CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

7. Regels bestemmingsplan 'Muggenhoek 1, Heeswijk-Dinther'

Raadsvergadering 26 september 2024, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Muggenhoek 1, Heeswijk-Dinther10.330 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

24

worden verstoord, kan de vergunningverlener één of meerdere van de volgende voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning voor het bouwen: a. b. c.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; de verplichting tot het doen van opgravingen; de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan door de vergunningverlener bij de vergunning te stellen kwalificaties.

Artikel 4.3.3 Bouwverbod Indien uit het in artikel 4 lid 2.1 genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen zullen worden verstoord zonder dat het mogelijk is om deze door de in artikel 4 lid 2.2 genoemde voorwaarden veilig te stellen, dan wordt de vergunning geweigerd.

25

Artikel 5 Waterstaat - Beschermingszone watergang 5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming (basisbestemming), met voorrang mede bestemd voor de bescherming en het onderhoud van de in deze zone gelegen dan wel daaraan grenzende watergang. 5.2 Bouwregels Op de voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden mag niet worden gebouwd. 5.3 Afwijken van de bouwregels Artikel 5.3.1 Algemeen Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 5 lid 2 en toestaan dat wordt gebouwd ten dienste van en conform de (basis)bestemming. Artikel 5.3.2 Afwegingskader Een in artikel 5 lid 3.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien door de bouw en situering van de betreffende bebouwing geen schade wordt of kan worden toegebracht aan de watergang, en onder de voorwaarden dat: a. b.

vooraf advies wordt ingewonnen van de beheersinstantie van de in artikel 5 lid 1 bedoelde watergang; de beslissing met betrekking tot de omgevingsvergunning aan de beheersinstantie wordt meegedeeld.

5.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Artikel 5.4.1 Algemeen Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen gebouwen zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. b.

het ophogen van gronden; het aanbrengen van kaden of het wijzigen daarvan.

Artikel 5.4.2 Uitzondering op verbod Het in artikel 5.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden: a. b.

die het normale onderhoud en/of de normale exploitatie betreffen; die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan.

Artikel 5.4.3 Afwegingskader Een in artikel 5.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien de werken en/of werkzaamheden dan wel de daarvan (direct of indirect) te verwachten gevolgen niet in strijd zijn met het plan. Met betrekking tot de gevolgen voor de waterbergend vermogen wordt advies gevraagd aan de beheersinstantie.

26

Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 6 Overige regels Artikel 6.1 Werking wettelijke regelingen De wettelijke regelingen waarnaar in de regels van dit plan wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van de inwerkingtreding van het plan. Artikel 6.2 Schema van volgorde dubbelbestemmingen Waar een enkelbestemming samenvalt met een dubbelbestemming geldt primair het bepaalde ten aanzien van de dubbelbestemming.

27

Artikel 7 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

28

Artikel 8 Algemene aanduidingsregels Artikel 8.1 wro-zone - woonwerkontwikkelingsgebied Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'wro-zone - woonwerkontwikkelingsgebied' zijn specifieke regels van toepassing die zijn opgenomen bij artikel 3 Agrarisch met waarden Landschappelijke, cultuurhistorische en/ of abiotische waarden

29

Artikel 9 Algemene afwijkingsregels Artikel 9.1 Afwijkingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning verlenen: a. b.

c. d.

e.

voor het toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of intensiteit daartoe aanleiding geven; van de planregels met het oog op de aanpassing aan de werkelijke afmetingen van het terrein, mits de structuur van het plan niet wordt aangepast, de belangen van derden in redelijkheid niet worden geschaad en de omgevingsvergunning gewenst en noodzakelijk wordt geacht voor de juiste verwezenlijking van het plan; van de planregels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde en toestaan dat de bouwhoogte van kunstwerken en van zend-, ontvang- en/of sirenemasten wordt vergroot tot maximaal 40 m.; van het bepaalde ten aanzien van de maximale bouwhoogte van gebouwen en toestaan dat de bouwhoogte van gebouwen wordt vergroot ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen hoger dan 2,5 m., luchtkokers, liftkokers en lichtkappen; van in het plan genoemde goothoogten, bouwhoogten, oppervlaktematen, mits: 1. dit noodzakelijk is vanuit constructieve vereisten, architectonisch belang of oogpunt van duurzaamheid; 2. de vergroting maximaal 10% bedraagt; 3. de toegestane maximale inhoudsmaat niet wordt overschreden.

Artikel 9.2 Afwegingskader Een in artikel 9 lid 1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. b. c. d. e. f.

het straat- en bebouwingsbeeld; de milieusituatie; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; de sociale veiligheid; de externe veiligheid.

30

Artikel 10 Algemene wijzigingsregels Artikel 10.1 Wijzigingsbevoegdheid Artikel 10.1.1 Algemeen Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen en: a. b.

nadere aanduidingen met betrekking tot de functie van de verbeelding verwijderen of wijzigen in een andere nader te bepalen aanduiding; bestemmingsgrenzen met max. 5 m. verschuiven.

Artikel 10.1.2 Afwegingskader Ter beoordeling van de toelaatbaarheid van de in artikel 10 lid 1 genoemde wijzigingsregels vindt een evenredige belangenafweging plaats, waarbij betrokken worden: a. b. c.

de mate waarin waarden, die het plan beoogt te beschermen, kunnen worden geschaad; de mate waarin de belangen van gebruikers en/of eigenaren van de aanliggende gronden worden geschaad; de mate waarin de uitvoerbaarheid, waaronder begrepen de milieutechnische-, de waterhuishoudkundige-, de archeologische-, de ecologische-, de verkeerstechnische toelaatbaarheid en de stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond.

Artikel 10.2 Algemene sloopregeling Artikel 10.2.1 Algemeen Burgemeester en wethouders kunnen, conform het bepaalde in artikel 3 lid 8 het plan wijzigen en de functietype 'agrarisch bedrijf' wijzigen in het functietype 'wonen', onder de voorwaarden dat: a.

b.

bestaande bedrijfsgebouwen worden gesloopt, waarbij geldt dat 100 m² als bijgebouw bij de woning is toegestaan, met dien verstande dat wanneer de bestaande oppervlakte aan bedrijfsgebouwen meer bedraagt dan 100 m² ten hoogste 25% van deze meerdere oppervlakte behouden of vervangen mag worden tot een maximale gezamenlijke oppervlakte van 200 m²; de gebouwen niet betrokken zijn geweest bij de ruimte-voor-ruimte-regeling, Regeling Beëindiging Veehouderijtakken of een andere regeling waarvoor een sloopvergoeding wordt ontvangen.

Artikel 10.2.2 Specifieke bevoegdheid De onder artikel 10 lid 2.1 bedoelde sloop van bestaande gebouwen, mag ook inhouden de sloop van bestaande gebouwen elders in het plangebied, met dien verstande dat de bestemming van het bouwperceel waar gesloopt wordt, gewijzigd wordt in de gebiedsbestemming, danwel het functietype 'wonen' met inachtneming van de wijzigingsbevoegdheid. Artikel 10.2.3 Aanvullend afwegingskader Deze wijzigingsbevoegdheid is niet van toepassing op gebouwen, die weliswaar bestaan op het tijdstip van de inwerkingtreding van dit plan, doch zijn gebouwd in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

31

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 11 Overgangsrecht Artikel 11.1 Overgangsrecht bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. b.

gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

Artikel 11.2 Omgevingsvergunning Bij een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in artikel 11 lid 1 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in artikel 11 lid 1 met maximaal 10%. Artikel 11.3 Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken Het bepaalde in artikel 11 lid 1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsregel van dat plan. Artikel 11.4 Overgangsrecht gebruik Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet naar die aard en omvang, behoudens voor zover uit de Vogel- en Habitatrichtlijnen (richtlijn 79/409/EEG van 2 april 1979 en richtlijn 92/43/EEG van 21 mei 1992) beperkingen voortvloeien ten aanzien van ten tijde van de inwerkingtreding van dit plan bestaand gebruik. Artikel 11.5 Strijdig gebruik Het is verboden het met het plan strijdige gebruik, bedoeld in artikel 11 lid 4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met het plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

Artikel 11.6 Verboden gebruik Indien het gebruik, bedoeld in artikel 11 lid 4, na het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Artikel 11.7 Uitzondering op het overgangsrecht gebruik Het bepaalde in artikel 11 lid 4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

32

Artikel 12 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Muggenhoek 1 Heeswijk-Dinther van de Gemeente Bernheze;

33

34

Bijlagen bij de regels Bijlage 1 Staat van Bedrijfsactiviteiten Bijlage 2 Ecologisch onderzoek Bijlage 3 Lijst van functieaanduidingen Agrarisch met waarden Landschappelijke, cultuurhistorische en/ of abiotische waarde Bijlage 4 Landschappelijke inpassing

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=83d24f65-5406-47dc-8d75-9a5cf82dd293