rv Herziene verordening Wmo en Jeugdhulp gemeente Bergen 2023.pdf
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL 30 november 2023 D675663 20 september 2023 Marco Wiesehahn Algemene raadscommissie 16 november 2023 Besluit
Raadsvergadering Voorstelnummer Datum raadsvoorstel Portefeuillehouder(s) Commissie Datum commissie Soort agendering Agendapunt Team Opsteller Datum B&W besluit Bijlagen: Onderwerp
:
DenS - Beleid Carla Wijngaarden 26 september 2023 3 Herziene Verordening Wmo 2015 en Jeugdhulp gemeente Bergen 2023
Voorgesteld besluit De raad besluit: De herziene verordening Wmo 2015 en Jeugdhulp 2023 gemeente Bergen vast te stellen. Geheimhouding Geheimhouding Nee
Pagina 1 van 6
RAADSVOORSTEL INLEIDING Sinds 1 januari 2017 hebben de gemeente Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo, passend bij het integraal dienstverleningsmodel Sociaal Domein, één integrale verordening Sociaal Domein. Deze verordening behelst de terreinen Wmo, Jeugdhulp en Participatie. Per 1 januari 2023 zijn de taken rondom de Participatiewet gedelegeerd aan de GR Zaffier. De herziene Verordening Wmo 2015 en Jeugdhulp 2023 sluit aan op het uitvoering geven aan onze wettelijke taken, alsook op de landelijke en regionale ontwikkelingen en recente jurisprudentie. INVLOED KADERS OP KEUZERUIMTE Dit voorstel heeft betrekking op de volgende wet- en regelgeving: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 Jeugdwet TOELICHTING OP HET VOORSTEL De onderdelen Wmo 2015 en Jeugdhulp in de Verordening 2017, zijn geactualiseerd op de volgende punten: A. Wettelijke taken - Aanvullend op de wettelijke taken in de Algemene wet bestuursrecht, Wmo 2015 en Jeugdwet sluiten we in de herziene Verordening aan op andere wetgeving die beïnvloedend is op een integrale cliëntondersteuning. Hieronder vallen onder andere de Participatiewet, (preventie van) Wet verplichte zorg, de zorgplicht in de Omgevingswet en de Wet Langdurige zorg. - Een van onze wettelijke taken en verantwoordelijkheden is het toezicht, naleving en handhaving op de kwaliteit en rechtmatigheid van maatwerkondersteuning.
- In de (huidige) Verordening 2017 zijn geen/ te beperkte kwaliteitseisen opgenomen om te kunnen handelen als er problemen zijn op kwaliteit, veiligheid en rechtmatigheid. In de Verordening 2023 hebben we dit rechtgetrokken, mede ter bescherming van onze kwetsbare inwoners. De Pgb kwaliteitseisen dragen bij aan veilige en kwalitatief goede zorg, alsook aan continuïteit van zorg en ondersteuning aan inwoners. - We maken in de minimale Pgb kwaliteitseisen een onderscheid in informele Pgb aanbieders en professionele Pgb aanbieders. Dit vertalen we door naar de Pgb tarieven. Om de kanteling naar professionele Pgb aanbieder mogelijk te maken, is een ruime overgangsperiode ingebouwd. De Pgb aanbieder bepaalt echter zelf hoe hij zowel de ondersteuning als de bedrijfsvoering wil vormgeven. De opgenomen Pgb kaders bieden de inwoners meer handvaten om goede zorg en ondersteuning in te kopen. B. Landelijke ontwikkelingen - Sinds 2017 is er veel veranderd en ook nu werken we binnen en buiten onze gemeente samen in een dynamische en complexe omgeving. In de voorliggende herziene Verordening hebben we diverse mogelijkheden aangebracht om goed aan te kunnen sluiten op landelijke ontwikkelingen die direct ons werk en onze kaders bepalen en/of beïnvloeden. Bijvoorbeeld de professionalisering jeugdhulp en jeugdbescherming, preventie gerichte opgaven, en de Pagina 2 van 6
aansluiting op de verzekerde zorg (Zorgverzekeringswet en Wlz) en aansluiting op het veiligheidsdomein. De Verordening 2023 sluit aan op deze ontwikkelingen en geeft ruimte om ook in de toekomst aan te sluiten. - De recente uitspraak van de Centrale raad van Beroep aangaande de Pgb vergoedingen voor niet professionele c.q. informele zorgverleners, zijn verwerkt in de Verordening. C. Regionale en lokale ontwikkelingen - De Verordening 2023 sluit aan op de regionale en lokale contractafspraken Wmo 2015 en Jeugdhulp. - Deze herziene Verordening draagt bij aan de implementatie van het Integraal beleidskader Sociaal domein, de implementatie van het Gebiedsplan Sociale basis. - Zo wordt samenwerking met professionele derden mogelijk gemaakt voor de inwoner en het Sociaal team Wmo 2015. Dit zijn bijvoorbeeld de huisarts, fysiotherapeut, ergotherapeut, wijkverpleegkundige, Veilig Thuis, e.a. bij de inwoner betrokken professionals. Dit draagt bij aan een inwonersvriendelijke en efficiënte werkwijze, waarin we gerichter en integraler de zorg en ondersteuning over de domeinen heen kunnen inrichten. - Tevens hebben we kaders opgenomen die passen binnen ‘Positieve gezondheid’, waaronder het mogelijk maken om tijdens het onderzoek bij de melding voor ondersteuning, in overleg met de inwoner, andere actief betrokken professionals te betrekken.
Hierdoor kan er sneller een meer passend ondersteuningsaanbod gegeven worden. Ook binnen dagbesteding hebben we concretisering aangebracht ten behoeve van maatwerk en hebben kaders voor het zorgplan opgenomen. - De herziene Verordening biedt eveneens ruimte om vorm te geven aan het Gezond Actief Leven Akkoord en het Integraal Zorgakkoord. DOOR HET COLLEGE OVERWOGEN ALTERNATIEVEN Er zijn geen alternatieven door het college overwogen. Voorgesteld wordt de herziene verordening vast te stellen. REGIONALE SAMENWERKING EN COULEUR LOCALE De herziene verordening Wmo2015 en Jeugdhulp wordt ook aan de gemeenteraden van de gemeenten Castricum, Uitgeest en Heiloo voorgelegd. RISICO’S Als de verordening niet wordt vastgesteld door de raad, ontbreekt de juridische grondslag voor de te nemen besluiten behorende bij deze verordeningen.
Pagina 3 van 6
FINANCIËN In de herziene verordening is het percentage Pgb-tarief gewijzigd van 75% naar 85% van het ZIN-tarief voor een professioneel Pgb aanbieder. Dit is uitsluitend van toepassing bij Pgb aanbieders die voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen van professioneel Pgb aanbieders Wmo 2015 en Jeugdhulp, zoals omschreven in de herziene verordening. Het 85% tarief is niet van toepassing voor ZZP’ers die zorg en ondersteuning bieden via Pgb financiering, noch voor informeel Pgb aanbieders. Context Op dit moment ontvangen Pgb-aanbieders tussen de 75% en 100% van het ZIN tarief. De hoogte van het % mogen consulenten nu naar eigen inzicht bepalen. We kunnen niet goed achterhalen hoe vaak welk percentage wordt gebruikt, maar we weten in de praktijk dat dit bij een aantal Pgb aanbieders boven de 75% is. Vanuit beheersmaatregelen is aangegeven om 75% van het ZIN tarief als uitgangspunt te hanteren. In de herziene verordening is het naar eigen inzicht ophogen van het Pgb tarief per 1 januari 2024 niet meer mogelijk. Deze herziene verordening voorziet in toetsbare kaders, wat een effect heeft op: het normaliseren van Pgb tarieven in relatie tot de ZIN tarieven; het meer in balans brengen tussen tarief en kwaliteit. Dit draagt bij aan de beheersbaarheid van inzet, kosten en rechtmatigheid.
De koppeling van 85% van het ZIN tarief aan de inzet van uitsluitend een aantoonbaar professionele Pgb-aanbieder, betekent niet dat de totale Pgb kosten van de gemeente met 13% omhoog gaan (stijging van 75% naar 85%). Het komt ook voor dat we van 100% van het ZIN tarief naar 85% van het ZIN tarief gaan. Of van 100% naar 75% gaan in 2024 zolang de Pgb aanbieder nog niet aan de kwaliteitseisen voldoet. Daarnaast is ook landelijk bekend dat Pgb lang niet altijd rechtmatig wordt ingezet, of als de zorg onder de maat is dit kan leiden tot onnodig hoge kosten. De kaders in de herziene verordening zijn erop gericht om dit te voorkomen en beschermen de cliënt. Meer kwaliteit leidt tot betere zorg, wat vervolgens minder vaak tot ophoging van de zorgvraag leidt en dus tot minder intensievere/ duurdere ondersteuningsvormen. In vele artikelen binnen de herziene verordening zijn kwaliteitskaders ingebouwd waarop getoetst kan worden door zowel de gemeente als de Pgb houder (cliënt) / diens vertegenwoordiger. Overgangsregeling Er wordt een overgangsregeling gehanteerd. De overgangsregeling is opgenomen om: de huidige pgb aanbieders de gelegenheid te geven binnen één kalenderjaar te voldoen aan de kwaliteitseisen voor professioneel Pgb aanbieder; de zorg voor Pgb houders (cliënten) te borgen en waar nodig tijdig toe te leiden naar passende kwalitatieve zorg.
Het niet hanteren van een overgangsregeling achten we niet wenselijk. Gedurende de overgangsregeling van maximaal één kalenderjaar, is het 75% ZIN tarief van toepassing als maximaal tarief. Per 1 januari 2025 dienen alle Pgb organisaties te voldoen
Pagina 4 van 6
aan de kwaliteitseisen voor professioneel Pgb aanbieder. De Pgb aanbieder heeft dus één jaar de tijd om aan deze eisen te voldoen. Indien de Pgb aanbieder gedurende dit overgangsjaar kan aantonen dat hij aan de kwaliteitseisen professioneel Pgb aanbieder voldoet, komt hij vanaf dat moment in aanmerking voor het hogere 85% tarief. Er zijn geen afspraken ‘met terugwerkende kracht’. Indien de Pgb aanbieder per 1 januari 2025 niet voldoet aan de kwaliteitscriteria, is het tarief van informeel pgb aanbieder van toepassing, volgens de kaders van de Centrale Raad van Beroep (CrvB). De aan de inzet van ZZP’ers gekoppelde tarief (75% van het ZIN tarief) en kwaliteitseisen gaan in per 1 januari 2024 zonder overgangsregeling. Omdat vooraf niet te bepalen is welke Pgb aanbieders in 2024 gaan voldoen aan de kwaliteitseisen en de hieraan gekoppelde tariefdifferentiatie, is het op dit moment niet in te schatten wat het effect is op de begroting. De uitgaven worden periodiek gemonitord, eventuele effecten worden tijdig gesignaleerd. Informele Pgb zorg In de huidige verordening 2017 hanteren we voor de inzet van informele Pgb zorg 100% van het minimumloon. Naar aanleiding van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CrvB) zijn wij verplicht om ons te houden aan hogere tarieven voor hulp bij het huishouden, begeleiding en dagbesteding voor Wmo2015 en Jeugdhulp.
De hoogte van het Pgb-uurtarief moeten worden vastgesteld aan de hand van de cao Verpleeg-, Verzorggingshuizen, Thuiszorg en Jeugdgezondheidszorg (Cao VVT): voor Pgb begeleiding en dagbesteding: hoogste periodiek schaal 30, aangevuld met vakantietoeslag en een tegenwaarde van verlofuren; voor Huishoudelijke hulp: hoogste periodiek Huishoudelijke hulp, aangevuld met vakantietoeslag en een tegenwaarde van verlofuren. Ook hier kunnen we nog niet inschatten wat het effect is op de begroting. De uitgaven worden periodiek gemonitord, eventuele effecten worden tijdig gesignaleerd. DUURZAAMHEID Niet van toepassing. PARTICIPATIE Om te komen effectieve, kwalitatieve en rechtmatige zorg en ondersteuning, alsook bij te dragen aan de organisatorische uitvoerbaarheid en toekomst bestendigheid van de herziene verordening, is deze tot stand gekomen in samenwerking met: a. de uitvoeringsorganisatie Wmo & Jeugd b. kwaliteitsadviseurs Wmo & Jeugd c. (strategisch) beleidsadviseurs Wmo & Jeugd d. toezichthouder Wmo2015 e. contractmanagement voorzieningen en Huishoudelijke hulp. Aanvullend is gebruik gemaakt van de landelijk beschikbare kennis en ervaring. Juridische ondersteuning is geleverd door een extern advocatenbureau.
Pagina 5 van 6
De concept verordening is in de gemeenten Heiloo, Uitgeest en Bergen aan de Adviesraden Sociaal domein voorgelegd. De adviesraden hebben ieder advies uitgebracht. De adviezen zijn divers van inhoud; gericht op het proces, beleids- en inrichtingsadviezen of inhoudelijk op artikelniveau. Op grond van de adviezen hebben we de Verordening aangepast. UITVOERING, PLANNING EN ORGANISATIE Na vaststelling door de raad wordt de herziene verordening bekendgemaakt in het elektronisch gemeenteblad van Bergen op www.officielebekendmakingen.nl. De herziene verordening wordt beschikbaar gesteld op www.overheid.nl. De herziene verordening treedt in werking per 1 januari 2024. BIJLAGEN 1. Advies Adviesraad Sociaal domein gemeente Bergen 2. Brief aan de Adviesraad Sociaal domein gemeente Bergen ACHTERLIGGENDE DOCUMENTEN Niet van toepassing. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen {{esl:Signer1:Capture:size(200,70)}}
{{esl:Signer2:Capture:size(200,70)}}
mr. M.N. (Martijn) Schroor secretaris
L.H. (Lars) Voskuil burgemeester
Pagina 6 van 6