CConstaterende datBerg en Dal
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Evaluatie Werkbedrijf Rijk van Nijmegen

Gemeenteraad 10 februari 2022, gemeente Berg en DalBij agendapunt: Voorstel om in te stemmen met het rapport en aanbevelingen van de evaluatie WerkBedrijf Rijk van Nijmegen3.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Griffiersnummer: Onderwerp: Datum B&W-vergadering: Datum raadsvergadering: Datum carrousel: Portefeuillehouder: Ambtenaar: e-mailadres: Zaaknummer: Documentnummer:

2022-B013 Evaluatie Werkbedrijf Rijk van Nijmegen 11 januari 2022 10 februari 2022 27 januari 2022 E.M. van de Scheur Hans Ebbers H.Ebbers@bergendal.nl Z-21-096100 VB/Raad/21/01330

Aan de gemeenteraad, Voorstel 1. Kennis te nemen van het rapport ‘Samen aan het werk voor ondernemers en kandidaten. Evaluatie WerkBedrijf Rijk van Nijmegen’. 2. In te stemmen met onze concept-reactie op het rapport en de aanbevelingen daarin: a. te waken voor uitholling van WerkBedrijf en: i. terugkerende discussies over lokale prestaties te voorkomen; ii. overheveling van taken terug naar de gemeente uit te sluiten. b. WerkBedrijf meerjarige opdrachten te geven. c. WerkBedrijf zien als arbeidsbemiddelingsbedrijf (gericht op uitstroom naar werk), tenzij wij als gemeente niet goed in staat blijken te zijn werkzoekenden ‘werkfit’ te maken en WerkBedrijf als mensontwikkelbedrijf voor andere aangesloten gemeenten wel succesvol is; d. meer aandacht voor wensen en beleving van kandidaten (duurzame arbeidsplaatsen) e. WerkBedrijf meer als strategische arbeidsmarktspeler positioneren f. op basis van de uitkomsten van een gezamenlijk standpunt van de aangesloten gemeenten over de gewenste rol en positie van WerkBedrijf indicatoren formuleren die goed weergeven wat gemeenten van WerkBedrijf verwachten g. zoek naar indicatoren en vormen die meer inzicht geven in het startniveau van de bemiddelbaarheid van de kandidaten bij aanmelding en kwaliteit van de uitstroom. 3.

Tevens aan te bevelen om de samenwerking met UWV verder te versterken, zodat er één duidelijk loket voor werkgevers en werkzoekenden is en alle kandidaten van beide organisaties kunnen profiteren van de beschikbare vacatures.

PAPIER1

Inleiding Naar aanleiding van een motie van de gemeenteraad van Wijchen heeft het algemeen bestuur van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) Rijk van Nijmegen een evaluatie laten uitvoeren naar de module WerkBedrijf. WerkBedrijf is vijf jaar geleden opgericht; een mooi moment voor een evaluatie. Deze is uitgevoerd door De Beleidsonderzoekers. Zij hebben de volgende onderzoeksvragen beantwoord: 1. In hoeverre zijn deze doelen in de afgelopen vijf jaar gerealiseerd vanuit het perspectief van ondernemers, kandidaten en gemeenten? 2. Welke conclusies kunnen getrokken worden uit de door WerkBedrijf behaalde resultaten ten opzichte van vergelijkbare organisaties in andere arbeidsmarktregio’s? 3. Welke aanbevelingen naar de toekomst kunnen worden geformuleerd op grond van de resultaten en ervaringen in de afgelopen vijf jaar? Het onderzoeksrapport is met 116 pagina’s omvangrijk te noemen. Na de inhoudsopgave is een samenvatting opgenomen, tevens is (dezelfde) samenvatting bijgevoegd bij de stukken (bijlage 5). Wij gaan in op de onderzoeksuitkomsten in de volgorde van de centrale vragen. Uiteraard zijn de bevindingen van de onderzoekers onderbouwd in het onderzoeksrapport. 1. Behaalde doelen de afgelopen vijf jaar vanuit perspectief ondernemers, kandidaten en gemeenten a.

WerkBedrijf is een wendbare organisatie en de dienstverlening voldoet aan de visie vanuit het visiedocument ‘Sterke Werkwoorden’; b. naar aanleiding van eigen onderzoek heeft WerkBedrijf arbeidsbemiddeling en bejegening van kandidaten verbeterd; c. arbeidsmatige dagbesteding (heet nu: Op weg naar Werk) heeft meer vorm gekregen; d. WerkBedrijf heeft een groot netwerk opgebouwd met werkgevers; e. ondernemers en gemeenten hebben over het algemeen waardering voor de organisatie en de dienstverlening; f. de samenwerking tussen gemeenten en WerkBedrijf rond individuele kandidaten is soms gebrekkig en vormt een knelpunt; g. het omgaan met de verwachtingen van werkgevers en het aanbod van kandidaten is een aandachtpunt omdat werkgevers meer verwachtingen hebben over de inzetbaarheid en de motivatie van kandidaten en de rol die WerkBedrijf daarbij speelt; h. kandidaten zijn over het algemeen redelijk tevreden over de dienstverlening, maar deze sluit minder aan bij kandidaten met zwaardere problematiek en hoger opgeleide kandidaten. Een deel van de kandidaten heeft behoefte aan meer persoonlijke aandacht en meer focus op wat de kandidaat wil in plaats van kan; i.

in de periode 2015-2020 zijn op de meeste indicatoren steeds betere prestaties gerealiseerd met uitzondering van het Coronajaar 2020 (unieke relaties met ondernemers, meer (parttime) plaatsingen op werk, meer verstrekte loonkostensubsidies een hoger dan landelijk aantal SW-medewerkers op nietbeschut werk; toegenomen toegevoegde waarde per SW medewerker j. ziekteverzuim onder de Wsw medewerker is afgenomen, maar nog steeds hoger dan landelijk (hoewel het landelijk nu wel stijgt);

Pagina 2 van 10

2. De conclusie van De Beleidsonderzoekers is dat de prestaties van WerkBedrijf over het algemeen vergelijkbaar zijn met het landelijke beeld. Verantwoording 1. De onderzoekers zijn van oordeel dat - evenals bij vergelijkbare organisaties - de verantwoording verbeterd kan worden ten aanzien van: a. kwaliteit en kwantiteit (meer diepgang); b. mate van duurzaamheid van plaatsingen; c. beleving van kandidaten; d. tussenstapjes bemiddeling; e. outcome- (zoals kwaliteit van leven en duurzaamheid van werk) naast outputgegevens f. langetermijntrends en prestaties in vergelijking1 met soortgelijke organisaties (benchmarking). Lokaal of regionaal perspectief De onderzoekers gaan in hoofdstuk 6, paragraaf 6.1 in op het draagvlak voor de regionale samenwerking en het risico van vermindering van het draagvlak doordat het lokale perspectief de afgelopen jaren meer is gaan prevaleren. De onderzoekers leiden dit af uit de toenemende behoefte aan lokaal maatwerk en het afmeten van het succes van WerkBedrijf aan de lokale uitstroom uit de uitkering. Ook de roep in enkele gemeenten om de re-integratie maar weer zelf te gaan doen. De onderzoekers schrijven dit niet toe aan slechte resultaten van WerkBedrijf, maar aan de ‘natuurlijke’ neiging van gemeenten om financiële afwegingen en lokale belangen mee te wegen.

De onderzoekers geven verder aan dat de overdracht van het volledige participatiebudget, een eventueel krappe begroting en de eindverantwoording voor de dienstverlening aan de eigen burgers overwegingen zijn die de aandacht richten op het lokaal belang. Aanbevelingen van De Beleidsonderzoekers De aanbevelingen zijn opgedeeld in: 1. Opdracht en financiering a. Waak voor de uitholling van WerkBedrijf en voorkom a) terugkerende discussies over lokale prestaties en return on investment, b) toenemende inzet van maatwerk en c) eventuele overheveling van taken naar gemeenten. b. Geef WerkBedrijf een meerjarige opdracht en meerjarige middelen om de taken adequaat uit te kunnen blijven voeren. 2. Beleidsvisie op WerkBedrijf a. Maak een heldere politieke keuze voor de beleidsvisie op WerkBedrijf: als een arbeidsbemiddelingsbedrijf gericht op uitstroom naar werk of (vooral) als een mensontwikkelbedrijf gericht op participatie en ontwikkeling van mensen? b. Overweeg een beleidsvisie waarin participatie en ontwikkeling van mensen meer centraal komen te staan, maar vergeet daarbij niet dat ondernemers nodig zijn om werk te vinden. 1 De Onderzoekers is geen best practices tegengekomen bij de vergeleken organisaties, doordat bij die

organisaties de noodzakelijke informatie daarvoor eveneens ontbreekt.

Pagina 3 van 10

c. Leg meer nadruk op persoonlijke aandacht voor de wensen en beleving van kandidaten. d. Positioneer WerkBedrijf nadrukkelijker als strategische arbeidsmarktspeler binnen de ‘triple helix’ van overheid, ondernemers en onderwijs. 3. Sturing en verantwoording a. Formuleer als gemeenten gezamenlijke indicatoren die goed weergeven wat gemeenten van WerkBedrijf verwachten. b. Zoek naar indicatoren en vormen van verantwoording die – aansluitend bij de visie op WerkBedrijf – meer inzicht geven in de ontwikkeling van kandidaten en de kwaliteit van de uitstroom. c. Participeer in benchmarks zodat regionale vergelijking mogelijk is. Beoogd effect Een standpunt innemen over de aanbevelingen die voortvloeiend uit de evaluatie van het WerkBedrijf Rijk van Nijmegen. Argumenten 1.1 De kwaliteit en bruikbaarheid van het rapport vormen een goede basis voor het beoordelen van WerkBedrijf als regionale uitvoerder van re-integratietaken en het bepalen van een lokaal standpunt over de gewenste rol en positie van WerkBedrijf. Het uitgebrachte rapport is helder en heel leesbaar en wij herkennen veel punten. Het rapport legt bloot wat goed gaat, wat voor verbetering vatbaar is en welke keuze gemaakt kan worden over de rol en positie van WerkBedrijf in de toekomst. Onze grondhouding als gemeente richting WerkBedrijf is door de jaren heen te typeren als loyaal, maar kritisch 2.1.

De aanbevelingen kunnen niet allemaal worden overgenomen Wat betreft het onderdeel opdracht en financiering dient het waken voor uitholling van WerkBedrijf naar onze mening te worden genuanceerd. Wij vinden het logisch dat wij als gemeente resultaat willen terugzien van de overheveling van ons participatiebudget; het gaat om veel geld. Wij investeren sinds 2015 zowel in eigen participatieconsulenten als in maat- en meerwerk (Berg en Dal Werkt!), met als doel gezamenlijk tot nog meer resultaat te komen. En dan willen we daar ook graag resultaat van zien. Niettemin erkennen wij dat de meest passende kandidaat ook daadwerkelijk het werk moet krijgen ,en dat de herkomstgemeente dan wat minder relevant is. Zowel werkgever als kandidaat zijn gebaat bij een goede match; dat moet leidend zijn. Wij zullen dus een goede balans moeten vinden tussen de wens voor lokaal resultaat en de juiste match tussen werkgever en werknemer. Wij zien geen aanleiding taken terug te nemen van Werkbedrijf, maar ook niet om meer taken over te hevelen. In ons Koersdocument Sociaal Domein is één gezin, één plan, een belangrijk uitgangspunt en daar willen wij aan blijven werken. Overheveling van taken naar een andere organisatie past daar niet bij. Wij gaan hier nader op in bij de vraag of Werkbedrijf zich meer moet gaan richten op “mensontwikkeling”.

Omdat we tevreden zijn over de prestaties van WerkBedrijf vinden wij het een goed idee om te gaan werken met een meerjarige opdracht. Dit geeft duidelijkheid en voorkomt administratieve rompslomp. Deze opdracht moet ook de verbeterpunten vanuit het onderzoek bevatten.

Pagina 4 van 10

2.2. WerkBedrijf als arbeidsbemiddelingsbedrijf of als mensontwikkelbedrijf Het rapport beveelt aan om op dit punt een heldere politieke keuze te maken. De laatste tijd schommelt het aantal mensen met een uitkering op grond van de Participatiewet bij ons rond de 700. In het algemeen kunnen we zien dat deze mensen lang niet altijd naar een reguliere baan kunnen worden begeleid. Dat komt o.a. doordat de Sociale Werkvoorziening en de WAJONG zijn afgeschaft. Een reguliere baan zonder begeleiding en met behoorlijke risico’s voor de ondernemer is dan vaak geen reële optie. Daarom is het ook goed dat u onlangs heeft besloten in te stemmen met het opzetten van een detacheringsfaciliteit door het Werkbedrijf. Het is ook waar dat er bij een groot deel van de mensen met een uitkering andere problematiek speelt. Dat kunnen schulden zijn, verslaving of andere problemen. We willen daarom integraal kijken waarmee iemand het best geholpen is om weer mee te kunnen doen. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat we door het overnemen van schulden (met een saneringskrediet, zoals opgenomen in ons nieuwe beleidsplan Minima en Schuldhulpverlening) stress weg kunnen nemen waardoor iemand zich weer kan richten op betaald werk. Die integrale blik hebben we vastgelegd in ons koersdocument Sociaal Domein. We investeren daarom volop in samenwerking tussen onze medewerkers en streven naar één gezin, één plan.

Daarnaast hebben we zelf participatieconsulenten in dienst. Zij helpen mensen weer ritme en structuur te krijgen, zodat ze niet langer langs de kant staan maar ook echt mee kunnen doen. Dat kan zinvol vrijwilligerswerk zijn (want dat is vaak ook heel belangrijk voor de samenleving), maar ook betaald werk. Vooral omdat werkgevers nu zitten te springen om arbeidskrachten. Waarbij gezegd moet worden dat werkgevers ook wat minder kritisch moeten worden en meer naar motivatie en competenties dan naar diploma’s moeten kijken; dat dragen we in de regio ook uit. Daar komt bij dat we zelf ook kunnen onderzoeken of we bepaalde dingen, die wij heel belangrijk, niet als vrijwilligerswerk maar als betaalde baan kunnen organiseren (basisbanen). Om ritme en structuur te bieden, en het belang van een gezonde leefstijl te onderstrepen, zijn onze participatieconsulenten in 2020 begonnen met de methode Startpunt. Helaas is dit door Corona nog niet goed uit de verf gekomen, want we werken dan met groepsbijeenkomsten. Niettemin geloven wij daar wel in. Dit is in feite de mensontwikkeling die in de evaluatie wordt bedoeld. Op dit moment past daar de ontwikkeling van het Werkbedrijf naar een mensontwikkelbedrijf dus niet bij. Wij hebben die taak namelijk belegd bij onze eigen medewerkers.

Bovendien hebben we in de afgelopen jaren tal van taken belegd bij uitgeplaatste diensten die hun werk bedrijfsmatig, efficiënt en zo goedkoop mogelijk moeten doen, waarbij de inwoner een klant is die binnen de productdoelstellingen moet vallen. Dat is niet altijd goed uitgepakt. Daarom vinden wij dit niet het juiste moment om deze taken te gaan beleggen bij het Werkbedrijf. Het is wel belangrijk dat we de resultaten van de inzet van onze participatieconsulenten helder hebben. Daar maken we de komende tijd duidelijke afspraken over. 2.3 De kortste weg naar werk is niet altijd de beste… Omdat de Participatiewet uitgaat van de kortste weg naar ‘algemeen geaccepteerde arbeid’ is er de afgelopen jaren sterke druk uitgeoefend om beschikbare banen te zoeken en te aanvaarden. Daarbij was niet van belang of die baan passend was bij opleiding, ervaring, vaardigheden e.d.. Hoewel de wet op dit punt nog niet is veranderd is wel het denken hierover

Pagina 5 van 10

aan het kantelen. Werk is bij voorkeur duurzaam2, dan zijn motivatie, opleiding, ervaring en geschikte vaardigheden in hun samenhang belangrijk. Op dit punt is de wet te star en vraagt de praktijk maatwerk, zeker bij werkzoekenden met een arbeidsbeperking. Het motiveren van werkzoekenden start binnen de gemeente en het vasthouden en verder versterken van de motivatie is ook een taak van WerkBedrijf. Met het streven naar duurzame en passende banen wordt actief uitvoering gegeven aan de motie ‘Echte Banen’ van uw raad van 31 oktober 2019. 2.4. Er is geschikte werkgelegenheid nodig en gestroomlijnde loopbanen waardoor mismatches worden verminderd. Werkgelegenheid is een lokaal, regionaal en landelijk vraagstuk, daarom is het belangrijk dat de juiste partijen aan de juiste knoppen zitten. De onderzoekers adviseren een ambitieuzere invulling van het regionale arbeidsmarkt- en re-integratiebeleid. Dit houdt in dat beleid en uitvoering op het vlak van economie, arbeidsmarkt en arbeidsbemiddeling meer met elkaar verbonden worden. Daarbij krijgt WerkBedrijf de bredere opdracht om samen met de drie O’s (ondernemers, overheid en onderwijs) mismatches op de regionale arbeidsmarkt het hoofd te bieden en transities op de arbeidsmarkt – van werk naar werk, van school naar werk, van uitkering naar werk en van uitkering naar school – zo soepel mogelijk te laten verlopen. 1.3.

Sturing en verantwoording is ook maatwerk De gewenste sturing en verantwoording is afhankelijk van de generale beleidsvisie die zal ontstaan nadat alle gemeenteraden een standpunt hebben bepaald naar aanleiding van de aanbevelingen uit het onderzoeksrapport. Op basis van dit raadsvoorstel blijft er een scheiding in de uitvoering van mensontwikkeling en arbeidsbemiddeling. Dit betekent dat WerkBedrijf zich richt op bemiddeling naar werk en wij als gemeente bieden begeleiding bij participatie en zo mogelijk werkfit maken van werkzoekenden. Indicatoren dienen zich te richten op kwaliteit en kwantiteit van de kandidaten en uitstroom naar werk binnen de loonvormende keten. Benchmarks geven inzicht in de prestaties van de organisatie en kunnen een bron voor verbetering zijn; het is daarom belangrijk dat WerkBedrijf actief op zoek gaat naar mogelijkheden voor benchmarking. We maken wel de kanttekening dat we hier moeten waken voor onnodige rompslomp en te veel belang aan cijfers en getallen. Laten we vooral de werkgevers en de kandidaten hun verhaal laten doen en daar ook waarde aan hechten. Kanttekening 2.1 U kunt ook kiezen voor WerkBedrijf als mensontwikkelbedrijf Deze keuze heeft als consequentie dat wij de inzet van participatieconsulenten moeten heroverwegen.

Tevens zal dit gepaard gaan met het overhevelen van financiële middelen en mogelijk ook onze medewerkers naar WerkBedrijf. Directe sturing op het resultaat gaat daarmee verloren. 2.2. Het zelf blijven uitvoeren van ‘mensontwikkeling’ legt druk op de output, omdat output vergelijkbaar zal zijn met de resultaten bij gemeenten die wel WerkBedrijf als mensontwikkelbedrijf benutten. 2 Volgens Sociaal Cultureel Plan Bureau (SCP) ondergrens 1 jaar, bron: ‘Eindevaluatie van de

Participatiewet’, SCP november 2019.

Pagina 6 van 10

Op dit moment hebben wij geen maatstaf voor de effectiviteit van onze begeleiding aan werkzoekenden die nog niet werkfit zijn. Als WerkBedrijf hier uitdrukkelijker mee aan de gang gaat voor aangesloten gemeenten is vergelijking van het resultaat mogelijk als wij in staat zijn vergelijkbare indicatoren te ontwikkelen. 2.3. Door er voor te kiezen om mensontwikkeling zelf te blijven doen kan dit gevolgen hebben voor het draagvlak onder de regionale samenwerking. Als andere aangesloten gemeenten mensontwikkeling als taak overhevelen naar WerkBedrijf kan dit betekenen dat onze gemeente ‘met andere ogen wordt bekeken’. Ook leidt dit tot een vraagstuk wat betreft de financiering van het WerkBedrijf (hoe wordt de bijdrage per gemeente berekend als niet alle gemeenten dezelfde taken overdragen? En is het werkbaar voor WerkBedrijf als slechts enkele gemeenten deze taken overdragen en een aantal niet?). Financiële onderbouwing De keuze die voorligt heeft geen financiële gevolgen. Als gekozen wordt voor doorontwikkeling van WerkBedrijf tot mensontwikkelbedrijf, zullen de kosten voor WerkBedrijf toenemen en daarmee zal er noodzaak ontstaan voor het overhevelen van financiële middelen en/of mensen. Communicatie Dit raadsvoorstel en ontwerp- raadsbesluit is bedoeld om ons als college een reactie op het rapport te kunnen uitbrengen. U treft in het ontwerp-besluit ons standpunt aan.

Gelet op de openbaarheid van het stuk en openbare behandeling kan de pers vrijelijk van de stukken en de behandeling kennisnemen. Aanpak/uitvoering Na het raadsbesluit zullen wij als college een schriftelijke reactie sturen naar het dagelijks bestuur van de MGR. Het dagelijks bestuur zal vervolgens het algemeen bestuur adviseren, waarschijnlijk na overleg met de Bestuurscommissie Werk (portefeuillehouders Werk en Inkomen van de regiogemeenten). Bijlage 1. 2. 3. 4. 5.

Motie gemeenteraad Wijchen 16 juni 2020 Visiedocument ‘Sterke werkwoorden’ (november 2013) Aanbiedingsbrief rapport Rapport : ‘Samen aan het werk voor ondernemers en kandidaten’ Samenvatting rapport (identiek aan samenvatting in rapport)

Burgemeester en wethouders De secretaris,

De burgemeester,

Pagina 7 van 10

E.W.J. van der Velde

mr. M. Slinkman

Bijlagen digitaal ter inzage Bijlage ter inzage griffier

Pagina 8 van 10

Raadsbesluit De raad van de gemeente Berg en Dal; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van . overwegende dat:  gemeente Berg en Dal deelnemer is van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) Rijk van Nijmegen;  het dagelijks bestuur van de MGR opdracht heeft gegeven tot een evaluatieonderzoek van WerkBedrijf; en  het onderzoek is uitgevoerd en het college van b en w dit onderzoek onder onze aandacht wenst te brengen; besluit : 1. Kennis te nemen van het rapport ‘Samen aan het werk voor ondernemers en kandidaten. Evaluatie Werkbedrijf Rijk van Nijmegen’. 2. Van de aanbevelingen uit het rapport de volgende (in bepaalde gevallen aangepast) over te nemen: a. te waken voor uitholling van WerkBedrijf en: i. terugkerende discussies over lokale prestaties te voorkomen; ii. overheveling van taken terug naar de gemeente uit te sluiten. b. WerkBedrijf meerjarige opdrachten te geven. c. WerkBedrijf te zien als bemiddelingsbedrijf gericht op uitstroom, tenzij wij als gemeente niet goed in staat blijken te zijn werkzoekenden ‘werkfit’ te maken en Werkbedrijf als mensontwikkelbedrijf voor andere aangesloten gemeenten wel succesvol is; d. participatie en ontwikkeling blijft een taak voor ons als gemeente; e. meer aandacht voor wensen en beleving van kandidaten (duurzame arbeidsplaatsen) f. Werkbedrijf meer als strategische arbeidsmarktspeler te positioneren g.

op basis van de uitkomsten van een gezamenlijk standpunt van de aangesloten gemeenten over de gewenste rol en positie van WerkBedrijf indicatoren te formuleren die goed weergeven wat gemeenten van WerkBedrijf verwachten h. zoek naar indicatoren en vormen die meer inzicht geven in het startniveau van de bemiddelbaarheid van de kandidaten bij aanmelding en kwaliteit van de uitstroom. 3. Tevens aan te bevelen om de samenwerking met UWV verder te versterken, zodat er één duidelijk loket voor werkgevers en werkzoekenden is en alle kandidaten van beide organisaties kunnen profiteren van de beschikbare vacatures. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Berg en Dal op 10 februari 2022, De raadsgriffier,

mr. G.A.J. Winters

De voorzitter,

mr. M. Slinkman

Pagina 9 van 10

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11005846/3