CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Notitie stikstofdepositie

Raadsvergadering 5 juni 2025, gemeente BernhezeBij agendapunt: Afgeven verklaring van geen bedenkingen Kruishoekstraat 13 te Heesch *2.259 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Project:

Van den Heuvel Aannemingsbedrijf B.V. te Heesch

Onderwerp:

Stikstofdepositieonderzoek

Kenmerk:

R202366/2301

Auteur:

Y. Hidskes

Tweede lezer:

F. Erdem

Datum:

22-12-2023

Bijlagen:

I: AERIUS-berekening

Adromi B.V. Reeweg 146 3343 AP Hendrik-Ido-Ambacht T 078 – 684 55 55 F 078 – 684 55 59 algemeen@adromi.nl www.adromi.nl

Inleiding Van den Heuvel Aannemingsbedrijf B.V. (hierna Van den Heuvel) is voornemens de inrichting aan de Kruishoekstraat 13 te Heesch te veranderen c.q. uit te breiden in oostelijke richting. In het kader van de hiervoor noodzakelijke melding Activiteitenbesluit is een stikstofdepositieonderzoek uitgevoerd. Van den Heuvel is actief in de aanleg en het onderhoud van (ondergrondse) infrastructuur voor water en energie voor diverse netwerkbeheerders in Nederland. Binnen de inrichting van Van den Heuvel bevinden zich een kantoor, magazijnen, een werkplaats en een buitenopslag. De uitbreiding wordt gebruikt voor opslag van materieel, materialen en als parkeerfaciliteit voor vervoermiddelen. Onderstaande figuur 1 toont een overzicht van de inrichting.

Figuur 1: Ligging van de inrichting van Van den Heuvel, indicatief rood omlijnd, met de uitbreiding rood gearceerd

Adromi B.V.

Pagina 1 van 9

In het kader van de Wet natuurbescherming dient de stikstofdepositie vanwege de gebruiksfase van de inrichting op de nabijgelegen Natura 2000-gebieden inzichtelijk te worden gemaakt. De meest nabijgelegen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden ‘Rijntakken’ en ‘Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen’ liggen op respectievelijk circa 13 en 15 kilometer ten noordwesten en ten zuidwesten van de inrichting. Het Natura 2000-gebied ‘Kampina & Oisterwijkse Vennen ligt eveneens binnen 25 kilometer vanaf de inrichting. Figuur 2 toont de globale ligging van de inrichting ten opzichte van deze Natura 2000-gebieden.

Figuur 2: Ligging inrichting (‘1’) ten opzichte van de meest nabijgelegen Natura 2000-gebieden (bron: AERIUS Calculator)

De gebruiksfase omvat het totale, beoogde gebruik van de inrichting. Er is geen sprake van een bouwfase. In het volgende hoofdstuk volgt een nadere toelichting van de voor dit onderzoek relevante emissiebronnen. Hierbij is per emissiebron beschreven op welke gegevens dit stikstofdepositieonderzoek is gebaseerd.

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 2 van 9

Beoogde situatie In de gebruiksfase zijn de emissies vanuit verkeer, het gebruik van mobiele werktuigen, vrachtwagenactiviteiten en het gebruik van diverse stookinstallaties relevant. De bedrijfsvoering van Van den Heuvel kan gedurende 6 dagen per week plaatsvinden. Er wordt daarom uitgegaan van 312 werkdagen per jaar. Verkeer Emissies ten gevolge van licht en zwaar verkeer van zowel buiten de inrichting (verkeersaantrekkende werking) als binnen de inrichting zijn in beschouwing genomen. Licht verkeer Het lichte verkeer bestaat uit personenwagens en bestelwagens. De personen- en bestelwagens rijden diverse rijroutes binnen de inrichting. Er rijden per dag 161 personenwagens en 78 bestelwagens van en naar de inrichting. Zwaar verkeer Het zware verkeer rijdt ook diverse rijroutes binnen de inrichting. Er rijden per dag 35 vrachtwagens en 2 vuilcontainerwagens van en naar de inrichting. Overzicht Onderstaande tabel 1 geeft een overzicht. Tabel 1: Overzicht verkeersgeneratie Van den Heuvel

Emissiebron Personenauto’s – route 1 Personenauto’s – route 2 Personenauto’s – route 3 Personenauto’s – route 4

Voertuigen aantal per jaar 10.920 6.240 8.424 4.368

Verkeersbewegingen aantal per jaar 21.840 12.480 16.848 8.736

Personenauto’s – route 5 Personenauto’s – route 6 Bestelauto’s – route 1 Bestelauto’s – route 2 Bestelauto’s – route 3 Bestelauto’s – route 4

10.608 9.672 4.992 1.248 14.976 3.120

21.216 19.344 9.984 2.496 29.952 6.240

Vrachtauto’s – route 1 Vrachtauto’s – route 2 Vrachtauto’s – route 3 Vrachtauto’s – route 4 Vuilcontainerwagens Totaal licht verkeer - Kruishoekstraat

7.488 624 2.496 312 624 56.160

14.976 1.248 4.992 624 1.248 112.320

Totaal licht verkeer - Zoggelsestraat Totaal zwaar verkeer - Kruishoekstraat Totaal zwaar verkeer - Zoggelsestraat

18.408 10.608 936

36.816 21.216 1.872

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 3 van 9

Verkeer binnen de inrichting Alle rijroutes zijn in overeenstemming met het uitgevoerde akoestisch onderzoek. De personenwagens rijden naar een drietal parkeerplaatsen, namelijk de westelijke, oostelijke en zuidelijke parkeerplaatsen. De personenwagens verdelen zich naar rato van het aantal parkeerplekken per parkeerplaats over de drie parkeerplaatsen. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat de gebruikers van het westelijk parkeerterrein de ontsluiting aan de Kruishoekstraat gebruiken, de gebruikers van het oostelijk parkeerterrein voor 50% de ontsluiting aan de Kruishoekstraat en voor 50% de ontsluiting aan de Zoggelsestraat gebruiken en de gebruikers van het zuidelijk parkeerterrein voor 30% de ontsluiting aan de Kruishoekstraat en voor 70% de ontsluiting aan de Zoggelsestraat gebruiken. De bestelwagens rijden van en naar de oostelijke parkeerplaats (25%) en naar de magazijnen (75%). Er wordt vanuit gegaan dat 75% van de bestelwagens gebruikmaakt van de ontsluiting aan de Kruishoekstraat en 25% gebruikmaakt van de ontsluiting aan de Zoggelsestraat. Ongeveer 75% van de 35 vrachtwagens rijdt naar het terrein tussen het magazijn en de werkplaats en 25% rijdt naar diverse (andere) locaties. Er wordt van uitgegaan dat 90% van de vrachtwagens gebruikmaakt van de ontsluiting aan de Kruishoekstraat en 10% gebruikmaakt van de ontsluiting aan de Zoggelsestraat.

De vuilcontainerwagens rijden naar de locatie van de vuilcontainers aan de noodoostzijde van de inrichting. Het verkeer binnen de inrichting is ingevoerd als vijftien lijnbronnen in de sectorgroep ‘wegverkeer’ met wegtype ‘binnen de bebouwde kom (stagnerend)’. Er is uitgegaan van type hoogteligging ‘normaal’ met weghoogte ‘0’. Voor de rondgaande rijroutes (waarbij één voertuig deze rijroute éénmaal rijdt) is de rijrichting ‘A naar B’ aangehouden. Voor enkele rijroutes (waarbij één voertuig zowel heen als terug deze route rijdt) is de rijrichting ‘beide richtingen’ aangehouden. Gelet op voorstaande is in de lijnbronnen het totaal aantal voertuigen (rondgaande rijroutes) dan wel voertuigbewegingen (enkele rijroutes) ingevoerd. Verkeersaantrekkende werking Er is uitgegaan van vier rijroutes, namelijk twee rijroutes voor het zware verkeer en twee rijroutes voor het lichte verkeer buiten de inrichting. Eén van iedere twee rijroutes gaat van en naar de westelijke in-/uitrit (Kruishoekstraat) en de andere naar de zuidelijke in-/uitrit (Zoggelsestraat). Er is aangehouden dat het verkeer vanaf de betreffende in-/uitritten, via de Kruishoekstraat richting A59 rijdt. Ter hoogte van de Bosschebaan wordt het lichte verkeer conform CIMLK opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Het zware verkeer wordt ter hoogte van de op-/afritten van de A59 opgenomen in het heersende verkeersbeeld.

De verkeersaantrekkende werking is in de AERIUS Calculator ingevoerd als vier lijnbronnen in de sectorgroep ‘wegverkeer’ met wegtype ‘binnen de bebouwde kom (doorstromend)’. Er is uitgegaan van type hoogteligging ‘normaal’ met weghoogte ‘0’ en een rijrichting van ‘beide richtingen’. In deze

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 4 van 9

lijnbronnen is het totaal aantal voertuigbewegingen ingevoerd als licht dan wel als zwaar verkeer. Er is een filepercentage van 5% aangehouden. Mobiele werktuigen en vrachtwagenactiviteiten Binnen de inrichting worden (diesel)heftrucks ingezet. Deze heftrucks worden per dag ongeveer 5,6 uur ingezet. Daarnaast wordt maximaal wekelijks een aggregaat getest gedurende een half uur per keer. Op basis van de tabellen bij rapport TNO 2021 R123051, is het brandstofverbruik van de werktuigen bepaald bij gemiddeld gebruik. Hierbij is eveneens de gemiddelde belasting van dit TNOrapport aangehouden. Onderstaande tabel toont de aangehouden uitgangspunten voor de werktuigen. Deze Stage IIIA werktuigen hebben geen AdBlue-verbruik. Tabel 2: Overzicht van de werktuigen in de bouwfase

Werktuig

Vermogen kW

Stageklasse

Belasting %

Bedrijfsduur uur/jaar

Dieselverbruik liter/uur

Dieselverbruik liter/jaar

Heftruck(s) Aggregaat

85 160

Stage IIIA Stage IIIA

36,7 25,3

1.750 26

9,8 12,8

17.222 332

Naast de inzet van de mobiele werktuigen, vinden er binnen de inrichting ook vrachtwagenactiviteiten plaats. Het gaat hierbij om het wisselen van containers door de vuilcontainerwagens. Dit vindt plaats gedurende 0,66 uur per dag. Dit komt neer op 206 uur per jaar. De vrachtwagenactiviteiten worden hierbij geclassificeerd als ‘zware utiliteitsvoertuigen (meer dan 6L cilinderinhoud) op diesel’ (ZUT). De heftrucks zijn ingevoerd als vlakbron in de sectorgroep ‘mobiele werktuigen’ onder ‘bouw, industrie en delfstoffenwinning’ over het deel van de inrichting waar zij worden ingezet. De aggregaat en de containerwissels zijn ingevoerd als puntbronnen in dezelfde sectorgroep en sector op de locaties waar deze activiteiten plaatsvinden. In deze bronnen zijn de werktuigen geclassificeerd conform de in tabel 2 weergegeven stageklassen en de vrachtwagenactiviteiten als ZUT. Per werktuig zijn het brandstofverbruik op jaarbasis en de bedrijfsduur op jaarbasis ingevoerd. Voor de vrachtwagenactiviteiten is uitsluitend de bedrijfsduur op jaarbasis ingevoerd. De AERIUS Calculator berekent hierbij de NOx- en NH3-emissies in kg/jaar. Stookinstallatie Binnen de inrichting zijn in de diverse gebouwen meerdere aardgasgestookte ketels en heaters in gebruik. Ook is er bij de wasplaats een stoomcleaner aanwezig waarbij aardgas verstookt wordt.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van alle installaties per gebouw. Op basis van een geschatte inzet in uur per jaar en een gemiddelde belasting is het aardgasverbruik per installatie berekend middels de calorische waarde van Gronings aardgas (31,65 MJ/m³).

1

Ligterink, N. E., Dellaert, S., & Van Mensch, P. (10 december 2021). AUB (AdBlue verbruik, Uren en Brandstofverbruik): een robuuste schatting van NOx en NH3 uitstoot van mobiele werktuigen. TNO 2021 R12305.

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 5 van 9

Tabel 3: Overzicht van de aardgasgestookte installaties

Locatie

Type

A1 A2 A3 E1 E1 E2 E3 E3 F F G Wasplaats

Ketel Ketel Ketel Ketel Heater

Vermogen kW 28 28 60 65 25

Inzet uur/jaar 624 624 624 624 624

Heater Ketel Heater Ketel Heater Heater

25 22 25 95 208 104

624 624 624 624 624 624

Stoomketel

80

1.560

Belasting % 25 25 25 25 25 25

Energie MJ/jaar 15.725 15.725 33.696 36.504 14.040

Aardgasverbruik m³/jaar 497 497 1.065 1.153 444

25 25 25 25 25

14.040 12.355 14.040 53.352 116.813 58.406

444 390 444 1.686 3.691 1.845

100

449.280

14.195

De emissiefactor voor het aardgasverbruik als gevolg van de inzet van de ketels is gebaseerd op de emissiegrenswaarden zoals is vastgesteld in tabel 3.10b van het Activiteitenbesluit. Voor de heaters is de emissiefactor gebaseerd op de emissiegrenswaarden zoals is vastgesteld in tabel 2.5 van het Activiteitenbesluit. Opgemerkt wordt dat voor de stoomketel wordt aangesloten bij de emissiefactor voor de heaters. Deze NOx-emissiefactoren bedragen respectievelijk 70 en 200 mg/Nm³. Het aardgasverbruik en de voornoemde emissiefactor zijn gebruikt om de NOx-emissie (in kg/jaar) te berekenen. De gebruikte emissiefactoren zijn van toepassing op het rookgas dat vrijkomt bij de verbranding van aardgas. Het standaard debiet van het vrijgekomen rookgas op basis van het brandstofverbruik wordt berekend met de volgende formule: Fs = Fbr x Vst x (21/21-Os) Fs: standaard debiet (m3/u) van droog rookgas bij een standaard zuurstofconcentratie Fbr: brandstofverbruik (m3/u) Os: de zuurstofconcentratie betrokken op droog rookgas (3%) 21: zuurstofconcentratie in droge lucht Vst: stoichiometrisch droog rookgasvolume (m3/m3) Het stoichiometrisch rookgasvolume voor de verbranding van aardgas bedraagt bij benadering: Vst = 0,199 + 0,234 x stookwaarde van aardgas (MJ/m3). De stookwaarde van aardgas is 31,65 MJ/m3.

Hieruit volgt een stoichiometrisch rookgasvolume van 0,199 + 0,234 x 31,65 = 7,6051 m 3 rookgas/m3 aardgas. Het debiet van droog rookgas vanwege de verbranding van 1 m3 aardgas bedraagt (1 m3 x 7,6051 x (21/21-3%)) 8,8726 m3. Oftewel bij de verbranding van 1 m3 aardgas komt 8,8726 m3 droog rookgas vrij. Onderstaande tabel 2 toont de stikstofemissieberekening vanuit het aardgasverbruik.

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 6 van 9

Tabel 4: Emissieberekening van de stookinstallaties Emissiebron A1 A2 A3

Aardgasverbruik Rookgasproductie Rookgasproductie Emissiefactor NOx m³/jaar m³/m³ Nm³/jaar mg/m³ 8,87 497 4.408 70 8,87 497 4.408 70 8,87 1.065 9.446 70

A (gesommeerd)

Emissie NOx kg/jaar 0,31 0,31 0,66 1,28

E1

1.153

8,87

10.233

70

0,72

E1

444

8,87

3.936

200

0,79

E2

444

8,87

3.936

200

0,79

E3

390

8,87

3.464

70

0,24

E3

444

8,87

3.936

200

0,79

F

1.686

8,87

14.956

70

1,05

F

3.691

8,87

32.747

200

6,55

G

1.845

8,87

16.373

200

3,27

14.195

8,87

125.949

200

E (gesommeerd)

3,32

F/G (gesommeerd) Wasplaats

10,87 25,19

De emissies vanuit het aardgasverbruik zijn in de AERIUS Calculator (gesommeerd) ingevoerd als puntbron per locatie in de sectorgroep ‘Anders’ met als temporele variatie ‘Verwarming van ruimten’ voor de locaties A t/m G en ‘Standaard profiel industrie’ voor de wasplaats. Als uittreedhoogten zijn de gebouwhoogtes aangehouden. Deze uittreedhoogten zijn gebaseerd op het Actueel Hoogtebestand Nederland (ahn.nl). Versie en rekenjaar De berekening is uitgevoerd met behulp van het rekenprogramma AERIUS Calculator 2023.1 (beschikbare versie op in notitie vermelde datum). Als rekenjaar is 2024 aangehouden.

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 7 van 9

Resultaten en conclusie De stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden is onderzocht. De meest nabijgelegen stikstofgevoelige natuurgebieden zijn ‘Rijntakken’ en ‘Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen’. De stikstofemissies vanuit de beoogde gebruiksfase zorgen niet voor stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/jaar op stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Hiermee is aangetoond dat er geen mogelijke significante effecten vanwege de stikstofemissies van de gebruiksfase op de natuurgebieden zijn. Het aspect stikstofdepositie staat het gebruik van de inrichting van Van den Heuvel niet in de weg.

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 8 van 9

Bijlage I: AERIUS berekening Gebruiksfase: AERIUS_projectberekening_20231221095425_BeoogdesituatieRxtMkUjykwC1

Adromi B.V.

Stikstofdepositieonderzoek

Pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=7a4a1cf9-d12a-41d2-9d99-9e8e2aa90f14