CConstaterende datBergen
Koppel je AI →
Document · PDF

20260421 Begroting MGR SDLN 2027-2030

Gemeenteraad 7 juli 2026, gemeente BergenBij agendapunt: Zienswijze begroting 2027 Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Limburg-Noord (MGR SDLN);11.147 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Sociaal Domein LIMBURG - NOORD

BEGROTING 2027 - 2030 incl. gewijzigde begroting 2026

Sociaal Domein

MBURG - NOORD

VOORWOORD Hierbij bieden we u de begroting 2027 - 2030 en de gewijzigde begroting 2026 aan van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling sociaal domein Limburg-Noord (MGR). De MGR heeft de programmabegroting over de aankomende vier jaren en de gewijzigde begroting van het lopende jaar in één boekwerk opgenomen. Daarmee kunnen bestuur, colleges, raden en andere belanghebbenden de financiële ontwikkelingen van de MGR over de jaren volgen. Zoals vermeld in de kaderbrief heeft de MGR door de deelnemende gemeenten uitvoeringstaken op het gebied van Jeugdzorg, Wmo en Participatie toegewezen gekregen die anders door de veertien gemeenten zelf uitgevoerd moeten worden. Het gezamenlijk oppakken van taken leidt onder andere tot meer efficiëntie en zorgt voor continuïteit en minder administratieve lasten bij gemeenten en (zorg) aanbieders. De kosten die samenhangen met het uitvoeren van de bij de MGR belegde taken zijn de basis van de begroting. Voor de begroting 2027-2030 gelden de navolgende uitgangspunten: • De begroting wordt opgesteld op basis van de aan de MGR opgedragen taken. Er worden geen nieuwe taken toegevoegd, tenzij het bestuur van de MGR hier expliciet opdracht toe geeft. • De taken van de MGR worden op een realistische wijze begroot, rekening houdend met het feit dat de MGR geen eigen vermogen heeft.

• De wijze waarop de bedragen in de begroting worden geïndexeerd vindt transparant plaats. • Voor de begroting is de aansluiting van de Midden-Limburgse gemeenten tot module 1 vanaf 1 oktober 2026 verwerkt. • Indien taken bij de MGR vervallen, worden de daarbij behorende kosten uit de begroting gehaald, waarmee de bijdrage van de gemeenten wordt verlaagd. Wij zien het als onderdeel van onze opdracht om een begroting voor te leggen waarin de activiteiten en de plannen van de MGR zijn opgenomen. De begroting geeft u, naast inspraak door middel van een zienswijze, inzicht in wat de MGR uitvoert ten behoeve van de deelnemende gemeenten en de baten en lasten die hiermee gemoeid zijn. Venray, 25 maart 2026

2

Inhoudsopgave 1.

Inleiding 1.1. Modulaire Gemeenschappelijke Regeling sociaal domein Limburg-Noord 1.2. Verwerking zienswijzen kaderbrief 2027-2030 1.3. Begrotingsuitgangspunten 1.4. Inleiding op de begroting 2027-2030 en de gewijzigde begroting 2026

4 4 6 7 8

2.

Samenstelling bestuur

9

3.

Programmabegroting 3.1. Uitvoeringsplan en algemene ontwikkelingen 3.2. Module 1 3.3. Module 2 3.4. Kassiersfunctie MGR

10 10 12 14 16

4.

Paragrafen 4.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.2. Financiering 4.3. Bedrijfsvoering

17 17 21 22

5.

Financiele begroting 2027-2030 en gewijzigde begroting 2026 5.1. Recapitulatie overzicht van baten en lasten - Uitvoeringslasten 5.2. Recapitulatie van baten en lasten - Programma BW MO B&P 5.3. Meerjarige balans

25 26 32 36

6.

Bijlagen 6.1. Specificatie gemeentelijke bijdrage uitvoeringskosten 2026 en 2027-2030 6.2. Verdeling saldo regionale begroting BW MO B&P 6.3. Incidentele baten en lasten 6.4. Overzicht taakvelden

37 37 38 39 40

3

1. Inleiding 1.1. Modulaire Gemeenschappelijke Regeling sociaal domein Limburg-Noord Modulaire Gemeenschappelijke Regeling sociaal domein Limburg-Noord Binnen de regio Noord- en Midden-Limburg hebben 14 gemeenten (Beesel, Bergen, Echt-Susteren, Gennep, Horst aan de Maas. Leudal, Maasgouw, Nederweert, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Venlo, Venray en Weert) de samenwerking op een aantal terreinen binnen het sociaal domein geformaliseerd in een Modulaire Gemeenschappelijke Regeling voor het sociaal domein. Binnen de MGR wordt samengewerkt in een tweetal samenwerkingsmodules. De samenwerkingsmodules betreffen: -

Module 1: initiële inkoop, contractering, contractbeheer, contractmanagement en datamanagement in het sociaal domein, te weten Jeugdhulp, Wmo en Participatie. Module 2: uitvoering geven aan de regionale samenwerking beschermd wonen, maatschappelijke opvang, bemoeizorg en preventie (hierna: BW MO B&P) door naast de taken uit module 1 tevens beleidscoördinatie, toegangscoördinatie en het financieel beheer van de regionale begroting BW MO B&P uit te voeren.

Naast de uitvoeringskosten voor deze modules heeft de MGR ook de regionale begroting BW MO B&P in haar begroting opgenomen. De MGR voert voorts de kassiersfunctie uit voor onder anderen Jeugdhulp Opnamevervangende behandeling en Behandeling met Verblijf, Integrale Crisishulp Jeugd en voor een aantal andere regionale taken. Door de aansluiting van de gemeenten uit Midden-Limburg bij module 1 is het verschil tussen de gemeenten uit Noord- en Midden-Limburg in de informatie vanuit de MGR voor een groot deel weggevallen. De MGR heet officieel Modulair Gemeenschappelijke Regeling Limburg Noord. De term “Limburg Noord” verwijst naar de veiligheidsregio. Daar waar u Limburg Noord leest bedoelt de MGR de regio’s Midden- en Noord- Limburg tezamen. De aansluiting van de Midden-Limburgse gemeenten vanaf oktober 2026 tot module 1 leidt tot een gelijke aansluiting van alle gemeenten bij de huidige uitvoeringstaken van de MGR. Daarnaast zijn een aantal uitvoeringstaken bij de MGR belegd die momenteel nog niet door de MGR worden uitgevoerd zoals business- control, declaratie en facturatie Jeugdhulp en toezicht op kwaliteit en rechtmatigheid.

Het overzicht op de volgende pagina geeft een gedetailleerde weergave van de uitvoeringstaken per module van de huidige situatie tot de aansluiting van de gemeenten uit Midden-Limburg (tabel: kolom 2026) en na aansluiting van de gemeenten uit Midden-Limburg (tabel: kolom 2027).

4

Uitbreiding kosten en formatie MGR vanaf 2026 De wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling leidt tot een uitbreiding van de taken van de MGR en tot een uitbreiding van de personele formatie bij de MGR. De voorbereiding van de daadwerkelijke overgang van medewerkers en taken naar MGR zal het hele jaar 2026 in beslag nemen. Het in dienst nemen van de medewerkers van Midden- Limburg is gepland in oktober 2026. De kosten worden daarom pas in de gewijzigde begroting 2026 vanaf oktober 2026 meegenomen. 2027 is het eerste jaar dat de wijziging volledig z’n beslag krijgt in de begroting. Uitvoeringstaken ‘Business- control “en “declaratie en facturatie” In de aanpassing van de Gemeenschappelijke regeling staan de taken van “business- control” en “facturatie en declaratie” genoemd. Deze taken zullen niet worden uitgevoerd voor de Noord-Limburgse gemeenten. De kosten die betrekking hebben op deze activiteiten worden bekostigd door de gemeenten die hieraan deelnemen. Voor de nu voorliggende begroting betreft dit de Midden-Limburgse gemeenten.

5

Efficiency en kostenbesparing De aanpassing van de Gemeenschappelijke regeling heeft onder andere ten doel efficiënte en doelmatige inzet van kennis en financiële middelen. De uitbreiding van taken bij de MGR wordt gerealiseerd zonder de bestaande overhead te vergroten. De daadwerkelijke aansluiting van medewerkers en taken wordt pas in het najaar van 2026 gerealiseerd.

1.2. Verwerking zienswijzen kaderbrief 2027-2030 Eind 2024 hebben de colleges en raden van de gemeenten de kaderbrief 2027- 2030 voor zienswijze voorgelegd gekregen. Deze procedure heeft tot een drietal reacties geleid. 1. In het plan van aanpak met betrekking tot de aanhaking van de Midden-Limburgse gemeenten op module 1 blijkt dat er nog een aantal vacante vacatures zijn. De opmerking aan de MGR is of er goed gekeken wordt naar de mogelijkheden van inzet van eigen personeel en er voor gewaakt wordt voor (relatief dure) inhuur. Reactie: De MGR heeft het uitgangspunt dat voor de vaste formatie er medewerkers in loondienst worden geworven. Op dit moment zijn alle medewerkers die op een vaste functie zijn aangesteld in dienst van de MGR. Dat zal ook gaan gelden bij de aansluiting van Midden-Limburg. In 2026 heeft de MGR al een viertal functies vanuit het plan van aanpak op deze manier kunnen invullen. 2. Met de aanhaking van Midden-Limburg op module 1 komen er (vanuit Midden-Limburg) een aantal nieuwe uitvoeringstaken bij de MGR te liggen. Het plan van aanpak lijkt de suggestie te wekken dat het logisch is dat deze taken ook voor de Noord-Limburgse gemeenten uitgevoerd zullen gaan worden. Het is daarbij van belang om te vermelden dat dit niet gezien moet worden als een vanzelfsprekendheid.

Voordat dit overwogen kan worden dient eerst nader onderzocht te worden in hoeverre dit inhoudelijk een meerwaarde heeft en wat hier de financiële gevolgen van zouden zijn. Reactie: de MGR voert de nieuwe uitvoeringstaken uit conform hetgeen vastgelegd is in de gemeenschappelijke regeling 2026. Dit geldt alleen voor de Midden-Limburgse gemeenten. De MGR onderschrijft dat indien de Noord-Limburgse gemeenten wensen dat de MGR deze taken ook voor hen gaat uitvoeren, dit eerst nader onderzocht moeten worden. De MGR voert geen taken uit waar niet expliciet een bestuurlijke opdracht onder ligt. 3. De MGR wordt opgeroepen om als uitgangspunt te hanteren dat de meerjarenbegroting beleidsarm dient te zijn. Extra middelen voor nieuw beleid dienen in beginsel te worden opgevangen binnen de eigen begroting. Reactie: dit sluit aan bij het uitgangspunt dat de MGR hanteert bij het opstellen van haar eigen begroting. De begroting wordt opgesteld op basis van de aan de MGR opgedragen taken en de taken van de MGR worden op een realistische wijze begroot. Er worden geen nieuwe taken toegevoegd, tenzij het bestuur van de MGR hier expliciet opdracht toe geeft.

6

1.3. Begrotingsuitgangspunten Bij het opstellen van deze begroting is met de onderstaande uitgangspunten rekening gehouden: Gevoerd beleid De MGR voert een solide financieel beleid, waarbij we grote schommelingen voorkomen. Voorspelbaarheid, bestendigheid en orde op zaken voeren de boventoon. Aanpassing van de Gemeenschappelijke Regeling MGR in 2026 Begin 2026 hebben alle veertien gemeenten ingestemd met de aanpassing van de gemeenschappelijke regeling. Dat betekent dat het implementatieplan zoals goedgekeurd door het algemeen bestuur wordt uitgevoerd. Gedurende 2026 zullen taken en medewerkers naar de MGR worden overgeplaatst. De begrotingswijziging 2026 volgt de planning van het implementatieplan. Dit betekent dat in de begroting de kosten worden opgenomen zodra de taken en medewerkers ook daadwerkelijk bij de MGR landen. Loonindex Bij de berekening van de loonkosten is rekening gehouden met de geldende maximale schaalsalarissen per medewerker. In de begroting is rekening gehouden met een loonindex van 2% voor 2026 en 4% voor 2027. Meerjarenraming De meerjarenraming 2027 – 2030 is gebaseerd op een stabiele organisatie waarbij structurele kosten gedekt worden uit de (structurele) bijdragen vanuit de deelnemende gemeenten. In de meerjarenbegroting wordt niet geanticipeerd op ontwikkelingen waarvan de besluitvorming nog niet is afgerond.

Hierbij wordt uitgegaan van constante prijzen. Daarbij wordt ernaar gestreefd dat een deel van het budget van de MGR flexibel inzetbaar is zodat kan worden ingespeeld op vragen van gemeenten aan de MGR. Voor onvoorziene uitgaven bevat de begroting structureel een bedrag van € 100.000. De beslissingsbevoegdheid over het inzetten van deze middelen ligt bij het algemeen bestuur. Indeling begroting In de begroting van de MGR wordt onderscheid gemaakt tussen de baten en lasten gepaard gaande met de uitvoering van module 1 (WMO, Jeugd en Participatie) en module 2 (regionale taken BW MO B&P) voor de deelnemende gemeenten enerzijds en de regionale begroting BW MO B&P anderzijds. Netto begroting De MGR is door de belastingdienst aangewezen als btw-ondernemer. Dit betekent dat de gemeenten omzetbelasting verschuldigd zijn aan de MGR over de aan de MGR te betalen deelnemersbijdrage. Deze omzetbelasting kunnen de gemeenten declareren bij het btw- compensatiefonds. De MGR doet ieder kwartaal aangifte omzetbelasting. Daarbij draagt zij btw af over de inkomsten (voornamelijk deelnemers-bijdragen) en brengt zij de door haar betaalde omzetbelasting in vooraftrek. Dit maakt dat alle in deze begroting opgenomen bedragen exclusief omzetbelasting zijn.

Lastenverdeling De verdeling van de uitvoeringslasten van de begroting 2027 voor zowel module 1 als module 2 van de MGR gebeurt op basis van het inwoneraantal per 1 januari 2026. Als gevolg van de aansluiting van de Midden- Limburgse gemeenten tot module 1 worden tevens een aantal extra taken bij de MGR belegd die nu niet worden uitgevoerd zoals business control de taak declaratie en facturatie. De kosten van deze extra taken worden verdeeld over de deelnemende Midden-Limburgse gemeenten.

7

1.4. Inleiding op de begroting 2027-2030 en de gewijzigde begroting 2026 De begroting van de MGR bevat een beeld van de plannen en verwachte ontwikkelingen in het algemeen en per module. Daarnaast wordt ingezoomd op de onderdelen waarvoor de MGR de kassiersfunctie ten behoeve van de gemeenten verricht. In de programmabegroting wordt per module een aantal onderwerpen toegelicht. In onderstaande tabel zijn de baten en lasten (verdeeld in uitvoering modules en regionale begroting BW MO B&P) op hoofdlijnen opgenomen. Deze worden nader toegelicht in hoofdstuk 5.

Uit bovenstaande tabel blijkt dat de uitvoeringslasten voor module 1 in de gewijzigde begroting 2026 afnemen met € 819.000 ten opzichte van de vastgestelde begroting 2026 (zie ook hoofdstuk 5). De afname heeft betrekking op de latere aansluiting tot module 1 van de Midden-Limburgse gemeenten die nu voorzien is per 1 oktober 2026. Vanaf 2027 is aansluiting van de Midden-Limburgse gemeenten begroot op basis van het door het Algemeen bestuur vastgestelde plan van aanpak. Hierdoor nemen de uitvoeringslasten in 2027 toe met € 1.449.000 ten opzichte van de gewijzigde begroting 2026. In hoofdstuk 3 wordt een toelichting gegeven op de programmabegroting voor wat betreft de activiteiten van de MGR over de begrotingsperiode. In hoofdstuk 4 zijn een aantal (verplichte) paragrafen opgenomen met betrekking tot de beheersmatige aspecten van de organisatie. Tot slot is in hoofdstuk 5 de financiële begroting 2027 -2030 en de gewijzigde begroting 2026 opgenomen.

8

2. Samenstelling bestuur De MGR kent een algemeen bestuur (AB) en een dagelijks bestuur (DB). In het algemeen bestuur heeft van elke gemeente een wethouder zitting. Het dagelijks bestuur en de voorzitter worden uit het algemeen bestuur gekozen. De samenstelling van het bestuur op 1 maart 2026 is opgenomen in onderstaand schema:

Wethouder Martin Leenders van de gemeente Venray is de voorzitter van de MGR. Janny Kuijpers secretaris-directeur van de MGR.

aal ein

ORD

9

3. Programmabegroting 3.1. Uitvoeringsplan en algemene ontwikkelingen In 2026 wordt een start gemaakt met het uitvoeringsplan 2026- 2028*. Dit uitvoeringsplan heeft vier ontwikkellijnen: • Doorontwikkeling uitvoeringstaken MGR • Verduidelijking van taken en rollen in de uitvoering tussen MGR en Gemeenten • Nieuwe afstemming toegang – beleid – MGR • Integratie uitvoeringstaken van de MGR tussen Midden-Limburg en Noord-Limburg In het uitvoeringsprogramma van 2026 staat hoe de MGR in 2026 met het uitvoeringsplan aan de slag gaat. In 2026 ligt een groot accent op de nadere aansluiting van Midden- Limburg, met name op module 1. Inkoop Grootste ontwikkeling binnen MGR zal de aansluiting zijn van de gemeenten uit Midden-Limburg op module 1. Ook voor inkoop heeft dit grote impact: • Afstemming in rollen, taken en werkzaamheden inkopers Midden en Noord-Limburg en relatie naar overige disciplines. • Afstemmen contractbeheersysteem en website. • Afstemming in lopende overeenkomsten: looptijd en mogelijkheid tot samenvoeging. • Afstemming toekomstige inkopen: per regio of voor gehele werkgebied. • Landelijk zal de invoering van contractstandaarden Wmo en Jeugdhulp verder doorgevoerd worden. MGR sluit hier al voor een gedeelte op aan. • De Jeugdhulpovereenkomsten segment 2, 3 en 4 zijn ingekocht middels een open house procedure.

Dat houdt in dat wijzigingen doorgevoerd kunnen worden gedurende de looptijd van de overeenkomst, eventueel middels overlegtafels. Ontwikkelingen vanuit bv. Jeugdwet, Hervormingsagenda Jeugd of Taskforce kunnen toegepast worden in de overeenkomsten. Ook kunnen nieuwe aanbieders toetreden tot de overeenkomst. Werkzaamheden In de periode 2027-2030 lopen een aantal van de per 2026 verlengde overeenkomsten Wmo, Jeugd en Participatie af. Deze dienen tijdig geëvalueerd te worden en een eventuele nieuwe inkoop dient tijdig in gang gezet te worden. Dit geldt ook voor de “Regionale pool ervaringsdeskundigen”, Wmohulpmiddelen. Bij nieuwe inkoop of verlenging zullen reële tarieven vastgesteld dienen te worden middels tarievenonderzoek. De in 2025 ingekochte Jeugdhulp segment 2, 3 en 4: initiële looptijd eindigt 31-12-2030. Evaluatie zal in 2028 gestart en uitgevoerd dienen te worden. De aanbesteding ‘Huisvesting en begeleiding inwoners met complexe problematiek’ wordt in 2026 uitgevoerd. Beoogde gunningsdatum 1-7-2026; ingang overeenkomst 1-1-2027. Alle overeenkomsten van Midden-Limburg zullen in ISP gezet worden. Hiervoor wordt begin 2026 een structuur ontwikkeld, waarna dit in de eerste helft van 2026 uitgevoerd zal worden.

* Uitvoeringsplan 2026 - 2028

10

Juridisch In 2026 wordt de wijziging van de gemeenschappelijke regeling afgerond. De laatste gemeenten hebben begin van 2026 hierover hun besluit genomen. Volgend op de wijziging van de gemeenschappelijke regeling zal de komende periode in het teken staan van de implementatie van de nadere aansluiting van Midden-Limburg op module 1. Juridisch gezien zal dit o.a. betekenen dat de door gemeenten verleende mandaten aan de MGR worden herzien, passend bij de nieuwe taken en rollen van de MGR. Dit aspect zal in 2026 worden afgerond. Tenslotte verwacht de MGR momenteel, voor zover daar met de huidige informatie een inschatting over is te maken, enkele juridische procedures. Personeelsvertegenwoordiging (PVT) De komende begrotingsperiode zal in het teken staan van de implementatie van de nadere aansluiting van Midden-Limburg op module 1. Als personeelsvertegenwoordiging volgen we deze ontwikkelingen proactief en acteren we waar nodig. Voor de personeelsvertegenwoordiging betekent dit dat we ons oriënteren op de doorontwikkeling van de PVT, bijvoorbeeld door middel van het uitbreiden van de personeelsvertegenwoordiging voor een bredere representatie in de organisatie, maar ook op het gebied van scholing en training (dit zijn ook de voornaamste kosten voor de PVT). In 2027 zal de MGR tevens een eigen personeelshandboek in gebruik gaan nemen.

De personeelsvertegenwoordiging heeft instemmingsrecht op regelingen uit dit handboek. Datamanagement De (door)ontwikkeling van het datawarehouse (DWH) vormt de belangrijkste structurele ontwikkeling voor de begrotingsperiode 2027–2030. Vanaf 2026 verschuift de focus van voorbereiding en inrichting naar verdere uitbouw, stabilisatie en benutting van het DWH. Dit betekent dat steeds meer dataverwerkings- en transformatieprocessen structureel binnen het DWH worden belegd en minder afhankelijk zijn van rapportage- en visualisatietools. Voor de organisatie impliceert dit een verdere professionalisering van de informatievoorziening, waarbij gestuurd kan worden op meer consistente, reproduceerbare en herleidbare stuurinformatie. Power BI zal in deze periode primair worden ingezet voor de ontsluiting en visualisatie van informatie, terwijl de onderliggende logica en datakwaliteit in het DWH worden geborgd. Deze ontwikkeling vraagt blijvende aandacht voor architectuur, datakwaliteit en beheer. Ook de aansluiting van de gemeenten uit Midden-Limburg bij de MGR zal op data-gebied aandacht vergen. Het adopteren en inrichten van de logica van de Midden-Limburgse contracten zal ook een belangrijk aandachtspunt zijn in de komende jaren (zowel aan de achterkant in datawarehouse, alsook aan de voorkant in Power BI en richting de voorbereidingen op de accountgesprekken).

Voor de begrotingsperiode 2027–2030 stelt de MGR zich tot doel het datawarehouse verder te vullen, te stabiliseren en structureel in te bedden in de reguliere werkprocessen. Dit betekent dat gedurende deze periode tijd en capaciteit nodig blijft voor het ontsluiten van nieuwe databronnen, het onderhouden van bestaande datastromen en het door ontwikkelen van informatieproducten. Buiten de initiële projectfase vraagt deze ontwikkeling ook om blijvende investering in kennis en vaardigheden van de data-analisten. Periodieke bijscholing kan noodzakelijk zijn om kennis actueel te houden en om aanvullende competenties te ontwikkelen die passen bij een DWH-gedreven werkwijze. De inzet zal zich in deze periode met name richten op het duurzaam beheer en het optimaal benutten van het datawarehouse als basis voor sturing, verantwoording en beleidsontwikkeling. Daarnaast ontwikkelt zich geleidelijk een herschikking in taken en verantwoordelijkheden binnen het team, waarbij een duidelijker onderscheid ontstaat tussen back-end werkzaamheden binnen het datawarehouse (DWH) en front-end activiteiten gericht op rapportage en visualisatie in Power BI.

11

Module 1 3.2. Module 1 Contractmanagement Jeugd De Hervormingsagenda Jeugd, heeft in 2026 geleid tot de inwerkingtreding van de Wet verbetering beschikbaarheid Jeugdzorg. Daarnaast is begin 2026 de consultatie- ronde gestart voor de reikwijdte jeugdwet. Deze ontwikkelingen zorgen er ook voor dat er in 2027 voor onze gemeenten toenemende druk ontstaat in het behalen van houdbare financiële resultaten op het jeugddomein. Immers de herijking van het gemeentefonds staat voor 2028 weer op de rol, waardoor de financiële resultaten en perspectief in 2027 cruciaal is voor gemeenten. In het kader van de wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg zijn in het najaar van 2026 door jeugdregio’s ook vernieuwde verplichte regioplannen opgesteld. Deze herijkte plannen gaan ook in op de wijze waarop partijen een robuustheid zien in hun samenwerking. Een beeld dat ook in 2026 vanuit het project Robuust Zorglandschap Limburg verder is uitgewerkt. In 2026 zijn overeenkomsten voor Wonen, Dagbesteding en Dagbehandeling en Ambulante jeugdhulp opnieuw gecontracteerd. Voor deze overeenkomsten hebben we het sturen op de inhoudelijke plannen van aanpak én de budgetafspraken (de KPI’s) scherper neergezet. Voor segment 1 en voor Integrale crisishulp komt al vroeg in 2027 een definitief besluit over het wel of niet nogmaals willen verlengen van deze opdrachten.

De contracten zijn namelijk met 3 jaar verlengd en zouden nog maximaal een keer verlengd mogen worden. Daarom is er in 2026 reeds gestart met een evaluatie. Indien de afweging gemaakt wordt om niet te verlengen is tijdige start van nieuwe inkoopprocedure namelijk vereist. Nadat we afgelopen jaar, na de toetreding van Midden- Limburg in 2026 tot module 1, een verbreding van onze organisatie hebben gezien, zal dit in 2027 verdere stappen vragen. Het doorwerken aan een scherp beeld van een dekkend zorglandschap én de risico’s bij gecontracteerde systeem aanbieders goed in beeld houden is een omvangrijke opgave. Deze opgave is niet een momentopname, maar een continu proces. We werken dan ook nadrukkelijk samen met de Limburgse jeugdregio’s, waarbij we via het Robuust Zorglandschap, ook kijken hoe het landschap zich op provinciale schaal ontwikkelt. Daarbij ligt de focus op de 24 uurs voorzieningen, waarbij de afbouw van de Jeugdzorgplus en transformatie ambitie van segment 1, leidt tot druk op het aanwezige woonaanbod voor jeugdigen. Het vertalen van de reikwijdte jeugdwet naar beleid zal nu nog te vroeg zijn voor veel gemeenten, maar op termijn voorzien we een aanscherping in de contractering van ambulante jeugdhulp op basis van de reikwijdte- discussie.

Deze beleidsinhoudelijke kaders worden door de gemeenten vastgesteld, maar zal in de implementatie ook voor de uitnutting van de overeenkomsten van de aanbieders invloed kunnen hebben. Onder het uitvoeringsplan 2026-2028 maken we jaarlijks een jaarprogramma op met enkele projectkaarten hieronder. Voor de MGR is het doorpakken op de integratie en samen optrekken met Midden- Limburg ook in 2027 nog een grote opgave. Daarnaast willen we met data- en business- inzichten, nog beter het zorglandschap kunnen monitoren. Naast de cijfers, vraagt dit ook de inhoudelijke duiding die we krijgen via de signalen van zowel toegangsmedewerkers en verwijzers, maar ook op basis van de inzichten van cliënt ervaringsonderzoeken.

12

Module 1 WMO Voor de periode 2027–2030 verwachten we binnen het Wmo-domein een toenemende vraag naar hulp en ondersteuning, in combinatie met arbeidsmarktkrapte die de beschikbaarheid onder druk zet. Dit vraagt om een actieve rol van de MGR in het borgen van een dekkend en toekomstbestendig zorglandschap. De beweging richting het voorliggend veld vraagt om contractmanagement met nadruk op afschaling en samenwerking. Dit vergt monitoring en periodieke gesprekken met aanbieders, evenals een actieve rol van de gemeentelijke toegang en een zorgvuldig ingericht voorliggend veld met heldere sturing door gemeenten. Het relatief grote en moeilijk beïnvloedbare volume binnen hulp bij het huishouden (3A) blijft een structureel aandachtspunt. De uitkomsten van het regionale onderzoek naar meer grip op deze voorziening zullen naar verwachting leiden tot substantiële aanpassingen in contractmanagement en toezicht, binnen een meer integrale aanpak. Daarnaast loopt de eerste verlengingsperiode van de raamovereenkomsten Wmo maatwerkdiensten tot 1 januari 2029. In deze periode zal tijdig een evaluatie plaatsvinden, waarna wordt bepaald of aanpassing binnen de laatste verlengingsmogelijkheid passend is of nieuwe contractering noodzakelijk is.

In dit licht zetten we in op sturingskrachtig contractmanagement, gericht op versterking van het strategisch partnerschap met aanbieders, bevordering van afschaling naar het voorliggend veld, stimulering van samenwerking en borging van rechtmatigheid en doelmatigheid. Hieraan wordt invulling gegeven door actieve contractsturing via monitoring en accountgesprekken, datagedreven bijsturing, het aanjagen van ontwikkeltrajecten, het versterken van de verbinding tussen contractmanagement, beleid en toegang en het structureel vertalen van signalen naar gerichte verbeteracties.

13

Module 2 3.3. Module 2 Contractmanagement Op het moment dan het opstellen van deze begroting loopt de Ethos- telling. Deze telling leidt tot een beter inzicht in de aantallen en problematiek van dakloze inwoners in onze regio. Resultaten van de ETHOS-telling zullen worden vertaald naar concrete acties voor de regio. De verwachting is dat met name dakloze gezinnen met kinderen en jongeren een veel groter probleem vormen dat uit de cijfers tot nu toe blijkt. Dit zal consequenties gaan hebben voor de omvang en aard van de benodigde opvangcapaciteit in onze regio. In 2026 is het proces gestart om de regiovisie Meedoen en Wonen voor Limburg Noord te herijken. De huidige visie loopt af eind 2026, waardoor actualisatie noodzakelijk is om blijvend aan te sluiten bij de maatschappelijke ontwikkelingen en de gezamenlijke ambities binnen het sociaal domein. In januari en februari 2026 zijn in Panningen en Heel brede regiobijeenkomsten georganiseerd. Tijdens deze bijeenkomsten gingen medewerkers van gemeenten, zorg- en welzijnsorganisaties, woningcorporaties, ervaringsdeskundigen en vertegenwoordigers van cliënten- en adviesraden met elkaar in gesprek. Centraal stonden vragen als: waar zijn we trots op, welke resultaten hebben we de afgelopen jaren gezamenlijk bereikt, en welke beweging willen we de komende jaren verder versterken.

De opbrengsten uit deze gesprekken vormen een belangrijke bouwsteen voor de nieuwe regiovisie. Daarnaast worden de resultaten van de ETHOS-telling van november 2026 betrokken bij de actualisatie, zodat de visie gebaseerd is op actuele gegevens over dak- en thuisloosheid in de regio. De vernieuwde regiovisie wordt begin 2027 ter besluitvorming voorgelegd aan de colleges en vervolgens aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. Hiermee wordt een gezamenlijke koers vastgesteld voor de verdere ontwikkeling van producten en diensten voor inwoners die extra ondersteuning of een passende woonplek nodig hebben. De groep dak- en thuislozen arbeidsmigranten neemt toe in onze regio. Op dit moment worden zij nog niet opgevangen in onze voorzieningen voor Maatschappelijke Opvang. In de gemeente Venlo loopt voor deze doelgroep een pilot, die naar verwachting gaat leiden tot scenario’s die een impact gaan hebben voor contractmanagement MO-BW-B&P. Woonproblematiek is een groeiend probleem voor alle doelgroepen. Dit leidt ook er ook toe dat de uitstroom uit de voorzieningen MO en BW steeds moeizamer gaat en langer duurt. De druk op deze voorzieningen zal alleen maar toenemen. Dit kan gaan leiden tot wachtlijsten, meer PGB’s en NGA’s. De ambitie om beschermd wonen plekken te spreiden over de regio wordt niet gehaald.

We zullen moeten investeren in beleid en planvorming om deze doelstelling te realiseren.

14

Module 2 Lopende contracten • In 2027 zal evaluatie van de raamovereenkomsten BW-MO-B&P plaatsvinden. Deze contracten lopen af per 31-12-2028. De evaluatie leidt tot besluitvorming over het al dan niet verlengen van het contract. • Het structureel borgen van de pilot “sociaal-medische zorg voor dak-en thuislozen” middels passende overeenkomst en bijbehorende financiering vanaf 2027 • Start nieuwe overeenkomst per 1-1-2027 voor Huisvesting en Begeleiding zeer complexe doelgroep: - Implementatie nieuwe afspraken - Uitrol naar alle gemeenten - Sturing en monitoring op sturingsopgaven Inkoop & aanbesteding • In 2027 bepalen van een inkoopstrategie voor het omzetten van de pilots Jongeren in de Knel naar een duurzame financieringsvorm in 2028 • De communicatiecampagnes Limburg Openhartig en Wij Geven Thuis worden begin 2026 geëvalueerd. Op basis van de uitkomsten van deze evaluatie wordt bezien of een nieuwe opdracht in de markt wordt gezet. Nieuw aanbod • Ontwikkeling van passend Beschermd Wonen aanbod voor: - Cliënten met Licht Verstandelijke Beperking- problematiek - Cliënten die de Nederlandse taal niet spreken. Gekeken wordt of dit past binnen huidige aanbod of dat er behoefte is aan een andere vorm van BW.

• Organiseren (en contracteren?) van spoedplekken Beschermd Wonen en en time-outplekken • Verkenning van Beschermd Wonen-achtige voorziening voor langdurig verslaafde MO-cliënten zonder reëel uitstroomperspectief Samenwerking ketenpartners en financiers • Intensivering van de samenwerking met: - Zorgkantoor (Wlz) - Zorgverzekeraars (Zvw) - DJI / IFZO

15

3.4. Kassiersfunctie MGR SDLN De hiervoor beschreven activiteiten in module 1 en module 2 hebben hun weerslag in de exploitatierekening van de MGR. De met deze activiteiten gepaard gaande baten en lasten worden in de exploitatierekening verwerkt. Daarnaast voert de MGR ook een aantal activiteiten uit voor de Noorden Midden-Limburgse gemeenten die geen weerslag hebben op de exploitatie. De MGR voert voor deze activiteiten financieel gezien de kassiersfunctie uit. Dit betekent dat voor bepaalde zorgtaken de MGR de bijdragen van de gemeenten int en met deze geïnde bedragen de zorgaanbieder uitbetaalt. Na afloop van het jaar wordt dan met de zorgaanbieder afgerekend volgens de door regionale werkgroepen opgestelde en door het algemeen bestuur van de MGR bekrachtigde afrekeningen. Aansluitend wordt ook met de gemeenten afgerekend. Daarnaast vervult de MGR opdrachten vanuit de gemeenten die financieel via de kassiersfunctie lopen zoals de het innovatiefonds WMO, garantiefonds van Woonkans en het Fraudeonderzoek.

De MGR voert de kassiersfunctie uit voor: Gemeenten Noord-Limburg • Jeugdzorg plus • Integrale vroeghulp en downteam (jeugd) • GZ-psycholoog beschermingstafel (jeugd) • Intensief casemanagement (Wmo) • Innovatiefonds WMO Gemeenten Noord- en Midden-Limburg • Jeugdhulp segment 1 (Jeugdhulp met verblijf en verblijf vervangende jeugdhulp) • Crisiszorg (jeugd) • Fraudeonderzoek zorgaanbieder • Garantiefonds t.b.v. Woonkans • Kosten regievoering monitoring en ondersteuning zorgaanbieder Uitvoeringsovereenkomst Mutsaersstichting In 2024 is er een continuïteitsplan opgesteld voor de Mutsaersstichting waarvoor een financiële bijdrage van in totaal € 10,8 miljoen euro is gevraagd van de gemeenten uit Limburg. In 2024 is door de gemeenteraden van Noord- en Midden-Limburg (exclusief de gemeente Bergen) ingestemd met een financiële bijdrage van in totaal € 7,8 miljoen euro. Deze €7,8 miljoen is inclusief de bijdrage aan de vervolgkosten van het historisch onderzoek. In het eerste kwartaal van 2026 is er door de gemeenteraden van Zuid-Limburg ingestemd met hun aandeel van in totaal € 2,9 miljoen euro in het continuïteitsplan van de Mutsaersstichting. Het college van de gemeente Bergen heeft aangegeven om hun aandeel in de financiële bijdrage ter goedkeuring aan de gemeenteraad van Bergen voor te leggen medio 2026.

De financiële bijdrage aan de Mutsaersstichting is verstrekt in de vorm van een subsidie met een terugbetalingsverplichting. De verstrekte subsidie bestaat uit 2 delen: • Faciliteit A, een rentedragend deel van € 1,0 miljoen met een jaarlijkse terugbetalingsverplichting van € 200.000 vanaf 31 december 2026 • Faciliteit B, een renteloos deel van € 6,55 miljoen. De terugbetaling van deze faciliteit vindt plaats zodra de financiële ratio’s dat volgens de vastgestelde jaarrekening toelaten (current ratio >1,1 én solvabiliteit > 20% én weerstandsvermogen > 15%). Ter zekerheid van de verstrekte subsidie zijn hypothecaire zekerheden gevestigd op delen van het vastgoed van de Mutsaersstichting. De MGR treedt op als kassier voor de uitvoeringsovereenkomst. Aflossingen van de Mutsaersstichting worden voor Faciliteit A naar rato van de inleg aan de 13 Noorden Midden-Limburgse gemeenten terugbetaald, voor Faciliteit B naar rato van de inleg van alle Limburgse gemeenten terugbetaald.

16

4. Paragrafen Inleiding Een viertal verplichte paragrafen zijn relevant voor de MGR namelijk: 1. 2. 3. 4.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Financiële kengetallen Financiering Bedrijfsvoering

De overige verplicht gestelde paragrafen zijn voor de MGR niet relevant en worden niet opgenomen. Het betreft de paragrafen lokale heffingen, onderhoud kapitaalgoederen, verbonden partijen en grondbeleid.

4.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Risicomanagement Risicomanagement is het systematische en cyclische proces van risico’s (tijdig) identificeren, analyseren en adequate maatregelen treffen. De doelstelling van risicomanagement is het beheersen van onzekere gebeurtenissen die een negatieve impact hebben op het realiseren van organisatiedoelstellingen. Een adequate risicobeheersing draagt bij aan het “in control” zijn van de organisatie. De MGR handelt hier ook naar en stelt o.a. tertiaalrapportages op en bespreekt deze ook met alle betrokken partijen. Onderstaand beschrijven we de grootste risico’s die er voor de MGR zijn. Risico’s De risico’s die binnen de MGR op dit moment onderkend worden, naast het niet realiseren van te leveren prestaties, kunnen als volgt worden beschreven: A. Risico’s op de uitvoeringskosten van de MGR Risico op onvoorziene budgetoverschrijdingen: • Kans: 25%, impact € 150.000 Aangezien de MGR niet over een eigen weerstandsvermogen beschikt, komen budgetoverschrijdingen direct voor rekening van de deelnemende gemeenten. Met het op orde brengen van de bezetting van de MGR, neemt de budgetflexibiliteit af. Dat maakt dat de mogelijkheid om tegenvallers op te vangen afneemt. Wij sturen op een optimale dienstverlening aan gemeenten binnen het budgettaire kader. Dat maakt dat de kans op overschrijding 25% is.

• Beheersmaatregelen: intern proces van maandrapportages met continue monitoring van de besteding van het budget en rapportage aan het dagelijks bestuur hierover. Aandacht voor spaarzaamheid bij het aangaan van nieuwe uitgaven en zakelijke afspraken over kostenverrekening bij extra opdrachten en bovenregionale inkooptrajecten. Rechtszaken: • Kans: 80%, impact € 100.000 Aangezien de MGR een veelheid aan inkooptrajecten voor de regio verzorgt met grote belangen voor gemeenten en aanbieders, is de kans realistisch dat hier geregeld rechtszaken uit voortkomen. Hiervoor is een beperkt budget bij de MGR in de begroting opgenomen. • Beheersmaatregelen: vierogen-inzet van aanbestedingsjuristen bij het opstellen van stukken, standaardisatie van inkoopprocedures en leren van doorlopen procedures door deze altijd te evalueren.

17

Bedrijfscontinuïteit / onvoldoende gekwalificeerd personeel: • Kans: 20%, impact € 300.000 De MGR is van omvang klein met in totaal 19 FTE begin 2026. Hierdoor zijn de meeste functies solofuncties en is het lastig om intern adequaat vervanging bij afwezigheid te organiseren. Wanneer zich gedurende een jaar 3 vacatures zouden voordoen die niet met eigen personeel kan worden ingevuld, schatten wij in dat de meerkosten van externe inhuur hiervoor maximaal € 300.000 zijn. • Beheersmaatregelen: de deelname van de gemeenten uit Midden-Limburg zorgt voor een groei van het aantal medewerkers naar 38 FTE in 2027. Hiermee neemt de kwetsbaarheid van de solofuncties af. De focus zal zich met name richten op het op peil houden van de bezetting middels het continu opleiden van medewerkers, werken aan teambuilding en gelijktijdig werving via meerdere kanalen. Niet adequaat inspelen op nieuwe ontwikkelingen in wet- en regelgeving binnen het sociaal domein: • Kans: 20%, impact € 100.000 Wanneer niet-adequaat ingespeeld wordt op nieuwe regelgeving zijn reparatiewerkzaamheden nodig om dit te herstellen. Hiermee gemoeide kosten kunnen betrekking hebben op het aantrekken van extra capaciteit om herstelwerk te verrichten.

• Beheersmaatregelen: het actief meedoen in kennisnetwerken, volgen van kennisbronnen zoals kamerbrieven, VNG-documenten en volgen van opleidingen en masterclasses door medewerkers. Financiële problemen cruciale aanbieders: • Kans: 30%, impact € 100.000 Indien een cruciale aanbieder uit onze regio in financiële problemen komt, betekent dit voor de MGR een verhoogde inzet op met name het gebied van contractmanagement en financial control. De MGR heeft hiervoor geen extra ruimte in haar begroting opgenomen en zal per geval moeten beoordelen hoe deze extra inzet bekostigd kan worden. De kans dat één van de cruciale aanbieders uit de regio in een dergelijke situatie terecht komt schatten wij in op 30%. De extra inzet die op zo’n moment gevraagd wordt van de MGR is afhankelijk van de situatie. Op basis van eerdere ervaringen is de inschatting dat de lasten per gebeurtenis ongeveer € 100.000 bedragen. • Beheersmaatregelen: Vroegtijdige signalering van financiële problemen bij aanbieders is standaard onderdeel van de contractmanagement gesprekken die met de aanbieders gevoerd worden. Door tijdig problemen te onderkennen kan mogelijk erger voorkomen worden. Samen met de voor de voor de aanbieder van belang zijnde gemeenten worden naar oplossingen gezocht.

Verlenging van het contract beschermd wonen in 2026: • Kans: 50%, impact € 200.000 In verband met de verlenging van het contract beschermd wonen is een tarievenonderzoek uitgevoerd. De 3 consortia hebben op basis hiervan een voorstel voor een tarief per plek ontvangen. Eén van de consortia heeft aangegeven niet akkoord te gaan met het tariefvoorstel voor 2026. Het is onzeker hoe het vervolgtraject van dit verschil van inzicht zich zal ontwikkelen. Een rechtszaak of arbitrage behoort hierbij tot de mogelijkheden. • Impact: Voor een verder juridisch vervolgtraject resulteert dit in extra externe kosten van circa € 200.000. Dit betreft een inschatting voor de externe kosten voor inhuur van inkoop, juridische en kostprijs expertise.

18

B. Risico’s die betrekking hebben op de regionale begroting BW MO B&P en risico’s die van invloed zijn op de zorgkosten in de gemeentelijke exploitatierekeningen Verlenging van het contract beschermd wonen in 2026: • Kans: 25%, impact € 700.000 In verband met de verlenging van het contract beschermd wonen is een tarievenonderzoek uitgevoerd. De 3 consortia hebben op basis hiervan een voorstel voor een tarief per plek ontvangen. Eén van de consortia heeft aangegeven niet akkoord te gaan met het tariefvoorstel voor 2026. Het is onzeker hoe het vervolgtraject van dit verschil van inzicht zich zal ontwikkelen. Een rechtszaak of arbitrage behoort hierbij tot de mogelijkheden. • Impact: De uitkomst van dit traject kan leiden tot een tariefsaanpassing. Hiermee wordt het tarief per plek verhoogd en leidt dit tot een kostenpost van maximaal € 700.000. Tekort opvangcapaciteit bij beschermd wonen en maatschappelijke opvang: • Kans: 50%, impact € 500.000 De druk op de beschermd wonen en maatschappelijke opvang zal naar verwachting blijven toenemen als gevolg van vergrijzing en onvoldoende beschikbare woonruimte voor doorstroom. De Ethos-telling in 2026 zal meer duidelijkheid verschaffen omtrent de omvang van het aantal dak-en thuisloze mensen in de regio. • Impact: De resultaten uit de Ethos-telling kunnen aanleiding vormen tot uitbreiding van de capaciteit in de maatschappelijke opvang.

Het tekort aan plekken voor beschermd wonen kan tevens aanlei¬ding vormen tot uitbreiding van de capaciteit. Een uitbreiding van de bestaande capaciteit van zowel de maatschappelijke opvang als bij beschermd wonen kan leiden tot een extra kostenpost van minimaal € 500.000. Een cruciale zorgaanbieder gaat failliet: • Kans: 10%, impact € 1.000.000 In 2024 hebben de gemeenten in Noord- en Midden-Limburg ingestemd met een financiële ondersteuning van een zorgaanbieder teneinde een faillissement te voorkomen. Een faillissement betekent dat het beschikbare aanbod in de knel komt als een dergelijke zorgaanbieder failliet gaat. • Beheersmaatregelen: Samen met een afvaardiging van gemeente uit geheel Limburg vindt er onder regie van de MGR een intensieve monitoring plaats bij de cruciale zorgaanbieder. Hierbij wordt aan de hand van het continuïteitsplan de financiële ontwikkelingen gevolgd. Reservepositie en continuïteit Het dagelijks bestuur van de MGR heeft een voorstel gedaan voor het vormen van een bestemmingsreserve ter grootte van € 242.000 voor de in 2025 opgestarte eenmalige activiteiten die in 2026 worden afgerond. In de Gemeenschappelijke Regeling (GR) artikel 27.2 staat de procedure voor reservevorming beschreven. Voor de rest heeft de MGR geen eigen reserves om risico’s af te dekken. Een evt. overschot op de exploitatie wordt uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten.

Een eventueel tekort wordt door de deelnemende gemeenten aangevuld. De begroting bevat wel een post onvoorzien om financiële tegenvallers te compenseren. Het algemeen bestuur beslist over de benutting van deze post. De begroting is taakstellend. Dreigen er overschrijdingen, dan wordt in eerste instantie gezocht naar een oplossing binnen de begroting van de MGR.

19

Weerstandsvermogen Zoals hiervoor aangegeven wordt het rekeningsaldo van de MGR verrekend met de deelnemen¬de gemeenten. De MGR bouwt zelf geen eigen weerstandsvermogen op, met uitzondering van de ten laste van het resultaat 2025 gevormde bestemmingsreserve. Bij de bepaling van het benodigd weerstandsvermogen bij gemeenten brengt de MGR dit tot uitdrukking door de financiële vertaling van risico’s door te rekenen met een factor 2,0. De keuze voor een disconteringsfactor groter dan 1,0 onderstreept daarmee onze risicomijdende grondhouding. Met dit uitgangspunt kan het benodigd weerstandsvermogen als volgt worden becijferd: Risico

Kans

Impact

Factor Benodigdvoorweerstandsvermogen

Onvoorziene budgetoverschrijdingen

25 %

€ 150.000

2,0

€ 75.000

Rechtszaken inkooptrajecten

80 %

€ 100.000

2,0

€ 160.000

Bedrijfscontinuïteit, onvoldoende gekwalificeerd personeel

20 %

€ 300.000

2,0

€ 120.000

Niet adequaat inspelen op ontwikkelingen in wet- en regelgeving

20 %

€ 100.000

2,0

€ 40.000

Financiële problemen cruciale aanbieders

30 %

€ 100.000

2,0

€ 60.000

Verlenging van het contract beschermd wonen in 2026

50 %

€ 200.000

2,0

€ 200.000

Verlenging van het contract beschermd wonen in 2026

25 %

€ 700.000

2,0

€ 350.000

Tekort opvangcapaciteit bij beschermd wonen en maatschappelijke opvang

50 %

€ 500.000

2,0

€ 500.000

Faillissement van een cruciale zorgaanbieder

10 %

€ 1.000.000

2,0

€ 200.000

A. Risico’s op de uitvoeringskosten van de MGR

B. Risico’s op de regionale begroting BW MO B&P

Benodigd aan weerstandsvermogen

€ 1.705.000

Financiële kengetallen Door het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is voorgeschreven dat gemeenten en gemeen-schappelijke regelingen vijf financiële kengetallen opnemen in de begroting en jaarrekening. De kengetallen zijn afgeleid van bestaande informatie en genereren geen ‘nieuwe’ informatie. De kengetallen moeten het bestuur wel gemakkelijker maken om inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente/gemeenschappelijke regeling. Door het BBV is geen norm vastgesteld waarmee de uitkomsten van de vijf kengetallen vergeleken moeten worden. De gemeenten en gemeenschappelijke regelingen zijn zelf verantwoordelijk voor de interpretatie van hun financiële positie. De uitkomsten van de kengetallen zijn daarnaast ook van belang voor de provinciale toezichthouder om zijn oordeel over de financiële positie van de gemeente/ gemeenschappelijke regeling te kunnen vormen. Om aan deze verplichting vanuit het BBV te voldoen, zijn onderstaand de financiële kengetallen, welke relevant zijn voor de MGR1 met bijbehorende toelichting opgenomen. Doordat bij de MGR geen sprake is van leningen, eigen vermogen etc. zijn alle kengetallen gelijk aan 0. Financiële kengetallen

2026

Netto schuldquote

0%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

0%

Solvabiliteitsratio

0%

Structurele exploitatieruimte

0%

20

Netto schuldquote Geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de MGR ten opzichte van het totaal van de inkomsten (exclusief mutatie reserves). De netto schuldquote voor de MGR komt uit op 0%. Dit komt doordat het saldo van de schulden en de vorderingen nul is. De kosten die de MGR maakt, worden één op één door de deelnemende gemeenten gedekt. In artikel 26 lid 3 van de gemeenschappelijke regeling is namelijk geregeld dat de deelnemers er zorg voor dragen dat het samenwerkingsverband te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al haar verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen. Netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Bij verstrekte leningen bestaat onzekerheid op volledige terugbetaling. Door deze leningen in mindering te brengen op de financiële activa wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast. Aangezien de MGR geen geldleningen verstrekt, komt ook dit kengetal uit op nul procent. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de MGR in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio is het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Het eigen vermogen bestaat uit de reserves (zowel een algemene reserve als bestemmingsreserves).

De bestemmingsreserve ultimo 2025 is geaccordeerd door het algemeen bestuur op basis van artikel 27.2 van de GR. Deze reserve zal worden aangewend in 2026. Voor de jaren 2027 tot en met 2030 is nog geen besluit genomen voor de vorming, dan wel de inzet van een bestemmingsreserve. De MGR beschikt daardoor in 2027 niet over eigen vermogen. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte is om de structurele lasten te kunnen dragen. Daarnaast geeft het ook aan of de MGR in staat is structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Aangezien alle kosten, zowel de structurele als de incidentele, één op één gedekt worden door bijdragen van de deelnemende gemeenten, is het saldo van de structurele baten en lasten nul. Dus ook dit saldo is nul. Het kengetal komt daarmee op 0%.

4.2. Financiering De MGR heeft een beperkte voorfinancieringsfunctie. De financiering vindt plaats door een rekeningcourant faciliteit bij de BNG. De MGR trekt geen leningen aan en krijgt haar financiering volledig van deelnemende gemeenten. Bij tijdige betaling van de gemeentelijke bijdragen ontstaan naar verwachting geen liquiditeitstekorten. Overigens is dit nog nooit voorgekomen. Bij overschotten hanteert de MGR de regels van de wet FIDO en de wet Schatkistbankieren. Renterisico In de Wet Fido zijn een kasgeldlimiet (korte schuld) en een renterisiconorm (lange schuld) opgenomen ten einde de invloed van mogelijke rentewijzigingen op de financiële resultaten te beperken. Deze aspecten worden hierna toegelicht.

21

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is een instrument voor beheersing van risico’s op korte termijn. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage van het totaal van de bruto jaarbegroting en bedraagt 8,5%. Tevens geldt daarbij een minimum van € 300.000. Indien het financieringstekort deze limiet structureel overschrijdt, dient tot consolidatie van deze vlottende schuld te worden overgegaan. De MGR wordt dan via de wet FIDO verplicht om een langlopende geldlening af te sluiten (te consolideren). Gezien het feit dat er geen sprake is van een financieringstekort en de wijze waarop de MGR wordt voorgefinancierd, zal dit in de praktijk niet het geval zijn. Renterisiconorm De renterisiconorm is een instrument voor beheersing van risico’s op lange termijn. De renterisiconorm geeft het maximumbedrag aan van het deel van de langlopende schuld waarover een renteaanpassing plaats kan vinden. Het doel is om spreiding aan te brengen in de rentetermijnen van de langlopende schuld en zo de invloed van een eventuele rentestijging niet te groot te laten zijn. Door binnen de renterisiconorm te blijven, zal de invloed van een eventuele rentestijging op de exploitatie beperkt blijven. Aangezien er bij de MGR geen (langlopende) leningen zijn afgesloten is de renterisiconorm niet van belang.

EMU-saldo Op grond van de Wet houdbare overheidsfinanciën (Hof) dient zowel in de begroting als in de jaarrekening informatie te worden verstrekt over het EMU-saldo. Omdat er geen exploitatiesaldo is (omdat de ontvangen gelden volledig worden besteed of teruggaan naar de gemeenten), geen leningen zijn en er geen sprake is van structurele reserves of voorzieningen is er geen sprake van een EMU-saldo. Schatkistbankieren Op grond van de regels rondom het verplichte schatkistbankieren mag de MGR voor 2026 € 1.426.000, zijnde het drempelbedrag, buiten de schatkist houden.

4.3. Bedrijfsvoering De MGR maakt ten behoeve van een aantal belangrijke onderdelen van de bedrijfsvoering gebruik van externe dienstverleners. Financieel Voor een aantal financiële basistaken maakt de MGR gebruik van een financieel dienstverlener. De MGR heeft een financial controller in dienst die de financiën verzorgt. Personeel & Organisatie Voor diverse HR gerelateerde zaken inclusief de salarisadministratie, is een dienstverleningsovereenkomst afgesloten met de gemeente Venray. De MGR streeft er naar om alle functies te bemensen met vaste medewerkers. Daar waar dat (tijdelijk) niet mogelijk of gewenst is vindt externe inhuur plaats. De MGR werft medewerkers op basis van vastgestelde functie- en competentieprofielen. De formatie van de MGR is ultimo 2025 op peil. De formatie van de MGR telt bij aanvang van het jaar 2026 19,2 fte en bedraagt 37,8 fte aan het eind van 2026. In verband met de aansluiting van de Midden-Limburgse gemeenten is de structuur binnen de MGR gewijzigd. De gewijzigde structuur is nu ingericht op het domeingericht werken voor de domeinen Jeugdwet en Wmo/ Participatie. Om te werken aan een hecht en vitaal team wordt het volgen van cursussen, opleidingen en seminars bij de MGR actief gestimuleerd. Tevens wordt actief gewerkt aan teambuilding binnen de MGR.

22

Automatisering & Informatie Op het gebied van automatisering en informatievoorziening is het belangrijk dat de MGR over voldoende ICT-voorzieningen beschikt die de naadloze uitvoering van onze taken kunnen ondersteunen en tevens de privacy van burgers garandeert. Daarbij pretendeert de MGR niet bij de kopgroep het gebied van ICT te willen we horen. We kiezen voor bewezen oplossingen die ook direct toegevoegde waarde kunnen leveren aan ons werk. Naast de standaardapplicaties Office 365 is het aantal applicaties beperkt tot een contractbeheersysteem (ISPnext) en een aantal externe informatiesystemen die ons helpen met het verkrijgen van een actueel beeld van aanbieders (Annual Insight en Graydon). Het beheer van de standaardapplicaties is ondergebracht bij een externe leverancier die tevens voorziet in datacommunicatie, back-up, beveiliging en hardware. Het project datawarehouse met leveranciersdata (berichtenverkeer) wordt in 2026 geïmplementeerd. Huisvesting De MGR is gehuisvest in een kantoorpand gelegen aan het Keizersveld 91b in Venray. Gelet op de verwachte groei van het aantal medewerkers van de MGR is de gehuurde oppervlakte aan kantoorruimte uitgebreid. Daarnaast heeft de MGR afspraken gemaakt met de gemeente Roermond voor het realiseren van een nevenvestiging als flexibele werkplek. Juridisch De MGR heeft een juridisch medewerker in vaste dienst.

In aanvulling daarop wordt juridische expertise op diverse gebieden ingehuurd, daar waar specifieke situaties daarom vragen. Functionaris gegevensbescherming en privacy officer Voor de werkzaamheden van de functionaris gegevensbescherming wordt gebruik gemaakt van een externe dienstverlener. De privacy officer wordt, op basis van behoefte, ingehuurd bij de gemeente Venray.

23

Overhead Het Besluit Begroting en Verantwoording schrijft voor de overhead centraal te begroten en in de begroting een apart overzicht “overhead” op te nemen. Dit leidt ertoe dat in de lasten van module 1 en module 2 alleen de kosten van het primaire proces zijn opgenomen. De bijbehorende overheadkosten zijn separaat opgenomen, maar worden wel per module inzichtelijk gemaakt. Het overzicht “overhead” geeft het algemeen bestuur inzicht in de totale overhead van de MGR. Aan de detaillering van dit overzicht worden door het BBV geen eisen gesteld, met uitzondering van de bepaling dat er minimaal een scheiding moet zijn tussen de lasten en de baten.

Personeel Met overhead personeel worden bedoeld de directie, management- en algemene ondersteuning. Huisvesting De MGR is gehuisvest in het bedrijfsverzamelgebouw Keizerveld 91b in Venray. De ruimte van de MGR is gehuurd en biedt naast verschillende typen werkplekken ook een tweetal vergaderruimten. Tevens zijn de aan huisvesting gerelateerde kosten zoals schoonmaak en onderhoud hier opgenomen. Overige bedrijfsvoeringskosten In deze kosten zijn inbegrepen de onderhoudskosten ICT voor het contractmanagement-systeem, een kwaliteitsbewakingssysteem en de kosten voor het datawarehouse. Daarnaast zijn hier de met de dienstverlening van de gemeente Venray gepaard gaande kosten opgenomen. Gemeentelijke bijdrage overhead Volgens de notitie verbonden partijen van de Commissie BBV moet de MGR de baten volledig onder de directe taakvelden neerzetten en niet onder overhead. Dit omdat de taken in mandaat worden uitgevoerd. De kosten voor de inkoop van zorg komen ook niet terug in de begroting en de jaarstukken van de MGR. Om die reden zijn er alleen lasten onder het onderdeel overhead verantwoord. De vier overige volgens de BBV verplicht gestelde paragrafen zijn niet relevant en worden niet opgenomen. Het betreft: Lokale heffingen Onderhoud van kapitaalgoederen Verbonden partijen Grondbeleid.

24

Financiele begroting

24

2027-2030 Incl. gewijzigde begroting

2026

25

5. Financiële begroting 2027 – 2030 en gewijzigde begroting 2026 5.1. Recapitulatie overzicht van baten en lasten – Uitvoeringslasten De MGR maakt voor haar financiële begroting onderscheid tussen de uitvoeringslasten van beide modules en de programmalasten van de regionale samenwerking BW MO B&P. In deze paragraaf zal nader worden ingegaan op de uitvoeringslasten van beide modules en in paragraaf 13.2 treft u nadere toelichting aan op de programmalasten van de regionale samenwerking BW MO B&P. De begroting van de uitvoeringslasten ziet er als volgt uit:

26

De uitvoeringslasten nemen in de gewijzigde begroting 2026 af met € 819.000 ten opzichte van de primitieve begroting 2026 en komen daarmee uit op € 4.300.000. In de primitieve begroting 2026 was de aansluiting van de Midden-Limburgse gemeenten tot module 1 voorzien op 1 januari 2026. In de gewijzigde begroting 2026 is de aansluiting meegenomen vanaf 1 oktober 2026. Daarnaast is er voor module 1 in 2025 een bestemmingsreserve gevormd van in totaal € 242.000. Voor 2027 zijn de begrote uitvoeringslasten € 5.749.000, hetgeen € 1.449.000 hoger is dan de gewijzigde begroting 2026. De toename van de uitvoeringslasten zijn een gevolg van de toetreding van de gemeenten uit Midden-Limburg tot module 1 van de gemeenschappelijke regeling van de MGR. In het vervolg van dit hoofdstuk wordt de toename van de uitvoeringslasten nader toegelicht. Personeelskosten

De aansluiting van de medewerkers uit de gemeenten uit Midden-Limburg is in de gewijzigde begroting voorzien voor 1 oktober 2026. In de primitieve begroting 2026 was de aansluiting van de gemeenten uit Midden-Limburg vanaf 1 januari 2026 meegenomen voor in totaal 15,8 fte. Het Algemeen Bestuur heeft op 27 november het Plan van Aanpak goedgekeurd waarin opgenomen de uitbreiding van de bezetting van de MGR met 18,6 fte, een toename van 2,8 fte. Voor wat betreft de gewijzigde begroting 2026 geldt dat de latere aansluiting resulteert in een afname van de personeelsbegroting van module 1 van circa 1,1 miljoen euro in 2026. Voor 2027 is de aansluiting van de gemeenten uit Midden-Limburg voor het gehele jaar begroot en resulteert in een toename van de personeelskosten van 1,5 miljoen euro in 2027. In het vastgestelde plan van aanpak is voorzien om een aantal taken bij de MGR onder te brengen die momenteel nog niet door de MGR wordt uitgevoerd. De kosten hiervan bedraagt € 576.000 (5,4 fte) en komen voor rekening van de gemeenten uit Midden-Limburg. Voorts wordt het regionaal kwaliteits- en rechtmatigheidstoezicht WMO en Jeugdwet voor Noord- en Midden- Limburg vanaf het voorjaar in 2026 bij de MGR belegd. De overgang van de toezichthouders uit de regio Noord-Limburg (2fte) vindt in het voorjaar plaats.

De uitbreiding van de toezichthouders uit de regio Midden-Limburg is voorzien voor 1 oktober 2026. In de nu voorliggende begroting 2027 zijn geen aanvullende uitbreidingen in de formatie van de MGR opgenomen.

27

In onderstaand tabel treft u het formatieoverzicht aan van de MGR in 2026 en de verwachte bezetting vanaf 2027:

Voor de begroting 2027 is de post inhuur verlaagd naar een regulier niveau van € 230.000 op jaarbasis. De huidige onzekerheden en mogelijke risico’s voor extra inhuur zijn opgenomen in de risicoparagraaf 4.1. De overige personeelskosten nemen toe als gevolg van de toename van het aantal medewerkers bij de MGR. Bedrijfsvoeringskosten In de gewijzigde begroting 2026 nemen de bedrijfsvoeringskosten met € 88.000 ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2026 verdeeld over de huisvestingskosten ICT en overige kosten.

28

De huisvestingskosten nemen toe in verband met de aanpassingen van de bestaande inrichting van de huidige locatie in Venray verband met de uitbreiding van het personeel in 2026. De ICT kosten nemen toe vanwege het project data warehouse en door hogere onderhouds- en licentiekosten als gevolg van de uitbreiding van het personeel. In de overige kosten zijn incidenteel extra juridische kosten begroot van € 50.000 inzake de bijdrage van de financiële ondersteuning van een cruciale zorgaanbieder door de gemeenten uit Zuid-Limburg. Zowel de extra juridische kosten als de inrichtingskosten van het kantoor maken deel uit van de in 2025 gevormde bestemmingsreserve. Ten aanzien van de begroting 2027 verwacht de MGR dat er geen extra incidentele middelen nodig zijn, waarmee de bedrijfsvoeringskosten afnemen tot € 743.000. Onvoorzien Voor onvoorziene zaken is in deze begroting een bedrag van € 100.000 opgenomen. Gemeentelijke bijdrage In onderstaande tabel is een overzicht van de totale gemeentelijke bijdragen in de uitvoeringskosten van de MGR voor module 1 en 2 opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17032815/1