B16 Eiko de Jong - Inbreng over raadsvoorstel fietsroute Leuth
Tekst van het document
Leuth, 24 maart 2021 Geachte leden van de raad, Met interesse hebben wij kennisgenomen van de bijlagen bij deze vergadering. Graag zouden wij deze van enkele kanttekeningen voorzien, vanuit het perspectief van een aanwonende in Leuth. Voor de duidelijkheid: Optie 1, verbeteringen in de westelijke aanrijroute, wordt hieronder niet besproken. Daarvan nemen wij kennis en wij zijn verheugd over deze suggestie. Deze brief gaat over de onzorgvuldig onderbouwde keuze voor optie-3 (de zuid route) en de nauwelijks onderbouwde keuze om de noord route niet verder te onderzoeken. In het voorstel wordt de optie om via de noordzijde van Leuth te gaan niet nader onderzocht met het argument dat het grootste deel van het fietsverkeer langs de Zeelandsestraat Leuth binnenkomt vanuit Millingen. Het percentage dat hierbij hoort is slechts 60% (een zeer bescheiden meerderheid op basis van niet-volledige metingen). Het kan niet zo zijn dat de noordelijke optie om deze reden wegvalt, temeer omdat zij veel meer voor de hand ligt dan de zuidelijke route. De argumenten voor variant 3 (de zuidelijke route) zijn van dien aard dat zij eenvoudig te weerleggen zijn en in het weerleggen ervan volgt de logica voor de route langs de noordzijde.
In het rapport staat (de cijfers hebben wij aan de tekst toegevoegd en worden hieronder puntsgewijs weerlegd): “Argumenten voor variant 3: - Dit solitaire fietspad creëert een aantrekkelijke (1) en comfortabele (2) route voor zowel woonwerk, woon-school als recreatie, uit Leuth zelf (3) en uit Millingen en Kekerdom (4). - Er ontstaat een veilige (5) fietsroute omdat deze route beter in het netwerk past” 1. De route is NIET aantrekkelijk. Deze voert namelijk langs het gebied waar 100 hectare zonnepanelen gelegd zullen worden, wat toeristisch niet aantrekkelijk is. De route langs de noordzijde is WEL aantrekkelijk voor toeristen, omdat deze aansluit op de uiterwaarden en de natuurgebieden in die buurt. 2. De route is NIET comfortabel. Iedereen die ooit over de Plezenburgsestraat en de Zeelandsestraat heeft gefietst, weet dit. Het is er krap en passerend verkeer (veelal groot landbouwverkeer) komt altijd in het nauw met de fietsers op de rijbaan. Langs de noordzijde is WEL een comfortabel fietspad, dat ligt er al en daarop hoeft alleen maar te worden aangesloten. 3. De mensen uit Leuth hebben NIETS aan dit fietspad.
Het merendeel van de mensen uit Leuth woont ten noorden van de N840 wat er praktisch op neer zou komen dat iedereen die van de zuidkant komt zou moeten oversteken op de Steenheuvelsestraat voordat ze thuis komen; dat is nu juist het tegenovergestelde wat men hier wil bereiken. De route langs de noordzijde dient dit doel wel. 4. Als mensen uit Kekerdom van het zuidelijke fietspad gebruik willen maken, moeten ze maar liefst meer dan 3 kilometer OMFIETSEN; het ligt namelijk volstrekt niet op de route. Ook hier bedient de noordelijke route de mensen uit Kekerdom veel beter. 5. De route is ONVEILIG om (tenminste) twee redenen: 1. De route zal in het buitengebied in het donker worden aangelegd wat een grote sociale onveiligheid met zich meebrengt. In het rapport wordt gesteld dat ‘de fietser dan de keuze heeft, bij licht over het fietspad, bij donker door het centrum’. We informeren de raad ten overvloede dat gedurende de helft van het jaar tijdens de spitsuren het donker is; 2. Zoals ook bovengenoemd is zijn de Plezenburgsestraat en de Zeelandsestraat nauwe wegen met veel landbouwverkeer en is de weg bovendien onoverzichtelijk door de vele bochten. Het invoeren van extra fietsers op deze route zal verkeersonveilige situaties alleen maar in de hand werken.
Kosten De kosten worden grof onderschat. De bouwkosten mogen dan 1 miljoen zijn, maar het uitkopen van de betrokkenen, welke meer zijn dan alleen de boer uit Leuth, zullen vele malen hoger uitvallen. Een onredelijke grote investering, dit terwijl het alternatief simpel en kosteneffectief is. Daarbij kan het niet zo zijn dat de raad een advies volgt dat stelt dat het nu niet noodzakelijk is om de financiële haalbaarheid aan te tonen (p. 9) en dat het besluit hierover naar de toekomst kan worden doorgeschoven. De financiële haalbaarheid van dit plan zou mede centraal moeten staan, naast de inhoudelijk overwegingen, in de besluitvorming. Alternatief Een veel (kosten-)effectievere optie zou zijn om de fietsbewegingen uit Millingen om te leiden naar de noordkant. Dit kan d.m.v. een simpele aanpassing, waarbij de fietsers uit Millingen via de Spaldropweg/Eversberg rijden i.p.v. rechtdoor over Zeeland. Deze omleiding is slechts 300m langer (minder dan 1 minuut fietsen) dan rechtdoor. Het bijkomende voordeel is dat bij Haukes (bij Kekerdom) al een twee-stadium-oversteek gerealiseerd is en men dan direct is aangesloten op het veilige vrij liggende fietspad langs de N840, welke aangesloten kan worden op een noordelijke route. Samenvattend: Om onduidelijke redenen is de optie langs de noordzijde verworpen, terwijl er zeer goede argumenten voor zijn om deze optie verder te verkennen.
Met onzorgvuldige argumentatie wordt variant 3 aangeprezen; deze argumenten zijn eenvoudig te weerleggen. Het verzoek is dan ook om de zuid-variant definitief te schrappen uit verdere overwegingen en - naast de optie 1 - te concentreren op de route via de noordzijde. Hoogachtend, Eiko de Jong Leuth