Bestuursrapportage 2023
Tekst van het document
Gemeente Bergen (L)
Bestuursrapportage 2023
Inhoudsopgave 1. Inleiding ......................................................................................................................... 3 Prognose per 30 juni 2023 ............................................................................................. 4 2. Programma 1 Samenleving ............................................................................................... 5 Algemeen ..................................................................................................................... 5 Thema 1.1 Vitale gemeenschappen ...................................................................................... 5 Thema 1.2 Algemene basisvoorzieningen ............................................................................... 6 Thema 1.3 Maatwerkvoorzieningen ...................................................................................... 7 3. Programma 2 Ruimte en Economie ................................................................................... 17 Thema 2.1 Milieu en duurzaamheid ..................................................................................... 17 Thema 2.2 Openbare ruimte .............................................................................................. 18 Thema 2.3 Ruimtelijke ontwikkeling.....................................................................................
18 Thema: 2.4 Economie, Toerisme en Recreatie ........................................................................ 18 4. Programma 3 Bestuur en Financiën ................................................................................... 20 Thema 3.1 Algemeen Bestuur ............................................................................................ 20 Thema 3.2 Publieke Dienstverlening .................................................................................... 21 Thema 3.3 Veiligheid ....................................................................................................... 21 Thema 3.4 Financiën ....................................................................................................... 22 Thema 3.5 Overhead....................................................................................................... 24 5. Conclusie ....................................................................................................................... 26
1. Inleiding In het coalitieakkoord 2022-2026 is aangegeven dat we de stevige basis van het huidige financiële beleid continueren. Dit betekent dat we de Planning, Reporting en Control cyclus (PRC-cyclus) blijven uitvoeren op de wijze zoals u dat van ons gewend bent. De raad blijft op deze wijze goed in positie voor wat betreft haar controlerende taak binnen de PRC-cyclus. Het college geeft hier invulling aan met het presenteren van de bestuursrapportage. Deze bestuursrapportage (Berap) is vooral gericht op de actualisatie van de programmabegroting 2023 die in de zomer van 2022 is opgesteld. Uiteraard rapporteren wij ook over effecten na deze periode als die een grote financiële impact hebben. Het college vraagt u om van de bekende effecten een begrotingswijziging vast te stellen. Het gaat om alle correcties die nu bekend zijn, ook die waarover u via de kwartaalrapportage bent geïnformeerd. Over de effecten die na het opstellen van de bestuursrapportage bekend worden, zal het college u informeren bij het vaststellen van de jaarrekening 2023, of eerder als daar aanleiding toe is. Samenvattend kan opgemerkt worden dat de geprognosticeerde saldi er per programma als volgt uit zien (-/- =negatief): -/- € 809.252 -/- € 121.513 € 2.928.401
Programma 1 Programma 2 Programma 3
De bestuursrapportage 2023 laat een positief saldo zien van € 1.997.636. Het geprognosticeerde resultaat 2023 kan als volgt worden gespecificeerd: Raadsbesluit 8-11-2022 8-11-2022 8-11-2022
Status Definitief Definitief Definitief
Onderwerp
Effect 2023
Primitieve begroting 2023 Wensen-Nieuw beleid 2023 Effect Septembercirulaire 2022 Vastgesteld resultaat 2023 (raadsbesluit 8 november 2022) Bestuursrapportage 2023 Actueel verwacht resultaat 2023
€ 1.128.496 € -1.045.538 € 22.108 € 105.066 € 1.997.636 € 2.102.702
Bij het samenstellen van de bestuursrapportage volgen we de programma-indeling zoals die ook in de begroting is gebruikt. Naast de gemelde financiële afwijkingen leent vooral thema 1.3 ‘maatwerkvoorzieningen’ zich bij uitstek voor het in beeld brengen van klantaantallen en de ontwikkeling hiervan. Hieronder wordt het totaaloverzicht van programma’s opgenomen. In de daaropvolgende hoofdstukken wordt ingegaan op de voortgang van de programma’s. In het laatste hoofdstuk is de samenvatting van deze bestuursrapportage opgenomen.
Het college van B&W September 2023
3
Prognose per 30 juni 2023 B e dra ge n x € 1.0 0 0
V a s t ge s t e lde be gro t ing 2 0 2 3 La s t e n
1.1Vitale gemeenschappen
B e ra p 2 0 2 3
B aten
La s t e n
B aten
A c t ue le pro gno s e B e gro t ing 2 0 2 3
ge re a lis e e rd + v e rplic ht inge n 2023
R e s t a nt 2 0 2 3
La s t e n
La s t e n
La s t e n
B aten
B aten
B aten
708
96
886
0
1.594
96
439
1
1.155
95
1.2 A lgemene basisvo o rzieningen
3.368
404
632
612
4.000
1.016
1.121
449
2.879
567
1.3 M aatwerkvo o rzieningen
13.145
3.680
612
708
13.757
4.388
5.814
1.445
7.943
2.943
S a ldo P ro gra m m a 1
17 .2 2 1
4 .18 0
2 .13 0
1.3 2 0
19 .3 5 1
5 .5 0 0
7 .3 7 4
1.8 9 5
11.9 7 7
3 .6 0 5
2.1M ilieu en duurzaamheid
3.420
569
1.022
958
4.442
1.527
1.088
513
3.354
1.014
2.2 Openbare ruimte
4.267
519
181
8
4.448
527
1.433
12
3.015
515
2.3 Ruimtelijke o ntwikkeling
1.011
299
-20
-2
991
297
677
138
314
159
2.4 Eco no mie, Recreatie en To erisme
447
845
14
112
461
957
180
292
281
665
S a ldo P ro gra m m a 2
9 .14 5
2 .2 3 2
1.19 7
1.0 7 5
10 .3 4 2
3 .3 0 7
3 .3 7 8
955
6 .9 6 4
2 .3 5 2
3.1A lgemeen bestuur
1.370
201
62
-1
1.432
200
742
0
690
200
3.2 P ublieke dienstverlening
404
205
1
2
405
207
189
79
216
128
3.3 Veiligheid
1.616
123
38
794
1.654
917
3.092
3.228
-1.438
-2.311
3.4 Financiën (excl. Saldo )
10.948
33.876
-3.639
-1.126
7.310
32.750
287
31.020
7.023
1.730
3.5 Overhead
6.459
6.451
-5.407
-5.684
1.052
767
3.523
16
-2.471
751
S a ldo P ro gra m m a 3
2 0 .7 9 7
4 0 .8 5 6
- 8 .9 4 4
- 6 .0 15
11.8 5 3
3 4 .8 4 1
7 .8 3 3
3 4 .3 4 3
4 .0 2 0
498
Saldo van de begro ting
105
0
1.997
0
2.102
0
0
0
2.102
0
4 7 .2 6 8
4 7 .2 6 8
- 3 .6 2 0
- 3 .6 2 0
4 3 .6 4 8
4 3 .6 4 8
18 .5 8 5
3 7 .19 3
2 5 .0 6 3
6 .4 5 5
T o taal
Toelichting tabel: Per begrotingsthema brengen we in beeld: Wat de begrote lasten en baten zijn, welk effect deze berap heeft en wat de nieuwe begrote raming van baten en lasten na berap wordt. Als extra informatie is een actueel beeld geschetst van de gerealiseerde baten en lasten en het actuele restant per 30 juni. Onderaan de tabel staat de regel ‘saldo van de begroting’. Hier is de ontwikkeling van het verwachte begrotingssaldo opgenomen.
4
2. Programma 1 Samenleving Prognose per 30 juni 2023
B e dra ge n x € 1.0 0 0
V a s t ge s t e lde be gro t ing 2 0 2 3 La s t e n
1.1Vitale gemeenschappen
B aten
B e ra p 2 0 2 3
La s t e n
B aten
A c t ue le pro gno s e B e gro t ing 2 0 2 3
ge re a lis e e rd + v e rplic ht inge n 2023
R e s t a nt 2 0 2 3
La s t e n
La s t e n
La s t e n
B aten
B aten
B aten
708
96
886
0
1.594
96
439
1
1.155
95
1.2 A lgemene basisvo o rzieningen
3.368
404
632
612
4.000
1.016
1.121
449
2.879
567
1.3 M aatwerkvo o rzieningen
13.145
3.680
612
708
13.757
4.388
5.814
1.445
7.943
2.943
S a ldo P ro gra m m a 1
17 .2 2 1
4 .18 0
19 .3 5 1
5 .5 0 0
7 .3 7 4
1.8 9 5
11.9 7 7
3 .6 0 5
8 10
Algemeen Het landelijk beeld voor wat betreft Jeugd en WMO blijft dat er bij alle gemeenten een (forse) stijging van de kosten is te zien. In totaliteit blijven wij naar huidig inzicht binnen de ramingen maar ook wij zien op onderdelen een stijging van uitgaven. De aanzuigende werking van het abonnementstarief en de verplichte uitvoering van de indicering van wettelijke verwijzers zijn hier mede oorzaken van en leiden tot een stijging van de uitgaven. Wij voeren hierover het gesprek met de wettelijk verwijzers en op regionaal niveau worden er activiteiten opgestart om hier ook meer grip op te krijgen. In 2023 kwam daar nog een flinke kostenstijging door inflatie bij. Op landelijk niveau worden er tal van opposities richting het Rijk gevoerd om de kostenstijgingen van het sociaal domein af te vlakken en om meer financiële middelen te ontvangen van het Rijk. Het Rijk geeft incidenteel (de komende jaren) meer geld aan gemeenten voor de uitvoering van de Jeugdwet. Tegelijkertijd loopt er een discussie over een hervormingsagenda. Wij zullen dit blijven volgen en indien noodzakelijk hierin actief participeren. Nadat de discussie over de hervormingsagenda is afgerond wordt een definitieve uitspraak gedaan over de structureel te ontvangen middelen voor de uitvoering van de Jeugdwet.
Thema 1.1 Vitale gemeenschappen Preventief Jeugdbeleid Voor versterking formatie jeugd- en jongerenwerk is in de programmabegroting (onderdeel wensenlijst coalitieprogramma) een salarisbudget beschikbaar gemaakt van € 100.000. Deze taak wordt niet binnen de formatie opgelost, maar wordt via externe inhuur ingevuld. De inhuurkosten bedragen eveneens € 100.000 en horen bij thema 1.1. Het betreft een neutrale mutatie omdat het zelfde bedrag in mindering gebracht wordt bij thema 3.5. Sportterreinen In 2023 worden de kosten € 7.357 hoger dan begroot, conform de contractueel verplichte inflatiecorrectie op basis van het CPI. Deze was nog niet in zijn geheel meegenomen in de begroting. Deze kosten worden gedekt uit de stelpost inflatie. MFC den Asseldonck Vanwege indexatie neemt de bijdrage die wij aan Optisport betalen met 14,5% toe ten opzichte van 2022. De begroting 2023 was nog gebaseerd op de primitieve begroting 2022. Derhalve dient het budget (structureel) met € 33.256 verhoogd te worden. Dit bedrag kan gedekt worden uit de stelpost inflatie. Opvang Ceresweg De kosten voor de opvang van Oekraïners bedragen € 747.803. Het totale bedrag wordt door het rijk vergoed. Het betreft een neutrale mutatie, waarbij de kosten op thema 1.1 horen en de rijksbijdrage hoort verantwoord te worden bij thema 3.3
5
Overige correctie Bij dit thema gaat het om een verlaging van het subsidiebudget voor sport met € 2.600.
Thema 1.2 Algemene basisvoorzieningen Inburgering We hebben te maken met een oude wet inburgering en een nieuwe wet inburgering. Beide wetten worden op een andere manier gefinancierd door het rijk. Om de financiering van beide wetten goed in de begroting te verwerken is een geringe budgetcorrectie nodig. In onderstaande tabel geven we aan welke correcties verwerkt worden. Per saldo gaat het om een nadelige mutatie van € 4.439.
Inburgering
I/U
oude wet inburgering Rijksbijdrage (was integratieuitkering) inkomst lopende inburgeringstrajecten uitgaaf nieuwe inburgeraars, onder oude wet uitgaaf nieuwe wet inburgering Rijksbijdrage (spuk) nieuwe inburgeraars, nieuwe wet
inkomst uitgaaf
leerroute Rijksbijdrage (spuk) nieuwe inburgeraars, nieuwe wet
inkomst uitgaaf
saldo van de mutatie
was
wordt
mutatie
-€ 100.650 € 23.530 € 77.120
€0 € 23.530 € 44.559
€ 100.650 €0 -€ 32.561
€ 0 -€ 143.163 -€ 143.163 € 63.650 € 143.163 € 79.513
€0 €0
-€ 11.251 € 11.251
-€ 11.251 € 11.251 € 4.439
Kinderopvang Gebaseerd op de meest recente cijfers (werkelijke uitgaven 2022) is het de verwachting dat de kosten voor Ontwikkelgerichte Kinderopvang (OKI) in 2023 ongeveer € 200.000 zullen bedragen. Naast OKImiddelen vergoed de gemeente kosten aan kinderopvang organisaties voor ‘voor en vroegschoolse educatie (VVE). De bijdrage voor VVE mag de gemeente vergoeden vanuit de landelijke bijdrage voor ‘onderwijsachterstandenbeleid’ (OAB). De vergoeding voor OKI wordt niet door het rijk vergoed en komt dus ten laste van de gemeente. Het gaat om een nadeel van € 30.000. Bibliotheek Als gevolg van indexering zijn de kosten € 7.875 hoger dan initieel begroot. Deze extra kosten kunnen ten laste van de stelpost inflatie worden gebracht. Bijzonder basisonderwijs – huur Vanwege toegenomen huurprijzen vanaf 2023 als gevolg van indexering is het budget niet meer toereikend. Op basis van een inschatting na de eerste maanden van 2023 hebben wij hiervoor € 5.000 meer budget nodig. Deze extra kosten kunnen ten laste van de stelpost inflatie worden gebracht. Bijzonder basisonderwijs – leegstand Doordat er minder leegstand in de Samensprong is, neemt de leegstandsvergoeding af. Voor 2023 kan dit budget met € 8.500 worden afgeraamd. Dit heeft naar huidig inzicht vooralsnog geen structureel effect. WEB-middelen Van het rijk ontvangen we WEB-middelen.
De Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) is bedoeld voor volwasseneneducatie en de aanpak van laaggeletterdheid. We passen de raming van de baten
6
en van de lasten aan op basis van de beschikking die we van het rijk ontvingen. Kosten en baten worden neutraal begroot. Overige correcties Bij dit thema gaat het o.a. om: • Verlagen budget inspecties kinderdagopvang. Bedrag was per abuis tweemaal geraamd (+ € 24.000) • Verhogen budget Synthese als gevolg van inflatie (- € 10.000) Neutrale posten Bij het opmaken van de jaarrekening 2022 bleek dat we een rijksbijdrage hebben ontvangen die bestemd is voor specifieke taken. Omdat de taak niet volledig in 2022 uitgevoerd is, mag de volledige rijksbijdrage niet als opbrengst in 2022 verwerkt worden. Zowel rijksbijdrage als kosten komen tot uitdrukking in 2023. Dit zijn neutrale posten. Het gaat om: • Spuk inburgering van € 89.239 • Spuk Onderwijsroute inburgering van € 11.251 • Spuk Onderwijsachterstandenbeleid van € 143.825 • Bijdrage Nationaal programma onderwijs van € 38.742 • Specifieke uitkering scholen van € 204.768 • Rijksbijdrage in het kader van het preventieakkoord van € 50.082
Thema 1.3 Maatwerkvoorzieningen Binnen dit thema worden achtereenvolgens de ontwikkelingen van de Jeugd, WMO, Participatie en overige onderwerpen verantwoord. Voor Jeugd, WMO en Participatie presenteren we u informatie over de historische ontwikkeling van de klantaantallen, een prognose van de klantaantallen op basis van recente toewijzingen en over de financiële stand van zaken, waarbij een financiële bijstelling nodig kan zijn. Jeugd Hieronder is het overzicht van de besluiten Jeugdzorg over het tweede kwartaal van 2023 opgenomen waaronder de rechtstreekse doorverwijzingen en de Bepalingen Jeugdhulp. Ter vergelijk zijn de cijfers over het de afgelopen 3 kwartalen (vanaf zomer 2022) meegenomen in deze rapportage. Schematisch leveren de besluiten het volgende overzicht op: Periode G.I. (Bepalingen) Huisarts/ Specialist/ Jeugdarts (rechtstreekse doorverwijzingen) Rechter/ RvdK etc.(Bepalingen) Jeugdconsulenten Sociaal Team Crisis (rechtstreekse doorverwijzing)
Q3 2022 6 23
Q4 2022 19 52
Q1 2023 11 42
Q2 2023 17 28
4 6 2
7 10 5
4 8 5
10 5 -
Uit het overzicht blijkt dat de rechtstreekse doorverwijzingen sterk zijn afgenomen en de ingezette zorg via de Rechter e.d. in het tweede kwartaal iets is toegenomen. Door de eerdere uithuisplaatsingen van kinderen die in het derde kwartaal van 2022 hebben plaatsgevonden hebben de Gecertificeerde Instellingen (GI’s) nog diverse Bepalingen afgegeven voor de inzet van zorg. Dit zijn overigens Bepalingen voor cliënten die al bij de Jeugdconsulenten in beeld zijn. Dit betekent dus niet perse dat er extra kosten worden gemaakt. De 5 indicaties in het tweede kwartaal welke gesteld zijn door de Jeugdconsulenten hebben betrekking op Ernstige Enkelvoudige Dyslexie (EED). Deze worden ook via een Verzoek Om Toewijzing ingediend.
7
Uit de aantallen blijkt dat er 60 keer een Rechtstreekse doorverwijzing, Verzoeken Om Toewijzing en Bepalingen Jeugdhulp e.d. zijn ontvangen. Bij deze rechtstreekse doorverwijzingen is 24 keer de indicatie gesteld door een huisarts, 3 keer door een Jeugdarts en 1 keer door een medisch specialist. Daarnaast is 17 keer een Bepaling Jeugdhulp ontvangen van een Gecertificeerde Instelling, 10 keer via Justitie en 5 EED verzoeken via de scholen. De verhouding gestelde indicaties jeugdconsulenten ten opzichte van de huisartsen e.d. bedraagt gemiddeld genomen circa 50/50%. Een verwijzing via de huisarts levert niet altijd sneller hulp op. Ook diverse zorgleveranciers kampen immers met wachtlijsten voor Jeugdhulp. De accountmanagers van de MGR voeren hier regelmatig gesprekken over met de zorgaanbieders. Eerst vond er elke vier weken overleg met de huisartsen plaats waar de geschetste ontwikkelingen met de consulenten besproken worden. Nu de onderlinge contacten goed zijn is de intensiteit van de gesprekken omlaag gebracht. Deze overleggen worden als zeer waardevol ervaren door beide partijen. De samenwerking met de huisartsen is intensief. Men weet elkaar goed te vinden. Historisch verloop Jeugdwet (aantal klanten en aantal besluiten)
Toelichting: We zien een redelijk stabiel klantenbestand sinds 2018. Het aantal besluiten loopt gelijk op met de klantaantallen. Het verschil tussen het aantal klanten en het aantal besluiten is 60. Dit houdt in dat een beperkt aantal klanten meerdere trajecten tegelijk volgen. De overige klanten worden bediend met 1 zorgtraject. Op 30 juni 2023 hebben we 197 klanten. Op 1 januari 2023 hadden we 190 klanten (ter vergelijk op 1-1-2022: 218).
8
Aantal besluiten Jeugdwet naar soort voorziening (per 30 juni 2023)
*) A-specifiek is een productcategorie bij LTA (Landelijk Transitie Arrangement) besluiten waarbij categorisering naar zorgniveau nog niet mogelijk is. **) Dit zijn voorzieningen die binnen de regio Noord-Limburg via de MGR worden ingekocht, waarbij prijzen jaarlijks worden vastgelegd. Via de afgesproken verdeelsleutel betalen we hiervoor per kwartaal aan de MGR een voorschotbedrag en na afloop van het jaar vindt een definitieve afrekening plaats.
Financiële stand van zaken De kosten van Jeugd dalen met € 28.906. We zien in 2023 een stijging in het aantal klanten en in het aantal besluiten. Ondanks de stijging doen we het als gemeente Bergen goed. Ook als we een vergelijk maken ten opzichte van de regio. We houden de vinger aan de pols om snel te kunnen reageren op ongewenste ontwikkelingen. We zien dat de primitieve raming goed geweest is. Er is nu slechts een beperkte bijstelling nodig. Dagbehandeling Voor Dagbehandeling verwachten we dat de kosten € 350.434 zullen zijn, terwijl er € 356.555 begroot is. Derhalve dient voor dagbehandeling een bedrag van € 6.121 afgeraamd te worden. Vervoer Voor Vervoer verwachten we dat de kosten € 41.867 zullen zijn, terwijl € 38.566 begroot is. De hogere kosten zijn het gevolg van indexeringen. Derhalve dient voor vervoer een bedrag van € 3.301 bijgeraamd te worden. Verblijf met behandeling Voor verblijf met behandeling verwachten we dat de kosten € 88.508 zullen zijn, terwijl € 283.895 begroot is. Doordat we in het peiljaar 2021 en relatief hoog gebruik hadden van verblijf met behandeling hebben we een relatief hoog voorschot betaald aan de MGR. Op het einde van het jaar vindt hier een afrekening op plaats tussen gemeentes onderling. In de eerste helft van 2023 was er bij dit onderdeel sprake van een zeer beperkte inzet voor Bergense jeugdigen.
Er is momenteel wel sprake van een beperkte groei van dit zorggebruik. We verwachten hier een voordelig resultaat van € 195.387.
9
Verblijf zonder behandeling Voor Verblijf zonder behandeling verwachten we dat de kosten € 440.718 zullen zijn, terwijl er € 346.575 begroot is. Bij de 1ste kwartaalrapportage hebben we u geïnformeerd over een kostenstijging van € 44.712. We zien nu de kosten verder stijgen. Uit de realisatie van het tweede kwartaal blijkt een toename van € 49.431. Het betreft relatief dure voorzieningen, waarbij een toename van een beperkt aantal klanten een relatief groot effect heeft. De bijstelling bedraagt € 94.143. Ambulant en jeugd-GGZ Voor Ambulant verwachten we dat de kosten € 594.769 zullen zijn, terwijl er € 508.222 begroot is. Voor Jeugd-GGZ verwachten we dat de kosten € 505.638 zullen zijn, terwijl € 751.160 begroot is. In de regio is het beeld dat er, doordat er minder wordt ingezet op verblijf met behandeling dat er hierdoor meer wordt ingezet op ambulante hulp en GGZ. In Bergen zien we op dit moment een zeer beperkte stijging. Mogelijk dat deze stijging later in 2023 wel doorzet. De actuele prognose geeft aan dat de kosten met € 158.975 zullen dalen. Landelijk We zien een sterke toename bij de kosten voor het landelijk transitie arrangement. Het betreft landelijk gecontracteerd aanbod waar we als gemeente niet op kunnen sturen en hieruit volgt dat het financieel lastig is te schatten. We gaan deze kosten de komende periode actief monitoren.
Landelijke aanbieders komen in beeld als sprake is van complexe of meervoudige problematiek. Landelijke gecontracteerde aanbieders zijn gespecialiseerd in de behandeling van complexe problemen. Lokaal en regionaal aanbod is vaak niet passend of de wachttijden zijn te lang. De kostentoename bedraagt € 200.000. PGB jeugd Voor PGB jeugd verwachten we dat de kosten € 94.553 zullen zijn, terwijl € 105.532 begroot is. Derhalve dient voor PGB jeugd een bedrag van € 10.979 afgeraamd te worden. Jeugd reclassering/bescherming Ook hier zien we een kostentoename. Begroot was € 250.000 en de werkelijke kosten zullen uitkomen op € 295.112. In onderstaande tabel zijn de mutaties samengevat. De kolom ‘was’ geeft aan welke primitieve raming in de begroting 2023 is opgenomen. In kolom Q1 staat wat we gemeld hebben bij de eerste kwartaalrapportage. In kolom Q2 staat de bijstelling die volgens huidig inzicht nodig is. Kolom ‘wordt’ staat de nieuwe raming en tot slot staat in de kolom ‘mutatie’ de totale mutatie die in de begroting verwerkt zal worden.
resume uitgaven Jeugd
was
Dagbesteding Vervoer Verblijf met behandeling (segment 1) Verblijf zonder behandeling Ambulant Jeugd GGZ landelijk PGB Jeugd reclassering/bescherming minder kosten
Q1
Q2
€ 356.555 € 38.566 € 283.895 € 346.575 € 508.222 € 751.160 € 150.000 € 105.532 € 250.000
-€ 9.016 € 3.301 -€ 214.545 € 44.712 €0 €0 €0 -€ 10.979 €0
€ 2.790.505
-€ 186.527
wordt
mutatie
€ 2.895 €0 € 19.158 € 49.431 € 86.547 -€ 245.522 € 200.000 €0 € 45.112
€ 350.434 € 41.867 € 88.508 € 440.718 € 594.769 € 505.638 € 350.000 € 94.553 € 295.112
-€ 6.121 € 3.301 -€ 195.387 € 94.143 € 86.547 -€ 245.522 € 200.000 -€ 10.979 € 45.112
€ 157.621
€ 2.761.599
-€ 28.906
Voor het dekken van de kosten Jeugd krijgen we van het rijk een extra uitkering tot en met 2026 in de verwachting dat er vanaf dat moment beleidswijzigingen op landelijk niveau zijn doorgevoerd. In de jaren 2024-2026 zijn deze bedragen separaat in de begroting opgenomen als een stelpost.
10
Voor het jaar 2023 zit dit bedrag in de algemene uitkering. Dit betreft een bedrag van € 972.000 ( bron: meicirculaire 2022).
WMO Historisch verloop WMO (aantal klanten en aantal besluiten)
Toelichting: We zien een stijgend klantenbestand sinds 2021. De meeste klanten maken gebruik van Hulp bij het huishouden. Het hogere aantal besluiten geeft aan dat de meeste klanten naast Hulp bij het huishouden ook op een andere manier ondersteuning krijgen. Op 30 juni 2023 hebben we 846 klanten. Op 1 januari 2023 hadden we 809 klanten (ter vergelijk op 1-1-2022: 782). Aantal besluiten WMO naar soort voorziening (per 30 juni 2023) Voorzieningen WMO
Begeleiding Begeleiding groep vervoer Huishoudelijke hulp Logeren Persoonlijke verzorging Maatwerk WMO Opvang Rolstoelen Scootmobielen Verplaatsingsmiddelen Vervoersvoorziening Woonvoorziening Totaal
PGB
ZIN
4 0 18 0 0 7 0 1 4 15 0 36 85
16 43 423 0 0 159 1 115 124 61 315 145 1.402
Totaal
20 43 441 0 0 166 1 116 128 76 315 181 1.487
Financiële stand van zaken De kosten van WMO nemen met een bedrag van € 189.545 toe. Deze toename is vooral een gevolg van de inflatiecorrectie. Hiervoor is een stelpost beschikbaar. Kortheidshalve verwijzen we naar de toelichting hieronder.
11
Hulp bij het huishouden De kostentoename kan in hoofdlijnen verklaard worden door: • inflatie, de tarieven zijn ten opzichte van 2022 met 4,74 % gestegen. • Toename van het aantal cliënten met ongeveer 20 leidt tot ca € 80.000 extra uitgaven. Per saldo bedraagt het nadeel € 149.908. De vergrijzing en het feit dat ouderen steeds langer zelfstandig blijven wonen zijn de belangrijkste verklaring voor de toename van het aantal cliënten (70% van de cliënten is 75 plus). Rijksbeleid stimuleert mensen om zo lang mogelijk zelfstandig te blijven wonen. Hierbij wordt een (steeds groter) beroep gedaan op het sociaal netwerk voor ondersteuning, voor meer zaken dan alleen het huishoudelijk werk. Dit in combinatie met een grotere arbeidsdeelname van het sociaal netwerk, leidt tot een verhoging van het aantal cliënten dat voor hulp bij het huishouden een beroep op de Wmo doet. Gelet op de bevolkingssamenstelling in de gemeente Bergen is de verwachting dat deze trend door zal zetten. Bovendien zijn we de afgelopen periode geconfronteerd met hulpvragen van inwoners met ernstige (progressieve) ziekten. Daarnaast constateren wij dat vertegenwoordigers van andere organisaties (b.v. wijkverpleging, trajectbegeleiders dementie, begeleiding individueel) steeds vaker een verzoek doen voor inzet van huishoudelijke hulp. Zij melden als vanzelfsprekend bij de gemeente een hulpvraag.
Wij blijven met betreffende organisaties in gesprek.
WMO-Begeleiding Het bestand cliënten dat begeleiding ontvangt is redelijk stabiel, omdat er vaak sprake is van problematieken waarbij begeleiding langdurig noodzakelijk is of er sprake is van ouderdom gerelateerde beperkingen. De doelgroep die geconfronteerd wordt met ouderdom gerelateerde beperkingen krijgt vaak begeleiding uit het sociaal netwerk totdat de problematiek te groot wordt. Per saldo is stijgen de kosten met € 118.583. Dit komt enerzijds door inflatie en anderzijds door een lichte toename van het aantal cliënten. WMO-Vervoershulpmiddelen Bij de hulpmiddelen is er sprake van een indexering van 14,5 %. Dit bedraagt € 28.400. Als gevolg van de inhaalvraag, na de corona periode, kunnen er minder herverstrekkers worden ingezet en worden er vaker nieuwe en dus duurdere hulpmiddelen geleverd. WMO-Woonvoorzieningen Bij de woonvoorzieningen is een beperkte correctie mogelijk. Het is erg lastig om deze kosten te begroten omdat de uitgaven onvoorspelbaar zijn gelet op de hoge bedragen die bij enkele woningaanpassingen gemoeid kunnen zijn. Naar huidig inzicht dalen de kosten met € 79.175 PGB WMO Hier is een beperkte correctie mogelijk. Er wordt minder beroep gedaan op een PGB. Passende ondersteuning kan bijna altijd in de vorm van Zorg in natura geleverd worden. De kosten dalen met € 28.171. In onderstaande tabel zijn de mutaties samengevat.
De kolom ‘was’ geeft aan welke primitieve raming in de begroting 2023 was opgenomen. In kolom Q1 staat wat we gemeld hebben bij de eerste kwartaalrapportage. In kolom Q2 staat de bijstelling die volgens huidig inzicht nodig is. Kolom ‘wordt’ staat de nieuwe raming en tot slot staat in de kolom ‘mutatie’ de totale mutatie die in de begroting verwerkt zal worden. resume WMO Hulp bij het Huishouden Kosten WMO-begeleiding Kosten WMO-vervoershulpmiddelen Kosten woonvoorzieningen PGB's Kostenstijging
I/U
was
Q1
uitgaaf uitgaaf uitgaaf uitgaaf uitgaaf
€ 1.298.593 € 951.000 € 188.600 € 216.153 € 125.000
€ 138.908 € 55.000 -€ 43.353 €0 -€ 28.171
€ 11.000 € 1.448.501 € 63.583 € 1.069.583 € 71.753 € 217.000 -€ 79.175 € 136.978 €0 € 96.829
€ 149.908 € 118.583 € 28.400 -€ 79.175 -€ 28.171
€ 2.779.346
€ 122.384
€ 67.161 € 2.968.891
€ 189.545
12
Q2
wordt
mutatie
Evaluaties ingezette zorg Jeugd en Wmo Na de start van Sturing en Inkoop wordt bij Jeugd en Wmo voornamelijk gewerkt met trajecten. Deze trajecten kennen een variabele looptijd van bijvoorbeeld 6, 8, 9 of 12 maanden. In de beschikkingsbrief wordt dan opgenomen dat er op de helft van de looptijd van de indicatie een evaluatie wordt gehouden door de consulent met de cliënt en de zorgleverancier. Het onderzoek naar de evaluaties op het gebied van Jeugd en Wmo over de periode 1 april 2023 tot 1 juli 2023 wordt onderstaand weergegeven. Jeugd (22 evaluaties) Zorg beëindigd/afgerond Zorg gecontinueerd Zorg opgehoogd Zorg afgeschaald
14% 50% 14% 22%
3 cliënten 11 cliënten 3 cliënten meerkosten € 76.000,00 5 cliënten besparing € 118.180,00
De beëindiging van zorg heeft 2 keer betrekking op stop levering zorg vanwege het bereiken van de gestelde doelen en 1 keer i.v.m. verhuizing. Wmo (42 evaluaties) Zorg beëindigd/afgerond Zorg gecontinueerd Zorg opgehoogd Zorg afgeschaald
29% 71% 0% 0%
12 cliënten 30 cliënten 0 cliënten 0 cliënten
Uit de evaluatie blijkt dat de zorg van 12 cliënten is beëindigd (3 keer i.v.m. het behalen van de doelen, 1 keer op verzoek van de client, 2 keer i.v.m. verhuizing, 5 keer door toegang tot de WLZ en 1 keer i.v.m. overlijden). Er vindt geen ophoging of afschaling van zorg meer plaats daar we inmiddels volledig zijn overgegaan op de toekenning van zorg in trajecten. De evaluaties leiden bij Jeugd en Wmo regelmatig tot een wijziging van de eerder gestelde indicatie en hebben wel een toegevoegde waarde. De consulenten zijn nauw betrokken bij de zorgverlening en kunnen snel schakelen bij gewijzigde problematiek. Meldingen 2e kwartaal 2023 In onderstaand overzicht wordt het aantal meldingen weergegeven. De informatielevering wordt verder verfijnd door ook een uitsplitsing aan te geven in de aard van de voorzieningen. Uiteraard leiden niet alle aanvragen of meldingen tot een beschikking. Over het tweede kwartaal van 2023 zijn 14 Jeugdmeldingen ontvangen welke in 11 gevallen hebben geleid tot een maatwerkvoorziening. Bij 3 meldingen kon volstaan worden met een gesprek met de Jeugdconsulent. Op het gebied van de Wmo hebben we 103 meldingen ontvangen. Hiervan hebben 72 aanmeldingen geleid tot de inzet van een maatwerkvoorziening. Dat betekent dat in 31 gevallen de toegang tot een maatwerkvoorziening niet nodig is gebleken.
Men is bijvoorbeeld gewezen op de inzet van hulp via de voorliggende voorzieningen, de partner of inwonende kinderen (eigen netwerk/eigen kracht). Veilig thuis Er dient ook vermeld te worden dat we nog veel meldingen ontvangen van Veilig Thuis en dan met name op het gebied van Jeugd. De Veilig Thuis meldingen moeten op grond van landelijke afspraken door de consulenten met voorrang worden opgepakt en deze zijn daarnaast ook nog eens arbeidsintensief. De afhandeling van de reguliere meldingen loopt daardoor vertraging op. Met de contactpersoon van Veilig Thuis zijn afspraken gemaakt om periodiek aanwezig te zijn in ons gemeentehuis om op casusniveau direct te kunnen afstemmen met de consulenten Jeugd en Wmo. 2e kwartaal Jeugd Wmo Totaal
Melding 14 103 117
Aanmelding 11 72 83
13
Geen vervolg 3 31 34
Participatie Historisch verloop Participatiewet (incl. indeling Participatieladder)
Toelichting: Hier zien we dat de klantaantallen al jaren afnemen. Enerzijds komt dit door de economische ontwikkelingen, anderzijds zijn we proactief met het begeleiden van mensen naar een betaalde functie. Dit jaar wordt een project uitgevoerd om – in lijn met het coalitieprogramma – het bestand van uitkeringsgerechtigden te herijken. Door de cliëntontwikkeling van de afgelopen jaren rest nu een zgn. ‘granieten bestand’. Het zal lastiger worden om betreffende personen te laten uitstromen naar betaald werk. Andere uitstroommogelijkheden zijn ook mogelijk. Op 30 juni 2023 hebben we 135 klanten. Op 1 januari 2023 hadden we 134 klanten (ter vergelijk op 11-2022: 145). In- en uitstroom van het aantal klanten Participatiewet sinds 1 januari 2023
De grafiek ‘historisch verloop Participatiewet’ en de tabel ‘In- en uitstroom Participatiewet’ geven geen eensluidend beeld, dit komt omdat de informatie uit twee verschillende systemen komt waarbij er verschil in verwerkingstijd zit.
14
Indeling deelnemers Participatiewet volgens de participatieladder Mensen met een Participatiewet uitkering (BUIG, IOAW, IOAZ en BBZ-nieuw) zijn ingedeeld volgens de Participatieladder. De indeling is relevant voor de inzet die nodig is om uitstroom bevorderende maatregelen te nemen. Zoals hiervoor opgemerkt wordt in het jaar 2023 een volledige herijking van het bestand doorgevoerd waardoor de indeling volgens de Participatieladder zal wijzigen. Datum
1-1-2022 1-1-2023 1-2-2023 1-3-2023 1-4-2023 1-5-2023 1-6-2023 1-7-2023
Aantal uitkeringsgerechtigden 177 174 173 174 176 175 173 174
Indeling volgens de Participatieladder groep 1o 7 9 10 9 9 9 9 9
groep 1so 10 4 3 3 3 3 3 3
groep 2o 24 49 54 54 54 54 53 53
groep 2so 15 8 8 8 8 8 8 8
groep 3o 55 47 52 52 53 52 51 51
groep 4o 25 17 17 18 19 19 19 20
groep 5o
groep 5oa
19 19 13 14 14 14 14 14
22 21 16 16 16 16 16 16
Uitleg Participatieladder: groep 1o = Geïsoleerd groep 1so = Sollicitatie ontheffing groep 20 = Sociale contacten buitenshuis groep 2so = Sollicitatieplicht ontheffing groep 3o = Deelname georganiseerde activiteiten groep 4o = Onbetaald werk op weg naar werk groep 5o = Betaald werk met ondersteuning groep 50a = Betaald werk met ondersteuning - hoogst haalbare Historisch verloop WAA De grafiek bevat de formatieve bezetting bij WAA van mensen uit gemeente Bergen. Het betreft zowel de gele- (beschutte) als de blauwe groep (gedetacheerd).
Toelichting: Instroom van de WAA is geblokkeerd, er komen dus geen nieuwe klanten bij. De uitstroom verloopt echter ook langzaam. Hier is sprake van een sterfhuisconstructie waarbij mensen vaak pas uit de regeling stromen bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Extra inspanningen zullen niet leiden tot een grotere uitstroom wegens de specifieke kenmerken van de doelgroep. In het verleden was sprake van een financieel risico. Dit risico betrof de uitvoeringskosten. Deze waren onzeker voor het begeleiden van mensen met een beperking. Zeker met een afnemend aantal werknemers wordt de organisatie duurder. Met de verkoop van de aandelen WAA Groep N.V. aan gemeente Venlo verwachten we dat dit risico teniet is gedaan.
15
Financiële stand van zaken In de afgelopen maanden (en eigenlijk ook jaren) zien we teruglopende uitkeringslasten als gevolg van afname van het aantal uitkeringsgerechtigden. Hierdoor dalen de uitkeringslasten per maand. Wij verwachten dat de uitkeringslasten binnen de in 2023 opgenomen budgetten blijven. BUIG BUIG staat voor gebundelde uitkering voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 (levensonderhoud startende ondernemers) en voor de inzet van loonkostensubsidie. Er is een bijstelling nodig van € 81.500. Door een daling van de klantaantallen verwachten we dit bedrag minder aan kosten te maken. BUIG-budget Tegelijk zien we dat de geraamde rijksbijdrage te laag begroot is. Uit de ontvangen beschikking van het rijk waarmee het BUIG-budget is vastgesteld voor 2023 blijkt dat onze raming met € 24.990 positief bijgesteld kan worden.
Overige onderwerpen Leerlingenvervoer Voor 2023 is er € 300.000 begroot voor leerlingenvervoer. In de Q-rap hebben we al gemeld dat dit bedrag nog niet geïndexeerd is. Na indexering komen de kosten € 30.000 hoger uit. Het nadeel dat ontstaat door indexering wordt opgevangen door het inzetten van de stelpost inflatie. Verder zien we een toename in het gebruik van het taxivervoer. In de afgelopen jaren zagen we een trendmatige afname van het aantal gebruikers. Voor schooljaar 2021-2022 werd door 70 kinderen gebruik gemaakt van het leerlingenvervoer. Voor komend schooljaar verwachten we 75 deelnemers. Deze toename levert een extra nadeel op van € 25.000 voor het jaar 2023. Per saldo stijgen de kosten met € 55.000 (30.000 + 25.000). Onderwijsachterstandsbeleid Dit beleid wordt budgetneutraal uitgevoerd. Bij het maken van de primitieve begroting 2023 hebben we een inschatting gemaakt van de rijksbijdrage en bijhorende kosten. We hadden een raming opgenomen van € 204.148. Uit de beschikking die we in de loop van 2023 ontvingen blijkt dat we € 279.632 krijgen voor SPUK onderwijsachterstandenbeleid 2023 en € 32.732 voor SPUK Nationaal programma onderwijs (NPO). Zowel de inkomsten als uitgaven stijgen met € 108.216 (279.632 – 204.148) +32.732). MGR Op basis van de meest recente verwachtingen bedraagt de jaarbijdrage aan de MGR €130.000 voor 2023.
In de begroting 2023 is een bedrag van € 110.000 opgenomen. Hierdoor moet er € 20.000 bijgeraamd worden. Het nadeel bedraagt € 20.000. Beschermd wonen Voor 2023 is een ontvangst geraamd van € 885.706 als afrekening Beschermd Wonen 2023. Inmiddels is bekend geworden dat de bijdrage voor 2023 uit gaat komen op een bedrag van € 1.264.823. De begroting wordt hierop aangepast en dat levert een voordeel op van € 379.117. WSW Voor 2023 is een bijstelling in de uitgaven nodig van € 349.200. Het betreft een raming op basis van de actuele inschatting van de loonkosten € 229.200 en met het ramen van begeleidingskosten van € 120.000. Tegelijk met het verhogen van de kosten ramen we ook een bijdrage uit de egalisatiereserve WSW. De bijdrage uit de reserve bedraagt jaarlijks € 196.109.
16
3. Programma 2 Ruimte en Economie Prognose per 30 juni 2023
B e dra ge n x € 1.0 0 0
V a s t ge s t e lde be gro t ing 2 0 2 3 La s t e n
B aten
B e ra p 2 0 2 3
La s t e n
B aten
A c t ue le pro gno s e B e gro t ing 2 0 2 3
ge re a lis e e rd + v e rplic ht inge n 2023
R e s t a nt 2 0 2 3
La s t e n
La s t e n
La s t e n
B aten
B aten
B aten
2.1M ilieu en duurzaamheid
3.420
569
725
661
4.145
1.230
1.088
513
3.057
717
2.2 Openbare ruimte
4.267
519
181
8
4.448
527
1.433
12
3.015
515
2.3 Ruimtelijke o ntwikkeling
1.011
299
-20
-2
991
297
677
138
314
159
2.4 Eco no mie, Recreatie en To erisme
447
845
14
112
461
957
180
292
281
665
9 .14 5
2 .2 3 2
10 .0 4 5
3 .0 10
3 .3 7 8
955
6 .6 6 7
2 .0 5 5
S a ldo P ro gra m m a 2
12 2
Thema 2.1 Milieu en duurzaamheid Bossen- en natuurterreinen De kosten van waterschapsheffingen nemen in 2023 toe met € 5.000. Dit is het gevolg van een inflatiecorrectie die het waterschap toepast. De hogere kosten kunnen opgevangen worden binnen de stelpost inflatie die we hiervoor in de begroting hebben opgenomen. Regeling CDOKE Er is een beschikking voor Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) ontvangen. Voor 3 jaar is dit € 815.406 in totaal. Het doel van deze meerjarige regeling is om de capaciteit (bemensing) te vergroten bij decentrale overheden voor de uitvoering van klimaat- en energiebeleid. Voor 2023 gaat het om een bijdrage van € 269.359. Er geldt een bestedingsverplichting, dus gaat het om een neutrale mutatie. Overige neutrale posten Bij het opmaken van de jaarrekening 2022 bleek dat we een rijksbijdrage hebben ontvangen die bestemd is voor specifieke taken. Omdat de taak niet volledig is uitgevoerd in 2022, mag de volledige rijksbijdrage niet als opbrengst in 2022 verwerkt worden. Zowel rijksbijdrage als kosten komen tot uitdrukking in 2023. Dit zijn ook neutrale posten.
Het gaat om: • Nationaal isolatieprogramma van € 159.356 • Regeling reductie energiegebruik van € 241.766 Nationaal isolatieprogramma 2023 We hebben een beschikking van het rijk ontvangen ten behoeve van het nationale isolatieprogramma voor dit jaar. De omvang bedraagt € 197.100 en dit bedrag moet verwerkt worden in de begroting. Kosten en baten zijn gelijk en daarom heeft deze mutatie geen financieel effect. Grootschalige uitrol energiebesparing woningen We hebben een beschikking van de provincie ontvangen ten behoeve van de grootschalige uitrol van energiebesparende maatregelen voor woningen. De omvang bedraagt € 100.000 en dit bedrag moet verwerkt worden in de begroting. Kosten en baten zijn gelijk en daarom heeft deze mutatie geen financieel effect. Overige correcties Bij dit thema gaat het om: • Verhogen budget komposteren GFT door kostentoename (- € 35.000) • Verhogen budget stortkosten afval door kostentoename (- € 20.000)
17
Thema 2.2 Openbare ruimte Openbare verlichting De kosten van openbare verlichting worden € 104.000 duurder. Het grootste deel hiervan (€ 89.000) ontstaat door de gestegen energiekosten. Om prijsstijging in de loop van het jaar op te vangen is een de stelpost ‘inflatie’ beschikbaar. Hiernaast zijn ook de onderhoudskosten toegenomen. Dit nadeel bedraagt € 15.000 en dit nadeel is ontstaan doordat we een nieuw onderhoudscontract hebben gesloten. Straatmeubilair Het carillon was begin 2023 enkele maanden stuk. De computer om het carillon aan te sturen is vervangen zodat deze bij huwelijken en andere gelegenheden weer kan spelen. Het nadeel bedraagt € 5.000. Wegen De kosten van waterschapsheffingen nemen in 2023 toe met € 10.000. Dit is het gevolg van een inflatiecorrectie die het waterschap toepast. De hogere kosten kunnen opgevangen worden binnen de stelpost inflatie die we hiervoor in de begroting hebben opgenomen. Groenvoorziening In de primitieve raming voor jaar 2023 is een budget van € 1.000 opgenomen voor elektra. De raming is overbodig. Het voordeel bedraagt € 1.000. Opvang zwerfdieren De kosten voor de opvang van zwerfdieren neemt met € 2.000 toe in 2023. Dit is het gevolg van een inflatiecorrectie die dierenopvang Smakterheide toepast. De hogere kosten kunnen opgevangen worden binnen de stelpost inflatie die we hiervoor in de begroting hebben opgenomen.
Ongediertebestrijding We zien een toename in het aantal aanvragen voor ongediertebestrijding. Deze aanvragen worden door een extern bedrijf uitgevoerd. We verwachten dit jaar € 6.000 meer kosten. Overige correcties Bij dit thema gaat het om: • Verhogen maaibudget bermen. Afvoer was niet meegerekend (- € 48.000) • Verhogen budget bestrijding eikenprocessierups, prijs conform nieuwe offerte (- € 14.000) Neutrale posten Bij het opmaken van de jaarrekening 2022 bleek dat we een rijksbijdrage hebben ontvangen die bestemd is voor specifieke taken. Omdat de taak niet volledig in 2022 uitgevoerd is, mag de volledige rijksbijdrage niet als opbrengst in 2022 verwerkt worden. Zowel rijksbijdrage als kosten komen tot uitdrukking in 2023. Dit is een neutrale post. Het gaat om de: • Provinciale bijdrage met betrekking tot het project Doortrappen van € 1.625
Thema 2.3 Ruimtelijke ontwikkeling Overige correctie Bij dit thema gaat het om het verlagen van het budget stedenbouwkundige adviezen, waarbij het bedrag meer in lijn gebracht wordt met realisatie van vorig jaar (+ € 20.000). Thema: 2.4 Economie, Toerisme en Recreatie Dividend We verwachten een hogere dividenduitkering van Enexis over het jaar 2022. Het voordeel bedraagt € 92.000.
18
Pacht De vrijgekomen gronden binnen Energielandgoed Wells meer kunnen opnieuw verpacht worden. De meeropbrengst is nog niet begroot en komt uit op € 20.000. Kermissen & markten Ook in 2023 zijn de elektriciteitskosten hoger door de prijsstijgingen. Het nadeel bedraagt € 16.000 en wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Overige correctie Bij dit thema gaat het om het verlagen van diverse subsidiebudgetten (+ € 2.000).
19
4. Programma 3 Bestuur en Financiën Prognose per 30 juni 2023
B e dra ge n x € 1.0 0 0
V a s t ge s t e lde be gro t ing 2 0 2 3 La s t e n
B aten
B e ra p 2 0 2 3
La s t e n
B aten
A c t ue le pro gno s e B e gro t ing 2 0 2 3
ge re a lis e e rd + v e rplic ht inge n 2023
R e s t a nt 2 0 2 3
La s t e n
La s t e n
La s t e n
B aten
B aten
B aten
3.1A lgemeen bestuur
1.370
201
62
-1
1.432
200
742
0
690
200
3.2 P ublieke dienstverlening
404
205
1
2
405
207
189
79
216
128
3.3 Veiligheid
1.616
123
38
794
1.654
917
3.092
3.228
-1.438
-2.311
3.4 Financiën (excl. Saldo )
10.948
33.876
-3.639
-1.126
7.310
32.750
287
31.020
7.023
1.730
3.5 Overhead
6.459
6.451
-5.407
-5.684
1.052
767
3.523
16
-2.471
751
2 0 .7 9 7
4 0 .8 5 6
11.8 5 3
3 4 .8 4 1
7 .8 3 3
3 4 .3 4 3
4 .0 2 0
498
S a ldo P ro gra m m a 3
- 2 .9 2 9
Thema 3.1 Algemeen Bestuur Verkiezingen De kosten voor verkiezingen stijgen met € 20.000. Dit komt doordat er zowel provinciale als waterschapsverkiezingen zijn geweest en in het najaar zijn de Tweede Kamer verkiezingen door de val van het kabinet-Rutte IV. Bestuurlijke samenwerking De jaarlijkse bijdrage aan het samenwerkingsverband Regio Venlo stijgt in 2023 met € 6.210. Rechtsbescherming – inkomsten handhaving We constateren dat in de begroting een inkomstenraming van € 1.000 is opgenomen voor terugvorderingen van juridische kosten bij handhaving. Deze raming is onjuist en moet daarom vervallen. Rechtsbescherming - presentiegeld Dit is het budget voor de bezwaarcommissie. Het budget is al jarenlang niet meer bijgesteld. De hoogte van de vergoedingen voor de commissieleden wordt jaarlijks geïndexeerd. De factuur voor het eerste half jaar 2023 was reeds € 5.008. Met het vaststellen van de nieuwe verordening is de hoogte van de nieuwe vergoedingen vastgesteld. Het nadeel bedraagt € 7.765 en wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Rechtsbescherming – Nationale ombudsman Enige tijd geleden is het bedrag per inwoner verhoogd, naar € 0,23 ex BTW = totaal € 3.013. Het huidige budget is € 1.200 te laag geraamd en de kostenstijging wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie (thema 3.4).
Rechtsbescherming – AVG De gemeente heeft in dit vakgebied meer wettelijke verplichtingen gekregen. Voor het up to date blijven en het uitvoeren van een verplichte jaarlijkse audit is extra budget nodig. Het nadeel bedraagt € 6.000. Rechtsbescherming – AVG De juridische kosten nemen in 2023 toe omdat voor verschillende zaken juridisch advies nodig is. De meerkosten bedragen € 25.000.
20
Overige correcties Bij dit thema gaat het o.a. om de verlagen van de structurele dotatie aan de voorziening pensioenrechten. Door stijgende rente kan de structurele dotatie beperkt worden (+ € 28.384)
Thema 3.2 Publieke Dienstverlening Communicatie In het kader van de doorontwikkeling van de dienstverlenging wordt ingezet op verbetering van de schrijfstijl. Dit project kost incidenteel € 6.500 in 2023. De kosten bestaan uit trainingskosten van € 1.000 en structurele kosten voor een tool ‘klinkende taal’ van € 5.500. Overige correcties Bij dit thema gaat het om: • Verlagen van drukkosten voor recreatieve folders (+ € 5.620) • Verhoging verwachte inkomsten uit leges huwelijken (+ € 2.000)
Thema 3.3 Veiligheid Crisisopvang vluchtelingen We hebben dit jaar € 2.166.000 aan kosten gemaakt in het kader van de crisisopvang op locatie Flammert in Nieuw Bergen. We zijn bezig met het ontmantelen van deze locatie. Zodra alle kosten gemaakt zijn kunnen we deze bedragen declareren bij het COA. De kosten en opbrengsten worden budgettair neutraal verantwoord.
Veiligheidsregio De Veiligheidsregio heeft haar begroting 2023 vastgesteld. De deelnemersbijdrage van Bergen aan de Veiligheidsregio is te laag in de gemeentelijke begroting opgenomen. Omdat het gaat om een verplichte bijdrage constateren we een nadeel van € 31.000. Brandweer – elektra Ook in 2023 zijn de elektriciteitskosten hoger door de prijsstijgingen. Het nadeel bedraagt € 10.000 en wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Brandweer – gas Ook in 2023 zijn de gaskosten hoger door de prijsstijgingen. Het nadeel bedraagt € 13.000 en wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Schade uitkering hoog water We hebben een brief ontvangen over de toegekende schadevergoeding door hoogwater (zomer 2021). Het betreft een vergoeding van € 71.225 die nog niet in de begroting is opgenomen. Handhavingsbesluiten We hebben een raming in de begroting opgenomen van € 25.000 voor de opbrengst van handhavingsbesluiten. Hoewel we elk jaar een opbrengst realiseren met deze acties vinden we het principieel onjuist om deze raming in de begroting op te nemen. Het opleggen van boetes is geen doel, maar een middel om strijdig gebruik tegen te gaan. Het nadeel bedraagt € 25.000. Opvang Ceresweg De kosten voor de opvang van Oekraïners bedragen € 747.803. Het totale bedrag wordt door het rijk vergoed.
Het betreft een neutrale mutatie, waarbij de kosten op thema 1.1 wordt verantwoord bij thema 3.3. Overige correcties Bij dit thema gaat het om het verlagen van de onderhoudskosten van AED’s, dit onderhoud was per abuis tweemaal geraamd (+ € 18.500).
21
Thema 3.4 Financiën Algemene uitkering De primitieve begroting 2023 is gebaseerd op de septembercirculaire 2022. Inmiddels hebben we twee nieuwe circulaires ontvangen, beiden met een begrotingseffect. Over het effect van beide circulaires bent u separaat geïnformeerd. Het gaat om de volgende effecten: • •
De decembercirculaire 2022 gaf een nadelig effect van € 93.292. De meicirculaire 2023 gaf een voordeling effect van € 551.000.
Per saldo bedraagt het positieve effect € 457.810 Algemene baten en lasten In 2022 hebben we de afrekening onderwijsachterstandbeleid verwerkt over de periode 2019-2022. Bij het opmaken van de jaarrekening 2022 bleek dat in 2020 een terugbetaalverplichting gereserveerd te zijn van € 221.925. De reservering is niet meegenomen bij de afrekening. Nu de afrekening ten laste van 2022 is verwerkt kan deze reservering vrijvallen. Woonforensenbelasting Met de gedeeltelijke oplevering van Marinaresort Leukermeer eind 2022 krijgen we meer recreatiewoningen die gebruikt worden in onze gemeente. In totaal worden 148 luxe vakantiewoningen en 34 appartementen gerealiseerd. De eerste woningen zijn eind 2022 opgeleverd. Een deel van de recreatiewoningen zorgt voor zowel extra woonforensenbelasting als voor extra toeristenbelasting. De toename woonforensenbelasting wordt voorlopig ingeschat op 75 woningen x tarief forensenbelasting € 2.833 = € 212.475. Toeristenbelasting Door de (gedeeltelijke) oplevering van Marinaresort Leukermeer eind 2022 verwachten we ook een hogere opbrengst toeristenbelasting. De toeristenbelasting wordt voorlopig ingeschat op 75 woningen x 365 dagen x bezetting van 60% x 2 personen per nacht x tarief toeristenbelasting € 1,30 = € 42.705. Opbrengst gemeentelijke eigendommen – elektra Lagere kosten door buiten gebruik zijn van een gebouw. Het voordeel bedraagt € 4.600.
Opbrengst gemeentelijke eigendommen – gas Ook in 2023 zijn de gaskosten hoger door de prijsstijgingen. Het nadeel bedraagt € 6.200 en wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Kapitaallasten 2023 Bij het maken van begroting 2023 hebben we een berekening gemaakt van de te verwachten afschrijvingen. Na het opmaken van jaarrekening 2022 kunnen we de werkelijke kosten berekenen. Door het uitstellen van investeringen vallen de werkelijke kosten lager uit dan ingeschat. Het voordelig effect voor 2023 bedraagt € 278.022. In de begroting was al rekening gehouden met lagere kosten, hiervoor is een stelpost ‘onderuitputting’ opgenomen van € 150.000. Tegelijk met het verlagen van de afschrijvingskosten kan de stelpost ook verdwijnen. Het totaal voordelige effect komt hiermee uit op € 128.022. Neutrale mutaties Sinds 2023 is de kostenverdeling afgeschaft. Afschrijvingslasten en rente kosten werden tot 2022 dubbel geraamd, zowel op de kostenplaatsen als binnen de thema's kwamen de lasten tot uiting. Bij het maken van de begroting 2023 is de dubbele last overgenomen uit 2022. Dit is echter onjuist, voor het ramen van de afschrijvingslast kunnen we volstaan met de raming op de functionele thema’s. Dit is een neutrale mutatie. Garantiebaan De uren-uitbreiding van één medewerker is nog niet correct begroot. Het betreft een medewerker die gebruik maakt van een garantiebaan.
De meerkosten bedragen € 14.917.
22
Stelpost inflatie In deze bestuursrapportage is een aantal zaken genoemd die als oorsprong hebben de gestegen prijzen. Om deze prijsstijgingen op te kunnen vangen werken we met een stelpost voor inflatie. Tegelijk met het verwerken van de kostenstijging verlagen we het budget van de stelpost inflatie. Per saldo gaat het om een bedrag van € 453.061. Na deze mutatie bevat de stelpost nog een restantbedrag voor 2023 van € 195.759. Thema
Zaken die ten laste van de stelpost inflatie gebracht worden
Ontwikkeling last budget
Startbudget stelpost Inflatie:
1.1 1.1 1.2 1.2 1.3 1.3 1.3 2.1 2.2 2.2 2.2 2.4 3.1 3.1 3.3 3.4 3.5
€ 648.820
inzet ten behoeve: Sportterreinen MFC den Asseldonck Bibliotheken Bijzonder basisonderwijs - huur WMO-begeleiding Huishoudelijke hulp Leerlingenvervoer Bossen- en natuurterreinen Openbare verlichting Onverharde wegen Opvang zwerfdieren Kermis en markt Rechtsbescherming - presentiegeld Rechtsbescherming - Nationale ombudsman Brandweer Opbrengst gemeentelijke eigendommen Gemeentehuis
7.357 33.256 7.875 5.000 55.000 63.908 30.000 5.000 88.000 10.000 2.000 16.000 7.765 1.200 23.000 2.200 95.500 -453.061
Restant - kan vrijvallen
195.759
Stelpost loonindex In deze bestuursrapportage wordt gemeld dat de loonsom € 109.469 te laag is begroot (zie thema 3.5). We hielden rekening met een verwachte loonstijging en hebben hiervoor een stelpost loonindex opgenomen in de begroting. De stelpost zetten we hiervoor in. Na deze correctie bedraagt de stelpost loonindex nog € 342.299. Saldo stelposten Deze bestuursrapportage is de belangrijkste begrotingswijziging dit jaar. Met het verwerken van alle correcties worden de budgetten geactualiseerd en ontstaat een actuele prognose van het begrotingssaldo. We hebben een aantal stelposten in de primitieve begroting opgenomen, nu de begroting bijgesteld is kunnen die restantbedragen vrijvallen. Het betreft 3 stelposten en per saldo gaat het om een bedrag van € 903.464: • Stelpost inflatie van € 195.759. We verwachten in de tweede helft van 2023 geen nieuwe prijseffecten te hoeven verwerken, daarom kan het restant vrijvallen. • Stelpost Kadernota 2022 van € 22.705. Dit betreft een restantbedrag uit de Kadernota 2022. Inmiddels zijn alle ramingen voor 2023 actueel en kan dit restantbedrag vervallen. • Stelpost nog te verdelen lasten SD van € 685.000. Via de meicirculaire 2022 hebben we extra middelen voor SD gekregen. Deze extra middelen waren bestemd voor verwachte kostenstijgingen. Na het verwerken van deze Berap zijn al onze ramingen actueel, ook de ramingen voor SD.
Daarom kan de stelpost vrijvallen.
23
Thema 3.5 Overhead Verbruikskosten o.a. Gemeentehuis Schoonmaken: De hogere uurtarieven zorgen ook in 2023 voor een toename van de kosten voor schoonmaken. De meerkosten bedragen € 13.500 en worden opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Gas: Ook in 2023 zijn de gaskosten hoger door de prijsstijgingen. Het gaat om een bedrag van € 26.000 en wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Electra: Ook in 2023 zijn de elektriciteitskosten hoger door de prijsstijgingen. Het gaat om een bedrag van € 56.000 en wordt opgevangen door de inzet van stelpost inflatie. Loonsom Bij het opstellen van de begroting 2023 is een verschil ontstaan tussen de personeelsstaat en de verwerking in de ramingen. Het verschil bedraagt € 109.469 en dient verwerkt te worden. Overigens houden we rekening met een verschil in de ramingen door een stelpost loonindex op te nemen. Deze stelpost wordt ingezet om het verschil op te vangen (zie thema 3.4) Overige personeelslasten Bij de overige personeelskosten verwachten wij een nadeel van € 17.725. Dit nadeel is ontstaan bij verschillende overige personeelskosten, zoals: • Onderzoek naar arbeidsomstandigheden van € 7.500 nadelig • Budget Arbo-faciliteiten van € 15.000 nadelig • Budget arbeidsongeschiktheidsverzekering van € 5.000 voordelig. Tijdelijk personeel We verwachten hier geen tekort of overschot te realiseren in 2023.
Budget automatisering De kosten van automatisering nemen toe met een bedrag van € 81.685. De oorzaak is divers en wordt in onderstaande tabel nader toegelicht. Oorzaak stijgende kosten automatisering
bedrag
Vanwege voorschriften is het noodzakelijk om een kwaliteitssysteem voor burgerzaken (€ 5.600 Structureel) en archief (€ 7.000 Structureel) te hebben. De eenmalige kosten bedragen € 4.500 We vervangen Key2information vanwege end-of-life door Geonovation. De eenmalige kosten zijn € 30.000. Daarnaast hebben we 1 jaar dubbele kosten voor de software licenties. Deze zijn voor Geonovation € 9.000. Vanaf 2024 vervallen de softwarekosten voor Key2informatie en is dit budget beschikbaar om de jaarlijkse softwarelicentiekosten van Geonovation te dekken. Door de nieuwe Wet elektronische publicaties (Wep) hebben we extra modules nodig voor de VTH-applicatie. Deze zorgen ervoor dat we zaken elektronisch kunnen ontsluiten via het web. De eenmalige kosten zijn € 5.250. Structureel zijn de kosten hiervan € 9.335 Vanwege een andere licentiestructuur hebben we voor alle medewerkers een digitale ondertekenlicentie nodig. De extra kosten bedragen € 6.000. De kosten voor de uitvoering verplichte pen-test nemen toe. De extra kosten bedragen € 5.000 Telling
17.100
39.000
14.585 6.000 5.000 81.685
Leasecontract De lease-kosten van een bedrijfsauto die door de buitendienst gebruikt wordt is onterecht niet de begroting opgenomen. De jaarkosten bedragen € 8.000. Beveiliging bedrijven terrein De kosten van de beveiliging van de gemeenteloods zijn gestegen als gevolg van een uitbreiding van de functionaliteit. De meerkosten bedragen € 3.000 per jaar.
24
Overige correcties Bij dit thema gaat het om: • Verhogen softwarebudget door toename veiligheidseisen bij Zorglokaal en datakoppelingen. Eveneens door duurdere licenties en toegepaste monitoring (- € 50.412) • Verhogen budget juridische kennisbank, dit verhoogt de professionaliteit (- € 19.000) • Verlagen budget telefonie (+ € 40.657) • Verlagen diverse kleine budgetten (per saldo + € 8.499) Preventief Jeugdbeleid Voor versterking formatie jeugd- en jongerenwerk is in de programmabegroting (onderdeel wensenlijst coalitieprogramma) een salarisbudget beschikbaar gemaakt van € 100.000. Deze taak wordt niet binnen de formatie opgelost, maar wordt via externe inhuur ingevuld. De inhuurkosten bedragen eveneens € 100.000 en horen bij thema 1.1. Kostenverdeling Sinds 2023 is de kostenverdeling afgeschaft. Ook voor het toerekenen van overhead kosten aan thema’s werden kosten tot 2022 dubbel geraamd en dubbel verantwoord. Bij het maken van de begroting 2023 is de dubbele last overgenomen uit 2022. Dit is echter onjuist, voor het ramen van de overhead kosten kunnen we volstaan met de raming op de functionele thema’s. Deze mutatie heeft een negatief effect van € 41.936.
25
5. Conclusie In deze rapportage geven wij wat naar huidig inzicht de mutaties ten opzichte van de vastgestelde begroting zijn. Deze bestuursrapportage sluit met een overschot van € 1.997.636. Hieronder is de specificatie hiervan opgenomen.
Thema
1.1 1.1 1.1 1.1 1.1
Onderwerp
Ontwikkeling Lasten Baten
Preventief Jeugdbeleid Sportterreinen MFC den Asseldonck Opvang Ceresw eg Effect financiële caroussel 2023
100.000 7.357 33.256 747.803 -2.620 885.796
1.2 1.2 1.2 1.2 1.2 1.2 1.2 1.2
Wet Inburgering Ontw ikkelingsgerichte kinderopvang Bibliotheken Bijzonder basisonderw ijs - huur Bijzonder basisonderw ijs - leegstand WEB-middelen Effect financiële caroussel 2023 Neutrale posten i.v.m. vooruitontvangsten van het Rijk
58.203 30.000 7.875 5.000 -8.500 18.000 -16.001 537.907 632.484
1.3 1.3 1.3 1.3 1.3 1.3 1.3 1.3
JEUGD WMO Participatie Leerlingenvervoer Onderw ijsachterstandenbeleid MGR Beschermd w onen WSW
-28.906 189.545 -81.500 55.000 108.216 20.000
2.1 2.1 2.1 2.1 2.1 2.1
0 53.764
20.480 537.907 612.151
24.990 108.216
349.200 611.555
379.117 196.109 708.432
Bossen- en natuurterreinen Regeling CDOKE Neutrale posten i.v.m. vooruitontvangsten van het Rijk Nationaal isolatieprogramma 2023 Grootschalige uitrol energiebesparing w oningen Effect financiële caroussel 2023
5.000 269.359 401.122 197.100 100.000 49.667 1.022.248
269.359 401.122 197.100 100.000 -9.300 958.281
2.2 2.2 2.2 2.2 2.2 2.2 2.2 2.2
Openbare verlichting Straatmeubilair Onverharde w egen Groenvoorziening Opvang zw erfdieren Ongediertebestrijding Effect financiële caroussel 2023 Neutrale posten i.v.m. vooruitontvangsten van het Rijk
104.000 5.000 10.000 -1.000 2.000 6.000 53.246 1.625 180.871
6.000 1.625 7.625
2.3
Effect financiële caroussel 2023
-20.000 -20.000
-2.300 -2.300
2.4 2.4 2.4 2.4
Nutsbedrijven - dividend Pachten / energielandgoed Kermis en markt Effect financiële caroussel 2023
92.000 20.000 16.000 -2.000 14.000
26
112.000
Thema 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1 3.1
Ontwikkeling Lasten Baten
Onderwerp Verkiezingen Bestuurlijke samenwerking Rechtsbescherming - inkomsten handhaving Rechtsbescherming - presentiegeld Rechtsbescherming - Nationale ombudsman Rechtsbescherming - AVG Rechtsbescherming - AVG Effect financiële caroussel 2023
20.000 6.210 -1.000 7.765 1.200 6.000 25.000 -4.084 62.091
-1.000
2.000 2.000
3.2 3.2
Communicatie Effect financiële caroussel 2023
6.500 -5.620 880
3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3
Veiligheidsregio - bijdrage Brandweer Schadeuitkering hoog water Handhavingsbesluiten Opvang Ceresweg Effect financiële caroussel 2023