Bijlage 06 - Advies JA over herstelplan
Tekst van het document
BriefC O Brief
Jeugdautoriteit Schedeldoekshaven 131 2511 EM Den Haag
Aan: Dhr. F. Schatorjé, wethouder Venlo Mevr. M. Ferrière, wethouder Weert Mevr. M. Smitmans, wethouder Roermond Mevr. L. Vestjens, wethouder Roerdalen Dhr. H. van Helden, wethouder Leuldal Dhr. R. Bouten, wethouder Horst aan de Maas Mevr. E. Jeurissen, RvB Mutsaersstichting Dhr. H. Wijgergangs, RvB Mutsaersstichting Dhr. M. Benard, regievoerder Dhr. M. Swagerman, regievoerder
Datum Onderwerp
Postbus 20350 2500 EJ Den Haag 070 - 340 68 88 Jeugdautoriteit.nl Inlichtingen bij C.M.(Tineke)de Waard, senior adviseur. +31 (0)6 27310456 cm.d.waard@jeugdautoriteit.nl
18 april 2024 Advies Jeugdautoriteit t.a.v. herstel-en continuïteitsplan plan Mutsaersstichting
Geachte mevrouw, mijnheer Op 10 oktober 2023 vond een gesprek plaats tussen de Jeugdautoriteit en de toen net aangetreden Raad van Bestuur van de Mutsaersstichting. Dit naar aanleiding van signalen over de zorgelijke financiële situatie. De bestuurders troffen een organisatie aan die op verschillende aspecten: financieel, operationeel en bedrijfskundig knelpunten bevatte. Ofschoon de financiële situatie aanleiding gaf tot een plaatsing in trede 4 van het Draaiboek “Continuïteit Jeugdhulp” (hierna het draaiboek) was juist een analyse van de interne organisatie en het bepalen van interventies op dat moment van belang. Om die reden stelden wij met elkaar vast dat er vooralsnog sprake was van trede 3, waarbij het vooruitzicht was dat na het schrijven en vaststellen van het herstelplan een heroverweging kon worden gemaakt en indien van toepassing trede 4 -alsnog- kon worden vastgesteld. Dit is beschreven en bevestigd in de brief van de Jeugdautoriteit over de tredebepaling dd. 6 november 2023. Het komen tot een herstelplan was een complex proces omdat hier veel onderzoek aan vooraf moest gaan en niet alle noodzakelijke informatie voorhanden was. Inmiddels zijn de regio en Mutsaersstichting samen tot de conclusie gekomen dat er sprake is van een trede 4 volgens het draaiboek; de Jeugdautoriteit heeft dit bevestigd in de brief aan de wethouder van Venlo, dd. 9 april 2024.
De Raad van Bestuur heeft met behulp van een externe partij een probleemanalyse laten opstellen conform het draaiboek. Dit onderzoek richtte zich op de processen die binnen de Mutsaersstichting speelden en mogelijk hebben geleid tot de situatie waarin het concern zich bevond. Naast het opstellen van een Pagina 1 van 4
herstelplan is een forensisch onderzoek gestart door een ter zake deskundig extern bureau met als doel eventuele ongeregeldheden in de governance en geldstromen te identificeren. Na het aantrekken van regievoerders door gemeenten is een intensief traject gestart om te komen tot de houtkoolschets van het herstelplan (maart 2024) en uiteindelijk tot het nu voorliggende meerjaren herstelplan “Grip op de toekomst”. Het plan is, gezien de inhoud en de behandelde thema’s te lezen als een continuïteitsplan, passend bij trede 4. Om die reden wordt verder in dit advies gesproken over het continuïteitsplan “Grip op de toekomst”. Tegelijkertijd is het forensisch rapport opgeleverd. Het opgeleverde forensisch onderzoek geeft de Raad van Bestuur aanleiding opdracht te geven tot een vervolg (persoons) onderzoek. Advies Jeugdautoriteit Langs 4 hoofdlijnen gaat de JA in op het continuïteitsplan, waarin zij de voorgestelde acties en maatregelen onderschrijft: 1. Inrichting en reikwijdte van het herstel- en continuïteitsplan Het continuïteitsplan is tot stand gekomen onder verantwoordelijkheid van de Mutsaersstichting, daarin bijgestaan door een extern bureau met kennis en ervaring op dit vakgebied. In het rapport is een analyse opgenomen en worden oplossingsrichtingen verder uitgewerkt die moeten leiden tot continuïteit van zorg en herstel van de Mutsaersstichting.
Doelstelling van het continuïteitsplan is: 1) Een kortetermijnoplossing bieden om de verwachte liquiditeitsproblemen van de Mutsaersstichting per mei 2024 te voorkomen. 2) Een middellange termijn oplossing waar het gaat om de transformatie van de jeugdzorg, een duurzame zorgexploitatie en de portfoliokeuzes van de Mutsaersstichting. 3) Het verbeteren van de operationele bedrijfsvoering en de aansturing van de Mutsaersstichting. 2. Voorgenomen maatregelen De Mutsaersstichting wil, zo beschrijft het continuïteitsplan, terug naar de basis wat de zorginhoud betreft door zich alleen te richten op de aan de jeugdwet gerelateerde zorg voor jeugdigen van 0-23, en zich geografisch gezien te richten op Limburg en niet meer op de regio’s in Brabant. Daarnaast beschrijft het plan operationele verbeterplannen, een vastgoed- en investeringsagenda en wordt er een verzoek gedaan om een financiële bijdrage aan de betrokken jeugdzorgregio’s. Samengevat worden de volgende maatregelen beschreven: • Het afstoten van deelnemingen • De focus op Limburg • De focus op jeugd 0-23 • Interne aansturing op proces, operatie en resultaat en liquiditeit • Het aanstellen van een programmamanager ter uitvoering van het continuïteitsplan • Het terugbrengen van de overhead • Het inzetten op personeelsbeleid wat betreft verzuim, verloop en inzet PNIL
Pagina 2 van 4
De Jeugdautoriteit ondersteunt vanuit financieel perspectief de in het continuïteitsplan gekozen lijn van het werken aan verbetering van operationele resultaten bij de Mutsaersstichting en daarnaast het afstoten van deelnemingen die niet passen bij de portfoliokeuzes die de Mutsaersstichting beschrijft. Daarbij is het voornemen verlieslatende producten kostendekkend te maken en, zo dat niet mocht lukken, ook deze af te stoten. Daarnaast zijn er in het IGJ-rapport van januari 2024 noodzakelijke verbeteringen genoemd die, als zij uitgevoerd worden, aan bovenstaande maatregelen zullen bijdragen. Een voorbeeld hiervan is het verbeteren en versterken van het interne toezicht. 3. Optimalisaties in de bedrijfsvoering De financiële informatievoorziening is bij de Mutsaersstichting tot nu toe niet toereikend. Daarom ondersteunt de Jeugdautoriteit de ambitie van de Mutsaersstichting om meer in control te zijn voor wat betreft de interne bedrijfskundige processen en hier strakker op te gaan sturen. Voorbeelden hiervan zijn het genereren van betrouwbare managementinformatie, het creëren van een dashboard en het borgen van financiële en bedrijfsmatige deskundigheid.
Daarbij is het van belang op korte termijn een scherper inzicht te krijgen in de financiële situatie van de deelnemingen en om te komen tot een gestructureerd proces tot een periodiek geactualiseerd inzicht in de liquiditeitspositie. De Mutsaersstichting heeft volgens het continuïteitsplan het voornemen een PDCA-cyclus in te richten met heldere stappen en drie typen stuurinformatie (proces, operationeel en resultaat) op vier niveaus (concern, regio, team en medewerker) De inzet op personeelsbeleid, met als doel het verzuim en personeelsverloop te laten verminderen kan het aandeel PNIL doen afnemen. De maatregelen in het continuïteitsplan vragen inzet van medewerkers en dat maakt aandacht voor de balans tussen draaglast en draagkracht van belang om verloop van personeel te voorkomen en de noodzakelijke maatregelen ook op het niveau van de medewerkers succesvol te laten zijn. 4. Gevraagde ondersteuning van de jeugdzorgregio’s Om liquiditeitsproblemen op korte termijn te voorkomen hebben zeven gemeenten gezamenlijk € 3 miljoen liquiditeitssteun verstrekt in maart vanwege het verwachte liquiditeitstekort in mei 2024. Hiermee is de liquiditeit op korte termijn naar verwachting van de Raad van Bestuur gewaarborgd.
Daarnaast is door MSS op 2 april een aanvraag ingediend bij het Ministerie van VWS voor €2,9 miljoen liquiditeitssteun vanuit de subsidieregeling Continuïteit cruciale Jeugdzorg. Vanuit het continuïteitsplan volgt een totaal verzoek van € 11,4 miljoen aan geldelijke steun van de deelnemende gemeenten. Ambtelijk is consensus over de te hanteren verdeelsleutel voor deze bijdrage en de vorm waarin het restant van de geldelijke steun aan MSS wordt verstrekt. Bestuurlijke besluitvorming, zowel het formele akkoord op het continuïteitsplan als de invulling van de financiële ondersteuning door de gemeenten, is procesmatig in gang gezet en zal waarschijnlijk in juni in alle gemeenten hebben plaatsgevonden. Een belangrijk onderdeel van het continuïteitsplan is het, in samenwerking met gemeenten, herstructureren van de vastgoedportefeuille en in het bijzonder het terrein in Venlo. De mogelijke positieve resultaten die hiermee kunnen worden gerealiseerd door de Mutsaersstichting worden door de gemeenten betrokken in de voorwaarden rond de aanvullende liquiditeitssteun. De door de Mutsaersstichting gevraagde ondersteuning aan gemeenten van in totaal €11,4 miljoen heeft betrekking op de jaren 2024 en 2025 en bevat een post “onvoorzien”. Naast de aan gemeenten gevraagde Pagina 3 van 4
ondersteuning vloeien uit het continuïteitsplan verbetermaatregelen voort, die de Mutsaersstichting zelf dient uit te voeren. Naast een portfoliokeuze (het afstoten van deelnemingen) betreft dit met name het op orde brengen van de bedrijfsvoering (productiviteit, ziekteverzuim, in control komen) waarbij het van essentieel belang is dat deze maatregelen blijvend worden ondersteund door de ingezette cultuurverandering van openheid en transparantie. Monitoring Het continuïteitsplan vraagt aan gemeenten een bijdrage voor de periode 2024-2025. Het plan gaat er daarbij van uit dat vanaf 2026 sprake is van nieuwe contractering, die leidt tot een tarief verbetering van €3,8 miljoen in 2026 en € 4,4 miljoen in 2027. Het is wezenlijk, zowel voor de contractering van 2026, maar ook voor het slagen van het continuïteitsplan, dat de Mutsaersstichting een betrouwbaar en tijdig inzicht heeft in haar bedrijfsvoering, zowel in financiële zin (administratie en liquiditeit) als in het effect van de genomen verbetermaatregelen (productiviteit, ziekteverzuim, in- en uitstroom medewerkers, in- en uitstroom cliënten, bezettingsgraden enzovoort). De tarief verbetering vanaf 2026 gaat er van uit dat MSS een reële kostprijs heeft en onderliggende parameters van deze kostprijs op een gelijk niveau met andere aanbieders liggen.
In het dergelijk traject is het cruciaal dat sprake is van een gedeeld beeld (MSS en gemeenten) over welke gegevens met welke periodiciteit (wekelijks/ maandelijks) gemonitord moeten worden, waarbij het van belang is dat de onderliggende data betrouwbaar en volledig zijn. De komende periode zal het traject om te komen tot deze dataset monitoring, samen met de bijbehorende monitoringsorganisatie en –structuur, onder leiding van de regievoerder, door MSS en gemeenten worden ingevuld. De Jeugdautoriteit zal hierbij aansluiten in het kader van haar monitorende rol vanuit het Draaiboek Continuïteit jeugdhulp. Er is momenteel sprake van een ontoereikende capaciteit wat de financiële deskundigheid betreft. Het advies van de Jeugdautoriteit is om deze capaciteit tijdelijk te versterken ten behoeve van het managen van het continuïteitsplan. Hoogachtend,
Kees van Nieuwamerongen Directeur Jeugdautoriteit
Pagina 4 van 4