CConstaterende datBergen
Koppel je AI →
Document · PDF

DEF versie - Toekomstbestendige landbouw Bergen - Cie Ruimte en Economie 15-05-2024

Commissie Ruimte en Economie 19 juni 2024, gemeente BergenBij agendapunt: Besluitenlijst commissie Ruimte en Economie van 15 mei 2024;982 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toekomstige landbouwsystemen gemeente Bergen Raadscommissie Ruimte en Economie

Hans de Haan en Peter van Balkom 15 mei 2024

Kort voorstellen

Hans de Haan

Peter van Balkom

Voorstel structuur bespreking

•

Onderzoeksvraag

•

Toelichting gehanteerde werkwijze

•

Bevindingen

•

Conclusies en aanbevelingen

•

Vragen en discussie

Vraag van de gemeente

•

Hoe kan toekomstgerichte landbouw in de gemeente Bergen er uitzien: landbouwproductie met respect voor landschappelijke omgeving en duurzaam financieel, sociaal, cultureel en natuurlijk rendement?

•

Geschetste randvoorwaarden – – – – –

Realistisch haalbaar en financierbaar Financieel rendement met borging van landschappelijke kwaliteit Bij eventuele knelpunten, doe voorstellen voor oplossingen Sluit aan bij bestaande lokale markt en samenleving Betrek andere partijen in het proces

Opbouw rapportage

Lagenbenadering

Veel materiaal verzameld…

Algemene constateringen •

Maasduinen (zeer) bepalend voor de omgeving

•

Veel recreatie, ook n.a.v. zandwinning (uitbreiding) Leukermeer

•

Droogte- en (dus) uitspoelingsgevoeligheid hoog

•

Overstromingsrisico Maas / Ruimte voor de Rivier

•

Weinig echt vruchtbare grond

•

Geen grote infrastructuur en (nog) geen zware e-infrastructuur

•

Eén waterwingebied

Implicaties van deze constateringen (1/2) •

Natuur op zandgronden voor belangrijkste deel stikstofaanvoer afhankelijk van grondwater. Graag voorkomen dat veel grasland wordt omgezet naar vollegrondsgroente teelten of boomkwekerijen /bollentelers: op gespannen voet met rendementen per ha in die gewassen en druk op grond bij eigenaren.

•

Afgelopen 20 jaar areaal granen in Bergen gehalveerd, groente-akkerbouw verdubbeld >> N-belasting Maasduinen ↑↑.

•

Hoge droogtegevoeligheid en lage bodemvruchtbaarheid leveren gemiddeld lagere opbrengsten. Veehouderijbedrijf of gemengd bedrijf moet daardoor meer voer inkopen >> moeilijker rendabel te maken.

•

Grasland en granen zorgen vaak voor bodemverbetering, vollegrondsgroente voor verarming. Groentetelers zetten dus graag grasland om naar akkerland, vanwege (tijdelijk) betere bodem en (dus) hogere opbrengst.

Implicaties van deze constateringen (2/2)

•

Mede door Didam-arrest zijn overheden en TBO’s verplicht om gronden bij openbare inschrijving te verpachten. Situaties bekend waarbij de hoogste bieders van ver weg komen, zonder enige binding met (en gevoel voor) het gebied. In weging criteria voor inschrijvers wel te sturen.

•

Verbinding leggen met omgeving werkt vaak goed via brede voedselproductie (zowel dierlijke als plantaardige humane voeding). Vanuit dat oogpunt gewenst om deel van totale areaal in te vullen met groente en graan.

•

Boeren zijn goed inzetbaar voor landschapsbeheer. Dit kan hun verdienmodel op bedrijfsniveau versterken en tegelijkertijd de kwaliteit van het landschap betaalbaar op een hoog niveau houden.

Conclusies lagenbenadering (1/3) •

Langs de Maas ruimte voor veehouderij – Geschikt voor grasland (en wenselijk om veel van huidige grasland te behouden) – Gemengde bedrijven met deels eigen extensieve akkerbouw of regionale samenwerking (bijv. N-O van de gemeente) voor teelt van graan/voer/voedsel/biobased materialen – Extensieve veehouderij alleen bij lage pachtprijzen > om bedrijven rendabel te maken/ houden goedkope natuurgronden nodig, in ruil voor (beperkte) opbrengst en arbeid onderhoud. Dan bedrijf met 100 koeien + jongvee op 100 ha (1,2 GVE/ha) een optie. – Zonder derogatie: mogelijke veebezetting 1,7 à 2,3 GVE/ha. Uitspoelingsgevoelig gebied eerder < 2,0 dan erboven. Voor huidige bedrijven met > 2,5 GVE/ha zeer moeilijk om rendabel terug te schroeven. – Vaste samenwerking met akkerbouwers voor mestafzet en reststroomgebruik goede optie: mogelijkheid om meer vee te houden (bijv. op eigen bedrijf 3 GVE/ha en mest buiten bedrijf in de regio af te zetten).

Conclusies lagenbenadering (2/3) •

In N-O van de gemeente ruimte voor meer gewasteelt – Lagere uitspoelingsgevoeligheid en hogere opbrengsten > kan ook wat intensiever, met hergebruik van reststromen op eigen land en bijv. bokashi voor veehouders

•

Rond de Maasduinen aanbeveling om aandacht te besteden aan de mogelijkheden voor biobased teelten die beperkt mest en gewasbescherming nodig hebben

•

Precisielandbouw sowieso breed in opkomst en goed te benutten in de intensievere landbouw

Conclusies lagenbenadering (3/3) •

Hokdierbedrijven gebruik reststromen: in principe mogelijk, maar (vooral/mede) afhankelijk van invulling NPLG, LPGL en evt GPLG (piekbelasters <> vergunningsruimte i.v.m. overgangszone Maasduinen).

•

Algemeen: schaalvergroting zal nog steeds doorzetten, mede in kader van rendabel maken verduurzamingsinspanningen (technische maatregelen)

•

Maar toch: (m.n. dierlijke) agroparken voorlopig geparkeerd – Grote infrastructuur en energiebeschikbaarheid (voorlopig) beperkende factoren – Zeer beperkt ruimte, alleen op de Flammert, maar dicht tegen Maasduinen en NieuwBergen aan: ruimtelijke wenselijkheid en draagvlak?

Verdienmodellen (1/2)

•

Geen kant en klaar verdienmodel voor extensivering / natuurinclusieve landbouw. Verdienmodellen van huidige succesvolle extensieve bedrijven meestal in een niche. Onzeker in hoeverre deze verdienmodellen standhouden bij opschaling.

•

Subsidies zijn geen verdienmodel, maar zonder structurele langjarige overheidsbijdrage wordt voor een groot deel van de bedrijven een verdienmodel zeer moeilijk.

•

Als langjarige afspraken gemaakt kunnen worden, zullen boeren sneller stappen zetten.

•

Er zijn diverse beloningen te bedenken, afkomstig van veel partijen met belangen in de diverse gebieden. Coördinatie van vraag en aanbod van diensten vs. deze beloningen biedt goede kansen.

Verdienmodellen (2/2)

•

Inzet van gebiedsgerichte maatregelen is kostenefficiënter dan uitkoop van bedrijven.

•

Sluit aan bij de individuele verschillen tussen bedrijven om gebiedsdoelen te realiseren.

•

Inspanningen vermarkten regionaal geproduceerde producten vooral richten op omringende gemeenten Boxmeer – Gennep – Venray – Kevelaer - Goch samen ca. 215.000 inwoners.

•

Vuistregel bij Community Supported Agriculture (CSA) initiatieven: afstand max ca. 15 km −

Geen CSA binnen 15km beschikbaar, dus gemeente Bergen in theorie interessant om locatie CSA te verkennen

−

Grotere context (Nijmegen - Den Bosch – Eindhoven – Venray – Ruhrgebied) voor dit soort concepten uit de gemeente Bergen minder geschikt

Kansen voor Bergen (1/2) •

Overzichtelijke basis bedrijven: matchmaking mogelijkheden

•

Benut de verschillen in bedrijven om op gebiedsniveau doelen te halen

•

Veel grond in eigendom van de gemeente: – Sturingsinstrument: voorwaarden te stellen m.b.t. gebruik, mede afhankelijk van gewenste/ noodzakelijke pachtopbrengst – Motiveer bedrijven door samen oplossingen te bedenken i.p.v. openbare inschrijving hoogste bieder – Interessante partner andere grondeigenaren om combi te maken (TBO’s en zandwinners)

Kansen voor Bergen (2/2) •

Zandwinning: duurzaamheidsdoelen Cascade > overleg bijdrage (kan in veel vormen)

•

Veel recreatie: lokale/regionale producten aanbieden in Maasduinen en bij Leukermeer?

•

Biobased teelten potentieel interessant: Building Balance om de hoek

•

Weinig CSA’s in directe omgeving en 160.000+ inwoners rondom de gemeente: kansen voor exploitatie door ondernemer met bijdrage van inwoners

•

Link met Brightlands / Het Circulaire Varken met betrokkenheid van o.a. Jan Linders

Vragen / discussie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14247394/1