M12 Bijlage 1 - Routekaart Implementatie Omgevingswet
Tekst van het document
Routekaart Implementatie Omgevingswet Gemeente Berg en Dal Juni 2019
INLEIDING De invoering van de Omgevingswet onderstreept onze wens om de organisatie te richten op het aanpakken van de maatschappelijke opgaven. Het gaat daarbij om het zelf oppakken van opgaven, maar ook om het stimuleren van de samenleving om opgaven op te pakken. We vinden het dan ook belangrijk dat de organisatorische voorbereidingen op de Omgevingswet aansluiten bij de bredere organisatieontwikkeling, zoals de heroriëntatie van de organisatiestructuur en het verder professionaliseren van projectmatig werken. We willen van beleid tot uitvoering sturen op maatschappelijk resultaat. We handelen daarbij als één organisatie en we ontwikkelen ons verder in het verbinden van de verschillende afdelingen en teams. We kiezen voor een ontwikkelgerichte aanpak. We proberen dingen uit en stellen waar nodig bij. We stemmen zo goed mogelijk af met collega-overheden en publieke samenwerkingsverbanden. We werken onder andere samen aan het vindbaar en hanteerbaar maken van informatie over de fysieke leefomgeving. We zetten in op de doorontwikkeling van het vakmanschap en de inhoudelijke expertise van onze professionals. We koppelen dat aan de ontwikkeling van vaardigheden die de Omgevingswet van ons vraagt: verbindingen maken tussen verschillende perspectieven en projectgericht werken met aandacht voor maatschappelijk resultaat.
Bovenstaande tekst is de organisatorische ambitie van Berg en Dal voor de implementatie van de Omgevingswet 1. Om deze ambitie te behalen en om tegemoet te komen aan wettelijke verplichtingen, zoals het opstellen van nieuwe instrumenten, het tegemoetkomen aan de wettelijke vergunningsprocedure en het aansluiten op het digitaal stelsel, is inzicht nodig in de uit te voeren stappen ter voorbereiding op de Omgevingswet. Deze eerste volledige versie van de routekaart is een stappenplan waarmee we de implementatie van de Omgevingswet kunnen vormgeven, monitoren en bijsturen. Deze routekaart is bedoeld als richtinggevend document dat waar nodig kan worden bijgesteld aan nieuwe inzichten, aangepaste ambities en landelijke ontwikkelingen. Deze routekaart kwam tot stand in een interactief proces met brede bestuurlijke en ambtelijke betrokkenheid. Deze brede betrokkenheid heeft geleid tot meer kennis over de Omgevingswet, bewustwording van de Omgevingswetopgave en vele discussies over wat voor gemeente Berg en Dal wil zijn. De acties waar deze routekaart uit bestaat zijn in meerdere ambtelijke bijeenkomsten bedacht, beproefd en bewerkt en in de ambtelijk-bestuurlijke stuurgroep getoetst. Alle acties hangen aan een verantwoordelijke die de acties zelf heeft bedacht of ermee heeft ingestemd.
Zodoende is er breed draagvlak in de organisatie om aan de hand van de routekaart te werken aan de succesvolle in- en uitvoering van de Omgevingswet. INHOUDSOPGAVE 1 2
3
Overzicht acties en planning De Berg en Dalse werkwijze bij de invoering van de Omgevingswet 2.1 Uitgangspunten bij het werken met de routekaart 2.2 Projectorganisatie 2.3 Financiële paragraaf Acties per spoor 3.1 Beleid, samenwerking en participatie 3.2 Bestuur en organisatie (P&O, communicatie en financiën) 3.3 Digitalisering en ICT
1 De Berg en Dalse ambitie voor de Omgevingswet wordt in september vastgesteld in de gemeenteraad.
Pagina 1 van 24
1. OVERZICHT ACTIES EN PLANNING In het onderstaande overzicht zijn alle acties te vinden met bijbehorende planning:
Q2
2019 Q3 Q4
Q1
2020 Q2 Q3
Q4
Q1
2021 Q2 Q3
2022
2023 – 2028
Q4
Spoor: beleid, samenwerking en participatie 1.1 Onderlegger werkend stelsel kerninstrumenten Omgevingswet 1.2 Omgevingsvisie 1.3 Werken aan de Omgevingswetinstrumenten via het Omgevingslab 1.4 Omgevingsplan 1.0 1.5 Omgevingsplan 2.0 1.6a Regionale samenwerking omtrent Omgevingswet versterken 1.6b Opleiden en trainen ODRN (planning n.t.b.) 1.6c Aanpassen legesverordening 1.7 Opstellen spelregels voor inwonerparticipatie
Spoor: bestuur en organisatie 2.1 Oefenen met rollen en bevoegdheden binnen de Omgevingswet 2.2 Kennissessies Omgevingswet 2.3 Gesprekken voeren over de consequenties van de Omgevingswet voor teams en individuen 2.4 Op basis van ontwikkelgesprekken persoonlijke ontwikkelplannen maken 2.5 De invoering van projectmatig samenwerken koppelen aan de Omgevingswet 2.6 Communicatie over Omgevingswet 2.7 Het vergroten van de financiële flexibiliteit voor het werken aan programma’s
Spoor: digitalisering en ICT 3.1 Achterstand inhalen bij het intekenen van geometrische kaarten 3.2 Aansluiten op het DSO fase 1 3.2 Aansluiten op het DSO fase 2
Pagina 2 van 24
1.1
2. DE BERG EN DALSE WERKWIJZE BIJ DE INVOERING VAN DE OMGEVINGSWET 2.1 UITGANGSPUNTEN BIJ HET WERKEN MET DE ROUTEKAART Voor een succesvolle implementatie van de Omgevingswet spreken we een aantal uitgangspunten af bij het werken met de routekaart. Deze uitgangspunten zijn: 1 De acties uit de routekaart worden zoveel mogelijk gekoppeld aan bestaande werkzaamheden. De Omgevingswet is immers een middel om aan de gewenste kwaliteit van de leefomgeving te werken en is geen doel op zich. We proberen de projectstructuur daarom zo gering mogelijk te houden en zoveel mogelijk werkzaamheden op te nemen in het reguliere werk. 2 De acties uit de routekaart worden zoveel mogelijk in samenhang met elkaar, met de organisatieontwikkeling en in regionale samenwerking uitgevoerd. 3 We gebruiken de routekaart als richtlijn en blijven voortdurend alert op (landelijke) ontwikkelingen en inzichten die mogelijk van invloed zijn op onze voorbereidingen op de Omgevingswet. 2.2 PROJECTORGANISATIE We verankeren de voorbereidingen op de Omgevingswet door te werken met een stuurgroep, een projectteam en meerdere actieverantwoordelijken.
Stuurgroep De stuurgroep bestaat uit: – de wethouder met de portefeuille coördinatie Omgevingswet als bestuurlijk opdrachtgever; – de manager Beleid als algemeen ambtelijk opdrachtgever; – de coördinator Ruimte als ambtelijk opdrachtgever voor het spoor Beleid, samenwerking en participatie; – de manager Bedrijfsvoering als ambtelijk opdrachtgever voor het spoor Bestuur en organisatie (P&O, communicatie en financiën); – de manager Dienstverlening als ambtelijk opdrachtgever voor het spoor Digitalisering en ICT; – de projectleider Omgevingswet. De stuurgroep komt één keer in de vier weken bij elkaar. Projectgroep De projectgroep bestaat uit: – de projectleider Omgevingswet als algemeen projectleider en als trekker van het spoor Beleid, samenwerking en participatie; – de trekker van het spoor Bestuur en organisatie; – de trekker van het spoor Digitalisering en ICT. De projectgroep komt één keer in de twee weken bij elkaar. Actieverantwoordelijken Actieverantwoordelijken werken aan één of meerdere projecten en worden aangestuurd door de trekker van het spoor waar de actie onder valt. 2.3 FINANCIËLE PARAGRAAF De incidentele kosten worden op basis van het Financieel Dialoogmodel Omgevingswet van de VNG en op basis van de omvang van de gemeente Berg en Dal geschat op € 1.500.000,- voor een periode tot 2024. Dit is een grove inschatting waar de gemeente rekening mee kan houden.
Het model is bedoeld om de dialoog over de invoering van de Omgevingswet binnen de gemeente richting te geven. Het model geeft geen uitsplitsing per implementatieonderdeel. Het Financieel Dialoogmodel Omgevingswet is hier te vinden. Omdat met name onzeker is wat de kosten bedragen voor de digitalisering en voor de ontwikkeling van de ambtelijke organisatie, is het nodig om de komende jaren een steeds preciezere schatting te maken van de precieze kosten en inkomsten. Deze routekaart geeft hiervoor een eerste aanzet. Om de kosten voor de implementatie van de Omgevingswet in bedwang te houden en om onze eigen medewerkers zoveel mogelijk in stelling te brengen om zelf te werken aan de Omgevingswet spreken we af dat: – We de Omgevingswet zoveel mogelijk implementeren met inzet van eigen medewerkers.
Pagina 3 van 24
– –
Externen in principe alleen worden ingehuurd om capaciteitsproblemen voor bestaande werkzaamheden op te vullen, of als we de expertise om een actie uit te voeren echt niet in eigen huis hebben. We voor elke actie uit deze routekaart een zo goed mogelijke inschatting maken van de investering in uren die nodig is om de actie uit te voeren. In de routekaart vermenigvuldigen we deze uren met een gemiddeld tarief dat de gemeente moet betalen voor de vervanging van medewerkers die aan de acties werken. Het uurtarief dat we hierbij hanteren baseren we op een functie met schaal 10, oftewel een bedrag van €88,- per uur (gebaseerd op de salarissen per 1-12018, met inbegrip van verwachte loonstijging, opslag WG-lasten, opslag voor indirect productieve uren en overhead).
In de tabel in bijlage 1 zijn de kosten per actie (voor zover nu in te schatten) weergegeven. Dit is geenszins een compleet kostenplaatje voor de invoering van de Omgevingswet, omdat de komende jaren meer acties nodig zijn waarvan de omvang nu nog niet is te overzien (m.n. op het gebied van digitalisering).
Pagina 4 van 24
3. ACTIES PER SPOOR We werken aan de implementatie van de Omgevingswet langs drie sporen: – beleid, samenwerking en participatie – bestuur en organisatie (P&O, communicatie en financiën) – digitalisering en ICT Ieder spoor heeft een eigen trekker die de acties per spoor coördineert. Iedere actie is toegewezen aan één en in een enkel geval twee verantwoordelijke(n). Bij iedere actie is beschreven wat het doel en resultaat is, welke aanpak gevolgd wordt, wat de planning is en welke investering het vraagt. Ook is aangegeven of de actie nodig is volgens de letter van de Omgevingswet of volgens de geest van de Omgevingswet. Volgens de letter van de wet veranderen het juridisch kader, de instrumenten en de werkwijzen ingrijpend. De geest van de Omgevingswet gaat over de beoogde manier waarop instrumenten worden opgesteld en werkwijzen worden ingericht: met ruimte voor integrale afwegingen, brede participatie en initiatief van buiten. Er zit een groot verschil tussen de letter (de opzet) van de Omgevingswet en de geest (de uitvoering) van de Omgevingswet. Daarom zijn er ook acties aan de routekaart toegevoegd die dit verschil overbruggen door het opstellen van kaders voor bijvoorbeeld participatie, bestuurlijke afweging en de instrumenten.
3.1 SPOOR BELEID, SAMENWERKING EN PARTICIPATIE Doelen en resultaten We gebruiken de instrumenten van de Omgevingswet voor het uitwerken van een integrale aanpak van de leefomgeving. Dit doen we vanuit één visie (de strategische richting), vertaald in programma’s (gericht op uitvoering) en één omgevingsplan (het omgevingsrecht van de hele gemeente). Samen met onze partners werken we toe naar één digitaal loket voor het hele proces van producten en dienstverlening voor de leefomgeving. Vraagstukken in de leefomgeving pakken we integraal op, niet alleen binnen de eigen organisatie, maar ook met onze partners. De gemeente is één van de partijen binnen de keten en heeft oog voor de belangen en werkwijzen van andere partijen. Met goed opdrachtgeverschap en strak accounthouderschap realiseren we dienstverlening die we wensen. Participatie is één van de kernpunten van de Omgevingswet. We werken aan heldere spelregels voor inwonerparticipatie. Huidige situatie Tijdens de herindeling tot de gemeente Berg en Dal is veel beleid geharmoniseerd. Daarbij vond veel interactie met inwoners plaats. Het aantal beleidsstukken is overzichtelijk, maar overzicht en integraliteit op visieniveau ontbreekt nog. Daarnaast is nog niet al het beleid gericht op resultaatgerichte doorwerking en concrete uitvoeringen, met een paar uitzonderingen zoals mobiliteit, toerisme en economie.
Onze dienstverleningsvisie bevat enkele uitgangspunten die prima passen bij de doelen en ambities van de Omgevingswet. In het ruimtelijke domein is in de dienstverlening een knip gemaakt tussen beleid (dat wordt opgesteld door de gemeente) en uitvoeringstaken (dat door de ODRN wordt uitgevoerd op het gebied van VTH bij bouwen en milieu). De samenwerking met de ODRN verloopt goed. We zijn gewend om samen te werken met regiogemeenten en samenwerkingspartners. Op dit moment werken we hard aan de invoering van projectmatig samenwerken. Ook zijn we actief bezig met de ontwikkeling van spelregels rond inwonerparticipatie.
Pagina 5 van 24
Acties 1.1 Onderlegger werkend stelsel kerninstrumenten Omgevingswet Spoor: Beleid, samenwerking en participatie
Actiehouder: Beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling
Deze actie is niet vereist volgens de letter van de wet, maar wel nodig om goed met de wettelijke instrumenten te kunnen werken. Doel en resultaat: De kerninstrumenten van de Omgevingswet zijn de omgevingsvisie, de programma’s en het omgevingsplan. We werken concreet uit hoe straks gewerkt wordt met de kerninstrumenten van de Omgevingswet. Om de kerninstrumenten in de praktijk structureel werkbaar te maken zetten we onze ideeën hierover op papier (4/5 A4).
Aanpak: We bepalen hoe we de kerninstrumenten van de Omgevingswet in samenhang willen gebruiken. We werken de onderlegger ‘werkend stelsel kerninstrumenten Omgevingswet’ uit aan de hand van de volgende vragen: – Waar houdt de omgevingsvisie op en begint het plan? – Hoe verhouden de kerninstrumenten zich tot bestaand (omgevings-)beleid en de dorpsagenda’s? – Voor welke verplichte thema’s en gewenste thema’s wil Berg en Dal een programma maken? – Met welke frequentie en op welke manier worden de omgevingsvisie, de programma’s en het omgevingsplan geactualiseerd? Planning: Q3 en Q4 2019
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 30 uur – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur
Betekent € 2.640,- aan investering
Pagina 6 van 24
1.2 Omgevingsvisie Spoor: Beleid, samenwerking en participatie
Actiehouder: Beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling
Deze actie is vereist volgens de letter van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Berg en Dal wil in 2021 een inspirerende, gedragen en integrale omgevingsvisie klaar hebben; een helder en integraal kader voor de ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving van onze gemeente. In de ‘routekaart naar een omgevingsvisie’ staat uitgebreid beschreven hoe we daar stapsgewijs naar werken. Aanpak: De aanpak voor de totstandkoming van de omgevingsvisie staat beschreven in de apart opgestelde ‘routekaart naar een omgevingsvisie’. Planning: Q3 2019 – Q1 2021 Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 1200 uur, waarvan 80% externe inhuur en 20% (240) interne uren. – –
Structureel en incidenteel Niet uit opleidingsbudget
Betekent € 21.120,- aan interne investering en € 84.480 aan externe investering
Pagina 7 van 24
1.3 Werken aan de Omgevingswetinstrumenten via het Omgevingslab Spoor: Beleid, samenwerking en participatie
Actiehouder: Beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling
Deze actie helpt bij het opstellen van de wettelijke instrumenten volgens de geest van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Om het werken met nieuw beleid en instrumenten eigen te maken, creëren we bij aanvang van het omgevingsvisieproces een interactieve experimenteer- en leeromgeving, rondom de ontwikkeling van de omgevingsvisie: het Omgevingslab. Zo leren we de uitgangspunten en inhoud van de omgevingsvisie direct in de praktijk te brengen. Dit lab is de plek waarin we actief werken aan integrale en interactieve beleidsvorming, projectsturing en ontwerpen van de kwaliteitskaders en omgevingswaarden van de toekomst. In deze experimenteer- en leeromgeving oefenen we met de nieuwe praktijk. Zo werken we aan het verbeteren van projectmanagement door kort-cyclisch en in behapbare pilots te werken aan concrete producten en tussenresultaten. We leren en experimenteren met de nieuwe manier van werken en brengen geleerde lessen gelijk in de praktijk. Bij het Omgevingslab betrekken we ook de ODRN. In dit lab gaan we aan de slag met werksessies en pilots om alvast te experimenteren met de implementatie van de Omgevingswet.
Aanpak: In het Omgevingslab leren medewerkers al doende, door bijvoorbeeld te werken aan enkele pilots omgevingsplan voor een gebied of een thema, maar mogelijk ook het vormgeven van een eerste gebiedsgericht programma in co-creatie met een van de Berg en Dalse kernen. Wat werkt wel en wat werkt niet? Zo oefenen we en passen we onze ervaringen en geleerde lessen gelijk toe in de praktijk. Ook oefenen we de werkprocessen die wij met de ODRN hebben afgesproken. Voor de begeleiding bij het Omgevingslab huren we een externe deskundige in. Om het leerproces te optimaliseren organiseren we ook casusgesprekken in de vorm van actie-leren. Actie-leren is een concrete en actie gerichte leervorm. Enerzijds levert het gerichte acties in een lopend vraagstuk. Anderzijds leidt het open gesprek door elkaar te bevragen tot reflectie. De reflectie vindt plaats op het niveau van professional, van team en van gewenste organisatie(s). Ieder casusgesprek kent één gespreksleider, één casusinbrenger en meerdere meedenkers. De meedenkers en de gespreksleider helpen de casusinbrenger om zijn leervraag te verhelderen en bij het bedenken van oplossingen voor zijn casus. Planning: Q3 2019 – Q1 2021
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 800 uur, waarvan 20% externe inhuur en 80% (640) interne uren – –
Structureel en incidenteel Niet uit opleidingsbudget
Betekent € 56.320,- aan interne investering en € 14.080,- aan externe investering
Pagina 8 van 24
1.4 Omgevingsplan 1.0 Spoor: beleid, samenwerking en participatie
Actiehouder: Beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling
Deze actie is vereist volgens de letter van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Het omgevingsplan is op 1 januari 2021 een feit. Van rechtswege worden alle bestemmingsplannen op die datum omgezet in één omgevingsplan. Het omgevingsplan bestaat uit twee delen: een tijdelijk deel en een nieuw deel. Het tijdelijke deel omvat de huidige ruimtelijke wet- en regelgeving en de Rijksregels die worden gedecentraliseerd. Alles wat in bestemmingsplannen en beheersverordeningen is geregeld als onderdeel van het omgevingsplan, blijft volgens het overgangsrecht geldig na 1 januari 2021. Aanpak: We stellen een projectteam samen dat zich buigt over de impact van het omgevingsplan voor de dagelijkse werkpraktijk. Wat gebeurt er bijvoorbeeld met lopende plan- en beroepsprocedures? Wat bepaalt het overgangsrecht ten aanzien van afwijkingen van de regels? En wat moeten we regelen om op 2 januari 2021 ook nieuwe initiatieven te kunnen omarmen? We werken deze en andere vragen samen uit en maken een plan van aanpak om op 1 januari 2021 klaar te staan. Het opstellen van een verordening voor de fysieke leefomgeving en het uitwerken van de ‘bruidsschat’ maken onderdeel uit van deze actie. Planning: Q3-Q4 2020 Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 150 uur, waarvan 60% externe inhuur en 40% (60) interne uren. – –
Incidenteel en structureel Niet uit opleidingsbudget
Betekent € 5.280,- aan interne investering en € 7.920,- aan externe investering.
Pagina 9 van 24
1.5 Omgevingsplan 2.0 Spoor: beleid, samenwerking en participatie
Actiehouder: Beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling
Deze actie is vereist volgens de letter van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Nadat we in kaart hebben gebracht welk(e) bestaand(e) beleid, regelgeving en instrumenten worden omgezet naar het omgevingsplan 1.0, starten we met het vormgeven van het omgevingsplan 2.0. Dit is het nieuwe deel van het omgevingsplan dat in 2029 volledig gereed moet zijn. We moeten alle regels voor de fysieke leefomgeving bijeenbrengen en vereenvoudigen. Met als resultaat: een omgevingsplan dat bestaat uit een duidelijke en overzichtelijke set beleidsregels die van toepassing zijn op de fysieke leefomgeving van Berg en Dal. Aanpak: We stellen een projectteam samen met relevante kennis van o.a. planvorming (bestemmingsplannen), vergunningverlening, toezicht en handhaving (verordeningen), ICT (DSO) en juridische zaken (bruidsschat Omgevingswet). We starten met het inrichten van een werkproces voor het ontwikkelen van het omgevingsplan met het maken van een beknopte startnotitie omgevingsplan waarin de volgende fases verder worden uitgewerkt. Fase 1: we organiseren een kennissessie in de gemeenteraad over het instrument omgevingsplan en de manier waarop de gemeente Berg en Dal tot een omgevingsplan komt.
Fase 2: het ontwerpen van de werkwijze, met daarbij aandacht voor bestuurlijke verankering, beheerafspraken, participatie, goede voorbeelden van elders en ontwerpeisen vanuit het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Fase 3: het ontwerpen en schrijven van regels voor het omgevingsplan met participatie van belanghebbenden. Fase 4: ter inzagelegging, inspraak en vaststelling. We houden hierbij rekening met eventueel noodzakelijke aanpassingen. Fase 5: actualisatie Omgevingsplan Planning: Fase 1 t/m 4 Q1 2021 – Q4 2022 Fase 5: vanaf 2023
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 1600 uur (fase 1 t/m 4), waarvan 80% externe inhuur en 20% (320) interne uren. – – –
Incidenteel en structureel Niet uit opleidingsbudget Financiering kan deels ten laste worden gelegd van het jaarlijks budget van € 20.000,- voor de actualisatie van bestemmingsplannen.
Betekent € 28.160,- aan interne investering en € 112.640,- aan externe investering.
Pagina 10 van 24
1.6a Regionale samenwerking omtrent Omgevingswet versterken Spoor: beleid, samenwerking en participatie
Actiehouders: Adviseur regionale samenwerking
Deze actie is vereist volgens de letter van de Omgevingswet. Doel en resultaat: We zorgen voor een gezonde, veilige en schone leefomgeving. De Omgevingswet verandert de samenwerking met onze partners. Via deze actie werken we aan een goede verdeling van rollen, taken en verantwoordelijkheden tussen de gemeente en haar samenwerkingspartners. De ODRN krijgt binnen dit spoor extra aandacht gezien de beoogde nauwe samenwerking binnen de Omgevingswet, maar we hebben ook oog voor de samenwerking met andere partners, zoals de VRGZ, GGD en IRvN. Samen moeten we binnen de Omgevingswet werken via één digitaal stelsel. Aanpak: Samenwerking ODRN: We kijken samen met de andere deelnemers in de ODRN en de ODRN welke ontwikkelingen (die raakvlakken hebben met ODRN) de komende jaren op ons afkomen. We richten ons daarbij op de langere termijn, maar zeker ook op de korte termijn (2021). Waar we in ieder geval aandacht aan besteden is hoe we per 1 januari 2021 effectief kunnen werken vanuit één gezamenlijk digitaal loket. Samen kijken we welke opdracht de ODRN krijgt voor het werken binnen de geconstateerde ontwikkelingen. Daarbij maken we duidelijk wie welke rol heeft, welke taken oppakt en wat het kost. Hiervoor zijn werkgroepen opgericht die de besluitvorming over de ontwikkelingen en een eventuele opdracht aan de ODRN voorbereiden.
Samen met de ODRN en de andere deelnemers in de ODRN stellen we vast aan welk basisniveau voor de dienstverlening we ons committeren. We kijken kritisch of de reguliere overlegstructuren en de P&C-cyclus nog aansluiten bij de opdracht van de ODRN en de ontwikkelingen waarbinnen de ODRN werkt. Waar nodig passen we de overlegstructuren en de P&C-cyclus aan op een manier die ons bestuur en de ambtelijke organisatie in staat stelt om te sturen op de beleidsdoelen. Samenwerking met andere partijen dan de ODRN: Verbonden partijen, zoals de VRGZ en GGD werken volgens meerjarenbeleidsplannen. We gaan met hen in gesprek over de rol die de Omgevingswet in deze plannen krijgt: hoe wordt de nieuwe werkwijze van de Omgevingswet in de meerjarenbeleidsplannen verweven? Wat verwachten wij van de samenwerkingen (en wat niet)? De samenwerkingen die we aan zijn gegaan in het Rijk van Nijmegen en in de regio Arnhem-Nijmegen zijn in meer of mindere mate ook bezig met de Omgevingswet. Wij nemen actief deel in de samenwerkingen en zullen het onderwerp Omgevingswet in verschillende overleggen agenderen en bespreken. Doel is om tot een aanpak te komen over wat gezamenlijk kan worden aangepakt (en wat niet). Planning: Q3 2019 – Q4 2020
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 220 uur (50% van de uren is reeds gedekt vanuit de reguliere werkzaamheden) – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur
Betekent € 19.360,- aan investering. 1.6b Opleiden en trainen ODRN Spoor: bestuur en organisatie
Actiehouder: Regiefunctionaris omgevingsdienst
Deze actie ondersteunt het werken volgens de letter en geest van de Omgevingswet. Doel en resultaat: De ODRN voert alle VTH taken voor Berg en Dal uit. De medewerkers van ODRN dienen getraind te worden om te werken volgens de principes van de Omgevingswet. Werkplan wordt apart ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad Planning: n.t.b.
De begroting voor deze actie wordt apart ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad.
Pagina 11 van 24
1.6c Aanpassen legesverordening Spoor: bestuur en organisatie
Actiehouder: Regiefunctionaris omgevingsdienst
Deze actie ondersteunt het werken volgens de letter van de Omgevingswet. Doel en resultaat: De werkprocessen veranderen door de invoering van de Omgevingswet. Daarnaast verandert de vergunningverlening. Zo hoeft voor bepaalde bouwwerken geen omgevingsvergunning meer aangevraagd te worden. Aanpak: De ODRN verzorgt voor het grootste deel onze vergunningverlening. Daarom passen we in samenspraak met de ODRN de legesverordening aan. Planning: Q2 t/m Q4 2020 Totale benodigde investering voor uitvoering voor deze actie 100 uur, waarvan 70 uur door de ODRN -Incidenteel en structureel Betekent € 2.640,- aan interne investering en € 6.160 aan externe investering.
Pagina 12 van 24
1.7 Opstellen spelregels voor inwonerparticipatie Spoor: beleid, samenwerking en participatie
Actiehouder: Beleidsmedewerker maatschappelijke ontwikkeling
Deze actie is vereist volgens de geest van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Een helder afwegingskader/raamwerk dat randvoorwaarden stelt voor (beleids-)participatie en maatwerk mogelijk maakt, zowel voor het sociale als het fysieke domein. Met als kern: op deze manier geeft Berg en Dal vorm aan participatie bij producten waarvan zij zelf eigenaar is (omgevingsvisie, uitvoeringsplan, etc.) en bij initiatieven uit de samenleving. In het afwegingskader/raamwerk is opgenomen wat de rolverdeling is bij participatieprocessen tussen college en raad. Aanpak: Het procesvoorstel spelregels voor inwonerparticipatie beschrijft de aanpak en planning om te komen tot een kader voor participatie. De spelregels beschrijven: – WAAROM participatie (welke input verwachten we van deelnemers?) – WAAROVER participatie (over welke thema dient participatie plaats te vinden?) – WIE participeert (benaderen we inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en/of andere belanghebbenden? En op welke schaal: op straat, wijk, kern of gemeente breed?) – HOE participatie (digitaal, inloopavonden, bestaande overleggen, enz.) We besteden ook aandacht aan de keuze wanneer de gemeente aan zet is voor een actie/klus of dat gewacht kan worden op het initiatief van inwoners, en wat hierbij de rolverdeling is tussen college en raad.
We houden er in de afweging bijvoorbeeld rekening mee dat participatie (avond)tijd kost voor medewerkers. In de uitwerking zou het bijvoorbeeld een idee kunnen zijn om een avondvoorzitters-pool te maken die niet vanuit de inhoud, maar vanuit proces en communicatiekwaliteiten de participatiebijeenkomsten begeleiden. Planning: Q2 2019 – Q4 2020
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie is 200 uur (is al gereserveerd buiten deze routekaart Omgevingswet om) – – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur Gehanteerd uurtarief:
Betekent € 0,- aan extra investering (kosten zijn al gedekt).
Pagina 13 van 24
3.2 SPOOR BESTUUR EN ORGANISATIE (P&O, COMMUNICATIE EN FINANCIËN) Doelen De principes van de Omgevingswet zijn wezenlijk anders dan de principes van de huidige wetgeving. De nieuwe principes zijn: minder regels, meer maatwerk, integraal beleid, meer ruimte voor de samenleving en werken vanuit vertrouwen. Dit vraagt om andere vaardigheden, competenties en gedragingen van medewerkers, college en de gemeenteraad. Met de Omgevingswet krijgen we nieuwe instrumenten in handen om meer lokaal maatwerk mogelijk te maken, waarbij afgeweken kan worden van landelijke ‘gemiddeldes’. Dat kan alleen als er sprake is van een heldere verdeling van rollen en verantwoordelijkheden tussen het college en de raad. Ook de verhoudingen tussen deze actoren en externe partners, inwoners en bedrijven veranderen. Het doel is om bestuur en organisatie hier optimaal op voor te bereiden, op een juiste manier over de veranderingen te communiceren en het in kaart brengen van de financiële consequenties. Huidige situatie Berg en Dal is een jonge gemeente. De herindeling in 2015 heeft een nieuwe bestuurlijke situatie gecreëerd, waarbij de (voormalige) structuur van gemeenten, kernen en dorpen in de praktijk nog merkbaar is. Dit is onder meer merkbaar door de nog niet uitgekristalliseerde rolverdeling van raad en college. In de ambtelijke organisatie is vakinhoudelijke kennis en bezieling volop aanwezig.
Wel is er nog aandacht nodig voor de vaardigheden die nodig zijn om te werken volgens de principes van de Omgevingswet. We hebben een platte organisatie waar iedereen elkaar makkelijk vindt. Maatschappelijke opgaven worden voorop gezet, maar de organisatiestructuur is daar nog niet op aangepast. Op dit moment wordt hard gewerkt aan een heroriëntatie van de organisatiestructuur en de invoering van projectmatig samenwerken. Het eigen vermogen van Berg en Dal is goed, maar we verwachten op dit moment nog wel tekorten in de toekomst door een lagere algemene uitkering en door toename van de kosten in het sociale domein.
Pagina 14 van 24
Acties 2.1 Oefenen met rollen en bevoegdheden binnen de Omgevingswet Spoor: bestuur en organisatie (onderdeel bestuur)
Actiehouder: Nader te bepalen
Deze actie is geen wettelijke vereiste, maar wel noodzakelijk om goed volgens de geest van de wet te kunnen werken. Doel en resultaat: De Omgevingswet beoogt een vergroting van politiek-bestuurlijke afwegingsruimte. Ook vraagt de wet van de gemeenteraad om waar mogelijk vooraf een kader op te stellen voor projecten en daarmee ruimte te geven aan anderen bij de uitvoering. We willen college en raad hierin faciliteren door duidelijke afspraken op papier te zetten over de werkwijze en rolverdeling tussen college en raad. Daarnaast willen we de ambtelijke organisatie helpen om politiek sensitiever te worden in de ondersteuning aan het college. Aanpak: We maken duidelijke afspraken over besluitvorming over de fysieke leefomgeving en over de rolverdeling tussen de gemeenteraad, het college, initiatiefnemers en inwoners. Deze afspraken leggen we vast in de gemeenteraad. Om te oefenen met de rollen en bevoegdheden binnen de Omgevingswet ondernemen we daarnaast de volgende activiteiten. We organiseren een collegetour, met het college als gast en de ambtelijke medewerkers als vragenstellers. Onderwerp van gesprek is politiek-bestuurlijke afwegingsruimte en de wisselwerking tussen het college en de ambtelijke organisatie. Het college bespreekt met de raad aan de hand van voorbeelden de onderlinge rolverdeling bij projecten in de fysieke leefomgeving.
Vragen die aan bod komen zijn: Hoever wil/kan de raad gaan in het loslaten van de uitvoering? Wat verwachten zij aan informatievoorziening en voorbereiding van collegeleden? Het is voor de raad belangrijk om nadrukkelijker te oefenen met het stellen van kaders aan de voorkant (de wat-vraag) en de uitvoering over te laten aan de probleemeigenaar (het college, een particulier initiatief of een groep inwoners). In september 2019 staat een heidag op de planning waar raad en college gesprekken voeren over het samenwerkingsdualisme. Daarbij wordt een keuze gemaakt voor de wijze van samenwerken en de daarbij behorende rollen. Tot slot worden de gewenste rolopvatting voor raad, college en ambtelijke organisatie kort uitgeschreven. Planning: Q3 2019 – Q2 2020
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 60 uur aan ambtelijke ondersteuning – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur
Betekent € 5.280,- aan investering.
Pagina 15 van 24
2.2 Kennissessies Omgevingswet Spoor: bestuur en organisatie (onderdeel personeel)
Actiehouder: Beleidsmedewerker ruimtelijke ontwikkeling
Deze actie is geen wettelijke vereiste, maar wel noodzakelijk om goed volgens de letter van de wet te kunnen werken. Doel en resultaat: Juristen en andere professionals uit de organisatie moeten de inhoud van de Omgevingswet goed kennen. Het is een nieuwe wet en in de komende anderhalf jaar zal steeds meer van de inhoud van de wet bekend worden. Het doel van deze interventie is om de medewerkers die het meest met de Omgevingswet te maken krijgen, periodiek op de hoogte te stellen van de laatste ontwikkelingen. Aanpak: We organiseren, tot aan de invoering van de wet in 2021, twee keer per jaar een inhoudelijke kennissessie voor alle medewerkers die inhoudelijk met de Omgevingswet gaan werken. Trek hierbij zoveel mogelijk op met andere gemeenten in de regio (die vooroplopen) om zo onderling kennis uit te wisselen. Betrek tijdig de collega’s van de ODRN. Zij hebben (voor een groot deel) de capaciteit en kennis in huis om deze sessies samen met de gemeente voor te bereiden en uit te voeren. Besteed aan het einde van iedere sessie aandacht aan de benodigde vervolgacties. Heeft het geleerde invloed op de werkprocessen, het aanbod van leerprogramma’s, de voorbereidingen op het gebied van ICT, etc.? Planning: Q3 2019 – Q1 2021
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 60 uur, exclusief de uren van medewerkers die deelnemen aan de kennissessies. – – –
Incidenteel Gedeeltelijk uit het opleidingsbudget Voor de voorbereiding en uitvoering van de inhoudelijke sessies is externe inhuur nodig
Betekent € 5.280,- aan interne investering, plus € 5.000,- aan externe investering.
Pagina 16 van 24
2.3 Gesprekken voeren over de consequenties van de Omgevingswet voor teams en individuen Spoor: bestuur en organisatie (onderdeel personeel)
Actiehouder: Adviseur P&O
Deze actie is vereist om te werken volgens de geest van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Hoe het werken met de Omgevingswet er precies uit gaat zien, en wat teams en individuen precies nodig hebben om met succes met de Omgevingswet aan de slag te gaan is nog niet duidelijk. Teams en individuele medewerkers moeten zelf betekenis geven aan de consequenties van de Omgevingswet. De een heeft veel kennis nodig van hoe de wet juridisch in elkaar zit, de ander heeft juist behoefte aan het aanleren van onderhandelingstechnieken. Het doel van deze actie is om in gerichte gesprekken te verkennen wat de mensen in deze organisatie nodig hebben om succesvol met de wet te werken. Het resultaat is dat Berg en Dal scherp in beeld heeft waar de behoefte van de medewerkers zit, bijvoorbeeld m.b.t. trainingen. Aanpak: In de gesprekken die medewerkers met hun manager, coördinator of teamleider voeren over hun persoonlijke ontwikkeling besteden we aandacht aan de Omgevingswet. Waar nodig kan iemand van P&O of van het projectteam Omgevingswet bij de gesprekken aansluiten. Het gesprek gaat over de vertaling van de principes van de Omgevingswet naar concreet gedrag en de vaardigheden die medewerkers hierbij nodig hebben.
Voorbeelden van vaardigheden die handig zijn voor het werken met de Omgevingswet zijn meedenken met initiatiefnemers, maatwerk bieden, gespreksvoering en onderhandelingstechnieken, kort-cyclisch werken, strategisch omgevingsmanagement en politieke sensitiviteit. De managers, coördinatoren en teamleiders halen op waar de behoefte van medewerkers zit op het gebied van leren en ontwikkelen in het licht van de Omgevingswet. De leidinggevenden inventariseren welke leerbehoeften er zijn en kijken samen met P&O naar de planning van het trainingsaanbod (zie interventie 2.4). Bij de aanstelling van nieuw personeel zien we kennis van de Omgevingswet en vaardigheden die bij de wet passen als selectiecriteria. Planning: Q3 2019 – Q4 2020
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 160 uur – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur
Betekent € 14.080,- aan investering
Pagina 17 van 24
2.4 Op basis van ontwikkelgesprekken persoonlijke ontwikkelplannen maken Spoor: bestuur en organisatie (onderdeel personeel)
Actiehouder: Adviseur P&O
Deze actie is vereist om te werken volgens de geest van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Het doel van deze interventie is het op maat maken van persoonlijke ontwikkelplannen voor alle medewerkers die met de Omgevingswet te maken krijgt. Zo kan iedereen vanuit de eigen betrokkenheid werken volgens de principes van de wet. De ontwikkeltrajecten moeten passen bij de leer- en ontwikkelvraag van individuele professionals. In de praktijk zal blijken dat er groepjes gevormd kunnen worden rondom gedeelde leervragen. Aanpak: Stel op basis van de inventarisatie bij individuele medewerkers (zie interventie 2.3) leermodules samen. De modules kunnen medewerkers helpen zich te ontwikkelen tot Omgevingsprofessionals. Dit is maatwerk, afhankelijk van de leer- en ontwikkelvraag van medewerkers. Ga na welke modules voor welke medewerkers standaard zijn en welke modules facultatief kunnen worden gekozen. Planning: Q1 2020 – Q1 2021
Investering is afhankelijk van de leerprogramma’s die gekozen worden en het aantal medewerkers dat de modules volgt. – –
–
Incidenteel We stellen een specifiek opleidingsbudget voor de ontwikkeling tot omgevingsprofessionals; met alle verwachte opleidingen en trainingen is het reguliere opleidingsbudget niet toereikend Voor de uitvoering van sommige trainingen is inhuur nodig
Wij verwachten 100 uur kwijt te zijn aan het opstellen van de ontwikkelplannen. Wij verwachten circa 30 personen op te moeten leiden. Per persoon schatten we in dat er € 2.500 aan opleidingskosten zijn. In totaal komen de opleidingskosten uit op € 75.000.
Pagina 18 van 24
2.5 De invoering van projectmatig samenwerken koppelen aan de Omgevingswet Spoor: bestuur en organisatie (onderdeel organisatie)
Actiehouder: Adviseur P&O
Deze actie versterkt het werken volgens de geest van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Onze organisatie is in ontwikkeling. De implementatie van de Omgevingswet sluit daar goed bij aan. Wil de gemeente Berg en Dal meer organiseren volgens de logica van inwoners of dynamischer capaciteit kunnen inzetten op veranderende maatschappelijke opgaven, dan geeft de Omgevingswet daar een goede aanleiding toe. Hoe kan de gemeente werken aan maatschappelijke resultaten, over de verschillende afdelingen en expertises binnen de organisatie heen? Maatschappelijke opgaven die de gemeente centraal kan zetten zijn bijvoorbeeld de energietransitie, klimaatadaptatie of het vergroten van leefbaarheid in de kernen. Sinds 2016 werkt de werkgroep Projectmatig Samenwerken aan het bevorderen van het slim en effectief samenwerken aan resultaten. In juni 2019 wordt het projectmatig samenwerken organisatiebreed geïmplementeerd. Aanpak: Om te kunnen werken volgens de Omgevingswet moet de organisatie worden gefaciliteerd in structuur en werkwijze. Daarom nemen we de uitgangspunten/het kader voor een goede implementatie van de Omgevingswet mee, in het neerzetten van een nieuwe organisatiestructuur en het implementeren van projectmatig samenwerken. Planning: Q3 2019 – Q4 2021
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 120 uur (is al gereserveerd buiten deze routekaart Omgevingswet om) – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur
Betekent € 0,- aan investering
Pagina 19 van 24
2.6 Communicatie over Omgevingswet Spoor: bestuur en organisatie (onderdeel communicatie)
Actiehouder: Adviseur communicatie
Deze actie is geen wettelijke vereiste, maar wel noodzakelijk om alle stakeholders te helpen om volgens de letter van de wet te werken. Doel en resultaat: Duidelijk communiceren over de wijzigingen van de Omgevingswet, zodat stakeholders de juiste verwachtingen hebben en op de hoogte zijn van nieuwe procedures en vereisten voor vergunningen. Aanpak: – Tot en met 2021 het delen van de landelijke campagne. – Aansluiten bij het participatieproces voor de omgevingsvisie. – Deelnemen aan het opstellen van de ‘spelregels voor inwonerparticipatie’. – FAQ: ‘Wat heb ik nodig om…?’ procedures voor na de invoering van de Omgevingswet inzichtelijk maken. Planning: Q3 2019 – Q4 2021
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 100 uur – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur
Betekent € 8.800,- aan investering
Pagina 20 van 24
2.7 Het vergroten van de financiële flexibiliteit voor het werken aan programma’s Spoor: bestuur en organisatie (onderdeel financiën)
Actiehouder: Adviseur financiën
Deze actie ondersteunt het werken volgens de geest van de Omgevingswet. Doel en resultaat: De Omgevingswet stelt gemeenten voor de opgave om integraal te werken aan programma’s en projecten. Om dit mogelijk te maken doen gemeenten er goed aan om de financiële flexibiliteit te vergroten, waardoor gericht intensief kan worden gewerkt aan dynamische maatschappelijke opgaven. Deze opgaven staan centraal in de vrijwillige programma’s die de gemeente kiest voor de concrete gebiedsgerichte en/of thematische uitwerking van de omgevingsvisie. De begroting van Berg en Dal kent al een grote mate van flexibiliteit. We verdelen budgetten over voorgeschreven taakvelden en programma’s zoals Inwoners, Onze Buurt en Onze gemeente. Deze werkwijze helpt als we straks in het kader van de Omgevingswet kiezen voor het werken met Omgevingswet-programma’s. Aanpak: – We maken organisatorische afspraken over de financiering van (Omgevingswet)programma’s. Onderdelen waar we op letten zijn de verantwoordelijkheid en beslissingsbevoegdheid van projectleiders over het programmabudget, en de informatievoorziening aan het bestuur over de financiële consequenties van raads- en collegebesluiten. We doen dit ten tijde van het aanpassen van onze budgethoudersregeling in het kader van projectmatig samenwerken in 2020. Planning: Q2 2020
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 40 uur – – – –
Incidenteel Niet uit opleidingsbudget Niet op basis van inhuur Gedekt vanuit de reguliere werkzaamheden van de financieel consulenten
Betekent € 0,- aan extra investering (kosten reeds gedekt)
Pagina 21 van 24
3.3 SPOOR DIGITALISERING EN ICT Doel Er is nog veel onzekerheid over de definitieve vorm van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Zeker is dat we nog veel moeten veranderen om te voldoen aan de randvoorwaarden van het informatiesysteem. We zien digitalisering niet als doel op zich, maar als kans om onze doelen in de fysieke leefomgeving waar te maken. De komende jaren zijn nodig om keuzes te inventariseren en te maken voor de aansluiting bij het DSO. Het doel is dat relevante informatie voor medewerkers, inwoners en bedrijven eenvoudig toegankelijk is. Zij kunnen informatie voor hun initiatief in de leefomgeving digitaal inzien en eenmaal in het formele proces hebben zij de mogelijkheid om een (vergunnings-)aanvraag digitaal in te zien. Huidige situatie (op basis van de impactanalyse Omgevingswet) Berg en Dal heeft een goede startsituatie. Rondom vergunningsaanvragen is veel gedigitaliseerd, alle ruimtelijke plannen zijn digitaal en actueel en er zijn 200 kaartlagen beschikbaar waarvan een deel ook openbaar. Daartegenover staat dat zaakgericht werken ‘op papier’ is ingevoerd, maar in de praktijk niet altijd uniform plaatsvindt. En dat er nog een uitdaging ligt in het samenwerken aan ambities en wensen met andere delen van de organisatie. Ook het uitwisselbaar maken van informatie in de werkprocessen met samenwerkingspartners is nog een aandachtspunt.
De ODRN heeft nog niet de mogelijkheid om alle geo-informatie op te vragen bij een omgevingsvergunning. Acties 3.1 Achterstand inhalen bij het intekenen van geometrische kaarten Spoor: digitalisering en ICT
Actiehouder: Adviseur DSO
Deze actie is noodzakelijk voor het werken volgens de letter van de Omgevingswet. Doel en resultaat: De achterstand bij het intekenen van geometrische kaarten moet worden ingehaald om alle informatie tijdig gereed te hebben voor het DSO. Informatie- en Automatiseringsmedewerkers en juristen werken samen aan het laten aansluiten van regelgeving op de geometrie. Bijvoorbeeld: de kernen, buurten zoals deze staan beschreven in verordeningen, moeten ook als zodanig in geometrieën worden ingetekend. Op deze kaart moet ook duidelijk te zien zijn welke monumentale bomen en gebouwen precies staan en op welk deel van welk erfgoed iets wel of niet gebouwd mag worden. Aanpak: 1 Aan de voorkant denken juristen en I&A-medewerkers samen na over een werkwijze voor het intekenen van alle geldende verordeningen en bestaande fysieke gegevens. Hierbij worden ook afspraken gemaakt over toekomstige wijzigingen. 2 Juristen verzamelen alle geldende verordeningen. Beleidsmedewerkers brengen het beleid van de afdelingen in beeld. 3 I&A-medewerkers tekenen de kaarten. Planning: Q1 en Q2 2020
Totale benodigde investering voor uitvoering van deze actie: 120 uur, waarvan 80% externe inhuur – – –
Incidenteel Niet uit het opleidingsbudget Niet op basis van inhuur
Betekent € 10.560,- aan investering
Pagina 22 van 24
3.2 Aansluiten op het DSO Spoor: digitalisering en ICT
Actiehouder: Adviseur DSO
Deze actie is noodzakelijk voor het werken volgens de letter van de Omgevingswet. Doel en resultaat: Aansluiten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet-Landelijke Voorziening (DSO-LV). Het gebruik van het DSO-LV is verplicht én noodzakelijk voor de uitvoering van de Omgevingswet. Voor gemeenten is het van groot belang dat het beheer DSO-LV tijdig en goed geregeld is, om tijdig te kunnen oefenen met en voorbereiden op het in gebruik nemen ervan. Het DSO-LV bevat de volgende componenten en functies: – De overall toegang tot gebruikerstoepassingen met de viewer en mogelijkheid tot het doen van aanvragen, inclusief de daarbij behorende beveiliging en autorisatie. – Kunnen raadplegen van OW-besluiten, het inzien van informatie over de fysieke leefomgeving en het checken aan de hand van toepasbare regels. – Het kunnen doen van aanvragen en meldingen en het kennis nemen van informatieplichten. – Kunnen inzien van begrippen, informatiemodellen en gegevenssets. – Kunnen hergebruiken van (delen) van het DSO-LV als open stelsel. Aanpak: Fase 1: in kaart brengen hoe de gemeente Berg en Dal er nu voor staat op het gebied van digitalisering en dit vergelijken met de toekomstige situatie. Analyseer de verschillen tussen de huidige en toekomstige situatie en bepaal wat de gemeente moet doen om de verschillen te overbruggen. Blijf de analyse periodiek uitvoeren op basis van nieuwe inzichten.
De ‘checklist informatievoorziening’ en de ‘Handreiking Aan de slag met de Informatievoorziening Omgevingswet’ van VNG realisatie zijn hierbij handige tools. In deze fase betrekken we ook de ODRN, omdat de ODRN bij de vergunningverlening moet gaan werken met het DSO. Fase 2: het dichten van het gat tussen de huidige en toekomstige situatie op het gebied van digitalisering (uitkomst van fase 1). We voorzien op dit moment dat in ieder geval moet gebeuren: 1 Aanschaf omgevingsvisie/-plansoftware 2 Aanschaf toepasbare regelsoftware 3 ODRN aansluiten op het DSO-LV Voor de uitvoering van fase 1 en 2 schakelen wij professionele hulp in van experts op het gebied van automatisering en informatievoorziening. Dit doen wij samen met de gemeenten Heumen en Beuningen. De kosten hiervoor schatten we in op circa € 22.500 voor het opstellen van een uitvoeringsprogramma en € 60.000 voor de uitvoering zelf. De kosten voor de benodigde software zijn daarbij niet inbegrepen. Fase 3: eventueel de ICT voorzieningen doorontwikkelen, mits Berg en Dal de ambitie heeft om verder te digitaliseren dan strikt noodzakelijk voor aansluiting op het DSO-LV. Fase 4: maak een analyse van in de organisatie aanwezige digitale vaardigheden, maak een inschatting of hier trainingen op moeten worden georganiseerd en zet dit in actie in overleg met de trekker van het spoor personeel.
Planning: Benodigde investering voor uitvoering van deze actie: – Fase 1 en 2: Q4 2019 – Q4 2020 – Fase 1 en 2: € 22.500 voor de inhuur van een externe partij – Fase 3-4: Q1 2021 – Q4 2022 voor het opstellen van een uitvoeringsprogramma en € 60.000 voor de uitvoering. Intern zijn wij 100 uur kwijt aan begeleiding van de externe partij. – Fase 3-4: P.M. – – – –
Incidenteel Niet uit het opleidingsbudget Niet op basis van inhuur Exclusief de kosten voor de benodigde software
Het Rijk betaalt de eenmalige investeringskosten voor de bouw van het digitale stelsel, het informatiepunt en de invoeringsondersteuning. Gemeenten gaan meebetalen aan de structurele uitvoeringskosten van het digitale stelsel en een centraal informatiepunt over de Omgevingswet voor overheden. De jaarlijkse onderhoudskosten worden als volgt verdeeld: 19% Rijk, 70% gemeenten, 6% provincies, 5% waterschappen. De
Pagina 23 van 24
gemeentelijke kosten worden in mindering gebracht op de uitkering vanuit het Gemeentefonds. De transitiekosten die samenhangen met de digitalisering moeten worden gedragen door Berg en Dal zelf. Wat de transitiekosten bedragen kan worden bepaald na uitvoering van fase 1. We moeten in ieder geval rekening moet houden dat Crotec voor de bestemmingsplanprocedures moet doordraaien tot 2025. Nieuwe plansoftware komt daar bovenop wat zorgt voor dubbele licentiekosten. Kosten voor het doordraaien van Crotec bedragen structureel € 12.500,- tot 2025.
Pagina 24 van 24
Bijlage - Begroting kosten Routekaart Implementatie Omgevingswet Berg en Dal Nog niet gedekte incidentele verhouding intern/extern interne kosten activiteiten Uren Kosten
kosten externe inhuur
kosten in 2019
kosten vanaf kosten in 2020 2021 opmerking
Projectorganisatie Projectleiding (32 uur per week) Projectondersteuning (16 uur per week) SUBTOTAAL
2496 € 1248 € 3744 €
219.648,00 49.920,00 269.568,00
100/0 100/0
€ € €
219.648,00 € 49.920,00 € 269.568,00 €
Spoor: beleid, samenwerking en participatie 1.1 Onderlegger werkend stelsel kerninstrumenten Omgevingswet 1.2 Omgevingsvisie 1.3 Werken aan de Omgevingswetinstrumenten via het omgevingslab
30 € 1200 € 800 €
2.640,00 105.600,00 70.400,00
100/0 20/80 80/20
€ € €
2.640,00 € € 2.640,00 € 21.120,00 € 84.480,00 € 21.120,00 € 56.320,00 € 14.080,00 € 14.080,00 €
-
€ 36.608,00 € 146.432,00 € 36.608,00 tot en met 1 april 2021 € 8.320,00 € 33.280,00 € 8.320,00 tot en met 1 april 2021 € 44.928,00 € 179.712,00 € 44.928,00
€ 73.920,00 € 10.560,00 49.280,00 € 7.040,00
1.4 Omgevingsplan 1.0
150 €
13.200,00
40/60
€
5.280,00 €
1.5 Omgevingsplan 2.0 1.6a Regionale samenwerking omtrent Omgevingswet versterken
1600 € 110 €
140.800,00 9.680,00
20/80 100/0
€ €
28.160,00 € 112.640,00 € 9.680,00 € €
1.6b Opleiden en trainen ODRN 1.6c Aanpassen legesverordening 1.7 Opstellen spelregels voor inwonerparticipatie SUBTOTAAL
nader te bepalen 100 € 8.800,00 0 € 3990 € 351.120,00
30/70 100/0
€ € €
€ 2.640,00 € 6.160,00 € € 8.800,00 € € € 125.840,00 € 225.280,00 € 41.034,40 € 151.685,60
Kosten zijn deels gedekt. Het jaarlijkse budget voor de actualisatie van € bestemmingsplannen bedraagt € 20.000 Kosten zijn deels gedekt. Het jaarlijkse budget voor de actualisatie van € 140.800,00 bestemmingsplannen bedraagt € 20.000 € Wordt uitgewerkt in werkplan dat apart ter besluitvorming wordt voorgelegd aan de gemeenteraad € € Wordt uit andere post gedekt € 158.400,00
Spoor: bestuur en organisatie 2.1 Oefenen met rollen en bevoegdheden binnen de Omgevingswet 2.2 Kennissessies Omgevingswet 2.3 Gesprekken voeren over de consequenties van de Omgevingswet voor teams en individuen 2.4 Op basis van ontwikkelgesprekken persoonlijke ontwikkelplannen maken 2.5 De invoering van projectmatig samenwerken koppelen aan de Omgevingswet 2.6 Communicatie over Omgevingswet 2.7 Het vergroten van de financiële flexibiliteit voor het werken aan programma’s SUBTOTAAL
60 € 60 € 160 € 100 € 0 € 100 € 0 € 480 €
5.280,00 10.280,00 14.080,00 83.800,00 8.800,00 122.240,00
100/0 51/49 100/0 10/90 100/0 100/0 100/0
€ € € € € € € €
5.280,00 5.280,00 14.080,00 8.800,00 8.800,00 42.240,00
€ € 2.640,00 € 5.000,00 € 2.570,00 € € 4.646,40 € 75.000,00 € 8.800,00 € € € € 1.760,00 € € € 80.000,00 € 20.416,40
€ € € € € € € €
2.640,00 5.140,00 9.433,60 60.000,00 3.520,00 80.733,60
€ € 2.570,00 € 5.000 aan externe investering € € 15.000,00 € 75.000 aan opleidingskosten € Wordt uit andere post gedekt € 3.520,00 € Wordt uit andere post gedekt € 21.090,00
Spoor: digitalisering en ICT 3.1 Achterstand inhalen bij het intekenen van geometrische kaarten 3.2 Aansluiten op het DSO fase 1 3.2 Aansluiten op het DSO fase 2-4 SUBTOTAAL
120 € 10.560,00 100 € 91.300,00 nader te bepalen 100 € 101.860,00
20/80 10/90
€ €
2.112,00 € 8.448,00 € 8.800,00 € 82.500,00 € 25.000,00 € 10.912,00 € 90.948,00 € 25.000,00
€ € € €
10.560,00 € 66.300,00 € 76.860,00 €
Verrekening deels gedekte kosten omgevingsplan TOTAAL Afgerond
€
€
-80.000,00
n.v.t.
8314 € €
764.788,00 765.000,00
€
7.920,00 €
n.v.t.
-
€
13.200,00
€ 3.194,40 €
6.485,60
-
€ 82.500 aan externe investering Vanaf 2021
-
Vanaf 2023 volgt de actualisatie van het omgevingsplan. Deze activiteit is niet begroot, omdat het structurele kosten € -20.000,00 € -20.000,00 € -40.000,00 betreffen.
448.560,00 € 396.228,00 € 111.378,80 € 468.991,20 € 184.418,00
COLOFON
Deze routekaart is in juni 2019 opgesteld door de gemeente Berg en Dal, met advies en onder begeleiding van Hiemstra en De Vries.