CConstaterende datBergen (L)
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 9 Onderzoek niet gesprongen explosieven

Commissie Ruimte en Economie 17 september 2025, gemeente Bergen (L)Bij agendapunt: Voorstel tot vaststellen TAM-IMRO-plan 'Bergse Heide, Nieuw Bergen fase II';14.340 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Inventarisnummer

2nd Tactical Air Force: Daily Log: Sept.-Oct. 1944

Air 37/715

2nd Tactical Air Force: Daily Log: Nov.-Dec. 1944

Air 37/716

2nd Tactical Air Force: Daily Log: Jan.-Feb. 1945

Air 37/717

2nd Tactical Air Force: Daily Log: Mar.-May. 1945

Air 37/718

Er zijn geen relevante vermeldingen ten aanzien van onderzoeksgebied aangetroffen.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

33

2.12.2

War Diaries

Uit geraadpleegd bronnenmateriaal blijkt dat Britse en aanverwante geallieerde landmachteenheden betrokken waren bij gevechtshandelingen in het onderzoeksgebied. Bij The National Archives in Londen zijn relevante War Diaries van de betreffende eenheden geraadpleegd. Dit onderzoek is gericht op het vergaren van informatie ten aanzien van getroffen locaties, aantallen en kalibers ingezette geschutmunitie (indien beschikbaar). De volgende bronnen zijn ingezien: War Diaries. The National Archives Londen

Inventarisnummer

9th British Infantry Brigade, November 1944

WO 171/617

1st South Lancashire Regiment, December 1944

WO 171/1332

War Diary 3rd Infantry Division C.R.A.. December 1944.

WO 171/414

De aangetroffen relevante informatie is in de gebeurtenissentabel verwerkt. Een relevante kaart van het vuurplan van de artilleriebeschietingen in de omgeving is afgebeeld de volgende pagina.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

34

THE NATIONAL ARCHIVES - VUURPLAN

Esri Nederland, Community Map Contributors

LEGENDA Onderzoeksgebied

Bron: TNA, War Diaries, WO 171/414 0

500

1.000

2.000 Meter

±

2.13 The National Archives and Records Administration 2.13.1

Kriegstagebücher

Bij het NARA zijn (microfilms van) Duitse bronnen, waaronder Kriegstagebücher, uit de Tweede Wereldoorlog ondergebracht, waaronder informatie betreffende de Kriegsmarine die op o.a. Nederlands grondgebied heeft gevochten. De volgende bronnen zijn bij het NARA geraadpleegd 7: NARA Washington

Inventarisnummer

Kriegstagebuch Admiral in den Niederlanden. 1-31 december 1944

T1022-2726

Kriegstagebuch Marinebefehlshaber Niederlande. 1940-1941

T1022-2784

Er zijn geen relevante vermeldingen ten aanzien van onderzoeksgebied aangetroffen.

2.14 Bundesarchiv-Militärarchiv Freiburg In het Bundesarchiv-Militärarchiv zijn de gevechtsverslagen van Duitse eenheden die in mei 1940 en in 1944-1945 strijd op Nederlands grondgebied hebben geleverd ondergebracht. Dit betreft bronnen met betrekking tot zowel het Heer, de Luftwaffe als de Kriegsmarine. De volgende bronnen van de Luftwaffenführungsstab Ic zijn bij het Bundesarchiv-Militärarchiv in Freiburg geraadpleegd: Bundesarchiv-Militärarchiv Freiburg.

Inventarisnummer

Luftlageberichte Luftwaffenführungsstab 10 mei 1940 t/m 9 november 1941 8

RL/2/II/205 t/m 269

Luftlageberichte Luftwaffenführungsstab 1 augustus 1940 t/m 10 november 1940

RM7/344 t/m 353

Er zijn geen relevante vermeldingen ten aanzien van onderzoeksgebied aangetroffen.

2.15 Imperial War Museums De Imperial War Museums beschikken over een grote collectie foto’s en films van Nederland in de Tweede Wereldoorlog, waaronder opnames die tijdens bombardementen werden gemaakt. Er zijn geen relevante foto’s of films aangetroffen met betrekking tot het onderzoeksgebied. Er zijn geen relevante vermeldingen ten aanzien van onderzoeksgebied aangetroffen.

Het CS-VROO schrijft voor om in overleg met de opdrachtgever Kriegstagebücher van Record Group 242 te raadplegen. AVG heeft het raadplegen van Kriegstagebücher bij het NARA ondervangen door standaard de microfilms T1022-2726 en T1022-2784 te raadplegen. 8 In het CS-VROO staat aangegeven dat deze serie loopt t/m 10 november 1941, dit is echter 9 november 1941. 7

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

36

2.16 Library and Archives Canada 2.16.1

Collectie Defence Overprints en Overlays

Library and Archives Canada beschikt over een collectie zgn. Defence Overprints. Dit zijn geallieerde stafkaarten waarop, op basis van o.a. geanalyseerde luchtfoto’s uit de Tweede Wereldoorlog, Duitse militaire objecten werden ingetekend. Tevens zijn er hier Overlays ondergebracht. Er zijn bij Library and Archives Canada relevante Defence Overprints en Overlays van het onderzoeksgebied gevonden. Het betreft kaart 4402 Blitterswijk, met de datums 30-10-1944, 11-11-1944, 18-12-1944 en 6-2-1945. Op de volgende pagina is een Defence Overprint weergegeven die op het onderzoeksgebied van toepassing is.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

37

DEFENCE OVERPRINT

Wapenopstellingen Vlammenwerpers Luchtafweergeschut

Loopgraven Esri Nederland, Community Map Contributors

LEGENDA Onderzoeksgebied

Bron: stafkaart 4402 Blitterswijk

0

100

200

400 Meter

±

2.17 Luchtfoto’s 2.17.1

Geraadpleegde luchtfoto’s

De volgende luchtfotoarchieven zijn geraadpleegd: 

Archief van de Afdeling Speciale Collecties van de Wageningen Universiteitsbibliotheek. Dit archief bevat ruim 94.000 luchtverkenningsfoto’s die zijn gemaakt door de Royal Air Force (RAF) en United States Army Air Forces (USAAF) tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hier zijn voor dit onderzoek luchtfoto’s aangeschaft. Archief van het Kadaster te Zwolle. Dit archief bevat circa 110.000 luchtverkenningsfoto’s uit de oorlogsperiode, gemaakt door de RAF en USAAF. Het archief bestaat ook deels uit voor- en naoorlogse luchtfoto’s (in 1939 en 1940 zijn bijvoorbeeld de Grebbelinie en de Nieuwe Hollandse Waterlinie in beeld gebracht). Hier zijn voor dit onderzoek geen luchtfoto’s aangeschaft. Archief van The National Collection of Aerial Photography (NCAP) te Edinburgh. Dit archief bevat circa 11 miljoen luchtverkenningsfoto’s, gemaakt door de RAF en USAAF. Er is gezocht in de collecties ‘JARIC’ en ‘ACIU’. Hier zijn voor dit onderzoek luchtfoto’s aangeschaft. Laurier Military History Archive (LMH), Waterloo (Canada). Het betreft hier luchtfoto’s van First Canadian Army die oorspronkelijk werden gebruikt door de Air Photo Interpretation Section in de jaren 1944-1945. De collectie bestaat uit meer dan 130.000 luchtfoto’s en heeft onder andere betrekking op Nederlands grondgebied. Hier zijn voor dit onderzoek geen luchtfoto’s aangeschaft.

The National Archives and Records Administration (NARA), College Park (Verenigde Staten). Het NARA beschikt over een zeer uitgebreide luchtfotocollectie van meer dan 35 miljoen luchtfoto’s die betrekking hebben op de periode 1918-2011. Deze luchtfoto’s hebben deels betrekking op Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Hier zijn voor dit onderzoek geen luchtfoto’s aangeschaft. Het archief van de Luftbilddatenbank te Estenfeld (Duitsland). De Luftbilddatenbank beschikt over 500.000 eigen luchtfoto’s en raadpleegt daarnaast archieven in Nederland, de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Canada. Hier zijn voor dit onderzoek luchtfoto’s aangeschaft.

Uit de geïnventariseerde luchtfoto’s zijn de meest geschikte luchtfoto’s geselecteerd. Bij de selectie is rekening gehouden met de dekking, de opnamedatum in relatie tot gevechtshandelingen, alsmede de kwaliteit van het fotobeeld en de schaal. Er is gezocht naar luchtfoto’s van zo kort mogelijk voor en na de gevechtshandelingen (mits van voldoende kwaliteit voor interpretatie op oorlogsschade). In bepaalde gevallen zijn er geen luchtfoto’s besteld. Dit wordt in bijlage 6.3 gemotiveerd. Een belangrijk selectiecriterium voor de luchtfoto’s uit de Tweede Wereldoorlog is de opnamedatum. De voorkeur is uitgegaan naar luchtfoto’s die zo kort mogelijk voor en na de belangrijkste gevechtshandelingen zijn gemaakt. Er is daarnaast rekening gehouden met de kwaliteit van de luchtfoto’s, alsmede de schaal. De bestelde luchtfoto’s worden in hoofdstuk drie in de gebeurtenissentabel per luchtfotoarchief besproken. Datzelfde geldt voor de analyseresultaten.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

39

De luchtfoto’s zijn als categorie A, B en C gekwalificeerd. 9 Dat betekent dat de verkrijgbare luchtfoto’s een kleine kwalitatieve beperking hebben wat betreft de luchtfoto-interpretatie. Bij de classificatie van objecten op luchtfoto’s is de validiteit van de classificatie in GIS vastgelegd in de volgende drie niveaus van betrouwbaarheid:   

Bevestigd: betrouwbaarheid grenst aan zekerheid. De waarneming kan worden bevestigd met een tweede bron (betrouwbaarheid 99%) Waarschijnlijk: de organisatie is overwegend zeker van de validiteit van de classificatie van het object op de luchtfoto (betrouwbaarheid 50% of hoger) Mogelijk: de organisatie is overwegend onzeker van de validiteit van de classificatie van het object op de luchtfoto (betrouwbaarheid lager dan 50%)

De optimalisatie van de luchtfoto’s heeft plaatsgevonden vanuit de GIS applicatie ArcGIS Pro. Naar aanleiding van de luchtfotoanalyse wordt geconcludeerd dat er sporen van gevechtshandelingen in het onderzoeksgebied zichtbaar zijn. Het betreft de volgende gevechtshandelingen:  

5 wapenopstellingen in en 2 nabij het onderzoeksgebied Kraters van granaatinslagen als gevolg van artilleriebeschietingen in en rondom het onderzoeksgebied

De waargenomen uitwerkingen als gevolg van ontplofbare oorlogsresten worden verder uitgewerkt in de gebeurtenissentabel in hoofdstuk 3. Op de hierna volgende pagina’s zijn de volgende kaarten weergegeven:   

9

Een kaart met daarop de geanalyseerde luchtfoto’s Een kaart met daarop een collage van de geanalyseerde luchtfoto’s Een kaart met daarop een weergave van luchtfotoanalyse

Kwalificatie van de luchtfoto’s: A = goed, B = matig, C = slecht.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

40

GEANALYSEERDE LUCHTFOTO'S

16-1432 / 3090

9/ 40 19

44

4

4/1 4

0 09 /3

4 19

1 /1

44

19

/1 16

4

94

/1 /11 11

2 43

5/ 0/

6/

/1

02

5 27

5,4

/4

02

9/ /2

94

3,4

2 -1

2/2

02

/4

17 12 040

07

/1

12

/1

0

40

51

0-

/

11/26/1944

14

17

75 42

_1

44

19 5/ 0/

,3091 / 11/29/19

16

4/1319 / 4025 /

4/1319 / 4025 / 11/26/194 4

4/1319 / 4025 / 11/26/1944 4/1319 / 4025 /

4

40 23 ,4 02 5

/3

94

16

4/1 2/2

0 09

2 43 -1

/1

7 21

-1

0 40

19

5 27

/4

1

40

44

91

0 ,3

/ 29 1/ /1

16

6 02 ,4

/

9/ 51

19 5/

0/

/1

/1

44 19

0/ /1

19

5 6-1

_1

5

4

4 19 5/

44 /19 1 1 1/ /1

1

16

27

/4

2 43

0 09 /3

7/

1 40

4 2/2

140120 7/

17

12

0-

40

19

9/

2 1/ /1

44

/19

44

11/26/1944

Esri Nederland, Community Map Contributors

LEGENDA Onderzoeksgebied

Geanalyseerde luchtfoto's

Aan de binnenkant van de contouren van de luchtfoto's zijn respectievelijk het sortienummer, het nummer van de luchtfoto en de datum van de opname van desbetreffende luchtfoto weergegeven.

0

200

400

800 Meter

±

LUCHTFOTOCOLLAGE

LEGENDA Onderzoeksgebied

0

100

200

400

600 Meter

±

LUCHTFOTOANALYSE

WPN20527

WPN20528

WPN20533

WPN20532

WPN20531 WPN20529

BPP4454

WPN20530

BBP320

Esri Nederland, Community Map Contributors

LEGENDA Onderzoeksgebied

Beschoten gebied granaten

Wapenopstelling

Inundatie

Krater geschutmunitie

0

50

100

200 Meter

±

2.17.2

Veranderingen na-conflictperiode

Er is ten bate van het vooronderzoek middels historische kaarten gezocht naar indicaties betreffende veranderingen na de conflictperiode. 10 Het onderzoeksgebied is in de huidige situatie geanalyseerd met behulp van Google Maps, Google Earth en Bing Maps. Uit een vergelijking van deze luchtfoto’s met historisch kaartmateriaal van www.topotijdreis.nl en historische luchtfoto’s blijkt, dat het onderzoeksgebied in de tweede helft van de twintigste eeuw nauwelijks is veranderd. Rond het jaar 2000 is een begraafplaats gerealiseerd aan de oostkant van het onderzoeksgebied. In de decennia erna is aan de noordkant van het onderzoeksgebied een woonwijk ontwikkeld. Op de volgende pagina zijn door middel van kaarten van verschillende jaartallen de veranderingen in het onderzoeksgebied weergegeven.

Het betreft hier geen onderzoek na-conflictperiode (hoofdstuk 2.4 van het CS-VROO versie 2024-01) maar een beknopte aanvulling op het vooronderzoek 1940-1945.

10

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

44

NAOORLOGSE VERANDERINGEN

Esri Nederland; Kadaster; Gemeentekaart (t/m 1:768.000), TK200 (t/m 1:192.000), TOP50 (t/m 1:48.000), TOP25 (t/m 1:6.000) 1945

Esri Nederland; Kadaster; Gemeentekaart (t/m 1:768.000), TK200 (t/m 1:192.000), TOP50 (t/m 1:48.000), TOP25 (t/m 1:6.000) 1970

Esri Nederland; Kadaster; Gemeentekaart (t/m 1:768.000), TK200 (t/m 1:192.000), TOP50 (t/m 1:48.000), TOP25 (t/m 1:6.000) 1990

Op het gebruik van deze data en services zijn van toepassing de Esri Nederland Terms of Use. U dient hiervan voor gebruik van de data en services kennis te nemen. Zodra u de data of services gebruikt of downloadt stemt u in met deze Terms of Use. De tiled services van de historische kaarten zijn vrij te gebruiken onder vermelding van bron:2022 Kadaster

LEGENDA

Onderzoeksgebied

0

100

200

400

600 Meter

±

3 3.1

CHRONOLOGIE RELEVANTE GEBEURTENISSEN Gebeurtenissentabel en gebeurtenissenkaart

AVG heeft op basis van de gegevens in hoofdstuk 2 een overzicht van relevante gebeurtenissen opgesteld, die tijdens en na de Tweede Wereldoorlog hebben plaatsgevonden. Hierbij is gebruik gemaakt van alle op het moment van opstellen beschikbare bronnen. Deze gegevens zijn in chronologische volgorde in een tabel verwerkt. De in deze tabel verwerkte nummering correspondeert met de in de gebeurtenissenkaart verwerkte feiten en in de bodembelastingkaart afgebakende verdachte gebieden (zie hoofdstuk 4).

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

46

HISTORISCH FEIT

LOCATIE

OMSCHRIJVING FEIT

AFBAKENINGSANALYSE

Begindatum

Einddatum

Gebeurtenis

Nationaliteit

Organisatie

Squadron/Jagdgeschwader

Wapensysteem

OO

Plaatsnaam

Locatie

Bron

Naam/nummer

Omschrijving feit

12-3-1943

13-3-1943

Vliegtuigcrash

Brits

RAF

50 Squadron

Lancaster

OO als restanten van vliegtuigcrash

Bergen

Ontginningsweg

Webarchieven

SGLO Loss Register, T2112

Vliegtuig neergeschoten door Duitse jager van 3./NJG 1 en neergestort aan de Ontginningsweg te Bergen.

Luchtfotoverkenning

Brits

RAF

Bergen

Bergse Heide

Luchtfotocollectie

Wageningen Universiteit, afd. Speciale Collecties, sortie 400-1217, fotonr. 4275

Archieven

The towers at BERGEN 8234 and AFFERDEN 8038, believed used by enemy as OPs, are a constant thorn in the flesh of 3 Recce Regt. They have asked for them to be demolished by artillery. Brigade Command consulted with CRA 3 British Infantry Division on the TNA, War Diaries, WO subject… CRA 3 Brit Inf Div has accepted the targets at AFFERDEN 171/617 and BERGEN and will engage both towers with medium guns tomorrow morning 8 Nov... The guns of 45 Anti tank Battery were empty in finishing off the task commenced by the med guns and the towers at BERGEN and AFFERDEN are now reported to be in a precarious condition.

Luchtfotocollectie

Luftbilddatenbank te Estenfeld, sortie 1401207, fotonr. 4025

Luchtfotocollectie

NCAP te Edinbrgh, sortie 4-1319, fotonr. 4025

A

5

Luchtfotocollectie

NCAP te Edinbrgh, sortie 16-1432, fotonr. 3090

B

5

05-10-1944

7-11-1944

9-11-1944

11-11-1944

Artilleriebeschieting

Brits

Luchtfotoverkenning

Brits

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

RAF

Bergen

Bergen

26-11-1944

Luchtfotoverkenning

Brits

RAF

Bergen

29-11-1944

Luchtfotoverkenning

Brits

RAF

Bergen

11-11-1944

Artilleriebeschieting

Brits

3rd British Infantry Division

13-12-1944

Artilleriebeschieting

Duits

24-12-1944

Luchtfotoverkenning

Brits

RAF

19-06-1945

Luchtfotoverkenning

Brits

RAF

19-3-1964

143000502-VO-01C

21-5-2008

Melding m.b.t. OO

Brits/Duits

Kerk

Bergse Heide

Kwaliteit

B

Afwijking

8

GIS GKnrs.

Hoofdsoort(en)

T2112

OO als restanten van vliegtuigcrash

BPP4454, WPN20527, WPN20533

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

Beschouwing luchtfoto

5

Horizontale afbakening

Verdacht. Gezien de spreiding en dichtheid van de kraters Situationeel; het is het volledige onderzoeksgebied afgebakend op Tientallen kraters afkomstig van geschutmunitie en gehele geschutmunitie. De wapenopstellingen zijn niet twee wapenopstellingen waargenomen. onderzoeksgebied. afgebakend aangezien er geen grondgevechten in het onderzoeksgebied hebben plaatsgevonden.

Verdacht. Gezien de spreiding en dichtheid van de kraters Situationeel; het gehele is het volledige onderzoeksgebied afgebakend op onderzoeksgebied. geschutmunitie.

3,5m -mv W.O.II t/m mv W.O.II

B1

BPP4454, WPN20528 Geschutmunitie, t/m WPN20532 ontstekingsinrichtingen

Aanvullende kraters afkomstig van geschutmunitie en 5 wapenopstellingen waargenomen (waarvan 3 in het onderzoeksgebied.

Verdacht. Gezien de spreiding en dichtheid van de kraters Situationeel; het is het volledige onderzoeksgebied afgebakend op gehele geschutmunitie. De wapenopstellingen zijn niet onderzoeksgebied. afgebakend aangezien er geen grondgevechten in het onderzoeksgebied hebben plaatsgevonden.

3,5m -mv W.O.II t/m mv W.O.II

B1

3,5m -mv W.O.II t/m mv W.O.II

B1

3,5m -mv W.O.II t/m mv W.O.II

B1

Geen aanvullende waarnemingen m.b.t. OO

Archieven

TNA, War Diaries, WO Additional artillery in support on road and railway junction Bergen 171/414 8335.

TNA452

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

Verdacht. Hoewel de beschieting gericht was op doelen in Situationeel; het het kaartvak boven het onderzoeksgebied, tonen de gehele geanalyseerde luchtfoto's dat granaten in de wijde omgeving zijn neergekomen. AVG bakent af op basis van onderzoeksgebied. de, meer nauwkeurige, geanalyseerde W.O.II luchtfoto's.

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

Bergen

E.8334

Archieven

TNA, War Diaries, WO 88 mm gun heard to fire 3 rds from area BERGEN 8234. 171/1332

TNA451

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

Onverdacht. Er zijn geen geschutstellingen waargenomen in het onderzoeksgebied.

Vierlingsbeek

Luchtfotocollectie

NCAP te Edinbrgh, sortie 16-1519, fotonr. 4019

C

10

Geen aanvullende waarnemingen m.b.t. OO

Bergen

Luchtfotocollectie

Luftbilddatenbank te Estenfeld, sortie 19BS-9028-21, fotonr. 73

C

10

Geen aanvullende waarnemingen m.b.t. OO

Archieven

Gemeentearchief Tien afzonderlijke ruimingen van granaten aan en nabij de Bergse Bergen, Archiefblok I, Heide. In totaal tientallen brisant-, mortier- en rookgranaten inventarisnrs. 1305 aangetroffen. en 1306

Bergse Heide ong (7)

B1

Aanvullende kraters afkomstig van geschutmunitie waargenomen.

E.8335

Bergse Heide

3,5m -mv W.O.II t/m mv W.O.II

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

BPP4454

Bergen

Bergen

GIS BBKnrs.

Onverdacht. De beschieting was gericht op de kerken van Afferden en Bergen, die zich buiten het onderzoeksgebied bevinden.

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

Verticale afbakening

Onverdacht. De crashlocatie bevind zich op circa 300 meter van het onderzoeksgebied.

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

B

Conclusie met motivatie

GA0907BG_187, GA0907BG_193, GA0907BG_303, GA0907BG_316, GA0907BG_322, GA0907BG_347, GA0907BG_371, GA0907BG_372, GA0907BG_403, GA0907BG_444

Geschutmunitie, ontstekingsinrichtingen

Verdacht. AVG bakent af op basis van de, meer nauwkeurige, geanalyseerde luchtfoto's.

Situationeel; het gehele onderzoeksgebied.

47

GEBEURTENISSENKAART

O

A

GA0893B_434

© OpenStreetMap (and) contributors, CCBY-SA

TNA451

LEGENDA

Onderzoeksgebied Artilleriebeschieting O

Melding m.b.t. OO Wapenopstelling Beschoten gebied granaten Inundatie

GA0893B_389

O

GA0893B_286 WPN20527

GA0893B_369

O

GA0893B_325

WPN20528

WPN20533 WPN20532

WPN20531 WPN20529

BPP4454

WPN20530

De gebeurtenissen die op de gebeurtenissenkaart zijn ingetekend betreffen de gebeurtenissen uit de rapportage.

GA0893B_208 GA0893B_338 OO GA0893B_390 GA0893B_214

Gebeurtenissen die in de archieven en literatuur zijn aangetroffen, maar overduidelijk niet het onderzoeksgebied betreffen zijn niet allemaal ingetekend. Alleen oorlogshandelingen in of nabij het onderzoeksgebied zijn afgebakend. Nummers naast de symbolen op de kaart verwijzen naar de gebeurtenissentabel in het vooronderzoek.

0

O

GA0893B_344

25

50 Meter

PROJECTNUMMER: TEKENINGNUMMER: FORMAAT: GETEKEND DOOR: DATUM: OPDRACHTGEVER: VOOR AKKOORD:

±

143000502 GK-01C A2 N.A. Faber 1-10-2024 Venterra M.A. Abee

BBP320

Esri Nederland, Community Map Contributors

Kaatsheuvel: Veerweg 10 5171 PW 0416-700220

Heijen: De Grens 7 6598 DK 0485-802010

Email: eo@avg.eu Web: www.avg.eu

4 4.1   

  

BEOORDELING BRONNENMATERIAAL Indicaties voor ontplofbare oorlogsresten in het onderzoeksgebied Er is in de meidagen van 1940 geen sprake geweest van grondgevechten in het onderzoeksgebied. Rondom de bevrijding heeft het onderzoeksgebied in de frontlinie gelegen en geleden onder (artillerie-)beschietingen. In het onderzoeksgebied waren militaire objecten aanwezig in de vorm van wapenopstellingen. Deze worden echter niet afgebakend, aangezien er, voorafgaand aan de bevrijding, geen grondgevechten in het onderzoeksgebied hebben plaatsgevonden. Er zijn geen militaire vliegtuigen in het onderzoeksgebied gecrasht. AVG heeft meldingen van vliegtuigcrashes aangetroffen, echter zijn de vermeldingen daarvan te globaal om te kunnen bepalen of deze betrekking hebben tot het onderzoeksgebied. Ter plaatse van het onderzoeksgebied is geen sprake geweest van beschietingen met vliegtuigboordwapenmunitie, noodafworpen en bombardementen. Er zijn in het verleden meerdere malen ontplofbare oorlogsresten in het onderzoeksgebied geruimd, met name geschutmunitie. Er is na de Tweede Wereldoorlog sprake geweest van naoorlogse bodemingrepen in het onderzoeksgebied (contra-indicaties). Ontplofbare oorlogsresten zijn mogelijk ten gevolge van deze bodemingrepen verwijderd of binnen het onderzoeksgebied verplaatst.

Op basis van de beschikbare feiten is er voldoende feitelijk bewijs voor de vermoedelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten. indicaties beschikbaar waaruit blijkt dat er mogelijk ontplofbare oorlogsresten in het onderzoeksgebied aanwezig zijn.

4.2 

Leemten in kennis bronnenmateriaal Bij een historisch onderzoek kan nooit een volledig overzicht van alle bronnen worden verkregen. Er is bij dit onderzoek gebruik gemaakt van een bronnenselectie. Getuigen die meer kunnen vertellen over dumpingen van ontplofbare oorlogsresten, vliegtuigcrashes en bombardementen kunnen ondertussen zijn overleden.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

49

Luchtfoto’s van de Royal Air Force geven doorgaans een betrouwbare indicatie betreffende de vraag of er mogelijk ontplofbare oorlogsresten in het onderzoeksgebied aanwezig zijn. Luchtfoto’s geven altijd een momentopname weer. Er kunnen voor, na en tussen verschillende opnamedata ontplofbare oorlogsresten in het onderzoeksgebied zijn terechtgekomen. Het is, vanwege getroffen camouflagemaatregelen, maar zeer de vraag of alle geschutopstellingen etc. op luchtfoto’s kunnen worden teruggevonden. De ruimrapporten van de EODD kennen hun beperkingen voor wat betreft de nauwkeurigheid van de vindplaatsbeschrijvingen. Het is niet altijd mogelijk om exact aan te geven waar de ontplofbare oorlogsresten werden aangetroffen. Deze ontplofbare oorlogsresten zijn bovendien geruimd. Dergelijke beperkingen zijn er ook bij andere geraadpleegde bronnen, zoals documenten uit de gemeentearchieven. Er kan alleen een op ontplofbare oorlogsresten verdacht gebied worden afgebakend met behulp van concrete locatiebeschrijvingen.

4.3

Hoofdsoort en verschijningsvorm

In de lijst van gebeurtenissen (hoofdstuk 3) worden de volgende gevechtshandelingen genoemd: 

Artilleriebeschietingen

Voor de genoemde handelingen is beoordeeld of – als gevolg van de handeling – ontplofbare oorlogsresten in het onderzoeksgebied kunnen worden aangetroffen. Zo ja, dan is tevens beoordeeld welke van de zestien hoofdsoorten ontplofbare oorlogsresten uit het Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse in de bodem aanwezig kunnen zijn.

4.3.1

Artilleriebeschietingen

In de geraadpleegde bronnen wordt gesproken over artilleriebeschietingen in 1944/1945. De volgende hoofdsoorten ontplofbare oorlogsresten zijn mogelijk ter plaatse van de locaties waar strijd werd geleverd aanwezig: Hoofdsoort

Nationaliteit

Type / kaliber

Verschijningsvorm

Geschutmunitie

Duits

2 cm t/m 8 cm

Verschoten

Geschutmunitie

Geallieerd

2 inch t/m 5,5 inch

Verschoten

Ontstekingsinrichtingen

Duits

Diversen

Verschoten

Ontstekingsinrichtingen

Geallieerd

Diversen

Verschoten

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

50

4.4

Aantal mogelijk aan te treffen OO

De volgende aantallen ontplofbare oorlogsresten kunnen mogelijk in het onderzoeksgebied worden aangetroffen. Een en ander is gebaseerd op een inschatting van AVG omdat er in de (historische) bronnen geen exacte aantallen worden genoemd: Hoofdsoort

Aantal mogelijk aan te treffen ontplofbare oorlogsresten

Geschutmunitie

Eén t/m enkele

Ontstekingsinrichtingen

Eén t/m enkele

4.5

Horizontale en verticale begrenzing verdacht gebied

De verdachte gebieden die in deze paragraaf worden besproken zijn ingetekend op de bodembelastingkaart. In de volgende deelparagraaf wordt de begrenzing van ieder verdacht gebied besproken en gemotiveerd. 11

4.5.1

Beschietingen met geschutmunitie/artilleriebeschietingen

Afbakeningsmethode Beschieting tegen gronddoelen Vanwege de grote verschillen in spreidingspatronen door afstanden, ingezette middelen en beschikbaar bronmateriaal is een eenduidige afbakening van artilleriebeschietingen tegen gronddoelen niet mogelijk. Iedere artilleriebeschieting tegen gronddoelen moet daarom per situatie beoordeeld worden. De beantwoording van de onderzoeksvragen moet inzichtelijk maken hoe de analyse tot stand is gekomen. Uitgangspunt beschieting tegen gronddoelen Verwachtingsgebieden worden uitsluitend afgebakend op basis van luchtfoto’s en/of primaire historische bronnen met betrouwbare locatieverwijzing (war diaries, KTB's, schaderapporten, evt. MORA's).

11 Er was geen noodzaak om de Deltares methode toe te passen, omdat het onderzoeksgebied onverdacht is op afwerpmunitie.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

51

Onderzoeksvragen locatieverwijzing:  Zijn de locaties van schademeldingen bekend? Nee, al is dit mede debet aan het gebrek aan bebouwing binnen het onderzoeksgebied.  Zijn er luchtfoto’s beschikbaar waarop kraters en/of schade aan de infrastructuur zichtbaar zijn? Ja, er zijn talloze kraters waargenomen. Onderzoeksvragen achtergebleven ontplofbare oorlogsresten:  Is bekend welke eenheid of eenheden de beschietingen heeft/hebben uitgevoerd? Het gaat om verschillende eenheden, met name de 3rd British Infantry Division.  Is bekend welke typen geschut en kalibers zijn ingezet? Uit de MORA’s blijkt dat Britse geschutmunitie t/m 5,5 inch is ingezet. Bovendien is Duitse geschutmunitie tot 8 cm aangetroffen in de directe omgeving van het onderzoeksgebied.  Is bekend hoeveel granaten er zijn verschoten? Het gebied heeft zo’n 100 dagen in de frontlinie gelegen. In deze periode zijn duizenden granaten verschoten.  Konden hier in relatie tot de bodemgesteldheid blindgangers onopgemerkt achterblijven? Ja, de bodem bestaat voornamelijk uit zand en klei.  Vonden de beschietingen destijds plaats in landelijk/stedelijk gebied? In landelijk gebied.  Is het bekend wat de aard van de beschieting was? Storingsvuur ter voorbereiding van de grondaanval.  Is het bekend binnen welk tijdsbestek de beschietingen hebben plaatsgevonden? Drie tot vier maanden.

 Lag het onderzoeksgebied aan een statisch front? Ja, de Maas was maandenlang de statische frontlinie. Onderzoeksvragen afbakening verdacht gebied: Zijn er schademeldingen te relateren aan deze beschietingen? Nee, al is dit mede debet aan het gebrek aan bebouwing tijdens W.O. II.  Zijn er munitievondsten te relateren aan deze beschietingen? Ja, er zijn tientallen ruimrapporten van geschutmunitie bekend in en nabij het onderzoeksgebied. 

De situationele afbakening is als volgt toegepast: Gezien de spreiding van de waargenomen kraters en de periode waarin het gebied in de buurt van de frontlinie heeft gelegen, gecombineerd met de munitieruimingen die hebben plaatsgevonden in de omgeving, is het gehele onderzoeksgebied afgebakend op (verschoten) geschutmunitie.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

52

Het bepalen van de maximale diepteligging van geschutgranaten zijn de onderstaande parameters relevant:    

Soort geschut Krombaan of vlakbaangeschut Grondsoort (klei, veen, zand) Kaliber geschut

Bij het bepalen van de maximale diepteligging van geschutgranaten wordt bijlage CSVROO.02.B02.05 als richtlijn gehanteerd. De zwaarste categorie geschutmunitie die kan worden aangetroffen is volgens de beschikbare gegevens geschutmunitie van 5,5 inch geschut die tot maximaal 3,5 meter minus het maaiveld uit de Tweede Wereldoorlog kan worden aangetroffen. Het maaiveld uit de Tweede Wereldoorlog is de bovengrens van het op ontplofbare oorlogsresten verdachte gebied.

4.6

Bodembelastingkaart

De verdachte gebieden die in dit hoofdstuk zijn besproken zijn ingetekend op de bodembelastingkaart op de hierop volgende pagina. De nummers op de bodembelastingkaart corresponderen met de nummering in de gebeurtenissentabel in hoofdstuk 3.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

53

BODEMBELASTINGKAART

401200

© OpenStreetMap (and) contributors, CCBY-SA LEGENDA

Onderzoeksgebied - Geschutmunitie Verdacht gebied: - Ontstekingsinrichtingen (verschoten)

401100

B1

401000

Deze kaart en de daarop weergegeven resultaten behoort bij een vooronderzoek rapportage. Zonder deze rapportage heeft deze kaart geen geldigheid status. Nummers naast de symbolen op de kaart verwijzen naar de gebeurtenissen tabel in het vooronderzoek.

0

10

20

±

143000502 BK-01C A2 N.A. Faber 2-10-2024 Venterra M.A. Abee

400900

PROJECTNUMMER: TEKENINGNAAM + VERSIE: FORMAAT: GETEKEND DOOR: DATUM: OPDRACHTGEVER: VOOR AKKOORD:

40 Meter

Esri Nederland, Community Map Contributors

201400

201500

201600

201700

201800

Vestiging Kaatsheuvel: Vestiging Heijen: Veerweg 10 De Grens 7 5171 PW Kaatsheuvel 6598 DK Heijen 0416-700220 0485-802010

Email: eo@avg.eu Web: www.avg.eu

5 5.1

CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN Conclusie

AVG heeft in opdracht van Venterra een vooronderzoek ontplofbare oorlogsresten uitgevoerd voor het onderzoeksgebied Bergse Heide ong (7). Wij adviseren Venterra om dit vooronderzoek ter kennisgeving te delen met de gemeente Bergen. Op basis van de beoordeelde feiten van het vooronderzoek is geconcludeerd dat er indicaties zijn voor de mogelijke aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten. De volgende gevechtshandelingen/ontplofbare oorlogsresten gerelateerde handelingen hebben in en nabij het onderzoeksgebied plaatsgevonden: 

Artilleriebeschietingen

De volgende ontplofbare oorlogsresten kunnen mogelijk in het onderzoeksgebied worden aangetroffen: Hoofdsoort

Kaliber

Verschijngsvorm

Nationaliteit

Maximale ligging t.o.v. mv (m)

Geschutgranaten

2 cm t/m 8 cm

Verschoten

Duits

2,5 meter

Geschutgranaten

2 inch t/m 5,5 inch

Verschoten

Geallieerd

3,5 meter

Ontstekingsinrichtingen

Diversen

Verschoten

Geallieerd

3,5 meter

Ontstekingsinrichtingen

Diversen

Verschoten

Duits

2,5 meter

Wij adviseren Venterra om dit vooronderzoek ter kennisgeving te delen met de gemeente Bergen (L). Het onderzoeksgebied is geheel verdacht op ontplofbare oorlogsresten. Het verdachte gebied is horizontaal afgebakend op de bodembelastingkaart (zie pagina 54). De horizontale en verticale afbakening van de verdachte gebieden wordt besproken in hoofdstuk 4.5.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

55

5.2

Advies vervolgtraject

De door AVG voor Venterra geadviseerde vervolgstappen worden in de hierop volgende paragrafen besproken.

5.2.1

Verkleinen verdachte gebieden

Voor de op ontplofbare oorlogsresten verdachte gebieden wordt geadviseerd om een nadere verdiepingsslag te maken en te kijken of deze met behulp van informatie over naoorlogse werkzaamheden kunnen worden verkleind. Denk hierbij aan: 

Kaartmateriaal/bestekstekeningen waarmee feitelijk kan worden aangetoond dat (delen van) verdachte gebieden naoorlogs zijn geroerd. Op basis van deze gegevens kan mogelijk de horizontale en/of de verticale afbakening van de verdachte gebieden worden gereduceerd. Gegevens betreffende naoorlogse ophogingen in de op ontplofbare oorlogsresten verdachte gebieden.

Een verdiepingsslag wordt geschreven in de vorm van een vooronderzoek na-conflictperiode, een (projectgebonden) risicoanalyse of een pragmatische opsporingsanalyse. In een vooronderzoek na-conflictperiode worden enkel de bodemingrepen na de conflictperiode besproken en beoordeeld. Onze voorkeur gaat derhalve uit naar een risicoanalyse of een pragmatische opsporingsanalyse, waarbij ook gekeken wordt naar de toekomstige werkzaamheden in relatie tot de aan te treffen ontplofbare oorlogsresten. Pragmatische Opsporingsanalyse Bij een pragmatische opsporingsanalyse wordt de focus gelegd op de naoorlogse veranderingen binnen uw werkgebied, de verdachte gebieden incl. mogelijk te verwachte ontplofbare oorlogsresten komende uit het vooronderzoek en uw toekomstig uit te voeren werkzaamheden. Deze 3 “lagen” worden over elkaar heen geprojecteerd om zodoende te bepalen binnen welke gebieden een nader onderzoek naar ontplofbare oorlogsresten noodzakelijk is. De risico’s en uitwerking van ontplofbare oorlogsresten worden in een pragmatische opsporingsanalyse niet besproken, omdat deze tijdens een ongecontroleerde detonatie zullen leiden tot (dodelijk-) letsel en grote materiele schade.

Risicoanalyse Bij het opstellen van een risicoanalyse wordt net als bij een pragmatische opsporingsanalyse gekeken naar de toekomstige werkwijze in combinatie met de verdachte gebieden en mogelijk te verwachte ontplofbare oorlogsresten komende uit het vooronderzoek en uw toekomstig uit te voeren werkzaamheden. Naast voorgenoemde zaken worden in een risicoanalyse ook de risico’s en uitwerkingen van de mogelijk aanwezige ontplofbare oorlogsresten meegenomen.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

56

5.2.2

Opsporing ontplofbare oorlogsresten

Opsporingsfase Het onderzoek naar ontplofbare oorlogsresten maakt onderdeel uit van de opsporingsfase die in paragraaf 1.4 van het Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse is gedefinieerd. De opsporingsfase omvat het geheel van organisatie en uitvoering, achtereenvolgens: werkvoorbereiding, detecteren, interpreteren, lokaliseren, laagsgewijs ontgraven en identificeren van de vermoede ontplofbare oorlogsresten, tijdelijk veiligstellen van de situatie tot aan overdracht aan de EODD en het proces-verbaal van oplevering aan de opdrachtgever en het bevoegd gezag. Detectieonderzoek Om een gedegen oppervlaktedetectie onderzoek te kunnen uitvoeren dient het opsporingsgebied goed beloopbaar en vrij van obstakels te zijn. Dat wil zeggen dat bovengrondse obstakels, zoals hekwerk, begroeiing en gewas voor aanvang van de detectie moeten zijn verwijderd. Na het verwijderen van de bovengrondse obstakels kan de locatie worden gedetecteerd. Indien een realtime oppervlaktedetectie wordt uitgevoerd, worden alle gedetecteerde verdachte objecten direct benaderd, geïdentificeerd en indien het ontplofbare oorlogsresten betreft, veiliggesteld. Aangetroffen ontplofbare oorlogsresten worden in kaart gebracht door de locatie door middel van RTK-GPS in te meten. Bij deze vastlegging dient tevens de vermoedelijke diepte te worden vastgelegd.

Bij het uitvoeren van een non-realtime oppervlaktedetectie wordt de data vastgelegd in een datalogger. De opgenomen data wordt middels een hiervoor bestemd software programma geïnterpreteerd en geanalyseerd. Benaderen van objecten De hoeveelheid te benaderen verdachte objecten kan pas worden bepaald na het uitvoeren van de non-realtime oppervlaktedetectie. Tijdens de interpretatie van de meetdata wordt de hoeveelheid te benaderen objecten bepaald. De aangemerkte verdachte objecten wordt in het opsporingsgebied uitgezet met behulp van GPS. Deze punten worden vervolgens handmatig en indien nodig (dieper gelegen dan 0,50 meter) machinaal benaderd met een graafmachine. Aangetroffen objecten worden vervolgens geïdentificeerd, gecontroleerd en indien het ontplofbare oorlogsresten betreffen, worden deze veiliggesteld in afwachting tot overdracht aan de EODD.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

57

6

BIJLAGEN

6.1

Bronnenlijst

6.1.1                 

Explosieven Opruimings Dienst Defensie te Soesterberg / Semi-Statisch Informatiebeheer te Rijswijk Bedrijfsarchief AVG Bundesarchiv-Militärarchiv Freiburg Gemeentearchief Bergen (L) Imperial War Museums te Londen Kadaster te Zwolle Koninklijke Bibliotheek te ’s-Gravenhage Laurier Military History Archive (LMH), Waterloo (Canada) Library and Archives Canada te Ottawa Luftbilddatenbank te Estenfeld Nationaal Archief te ‘s-Gravenhage National Archives and Records Administration te Washington DC Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie te Amsterdam Nederlands Instituut voor Militaire Historie te ’s-Gravenhage Provinciaal Archief / Historisch Centrum Limburg Universiteit Wageningen, afdeling Speciale Collecties The National Archives te Londen

6.1.2         

Archieven en overige instanties

Literatuur

Amersfoort, H., en P. Kamphuis (red.), Mei 1940. De strijd op Nederlands Grondgebied (’s-Gravenhage 2005) Blondel, M., Oorlog en herstel in Noord-Limburg 1940-1950 (Venlo 1975) Brongers, E.H., De gebroken vleugel van de Duitse adelaar: inventarisatie van de Duitse verliezen in de luchtoorlog van mei 1940 boven Nederland (Soesterberg 2010) Foreman, J., The Fighter Command War Diaries: July 1944 to May 1945 (2004) Grimm, P., Verloren luchtruim. De geallieerde luchtoperaties boven Nederland in mei 1940 (Lichtenvoorde 2021) Klep, C. en B. Schoenmaker (red.), De bevrijding van Nederland 1944 – 1945. Oorlog op de flank (Den Haag 1995) Koopman, H., Vergeltungswaffen in Nederland. De inzet van V.1, V.2 & V.4 vanaf Nederlands grondgebied (Utrecht 2018) Levels, H., en E. Munnicks, Waar blijven de bevrijders! September-oktober 1944. Van Hoop naar wanhoop. 'Frontperiode Noord- en Midden-Limburg' (Roermond 2016) Levels, H., en E. Munnicks, Waar blijven de bevrijders! November - december 1944 door modder en mijnen naar de Maas. 'Frontperiode Noord- en Midden-Limburg' (Kelpen-Oler 2018) Levels, H., en E. Munnicks, Waar blijven de bevrijders! Januari 1945. Evacuaties en moeizame opmars naar de Roer door vorst en sneeuw. Frontperiode Noord- en Midden-Limburg (2021)

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

58

        

Meijers, A., Achtung Minen – Danger Mines. Het ruimen van landmijnen in Nederland 1940-1947 (Soesterberg 2013) Middlebrook, M., en C. Everitt, The Bomber Command War Diaries. An Operational Reference Book, 1939-1945 (Suffolk 1985) Molenaar, F. J., De luchtverdediging in de meidagen van 1940. Deel 1 en deel 2 (’sGravenhage 1970) N.B., De gemeente Bergen door oorlogsgeweld geteisterd: 1944-1945 (Bergen 1995) Nierstrasz, V.E., De verdediging van Noord-Limburg en Noord-Brabant, mei 1940 ('sGravenhage 1953) Rijswijck, A. van, De verwoeste kerken van Limburg (Roermond 1947) Veenstra, S.L., In de schaduw van de glorie: overzicht van vliegtuigbergingen in Nederland: 1960-1977 (Zutphen 1992) Woensel, J. van, Vrij van Explosieven. De geschiedenis van het EOCKL en zijn voorgangers 1944-2004 (Amsterdam 2004) Zwanenburg, G.J., En nooit was het stil….Kroniek van een Luchtoorlog. Deel 1 & 2 (’s-Gravenhage 1990/1992)

6.1.3              

https://www.archieven.nl/nl/ http://www.avg.eu https://beeldbankwo2.nl/nl/ https://www.delpher.nl/ http://www.echodelta.net/mbs/eng-translator.php http://www.explosievenopsporing.nl https://www.explosievenopsporing.nl/veo-bommenkaart/ https://www.iwm.org.uk/collections https://www.oorloginblik.nl https://nimh-beeldbank.defensie.nl/beeldbank https://www.tracesofwar.nl/ http://www.vergeltungswaffen.nl http://verliesregister.studiegroepluchtoorlog.nl https://bergentoenennu.nl/historie/oorlog-1940-1945/oorlogsverhalen

6.1.4 

Websites

Overig

T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 - 5 mei 1945 (2003)

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

59

6.2

Certificaat vooronderzoek en risicoanalyse

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

60

6.3

Motivatie luchtfotobestelling

In bepaalde gevallen zijn er geen luchtfoto’s besteld. Dit wordt als volgt gemotiveerd:  

  

 

 

 

Indien er geen kwalitatief goede luchtfoto’s beschikbaar zijn van (kort) voor/na een gebeurtenis Bij schermutselingen en kleinschalige grondgevechten, waarbij er enkel schotenwisselingen met klein kaliber munitie hebben plaatsgevonden en/of waarbij het gebruik van (grotere kalibers) geschutmunitie achterwege is gebleven Bij beschietingen met vliegtuigboordwapenmunitie. Inslagen van vliegtuigboordwapenmunitie zijn niet waarneembaar op luchtfoto’s Bij uit schriftelijke bronnen globaal bekende of niet/onvoldoende herleidbare bombardementen Indien reeds bekend is dat een gebied door meerdere (zware) bombardementen is getroffen, dan worden er luchtfoto’s van de begin- en eindsituatie na het laatste bombardement besteld Bij bombardementen met kleine (cluster-)bommen. Inslagen van kleine bommen zijn niet waarneembaar op luchtfoto’s Bij schadevermeldingen op basis waarvan de aard van de schade niet kan worden herleid of waarbij niet bekend is door welk type ontplofbare oorlogsresten deze werd veroorzaakt, alsmede het ontbreken van de gegevens over de locaties waar de ontplofbare oorlogsresten zijn neergekomen. Indien de aard van de schade wel herleidbaar is, dan dient deze bron te worden geverifieerd middels een andere bron.

Bij noodlandingen van militaire vliegtuigen, omdat deze inmiddels zijn verwijderd Bij vliegtuigcrashes waarvan locaties niet direct herleidbaar zijn omdat er alleen een plaats- of straatnaam wordt genoemd. Bij een herleidbare locatie wordt alleen een foto van vlak na de gebeurtenis gebruikt, als men op latere foto’s niets kan waarnemen Bij opgeblazen bruggen en kunstwerken waarvan de locaties reeds uit (geschreven) bronnen bekend zijn Gevechtshandelingen waarvan de (geschreven) bronnen, niet zijnde de luchtfoto’s, afdoende duidelijkheid verschaffen over de door een gevechtshandeling getroffen locatie, waardoor er een afbakening kan worden toegepast Indien er een aan ontplofbare oorlogsresten gerelateerde waarneming door middel van de luchtfotoanalyse wordt gedaan, zonder dat er een koppeling met een geschreven bron kan worden gemaakt, dan worden geen extra luchtfoto’s ingekocht om de dag of periode van de gevechtshandeling vast te kunnen stellen

Als er sprake is van de aanleg van militaire objecten, zoals stellingen, wapenopstellingen, loopgraven, verdedigingswerken, opslaglocaties van ontplofbare oorlogsresten, militaire kampementen en tankgrachten, wordt dit niet beschouwd als gevechtshandelingen, maar verdedigende maatregelen. In dit geval is het wenselijk om over luchtfotomateriaal van de eindsituatie te beschikken: het moment waarop verdedigende maatregelen zijn getroffen. Bij grondgevechten in een gebied dat gedurende een langere periode aan het front heeft gelegen, zoals het Maasfront en het Betuwefront, wordt op de volgende wijze de luchtfotoselectie toegepast: de frontperiode wordt in zijn geheel bezien, waarbij de begin- en einddatum van de frontperiode leidend zijn bij het bestellen van luchtfoto’s. Het uitgangspunt is dat de totale weerslag van de strijd het beste zichtbaar is op luchtfoto’s van na de gevechtshandelingen.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

61

6.4

Afkortingenlijst

Afkorting

Betekenis

2nd TAF

Second Tactical Air Force

ABTA

All Bombs in Target Area

ARTA

All Rockets in Target Area

A/C

Aircraft

D/H

Direct Hit

FO

Flight Officer

Jabo

Jachtbommenwerper

Kkm

Klein kaliber munitie

Lbs.

Ponden

MET

Military Enemy Transport

N/M

Near Miss

NRO

No Results Observed

NYR

Not Yet Returned

OO

Ontplofbare Oorlogsresten

PAG / Pag.

Pantser Afweer Geschut

Rly.

Railway

R/P

Rockets

TA

Target Area

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

62

6.5

Wijze benadering archiefbronnen

De wijze waarop archiefbronnen zijn benaderd, is hieronder beschreven: 

Heeft er een fysiek bezoek plaatsgevonden; en zo ja, wanneer en door wie? Ja, voor alle archieven heeft er een fysiek bezoek plaatsgevonden, tenzij het archief reeds gedigitaliseerd was. Dit geldt voor het online krantenarchief Delpher, alsmede de toegangen 409 en 575 van het NIMH. Is een database met eerder verworven informatie uit een archief geraadpleegd? Indien alle relevante stukken uit een archief reeds in bezit zijn, is er een (GIS) database van de uitwerkingen geraadpleegd. Is enkel de website van de archiefbewaarplaats geraadpleegd? Nee, in geen van de gevallen is enkel de website van de archiefbewaarplaats geraadpleegd. Heeft de organisatie de bron zelf benaderd, of is dit uitbesteed aan derden - en zo ja, aan wie? De organisatie heeft de bron zelf benaderd. Zijn van de archiefbewaarplaats enkel telefonische inlichtingen verkregen? Nee, er heeft fysiek bezoek van de archiefbewaarplaatsen plaatsgevonden, tenzij de archieven reeds gedigitaliseerd zijn en de stukken via het internet kunnen worden ingezien. Is de bron op een andere wijze benaderd? Nee, dit is niet van toepassing.

143000502-VO-01C

Bergse Heide ong (7)

63

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15927337/1