Raadsvoorstel Bodemsanering zoutopslag Molenveld 6a te Millingen aan de Rijn
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Griffiersnummer: Onderwerp: Datum B&W-vergadering: Datum raadsvergadering: Datum carrousel: Portefeuillehouder: Ambtenaar: e-mailadres: Zaaknummer: Documentnummer:
2022-B045 Bodemsanering zoutopslag Molenveld 6a te Millingen aan de Rijn 7 juni 2022 14 juli 2022 7 juli 2022 A.R.M. ten Westeneind Mirjam van Riessen M.v.Riessen@bergendal.nl Z-20-090340 VB/Raad/22/01395
Aan de gemeenteraad, Voorstel
Een aanvullend budget van € 18.127 beschikbaar te stellen om de kosten van de onderzoeken, het opstellen van een saneringsplan, milieukundige begeleiding en het opstellen van een evaluatieverslag te dekken.
Een aanvullend budget van € 100.000 beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de bodemsanering.
Inleiding De zoutloods (bouwjaar 1986) voor opslag van strooizout aan de Molenveld 6a te Millingen aan de Rijn is in slechte staat en aan vervanging toe. De zoutloods wordt gesloopt en op een andere plek op het terrein wordt een nieuwe zoutloods gebouwd. De vloer van de zoutloods is voorzien van een vloeistofdichte vloer. Het terrein eromheen is verhard met klinkers. In 1996 is de nulsituatie vastgelegd. De plicht om de nulsituatie vast te leggen is voorgeschreven in de milieuvergunning. Als een bodembedreigende activiteit op een locatie wordt beëindigd wordt een eindsituatie vastgelegd. Als de bodem ten tijde van de eindsituatie “viezer” is dan tijdens de nulsituatie moet de bodem worden gesaneerd (zorgplicht, artikel 13 Wet bodembescherming). Om de eindsituatie vast te stellen is in mei 2021 een bodemonderzoek uitgevoerd (Ortageo, eind- en nulsituatie en nader bodemonderzoek Molenveld 6a Millingen aan de Rijn, 213846/R01, 4 mei 2021). Hieruit bleek dat de bodem zeer sterk verontreinigd is met chloride. De verontreiniging is ontstaan door morsen van strooizout ten noorden van de zoutopslag. Door transportbewegingen is het zout verspreid over het terrein. Om de omvang van de verontreiniging vast te stellen is een nader onderzoek uitgevoerd (Ortageo, nader bodemonderzoek Molenveld 6a Millingen aan de Rijn, 215235/R901, 13 september 2021).
Voor chloride bestaan geen streef- en interventiewaarden. Wel is er een waarde waarboven er een ernstig ecologische risico (EReco-waarde) is. De ODRN (bevoegd
PAPIER1
gezag) is akkoord met het aanhouden van deze waarde als terugsaneerwaarde. Circa 840 m3 grond is verontreinigd boven de EReco-waarde. In het MeerjareninvesteringsPlan is €30.000 opgenomen als voorbereidingskrediet (kostenplaats 750300110) en €300.000 voor de bouw een nieuwe zoutloods, opslag materiaal en herinrichting van het terrein (kostenplaats 750300111). Er is geen bedrag opgenomen voor de uitvoering van de diverse onderzoeken, het opstellen van een saneringsplan en de uitvoering van de bodemsanering. Beoogd effect Met de bodemsanering wordt het ernstig ecologisch risico weggenomen. Argumenten 1.1 Volgens het Activiteitenbesluit artikel 2.11 moet bij elke bodembedreigende activiteit binnen een inrichting een bodemonderzoek worden uitgevoerd als deze wordt beëindigd. De huidige zoutloods is sterk verouderd en te klein. Op de huidige locatie is te weinig ruimte voor een nieuwe loods met strooimateriaal opslag. Het strooimateriaal staat nu buiten en moet ook overdekt opgeslagen worden om de levensduur te verlengen. Daarnaast is de draai om de zoutloods in te rijden op de huidige locatie erg lastig. Op de nieuwe locatie achter op het terrein is meer ruimte. Ook kan er alvast een nieuwe loods gebouwd worden voordat de huidige wordt gesloopt. Zo ontstaan er geen continuïteitsproblemen met de opslag van strooizout.
1.2 Het voorbereidingskrediet is bedoeld voor de kosten van het bouwtechnisch adviesbureau en architect. De kosten van de diverse onderzoeken, opstellen saneringsplan en dergelijke zijn nu ten laste gekomen van het voorbereidingskrediet. Dit budget was bedoeld voor de kosten van het bouwtechnisch adviesbureau en architect. 1.3 De kosten van de diverse onderzoeken, saneringsplan en dergelijke zijn veel hoger dan verwacht. Er was van tevoren niet verwacht dat de bodem over zo’n omvang verontreinigd is geraakt. De onderzoeken zijn in meerdere fases uitgevoerd om de verontreiniging volledig af te perken. 2.1 De saneringsplicht is wettelijk vastgelegd in de Wet bodembescherming. In de Wet bodembescherming (Wbb) is in artikel 13 de zorgplicht neergelegd. Deze bepaling verplicht bij bodemverontreiniging tot het nemen van alle maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd. Op ieder die op of in de bodem handelingen als bedoeld in de artikelen 6 t/m 11 Wbb verricht, rust de verplichting om te zorgen dat door die handelingen de bodem niet wordt verontreinigd. Als er toch een verontreiniging optreedt moet men maatregelen nemen om de verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan te maken. Deze zorgplichtbepaling verplicht bij (dreigende) bodemverontreiniging, dus tot het nemen van alle maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd.
De zorgplicht geldt alleen voor zogenaamde 'nieuwe' bodemverontreinigingen. Dit zijn bodemverontreinigingen die op of na 1 januari 1987 zijn ontstaan.
Pagina 2 van 5
Kanttekening 2.1 Er moet voor gezorgd worden dat er niet opnieuw bodemverontreiniging optreedt. Bij de bouw van de nieuwe zoutloods moet worden goed worden nagedacht over de verharding en inrichting van het terrein rondom de zoutloods. Een vloeistofdichte vloer alleen in de zoutloods is niet voldoende. Ook het omliggende terrein zal vloeistofdicht verhard moeten worden om er voor te zorgen dat er geen strooizout in de bodem terecht komt. Dit punt wordt meegenomen bij de nieuwe inrichting van het terrein. 2.2 De kosten voor de sanering zijn op voorhand niet helemaal te bepalen Tijdens een sanering kunnen zich altijd onverwachte situaties voordoen. Na de ontgraving worden controlemonsters van de putbodem en putwand genomen. Als deze niet voldoen aan de terugsaneerwaarde zal aanvullend moeten worden ontgraven. Er kunnen dan meerkosten ontstaan. Financiële onderbouwing Inmiddels zijn er kosten gemaakt voor de diverse onderzoeken en opstellen saneringsplan: Nulsituatie- en eindsituatie onderzoek € 3.200 Aanvullende analyses € 200 Nader onderzoek ronde 1 € 1.950 Nader onderzoek ronde 2 € 2.800 Aanvullend veldwerk en analyses € 625 Opstellen saneringsplan, milieukundige begeleiding en opstellen evaluatieverslag € 9.352 Totaal € 18.127 De kosten van de sanering zijn nog niet bekend. Er worden op dit moment meerdere offertes opgevraagd.
De inschatting van het adviesbureau dat de bodemonderzoeken heeft uitgevoerd en het saneringsplan heeft opgesteld is dat de kosten zo rond de € 100.000 zijn. De afschrijvingstermijn is 40 jaar. De extra kapitaallast is dan € 4.725 (€118.127/40 + € 118.127*1,5%). We verwerken het aanvullend krediet in de begroting 2022 en de meerjarenbegroting. Communicatie De verontreiniging bevindt zich voor een klein deel op het naastgelegen perceel van Mart van den Berg BV Schoonmaakorganisatie (Molenveld 6). Met de heren van den Berg heeft reeds een gesprek plaatsgevonden. Zij zijn akkoord dat ook op hun terrein de verontreinigde grond wordt ontgraven. Zij worden op de hoogte gehouden van de planning en uitvoering. Aanpak/uitvoering De sanering moet worden uitgevoerd als de waterstand laag is. Dan hoeft er geen bemaling plaats te vinden. Daarnaast is Mart van den Berg BV Schoonmaakorganisatie voornemens om in het najaar een nieuwe overkapping te bouwen. De omgevingsvergunning is reeds
Pagina 3 van 5
aangevraagd. Het is daarom zaak dat de sanering in deze zomer wordt uitgevoerd. Zodra de raad geld beschikbaar heeft gesteld kan er een opdracht verstrekt worden aan een aannemer en het werk worden uitgevoerd. De sanering duurt naar schatting één tot twee weken. Bijlage geen
Burgemeester en wethouders De secretaris, E.W.J. van der Velde
De burgemeester, mr. M. Slinkman
Bijlagen digitaal ter inzage Bijlage ter inzage griffier
Pagina 4 van 5
Raadsbesluit
De raad van de gemeente Berg en Dal; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van . overwegende dat: Volgens het Activiteitenbesluit artikel 2.11 bij elke bodembedreigende activiteit binnen een inrichting een bodemonderzoek moet worden uitgevoerd als deze wordt beëindigd; Het voorbereidingskrediet bedoeld is voor de kosten van het bouwtechnisch adviesbureau en architect; De kosten van de diverse onderzoeken, saneringsplan en dergelijke veel hoger zijn dan verwacht; De saneringsplicht wettelijk is vastgelegd in de Wet bodembescherming. besluit : Een aanvullend budget van € 18.127 beschikbaar te stellen om de kosten van de onderzoeken, het opstellen van een saneringsplan, milieukundige begeleiding en het opstellen van een evaluatieverslag te dekken.
Een aanvullend budget van € 100.000 beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de bodemsanering.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Berg en Dal op 2022-07-14,
De raadsgriffier,
mr. G.A.J. Winters
De voorzitter,
mr. M. Slinkman
Pagina 5 van 5