CConstaterende datBerg en Dal
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag carrouselvergadering Berg en Dal 14 oktober 2021

Gemeenteraad 21 oktober 2021, gemeente Berg en DalBij agendapunt: Vaststellen van de verslagen van de carrouselvergaderingen van 13 oktober 2021 en 14 oktober 2021 en de raadsvergadering van 30 september 20219.696 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag carrousel gemeente Berg en Dal 14 oktober 2021

B67 Voorstel om de toekomstvisie voor De Mallemolen vast te stellen

Voorzitter: Griffie: Portefeuillehouder: Ambtelijk: De leden:

Verslag:

dhr A. ten Westeneind dhr J. van Workum mw E. Visser dhr C. te Riele dhr W. Bakker (CDA), mw R. Vree (GroenLinks), dhr M. Ernst (Polderbreed), dhr H. Eikholt (GVP), dhr H. Peters (Sociaal Groesbeek), dhr J. van den Bent (VBenD), mw J. Brouwer (VOLG), mw M. ten Doesschate (VVD), dhr J. van Loon (PvdA) en mw T. Vorderman (D66) Buro Service Overasselt, mw W. Verheijen Verkroost

Afwezig:

GJS (wordt vertegenwoordigd door VBenD)

De voorzitter opent de carrousel om 20.00 uur en heet de aanwezigen welkom. Vragen aan de wethouder Mw Vorderman had veel vragen, maar is na een gesprek met de wethouder voorafgaand aan de vergadering al op veel punten gerustgesteld, ook wat betreft het in de hoogte bouwen. D66 zou daar heel erg voor zijn. Wat voorligt is best wel mager voor wat men allemaal wil de komende jaren en ook met het toenemen van het aantal inwoners binnen de gemeente. Zij heeft begrepen dat er op de huidige fundering in de hoogte gebouwd kan worden en vraagt of dat meegenomen kan worden in de vervolgplannen. Wethouder Visser antwoordt dat de Mallemolen indertijd neergezet is, en vooral het gedeelte waar de bibliotheek zich bevindt, met een stevigere fundering waardoor het mogelijk is in de toekomst daar een etage op te zetten. Het kan in de verkenning meegenomen worden, maar daar hangt ook een ander kostenplaatje aan. Zij is zelf van mening dat het wel meegenomen moet worden. Het zou een van de kostendragers kunnen zijn om de verbouwing te bekostigen. Dhr Peters (Sociaal Groesbeek) zegt dat er een verschil van € 1 miljoen in de bouw zit en hij wil hier graag een verklaring voor. Wethouder Visser antwoordt dat het verschil van € 1 miljoen afhankelijk is van de marktwerking op dit moment in de bouw, in de bouwmaterialen, in de kosten die op dit moment stijgen.

Op dit moment moet er met een marge gewerkt worden. Zij beseft dat een range van € 1 miljoen enorm is, maar in het voorstel wordt aangegeven dat het zelfs meer zou kunnen zijn. Het is op dit moment nog niet duidelijk, het hangt van de doorberekeningen af, waarna een zekerder bedrag duidelijk wordt. Dhr Peters stelt dat een aannemer gaat bouwen en hij gaat ervan uit dat de aanneemsom gehaald wordt. Dhr Van Loon (PvdA) vraagt of de vraag van het Montessoricollege om betere en extra ruimte voor het Agora-onderwijs leidend is in het huidige voorstel tot revitalisering van de Mallemolen en dat dit onderwijs daarin een plaats moet hebben en op korte termijn gerealiseerd moet zijn. Wethouder Visser antwoordt dat het inderdaad zo is dat het heel belangrijk is dat het onderwijs op korte termijn een goede huisvesting krijgt en daarmee samen een goede huisvesting voor de bibliotheek en alle andere verenigingen en gebruikers van de Mallemolen. Iedereen zit te springen om duidelijkheid. Dhr Eikholt zegt dat bij de dagmail een brief van de directeur van het Agora-onderwijs zat en die brief kwam bij hem agressief over. Hij vraagt een reactie van de wethouder hierop. Wethouder Visser leest de brief als een noodkreet dat er op korte termijn gehandeld moet worden. Het Agora-onderwijs roept al bijna 2 jaar om een goede huisvesting voor onderwijs. Dat wil men allemaal

1

ook. De benedenverdieping heeft men geaccepteerd voor zolang het nodig was, maar dat is niet de goede oplossing. De brief is een dwingende brief aan de raad om tot een beslissing te komen. Dhr W. Bakker vraagt of het over een termijn van 5 jaar gaat. Wethouder Visser begrijpt de opmerking over 5 jaar niet. De visie die nu voorligt, is een hele grote ingreep, gaat veel geld mee gemoeid en is geen ingreep die je voor 5 jaar doet. Het is een ingreep die je voor minimaal 15-20 jaar doet. Mw Ten Doesschate verbaast zich hierover. Afgelopen juli heeft wethouder Visser geschreven: “Onzeker is of het Agora-onderwijs nog na 5 jaar bestaat. Onduidelijk is wat de verwachting is over een aantal jaren.” Het klopt dus niet wat de wethouder zojuist gezegd heeft. Wat weet de wethouder inmiddels meer dan in juli? Wethouder Visser antwoordt dat de prognoses haar bekend zijn. De aanvraag die Montessori heeft gedaan voor het Agora-onderwijs in januari jl. betrof 86 leerlingen, die er toen waren. Dit schooljaar is men begonnen met 30 leerlingen meer. Er zijn nu 116 leerlingen. De prognoses de komende jaren laten zien dat er een stijging is van 6 á 7 leerlingen per jaar. Dat zijn prognoses van de school zelf, maar die ook in de regio gelden. Prognoses gelden maximaal voor een termijn van 5 jaar.

De prognoses die voor die jaren gegeven zijn, vertonen echt een groei met 6 á 7 leerlingen per jaar en daarna stabiliseert dat. De voorzitter zegt richting mw Ten Doesschate dat de wethouder de huidige stand van zaken aangeeft. Dhr Ernst zegt m.b.t. het Plan van Aanpak en Uitvoering dat de planning er schitterend uitziet. Het lijkt hem echter erg krap en hij vraagt of de planning haalbaar is. Wethouder Visser antwoordt dat de planning heel erg ambitieus is. Het zal een behoorlijk zware opdracht zijn om het binnen de termijn te halen. Het hangt ook af van de besluitvorming door de raad. Omdat de planning zo krap is wordt er wel al voorgesorteerd. De Programma’s van Eisen van de gebruikers worden bijvoorbeeld al opgevraagd. Alle gegevens die nodig zijn om de berekeningen te maken zodat een architect aan de gang, worden al verzameld. Het zal een behoorlijk zware opdracht worden om het binnen die tijd te realiseren. Iedereen wil de schouders er ook onder zetten. Mw Brouwer zegt dat het zowel over de Mallemolen als over het Montessori-college gaat. Nu vraagt het Montessoricollege van alles aan de Mallemolen. Zij vraagt zich af of het andersom ook niet kan. De school is 12 weken per jaar dicht, ’s avonds dicht, weekends dicht. Is het niet mogelijk iets wederkerigs te realiseren. Wethouder Visser vindt het een hele leuke vraag. Er wordt ook over gesproken.

Behalve een gymzaal is er ook een aula waar van alles kan gebeuren. De school beaamt dat het gebouw na 4 uur en in het weekend leeg staat en ook op zoek is naar ander gebruik/mede gebruik van de ruimtes. Het kan een prima aanvulling zijn op wat de Mallemolen te bieden heeft. Ook de school in Nijmegen is zo met haar ruimtes bezig. Men is op zoek naar het multifunctioneel inzetten van de ruimtes. Dhr Van den Bent spreekt vanavond namens VBenD en GJS. Vanavond wordt er over de Mallemolen gesproken, eerder dit jaar is er ook al over gesproken en met name ingestoken vanwege het Agoraonderwijs. In het stuk van de Mallemolen komen enorme kosten naar voren en een enorme post aan onderhoud, wat aangeeft dat de keuzes vanuit het verleden zich nu wreken. Hij vraagt zich af of de keuzes die nu gemaakt worden door voor te sorteren op revitalisering gedaan worden om de plek die de Mallemolen zou moeten en mogen zijn voor Groesbeek of onder druk van het Agora-onderwijs of de behoeftes op korte termijn. Zowel de revitalisering als nieuwbouw vragen enorme bedragen. Hij vraagt of de wethouder de afweging kan toelichten. Wethouder Visser antwoordt dat elke woonkern een dorpshuis moet hebben. De grootste woonkern, Groesbeek, heeft de Mallemolen. De combinatie met onderwijs en andere functies maakt dat het heel goed zou kunnen bruisen en exploitabel zou kunnen zijn.

Het is niet zo dat de een of de ander echt de doorslag geeft, het is vooral de combinatie met elkaar, waardoor je het ook voor elkaar, of het verenigingsleven, onderwijs, omroep of bibliotheek of andere gebruikers zijn, in de kern Groesbeek in stand kunt houden. Zij is ervan overtuigd dat het alleen maar gedaan kan worden als je er vol voor gaat en de exploitatie beter gaat maken en ervoor zorgt dat het het bruisende hart van Groesbeek wordt. Er is gedacht aan een dorpshuis op het Marktplein, maar dat is om allerlei redenen niet doorgegaan. Bij de Mallemolen zijn ook nog allerlei andere ontwikkellocaties die al op korte termijn ingevuld worden. Het is ook de vraag van de gebruikers om het te behouden. Direct na de raadsvergadering is na de vakantie gesproken met de gebruikers. Ze willen er allemaal blijven, ze willen allemaal anders gaan werken dan nu gebeurt, meer met elkaar gaan doen.

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

2

Dhr Van den Bent zegt dat de Mallemolen als cultureel centrum niet wordt betwist. Het gaat om de keuzes die nu voorliggen: revitaliseren of nieuwbouw. Hij wil weten of er nu onder druk keuzes gemaakt worden of wordt de juiste keuze gemaakt. Wethouder Visser antwoordt dat de afweging nieuwbouw of revitaliseren een afweging is waarin je de termijnen en de kosten mee moet nemen en af moet wegen. De kosten voor nieuwbouw zullen vele malen hoger zijn dan de kosten voor revitaliseren. Er staat een gebouw wat goed is. Het is alleen gedateerd en je moet het anders gaan aankleden. Een negatief aspect van nieuwbouw is ook dat dat niet volgend jaar klaar is. Dan beantwoord je niet aan de behoefte die het onderwijs heeft. Dan moet je tussentijds voor het onderwijs iets gaan verzinnen. Noodlokalen. In de carrousel in juli is aangegeven hoeveel geld dat kost. Dat zijn afwegingen die je maakt. Dan is de vorm van revitalisering mogelijk, het gebouw kan het prima hebben en kan nog jaren mee. Dan is dit de beste keus om daarop in te zetten. Voor de komende 15-10 jaar kun je daar een echt goed cultureel centrum hebben. Dhr W. Bakker vindt het lastig om af te gaan op prognoses wat betreft het Agora-onderwijs. Hij wil weten of er toekomst is voor dat onderwijs. Hij is blij dat er zo’n multicultureel centrum als de Mallemolen in Groesbeek is, wat bruist. Het moet opgeknapt worden.

Er moet wel duidelijkheid komen hoe levensvatbaar het Agora-onderwijs is. Daar is hij nog niet helemaal zeker van. Wethouder Visser antwoordt dat prognoses de systematiek is waar het onderwijs mee werkt, prognoses die 5 jaar vooruitkijken. 5 jaar geleden moest men nog met het Agora-onderwijs beginnen en was er twijfel of dat wel enige levensbestendigheid zou hebben. Het heeft zich de afgelopen 3 jaar wel bewezen. Als zij de onderwijsprognoses in de regio ziet, met name scholen in Nijmegen en de twee voortgezet onderwijsvarianten in Berg en Dal, dan is te zien dat Havo stabiliseert en Montessori heel constant blijft. Het heeft met name dat effect omdat het in een enorme behoefte voorziet voor de eigen kinderen van Berg en Dal. Het blijft constant in tegenstelling tot een beweging naar beneden in Nijmegen bij een aantal scholen, waar het aantal aanzienlijk terugloopt. Montessori Nijmegen en Montessori Berg en Dal, de Vmbo-kant en Agora met een Havo-licentie komt ook, blijven constant en groeien met 6 á 7 leerlingen per jaar. Zij is daar trots op. Aan de onderkant zie je dat de basisscholen ook redelijk constant zijn in hun prognoses. Mw Vorderman zegt dat de gemeente de verplichting heeft om voor goede huisvesting voor onderwijs te zorgen. Dhr W. Bakker geeft aan dat als dat nodig is om de Mallemolen te laten voortbestaan, dan moet dat gebeuren.

Dat is in feite waar vanavond over gesproken wordt. Dhr Peters (Sociaal Groesbeek) wijst op de mogelijkheid van een porto cabin voor die extra leerlingen. Dhr Van den Bent stelt dat het over de Mallemolen gaat, met een urgentie voor het Agora-onderwijs, het gaat niet om het Agora-onderwijs wat nodig is voor de Mallemolen, het is breder. Dhr Eikholt is blij met de opmerking van dhr Van den Bent. De discussie moet niet over het Agoraonderwijs gaan. Dit is een klein deeltje van het totale plan. Hij is blij dat het er nu eindelijk van lijkt te komen dat de Mallemolen aangepakt wordt als bruisend dorpshart van Groesbeek. De Montessori-school die er inmiddels al 50 jaar staat, zal op enig moment ook gerevitaliseerd moeten worden, c.q. nieuwbouw. Op het moment dat dat binnen 5 of 10 jaar gaat gebeuren, is hij heel bang dat de gemeente de slag gemist heeft in de zin dat het heel mooi gecombineerd zou kunnen worden. Hij stelt zich voor dat als het schoolgebouw binnen afzienbare tijd ook op de rol komt te staan, afgewogen moet worden of er naar nieuwbouw gegaan zou kunnen worden, misschien zelfs wel geïntegreerd, en de Mallemolen naar beneden brengen, dichter bij de grote parkeerplaatsen van bijvoorbeeld de Aldi, en het onderwijs misschien wat verder naar boven of misschien geïntegreerd.

Zijn zorgen liggen meer op het gebied van wordt nu de Mallemolen grondig aangepakt met alleen huisvesting van het Agora-onderwijs wat noodzakelijk is en wat moet, maar wordt niet de boot gemist als over 10 jaar weer een keer hele forse kosten gemaakt moeten worden door nieuwbouw van een school. Wethouder Visser antwoordt dat zij hoopt dat zij de verontrusting weg kan nemen. De vraag hoe het met het gebouw staat is ook in de voorbereidende fase aan het onderwijs gesteld, wat is de staat van het gebouw. Vanuit de school heeft zij te horen gekregen dat de staat van het gebouw goed is. Dit wil niet zeggen dat er niets aan moet gebeuren. Gebouwtechnisch is het goed, maar er moet wel een slag gemaakt gaan worden wat technische installaties betreft. De school heeft al zonnepanelen op de daken gelegd, maar er moet ook nog wel een verdere slag gemaakt worden wat duurzaamheid betreft. En er moet een goed binnenklimaat zijn. Er hoeft niet op afzienbare tijd iets aan het gebouw te gebeuren.

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

3

Binnen de huidige bekostigingsregeling van het onderwijs ligt dat nog bij de scholen. Met de veranderende wetgeving over revitaliseren van scholen, kan er een ander besluit vallen. Dat zijn bewegingen waar de gemeente de komende jaren in meegaat. Dhr Eikholt gaat uit van een revitalisering van de Mallemolen ergens tussen de 15-20 jaar met een afschrijvingstermijn van 30 jaar. Het vernieuwde gebouw zal er straks 30 jaar staan. Zo werkt dat. In de periode 15-20 jaar wordt dan niet verwacht dat de school met een volledige nieuwbouw komt of een dusdanig forse investering dat het ook weer € 5 miljoen gaat kosten. In dat geval is zijn zorg grotendeels weggenomen en kan men zich concentreren op een mooie revitalisering van de Mallemolen. Mw Brouwer zegt dat dit haar doet denken aan de school op De Horst, en er zijn nog meer scholen. Eerder heeft zij aangegeven dat zij het vreemd vindt dat er plannen zijn voor wegen, voor riolering, voor van alles, maar niet voor scholen. Dat zou er wel moeten zijn zodat duidelijk is wanneer welke school met iets komt op het gebied van huisvesting. Het kan dan ook in de begroting meegenomen worden. Nu wordt de raad iedere keer voor het blok gezet. Zij pleit voor een huisvestingsplan voor scholen. Mw Vree zegt dat al veel van haar punten besproken zijn. Zij onderschrijft de suggestie van mw Brouwer.

Het is belangrijk dat voor de toekomst duidelijker wordt wat de gemeente te wachten staat. Mw Ten Doesschate vraagt of het gesprek tussen de wethouder en dhr Martijn Arends heeft plaatsgevonden en zo ja, wat is het resultaat. Wethouder Visser antwoordt dat het gesprek deze week heeft plaatsgevonden. Er leven allerlei ideeën en zorgen. Het gesprek zal altijd aangegaan worden. In het traject dat men straks ingaat zal heel veel gesproken worden met gebruikers en beheerder om met elkaar aan de toekomst te werken. Standpuntbepaling Mw Brouwer hinkt op twee gedachten en sluit daarmee aan op het standpunt van dhr Eikholt. Zij heeft gelezen dat het gebouw van de Maddox blijft en is daar blij mee. Zij wil nog overleggen met de fractie en zal in de raad met een standpunt komen. Dhr Ernst zegt dat Polderbreed het voorstel goed vindt. Er wordt al jaren geroepen dat er in iedere kern voorzieningen moeten zijn, dat er een dorpshuis moet zijn, ook in Groesbeek. De Mallemolen is heel erg belangrijk. Als revitalisering sneller en goedkoper is dan nieuwbouw wordt dat gesteund door Polderbreed. Het zijn hoge kosten, maar het geeft zekerheid voor de komende 15-20 jaar. Bovendien wil de bibliotheek al heel lang een vernieuwingsslag doorvoeren. Het is voor de bibliotheek belangrijk dat zij nu wel plannen kunnen maken en weten waar ze aan toe zijn.

De wethouder heeft aangegeven dat er urgentie is en dat er snel gestart kan worden. Het is goed te horen dat er al allerlei voorbereidende activiteiten ondernomen zijn. Probeer zoveel mogelijk gebruikers voor het pand te vinden wat ook voor een sluitende exploitatie belangrijk is. In de plannen zie je dat er heel veel mogelijk is. Dhr Van Loon (PvdA) geeft aan dat hij nog niet zover is dat hij het voorstel kan steunen. In de visie zitten twee andere besluiten in, impliciet wordt dan ook besloten dat de bibliotheek niet meer naar het gemeentehuis gaat en ook wordt besloten dat het Agora-onderwijs in de Mallemolen blijft en ook uitbreiding krijgt. Hij vindt dat geen juiste voorstelling van zaken. Dhr Eikholt zegt dat het feit dat nu het Agora-onderwijs een plaats krijgt in een gedeelte van de bibliotheek en het feit dat de bibliotheek niet in het gemeentehuis komt, een resultaat is van het besluit van de raad om dat te blokkeren. Het is logisch dat er dan een vervolgplan voorgelegd wordt. Dhr Van Loon (PvdA) stelt dat de wens tot het besluit ten aanzien van het Agora-onderwijs duidelijk is en dat begrijpt hij ook. Het is de vraag of het juist is dat dat nu hier besloten wordt. Keuze voor revitalisering houdt impliciet in dat er geen gebiedsvisie nodig is. Hij ziet daar allerlei mogelijkheden of argumenten om juist naar het gebied te kijken.

Het is een gebied waar Montessori en de Mallemolen zitten, maar ook op het oude Lidl-terrein gebeurt iets en er zijn nog wensen rondom wonen. Dit zou meegenomen kunnen worden en zijn argumenten om wel de gebiedsvisie te doen. Revitalisering en nieuwbouw worden naast elkaar gezet. Terloops wordt het groot onderhoud nu plus uitbouw ten behoeve van Agora-onderwijs even weggeschoven, terwijl dat ook een kostenplaatje heeft. Groot onderhoud plus uitbouw nu kost € 2,25 miljoen, revitaliseren is dubbel zo duur en voor nieuwbouw komt daar nog weer € 3 miljoen bovenop. De extra last voor de meerjarenbegroting van het groot onderhoud nu plus de uitbouw is ongeveer gelijk aan de extra lasten van de revitalisering. Dit vindt hij vreemd omdat er ruim € 2 miljoen tussen zit. Uit gespreksverslagen ziet hij dat er allerlei gesprekken zijn geweest met gebruikers en met de beheerder. Hij heeft er zorgen over of daar wel voldoende duidelijk is geweest of dat nu pas duidelijk wordt dat

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

4

er gekozen wordt voor een open inschrijving op de beheersfunctie. Als je jaar in jaar uit op een contract van een jaar zit en soms ook vrij laat in het jaar contractverlenging krijgt, komt er nu de mogelijkheid van een langjarig contract. Dhr Eikholt zegt m.b.t. continuïteit van het beheer van de Mallemolen, dat hij de wethouder daar ook al een aantal keren op gewezen heeft. Als je telkens een jaarcontract krijgt, wat mag je dan verwachten in wat je kunt. Welke afspraken kun je aangaan met partijen als je niet weet dat je als beheerder die afspraak ook kunt nakomen na je termijn van een jaar. Hij wil nadrukkelijk aandringen op meerjarige contracten en continuïteit. Het zou heel fijn zijn als de huidige beheerder daar een eerste stap in kan maken. Dhr Van Loon (PvdA) geeft aan dat een meerjarig contract wenselijk is. Hij heeft een probleem met het feit dat er nu een open inschrijving is. Iedereen kan hierop inschrijven en het is de vraag wat het betekent voor de huidige beheerder. Wethouder Visser antwoordt dat in de stukken staat dat het wenselijk is om bijvoorbeeld met termijnen van 5 jaar te gaan werken. In het stuk staat ook wat voor type ondernemer er nodig is om het goed bruisend te hebben.

Het moet iemand zijn die heel erg geworteld is in de organisatie, in het Groesbeekse, maar het allerbelangrijkste is dat de nieuwe beheersconstructie een moderne beheersconstructie wordt, want dat is op het moment niet het geval. Als die stap gemaakt wordt is er zoveel geld mee gemoeid dat de gemeente een openbare aanbesteding moet doen. Dat zijn de regels waar binnen de gemeente mee gewerkt wordt. Je werkt dan met drie aanbestedingen. Het gaat om veel geld. Het is echt de bedoeling dat de beheerder het hele gebouw met alle huurders gaat exploiteren en dat de gemeente zich van een aantal zaken echt terugtrekt. Het staat iedereen vrij, ook de huidige beheerder, om daar zijn inschrijving te doen. Dhr Van Loon (PvdA) merkt op dat in het stuk staat dat het wenselijk is, niet verplicht. Hij vraagt of dit gecorrigeerd kan worden. Dhr W. Bakker zegt dat het CDA het wel zuur vindt dat je van jaarcontract naar jaarcontract gaat en dat nu, als je de kans krijgt om wat te gaan doen in een termijn van 5 jaar er een aanbesteding is. Het lijkt hem verstandig om met iemand die het klappen van de zweep kent goed in gesprek te blijven. Dhr Peters (Sociaal Groesbeek) is van mening dat het Agora-onderwijs en de Mallemolen niet van elkaar los te zien zijn. Hij vindt het lastig. Bij de besluitvorming wordt in de raad ‘ja’ gezegd tegen € 5 miljoen, terwijl het onderwijs voor 5 jaar vast ligt.

Hoeveel m2 leegstand zou er na 5 jaar kunnen ontstaan? Hij zou het bedrag gesplitst willen zien in wat de revitalisering kost met en zonder Agora-onderwijs. € 224.000,- per jaar is nogal wat en druk op de begroting. Hij hoort dat de staat van de school goed is, maar dat er technische veranderingen nodig zijn. Hij wil van de wethouder weten of de school de eerste 15 jaar toch niet met nieuwbouw komt. Hij sluit aan bij dhr Eikholt en dhr Van Loon dat in dat geval het goed zou zijn de omgeving mee te nemen. De bibliotheek zou naar het gemeentehuis komen, maar er is nog een plek waar de bibliotheek naartoe zou kunnen en dat is het leegstaande bankgebouw, als dat betaalbaar is. Hij is het ermee eens dat de termijn voor de beheerder verlengd wordt naar 5 jaar. Mw Vorderman geeft aan dat D66 zeker enthousiast is dat het Agora-onderwijs een plaats krijgt in de Mallemolen. Dit onderwijs sluit perfect aan bij zo’n omgeving. Het is een meerwaarde. D66 ziet heel graag de bibliotheek terug in de Mallemolen. Het past echt bij een cultuurhuis, bij onderwijs en de uitbater zal er ook plezier van hebben. De mensen die binnen komen lopen voor een boek lusten misschien ook wel een kopje koffie. D66 heeft wel de wens om het in één keer goed aan te pakken. Kijk of er iets de hoogte in kan. Een theaterzaal voor een grote gemeente die Berg en Dal zal worden, is geen overbodige luxe.

Nu is het moment om dat goed te bekijken en uit te zoeken. Mw Ten Doesschate zegt dat uit de toekomstvisie, opeens, in tegenstelling tot het voorstel B56 van 15 juli 2021, blijkt dat de Mallemolen van groot belang is voor het verenigingsleven. In juli schreef wethouder Visser: er is voldoende ruimte in Berg en Dal om de bestaande functies elders onder te brengen, maar helaas niet allemaal in het centrum. Gelukkig nam wethouder Fleuren een minderheidsstandpunt in: Mallemolen behouden en daarmee structureel onderhouden van de Mallemolen. Anders worden de verenigingen de nek omgedraaid. In juli 2021 schrijft wethouder Visser: Onzeker is of het Agora-onderwijs ook nog na 5 jaar bestaat. Onduidelijk is wat de verwachting is over een aantal jaren. Op pg 5 staat: Noodlokalen kunnen met ontheffing blijven staan zonder de bestemming aan te passen. Destijds, in de tijd van wethouder Poelen, stonden daar ook al noodlokalen, kan dus prima. Huur of koop. Voor die 5

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

5

jaar de Mallemolen helemaal aanpassen voor het Agora-onderwijs en onzekere toekomst van het onderwijs is zeer risicovol, een desinvestering dus. Niet doen. Beter noodlokalen zetten zoals vroeger. Montessorischool beschouwt zich als huurder, zie brief januari 2021, voor een deel van de Mallemolen, 650 m2, en als zodanig met bijbehorende rechten en plichten. Montessori verwacht dat de gemeente het beheer verzorgt en daarvoor iemand aanstelt, een beheerder die het gebruik coördineert, gastvrouw/gastheer is, het onderhoud controleert en organiseert en algemeen contactpersoon zal zijn. Wie gaat dat betalen? Dat is dus niet nodig als de Montessorischool eigen noodlokalen heeft. Deze constructie geeft alleen maar problemen zoals men destijds ook merkte toen de school ook al gedeeltelijk gebruik maakte van de Mallemolen en er natuurlijk na een tijdje weer uit ging. Dhr Eikholt vraagt of de VVD wel of niet een bruisend hart in het centrum van Groesbeek wil. Mw Ten Doesschate antwoordt dat de VVD dat heel graag wil, in de Mallemolen. De VVD wil niet de school voor 5 jaar en dat alles daarom heen ervoor moet wijken. Als de school er achter staat kan aan de achterkant een deur komen, zodat, als er iets bijzonders is, ze altijd naar de Mallemolen kunnen komen. Het is voor het onderwijs niet nodig dat ze in de Mallemolen zitten.

Bezoekers bibliotheek of verenigingen kunnen storend werken voor het onderwijs. De voorzitter vraagt of de VVD hier een amendement voor gaat indienen. Mw Ten Doesschate zegt dat ze dit eerst gaat bespreken in de fractie De VVD is tegen de open inschrijving voor een beheerder. Sinds 2012 is de huidige beheerder aan het lijntje gehouden met steeds contracten van 1 jaar. Op die manier kon hij niet op volle toeren draaien. Artiesten moeten soms wel 2 jaar van te voren geboekt worden en dat kon dus niet. Voor de VVD is optie 3 op pg 7 wel het beste voorstel. Mocht het Agora-onderwijs geen succes worden, dan houdt de huur op en zit de gemeente na 5 jaar met de gebakken peren en met de gemaakte kosten. School mooi apart, niet in de Mallemolen. Kortom een huurcontract met de school voor 650 m2 voor 5 jaar vindt de VVD geen goed idee. De huur is dan € 907.000,-. Het kopen van noodgebouwen kost € 989.000,-. Of de school er nu in komt of niet – wat de VVD niet wil -, er moet in ieder geval heel flexibel gebouwd worden zodat alles steeds aangepast kan worden aan de behoefte. Mw Vree zegt dat GroenLinks wel heel graag de bibliotheek in het gemeentehuis had gehad. Naar haar mening is daar niet echt over gestemd in de raad maar het is blijkbaar toch besloten dat de bibliotheek niet in het gemeentehuis komt.

GroenLinks vindt het ook wel jammer dat in het stuk staat dat het theateraanbod niet verder wordt vergroot. Mw Vorderman heeft hier ook al iets over gezegd. Haar suggestie was heel goed om te kijken als de hoogte in gebouwd wordt, het mogelijk is een theaterzaal te realiseren. Groesbeek verdient dat. GroenLinks had mede om die reden ook wel nieuwbouw willen overwegen maar begrijpt dat het niet kan omdat het Agora-onderwijs er niet op kan wachten. Het is de plicht van de gemeente om voor een goede school te zorgen. Ook is het zo dat verbouw ook duurzamer is. GroenLinks kan meegaan met het voorstel. Dhr Eikholt geeft aan dat de GVP zeer positief is over het voorstel. De GVP wil naar een bruisend dorpshart en is blij dat er nu uiteindelijk toch de keuze gemaakt gaat worden om dat goed op te pakken. Dat kost nu eenmaal geld. Hij denkt dat het Agora-onderwijs een beperkt deel is van het totaal en dat niet alles opgehangen moet worden aan alleen het wel of niet inbrengen van het Agora-onderwijs. Hij is een van de weinigen geweest die aandrongen op een gebiedsontwikkeling. Hij realiseert zich ook dat het heel complex is. Er zijn veel partijen, veel eigenaren, met elke eigenaar zou afzonderlijk overeenstemming moeten plaatsvinden.

Hij heeft net de geruststellende woorden van wethouder Visser gehoord in de zin dat het gebouw van het Montessori-onderwijs nog volledig voldoet, behoudens wat aanpassingen. Als er gesproken wordt over een volledige gebiedsontwikkeling, zou er ook kapitaalvernietiging plaatsvinden als de school afgebroken zou worden. Dat is op dit moment niet gewenst. Dan blijft over de revitalisering van het huidige gebouw van de Mallemolen. Hij stelt dat men daar heel reëel in moet zijn en de schouders eronder moet zetten en het steunen. Hij is blij dat het er naar uitziet dat wat betreft de financiën er ook meerjarig dekking zal zijn. Dhr W. Bakker wil de wethouder een compliment maken omdat hij dit een voorbeeld vindt, gezien de vorige discussie, van flexibiliteit. Het CDA kan zich in het plan vinden. Hij kent Groesbeek niet anders dan een bruisend dorp. Een theater is echt wenselijk, dat is de toekomst. Hoe het verder uitgewerkt wordt, zal blijken. Er komt nu een einde aan de onzekerheid van het voortbestaan van de Mallemolen, met een bibliotheek erin. Het is juist de plek waar je een kop koffie pakt. Hij is er wel voor dat het in één keer goed gedaan wordt.

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

6

Dhr Van den Bent zegt dat samenvattend gezegd kan worden dat Groesbeek een goed functionerende Mallemolen verdient. De gebruikers verdienen ook de duidelijkheid die nodig is om hun ding te kunnen doen. Die slag kan nu gemaakt worden. Hij is het met dhr Eikholt eens dat een gebiedsvisie misschien wel de allerbeste optie was geweest, maar dat vraagt tijd en men kan constateren dat er een beetje haast geboden is. Het voelt als een second best plan. Richting de VVD zegt hij dat het Agora-onderwijs nu ook één van de gebruikers is. Die kun je niet los zien van de Mallemolen. VBenD is in grote lijnen voor. De voorzitter concludeert dat een ruime meerderheid het voorstel onderschrijft maar er leven nog vragen en andere gevoelens. Hij stelt voor om dit voorstel als debatstuk op de agenda van de raad te zetten. Dhr Van Loon (PvdA) zegt dat de Mallemolen ook voor de PvdA belangrijk is. De bibliotheek is in het verhaal steeds aan de orde geweest, vaak omdat er een bezuinigingsslag gemaakt moet worden in het sociaal domein. Er kwamen allerlei oplossingen naar voren kwamen waar grote investeringen mee gemoeid waren omdat er allerlei andere zaken bij kwamen. Nu gebeurt hetzelfde rondom de Mallemolen, er gaan grote bedragen in om.

Voor de beeldvorming naar buiten toe is het toch wel heel belangrijk om aan te geven waarom deze kosten - onderhoud en revitalisering - gemaakt moeten worden ten opzichte van de bezuinigingen op het sociaal domein. Er komen signalen binnen van mensen die dat niet begrijpen. Mw Vorderman vraagt dhr Van Loon om voor zichzelf helder te krijgen waar de prioriteiten liggen. Aan de ene kant wil hij zekerheid voor de uitbater, maar eerst de omgeving verkennen: make up you mind. Dhr Van Loon (PvdA) geeft aan om welke punten de PvdA zich druk maakt. Mw Vorderman antwoordt dat het voor de discussie helderder is als er keuzes gemaakt worden zodat duidelijk is waar de PvdA voor staat. Mw Brouwer zegt dat VOLG het sociaal domein ook superbelangrijk vindt. Bij ieder onderwerp kan gezegd worden dat het naar het sociaal domein moet, maar dan kan de gemeente verder niets meer doen. Dhr W. Bakker is van mening dat juist een buurthuis heel preventief werkt op het sociaal domein, qua kosten. Dhr Van Loon (PvdA) geeft aan dat het belangrijk is om duidelijk te maken naar de bevolking dat er bezuinigd moet worden op het sociaal domein, maar op andere plekken moet ook het een en ander gebeuren. Het beeld naar buiten moet duidelijk zijn. De voorzitter sluit de vergadering om 21.10 uur.

B68 Voorstel om het verstedelijkingsconcept (onderdeel van de verstedelijkingsstrategie Groene Metropool) vast te stellen

Voorzitter: Griffier: Portefeuillehouder: Ambtelijk: Overig: De leden:

Verslag:

dhr R. Bekers dhr R. Wildeman wethouder dhr N. Verheul dhr H. Verouden dhr H. Lenis (Regio Arnhem-Nijmegen / De Groene Metropool) mw L. Albers (PvdA), dhr N. Bakker (CDA), dhr X. Bardie (GroenLinks), dhr A. Driessen (GJS), dhr R. Hammer (VVD), dhr W. Kersten (Sociaal Groesbeek), dhr J. Peters (VBenD), dhr G. Ubbink (Polderbreed), dhr R. Verstraaten (GVP), mw J. de Vries (D66) en dhr A. Weijers (VOLG) Buro Service Overasselt, dhr M. Geurts

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

7

De voorzitter opent de carrousel om 20.00 uur en licht de wijze en het onderwerp van bespreking kort toe. Dhr Lenis houdt een presentatie over de verstedelijkingsstrategie Groene Metropool, waarvoor kortheidshalve wordt verwezen naar de hand-out. Aan de orde komen: wat is verstedelijkingsstrategie, meer landschap en meer stad, ontwerpprincipes, stedelijke en vitale kernen, gebiedsuitwerkingen en hoe het verder gaat. Wethouder Verheul geeft desgevraagd aan wat van de carrousel c.q. raad wordt verwacht. Het gaat om een complex. veelomvattend vraagstuk waarbij het gaat om alles wat in de gemeente Berg en Dal wordt gedaan en waarop wordt aangesloten. Het gaat hier om samenwerking en de gevolgen hiervan voor de gemeenten en waar men over 20, 30 , 40 jaren wil staan. De vier ontwerpprincipes zijn erg belangrijk naast duurzaamheid, woonomgeving en leefbaarheid. De komende 30 jaren is er een opgave van zo’n 100.000 woningen in de regio. Het is voor de gemeente Berg en Dal van belang aan tafel te zitten om mee te praten waar deze woningen moeten komen en wat dit betekent voor de mobiliteit van Berg en Dal. Welke werkgelegenheid heeft Berg en Dal nodig? Gaat het om werkgelegenheid die arbeidsmigranten aantrekt met de daarbij komende huisvestingsbehoefte? Voor de financiering – en het gaat dan om groot geld – kan dan het beste gezamenlijk worden opgetrokken richting het Rijk.

Het is belangrijk vanuit Berg en Dal aan te geven wat van belang is. Dhr Hammer krijgt bij de conceptbrief het gevoel dat de gemeente Berg en Dal niet zo effectief is aan de overlegtafel. In Berg en Dal vormen het wonen en de ingekaderde duurzaamheidsopgave de belangrijkste punten. Hierop ziet hij niet veel voordeel. Hoe moet de raad hiermee omgaan? Wethouder Verheul wijst erop dat het gaat om 18 gemeenten waarin de gemeente Berg en Dal een kleine speler is. De extra belichte punten worden niet per definitie meegenomen. Dit wil niet zeggen dat in de grote context niet wordt meegespeeld. In de gebiedsuitwerking is Berg en Dal een relevante speler. Hij ziet niet dat er geen sprake zou zijn van effectiviteit, maar Berg en Dal zal niet in alles haar zin krijgen. Dhr Hammer ziet de effectiviteit niet omdat de 2 belangrijkste punten die Berg en Dal wil – 1.200 woningen en duurzaamheid – niet goed uit de verf komen. Berg en Dal zal niet alle duurzaamheid voor de hele regio moeten oplossen. Uit de brief spreekt de vrees dat dit wel het geval zou kunnen zijn. Dhr Verstraaten veronderstelt dat deze punten wellicht wel goed zijn aangegeven maar verkeerd zijn overgenomen. Dhr Verouden legt uit dat gepoogd is te benadrukken dat na 2030 er nog een redelijk fors aandeel woningaantallen naar Berg en Dal moet gaan.

Dhr Kersten vraagt of deze passage opgenomen moet worden voor Berg en Dal om akkoord te kunnen gaan met de verstedelijkingsstrategie. Wethouder Verheul zegt dat “moeten” een zwaar middel is, het is wel belangrijk. Als het er niet in staat betekent dit nog niet dat het niet meegenomen wordt. Hij wil vooral aangeven dat beide punten nu gemist worden. Het energieverhaal wordt in de onderliggende afspraken opgenomen. Dhr Verouden wijst erop dat de woningbouwaantallen Nijmegen-West zich verhouden tot de regio Nijmegen. Dit betreft de gebiedsuitwerking die nu nog niet wordt vastgesteld. Dhr Bakker vraagt wanneer de nadere gebiedsuitwerking wordt vastgesteld. Dhr Lenis geeft aan dat opzet is eind 2021 te komen tot een onderzoekagenda voor alle gebieden met de belangrijkste onderwerpen voor rijk, provincie en regio voor de komende 20 jaren. Het is de start van een langjarige samenwerking in deze constellatie. Dhr Driessen vraagt hoe de heer Lenis staat tegenover de conceptbrief van het college. Komt de inhoud hiervan grotendeels in orde? Uit de brief spreekt de nodige teleurstelling. Is het belangrijk dat Nijmegen-West en het Rijk van Nijmegen samengevoegd worden in één gebiedsuitwerking? Dhr Lenis zegt dat dit laatste al gebeurt in het bestuurlijk overleg. Hij vat de conceptbrief niet negatief op.

De gemeente Berg en Dal is zeker geen kleine speler, het gaat om één geheel waarin iedereen gelijkwaardig meedoet. Met elkaar moet worden nagedacht waar men gezamenlijk met het gebied naar toe wil. Dhr Verouden merkt op dat de brief een maand geleden geschreven is. Hij heeft deze week nog als vertegenwoordiger van het Rijk van Nijmegen met Nijmegen-West aan tafel gezeten. Wethouder Verheul vult aan dat de brief niet negatief bedoeld is. Het gaat erom dat Berg en Dal de voor haar belangrijke punten nog eens onder de aandacht wil brengen. Mw De Vries vraagt verheldering over hoe de keuzes tot stand zijn gekomen over Nijmegen-West en het Rijk van Nijmegen. Waarom zit Berg en Dal niet in Nijmegen-West en is het Rijk van Nijmegen er uiteindelijk toch weer als extra aandachtspunt bijgekomen? Waarom wordt vanuit het Rijk van Nijmegen niets over de verbinding met Duitsland c.q. Kleef en Emmerich gezegd? Dhr Lenis geeft aan dat het bij Nijmegen-West gaat over het gebied rondom het station en de kanaalzone, die bij het Rijk bekend staan

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

8

als gebieden met grootschalige woningbouwontwikkelingen. Dit vormt een sleutelgebied. Het Rijk van Nijmegen ligt daaromheen en vormt een logisch geheel met een ruimtelijke samenhang. De verbinding met Duitsland kan inderdaad beter in de gebiedsuitwerking: het is nu een witte vlek. Dhr Bardie begrijpt dat het landschap de stikstof van de woningbouwopgave moet compenseren. Deze landschapsopgave komt nu weinig ambitieus terug. Dhr Lenis geeft aan dat hoe met het landschap moet worden omgegaan een abstract principe is. Hoe de natuur moet worden versterkt komt terug in deel 2 bij de gebiedsuitwerking. Met de betreffende gemeenten wordt dan gekeken naar welke natuur het zwaar heeft, waar het kwetsbaar is zeker met stikstofdispositie en wat nodig is om de natuur te versterken. Kan natuur met elkaar worden verbonden? Vanuit de regionale samenwerking is het in kaart brengen van het groenblauwe netwerk in de hele regio en het versterken hiervan belangrijk. Dhr Hammer concludeert dat met het versterken en opnieuw verbinden terug wordt gegaan naar de ecologische hoofdstructuur van zo’n 15 jaren geleden. Dhr Lenis bevestigt dat dit zou kunnen, echter kan hij hierop geen voorschot nemen. Dit zal uit het gebiedsproces moeten voortkomen. Het gebiedsproces wordt getrokken door de gemeenten en de subregio zelf.

Wethouder Verheul zegt dat de vraag om de natuurgebieden met elkaar te verbinden al op de lijst staat. Dhr Weijers krijgt niet goed grip op de materie. Het gaat over een verstedelijkingsstrategie maar er is geen regie, geen visie, geen beleid maar onderzoek, geen mandaat, principes worden getest in deelgebieden, gewacht wordt op een akkoord met het Rijk, er wordt samen aan tafel gezeten en als regio wordt samen opgetrokken. Wanneer besluit de raad wat en waarover? Hij maakt zich zorgen over de communicatie tussen raad en regionale samenwerkingsverbanden, waarbij achteraf vaak moet worden geconcludeerd dat zuinig en laat wordt geïnformeerd. Hoe wordt de raad meegenomen in de ontwikkelingen c.q. wat op de tafels gebeurt? Wethouder Verheul reageert dat de gemeente de visie gaat formuleren op basis van de ontwerpprincipes en het mandaat geeft om aan de slag te gaan. Als de gebiedsuitwerking klaar is wordt teruggekomen bij de raad. De uitkomsten hiervan zullen hun weerslag vinden in de omgevingsvisie. Dhr Kersten valt in het raadsvoorstel op argument 3.1. “Het lokale omgevingsbeleid is leidend voor uiteindelijke locatieontwikkeling” met direct daarachter kanttekening 1.1. “Het verstedelijkingsconcept bindt de samenwerking tussen overheden.

Meedoen met de strategie betekent dat een gemeente de taak op zich neemt om zich naar haar partners te verantwoorden op haar ruimtelijke beleid binnen de verstedelijkingsopgave. Bijvoorbeeld locatiekeuzes of locatie-uitwerking op basis van de ontwerpprincipes.” Zit hierin niet het gevaar dat het één het ander zou kunnen bijten? Enerzijds is de gemeente Berg en Dal eerst zelf leidend om het omgevingsbeleid vast te stellen en daarna moet zij zich verantwoorden. Kan dit in de toekomst geen botsing opleveren? Wethouder Verheul kan niet garanderen dat geen botsingen zullen optreden. Door van tevoren met elkaar aan tafel te zitten, de ontwerpprincipes door te spreken en daarop het eigen beleid te enten wordt dit voorkomen. Het kan zijn dat een andere keuze wordt gemaakt en dan moet aan de andere gemeenten worden verantwoord waarom afgeweken wordt. Dhr Kersten begrijpt dat het lokale beleid wordt geënt op de al gemaakte afspraken. Er ligt echter al een nu geldend lokaal omgevingsbeleid waarvoor de raad recent nog keuzes heeft gemaakt. Zit hierin geen risico of spanning? Hij wil de principes waarvoor lokaal is gekozen niet inleveren. Wethouder Verheul merkt op dat met het eigen beleid wordt ingetekend. Dhr Ubbink vraagt wat de consequenties zijn als naar andere gemeenten moet worden verantwoord.

Moet Berg en Dal dan haar beleid aanpassen? De voorzitter preciseert de vraag naar welk beleid leidend is: lokaal of regionaal beleid? Dhr Lenis bedoelt met mandaat dat de regio geen beleid maakt. Dit was vroeger bij de Stadsregio anders. De voorzitter concludeert dat het lokaal beleid leidend is. Dhr Lenis wijst erop dat het provinciaal omgevingsbeleid hierbij ook nog een rol speelt. Dhr Peters ziet de notitie als een stuk dat nog vaak geëvalueerd moet worden en niet bindend is. In hoeverre is de gemeente Berg en Dal aan de verstedelijkingsstrategie gebonden? Hij mist wel toerisme dat voor de gemeente Berg en Dal juist een speerpunt is. Welke invloed heeft corona op het toerisme? In hoeverre is de gemeente Berg en Dal echt gebonden? Wethouder Verheul herhaalt dat de gemeente Berg en Dal in principe niet gebonden is aan de verstedelijkingsstrategie en het mandaat heeft. Het landschap is het toeristisch label van Berg en Dal. Dhr Lenis vult aan dat toerisme verder wordt uitgewerkt in de woon- en leefomgeving. De opgave inzake de ontspannen regio denkt ook over deze vraag na, zoals spreiding recreatiestromen, versterken groenblauwe raamwerk. De voorzitter spreekt af dat raadsfracties nog eventuele aandachtspunten voor de conceptbrief door kunnen geven aan de griffie. Hij concludeert dat het voorstel een hamerstuk is voor de raad en schorst de carrousel om 20.50 uur.

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

9

Discussienota Omgevingswet

Voorzitter: Griffier: Portefeuillehouder: Ambtelijk: De leden:

dhr R. Bekers dhr R. Wildeman wethouder dhr N. Verheul dhr G. van Houtert dhr G. Boot (D66), dhr A. Driessen (GJS), dhr F. Gödderz (GroenLinks), dhr R. Hammer (VVD), dhr W. Kersten (Sociaal Groesbeek), dhr D. van Loon (CDA), dhr J. Peters (VBenD), dhr M. Schmiermann (PvdA) en dhr G. Ubbink (Polderbreed)

Verslag:

Buro Service Overasselt, dhr M. Geurts

De voorzitter heropent de carrousel om 21.05 uur en licht het onderwerp van bespreking kort toe. Wethouder Verheul leidt het thema in en hoopt dat de inwerkingtreding van de Omgevingswet zoals gepland voor 1 juli 2022 doorgang vindt of helemaal afgesteld wordt. Het is lastig mensen gemotiveerd te houden voor dit soort grote lasten. Voor 1 juli 2022 moet de gemeenteraad een aantal besluiten nemen. Bespreking nu is bedoeld om van de carrousel op te halen welke kant deze op wil, het gaat nog niet om besluiten nemen. Wil de raad vooral loslaten en zaken overlaten aan het college of zelf het stuur in handen hebben en weten welke consequenties dit heeft. Dhr Van Houtert verzorgt een presentatie over de Omgevingswet met als motto “it takes two to tango”, waarvoor kortheidshalve wordt verwezen naar de hand-out. Aan de orde komen de rollen en bevoegdheden betreffende 3 besluiten: verplicht advies, participatie en delegatie. Dhr Van Loon vraagt uitleg over de situatie waarbij de raad vooraf de terreinen aanwijst waarop zij adviesfunctie wil hebben en er toch een onderwerp aan de orde komt wat hier net buiten valt. Welke instrumenten heeft de raad dan alsnog? Dhr Van Houtert geeft aan dat dit de overige instrumenten uit de gereedschapskist zijn, zoals schriftelijke vragen c.q. alles wat de Gemeentewet heeft geregeld.

Besluiten zijn niet voor de eeuwigheid en de consequenties zijn nog niet precies bekend. Het is goed over 1 of 2 jaren de besluitvorming nog eens te evalueren. Dhr Kersten voert het woord namens GVP, Sociaal Groesbeek en VOLG en vraagt hoe hij de Gemeentewet in relatie tot de Omgevingswet moet zien. Dhr Van Houtert merkt op dat de Gemeentewet niet verandert en de Omgevingswet nieuw is en iets verandert. Dhr Van Loon stelt dat de Participatiewet in relatie tot de Omgevingswet vaag is. Hoe moet de raad het wegen als een initiatiefnemer aangeeft participatie op zijn manier te hebben geregeld. Dhr Van Houtert wijst erop dat de raad dit niet hoeft te wegen. Er is wel een ontsnappingsmogelijkheid als de gemeente van mening is dat te weinig participatie heeft plaatsgevonden. Het is lastig hoe ver dit kan gaan en wanneer het voldoende is. Veel initiatiefnemers zullen voor de participatieverplichting de hulp van de gemeente inroepen. Deze verplichting is middels een amendement in de wet gekomen. De gemeente is natuurlijk wel aan haar eigen beleid gebonden. De voorzitter vraagt waarom de behandeling niet over de gemeenteraadsverkiezingen is heen getild. Wethouder Verheul legt uit dat de nieuwe raad die begin april 2022 wordt geïnstalleerd aan de hand moet worden genomen. Het is dan kort dag om vóór 1 juli 2022 dergelijke besluiten te nemen.

Gegeven dat een besluit niet voor eeuwig is, lijkt het handig dit besluit vóór de verkiezingen te nemen om op 1 juli 2022 een goede start te kunnen hebben. De uiteindelijke keuze in deze is natuurlijk aan de raad. De voorzitter begrijpt dat in deze carrousel een richting bepaling wordt verwacht en dat januari 2022 in de carrousel een voorstel komt en februari 2022 besluitvorming in de raad kan plaatsvinden.

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

10

Dhr Kersten vindt het erg vroeg nu al een richting aan te geven waar bijvoorbeeld verplicht advies van de raad en mogelijkheden voor delegatie aan de orde is. Hierbij zullen concrete voorbeelden moeten komen, vergelijkingen moeten plaatsvinden met wat er nu is en de keuzes voor veranderingen betekenen. Wethouder Verheul merkt op dat de vraag is wat de raad nodig heeft om het goede besluit te kunnen nemen. Als er een extra bijeenkomst nodig is dan wordt deze gehouden. Dhr Van Loon informeert welke signalen er zijn dat de invoeringsdatum van de Omgevingswet opnieuw wordt uitgesteld. Wethouder Verheul heeft bestuurlijk niet de signalen dat het uitgesteld wordt. Wel zijn er nog steeds partijen tegen. Dhr Van Houtert geeft aan dat bestuurlijk nog steeds wordt gepoogd 1 juli 2022 te halen. Dhr Driessen complimenteert de heer Van Houten met de prima discussienota. Als februari 2022 besloten zou moeten worden hoe het per 1 juli 2022 moet, geef de raad dan een overzicht welke besluiten deze hiervoor moet nemen. Over 1 of 2 jaren kan dan nog worden besproken waar de raad aan de knoppen wil draaien. De voorzitter meent dat daarmee alles bij het college neer wordt gelegd. Dhr Driessen stelt dat de raad de besluiten moet nemen om te zorgen dat het ongeveer bij het oude blijft.

Dhr Van Houtert presenteert een casus woningbouw waaruit blijkt hoe lastig het soms is te bepalen bij wie de bevoegdheid zou moeten liggen. Er staat een gebouw leeg, een oude school. Het is een markant pand, maar geen gemeentelijk of rijksmonument. Het pand heeft geen beschermde status. Het pand wordt wel gekoesterd door de omwonenden, dat is algemeen bekend. De verwachting is niet dat sloop gewaardeerd zal worden. Slopen en ook het bouwen van nieuwe woningen op deze plek past echter wel in de structuurvisie en het woonbeleid. Ook het provinciaal beleid vormt geen belemmering. Wil de gemeenteraad dit geval aanwijzen als een geval waarin advies van de raad aan het college verplicht is als: 1. Het gebouw behouden blijft met een maatschappelijke functie, maar om dit te kunnen financieren een bedrijfswoning in de buurt van het pand moet worden toegestaan? 2. Het gebouw behouden blijft, de maatschappelijke functie vervalt en in het gebouw luxe appartementen gerealiseerd worden? 3. Het gebouw gesloopt wordt en op de vrijkomende locatie een wijk met grondgebonden woningen gerealiseerd wordt? In welk van deze 3 gevallen is de raad van mening dat participatie door de initiatiefnemer een verplichting moet zijn? Dhr Hammer wil als raad betrokken worden als sprake is van een functiewijziging, hetgeen bij vraag 1 niet het geval is.

Dhr Peters merkt op dat de gemeente Berg en Dal te maken heeft met haar eigen verordeningen volgens welke bij kleine projecten ook participatie plaats kan vinden. Dus bij vraag 1 zou participatie van toepassing zijn. Dhr Kersten merkt op dat bij functiewijziging ook bestemmingsplanwijziging aan de orde komt en daarbij is de raad betrokken tenzij sprake is van tijdelijkheid. Omdat er bij vraag 1 een bedrijfswoning komt lijkt de raad betrokken te moeten worden. Dhr Boot is van mening dat vraag 1 een raadskwestie is. Dhr Gödderz is in principe voorstander om zoveel mogelijk aan het college te delegeren. Hij steunt de VVD dat de raad betrokken moet worden als sprake is van een functiewijziging, echter wel van enige omvang. Wethouder Verheul wijst erop dat er nogal wat naar de raad toekomt als zij betrokken wil worden bij elke functiewijziging. Te denken zou zijn aan categorisering van functiewijzingen. Dhr Hammer wil spreken over het in principe betrekken van de raad bij functiewijziging. Gaandeweg kunnen zaken dan worden genuanceerd. Voorbeeld is een situatie van woonzorg naar wonen met appartementen met veel kritiek vanuit de buurt, hetgeen niet in de raad is geweest en door het college is geregeld. Aan de Cranenburgsestraat speelt nu een casus net andersom waar van alles gebeurt, die wel op de agenda van de raad komt. Waar de scheidslijn zit weet hij eigenlijk niet.

De voorzitter vraagt zich af in hoeverre functiewijzigingen kunnen worden gedefinieerd. Dhr Schmiermann stelt dat bij vraag 1 geen sprake is van een functiewijziging. Dhr Van Houtert wijst erop dat de wetgever heeft bepaald dat functiewijzigingen met een verkorte procedure afgehandeld kunnen worden. Dit is bijvoorbeeld op basis van het woningtekort aan de orde bij leegstaande gebouwen. Nuance daarbij is waar het pand ligt: buiten of binnen de kern. Dhr Van Loon is het er niet mee eens zoveel mogelijk naar het college te delegeren. Uitgangspunt moet zijn dat het primaat bij de raad ligt. Bij de nieuwe Omgevingswet moet voorzichtig worden gehandeld en zoveel mogelijk worden aangesloten bij de huidige praktijk. Dhr Gödderz is niet zo naïef alle vertrouwen

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

11

weg te geven aan het college. Vooraf moeten goede kaders op allerlei belangrijke terreinen zoals duurzaamheid worden gesteld. Binnen bepaalde kaders wil hij zoveel mogelijk vertrouwen aan het college geven ervan uitgaande dat het college een juiste maatschappelijke antenne heeft en weet wanneer het de raad moet betrekken. Dhr Boot merkt op dat het een probeertijd is en dat over minstens één jaar geëvalueerd wordt. Zolang geprobeerd wordt moet de raad de vinger aan de pols houden. Er zijn soms slechte ervaringen waarbij het uit de hand is gelopen, ook bij de Omgevingsdienst Regio Nijmegen. Dhr Kersten sluit aan bij D66. Er kan pas echt iets zinnigs worden gezegd als duidelijk is hoe de huidige situatie zich verhoudt tot de nu te maken keuzes. Het gaat om een veelomvattende en nu nog te vage materie. Dhr Hammer wijst erop dat geen sprake is van een probeertijd voor de bewoners, zodat vooraf door de raad goed moet worden nagedacht. Dhr Schmiermann merkt op dat in het verleden nog wel eens lastige zaken politiek en in het participatietraject gevoelig lagen. Als sprake is van luxe appartementen waarvoor iedereen staat te juichen hoeft hij hierbij niet betrokken te worden. De voorzitter vraagt hoe het begrip politiek gevoelig moet worden uitgelegd? Dhr Schmiermann zegt dat dit kan afhangen van de ingediende zienswijzen in het participatietraject.

Dhr Van Houtert reageert dat zienswijzen niet meer aan de orde zijn omdat de procedure al loopt. Wellicht is er een koppeling te maken met de richtlijn op de website wat betreft combinatie van participatie en raad. Dhr Peters leest op pag 5 van de discussienota onder Keuzes en gevolgen: “Ook bij delegatie maakt de raad zelf de keuze om de bevoegdheid volledig te behouden of grotendeels over te dragen en alles er tussenin. Voorstelbaar is dat de raad blijft besluiten over projectmatige initiatieven als grote woningbouwprojecten, grootschalige duurzame energievoorzieningen, belangrijke infrastructuur en ingrijpende bedrijvigheid, maar het hoeft niet. Doet de raad dit niet, dan kan de raad alleen door de vaststelling van beleid sturen op ontwikkelingen en niet op het moment dat deze concrete ontwikkelingen zich voordoen.” Meestal maakt de raad het mee als het zich voordoet dat het politiek gevoelig kan worden. Vraag is wanneer dat het geval is. Dhr Hammer stelt dat de functiewijziging van een kippenboerderij naar een melkfabriek iets anders is dan 750 m² dak van een schuur slopen en daar een woning voor in de plaats zetten. Dat is bestaand beleid dat gewoon door kan gaan. Als er 3 woningen terugkomen wil de raad wellicht wel betrokken worden. Misschien moet het bestaand beleid als anker worden aangehouden. Dhr Van Loon meent dat de term politiek gevoelig niet werkbaar is.

Dhr Schmiermann bevestigt dat deze term niet tastbaar en hard genoeg is. De voorzitter legt de vraag voor hoeveel werk en tijd de raad wil besteden. Om dit te beperken legt de raad vervolgens de bevoegdheid bij het college neer. Dhr Hammer wijst erop dat dit eraan ligt hoe concreet of abstract het omgevings- c.q. bestemmingsplan wordt gemaakt. Wethouder Verheul hoort vanuit de carrousel dat zoveel mogelijk bij het oude beleid moet worden gebleven en vraagt zich af of het doel van de Omgevingswet daarbij voldoende voor ogen staat? Het gaat om snellere procedures en het gemakkelijker maken. Dit wringt in zijn beleving met het standpunt vanuit de carrousel. Dhr Kersten zegt persoonlijk niet zoveel mogelijk bij het oude beleid te willen blijven. Het gaat erom welke instrumenten er nu zijn, wat bij het college is neergelegd en wat de raad zelf wil doen. Dit levert een uitgangspunt op aan de hand waarvan kan worden gebouwd. Hij zoekt een soort ankerpunt omdat het anders te veelomvattend en niet te overzien is. Dhr Van Houtert wijst erop dat er nu een lijst verklaring van geen bedenkingen waarvan de raad niets hoeft te vinden ligt. Dhr Hammer ondersteunt GVP/SG/VOLG maar voegt toe dat aanpassing voor de besluitvorming vorm moet krijgen.

Dhr Peters geeft aan dat duidelijk zou moeten zijn waar het in het verleden heeft geschuurd, zoals bij de kruimelgevallen die soms te pas en te onpas werden toegepast om af te kunnen wijken. Dhr Boot sluit aan bij VBenD. De kruimelgevallen hebben tot veel ongelijkheid en onbegrip geleid. Dhr Van Loon stelt dat onbekend is hoe de Omgevingswet gaat uitpakken, reden waarom in eerste instantie moet worden aangesloten bij de huidige praktijk. Niet omdat deze ideaal is maar omdat dan bekend is wat men heeft. Dit betekent dat de adviesrol van de raad in eerste instantie bij veel onderwerpen verplicht gesteld moet worden en niet veel extra moet worden gedelegeerd naar het college. Dhr Schmiermann wil voorkomen dat de raad te veel werk naar zich toehaalt en komen tot kaders. Dhr Boot wijst erop dat de gemeente Leusden het collegevoorstel al heeft aangenomen, waarin 6 punten zijn opgenomen waarop het college het mandaat heeft.

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

12

De voorzitter proeft de behoefte vanuit de carrousel om de materie meer tastbaar te maken. Is het mogelijk tot meer concretisering te komen waarna in een volgende bijeenkomst verder kan worden gediscussieerd. Dhr Van Houtert kan in ieder geval kijken naar de huidige eigen verklaring van geen bedenkingen die richting aan de raad geeft en voorbeelden van gemeenten voorleggen. Het is onmogelijk alle gevallen te benoemen. Dhr Hammer daagt de heer Van Houtert uit ook de extreme voorbeelden van andere gemeenten te vinden. Dhr Peters is het ermee eens dat niet alles dichtgetimmerd moet worden. Het college is nu eenmaal wettelijk verantwoordelijk voor de uitvoering. Dhr Van Loon gaat het er niet om dat alles moet worden dichtgetimmerd. Er wordt nu echter naar niets nieuws en onbekends gegaan waarbij zeker in de eerste periode geen ongelukken veroorzaakt moeten worden. De voorzitter vraagt op welke termijn het college terug kan komen in de carrousel. Wethouder Verheul wil ernaar streven rond de Kerst met een vervolgnotitie te komen en januari 2022 weer het gesprek met elkaar te hebben. Dhr Boot vindt dit een te ruim tijdpad waarbij niet vóór 1 juli 2022 en zeker niet voor de gemeenteraadsverkiezingen kan worden afgerond. Dhr Kersten vindt het tijdpad ruim maar niet te ruim en heeft liever een goed doorwrocht stuk. Januari 2022 bespreken kan nog.

Dhr Schmiermann kan zich vinden in het tijdpad. Wel zal te zijner tijd tijdig genoeg moeten worden geëvalueerd. Dhr Hammer is het eens met het tijdpad en wil de druk van de gemeenteraadsverkiezingen er niet op leggen. In de nieuwe raad komen niet opeens 25 nieuwe raadsleden. De voorzitter concludeert dat december 2021 een aanvullende notitie komt en januari 2022 verdere bespreking plaatsvindt. Hij sluit de carrousel om 22.00 uur.

Carrousel gemeente Berg en Dal d.d. 14-10-2021

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10674611/2