COMMISSIEBEHANDELING voorstel accommodatiebeleid buitensport
Tekst van het document
COMMISSIEBEHANDELING voorstel accommodatiebeleid buitensport 15 september 2025
De portefeuillehouder heeft aan de Commissie Samenleving toegezegd om met de Raad te delen wat er uit de commissiebespreking wordt meegenomen voor het vervolgproces. Deze toezegging wordt met deze notitie ingelost. Allereerst dank voor de discussie in de commissie. Leden van de commissie hebben kritisch meegelezen, waar een inhoudelijk debat uit volgde dat het denken scherpt maar waar ook contouren zichtbaar worden waar ons college zich aan kan oriënteren. Het college is immers de wens van de Raad aan het uitvoeren en richt zich dan ook naar het gevoelen van de Raad. De commissie bleek geen eenduidig beeld te hebben van de status van het voorstel accommodatiebeleid buitensport. Dat is voor ons een eye-opener en daar gaan we t.a.v. twee aspecten nader op in. Allereerst is het voorstel niet een voorstel tot het oprichten van het Duurzaam Sportpark. Besluitvorming daarover heeft plaatsgevonden in de raadsvergadering van november 2024 en de behandeling van de Kadernota 2026. Dat heeft geresulteerd in een taakstellend budget. Wij werken samen met de betrokken verenigingen aan een Definitief Ontwerp dat past binnen dat taakstellend budget. Dit Definitief Ontwerp beogen wij in januari 2026 op route te brengen naar de Raad.
Daarnaast is het voorstel niet het totale accommodatiebeleid, waarover we hebben afgesproken dat dit – na een participatietraject – in 2026 aan de Raad zal worden voorgelegd. Het nu voorliggende voorstel accommodatiebeleid buitensport is een bouwsteen voor het toekomstige totale accommodatiebeleid. De Raad heeft uiteraard de mogelijkheid om te zijner tijd in het totale accommodatiebeleid ook voor de buitensport tot aanpassingen te komen, mocht het participatietraject of voortschrijdend inzicht daartoe aanleiding geven In de commissie wordt verschillend gedacht over de vorm en de omvang van de aandacht voor de leefbaarheid in de kleinere kernen. Ons college proeft breed draagvlak voor het ongewijzigd voortzetten van de bestaande bruikleen- en subsidieovereenkomsten met de verenigingen die niet gaan deelnemen aan het Duurzaam Sportpark. Het college proeft breed draagvlak voor het samenstellen van een verlengd meerjarig onderhoudsprogramma voor de komende 10 jaar. Over het al dan niet faciliteren van nieuwe initiatieven buiten het Duurzaam Sportpark wordt binnen de commissie genuanceerd gedacht. We proeven draagvlak voor het principe dat er daar geen nieuwe investeringen door de gemeente worden gedaan. Dat laat onverlet dat wij nieuwe initiatieven altijd op de merites zullen beoordelen.
Tot slot heeft het gesprek over de financieringswijze naar ons gevoelen een eenduidig beeld gecreëerd waar dat eerder nog niet eenduidig was, namelijk dat de gemeente risicodragend voorfinanciert op basis van de verwachte en ingeschatte toekomstige opbrengsten van grondverkoop/woningbouw op de locaties waar sportfaciliteiten gaan verdwijnen. Het voorstel accommodatiebeleid buitensport is onder grote tijdsdruk tot stand gekomen en in zekere zin een tussenresultaat. Het college is van mening dat het voorstel en de discussie daarover, een stap vooruit vormen in het denken over zowel het (brede) accommodatiebeleid, als over de ontwikkeling van het Duurzaam Sportpark.