Was Wordt belastingverordening 2024-2025 DEF
Tekst van het document
WAS / WORDT Belastingverordening 2025 Voor u ligt de tabel waarin wordt weergegeven wat de verschillen zijn op de belastingverordening 2024/2025. Een korte toelichting hiervan staat benoemd in het advies belastingverordeningen 2025.
Belastingverordening gemeente Belastingverordening gemeente Bergen (2024) Bergen (2025) Legesverordening HOOFDSTUK 1 Algemene dienstverlening De tarieven uit 2023 zijn geïndexeerd.
Hoewel de reguliere prijsindex van 2,1% toegepast kan worden, hebben we ervoor gekozen om verwachte opbrengst van leges niet te verhogen in de begroting van 2025. Bij het behandelen van de legesverordening 2023 is aangegeven dat we toe willen werken naar kostendekkende tarieven. Bij genoemde verordening was een toegroeitabel gevoegd waarbij we in 3 jaarlijkse stappen (stap 1: 2023, stap 2: 2024 en stap 3: 2025) toegroeien naar kostendekkende tarieven. De toegroeitabel die vorig jaar gehanteerd is wordt als bijlage toegevoegd. In deze legesverordening 2025 hebben we de tarieven verhoogd volgens de toegroeitabel 2023-2025 waar dat nodig is. Er zijn ook tarieven die wettelijk gemaximeerd zijn. Bij deze diensten hanteren we de wettelijke tarieven.
HOOFDSTUK 2 DIENSTVERLENING EN BESLUITEN IN HET KADER VAN DE OMGEVINGSWET Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten Artikel 1.32 Telecommunicatiewet Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag in verband met het verkrijgen van een instemmingsbesluit, als bedoeld in de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI), omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden: a.In het betreft tracés 250m1 € 291.29 b.Indien het betreft tracés van 250m1 tot 1500,1 € 357,96 c.Indien het betreft tracés tot 1500m1 tot 5000m1 € 491,29 d.Indien het betreft tracés van 500m1 en meer, per m1 trace € 0,10 e.Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI), omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden voor tracés tot 15m1 € 76,84 f.Indien met betrekking tot een aanvraag overleg moet plaatsvinden tussen de gemeente, andere beheerders van openbare grond en de netbeheerder
Artikel 1.32 Telecommunicatiewet Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag in verband met het verkrijgen van een instemmingsbesluit, als bedoeld in de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI), omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden: a.In het betreft tracés 250m1 € 373,20 b.Indien het betreft tracés van 250m1 tot 1500,1 € 446,53 c.Indien het betreft tracés tot 1500m1 tot 5000m1 € 593,20 d.Indien het betreft tracés van 500m1 en meer, per m1 trace € 0,12 e.Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI), omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden voor tracés tot 15m1 € 96,00 f.Indien met betrekking tot een aanvraag overleg moet plaatsvinden tussen de gemeente, andere beheerders van openbare grond en de netbeheerder
Pagina 1 van 6
van het netwerk en/of andere netbeheerders of belanghebbende, worden de in het eerste lid, onder a tot en met d, genoemde bedragen per overleg € 400,00
van het netwerk en/of andere netbeheerders of belanghebbende, worden de in het eerste lid, onder a tot en met d, genoemde bedragen per overleg € 440,00
Artikel 1.33 Wegenverkeerswetgeving b. een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen.
Artikel 1.33 Wegenverkeerswetgeving b. Vervallen; Van deze bevoegdheid maken wij geen gebruik.
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen Artikel 2.1 definities 3.Binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan; Binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet; Omgevingsoverleg: Een overleg voorafgaande aan de vergunningaanvraag waarbij toegewerkt wordt naar een indicatie van de haalbaarheid en wenselijkheid van het initiatief. Dit staat ook bekend als een ‘vooroverleg’ of ‘principeverzoek’. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in het volgende: 1. Ontvangen vragen die worden besproken in het initiatievenoverleg en/of afstemmingsoverleg. Dit zijn overleggen waar vanuit diverse vakdisciplines wordt gekeken naar de beleidsmatige en technische haalbaarheid en wenselijkheid van het initiatief. 2.
Aanvraagformulier vooroverleg omgevingsvergunning voor het behandelen van complexe zaken waar meerdere vakdisciplines bij nodig zijn en waar eventueel een besluit van het college voor nodig is. Indien van toepassing kunnen er ook externe partijen bij nodig zijn. 3. Conceptverzoeken die via het Omgevingsloket worden ingediend. Met deze optie kunnen initiatiefnemers controleren of hun aanvraag compleet is en of de juiste informatie is ingevuld.
Artikel 2.1 definities 3. Beleidskader kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit: een document met beoordelingsregels voor de categorieën die voorheen waren opgenomen in artikel 4 van Bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht; Binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan; Buitenplanse omgevingsplanactiviteit, inhoudende: a. een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, of b. een andere activiteit die in strijd is met het omgevingsplan. Conceptaanvraag: Een aanvraag waarbij de wenselijkheid, haalbaarheid of vergunbaarheid van een plan beoordeeld wordt Hierbij wordt onderscheid gemaakt in het volgende: a. Conceptaanvraag die niet in strijd is met het omgevingsplan; b. Conceptaanvraag die in strijd is met het omgevingsplan en waar eventueel een besluit van het college voor nodig is.
Pagina 2 van 6
Paragraaf 2.2 Voorfase Artikel 2.4 Omgevingsoverleg a.Voor vragen om een indicatie te krijgen over de haalbaarheid en wenselijkheid van een plan, dan wel het indienen van een conceptverzoek met als doel de toetsing van de volledigheid en/of juistheid. Gratis Artikel 2.6 Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk
Artikel 2.7 Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stadsen dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: a.Voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit € 288,00 b.voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: c. voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
Artikel 2.4 Conceptaanvraag a.Voor een conceptaanvraag die niet in strijd is met het omgevingsplan. Gratis
Artikel 2.6 Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijke deel) Toevoeging: c.Als er sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit dat voldoet aan de bepalingen van het Beleidskader kleine omgevingsplanactiviteit €750,00 Artikel 2.7 Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk Gereserveerd. De gemeente werkt met een melding en geen vergunning.
Paragraaf 2.8 Overige activiteiten Artikel 2.30 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden 1.Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, bestaande uit het kappen van één boom, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 72,10 2. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, bestaande uit het vellen van een houtopstand zoals hakhout, houtwal of meerdere bomen, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 144,20
Artikel 2.30 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden 1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, bestaande uit het kappen van één of meerdere bomen, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 73,61 2. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, bestaande uit het vellen van een houtopstand zoals hakhout, houtwal, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 147,23
Artikel 2.34 Andere activiteiten a.behoort tot een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen categorie activiteiten, uitgezonderd de activiteiten bedoeld in onderdeel
Artikel 2.34 Andere activiteiten a.behoort tot een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen categorie activiteiten, uitgezonderd de activiteiten bedoeld in onderdeel b,
Pagina 3 van 6
b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 307,00 b.Betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 1. Voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit € 307,00
bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: € 500,00 b.Betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten: 1. Voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit € 500,00 2.als er sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit dat voldoet aan de bepalingen van het beleidskader kleine omgevingsplanactiviteit; €750,00
Paragraaf 2.12 Overige bepalingen Artikel 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure a. als sprake is van een milieubelastende activiteit €500,00 b. Als er sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit; € 500,00 c. Als er sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b; €500,00
Artikel 2.48 (gereserveerd) Komt niet voor.
Toevoeging: Artikel 2.50 Advies 1a Voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de “Verordening Gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit Bergen (L)” die betrekking heeft op artikel 2.4 (per behandeling): €100,00
HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2 Hoewel de reguliere prijsindex van 2,1% toegepast kan worden, hebben we ervoor gekozen om verwachte opbrengst van leges niet te verhogen in de begroting van 2024. Bij het behandelen van de legesverordening 2023 is aangegeven dat we toe willen werken naar kostendekkende tarieven. Bij genoemde verordening was een toegroeitabel gevoegd waarbij we in 3 jaarlijkse stappen (stap 1: 2023, stap 2: 2024 en stap 3: 2025) toegroeien naar kostendekkende tarieven. De toegroeitabel die vorig jaar gehanteerd is wordt als bijlage toegevoegd. In deze legesverordening 2024 hebben we de tarieven verhoogd volgens de toegroeitabel 2023-2025 waar dat nodig is. Er zijn
Hoewel de reguliere prijsindex van 2,1% toegepast kan worden, hebben we ervoor gekozen om verwachte opbrengst van leges niet te verhogen in de begroting van 2025. Bij het behandelen van de legesverordening 2023 is aangegeven dat we toe willen werken naar kostendekkende tarieven. Bij genoemde verordening was een toegroeitabel gevoegd waarbij we in 3 jaarlijkse stappen (stap 1: 2023, stap 2: 2024 en stap 3: 2025) toegroeien naar kostendekkende tarieven. De toegroeitabel die vorig jaar gehanteerd is wordt als bijlage toegevoegd. In deze legesverordening 2025 hebben we de tarieven verhoogd volgens de toegroeitabel 2023-2025 waar dat nodig is. Er zijn ook tarieven dit wettelijk Pagina 4 van 6
ook tarieven dit wettelijk gemaximeerd zijn. Bij deze diensten hanteren we de wettelijke tarieven.
gemaximeerd zijn. Bij deze diensten hanteren we de wettelijke tarieven.
Belastingverordening gemeente Bergen (2024) Onroerendzaakbelasting
Belastingverordening gemeente Bergen (2025)
Tarieven 2024 OZB woningen eigenaar 0,08729% OZB niet woningen eigenaar 0,22422% OZB niet woningen gebruiker 0,18716%
Volgens de kadernota moet de ozb opbrengst met 2,1% stijgen. Nu de gemiddelde WOZ waarde met 10% stijgt kan het tarief dalen om de gewenste opbrengst te komen. Tarieven 2025 OZB woningen eigenaar 0,08402% OZB niet woningen eigenaar 0,21519% OZB niet woningen gebruiker 0,16203%
Afvalstofheffing Vastrecht Particulieren € 119,63 Vastrecht bedrijven: € 119,63
Verlaging van 2,43% Vastrecht particulieren € 116,69 Vastrecht bedrijven € 116,69
Verblijfsbelasting Artikel 6. Belastingtarief 1. Het tarief bedraagt, per persoon, per overnachting € 1,35. 2. In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief indien verblijf wordt gehouden conform artikel 5, lid 2 op een: a. Vaste Jaarplaats € 236,50; b. Seizoenplaats € 200,00;
Indexatie van 2,1% volgens kadernota 2025. Artikel 6. Belastingtarief 1.Het tarief bedraagt, per persoon, per overnachting € 1,40. 2. In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief indien verblijf wordt gehouden conform artikel 5, lid 2 op een: a. Vaste Jaarplaats € 241,50; b. Seizoenplaats € 204,00;
Waterverblijfsbelasting Artikel 6. Belastingtarief 1 Het tarief bedraagt, per persoon, per etmaal € 1,35. 2. In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief indien verblijf wordt gehouden conform artikel 5, lid 2 per ligplaats: a. Bij een vaartuig met een lengte van meer dan 4 meter doch ten hoogste 8 meter € 93,00; b. Bij een vaartuig met een lengte van meer dan 8 meter doch ten hoogste 12 meter € 124,00; c. bij een vaartuig met een lengte van meer dan 12 meter € 155,00
Indexatie van 2,1% volgens kadernota 2025. Artikel 6. Belastingtarief 1. Het tarief bedraagt, per persoon, per etmaal € 1,40. 2. In afwijking van het eerste lid bedraagt het tarief indien verblijf wordt gehouden conform artikel 5, lid 2 per ligplaats: a. Bij een vaartuig met een lengte van meer dan 4 meter doch ten hoogste 8 meter € 95,00; b. Bij een vaartuig met een lengte van meer dan 8 meter doch ten hoogste 12 meter € 127,00; c. bij een vaartuig met een lengte van meer dan 12 meter € 158,00
Rioolbelasting
Artikel 6 Belastingtarief Het tarief bedraagt € 281,12.
Indexatie van 2,1% + €10,00 volgens kadernota 2025 Artikel 6 Belastingtarief Het tarief bedraagt € 297,02.
Forensenbelasting
Artikel 5: Belastingtarief De belasting bedraagt bij een waarde van : € 60.000 of minder € 303; € 60.001 tot en met € 120.000 € 620;
Indexatie van 2,1% volgens kadernota Artikel 5: Belastingtarief De belasting bedraagt bij een waarde van : € 60.000 of minder € 309;
Pagina 5 van 6
€ 120.001 tot en met € 180.000 € 1.446; € 180.001 tot en met € 299.000 € 2.681; € 299.001 of meer € 2.934.
€ 60.001 tot en met € 120.000 € 633; € 120.001 tot en met € 180.000 € 1.476; € 180.001 tot en met € 299.000 € 2.737; € 299.001 of meer € 2.995.
Reclamebelasting
Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief 1. Het tarief bedraagt per vestiging of bouwwerk per jaar wordt bepaald op basis van het winkelverkoopoppervlak te weten: Categorie 1: winkelvloeroppervlak 0 t/m 199 m² € 400,-- per jaar. Categorie 2: winkelvloeroppervlak 200 t/m 249 m² € 500,-- per jaar. Categorie 3: winkelvloeroppervlak 250 t/m 1500 m² € 1.000,-- per jaar .
Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief 2. Het tarief bedraagt per vestiging of bouwwerk per jaar wordt bepaald op basis van het winkelverkoopoppervlak te weten: Categorie 1: winkelvloeroppervlak 0 t/m 199 m² € 409,-- per jaar. Categorie 2: winkelvloeroppervlak 200 t/m 249 m² € 511,-- per jaar. Categorie 3: winkelvloeroppervlak 250 t/m 1500 m² € 1.021,-- per jaar .
Pagina 6 van 6