Concept-jaarverslag MGR SDLN 2023 DEF small
Tekst van het document
4.5. Voorkoming van fraude Wij zijn ons bewust van het risico dat er gefraudeerd kan worden. Daarom hebben we beheersmaatregelen genomen die dit specifieke risico minimaliseren: •
Maatregelen gericht op houding en gedrag van medewerkers zoals het afleggen van een ambtseed of -gelofte, uitvoeren van integriteitsonderzoeken bij bestuurders, een vastgestelde integriteitscode en de aanwezigheid van vertrouwenspersonen;
•
Maatregelen die ongewenst gedrag voorkomen zoals functiescheidingen in onze processen, periodieke (verbijzonderde) interne controles en aandacht voor informatieveiligheid;
•
Specifieke fraude-risico analyses op processen met specifieke onderdelen waar misbruik of oneigenlijk gebruik een expliciet risico is. Op die onderdelen zijn nog specifieke/aanvullende beheersmaatregelen getroffen die het risico van misbruik of oneigenlijk gebruik minimaliseren. De frauderisico analyses zullen in 2024 verder worden doorontwikkeld.
In 2023 zijn geen gevallen van misbruik of oneigenlijk gebruik vanuit de eigen organisatie naar voren gekomen.
26
25
Jaarrekening 2023
5. Jaarrekening 2023 5.1. Balans per 31 december 2023 (na voorstel saldobestemming)
28 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), de Kadernota rechtmatigheid en de financiële verordening (artikel 212 Gemeentewet). De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Baten (en winsten) worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij vóór het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume, wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen conform de BBV vereisten. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar.
Vlottende activa De uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan één jaar, de liquide middelen en de overlopende activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. De liquide middelen zijn vrij opneembaar.
Voorzieningen Voorzieningen worden opgenomen voor een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting die het gevolg is van een gebeurtenis in het verleden waarvan een betrouwbare schatting kan worden gemaakt en het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van die verplichting een uitstroom van middelen nodig is. Op basis van het personeelsbestand van de MGR is verlofsparen niet van toepassing. Voorziening personeelskosten De voorziening personeelskosten is gewaardeerd tegen de nominale waarde van de verwachte toekomstige uitgaven. Vlottende passiva De netto vlottende schulden met een rente-typische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Toelichting op de balans Vordering op openbare lichamen Dit betreffen vorderingen op de aan de MGR deelnemende gemeenten. In onderstaande tabel is een specificatie van deze vordering naar aard per 31 december 2023 opgenomen.
29
Rekening courant verhouding Rijk Dit betreft het saldo per ultimo boekjaar op de bij de schatkist aangehouden bankrekening. Overige vorderingen Deze post kan als volgt gespecificeerd worden:
Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. De liquide middelen zijn vrij opneembaar. Eigen vermogen Het eigen vermogen van de MGR bestaat uit een ten laste van het resultaat 2023 gevormde bestemmingsreserve. Deze reserve is gevormd voor het in 2024 afronden van een aantal eenmalige taken die in 2023 zijn opgestart. Deze reserve zal in 2024 volledig worden benut. Bestemmingsreserves
Deze reserve is gevormd ten behoeve van de afronding in 2024 van de navolgende activiteiten: Traject evaluaties raamovereenkomsten (€ 35.000) Extra inzet continuïteit zorgaanbieder (€ 50.000) Traject aanpassing gemeenschappelijke regeling (€ 40.000) Versterking inrichting verbijzonderde toegang segment 1 (€ 150.000) Voorzieningen De voorziening voor personeelskosten is in 2021 gevormd op grond van het eigen risicodragerschap van de wet op de werkloosheidsuitkering en ziektewet. Deze voorziening is in 2023 vrijgevallen ten gunste van de exploitatie gezien het feit dat het risico op een claim niet meer aanwezig is. Het verloop gedurende 2023 is als volgt:
30
Schulden aan openbare lichamen Dit betreffen de schulden die de MGR heeft aan de deelnemende gemeenten. In onderstaande tabel is een specificatie van deze schuld naar aard per 31 december 2023 opgenomen.
Rekening-courant zorg Alle uitgaven en ontvangsten ten behoeve van de jeugdzorg segment 1 en regionale zorg (Jeugdzorg plus, crisiszorg, beschermtafels en intensief casemanagement) geschieden via de algemene bankrekening van de MGR. Per balansdatum moesten ten aanzien hiervan de volgende posten nog worden afgewikkeld met gemeenten en zorgaanbieders. De afwikkeling van de schuld per 31 december 2023 volgt in de loop van het boekjaar 2024.
Een nadere specificatie is opgenomen in bijlage 6.3. Overige schulden De specificatie van deze post is als volgt:
31
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Bij de niet uit de balans blijkende verplichtingen zijn alle contractuele verplichtingen met een waarde van meer dan € 5.000,- per 31 december 2023 met een doorloop naar 2024 opgenomen. De MGR beschikt per 31 december 2023 over een rekening-courant faciliteit bij de BNG ter grootte van € 55.000. Per 31 december 2023 zijn er de volgende verplichtingen die niet uit de balans blijken: Onderwerp
Verplichting
Huurovereenkomst Keizersveld 91B Venray Vanaf eind 2021 is de MGR gehuisvest in locatie Keizersveld 91b te Venray. Jaarlijks is hiervoor een all-in huurprijs verschuldigd. Deze overeenkomst heeft een looptijd van 4 jaar (tot 1 december 2025) en kan telkens met drie jaar worden verlengd.
€ 63.000 Per jaar
ICT ondersteuning De MGR maakt gebruik van een externe dienstverlener voor een aantal ICT zaken. De maandelijkse kosten bedragen € 1.320. Per ultimo 2023 was de resterende duur van de overeenkomst 14 maanden.
€ 18.000 14 maanden
Dienstverleningsovereenkomst HRM gemeente Venray De MGR heeft een DVO met de gemeente Venray die jaarlijks stilzwijgend verlengd wordt. Het jaarlijks overeengekomen bedrag bedraagt:
€ 27.000 Per jaar
Inhuur & detachering De overeenkomsten van een vijftal externe medewerkers lopen door in 2024, Dit betreffen 2 contractmanagers, 2 projectmedewerkers en 1 ondersteuner. De 2024-kosten van de lopende overeenkomsten zijn opgenomen als niet uit de balans blijkende verplichting.
€ 89.000 Eenmalig
Totaal verplichtingen
€ 197.000
32
5.2. Exploitatierekening 2023
33
Toelichting Algemeen De baten en lasten van de MGR zijn gesplitst in de uitvoering van module 1 en 2 en de regionale begroting BW MO B&P.
Uitvoeringskosten module 1 en 2 Ten aanzien van de uitvoering van beide modules is over het boekjaar 2023 een overschot (na mutaties reserves) ter grootte van € 443.000 gerealiseerd (module 1: € 224.000, module 2: € 219.000). De voornaamste oorzaken die geleid hebben tot dit overschot zijn opgenomen in onderstaande tabel:
Gemeentelijke bijdragen uitvoeringskosten De bijdragen van de gemeenten in de uitvoeringskosten van de MGR zijn verdeeld over de beide modules. Voor de bepaling van de bijdrage per gemeente worden verdeelsleutels gebruikt. De verdeelsleutel voor de uitvoeringskosten module 1 is, conform de begroting 2023 bepaald op basis van het inwoneraantal per 1 januari 2022. Voor module 2 wordt een specifieke verdeelsleutel bepaald. De doorbelaste uitvoeringskosten zijn gebaseerd op de begroting 2023. Er heeft geen aanpassing in de daadwerkelijke doorbelasting meer plaatsgevonden naar aanleiding van de vaststelling van de gewijzigde begroting 2023 aangezien op dat moment al duidelijk was dat de MGR zou afstevenen op een overschot. Hierdoor is € 92.000 minder geïnd dan voorzien was in de gewijzigde begroting. In onderstaande tabel is de verdeling van de bijdrage per gemeente en de verdeling van de uitbetaling van het exploitatiekosten per gemeente opgenomen:
34
Overige baten De overige baten van de MGR bestaan enerzijds uit rentebaten en anderzijds uit de doorberekening van de project- en uitvoeringskosten voor segment 1 aan de deelnemende gemeenten. Als onderdeel van de uitvoering module 1 heeft de MGR ook het restant van de projectkosten 2023 voor de aanbesteding van segment 1 en de kosten van de verbijzonderde toegang 2023 in haar exploitatie opgenomen. De hiermee gepaard gaande kosten zijn, op basis van de inwoneraantallen per 1 januari 2023, doorberekend aan de 14 Noord- en Midden-Limburgse gemeenten. De met de uitvoering van segment 1 gepaard gaande kosten, die reeds deel uitmaken van de reguliere dienstverlening van module 1 (o.a. contractmanagement en data analyse), zijn doorberekend aan de Midden-Limburgse gemeenten. Deze worden niet doorberekend aan de Noord-Limburgse gemeenten, aangezien deze daar al in hun reguliere bijdrage voor module 1 voor betalen. De baten segment 1 worden als volgt aan de gemeenten doorberekend:
35
De doorbelaste uitvoeringskosten segment 1 zijn € 46.000 hoger dan begroot als gevolg van de hogere kosten voor inhuur van de voorzitter verbijzonderde toegang. De rentebaten vormen het tweede onderdeel van de overige baten. Door de gestegen rentepercentages en de wijze waarop de MGR wordt voorgefinancierd voor met name BW MO B&P en jeugdzorg segment 1 heeft de MGR niet begrote rentebaten gerealiseerd ter grootte van ca € 299.000. Deze rentebaten kunnen voor 5% toegerekend worden aan module 1 (verdeling naar 7 Noord-Limburgse gemeenten) en voor 95% aan module 2 (verdeling naar 14 Noord- en Midden-Limburgse gemeenten). Deze percentages zijn gebasseerd op de volgende verdeling van inkomsten van de MGR:
Personeelskosten De personeelskosten van de MGR zijn € 221.000 lager dan begroot. Hiervoor zijn de volgende oorzaken aan te voeren: De in 2021 gevormde voorziening voor personeelskosten ad € 120.000 is in 2023 volledig vrijgevallen ten gunste van de exploitatie. Deze voorziening was gevormd voor het eigen risicodragerschap van de wet op de werkloosheidsuitkering en de ziektewet, bij de uitdiensttreding van een werknemer. In 2023 is gebleken dat het risico niet meer aanwezig is. Derhalve is de betreffende voorziening vrijgevallen. Op de totale personeelskosten (personeel in dienst, inhuur en overig personeelskosten) is, los van het vorige punt, € 101.000 minder besteed dan begroot. De invulling van bepaalde functies is in een aantal gevallen gerealiseerd met medewerkers welke voorlopig lager zijn ingeschaald dat de begrote inschaling. Tevens heeft de bij de begrotingswijziging 2023 doorgevoerde wijziging naar het begroten op maximaal schaalsalaris, extra ruimte gebracht in onze begroting. De onderschrijding op de loonkosten voor vast personeel bedraagt in totaal € 233.000. Daar staat tegenover dat, als gevolg van de uitstroom van de business controller en de assistent contractmanager, extra inhuur van externe medewerkers heeft plaatsgevonden.
Ook de extra inzet op de functie van de voorzitter Verbijzonderde Toegang segment 1 en de ondersteuning voor deze rol, heeft extra inhuurkosten met zich meegebracht. Dit geldt evenzo voor de extra inzet van contractmanagement als gevolg van het continuïteitsprobleem van een cruciale jeugdzorgaanbieder. Tot slot is in 2023 gestart met het traject voor de evaluatie van de raamovereenkomsten en de aanpassing van de GR wat mede wordt uitgevoerd door externe inhuur. Het begrote bedrag voor externe inhuur is daarmee met ca € 117.000 overschreden. De extra kosten voor de verbijzonderde toegang zijn daarbij wel weer separaat doorbelast naar de deelnemende gemeenten. De functie van secretaris is in 2023 vervuld door een directeur van de gemeente Venlo en de laatste maanden door de gemeentesecretaris van Venlo. In formatie uitgedrukt gaat het om 0,2 fte. Deze kosten worden niet doorbelast aan de MGR, daar het een onbezoldigde functie betreft. Bedrijfsvoering Ten aanzien van de kosten voor bedrijfsvoering is sprake van een onderschrijding ter grootte van € 84.000. Deze onderschrijding wordt veroorzaakt door lager dan begrote juridische kosten (€ 49.000), onderzoekskosten (€ 28.000) en projectkosten segment 1 (€ 7.000).
Onvoorzien Op basis van de afspraken in de begroting kan alleen na goedkeuring van het algemeen bestuur gebruik maken van de kosten die ten laste van de post onvoorzien mogen komen. Dit heeft in 2023 niet plaatsgevonden. Overhead De overheadkosten laten een onderschrijding zien van € 58.000. Deze onderschrijding wordt deels veroorzaakt door lagere personeelskosten overhead (€ 28.000). Het restant is toe te wijzen aan lagere kosten voor huisvesting (€ 19.000); lagere ICT kosten, o.a. door uitstel van de implementatie van het datawarehouse (€ 22.000) en lagere kosten voor de HRM dienstverlening van de gemeente Venray (€ 25.000), o.a. ingegeven door een lagere afrekening 2022. Dit wordt deels gecompenseerd door hogere accountantskosten. Naast het feit dat de jaarlijkse kosten als gevolg van de toegenomen werkzaamheden hoger zijn dan initieel ingeschat is er ook sprake van een na-verrekening over 2022 van de accountantskosten.
36
Regionale begroting BW MO B&P De afwijkingen tussen de realisatie en de gewijzigde begroting 2023 van de regionale begroting BW MO B&P zijn weergegeven in onderstaande tabel:
Bijdragen gemeenten De middelen die het Rijk over 2023 beschikbaar heeft gesteld voor de regio Noord- en Midden-Limburg voor BW MO B&P bedragen in totaal € 60.134.000. Dit is € 4.649.000 hoger dan opgenomen in de gewijzigde begroting 2023. Dit komt met name door verhogingen van de rijksmiddelen via de circulaires in 2023. Deze circulaires (met name de meicirculaire 2023) is gepubliceerd nadat de begrotingswijziging 2023 op route is gegaan naar de raden van de gemeenten in Noord en Midden-Limburg. Het Rijk maakt deze middelen over naar de centrumgemeente (I.c. de gemeente Venlo). De gemeente Venlo stort dit bedrag in de regionale begroting BW MO B&P. Daarnaast wordt door de gemeente Gennep ook een bijdrage gedaan aan de regionale begroting BW MO B&P, aangezien zij voor beschermd Wonen valt onder de centrum gemeente Nijmegen. Overige baten Dit betreft de door het CAK geïnde en doorbetaalde eigen bijdrage die cliënten betalen voor beschermd wonen. De baten zijn € 81.000 hoger dan begroot. Uitgaven zorgaanbieders De aan de zorgaanbieders betaalde bedragen voor beschermd wonen, bemoeizorg en preventie laten een overschrijding zien van € 73.000. In 2023 heeft het Algemeen Bestuur een besluit genomen voor de inkoop van 20 extra plekken beschermd wonen in 2023 en 2024.
Dit besluit is, gezien het late tijdstip in het jaar dat dit besloten is, niet meer in de gewijzigde begroting verwerkt. Voor het jaar 2023 is nu gebleken dat de overschrijding van het ingevuld aantal plekken grotendeels uit de reguliere begroting is bekostigd. In 2023 zijn er in totaal 267 plekken beschermd wonen ingevuld. De bedragen voor maatschappelijke opvang, bemoeizorg en preventie zijn gebaseerd op vaste bedragen per jaar, ongeacht hoeveel cliënten geholpen worden. De uitgaven zien er als volgt uit:
37
Vergoedingen gemeente Gemeenten kunnen bepaalde uitgaven die zij doen in het kader van BW MO B&P declareren ten laste van de regionale begroting. Het totaal van de gedeclareerde bedragen onderschrijdt de begroting met € 142.000. De MGR vergoedt aan de deelnemende gemeenten uitgaven voor PGB’s beschermd wonen, diverse uitgaven in het kader van de ambulantisering van de GGZ (herstelhuizen, transfer en matchingspunt), bepaalde kosten die gemeenten maken in het kader van ketenregie beschermd wonen, lokale uitgaven voor bemoeizorg en preventie en een aantal overige uitgaven. Deze uitgaven voor 2023 bedragen:
De overschrijding van de uitgaven voor lokale subsidies komt voort uit een nagekomen factuur 2022 waarmee bij de opstelling van de jaarrekening 2022 geen rekening gehouden was. Overige uitgaven De overige uitgaven betreffen communicatiekosten (voor de Antistigma campagne en de communicatie over de regiovisie) en een budget voor overige kosten. De uitgaven voor 2023 bedragen:
38
Saldo regionale begroting BW MO B&P De verdeling van het saldo van de regionale begroting BW MO B&P geschiedt op basis van dezelfde specifieke verdeelsleutel als waarop de verdeling van de bijdrage in de uitvoeringskosten van module 2 is gebaseerd. De uiteindelijke verdeling van het saldo, het reeds betaalde voorschot in 2023 en het per balansdatum nog te betalen bedrag is weergegeven in onderstaande tabel.
39
5.3. Rechtmatigheidsverantwoording 2023 Verantwoordelijkheid dagelijks bestuur van de MGR De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 30 november 2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken.
Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 26.000 voor de uitvoeringskosten van de MGR en € 267.000 voor de lasten in de regionale begroting BW MO B&P Bevinding Het dagelijks bestuur is van mening dat de baten en lasten, zoals opgenomen in de jaarrekening 2023 van de MGR rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. Uitzondering hierop zijn de in onderstaande tabel opgenomen verantwoorde baten en lasten. Per regel is de verantwoordingsgrens aangegeven en is vermeld of en op grond waarvan, de onrechtmatigheid acceptabel, dan wel niet acceptabel is.
De conclusie is dat bovenstaande begrotingsonrechtmatigheden acceptabel zijn. Alle begrotingsonrechtmatigheden zijn nader toegelicht in hoofdstuk 5.2.
40
5.4. Wet Normering Topinkomens De WNT is van toepassing op Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Limburg-Noord (MGR). Het voor MGR toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 223.000,- het algemeen bezoldigingsmaximum van 2023. 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling Gegevens Periode functievervulling
2023 Mw. A.A.J.M. Kuijpers Algemeen directeur MGR 01/01 – 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 116.775
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 17.281
Totale bezoldiging
€134.056
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
€ 223.000
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Gegevens Periode functievervulling
n.v.t. 2022 Mw. A.A.J.M. Kuijpers Algemeen directeur MGR 01/06 – 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
€ 76.825 €0
Totale bezoldiging
€ 76.825
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
€126.000
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
n.v.t.
1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 Niet van toepassing 1c. Toezichthoudende topfunctionarissen Niet van toepassing
41
1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.900 of minder Topfunctionarissen inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt met een totale bezoldiging van € 1.900 of minder Gegevens 2023 NAAM TOPFUNCTIONARIS Martin Leenders
FUNCTIE Voorzitter dagelijks en algemeen bestuur
Frans Schatorjé
Lid dagelijks en algemeen bestuur
Michèle Ferrière
Lid dagelijks en algemeen bestuur
Linda Nijssen
Lid dagelijks en algemeen bestuur
Loes Vestjens
Lid dagelijks en algemeen bestuur
Frank Pubben
Lid algemeen bestuur
Math Wims
Lid algemeen bestuur
Tijs van Lierop
Lid algemeen bestuur
Marianne Smitmans
Lid algemeen bestuur
Huub van Helden
Lid algemeen bestuur
Carla Dieteren
Lid algemeen bestuur
Roy Bouten
Lid algemeen bestuur
Geert Frische
Lid algemeen bestuur
Claudia Ponjee
Lid algemeen bestuur
Twan Beurskens
Secretaris-directeur
John van Putten
Secretaris
Tabel 1e Topfunctionaris met een totale bezoldiging van meer dan € 1.900 Niet van toepassing 1f. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van meer dan € 1.900 waarop de anticumulatiebepaling van toepassing is Niet van toepassing 1g. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van € 1.900 of minder waarop de anticumulatiebepaling van toepassing is Niet van toepassing 2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen Niet van toepassing 3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2023 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
42
6. Bijlagen 6.1. Overzicht van incidentele baten en lasten In 2023 zijn na navolgende incidentele baten en lasten in de exploitatierekening verwerkt: Ten gunste van de exploitatierekening zijn gekomen: -
Extra opbrengsten uit hoofde van de afwikkeling project segment 1 jeugd €
41.000
-
Rentebaten
€
299.000
€
340.000
€
41.000
€
41.000
Totaal incidentele baten
Ten gunste van de exploitatierekening zijn gekomen: -
Extra lasten uit hoofde van de afwikkeling project segment 1 jeugd
Totaal incidentele lasten
Bovenstaande posten worden om de navolgende reden als incidenteel aangemerkt: Afwikkeling project segment 1 jeugd (baten € 41.000 en lasten € 41.000) De regio heeft in 2022 de MGR verzocht de financiële afhandeling van de projectkosten voor de aanbesteding jeugdhulp segment 1 op zich te nemen. De extra kosten die dit voor 2023 met zich mee heeft gebracht zijn aanvullend op de reguliere uitvoeringskosten doorberekend aan de gemeenten. Deze aanbesteding is in 2023 afgerond. Rentebaten (baten € 299.000) De in 2023 gerealiseerde rentebaten zijn door de MGR als incidenteel aangemerkt aangezien zij niet gezien worden als een structureel dekkingsmiddel bij de MGR. De gerealiseerde rentebaten worden namelijk volledig terugbetaald aan de gemeenten via de afrekening van het exploitatie resultaat. Ook de historisch lage, en zelfs negatieve rente in de afgelopen jaren en de significante stijging gedurende 2023 onderstreept het incidentele karakter van deze post.
43
6.2. Overzicht taakvelden
44
6.3. Overzicht kassiersfunctie MGR In onderstaande tabel zijn de inkomsten en uitgaven opgenomen van de activiteiten, waarvan de financiële afhandeling via de MGR verloopt, maar die niet in de exploitatierekening van de MGR zijn opgenomen. De MGR vervult hierbij een kassiersfunctie ten behoeve van de deelnemende gemeenten.
45
De schuldpositie is opgenomen op de balans van de MGR. Ten aanzien van de schuldpositie met betrekking tot jeugdzorg segment 1 is inmiddels bekend dat deze in 2024 worden afgewikkeld met de zorgaanbieders voor een bedrag t.g.v. ca € 1.055.000 en met de gemeenten voor een bedrag t.g.v. ca € 1.510.000.