verschillende noodzakelijke activiteiten en dat er op dat moment geen aanleiding voor een diepgaander onderzoek was. De kernvraag voor het onderzoek is: heeft de gemeente alle voorgeschreven minimale acties op 1 januari 2023 afgerond conform de omschrijving in de lijst van de VNG2. Het betreft 27 acties en eisen.
Afgeleide vragen zijn onder meer: - heeft de raad zijn kaderstellende rol kunnen vervullen en - is de raad in de gelegenheid gesteld om de controlerende rol goed uit te kunnen voeren.
1 In het onderzoeksrapport is dit bijlage 1 2 Dit overzicht wordt bij deze aanbiedingsbrief gevoegd
De conclusies uit het onderzoek zijn als volgt: 1. De gemeente in staat is om op datum inwerkingtreding met de Omgevingswet te kunnen werken aangezien op dat moment veruit het grootste deel van de minimale acties en eisen is uitgevoerd waarmee er geen principiële belemmeringen zijn; 2. De gekozen werkstructuur met onder andere een raadwerkgroep als klankbord en intern met stuurgroep en programmateam heeft goed gefunctioneerd; 3. De raad heeft tijdig de noodzakelijke besluiten genomen inzake onder meer de zogeheten verplichte participatie en het bindend adviesrecht; 4. De financiële arrangementen met de ketenpartners zijn nog niet volledig uitgewerkt waarbij de positie van de raad in verband met het budgetrecht specifieke aandacht verdient; 5. Binnen de gemeentelijke organisatie zijn er zorgen over de beschikbare capaciteit bij de omgevingsdienst. Dit kan een knelpunt worden bij het afhandelen van individuele aanvragen omgevingsvergunning; 6. Het grote aantal personele mutaties op verschillende niveaus in de gemeentelijke organisatie (medewerkers, management, portefeuillehouders, raad) heeft de nodige aandacht gevraagd in verband met het aanwezige kennisniveau en de voortgang; 7. Er is frequent veel informatie aan de raad verstrekt. Er zijn echter geen integrale rapportages opgesteld voor de commissie c.q. raad waar voortgang, budget en inhoud aan elkaar gekoppeld zijn.
In hoofdstuk 4 van het onderzoeksrapport worden de conclusies nader toegelicht.
Op basis van het onderzoek en de conclusies komen wij tot de volgende aanbevelingen: 1.
Draag tijdig zorg voor het (her-)inrichten van de financiële arrangementen met de ketenpartners en met name de omgevingsdienst en pas zo nodig de begroting hier op aan;
2.
Maak bindende afspraken met name met de omgevingsdienst over de tijdige inzet van de juiste capaciteit bij het afhandelen van aanvragen omgevingsvergunning opdat de wettelijke procedures onder de nieuwe Omgevingswet gehaald worden;
3.
Organiseer de borging van alle relevante informatie zo dat bij het vertrek van de externe adviseurs de gemeentelijke organisatie zelf adequaat kan werken met de Omgevingswet;
4.
Stel kort na inwerkingtreding een integrale evaluatie op waarin naast de inhoudelijke aspecten ook het budget aan de orde komt.
In hoofdstuk 5 worden de aanbevelingen nader toegelicht.
2
Het advies van de rekenkamercommissie aan de raad. Gelet op het rapport, adviseren wij u de volgende besluiten te nemen. 1. Het rapport voor kennis aan te nemen en in te stemmen met de conclusies en de vier aanbevelingen. 2. Het college op te dragen om vóór de nieuwe datum van inwerkingtreding helderheid te geven op welke wijze de vier aanbevelingen worden uitgevoerd waarbij een concrete planning inclusief evaluatiemomenten voor de hand ligt.
Namens de rekenkamercommissie,
Kees Langerwerf Nico op de Laak
Bijlagen: • Rapport ‘Invoering Omgevingswet gemeente Bernheze’ • Bestuurlijke reactie van het college dd 14-12 2022 • Nawoord rekenkamercommissie naar aanleiding van de reactie van het college dd 19-12-2022
3