CConstaterende datBerg en Dal
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag carrouselvergadering Berg en Dal 21 januari 2021

Gemeenteraad 28 januari 2021, gemeente Berg en DalBij agendapunt: Vaststellen verslagen van de raadsvergadering van 10 december 2020 en de carrouselvergadering van 21 januari 20217.554 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag carrousel gemeente Berg en Dal 21 januari 2021

B3 Voorstel om het Beleidskader Horeca Berg en Dal vast te stellen

Voorzitter: Griffie: Portefeuillehouders: Ambtelijk: De leden:

dhr R. Bekers dhr J. van Workum, mw E. Jonkman mw I. van de Scheur mw H. Schot dhr M. Schmiermann (PvdA), dhr M. Ernst (Polderbreed), dhr J. Peters (VBenD), dhr R. Hammer (VVD), dhr W. Kersten (Sociaal Groesbeek), dhr W. Bakker (CDA), dhr H. Eikholt (GVP), mw T. Vorderman (D66), mw M. Verdijk (GroenLinks), dhr A. Driessen (GJS), dhr E. Weijers (VOLG)

Verslag:

Buro Service Overasselt, mw W. Verheijen Verkroost

De voorzitter opent de digitale carrousel om 20.00 uur en heet de aanwezigen welkom. Vooraf zijn er veel technische vragen gesteld. Deze zijn inmiddels ook beantwoord. Beeldvorming / Vragenronde Dhr Bakker heeft schriftelijk de vraag gesteld waarom het model van Boxmeer niet overgenomen is omdat het model mooi gekaderd en geformuleerd is. Hierop is geen duidelijk antwoord gekomen. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat gekeken is naar het huidige beleid en de structuurvisie. Berg en Dal wil een toeristisch aantrekkelijke gemeente zijn en gemeend is dat op deze manier beter recht gedaan wordt aan wat men wil bereiken in de gemeente. Dhr Bakker zegt dat het er niet om gaat het model één op één over te nemen, maar het frame wat er onder ligt. Bij veel raadsleden leeft de vraag om een en ander in kaart te brengen. Dat is in Boxmeer heel mooi gedaan. De voorzitter begrijpt dat dhr Bakker graag een inventarisatie wil. Wethouder Van de Scheur vertelt dat een aantal casussen bekeken is. Op basis van die inventarisatie blijkt dat de meeste activiteiten vergund zijn of te vergunnen zijn. Zij verwacht niet dat een verdere inventarisatie leidt tot een andere conclusie. Het college wil achteraf inventariseren en dan kijken of de verleende vergunningen eraan voldoen. Als dat niet zo is, dan wordt bekeken hoe dat opgelost kan worden. Mw Vorderman heeft ook behoefte aan een inventarisatie.

Bovendien stelt de raad de kaders van het beleid vast. Dhr Peters (VBenD) hoort de wethouder een inventarisatie achteraf zeggen. Net als het CDA en andere partijen heeft VBenD liever een inventarisatie vooraf. Waarom kan het voorbeeld van Boxmeer niet gevolgd worden? Wellicht heeft Boxmeer andere bestemmingsplannen en een andere APV, maar de goede dingen kunnen uit het rapport van Boxmeer gehaald worden. Duidelijk moet zijn wat Berg en Dal precies wil en wat er al is. De raad moet duidelijke kaders stellen en kijken of men überhaupt wel uitbreiding wil. Ook moet gekeken worden naar de natuurwaarden, waar VBenD voor staat. Dhr Driessen hoort verschillende partijen vragen om een goede inventarisatie. Ook GJS is daar voor. Als een overgangsbeleid vastgesteld moet worden, dan moet er voldoende inzicht zijn. Dhr Weijers zegt dat ook VOLG voorstander ervan is om op voorhand een inventarisatie te maken. Hij gaat ervan uit dat er een aantal bekende, danwel onbekende activiteiten in het buitengebied plaatsvinden, legaal danwel illegaal. Hij vraagt of er nu actief wordt gehandhaafd. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er niet actief gehandhaafd wordt. In het handhavingsbeleid wordt gewerkt met een piepsysteem. Dhr Ernst leest in het beleidsplan dat de eindtijden aangepast worden. Verder staat er dat horecanevenactiviteiten in het buitengebied beperkt moeten worden tot de dag-periode.

Als uitgegaan wordt

van het toeristenseizoen en een eindtijd van 21.00 uur, dan vallen de periodes van 1 maart tot en met 27 april en van 17 augustus tot en met 31 oktober buiten de dag-periode omdat in die periode de zon al voor 21.00 uur ondergaat. Bij een eindtijd van 20.00 uur valt nog altijd 2,5 maand buiten die dagperiode. Ook de werkgroep Milieubeheer Berg en Dal en de Vereniging Nederlands Cultuurlandschap plaatsten kritische opmerkingen bij de eindtijden. Hij vraagt of er nog eens goed naar de eindtijden gekeken kan worden. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat wat de periode betreft, aangesloten is bij ander bestaand beleid. Voor recreatiewoningen die niet-recreatief gebruikt mogen worden in de winterperiode geldt ook deze periode. In het kader van handhaving was het praktischer om dezelfde periode aan te houden. Wat de eindtijd betreft, de een wil het ruimer, de ander beperkter, deze eindtijd is een goed compromis. Dhr Ernst blijft erbij dat 21.00 uur te laat is, kijkend naar het buitengebied. Mw Vorderman hoort de wethouder spreken over een compromis. Zij heeft het idee dat het ten voordele is uitgevallen van de B&B’s en kleine terrasjes. Een leuk boerenterras is voor dagjesmensen. De gewone horeca wil geen oneigenlijke concurrentie en een hapje eten en drankje doe je daar. 21.00 uur is laat, dan is de etenstijd al voorbij.

Wethouder Van de Scheur antwoordt dat het op 21.00 uur gezet is omdat toeristen veel gebruik willen maken van dit soort activiteiten in het buitengebied. Het wordt gezien als een mooie aanvulling op het reguliere aanbod en niet als concurrentie. Mw Vorderman is ook voor een prachtige, aantrekkelijke toeristische omgeving. Het is zo aantrekkelijk omdat er een schitterende natuur is. Deze natuur verdient op bepaalde tijden ook rust. Het is niet nodig dat de toerist overal in de gemeente ’s avonds nog iets kan drinken. D66 is van mening dat het buitengebied ook gerespecteerd moet worden. Waarom 21.00 uur? Er wordt overdag al zoveel aangeboden in de gemeente en ’s avonds de horeca en rust in het buitengebied. Op die manier wordt ook de oneigenlijke concurrentie tegengegaan. Wethouder Van de Scheur zegt dat nadrukkelijk meegewogen is dat er gezocht wordt naar nieuwe economische dragers in het buitengebied. Agrariërs met een boerenterras dragen ook veel bij aan versterking van het landschap met bloeiende akkerranden en dat soort initiatieven. Dhr Driessen zegt dat in de nota staat dat het college vooral kwalitatief hoogwaardige horeca wil stimuleren en horeca die van toegevoegde waarde is. Hij vraagt langs welke lat het college verzoeken van ondernemers en agrariërs legt. Hij vindt kwalitatief hoogwaardig een subjectief criterium.

Wethouder Van de Scheur antwoordt dat het onderverdeeld is in een aantal criteria: goede aansluiting op loop, wandel en fietsroutes; ligging nabij recreatiegebieden; een in de omgeving passende opzet; goede landschappelijke inpassing; geen onevenredige aantasting van de in de omgeving aanwezige waarden. Daarnaast moet er wel een goed businessplan liggen. Als er behoefte aan is en de markt geeft dat aan, dan is het een kwalitatief hoogwaardige toevoeging. Wellicht is het enigszins subjectief. Mw Verdijk leest dat bij een eenheid van een B&B maximaal 2 personen mogen logeren. Wat als mensen een baby of peuter op hun kamer willen hebben? Wethouder Van de Scheur antwoordt dat een baby of peuter een persoon is. Het totaal aantal is dan 3 personen. In dat geval moet er een andere accommodatie gehuurd worden zoals een recreatiewoning. Dhr Eikholt is van mening dat daar naar gekeken moet worden als het gaat om 2 volwassenen met 1 of 2 kinderen. Op pg 19 staat dat musea een volwaardige horecavergunning moeten krijgen. Hij vraagt zich af of men daarmee niet op een hellend vlak komt. De musea worden ondersteund met subsidies, om die reden is ooit besloten dat in de Mallemolen geen volwaardige horeca mogelijk is. Hoe wordt er omgegaan met het wijncentrum als dat ook een museum toevoegt? Wethouder Van de Scheur antwoordt dat zij niet verwacht dat bij het wijncentrum een museum zal komen.

De drie musea hebben een belangrijke toegevoegde waarde voor de gemeente en trekken veel mensen aan. Voor hun voortbestaan kan dit heel belangrijk zijn en daarom is voorgesteld om daar volwaardige horeca toe te staan. Dhr Eikholt is het ermee eens dat de musea belangrijk zijn, maar het zet wel de weg open voor het wijncentrum om ernaast een klein museum in te richten en daar volwaardige horeca toe te staan. Dan gaat het om horeca waar ook avondactiviteiten gehouden kunnen worden zoals huwelijken, verjaardagen etcetera. Er ontstaat dan een concurrentiepositie met bestaande horeca. Wethouder Van de Scheur stelt dat dat een keus is waar de raad over gaat.

2 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

Dhr Driessen merkt op dat het probleem op te lossen is door als uitgangspunt te nemen dat alleen de huidige drie musea een volwaardige horecavergunning kunnen krijgen. Wethouder Van de Scheur lijkt dit een prima oplossing. Dhr Peters (VBenD) merkt op dat er tal van kleine musea in de gemeente zijn. Als een museum een horecavergunning krijgt, moet het zich ook als volwaardige horeca gedragen en voldoen aan de eisen. Dhr Eikholt zegt dat afgesproken kan worden dat de drie grotere musea vrijheden gegeven kunnen worden en dat toekomstige musea die niet krijgen. Wat voor hem een dilemma is, is dat er dan ook de mogelijkheid is tot feesten van persoonlijke aard. Als in dit beleidskader de horeca ondersteund wordt, wordt daar iets weggehaald. Dhr Bakker begrijpt uit het antwoord van de wethouder dat er van uitgegaan wordt dat het wijncentrum geen museum zal beginnen. Er wordt met voorliggend stuk juist afgesproken dat het niet voldoende is om ergens vanuit te gaan. Hij vraagt wat er gedaan wordt met anderen die onder het mom van een musea een horecavergunning aanvragen. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat het beperkt kan worden tot de drie bestaande musea door dat vast te leggen. Dhr Schmiermann is van mening dat als er accommodaties binnen de gemeente zijn, wat voor accommodaties dan ook, het hele gezin daar moet kunnen verblijven.

Het kan niet zo zijn dat je alleen maar voor 2 personen logies kunt boeken. Dhr Kersten leest in de nota zienswijzebeantwoording als reactie op een inbreng over hoe er gehandhaafd zal worden dat er mogelijk een meldpunt wordt ingesteld. Hij vindt dit een karige beantwoording van de vraag. Wethouder Van de Scheur is het ermee eens dat het vrijblijvend klinkt. Er wordt een meldpunt ingericht. Daarbij is aangegeven dat de gemeente niet gelijk heel fanatiek de boeman gaat spelen, maar eerst in gesprek gaat als er een melding binnenkomt. Het college hoopt dat het een preventieve werking heeft waardoor er niet veel boetes uitgedeeld hoeven te worden. De kosten worden uit EZ betaald en niet uit handhaving. Mw Verdijk vraagt of het mogelijk is om een lijst met horeca activiteiten met vergunning openbaar te maken zodat omwonenden weten waar de ondernemer zich aan moet houden. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat verleende vergunningen openbaar zijn. Het lijkt haar niet zinvol een lijst te publiceren. Dhr Kersten zegt dat de horecaondernemer aan alle kanten uitbreiding ziet en er op zich niet zo op tegen is, maar de geluiden die komen zijn dat er feestjes gegeven worden op plekken waar het niet de bedoeling is. Deze ondernemers zouden meer vertrouwen in het nieuwe beleid hebben als er ook handen en voeten gegeven wordt aan de handhaving waar het nodig is.

Er wordt nu al niet gehandhaafd. Wethouder Van de Scheur kent de angst van de ondernemers. Dat is ook de reden van het meldpunt en er zal ook gehandhaafd worden. Dhr Peters merkt op dat er nog veel vragen leven bij de diverse fracties en stelt voor om deze vragen eerst te inventariseren, waarna er een gedegen stuk naar de raad kan komen. VBenD vindt 100 m2 voor een terras erg veel. Hij vraagt zich af of het goed is als er in de polder een tiental boerenterrassen van 100 m2 zouden zijn. Dhr Weijers zegt dat de STER in de laatste alinea van haar zienswijze ervoor pleit de festiviteitenregeling niet van toepassing te verklaren voor de boerenterrassen. Daar wordt verder niet op ingegaan. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat een boerenterras geen inrichting is in zin van de wet Milieubeheer. Er zijn geen festiviteiten toegestaan. Dhr Hammer sluit zich bij dhr Peters aan dat er nog veel vragen leven. Hij vraagt welk probleem dit nieuwe beleid oplost. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er nu geen toetsingskader is of iets een nevenactiviteit is of geen nevenactiviteit meer. Dit kader biedt die handvatten en geeft duidelijkheid, ook om nieuwe verzoeken te kunnen toetsen. Dhr Hammer zegt dat bijvoorbeeld in het bestemmingsplan buitengebied van Groesbeek duidelijke kaders staan.

Wethouder Van de Scheur antwoordt dat de bestemmingsplannen veel duidelijkheid geven , maar niet voor nieuwe initiatieven. Daar is dit voor bedoeld. Dhr Hammer antwoordt dat daar standaardregelingen voor zijn en er geen nieuw beleid voor nodig is.

3 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

Wethouder Van de Scheur antwoordt dat bij wat nu soms vergund is, verschillende dingen toegepast zijn voor drank en horecawet en het niet goed naast elkaar loopt. In voorliggend beleid wordt een duidelijk kader geboden. Dhr Hammer merkt op dat de laatste 20 jaar van alles goedgekeurd, gedoogd of half goedgekeurd is. Het lijkt hem beter dat eerst recht te trekken en te inventariseren en dan kijken of er nog onduidelijkheid is. Dhr Kersten zegt dat de definitie horeca in het voorstel afwijkt van de definitie horeca zoals omschreven in het bestemmingsplan buitengebied Groesbeek. Een beleidsplan kan niet zomaar een bestemmingsplan overrulen. Hij weet niet of het bij meer begrippen voorkomt. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat dit een technische vraag is die zij mee zal nemen. Het zal in de Omgevingsvisie rechtgetrokken moeten worden. Reagerend op de vraag van dhr Schmiermann zegt zij dat het om de B&B’s met boerenkamers gaat als nevenactiviteit waar maximaal 2 personen in mogen verblijven. Dhr Schmiermann geeft aan dat er zoveel verschillende begrippen zijn, minicamping, boerencamping, B&B, gastenverblijf. Een inventarisatie vooraf zou goed zijn om meer helderheid te krijgen. Een aantal ondernemers heeft contact gezocht omdat zij met dezelfde vraag zitten. De uitleg van de wethouder is helder.

Oordeelsvorming De voorzitter concludeert dat het merendeel van de vragen gaat over: inventarisatie, eindtijd, aantal bezoekers B&B’s en handhaving. Hij wil graag van de fracties horen of het stuk behandelgereed is voor de komende raadsvergadering. Dhr Hammer zegt dat de inventarisatie achteraf niet prettig is. Veel zaken zijn nog niet in kaart gebracht. De VVD is van mening dat dit beleid op deze manier innovatie zal tegenwerken. Een gelijk speelveld is het belangrijkste en daar lijkt dit beleid niet in uit te blinken. Het voorstel is niet gereed voor raadsbehandeling. Dhr Weijers gaat ervan uit dat het voorstel binnen een week niet raadsrijp is. De inventarisatie moet eerst afgerond zijn. Dhr Peters (VBenD) sluit aan bij voorgaande sprekers. Er moeten duidelijke kaders zijn voor de raad. Eerst een goede inventarisatie. Er zijn nog teveel vragen. Naar zijn mening kan er ook nog wat tijd voor genomen worden omdat door Corona de horeca toch stil ligt. Ook moet het voorstel van Boxmeer meegenomen worden. Dhr Kersten sluit ook aan bij voorgaande sprekers. Pas als duidelijk is wat er allemaal binnen de gemeente is, wordt ook duidelijk welke kaders gesteld moeten worden. Dhr Schmiermann stelt dat het een mooie opmaat is maar nog niet klaar voor raadsbehandeling. Eerst een betere inventarisatie en daarna een goed nieuw beleid. Nu nog niet.

Dhr Eikholt is van mening dat bij een nieuw horecabeleid uitgegaan moet worden van versterking op alle terreinen. Hij stelt voor een thema-avond over dit onderwerp te organiseren. Er is iets moois van te maken, maar daar moet tijd voor genomen worden. Mw Verdijk heeft niets toe te voegen aan voorgaande sprekers. Het is beter als het goed gebeurt. Dhr Driessen zegt dat voor het toetsen van het overgangsbeleid er een inventarisatie nodig is van alle bestaande gevallen. Het lijkt hem goed dat de fracties nog openstaande vragen en suggesties meegeven zodat er ook een beeld is van wat er leeft bij de fracties. Het is niet rijp voor de vergadering. Mw Vorderman vindt de inventarisatie ook nodig is. Zij staat achter de suggestie van dhr Driessen. Dhr Ernst stelt dat er nog teveel vragen overblijven om het stuk in de raad te behandelen. Het voorstel is ook niet zo urgent en het is goed de tijd te gebruiken voor duidelijkheid. Dhr Bakker zegt dat het nuttig zou zijn om inzicht te krijgen als per locatie benoemd wordt welke ruimte het bestemmingsplan geeft, wat er vergund is, wat de huidige activiteiten zijn die wel of niet bekend of bestemd of vergund zijn. En of met dit beleidskader ook iets gewenst gelegaliseerd wordt of als het ongewenst is deze mensen aan te schrijven, het te beëindigen en ze daar een paar maanden de tijd voor te geven.

Hij wil de wethouder wat meegeven over Millingen aan de Rijn. Hotel Millings Centrum staat op dit moment op het punt van omvallen. De Kastanje is omgevallen. Allemaal woningbouw. Millingen aan de Rijn is aan het eind van het latijn als het gaat om horeca. Als bij alle boeren de rood voor rood regeling toegepast wordt, ontstaat er een confetti aan woningen in landschappen, wat men niet wilt. De mensen hebben het moeilijk, geef die mensen de kans. Het CDA is niet voor het beperken van twee mensen op een kamer. De ondernemers kunnen dat heel goed zelf uitmaken. Dat is bij de

4 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

horeca geen knelpunt. De horeca vraagt wel naar een sluitingstijd van uiterlijk 19.00 uur. Er is dan nog een avondprogramma in de reguliere horeca in het centrum mogelijk. Dhr Hammer vindt het zonde dat men met dit beleid al vanaf 2018 bezig is. Nu ligt het voor en zijn er nog zoveel vragen, dat het beleid teruggegeven moet worden. Het lijkt hem goed om met elkaar in een thema-avond het beleid goed te krijgen. De voorzitter concludeert dat er een inventarisatie nodig is. Hij vraagt de fracties om vragen en suggesties aan de griffie door te geven. Het stuk komt zo snel mogelijk terug in de carrousel. De voorzitter schorst de vergadering om 21.00 uur.

B1

Voorstel om akkoord te gaan met het koersdocument Sociaal Domein en Lokale Toegang

Voorzitter: Griffie: Portefeuillehouders: Ambtelijk: De leden:

dhr R. Bekers dhr J. van Workum, mw E. Jonkman mw I. van de Scheur. dhr B. Bloem dhr J. van Loon (PvdA), mw Borremans (Polderbreed), mw E. van Broekhoven (VBenD), dhr S. van Tol (VVD), dhr H. Peters (Sociaal Groesbeek), dhr D. van Loon (CDA), dhr H. Eikholt (GVP), mw J. de Vries (D66), dhr F. Gödderz (GroenLinks), dhr A. ten Westeneind (GJS), mw G. Hustedt (VOLG)

Verslag:

Buro Service Overasselt, mw W. Verheijen Verkroost

De voorzitter heropent de vergadering om 21.05 uur. Beeldvorming / Vragenronde Mw Hustedt heeft het visiedocument gelezen en vindt het een goed stuk. Zij maakt zich zorgen over wat de huisartsen allemaal gaan doen. Als de POH Financiën, GGZ, Jeugd en Welzijn op recept bij de huisarts komen, hoe wordt dan voorkomen dat er twee volledig dezelfde ingangen zijn. Waar zit het verschil of waar wordt er goed samengewerkt? Is er kans dat er een overlap ontstaat? Gaat de huisarts meewerken in het één gezin één plan-project? Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er een pilot is gedraaid met een POH Jeugd. Dat was in Berg en Dal niet zo geslaagd, maar dat heeft ook te maken met het feit dat Berg en Dal jeugdconsulenten op de scholen heeft. Er wordt nu vooral geïnvesteerd in het contact tussen de jeugdconsulenten en de huisartsen. Corona heeft het de afgelopen periode er niet makkelijker op gemaakt. De POH Jeugd heeft aangegeven dat er goed overleg is met het Sociaal Team. Het is de bedoeling dat een overlap voorkomen wordt, daarvoor is de samenwerking essentieel. Er wordt op ingezet dat de huisartsen ook meedoen aan het één gezin één plan-project. Mw Van Broekhoven zegt dat uit landelijk onderzoek blijkt dat er zowel landelijk als gemeentelijk nog te weinig aandacht besteed wordt aan de uitstroom. Er is geen toenemende instroom, maar wel een stagnerende uitstroom.

Dat veroorzaakt ook hoge kosten in het Sociaal Domein. In het raadsvoorstel staat dat er aandacht aan besteed zal worden, maar in het koersdocument is daar weinig van terug te zien. Wat is de wethouder voornemens te doen om die uitstroom te bevorderen? Wethouder Van de Scheur heeft in het onderzoek gelezen dat het daar stagneert. Het heeft te maken met hulpverleners die mensen lang bij zich houden en het moeilijk vinden om af te schalen. Hieraan wordt met name aandacht besteed in de inkoop bij de zorgaanbieders. Dit gebeurt regionaal.

5 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

In de gemeente Berg en Dal moet het casemanagement versterkt worden. Regelmatig moet getoetst worden wat de ingezette hulp bereikt en of het de inwoner helpt. De maatregel van de Wmo Jeugd wordt gemaximeerd op een aantal uren en dat zal bijdragen aan de uitstroom. Dhr Peters (Sociaal Groesbeek) vond het een lastig te lezen stuk. Hij mist in het stuk de privacy. De doorstroom versnellen naar de Wlz is naar zijn idee het verleggen van het probleem. Cliënten worden met nog meer problemen opgezadeld door de rekening van het CAK. In de stukken mist hij het hergebruik van de Wmo-materialen. Wethouder Van de Scheur heeft er ook wel moeite mee dat cliënten hogere kosten krijgen bij de overheveling van Wmo naar Wlz. De inwoners worden wel goed begeleid in de doorstroom. Gezien de financiële situatie van de gemeente moet er wel kritisch naar gekeken worden. Er vindt hergebruik van Wmo-materialen plaats. Inwoners worden ook verwezen naar de tweedehands zorgwinkel in Groesbeek. Dhr Van Loon (CDA) vraagt m.b.t. de Wlz of het niet uitgangspunt moet zijn, dat als de mogelijkheid er is om cliënten door te geleiden naar de Wlz - die ook specifiek bedoeld is voor langdurige trajecten dat ook te doen. De overweging dat het een nadeel zou kunnen zijn voor de cliënten, begrijpt hij wel, maar gezien de financiële positie van de gemeente is dat echt nodig.

Wethouder Van de Scheur antwoordt dat dat ook gebeurt. In beleidsdocumenten van het ministerie van VWS staat nadrukkelijk dat mensen niet zo snel gebruik moeten maken van de Wlz, ze moeten zo lang mogelijk gebruik maken van de Wmo. Cliënten komen daarmee klem te zitten. Het gaat erom de inwoners goed te begeleiden naar de Wlz. Dhr Peters (Sociaal Groesbeek) begrijpt de wethouder en begrijpt de financiële situatie van Berg en Dal. Hij vraagt te kijken naar degenen die na 2015 18 jaar zijn geworden en te maken hebben met de participatiewet. Zij hebben nauwelijks inkomen. Daar moet een vangnet voor gecreëerd worden. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat het een landelijk probleem is wat heel lastig op te lossen is als individuele gemeente. Dhr Van Loon (PvdA) vraagt hoe het Sociaal Team georganiseerd is. Hij vraagt de toezegging van de wethouder om dat in een informatiebijeenkomst goed in beeld te brengen. Er wordt steeds gesproken over ingeleverde formatie, organisatieverandering, gedeeltelijke verzelfstandiging en zelfs het instellen van een opgavemanager. Hij heeft niet het overzicht hoe het in elkaar zit. Er wordt ook gesproken over casemanagement van het Sociaal Team. De informatie is ook interessant of noodzakelijk voor burgers en maatschappelijke organisaties.

Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er voor de zomer een thema-avond georganiseerd wordt om raad en carrousel mee te nemen in de cijfers over 2020 waarin dit meegenomen kan worden. Dhr Van Loon (PvdA) zegt dat de thema-avond ook te volgen en toegankelijk moet zijn voor maatschappelijke organisaties. Dhr Gödderz ziet dat in het stuk heel veel dashboards en rolling forecasts gemaakt moeten worden. Stel dat blijkt dat er volstrekt terecht meer rolstoelen verstrekt moeten worden, moet de raad dan boos, verdrietig of verbaasd worden? Er moet voldoende kosten- en probleembewustzijn zijn bij de consulenten, maar consulenten mogen zich onder geen enkel beding opgejaagd voelen door dashboards en rolling forecasts. De inwoner moet centraal staan en niet de cijfers. Wat gaat de wethouder doen en vooral niet doen met dat dashboard en rolling forecast? Wethouder Van de Scheur antwoordt dat uit de dashboards veel informatie komt die er eerder niet was. De dashboards geven informatie over hoeveel mensen een scootmobiel hebben, hoeveel zijn er uitgegeven, waar staan ze, wat is de toename, in welke wijk. Als bijvoorbeeld een scootmobiel-pool opgezet wordt is dat interessant. Het is vooral stuurinformatie. Het is niet de bedoeling dat consulenten zich opgejaagd worden, maar wel om te zien wat er allemaal toegewezen wordt in de gemeente.

De inwoner centraal is één van de kernpunten in het Koersdocument. Het is de bedoeling dat inwoners één aanspreekpunt binnen de gemeente krijgen in plaats van allerlei loketjes af te moeten. Dhr Eikholt zegt richting dhr Gödderz dat hij het eens is met de opmerking dat niet de cijfers maar de inwoners centraal moeten staat, maar de gemeente zit met het feit dat er een sterk toenemende vraag is en een groot financieel probleem en dat de rijksoverheid de zelfredzaamheid in financiële zin ondermijnt door dat niet toetsen en dat betekent dat je uiteindelijk, ook als je financiële tekorten zou blijven houden, moet kijken wat de mensen geboden kan worden. Uiteindelijk zal de inwoner hieronder gaan lijden. De meest kwetsbaren moeten echter op een goede manier behandeld worden door het systeem Dhr Gödderz is het daarmee eens, maar wil waarborgen dat consulenten niet met de neus voortdurend op dashboard worden gedrukt.

6 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

Een volgende vraag gaat over communiceren met de inwoners en naar de inwoners. Bij communiceren met de inwoners is de hulp meer gericht op de groep in plaats van op het individu. Vergt dat niet hele andere communicatieve vaardigheden van de inwoners en worden zij hierin begeleid? Bij communicatie naar de inwoners stelt hij dat het een nieuwe manier van werken is en die heeft alleen kans van slagen als er voldoende draagvlak is. Alles moet in de goede context gecommuniceerd worden. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat dat ook noodzakelijk is, ook om de regie er over te houden. Zaterdag is zij uitgenodigd bij de omroep om te vertellen wat er gebeurt en waarom het nodig is. Binnenkort wordt een huis aan huis krant verspreid en daarin zal ook aan dit onderwerp aandacht besteed worden. Het is belangrijk om aan de inwoners te laten zien waarom de dingen gedaan worden. Dhr Ten Westeneind zegt dat de raad onlangs het rapport van de Rekenkamercommissie heeft gehad over het Sociaal Domein, daaruit zijn conclusies gekomen en zijn er handreikingen gedaan. Heeft dit al een rol gespeeld in het opstellen van het Koersdocument? Wethouder Van de Scheur antwoordt dat de Rekenkameradviezen meegenomen worden in het Minimabeleid. Mw De Vries zegt dat in het Koersdocument van het Sociaal Domein veel gesproken wordt over de zelfredzaamheid en de eigen kracht. D66 is hier een groot voorstander van.

Uit het onderzoek van het SCP blijkt dat de verwachtingen over de zelfredzaamheid en de zorgzame samenleving in 2015 te hoog gespannen waren en dat het aantal personen dat mantelzorg geeft niet is toegenomen na de decentralisatie. Hoe kunnen het Sociaal Team en de welzijnspartners de zelfredzaamheid van kwetsbare burgers in de gemeente verhogen? Wethouder Van de Scheur antwoordt dat het klopt dat er wat te hoog gespannen verwachtingen waren. Toch gelooft het college in de kracht van de samenleving, maar moet het wellicht op een andere manier aangeboord worden. Er is een pilot Buurtgezinnen gestart, daarin worden vraaggezinnen die ondersteuning kunnen gebruiken gekoppeld aan mensen die graag iets willen betekenen voor anderen. Er zijn opvallend veel aanmeldingen. Er is een campagne Pleegzorg geweest en ook daar geven veel mensen aan dat ze iets willen doen. Verder noemt zij het Kinderfietsenplan van de ANWB, iets uit de samenleving zelf. Door dergelijke initiatieven te ondersteunen wordt de kracht in een buurt meer benut en de zelfredzaamheid vergroot. Mw De Vries vraagt of het de bedoeling is dat de Sociale Teams de inwoners wijzen op deze mogelijkheden. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er vaak wordt gekeken naar aanbodgerichte voorzieningen, terwijl dit soort voorliggende voorzieningen beter bekend gemaakt moeten worden.

De website van de gemeente moet er beter op ingericht worden. Mw De Vries dankt voor de verhelderende informatie over de pilot POH Jeugd. Met name het rapport van Praktijksteun gaf een goede inkijk van hoe de pilot is gelopen. Kijkend naar de kleine opzet van slechts 4 uur POH Jeugd per week vond zij de resultaten heel positief. 20% minder verwijzingen en bespaarde kosten geschat op € 15.000,-. Er werd ook heel positief gesproken over de samenwerking tussen de huisarts en het Sociaal Team. Wordt de opgedane kennis en ervaring van de pilot nu weggegooid als de stekker eruit getrokken wordt. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er wat minder verwijzing is geweest, maar uiteindelijk was er sprake van een kostendekking en niet zozeer een besparing, wat het doel van de pilot was. Een aantal huisartsen gaven aan niet mee te willen doen en dat was ook mede aanleiding om er niet verder mee te gaan. Er wordt nu vol ingezet op de samenwerking tussen de huisartsen en de jeugdconsultenten. Mw De Vries vraagt op welke wijze de gemeente nu inzicht krijgt op het verwijsgedrag van de huisartsen ten aanzien van de Jeugd GGZ en hoe gaat het Sociaal Team inzetten op goed contact met huisartsenpraktijken. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat in een van de dashboards te zien is hoe de verwijzingen lopen. Dat wordt meegenomen bij de thema-avond.

Er is inmiddels contact met het huisartsenoverleg in Groesbeek wat geïntensiveerd moet worden. Mw Borremans heeft in de krant gelezen dat Veilig Thuis in de Coronatijd veel meer meldingen krijgt. Het zal te maken hebben met het sluiten van alle scholen. Zij vraagt naar de rol van schoolmaatschappelijk werk en jeugdconsulenten in deze. Kunnen zij op dit moment wat betekenen zodat de meldingen bij Veilig Thuis afnemen? Op pg 24 van het Koersdocument staat dat er 2 jaar uitgetrokken wordt voor de ontwikkeling van de richtlijnen voor maximering van producten. Polderbreed ziet graag dat er meer vaart achter gezet wordt. Is dat mogelijk?

7 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

Wethouder Van de Scheur bevestigt dat het aantal meldingen bij Veilig Thuis toeneemt. Berg en Dal heeft een goed contact met Veilig Thuis en draait een pilot met Veilig Thuis waarin Veilig Thuis sneller contact heeft met het Sociaal Team zodat duidelijk is om welk gezin het gaat en er ook snel zelf op af kan gaan. Er wordt al gewerkt aan de richtlijnen voor de producten, maar het wordt pas geeffectueerd als de raad instemt met het Koersdocument. Dhr Van Loon (CDA) zegt dat het terecht is dat er veel waarde wordt gehecht aan het monitoren van de verschillende taakvelden en de kosten die ermee gemoeid zijn. Bij monitoren horen ook de instrumenten om in te grijpen wanneer zich ongewenste ontwikkelingen voordoen en dat mist hij in het stuk. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er weinig mogelijkheden zijn voor de gemeente om op bepaalde dingen in te grijpen. Huisartsen verwijzen door, jeugdreclassering verwijst door. Er wordt ingezet op samenwerking met alle partners om alles in de hand te houden, maar de invloed van de gemeente is beperkt. Met het Koersdocument probeert het college aan te geven waar de gemeente zelf iets aan kan doen zoals maximering van de producten. Dhr Van Loon (CDA) vraagt of de wethouder ook het idee heeft dat het instrumentarium te beperkt is om in te grijpen als zaken uit de pas gaan lopen.

Wethouder Van de Scheur antwoordt dat uit het rapport, waar naar verwezen wordt in het raadsvoorstel, blijkt dat gemeenten structureel € 1,6 tot € 1.8 miljard tekort komen op jeugdzorg. Er staan een aantal besparingsmogelijkheden in waarmee men op € 1,3 miljard komt. Als dat in de algemene uitkering gestort wordt en het wordt vertaald naar het deel wat Berg en Dal normaal gesproken krijgt, zou het om € 2,4 miljoen gaan, structureel per jaar. Het is heel veel geld, maar toch zijn de mogelijkheden maar beperkt. Het rapport geeft aan dat het stelsel zou moeten worden herzien, de uitgangspunten van de Jeugdwet zullen moeten worden herzien of je moet een inkomensafhankelijke bijdrage van ouders vragen als dit opgelost moet worden. Het lastige is dat er maar weinig mogelijkheden zijn. Zowel Jeugd als Wmo zijn openeindregelingen waarvan de voorwaarden zijn bepaald door het rijk, maar de rekening bij de gemeente ligt. Dhr Van Loon (CDA) vindt de sturingsmogelijkheden goed verstopt in het Koersdocument. Wellicht zouden de beïnvloedbare onderdelen bij elkaar gezet kunnen worden. De gemeente heeft zich in de richting van de provincie gecommitteerd aan het herstelplan, dit Koersdocument is daar de eerste aanzet toe.

Afgelopen december heeft de provincie de gemeente in dat kader een handreiking gedaan bij het bezoek van dhr Markink aan de gemeente die eruit bestond dat hij bereid was om kennis van de provincie te delen om tot een robuust herstelplan te komen. In antwoord op vragen van dhr Van Loon wordt gezegd dat daar geen gebruik van is gemaakt en hij wil weten waarom niet. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat er vooral gebruik gemaakt is van algemene inzichten en wat andere gemeenten doen. De provincie heeft zorginhoudelijk niet de kennis in huis, maar er is wel gebruik gemaakt van de kennis van de gemeenten die door de provincie zijn genoemd. Volgende week is de eerste ambtelijke verkenning met de provincie over het Koersdocument. Voor de raad zal zij aangeven wat dat heeft opgeleverd. Dhr Van Toll merkt op dat in het Koersdocument gestuurd wordt op de kosten. Hij vraagt hoe haalbaar het is. Wethouder Van de Scheur antwoordt dat het onzeker blijft. Veel mensen kunnen uit het potje graaien en de rekening komt bij de gemeente terecht. Dat is en blijft lastig. De gemeente probeert alles eraan te doen wat binnen de invloedsfeer ligt om de kosten te beheersen maar zij kan geen garantie geven. Oordeelsvorming De voorzitter vraagt naar een standpunt over het document. Dhr Van Toll zegt dat de VVD enthousiast is over het Koersdocument.

Tijdens de begroting heeft de VVD al aangegeven te willen bezuinigen op het Sociaal Domein. De VVD was in het begin al tegen de pilot met de POH Jeugd en is blij dat deze wordt gestopt. Dhr Van Loon (CDA) geeft aan dat het Koersdocument de eerste aanzet is naar het herstelplan. Het CDA kan zich vinden in de strengere toetsing van individuele maatwerkvoorzieningen. Het loslaten van het uitgangspunt als zodanig onderschrijft het CDA niet. Investeren in voorliggende voorzieningen zoals wordt voorgesteld en preventie, kunnen inderdaad effect hebben op de zorgvraag, maar in hetzelfde stuk staat heel duidelijk aangegeven dat het geen garantie is voor daadwerkelijk lagere uitgaven. In hoeverre dat gaat bijdragen aan het beteugelen van de uitgaven is nog niet duidelijk. Het belang van het monitoren wordt ook onderschreven, maar dan wel in combinatie met het juiste instru-

8 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

mentarium. Er moet goed gekeken worden naar wat de gemeente wel zelf kan beïnvloeden en wat buiten de invloedsfeer ligt. Het Koersdocument verwijst regelmatig naar de verantwoordelijkheid van de rijksoverheid. Daar is het CDA het mee eens, maar dat ontslaat de gemeente niet van de verantwoordelijkheid om straks weer met een sluitende begroting en dus een robuust herstelplan te komen. Ook de gemeente zal wel degelijk een antwoord moeten vinden op externe factoren als demografische en conjuncturele ontwikkelingen. Ook daar wordt in het stuk een voorbehoud gemaakt. De gemeente moet voortmaken met de uitwerking van het herstelplan, met hulp van de visitatiecommissie en ook door gebruik te maken van de handreiking van de provincie. Het CDA is nieuwsgierig naar de uitkomst van het gesprek van volgende week. Het CDA wil de thema-avond zo ver mogelijk naar voren halen om bovenop de bal te blijven. Dhr Eikholt heeft moeite met de benadering van dhr Van Loon van het CDA. Het is een stuk wat tracht goed te doen voor de burgers, maar ook de financiën binnen de kaders te houden. Duidelijk is echter dat het openeindregelingen zijn die weg kunnen lopen bij wat men nu voor ogen heeft. Het is een dynamisch startdocument. Het verbaast hem dat het naar de raad doorgeschoven wordt. Dhr Van Loon (CDA) begrijpt de verbazing niet.

De discussie vindt in de carrousel plaats en de besluitvorming in de raad. De discussie kan, indien nodig, worden voortgezet in de raad. Hij wil de mogelijkheid tot debat open houden, ook gezien de informatie die de wethouder nog verstrekt naar aanleiding van het gesprek met de provincie. Mw Borreman stelt dat het een Koersdocument is wat ontwikkeld is in overleg met vele andere partijen. Er staan veel goede zaken in wat tot besparing kan leiden. Het kunnen ook verhogingen worden als een wachtlijst te lang wordt, wat niet goed is voor de cliënt en ook niet voor de financiën van de gemeente. Er komt wel heel veel op het Sociaal Team af. Het Sociaal Team heeft de kennis in huis om het allemaal goed op te lossen, toch moet goed in de gaten gehouden worden dat het niet overvoerd wordt met aanvragen, beoordelingen en uitvoering. Toegezegd is dat in het eerste kwartaal voorgelegd zou worden wat er allemaal gemonitord worden. Om resultaat te boeken: snel starten met het document. Er hoeft geen discussie meer in de raad plaats te vinden. Mw De Vries zegt dat D66 begrijpt dat het een lastige opgave is die de gemeente heeft om enerzijds goede uitvoering te geven aan de Wmo en de Jeugdwet en de inwoners te ondersteunen, maar ook anderzijds te maken heeft met een begrotingstekort en het betaalbaar houden van het Sociaal Domein.

Het betekent niet dat D66 achter alle keuzes staat die gemaakt worden in het Koersdocument. Een lange termijn visie lijkt te ontbreken. Voor het invoeren van de POH Jeugd heeft D66 bij de begroting al een amendement ingediend en na de uitvoerige informatie over de pilot is D66 nog meer gesterkt in de overtuiging dat een betere samenwerking met de huisarts via een POH Jeugd behalve een kostenbesparing op lange termijn ook een overbrugging zou kunnen zijn van lange wachttijden in de Jeugdzorg die nu vaak 3 tot 6 maanden zijn. Als je ernstige problematiek hebt, dan zou het goed zijn als daar een tijdelijke oplossing voor gevonden wordt. Er moeten ook pogingen om het Sociaal Domein betaalbaar te houden gedaan worden. Het beleid moet niet alleen bepaald gaan worden door de financiën en de bezuinigingsdoelen. Het wordt een beetje een cliché begrip in deze tijd, maar D66 wil toch de wethouder verzoeken hierin niet de menselijke maat te vergeten. De Wmo-adviesgroep heeft heel veel punten in een goed advies hierover en D66 vindt dat dat zeker meegenomen moet worden in het Koersdocument. Uiteraard zijn de tekorten op het Sociaal Domein ook mede veroorzaakt door de landelijke regelgeving en in de reactie op de technische vragen van het CDA worden alle partijen met lijntjes naar Den Haag opgeroepen om de noodkreet van gemeenten te laten horen.

Het probleem van de huishoudelijke hulp en de financiële consequenties voor de gemeente heeft D66 al aangekaart bij de Tweede Kamerleden. In het verkiezingsprogramma voor de komende verkiezingen is al opgenomen dat er een inkomensafhankelijke component in de eigen bijdrage voor de Wmo zorg moet komen en tevens dat er voldoende geld naar gemeenten moet om de Jeugdzorg te regelen en de jGGZ net als de volwassen GGZ misschien via de zorgverzekeringswet te laten lopen en niet via de gemeenten. Dhr Ten Westeneind vindt het Koersdocument als startdocument prima. Er komt informatie van de wethouder die mogelijk nog een rol kan spelen. Wat GJS betreft wordt het voorstel met potlood als debatstuk op de agenda gezet. Dhr Gödderz steunt het voorstel en zou het ook graag met potlood op de raadsagenda zetten. GroenLinks gaat ervan uit dat de raad voortdurend met de wethouder in de gesprek blijft en dat zij de raad bij nieuwe ontwikkeling betrekt. Voor de toekomst geeft GroenLinks de wethouder nog een tweetal wensen mee: het Sociaal Domein wat meer inbedden in andere beleidsterreinen en meer inzetten op preventie zodat mensen weerbaarder worden. Het allerbelangrijkste vindt GroenLinks dat de wet-

9 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

houder zorgt voor een bestuurs- en werkcultuur waarin de ambtenaren niet doorslaan en te streng handhaven. Dhr Eikholt zegt dat het voorstel door kan naar de raad. Ook hij wil het graag in potlood genoteerd zien zodat er een reactie mogelijk is. Dhr Van Loon (PvdA) geeft aan dat de PvdA niet zo gelukkig is met dit stuk. Het gaat erom dat de inwoner centraal wordt gezet. Het PvdA ziet het niet als een visiedocument maar als een koers richting kostenbesparingen in het Sociaal Domein. Het is zoeken naar de ondergrens van wat er wettelijk gedaan moet worden in Wmo en Jeugdwet. Het is een herdefiniëren. Er wordt met name gekeken naar de klassieke Wmo-voorzieningen. De huishoudelijke hulp wordt gemaximeerd tot een minimale voorziening van 60-80 uur per jaar. Dat is een minimale inzet. Er worden plafonds in de Jeugdhulp afgesproken. Daarbij wordt gestuurd op het accepteren van wachttijden. Er zit een risico in dat te laat de adequate hulp geboden wordt. Dit kan tot zwaardere hulp in de toekomst leiden. Daar is de cliënt niet mee gebaat. Er is een verandering van houding van ‘nee, tenzij’ in plaats van ‘ja, mits’. Hij vindt dat een negatieve benadering. De drempel voor de burger wordt verhoogd. Eigenlijk wordt er gezegd: kom maar niet met je vraag naar ons toe. Termen als normaliseren, de-medicaliseren en eigen kracht worden omarmd zonder dat er een inhoud aan gegeven wordt.

Wat normaal is voor de een is niet normaal voor de ander. Het vraagt een fundamentele discussie die niet een, twee, drie te voeren is, maar er wordt nu al vanuit gegaan dat veel dingen teruggegeven zullen worden in de zin van: u kunt er zelf voor zorgen of dat hoort bij de opvoeding. Alleen als het echt niet kan, wordt u geholpen. Hij wil het voorstel als debatstuk naar de raad omdat er onderliggende aannames in zitten die nogal verstrekkend zijn, zeker in de consequenties naar de inwoners. Het is de vraag of men daarvoor moet kiezen. Hij wil een discussie in de raad. Dhr Peters (Sociaal Groesbeek) kan zich grotendeels bij dhr Van Loon van de PvdA aansluiten. Hij vond het lastig dat de antwoorden op de vragen van de Cliëntenraad pas vanmiddag kwamen. Er komt veel op de huisartsen af. Zijn de huisartsen daar klaar voor? Hij mist de privacy-paragraaf en overweegt m.b.t. de overheveling naar de Wlz een motie in te dienen. In het stuk leest hij: samen gebruik maken van het sociaal netwerk, gebruik maken van de kracht van de samenleving. Hierbij stelt hij dat je één keer aan de buurvrouw kunt vragen je boodschappen te doen, maar dat kun je niet te vaak vragen. Hij denkt dat de buren al hard genoeg aan het werk zijn om de sociale huur te kunnen betalen. Alles wordt duurder. Daar moet niet teveel op gekoerst worden.

Helaas zijn het openeinderegelingen waar de gemeente tekort zal komen. Het zal het rijk duidelijk gemaakt moeten worden dat er geld bij moet op het Sociaal Domein, anders redden de gemeenten het niet. Het voorstel is een debat- of discussiestuk in de raad. Mw Van Broekhoven zegt dat het een hamerstuk kan zijn. Maatregelen zijn onvermijdelijk en als ze niet genomen worden, gaat de provincie ze nemen en worden ze nog veel onorthodoxer. Een aantal keren is door raadsleden zorgen geuit en er wordt gezegd: wethouder wilt u de menselijke maat houden, wethouder wilt u onze burgers niet zien als cijfers. Zij ziet een wethouder die het onderwerp goed vast heeft en die zich bewogen en betrokken naar burgers uit. Het is bij haar en bij de professionals in goede handen. Zij heeft er alle vertrouwen in en men moet niet te bang zijn. Zij adviseert de wethouder om ten aanzien van de doorstroom Wlz, waar de angst is om de vaste contactpersoon en zorgverleners te verliezen, samen te werken met het zorgkantoor om te kijken of alleen door de financiering te veranderen men niet alle zorgverleners hoeft te verliezen. Het zou een mooie pilot kunnen zijn. Mw Hustedt geeft aan dat VOLG het Koersdocument steunt. De uitgesproken zorgen worden gedeeld. Er moet echter wel iets gebeuren en het moet snel gebeuren. Daar is dit Koersdocument de eerste stap voor.

Zij vindt het spijtig dat in het Koersdocument weer alles vanuit de financiële kant bekeken wordt. Laagdrempelige en snelle hulpverlening door het Sociale Team of een POH Jeugd is ook goed voor de hulpvrager. Zij hoopt dat het Sociale Team en de inwoners de draai kunnen maken die gevraagd wordt. De voorzitter concludeert dat het een debatstuk voor de raad is. De griffie zal een document maken aan de hand waarvan het debat kan plaatsvinden. Sociaal Groesbeek komt wellicht met een motie. De voorzitter sluit de vergadering om 22.18 uur.

10 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

Afspraken en Toezeggingen Pagina 4 bovenaan Wethouder Van de Scheur neemt de opmerking mee dat definities van begrippen in verschillende beleidsdocumenten niet overeenkomen. Pagina 6 halverwege Wethouder Van de Scheur zegt toe dat er voor de zomer een thema-avond georganiseerd wordt om raad en carrousel mee te nemen in de cijfers over 2020 waarin de organisatie van het Sociaal Team meegenomen wordt.

11 Verslag carrouselvergadering gemeente Berg en Dal – 21 januari 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9671521/2