CConstaterende datBergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Memo Aijenseweg 7 gemeente Bergen DEF PDF ANONIEM

Gemeenteraad 7 oktober 2025, gemeente BergenBij agendapunt: Voorstel tot vaststellen bestemmingsplan Aijenseweg 7 Bergen;4.438 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo Reactie zienswijze en aanvullende motivatie bestemmingsplan Aijensweg 7 te Aijen (Bergen) Aan

Noud Willers

Van

Ellen Arts

Datum

28 maart 2024

Over

Zienswijze provincie inzake bestemmingsplan Aijenseweg 7 .

Aanleiding Aanleiding van dit stuk is de zienswijze van de provincie van 28 februari 2024 over het ontwerp bestemmingsplan Aijensweg 7 in de gemeente Bergen. Het plan Aijenseweg 7 herziet de agrarische bestemming van het perceel naar een woonbestemming en zorgt dat het gekoppelde agrarisch bouwvlak vervalt. Verder zorgt dit plan voor het omzetten van de agrarische bedrijfswoning naar een reguliere woning, de omzetting van 3 vakantieappartementen naar 3 starterswoningen en de realisatie van 1 levensloopbestendige en 1 vrijstaande woning binnen de bestaande bebouwing. Zie afbeelding hieronder.

Als we afgaan op de inhoud van de zienswijze dan lijkt alleen de omzetting van de agrarische bedrijfswoning naar een reguliere woning te passen binnen het provinciale beleid. Voor de overige woningen geeft u aan dat die niet passend zijn binnen het provinciaal beleid. Tenslotte wordt er ten aanzien van het aspect ecologie nog meegegeven dat het aan de gemeenteraad is om in redelijkheid een afweging te maken of de soortbescherming op voorhand de uitvoerbaarheid van het plan in de weg staat. Als op voorhand in redelijkhei d

Pagina 1 van 12

moet worden vastgesteld dat er geen omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit kan worden verleend, dan kan het bestemmingsplan niet worden vastgesteld. Met name het eerste deel van de zienswijze baart ons zorgen. Wij zien op deze locatie met dit plan mogelijkheden voor een integrale duurzame kwaliteitsverbetering. Een integrale afweging over dit plan zien we helaas niet terug in de tekst van deze zienswij ze. Via deze reactie geven we u dan ook graag een extra motivatie mee over dit plan. Voorgeschiedenis In de zienswijze is onder het kopje voorgeschiedenis aangegeven dat over dit plan geen afstemming met de provincie heeft plaatsgevonden. Dit is echter niet correct. Op 10 oktober 2023 is de opzet van dit plan via de mail gedeeld met de provincie (rayonplanoloog Sanne Devens). Wij hebben hierover echter geen reactie meer ontvangen. Als we op dat moment hier wel een reactie over hadden ontvangen was er nog tijd geweest om de informatie die we nu delen uit te wisselen, overleg te voeren en eventueel het plan daarop aan te passen of andere maatregelen te nemen. Om deze reden dan ook extra het verzoek om nu nog wel serieus naar dit stuk te kijken, intern af te stemmen en hierop te reageren of naar aanleiding hiervan nader in overleg te treden. Procedure Op 20 december 2024 hebben we het ontwerp bestemmingsplan gepubliceerd in het Gemeenteblad.

Per brief van 28 februari 2024 hebben wij vervolgens een zienswijze van de provincie over dit plan ontvangen. In deze zienswijze met name een reactie inzake het provinciale belang ‘wonen / recreatie”. Aangegeven wordt dat niet ingestemd kan worden met het plan om drie vakantiewoningen om te zetten naar reguliere woningen. Ook het voornemen om een vrijstaande en ee n levensloopbestendige woning te realiseren binnen de bestaande schuren acht u niet passend binnen het provinciaal beleid. Hierbij verwijst u naar hoofdstuk 3 en hoofdstuk 5.3 van de Omgevingsvisie Limburg. Reactie zienswijze en een nadere motivatie Aijenseweg 7 Inleiding Door de jaren heen hebben in het Maasdal diverse ontwikkelingen plaatsgevonden en zijn in dit gebied de mogelijkheden om een florerend melkrundveebedrijf in bedrijf te hebben steeds verder beperkt. De eigenaar heeft onder andere daarom ingezet op de verbreding van de agrarische bedrijfsvoering. Zo zijn er een 3-tal recreatiewoningen gerealiseerd. De gemeente, provincie en Rijkswaterstaat hebben hier medewerking aan verleend (Brief Rijkswaterstaat 2 mei 2003 met kenmerk WR2003/2994, verklaring van geen bezwaar provincie Limburg brief 13 januari 2004, kenmerk 2004/1216, vrijstelling en bouwvergunning gemeente Bergen 17 maart 2004).

Inmiddels heeft de eigenaar naar verwachting geen opvolging en is het grondeigendom afgenomen, onder andere door het Zandmaasproject en ontwikkelingen rond het Heukelomse beekdal. Hierdoor is de eigenaar op zoek gegaan naar herontwikkelingsmogelijkheden van de locatie Aijenseweg 7. De eigenaar heeft daarom hiervoor een plan ingediend. Hierbij wordt ingezet op een flinke reductie van de bebouwingsmogelijkheden, sloop van bebouwing en een stevige landschappelijke inpassing. Deze ontwikkelingen zijn mogelijk door omzetting van de 3 vakantieappartementen naar starterswoningen, het inpandig realiseren van 2 extra woningen en het omschakelen van de huidige bedrijfswoning naar burgerwoning. Gemeente Bergen heeft vanuit diverse invalshoeken naar dit plan gekeken en is op basis van een integrale afweging van alle relevante aspecten gekomen tot een positief oordeel over dit plan. Hieronder een overzicht van de argumenten die tot deze positieve conclusie hebben geleid. Ligging ten opzichte van de kern Aijen Locatie betreft een agrarisch bedrijf dat op circa 250 m afstand ligt vanaf het dorp Aijen. Aijen zelf kent zeer weinig uitbreidingsmogelijkheden, mede ook vanwege de ligging ten opzichte

van de Maas en het feit dat een groot deel van het gebied rondom het dorp ligt in het stroomvoerend rivierbed (ook Aijenseweg 7). Gezien de korte afstand ten opzichte van het dorp, beperkingen van het beleid van Rijkswaterstaat, en de behoefte aan andere t ype woonvormen biedt Aijenseweg 7 interessante kansen voor herontwikkeling van de locatie. Behoud van de hoofdwoning (huidige bedrijfswoning) is voor ons speciaal van belang, dit is namelijk een gemeentelijk monument. Bebouwingsmogelijkheden verminderen fors Tevens vinden wij het positief dat de agrarische bedrijfsbestemming met de herziening van het bestemmingsplan eraf gaat en dat er ook veel bouwmogelijkheden verdwijnen en enkele gebouwen worden gesloopt. In het huidige bestemmingsplan Buitengebied-1 e herziening zijn er twee bouwvlakken aanwezig.

Gekoppeld Bouwvlak ca 2700 m2

Bouwvlak ca 4000 m2

Allereerst het bouwvlak waarin de meeste bebouwing staat en onder andere de bedrijfswoning aanwezig is. Dit is een bouwvlak van ca 4000 m2. Daarnaast is er nog een gekoppeld bouwvlak aanwezig van ca 2700 m2, waarin nu alleen een kleine schuur (45 m2) en een voorziening voor de opslag van voer (kuilvoerplaat) aanwezig zijn. Beide bouwvlakken samen zijn dan zo’n 6.700 m2 Met de herziening van het bestemmingsplan verdwijnt de mogelijkheid om hier een agrarisch bedrijf uit te oefenen en verdwijnen er ook veel potentiële bouwmogelijkheden. Het bouwvlak in het nieuwe ontwerpbestemmingsplan Aijenseweg 7 is zeer beperkt en bestaat uit 2 delen binnen de bestemming Wonen: 1. Aanduiding aaneengebouwde woningen: ca 750 m2 2. Aanduiding vrijstaande woning: ca 300 m2 Dit is in totaal ca 1050 m2. Het nieuwe bestemmingsplan Aijenseweg 7 levert dus een flinke reductie in de bouwmogelijkheden op van in totaal 5650 m2 (6700-1050 m2). Er wordt bebouwing gesloopt Naast het beperken van de bouwmogelijkheden worden er ook aanwezige gebouwen gesloopt. Dit levert een reductie in bebouwing op van in totaal 500 m2. Dit levert een ruimtelijke kwaliteitsverbetering op.

De locatie ligt binnendijks, maar maakt wel onderdeel uit van het stroomvoerend rivierbed. Het slopen van bebouwing zorgt voor een groter waterbergend vermogen. Daarnaast vermindert het verhard oppervlak en ontstaan er meer infiltratiemogelijkheden. Door deze ontwikkeling kan hemelwater hier beter worden vastgehouden. Duurzaam gebruik bestaande bebouwing Bij het beëindigen van agrarische bedrijven worden er vaak gebouwen gesloopt. De kwaliteit en uitstraling van deze gebouwen is vaak slecht en dan levert dit ook een ruimtelijke kwaliteitsverbetering op. Echter, hier ligt een mogelijkheid om kwalitatief goede bebouwing nog een duurzame functie te geven en te verbouwen naar woonruimten. Het afbreken van deze bebouwing is hier kapitaalvernietiging en de verbouw tot woonruimten is een duurzame invulling van deze gebouwen. Hiermee wordt verloedering en leegstand in het buitengebied met de daarbij behorende problemen voorkomen. Het ‘boerenerf ’ met de monumentale woning ‘Boerderij de Vorsthof’ (1746) kan op deze manier behouden blijven. Verschuiving aanbod recreatieve voorzieningen Op de locatie Aijenseweg 7 zijn nu 3 kwalitatief goede vakantieappartementen aanwezig. Deze maken deel uit van het bestaande aanbod aan recreatievoorzieningen. Er is beleidsmatig in Bergen geen aanleiding om erop te sturen dat deze appartementen hier weg moeten.

Binnen de regio is er echter wel een overaanbod van deze voorzieningen. In onze Omgevingsvisie Bergen 2030 worden de intensievere recreatieve functies geconcentreerd in drie gebieden (Leukermeer, Afferden en Eckeltsebeek/Bleijenbeek en De Hamert). Aijenseweg 7 ligt niet binnen één van die concentratiegebieden. Als we hier 3 vakantieappartementen wegbestemmen ontstaan er wellicht beperkte mogelijkheden in de aangewezen concentratiegebieden en neemt het overaanbod iets af. We zien hier goede mogelijkheden om aan andere doelstellingen van onze Omgevingsvisie invulling te geven (zie kopje Omgevingsvisie Bergen 2030). Verminderde stikstofuitstoot Er is hier een melkrundveehouderij vergund en er waren 110 melk- en kalfkoeien en 84 stuks jongvee aanwezig. Op basis van die vergunning kan dit bedrijf weer worden opgestart. Insteek is nu met deze ontwikkeling dit agrarisch bedrijf te beëindiging en de stikstofdepositie te stoppen. Met de herziening van het bestemmingsplan wordt dit definitief. Hiermee wordt een positieve bijdrage geleverd aan de omgevingskwaliteit, gezondheid en het klimaat. Biodiversiteit Bij het plan Aijenseweg 7 zit een landschappelijke inpassing en deze zorgt ervoor dat er een positieve impuls wordt gegeven aan de biodiversiteit in het gebied. Ook het stoppen van het intensieve agrarisch gebruik zien we als positief voor de biodiversitei t.

Positieve invloed op gezondheid Een veehouderij kan geuroverlast geven, fijnstof en ammoniak uitstoten en zelfs voor gezondheidsrisico’s zorgen. Het beëindigen van het agrarische bedrijf op deze plek in de direct nabijheid van de kern Aijen zorgt voor een gezondere leefomgeving en heeft daarmee een positieve invloed op de gezondheid. Omgevingsvisie Bergen 2030 Het bestemmingsplan Aijenseweg 7 voldoet wat ons betreft uitstekend aan de uitgangspunten van onze eigen Omgevingsvisie Bergen 2030. Hieronder een samenvatting. Waterbeheer op maat: De mogelijke bebouwing neemt af en er wordt bebouwing gesloopt. De bergingscapaciteit neemt toe. De verharde oppervlakte neemt hier af en de infiltratiemogelijkheden voor het hemelwater nemen toe. Verder bouwen aan een gezonde leefomgeving

Er verdwijnt hier een agrarisch bouwvlak en er kan zich ook geen agrarisch bedrijf meer vestigen na vaststelling van het bestemmingsplan Aijenseweg 7. Een stikstofbron verdwijnt en dit heeft een positieve invloed op de leefomgeving. Woningvoorraad op maat Er worden woningen gerealiseerd die geschikt zijn voor diverse doelgroepen en prijsklassen en dit sluit aan bij onze visie ten aanzien van woningbouw. Er is hier sprake van een landelijke groene woonomgeving met schone lucht en een gezond leefmilieu. Het is een unieke woonlocatie voor diverse doelgroepen. Vooral voor starters is een dergelijke locatie in onze gemeente niet of nauwelijks beschikbaar. Daarmee is dit een goede aanvulling op het aanbod. Hiermee ontstaat meer variatie in ons woningaanbod. Versterken natuurwaarden en biodiversiteit Bij het plan hoort een landschappelijk inpassing waarmee een positieve bijdrage wordt geleverd aan de natuurwaarden en daarmee biodiversiteit in het gebied. De meest toekomstbestendige gemeente Een agrarisch bedrijf dat diverse gronden heeft moeten inleveren (ca 22 hectare) ten behoeve van het Zandmaasproject (12 ha) en het Heukelomsebeekdal (10 ha) heeft nu onvoldoende potentieel om hier verder duurzaam te blijven bestaan. Ook gezien de nabijheid van de kern Aijen zien we hier geen toekomst voor een veehouderij.

Met deze herziening van het bestemmingsplan krijgen kwalitatief nog goede bestaande gebouwen deels een nuttige invulling als woning en krijgt het hele perceel een toekomstbestendige beste mming met enkele woningen en een daarbij behorende tuin. Hiermee draagt dit plan bij aan een toekomstbestendige gemeente. Landschap en landbouw in balans Deze locatie ligt in relatief leeg gebied tussen de kleinste kernen van onze gemeente Aijen en Bergen. Landschappelijk is reductie en beperking van de bebouwing hier een aanwinst. De landschappelijk inpassing die voor deze locatie is opgesteld sluit aan bij de kenmerken die belangrijk zijn in het laagterras. Landschappelijk is behoud van het ‘boerenerf’ met daarbinnen een gemeentelijk monument hier op zijn plaats. Geheel ingepast met een stevige landschappelijke inpassing. Het belang van het behoud van deze locatie komt ook naar voren in ons Landschapsplan Bergen 2013. Landschapsplan Bergen 2013 Het meer dan 11.000 hectare grote, langgerekte buitengebied van de gemeente Bergen kent een aantal kenmerkende landschappelijke kwaliteiten. Het Maasdal, de rivierduinen en de verschillende grote en kleine landbouwgebieden zijn de belangrijke beelddragers. In ons landschapsplan zijn concrete elementen en bouwstenen van het landschap opgenomen. Op de kaart hieronder zijn de landschappelijke eenheden opgenomen.

De Vorsthof ligt in het ‘laagterras’ en is hierbinnen aangeduid als een hoeve van voor 1800. Bij de landschappelijk inpassing van deze locatie is rekening gehouden met de inpassingseisen en elementen die er in ons landschapsplan worden aangegeven Dit zijn hagen, vrijstaande bomen en hoogstambongertjes (zie ook landschappelijk inpassing zoals die i s toegevoegd als bijlage aan het bestemmingsplan Aijenseweg 7).

De onderstaande tranchotkaart 1803-1813 laat helder de opbouw van het historisch landschap zien met hier op de locatie een cluster bebouwing Klein Vorsthoff en Groot Vorsthoff. Een cluster dat ook op latere kaarten omgeven werd met hagen op erf en verder hoogstam.

Hieronder ook nog een tijdsopname uit 1950. Deze laat ook zien hoe het cluster erven met groene elementen er in het verleden heeft uitgezien.

In ons landschapsplan heeft de locatie een aparte aanduiding gekregen (a151). Hieronder een afbeelding van die kaart. Het betreft een boerderij/hoeve op een locatie voor 1810. Ook is er een aanduiding opgenomen van een ‘erf opgenomen als voorbeeld’. Met deze status wordt het belang van behoud van dit erf onderschreven en de bijbehorende landschappelijk inpassing geeft dez e locatie de aanvullende kwaliteit om een parel in het landschap te zijn.

Relatie provinciaal beleid We missen in de zienswijze een integrale afweging van het gehele plan. Wij zien als gemeente binnen het provinciaal beleid aanknopingspunten om dit plan positief te beoordelen. Dan kijken we niet sec naar één onderdeel, maar integraal naar het gehele plan. Om die reden hieronder een nadere motivatie in relatie tot het provinciaal beleid. Hierbij komt eerst de Omgevingsvisie Limburg aan bod, vervolgens de Omgevingsverordening 2014 en tenslotte gaan we nog kort in op het beleid onder de Omgevingswet (nieuwe Omgevingsverordening). Omgevingsvisie Limburg In de zienswijze wordt verwezen naar Hoofdstuk 3 inzake de Limburgse principes . In dat hoofdstuk is een algemene zonering opgenomen. In het kader van het principe “meer stad, meer land” horen nieuwe stedelijke ontwikkelingen in principe thuis in bestaand bebouwd gebied. Ook wordt er verwezen naar hoofdstuk 5.3 “Waar kiezen wij voor”, waarin dit ook is opgenomen. Ook gemeente Bergen wil het onderscheid in verstedelijkte en landelijke gebieden graag behouden. We koesteren deze variatie in gebieden ook. Nieuwe stedelijke ontwikkelingen vinden plaats binnen onze stedelijke gebieden. We zien de herontwikkeling van de A ijenseweg 7 echter als passend binnen die visie. Er is al bebouwing aanwezig op een bestaand boerenerf.

Deze bebouwing willen we voor een deel duurzaam laten benutten door die te kunnen laten verbouwen naar woningen. Er is geen sprake van extra bebouwing/verstening in het buitengebied. In tegendeel, er wordt ook bebouwing gesloopt. Aijensweg 7 ligt binnen de zone Groenblauwe mantel. In de Omgevingsvisie wordt aangegeven dat dit gebieden zijn waar de provincie goede combinatiemogelijkheden ziet voor duurzame vormen van (kringloop) land- en tuinbouw en andere economische functies, vooral door hergebruik van reeds aanwezige monumentale en beeldbepalende gebouwen. Dit is misschien niet één op één van toepassing op de Aijenseweg 7, maar met name het hergebruik van de Vorstenhof met zijn cultuurhistorische betekenis en het bijbehorende erf sluit wel aan bij deze omschrijving.

Het is een mooi uitgangspunt dat in deze zone grondgebonden landbouw de belangrijkste functie is, maar bij de Aijenseweg 7 blijkt het nu niet meer mogelijk hier duurzaam een agrarisch bedrijf in stand te houden. Wel draagt het behouden van deze locatie, voorzien van een stevige en passende landschappelijke inpassing, bij aan de instandhouding en versterking van de aanwezige landschappelijke kernkwaliteiten. Door sloop van de bebouwing is er meer ruimte voor waterberging, en infiltratie van regenwater. Met de landschappelijk inpassing wordt een positieve bijdrage geleverd aan de biodiversiteit en de kernkwaliteiten van het landschap. Hierbij is er ons inziens echt een positieve link met het Limburgse principe “meer stad, meer land”. Ook in andere hoofdstukken van deze Omgevingsvisie zien wij positieve aanknopingspunten ten aanzien van de ontwikkeling bij Aijenseweg 7. Hieronder een korte samenvatting per relevant hoofdstuk. Hoofdstuk 5 Wonen en leefomgeving

Bij dit thema geeft u als provincie aan dat uw rol vanuit de wetgever beperkt is en dat u vanwege het brede maatschappelijke belang van de opgave kiest voor een agenderende, stimulerende, meesturende en verbindende rol. Wij zien hier mogelijkheden om hier op een positieve manier mee te sturen. Samen met partners wilt u een voortreffelijke woon- en leefomgeving realiseren; een leefomgeving waar mensen zich prettig voelen. U vindt het belangrijk dat mensen kunnen wonen in een zelfgekozen woning en woonomgeving (die past bij hun mogelijk heden en levensfase) waar ze zich thuis voelen. Dit doen u door toe te werken naar een toekomstbestendige Limburgse woningmarkt met voldoende woningen van de juiste kwaliteit op de juiste plek, die waar mogelijk op het juiste moment beschikbaar én betaalbaar zijn.

U faciliteert flexibiliteit op de woningmarkt én stimuleert flexibele woonvormen waardoor aan de veranderende woonwensen en –behoeften van een diverse groep mensen tegemoet gekomen kan worden in zowel de bestaande bouw als nieuwbouw. De unieke woonvorm die we voor ogen hebben bij de Aijenseweg 7 past naar ons idee goed bij de uitgangspunten van dit thema. We bieden onze inwoners een zeer beperkte mogelijkheid om binnen de al aanwezige bestaande bebouwing in een goede kwalitatieve wonin g te wonen op een bijzondere plek namelijk een voormalig cultuurhistorisch boerenerf met monumentale bebouwing dicht bij de dorpskern Aijen. Hoofdstuk 6 Veiligheid en gezondheid Gezondheid wordt voor een deel beïnvloed door omgevings- en milieukwaliteit. Denk aan de luchtkwaliteit, geuroverlast en geluidhinder rondom industrie, wegen of veehou derijen. Een gezonde leefomgeving heeft een positieve invloed op gezondheid. De definitieve beëindiging van het agrarisch bedrijf (veehouderij) op relatief korte afstand van de kern Aijen levert een positieve bijdrage aan de gezondheid van onze inwoners en neemt een potentiële bron van hinder en overlast weg. Hoofdstuk 7 Cultuur, sport en erfgoed Binnen dit thema is het behoud en (her)gebruik van cultureel erfgoed en monumenten en hun omgeving van belang. Hierbij wordt met name aandacht gevraagd voor de kernkwaliteiten van de groenblauwe mantel.

Ontwikkelingen zijn mogelijk mits de kernkwaliteiten behouden blijven of versterkt worden (ja-mits).

Aijenseweg 7 ligt binnen deze groenblauwe mantel. De huidige bedrijfswoning is een gemeentelijk monument en willen we graag behouden. De voorgestelde ontwikkeling op deze locatie draagt bij aan het behoud van deze woning en het behouden van het uiterlijk van het boerenerf op deze locatie. Dit is ook passend binnen ons Landschapsplan. Met een beëindiging van het agrarisch bedrijf, de sloop

van bebouwing, reductie van de bouwmogelijkheden en de stevige landschappelijke inpassing wordt een positieve bijdrage geleverd aan de kwaliteit van de omgeving en worden de kernkwaliteiten van de groenblauwe mantel versterkt. Hoofdstuk 12 Land- en tuinbouw

Er was en is nog steeds veel aandacht voor de leefkwaliteit rondom (intensieve) veehouderijen en overige land- en tuinbouwbedrijven. Geuroverlast, fijnstof, ammoniakemissie en mogelijke gezondheidsrisico’s zorgen voor maatschappelijke onrust. Zoals ook al eerder is vermeld zal met de beëindiging van het agrarisch bedrijf Aijenseweg 7 potentiële overlast van deze locatie worden weggenomen. Het landelijk gebied is steeds minder een productieruimte en steeds meer een consumptieruimte waar gewoond, gewerkt en gerecreëerd wordt. Deze verwevenheid vraagt maatregelen om de omgevingskwaliteit te verbeteren en ruimtelijke keuzes over vestiging, uitbreiding, herbestemming en sanering van leegstaand agrarisch vastgoed. Bij de Aijenseweg 7 hebben we de integrale keuze gemaakt om medewerking te verlenen aan de beëindiging van een agrarisch bedrijf en ten dienste daarvan deze locatie een nieuwe bestemming te geven die volgens ons past in de omgeving. Een gemeentelijk monument en het bijbehorende boerenerf wordt grotendeels behouden, bestaande gebouwen krijgen een duurzame invulling en met een landschappelijke inpassing wordt de ruimtelijke kwaliteit vergroot. Hoofdstuk 13 Water De Maas en omliggende gebieden hebben functies als recreatiegebied (bijv. bij de Maasplassen), als vervoerscorridor, als bron voor drinkwater en als verbindingszone voor flora en fauna.

Het hoogwaterveiligheidsbeleid voor de Limburgse Maas kent een aantal uitdagingen; de impact van maatregelen op het bestaande Maaslandschap is vaak groot en de kosten zijn zeer hoog. Voor de Aijenseweg 7 is de impact van de maatregelen rond de Maas zeker groot. Er zijn door de diverse maatregelen rond de Maas onvoldoende mogelijkheden om het agrarisch bedrijf op deze plek duurzaam te kunnen voortzetten. Een van de redenen voor de eigenaar om op zoek te gaan naar andere mogelijkheden voor de toekomst. Met een reductie van de bouwmogelijkheden en de sloop van bebouwing levert dit plan een positieve bijdrage aan het thema water zonder dat hier de waterveiligheid in het geding is. De sloop van bebouwing levert meer infiltratiemogelijkheden op. Hoofdstuk 14 Natuur Streven is een natuurinclusieve samenleving, waarbij natuur sterk verankerd is in de samenleving en dicht bij de woonomgeving voor jong en oud te beleven is. In een natuur inclusieve samenleving wordt een brug geslagen tussen natuur én andere thema’s en (verander)opgaven. Daardoor dragen de natuur en het landschap bij aan de gezondheid, het welzijn en de welvaart van bewoners en neemt de samenleving op haar beurt meer verantwoordelijkheid voor natuur in de eigen directe leefomgeving. De herziening van het bestemmingsplan Aijen levert ook een positieve bijdrage aan dit thema.

Juist op deze locatie wordt een brug geslagen tussen natuur, landschap en wonen. De landschappelijke inpassing die hoort bij dit plan levert een positieve bijdrage aan de biodiversiteit en daarmee aan de natuur. De vermindering van de stikstofdepositie levert hier een positieve bijdrage aan de gezondheid. Hoofdstuk 15 Landschap Belangrijk binnen dit thema is het behouden en versterken van kenmerkende kwaliteiten en afwisseling van het Limburgse landschap, waaronder de groenblauwe mantel.

De herziening van de bestemming van deze locatie zorgt er weliswaar voor dat hier een agrarisch bedrijf verdwijnt, echter het karakteristieke boerenerf dat deel uitmaakt van het landschap blijft hier behouden en wordt versterkt middels een landschappelijke inpassing. Op deze manier blijven de kwaliteiten van dit gebied behouden. Met de landschappelijk inpassing worden deze kwaliteiten zelfs versterkt. Dit is ook passend binnen ons eigen landschapsplan. Omgevingsverordening Limburg 2014 Artikel 2.4.2 Wonen bevat de relevante provinciale regels. Volgens lid 1 mogen er geen woningen worden toegevoegd aan de bestaande voorraad woningen, anders dan op de wijze zoals beschreven in de door de gemeenteraad vastgestelde Regionale Structuurvisie Wonen Noord-Limburg. Volgens lid 5 moet de toelichting van het ruimtelijk plan verantwoorden hoe invulling is gegeven aan het eerste lid. In de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan Aijenseweg 7 is hier verantwoording over gegeven, waaronder in paragr aaf 3.1 en 3.2. Regionale Structuurvisie Wonen In de visie is ervoor gekozen om te werken met een kwalitatieve richtlijn. Insteek is dat er een mate van flexibiliteit wordt behouden om ruimte te hebben om de ‘goede dingen’ te blijven realiseren. Om te voorkomen dat ongebreideld woningbouwplannen worden toegevoegd zijn uitgangspunten geformuleerd.

Hieronder wordt ingegaan op een aantal relevante uitgangspunten.

1. Toevoegen van woningen in principe alleen in de kernen. Het doel hiervan is om te voorkomen dat een woonfunctie in het buitengebied belemmerend werkt op andere ruimtevragers. Aijenseweg 7 ligt op circa 250 m afstand van Aijen. Meerdere woningen op deze locatie werken niet belemmerend op andere ruimtevragers. Er wordt binnen de bestaande bebouwing gebleven en er zijn geen bedrijven in de directe omgeving die hierdoor worden belemmerd. Dit is ook terug te vinden in de toelichting van het plan. 2. Koppelkansen. Het realiseren van woningen kan een middel zijn om andere opgaven aan te pakken. Woningbouw staat hierbij in het teken van de ontwikkeling van de kwaliteit van de leefomgeving. Dit principe is van toepassing op deze locatie. Het omzetten van deze locatie in de buurt van het dorp (Aijen) helpt in het wegbestemmen van het agrarische bedrijf, melkrundvee en bijbehorende ruime bebouwingsmogelijkheden. Het bevordert ook een vorm van woningbouw welke in de gemeente nog niet aanwezig is en waar veel vraag naar is. Daarbij blijft op deze manier het ‘boerenerf’ zoals dat nu aanwezig is qua uiterlijk voor een groot deel behouden, wat bijdraagt aan het behoud van de gemeentelijke monumentale woning ter plaatse. 3. Toevoegen van woningen leidt niet tot het vergroten van het kwetsbare woningoverschot. Inmiddels is dit punt achterhaald en zijn de prognoses van Progneff gewijzigd.

Er is in heel Nederland een sprake van een tekort aan woningen en ook Bergen heeft een opgave van vele honderden woningen die moeten worden gerealiseerd. Deze locatie draagt hieraan bij. We bieden hier op een unieke locatie een divers woningaanbod voor verschillende doelgroepen zoals starters en ook aan de behoefte aan levensloopbestendige woningen wordt in dit plan voldaan. In paragraaf 2.5 van de Omgevingsverordening 2014 ‘Bewoning van recreatieverblijven’ bevat artikel 2.5.1 een verbod tot het wijzigen van de bestemming. Het is niet toegestaan om de bestemming van recreatieverblijven te wijzigen naar een bestemming die wonen mogelijk maakt. In de toelichting van paragraaf 2.5 wordt gemotiveerd waarom dit het geval is. Belangrijke reden is het tegengaan van permanente bewoning op recreatieterreinen. Als een deel van de recreatieverblijven op een recreatieterrein wordt gebruikt voor wonen of wanneer er een omvorming naar wonen plaatsvindt, leidt dat tot ongewenste toevoegingen aan de woningmarkt.

Verder heeft dat tot gevolg dat er weer nieuwe recreatieverblijven bij zullen komen en leidt het tot ongewenste verstening van het buitengebied. Dit is beleid waar we als gemeente Bergen achter staan. Ook wij werken niet mee aan de omzetting van recreatiewoningen op recreatieterreinen. Ons Omgevingsplan (geldende bestemmingsplannen) laat dit niet toe. Echter bij de Aijenseweg 7 is er echter geen sprake van recreatiewoningen op een recreatieterrein. Het betreft geen grootschalige omvorming van een recreatieterrein die artikel 2.5.1 tegen wil gaan. Het gaat enkel om 3 recreatiewoningen die hier als nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijf zijn opgericht en vergund. Dit onder andere uit noodzaak om hun activiteiten te verbreden en het bedrijf te continueren, vanwege gebiedsontwikkelingen in de omgeving en het afstaan van gronden. De omzetting naar reguliere woningen helpt bij de beëindiging van het agrarisch bedrijf. In hoofdzaak betreft het in dit geval het omvormen van een agrarische bestemming naar een woonfunctie er is dus geen sprake van het omzetten van een recreatieve bestemming. Hierbij is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik middels hergebruik en afname van bestaande bebouwing. Concluderend kunnen wij dus stellen dat er ons inziens wel wordt voldaan aan de Omgevingsverordening Limburg 2014 en de Regionale Structuurvisie Wonen.

Omgevingsverordening Limburg (per 1 januari 2024) In de Omgevingsverordening die nu geldt is in paragraaf 12.1.6. een regeling opgenomen voor wonen in een recreatieverblijf. Ook hier is de relatie gelegd met vakantieparken en kampeerterreinen. Zoals hierboven aangegeven in relatie tot het provinciaal beleid van voor 1 januari 2024 is er bij de Aijenseweg 7 geen sprake van een recreatiewoning op een vakantiepark. Dit biedt ons inziens ruimte om met deze 3 recreatiewoningen anders om te gaan. Hier is ons inziens maatwerk wenselijk en ook mogelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15927154/1