2022-M007 - Waarborg de positie van de Regioagendacommissie ten opzichte van hun eigen raden
Tekst van het document
MOTIE GEMEENTERAAD Motie nummer:
2022-M007
Datum indiening
23 juni 2022
Onderwerp: Waarborg de positie van de Regioagendacommissie ten opzichte van hun eigen raden
De raad van de gemeente Berg en Dal, in vergadering bijeen, Overweegt dat: I. II.
III.
per 1 juli 2022 de Wet tot wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen in werking (WGR) treedt; het doel van de wijziging van de WGR is dat gemeenteraden weer meer en beter invulling kunnen gaan geven aan hun kaderstellende en controlerende rol richting het bestuur van een gemeenschappelijke regeling; uit de memorie van toelichting op deze wet het volgende standpunt van de wetgever naar voren komt: “Om recht te doen aan die dualistische verhoudingen, moet de raad echter wel in staat zijn daadwerkelijk sturing en controle uit te kunnen oefenen op het college. Dat is de essentie van het verlengd lokaal bestuur. Daarom wordt de (informatie)positie van gemeenteraden, ook bij besluitvorming in de gemeenschappelijke regeling, met de hierna volgende maatregelen versterkt en worden mogelijkheden gecreëerd voor raden om, voordat een besluit genomen wordt, inbreng te kunnen leveren”.
Constateert dat: a. de vergaderingen van de regioagendacommissie plaatsvinden vlak nadat de stukken openbaar worden gemaakt en worden verzonden aan het algemeen bestuur en/of de raden; b. de regioagendacommissie adviseert aan het algemeen bestuur van de Groene Metropoolregio en dat de tijd voor dergelijk advies in voorkomende gevallen is beperkt tot twee dagen; c. het er in die situaties feitelijk op neer komt dat de raden hun lokale bestuurders die zitting hebben in het algemeen bestuur alleen achteraf kunnen aanspreken, omdat de tijd ontbreekt om een vooraf een boodschap te kunnen meegeven; d. deze gang van zaken niet bijdraagt aan de door de wetgever bedachte kaderstellende rol van de raden; e. de controlerende rol van de raad ook niet goed uit de verf komt als de raad aan de voorkant feitelijk geen kaders kan meegeven; f. in het Reglement van Orde van de Regionale Agendacommissie staat dat de commissie niet alleen het algemeen bestuur adviseert, maar ook de kaderstellende en controlerende positie van de raden waarborgt. g. uit het voorgaande naar voren komt dat het waarmaken van deze taak aanzienlijk wordt bemoeilijkt.
Is van mening dat:
de positie van de in de Regionale Agendacommissie benoemde raadsleden versterkt moet worden.
Roept het college op om de lokale bestuurders die zitting hebben in het algemeen bestuur: 1. de opdracht te geven in de komende vergadering van het algemeen bestuur de kwestie inzake feitelijke mogelijkheden tot kaderstelling en controle door de raad aan de orde te stellen, zodat de uitkomst daarvan kan worden vernomen en teruggekoppeld aan de raad. 2. in de komende vergadering van het algemeen bestuur voor te laten stellen om een opdracht te geven aan het Dagelijks bestuur om het vergaderschema zo aan te passen, dat de raden voldoende tijd wordt geboden om een politiek-bestuurlijke dialoog te kunnen voeren met hun lokale bestuurders in de aanloop naar een vergadering van het algemeen bestuur.
Roept de Berg en Dalse raadsleden in de Regionale Agendacommissie op: 1. eenzelfde oproep bij gelegenheid te (laten) richten aan het algemeen bestuur en er op toe te zien dat er een verbeterd vergaderschema tot stand wordt gebracht.
en gaat over tot de orde van de dag.
Indiener(s):
GroenLinks: Caroline de Greeff, Rona Vree, Florian Godderz D66: Jos Verstegen, Jelbrich de Vries, Marlou Peters
Toelichting: -