CConstaterende datBergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2020 WAA

Gemeenteraad 8 juni 2021, gemeente BergenBij agendapunt: Zienswijze begroting 2022 WAA;19.202 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Werkvoorzieningschap Aanvullende Arbeid Venlo e.o. Prinsessesingel 10 5911 HT Venlo Tel.: 077-3898383 E-mail: info@waagroep.nl

Venlo, 31-3-2021

- 1-

-2-

JAARSTUKKEN 2020 GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING WAA

WAA Venlo e.o. Prinsessesingel 10 5911 HT Venlo Tel.: 077-3898383 E-mail : info@waagroep.nl

- 3-

Inhoudsopgave

1. Jaarverslag

5

1.1 Programmaverantwoording 1.1.1 Doelstelling van WAA 1.1.2 Algemene ontwikkelingen op bestuurlijk niveau 1.1.3 Beleidsvisie van het bestuur 1.1.5 Ontwikkelingen in de Wsw 1.1.6 Programma sociale werkvoorziening 1.1.6.1 Algemeen 1.1.6.2 Sociaal beleid 1.1.6.3 Financieel beleid 1.1.6.4 Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien 1.1.7 Realisatie van doelmatigheid en rechtmatigheid 1.1.8 Voorstel tot vaststelling van de jaarrekening 1.2 Paragrafen 1.2.1 Paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing 1.2.1.1 Risico’s voor het Schap als publiekrechtelijke organisatie 1.2.1.2 Bedrijfsrisico’s vanuit het ondernemerschap 1.2.2 Onderhoud kapitaalgoederen 1.2.3 Financiering 1.2.4 Verbonden partijen 1.2.5 Grondbeleid 1.2.6 Bedrijfsvoering

2. Jaarrekening 2020

10 10 10 10 12 13 13 14 16 17 17 18 19 19 19 22 23 23 26 26 26

29

2.1 Balans per 31 december 2.2 Overzicht van baten en lasten 2.3 Toelichtingen 2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 2.3.2 Toelichting op de balans per 31 december 2020 2.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2.3.4 Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid 2.3.4.1 Analyse begrotingsafwijkingen en rechtmatigheid van afwijkingen 2.3.5 Taakvelden 2.3.5.1 Overzicht van baten en lasten naar gemeentelijke taakvelden 2.3.6 Overige gegevens 2.3.6.1 Gebeurtenissen na balansdatum

3. Bijlagen

30 33 34 34 36 38 42 42 42 42 43 43

45

3.1 Recapitulatie begrotingsevenwicht 3.2 Sisa 3.3 Kengetallen 3.4 Overzicht verdeling reguliere gemeentelijke bijdragen 2020 3.5 Voorstel resultaatbestemming 3.6 Controleverklaring

-4-

45 46 46 47 47 48

1. Jaarverslag Voor u ligt de jaarrekening 2020 van de gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningsschap Aanvullende Arbeid Venlo en omstreken (hierna te noemen het Schap). Deze jaarrekening is opgemaakt conform de verplichte verslaggevingsvoorschriften voor een Gemeenschappelijke Regeling zoals verwoord in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).

Inleiding •

Strategie, koers, organisatie en operatie WAA overall Strategische koers WAA en Participatiewet

Vanaf 2013 richt WAA zich sec op de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw). Deze wet is vanaf 1-1-2015 als zelfstandige regeling opgegaan in de Participatiewet, maar wel met een status aparte; de Wsw is vanaf dat moment gesloten voor nieuwe instroom en nog alleen beschikbaar voor mensen met een (dreigend) grote afstand tot de arbeidsmarkt, die al vóór 1-1-2015 in de Wsw zaten. Iedereen die tot en met 2014 is ingestroomd blijft in de Wsw met volledig behoud en inachtneming van alle onder de oude Wsw opgebouwde rechten en plichten. Hiervoor gelden onveranderd de specifieke Wsw wet- en regelgeving en Wsw (arbeids-)condities die vanaf 2014 één op één en onveranderd na 2014 zijn doorgetrokken in de Participatiewet. Voor een organisatie als WAA die namens haar deelnemende gemeenten de Wsw uitvoert, zijn de algemene kaders en uitgangspunten van de Participatiewet normatief en kader stellend. In de Participatiewet is Inclusiviteit hét uitgangspunt: iedereen doet ertoe en iedereen moet mee (kunnen) doen in de maatschappij. Derhalve staat voor iedereen met een (dreigend) grote afstand tot de reguliere arbeidsmarkt werken naar vermogen en draagkracht in een zo regulier mogelijke omgeving centraal.

Een uitgangspunt dat naadloos aansluit op de visie en missie van WAA vanaf 2014 tot heden die erop is gericht om al haar mensen met een (grote) afstand tot de arbeidsmarkt zo veel als mogelijk te plaatsen in een zo regulier mogelijke arbeidsomgeving, rekening houdend met de mogelijkheden en onmogelijkheden van cliënten. Én een uitgangspunt dat naadloos aan op de strategische beweging “van binnen naar buiten” die WAA al vanaf 2014 volgt. Vanaf dat jaar heeft WAA de transformatie ingezet van een “commercieel gerichte, brede uitvoeringsorganisatie voor de hele onderkant van de arbeidsmarkt met diverse eigen activiteiten in eigen beheer” naar een “sociaal duurzaam detacheringsbedrijf voor sec Wsw-ers dat d.m.v. diverse vormen van detacheringen mensen plaatst bij reguliere bedrijven”. WAA richt zich vanaf medio 2018 derhalve alleen nog op het (her)plaatsen en detacheren van haar Wsw-medewerkers in een zo regulier mogelijke arbeidsomgeving. Daarmee is de organisatie WAA in een volgende fase gekomen; van na- en uittrillen in 2018, naar optimaliseren en finetunen tot en met 2020, en naar verder professionaliseren vanaf 2021 en volgende jaren. Een beweging die WAA vanaf 2014 met verve heeft opgepakt en ook komende jaren, middels het programma Eigenaarschap, vol vertrouwen doorzet.

Onderstaande is het transformatieproces van WAA vanaf 2013 tot 2020, en de opmaat hierbij naar 2021 en verder, schematisch weergegeven:

-5-

Ondanks dat Inclusiviteit steeds meer ingeburgerd raakt, blijkt echter in 2020 nog steeds dat het onveranderd moeilijk was, is én blijft om werkgevers warm te maken om mensen met een beperking écht ook zelf in dienst te nemen. Iets waar WAA nog steeds, en elke dag weer tegenaan loopt. Weliswaar zijn werkgevers meer bereid om met deze mensen aan de slag te gaan, doch werkgevers blijven, ondanks alle maatregelen en impliciete dreigingen t.a.v. quotum en verdere groei van het conceptuele denken en doen in het kader van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen ten spijt, onverminderd ook nog steeds zeer terughoudend bij het plaatsen, en zeker het zelf in dienst nemen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Bij de tussen- en eindevaluatie van de Participatiewet in 2019 en 2020, is dit iets dat ook geconstateerd en benoemd is als item waar de Participatiewet in zijn huidige vorm onvoldoende antwoord op geeft en oplossingen voor biedt. Reden voor partijen in de Tweede Kamer om begin 2021 een motie aan te nemen om op korte termijn te komen tot een oplossing om de groeiende groep Nieuw Beschut tóch ook aan een baan en werk te helpen: de opzet en inrichting van wat men noemt Regionale Sociale Ontwikkelbedrijven. Na de motie is het aan het volgende kabinet om hier concreet verder vorm en inhoud te geven.

COVID-19 Medio maart 2020 is Nederland, evenals de rest van de wereld, plots overvallen door het coronavirus. De overheid heeft vervolgens een meermalig zgn. intelligente, gecontroleerde shut-/lockdown afgekondigd. Hierdoor is het sociale, maatschappelijke én economische leven in Nederland abrupt tot een geheel of gedeeltelijke stop gekomen. Met alle sociale, maatschappelijke maar ook economische gevolgen van dien. Als sec naar economische gevolgen wordt gekeken is de ervaring van 2020 en de verwachting voor 2021 en verder dat de directe impact van deze crisis op sec de exploitatie van het Schap WAA beperkt is, en ook zal blijven. Immers, de activiteiten van het Schap beperken zich primair tot regievoering en administratie c.a. van de Wsw voor haar deelnemende gemeenten en aansturing van haar uitvoeringsorganisatie WAA groep nv. De primaire baten van het Schap, zijnde vnl. rijksbijdrage Wsw en gemeentelijke bijdragen, evenals de primaire lastenstroom van het Schap, zijnde vnl. uitvoeringsbijdragen Wsw en vaste vergoedingen voor regie-, administratie en controlewerkzaamheden, zijn veelal vast en worden o.b.v. de huidige wetenschap naar verwachting nauwelijks (primair) geraakt door de huidige crisis. Op middellange en langere termijn kan dat, zeker als deze crisis lang aanhoudt, een heel ander verhaal zijn. Hiervoor wordt verwezen naar de risicoparagraaf.

De indirecte impact van corona is anders dan de directe impact; de huidige crisis raakt het Schap indirect natuurlijk wel degelijk, en wel fors doordat zij 100% deelnemer is in de uitvoeringsorganisatie WAA groep nv. WAA groep nv is en wordt nog steeds zeer fors geraakt door het in belangrijke mate wegvallen van grote delen van in haar opbrengstenstroom (toegevoegde waarde uit leveringen van diensten) bij veelal gelijkblijvende loon-(kosten) resp. zelfs hogere kosten a.g.v. capaciteits- en vraaguitval en extra maatregelen die getroffen moeten worden. Op 2-9-2020 heeft het Rijk aangegeven coronacompensatie voor Sw-bedrijven te verlenen voor de periode t/m december 2020. Via de rijksbijdrage Wsw is, ter vervanging van de NOW-bijdrage voor Sw-bedrijven, in de septembercirculaire van het Rijk in totaal € 933.000 (€ 2.098 per arbeidsjaar Wsw) voor sec 2020 aan EENMALIGE, EXTRA subsidie verstrekt via gemeenten aan SW-bedrijven als overbrugging voor de gevolgen van COVID-19 op de bedrijfsvoering. Naast compensatie van het Rijk heeft WAA ook afspraken met haar klanten kunnen maken waarbij, met een beroep op partnership, ook deze relaties een bijdrage hebben geleverd en zullen blijven leveren om de gevolgen van COVID19 te mitigeren.

Samen met de ingezette maatregelen bij WAA groep nv en de compensatie van klanten, was de coronacompensatie van het Rijk over 2020 ruim voldoende om de gevolgen van COVID-19 op de exploitatie van WAA groep nv te mitigeren. Voor 2021 en verder is nog geheel niets van het Rijk hieromtrent aangegeven. Derhalve is een eventuele COVID-19-compensatie van het Rijk vanaf 2021 (vooralsnog) als PM in de (meerjaren-)begroting opgenomen. Via de uitvoerings- en plaatsingsbijdrage is deze rijks-compensatie, in lijn met bestuurlijke besluitvorming in 2020, volledig doorbetaald aan WAA groep nv. Dit zal ook gebeuren met eventuele volgende compensaties. Hierdoor worden de gevolgen van COVID-19 op de bedrijfsvoering / exploitatie en de compensatie hiervoor binnen de WAA-constellatie zowel materieel als formeel gematched. In verband met het afwijkende en eenmalige karakter van zowel de ontvangst als doorbetaling van deze Coronabijdrage van het Rijk resp. gemeenten via de Rijksbijdrage Wsw, wordt

-6-

de ontvangst hiervan in de exploitatie van het Schap apart verantwoord onder Diverse baten. De doorbetaling aan WAA groep nv wordt ook apart verantwoord onder Bijdragen aan derden. De impact van de COVID-19-crisis op de exploitatie van WAA is m.n. bij WAA groep nv verwerkt in het exploitatieresultaat 2020. En door de hoge mate van onzekerheden hieromtrent, met de nodige voorzichtigheid doorvertaald in de verwachte resultaten en budgetten voor 2021 en verder. Door te zorgen voor prudent financieel beheer met voldoende ruimte voor onvoorzien in zowel de baten als lasten, én tijdelijk een hoger eigen weerstandsvermogen bij zowel WAA groep als het bij het Schap aan te houden dan noodzakelijk, wordt binnen de exploitatie en balans van WAA overall voldoende ruimte aangehouden om zélf de (verdere) gevolgen van COVID-19 primair eerst in haar eigen organisatie financieel te kunnen opvangen. Ondanks de forse impact die de crisis heeft op de balans en exploitatie van WAA overall, is de financiële en liquiditeitspositie van WAA overall voor nu en voor de nabije toekomst zodanig aan de maat dat de continuïteit van de gehele WAA-organisatie vooralsnog niet in gevaar is. Naar verwachting zal de coronacrisis vooralsnog geen gevolgen hebben voor de waardering van de deelneming WAA groep nv bij het Schap, en derhalve geen gevolgen hebben voor de exploitatie van het Schap.

Op langere termijn, en in directe en indirecte zin en los van haar exploitatie etc., is continuïteit voor het Schap zelf sec a.g.v. de wettelijke garanties die de WGR biedt, overigens überhaupt nooit een issue. Organisatie en (Wsw)-bezetting Doordat de Wsw onder de Participatiewet vanaf 2015 een zgn. ‘gesloten’ regeling is, is vanaf dat jaar door natuurlijk verloop en uitstroom bij de Wsw parallel hieraan sprake van een krimpende WAA organisatie. Een krimp die per 1-1-2018 versneld heeft plaatsgevonden. De uitvoering van de strategische koers van WAA is toen, in lijn met de ingezette beweging “van binnen naar buiten” én de transformatie naar een sociaal duurzaam Sw-detacheringsbedrijf nader ingevuld. Met ingang van 1-12018 is nl. bestuurlijk door de deelnemende gemeenten besloten dat vanaf die datum gemeenten zélf en dírect volledig verantwoordelijk zijn geworden voor het bieden van passende arbeid voor een deel van de Wsw-populatie, zijnde de zgn. Beschutte groep Wsw-ers. Dit zijn mensen die onder de Wsw vallen en die (blijvend) aangewezen (zullen) zijn op intern beschut werk en een loonwaarde hebben tot maximaal 30%. Vanaf die datum zijn de gemeenten derhalve zgn. materieel werkgever voor deze groep en zélf direct verantwoordelijk voor de regie en plaatsing van deze groep. Gemeenten geven uitvoering aan hun verantwoordelijkheid door beschermde werkplekken in m.n.

de eigen woonbuurt van deze mensen te realiseren. De overige Wsw-ers blijven vanaf 1-1-2018 onverminderd onder regie en directe verantwoordelijkheid van WAA. Het betreft dan de personen uit de Wsw-doelgroep met een loonwaarde van 30% of hoger, die bereid en in staat zijn in een reguliere omgeving – al dan niet onder WAA-begeleiding – aan de slag te gaan. WAA heeft derhalve vanaf 1-1-2018 de verantwoordelijkheid om onder haar regie zoveel mogelijk de groep Wsw-ers met een loonwaarde van 30% of hoger d.m.v. passend werk te plaatsen bij reguliere werkgevers. De beweging van WAA vanaf 2014, in combinatie met de krimp van de organisatie, gaat gepaard met transitie- en frictiekosten. Vanaf 2015 zijn deze middelen ondergebracht in een aparte bestemmingsreserve bij het Schap. Jaarlijks wordt de aard en omvang van deze reserve herijkt op basis van alle aangegane en lopende verplichtingen. Het beleid van WAA is erop gericht, door middel van actief en preventief sturen op output en actief beheer van deze verplichtingen, het beslag op deze gereserveerde frictiemiddelen steeds te minimaliseren. Iets dat tot en met 2020 jaarlijks succesvol is geweest (zie onderdeel Financieel in dit verslag).

Structuur, bestuur en governance De krimp in SW en de oplopende economies-of-scale-effecten bij WAA, in samenhang met de uitdagingen waarvoor gemeenten over de volle breedte staan vanuit de Participatiewet, én de parallellen die er steeds meer zijn tussen Wsw en de andere doelgroepen binnen die Wet, hebben ertoe geleid dat de gemeente Venlo, als grootste belanghebbende gemeente binnen WAA, vanaf 2016 heeft onderzocht óf en zo ja, hoe, wat en waar het mogelijk zou zijn de uitvoering van de gehele Wsw vorm en inhoud te willen gaan geven binnen haar eigen gemeentelijke sociale domein. Dit heeft in 2019 geresulteerd tot een positief advies op de beoogde richting en vervolgens voorgenomen besluit van de gemeente Venlo om hiertoe over te gaan. In februari 2020 is hier door de andere deelnemende gemeenten in WAA, zijnde Beesel en Bergen, negatief op gereageerd: beide kleinere gemeenten wensen, in tegenstelling tot het voornemen van de gemeente Venlo, vooralsnog

-7-

voor de komende jaren en ceteris paribus op de huidige voet en huidige koers door te gaan met WAA als uitvoerder van de Wsw. De efficiënte wijze van uitvoering, op de manier zoals de WAA momenteel functioneert, maakt dat voor deze gemeenten nu de noodzaak om zaken anders te organiseren te grote financiële en maatschappelijke risico’s met zich meebrengt. Gedurende de huidige status quo is door het Bestuur van het Schap besloten om, met inachtneming van ieders belangen, op basis van gelijkwaardigheid en rekening houdende met belangen van andere stakeholders én – last but not least – de mensen in de doelgroep waar het allemaal om draait(!), een nieuw onderzoek uit te zetten naar hoe dan verder. Dit onderzoek genaamd Samen Verder! is medio 2020 opgepakt. Hangende dit onderzoek is vooralsnog bestuurlijk besloten tot een status quo en de huidige structuur en koers van WAA onveranderd en going concern tot nadere bestuurlijke besluitvorming door het Schapsbestuur door te zetten. Deze jaarrekening is derhalve opgesteld op basis van going concern-grondslagen.

Zoals aangegeven zal op zijn vroegst in 2021 in dit proces naar verwachting een volgende stap worden gezet naar een nieuwe toekomst voor het Schap en WAA groep nv, met de nodige nieuwe uitdagingen maar ook een proces dat WAA onveranderd met verve en met vertrouwen verder zal oppakken! Mét, en ook vóór de mensen die op haar zijn aangewezen voor een passende werkplek. •

Sociaal

Evenals in voorgaande jaren is ook in 2020 op sociaal gebied eenieder die is aangewezen op passende arbeid vanuit de Wsw binnen de gestelde kaders en taakstellingen zoveel mogelijk geplaatst in een voor hem/haar zo passend mogelijke werkplek. Eind 2020 is 95% van de SW-populatie passend en duurzaam geplaatst. De overige 5% is, gelet op de beperkingen bij zowel vraag als aanbod van/naar duurzaam passend werk, nog niet geplaatst of in afwachting van een andere werkplek. Het reduceren van de 5% is dé uitdaging voor de volgende jaren. Een uitdaging die WAA graag en vol overgave oppakt! De totale Wsw-bezetting van het Schap is in 2020, door het sluiten van de regeling en hierdoor wegvallen van de instroom Wsw vanaf 1-1-2015 maar ook door natuurlijk verloop, verder gedaald: in full time arbeidsjaren van 708 in 2018 naar 680 in 2019 naar 644 in 2020. Vooral vanaf 2019 is er sprake van een versnelde uitstroom uit de Wsw omdat, o.a. door de vergrijzende bezetting, meer mensen uitstromen naar pensioen, maar ook voor meer mensen de handicap steeds meer een (te) grote beperking wordt voor verdere deelname in het arbeidsproces. De Wsw-bezetting zal komende jaren verder dalen en, o.a. door voorgenoemde oorzaken, naar verwachting sneller dan in de afgelopen jaren. Vanaf 2021 wordt een verdere afname met gemiddeld 25 tot 35 arbeidsjaren per jaar verwacht.

In lijn met de krimp van de Wsw zal ook de eigen WAA-organisatie hierop worden aangepast. •

Operationeel

De strategische koers van WAA is in 2014 concreet vertaald in het strategische document “Samen Anders! en o.a. vorm gegeven door vanaf 2014 alle eigen activiteiten van WAA groep nv gecontroleerd en geconditioneerd af te stoten en “naar de markt te brengen”. Bij alle vervreemdingen zijn hierbij betrokken medewerkers in alle gevallen zoveel als mogelijk het werk gevolgd. Met de laatste vervreemdingen en het verhuizen vanuit het industriële gebouwencomplex van ruim 27000m 2 aan de Edisonstraat in Venlo naar een nieuwe kantoorruimte van 400m 2 aan de Prinsessesingel in Venlo per medio 2018, is dit onderdeel van de in 2014 ingezette koers afgerond en staat WAA voortaan synoniem voor een sociaal duurzaam detacheringsbedrijf. Door de bestuurlijke onzekerheden en hieraan gekoppelde prudentie ten aanzien van (toekomstige) investeringen, is binnen de organisatie WAA sprake van een status quo op meerdere fronten. Iets dat, zeker in de wereld van het sterk dynamische sociale domein, achteruitgang betekent voor de (door)ontwikkeling en verdere professionalisering van WAA. Waarbij het van groot belang is dat WAA, ondanks de beperkingen, in dit kader tóch verder in de organisatie en haar mensen móet blijven investeren om niet achteruit te hollen.

Medio 2019 is hiermede een begin gemaakt door het kader van WAA middels het interne programma “Eigenaarschap” gereed te stomen voor een nieuwe toekomst. Een proces dat in 2020 en volgende jaren steeds verder is, en nog zal worden uitgerold. De vier hoofdthema’s in dit programma zijn: “Ik ga voor WAA”, “Ik ben resultaatgericht”, “Ik ben verantwoordelijk” en “Ik verbind”. Doelstelling is mensen en middelen én de interne en externe organisatie met elkaar en in balans te verbinden, en meer te finetunen en te professionaliseren. Dit

-8-

vanuit een continu reciproke proces van kritisch zelf analyseren, naar verbeteren, vervolgens meten, en dan weer bijstellen. •

Financieel

Ondanks de grote “verbouwingen vanaf 2014”, de organisatiekrimp, en de COVID-19-crisis en de hierdoor gedaalde omzet en extra kosten, zijn zowel het Schap als WAA groep nv er in 2020 wederom in geslaagd een beter dan begroot financieel resultaat te behalen. Dit vooral door beperking van de COVID-19-schade door specifieke (maatwerk) organisatorische maatregelen in combinatie met de compensatie van het Rijk én klanten, door structureel lagere operationele en frictiekosten, én door een beter subsidieresultaat Wsw dan begroot. Dit laatste was vooral een gevolg van a) minder dan begrote loonkosten a.g.v. lager dan begrote Cao-verhogingen voor de Wsw-medewerkers en lagere sociale premies c.a. en b) een rijksbijdrage Wsw die hoger was dan begroot. De afbouw van de organisatie en de hierbij doorgezette reductie van de structurele organisatorische kosten heeft, ondanks de gedaalde toegevoegde waarde, vanaf 2014 tot een resultaatverbetering geleid. En dit, in combinatie met de eerste effecten van het programma Eigenaarschap, waarbij medewerkers gaan voor, en trots zijn op WAA en meer resultaatgericht zijn gaan samenwerken, heeft vanaf 2019 tot verdere resultaatverbetering bij WAA geleid. De transformatie van WAA heeft daarnaast ook voor de beleidsmatig gewenste risicoreductie voor WAA overall gezorgd.

Hierdoor is de organisatie in de toekomst minder gevoelig en beter in staat in te spelen op veranderende marktomstandigheden. En heeft zij meer focus door minder versnippering van activiteiten en dus aandacht. De COVID-19-crisis heeft dit aspect van bedrijfsvoering bij WAA vanaf 2020 nog nadrukkelijker dan voorheen aan het licht gebracht. Elk “nadeel heb ook zijn voordeel”, zei een zekere Johan Cruyff ooit. Waarvan acte! Niet alleen qua finetuning, optimalisatie en professionalisering van zowel de WAA-organisatie als haar werkprocessen en qua bestuurlijke positionering zijn er grote uitdagingen voor WAA en haar gemeenten. Ook op financieel gebied is en blijft er een grote uitdaging. Immers: al vanaf 2015 heeft het Rijk jaarlijks oplopende kortingen op de rijksmiddelen voor het hele sociale domein inclusief de Wsw toegepast. Deze kortingen hebben geresulteerd in een forse budgettaire druk bij het Schap. Deze druk is in 2016 t/m 2020 verder opgelopen. De korting was in 2020 weliswaar lager dan begroot, doch deze zal bij ongewijzigd rijksbeleid ook na 2020 nog een subsidietekort tot gevolg hebben. De financiële exploitatie van het Schap sluit in 2020 met een concernresultaat van -/-€ 1.280.000 (begroot: -/-€ 2.392.000). Deze positieve afwijking ad € 1.112.000 is vooral een gevolg van: • lagere uitvoerings- en plaatsingskosten, dit a.g.v.

een lagere Wsw-bezetting voor de doelgroep niet-beschut; • een hogere rijksbijdrage Wsw per SE dan begroot doordat het Rijk in 2020 een extra budgetverhoging voor de Wsw heeft doorgevoerd; • lagere overige lasten ad € 528.000, dit m.n. door een lager dan begrote bijdrage voor frictiekosten ad € 494.000, en verder door minder inhuur van externe ondersteuning t.b.v. het actualiseren van de koers WAA / modernisering Wsw. De voordelen in 2020 ten opzichte van 2019 worden deels afgezwakt door een afname van de economy of scale door de hogere krimp in Wsw-ers, die ook in 2020 niet volledig wordt gecompenseerd in de rijksbijdrage per Wswarbeidsjaar. In het Overzicht van baten en lasten is de hierboven al vermelde coronacompensatie van het Rijk over 2020 ad € 933.000, vanwege het incidentele karakter, onder de Diverse baten verantwoord, en de doorbetaling ervan is als Bijdrage aan WAA groep nv apart vermeld. Het tekort ad €1.280.000 over 2020 wordt met € 1.600.000 gedekt door een voor 2020 vastgestelde gemeentelijke tekortfinanciering en met € 296.000 door een onttrekking uit de bestemmingsreserve. Hierna resteert een overschot van € 616.000, dat conform bestuurlijke afspraken t.a.v. resultaatbestemming, wordt toegevoegd aan de algemene reserve van het Schap. Eind 2020 bedraagt het aanwezige weerstandsvermogen van het Schap en WAA groep nv samen, na verwerking van het voorstel t.a.v.

resultaatbestemming 2020, ca. € 7,9 mio en is hiermede fors hoger (door de beter dan begrote resultaten over 2019 en 2020) dan het bestuurlijke vastgestelde minimum niveau van € 3 mio. Het deel van het weerstandsvermogen boven het minimumniveau van € 3 mio zal in komende jaren met de nodige voorzichtigheid en prudent worden ingezet ter mitigering van de gemeentelijke bijdragen, maar ook om als extra buffer te fungeren voor het geval dat COVID-19

-9-

langer dan 2021 resp. in (nog) hogere mate dan voorzien, zijn stempel blijft drukken op de exploitatie van WAA. Tot een niveau van € 3 mio zal dit vermogen sowieso worden gereserveerd als buffer om de continuïteit van de onderneming te waarborgen. De fysieke transformatie van WAA is eind 2018 afgerond, doch daarmee is er geen einde maar een nieuw begin ontstaan. De basis staat, maar de organisatie dient verder te worden geoptimaliseerd en geprofessionaliseerd. Ook zal de bestuurlijke constellatie door de drie deelnemende gemeenten gezamenlijk middels het project Samen Verder! worden uitgewerkt. Er is, en zal ook komende jaren, derhalve verder ge- en verbouwd worden aan WAA. En dat terwijl de winkel open blijft. En er zal ook de komende jaren druk blijven op de financiële exploitatie van WAA; subsidietekorten op Wsw en een eind 2020 zeer onzekere maatschappelijke en economische situatie blijven naar verwachting ook voor de komende jaren beeldbepalend. De uitdagingen waar WAA voor staat zijn, en blijven onverminderd, niet gering. Uitdagingen die WAA samen met haar gemeenten graag en met verve wil oppakken. Samen verder dus! Maar wel steeds oog en oor houdende voor datgene wat écht wezenlijk is en waar het tenslotte écht om gaat: het belang van de mensen die op haar zijn aangewezen voor het hebben van passend werk.

Los van bovenstaande ontwikkelingen is het Schap, en haar 100% dochter en Wswuitvoeringsorganisatie WAA groep nv, er ook in 2020 weer in geslaagd haar doelen op sociaal, operationeel en financieel gebied te realiseren.

1.1 Programmaverantwoording 1.1.1 Doelstelling van WAA De doelstelling van WAA is het - voor en namens de deelnemende gemeenten - als Gemeenschappelijke Regeling uitvoering geven aan de verplichtingen die voortvloeien uit de Participatiewet onderdeel Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw) in de regio Venlo tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten.

1.1.2 Algemene ontwikkelingen op bestuurlijk niveau In de Participatiewet, en in het verlengde daarvan in de Wsw, is aangegeven dat de regie en uitvoering van deze wet en regelingen bij gemeenten ligt. De deelnemende gemeenten van het Schap bepalen in en middels het Schap een gemeenschappelijke koers voor de uitvoering van de Wsw resp. voor WAA. Het Schap WAA Venlo e.o. fungeert hierbij als het centrale beleidsorgaan en als steun- en coördinatiepunt voor de drie deelnemende gemeenten om de Wsw concreet vorm en inhoud te geven. Namens het Schap is haar 100% deelneming WAA groep nv de integrale uitvoerder voor de Wsw voor de gemeenten Venlo, Beesel en Bergen. De Schapsbestuurders zijn hierbij tevens toezichthouders bij WAA groep nv. Deze uitvoeringsmodaliteit is van kracht tot en met minstens 2021. In 2015 is, als gevolg van de nieuwe ontwikkelingen voor de uitvoering van de Wsw onder de Participatiewet, een begin gemaakt met een onderzoek naar de toekomstbestendigheid van deze governancestructuur van de WAA organisatie. Hangende de actualisatie van de koers van WAA is dit eind 2015 on hold gezet. Voor het Schap wordt (vooralsnog) uitgegaan van een situatie als going concern.

1.1.3 Beleidsvisie van het bestuur Vanaf 2008 is het beleid van zowel het Schap als haar uitvoeringsorganisatie WAA groep nv primair gericht op het realiseren van passende arbeid in een zo veel als mogelijke reguliere arbeidsomgeving voor alle personen die via de Wsw op haar zijn aangewezen. Dit beleid is vanuit het going concern uitgangspunt ook in 2021 onveranderd van toepassing. Het Schap dient haar maatschappelijke doelstelling te realiseren met inachtneming van en in overeenstemming met belangrijke strategische (maatschappelijk aanvaarde) uitgangspunten zoals rechtmatigheid, doelmatigheid en integer handelen. Zij legt op transparante wijze verantwoording af over het door haar gevoerde beleid en de resultaten hiervan. Zoals gebruikelijk wordt het strategisch beleid van WAA periodiek in een review door het management, het Bestuur en de Raad van Commissarissen afgezet tegen de nieuwste ontwikkelingen en herijkt.

- 10 -

In lijn met het vigerende beleid en met inachtneming van de geactualiseerde uitgangspunten en kaders is onderstaande visie en missie onveranderd van kracht en vastgesteld voor WAA: • •

Missie: WAA groep voegt waarde toe aan haar opdrachtgevers door de inzet van SWmedewerkers. Visie: WAA groep is dé professionele organisator van duurzaam werk voor SWmedewerkers bij reguliere bedrijven in de regio Noord-Limburg.

Visie en missie moeten leiden tot een WAA-organisatie waarin onderstaande strategische onderwerpen centraal staan: o heeft sociaal en financieel renderende strategische allianties en co-creaties met het regionale bedrijfsleven en overheden; o realiseert voor haar SW-medewerkers duurzame plaatsingen in groepen bij opdrachtgevers; o ambieert samen met haar Sw-medewerkers ontplooiing gericht op maximale loonwaarde; o is een proces- en resultaatgerichte organisatie waarin met plezier gewerkt wordt. De strategische koers is verder vertaald in onderstaande door het Bestuur vastgestelde strategische uitgangspunten en beleidslijnen: •

voor de bepaling van de strategische beleidskeuzes van WAA is de uitvoering van de Participatiewet –zowel op regionaal als op lokaal niveau- maatgevend. Het Werkgevers Servicepunt (WSP), bestuurd vanuit het Werkbedrijf en de in het WSP samenwerkende partners, is in deze strategie vanuit (semi-)overheidszijde als netwerkorganisatie regionaal ondersteunend naar afnemers en bedrijven en ondersteunend voor de uitvoeringsorganisaties zoals WAA t.a.v. het verbinden in de arbeidsmarkt voor alle regionale brede Participatiewetvraagstukken van vraag- en aanbod voor gesubsidieerde arbeid;

•

de verantwoordelijkheid voor zowel de regie als uitvoering voor het beschutte deel van de Wsw is per 1 januari 2018 geheel in handen van de deelnemende gemeenten zelf. Zij zijn vanaf die datum zelf verantwoordelijk voor zowel het materieel werkgeverschap voor deze Wsw groep als aanbod van werkplekken aan SW-medewerkers uit de Beschutte Wsw groep alwaar zij (financieel) verantwoordelijk voor zijn onder de Wsw. Het gaat dan om zgn. ‘beschut werk’ en dan meer specifiek om SW-medewerkers met een loonwaarde van maximaal 30% van minimumloon of lager. De gemeenten kunnen zelf werkplekken organiseren of deze inkopen bij andere organisaties;

•

de betreffende SW-medewerkers blijven formeel in dienst bij het Schap WAA. De rechten en plichten van de huidige SW-medewerkers blijven gehandhaafd. De gemeenten nemen het materiele werkgeverschap voor deze groep vanaf 1-1-2018 over van WAA groep nv. WAA groep nv treedt per 1 januari 2018 voor deze groep alleen als pay-roller/HR-dienstverlener optreedt. De WAA groep vraagt voor deze vorm van dienstverlening aan de gemeente een marktconform tarief.

Zoals al aangegeven is zowel het Schap als haar uitvoeringsorganisatie WAA-groep nv, in lijn met deze beleidslijn, afgebouwd en vanaf medio 2018 geen aanbieder van beschut werk meer. En is WAA omgevormd tot een sociaal duurzaam detacheringsbedrijf voor de resterende Wsw-doelgroep. Vanuit financieel perspectief is hierbij nog van belang aan te geven dat, omdat vanaf 1 januari 2018 de deelnemende gemeenten (Beesel, Bergen en Venlo) in financiële zin volledig zelf verantwoordelijk zijn voor een grote groep Wsw medewerkers de verdeelsleutel voor de gemeentelijke tekortfinanciering van WAA is aangepast. Vanaf 1-1-2018 wordt in deze verdeelsleutel alleen met het aantal niet-beschutte medewerkers gerekend. Bij de uitvoering van de Participatiewet kán een gemeente het detacheren van werkzoekenden als instrument inzetten bij de werkgeversdienstverlening. De WAA-groep kan en zal voor de invulling van die detacheringsopgave zorgdragen, maar zal dit alleen doen op nadrukkelijk verzoek van haar deelnemende gemeenten én na expliciete toestemming van het Bestuur én alleen met en onder bestuurlijk strikt geformuleerde voorwaarden. Primair is en blijft WAA als kerntaak zich richten op het verder ontwikkelen van een sociaal detacheringsbedrijf voor sec de Wsw-ers met een loonwaarde hoger dan 30%.

Hangende de eventuele herpositionering van WAA zal er (vooralsnog) niet op verdere formele samenwerking tussen de SW-bedrijven in de arbeidsmarktregio Noord-Limburg (NLW-groep, Intos en

- 11 -

WAA-groep) worden ingezet. Bedrijfsmatige samenwerking om tot kostenreductie en/of kwaliteitsverbetering te komen, is wel mogelijk. De inkooprelatie die vanaf medio 2018 geregeld is tussen WAA groep nv en NLW voor zgn. vangnetgevallen (medewerkers die al dan niet tijdelijk niet geplaatst kunnen worden op reguliere detacheringsplekken) is een voorbeeld van een dergelijke WINWIN samenwerking. Maar ook verdergaande samenwerking t.a.v. het delen van backoffice activiteiten en resources is vanaf 2020 in gang gezet en zal, waar mogelijk en indien wederzijds tot een voordeel / Win-win situatie leidend, verder worden uitgebouwd.

1.1.4 Ontwikkelingen ten aanzien van de Gemeenschappelijke Regeling In 2020 is de bestuurlijke samenstelling van de Gemeenschappelijke Regeling niet gewijzigd ten opzichte van 2019. Het Bestuur van het Schap bestaat uit: - een Algemeen Bestuur dat bestaat uit een voorzitter, penningmeester en secretaris die benoemd zijn door, voor en namens de colleges uit de drie in het Schap WAA Venlo e.o. deelnemende gemeenten; - een Dagelijks Bestuur dat bestaat uit een voorzitter die wordt afgevaardigd uit het algemeen bestuur en twee adviseurs, waarbij de twee adviseurs sec een adviserende stem hebben in het dagelijks bestuur. De bestuurlijke inrichting voldoet op deze wijze geheel aan alle vigerende bepalingen zoals die in de WGR van kracht zijn. Zoals al is aangegeven is eerder al door het Bestuur van het Schap onderkend dat de sterk veranderende omgeving rondom de Wsw en het hele sociale domein in combinatie met een andere koers en beleid van WAA overall, andere eisen stelt aan de bestuur- en governancestructuur van de hele organisatie WAA. Een proces dat vanaf 2014 met fases is opgepakt, maar vanaf 2018, in het licht van het onderzoek Samen Verder! naar een nieuwe, gezamenlijke toekomst van WAA, on hold is gezet.

Afhankelijk van de uitkomsten van dit onderzoek, zal besloten worden of en zo ja op welke wijze de herijking van de huidige bestuurlijke en operationele constellatie van WAA overall verder worden opgepakt en afgerond. Ten slotte: herindeling van gemeenten is momenteel in de regio Noord Limburg geen issue maar het is natuurlijk in de toekomst niet uit te sluiten dat in het Schap deelnemende gemeenten, direct of indirect toch ooit weer betrokken zijn en/of (wederom) worden bij volgende gemeentelijke herindelingen. Herindelingen die direct relevant kunnen zijn voor de bestuurlijke constellatie en/of het directe verzorgingsgebied van WAA Venlo e.o.

1.1.5 Ontwikkelingen in de Wsw Met ingang van 1-1-2015 is de Wsw opgegaan in een nieuwe, veel meer omvattende Participatiewet. Binnen de Participatiewet wordt de Wsw afgebouwd ten gunste van andere regelingen, doordat er vanaf 1-1-2015 geen instroom in de Wsw meer mogelijk is. De Wsw is onder de Participatiewet zowel inhoudelijk als budgettair één van de onderdelen in de nieuwe wet en kent derhalve geen apart budget meer voor de financiering van de doorlopende verplichtingen uit de Wsw. De Wsw-middelen zijn wel nog apart zichtbaar, maar niet meer apart gealloceerd, en vormen een integraal en niet geoormerkt deel van het totale participatiebudget dat gemeenten ontvangen voor de gehele (sluitende) keten van instrumenten voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. In 2014 heeft het Rijk hiervoor eerste stappen gezet, en in de jaren daarna volgende stappen, en het Wsw-deel in het participatiebudget jaarlijks verlaagd. Deze ontwikkeling heeft zich tot en met 2020 doorgezet. Vanaf 2021 zal er geen expliciete verdere korting op de budgetten plaatsvinden maar een soort status quo optreden waarbij het Rijk sec indexatie zal toepassen. Maar wel indexatie op en vaststelling van budgetten op een structureel veel lager niveau dan bij de uitgangssituatie in 2014 het geval was. Zoals aangegeven heeft er eind 2020 een evaluatie plaatsgevonden van de Participatiewet door het Rijk.

Inhoudelijk hebben alle politieke partijen in januari 2021 aangegeven de inclusieve doelstelling van deze wet nogmaals te onderschrijven en blij te zijn met hetgeen op dit gebeid bereikt is voor een

- 12 -

groot deel van de doelgroep. Maar men heeft in Den Haag ook middels een motie aangegeven dat er voor mensen in de participatiewet die onder Nieuw Beschut vallen, extra actie moet komen om deze groep niet buiten in de kou te laten staan maar binnen het arbeidsproces op te nemen. Dit middels zgn. Sociale Ontwikkelbedrijven i.o. En ondanks het gegeven dat gemeenten vanaf dag 1 aangeven te weinig middelen te hebben voor de uitvoering van deze wet, en evaluaties een gemengd beeld schetsen van het effect en het resultaat van deze wet overall, ligt het qua financiële exploitatie niet in de lijn der verwachtingen dat het Rijk nu plots anders zal omgaan met en ruimhartiger hierbij zal gaan financieren na 2020. Zowel gemeenten als uitvoeringsorganisaties dienen zich naar verwachting op te maken voor een blijvende situatie van een structureel lager financieringsniveau door de rijksoverheid voor het hele terrein van werk, inkomen en zorg. En blijvend hierop acteren en anticiperen lijkt derhalve meer een nood dan een deugd.

1.1.6 Programma sociale werkvoorziening Het Schap kent in zijn begroting en jaarrekening één programma. Dit is het programma Sociale werkvoorziening. Alle processen van het Schap, inclusief alle ondersteunende processen zoals bestuur, financieel en operationeel beheer e.d., zijn gericht op dit programma, zijnde het verzorgen van de uitvoering Wsw voor de deelnemende gemeenten. 1.1.6.1 Algemeen Vanaf 1-1-2015 is de Wsw opgegaan in de Participatiewet en is daarmee zowel inhoudelijk als financieel één van de onderdelen in de nieuwe wet. Ondanks dat de Wsw één geheel is met alle andere arbeidsmarkt-toeleidings-instrumenten binnen een groter en ontschot gemeentelijk budget, zijn in de nieuwe Participatiewet veel bepalingen vanuit de oude Wsw één op één doorgezet. Zo worden in de Participatiewet wettelijke kaders aangegeven waarbinnen het aandeel van de Wsw in het totale nieuwe budget wordt vastgesteld door het Ministerie van SZW. De verantwoordelijkheid voor zowel de regie als uitvoering voor het beschutte deel van de Wsw is per 1 januari 2018 geheel in handen van de deelnemende gemeenten. Zij zijn vanaf die datum zelf verantwoordelijk voor zowel het materieel werkgeverschap voor deze Wsw groep als aanbod van werkplekken aan SW-medewerkers uit de beschutte Wsw groep alwaar zij (financieel) verantwoordelijk voor zijn onder de Wsw.

Nadrukkelijk dient derhalve in deze jaarrekening rekening gehouden te worden bij elke vergelijking ten opzichte van alle jaren vóór 2018 van de kerncijfers, exploitatie e.d. van WAA op totaalniveau, dat de totale SW-populatie waarvoor WAA vanaf 2018 de Wsw uitvoert, fors lager is dan in alle voorgaande jaren. Door het Rijk wordt aan de hand van op gemeentelijk en landelijk niveau jaarlijks geactualiseerde en op actuariële basis bepaalde blijf- en uitstroomkansen binnen de Wsw het budgetdeel voor de Wsw in het totale landelijke participatiebudget vastgesteld waarna onderstaande variabelen hiervan worden afgeleid: • het aantal medewerkers, uitgedrukt in arbeidsjaren (AJ) resp. standaardeenheden (SE), dat landelijk via de sociale werkvoorziening bekostigd wordt; • een vast budget per standaardeenheid; • de “omrekenverhouding” SW-medewerkers, uitgedrukt in Full Time Equivalent (FTE), naar arbeidsjaren resp. standaardeenheden, kenbaar gemaakt aan de afzonderlijke bestuurlijke eenheden middels een uitvoeringsbeschikking. In 2020 is (evenals voorgaande jaren) de volgende omrekenfactor vastgesteld: o Licht gehandicapt 1,00 o Middel gehandicapt 1,00 o Zwaar gehandicapt 1,25 Het Wsw-budgetdeel in het totale participatiebudget wordt jaarlijks op het niveau van de afzonderlijke gemeenten vastgesteld en minimaal 1x per jaar herzien.

Elke gemeente heeft zijn eigen budgettoekenning voor de Wsw en hiervan afgeleide taakstelling en is zelf hiervoor verantwoordelijk. Onder- en overbenutting van het Wsw-budgetdeel is dan geheel voor eigen risico en rekening van de gemeente zelf. Het Schap voert namens de deelnemende gemeenten de Wsw uit en bewaakt met, voor en namens de individuele gemeenten voor hun rekening en risico de Wsw-taakstelling van elke individuele gemeente.

- 13 -

1.1.6.2 Sociaal beleid Het sociale beleid van het Schap is nader uitgewerkt in onderstaande concrete aspecten waarbij de doelstellingen vertaald zijn in concreet meetbare termen als: • een beleid gericht op uitstroom van Wsw-medewerkers naar het reguliere bedrijfsleven of organisaties, rekening houdend met de individuele wensen en mogelijkheden van eenieder; • binnen de zeer beperktere maar toch nog aanwezige, mogelijkheden van het Schap zorgen voor een optimale invulling van de jaarlijks door gemeenten resp. het Rijk aangegeven taakstelling. Plaatsingen, in- en uitstroom Het verloop van het aantal geplaatste fte (incl. Begeleid werken) is als volgt: Beginstand Af: beschutte groep naar deeln. gemeenten Beginstand excl. beschut Bij: instroom Bij: toename a.g.v. verhuizingen en wijzigingen van handicapcode Af: uitstroom naar reguliere arbeid Af: uitstroom overige Eindstand

2020 650,9 -194,9 456,0 0,0

2019 681,1 -208,3 472,8 0,0

2018 708,0 -214.3 493,7 0,0

5,0 0,0 -39,4 421,6

12,1 0,0 - 28,9 456,0

7,5 0,0 - 28,4 472,8

Als gevolg van de m.i.v. 1 januari 2015 in werking getreden Participatiewet vindt, behoudens (naadloze) overnames a.g.v. verhuizingen en/of een aanpassing van werkuren voor zittende Wsw-érs, geen instroom (en ook geen uitbreiding van het aantal arbeidsjaren werkzaam binnen de Wsw) meer plaats. Evenals in voorgaande jaren, heeft ook in 2020 geen door- en uitstroom van medewerkers vanuit de Wsw naar reguliere arbeid plaatsgevonden. Werkgevers blijven, zeker ook na invoering van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) en met de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) in het achterhoofd, bijzonder huiverig om mensen met een Wsw-achtergrond in vaste dienst te nemen. De hoge risicoperceptie t.a.v. verzuim- en begeleidingskosten op dit punt is en blijft moeilijk te doorbreken bij het vormen van een (voor-)oordeel hiervoor bij reguliere werkgevers. Bovendien kent de huidige Wsw hoge zekerheden en, afgezet tegenover de Participatiewet, goede primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden. Mede hierdoor durft de Wsw-er zelf de stap naar buiten vaak ook niet aan. In onderstaande tabel is zichtbaar hoe de doelstelling “van binnen naar buiten”, rekening houdend met de moeilijke markt voor externe plaatsingen, per ultimo van het jaar is ingevuld. Bezetting per werksoort in fte Ultimo boekjaar 1) - Begeleid werken - (Indiv. en groeps-) detacheringen - Werken op locatie - Overige niet-beschut, incl.

intern Totaal - Beschut werken Totaal generaal

2020 45 292 76 8 421 0 421

% 2019 % 11 50 11 69 314 69 18 84 18 2 8 2 100 456 100 0 456

2018 % 2017 % 54 11 51 11 294 62 183 38 94 20 93 19 31 7 153 32 473 100 480 100 0 228 473 708

1) Vanaf 2018 valt de beschutte groep onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten.

In bovenstaande tabel is zichtbaar dat per 1-1-2018 de beschutte groep is overgedragen aan de gemeenten, en daarmee niet meer onderdeel uitmaakt van de bezetting bij WAA. Tevens laat deze tabel zien dat WAA vanaf 2017 (maar ook daarvoor) door de groei van de activiteit Detacheringen, de beweging “van binnen naar buiten” maakt. In 2018 heeft met de laatste vervreemdingen van alle eigen activiteiten zich deze beweging versterkt doorgezet. Vervolgens is e.e.a. in 2019 verder uitgetrild, en is vanaf eind 2019 een status quo bereikt. WAA blijft zich in de komende jaren onverminderd verder richten op detachering, maar de grenzen zijn hierbij wel in zicht.

- 14 -

Personeelsbezetting Wsw per handicapcategorie Gemiddeld 1) (Incl. Begeleid werken) Licht Matig Ernstig Totaal

2020 fte % 0,0 0 418,7 95 20,6 5 439,3 100

2019 Fte % 0,2 0 444,9 96 20,5 4 465,6 100

2018 fte % 1,0 0 459,5 95 21,5 5 482,0 100

1) Vanaf 2018 valt de beschutte groep onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten.

Na de overgang per 1 januari 2018 van de beschutte groep (met relatief meer ernstig arbeidsgehandicapten) naar de deelnemende gemeenten is het % Wsw-ers met een ernstige arbeidshandicap fors gedaald. Vanaf 2018 blijft hun aandeel in de niet-beschutte groep vrij stabiel op ca. 5%. Personeelsbezetting Wsw per leeftijdscategorie Ultimo boekjaar 1) (Incl. Begeleid werken) Tot 25 jaar 25 t/m 34 jaar 35 t/m 44 jaar 45 t/m 54 jaar 55 jaar en ouder Totaal

2020 fte % 0,0 0 44,1 10 70,4 17 112,7 27 194,4 46 421,6 100

2019 fte % 0,0 0 57,1 13 74,0 16 151,8 33 173,1 38 456,0 100

2018 fte % 0,0 0 67,8 15 76,4 16 143,3 30 185,3 39 472,8 100

1) Vanaf 2018 valt de beschutte groep onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten.

Het percentage medewerkers Wsw in de oudere leeftijdscategorieën is in 2020 wederom gestegen ten opzichte van vorige jaren. Dit doordat er geen sprake meer is van instroom bij WAA. De SwNederland vergrijst hierdoor in een jaarlijks oplopend tempo, waarbij het tempo waarin dit bij WAA en Sw-Nederland van toepassing is, veel hoger is dan in de rest van de samenleving. Met ruim 70%(!) van de werknemers die 45+ zijn en een maatschappelijk sterk verouderde Wsw-Cao, die Wsw-ers nog steeds ongebreideld en ruim faciliteert om bijna volledig doorbetaald in deeltijd te gaan werken middels ruime VUT- en prepensioenregelingen, speelt vergrijzing een belangrijke rol bij WAA, evenals bij andere SW-bedrijven, en dit heeft een fors effect op de dagelijkse operationele en financiële bedrijfsvoering. Personeelsbezetting Wsw per gemeente Ultimo boekjaar 1) (Incl. Begeleid werken) Beesel Bergen Venlo Totaal uit deelnemende gemeenten Bij: niet deelnemende gemeenten Totaal generaal

2020 fte % 42,3 10 52,3 12 327,0 78 421,6 100 0,0 0 421,6 100

2019 fte % 43,8 10 58,6 13 353,6 77 456,0 100 0,0 0 456,0 100

2018 fte % 44,2 9 58,8 13 369,8 78 472,8 100 0,0 0 472,8 100

1) Vanaf 2018 valt de beschutte groep onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten.

Door het krimpen van de Wsw is over- en onderrealisatie van budget/taakstelling t.a.v. het Wsw-deel voor gemeenten nadrukkelijk een onvermijdelijk risico. Met name is dit risico aanwezig voor kleinere gemeenten zoals Beesel en Bergen omdat de stuurmiddelen hier beperkter zijn. Taakstelling Wsw en realisatie De gemiddelde bezetting Wsw (Beschut en Niet Beschut, incl. Begeleid werken) voor de deelnemende gemeenten in 2020 bedroeg 643,76 arbeidsjaren/SE. Dit is een afname met 36,39 SE (5,4%) t.o.v. 2019.

- 15 -

Aantal Wsw-ers in arbeidsjaren/SE (gemiddeld): Werkelijk gerealiseerd in boekjaar: Beschut Niet beschut Werkelijk gerealiseerd totaal Schap -/-aandeel niet deelnemende gemeenten = Werkelijk gerealiseerd voor deelnemende gemeenten (A) Totaal taakstelling van deelnemende gemeenten -/- ingevuld door andere Wsw werkvoorzieningsschappen resp. door externen via PGB = Door WAA in jaar in te vullen taakstelling voor deelnemende gemeenten (B) Over(+) / onder (-) realisatie (A – B)

2020

2019

2018

199,37 444,39 643,76 0,00 643,76

209,44 470,71 680,15 0,00 680,15

222,62 487,58 710,20 0,00 710,20

652,98 4,11

686,43 3,86

723,04 3,74

648,87

682,57

719,30

-5,11

-2,42

-9,10

Vanaf 2017 is de werkgemeente financieel verantwoordelijk om uitvoering te geven voor die Wswers die onder haar vleugels en op haar “grondgebied” werkzaam zijn. Vanaf 2017 is hierdoor structureel niet meer sprake van een Wsw-bezetting uit zgn. niet-deelnemende gemeenten. Evenals in 2019 is ook in 2020 sprake van onderrealisatie, waarbij er wel forse verschillen zijn en tussen de gemeenten onderling. Daar waar mogelijk heeft het Schap bijgestuurd, doch heeft zij zeer beperkte mogelijkheden en invloed op de ontwikkeling van de Wsw-bezetting, zowel totaal als per individuele gemeente. Het totale ziekteverzuim Wsw van WAA (incl. beschut) is, na de daling in 2019 naar 15,6% (2018: 17,5%), in 2020 weer gestegen, en wel naar 16,4%. Het ziekteverzuim blijft een speerpunt in het beleid van WAA, omdat het nog steeds ruim boven het landelijke gemiddelde voor de SW zit (2019: 14,5% en 2018: 13,7%). De ontwikkeling in het verzuim van WAA volgt met de stijging in 2020 wel de landelijke trend die hiermee ook toename laat zien, o.a. als gevolg van de algemene vergrijzingsgolf die door heel SW-land gaat. 1.1.6.3 Financieel beleid Het jaar 2020 is afgesloten met een concernresultaat van -/-€ 1.280.000. Dit resultaat is € 1.112.000 beter dan het begrote tekort van € 2.392.000 als gevolg van: • lagere uitvoerings- en plaatsingskosten, dit a.g.v.

een lagere Wsw-bezetting (18,31SE) voor de doelgroep niet-beschut; • lagere overige lasten ad € 528.000, dit m.n. door een lager dan begrote bijdrage voor frictiekosten ad € 494.000, en verder door minder inhuur van externe ondersteuning t.b.v. het actualiseren van de koers WAA / modernisering Wsw; • een hogere rijksbijdrage per SE (standaardeenheid), t.o.v. uitvoerings- en plaatsingskosten die per SE wel op begroot niveau zijn gebleven. De gevolgen van de hogere rijksbijdrage en de lagere Sw-bezetting kunnen als volgt worden weergegeven: gewijzigde realisatie afwijking begroting 2020 2020 Rijkssubsidie regulier per SE € 25.821 € 27.016 € 1.195 Uitvoerings- en plaatsingskosten per SE € 28.712 € 28.712 0 Subsidietekort per SE € -2.891 € -1.696 € 1.195 Aantal SE 462,7 444,39 -18,31 Subsidietekort totaal € -1.338.000 € -754.000 € 584.000 Het lagere subsidietekort ad €584.000 kan als volgt worden geanalyseerd: Meer rijkssubsidie door hogere rijkssubsidie per SE Minder rijkssubsidie door lagere SW-bezetting Per saldo meer rijkssubsidie dan begroot Minder uitvoerings- en plaatsingskosten door minder SE Per saldo lager subsidietekort

- 16 -

SE 444,39 -18,31

€ € 1.195 € 25.821

-18,31

€ 28.712

€ € 531.000 € -473.000 € 58.000 € 526.000 € 584.000

In de jaarrekening is in het Overzicht van baten en lasten de hierboven al vermelde coronacompensatie van het Rijk over 2020 ad € 933.000, vanwege het incidentele karakter, onder de Diverse baten verantwoord, en de doorbetaling ervan is als Bijdrage aan WAA groep nv vermeld. Het tekort op de exploitatie van het Schap ad € 1.280.000 over 2020 wordt met € 1.600.000 gedekt door de voor 2020 vastgestelde gemeentelijke tekortfinanciering en met € 296.000 door een onttrekking uit de bestemmingsreserve. Het overschot van € 616.000, dat conform bestuurlijke afspraken t.a.v. resultaatbestemming, wordt toegevoegd aan de algemene reserve van het Schap. 1.1.6.4 Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien Het Schap voert één programma uit, de Wet Sociale Werkvoorziening. De volledige exploitatie van WAA is hierop gericht, waardoor er geen sprake is van kosten die gemaakt worden voor meerdere programma’s. Er is derhalve bij het Schap alleen sprake van overhead t.a.v. indirecte kosten. T.a.v. vennootschapsbelasting (Vpb) is het Schap vrijgesteld van vennootschapsbelasting. Dit omdat het Schap geen onderneming voert zoals bedoeld in de Wet Vpb. Voor een nadere toelichting verwijzen wij naar de risicoparagraaf 1.2.1.1 onderdeel 4. Fiscale risico’s.

1.1.7 Realisatie van doelmatigheid en rechtmatigheid Een basishouding en natuurlijk uitgangspunt voor een publiekrechtelijke organisatie als WAA is dat zij in al haar doen en laten bij de uitvoering van haar publieke taak altijd en overal doelmatig en rechtmatig handelt. Dit geldt voor zowel de wettelijke als ook in de uitvoering van alle andere (overheids-)taken die door de participanten in de regeling bij haar zijn neergelegd. Doelmatigheid Doelmatig opereren ten aanzien van haar sociale opdracht betekent voor WAA het maximaal invullen van de taakstelling voor haar gemeenten. Het Schap heeft, evenals in voorgaande jaren, ook in 2020 op dit aspect binnen haar mogelijkheden maximaal invulling gegeven aan haar doelstelling en derhalve op dit punt doelmatig gehandeld. Doelmatigheid veronderstelt ook dat alle toegewezen taken binnen de gestelde kaders adequaat worden uitgevoerd met in achtneming van alle vigerende (wettelijke) kaders en tegen voor deze participanten aanvaardbare kosten. Hiertoe zijn in het kader van doelmatigheid vanaf 2017 onderstaande in “Samen Groeien” en in de geactualiseerde koers bevestigde, verankerde randvoorwaarden opgenomen: • de werkwijze van het WAA bedrijf moet sober en doelmatig zijn: de uitgaven worden hierop aangepast.

Daar waar expertise of andere vormen van ondersteuning noodzakelijk is wordt contact gezocht met de drie deelnemende gemeenten; vacatures zouden dan ook over en weer kunnen worden uitgewisseld; • WAA dient zo min mogelijk langlopende financiële verplichtingen aan te gaan. Daar waar dit onverhoopt toch aan de orde zou kunnen en moeten zijn vanuit bedrijfsvoering, wordt dit vooraf afgestemd en besloten in samenspraak met de deelnemende gemeenten. Dit om eventuele staartverplichtingen als gevolg van een mogelijke mismatch tussen eisen en wensen van een sterk veranderende WAA-organisatie en kosten uit lopende contracten en investeringen te minimaliseren; • binnen de huidige financiële positie van zowel WAA als gemeenten zal een substantieel bedrag inzetbaar worden gemaakt om de beoogde transitie te maken, waardoor de WAA “fit” wordt en een kostenstructuur krijgt die past bij een veranderende maar ook krimpende organisatie. De gehele ombouw en transitie van de entiteit WAA zal gecontroleerd en geconditioneerd gebeuren met oog voor organisatorische en financiële stabiliteit en continuïteit van de organisatie WAA én haar participanten. Inzet van eigen én aparte frictiemiddelen moet gebeuren rekening houdende met en binnen de bestaande financiële mogelijkheden van zowel WAA als de deelnemende gemeenten en onder genoemde randvoorwaarden.

WAA blijft in dit proces ten aanzien van doelmatigheid jaarlijks streven naar evenwicht tussen doel en de hieraan verbonden kosten en bijdragen, in samenwerking met de deelnemende gemeenten. Doel is om middels een combinatie van mogelijkheden het resultaat op bedrijfsvoering bij de WAA jaarlijks te verhogen en daardoor de kortingen op de rijksbijdrage Wsw op te vangen met als gevolg het tekort voor WAA en dus ook de gemeentelijke bijdragen te beperken. In alle jaar- en meerjarenbegrotingen t/m 2025 is jaarlijks een tekort voor WAA op de uitvoering van de Wsw opgenomen, dat past binnen dit kader. De tekorten worden (vooralsnog) jaarlijks gedekt door een gemeentelijke bijdrage.

- 17 -

Doelmatigheid is en blijft altijd voor WAA van belang en zal intern periodiek worden gemeten en getoetst aan de hand van vooraf benoemde prestatie-indicatoren. Via jaarrekeningen, begrotingen, kwartaalberichten, maandrapportages en maandelijkse dashboards worden periodiek alle voor de sturing en bedrijfsvoering relevante indicatoren op een eenduidige en transparante wijze periodiek aan alle belanghebbenden bij WAA gepresenteerd. Naast eigen indicatoren wordt doelmatigheid bij het Schap en haar uitvoeringsorganisatie WAA groep nv jaarlijks getoetst door de gerealiseerde doelen en de daarbij behorende kosten voor de uitvoering van de Wsw af te zetten tegen beschikbare branchegegevens. Dit, tezamen met een duidelijke periodieke (interne) verantwoording en toelichting op resultaten en van nature ingebouwde interne en externe controles, zorgt voor een informatieverzorging die de vereiste (bestuurlijke) transparantie waarborgt. WAA heeft altijd al doelmatigheid hoog in haar vaandel staan en zal op dit punt de ingezette lijn blijven volgen. Rechtmatigheid Rechtmatigheid is te zien als “handelt binnen vigerende wettelijke kaders én bestuurlijke beleids- en richtlijnen zoals die door haar deelnemende gemeenten zijn geformuleerd”. Rechtmatigheid veronderstelt ook te allen tijde integer zijn in al het doen en laten.

Ook dit is voor een publieke organisatie als WAA een must en een vanzelfsprekendheid. Bij rechtmatigheid hoort ook het adequaat afleggen van verantwoording naar alle participanten, transparantie in doen en laten en integer zijn. Dit zijn de uitgangspunten voor al het handelen en doen en als zodanig benoemd door WAA. Omdat het afleggen van verantwoording en transparantie voor WAA altijd al van groot belang was en ook blijft, en het Schap het belang van Sisa (single information single audit) en de informatie die hieruit naar voren kwam, onverminderd onderschrijft, zijn (ondanks het ontbreken van een wettelijke verplichting hiervoor) in 2020 wederom de van toepassing zijnde Sisa-gegevens door WAA integraal opgenomen in de jaarstukken. De accountant geeft d.m.v. zijn controle(verklaring) en de Provincie Limburg middels hun toezicht aan in hoeverre WAA heeft voldaan aan de eisen van financiële en sociale rechtmatigheid: • de financiële rechtmatigheid wordt getoetst door kengetallen en door te controleren in hoeverre alle uitgaven binnen de kaders van de genoemde wettelijke regelingen vallen én of deze passen binnen wettelijke bepalingen voor verslaggeving (gemeentelijke comptabiliteitsvoorschriften), financiering (wet FIDO), etc. Vanaf den beginne heeft WAA steeds ruimschoots aan de gestelde rechtmatigheidseisen voldaan en ook in 2020 is dit het geval.

WAA blijft ook in de toekomst streven om steeds aan deze eisen te voldoen maar kan geen garantie hiervoor geven. Dit omdat het Rijk jaarlijks wet- en regelgeving aanpast zonder rekening te houden met praktische (on)mogelijkheden. Hierdoor is het risico van subsidiekorting altijd latent aanwezig; • de sociale rechtmatigheid wordt getoetst door te controleren of WAA heeft voldaan aan de personele eisen zoals die door het Rijk in de Wsw heeft neergelegd. WAA richt zich vanaf 2014 sec op de uitvoering van de Wsw, en blijft dit vooralsnog onverminderd doen. Behoudens de inzet van mensen uit de Participatiewet op werkobjecten á la Wsw om de uitvoering van de Wsw te ondersteunen, zijn geen andere doelgroepen dan Wsw in behandeling bij WAA. De resultaten (i.c. kosten en opbrengsten) die door WAA gegenereerd worden, worden geclassificeerd als volledig publiekrechtelijk. De publieke activiteit van WAA vloeit namelijk per definitie voort uit de Wsw. Mocht er sprake zijn van activiteiten die niet hieraan direct of indirect gerelateerd zijn, worden deze steeds zowel operationeel als financieel nadrukkelijk gescheiden van de Wsw. Op deze wijze voldoet WAA aan de eisen die de Wsw stelt en is de scheiding tussen Wsw en overige activiteiten en tussen publieke en private financiering duidelijk verankerd in de (administratieve) organisatie van de gehele WAA-organisatie.

De accountant heeft in 2020, wederom, vastgesteld dat ook op dit punt de WAA-organisatie voldoet aan de administratief organisatorische eisen die op dit punt van belang zijn.

1.1.8 Voorstel tot vaststelling van de jaarrekening Het dagelijks bestuur stelt u voor de in de jaarstukken opgenomen jaarrekening vast te stellen.

- 18 -

1.2 Paragrafen 1.2.1 Paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing Het vrij beschikbaar vermogen wordt aangemerkt als weerstandsvermogen voor de entiteit WAA als geheel (Schap incl. WAA groep nv en andere verbonden (werk)maatschappijen). Het huidige weerstandsvermogen is als volgt: x €1.000

WAA Venlo e.o. WAA groep nv *) Totaal

31-12-2020 1.537 6.322 7.859

*) Op basis van voorlopige cijfers 2020 van WAA groep nv

31-12-2019 921 5.604 6.525

Bedrijfsrisico’s worden regelmatig gemonitord en het daarbij behorende noodzakelijke weerstandsvermogen wordt in kaart gebracht en zo nodig bijgesteld. In 2017 is berekend en vastgesteld dat het minimale weerstandsvermogen vanaf 2018 € 2 mio is. Het bestuur heeft in 2020, in afwachting van de nieuwe verkenningen rondom de koers van WAA en de mogelijke gevolgen hiervan op de exploitatie en het risicoprofiel van WAA, besloten uit voorzichtigheid het minimale weerstandsvermogen van € 3 mio vooralsnog te handhaven en, in het licht van de risico’s en onzekerheden die de huidige COVID-19 pandemie met zicht meebrengt, op een voorzichtige en komende jaren prudente wijze te komen tot afbouw hiervan tot dit minimum niveau. Een eventuele verlaging hiervan tot € 2 mio is pas aan de orde als er meer zicht komt op de gevolgen van de lopende verkenning resp. een koersbijstelling voor WAA en COVID-19 effecten voor de periode 20212025. De verwachting is dat in de huidige situatie en gedurende de transitieperiode het vermogensniveau voldoende is om de eerste risico’s binnen WAA zelf te kunnen opvangen. De deelnemende gemeenten zijn zich ervan bewust en zijn bereid bij grotere calamiteiten bij te (moeten) springen. Onderstaand een overzicht van de kengetallen zoals genoemd in art.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10095942/1