Toelichting en regels ontwerp BP Speeltuin Elsterendijk Well
Tekst van het document
Toelichting en regels
Ontwerp
Bestemmingsplan
Speeltuin Elsterendijk
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Inhoudsopgave
Toelichting
4
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging plangebied 1.3 Geldend(e) bestemmingsplan(nen) 1.4 Leeswijzer
5 5 5 6 7
Hoofdstuk 2 Gebiedsvisie 2.1 Bestaande situatie 2.2 Toekomstige situatie
9 9 10
Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Gemeentelijk beleid
13 13
Hoofdstuk 4 Milieu- & omgevingsaspecten 4.1 Milieuzonering
14 14
Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1 Algemeen 5.2 Bestemmingen
16 16 17
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Economische uitvoerbaarheid 6.2 Inspraak
18 18 18
Bijlagen bij toelichting
19
Bijlage 1
20
2
Akoestisch onderzoek industrielawaai
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Regels
21
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
22 22 25
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4
Bestemmingsregels Verkeer Waarde - Archeologie 4
26 26 28
Hoofdstuk 3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels
32 32 32 33 33
Hoofdstuk 4 Artikel 9 Artikel 10
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
34 34 34
Bijlagen bij regels
35
Bijlage 1
36
Voorwaardelijke verplichting geluidwerende voorziening
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
3
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Toelichting
4
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Op de hoek van de Elsterendijk en de Papenbeek in Well bevindt zich al meer dan 20 jaar in deze vorm speeltuin 't Huukske', een speeltuin voor kinderen van 0 - 12 jaar. Deze speeltuin, in beheer bij Stichting Speelvoorziening Well, ligt op korte afstand van de woning Papenbeek 103. De eigenaar/ bewoner van deze woning heeft aangegeven geluidhinder te ondervinden van de speeltuin en tevens dat speelvoorzieningen niet zondermeer zijn toegestaan op basis van de regels uit het geldende bestemmingsplan. Een speeltuin past namelijk niet binnen de bestemmingsomschrijving van de bestemming 'Verkeer' uit het geldende bestemmingsplan 'Well'. Omdat de gemeente het juist gewenst vindt de bestaande speeltuin op deze locatie te handhaven, wil de gemeente het geldende bestemmingsplan op dit punt herstellen en de speeltuin op deze locatie planologisch vastleggen. In onderhavige toelichting is onderbouwd waarom de bestaande speeltuin (en onder welke voorwaarden) gehandhaafd kan blijven.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied is gelegen aan de rand van de bebouwde kom, op de hoek van de Elsterendijk en de Papenbeek in Well L. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 200 m² en betreft het kadastrale perceel gemeente Bergen L, sectie F, nr. 5.931 (deels). Navolgende afbeeldingen tonen globaal de ligging en begrenzing van het plangebied in de omgeving. Voor de exacte begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding.
Globale ligging plangebied in groter verband (rode druppel, bron: maps.google.nl)
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
5
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Globale begrenzing plangebied (rode omkadering, bron: ruimtelijkeplannen.nl)
1.3
Geldend(e) bestemmingsplan(nen)
Voor de gronden in het plangebied geldt het bestemmingsplan 'Well', zoals de gemeenteraad dat heeft vastgesteld op 4 november 2013. In het bestemmingsplan is het plangebied voorzien van de bestemming 'Verkeer (artikel 14)' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 4 (artikel 20)'. Binnen de bestemming 'Verkeer' zijn speelvoorzieningen niet zondermeer toegestaan. Wel zijn op basis van de bestemmingsomschrijving ter plaatse jongerenontmoetingsplaatsen toegestaan, dus in zoverre heeft het plangebied op dit moment al een ontmoetingsfunctie.
6
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Uitsnede verbeelding geldend bestemmingsplan met globale begrenzing plangebied (rode omkadering) Om vast te houden aan de bestaande bestemmingssystematiek houdt het plangebied de geldende bestemming 'Verkeer', maar dan wel met een nadere aanduiding zodat ter plaatse ook speelvoorzieningen zondermeer mogelijk zijn.
1.4
Leeswijzer
Het bestemmingsplan bestaat uit meerdere onderdelen: een verbeelding waarop de bestemmingen in het plangebied zijn aangegeven en regels waarin de bepalingen voor de op de verbeelding vermelde bestemmingen zijn opgenomen. Het bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting waarin de achtergronden van het bestemmingsplan zijn beschreven. De verbeelding vormt samen met de regels het juridische bindende deel van het bestemmingsplan. In de toelichting worden de keuzes die in het bestemmingsplan worden gemaakt nader gemotiveerd en verantwoord. De toelichting kan globaal opgedeeld worden in vier delen. Inleiding en gebiedsvisie In hoofdstuk 1 zijn de aanleiding en het kader voor de planherziening beschreven. Hoofdstuk 2 geeft een beschrijving van de bestaande situatie van het plangebied. Verantwoording Hoofdstukken 3 en 4 geven de achtergronden, toelichting en motivatie op de gemaakte keuzen weer die uiteindelijk hebben geleid tot de uitgewerkte planopzet. In dit planonderdeel worden onder meer het (beleids)kader en de milieuaspecten uiteengezet. Juridische planbeschrijving In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet beschreven. Doel is een nadere onderbouwing te geven wat met het plan wordt beoogd en hoe de instrumenten regels en verbeelding hierbij worden gehanteerd.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
7
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Uitvoerbaarheid Het laatste deel (hoofdstuk 6) gaat in op de financieel-economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan.
8
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 2 2.1
Gebiedsvisie
Bestaande situatie
De speeltuin in het plangebied is één van de twee speeltuinen in beheer bij Stichting Speelvoorziening Well: Speeltuin 'De Bosrand' aan de oostzijde van de kern (Klokkemakerstraat) met als belangrijkste doelgroep de wat oudere kinderen, betreft een wat grotere speeltuin (17 speeltoestellen) die is gelegen buiten het plangebied;
Speeltuin 't Huukske' (in casu: het plangebied) aan de westzijde van de kern Well (hoek Elsterendijk - Papenbeek) betreft een wat kleinere speeltuin (6 speeltoestellen) met als doelgroep de wat jongere kinderen (0 - 12 jaar). In de speeltuin bevinden zich onder meer een zandbak, een picknickbank, een wipelement, een glijbaan en een schommel. Zie verder navolgende afbeeldingen voor een impressie van de speeltuin, de speeltijden en de doelgroep:
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
9
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
2.2
Toekomstige situatie
Om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te kunnen garanderen voor de eigenaar/ bewoner van de woning Papenbeek 103 heeft de gemeente een akoestisch onderzoek uit laten voeren (zie paragraaf 4.1 Milieuzonering) in het kader van een goede ruimtelijke ordening. De gemeente heeft binnen de kaders van 'goede ruimtelijke ordening' afwegingsvrijheid om belangen tegen elkaar af te wegen. In dit geval is geen sprake van een bedrijfsmatige activiteit, maar van een speeltuin: een maatschappelijke functie die de gemeente in basis als passend en wenselijk ziet in een woonwijk. Hogere waarden dan de in de tabel 3.1 van het onderzoek genoemde richt- en grenswaarden kunnen mede daarom toelaatbaar zijn, afhankelijk van de gemotiveerde afweging door de gemeente. De afwegingsruimte van de gemeente is niet onbegrensd. In de praktijk wordt in een rustige woonwijk na grondige motivering - van de richt- en grenswaarden afgeweken tot waarden van ten hoogste 55/50/45 dB(A) in respectievelijk de dag/avond/nacht voor de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus en 75/70/65 dB(A) voor de maximale geluidniveaus in respectievelijk de dag/avond/nacht. Als gevolg van de uitkomst van het akoestisch onderzoek is er in het bestemmingsplan voorzien in een geluidscherm van 20 m lang en een hoogte van 2,0 m. Dit geluidscherm wordt geplaatst op de rand van het plangebied.
10
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Het plaatsen van een dergelijk geluidscherm heeft tot gevolg dat op de begane grond in zowel de dagperiode (7.00 - 19.00 uur) als de avondperiode (19.00 - 23.00 uur) voldaan wordt aan de grenswaarden voor zowel de langtijdgemiddelde- alsmede de maximale geluidniveaus. Voor de verdiepingen van de woning geldt dat tijdens de dagperiode (7.00 - 19.00 uur) wordt voldaan aan de grenswaarden voor zowel de langtijdgemiddelde- alsmede de maximale geluidniveaus. Voor de avondperiode (= het moment vanaf wanneer doorgaans ook de verdiepingen getoetst worden) is dit anders. De gemeente acht deze overschrijding echter aanvaardbaar, omdat het een al jaren bestaande speeltuin betreft met een kleine oppervlakte en een jonge doelgroep (t/m 12 jaar) waarvan de speeltijden in de avondperiode beperkt zijn tot een uur: van 19.00 tot 20.00 uur. De rest van de avondperiode valt buiten de speeltijden van deze speeltuin, evenals de nachtperiode, van 23.00 7.00 uur. Dit betekent dat er een periode van 11 klokuren of meer is (afhankelijk van het tijdstip van het gebruik van de speeltuin), waarin er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Ook op de verdiepingen waar over het algemeen de slaapvertrekken zich bevinden. Daarmee is het ook op de verdiepingen mogelijk om een goede nachtrust te hebben.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
11
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
De gemeente vindt bovendien in dit geval het algemene belang van de langere speeltijden in de speeltuin (tot 20.00 uur in plaats van 19.00 uur), vooral in de zomerperiode wanneer het buiten langer licht is, zwaarder wegen dan het individuele belang van de bewoner van de aangrenzende woning. In deze afweging speelt tevens mee dat het geldende bestemmingsplan ter plaatse van de speeltuin weliswaar geen speelvoorzieningen toestaat, maar wel een jongerenontmoetingsplaats (JOP). Een JOP is qua optredende maximale geluidniveaus (schreeuwende kinderen) vergelijkbaar met een speeltuin en kan zeker later op de avond en in de nachtperiode als overlast gevend worden ervaren. Een zekere mate van geluiduitstraling als gevolg van het gebruik van de openbare ruimte zal iedere inwoner van de gemeente dan ook moeten accepteren.
12
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 3
Beleidskader
3.1
Gemeentelijk beleid
3.1.1
Omgevingsvisie Bergen 2030
Op 23 april 2019 heeft de gemeenteraad de 'Omgevingsvisie Bergen 2030' vastgesteld. Deze visie bepaalt in welke richting de gemeente zich wil ontwikkelen. De Omgevingsvisie heeft betrekking op het hele grondgebied van de gemeente Bergen, met uitzondering van het gebied Wells Meer. Concrete aanvragen van overheden, organisaties, ondernemers en burgers toetst de gemeente aan de tien navolgende uitgangspunten uit deze visie: 1. De meest toekomstbestendige gemeente; 2. Energie onafhankelijk in 2030; 3. Landschap en landbouw in balans; 4. Waterbeheer op maat; 5. Versterken natuurwaarden en biodiversiteit; 6. Kwaliteitsslag en zonering recreatievoorzieningen; 7. Afstemmen woningvoorraad op vraag; 8. Voorzieningen bereikbaar houden; 9. Verder bouwen aan een gezonde leefomgeving; 10. Leefklimaat in de dorpen verbeteren. Planspecifiek Voor het plangebied is het uitgangspunt 'verder bouwen aan een gezonde leefomgeving' van belang. De basis voor positieve gezondheid is in Bergen aanwezig. Aanvullende inspanningen zouden vooral gericht moeten zijn op het met elkaar in contact brengen van mensen en een inrichting van de openbare ruimte die uitnodigt tot ontmoeting. Op het gebied van preventieve zorg kan een goede inrichting van de buitenruimte er voor zorgen dat mensen meer gaan bewegen.
Dit betekent onder andere dat de gemeente zich blijft inzetten voor voldoende banken en ontmoetingsplekken in de openbare ruimte en dat waar nodig het netwerk van fiets- en wandelpaden wordt uitgebreid. Ook het voorzien in voldoende speelvoorzieningen, waaronder dus handhaving van de bestaande speeltuin voor jongere kinderen, draagt bij aan dit doel. 3.1.2
Speelruimteplan Gemeente Bergen (L)
Het speelruimteplan (2021 - 2024) is een beleids- én uitvoeringsplan waarin de gemeente vooropstelt dat zoveel mogelijk (openbare) ruimte ook als speelruimte gebruikt wordt. De informele (groene) ruimte, speelplekken (formele speelruimte), de semi-openbare voorzieningen (schoolpleinen) en recreatieve voorzieningen tellen voor kinderen mee als speelruimte. De gemeente Bergen wil daarom speel- en ontmoetingsruimten voor alle inwoners waar goed gebruik van wordt gemaakt. Speelruimte waardoor iedereen zin heeft om naar buiten te gaan! Met dit speelruimteplan worden de inspanningen op het gebied van aanleg, beheer, onderhoud en financiering verantwoord voor de jaren 2021 tot en met 2024. Planspecifiek Elk dorp van de gemeente heeft één of meerdere speelruimtes. Deze speelruimtes liggen zo veel als mogelijk centraal in het dorp. Onder speeltoestellen verstaat de gemeente ook doelen, een basketbalnet enzovoort. De speeltuin in het plangebied aan de Elsterendijk is in het speelruimteplan aangemerkt als één van de 13 traditionele speelruimten in de gemeente, in de vorm van een kleine speeltuin met daarin 6 speeltoestellen. Het beheer valt onder de speeltuinenstichting in Well. Deze stichting is heel actief en houdt beide speeltuinen (ook de grotere speeltuin met 17 speeltoestellen aan de Klokkemakerstraat) mooi op orde. 3.1.3
Conclusie
In het plangebied zijn geen gemeentelijke belangen in het geding.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
13
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 4
Milieu- & omgevingsaspecten
Omdat de gronden in het plangebied in de bestaande situatie (al jaren) in gebruik zijn als openbare ruimte in de vorm van een speeltuin, en dit bestemmingsplan enkel een planologische reparatie betreft, wordt alleen het aspect milieuzonering (in casu: industrielawaai) nader beschouwd.
4.1
Milieuzonering
Voor kleine speeltuinen in woongebieden, die niet als bedrijfsmatige activiteit beschouwd kunnen worden, bestaan geen formele geluidnormen. Om tot een beoordeling te komen of sprake is van "goede ruimtelijke ordening" dient derhalve aansluiting gezocht te worden bij een ander toetsingskader. De VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering geeft voor bedrijfsmatige activiteiten richtwaarden voor de optredende geluidbelasting. Deze richtwaarden kunnen als indicatie ook op voorliggende situatie toegepast worden.
In voorliggende situatie is sprake van de gebiedstypering rustige woonwijk. Dat betekent dat in eerste aanleg de genoemde richt- en grenswaarden uit deze kolom als indicatie gebruikt kunnen worden voor een beoordeling over 'goede ruimtelijke ordening'. Er is daarom een akoestisch onderzoek industrielawaai uitgevoerd voor de woning aangrenzend aan de speeltuin. De rapportage van dit onderzoek is als bijlage 1 bij deze toelichting gevoegd. De speeltuin is -conform het bordje bij de ingang- speeltijden tussen 08.00 en 20.00 en is toegankelijk voor kinderen t/m 12 jaar. In het akoestisch onderzoek is er vanuit gegaan dat gedurende de speeltijden 6 kinderen continu aanwezig kunnen zijn in de speeltuin, gelijkmatig verdeeld over het terrein. Dit aantal is, in overleg met de speeltuinvereniging, bepaald. In het overleg gaven zij namelijk aan er 5 à 6 kinderen regelmatig in de speeltuin spelen. Mede gezien hun ervaringen en het kleine aantal speeltoestellen ( 6 stuks) is deze benadering voldoende worst-case. Rekening houdend met de leeftijd van de kinderen is op basis van onder andere eigen geluidmetingen in vergelijkbare situaties, uitgegaan van een bronsterkte L WR van 84 dB(A) per kind gedurende effectief de helft van de tijd. Inzake de maximale geluidniveaus is uitgegaan van een bronsterkte LWRmax van 108 dB(A) per kind.
Beide waarden vallen binnen de normaliter te verwachten bandbreedte van de VDI 3770, Emissionskennwerte technischer Schallquellen, Sport- und Freizeitanlagen. In tabel 4.1 van het onderzoek is de geluidbelasting vanwege de speeltuin in de dag- en avondperiode weergegeven ter plaatse van de gevel van de woning. Weergegeven zijn zowel de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr,LT) als de maximale geluidniveaus (LAmax, "pieken"). Aanvullend is berekend wat het effect is van het plaatsen van een schutting/ geluidscherm met een lengte van 20,0 m en een hoogte van 2,0 m op de rand van de speeltuin, tegen de bestaande haag. Door een geluidscherm te plaatsen met een hoogte van 2,0 m (een hoger scherm is stedenbouwkundig niet aanvaardbaar), wordt de begane grond van de woning Papenbeek 103 afgeschermd en neemt de geluidbelasting in de dagperiode af tot 50 dB(A) en de maximale geluidbelasting tot 70 dB(A). Daarmee wordt aan de grenswaarden voldaan. Het plaatsen en in stand houden van dit geluidsscherm is voorwaardelijk verplicht in de regels van het bestemmingsplan.
14
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Voor de verdiepingen wordt in de avondperiode (van 19.00 - 20.00 uur), ook na plaatsing van het geluidscherm, niet voldaan aan de grenswaarden. In paragraaf 2.2 is echter nader gemotiveerd waarom de gemeente dit toch aanvaardbaar vindt.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
15
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische planbeschrijving
Algemeen
Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding en regels en is voorzien van een toelichting. De regels en verbeelding vormen het juridisch bindende deel, terwijl de toelichting geen juridische binding heeft, maar moet worden beschouwd als handvat voor de uitleg en de onderbouwing van de opgenomen bestemmingen. De regels bevatten het juridische instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een rol voor toepassing van de regels alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen. In deze paragraaf worden de systematiek van de regels en de wijze waarop de regels gehanteerd moeten worden, uiteengezet. De regels van het plan bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen. Voor de systematiek is aangesloten op de SVBP2012, de Wabo en andere bestemmingsplannen van de gemeente, meer specifiek het bestemmingsplan 'Well'. Voor het bouwen is verder het Besluit omgevingsrecht (Bor) van belang. In het Bor zijn onder andere regels voor vergunningsvrije bouwwerken opgenomen. Hieronder wordt de opbouw en dergelijke van de regels kort toegelicht. 5.1.1
Inleidende regels
Begrippen In deze bepaling zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn. Wijze van meten Om op een eenduidige manier afstanden, oppervlakten en inhoud van gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Ten aanzien van de wijze van meten op de verbeelding geldt steeds dat het hart van een lijn moet worden aangehouden. Bestemmingsregels In het tweede hoofdstuk komen de bestemmingen aan de orde. 5.1.2
Opbouw bestemmingen
Bestemmingsomschrijving Bevat de omschrijving van de doeleinden die met de bestemming aan de grond worden toegekend. Hierbij gaat het in beginsel om een beschrijving van de aan de grond toegekende functies zoals bedrijven, wonen, centrum etc. De aard van de toegelaten inrichtingen van gronden (bouwwerken en werken, geen bouwwerken zijnde) vloeit dan voort uit de toegelaten functies. Bouwregels In de bouwregels worden voor alle hoofdgebouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de van toepassing zijnde bouwregels gesteld. Waar en met welke maatvoering mag worden gebouwd, wordt hier vastgelegd. Indien mogelijk wordt verwezen naar bouwvlakken en aanduidingen op de verbeelding. Specifieke gebruiksregels In deze bepaling zijn de specifieke gebruiksregels, zoals het strijdig gebruik, opgenomen.
16
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
5.1.3
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel Deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene bouwregels Deze bepaling bevat algemene regels omtrent ondergronds bouwen en ondergeschikte bouwdelen. Algemene afwijkingsregels In deze bepaling zijn regels opgenomen ten aanzien van afwijkingsmogelijkheden die voor het hele plangebied gelden en die Burgemeester en wethouders de benodigde flexibiliteit bieden ten aanzien van het bestemmingsplan. Algemene wijzigingsregels In deze bepaling is aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven het plan te wijzigen. Het gaat hier om wijzigingsbevoegdheden met een algemene strekking. De criteria, die bij toepassing van de wijzigingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven. 5.1.4
Overgangs- en slotregels
Overgangsregels Bouwwerken welke op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een bouwvergunning is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bouwregels. De overgangsbepaling houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen kan worden verleend. Burgemeester en wethouders kunnen in beginsel dus nog gewoon gebruik maken van hun handhavingsbevoegdheid. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan, mag eveneens worden voortgezet. Slotregel Dit artikel geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald.
5.2
Bestemmingen
Het bestemmingsplan kent één bestemming: Artikel 3 Verkeer Met het voorliggende bestemmingsplan wordt in planologische zin de mogelijkheid voor speelvoorzieningen toegevoegd aan de bestemmingsomschrijving. Dit in aanvulling op de planologische mogelijkheid voor een jongerenontmoetingsplek (JOP), die op basis van het geldende bestemmingsplan al was toegestaan. Om zeker te zijn dat ook bouwwerken, geen gebouwen zijnde, in de vorm van geluidschermen mogen worden gerealiseerd, worden die ook aan de bestemmingsomschrijving toegevoegd. Het realiseren en instandhouden van een geluidscherm is met een voorwaardelijke verplichting in de specifieke gebruiksregels vastgelegd. Artikel 4 Waarde - Archeologie 4 Deze dubbelbestemming komt voor in het plangebied. Indien een ontwikkeling binnen deze dubbelbestemming plaatsvindt, moet getoetst worden of archeologische waarden verstoord kunnen worden. Indien een ontwikkeling de gronden dieper dan 0,4 m verstoord en het te verstoren gebied groter is dan 250 m² moet een archeologisch bureauonderzoek plaatsvinden.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
17
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid
Economische uitvoerbaarheid
Bij het opstellen van een nieuw bestemmingsplan moet op grond van artikel 3.1.6 lid 1 sub f van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) onderzoek plaatsvinden naar de economische uitvoerbaarheid van het plan. Het voorliggende plan staat een ontwikkeling in de zin van artikel 6.2.1 Bro toe. Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening bepaalt dat de gemeenteraad bij de vaststelling van een bestemmingsplan, waar sprake is van een ontwikkeling in de zin van artikel 6.2.1 Bro, een exploitatieplan vaststelt tenzij kostenverhaal op een andere wijze is verzekerd. Regulier komen de kosten van een herziening van een bestemmingsplan voor rekening van de verzoeker. Omdat het planologisch verankeren van de speelvoorzieningen plaatsvindt in de openbare ruimte, in eigendom van de gemeente, komen de kosten voor de herziening van het bestemmingsplan voor rekening van de gemeente. De kosten worden daarom gedekt vanuit de post 'planologie'. De financieel-economische uitvoerbaarheid is hiermee in voldoende mate aangetoond.
6.2
Inspraak
Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft van donderdag PM t/m woensdag PM 2023 (gedurende 6 weken) ter inzage gelegen. Te zijner tijd zullen eventueel ingediende zienswijzen van een gemeentelijke reactie worden voorzien.
18
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Bijlagen bij toelichting
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
19
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Bijlage 1
20
Akoestisch onderzoek industrielawaai
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Regels
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
21
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder: 1.1 plan het bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk met identificatienummer NL.IMRO.0893.BP23007ELONGWEL-ON01 van de gemeente Bergen (L.); 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolgde deze regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.6 bebouwingspercentage een op de verbeelding of in de regels aangegeven percentage, dat het grootste deel van het bouwperceel c.q. bouwvlak of bestemmingsvlak aangeeft dat minimaal dan wel maximaal mag worden bebouwd; hierbij worden ondergrondse bouwwerken die zichtbaar zijn boven peil meegerekend, met uitzondering van ondergeschikte bouwdelen; 1.7 bestaand bouwwerk een bouwwerk dat: op het moment van het ter inzage leggen van het ontwerp van dit plan bestaat of in uitvoering is; na dat tijdstip is of mag worden gebouwd krachtens of bij de woningwet.
1.8 bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak; 1.9 bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.10 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk bouwen, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.11 bouwgrens de grens van een bouwvlak; 1.12 bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.13 bouwperceelsgrens de grens van een bouwperceel; 1.14 bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten;
22
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
1.15 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.16 detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, het verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.17 gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.18 geluidwerende voorziening een geluidsreducerende constructie of bouwwerk in de vorm van voorzieningen zoals geluidsschermen, geluidswallen of aan deze constructies gelijk te stellen bouwwerken of constructies; 1.19 ondergeschikt bouwdeel een buiten de gevel of dakvlakken uitstekend ondergeschikt deel van een bouwwerk met uitzondering van een uitgebouwd gedeelte van een gebouw dat dient ter uitbreiding van het oppervlak; 1.20 ondergronds bouwwerk een (gedeelte van) een bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen op ten minste 1,75 m beneden peil; 1.21 ondergrondse werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die onder peil plaatsvinden; 1.22 overkapping een bouwwerk, geen gebouw zijnde, omsloten
door maximaal drie wanden, waarvan maximaal één eigen wand en voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een carport; 1.23 parkeervoorzieningen elke al dan niet overdekte stallingsgelegenheid ten behoeve van gemotoriseerd vervoer; 1.24 parkeren het laten stilstaan van een voertuig anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van passagiers of voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen; 1.25 peil voor gebouwen waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; voor gebouwen in het talud van de dijk: de gemiddelde hoogte van het bestaande aansluitende afgewerkte maaiveld ter plaatse van de van de dijk afgekeerde zijde van het gebouw; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het bestaande aansluitende afgewerkte maaiveld.
1.26 perceelsgrens de grens van een bouwperceel; 1.27 speelvoorziening Aard en nagelvast met de grond verbonden constructie in de openbare ruimte, bedoeld als speelmateriaal voor kinderen; 1.28 stedenbouwkundige kwaliteit de aan een gebied toegekende waarde in verband met stedenbouwkundige elementen, zoals situatie en infrastructuur alsmede de ligging van bouwwerken in dat gebied; 1.29 voorzieningen van algemeen nut voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer;
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
23
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
1.30 zolder een ruimte onder een kap voor zover de hoogte van de borstwering ter plaatse van de omtrekmuren minder dan 0,8 m boven de vloer is gelegen.
24
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de afstand tot de bouwperceelsgrens tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is; 2.2 de bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van onderschikte bouwdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.3 de dakhelling langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.4 de goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.5 de inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.6 de ondergrondse bouwdiepte van een bouwwerk vanaf het bouwkundig peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend; 2.7 de oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
25
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Verkeer
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen, straten, paden en pleinen met hoofdzakelijk een verblijfsfunctie; b. voet- en rijwielpaden; c. parkeervoorzieningen; d. groenvoorzieningen, waaronder bermen en beplanting; e. waterhuishoudkundige voorzieningen, waterlopen en waterpartijen, alsmede (ondergrondse) waterbergings- en infiltratievoorzieningen; f. evenementen; g. speelvoorzieningen, ter plaatse van de aanduiding 'speelvoorziening'; h. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, in de vorm van geluidwerende voorzieningen; i. terrassen; j. straatmeubilair; k. jongerenontmoetingsplaatsen; l. kunstwerken. 3.2
Bouwregels
3.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. op of in deze gronden mogen uitsluitend ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut en jongerenontmoetingsplaatsen worden gebouwd; b. de maximum bouwhoogte bedraagt 3,2 m; c. de maximum oppervlakte van een gebouw ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut bedraagt 15 m² en van jongerenontmoetingsplaatsen 30 m². 3.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de maximum bouwhoogte van lichtmasten, bewegwijzering en verkeersregulering bedraagt 12,0 m; b. overkappingen zijn niet toegestaan; c. de maximum bouwhoogte van geluidwerende voorzieningen bedraagt 2,0 m; d. de maximum bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 5,0 m. 3.3
Specifieke gebruiksregels
3.3.1
Strijdig gebruik
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken, wordt in elk geval gerekend het gebruik voor: a. het opslaan van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op bestemming gerichte gebruik van de grond; b. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; c. het gebruik van de grond als standplaats voor kampeermiddelen.
26
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
3.3.2
Voorwaardelijke verplichting geluidwerende voorziening
Ter plaatse van de aanduiding 'speelvoorziening' is het gebruik van de gronden voor speelvoorzieningen conform lid 3.1 uitsluitend toegestaan wanneer binnen 6 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan een geluidwerende voorziening wordt gerealiseerd en in stand gehouden met een lengte van 20,0 m en een bouwhoogte van 2,0 m, zoals aangegeven met de blauwe lijn in bijlage 1 bij deze regels.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
27
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Artikel 4 4.1
Waarde - Archeologie 4
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de in de grond aanwezige of te verwachten archeologische waarden. 4.2
Bouwregels
4.2.1 Omgevingsvergunning a. De aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, die betrekking heeft op de voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden, legt een rapport over waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, in voldoende mate is vastgesteld; b. Een onderzoek als bedoeld in sub a is niet vereist indien naar oordeel van burgemeester en wethouders de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld; c. Een onderzoek als bedoeld in sub a is eveneens niet vereist indien naar oordeel van het bevoegd gezag een schriftelijke verklaring dan wel een onderzoek naar de verstoorde bodemlagen aantoont dat de grond reeds dieper is geroerd dan de voorgestelde bewerkingsdiepte; d. Burgemeester en wethouders kunnen de vergunning verlenen indien naar hun oordeel uit het rapport als bedoeld onder a genoegzaam blijkt dat: 1. er geen archeologische waarden zijn te verwachten of kunnen worden geschaad; 2. schade door bouwactiviteiten kan worden voorkomen of zoveel mogelijk kan worden beperkt door het in acht nemen van aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften. 4.2.2 Voorschriften omgevingsvergunning voor het bouwen a.
In de situatie als bedoeld in sublid 4.2.1 onder d kunnen burgemeester en wethouders de volgende voorschriften aan de omgevingsvergunning verbinden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen uitvoeren van opgravingen; 3. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door burgemeester en wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties; b. Indien het bepaalde onder a sub 3 van toepassing is, worden aan de omgevingsvergunning voorschriften verbonden omtrent de gevolgen van vondsten die worden gedaan tijdens de uitvoering van bouwwerkzaamheden. 4.2.3
Uitzonderingen
Het bepaalde in sublid 4.2.1 en sublid 4.2.2 is niet van toepassing indien de aanvraag betrekking heeft op: a. een bouwwerk met een bruto oppervlakte van ten hoogste 250 m²; b. een bouwwerk dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 0,4 m onder maaiveld en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst; c. een bouwwerk dat uitsluitend voor archeologisch onderzoek is bestemd met een bouwhoogte tot 3,0 m; d. een reeds in uitvoering zijnde bouwwerk op het tijdstip van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan; e. een bouwwerk dat mag worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.
28
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
4.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.3.1
Verbodsbepaling
Het is verboden op of in de lid 4.1 bedoelde gronden zonder of in afwijking van een vergunning van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde uit te voeren, te doen uitvoeren of te laten uitvoeren: a. grondwerkzaamheden, zoals het afgraven, ophogen, vergraven, egaliseren, diepploegen en diepwoelen van gronden; b. het indrijven van voorwerpen in de grond zoals heipalen, damwanden, boor- en pompputten; c. waterhuishoudkundige ingrepen zoals het verlagen of verhogen van het waterpeil; d. het aanleggen van dammen en stuwen en het aanbrengen van oeverbeschoeiing; e. het aanleggen, dempen of wijzigen (zoals het verbreden, verdiepen, wijzigen van oevers en profiel) van sloten, greppels, watergangen en overige waterpartijen; f. het aanbrengen van diepwortelende beplanting; g. het rooien van diepwortelende beplantingen voor zover daarbij stobben worden verwijderd; h. het omzetten van gras of akkerland in grond voor de teelt van laanbomen; i. het aanleggen en/of verharden van wegen, paden, parkeerterreinen of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; j. het aanbrengen van ondergrondse transport- energie of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur, waarbij de breedte van de grondwerken meer dan 0,5 m bedragen; k.
het slopen van gebouwen en verwijderen van funderingen, waarbij grondroering plaatsvindt; l. het afplaggen van heide- of natuurgebieden; m. het aanleggen van een drainagestelsel en beregeningsinstallatie.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
29
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
4.3.2 Uitzonderingen a. Het bepaalde in sublid 4.3.1 is niet van toepassing indien de werkzaamheden of werken: 1. maximaal 0,4 m diep reiken ten opzichte van het maaiveld, tenzij het werkzaamheden betreffen genoemd onder sublid 4.3.1 sub h, l en m; 2. een verstoringsoppervlakte hebben van ten hoogste 250 m²; 3. ten dienste staan van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een ter zake deskundige; 4. het normale beheer en onderhoud betreffen, met inbegrip van onderhoud- en vervangingswerkzaamheden van bestaande riolen, bestratingen, beplantingen en binnen bestaande tracés van kabels en leidingen; 5. het normale agrarisch gebruik betreffen waaronder worden verstaan grondbewerkingen ten dienste van agrarisch gebruik mits de bodem tot niet meer dan een diepte van 0,4 m onder maaiveld wordt geroerd; 6. plaatsvinden binnen een afstand van maximaal 2,5 m uit een bestaande fundering van een bestaand bouwwerk; 7. een reeds in uitvoering zijnd werk op het tijdstip van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan; 8. een werk dat mag worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning. b. Het verbod als bedoeld in sublid 4.3.1 is ook niet van toepassing indien: 1.
de werkzaamheden vooraf bij burgemeester en wethouders zijn gemeld, voorzien van een overeenkomstig de eisen van burgemeester en wethouders uitgevoerd onafhankelijk onderzoek waaruit blijkt dat de verstoringsdiepte van de werkzaamheden of werken minder diep reikt dan de diepte van het akkerdek, en voorzien van een verklaring dat in het geval van teelten zoals bedoeld onder sublid 4.3.1 sub h het afgevoerde bodemvolume weer wordt aangevuld waarop burgemeester en wethouders op basis van deze melding voorafgaand aan de uitvoering van de werkzaamheden schriftelijk te kennen heeft gegeven dat voor de betreffende werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is vereist; 2.
de werkzaamheden vooraf bij burgemeester en wethouders zijn gemeld, voorzien van een schriftelijke verklaring met bewijsmateriaal waarbij wordt aangetoond dat de grond reeds dieper is geroerd dan de voorgestelde bewerkingsdiepte en voorzien van een verklaring dat in het geval van teelten zoals bedoeld onder sublid 4.3.1 sub h het afgevoerde bodemvolume weer wordt aangevuld waarop burgemeester en wethouders op basis van deze melding voorafgaand aan de uitvoering van de werkzaamheden schriftelijk te kennen heeft gegeven dat voor de betreffende werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is vereist. 4.3.3 Rapport en toelaatbaarheid a. De aanvrager van een omgevingsvergunning voor werken of werkzaamheden als bedoeld in sublid 4.3.1 die betrekking heeft op de voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden, legt een rapport over waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar oordeel van de gemeente in voldoende mate is vastgesteld; b. Een onderzoek als bedoeld in sub a is niet vereist indien naar oordeel van burgemeester en wethouders de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld; c.
Een onderzoek als bedoeld in sub a is eveneens niet vereist indien naar oordeel van het bevoegd gezag een schriftelijke verklaring dan wel een onderzoek naar de verstoorde bodemlagen aantoont dat de grond reeds dieper is geroerd dan de voorgestelde bewerkingsdiepte; d. Burgemeester en wethouders verlenen de vergunning indien naar hun oordeel uit het rapport als bedoeld onder a genoegzaam blijkt dat: 1. er geen archeologische waarden aanwezig zijn; 2. de betreffende archeologische waarden door de ingreep niet of niet onevenredig worden geschaad; 3. schade door bouwactiviteiten kan worden voorkomen of zoveel mogelijk kan worden beperkt door het in acht nemen van aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften.
30
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
4.3.4 Voorschriften omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden a. In de situatie als bedoeld in sublid 4.3.3 onder d van toepassing is, kunnen burgemeester en wethouders de volgende voorschriften aan de omgevingsvergunning verbinden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen uitvoeren van opgravingen; 3. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door burgemeester en wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties. b. Indien het bepaalde onder a sub 3 van toepassing is, worden aan de omgevingsvergunning voorschriften verbonden omtrent de gevolgen van vondsten die worden gedaan tijdens de uitvoering van bouwwerkzaamheden. 4.4
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door de voor 'Waarde Archeologie 4' aangewezen gronden te wijzigen of geheel of gedeeltelijk van de verbeelding te verwijderen, indien: a. uit nader archeologisch onderzoek is gebleken, dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn of zich op een andere plaats bevinden; b. het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarde voorziet.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
31
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 6
Algemene bouwregels
6.1
Algemene bepaling m.b.t. ondergronds bouwen
6.1.1
Ondergrondse werken
Voor het uitvoeren van ondergrondse werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, geen beperkingen. 6.2
Ondergeschikte bouwdelen
Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, liftschachten, gevel- en kroonlijsten, luifels, uitbouwen, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1,0 m bedraagt. 6.3
Algemene regels over bestaande afstanden en andere maten
6.3.1
Maximum maatvoering
Indien afstanden tot, en bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als maximaal toelaatbaar worden aangehouden. 6.3.2
Minimum maatvoering
In die gevallen dat afstanden tot, en bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken, die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan minder bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als minimaal toelaatbaar worden aangehouden. 6.3.3
Heroprichting
In het geval van (her)oprichting van gebouwen is het bepaalde in sublid 6.3.1 en sublid 6.3.2 uitsluitend van toepassing indien het geschiedt op dezelfde plaats.
32
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Artikel 7 7.1
Algemene afwijkingsregels
Algemeen
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van: a. de voorgeschreven maximum maten, afmetingen, percentages tot ten hoogste 10 % van die maten, afmetingen en percentages; b. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of – intensiteit daartoe aanleiding geeft; c. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; d. de bestemmingsbepalingen ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de maximum bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot 10,0 m.
Artikel 8 8.1
Algemene wijzigingsregels
Algemeen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van: a. overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover dit van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 3,0 m en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10 % worden vergroot; b. overschrijding van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of – intensiteit daartoe aanleiding geeft. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 3,0 m en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10 % worden vergroot; c. het aanpassen van opgenomen bepalingen in de voorafgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar bepalingen in wettelijke regelingen, indien deze wettelijke regelingen na het tijdstip van de tervisielegging van het ontwerpplan worden gewijzigd.
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
33
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Hoofdstuk 4 Artikel 9 9.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10 %. c. het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.2
Overgangsrecht gebruik
a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. indien het gebruik, bedoeld onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. 9.3
Hardheidsclausule
Voor zover toepassing van het overgangsrecht gebruik leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard voor een of meer natuurlijke personen, die op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan grond en opstallen gebruiken in strijd met het voordien geldende bestemmingsplan kan het college van burgemeester en wethouders ten behoeve van die persoon of personen van dat overgangsrecht afwijken.
Artikel 10
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Speeltuin Elsterendijk'.
34
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Bijlagen bij regels
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)
35
bestemmingsplan Speeltuin Elsterendijk
Bijlage 1 Voorwaardelijke verplichting geluidwerende voorziening
36
bestemmingsplan "Speeltuin Elsterendijk" (ontwerp)