CConstaterende datBergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Kasteellaan Well BP9okt2025 Bijlagen Bijlage 12 Nota van zienswijzen

Gemeenteraad 16 december 2025, gemeente BergenBij agendapunt: Voorstel een bindend advies te geven op de aanvraag omgevingsvergunning voor het realiseren van 42 appartementen in het woningbouwplan 'Kasteellaan Well';3.840 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijzennota Ontwerpbestemmingsplan ‘Kasteellaan Well’

1 Inleiding Deze nota bevat de reactie op de binnengekomen zienswijzen naar aanleiding van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan ‘Kasteellaan Well’ met het identificatienummer NL.IMRO.0893.BP23022KA13WEL-ON01. Het ontwerpbestemmingsplan ‘Kasteellaan Well’ heeft ter visie gelegen vanaf 21 december 2023 voor een periode van zes weken. Tijdens de inzagetermijn heeft eenieder het recht een schriftelijke of mondelinge zienswijze in kunnen dienen bij de gemeenteraad. Normaal gesproken wordt een zienswijze beantwoord bij vaststelling van betreffende plan. In deze situatie is er voor gekozen om tussentijds om te schakelen naar een andere ruimtelijke procedure, namelijk de BOPA (buitenplanse omgevingsplanactiviteit). Dat betekent formeel dat het plan nu niet wordt vastgesteld en er ook geen direct antwoord komt op uw zienswijze, maar direct wordt overgeschakeld naar de mogelijkheid van bezwaar en beroep. Echter vinden wij het niet meer dan zorgvuldig om toch inhoudelijk antwoord te geven op uw zienswijze voordat de periode van het indienen van bezwaar en beroep ingaat. Bijgaand treft u de zienswijzennota aan met een antwoord op uw zienswijze. Daarin kan u zien of u zienswijze al dan niet heeft geleid tot een wijziging van het plan. Op die manier kunt u alsnog afwegen of het antwoord op de zienswijze voldoet of dat u aanleiding ziet om bezwaar en beroep in te dienen.

Zodra het besluit op de BOPA is genomen, wordt u hiervan persoonlijk op de hoogte gesteld. In deze nota wordt ingegaan op de ingediende zienswijze tegen het ontwerpbestemmingsplan. Er zijn 6 zienswijzen ontvangen. Deze zienswijzen zijn binnen de daartoe gestelde termijn naar de gemeente verzonden en zijn dus ontvankelijk. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de ingediende zienswijzen. De zienswijzen zijn hierin beknopt en zakelijk weergegeven. Voor zover bij de samenvatting van de zienswijzen onderdelen van de betreffende reacties niet of niet geheel worden genoemd, betekent dit niet dat deze buiten beschouwing zijn gebleven. De zienswijzen zijn als geheel beoordeeld. De reacties worden samengevat weergegeven en voorzien van een gemeentelijke reactie. Daarbij is aangegeven in welke mate de opmerkingen leiden tot aanpassingen in het vast te stellen ontwerpbestemmingsplan. Tenslotte, volgt in hoofdstuk 3 een toelichting over de vervolgprocedure.

2 Zienswijzen Tegen het ontwerpbestemmingsplan ‘Kasteellaan Well’, dat ter inzage heeft gelegen vanaf 21 december 2023, zijn 6 zienswijze binnengekomen, waarvan 5 schriftelijk. De persoonsgegevens van de indieners van de zienswijzen (hierna: reclamant) zijn geanonimiseerd verwerkt in dit rapport, in verband houdende met de bescherming van de privacy van de gegevens op internet. 1. Reclamant 1, ingekomen op 21 januari 2024; 2. Reclamant 2, ingekomen op 23 januari 2024; 3. Reclamant 3, ingekomen op 25 januari 2024; 4. Reclamant 4, ingekomen op 25 januari 2024; 5. Reclamant 5, ingekomen op 29 januari 2024; 6. Reclamant 6, ingekomen op 30 januari 2024. Zienswijze 1 Ontvankelijkheid De schriftelijke zienswijze is op 21 januari 2024 tijdig ontvangen, binnen de gestelde termijn. De zienswijze is inhoudelijke onderbouwd en voldoet aan de gestelde eisen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze 1. Reclamant geeft aan dat de te bouwen woningen niet geschikt zijn voor de (leeftijds)demografieën die in het Woningbehoefteonderzoek (bijlage 2) zijn genoemd. 2. Reclamant geeft aan dat de woningen te weinig diversiteit van bewoners garanderen, omdat ze te klein zijn. De woningen zijn namelijk voornamelijk geschikt voor alleenstaanden en niet voor gezinnen. Er moeten ook grotere woningen in het plan verwerkt worden om diversiteit van bewoners te garanderen. 3. Reclamant geeft aan dat in het plan moet worden vastgelegd dat iedere woning maar door een (gezins)eenheid mag worden bewoond. Deze voorwaarde voorkomt, volgens reclamant dat er zich seizoenarbeiders zullen vestigen in de appartementen. 4. Reclamant wijst erop dat het plan, volgens een advies van bureau Waalbrug een dichtheid van 92 woningen kent per hectare. Een dermate hoge dichtheid past niet in een dorpse omgeving als Well, volgens reclamant. 5. Reclamant vreest dat het plan de huidige verkeersdruk nog groter zal maken, wat zal leiden tot onveilige situaties. Voor de verkeersveiligheid rondom de school is het beter om de nieuwe openbare weg niet door te trekken tot de parkeerplaats, of die doorgang af te sluiten op een manier dat alleen hulpdiensten er langs kunnen (beweegbaar obstakel in de weg). 6. Reclamant vreest voor privacyhinder, omdat er volgens reclamant op 3 plekken inkijk in zijn tuin ontstaat.

Reactie 1. De woningen voldoen aan de eisen van levensloopbestendigheid en garanderen daarmee dat zij geschikt zijn voor meerdere demografieën en dus voor zowel starters als senioren. De oppervlakten variëren tussen de 60 en 80 m2, waarmee de geschiktheid voor een mix van doelgroepen is gegarandeerd. De uiteindelijke verkoop van de woningen wordt overgelaten aan de markt. De gemeente Bergen (L) bepaalt niet wie in deze woningen komt te wonen. Daarnaast spreidt de gemeente verschillende woningtypen over verschillende locaties in de kern en hoeft daarom niet op iedere locatie iedere doelgroep te worden bediend. 2. De woningen voldoen aan de eisen van levensloopbestendigheid en garanderen daarmee dat zij geschikt zijn voor meerdere demografieën en dus voor zowel starters als senioren. De oppervlakten variëren tussen de 60 en 80 m2, waarmee de geschiktheid voor een mix van doelgroepen is gegarandeerd. De uiteindelijke verkoop van de woningen wordt overgelaten aan de markt. De gemeente Bergen (L) bepaalt niet wie in deze woningen komt te wonen. Na de terinzagelegging van het ontwerpplan, is het plan gewijzigd op twee manieren. 1) Aantal woongebouwen: in het ontwerpplan stonden vier torens en nu zijn er nog drie torens over. Dit is mogelijk doordat het plan is teruggebracht van 48 naar 42 appartementen. 2) De positie van de woontorens is gewijzigd. 3.

Bewoning door meer dan één huishouden wordt op twee manieren tegengegaan. In de begripsbepaling van de vergunning neemt de gemeente de definitie op van ‘huishouden’, zoals in het plan ‘Kom Well’. Verder is bewoning als afhankelijke woonruimte of kamerbewoning als ongewenst gebruik bestempeld in artikel 4.5.1. van de planregels, in lijn met omringende het moederplan. Daarmee is bewoning door meer dan één huishouden dubbel uitgesloten. 4. Het aantal woningen is verminderd van 48 naar 42. Het aantal woongebouwen is teruggebracht van vier naar drie. Het college heeft een stedenbouwkundig advies gevraagd voor een passende invulling op deze locatie. Om te kunnen voldoen aan de grote vraag aan woningen heeft het college er uiteindelijk toch de voorkeur gegeven aan een afwijkende invulling van het stedenbouwkundige advies aan de achterzijde van het terrein. 5. Het plan voorziet in een nieuwe verkeersontsluitingsweg die voldoet aan alle eisen. Het ontwerp is aangepast op de toekomstige ontwikkeling op de sportvelden. Op deze manier is er een andere verkeersontsluiting gekomen die geen directe aansluiting heeft op het parkeerterrein en de doorgaande weg. 6. Het is algemeen geaccepteerde jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State dat in Nederland er geen absoluut recht op privacy in binnenstedelijke ontwikkelingen bestaat.

Inkijk en vermindering van privacy bij ontwikkelingen in binnenstedelijk gebied zijn onvermijdelijk. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van 16 maart 2022: ECLI:NL:RVS:2022:761, r.o. 4.1. Daarnaast ziet het huidige plan er anders uit als het ontwerpplan, er wordt namelijk één woontoren minder gerealiseerd. De torens zijn nu zodanige gepositioneerd dat tussen de nieuwe ontwikkeling en de tuin van reclamant een bestaand gebouw staat. Voor het overgrote deel wordt de inkijk geblokkeerd door dit bestaande gebouw. Daarmee wordt de directe inkijk tot een minimum beperkt. De aard en indeling van het gebouw zorgt ervoor dat er geen permanente inkijk is vanuit een balkon of galerij, maar hoogstens zeer kort vanuit slaapkamerramen.

Het ruimtelijk plan wordt als gevolg van deze zienswijze gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan.

Zienswijze 2 Ontvankelijkheid De schriftelijke zienswijze is op 23 januari 2024 tijdig ontvangen, binnen de gestelde termijn. De zienswijze is inhoudelijke onderbouwd en voldoet aan de gestelde eisen. De zienswijze is ontvankelijk. Zienswijze 1. Reclamant geeft aan dat de definitie van ‘wooneenheid’ in het plan ontbreekt. Tevens is er geen koppeling gemaakt met het begrip ‘woning’. Daardoor is het theoretisch mogelijk dat in een woning huisvesting anders dan één afzonderlijk huishouden is toegestaan. Dit zou de vestiging van arbeidsmigranten in deze woningen in de hand kunnen werken. Het begrip ‘wooneenheid’ moet in de planregels worden gekoppeld aan ‘woning’, aldus reclamant. 2. De appartementen moeten zodanig ruimtelijk gerealiseerd worden dat deze geschikt zijn voor de doelgroepen: senioren, starters en één a tweepersoons huishoudens. Dat is nu nog onvoldoende vastgelegd in het plan. 3. Reclamant vreest voor privacyhinder, omdat er volgens reclamant inkijk krijgt op zijn perceel van een appartementengebouw met een bouwhoogte van 11 meter hoog. Reclamant wil dat er geen raamopeningen richting zijn perceel gerealiseerd zullen worden. 4. Reclamant wijst er op dat het plan, volgens een advies van bureau Waalbrug een dichtheid van 92 woningen kent per hectare. Een dermate hoge dichtheid past niet in een dorpse omgeving als Well, volgens reclamant.

Het advies van bureau Waalbrug moet integraal worden opgevolgd volgens reclamant. 5. Reclamant vraagt zich af of parkeren buiten het huidige plangebied kan worden gerealiseerd. De grond van de voetbalclub EWC kan in dat geval als parkeerplek dienen. Hierdoor blijft binnen het plangebied meer ruimte over aldus reclamant. Reactie 1. Bewoning door meer dan één huishouden wordt op twee manieren tegengegaan. In de begripsbepaling van de vergunning neemt de gemeente de definitie op van ‘huishouden’, zoals in het plan ‘Kom Well’. Verder is bewoning als afhankelijke woonruimte of kamerbewoning als ongewenst gebruik bestempeld in artikel 4.5.1. van de planregels, in lijn met omringende het moederplan. Daarmee is bewoning door meer dan één huishouden dubbel uitgesloten. 2. De woningen voldoen aan de eisen van levensloopbestendigheid en garanderen daarmee dat zij geschikt zijn voor meerdere demografieën en dus voor zowel starters als senioren. De oppervlakten variëren tussen de 60 en 80 m2, waarmee de geschiktheid voor een mix van doelgroepen is gegarandeerd. De uiteindelijke verkoop van de woningen wordt overgelaten aan de markt. De gemeente Bergen (L) bepaalt niet wie in deze woningen komt te wonen. Na de terinzagelegging van het ontwerpplan, is het plan gewijzigd op twee manieren. 1) Aantal woongebouwen: in het ontwerpplan stonden vier torens en nu zijn er nog drie torens over.

Dit is mogelijk doordat het plan is teruggebracht van 48 naar 42 appartementen. 2) De positie van de woontorens is gewijzigd. 3. Het is algemeen geaccepteerde jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State dat in Nederland er geen absoluut recht op privacy in binnenstedelijke ontwikkelingen bestaat. Inkijk en vermindering van privacy bij ontwikkelingen in binnenstedelijk gebied zijn onvermijdelijk. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van 16 maart 2022:

ECLI:NL:RVS:2022:761, r.o. 4.1. Daarnaast ziet het huidige plan er anders uit als het ontwerpplan, er is namelijk één woontoren minder. Daarnaast is het plan van ontwerp naar definitief aangepast: het aantal woongebouwen is verminderd en anders gepositioneerd wat mogelijke inkijk beperkt tot minimum. Verder zal er een nadere groenafscheiding worden opgericht tussen de ontwikkeling en de woning van reclamant. Deze groenafscheiding is geplaatst in overleg met reclamant. 4. Het aantal woningen is verminderd van 48 naar 42. Het aantal woongebouwen is teruggebracht van vier naar drie. Het college heeft een stedenbouwkundig advies gevraagd voor een passende invulling op deze locatie. Om te kunnen voldoen aan de grote vraag aan woningen heeft het college er uiteindelijk toch de voorkeur gegeven aan een afwijkende invulling van het stedenbouwkundige advies aan de achterzijde van het terrein.

5. Het plan is aangepast ten opzichte van het ontwerp: het aantal woningen is verminderd, waardoor woningen op eigen terrein kunnen worden gerealiseerd. Het ruimtelijk plan wordt als gevolg van deze zienswijze gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan.

Zienswijze 3 Ontvankelijkheid De schriftelijke zienswijze is op 25 januari 2024 tijdig ontvangen, binnen de gestelde termijn. De zienswijze is inhoudelijke onderbouwd en voldoet aan de gestelde eisen. De zienswijze is ontvankelijk. Zienswijze 1. Reclamant vraagt zich af waarom hij niet in kennis is gesteld van het ontwerpbestemmingsplan? 2. Reclamant vraagt zich af waarom hij geen uitnodiging heeft ontvangen voor de informatieavond, terwijl hij toch belanghebbende/omwonende is? 3. Reclamant heeft een pand in eigendom waar een bedrijfsbestemming op rust. Kan deze bestemming zomaar gewijzigd worden? 4. Reclamant stelt dat er een recht van overpad rust naar het pand voor de vrachtwagens. Wat gebeurt er met dit recht van overpad voor vrachtwagens nadat het bestemmingsplan is vastgesteld? 5. De vrachtwagens die naar het bedrijfspand rijden van reclamant kunnen voor overlast zorgen in het plangebied van het bestemmingsplan. Als bewoners van het nieuwe bestemmingsplan gaan klagen kan dat een slechte ontwikkeling voor het bedrijf zijn. Reactie 1. De publicatie van het ontwerpbestemmingsplan heeft plaatsgevonden volgens de wettelijke vereisten. Daarnaast is het de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer van het project (de projectontwikkelaar) om te bepalen wie er uitgenodigd wordt voor de omgevingsdialoog. 2.

De publicatie van het ontwerpbestemmingsplan heeft plaatsgevonden volgens de wettelijke vereisten. Daarnaast is het de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer van het project (de projectontwikkelaar) om te bepalen wie er uitgenodigd wordt voor de omgevingsdialoog.

3. De huidige functie die op het betreffende gebouw rust is ‘Maatschappelijk’. Deze functie wordt niet gewijzigd. 4. Het recht van overpad is een privaatrechtelijke kwestie tussen ontwikkelaar en reclamant. Dit plan regelt daar niets over en wijzigt het recht van overpad niet. Het recht van overpad vormt dus geen evident privaatrechtelijke belemmering die de verlening van een BOPA-vergunning kan blokkeren. Bovendien komt ter hoogte van het pand in kwestie een parkeervoorziening en blijft het pand bereikbaar. Op grond van onze laatste luchtfoto’s en informatie bij de gemeente is het pand overigens niet meer in gebruik sinds 2019. Alles is namelijk dicht gebarricadeerd en ogenschijnlijk niet in gebruik. Mocht het gebouw echter ooit weer in gebruik worden genomen is het, zoals voornoemd, gewoon toegankelijk. 5. Het pand is via openbare weg toegankelijk. Daarom zullen vrachtwagens voor minimale overlast zorgen.

Het ruimtelijk plan wordt als gevolg van deze zienswijze niet gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan.

Zienswijze 4 Ontvankelijkheid De schriftelijke zienswijze is op 25 januari 2024 tijdig ontvangen, binnen de gestelde termijn. De zienswijze is inhoudelijke onderbouwd en voldoet aan de gestelde eisen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze 1. Reclamant geeft aan dat de informatievoorziening vanuit de gemeente gebrekkig is. Het is voor inwoners lastig om grip te krijgen op het referentiekader dat de gemeente hanteer voort de ontwikkeling van bouwprojecten. Ook is het lastig om via de website de juiste beleidsstukken te vinden. De opgevraagde stukken waren 8 jaar oud en niet meer relevant aldus reclamant. Reclamant maant tot spoed met betrekking tot het opstellen van relevant woonbeleid. 2. Er ontstaat door deze onduidelijkheid een gevoel van onveiligheid dat inwoners en huiseigenaren niet genoeg beschermd worden. Onduidelijk is waarop (beleids)keuzes met betrekking tot wonen worden gemaakt. 3. Reclamant vraagt zich af of de leefbaarheid van het dorp gegarandeerd blijft, nu de geconcentreerde detailhandel op de locatie van de woningbouw verdwijnt. Ook vraagt reclamant zich af hoe de bereikbaarheid van voorzieningen wordt gegarandeerd voor het dorp Well (met name voor senioren), nu de detailhandel op deze locatie verdwijnt. 4. Reclamant vraagt zich af in hoeverre er rekening is gehouden met het stedenbouwkundig advies van buro Waalbrug. 5. Reclamant vraagt om een actieve houding van de gemeente met betrekking tot communicatie, informatievoorziening en luisteren naar de gemeenschap. Er wordt wederkerigheid verwacht, aldus reclamant. Reactie 1.

Vanaf 2021 wordt actief woningbouwbeleid gevoerd, maar in de opstartfase is daarover minder gecommuniceerd. Dit is inmiddels opgelost: Vanaf 2024 informeert de gemeente actief op de eigen website over woningbouw en op 17 december 2024 is het nieuwe Volkshuisvestingprogramma (2025-2030) vastgesteld. Daarmee is het actuele

woningbouwbeleid van kracht. 2. Vanaf 2024 informeert de gemeente actief op de eigen website over woningbouw en op 17 december 2024 is het nieuwe Volkshuisvestingprogramma vastgesteld. Daarmee is het actuele woningbouwbeleid van kracht. Alle woningbouwontwikkelingen worden aan geldende beleidskaders getoetst en vanuit woningbouw het meest recent: het Volkshuisvestingprogramma 2025-2030. 3. Er is geen actief beleid voor het behoud van detailhandel in de kernen. Het college heeft een afweging te maken ten aanzien van woningbouwontwikkeling. Inbreiding is daarbij één van de meest geschikte/gewenste opties. 4. Er is deels rekening gehouden met het advies van Buro Waalbrug. Het aantal woningen is verminderd van 48 naar 42. Het aantal woongebouwen is teruggebracht van vier naar drie. Het college heeft een stedenbouwkundig advies gevraagd voor een passende invulling op deze locatie. Om te kunnen voldoen aan de grote vraag aan woningen heeft het college er uiteindelijk toch de voorkeur gegeven aan een afwijkende invulling van het stedenbouwkundige advies aan de achterzijde van het terrein, vanwege de woningbouwopgave. Aan de voorkant van het terrein (zijde Kasteellaan) is wel rekening gehouden met het advies van Buro Waalbrug. 5. Zie voor de actieve communicatie de gemeentelijke website, hier wordt actief gecommuniceerd over woningbouwprojecten.

In overleg met ontwikkelaar en meerdere reclamanten is overleg geweest over hoe het project verder te brengen naar afronding. Het ruimtelijk plan wordt als gevolg van deze zienswijze niet gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan.

Zienswijze 5 Ontvankelijkheid De schriftelijke zienswijze is op 29 januari 2024 tijdig ontvangen, binnen de gestelde termijn. De zienswijze is inhoudelijke onderbouwd en voldoet aan de gestelde eisen. De zienswijze is ontvankelijk. Zienswijze 1. Reclamant geeft aan dat het participatietraject niet zorgvuldig is doorlopen. Een door reclamant aangedragen alternatief, namelijk parkeergelegenheid ten zuidoosten van het plangebied, is niet serieus overwogen. 2. Reclamant geeft aan dat de bouwhoogtes te hoog zijn en niet passen binnen de gebiedskarakteristiek van een dorp. Dit wordt ook weerspiegeld in het stedenbouwkundig advies van buro Waalbrug die stelt dat het plan niet overeenkomt met de dorpse maat en schaal. 3. Reclamant vreest voor privacyhinder, omdat er volgens reclamant inkijk krijgt op zijn perceel van een appartementengebouw met een bouwhoogte van 11 meter hoog. Een goede ruimtelijke ordening ex artikel 3.1 Wro ontbreekt. 4. Reclamant is van mening dat de laddertoets (van duurzame verstedelijking) niet voldoende is doorlopen. Het plan is vooral bedoeld voor senioren, maar het is niet duidelijk of senioren in dit plan geïnteresseerd zijn. Het is onduidelijk of het plan aantrekkelijk genoeg is voor senioren. Het plan zal zelfs jongeren en arbeidsmigranten aantrekken. 5. Het ontwerpbestemmingsplan is onvoldoende voorbereid en in strijd met het motiveringsbeginsel.

Reactie

1. Met reclamant is meerdere keren overleg geweest. Het initiatief is daarop aangepast. Het aantal woningen is verminderd, waardoor woningen op eigen terrein kunnen worden gerealiseerd. 2. Het college heeft een stedenbouwkundig advies gevraagd voor een passende invulling op deze locatie. Om te kunnen voldoen aan de grote vraag aan woningen heeft het college er uiteindelijk toch de voorkeur gegeven aan een afwijkende invulling van het stedenbouwkundige advies aan de achterzijde van het terrein, vanwege de woningbouwopgave. Aan de voorkant van het terrein (zijde Kasteellaan) is wel rekening gehouden met het advies van Buro Waalbrug. 3. Het is algemeen geaccepteerde jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State dat in Nederland er geen absoluut recht op privacy in binnenstedelijke ontwikkelingen bestaat. Inkijk en vermindering van privacy bij ontwikkelingen in binnenstedelijk gebied zijn onvermijdelijk. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van 16 maart 2022: ECLI:NL:RVS:2022:761, r.o. 4.1. 4. De laddertoets is doorlopen en voldoet aan alle wettelijke eisen, zie hiervoor de motivering bij dit initiatief. De woningen voldoen aan de eisen van levensloopbestendigheid en garanderen daarmee dat zij geschikt zijn voor meerdere demografieën en dus voor zowel starters als senioren.

De oppervlakten variëren tussen de 60 en 80 m2, waarmee de geschiktheid voor een mix van doelgroepen is gegarandeerd. De uiteindelijke verkoop van de woningen wordt overgelaten aan de markt. De gemeente Bergen (L) bepaalt niet wie in deze woningen komt te wonen. 5. De BOPA-vergunning is voldoende voorbereid en gemotiveerd en voldoet aan alle wettelijke eisen. Zie hiervoor de motivering en bijlagen. Het ruimtelijk plan wordt als gevolg van deze zienswijze gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. Zienswijze 6 Ontvankelijkheid De schriftelijke zienswijze is op 30 januari 2024 tijdig ontvangen, binnen de gestelde termijn. De zienswijze is inhoudelijke onderbouwd en voldoet aan de gestelde eisen. De zienswijze is ontvankelijk. Zienswijze 1. Reclamant geeft aan dat het uiterlijk van de woningen zorgen baart. 2. Reclamant geeft aan dat de woningen een andere doelgroep dienen dan in de inwoners van Well. 3. Reclamant geeft aan dat het plan arbeidsmigranten zal aantrekken. Om dit te voorkomen moet in het plan worden opgenomen dat niet meer mensen dan bedoeld is voor iedere woning, mogen wonen in één woning (1 huishouden per woning). 4. Op de plek die doorloopt naar het parkeerterrein kunnen ook nog woningen worden gezet. De woningen kunnen dan lager worden gerealiseerd. 5. Er ontstaat op 2 punten onnodige verkeersdruk. Reactie 1.

Het college heeft een stedenbouwkundig advies gevraagd voor een passende invulling op deze locatie. Om te kunnen voldoen aan de grote vraag aan woningen heeft het college er

uiteindelijk toch de voorkeur gegeven aan een afwijkende invulling van het stedenbouwkundige advies aan de achterzijde van het terrein, vanwege de woningbouwopgave. Aan de voorkant van het terrein (zijde Kasteellaan) is wel rekening gehouden met het advies van Buro Waalbrug.

2. Bewoning door meer dan één huishouden wordt op twee manieren tegengegaan. In de begripsbepaling van de vergunning neemt de gemeente de definitie op van ‘huishouden’, zoals in het plan ‘Kom Well’. Verder is bewoning als afhankelijke woonruimte of kamerbewoning als ongewenst gebruik bestempeld in artikel 4.5.1. van de planregels, in lijn met omringende het moederplan. Daarmee is bewoning door meer dan één huishouden dubbel uitgesloten. 3. Bewoning door meer dan één huishouden wordt op twee manieren tegengegaan. In de begripsbepaling van de vergunning neemt de gemeente de definitie op van ‘huishouden’, zoals in het plan ‘Kom Well’. Verder is bewoning als afhankelijke woonruimte of kamerbewoning als ongewenst gebruik bestempeld in artikel 4.5.1. van de planregels, in lijn met omringende het moederplan. Daarmee is bewoning door meer dan één huishouden dubbel uitgesloten. 4. Het plan is aangepast ten opzichte van het ontwerp: het aantal woningen is verminderd, waardoor woningen op eigen terrein kunnen worden gerealiseerd. Daarnaast dient iedere ontwikkeling binnen de gemeente Bergen (L) te voldoen aan de eis dat parkeervoorzieningen op eigen terrein geborgd kunnen worden. Daar voldoet dit plan dan ook aan.

5. Het vernieuwde ontwerp is vormgegeven dat het verkeer zo loopt dat er geen directe aansluiting tussen de wijkaansluiting en het parkeerterrein. De verkeersstromen zullen dus gescheiden worden en er zal geen gevaarlijke verkeerssituatie ontstaan. Het ruimtelijk plan wordt als gevolg van deze zienswijze niet gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan.

3 Vervolgprocedure De verlening van de BOPA-vergunning door het college is voorzien op 7 oktober 2025. De bezwaartermijn van zes weken vangt aan op de dag na de terinzagelegging van het besluit. Belanghebbenden zijn in de gelegenheid om gedurende de bezwaartermijn een bezwaarschrift in te dienen bij het college van Burgemeester en Wethouders de gemeente Bergen. Daarna volgt de mogelijkheid van beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verleende BOPA-vergunning treedt in werking op de dag nadat de beroepstermijn is afgelopen. Hierbij geldt het voorbehoud dat wanneer iemand een voorlopige voorziening aanvraagt en deze wordt toegekend, de inwerkingtreding van het plan kan worden geschorst.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16225207/1