Antwoorden technische vragen SBLL
Tekst van het document
KERN Commissie Ruimte en Economie Technische vragen Kern commissie 18 mei 2022 Windpark Delfzijl Zuid Uitbreiding / Nevele: ABRvS 30 juni 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1395 Deze Europese uitspraak is aanleiding geweest – en is dat nog steeds – voor vele tegenstanders van windparken op land om procedures te starten. En zij krijgen dus gelijk. De Afdeling komt met de Delfzijl /Nevele uitspraak terug op haar eerdere standpunt, waarin zij juist oordeelde dat de Nederlandse standaardnormen uit het Activiteitenbesluit niet mer-plichtig zijn (Battenoorduitspraak). Dat betekent dat de Nederlandse standaardnormen voor windturbineparken dus niet (meer) rechtstreeks toegepast kunnen worden op windparken zonder dat de milieueffecten van deze normen in beeld zijn gebracht middels een mer. De Afdeling geeft echter ook een oplossingsrichting voor het ‘wegvallen’ van deze standaardnormen. De Afdeling oordeelt dat bevoegde gezagen eigen normen voor onder andere geluid en slagschaduw kunnen vaststellen voor windparken en deze normen opnemen in de noodzakelijke vergunningen en ruimtelijke plannen (zie ook Windpark Goyerbrug, ABRvS 28 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1679).
Vraag: In hoeverre is er rekening gehouden met bovenstaande uitspraak en gaat de bezwarencommissie er van uit dat het niet ontvankelijk verklaren van het bezwaar van de stichting bbl juridisch toekomstbestendig zal zijn ? Kan het niet ontvankelijk verklaren uiteindelijk leiden tot het risico om opnieuw juridisch in een vertragende procedure te raken? Het advies van de commissie bezwaarschriften gemeente Bergen inzake het bezwaar van de Stichting BLL is gericht aan de Raad van de gemeente Bergen. Uw college heeft kennis genomen van het advies en de daarbij horende overwegingen. De eerste vraag over de toekomstbestendigheid van het advies is gericht aan de commissie bezwaarschriften. Uitganspunt mag zijn dat adviezen van commissie bezwaarschriften “toekomstig bestendig” zijn. Het bezwaar van de Stichting BLL is gericht tegen het vaststellen van de RES door de Raad van de gemeente Bergen. Onduidelijk is waar de vraagsteller vertraging vreest. De RES 1.0 is vastgesteld. Bovendien stelt de Afdeling in haar uitspraak 202003882/1/R3 d.d. 30-06-2021 dat zij het betoog, dat de windturbinebepalingen niet als plan of programma hebben te gelden omdat de inhoud en de doelstelling ervan niet zijn gericht op de realisering van windturbines, niet volgen. De RES kan gelet op deze uitspraak eveneens gezien worden als een plan of programma.
Op grond van artikel 8.1 AWB kan derhalve bezwaar en beroep worden ingesteld.
Vraag: legt de gemeenteraad deze uitspraak naast zich neer, door het accepteren van het advies van de bezwarencommissie? Dit is een vraag aan de gemeenteraad!
Op basis van welke analyse komt de vraagsteller tot de conclusie dat de Regionale Energiestrategie Noord- en Midden Limburg 1.0 ‘gezien kan worden als een plan of programma’. De vastgestelde RES NML 1.0 is niet concreet genoeg om te kunnen worden gezien als een plan of programma. Als het anders zou zijn dan hadden we dat terug gezien in het advies van de commissie bezwaarschriften. De RES 1.0 voldoet niet aan artikel 2 en 8 Wet Openbaarheid Bestuur. Het bezwaar van stichting BLL stelt dat het document RES 1.0 te omvangrijk is en inhoudelijk moeilijk te bevatten is. De informatie is niet in begrijpelijke vorm aangeboden. De RES 1.0 voldoet niet aan het voorzorgsprincipe en de volksgezondheid wordt door alle gewenste maatregelen in gevaar gebracht. Daarom is het besluit tot vaststellen van de RES 1.0 onzorgvuldig en het besluit dient nietig verklaard te worden dan wel te worden ingetrokken.
Vraag: volgt het college het bezwaar inzake de Wet Openbaarheid Bestuur.? Wederom het college is in deze geen partij. Het bezwaarschrift van de Stichting BLL en het advies van de commissie bezwaarschriften gemeente Bergen inzake het bezwaar van de Stichting BLL, zijn gericht aan de Raad van de gemeente Bergen. Het bij het bezwaar als bijlage gevoegde rapport “voorkom het windturbine syndroom” van het “ Democratisch Energie Initiatief” ( DEI) nodigen een aantal wetenschappers van naam , ieder uit om te werken aan een zorgvuldiger besluitvormingsproces, waarin de zorg voor de gezondheid van de mens en de bescherming van het milieu centraal staat. Artikel 21 van de Grondwet legt de overheid de zorgplicht op voor de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu. Artikel 22 legt de overheid de plicht op maatregelen te treffen ter bevordering van de volksgezondheid.
Vraag: acht het college de tot op heden gedane rapportages voldoende om de zorgplicht zoals genoemd in de grondwet te waarborgen. ? We voeren al onze projecten uit met in acht neming van de van toepassing zijnde wet en regelgeving.
De bezwaarmaker beroept zich op het Verdrag van Aarhus. Artikel 6 en 7 brengen verplichtingen tot inspraak mee. Er wordt gesteld dat er onvoldoende enkel zwaar sturende burgerparticipatie heeft plaatsgevonden naar een gewenst resultaat. In Bergen zijn voorlichtingsbijeenkomsten geweest en internetcontacten gevraagd over dit onderwerp.
Vraag: Hoeveel inwoners zijn er aanwezig geweest bij de bijeenkomsten en hoeveel digitale reacties werden geregistreerd. Hoe heeft de burgerparticipatie nog meer plaatsgevonden en acht het colege dit voor een
dergelijke groot industrieterrein Wells Meer dit voldoende? De voorlichtingsbijeenkomsten in het kader van het vaststellen van de RES1.0 zijn verzorgd door de regio en inwoners van alle gemeenten in onze RES-regio konden daaraan deelnemen. De omvang van de deelname is niet bekend bij het college. De burgerparticipatie bij de voorbereiding van de besluiten inzake energielandgoed Wells Meer heeft op eerdere momenten en afzonderlijk van regiobijeenkomsten inzake RES plaats gevonden. Daar is de Raad ook volledig in meegenomen. De gemeenteraad heeft advies gevraagd aan de commissie bezwaarschriften gemeente Bergen. Het advies luidt om het bezwaar niet ontvankelijk te verklaren, omdat er naar aanleiding van de RES 1.0 geen rechtshandeling zou hebben plaatsgevonden. Gezien het feit dat de gemeenteraad zich op alle informatie tot aan de vaststellende raadsvergadering dient te beramen, dienen rechtshandelingen na de datum van het advies van de commissie bezwaarschriften te worden bezien.
Vraag: Is het oprichten van een BV een rechtshandeling in de zin van het advies van deze commissie? De oprichting van de BV is niet aan te merken als een rechtshandeling die voort komt uit de vaststelling van de RES NML 1.0. De rechtshandeling die genomen zijn in het kader van de realisatie van het energielandgoed geen rechtstreeks gevolg zijn van de RES NML 1.0 maar het gevolg zijn van een zelfstandig proces wat al jaren langer loopt dan het proces rondom de RES 1.0 Door de BV of door de gemeente, wat in de vorige raadsvergadering niet duidelijk bleek, zijn er inmiddels onderhandelingen opgestart voor de vestiging van een waterstoffabriek. Gezien het feit dat dit een nieuwe ontwikkeling is dienen de juiste procedures te worden gevolgd.
Er wordt een haalbaarheidsonderzoek opgestart Vraag: welke onderzoeken en procedures dienen te worden gevolgd om de gezondheid en veiligheid van onze inwoners te garanderen? Procedures dienen altijd juist te worden gevolgd. Tennet en de BV hebben afspraken gemaakt over de levering van de op het industriepark opgewekte elektriciteit. Dit vraagt een grote investering van Tennet en waarschijnlijk is een leveringsplicht aan de orde.
Vraag: Is er een leveringsplicht aan de orde en kan dat een beperkende
werking hebben op de vestiging van een waterstofgasfabriek? N.v.t. Door de vertraagde behandeling van het bezwaar van de stichting BLL, waarbij abusievelijk informatie aan de gemeenteraad voor lange tijd werd achtergehouden , zijn er een aantal nieuwe juridische inzichten aan de orde, zoals de eisen aan windparken in Europese wetgeving, zoals bijvoorbeeld genoemd in de aanhef. Op grond van artikel 8.1 AWB kan derhalve bezwaar en beroep worden ingesteld.
Vraag: kan en mag de gemeenteraad een dergelijk vonnis naast zich neer leggen? Nee, hier is rekening mee gehouden. De vastgestelde RES NML 1.0 biedt geen aanknopingspunten voor het van toepassen van Artikel 8:1 AwB omdat deze RES niet concreet genoeg is om te kunnen worden gezien als een plan of programma. Met vriendelijke groeten, Niek van den Hurk KERN