Voorlopige Jaarrekening BsGW 2023 1.3 OOP
Tekst van het document
Pagina 22 van 48
van een recordmanager (AB 29 juni 2023). Een recordmanager adviseert (zowel strategisch, tactisch als uitvoerend) over een goed functionerende informatiehuishouding waarbij informatie toegankelijk en vindbaar is en veilig wordt bewaard. De recordmanager stimuleert, begeleidt en traint de organisatie hier in. Eind 2023 is deze vacature opengesteld.
Jaarstukken 2023
Pagina 23 van 48
Jaarstukken 2023
Pagina 24 van 48
Jaarrekening 2023
Jaarstukken 2023
Pagina 25 van 48
3
Balans per 31 december 2023
3.1
Balans per 31 december 2023
Activa (x € 1.000,-)
31 december 2023
1 januari 2023
31 december 2022
Vaste Activa Immateriële vaste activa (1) Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
0
651
651
Totaal immateriële vaste activa
0
651
651
Materiële vaste activa (2) Investeringen met economisch nut
77
116
116
Totaal materiële vaste activa
77
116
116
77
767
767
Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar (3) Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist
218 7.804
97 4.807
97 4.807
Totaal uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar
8.022
4.904
4.904
Banksaldi (4)
0
0
0
Totaal liquide middelen
0
0
0
Overlopende activa (5) Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
883
575
4.575
Totaal overlopende activa
883
575
4.575
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
8.905
5.479
9.479
TOTAAL ACTIVA
8.981
6.246
10.246
TOTAAL VASTE ACTIVA
Vlottende activa
Bedrag recht op verliescompensatie krachtens de Wet Vpb 1969 bedraagt € 0,-.
Jaarstukken 2023
Pagina 26 van 48
Passiva (x € 1.000,-)
31 december 2023
1 januari 2023
31 december 2022
-2.498
-2.810
1.190
0 956 -1.293
0 812
0 0 812
-2.835
-1.998
2.002
Voorzieningen (7) Voorzieningen voor te verwachten verplichtingen Voorziening proceskosten Voorziening vervroegd pensioen Voorziening verlofsparen
2.449 2.076 21 351
856 252 24 580
856 252 24 580
Totaal voorzieningen
2.449
856
856
Onderhandse lening van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
1.143
1.429
1.429
Totaal vaste schulden
1.143
1.429
1.429
TOTAAL VASTE PASSIVA
756
287
4.287
Netto-vlottende schulden met rentetypische looptijd < 1 jaar (9) Overige schulden 7.895
5.130
5.130
Totaal netto-vlottende schulden
7.895
5.130
5.130
Overlopende passiva (10) Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, m.u.v. jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume 330
829
829
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren 0
0
0
330
829
829
8.224
5.959
5.959
8.981
6.246
10.246
Vaste passiva Eigen vermogen (6) Algemene reserve Bestemmingsreserve Bestemmingsreserve Resultaat boekjaar Totaal eigen vermogen
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar (8)
Vlottende passiva
Totaal overlopende passiva
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
TOTAAL PASSIVA
De aan natuurlijke en rechtspersonen verstrekte borgstellingen of garantstellingen bedraagt € 0,-.
Jaarstukken 2023
Pagina 27 van 48
3.2
Toelichting op de balans per 31 december 2023
3.2.1
Toelichting algemeen
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De waardering van de activa en passiva en bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. BsGW beoordeelt op iedere balansdatum of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een duurzame waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Van een duurzame waardevermindering is sprake als de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde. Een verlies als gevolg van een duurzame waardevermindering wordt direct als een last verwerkt in het overzicht van baten en lasten onder gelijktijdige verlaging van de boekwaarde van het actief.
Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waar ze betrekking op hebben. Als gevolg van het verbod op het opnemen van voorzieningen en andere verplichtingen uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden dergelijke personele lasten toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume wordt geen voorziening of andere verplichting verantwoord. De referentieperiode voor het bepalen van een vergelijkbaar volume is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten een periode van vier jaar. Bij toepassing van de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening vormt het Dagelijks Bestuur zich verschillende oordelen en schattingen die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het volgens het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de desbetreffende jaarrekeningposten.
Immateriële vaste activa Immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, zijnde de inkoopprijs en bijbehorende kosten, verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. Eventuele van derden verkregen specifieke investeringsbijdragen worden in mindering gebracht op het geactiveerde bedrag. In navolging van de nota financieel beleid wordt voor investeringen een ondergrens van € 20.000,gesteld aan het activeren van uitgaven. De afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode op basis van de verwachte economische levensduur (netto-methode). Voor activa die gedurende het jaar in gebruik worden genomen, start de afschrijvingsperiode 1 januari van het jaar erop. De immateriële vaste activa worden lineair afgeschreven op basis van de verwachte economische levensduur van 5 jaar. In de waardering wordt rekening gehouden met duurzame waardeverminderingen indien deze zich voordoen.
Jaarstukken 2023
Pagina 28 van 48
Materiële vaste activa Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, zijnde de inkoopprijs en bijbehorende kosten. In navolging van de nota financieel beleid wordt voor investeringen een ondergrens van € 20.000,- gesteld aan het activeren van uitgaven. De afschrijvingen worden berekend volgens de lineaire methode op basis van de verwachte economische levensduur (nettomethode). Voor activa die gedurende het jaar in gebruik worden genomen, start de afschrijvingsperiode 1 januari van het jaar erop. De materiële vaste activa worden lineair afgeschreven op basis van de geschatte economische levensduur. Inventaris wordt afgeschreven in 10 jaar en hardware (ICT) in 5 jaar. In de waardering wordt rekening gehouden met duurzame waardeverminderingen indien deze zich voordoen. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde onder aftrek van de noodzakelijk geachte voorzieningen wegens verwachte oninbaarheid. Deze voorziening wordt statisch bepaald. Liquide middelen Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. De per balansdatum aanwezige liquide middelen staan ter vrije beschikking aan de gemeenschappelijke regeling. Overlopende activa Overlopende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het resultaat na bestemming volgend uit de programmarekening. Algemene reserve Algemene reserves zijn reserves waar het bestuur geen specifieke bestemming aan heeft gegeven. De algemene reserve betreft de algemene buffer die de gemeenschappelijke regeling heeft om incidentele nadelen en risico's te kunnen opvangen. Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd ten behoeve van concrete of specifieke risico’s en verplichtingen die op de balansdatum bestaan en waarvan de omvang onzeker is doch redelijkerwijs in te schatten. Daarnaast worden voorzieningen gevormd voor kosten welke in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van de lasten over een aantal begrotingsjaren. Voorzieningen worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde, verminderd met de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Overlopende passiva Overlopende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Jaarstukken 2023
Pagina 29 van 48
Wijze van resultaatbepaling De jaarrekening is opgesteld volgens het principe van het ‘Stelsel van baten en lasten’. In het stelsel van baten en lasten worden uitgaven en inkomsten toegerekend aan de jaren waarop ze betrekking hebben. Onder baten worden verstaan de opbrengsten uit dienstverlening als gemeenschappelijke regeling aan de deelnemers plus de overige baten die rechtstreeks aan het jaar zijn toe te rekenen en die in het jaar als gerealiseerd kunnen worden beschouwd. Vanwege het onzekere karakter van de opbrengsten worden deze verantwoord op het moment dat de inbaarheid verwacht wordt. De lasten worden bepaald met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde grondslagen voor waardering en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden verantwoord in het jaar waarin de goederen zijn geleverd c.q. de diensten zijn verricht. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Resultaatbestemming Conform het BBV worden de mutaties in de reserves, zowel bij de begroting als de jaarrekening, separaat verantwoord (via functie 980 in de programmarekening). Het jaarrekeningresultaat is hierdoor zowel vóór als na bestemming inzichtelijk.
Jaarstukken 2023
Pagina 30 van 48
3.2.2
Toelichting per balanspost
1) Immateriële vaste activa Specificatie immateriële vaste activa. (in duizenden euro's)
31 december 2023
31 december 2022
0
651
651 0 -507 -144
684 287 0 -320
0
651
Kosten voor onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief
Het verloop van deze post is als volgt: (in duizenden euro's) Boekwaarde 31 december 2022 resp. 2021 Investeringen Afwaarderingen wegens duurzame waardevermindering Afschrijvingen Boekwaarde 31 december 2023 resp. 2022
In verband met de implementatie van de nieuwe belasting- en waarderingsapplicatie is de boekwaarde van de per 1 januari 2023 bestaande immateriële vaste activa duurzaam afgewaardeerd. 2) Materiële vaste activa Specificatie materiële vaste activa. (in duizenden euro's)
31 december 2023
31 december 2022
Investeringen met economisch nut
77
116
77
116
Boekwaarde 31 december 2022 resp. 2021 Afschrijvingen
116 -39
162 -46
Boekwaarde 31 december 2023 resp. 2022
77
116
Het verloop van deze post is als volgt: (in duizenden euro's)
Voor materiële activa geldt dat het activa met economisch nut betreft. Er hebben zich geen duurzame waardeverminderingen voorgedaan in 2023. Er zijn geen bijdragen van derden en ontvangen en in mindering gebracht op de materiële vaste activa. 3) Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar De post vorderingen is als volgt te specificeren: (in duizenden euro's)
31 december 2023
31 december 2022
218 7.804
97 4.807
8.022
4.904
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen Rijksschatkist-bankieren (NWB)
Een voorziening voor incourantheid wordt niet noodzakelijk geacht.
Jaarstukken 2023
Pagina 31 van 48
De wet schatkistbankieren verplicht alle decentrale overheden om overtollige middelen boven het geldende drempelbedrag in de schatkist aan te houden via een rekeningcourantovereenkomst die iedere decentrale overheid heeft met de Staat der Nederlanden. Voor BsGW geldt het drempelbedrag van € 250 duizend. De overtollige liquide middelen worden dagelijks automatisch afgeroomd naar de schatkist. Per einde kwartaal zijn in 2023 de volgende saldi afgeroomd: (in duizenden euro's) 31 maart 2023 3.606 30 juni 2023 4.933 30 september 2023 7.553 31 december 2023 5.820
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1.000
2023 1.000
1.000
1.000
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag
0
0
0
0
1.000
1.000
1.000
1.000
0
0
0
0
Verslagjaar (4a)
Begrotingstotaal verslagjaar
26.175
(4b)
Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen
26.175
(4c)
Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
0
(1) = (4b)*0,002 + (4c)*0,002 Drempelbedrag met een minimum van 1 miljoen:
1.000
2022
1.000
1.000
1.000
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
0
0
0
0
0
0
0
0
De rekeningen van BsGW worden dagelijks afgeroomd. BsGW maakt tot heden geen gebruik van de mogelijkheid om middelen buiten het schatkistbankieren aan te houden.
4) Liquide middelen De post liquide middelen is als volgt te specificeren: (in duizenden euro's)
31 december 2023
31 december 2022
0
0
0
0
Bank
In verband met schatkistbankieren is het saldo van de liquide middelen € 0,-.
Jaarstukken 2023
Pagina 32 van 48
5) Overlopende activa De post overlopende activa is als volgt te specificeren: (in duizenden euro's)
31 december 2023
31 december 2022
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
883
4.575
Voorgeschoten personeelskosten Vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen projectbijdragen Nog te ontvangen bedragen
4 507 81 291
5 408 4.000 162
883
4.575
De vooruitbetaalde bedragen bestaan uit reeds in 2023 ontvangen en betaalde facturen die betrekking hebben op 2024. De vooruitbetaalde implementatiekosten betreffen de projectkosten voor budgetneutrale projecten.
Jaarstukken 2023
Pagina 33 van 48
6) Eigen vermogen Het eigen vermogen is per 31 december 2023 als volgt te specificeren: (in duizenden euro's) 31-12-2023 Algemene reserve Bestemmingsreserve Resultaat boekjaar Totaal eigen vermogen
31-12-2022
-2.498 956 -1.293 -2.835
1.190 0 812 2.002
Stand per 1 januari Correctie per 1 januari Stand per 1 januari na correctie
1.190 -4.000 -2.810
1.203 0 1.203
Toerekening resultaat voorgaand boekjaar Toevoeging bestemmingsreserve Dotatie in weerstandsvermogen Stand per 31 december (voor resultaatbestemming)
312 0 0 -2.498
-1.565 0 1.552 1.190
0 500 2.275 -1.819 956
0 0 0 0 0
Verloop algemene reserve
De algemene reserve heeft een bufferfunctie om risico's op te vangen. Verloop bestemmingsreserve Stand per 1 januari Toerekening resultaat voorgaand boekjaar Toevoeging lopend boekjaar Onttrekking Stand per 31 december
De bestemmingsreserve is ingesteld ten behoeve van de aanbestedingstrajecten voor de hosting, de de belasting- en de waarderingsapplicatie van BsGW. De bestemmingsreserve is gevoed middels een storting van € 500.000 via de resultaatbestemming 2022 en een verhoging van de deelnemersbijdrage 2023 van € 2.275.000.
Het negatieve resultaat van 2023 bedraagt € 1,293 miljoen. Bij het vaststellen van de jaarrekening 2023 en de resultaatbestemming over 2023 wordt bepaald of dit door de deelnemers wordt bijgestort.
Jaarstukken 2023
Pagina 34 van 48
7) Voorzieningen De voorziening proceskosten kent in 2023 het volgende verloop: (in duizenden euro's)
2023
2022
Stand per 1 januari
252
335
Dotatie voorziening 2018 Onttrekking voorziening 2018
0 0
0 -24
Dotatie voorziening 2019 Onttrekking voorziening 2019
0 0
0 -32
Dotatie voorziening 2021 Onttrekking voorziening 2021 Vrijval voorziening 2021
0 -76 -17
0 -82 0
Dotatie voorziening 2022 Onttrekking voorziening 2022 Vrijval voorziening 2021
0 -5 -89
0 -104 0
Voorziening oude jaren
65
93
Dotatie voorziening 2023 Onttrekking voorziening
2.011 0
460 -301
Voorziening 2023
2.011
159
Stand per 31 december
2.076
252
De voorziening proceskosten 2023 bedraagt € 2.011 duizend. Deze voorziening is actueel en afdoende voor de nog onderhanden zijnde beroepen. De totale proceskosten, bestaande uit uitvoerings- en uitkeringskosten, met betrekking tot het belastingjaar 2023 zijn geraamd op € 5,185 miljoen. Hiervan is reeds uitbetaald in 2023 € 0,409 miljoen en in de eerste maanden van 2024 € 3,515 miljoen. De nog te verwachten proceskosten inzake de nog af te handelen voorraad bezwaren en beroepen 2023 komt hiermee op € 2,011 miljoen. De dotatie aan de voorziening is begrepen in de kostenvergoeding bezwaar en beroepszaken. Voor de voorziening proceskosten geldt dat er in 2023 geen sprake is van vrijval.
Uitgangspunt Bij het opmaken van de begroting 2023 (februari 2022) was het hoge aantal gerealiseerde bezwaren 2021 en het hoge aantal te verwachten bezwaren 2022. Echter door o.a. de ongekend hoge WOZ-waarde op de peildatum 1 januari 2022 en de zeer intensieve reclamecampagnes van de NCNP-bedrijvenhoge is voor 2023 een stortvloed aan bezwaren binnengekomen. Vanwege het grote aantal bezwaren en zeker ook vanwege de consequenties van het aangenomen Wetsvoorstel herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm voor de NCNP-bedrijven is er ook sprake van een forse stijging van het aantal beroepen ten opzichte van voorgaande jaren.
Jaarstukken 2023
Pagina 35 van 48
De voorziening vervroegd pensioen kent in 2023 het volgende verloop: (in duizenden euro's)
2023
2022
Stand per 1 januari
24
26
Dotatie voorziening Onttrekking voorziening
0 -3
0 -2
Stand per 31 december
21
24
In 2015 zijn enkele BsGW medewerkers via stimuleringsmaatregelen vervroegd met pensioen gegaan. Daar waar deze stimuleringsmaatregelen niet eenmalig - via het pensioenfonds konden worden afgekocht, is een voorziening gevormd voor de uitbetaling van de pensioengelden. Voor de voorziening vervroegd pensioen geldt dat er in 2023 geen sprake is van vrijval.
De voorziening verlofsparen kent in 2023 het volgende verloop: (in duizenden euro's)
2023
2022
Stand per 1 januari
580
545
Dotatie voorziening Onttrekking voorziening
0 -229
69 -34
Stand per 31 december
351
580
Voor spaarverlof, zijnde gekochte bovenwettelijke uren is een voorziening gevormd. De voorziening is gevormd, omdat het spaarsaldo in de tijd vanwege toevoegingen en opnamen van het spaarverlof niet van gelijke omvang is. Om aan de wettelijke kaders te voldoen voor welke soorten verlof een voorziening mag worden gevormd is in 2023 een incidentele onttrekking aan de voorziening verwerkt.
8) Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar De post vaste schulden is als volgt te specificeren: (in duizenden euro's)
2023
2022
Stand per 1 januari Aflossing (lening)
1.714 -285
2000 -286
Stand vaste schulden per 31 december
1.429
1.714
Voor de financiering van de projectkosten van het Ondernemings- en ontwikkelplan 2018-2020 is BsGW gemandateerd een lening met een looptijd langer dan een jaar af te sluiten (DB 31-5-2018). Op 4 december 2020 werd een onderhandse lening, in de categorie binnenlandse banken en overige financiële instellingen, afgesloten bij de NWB. De lening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde. De jaarlijkse rente bij deze lineair af te lossen lening bedraagt -/- 0,18% (rente baten), jaarlijks achteraf. De totale rentelast voor het begrotingsjaar met betrekking tot de vaste schulden met een looptiijd langer dan één jaar bedraagt € 2.571 (vorig begrotingsjaar € 3.086). De looptijd van de lening is 7 jaar.
Jaarstukken 2023
Pagina 36 van 48
9) Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar De post overige schulden is als volgt te specificeren: (in duizenden euro's)
31 december 2023
31 december 2022
1.032 1.984 2.677 623 852
382 2.782 314 766 885
7.168
5.130
Nog te betalen bedragen Nog af te dragen belastingen aan deelnemers Nog te betalen proceskosten Crediteuren Belastingen en sociale lasten
De nog af te dragen belastingen aan deelnemers betreffen de belastingontvangsten die kort voor de balansdatum per 31 december zijn ontvangen. In de eerste maanden van 2024 is voor de tegemoetkoming proceskosten 2019-2023 € 2.677.000 uitbetaald. Hiervoor is een balanspost opgenomen onder de post 'overige schulden'.
10) Overlopende passiva De post overlopende passiva is als volgt te specificeren: (in duizenden euro's)
31 december 2023
31 december 2022
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, m.u.v. jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
330
829
330
829
95 184 0 51
386 225 6 212
330
829
Nader gespecificeerd: Vooruit ontvangen bijdragen deelnemers Vooruit ontvangen projectbijdragen Overige vooruitontvangen bedragen Betalingen onderweg
De vooruit ontvangen bedragen implementatiekosten betreffen de projectkosten voor de budgetneutrale projecten.
Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Huurovereenkomst BsGW heeft voor het huidige kantoorpand waarin het is gehuisvest een huurovereenkomst tot en met 31 oktober 2026. De jaarlijkse huurprijs bedraagt € 496 duizend (prijspeil 2023). De totale verplichting voor de resterende 2 jaar en 10 maanden bedraagt € 1.407.000 (prijspeil 2024). ICT
Jaarstukken 2023
Pagina 37 van 48
BsGW heeft langlopende inkoopcontracten met betrekking tot ICT. Het betreft hier contracten voor applicaties (waarderen en belastingen) en hosting. De totale contractwaarde per jaareinde 2023 bedraagt € 4.765.000 (prijspeil 2023) Juridische aangelegenheden In 2023 hebben zich geen juridische aangelegenheden voorgedaan.
Jaarstukken 2023
Pagina 38 van 48
4 4.1
Rekening 2023 van lasten en baten naar soort Rekening 2023 van lasten en baten naar soort
Staat van baten en lasten Bedragen (x € 1.000)
Rekening 2023
Bijgestelde begroting 2023
Oorspronkelijke begroting 2023
Totaal baten Totaal dekkingsmiddelen Totaal saldo middelen
3.479 25.942 29.421
2.175 26.275 28.450
2.175 25.231 27.406
Totaal lasten (1)
30.258
26.175
25.131
-837
2.275
2.275
-2.275 1.819 0 -1.293
-2.275 0 0 0
-2.275 0 0 0
Saldo van baten en lasten Werkelijke toevoeging aan reserves Werkelijke onttrekking aan reserves Vennootschapsbelasting (2) Exploitatieresultaat (1)
Waarvan overhead € 7.282
(2)
BsGW is niet vennootschapsbelastingplichtig
Buiten de afwaardering van de boekwaarde immateriële vaste activa is er in 2023 geen sprake van incidentele baten en lasten. Er zijn geen structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves.
Jaarstukken 2023
Pagina 39 van 48
Rekening
Bijgestelde Oorspronkelijke begroting begroting
Rekening
2023
2023
2023
2022
Bruto lonen
9.890
11.282
10.784
9.619
Sociale lasten
2.859
3.568
3.405
2.821
231 0
560 0
547 0
440 0
Bedragen (x € 1.000) LASTEN
Overige personeelskosten Personeel derden
Personeelskosten Huisvestingskosten Afschrijvingskosten ICT kosten
12.980 773 701 5.245
15.411 867 357 2.779
14.736 808 357 2.996
12.879 679 366 3.322
Drukwerk Print- en kopieerwerk
1 194
12 186
12 179
1 193
Portikosten
483
575
518
419
Telefonie en datacomkosten
146
25
25
114
1
0
0
2
288
383
383
313
Incassokosten Kosten brongegevens Overige diensten door derden
3.285
957
863
1.903
Kostenvergoeding bezwaar- en beroepszkn
5.080
3.305
3.057
1.626
Overige operationele kosten
2
111
112
2
Overige operationele kosten
9.480
5.554
5.148
4.573
Algemene kosten
889
574
452
398
Onvoorziene kosten
0
328
328
0
889
902
780
398
185
273
273
205
6
32
32
0
191 0 0 30.258
306 0 0 26.175
306 0 0 25.131
205 -215 0 22.423
711
13
13
42
Algemene kosten Bank- en girokosten Rentekosten
Bank- en rentekosten Vrijval projectresultaat Toevoegingen aan voorzieningen TOTAAL LASTEN BATEN Renteopbrengsten Overige opbrengsten
729
0
0
215
Diensten aan derden Opbrengst vervolgingskosten TOTAAL BATEN NETTO KOSTEN
729 2.039 3.479 26.778
0 2.162 2.175 24.000
0 2.162 2.175 22.956
215 2.069 2.326 20.097
Jaarstukken 2023
Pagina 40 van 48
Gerealiseerde dekkingsmiddelen
Bedragen (x € 1.000)
Rekening 2023
Bijgestelde Oorspronkelijke begroting begroting 2023 2023
Rekening 2022
BIJDRAGEN DEELNEMERS Gemeente Beek
295
299
284
231
Gemeente Beekdaelen
648
656
624
505
Gemeente Beesel
264
267
255
209
Gemeente Bergen
233
236
224
183
Gemeente Brunssum
577
584
557
457
Gemeente Echt-Susteren
612
620
592
487
Gemeente Eijsden-Margraten
564
571
543
434
Gemeente Gennep
324
328
312
255
Gemeente Gulpen-Wittem
266
270
257
211
Gemeente Heerlen
1.984
2.009
1.917
1.584
Gemeente Kerkrade
1.037
1.051
1.001
816
Gemeente Landgraaf
706
715
682
559
Gemeente Leudal
614
622
593
486
Gemeente Maasgouw
446
452
431
353
Gemeente Maastricht
2.444
2.475
2.361
1.939
Gemeente Meerssen
413
418
400
333
Gemeente Mook en Middelaar
151
153
146
116
Gemeente Nederweert
293
297
283
230
Gemeente Peel en Maas
746
756
720
590
Gemeente Roerdalen
385
390
372
304
Gemeente Roermond
1.095
1.109
1.058
873
Gemeente Simpelveld
203
205
196
161
1.909
1.933
1.844
1.516
Gemeente Stein
489
495
473
391
Gemeente Vaals
234
237
225
181
Gemeente Valkenburg aan de Geul
326
331
315
258
2.483
2.515
2.403
2.022
Gemeente Voerendaal
225
228
217
178
Gemeente Weert
917
929
887
735
5.058
5.123
5.059
4.312
25.942 -837
26.275 2.275
25.231 2.275
20.909 812
Gemeente Sittard-Geleen
Gemeente Venlo
Waterschap Limburg
Bijdragen in de netto kosten BsGW
SALDO VAN BATEN EN LASTEN
Jaarstukken 2023
Pagina 41 van 48
Uiteenzetting financiële positie per programma
Bedragen (x € 1.000) Totaal lasten Waarvan overhead
4.2
Rekening 2023
Bijgestelde Oorspronkelijke begroting begroting 2023 2023
30.258 7.282
26.175 7.263
25.131 7.263
Toelichting
Resultaat: verschil met begroting 2023 Over geheel 2023 is een negatief resultaat behaald van € 1,293 miljoen. Volgens de begroting zou het saldo van baten en lasten gerealiseerd nihil zijn. Samenvattend: In de reguliere bedrijfsvoering is sprake van een onderschrijding van de reguliere bedrijfsvoeringskosten van € 769 duizend, inclusief OOP-target), voornamelijk toe te schrijven aan enerzijds per saldo lagere personeelskosten (door latere invulling van enkele vacatures en een neerwaartse bijstelling van de voorziening verlofsparen als gevolg van geldende wet- en regelgeving) en anderzijds hogere overige diensten derden en ICT-kosten. Incidenteel is het resultaat € 2,062 miljoen negatief. BsGW heeft aanzienlijke rente ontvangen over de uitstaande saldi binnen het schatkistbankieren, welke niet waren begroot. Als gevolg van de extra WOZ-bezwaren zijn extra uitkeringskosten en uitvoeringskosten gemaakt. Per saldo leidt tot een incidenteel negatief resultaat. Nadere toelichting: Reguliere bedrijfsvoering: (incl. OOP-target): € 769 duizend (voordeel) Personeelskosten: € 2,431 miljoen (voordeel) De afdeling Klantzaken zet sinds jaar en dag een deel van het formatiebudget in als flexibele schil voor de piekperiode. Daarnaast heeft BsGW van 2018 tot 2021 een ontwikkeltraject OOP uitgevoerd met het doel om na jaren van groei, de focus te leggen op het toekomstbestendig maken van BsGW.
Processen stroomlijnen en efficiënter maken en meer digitaliseren en automatiseren. Hiervoor is in 2023 een deel van het formatiebudget ingezet voor ICT (inhuur). In 2023 zijn daarnaast niet alle vacatures bij BsGW automatisch opengesteld wanneer medewerkers uit dienst zijn gegaan. Om de formatie structureel te kunnen verlagen wordt zoveel mogelijk gewerkt met flexibele inhuur (zie post ‘Operationele kosten’), die desgewenst kan worden stopgezet. Daarnaast is er ook daadwerkelijk bezuinigd op het aantal fte’s. Voor 2023 was het target hiervoor € 400 duizend. Niet voorzien was dat een aantal openstaande vacatures (veel) later zijn ingevuld, er minder uitgegeven is aan opleidingen gezien de inzet van een ieder voor het grote implementatietraject plus een neerwaartse bijstelling van de voorziening verlofsparen als gevolg van geldende wet- en regelgeving. Huisvestingskosten: € 93 duizend (voordeel) BsGW werkt sinds Corona hybride. Hierdoor is een verdieping nagenoeg volledig buiten gebruik, hetgeen geleid heeft tot lagere kosten (facilitaire kosten en onderhoud- en schoonmaakkosten).
Jaarstukken 2023
Pagina 42 van 48
Afschrijvingskosten € 344 duizend (nadeel) Door met name de overgang naar de applicatie van GouwIT is de boekwaarde van oude applicaties vervroegd afgewaardeerd. ICT-kosten: € 2,466 miljoen (nadeel) Stijgende prijzen en de aanschaf van extra noodzakelijke, aanvullende software brengen extra (structurele) kosten met zich mee. Dit leidt logischerwijs ook voor 2023 tot hogere kosten dan opgenomen in de begroting 2023 (opgesteld eind 2021). Aanvullend betreft dit de gerealiseerde kosten project AHA. Deze worden volledig gedekt vanuit de bestemmingsreserve. Operationele kosten: € 3,926 miljoen (nadeel) Zoals vermeld bij het onderdeel Personeelskosten resulteert het aanhouden van een flexibele schil in lagere personeelskosten, maar logischerwijs ook in extra kosten aan flexibele inhuur. Daarnaast betreft dit de extra uitkerings- en uitvoeringskosten voor de afhandeling van de WOZ- bezwaren en -beroepen ad. € 2,773 miljoen, zie hieronder bij incidenteel. Bank en- rentekosten: € 114 duizend (voordeel) De bank- en rentekosten komen lager uit dan in de begroting opgenomen, doordat de werkelijk in rekening gebrachte bankkosten lager uitvallen en er geen rentekosten in rekening zijn gebracht. Overige opbrengsten: € 729 duizend (voordeel) De overige opbrengsten laten een positief saldo zien primair als gevolg van de dekking van de gerealiseerde projectkosten.
En daarnaast betreft dit de bij de deelnemers in rekening gebrachte kosten in de uitvoering van aanvullende heffingssoorten belastingen. Opbrengst vervolgingskosten: € 123 duizend (nadeel) Door de overgang naar de applicatie van GouwIT en de daarmee samenhangende ‘freeze-periode’ van de informatiesystemen van BsGW zijn de overheidsvorderingen niet volledig ingezet wat heeft geleid tot een lager bedrag dan opgenomen in de begroting 2023. Incidenteel: € 2,062 miljoen (nadeel) Renteopbrengsten: € 711 duizend (voordeel) Door de invoering van schatkistbankieren eind 2023 worden de positieve saldi dagelijks afgeroomd naar de schatkist. De Staat vergoedde geen rente voor wat betreft de bij haar gestalde financiële middelen. Hierop is teruggekomen en vanaf medio september 2022 wordt er weer rente vergoed. Aangezien dit niet bekend was ten tijde van het opstellen van de begroting 2023 (eind 2021 / begin 2022), waren de renteopbrengsten in de begroting op nihil gesteld. Extra WOZ-bezwaren: € 2,773 miljoen (nadeel) Naast het grote aantal extra bezwaren en zeker ook vanwege de consequenties van het aangenomen Wetsvoorstel herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm voor de ncnp-bedrijven is er ook sprake van een forse stijging van het aantal beroepen. Voor het afhandelen van deze bezwaren en beroepen zijn de inhuurkosten ook hoger dan begroot.
Jaarstukken 2023
Pagina 43 van 48
Uiteenzetting financiële positie per programma De jaarrekening omvat het overzicht van baten en lasten plus een uiteenzetting van de financiële positie per programma. In het geval van BsGW betreft dit één programma “Lasten heffing en invordering belastingen”. Wet normering topfunctionarissen (WNT) De regels voor de (semi)publieke sector zijn vastgelegd in de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT). Bij BsGW wordt het bestuur (Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur) beschouwd als topfunctionaris in de zin van de WNT. De governance van BsGW is in 2023 zo ingericht dat het bestuur de beslissingen neemt over aangelegenheden die de gehele organisatie betreffen. De bestuursleden van BsGW zijn niet in dienst bij BsGW en zijn onbezoldigd. De directeur is wel in dienst van BsGW en is verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding van BsGW en is in die hoedanigheid een topfunctionaris in de zin van de WNT. De binnen onze organisatie geïdentificeerde leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking hebben geen dienstbetrekking bij andere WNT-instellingen als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan vanaf 1 januari 2023). In de volgende tabel is voor 2023 de topfunctionaris van BsGW zijn bezoldiging weergegeven. Daarna is een overzicht opgenomen van de onbezoldigde bestuursleden.
Jaarstukken 2023
Pagina 44 van 48
Gegevens 2023 bedragen x € 1
N.M.J.G. Lebens
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2023
01-01 t/m 31-12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 153.254
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 22.413
Subtotaal
€ 175.667
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 223.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
N.v.t. € 175.667
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
Gegevens 2022 bedragen x € 1
N.M.J.G. Lebens
Functiegegevens
Directeur 01-01 t/m 31-12
Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 125.707
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 21.640
Subtotaal
€ 147.347
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 216.000
Bezoldiging
€ 147.347
Jaarstukken 2023
Pagina 45 van 48
Onbezoldigde bestuursleden Algemeen Bestuur (AB) / Dagelijks Bestuur (DB) 2023 Gemeente/Waterschap
Functie
Zitting in
Naam
Gemeente Bergen
Voorzitter
DB / AB
M.H.E. Pelzer
Waterschap Limburg
Vice-voorzitter (3)(4)
DB / AB
M.A.M. Breugelmans
Gemeente Echt-Susteren
Lid
DB / AB
G.H.C. Frische
Gemeente Landgraaf
Lid
DB / AB
C.P.G. Wilbach
Gemeente Maastricht
Lid
DB / AB
H. Fokke
Gemeente Venlo
Lid
DB / AB
F.P.M. Schatorjé
Gemeente Voerendaal
Lid
DB / AB
R.B.M. Braun
Gemeente Beek
Lid
AB
R. Diederen
Gemeente Beekdaelen
Lid
AB
P.L.H.E. Janssen
Gemeente Beesel
Lid
AB
B.C.M. Vostermans
Gemeente Brunssum
Lid
AB
J.L.W. van Dijk
Gemeente Eijsden-Margraten
Lid
AB
M.J.G. Gerritsen
Gemeente Gennep
Lid
AB
J.A. van Hulsteijn
Gemeente Gulpen-Wittem
Lid (4)
AB
N.H.C. Ramaekers-Rutjens
Gemeente Heerlen
Lid
AB
M.E.E. de Beer
Gemeente Kerkrade
Lid
AB
J.P.M. Paas
Gemeente Leudal
Lid
AB
H. van Helden
Gemeente Maasgouw
Lid (4)
AB
D.W.J. Schneider
Gemeente Meerssen
Lid
AB
B.P.J. Molling
Gemeente Mook en Middelaar
Lid
AB
A.F. Herings
Gemeente Nederweert
Lid (4)
AB
T.M. Heldens
Gemeente Peel en Maas
Lid (4)
AB
H.P.J. Nijssen
Gemeente Roerdalen
Lid
AB
A.C.A.G. Smits
Gemeente Roermond
Lid
AB
D.W.H. Franssen
Gemeente Simpelveld
Lid (4)
AB
S.C.J. Scheepers
Gemeente Sittard-Geleen
Lid
AB
J.G.L.M. Bühler
Gemeente Stein
Lid
AB
N.T.P. Wingelaar
Gemeente Vaals
Lid
AB
JP.M.H. Kompier
Gemeente Valkenburg a/d Geul
Lid
AB
N.J.M.M. Dauven
Gemeente Weert
Lid (4)
AB
T.J.J. van Gemert
Waterschap Limburg
Vice-voorzitter (1)(2)
DB / AB
J.H.G.M. Teeuwen
Gemeente Gulpen-Wittem
Lid (2)(4)
AB
H.P.J.M. Waaifoort
Gemeente Maasgouw
Lid (2)
AB
M.H.E. Wilms
Gemeente Nederweert
Lid (2)
AB
J.W. Franssen
Gemeente Peel en Maas
Lid (2)
AB
A.M.H.C. Mestrom
Gemeente Simpelveld
Lid (2)
AB
D.W.J. Schneider
Gemeente Weert
Lid (2)
AB
W.P.J. van Eijk
Uit het bestuur
(1) Gestopt als lid van het Dagelijks Bestuur in 2023.
(3) Nieuw lid in het Dagelijks Bestuur in 2023.
(2) Gestopt als lid van het Algemeen Bestuur in 2023.
(4) Nieuw lid in het Algemeen Bestuur in 2023.
Er vindt geen externe inhuur plaats van personen die als topfunctionaris kunnen worden aangemerkt.
Jaarstukken 2023
Pagina 46 van 48
Rechtmatigheidsverantwoording Verantwoordelijkheid Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur op 7 december 2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 907.740,-.
De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV van november 2023. Bevinding Het Dagelijks Bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties niet rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. De totale afwijking bedraagt € 4.619.000,-. De geconstateerde afwijkingen betreffen: Begrotingsoverschrijdingen voor een totaalbedrag van € 4.083.000,-. Hiervan betreffen de belangrijkste overschrijdingen: Afschrijvingskosten € 344.000,-: Door met name de overgang naar de applicatie van GouwIT is de boekwaarde van oude applicaties vervroegd afgewaardeerd. ICT-kosten: € 2.466.000,-: o € 775.000,- betreft de overschrijding a.g.v. stijgende prijzen en de aanschaf van extra noodzakelijke, aanvullende software welke extra (structurele) kosten met zich meebrengen; o Projecten € 1.691.000,-: dit betreft de gerealiseerde projectkosten van het project AHA. Deze worden gedekt vanuit de bestemmingsreserve; o Overige diensten door derden en de kostenvergoedingen bezwaar- en beroepszaken € 4.103.000,-. Naast het grote aantal extra bezwaren en zeker ook vanwege de consequenties van het aangenomen Wetsvoorstel herwaardering proceskostenvergoedingen WOZ en bpm voor de ncnp-bedrijven is er ook sprake van een forse stijging van het aantal beroepen.
Voor het afhandelen van deze bezwaren en beroepen zijn de inhuurkosten ook hoger dan begroot. Aanbestedingsonrechtmatigheden, bestaande uit: o € 237.000,- t.a.v. Europese aanbestedingsregels o € 299.000,- t.a.v. de interne aanbestedingsregels In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota Rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het Algemeen Bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het Dagelijks Bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
Jaarstukken 2023
Pagina 47 van 48
Overige gegevens 4.3 Resultaatbestemming De bestemming van het negatief resultaat van € 1,293 miljoen over 2023 wordt 29 juni 2024 vastgesteld door het Algemeen Bestuur. 4.4
Gerealiseerde baten en lasten per taakveld (x € 1.000,-)
Jaarrekening 2023 Nr.
Naam taakveld
Lasten 2023
0.10
Mutaties reserves
€ 2.275
0.11
Resultaat rekening van baten en lasten
-€ 1.293
0.40
Ondersteuning organisatie (overhead)
€ 7.282
0.50
Treasury
0.64
Belastingen overig
0.80
Overige baten en lasten
Baten 2023
€ 21.994 € 30.258 € 30.258
€ 30.258
Voor de diverse belastingsoorten zijn in de BBV voorschriften verschillende taakvelden toegekend. Voor BsGW is het in praktische zin niet mogelijk om de baten en lasten over deze diverse taakvelden toe te rekenen. In dat kader is er voor gekozen om de baten en lasten die direct zijn toe te rekenen aan belastingen integraal te verantwoorden onder het taakveld 0.64 Belastingen overig. De door de BBV voorgeschreven beleidsindicatoren zijn niet van toepassing op bovenstaande taakvelden en op BsGW. 4.5 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: het Algemeen Bestuur van BsGW Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen Verklaring over de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening 2023 Volgt nog. Nog te ontvangen van de accountant ten behoeve van de definitieve jaarrekening.
Jaarstukken 2023
Pagina 48 van 48