CConstaterende datBergen (L)
Koppel je AI →
Document · PDF

omnibuzz-begroting-2025-1-v100-print

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente Bergen (L)Bij agendapunt: Zienswijze conceptbegrotingswijziging 2025-1, conceptbegroting 2026 en meerjarenperspectief 2027-2029 GR Omnibuzz;18.400 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

2025-1

Eenheid

Bron

Formatie

0,056

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Bezetting

0,056

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Apparaatskosten

€ 2,95

kosten per inwoner

Eigen begroting

Externe inhuur

0,6%

kosten als % van totale loonsom

Eigen begroting

Overhead

9,87%

% van totale lasten

Eigen begroting

Op basis van de onder ‘Overhead’ opgenomen lasten bedraagt de overhead 9,87% van de totale lasten. Omnibuzz streeft ernaar deze factor in de komende jaren van groei van activiteiten zo stabiel mogelijk te houden. Paragrafen

In het kader van artikel 9 van het ‘Besluit begroting en verantwoording’ zijn de volgende paragrafen opgenomen:

› Weerstandsvermogen en risicomanagement. › Financiering. › Bedrijfsvoering. Weerstandsvermogen en risicomanagement

Het weerstandsvermogen kan gedefinieerd worden als het vermogen dat nodig is om incidentele niet voorziene tegenvallers te kunnen opvangen. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties schrijft in artikel 11 van het nieuwe ‘Besluit begroting en verantwoording’ het volgende voor: Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen:

› De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de Gemeenschappelijke Regeling beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken.

› Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.

De weerstandsratio is een verhoudingsgetal tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en het op basis van de risicoanalyse bepaalde benodigde weerstandsvermogen. 24

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Onderstaand wordt de weerstandsratio aangegeven als de verhouding tussen de algemene reserve (het weer­stands­vermogen) en de benodigde weerstandscapaciteit gebaseerd op de totale risico’s. Als onverhoopt veel risico’s optreden, kan dit betekenen dat de deelnemende gemeenten rekening moeten houden met aanvullende bijdragen om tekorten en risico’s te dekken. Algemene reserve

Benodigde weerstandscapaciteit totaal risico

Weerstandsratio

€ 725.949

€ 760.000

0,96

De minimale omvang van de algemene reserve is op 20 december 2023 vastgesteld op € 550.000,-. Met dit minimum wordt met name het risico dat een van de vervoerders (taxibedrijven) failliet gaat alsmede de risico’s van digitale dreigingen afgedekt. Daarnaast biedt dit minimum voldoende dekking voor de financiering van eventuele investeringen. Risicomanagement

Het beleid van Omnibuzz is zodanig ingericht dat minimaal één keer per 5 jaar de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ geactualiseerd dient te worden. Medio 2023 is de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ geactualiseerd en op 20 december 2023 vastgesteld door het algemeen bestuur. Hierbij is ook de inventarisatie van de belangrijkste risico’s waarmee Omnibuzz kan worden geconfronteerd geactualiseerd. Op basis van deze risico-inventarisatie en de bijbehorende beheersmaatregelen is een inschatting gemaakt van de financiële impact en de kans dat de risico’s zich voordoen. Dit vormt de basis voor het bepalen van het weerstandvermogen. De belangrijkste geïdentificeerde risico’s zijn: Risico’s Economische kwetsbaarheid taxibedrijven Gebrek aan kennis omtrent nieuw doelgroepenvervoer

Politiek

Strategisch

Proces

Personeel

ICT

Financieel

Kwaliteit

 

Afhankelijkheid leveranciers ICT Digitale dreigingen

Continuiteit risico tgv serverbeheer

Rekening houdende met de beheersmaatregelen die beschikbaar zijn om deze risico’s te mitigeren en de mate waarin de risico’s reeds in de eerdere begroting zijn doorgerekend, wordt de maximale impact geschat op € 760.000,-. Risicomanagement is een belangrijk onderdeel van de planning & control cyclus binnen Omnibuzz. In dit kader wordt regelmatig getoetst of de aanwezige weerstandscapaciteit afdoende is om de risico’s waarmee Omnibuzz geconfronteerd wordt af te dekken. Een overzicht van de kernrisico’s is opgenomen in de bijlagen vanaf pagina 56. De vaststelling is geldend totdat de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ opnieuw zal worden geactualiseerd. Primo 2024 was het saldo van de algemene reserve € 900.000,–. Na akkoord van het algemeen bestuur op 18 december 25

Omnibuzz

De beleidsbegroting

2024 is € 174.051,– onttrokken aan de algemene reserve, ter compensatie van de misgelopen klantopbrengsten als gevolg van het niet toepassen van de LTI. Na onttrekking en uitbetaling hiervan aan de gemeenten, resteert ultimo 2024 een saldo ad € 725.949,–. Het saldo van de algemene reserve ligt hiermee binnen de in december 2023 vastgestelde bandbreedte. Geprognosticeerde balans 2025-1 Activa

31-dec-2024

31-dec-2025

Passiva

31-dec-2024

31-dec-2025

Vaste activa

€

€

Vaste passiva

€

€

Materiële vaste activa: Investeringen met een economisch nut Financiële vaste activa

Totaal vaste activa

Algemene reserve 325.801 -

325.801

264.054 -

Egalisatiereserve

-

-

65.691

59.566

Resultaat voor bestemming Wmo

279.359

-

Resultaat voor bestemming GGZ

15.256

-

Resultaat voor bestemming LLV

336.489

-

1.422.744

785.515

2.324.543

1.569.615

973.622

621.136

264.054 Totaal vaste passiva Vlottende passiva

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar:

Netto-vlottende schulden: 7.178.230

5.868.396

725.949

Bestemmingsreserve

Vlottende activa

Uitzettingen in Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

725.949

Overige schulden Overlopende passiva:

Overige vorderingen

427.275

459.346

Te betalen verplichtingen

Liquide middelen

897.271

652.652

Voorschotbedragen:

263.387

Overige Nederlandse overheidslichamen

Overlopende activa

202.276

4.309.945

4.531.569

Totaal vlottende activa

8.705.052

7.243.782 Totaal vlottende passiva

7.608.110

6.722.320

Totaal generaal

9.030.854

7.507.836 Totaal generaal

9.030.854

7.507.836

De vergelijkende cijfers per 31 december 2024 zijn overgenomen uit de concept jaarrekening 2024. Voor 2025 hebben wij voor de vlottende activa en vlottende passiva de cijfers begroot door een zo accuraat mogelijke inschatting van de balanspost te maken. Waar dit niet mogelijk was, zijn de cijfers begroot door het gemiddelde van de afgelopen drie jaren te nemen (exclusief incidentele posten). Voor de gewijzigde begroting 2025-1 is het positieve resultaat 2024 € 631.104,- als incidenteel gezien en uit het gewogen gemiddelde van de afgelopen drie jaar gehaald. Het positieve resultaat vloeit via het resultaatvoorstel terug naar de gemeenten of wordt toegevoegd aan de algemene reserve of bestemmingsreserves. Het voorstel resultaatbestemming 26

Omnibuzz

De beleidsbegroting

2024 wordt ter goedkeuring voorgelegd aan het algemeen bestuur op 2 juli 2025 en zal in de gewijzigde begroting 2026 worden verwerkt. Het eigen vermogen is begroot door een zo goed mogelijke inschatting te geven van de reserves en voorzieningen op basis van de nu bekende risico’s. Hierbij is rekening gehouden met de nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’ die is vastgesteld door het algemeen bestuur en met de huidige weerstandscapaciteit. Kengetallen

In het kader van artikel 11 van het ‘Besluit begroting en verantwoording’ zijn de volgende kengetallen opgenomen:

› Netto schuldquote. › Solvabiliteitsratio. › Structurele exploitatieruimte. › Grondexploitatie. › Belastingcapaciteit. Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie. Onderstaand volgt een korte toelichting op de voorgeschreven kengetallen:

› De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. › De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin aan de financiële verplichtingen kan worden voldaan. › De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte er is om de eigen lasten te kunnen dragen of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is.

› De grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale baten (niet van toepassing voor Omnibuzz).

› De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde (niet van toepassing voor Omnibuzz).

27

Omnibuzz

De beleidsbegroting

De uitkomsten van deze vijf kengetallen worden voor het begrotingsjaar 2024 (t) weergegeven in de volgende tabel. Begroting jaar

Verloop van de kengetallen

Kengetallen:

2023

2024

2025-1

Netto schuldquote

-9%

2%

0,59%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

-9%

2%

0,59%

Solvabiliteitsratio

40%

14%

10,46%

Structurele exploitatieruimte

7%

-0,04%

0,00%

Grondexploitatie

nvt

nvt

nvt

Belastingcapaciteit

0

nvt

nvt

Om de kengetallen voor 2025-1 te bereken is de geprognosticeerde balans van 2025 als basis gebruikt. Voor 2023 (t-2) zijn de gerealiseerde cijfers uit de vastgestelde jaarrekening gebruikt. Voor 2024 zijn de cijfers uit de concept jaarrekening overgenomen. Omdat in 2024 de resultaatbestemming nog is opgenomen, ontstaat er een vertekend beeld, waardoor het verschil tussen de solvabiliteitsratio’s van 2024 en 2025-1 groter lijkt dan het daadwerkelijk is. De solvabiliteitsratio voor 2025-1 is 10,46%. Dit betekent dat voor 2025-1 10,46% van het totale vermogen uit eigen vermogen bestaat. Hoe hoger dit percentage, hoe beter. De uitkomst van de netto schuldquote is 0,59%. Dit komt omdat Omnibuzz relatief weinig vreemd vermogen heeft. De structurele exploitatieruimte bedraagt voor 2025-1 – 0,02%. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn voor Omnibuzz niet van toepassing. Financiering

Treasury De financiering van Omnibuzz bestaat uit bijdragen van de deelnemende gemeenten. Omnibuzz maakt op dit moment geen gebruik van een kortlopende kasgeldlening. Indien er in de toekomst gebruik wordt gemaakt van een kortlopende kasgeldlening, zullen de hieraan eventueel verbonden kosten in de jaarrekening opgenomen worden als kapitaallasten. Vanuit de in 2018 gevormde bestemmingsreserve ‘ICT’ valt elke jaar het afschrijvingsdeel voor de in het jaar 2018 en 2019 geïnvesteerde activa vrij ter financiering van de afschrijvingslasten. In de gewijzigde begroting 2025-1 bedraagt dit afschrijvingsdeel € 6.125,-. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan tot welk bedrag korte financiering mogelijk is. Onder korte financiering wordt in de Wet FIDO verstaan 28

Omnibuzz

De beleidsbegroting

leningen met een rente typische looptijd korter dan één jaar. De kasgeldlimiet wordt bepaald als een percentage van het begrotingstotaal. Bij ministeriële regeling is dit percentage voor Omnibuzz vastgesteld op 8,2%. Concreet betekent dit dat de netto vlottende schuld per kwartaal de kasgeldlimiet niet mag overschrijden. Omnibuzz zal naar verwachting binnen de kasgeldlimiet blijven. (1) Vlottende schuld

(2) Vlottende middelen

(3) Netto vlottende schuld

Kwartaal 1

€

1.559.173

€

4.691.649 €

-3.132.476

Kwartaal 2

€

1.759.672

€

4.023.568 €

-2.263.897

Kwartaal 3

€

2.147.453

€

4.430.286 €

-2.282.833

Kwartaal 4

€

7.608.110

€

8.705.053 €

-1.096.942

(4) Gemiddelde van kwartalen €

3.268.602 €

5.462.639 €

-2.194.037

(6) Ruimte onder kasgeldlimiet

2.194.037

€

(5) Berekening kasgeldlimiet (7) Omvang begroting per 1 januari 2025

€

(8) in procenten van de grondslag

33.186.965 8,2%

(5) = (7) x (8) Kasgeldlimiet:

€

2.721.331

Ruimte (+) / overschrijding (-) (6) + (5)

€

4.915.368

De (verwachte) netto vlottende schuld per kwartaal voor de kasgeldlimiet 2025 is berekend op basis van de realisatie Q1 t/m Q4 2025. Renterisiconorm De renterisiconorm is direct gerelateerd aan het budgettaire risico en heeft als doel het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat overtollige publieke middelen worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Decentrale overheden zullen op de deposito’s een rente vergoed krijgen die gelijk is aan de rentes die de Nederlandse staat betaalt bij leningen die ze op de markt aangaat. Voor decentrale overheden is het gevolg hiervan dat uitstaande beleggingen bij het vrijvallen niet kunnen worden herbelegd maar naar de rekening courant gaan. Daar kunnen ze hoogstens als deposito worden weggezet tegen de dan geldende rente op Nederlandse staatsobligaties. Er is sprake van een drempelbedrag dat Omnibuzz buiten de schatkist mag aanhouden. Voor Omnibuzz is het drempelbedrag vastgesteld op maximaal € 1.000.000,-. Het feitelijke bedrag is voor Omnibuzz rond de € 900.000,-. Dit saldo wordt daarmee niet als overtollig beschouwd. 29

Omnibuzz

De beleidsbegroting

De Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) De Europese eisen en afspraken over reductie van het begrotingstekort en de staatsschuld vormen de basis van de Wet Hof. De middellange termijndoelstelling is het op termijn verkrijgen van begrotingsevenwicht in stappen van 0,5% bbp per jaar. Omdat ook gemeenten, provincies, waterschappen en Gemeenschappelijke Regelingen bijdragen aan het begrotingstekort van de collectieve sector, bepaalt het wetsvoorstel dat niet alleen het Rijk maar ook de decentrale overheden zich moeten houden aan de doelstellingen uit het aangescherpte Stabiliteits- en Groeipact Het EMU-saldo volgt uit de tabel:

Omschrijving

2024 2025-1 Jaarrekening Begroting x € 1.000 x € 1.000 Vorig verslagjaar

2026 Begroting x € 1.000

Huidig Volgend begrotings- begrotingsjaar jaar

1

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

587

0

0

2

Afschrijvingen ten laste van de exploitatie

50

56

56

3

Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie

0

0

0

4

Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd

42

0

0

5

Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4

0

0

0

6

Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord

0

0

0

7

Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan)

0

0

0

8

Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord

0

0

0

9

Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen

0

0

0

10

Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten

0

0

0

11

Verkoop van effecten

a

Gaat u effecten verkopen? (ja/nee)

Nee

Nee

Nee

b

Zo ja, wat is bij verkoop de verwachte boekwinst op de exploitatie

0

0

0

Berekend EMU-saldo

595

56

56

30

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Het EMU-saldo wordt berekend door op het exploitatiesaldo de afschrijvingen, investeringen en mutaties van reserves te corrigeren. Omdat Omnibuzz kostenneutraal begroot, leiden eventuele investeringen in 2025 in materiële vaste activa tot een mutatie in het EMU-saldo. Tevens drukken de afschrijvingen op de exploitatie, die conform de financiële uitgangspunten niet gedekt worden door de algemene reserve. Per saldo wordt hierdoor voor 2025 een EMU-saldo ad € 56.000,- begroot. Bedrijfsvoering Sturingsprincipes

Sinds de totstandkoming van de Gemeenschappelijke Regeling Omnibuzz heeft Omnibuzz zich ontwikkeld tot een compacte en doelmatige organisatie. De organisatie is hierbij ingericht op basis van een aantal sturingsprincipes die behouden blijven. Daarnaast vraagt de groei en ontwikkeling van de organisatie om een aantal nieuwe sturingsprincipes. De volgende principes worden door Omnibuzz bij de keuzes omtrent inrichting van de werkorganisatie gehanteerd: Kwaliteit en klantgerichtheid Kwaliteit en klantgerichtheid staan voorop bij alle inrichtingsvraagstukken. Dit uit zich naar alle betrokkenen, van klanten tot vervoerders en van gemeenten tot de Provincie Limburg. Professionaliteit Omnibuzz organiseert haar werkorganisatie op een professionele manier. Uitgangspunt hierbij is dat de organisatie-inrichting en -sturing faciliterend moeten zijn voor de medewerkers. Doelmatigheid De werkorganisatie wordt doelmatig ingericht. Dat wil zeggen dat binnen de geldende kwaliteitskaders en taakstelling een zo efficiënt mogelijke organisatie wordt ingericht.

Lerende organisatie Omnibuzz is een organisatie in groei en in ontwikkeling. Dit betekent dat processen, systemen en werkwijzen voortdurend worden geoptimaliseerd. Omnibuzz stimuleert haar medewerkers bij te dragen aan het principe van een lerende organisatie. Good governance De organisatie wordt ingericht op basis van de principes van good governance en met inachtneming van de bepalingen van de Wet ‘Gemeenschappelijke Regelingen’. Belastingdienst In 2017 heeft de Belastingdienst Omnibuzz vrijgesteld van de vennootschapsbelasting op basis van de dienstverleningsovereenkomsten-vrijstelling. In 2018 heeft de Belastingdienst het standpunt ingenomen dat Omnibuzz btw in rekening dient te brengen over de gemeentelijke bijdrage (vervoer 9%, overige kosten 21%). Dit heeft tot gevolg gehad dat de fiscale afhandeling van het ondernemershandelen in het kader van de vervoersbeweging van Omnibuzz per 1 april 2019 is teruggevallen naar de individuele gemeenten. Bestuurlijke structuur

De bestuurlijke structuur wordt gevormd door een algemeen bestuur en een dagelijks bestuur. Het algemeen bestuur bestaat uit 30 leden met 38 stemmen. Het dagelijks bestuur wordt gevormd door een zevental leden:

› 4 leden vanuit Zuid-Limburg. › 3 leden vanuit Noord- en Midden-Limburg.

31

Omnibuzz

De beleidsbegroting

De directeur van Omnibuzz legt verantwoording af aan het dagelijks bestuur (DB) en het algemeen bestuur (AB). In de nadere uitwerking van de verordeningen van DB en AB alsmede de organisatie- en directieverordening is de relatie nader geregeld. Structuur werkorganisatie

Omnibuzz staat onder aansturing van een éénhoofdige directie. De directeur legt verantwoording af aan het bestuur en geeft leiding aan de werkorganisatie. Binnen de werkorganisatie worden twee afdelingen onderscheiden die elk onder aansturing staan van een manager:

› Uitvoering, waaronder ritreservering en tactische regievoering. › Bedrijfsvoering, waaronder ICT, financiële administratie, finance & control en klantenservice. Naast deze afdelingen wordt een aantal staffuncties onderscheiden die onder aansturing van de directeur vallen. De afdelingsmanagers vormen samen met de directeur het managementteam. Het formatieoverzicht is in 2024 geactualiseerd en op 13 november 2024 door het dagelijks bestuur vastgesteld. Deze actualisatie heeft de hiernavolgende verwachte bezettingen tot gevolg. Afdeling uitvoering

De afdeling uitvoering kent de volgende verwachte bezetting: Functie

Fte

Manager uitvoering

1,00

Teamleider ritreservering

4

Medewerkers ritreservering

22,45

Regiemedewerkers

3,56

Consulent klantcontact

0,67

Afdeling uitvoering totaal

31,68

32

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Afdeling bedrijfsvoering

De afdeling bedrijfsvoering zal naar verwachting de volgende bezetting in 2025 kennen: Functie

Fte

Manager bedrijfsvoering

0,9

Teamleider financiële Administratie

1,00

Financieel medewerkers A

2,82

Financieel medewerkers B

0,83

Teamleider klantenservice

1,00

Medewerker klantenservice

7,10

Medewerker applicatiebeheer

0,67

Medewerker ICT

0,90

Medewerker LLV

1,33

Medewerker MijnOmnibuzz/KTO/projecten

1,00

Medewerker finance & control

0,90

Afdeling bedrijfsvoering totaal

18,45

33

Omnibuzz

De beleidsbegroting

Staffuncties

De staffuncties zien er naar verwachting als volgt uit: Functie

Fte

Directeur

1,00

HR beleidsadviseur

1,00

HR consulent

0,78

HR assistent

0,16

Adviseur projecten

4,80

Medewerker Officemanagement/Directiesecretaresse

0,72

Management assistent

0,67

Communicatieadviseur

0,50

Coördinator klachtenafhandeling

1,00

Medewerker klachtenafhandeling

0,89

Preventiemedewerker

0,10

Medewerker databeheer en -analyse

0,67

Afdeling staf totaal

12,29

De totale structurele bezetting van Omnibuzz is 62,72 fte. Hierin is 0,30 fte opgenomen voor invulling van de OR-activiteiten. Dit is een toename van 2,69 fte ten opzichte van hetgeen is begroot in 2024. Het verloop van de bezetting over de jaren is als volgt: Afdeling

2025

2026

2027

2028

2029

Uitvoering

31,68

31,68

31,68

31,68

31,68

Bedrijfsvoering

18,45

18,45

18,45

18,45

18,45

Staf

12,29

12,29

12,29

12,29

12,29

OR

0,30

0,30

0,30

0,30

0,30

Externe expertise

0,00

0,00

0,00

0,00

0,00

Totaal

62,72

62,72

62,72

62,72

62,72

34

4

Financiële begroting

35

Omnibuzz

Financiële begroting

4. Financiële begroting 4.1

Financiële kaders

Ten opzichte van de begroting 2025-0 (goedgekeurd door het algemeen bestuur op 3 juli 2024) doet zich een aantal wijzigingen voor. Enerzijds vloeien deze wijzigingen voort uit het feit dat de financiële uitgangspunten kunnen worden ingevuld met meer recent cijfermateriaal. Anderzijds is er ook een aantal beleidsmatige wijzigingen die hun effect hebben op de begroting 2025-0. De financiële uitgangspunten voor de gewijzigde begroting 2025-1 zijn vastgesteld door het algemeen bestuur op 13 november 2024 en hieronder weergegeven: 1

2

3

4

5 36

Als uitgangspunt worden de gerealiseerde vervoerscijfers per gemeente in de periode één jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft (t-1) genomen. Uitgangspunt is het daadwerkelijk verreden aantal ritten en kilometers per gemeente. Voor de begroting 2025-1 is het uitgangspunt het gerealiseerde vervoersvolume in 2024 op gemeenteniveau. Op de vervoerscijfers zoals genoemd bij 1) wordt een generieke opslag van 5% toegepast om de toekomstige groei in de vervoersvraag binnen de begroting op te vangen. De individuele gemeentes hebben de mogelijkheid naar wens een alternatief opslagpercentage toe te passen om een hogere (of lagere) verwachte stijging van het vervoersvolume op gemeenteniveau (zie 2) op te vangen: dit individueel opslagpercentage kan op maat worden ingerekend. Het vervoerstarief wordt geïndexeerd met de NEAindex voor 2025 (vastgesteld op 1,5%). Voor het vervoerstarief wordt gerekend met het voorcalculatorisch tarief 2025 op basis van de afgegeven tarieven in de vervoerscontracten verhoogd met de NEA-index die geldt voor 2025. Het voorcalculatorisch tarief 2025 wordt bepaald op

basis van het na-calculatorisch tarief voor 2024, voor het gerealiseerde deel van het vervoer 2024. Deze wordt verhoogd met de NEA-index die geldt voor 2025 (1,5%). 6 Voor de salaris- en loonkosten wordt een nieuwe inschatting gemaakt van de diverse kostencomponenten op basis van de meest actuele informatie. In de begroting 2025-1 zal gebruik worden gemaakt van het meest recente formatieplan. Indexatie van de salariscomponent gebeurt op basis van de meest actuele cao-informatie. De recente cao SGO 20242025 loopt tot 31 maart 2025 en er valt te verwachten dat de loonontwikkeling opnieuw een centraal thema in de onderhandelingen wordt. Op basis van de septembercirculaire van het gemeentefonds achten wij een stijging van 3,5% op jaarbasis reëel. Deze zullen wij inrekenen in onze begroting. Indien er echter tijdig nog nieuwe afspraken overeengekomen worden tussen werkgevers en vakbonden, zal voor de begroting 2025-1 aansluiting worden gezocht bij deze gemaakte afspraken. 7 De overheadkosten 2025 zijn gebaseerd op een zo goed mogelijke nieuwe inschatting van de diverse kostencomponenten. Er wordt gewerkt met een indexpercentage gebaseerd op de schatting uit de MEV 2025 middellange termijnplanning van het Centraal Plan Bureau (CPB) zijnde 3,2%.

8 Alle vervoerskosten worden conform uitgangspunt uit de notitie ‘Afrekensystematiek’ op basis van daadwerkelijk gebruik met de deelnemende gemeenten afgerekend. 9 De afrekensystematiek voor de indirecte vervoerskosten (zoals loonkosten ritreservering en klantenservice) gebeurt op basis van het aantal ritten. In de begroting zal het aantal ritten uit 2024 opgenomen worden. Bij de afrekening wordt het gerealiseerde aantal ritten 2025 als basis genomen. 10 De afrekensystematiek voor de overheadkosten conform ‘notitie ‘overhead Commissie’ BBV/IV3)

Omnibuzz

Financiële begroting

(bijvoorbeeld loonkosten staf en directie, facilitaire zaken) gebeurt op basis van het aantal inwoners (gebaseerd op CBS-gegevens peildatum 1-1-2025). 11 In de begroting wordt ervan uitgegaan dat de algemene reserve minimaal € 550.000,- bedraagt, conform de vastgestelde ‘Nota Reserves, Voorzieningen en Risicomanagement 2023’. 12 In de overheadkosten is een post onvoorzien opgenomen conform voorschrift BBV. Deze post wordt gesteld op € 50.000,-. 13 Alle bedragen zijn weergegeven exclusief btw.

gemeenten te verdelen: het aantal kilometers voor de directe vervoerskosten; het aantal ritten voor de indirecte vervoerkosten en het aantal inwoners voor de overheadkosten. 19 Als uitgangspunt worden de gerealiseerde vervoerscijfers per gemeente in de periode één jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft (t-1) genomen. Uitgangspunt is het daadwerkelijk verreden aantal ritten en kilometers per gemeente. Voor de begroting 2025-1 is het uitgangspunt het gerealiseerde vervoersvolume in 2024 op gemeenteniveau.

Additionele uitgangspunten GGZ-vervoer (alleen voor gemeenten waarvoor dit van toepassing is):

Additionele uitgangspunten leerlingenvervoer (LLV) (alleen voor gemeenten waarvoor dit van toepassing is):

14 Investeringen worden doorbelast middels de verdeel-

20 Verdeelsleutel interne doorbelasting WMO - LLV: over-

15

16

17

18

sleutel Wmo – GGZ, op basis van het aantal geïndiceerde reizigers op 1 januari van het begrotingsjaar. Vervoerkosten worden bepaald middels gewogen gemiddelde tarief vervoerders: 1 gemeentelijk tarief per contractsoort. Alle perceeltarieven tezamen leiden tot een gewogen gemiddeld tarief (prijs) voor de gemeenten, waarbij per gemeente op basis van realisatie en toeslagen (hoeveelheid) wordt afgerekend. Verdeelsleutel interne doorbelasting Wmo – GGZ: overheadkosten worden verdeeld op basis van het aantal geïndiceerde reizigers op 1 januari van het begrotingsjaar. Verdeelsleutel interne doorbelasting LLV - GGZ: indirecte vervoerskosten worden, alleen voor noodzakelijke gezamenlijke kosten GGZ en LLV (Bijvoorbeeld Smartwheels en klantenservice jeugdwetvervoer) op basis van het aantal ritten verdeeld. Binnen het GGZ-vervoer worden de volgende variabelen gebruikt om de kosten tussen de deelnemende

head op basis van het aantal geïndiceerde reizigers op 1 januari van het begrotingsjaar. 21 Verdeelsleutel gemeenten binnen LLV-vervoer: kilometers voor directe vervoerskosten, inwoners voor overheadkosten en aantal ritten voor indirecte vervoerkosten. 22 Vervoerkosten middels gewogen gemiddelde tarief vervoerders: 1 gemeentelijk tarief. Alle perceeltarieven tezamen leiden tot een gewogen gemiddeld tarief voor de gemeenten (dit geldt ook voor de toeslagen). Op basis van realisatie en toeslagen worden deze per gemeente afgerekend. 23 Als uitgangspunt worden de gerealiseerde vervoerscijfers per gemeente in de periode één jaar voorafgaand aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft (t-1) genomen. Uitgangspunt is het daadwerkelijk verreden aantal ritten en kilometers per gemeente. Voor de begroting 2025-1 is het uitgangspunt het gerealiseerde vervoersvolume in 2024 op gemeenteniveau.

37

Omnibuzz

Financiële begroting

Beleidsindicatoren Indicator

2025-1

Eenheid

Bron

0,056

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Bezetting

0,056

fte per 1.000 inwoners

Eigen gegevens

Apparaatskosten

€ 2,95

kosten per inwoner

Eigen begroting

Externe inhuur

0,6%

kosten als % van totale loonsom

Eigen begroting

Overhead

9,87%

% van totale lasten

Eigen begroting

Formatie

Voor een toelichting op de beleidsindicatoren wordt verwezen naar ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 22. Tabel overzicht van baten en lasten per taakveld Programma Wmo-vervoer

Baten

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

€

- €

Lasten

4.665.223 €

Saldo 4.665.223

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)

€

- €

24.561.752 €

24.561.752

6.72c Jeugdhulp dagbesteding (GGZ)

€

- €

623.030 €

623.030

Algemene dekkingsmiddelen 0.5 Treasury

€

125.000 €

18.576 €

-106.424

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken

€

4.665.223 €

- €

-4.665.223

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)

€

-24.499.203 €

- €

-24.499.203

6.72c Jeugdhulp dagbesteding (GGZ)

€

623.030 €

- €

-623.030

0.4 Overhead Wmo

€

3.207.932 €

3.207.932 €

-

0.4 Overhead GGZ

€

8.137 €

8.137 €

-

0.4 Overhead LLV

€

58.441 €

58.441 €

-

€

- €

50.000 €

50.000

€

-6.125

Overhead

Onvoorzien 0.8 Overige baten en lasten

Bestemmingsreserve ICT 0.10 mutaties reserve

Structureel saldo van baten en lasten

€

33.186.965 €

33.186.965 €

-

Toevoegingen aan de reserves

€

- €

- €

-

Onttrekkingen aan de reserves

€

- €

- €

-

Algemene reserve

€

- €

- €

-

Incidenteel saldo van baten en lasten

€

- €

- €

-

Structureel en reëel evenwicht

€

33.186.965 €

33.186.965 €

-

Voor een toelichting op de baten en lasten per taakveld wordt verwezen naar ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 22. 38

Omnibuzz

4.2

Financiële begroting

Toelichting op de baten en lasten Wmo

Vervoerskosten en baten

Het vervoersvolume 2025-1 is gebaseerd op de gerealiseerde kilometers, de toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er in de periode 1 januari tot en met 31 december 2024, vermeerderd met een opslag van 5%, behalve voor de gemeenten Landgraaf (0%) en Maastricht (2%). Tabel Vervoersvolume 2025-1

Beek

82.164

Totaal aantal kiloToeslagen km Toeslagen km Meereizend OV- Totaal aantal meters 2025-1 (+ hoog (+ opslag) laag (+ opslag) er (+ opslag) ritten 2025-1 opslag) 5% 86.272 3.676 22.200 921 10.459

Beekdaelen

241.688

5%

253.772

2.254

53.282

1.610

32.255

Beesel

69.613

5%

73.094

2.728

19.703

455

8.146

Bergen

65.269

5%

68.533

833

12.550

229

5.907

Brunssum

254.533

5%

267.260

2.340

76.856

1.755

38.601

Echt-Susteren

233.545

5%

245.222

9.616

64.808

1.473

29.712

Eijsden-Margraten

213.796

5%

224.486

3.639

60.588

938

28.484

Gennep

85.162

5%

89.420

4.143

23.070

748

13.520

Gulpen-Wittem

126.277

5%

132.591

7.369

35.315

1.031

14.947

Heerlen

703.107

5%

738.263

18.351

169.621

5.327

122.150

Horst aan de Maas

178.571

5%

187.500

4.340

46.062

869

20.859

Kerkrade

468.549

5%

491.977

23.063

127.659

4.163

84.914

Landgraaf

360.401

0%

360.401

20.207

114.942

2.780

56.881

Leudal

174.483

5%

183.207

3.087

50.209

733

19.203

Maasgouw

153.149

5%

160.807

5.040

36.448

1.087

17.617

Maastricht

864.616

2%

881.909

44.626

290.537

7.489

174.577

Meerssen

170.095

5%

178.600

10.286

42.461

1.246

24.050

Nederweert

50.013

5%

52.514

289

10.783

222

7.004

Peel en Maas

170.071

5%

178.574

7.320

48.383

856

17.630

Roerdalen

89.409

5%

93.879

2.599

22.077

714

10.691

Roermond

202.972

5%

213.121

1.268

49.081

1.906

42.351

Simpelveld

52.635

5%

55.267

765

13.745

505

7.065

Sittard-Geleen

729.425

5%

765.896

38.987

192.453

6.150

116.071

Stein

103.289

5%

108.453

4.365

32.251

1.550

13.614

Vaals

79.591

5%

83.571

1.068

30.735

576

9.106

Valkenburg aan de Geul

178.369

5%

187.288

10.704

60.001

918

23.854

Venlo

330.148

5%

346.656

19.545

79.306

2.848

66.350

Venray

147.806

5%

155.196

3.837

44.455

1.279

24.505

Voerendaal

66.713

5%

70.049

1.184

17.943

668

8.766

Weert

122.681

5%

128.816

5.164

38.772

900

26.426

Totaal

6.768.144

7.062.592

262.695

1.886.296

51.942

1.075.715

Gemeente

Kilometers 2024

Opslag

39

Omnibuzz

Financiële begroting

In de tabel ‘Vervoersvolume 2025-1’ zijn de aantallen vervoersvolumes, opslagpercentages, toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er, waarmee in deze begroting wordt gerekend, weergegeven. Deze tabel vormt dan ook de basis voor de tabellen die op de volgende pagina’s staan. De basis voor de vervoerskosten bestaat uit het opstarttarief en het kilometertarief. Het voorcalculatorisch opstarttarief is vastgesteld op € 5,58 (afgerond) en het voorcalculatorisch kilometertarief is € 1,92 (afgerond). De financiële kaders worden in 4.1 ‘Financiële kaders’ op pagina 36 toegelicht. De tarieven worden vermenigvuldigd met het vervoersvolume uit ‘Tabel Vervoersvolume 2025-1’ op pagina 39. De eigen bijdrage voor klanten per 1 januari 2025 zijn per regio verdeeld. Onderstaand het overzicht van de tarieven per regio per zone:

› € 0,95: Gemeente Maastricht, gemeente Meerssen, gemeente Vaals en gemeente Valkenburg aan de Geul. › € 1,05: Gemeente Stein. › € 0,94: Overige gemeenten. Omnibuzz ontvangt de eigen bijdrage van de klanten middels facturatie. De ontvangen bijdrage van de klanten zal per kwartaal uitbetaald worden aan de gemeenten. Deze eigen bijdrage wordt sinds april 2019 niet meer via de begroting en jaarrekening van Omnibuzz verantwoord. De eigen bijdrage voor de meereizende OV-er bedraagt € 2,81/zone, exclusief btw. Deze bijdrage is kostenneutraal voor de gemeenten. Aangezien de gemeenten de opbrengsten begroten, worden de kosten niet door de begroting van Omnibuzz gedekt maar door de begroting van de gemeenten. Op de toeslagen is geen eigen bijdrage van toepassing.

40

Omnibuzz

Financiële begroting

Tabel directe vervoerskosten 2025-1 Gemeente

Kilometerkosten Toeslagen hoog 2025-1

Toeslagen laag

Meereizend OV-er

Totaal excl. flexibel tarief

Flexibel tarief

Totaal incl. flexibel tarief

Beek €

224.004 €

1.765 €

4.218 €

2.588 €

232.575 €

3.180 €

235.755

Beekdaelen €

667.225 €

1.082 €

10.124 €

4.523 €

682.954 €

9.339 €

692.292

Beesel €

185.794 €

1.309 €

3.744 €

1.278 €

192.125 €

2.627 €

194.752

Bergen €

164.545 €

400 €

2.385 €

643 €

167.973 €

2.297 €

170.270

Brunssum €

728.533 €

1.123 €

14.603 €

4.930 €

749.189 €

10.245 €

759.434

Echt-Susteren €

636.619 €

4.616 €

12.314 €

4.140 €

657.688 €

8.993 €

666.681

Eijsden-Margraten €

589.956 €

1.747 €

11.512 €

2.635 €

605.850 €

8.285 €

614.134

Gennep €

247.126 €

1.989 €

4.383 €

2.101 €

255.599 €

3.495 €

259.094

Gulpen-Wittem €

337.978 €

3.537 €

6.710 €

2.897 €

351.122 €

4.801 €

355.923 2.184.533

Heerlen €

2.099.059 €

8.809 €

32.228 €

14.968 €

2.155.064 €

29.469 €

Horst aan de Maas €

476.395 €

2.083 €

8.752 €

2.443 €

489.673 €

6.696 €

496.369

Kerkrade €

1.418.413 €

11.070 €

24.255 €

11.699 €

1.465.438 €

20.039 €

1.485.476

Landgraaf €

1.009.365 €

9.699 €

21.839 €

7.813 €

1.048.717 €

14.340 €

1.063.057

Leudal €

458.914 €

1.482 €

9.540 €

2.059 €

471.995 €

6.454 €

478.449

Maasgouw €

407.051 €

2.419 €

6.925 €

3.054 €

419.449 €

5.736 €

425.185

Maastricht €

2.667.405 €

21.420 €

55.202 €

21.043 €

2.765.070 €

37.810 €

2.802.880

Meerssen €

477.112 €

4.937 €

8.068 €

3.502 €

493.620 €

6.750 €

500.370

Nederweert €

139.907 €

139 €

2.049 €

623 €

142.716 €

1.952 €

144.668

Peel en Maas €

441.235 €

3.514 €

9.193 €

2.405 €

456.346 €

6.240 €

462.586

Roerdalen €

239.905 €

1.248 €

4.195 €

2.006 €

247.353 €

3.382 €

250.736

Roermond €

645.509 €

608 €

9.325 €

5.355 €

660.797 €

9.036 €

669.833

Simpelveld €

145.538 €

367 €

2.612 €

1.419 €

149.936 €

2.050 €

151.986

Sittard-Geleen €

2.118.198 €

18.714 €

36.566 €

17.281 €

2.190.759 €

29.957 €

2.220.716

Stein €

284.198 €

2.095 €

6.128 €

4.355 €

296.776 €

4.058 €

300.834 222.235

Vaals €

211.266 €

512 €

5.840 €

1.620 €

219.238 €

2.998 €

Valkenburg aan de Geul €

492.697 €

5.138 €

11.400 €

2.579 €

511.814 €

6.999 €

518.813

Venlo €

1.035.809 €

9.382 €

15.068 €

8.002 €

1.068.261 €

14.608 €

1.082.869

Totaal

Venray €

434.714 €

1.842 €

8.447 €

3.594 €

448.596 €

6.134 €

454.731

Voerendaal €

183.410 €

568 €

3.409 €

1.877 €

189.264 €

2.588 €

191.852

Weert €

394.785 €

2.479 €

7.367 €

2.529 €

407.159 €

5.568 €

412.727

€

19.562.666 €

126.093 €

358.396 €

145.958 €

20.193.114 €

276.126 €

20.469.240

In de tabel ‘Vervoersvolume 2024-1’ zijn de aantallen vervoersvolumes, opslagpercentages, toeslagen laag en hoog en de meereizend OV-er, waarmee in deze begroting wordt gerekend, weergegeven. Deze vormt dan ook de basis voor de tabellen die op de volgende pagina’s staan. 41

Omnibuzz

Financiële begroting

Indirecte vervoerskosten

De indirecte vervoerskosten zijn alle kosten die verband houden met de uitvoering van het vervoer door Omnibuzz. De indirecte vervoerskosten bestaan bijvoorbeeld uit de loonkosten van de medewerkers van de ritreservering en van de klantenservice. Deze kosten worden tussen de gemeenten verdeeld op basis van het begrote aantal ritten. Tabel indirecte vervoerskosten 2025-1 Gemeente

Aantal ritten

Verhouding ritten

Totaal

Beek

10.459

0,97% €

36.229

Beekdaelen

32.255

3,00% €

111.727

Beesel

8.146

0,76% €

28.216

Bergen

5.907

0,55% €

20.462

Brunssum

38.601

3,59% €

133.709

Echt-Susteren

29.712

2,76% €

102.918

Eijsden-Margraten

28.484

2,65% €

98.666

Gennep

13.520

1,26% €

46.831

Gulpen-Wittem

14.947

1,39% €

51.773

Heerlen

122.150

11,36% €

423.110

Horst aan de Maas

20.859

1,94% €

72.254

Kerkrade

84.914

7,89% €

294.129

Landgraaf

56.881

5,29% €

197.028

Leudal

19.203

1,79% €

66.518

Maasgouw

17.617

1,64% €

61.023

Maastricht

174.577

16,23% €

604.711

Meerssen

24.050

2,24% €

83.307

Nederweert

7.004

0,65% €

24.259

Peel en Maas

17.630

1,64% €

61.066

Roerdalen

10.691

0,99% €

37.032

Roermond

42.351

3,94% €

146.697

Simpelveld

7.065

0,66% €

24.474

Sittard-Geleen

116.071

10,79% €

402.055

Stein

13.614

1,27% €

47.158

Vaals

9.106

0,85% €

31.541

Valkenburg aan de Geul

23.854

2,22% €

82.627

Venlo

66.350

6,17% €

229.826

Venray

24.505

2,28% €

84.882

Voerendaal

8.766

0,81% €

30.366

Weert

26.426

2,46% €

91.537

Totaal

1.075.715

100,00% €

3.726.127

42

Omnibuzz

Financiële begroting

Overheadkosten

De totale overheadkosten, conform de definities van de ‘Notitie Overhead Commissie BBV/IV3 systematiek’, worden, naar rato van het aantal inwoners per gemeente, gedragen door de gemeenten. Het aantal inwoners wordt bepaald op basis van de cijfers van het CBS. Overheadkosten bestaan onder andere uit de loonkosten directie, management en staf, automatisering en facilitaire kosten. Tabel overheadkosten 2025-1 Gemeente

Aantal inwoners

Verhouding inwoners

Totaal

Beek

16.245

1,44% €

46.944

Beekdaelen

35.817

3,18% €

103.503

Beesel

13.525

1,20% €

39.084

Bergen

13.063

1,16% €

37.749

Brunssum

27.531

2,44% €

79.558

Echt-Susteren

32.273

2,86% €

93.261

Eijsden-Margraten

26.180

2,32% €

75.654

Gennep

17.783

1,58% €

51.389

Gulpen-Wittem

14.016

1,24% €

40.503

Heerlen

87.514

7,76% €

252.895

Horst aan de Maas

44.276

3,93% €

127.947

Kerkrade

45.485

4,03% €

131.441

Landgraaf

36.850

3,27% €

106.488

Leudal

36.108

3,20% €

104.344

Maasgouw

24.501

2,17% €

70.802

Maastricht

125.666

11,15% €

363.145

Meerssen

18.459

1,64% €

53.342

Nederweert

17.516

1,55% €

50.617

Peel en Maas

45.899

4,07% €

132.637

Roerdalen

20.830

1,85% €

60.194

Roermond

61.227

5,43% €

176.932

Simpelveld

10.272

0,91% €

29.684

Sittard-Geleen

92.487

8,20% €

267.266

Stein

24.652

2,19% €

71.239

Vaals

10.015

0,89% €

28.941

Valkenburg aan de Geul

16.460

1,46% €

47.566

Venlo

103.982

9,22% €

300.484

Venray

44.810

3,97% €

129.490

Voerendaal

12.583

1,12% €

36.362

Weert

51.378

4,56% €

148.470

Totaal

1.127.403

100,00% €

3.257.932

43

Omnibuzz

Financiële begroting

In de begrotingswijziging 2025-1 zijn de geactualiseerde inzichten met betrekking tot benodigde mensen en middelen verwerkt in de bedrijfsvoeringkosten. In paragraaf 4.3 ‘Analyse tweede begrotingswijziging 2025-1 ten opzichte van de eerste begrotingswijziging 2025-0 (Wmo)’ op pagina 47 zal een toelichting gegeven worden op de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de begroting 2025. Tabel Eindresultaat Gemeente

2025-1

Beek

€

318.928

Beekdaelen

€

907.522

Beesel

€

262.053

Bergen

€

228.481

Brunssum

€

972.701

Echt-Susteren

€

862.860

Eijsden-Margraten

€

788.454

Gennep

€

357.313

Gulpen-Wittem

€

448.200

Heerlen

€

2.860.537

Horst aan de Maas

€

696.570

Kerkrade

€

1.911.046

Landgraaf

€

1.366.573

Leudal

€

649.311

Maasgouw

€

557.009

Maastricht

€

3.770.737

Meerssen

€

637.019

Nederweert

€

219.544

Peel en Maas

€

656.290

Roerdalen

€

347.962

Roermond

€

993.462

Simpelveld

€

206.143

Sittard-Geleen

€

2.890.037

Stein

€

419.231

Vaals

€

282.717

Valkenburg aan de Geul

€

649.005

Venlo

€

1.613.178

Venray

€

669.103

Voerendaal

€

258.580

Weert

€

652.735

Totaal

€

27.453.299

De tabel geeft het resultaat weer van de totale kosten en baten voor de gewijzigde begroting 2025-1 omtrent het Wmo- gedeelte. Het geeft per gemeente inzicht in de bijdrage die van de betreffende gemeente voor het begrotingsjaar 2025-1 gevraagd wordt. 44

Omnibuzz

Financiële begroting

Eindresultaat IV3 Tabel IV3 - 2025-1 Programma Wmo-vervoer overige kosten (Overhead, Onvoorzien)

Gemeente

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)

Eindresultaat begroting 2025-1

Beek

€

271.984 €

46.944 €

318.928

Beekdaelen

€

804.019 €

103.503 €

907.522

Beesel

€

222.969 €

39.084 €

262.053

Bergen

€

190.732 €

37.749 €

228.481

Brunssum

€

893.143 €

79.558 €

972.701

Echt-Susteren

€

769.599 €

93.261 €

862.860

Eijsden-Margraten

€

712.800 €

75.654 €

788.454

Gennep

€

305.925 €

51.389 €

357.313

Gulpen-Wittem

€

407.697 €

40.503 €

448.200

Heerlen

€

2.607.642 €

252.895 €

2.860.537

Horst aan de Maas

€

568.622 €

127.947 €

696.570

Kerkrade

€

1.779.605 €

131.441 €

1.911.046

Landgraaf

€

1.260.085 €

106.488 €

1.366.573

Leudal

€

544.967 €

104.344 €

649.311

Maasgouw

€

486.207 €

70.802 €

557.009

Maastricht

€

3.407.591 €

363.145 €

3.770.737

Meerssen

€

583.676 €

53.342 €

637.019

Nederweert

€

168.927 €

50.617 €

219.544

Peel en Maas

€

523.652 €

132.637 €

656.290

Roerdalen

€

287.768 €

60.194 €

347.962

Roermond

€

816.530 €

176.932 €

993.462

Simpelveld

€

176.460 €

29.684 €

206.143

Sittard-Geleen

€

2.622.771 €

267.266 €

2.890.037

Stein

€

347.992 €

71.239 €

419.231

Vaals

€

253.776 €

28.941 €

282.717

Valkenburg aan de Geul

€

601.440 €

47.566 €

649.005

Venlo

€

1.312.694 €

300.484 €

1.613.178

Venray

€

539.612 €

129.490 €

669.103

Voerendaal

€

222.218 €

36.362 €

258.580

Weert

€

504.264 €

148.470 €

652.735

Totaal

€

24.195.367 €

3.257.932 €

27.453.299

Bovenstaande tabel geeft het resultaat weer van de totale Wmo-kosten en opbrengsten voor de gewijzigde begroting 2025-1. Het resulterende saldo per gemeente geeft inzicht in de bijdrage die van de betreffende gemeente voor het begrotingsjaar 2025-1 gevraagd wordt, uitgesplitst naar het programma Wmo-vervoer en het programma Wmo-vervoer overige kosten (overhead, onvoorzien) conform paragraaf ‘Wat zijn de daarmee gepaard gaande programmakosten?’ op pagina 22. 45

Omnibuzz

Financiële begroting

Vergelijking eindresultaat IV3 Tabel vergelijking IV3 Eindresultaat begroting Eindresultaat begroting Verschil 2025-1 2025-0

Beek

€

318.928 €

329.594 €

-10.667 €

-13.915 €

3.248

Beekdaelen

€

907.522 €

949.584 €

-42.062 €

-48.832 €

6.770

Beesel

€

262.053 €

237.071 €

24.982 €

21.992 €

2.990

Bergen

€

228.481 €

209.118 €

19.363 €

17.061 €

2.302

Brunssum

€

972.701 €

1.022.160 €

-49.460 €

-54.183 €

4.724

Echt-Susteren

€

862.860 €

841.103 €

21.757 €

14.840 €

6.918

Eijsden-Margraten

€

788.454 €

783.444 €

5.010 €

-488 €

5.498

Gennep

€

357.313 €

379.132 €

-21.818 €

-25.269 €

3.451

Gulpen-Wittem

€

448.200 €

440.789 €

7.411 €

4.781 €

2.630

Heerlen

€

2.860.537 €

2.839.395 €

21.143 €

3.937 €

17.206

Horst aan de Maas

€

696.570 €

721.863 €

-25.294 €

-34.894 €

9.600

Kerkrade

€

1.911.046 €

1.964.839 €

-53.793 €

-63.130 €

9.337

Landgraaf

€

1.366.573 €

1.467.267 €

-100.694 €

-107.173 €

6.479

Leudal

€

649.311 €

648.369 €

942 €

-6.373 €

7.315

Maasgouw

€

557.009 €

611.626 €

-54.617 €

-59.650 €

5.033

Maastricht

€

3.770.737 €

4.105.112 €

-334.375 €

-359.904 €

25.528

Meerssen

€

637.019 €

669.231 €

-32.212 €

-35.496 €

3.284

Nederweert

€

219.544 €

245.672 €

-26.127 €

-29.607 €

3.480

Peel en Maas

€

656.290 €

651.591 €

4.698 €

-5.234 €

9.933

Roerdalen

€

347.962 €

329.739 €

18.223 €

14.097 €

4.126

Roermond

€

993.462 €

987.478 €

5.984 €

-7.258 €

13.242

Simpelveld

€

206.143 €

202.999 €

3.144 €

1.096 €

2.049

Sittard-Geleen

€

2.890.037 €

2.978.093 €

-88.057 €

-105.650 €

17.593

Stein

€

419.231 €

422.311 €

-3.080 €

-7.639 €

4.559

Vaals

€

282.717 €

318.521 €

-35.804 €

-37.471 €

1.667

Valkenburg aan de Geul

€

649.005 €

698.144 €

-49.138 €

-52.426 €

3.287

Venlo

€

1.613.178 €

1.666.998 €

-53.820 €

-74.614 €

20.794

Venray

€

669.103 €

692.078 €

-22.975 €

-32.111 €

9.136

Voerendaal

€

258.580 €

250.299 €

8.281 €

5.268 €

3.014

Weert

€

652.735 €

643.999 €

8.736 €

-2.087 €

10.823

Totaal

€

27.453.299 €

28.307.618 €

-854.320 €

-1.080.333 €

226.014

46

6.6 Maatwerkvoorzieningen (Wmo)

Programma Wmo vervoer overige kosten (Overhead, Onvoorzien)

Gemeente

Omnibuzz

4.3

Financiële begroting

Analyse tweede begrotingswijziging 2025-1 ten opzichte van de eerste begrotingswijziging 2025-0 (Wmo)

Analyse directe vervoerskosten Tabel analyse directe vervoerskosten 2025-1

2025-0

Gemeente

Totaal

Totaal

Beek

€

235.755 €

250.932

€

-15.177 €

-16.373 €

5.807 €

-4.611

Beekdaelen

€

692.292 €

747.351

€

-55.058 €

-58.377 €

17.052 €

-13.733

Beesel

€

194.752 €

178.030

€

16.722 €

15.196 €

4.797 €

-3.271

Bergen

€

170.270 €

157.710

€

12.560 €

11.265 €

4.194 €

-2.898

Brunssum

€

759.434 €

821.901

€

-62.467 €

-66.070 €

18.705 €

-15.103

Echt-Susteren

€

666.681 €

665.572

€

1.109 €

-3.081 €

16.421 €

-12.230

Eijsden-Margraten

€

614.134 €

622.635

€

-8.501 €

-12.186 €

15.126 €

-11.441

Gennep

€

259.094 €

286.516

€

-27.422 €

-28.539 €

6.382 €

-5.265

Gulpen-Wittem

€

355.923 €

356.480

€

-557 €

-2.773 €

8.767 €

-6.550

Heerlen

€

2.184.533 €

2.223.316

€

-38.783 €

-51.735 €

53.806 €

-40.854

Horst aan de Maas

€

496.369 €

535.778

€

-39.410 €

-41.790 €

12.226 €

-9.845

Kerkrade

€

1.485.476 €

1.571.662

€

-86.185 €

-93.894 €

36.588 €

-28.880

Landgraaf

€

1.063.057 €

1.170.682

€

-107.625 €

-59.930 €

-26.184 €

-21.512

Leudal

€

478.449 €

493.011

€

-14.563 €

-17.288 €

11.784 €

-9.059

Maasgouw

€

425.185 €

486.063

€

-60.879 €

-62.420 €

10.473 €

-8.932

Maastricht

€

2.802.880 €

3.161.883

€

-359.002 €

-287.095 €

-13.807 €

-58.100

Meerssen

€

500.370 €

540.296

€

-39.926 €

-42.322 €

12.324 €

-9.928

Nederweert

€

144.668 €

174.214

€

-29.546 €

-29.908 €

3.563 €

-3.201

Peel en Maas

€

462.586 €

473.422

€

-10.836 €

-13.531 €

11.394 €

-8.699

Roerdalen

€

250.736 €

241.593

€

9.142 €

7.406 €

6.176 €

-4.439

Roermond

€

669.833 €

693.565

€

-23.732 €

-27.486 €

16.498 €

-12.744

Simpelveld

€

151.986 €

153.277

€

-1.291 €

-2.218 €

3.743 €

-2.817

Sittard-Geleen

€

2.220.716 €

2.351.631

€

-130.915 €

-142.401 €

54.697 €

-43.212

Stein

€

300.834 €

310.329

€

-9.495 €

-11.202 €

7.410 €

-5.702

Vaals Valkenburg aan de Geul Venlo

€

222.235 €

259.251

€

-37.015 €

-37.725 €

5.474 €

-4.764

Verschil

Begroting baseren op realisatie 2024 i.c.m. addendum aanpassingen

Aangepast opslag-%

Prijseffect NEA-index (1,5% i.p.v. 3,4%)

€

518.813 €

573.654

€

-54.841 €

-57.079 €

12.779 €

-10.541

€

1.082.869 €

1.166.717

€

-83.849 €

-89.082 €

26.672 €

-21.439

Venray

€

454.731 €

493.748

€

-39.018 €

-41.145 €

11.200 €

-9.073

Voerendaal

€

191.852 €

189.636

€

2.217 €

976 €

4.725 €

-3.485

Weert

€

412.727 €

423.400

€

-10.673 €

-13.058 €

10.166 €

-7.780

Totaal

€

20.469.240 €

21.774.255 €

-1.305.015 €

-1.273.865 €

368.957 €

-400.107 47

Omnibuzz

Financiële begroting

Voor de begroting 2025-1 baseren wij het vervoersvolume op de realisatie van het voorgaande jaar (2024). Door deze systematiek te hanteren, sluit de begroting beter aan op de actualiteit op gemeenteniveau. Het totale vervoersresultaat is gedaald ten opzichte van de originele begroting 2025-0. Deze daling is voor een deel te wijten aan de lagere NEA-index (1,5%) dan gehanteerd in begroting 2025-0 (3,4%). Het grootste deel van de daling ontstaat door de aanpassingen aan de afspraken in het addendum en de daarmee gepaard gaande daling van het uit te betalen flexibel tarief. Tenslotte zorgt de opslag van 5% die wij hanteren voor een stijging van € 368.957,-. Het eindresultaat is een daling van € 1.305.015,- op totaalniveau. Op gemeenteniveau zijn er echter nog verschillen te zien. Voor sommige gemeenten heeft deze begrotingswijziging een stijging tot gevolg omdat de vervoersvraag zich de afgelopen jaren zeer divers heeft ontwikkeld. Totaalanalyse (Wmo)

Op totaalniveau dalen de kosten voor het Wmo-vervoer ten opzichte van de begroting 2025 met € 854.320,- naar € 27.453.299,-. Tegenover de eerdergenoemde daling van het vervoersresultaat ad € 1.305.015,- stijgen de overheadkosten met € 244.518,en de indirecte vervoerskosten met € 206.177,-. De overheadkosten stijgen per saldo met € 244.518,-. Dit is onder andere door de volgende punten te verklaren: De loonstijging voor 2025, die in begroting 2025-1 verwerkt zit, hebben wij volgens de financiële uitgangspunten geschat op 3,5% op jaarbasis. Voor begroting 2025-0 was een stijging van 2% ingerekend. Voor de begroting 2025-0 hebben wij voor onze overheadkosten, met uitzondering van de lonen, een gemiddelde indexatie gehanteerd van 2,8%. Voor begroting 2025-1 is deze gemiddelde indexatie op basis van de prijsstijgingen bij onze leveranciers op zo’n 4,3% uitgekomen. De inrekening van het geactualiseerde formatieplan (+ € 82.500,-). De noodzakelijke ontwikkeling en ondersteuning van een nieuwe website voor Omnibuzz (+ € 10.000,-). Vanuit (provinciale en wettelijke) verplichtingen ontstane kosten, zoals kosten verband houdend met digitaal archiveren, informatiebeveiliging en privacywetgeving (+ € 20.000,-). Door de aanbesteding van de transactiemailing zijn de kosten voor deze dienst fors afgenomen (- € 23.000,-).

Als gevolg van het hybride werken verwachten wij een forse daling van de woon-werkvergoedingen (- € 8.000,-). Hetzelfde geldt voor de kopieer- en printkosten (- € 1.700,-).

1 2

3 4 5 6 7 8

De indirecte vervoerskosten stijgen per saldo met € 206.177,-. Dit is onder andere door de volgende punten te verklaren: 1 48

De loonstijging voor 2025, die in begroting 2025-1 verwerkt zit, hebben wij volgens de financiële uitgangspunten

Omnibuzz

2

3 4 5 6 7 8

4.4

Financiële begroting

geschat op 3,5% op jaarbasis. Voor begroting 2025-0 was een stijging van 2% ingerekend. Voor de begroting 2025-0 hebben wij voor onze indirecte vervoerskosten, met uitzondering van de lonen, een gemiddelde indexatie gehanteerd van 2,8%. Voor begroting 2025-1 is deze gemiddelde indexatie op basis van de prijsstijgingen bij onze leveranciers op zo’n 4,3% uitgekomen. De inrekening van het geactualiseerde formatieplan (+ € 82.500,-). De te verwachten stijging van het ORT en DOT percentage in de nieuwe cao. Omdat Omnibuzz een callcenter heeft dat ook in de avonden en weekenden open is, zorgt dit voor een flinke kostenstijging (+ € 150.000,-). De bijdrage aan de werkzaamheden voor de Regiodeal (+ € 15.000,-). Met deze werkzaamheden wordt dit jaar gestart. In de komende jaren verwachten wij een toename van deze kosten. De start van een publiciteitscampagne om het Voor Elkaar Pas-vervoer te promoten (+ € 10.000,-). Een toename van de verwachte renteopbrengsten (- € 50.000,-). Als gevolg van een verwachte toename van het aantal GGZ-ritten, neemt de interne doorbelasting van Wmo- naar GGZ-vervoer van de indirecte vervoerskosten toe (- € 9.984,-).

Toelichting op de baten en lasten (GGZ-vervoer)

In deze begroting wordt het GGZ-vervoer wederom opgenomen. In 2022 zijn wij hiermee voor de gemeente Roermond gestart. In 2023 is de gemeente Nederweert aangesloten en sinds 2024 voeren wij dit vervoer ook voor de gemeente Weert uit. Dit vervoer behelst momenteel het vervoer van jeugdigen en valt daarom onder taakveld 6.72c ‘Jeugdhulp dagbesteding’. Inmiddels zijn wij bezig met een nieuwe aanbesteding van het GGZ-vervoer voor de gemeenten Echt-Susteren en Maasgouw. Met het vervoer voor deze gemeenten starten wij vanaf 1 augustus 2025. Op basis van de toelichtingen in de financiële uitgangspuntennotitie 2025-1 zullen achtereenvolgens de verdeling van de vervoerskosten en de verdeling van de interne doorbelasting van het Wmo-vervoernaar het GGZ-vervoer aan bod komen. Verdeling vervoerskosten

Het vervoersvolume wordt gebaseerd op de gerealiseerde kilometers die in 2024 voor dit type vervoer gereden zijn, al dan niet aangevuld met de te verwachten ritten op basis van de door de deelnemende gemeenten aangeleverde informatie. De begrote vervoerskosten worden verhoogd met de NEA-index van 1,5%. Deze vervoerskosten worden verdeeld conform systematiek Wmo-vervoer.

49

Omnibuzz

Financiële begroting

Dit levert de volgende verdeling op: Tabel vervoersvolume GGZ Gemeente

Aantal kilometers

Aantal ritten

Echt-Susteren

36.425

842

Maasgouw

3.640

188

Nederweert

6.887

360

Roermond

44.103

2.202

Weert

49.631

1.980

Totaal

140.686

5.572

Tabel verdeling directe vervoerskosten Gemeente

Kilometers 2025

Toeslagen individueel

Toeslagen jeugd

Meereizend OV-er

Vervoersresultaat

Echt-Susteren

€

98.814 €

13.005 €

34.585 €

- €

146.404

Maasgouw

€

10.735 €

- €

3.757 €

- €

14.493

Nederweert

€

20.347 €

- €

7.122 €

- €

27.469

Roermond

€

129.443 €

25.956 €

45.305 €

2.900 €

203.604

Weert

€

141.540 €

15.641 €

49.539 €

436 €

207.156

Totaal

€

400.879 €

54.603 €

140.308 €

3.335 €

599.126

Verdeling indirecte vervoerskosten en overheadkosten

Naast de eerdergenoemde vervoerskosten, zijn er ook nog indirecte vervoerskosten en overheadkosten. De indirecte vervoerskosten bestaan voor het grootste deel uit een interne doorbelasting van kosten voor het Wmo-vervoer naar het GGZ-vervoer én vanuit het leerlingenvervoer naar het GGZ-vervoer. Daarnaast worden er nog reguliere indirecte vervoerskosten begroot. De indirecte vervoerskosten worden hierbij verdeeld op basis van het aantal ritten per gemeente ten opzichte van het totaal aantal ritten. De overheadkosten bestaan uit een interne doorbelasting op basis van het aantal pashouders per gemeente ten opzichte van het totaal aantal pashouders. Deze interne doorbelasting leidt tot een vermindering van de lasten voor het Wmo-vervoer en dus tot een vermindering van de lasten voor de andere gemeenten. Daarnaast worden er nog reguliere overheadkosten begroot in verband met het GGZ-vervoer. Deze overheadkosten worden tussen de GGZ-gemeenten verdeeld op basis van het aantal inwoners. De overheadkosten worden verdeeld op basis van het aantal pashouders per gemeente op 1 januari 2024 ten opzichte van het totaal aantal pashouders. Deze interne doorbelasting leidt tot een vermindering van de lasten voor het Wmo-vervoer en dus tot een vermindering van de lasten voor de andere gemeenten. 50

Omnibuzz

Gemeente

Financiële begroting

Aantal ritten

Indirecte vervoerskosten

Verhouding inwoners

Overheadkosten

Echt-Susteren

15% €

3.612

17% €

1.405

Maasgouw

3% €

807

13% €

1.067

Nederweert

6% €

1.544

9% €

763

Roermond

40% €

9.447

33% €

2.666

Weert

36% €

8.494

27% €

2.237

Totaal

100% €

23.904

100% €

8.137

Bijdrage GGZ-vervoer per gemeente

Bovenstaande kosten leiden tot de volgende totaalbijdragen per gemeente. Tabel totaalbijdrage per gemeente Gemeente

Winstopslag

Bijdrage

Echt-Susteren

€

200 €

151.622

Maasgouw

€

200 €

16.566

Nederweert

€

200 €

29.976

Roermond

€

200 €

215.916

Weert

€

200 €

218.087

Totaal

€

1.000 €

632.166

51

Omnibuzz

4.5

Financiële begroting

Toelichting op de baten en lasten (leerlingenvervoer)

In augustus 2024 zijn wij gestart met de uitvoering van het leerlingenvervoer. Dit doen wij voor de gemeenten EchtSusteren, Maasgouw, Nederweert, Roerdalen, Roermond en Weert. Tevens verzorgen wij voor de gemeente Roermond het gym- en zwemvervoer. Beide typen vervoer vallen onder taakveld 4.3 ‘Onderwijsbeleid en leerlingzaken’. Het vervoersvolume voor de begroting 2025-1 wordt gebaseerd op de realisatie van het voorgaande jaar, geëxtrapoleerd naar een heel jaar. In de jaarrekening 2024 zal een herverdelingseffect volgen waarbij de met de businesscase ontstane verschillen als gevolg van het terugtreden van de gemeente Leudal definitief afgerekend worden. Op basis van de toelichtingen in de financiële uitgangspuntennotitie 2025-1 zullen achtereenvolgens de verdeling van de vervoerskosten, de verdeling van de indirecte vervoerskosten en de verdeling van de overheadkosten aan bod komen. Verdeling directe vervoerskosten leerlingenvervoer

Het totale vervoersvolume is, zoals gezegd, gebaseerd op het gerealiseerde volume van 2024. Dit volume is hieronder weergegeven. Tabel Vervoersvolume leerlingenvervoer Gemeente

Ritten

Verreden kilometers

Opslagen in kilometers

Aantal kilometers boven 50 kilometers

Aantal uren gym- en zwemvervoer

Echt-Susteren

51.185

836.248

18.135

23.989

-

Maasgouw

39.625

508.921

3.160

-

-

Nederweert

24.288

408.810

24.510

20.332

-

Roerdalen

42.765

430.372

10.700

13.645

-

Roermond

52.913

741.654

33.445

45.238

1.112

Weert

37.655

946.829

10.880

20.544

-

Totaal

248.430

3.872.833

100.830

123.748

1.112

Dit leidt tot de volgende vervoerskostentabel. De begrote directe vervoerskosten worden gebaseerd op het gerealiseerde vervoersvolume van 2024 en de afgesproken tarieven en vervolgens verhoogd met de NEA-index van 1,5%.

52

Omnibuzz

Financiële begroting

Tabel Verdeling directe vervoerskosten leerlingenvervoer Gemeente

Ritten/ kilometers

Additionele kosten boven 50 kilometers

Opslagen

Gym- en zwemvervoer

Totaal

Echt-Susteren

€ 926.480

€ 16.140

€ 9.835

€-

€ 952.455

Maasgouw

€ 594.004

€ 2.812

€-

€-

€ 596.817

Nederweert

€ 450.304

€ 21.814

€ 8.336

€-

€ 480.454

Roerdalen

€ 535.274

€ 9.523

€ 5.595

€-

€ 550.392

Roermond

€ 848.440

€ 29.766

€ 18.548

€ 67.591

€ 964.345

Weert

€ 976.729

€ 9.683

€ 8.423

€-

€ 994.835

4.331.232 €

89.739 €

50.737 €

67.591 €

4.539.298

Totaal

€

Verdeling totale kosten leerlingenvervoer

De totale kosten voor het leerlingenvervoer zijn in onderstaande tabel weergegeven. Tabel Totale kosten leerlingenvervoer Directe vervoerskosten gym- en zwemvervoer

Gemeente

Directe vervoerskosten

Echt-Susteren

€

952.455 €

- €

200 €

25.698 €

9.080 €

987.432

Maasgouw

€

596.817 €

- €

200 €

19.894 €

6.893 €

623.804

Nederweert

€

480.454 €

- €

200 €

12.194 €

4.928 €

497.776

Roerdalen

€

550.392 €

- €

200 €

21.470 €

5.860 €

577.922

Roermond

€

896.754 €

67.591 €

200 €

26.565 €

17.225 €

1.008.335

Weert

€

994.835 €

- €

200 €

18.905 €

14.455 €

1.028.395

Totaal

€

4.471.707 €

67.591 €

1.200 €

124.725 €

58.441 €

4.723.664

Winstopslag

Indirecte vervoerkosten

Overheadkosten

Totaal

De indirecte vervoerskosten bestaan voor een groot gedeelte uit een interne doorbelasting van loonkosten vanuit het Wmo-vervoer. In de businesscase was hiervoor 1,0 fte begroot. De realiteit wijst uit dat dit helaas niet afdoende is als gevolg van de chauffeurstekorten bij de vervoerders. Deze verhogen de druk op onze klantenservice. Het aantal fte is momenteel begroot op 1,33. Verder bestaan de indirecte vervoerskosten onder andere uit de kosten voor het gebruik en onderhoud van ritsystemen en een multi-inzetbaar budget van € 25,- per geïndiceerde reiziger. De doorbelasting van indirecte vervoerskosten aan het GGZ-vervoer levert een kleine meevaller op voor het leerlingenvervoer. De begrote overheadkosten bestaan volledige uit een interne doorbelasting vanuit het Wmo-vervoer, hetgeen per saldo een voordeel oplevert voor het Wmo-vervoer. Deze overheadkosten worden tussen de gemeenten verdeeld op basis van het aantal inwoners. 53

Omnibuzz

Financiële begroting

‘Winstopslag’ GGZ-vervoer en leerlingenvervoer

In tegenstelling tot het Wmo-vervoer, waar de gemeenten optreden als een btw-ondernemer met btw-belaste prestaties, treden gemeenten voor het leerlingenvervoer en het GGZ-vervoer niet op als btw-ondernemer. Vanuit deze laatste positie zou Omnibuzz, als zij uitsluitend tegen kostprijs zou werken, btw-vrijgestelde prestaties verrichten voor de gemeenten. Om ervoor te zorgen dat Omnibuzz te allen tijde haar werkzaamheden met btw kan blijven uitvoeren, werken wij met een ‘winstopslag’. Dit betekent dat wij geen btw-schade aan de verhuurder hoeven te betalen en dat wij die schade niet als extra kostenpost aan de deelnemers in rekening brengen. Deze opslag bedraagt € 50,- per kwartaal per gemeente en zal worden toegevoegd aan de algemene reserve.

54

5

Bijlagen

55

Omnibuzz

Bijlagen

5. Bijlagen 5.1

Staat van geactiveerde kapitaaluitgaven 2025-1

Alle bedragen in €

Oorspronkelijk bedrag van de kapitaaluitgaven Vermeerde(aanschafringen in het fingswaarde) dienstjaar aan het begin van het dienstjaar

Verminderingen (anders dan door afschrijvingen of aflossingen) in het dienstjaar

Oorspronkelijk bedrag van de kapitaaluitgaven (aanschaffingswaarde) aan het einde van het dienstjaar

Totaal van de afschrijving/aflos% Of andere sing op de maatstaf kapitaaluitvan afschrijgaven aan ving het begin van het dienstjaar

(Extra) afschrijvingen van het kapitaaluitgaven in het dienstjaar

(Extra) aflossingen op kapitaalverstrekking in het dienstjaar

Boekwaarde aan het begin van het dienstjaar

Boekwaarde aan het einde van het dienstjaar

Programma Wmo-vervoer Inventaris

92.572

-

-

92.572

10,00%

24.236

-

92.572

68.336

Hardware

43.464

-

-

43.464

33,33%

17.898

-

43.464

25.566

84.836

-

-

84.836

4,00%

8.266

-

84.836

76.570

75.462

-

-

75.462

6,67%

4.398

-

75.462

71.064

29.467

-

-

29.467

10,00%

6.949

-

29.467

22.519

325.801

-

-

325.801

61.747

-

325.801

264.054

Inrichting en verbouwing Technische installaties Software

Totaal

5.2

-

Staat van reserves 2025-1

Naam reserve, alle bedragen in €

Saldo aan het begin van het dienstjaar

Vermeerderingen wegens bijboeking van de rente

Overige vermeerderingen

Verminderingen van de reserve

Saldo einde van het dienstjaar

Bestemming van het resultaat tussentijds via begrotingswijziging

725.949

-

-

725.949

Bestemming Reserves na van het bestemming resultaat ultimo 2024 2024

Reserves Algemene reserve

725.949

-

-

Bestemmingsreserve Data-analyse

41.192

-

-

41.192

-

-

41.192

Bestemmingsreserve ICT

24.499

-

-

6.125

18.374

-

-

18.374

791.640

-

-

6.125

785.515

-

-

785.515

Totaal Reserves

56

-

Omnibuzz

5.3

Bijlagen

Opbouw algemene reserve

Op 20 december 2023 heeft het algemeen bestuur ingestemd met de geactualiseerde nota ‘Reserves, voorzieningen en risicomanagement’. De ingeschatte risico’s van de GR Omnibuzz zijn als volgt bepaald: 1 Economische kwetsbaarheid taxibedrijven

Het risico dat een van de vervoersbedrijven niet meer aan de vervoersvraag kan voldoen of zelfs failliet gaat waardoor de continuïteit van het vervoer in het gedrang komt. Dit kan ook leiden tot een inkooprisico omdat het vervoer opnieuw moet worden ingekocht. Risico

Kans 650.000

Benodigde weerstandcapaciteit 50%

325.000

2 Gebrek aan kennis omtrent nieuw doelgroepenvervoer

Het risico dat binnen Omnibuzz te weinig kennis aanwezig is omtrent de nieuwe activiteiten, zoals het leerlingenvervoer en de hiermee verbonden processen en de kans dat nieuwe medewerkers onvoldoende op de hoogte zijn van reeds bestaande processen en activiteiten. Dit kan leiden tot fouten, verkeerde inschattingen en financiële schade. Risico

Kans 200.000

Benodigde weerstandcapaciteit 30%

60.000

3 Afhankelijkheid leveranciers ICT

Binnen onze branche wordt er veel gebruikgemaakt van complexe, op maat gemaakte software, die niet alleen door Omnibuzz gebruikt wordt, maar ook door verscheidene vervoersbedrijven die als leverancier van Omnibuzz optreden. Als een van deze softwareleveranciers failliet gaat, kan dit grote gevolgen hebben, zowel voor onze vervoersbedrijven als voor Omnibuzz. Risico

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15489832/1