CConstaterende datBergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2025

Overige evenementen 8 juni 2026, gemeente BergenBij agendapunt: Technische vragen jaarstukken 2025;32.320 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Jaar Jaar nieuwe vaststelling vaststelling

Achterstallig onderhoud

Opgenomen in begroting structureel budget

2025

2031

geen achterstand

n.v.t. 2016 2026 2013 2021

n.v.t. 2026 2030 2026 2026

geen achterstand egalisatie voorziening geen achterstand structureel budget geen achterstand egalisatie voorziening geen achterstand structureel budget geen achterstand structureel budget

Wegen We willen actief en preventief voor goede wegen zorgen. Als wegbeheerder zijn we verantwoordelijk voor de staat van het onderhoud en de veiligheid van de openbare wegen binnen onze gemeente. Het beheer vraagt een gestructureerde aanpak. De uitkomsten van de wegenschouw, planning en begroting zijn vastgelegd in het digitale beheersysteem van de gemeente Bergen: GBI. In het wegenbeheersplan gaan we uit van: ‘een goede staat van de wegen met een minimaal risico op schade voor weggebruikers. De nota Gemeentelijk Wegen Water en Riool programma 2026-2031 is eind 2025 aan de Raad aangeboden. Dit programma zal periodiek worden geëvalueerd. In 2025 is als dotatie in de reserve kapitaalslasten infrastructuur € 257.125 toegevoegd. De kapitaallasten van de rehabilitatie van wegen worden gedekt door de reserve kapitaallasten infrastructuur. De stand van deze reserve is € 468.964 op 31 december 2025. Kunstwerken Een goede en veilige staat van onderhoud van 42 kunstwerken is gegarandeerd door het programmatisch uitvoeren van onderhoud. Op basis van inspecties en kengetallen is een meerjarenplanning voor de onderhoudswerkzaamheden van de kunstwerken opgesteld. Uit deze meerjarenplanning blijkt dat, uitgezonderd een aanvullende investering voor het onderhoud van enkele grote kunstwerken, het structurele jaarlijkse budget voor de komende 5 tot 10 jaar toereikend is.

Daarbij wordt een structureel bedrag toegevoegd aan de onderhoudsvoorziening in dit kader.

54

Kosten onderhoudsplan wegen

volgens Begroting 2025 Rekening 2025 Rekening 2024

Onderhoudslasten Kapitaallasten Dotatie reserve kapitaallasten

191.945 559.035 247.125

212.239 555.482 257.125

160.085 555.444 257.125

Totaal

998.105

1.024.846

972.654

Riolering en Water De gemeente staat voor een aanzienlijke opgave voor de openbare inrichting. De impact en planning is eind 2025 voorgelegd aan de raad via het Gemeentelijk Wegen, Water en Rioleringsplan. Dit plan omvat grootschalige investeringen in de openbare ruimte. Deze investeringen zijn noodzakelijk omdat de uitbreidingswijken die in de periode 1950 - 1965 gebouwd zijn inmiddels aan grootschalige vervanging toe zijn door het bereiken van de technische levensduur van de totale inrichting. Het gecombineerde Wegen en Rioleringsplan is een voortzetting van het voorgaande beleid met een prominentere plek voor het klimaat-adaptief maken van de leefomgeving. Daarnaast lag de focus in de planperiode op het continueren van de afkoppel-activiteiten bij particulieren en in de openbare ruimte, het oplossen van een aantal knelpunten van wateroverlast, het verbeteren van waterkwaliteit en regionale samenwerking. De voorziening riolering is ten behoeve van het onderhoud en vervanging. De stand van de voorziening riolering is per ultimo 2025 € 1.371.504. Wij gaan er vanuit dat de voorziening toereikend is mits de jaarlijkse verhoging die in het GWWRP is aangegeven doorgevoerd wordt. Verlichting We willen de openbare verlichting op een efficiënte en energiezuinige manier inrichten en onderhouden.

In 2024 en 2026 is een restkrediet beschikbaar gemaakt voor het aanbrengen van LEDverlichting als vervanging voor de traditionele straatverlichting in de openbare ruimte. Met deze kredieten worden de laatste schakels gerealiseerd. Bergen voldoet reeds in 2025 aan de landelijke doelstellingen van 2030. Groen Het nieuwe groenstructuurplan van 2026 bepaalt de contouren voor de inrichting van en het onderhoudsniveau voor het groen in de openbare ruimte. We gaan voor het verbeteren van de flora en fauna op een veilige en functionele manier, waarbij de beleving van de openbare ruimte ook verbeterd wordt. In 2025 zijn we gestart met het nieuwe groenstructuurplan. Vanwege gemeentelijke ambities en ontwikkelingen op diverse relevante groene thema’s is behoefte aan een geactualiseerd groenstructuurplan. Thema’s binnen dit plan zijn; klimaatomstandigheden, biodiversiteit, ziekten, plagen en invasieve exoten, effectievere inrichting en beheer van de groene ruimte. Het nieuwe bestek zal beter aansluiten bij de huidige hoeveelheden (meer areaal groen), meer gericht op biodiversiteit en op een efficiëntere manier van werken. Daarnaast zal het plan een vertaling bieden van de Omgevingsvisie Bergen 2030 naar het beheer en beleid van de openbare ruimte. Oppervlakte in ha. Openbaar groen Gras Beplanting

26,22 13,8 12,42

55

Gebouwen In aansluiting op de verbouwingen van het gemeentehuis en de gemeentewerf/brandweerkazerne zijn de verouderde onderhoudsplannen geactualiseerd en vervangen door een integraal meerjarig onderhoudsplan. Hierbij is gebruik gemaakt van de NEN 2767 methode voor conditiemetingen. De onderhoudsplannen zijn opgenomen in het softwarepakket voor facilitair beheer, waardoor we structureel inzicht hebben in de conditie van onze objecten. Dit ondersteunt ons bij risico-gestuurd onderhoud, een doelmatige planning en het actualiseren van het meerjarig onderhoudsplan. De gemeente heeft momenteel circa 44 objecten in eigendom, met een gezamenlijke verzekerde waarde van € 40 miljoen. In 2024–2025 is de verbouwing van het gemeentekantoor uitgevoerd. In 2026 wordt de verbouwing van het hoofdgebouw op de gemeentewerf afgerond. Hierdoor voldoen het gemeentehuis en de gemeentewerf aan de actuele ARBO- en duurzaamheidseisen en zijn deze gebouwen toekomstbestendig gemaakt voor onze inwoners en medewerkers. Speeltuinen De speelvoorzieningen worden vervangen aan de hand van een flexibel vervangingsschema. Wij gaan het aantal speeltoestellen niet uitbreiden, omdat er voldoende toestellen zijn. In het vastgestelde speeltuinenbeleid kunnen de speeltoestellen worden vervangen die niet meer veilig zijn. Voorwaarde is wel dat er nog behoefte aan is.

Financiële vertaling In onderstaande tabel is de financiële vertaling van de onderhoudsplannen weergegeven . volgens volgens Budgetten per onderdeel primitieve Rekening 2025 Rekening 2024 Begroting 2025 (bedrag x € 1.000)

Openbaar groen Riolering & water Wegen Verlichting Onderhoud gebouwen Kunstwerken Speeltuinen Totaal

131 533 192 37 99 3 41

49 806 173 57 300 23 52

63 741 166 58 298 1 46

1.036

1.460

1.373

56

Paragraaf D Financiering Algemeen De paragraaf financiering is een verplichte paragraaf in de begroting en de jaarstukken. In de jaarstukken 2025 wordt in deze paragraaf verantwoording afgelegd over de uitvoering van het financiering- en treasurybeleid zoals opgenomen in de begroting 2025. Daarbij wordt onder meer inzicht gegeven in het risicobeheer van de financieringsportefeuille, de ontwikkeling van de leningenportefeuille, de naleving van kasgeldlimiet en de renterisiconorm, de toepassing van schatkistbankieren, de rentelasten en rentebaten, het renteresultaat, de wijze van rentetoerekening aan investeringen, grondexploitatie en taakvelden en de gerealiseerde financieringsbehoefte. Voor gemeenten wordt het wettelijke kader voor de treasuryfunctie in hoofdzaak gevormd door het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). Daarnaast zijn onder meer Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden, de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo) en de regeling schatkistbankieren decentrale overheden van toepassing. Dit normenkader is gericht op een prudente en transparante inrichting van de treasuryfunctie en op het beheersen van rente-, krediet-, en liquiditeitsrisico’s.

In dat kader gelden onder meer de wettelijke normen voor de kasgeldlimiet en de renterisiconorm, evenals de verplichting om overtollige middelen aan te houden in 's Rijks schatkist. Beleidsvoornemens Het Treasurystatuut 2021 Gemeente Bergen L vormt het beleidskader voor de uitvoering van de treasuryfunctie. In dit statuut zijn de uitgangspunten, doelstellingen, taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden met betrekking tot treasury vastgelegd. Het statuut is van kracht sinds 22 november 2022 en vormt een nadere uitwerking van kaders zoals bedoeld in de financiële verordening. Voor het renterisicobeheer hanteert de gemeente de volgende uitgangspunten: 1. De kasgeldlimiet wordt niet overschreden; 2. De renterisiconorm wordt niet overschreden; 3. Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning; 4. De rentetypische looptijd en het renteniveau van leningen en uitzettingen worden zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie; 5. De rentevisie van de gemeente wordt jaarlijks opgesteld en opgenomen in de paragraaf financiering van de begroting. In de programmabegroting 2025 zijn voor de treasuryfunctie geen aanvullende beleidsvoornemens opgenomen. De uitvoering van de treasuryfunctie heeft in 2025 plaatsgevonden binnen de kaders van het treasurystatuut en de relevante wet- en regelgeving.

In 2025 is aan deze beleidsuitgangspunten voldaan. Daarmee is invulling gegeven aan het treasurystatuut en de wet- en regelgeving vastgelegde kader voor prudent treasurybeheer. Liquiditeitspositie In onderstaande tabel is de gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal in 2025 opgenomen, inclusief de toetsing aan de kasgeldlimiet. Ter opvang van tijdelijke liquiditeitstekorten beschikte de gemeente in 2025 over een rekening-courant faciliteit bij BNG bank met een kredietlimiet van € 500.000. De debetrente over het opgenomen saldo bedraagt 1-maands Euribor vermeerderd met een opslag van 0,12% (12 basispunten). Voor zover van de faciliteit gebruik is gemaakt, is het opgenomen saldo aangemerkt als kortlopende schuld en betrokken in de toetsing aan de kasgeldlimiet.

57

Berekening van de liquiditeitspositie (bedrag x € 1.000)

2025 heel jaar

Berekening vlottende schuld Vlottende schuld

242.676

Vlottende middelen Per saldo vlottende middelen

256.968 14.292

Berekening van de kasgeldlimiet Begrotingstotaal (lasten excl. Reservemutaties) Ministerieel percentage Kasgeldlimiet

44.387 8,5 3.773

Berekening ruimte binnen kasgeldlimiet Gemiddelde vlottende middelen Kasgeldlimiet Ruimte tot kasgeldlimiet

14.292 3.773 18.065

Rentebeleid De paragraaf financiering geeft, conform artikel 13 van het BBV, inzicht in het risicobeheer van de financieringsportefeuille, de rentelasten, het renteresultaat, de wijze van rentetoerekening aan investeringen, grondexploitatie en taakvelden en de financieringsbehoefte. In lijn met de Notitie Rente 2023 van de Commissie BBV is hiervoor een renteschema opgenomen. Renteschema

Begroting 2025

Rekening 2025

372.557 -43.610 328.947

235.871 -1.733 234.138

0

0

0

0

Rentebaat van door verstrekte leningen die die doorberekend moeten worden aan taakveld Rente naar taakvelden

0 0

0 0

Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Rente over vermogen

0 0 0

0 0 0

Te verdelen rentekosten

328.947

234.138

Aan taakvelden toebedeelde rente (0,5%)

-324.671

-326.298

4.276

-92.160

Externe rentelasten Externe rentebaten Rentesaldo Rente die doorberekend moet worden aan het grondbedrijf Rente projectfinanciering die doorberekend moet worden aan taakveld

Renteresultaat

58

Risicobeheer Het risicobeheer binnen de treasuryfunctie is gericht op het beheersen en beperken van financiële risico's die samenhangen met de financiering en het uitzetten van middelen. Het treasurystatuut vormt daarbij het interne normenkader voor de uitvoering van de treasuryfunctie. De externe kaders zijn vastgelegd in de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido), de daarop gebaseerde Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden en voor de verslaggeving het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Binnen het treasuryrisicobeheer vormt het renterisico een belangrijke risicocategorie. Voor gemeenten zijn daarbij met name de kasgeldlimiet en de renterisiconorm van belang. De kasgeldlimiet begrenst het renterisico op de kortlopende financiering en bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. De renterisiconorm begrenst het renterisico op de vaste schuld en bedraagt 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar, met een wettelijk minimumbedrag van € 2,5 miljoen. De kasgeldlimiet wordt getoetst aan de gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal. De renterisiconorm heeft betrekking op het renterisico op de vaste schuld en wordt bepaald door de mate waarin leningen in enig jaar moeten worden geherfinancierd of waarbij sprake is van renteherziening.

Op grond van de Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden wordt het renterisico op de vaste schuld berekend als de som van het bedrag aan herfinanciering en het bedrag aan renteherziening. Deze wettelijke normen beogen renterisico's in de tijd te spreiden en te beheersen, zodat grote schommelingen in rentelasten en de daaruit voortvloeiende budgettaire effecten voor de gemeente zoveel mogelijk worden voorkomen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet begrenst de omvang van de kortlopende financiering van de gemeente en is bedoeld om het renterisico op kortlopende leningen te beheersen. Op basis van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en de Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden bedraagt de kasgeldlimiet 8,5% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. De toetsing vindt plaats aan de hand van de gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal. Dit betreft het gemiddelde van de netto-vlottende schuld op de eerste dag van iedere maand in het betreffende kwartaal. Door binnen de kasgeldlimiet te blijven, voorkomt de gemeente een te grote afhankelijkheid kortlopende financiering en wordt het renterisico op korte termijn beperkt. De gemeente rapporteert jaarlijks in de jaarrekening aan de toezichthouder over onder meer de kasgeldlimiet en de gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal.

Indien de kasgeldlimiet gedurende drie achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden, wordt de toezichthouder hierover geïnformeerd en wordt de kwartaalrapportage met een plan om weer binnen de limiet te blijven ter goedkeuring voorgelegd. Uitgaande van een begrotingstotaal bij aanvang van het jaar van € 44,3 mln en het wettelijke percentage van 8,5% komt de kasgeldlimiet voor 2025 uit op € 3,8 mln. Dit is de maximale gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal die de gemeente in 2025 op grond van de wet- en regelgeving mocht aanhouden. Realisatie kasgeldlimiet

Kwartaal

Kwartaal

Kwartaal

Kwartaal

x € 1.000

1-2025

2-2025

3-2025

4-2025

Kasgeldlimiet (toegestane schuld)

3.773

3.773

3.773

3.773

Positief saldo vlottende middelen

23.110

19.949

10.562

3.549

Ruimte binnen kasgeldlimiet

26.883

23.722

14.335

7.322

59

Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel het renterisico op de vaste schuld te beheersen door de momenten van renteherziening en herfinanciering in de tijd te spreiden. Hiermee wordt voorkomen dat een te groot deel van de leningenportefeuille in één jaar moet worden geherfinancierd of in hetzelfde jaar wordt geconfronteerd met renteherziening. Voor gemeenten bedraagt de renterisiconorm op grond van de Wet financiering decentrale overheden en de Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar, met een wettelijk minimumbedrag van € 2,5 mln. Het renterisico op de vaste schuld wordt berekend als de som van het bedrag aan herfinanciering en het bedrag aan renteherziening op de vaste schuld. In praktijk wordt dit in de financieringsparagraaf veelal inzichtelijk gemaakt aan de hand van renteherzieningen en de aflossingen op de vaste schuld. Door het renterisico af te zetten tegen de renterisiconorm wordt beoordeeld of de gemeente binnen de wettelijke norm blijft. Uitgaande van het begrotingstotaal bij aanvang van 2025 van € 44.387 x € 1.000 bedraagt de renterisiconorm voor 2025 € 8.877 x € 1.000. Dit bedrag ligt boven het wettelijk minimumbedrag van € 2,5 mln. De gemeente blijft in 2025 binnen de wettelijke renterisiconorm indien het renterisico op de vaste schuld in 2025 niet hoger is dan € 8.877 x € 1.000.

Berekening van de renterisico norm x € 1.000

Begroting 2025

Rekening 2025

44.387 20%

44.387 20%

8.877,40

8.877,40

Begrotingstotaal (lasten excl. Reservemutaties) Ministerieel percentage Rente risiconorm Leningen portefeuille

De huidige leningenportefeuille bestaat uit drie vaste geldleningen aangegaan met de NV Bank Nederlandse Gemeenten en één kasgeldlening. Leningen in portefeuille

Vaste geldleningen

1-1-2025

mutaties

35.651.775

Contractuele aflossingen

-2.876.275

Opname

8.000.000

Saldo vaste geldleningen Kasgeldleningen

40.775.500 6.000.000

Aflossingen

-81.500.000

Opname

77.000.000

Saldo kasgeldleningen Telling

31-12-2025

1.500.000 41.651.775

60

623.725

42.275.500

Paragraaf E Bedrijfsvoering Indeling De paragraaf bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Aan de orde komen: • De organisatie en organisatieontwikkeling; • Strategische personeelsplanning; • Regionale samenwerking; • Personeelskosten. Algemeen De Gemeente Bergen acteert in een dynamische omgeving waarin zij haar toegevoegde waarde naar partners en burgers voortdurend moet bewijzen en waarin de verwachtingen hoog zijn. Organisatie Een goed openbaar bestuur doet er toe en dient daarin ondersteund te worden door een goed toegerust ambtelijk apparaat. Uitgangspunt is een sterke en flexibele eigen organisatie. In 2025 is verder gewerkt aan het operationaliseren van de organisatievisie en een daarbij passende structuur. Organisatieontwikkeling In 2025 is verder gewerkt aan de gewenste doorontwikkeling van de organisatie. Een ontwikkeling die aan de hand van een 4-tal thema’s gericht is op verbeteringen in de wijze waarop het werk is georganiseerd en de wijze waarop hieraan door de organisatie invulling wordt gegeven. Het betreft de 4 thema's: • Leiderschap • Dienstverlening • Kwaliteit werkorganisatie • Personeel & organisatie Regionale samenwerking Het coalitieakkoord gaat er van uit, dat wij waar mogelijk en nodig blijven samenwerken met andere overheden.

Echter, samenwerken is geen doel op zich, maar moet in het belang zijn van onze gemeente. Tot op heden hebben wij in Noord- en Midden Limburg meerdere samenwerkingsverbanden. Sommige zijn wettelijk voorgeschreven, andere zijn vrijwillig aangegaan. Alle zijn daarbij van invloed op onze organisatie vanuit de gedachte dat dit (op termijn) zijn effect krijgt op kwaliteit en kosten. Te noemen zijn: • De RUD (Regionale Uitvoeringsdienst), in transitie naar de Omgevingsdienst NML, waar tenminste de basistaken milieu worden uitgevoerd. • De Veiligheidsregio Limburg Noord (VRLN) voor crisisbeheersing, openbare veiligheid en gezondheidszorg. • Uitvoering van de Regiovisie Bergen, Gennep en Mook en Middelaar, ter versterking van de regionale structuur. • Grensoverschrijdende samenwerking tussen de gemeenten Bergen, Gennep, Goch, Kalkar, Land van Cuijk, Mook en Middelaar, Uedem en Weeze rond thema’s die verbinden. • Uitvoering van de regiovisie van de Regio Noord-Limburg gezamenlijk door de 8 gemeenten, enerzijds via de Regiodeal, een partnerschap tussen Rijk, provincie en regio om brede maatschappelijke opgaven vanuit de regio op te pakken en anderzijds via de investeringsagenda, een samenwerking tussen provincie en regio. • De MGR sociaal domein voor gezamenlijke inkoop van zorg.

61

Personeelskosten Vaste en tijdelijke personeelskosten Het ingerichte proces van managementrapportages zorgt ervoor dat we goede stuurinformatie hebben en in control zijn op gebied van personele kosten. Bestuurlijk wordt elk kwartaal gerapporteerd. De externe inhuur wordt ingezet daar waar specifieke expertise ontbreekt. Voorop staat dat er eerst gekeken wordt naar kansen voor de eigen medewerkers in de zin van ontwikkelkansen. Jobcarving en investeren in het opleiden van medewerkers in de praktijk helpt de organisatie in het vinden van oplossingen in een nog steeds gespannen arbeidsmarkt. Het systeem van de Maraps werkt zodanig dat we elke maand alle budgetten volgen. Maandelijks worden gesprekken gehouden met alle budgetbeheerders. Het budget voor vast- en tijdelijk personeel werd op dezelfde manier gevolgd. De inhuur van externen laat een vergelijkbaar beeld zien in de uitgaven t.o.v. 2024 behoudens de prijsstijgingen als gevolg van CAO stijgingen. Arbeidsvoorwaarden In- en uitstroom De organisatie is op een verantwoorde manier bezig met haar personeelsbeleid. We geven ons werkgeverschap vorm door een actieve gesprekscyclus te hanteren. Het beeld in de groep 55 jaar en ouder laat voornamelijk een natuurlijk verloop zien, zoals zelf vervroegd stoppen met werken, of het behalen van de AOW gerechtigde leeftijd.

De uitstroom in overige categorieën heeft te maken met persoonlijke ambitie welke gevonden is buiten de organisatie. Vitaliteitsbeleid Gemeente Bergen In de CAO Gemeenten (2024) is afgesproken dat gemeenten een vitaliteitsbeleid opstellen voor hun organisatie. Dit vitaliteitsbeleid is tot stand gekomen in dialoog met de ondernemingsraad als afvaardiging van alle medewerkers. Vitaliteit is immers een gezamenlijke verantwoordelijkheid van werkgever en werknemer. In het beleid is de volgende visie verwoord: “Gemeente Bergen is een vitale organisatie. Onze medewerkers hebben plezier in hun werk en zijn zo fit en veerkrachtig mogelijk. Ze werken in een fijne, gezonde en veilige werkomgeving ten dienste van de Bergense samenleving.” Uitvoeringsagenda vitaliteitsbeleid 2025-2027 Vanuit een brede ambtelijke werksessie zijn veel concrete activiteiten benoemd die invulling geven aan het vitaliteitsbeleid. De werkgroep Vitaliteit heeft hier een prioritering in aangebracht. De uitvoeringsagenda bestaat uit prioritaire activiteiten die we in de komende jaren willen oppakken. Arbo & RIE Voor een goede huisvesting van het personeel is het afgelopen jaar verder gewerkt aan de verbouwing van het gemeentehuis en de gemeentewerf. De werkzaamheden aan het gemeentehuis zijn in oktober 2025 afgerond. Resterende afrondpunten zijn nog gaande.

Op basis van de gerealiseerde verbouwing is eind 2025 een feitelijke toets opgestart. De beoordeling of volledig wordt voldaan aan relevante wet- en regelgeving vindt plaats in het eerste kwartaal 2026. In december 2025 is een begin gemaakt met het opmaken van de Arbo & RIE rapportage welke gereed zal zijn begin 2026. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage 2025 is 7,43. Deze is gedefinieerd als het totaal aantal ziektedagen van de medewerkers, in procenten van het totaal aantal beschikbare kalenderdagen van de medewerkers in het jaar 2025. Het verzuimpercentage in 2025 is gestegen ten opzichte van 2024. De casuïstiek is persoonlijk en vraagt maatwerk. De huidige langdurige lopende ziekte casuïstiek betreft medewerkers met een medisch dossier. De organisatie blijft consequent sturen op de uitvoering van de Wet verbetering Poortwachter in nauwe samenspraak met leidinggevenden en de Arbodienstverlener, de Bedrijfspoli.

62

Informatisering en automatisering Er is geïnvesteerd in de vernieuwing en versterking van de ICT-infrastructuur, met als doel de continuïteit van de bedrijfsvoering, de informatiebeveiliging en de kwaliteit van dienstverlening structureel te borgen. Ten behoeve van de ondersteuning van werkprocessen en overlegvormen zijn nieuwe presentatieschermen in gebruik genomen. Daarnaast is een nieuwe serverruimte ingericht en operationeel gemaakt. Deze voorziening voldoet aan actuele normen voor beschikbaarheid en beveiliging en draagt bij aan een robuuste en toekomstbestendige ICT-omgeving. Het afsprakenportaal en de bijbehorende zuil zijn geüpgraded om de dienstverlening aan interne en externe klanten te verbeteren en aan te laten sluiten op veranderende functionele en beveiligingseisen. Ook is het draadloze netwerk gemoderniseerd door de vervanging van Access Points, wat heeft bijgedragen aan een stabielere en beter presterende netwerkvoorziening. Verder zijn verschillende verouderde bedrijfsmiddelen vervangen, waaronder printers, het toegangssysteem en de UPS-voorziening. Deze vervangingen zijn uitgevoerd om de betrouwbaarheid, beheersbaarheid en beschikbaarheid van kritische voorzieningen te waarborgen. Op het gebied van informatiebeveiliging is de bestaande Security Information and Event Management (SIEM) / Security Operations Center (SOC) oplossing vervangen.

Hiermee is de monitoring en opvolging van beveiligingsincidenten verbeterd en wordt beter voldaan aan de geldende eisen en risico's op het gebied van informatiebeveiliging. De uitgevoerde investeringen en vervangingen dragen gezamenlijk bij aan een stabiele, veilige en toekomstgerichte ICT-infrastructuur en ondersteunen de doelstellingen van de organisatie op het gebied van continuïteit en risicobeheersing. Huisvesting In 2025 is het gerenoveerde gemeentehuis opgeleverd. De werkzaamheden zijn binnen de door de gemeenteraad vastgestelde financiële en inhoudelijke kaders uitgevoerd. Met de renovatie voldoet het gebouw weer aan de actuele ARBO-regelgeving en is het verduurzaamd tot energielabel A++++. Hiermee is een toekomstbestendige werkomgeving gerealiseerd voor zowel medewerkers als bezoekers. Daarnaast is in 2025 gestart met de renovatie van de gemeentewerf/brandweerkazerne. Deze werkzaamheden richten zich op het verbeteren van de functionaliteit, veiligheid en duurzaamheid van de faciliteiten voor onze buitendienst. De afronding van dit project staat gepland voor begin 2026. Juridische zaken Wet elektronische publicaties Op 1 juli 2021 is de Wet elektronische publicaties (Wep) van kracht geworden. Deze wet verplicht bestuursorganen om alle officiële publicaties online te plaatsen via de website www.officielebekendmakingen.nl.

Deze wetswijziging heeft als doelstelling om burgers digitaal te informeren over besluiten van de overheidsinstellingen die impact hebben op hun leefomgeving. Voorheen gebeurde dat via lokale media, in ons geval de Maasduinen Courant. Dit vindt nu nog plaats als aanvullende service voor onze inwoners. Juridische zaken draagt in samenwerking met een extern bureau zorg voor bekendmaking (op officiële bekendmakingen) en consolidatie (op overheid.nl) van alle (wijzigingen in) verordeningen en beleidsregels, waardoor thans een compleet en actueel overzicht van regelgeving van de gemeente Bergen is ontstaan op overheid.nl. Privacy De Functionaris Gegevensbescherming (FG) houdt binnen de gemeente onafhankelijk toezicht op de omgang met persoonsgegevens en de toepassing en naleving van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Wet politiegegevens (Wpg). De Privacy Officer (PO) houdt zich bezig met de uitvoering en advisering van de organisatie. Regionaal worden periodiek privacy overleggen gevoerd en wordt belangrijke informatie met elkaar gedeeld. De FG, PO en Chief Information Security Officer (CISO) fungeren binnen de organisatie als eerste aanspreekpunt voor vragen met betrekking tot gegevensbescherming.

De samenwerking tussen informatieveiligheid en privacy is zodanig ingericht, dat het motto “De juiste informatie, voor de juiste persoon op het juiste moment beschikbaar ” in alle processen en informatieverwerkingen wordt doorgevoerd. Het enige verschil tussen beide vakgebieden is dat privacy alleen gaat over persoonsgegevens en informatieveiligheid over alle gegevens, medewerkers, gebouwen en processen. Deze samenwerking komt ook terug in de gezamenlijke inrichting en gebruik

63

van het Information Security Management Systeem (ISMS), waardoor het uitvragen van de stand van zaken van de informatiehuishouding voor de verschillende audits en vakgebieden is gecentraliseerd en hierdoor de administratieve last is teruggebracht. Binnen de gemeente zijn alle verplichte AVG procedures, registers en beleidsstukken aanwezig. Bewustwording van medewerkers is een doorlopend proces, waarbij ook in 2025 aandacht is geschonken aan een verdere verankering van privacy en bewustwording van eenieder binnen de gemeentelijke organisatie. In 2025 zijn er 7 Data Protection Impact Analyses (DPIA), oftewel risicoanalyses op het gebied van persoonsgegevens, verplicht uitgevoerd. De hieruit voortvloeiende aanbevelingen worden overgenomen en middels monitoring wordt de voortgang bewaakt. Daarnaast worden doorlopend verwerkersovereenkomsten gesloten met partijen die namens de gemeente persoonsgegevens verwerken. In 2025 zijn er 11 datalekken geweest. De impact en de omvang van de datalekken heeft er in 2 gevallen toe geleid dat melding aan de toezichthoudende instantie, de autoriteit Persoonsgegevens, noodzakelijk was. Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) De volledige wet treedt per 1-1-2026 in werking. De gemeente voldoet aan de eis (Zorgplicht) die per 1 oktober 2024 in werking is getreden.

Het ontvangen van berichten conform de wet is inricht, beschreven en vastgesteld. Het verzenden van elektronische berichten vindt plaats via de traditionele weg (beveiligde email). Het beschikbaar stellen van berichten via MijnOverheid of een berichtenbox is in ontwikkeling. Verplichting verduurzaming maatschappelijk vastgoed/kantoren In 2025 hebben we bij zowel het gemeentehuis als de gemeentewerf groot onderhoud uitgevoerd. Een van de belangrijkste redenen was de wettelijke plicht om maatschappelijk vastgoed te verduurzamen. Status implementatie Omgevingswet De status van onze voorbereidingen in het kader van de invoering van de Omgevingswet zijn verantwoord in deel 2 - Programmaverantwoording, onderdeel thema 'Ruimtelijke ordening'. Rechtmatigheidsverantwoording Met ingang van boekjaar 2024 legt het college van B&W verantwoording af aan de raad over de rechtmatigheid. Rechtmatigheid gaat over het toepassen van geldende regelgeving. Het college laat hier actief onderzoek naar doen. De interne controle functionaris voert dit onderzoek uit, als onderdeel van de interne controles. Het college vraagt de accountant ook om een oordeel te geven over de rechtmatige uitvoering in het afgesloten boekjaar.

In deze paragraaf besteden we achtereenvolgens aandacht aan eventueel geconstateerde afwijkingen, naleving aanbestedingsregels (gids proportionaliteit), wet financiering decentrale overheden en geconstateerde fraude. Deze 4 onderwerpen zijn de minimale informatie die volgens de VNG in deze paragraaf toegelicht moet worden. Er is geen aanleiding om aanvullend nog extra informatie in deze paragraaf te vermelden. Afwijkingen In deze alinea worden alle afwijkingen vermeld die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen voor zover deze de rapportagegrens overschrijden. Tegelijk wordt aangegeven welke maatregelen genomen zijn om gelijksoortige afwijkingen in de toekomst te voorkomen. Vooralsnog zijn geen afwijkingen geconstateerd. Aanbestedingsregels gids proportionaliteit Als de normen uit de gids proportionaliteit veelvuldig niet nageleefd worden of slecht gedocumenteerd en/of gemotiveerd zijn, dan moet het college dit melden in deze paragraaf. Vooralsnog zijn geen afwijkingen geconstateerd. Wet financiering decentrale overheden (FIDO) Bij dit onderdeel worden niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van de bepalingen in de wet FIDO en bijbehorende regelingen moeten worden opgenomen en toegelicht.

64

Vooralsnog zijn geen afwijkingen geconstateerd. Fraude De commissie BBV adviseert om geconstateerde fraude door eigen medewerkers toe te lichten in deze paragraaf. In 2025 zijn geen signalen geconstateerd die duiden op fraude. Nader onderzoek was niet nodig. Verklaring rechtmatigheid In de jaarrekening onderdeel 4.5 is de formele rechtmatigheidsverantwoording opgenomen. Dit is een samenvatting van bovenstaande informatie. Rekenkameronderzoeken In 2025 is er een onderzoek uitgevoerd door de Rekenkamercommissie van de gemeente Bergen over het accommodatiebeleid. Daarnaast heeft de regionale Rekenkamercommissie onderzoek gedaan naar Zorgfraude. Onderstaand wordt aangegeven op welke wijze de aanbevelingen zijn opgepakt. Rekenkamerrapport ‘accommodatiebeleid’ Doel onderzoek: Het onderzoek moet inzicht geven in het accommodatiebeleid en de verbeterpunten voor de komende jaren in beeld brengen. Hoofdvraag: Hoe is het accommodatiebeleid van de gemeente Bergen uitgevoerd, hoe vindt het financiële beheer door de accommodaties plaats, hoe is dit georganiseerd en welke knelpunten doen zich voor en hoe kunnen deze knelpunten opgelost worden? Aanbevelingen: 1. Stel als raad in 2025 nieuw accommodatiebeleid op met daarin een set uniforme uitgangspunten die gelden voor alle accommodatie, zoals afspraken over meervoudig gebruik, beheer door vrijwilligers, en minimale kwaliteitseisen.

Geef als raad opdracht aan het college om op basis van het nieuwe beleid in 2026 maatwerkafspraken per accommodatie te maken. 2. Formuleer als raad in 2025 in het nieuw op te stellen accommodatiebeleid expliciet de rol van de gemeente. Kiest de gemeente ervoor om het natuurlijke verloop van accommodaties te accepteren of wordt er actief gestuurd met beleid? 3. Stel als college in 2025 een integraal, concernbreed overzicht op van alle accommodaties, waarin afspraken, technische staat, financiële relaties (incl. verstrekte leningen) en verantwoordelijkheden worden opgenomen. 4. Onderzoek als college in 2025 hoe de gemeente vrijwilligers beter kan ondersteunen, bijvoorbeeld door het verminderen van administratieve lasten (zoals nieuwe wet- en regelgeving) en door training of financiële ondersteuning waar nodig. 5. Maak als college in 2025 inzichtelijk welke impact het Duurzaam Sportpark zal hebben op de bestaande accommodaties, voordat er definitieve besluiten worden genomen. Maak daarbij inzichtelijk welke financiële gevolgen, impact op vrijwilligers en maatschappelijke doelen de ontwikkeling heeft. Rapporteer de resultaten van het onderzoek aan de raad. Voortgang aanbevelingen: Bij vaststelling van het Rekenkamerrapport heeft het college aangegeven dat het opstellen van nieuw accommodatiebeleid in 2025 niet haalbaar is.

In afstemming met de gemeenteraad is afgesproken om in 2025 een buitensportaccommodatiebeleid vast te laten stellen en in 2026 een integraal accommodatiebeleid vorm te geven. De Rekenkamer heeft geadviseerd om een concernbreed overzicht te maken van alle accommodaties. Bij de gemeente is bekend hoe de situatie van de verschillende accommodaties is. In 2026 wordt gekeken naar de mogelijkheden voor het opstellen van een vrijwilligersbeleid. Hier blijkt behoefte naar te zijn vanuit onder andere verenigingen. Ten aanzien van de aanbeveling over de impact van het Duurzaam Sportpark heeft het college in de diverse kernen met lokale bijeenkomsten de concrete impact per kern onderzocht. Bij de MFC’s is een enquête afgenomen over de impact op de MFC’s. Een en ander is opgenomen in de notitie

65

Accommodatiebeleid Buitensport, welke notitie door het college aangeboden is aan de Raad en door de Raad is vastgesteld. Rekenkamerrapport Zorgfraude Doel onderzoek: Het doel van het onderzoek is om zicht te krijgen op de verschillende mechanismes, waarborgen en beheersmaatregelen die op lokaal en regionaal niveau het risico op zorgfraude moeten tegengaan. Hoofdvraag: Wat doen de zeven Noord-Limburgse gemeenten aan de bestrijding van zorgfraude bij de uitvoering van de Jeugdwet en de Wmo en hoe kan het mogelijk beter? Aanbevelingen: 1. Verzoek als raden de colleges om een visie te formuleren op de aanpak van zorgfraude, de bijdrage daaraan van inkoop, contractbeheer, toegang en toezicht en ga hierover als colleges en raden met elkaar in gesprek. 2. Verstevig als MGR je informatiepositie. Voer daartoe (risico)analyses uit op de meldingen die worden gedaan zodat trends, ontwikkelingen en risico’s vroegtijdig gesignaleerd kunnen worden. 3. Zorg voor een duidelijke afstemming en taakafbakening met het toezicht. Expliciteer wie waarvoor verantwoordelijk is en hoe de MGR en toezichthouders elkaar kunnen aanvullen en versterken. Organiseer in ieder geval periodiek een casustafel tussen toezicht en MGR over de opvolging van binnengekomen signalen. 4. Werk bij preventieve controle op basis van een systematische risicoanalyse. 5.

Verken met gemeenten de mogelijkheden en meerwaarde van de Wet Bibob. 6. Investeer als colleges in het fraudebewustzijn van gemeentelijke toegangsmedewerkers en over hun rol als opdrachtgever door middel van periodieke trainingen, themadagen, e-learnings, etc. Betrek hierbij bijvoorbeeld RIEC Limburg of de VNG en benut hun aanbod en expertise. Pak dit op in regionaal verband en creëer een gedeeld besef van verantwoordelijkheid voor deze opgave. 7. Spreek als colleges regionaal af hoe met melden (en terugkoppeling) van signalen wordt omgegaan. Zorg voor een eenduidige werkwijze en creëer één duidelijk meldpunt voor signalen die inzichtelijk zijn voor zowel toezichthouders als MGR. Beleg de verantwoordelijkheid hiervoor bij een functionaris van de MGR of toezicht. 8. Breng het toezicht organisatorisch onder bij de MGR. Dit kan leiden tot een beter samenspel tussen inkoop/contractmanagement en toezicht, doordat betere en snellere informatie-uitwisseling kan plaatsvinden en toezichthouders een beroep kunnen doen op kennis en expertise die de MGR in huis heeft. Wel dient het contractmanagement en toezicht gescheiden te blijven, om de onafhankelijk positie van de toezichthouder te waarborgen.

Daartoe kan, bijvoorbeeld in een protocol, worden opgenomen dat de toezichthouders in ieder geval onafhankelijk zijn in het bepalen van hun prioriteiten, het opstellen van hun jaarplannen, het uitvoeren van hun werkzaamheden en hun advisering etc., zonder beïnvloeding vanuit de MGR of de colleges van burgemeester en wethouders. 9. Geef als colleges een eenduidige opdracht aan de toezichthouders en geef hierbij ambtelijke en bestuurlijke steun. 10. Zorg als colleges ervoor dat de randvoorwaarden (zoals duidelijke en handhaafbare gemeentelijk verordeningen, toezicht- en handhavingsbeleid, toegang tot informatie, opvolging van interne adviezen) voor het uitvoeren van effectieve toezicht en handhaving binnen gemeenten is geborgd en waar nodig wordt vastgelegd in een formeel proces. 11. Maak jaarlijks een gezamenlijke regionale risicoanalyse en versterk daarmee het proactief toezicht. 12. Maak als colleges een expliciete afweging of een uitbreiding naar het strafrecht – door toezichthouders als buitengewoon opsporingsambtenaar te benoemen - wenselijk is. 13. Maak een gezamenlijke regionale een analyse of de gekozen versterkingsmaatregelen vragen om uitbreiding van de toezichtscapaciteit, en zorg dan ook voor die uitbreiding. 14. Verstevig als colleges (in je rol als werkgever) het toezicht door aanbieden van trainingen en cursussen. 15.

Vraag als raad het college periodiek te laten rapporteren over de voortgang van de opvolging van de aanbevelingen.

66

Voortgang aanbevelingen: In 2026 wordt het bestaand beleidskader vanuit de Modulaire gemeenschappelijke regeling sociaal domein Limburg-Noord (MGR) geactualiseerd en zal worden vervangen door een gezamenlijk beleidsplan toezien, toezicht en handhaving Wmo en Jeugd voor Noord en Midden Limburg. Dit beleidsplan inclusief kader zal worden opgesteld samen met de deelnemende gemeenten en de MGR. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum zijn hierbij bij betrokken. Zorgfraude is een onderwerp wat veel aandacht had en heeft binnen de MGR. De stappen en randvoorwaarden om het proces Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (BIBOB) worden inzichtelijk gemaakt. Hierin worden belangrijke stakeholders en ketenpartners in beschreven welke in het vormgeven van het proces betrokken zullen worden. Ten aanzien van het meldpunt voor signalen en adequate opvolging daarvan wordt momenteel gewerkt met een meldpunt op de websites van de individuele gemeenten. In 2025 zijn de voorbereidingen gestart voor kennisontwikkeling op het thema zorgfraude, hierbij is het RIEC betrokken. In 2026 zullen betrokken medewerkers van de gemeente Bergen starten met (bij)scholing op dit thema.

67

Paragraaf F Verbonden Partijen Algemeen De paragraaf verbonden partijen bevat: a. De visie op de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen; b. De lijst van verbonden partijen, die wordt onderverdeeld in: 1. gemeenschappelijke regelingen; 2. vennootschappen en coöperaties; 3. stichtingen en verenigingen; c. Bestuurlijke overlegstructuren. A. Visie op de beleidsvoornemens Gemeente Bergen werkt samen met andere partijen aan vormgeven en uitvoeren van gemeentelijke taken en ambities. We kiezen hierbij welke vorm het beste past. Formeel is er onderscheid in: * Gemeenschappelijke regelingen * Vennootschappen en coöperaties * Stichtingen en verenigingen * Bestuurlijke overlegstructuren De definitie van een verbonden partij is: "Een organisatie waaraan de gemeente zich bestuurlijk en financieel verbindt." (definitie volgens Beleidsnota Governance verbonden partijen van de gemeente Bergen). B.1. Gemeenschappelijke regelingen (voor inhoudelijke info over deze partijen zie de tabel verderop in dit hoofdstuk) Bij een gemeenschappelijke regeling werken meerdere overheden samen om uitvoering te geven aan gemeentelijke taken gebaseerd op de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).

• Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW) • Veiligheidsregio Limburg-Noord (VLN) • Omnibuzz • Werkvoorzieningschap Aanvullende Arbeid • Modulaire Gemeenschappelijke Regeling sociaal domein Limburg-Noord (MGR) • Regionale uitvoeringsdienst (RUD) B.2. Vennootschappen en coöperaties Bij deze categorie is sprake van samenwerking tussen verschillende partners om een gezamenlijk doel na te streven. Vennootschappen en coöperaties hebben vaak een winststreven en kennen een beperkte juridische en financiële aansprakelijkheid. • Enexis Holding N.V • Publiek Belang Elektriciteitsproductie B.V. • Claim Staat Vennootschap B.V. • Extra Zekerheid Vennootschap B.V. • Bank Nederlandse Gemeenten N.V. • Energielandgoed Wells Meer B.V. • Energielandgoed Wells Meer Zon B.V. • Energielandgoed Wells Meer Wind B.V. • Inkoopcentrum Zuid

68

B.3. Stichtingen en verenigingen Bij deze categorie is sprake van samenwerking tussen verschillende deelnemer om een gezamenlijk, veelal ideëel doel na te streven. Stichtingen en verenigingen hebben geen winstoogmerk en de verantwoording over de uitvoering vindt plaats volgens statuten. • Stichting promotieplatform Maasduinen • Vereniging van Bos en Natuurterreineigenaren • De Marke Stichting • Stichting Limburg-Noord • Stichting Overlegorgaan Nationaal Park de Maasduinen • Vereniging Natuurnetwerk Gemeenten • Stichting Economic Development Board Crossroads Limburg C. Bestuurlijke overleg structuren Deze categorie betreft geen verbonden partij maar er zijn wel verschillende overleg structuren. Deze lijst is te beschouwen als een overzicht van de partijen waar gemeente in participeert om een gemeentelijk belang te dienen. • Euregio-Rijn Waal • Regiovisie Bergen/Gennep/Mook en Middelaar • Werkbedrijf • Lokale educatieve en welzijnsagenda • O.O.G.O.

Op Overeenstemming Gericht bestuurlijk Overleg • De lokale Driehoek (Burgemeester, Officier Openbaar Ministerie, Chef Politie) • Limburgs integriteitsoverleg • Vliegtuiglawaai-commissie • Gemeenschappelijke luchtverkeerscommissie • Trendsportal • Nazorgorganisatie/Bodemzorg • Burgemeestersoverleg RegioCLIP • Toerisme en Leisure • Platform Noordelijke Maasvallei • Industriële kring • Contactgroep De Flammert • Coördinatieoverleg EZ • Regionale Energie Alliantie • Waterpanel Noord • Financiële controlecommissie • Kerngroep Luchtvaart Limburg • Vereniging Nederlandse Riviergemeenten • Klimaatadaptatietafel Limburg • Stuurgroep Maasheggen UNESO Man and Biosphere • Regio Noord Limburg • Bestuurscommissie WMO • WerkgeverServicePunt • MKB Limburg • Afval Samenwerking Limburg • Het veiligheidshuis Noord-Limburg • Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) • Maascorridor • Bestuurlijk overleg Maas • Routebureau Noord- en Midden Limburg • Regiovisie Sport • Overleg orgaan toezicht openbaar onderwijs

69

Lijst van de verbonden partijen via GR

Omnibuzz Vestigingsplaats

Geleen

Website

https://www.omnibuzz.nl

Gemeentelijk belang

Omnibuzz is verantwoordelijk voor het (collectief) vraagafhankelijk vervoer (CVV) voor klanten met een indicatie vanuit de Wmo.

Gemeentelijk aandeel

€ 237.302

Vertegenwoordiging

Wethouder Bollen

Beleidsverantwoording

Eigen vermogen 01-01

De missie van Omnibuzz is: “Goed, veilig, betrouwbaar en betaalbaar doelgroepenvervoer voor nu en later”. Het doel is, het bieden van de beste service op het gebied van (aangepast) vervoer. Om te kunnen sturen op de best passende vervoersoplossingen, is Omnibuzz ingericht als mobiliteitscentrale. Bij het realiseren van haar ambities gaat Omnibuzz uit van drie pijlers: - het kantelen van vervoer en het gebruik van OV stimuleren; - het efficiënter organiseren van doelgroepenvervoer; - Omnibuzz als slimme organisatie. De geactualiseerde ingeschatte risico’s van de GR Omnibuzz zijn als volgt bepaald: 1. Verminderd draagvlak en/of draagkracht bij gemeenten voor de missie en visie van Omnibuzz. 2. Beheersbaarheid van het vervoer. 3. Kwetsbaarheid taxibedrijven. 4. Kennis en inzetbaarheid intern personeel. Voor de geïdentificeerde risico’s geldt dat Omnibuzz passende maatregelen treft om deze risico’s te mitigeren en beheersbaar te houden. Op basis van een impactanalyse is de minimum (€ 520.000) en maximum (€ 1.308.000) stand van de algemene reserve berekend. Het saldo primo € 900.000 ligt binnen deze bandbreedte. € 1.017.498

Eigen vermogen 31-12

€ 1.011.373

Vreemd vermogen 01-01

€ 5.406.774

Vreemd vermogen 31-12

€ 4.689.815

Resultaat 2025

€ 704.554

Bijdrage Gemeente 2025

€ 236.620

Risico's

70

Regionale Uitvoeringsdienst Vestigingsplaats Venray Website

https://www.rudlimburgnoord.nl

Gemeentelijk belang

Samenwerking op basis van een Gemeenschappelijke Regeling binnen Noord - en Midden Limburg op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving voor taken uit het werkveld van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (GR RUD LN) is één van de 29 Omgevingsdiensten die Nederland heeft. Namens haar 16 deelnemers is de GR RUD LN belast met de uitvoering van taken voor vergunningverlening, toezicht en handhaving, gericht op een schone, veilige en gezonde leefomgeving. Activiteiten die het leefmilieu belasten kunnen langdurige effecten op onze gezondheid hebben en zijn daarom aan regels gebonden. Er wordt gecontroleerd of deze regels in de praktijk worden nagekomen en desnoods wordt er corrigerend opgetreden (handhaving). Daarnaast zijn het vooral grote maatschappelijke (milieu)vraagstukken die extra aandacht vragen: energiebesparing/duurzaamheid, stikstofproblematiek, ZZS (zeer zorgwekkende stoffen) en waterkwaliteit.

Gemeentelijk aandeel

Deelname aan de RUD is voor een aantal taken, de zogenaamde basistaken, verplicht op grond van de Wet VTH (Hfst 5 van de Wabo). € 52.913

Vertegenwoordiging

Wethouder Bollen

Beleidsverantwoording

De doelstelling van het programma is om in een gezamenlijke verantwoordelijkheid met de deelnemers de kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden te verbeteren bij de uitvoering van VTH taken en de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren. De GR RUD LN wil daarbij een innovatieve, flexibele, slagvaardige en efficiënte organisatie zijn. De dienstverlening wordt verbeterd door: 1. Een 'level playing field' (gelijke benadering en behandeling onder de GR RUD LN); 2. Minder toezichtlasten door efficiënte en innovatieve toezichtmethoden.

71

Risico's

De RUD LN inventariseert jaarlijks de risico's waaraan de RUD LN is blootgesteld. Een aantal risico’s zijn afgedekt met verzekeringen. Denk daarbij aan de aansprakelijkheids- en rechtsbijstandverzekering. De RUD LN beschikte tot voor kort niet over een algemene reserve. Het Algemeen Bestuur is in de Begroting voor 2024 voorgesteld om het positieve jaarrekeningresultaat over 2022 (€ 135.000) te storten in een te vormen algemene reserve. Naast deze algemene reserve beschikt de RUD LN in de begroting over een post onvoorzien ter hoogte van €50.000 die tot de weerstandscapaciteit gerekend kan worden. Risicobeheersing

Eigen vermogen 01-01

Mochten de risico's in een jaar boven de post onvoorzien uitkomen, dan worden deze doorberekend aan de deelnemers conform de GR. Er wordt bewust voor gekozen om niet alle mogelijke risico's af te dekken. Enerzijds omdat er vanuit gegaan wordt dat niet alle risico's zich tegelijkertijd zullen voordoen. Anderzijds omdat het rekeningresultaat (positief dan wel negatief) verrekend wordt met de deelnemers. Mochten de risico's in een jaar boven de post onvoorzien uitkomen , dan dienen deelnemers deze extra kosten te betalen conform de GR. € 1.069.000

Eigen vermogen 31-12

€ 762.000

Vreemd vermogen 01-01

€0

Vreemd vermogen 31-12

€0

Resultaat 2025

€ 375.000

Bijdrage Gemeente 2025

€ 52.913

72

Werkvoorziening Aanvullende Arbeid Venlo e.o. (WAA) Vestigingsplaats Venlo Website

http://www.waagroep.nl

Gemeentelijk belang

De doelstelling van WAA is het - voor en namens de deelnemende gemeenten - als Gemeenschappelijke Regeling uitvoering geven aan de verplichtingen die voortvloeien uit de Participatiewet onderdeel Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw) in de regio Venlo tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten.

Gemeentelijk aandeel

€ 26.050

Vertegenwoordiging

Wethouder Bollen

Beleidsverantwoording

Visie en missie zijn concreet vertaald in onderstaande strategische items en uitgangspunten: “De WAA organisatie overall…..: - Heeft sociaal en financieel renderende strategische allianties en cocreaties met het regionale bedrijfsleven en overheden”. - Realiseert voor haar SW-medewerkers duurzame plaatsingen in groepen bij opdrachtgevers. - Ambieert samen met haar SW-medewerkers ontplooiing gericht op maximale loonwaarde”. - Is een proces- en resultaatgerichte organisatie waarin met plezier gewerkt wordt”. De strategische koers is verder vertaald door het Bestuur en vastgelegd in strategische uitgangspunten en beleidslijnen. Risico’s voor Schap als publiekrechtelijke organisatie: • Optimalisatie- en finetuning proces • Mogelijke herijking bestuurlijke constellatie WAA • Risico’s uit hoofde van de WSW • Risico’s naar aanleiding van gemeentelijke herindeling • Demografische risico’s • Fiscale risico’s • Financieringsrisico’s • Resultaten deelneming in WAA groep nv

Risico's

Groep nv • Ontwikkelingen op de arbeidsmarkt • Vervuilde gronden • Transitievergoedingen • AVG • Cyberrisico’s • Effecten WAB Eigen vermogen 01-01

€ 3.415.000

Eigen vermogen 31-12

€ 3.475.000

Vreemd vermogen 01-01

€ 300.000

Vreemd vermogen 31-12

€ 150.000

Resultaat 2025

€ 316.000

Bijdrage Gemeente 2025

€ 22.000

73

Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen Vestigingsplaats Roermond Website

https://bsgw.nl/nl

Gemeentelijk belang

Gemeentelijk aandeel

BsGW behartigt als uitvoeringsorganisatie van de deelnemende waterschappen en gemeenten de zorg voor het volledig, tijdig, rechtmatig, juist en doelmatig heffen en innen van de lokale belastingen en beheert de authentieke basisregistratie WOZ (administratie en waardering). BsGW draagt zorg voor het heffen en innen van in beginsel alle lokale belastingen van gemeenten en waterschappen. De keuze welke belastingen door BsGW worden uitgevoerd wordt bepaald door de deelnemer. Het takenpakket bestrijkt het taakveld van advisering en opstellen van conceptverordening(en), de opbouw van benodigde basisregistraties, het opleggen en innen van de aanslagen tot en met de dwang invordering en oninbaar verklaring. Afhandeling van klantreacties gedurende deze processtappen behoort eveneens tot het takenpakket. € 246.548

Vertegenwoordiging

Wethouder Bollen

Beleidsverantwoording

De strategische doelstellingen van BsGW zijn: - daling kosten deelnemers; - minimaal gelijkblijvende kwaliteit van de dienstverlening; - vergroting digitale dienstverlening.

Risico's

Eigen vermogen 01-01

1. Datalek, hackers aanvallen en overige ICT-storingen 2. Uitbesteding van niet-kernactiviteiten 3. Fraude 4. Vervuiling van en/of incomplete gegevensbestanden 5. Overschrijding van de exploitatiebegroting van BsGW 6. Ambitieuze raming opbrengst vervolgingskosten 7. Frictiekosten personeel - € 2.835.000

Eigen vermogen 31-12

€ 5.224.000

Vreemd vermogen 01-01

€ 1.143.000

Vreemd vermogen 31-12

€ 857.000

Resultaat 2025

€ 4.802.000

Bijdrage Gemeente 2025

€ 245.563

74

Veiligheidsregio Limburg Noord Vestigingsplaats Venlo Website

https://www.vrln.nl

Gemeentelijk belang

Gemeentelijk aandeel

De Veiligheidsregio Limburg-Noord geeft vorm en inhoud aan samenwerking tussen gemeenten in Noord- en Midden-Limburg en heeft tot doel: I. Het behartigen van de belangen van de gemeenten en hun inwoners op het gebied van: a) brandweerzorg b) geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen c) rampenbestrijding en crisisbeheersing d) bevordering van multidisciplinaire uitvoering van rampenbestrijding, crisisbeheersing en bestrijding van zware ongevallen e) bevordering van samenhangend integraal veiligheidsbeleid in de regio. II. Het behartigen van die taken die door de wet- en regelgeving aan gemeenten zijn toegekend op het gebied van collectieve preventie volksgezondheid en maatschappelijke zorg. Hiervoor moeten gemeenten uit de regio samenwerken. Dat is efficiënter en effectiever. € 1.832.764

Vertegenwoordiging

Burgemeester Rauner (Wethouder Ponjee v.w.b. GGD)

Beleidsverantwoording

Eigen vermogen 01-01

De Veiligheidsregio Limburg-Noord geeft vorm en inhoud aan samenwerking tussen gemeenten in Noord- en Midden-Limburg en heeft tot doel: I. Het behartigen van de belangen van de gemeenten en hun inwoners op het gebied van: a) brandweerzorg b) geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen c) rampenbestrijding en crisisbeheersing d) bevordering van multidisciplinaire uitvoering van rampenbestrijding, crisisbeheersing en bestrijding van zware ongevallen e) bevordering van samenhangend integraal veiligheidsbeleid in de regio. II. Het behartigen van die taken die door de wet- en regelgeving aan gemeenten zijn toegekend op het gebied van collectieve preventie volksgezondheid en maatschappelijke zorg. Hiervoor moeten gemeenten uit de regio samenwerken. Dat is efficiënter en effectiever. Vanuit de risico inventarisatie is een benodigd weerstandsvermogen becijferd van € 1,25 mln. Het Algemeen Bestuur heeft besloten dit bedrag van € 1,25 mln aan te houden. Aanvullend loopt een onderzoek naar eventuele risico's rond de toekomstbestendigheid van de GGD. € 11.268.000

Eigen vermogen 31-12

€ 5.271.000

Vreemd vermogen 01-01

€ 40.724.000

Vreemd vermogen 31-12

€ 48.648.000

Resultaat 2025

€ 3.716.000

Bijdrage Gemeente 2025

€ 1.889.175

Risico's

75

Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein, regio Limburg Noord Vestigingsplaats Venray Website

https://sociaaldomein-limburgnoord.nl

Gemeentelijk belang

De MGR is eind 2014 opgericht. Aanleiding voor de instelling van deze gemeenschappelijke regeling zijn de drie decentralisatieopgaven (Jeugd wet, Wmo en Participatie wet) en de hierbij gewenste transformaties. Gemeenten pakken de meeste taken lokaal op. Echter, voor een aantal opgaven is regionale samenwerking noodzakelijk.

Gemeentelijk aandeel

De MGR is opgericht om de samenwerking in het sociaal domein op uitvoerend niveau vorm te geven. Deze samenwerking is in het afgelopen jaar uitgebreid met een tweede module (beschermd wonen, maatschappelijke opvang en bemoeizorg & preventie), waarbij ook het aantal deelnemende gemeentes is uitgebreid. € 104.236

Vertegenwoordiging

Wethouder Ponjee

Beleidsverantwoording

Eigen vermogen 01-01

• Vanuit sturing en inkoop is het contractmanagement vanaf 2022 via de MGR breder vorm gegeven. • Module 1 ziet hoofdzakelijk op 'opdracht geven in het sociaal domein' waar dit vooral ziet op het uitvoeren van de inkoop, uitvoeren van contractmanagement en sturen vanuit data management. • Vanuit module 2 is er een verdergaande samenwerking tussen de deelnemende gemeentes vorm gegeven. Hierbij zijn de taken van de MGR hetzelfde als voor module 1. Daarnaast heeft de MGR een belangrijke kassiers- en beheerfunctie van de financiële middelen op basis van de samenwerkingsovereenkomst beschermd wonen, maatschappelijke opvang en bemoeizorg & preventie. De risico’s die binnen de MGR en de module Opdrachtgevers op dit moment onderkend worden, naast het niet realiseren van te leveren prestaties, zijn: • Risico op onvoorziene budgetoverschrijdingen; • Bedrijfscontinuïteit/ onvoldoende gekwalificeerd personeel; • Niet adequaat inspelen op nieuwe ontwikkelingen in wet- en regelgeving binnen het sociaal domein; • Rechtszaken inkooptrajecten. €0

Eigen vermogen 31-12

€0

Vreemd vermogen 01-01

€0

Vreemd vermogen 31-12

€0

Resultaat 2025

€ 270.000

Bijdrage Gemeente 2025

€ 583.905

Risico's

76

Paragraaf G Grondbeleid Algemeen De paragraaf grondbeleid bevat: a. een visie op het grondbeleid in relatie tot de realisatie van de doelstellingen van de programma's die zijn opgenomen in de begroting; b. een aanduiding van de wijze waarop de gemeente het grondbeleid uitvoert; c. een actuele prognose van de te verwachten resultaten van de totale grondexploitatie; d. een onderbouwing van de winstneming 2025; e. de beleidsuitgangspunten omtrent de reserves voor grondzaken in relatie tot de risico's van de grondzaken. Visie op grondbeleid Inleiding Door middel van het grondbeleid kan de gemeente invloed uitoefenen op de wijze waarop de gronden worden gebruikt. Sturing van het grondgebruik door middel van het grondbeleid draagt bij aan de realisatie van doelstellingen op het gebied van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, infrastructuur en financiën. De gemeente wil haar beleidsinstrumentarium optimaal inzetten zodat haar ruimtelijke- en economische doelstellingen kunnen worden behaald en de financiële risico’s beheersbaar kunnen worden gehouden. Met betrekking tot het grondbeleid staan twee concrete beleidsdoelen voor ogen: • Het voeren van een actieve grondpolitiek waarbij door middel van het opstellen van bestemmingsplannen woningbouwmogelijkheden in alle kernen worden gecreëerd; • Het voorbereiden en realiseren van woningbouw.

Volkshuisvestingsprogramma 2024 Op 17 december 2024 heeft de gemeenteraad het volkshuisvestingsprogramma (VHP) vastgesteld. Dit is een nieuw instrument en dient als vervanger van de woonvisie en op te stellen woonzorgvisie. Wij sorteren hiermee voor op nieuwe wet- en regelgeving, vanaf 2026 verplicht vanuit de Wet versterking regie volkshuisvesting. Het zorgt voor actueel beleid om in te spelen op ontwikkelingen op het vlak van wonen en zorg, zowel lokaal, regionaal als nationaal. Het is een integraal document met focus op wonen en zorg (raakt aan zorgvisie, economische visie, duurzaamheidsbeleid etc.). Op 8 juli 2025 is de bijbehorende uitvoeringsagenda volkshuisvestingsprogramma gemeente Bergen (L) vastgesteld. De onderdelen daarvan worden de komende jaren nader uitgewerkt. Verder vormt het volkshuisvestingsprogramma de basis voor het maken van prestatieafspraken met corporaties en geeft een betere basis voor de kwalitatieve woningbouwopgave zoals hiervoor genoemd, als ook een kwantitatieve koers en bandbreedte van 400 tot 510 bouwtitels tot 2040. Het volkshuisvestingsprogramma zet dus een nieuw stip op de horizon, maar is flexibel. Wij blijven dit bewaken en stellen daar waar nodig de koers bij.

Woondeals Met de woondeal 1.0 uit 2023 zette gemeenten een eerste stip op de horizon voor een gezamenlijke woningbouwopgave richting 2030 en met een doorkijk naar 2034, 2038 en 2043. In de woondeal 2.0 uit 2025 is dit verfijnd en provincie breed getekend voor de bouw van 26.550 woningen, met een extra ambitie van 20.000 woningen. Daarbij moet 2/3 van de nieuwbouw verplicht bestaan uit betaalbare woningen (tot prijsgrens 405K, peil 2025) en toevoeging van 30% sociale huur (tot prijsgrens € 933, peil 2025). Noord-Limburg levert hier een bijdrage van minimaal 7000 woningen aan die jaarlijks wordt gemonitord. Vanuit de gemeente Bergen is daarbij aansluiting gezocht bij ons volkshuisvestingsprogramma. Hierdoor blijven we op een realistische koers van groei die past met de marktvraag, qua kwantiteit en kwaliteit als ook onze eigen ambities en leveren wij een passende bijdrage aan de woondeals. Met onze huidige planvoorraad voldoen wij ruimschoots aan de gevraagde productie van 2/3 betaalbaar en met de gemaakte prestatieafspraken is de toevoeging 30% sociale huur geborgd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17000068/1