rv belastingverordeningen 2024 Bergen.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad Raadsvergadering Zaaknummer Voorstelnummer Commissie Commissiebehandeling Soort agendering Agendapunt Team Opsteller(s) Telefoonnummer Bijlagen:
: : : : : : : : : : : :
Bergen 14 december 2023 Algemene raadscommissie 7 december 2023 Ter bespreking
Administratie Jan Cramer 088 909 7381 11 belastingverordeningen Mutatieoverzicht belastingtarieven RAADSVOORSTEL
Raadsvoorstel Onderwerp:
Belastingverordeningen Bergen 2024
Voorgesteld besluit 1.
de volgende verordeningen vast te stellen: - Afvalstoffenheffing; - Forensenbelasting; - Kwijtscheldingsregels gemeentelijke belastingen; - Lijkbezorgingsrechten en tarieventabel; - Marktgelden; - Onroerende-zaakbelastingen; - Parkeerbelasting en tarieventabel; - Precariobelasting en tarieventabel; - Rioolheffing; - Toeristenbelasting; - Watertoeristenbelasting.
Geheimhouding
Nee
Ja
Pagina 1 van 10
RAADSVOORSTEL INLEIDING Ten behoeve van de belastingheffing 2024 zijn de belastingverordeningen op basis van de begroting 2024 aangepast. Daarnaast zijn er redactionele wijzigingen doorgevoerd waarbij zoveel als mogelijk de modelverordeningen van de VNG zijn gevolgd waardoor de laatste jurisprudentie en wetswijzigingen in de verordeningen zijn opgenomen. In de bijlage van dit raadsvoorstel staan de tariefswijzigingen vermeld per belastingverordening. Voorgesteld wordt de bijgevoegde belastingverordeningen 2024 in lijn met de begroting vast te stellen. INVLOED KADERS OP KEUZERUIMTE Het vaststellen van belastingverordeningen- en tarieven is een raadsbevoegdheid. Uw raad kan op grond van artikel 216 Gemeentewet besluiten tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een gemeentelijke belasting door het vaststellen van een belastingverordening. Door middel van het vaststellen van de belastingverordeningen 2024 kan uw raad de belastingtarieven verhogen, verlagen of handhaven. De tarieven met betrekking tot de rioolheffing, afvalstoffenheffing, leges, lijkbezorgingsrechten en marktgelden kunnen (mede) op basis van de kostendekkendheid worden aangepast. Voorgesteld wordt om de belastingtarieven te indexeren met de in de kadernota opgenomen financiële uitgangspunten. In de kadernota 2024 is uitgegaan van een structureel begrote 2% indexering van de gemeentelijke belastingopbrengsten.
Aangegeven is dat gezien de hoge inflatie van de afgelopen jaren, en het negatieve meerjarenbeeld vanaf 2026, de toeristenbelasting en de uurtarieven van de parkeerbelasting worden verhoogd met € 0,10. Voor de onroerende zaakbelasting wordt een indexering van 6% voorgesteld. Bedragen tot € 10,00 worden naar beneden afgerond op € 0,05, bedragen boven € 10,00 worden naar beneden afgerond op € 0,10. De tarieven met betrekking tot de lijkbezorgingsrechten worden op hele euro’s afgerond. TOELICHTING OP HET VOORSTEL Kadernota en begroting 2024 In de Kadernota zijn de kaders aangegeven voor de groei. In de begroting 2024 zijn deze kaders nader uitgewerkt en zijn de opbrengsten van de gemeentelijke belastingen en heffingen opgenomen. Dit voorstel is een vertaling van de begrote opbrengsten naar de tarieven voor de gemeentelijke belastingen en heffingen. Indexering van de tarieven 2024 ten opzichte van 2023 Indexering van de in de belastingverordeningen opgenomen tarieven van een voorgaand jaar met de inflatiecorrectie leidt na neerwaartse afronding vaak tot ongewijzigde tarieven. Deze tarieven worden daarom incidenteel met een hogere aanpassing dan de inflatiecorrectie weer op niveau gebracht. Dit kan daarmee echter leiden tot ongewenste sprongen in de tarifering.
Om, als gevolg van dit afrondingsresultaat, structureel ongewijzigde tarieven te voorkomen wordt het inflatiepercentage op de niet afgeronde tarieven van het voorgaande jaar toegepast en niet op de in de verordeningen opgenomen tarieven. De afgeronde- en niet afgeronde tarieven zijn in het tarieven mutatieoverzicht opgenomen.
Pagina 2 van 10
Verordeningen en belastingtarieven 1. Voorgesteld wordt om de tarieven van de volgende belastingen te indexeren met 2%: a. forensenbelasting (na correctie als gevolg van de marktwerking); b. lijkbezorgingsrechten; c. marktgelden; d. precariobelasting (m.u.v. tarief 2.2); e. rioolheffing. 2. Voorgesteld wordt om de tarieven van de volgende belastingen te indexeren met 6%: f. onroerende zaakbelastingen (na correctie als gevolg van de marktwerking). 3. Voorgesteld wordt om de tarieven van de volgende belastingen te verhogen met € 0,10: g. parkeerbelasting, uurtarieven (parkeervergunningen 2%); h. toeristenbelasting; i. watertoeristenbelasting. 4. Voorgesteld wordt om de tarievenstructuur van de volgende belasting te wijzigen: j. afvalstoffenheffing. 5. een separaat voorstel wordt aan uw raad voorgelegd met betrekking tot: k. leges. 6. Voorgesteld wordt het volgende besluit omtrent belastingkwijtschelding vast te stellen: l. Kwijtscheldingsbesluit. Een toelichting op de tarieven en informatie per belastingsoort is hieronder opgenomen. Per specifiek tarief is de mutatie ten opzichte van 2023 inzichtelijk gemaakt in het bijgevoegde ‘Mutatie-overzicht belastingtarieven Bergen 2024’. a. Forensenbelasting Forensenbelasting wordt geheven van personen die niet in Bergen wonen, maar wel in Bergen gedurende meer dan 90 dagen een gemeubileerde woning beschikbaar houden.
De aanslag forensenbelasting is gebaseerd op een percentage van de WOZ waarde van de woning. Bij de berekening van het tarief forensenbelasting is uitgegaan van een stijging van de opbrengst met 2% ten opzichte van 2023. b. Lijkbezorgingsrechten Voorgesteld wordt om de tarieven zoals opgenomen in de tarieventabel te baseren op de tarieven 2022, deze te indexeren met 2% en af te ronden op hele euro’s. c. Marktgelden Voor het innemen van een standplaats op de markten in Egmond en Bergen wordt marktgeld geheven. De berekening van het marktgeld vindt plaats naar het aantal meters van de breedte van de kraam. In de Verordening marktgelden is een tarief opgenomen per meter per dag en per meter per kwartaal. Voorgesteld wordt om de tarieven met 2% aan te passen. Dit leidt tot een tarief van € 1,70 per meter per dag en € 17,00 per meter per kwartaal. d. Precariobelasting De precariobelasting wordt geheven van degenen die voorwerpen hebben die zich op, onder of boven openbare gemeentegrond bevinden. De precariobelasting bestaat uit permanente belastbare feiten (bijvoorbeeld terrassen en uithangborden) en incidentele belastbare feiten (bijvoorbeeld een tijdelijke bouwcontainer). Het is sinds 2022 niet meer toegestaan om precariobelasting te heffen over netwerken van nutsbedrijven.
Voorgesteld wordt om de tarieven precariobelasting 2024 met 2% te indexeren ten opzichte van 2023 met één uitzondering.
Pagina 3 van 10
Dit betreft het tarief, vermeld in artikel 2.2 van de tarieventabel voor attracties waarvoor in 2023 een tarief van € 1,35 in de verordening is opgenomen. Dit tarief wordt in de praktijk niet toegepast omdat precario op dit onderdeel pas in rekening wordt gebracht indien het evenement langer dan 14 dagen duurt. Er is echter sprake van een nieuwe aanvraag voor
een evenement, namelijk de plaatsing van een reuzenrad vanaf de zomer van 2024 voor een periode van 3 maanden. Het betreft het eerste evenement in Bergen dat langer dan 14 duurt. De periode van 3 maanden in combinatie met het ruimtebeslag en het tarief resulteert in een aanslag precariobelasting van ruim € 41.000 waardoor het niet mogelijk is om tot een rendabele exploitatie te komen. Voorgesteld wordt om het tarief te wijzigen van € 1,35 per m2 per dag naar € 0,40 per m2 per dag voor de eerste 250m2 en € 0,05 voor elke volgende m2. Met het opnemen van het voorgestelde tarief is het voor de indiener van de aanvraag vooraf mogelijk om duidelijkheid te verkrijgen omtrent de financiële haalbaarheid. e. Rioolheffing Het uitgangspunt bij de rioolheffing is dat deze kostendekkend is. Mocht er in een jaar minder uitgegeven zijn dan dat er aan heffingen binnen is gekomen dan wordt het teveel ontvangen bedrag gestort in de egalisatie voorziening. Als er meer is uitgegeven dan begroot dan wordt het tekort zoveel mogelijk uit deze voorziening onttrokken. Naast de egalisatievoorziening is er vanaf 2024 ook sprake van een spaarvoorziening. Met de spaarvoorziening is het mogelijk om toekomstige riool investeringen zoveel mogelijk in een keer af te schrijven. Dit heeft op de lange termijn een positief effect op het tarief rioolheffing.
In het Programma Water en riolering is opgenomen dat vanaf 2024 het baggeren voor 50% wordt doorbelast aan de kostendekkendheid van riool. Baggeren houdt meer dan zijdelings verband met de taken waarvoor de rioolheffing wordt ingesteld. Door het baggeren blijft het riool namelijk schoner en hoeft het riool minder te worden gereinigd. Voor 2024 wordt een basistarief voorgesteld tot een waterverbruik van 300 kubieke meters van € 201,00. Van dit basistarief zijn de tarieven rioolheffing bij waterverbruik van meer dan 300m3 afgeleid. Het tarief voor alleen afvoer van hemelwater betreft 25% van het basistarief. Met de voorgestelde tarieven wordt een kostendekkendheid beoogd van 96%. Alle voorgestelde tarieven zijn vermeld in bijgevoegd ‘Mutatieoverzicht belastingtarieven 2024’. f. Onroerende-zaakbelastingen (OZB) De hoogte van de aanslag onroerende zaakbelasting (OZB) is afhankelijk van de beschikte WOZ-waarde voor 2024. De WOZ waarde betreft de verkoopwaarde op 1 januari voorafgaand aan het belastingjaar, de waardepeildatum. Voor 2024 is de WOZ waarde de getaxeerde verkoopwaarde op 1 januari 2023. De OZB wordt geheven als percentage van deze waarde. Tot 2022 werd de grootte van woningen berekend naar de inhoud, daarna is uitgegaan van de oppervlakte van de woningen.
De WOZ gegevens sluiten aan bij publicaties op de diverse woningaanbod-websites waarin de grootte van woningen reeds in vierkante meters werd uitgedrukt. De gewijzigde methodiek heeft overigens geen invloed op de hoogte van de WOZ waarde. OZB kan worden geheven van eigenaren van woningen en niet-woningen en van gebruikers van niet-woningen. Als gevolg van een wijziging van de Gemeentewet kan sinds 2006 geen OZB meer worden geheven van gebruikers van woningen. In Bergen is vanaf 2020 tevens de heffing van OZB van gebruikers van niet-woningen afgeschaft waardoor de OZB slechts wordt geheven van eigenaren van woningen en niet-woningen. De OZB
Pagina 4 van 10
wordt geheven van degene die in het Kadaster als eigenaar bekend staat van de onroerende zaak. In de berekening van de OZB tarieven staan 2 waarde arealen centraal. Deze arealen bestaan uit de omvang van alle WOZ waarden tezamen van de in Bergen aanwezige woningen en die van de niet-woningen. Bij de kadernota 2024 heeft uw raad besloten om de OZB opbrengsten met 6% te laten stijgen. Dit gezien de hoge inflatie van de afgelopen jaren, de huidige meerjaren-ontwikkeling van het begrotingssaldo en de eerdere lage indexatie in 2023 van 2%. Om te komen tot de geraamde opbrengsten worden tarieven als percentages van de arealen berekend. Ieder jaar worden alle woningen en niet-woningen opnieuw getaxeerd waardoor de arealen jaarlijks wijzigen. WOZ no cure no pay bureaus Op zo’n 2,5 % van de WOZ beschikkingen wordt bezwaar aangetekend. Daarvan is meer dan de helft afkomstig van no cure no pay (NCNP)bureaus. Bij het succesvol indienen van een bezwaarschrift en een minimale waarde-aanpassing zal dit in het algemeen leiden tot een verlaging van de aanslag van enkele euro’s. Het bureau ontvangt echter een proceskostenvergoeding van de gemeente in de orde van grootte van € 600 tot € 1200. Hierdoor is een aantrekkelijk verdienmodel ontstaan voor deze bureaus die met intensieve reclamecampagnes inwoners trachten aan te zetten om via hen bezwaar te maken.
Op 23 maart 2023 heeft de staatssecretaris van financiën de kamer geïnformeerd over een (aanvullend) plan van aanpak ten aanzien van het verdienmodel van NCNP WOZ bureaus. Het plan van aanpak bestaat uit een pakket maatregelen, er op gericht de financiële prikkel weg te nemen om namens belanghebbenden bezwaar te maken tegen beschikte WOZ waarden. Het plan van aanpak heeft geleid tot een wetsvoorstel. Dit wetsvoorstel is op 27 oktober door de tweede kamer aangenomen. Voor de WOZ bevat het wetsvoorstel het volgende: 1. De vergoeding in de bezwaarfase wordt (indien gegrond) verminderd met 75%. 2. De vergoeding in de beroepsfase wordt (indien gegrond) verminderd met 75%. 3. De vergoeding voor immateriële schade wordt beperkt tot € 50,00, per half jaar waarmee de termijn voor afhandeling van een bezwaar is overschreden (was € 500,00). 4. Vergoedingen worden betaald aan belanghebbenden en niet langer aan NCNP bureaus. 5. Het wetsvoorstel treedt in werking per 1 januari 2024. De omvang van de besparing van proceskostenvergoedingen is op dit moment nog niet in te schatten. Zodra hierover meer inzicht in is verkregen wordt dit met uw raad gedeeld. g. Parkeerbelasting In de tarieventabel bij de Verordening parkeerbelastingen zijn parkeertarieven per uur opgenomen voor het parkeren in Bergen, Bergen aan zee, Egmond, Egmond aan Zee, Schoorl en Hargen.
Voorgesteld wordt om de tarieven voor het parkeren per uur in alle kernen met € 0,10 te verhogen. De tarieven stijgen hiermee ten opzichte van 2023 van € 2,20 naar € 2,30. Voorgesteld wordt om het dagtarief op basis van 6x het uurtarief te verhogen van € 13,20 naar € 13,80 met uitzondering van Hargen, waarvoor een stijging van € 6,60 naar € 6,90 wordt voorgesteld. Verder wordt voorgesteld om de tarieven van de parkeervergunningen te indexeren met de inflatiecorrectie van 2% en de kosten van de naheffingsaanslag te verhogen tot het wettelijke gemaximeerde tarief. h. Toeristenbelasting Pagina 5 van 10
Als er tegen een vergoeding (in welke vorm dan ook) wordt overnacht in Bergen door personen die geen inwoner zijn, is er in principe sprake van een toeristenbelastingplicht. De belasting wordt geheven van degene die gelegenheid biedt tot het nachtverblijf. Dit gebeurt op basis van de uitgangspunten die zijn opgenomen in de Verordening toeristenbelasting. Het tarief toeristenbelasting bestaat uit een vast bedrag per persoon per overnachting. De hoogte van de aanslag toeristenbelasting bestaat uit het aantal personen, vermenigvuldigd met het aantal overnachtingen, vermenigvuldigd met het tarief. Voorgesteld wordt om het tarief per persoon per overnachting met € 0,10 verhogen. Dit resulteert in een tarief voor 2024 van € 2,20 per overnachting per persoon. i. Watertoeristenbelasting Ook voor de watertoeristenbelasting wordt voorgesteld het tarief te verhogen met € 0,10 van € 2,10 naar € 2,20. Voor de watertoeristenbelasting geldt het tarief niet per overnachting maar voor verblijf per etmaal of deel daarvan op vaartuigen. j. Afvalstoffenheffing In 2021 heeft uw raad het grondstoffenplan ‘Van Afval naar Grondstof’ vastgesteld. Doelstelling is het bewerkstelligen van een reductie van restafval van 230 kilo per inwoner per jaar richting 30 kilo per inwoner per jaar. Om dit te kunnen realiseren wordt een tarief met een samengesteld karakter ingevoerd.
In de opbrengstprognose 2024 is rekening gehouden met een vast deel van 87% en een variabel deel van 13%. Op deze wijze wordt het goed scheiden van grondstoffen enerzijds en de dekking van de kosten anderzijds geborgd waarbij gestreefd wordt naar volledige kostendekkendheid. Bij de berekening van de voorgestelde hoogte van de vaste en variabele tarieven is het verwachte aanbiedgedrag van inwoners van invloed geweest. Het verwachte aanbiedgedrag is gebaseerd op ervaringsgegevens in de UCH gemeenten en andere gemeenten in het land. Naar verwachting daalt bij een gemiddeld aanbiedgedrag in de gemeente Bergen de afvalstoffenheffing bij benadering met 3% in 2024. Vaste afvalstoffenheffing De hoogte van het tarief van het vaste gedeelte van de afvalstoffenheffing is afhankelijk van de omvang van het huishouden en wordt als volgt voorgesteld: - € 235,00 voor een éénpersoonshuishouden; - € 312,00 voor een twee- of meerpersoonshuishouden. Het vaste gedeelte van de afvalstoffenheffing 2024 wordt opgenomen in de ‘gecombineerde aanslag’ die eind februari 2024 wordt verzonden. Variabele afvalstoffenheffing Naast het vaste gedeelte van de afvalstoffenheffing wordt een variabel gedeelte in rekening gebracht. Dit variabele gedeelte wordt berekend op basis van het aantal ledigingen van de container of het aantal inworpen in de ondergrondse verzamelcontainers.
In de tariefstelling voor het variabele gedeelte wordt onderscheid gemaakt naar volume op de volgende wijze: Bij gebruik van een container wordt het tarief per lediging als volgt voorgesteld: - een container met een inhoud van 240 liter bestemd voor restafval € 6,25; - een container met een inhoud van 140 liter bestemd voor restafval € 3,64. Bij gebruik van verzamelcontainers wordt het tarief per inworp als volgt voorgesteld: - bij een inwerptrommel van 30 liter € 0,55; - bij een inwerptrommel van 60 liter € 1,10. Voor inworpen in verzamelcontainers is vanwege het ontbreken van de mogelijkheid om plasticverpakkingen, metalen verpakkingen en drankpakken (PMD) gescheiden nabij het Pagina 6 van 10
complex aan te bieden een 33% lager tarief op het variabele gedeelte van toepassing ten opzichte van het variabele tarief met betrekking tot containers. Omdat het aantal ledigingen of inworpen leidt tot de uiteindelijke hoogte van de variabele heffing kunnen inwoners vanaf 2024 hierop invloed uitoefenen. Bij 13 ledigingen van de restcontainer zal het aanslagbedrag hoger uitkomen dan in 2023. Bij goede afvalscheiding en bijvoorbeeld 5 ledigingen zal het aanslagbedrag lager uitkomen. Het omslagpunt is niet exact aan te geven omdat dit mede afhankelijk is van de omvang van het huishouden en het containerformaat of trommelformaat (bij inworpen van afvalzakken in verzamelcontainers). De omvang van het variabele gedeelte wordt na het verstrijken van het belastingjaar bepaald. Daarom wordt het variabele gedeelte opgenomen in de ‘gecombineerde aanslag’ in het jaar, volgend op het jaar waarin de ledigingen of inworpen hebben plaatsgevonden. Afhalen grof afval aan huis In het beleidsplan is gekozen voor de tarifering van het ophalen van grof afval. Voor het ophalen aan huis van grof huishoudelijk afval, takken, bruin- en witgoed en matrassen worden tarieven voorgesteld van € 15,20. Keuze container of afvalpas Een nieuw element in het grondstoffenbeleid betreft de maatwerk mogelijkheid in sommige delen van de gemeente om te kunnen kiezen tussen een rolcontainers en een afvalpas.
Met de administratieve en logistieke handelingen van een nieuwe keuze gaan kosten gepaard. Voorgesteld wordt om de omwisseling van een container naar afvalpas (en vice versa) te tariferen met € 36,90. Het tarief draagt bij aan de dekking van de kosten en stimuleert inwoners uit de doelgroep tot het bewust maken van de keuze. Bij de keuze voor een afvalpas is het mogelijk om (op aanvraag) een tweede afvalpas te verstrekken. Hiervoor wordt een tarief voorgesteld van € 10,50. Ook voor het verstrekken van een vervangende afvalpas in verband met vermissing wordt een tarief voorgesteld van € 10,50. Omwisselen naar een ander formaat container Door de komst van de container voor Plastic, Metalen verpakkingen en Drinkkartons (PMD) en meer voorzieningen voor de inzameling van Oud Papier en Karton (OPK), textiel, luiers en kleine elektrische apparaten, zijn inwoners beter is staat om goed te kunnen scheiden. Dit kan van invloed zijn op het volume van het restafval en (daarmee samenhangend) ook op de voorkeur voor een bepaald containervolume. Voor restafval en GFT kan gekozen worden tussen een 240 liter en 140 liter containervariant. Inwoners van Bergen hebben in 2022 en 2023 gebruik kunnen maken van de gelegenheid om ‘kosteloos’ een ander containervolume te kiezen in plaats van de oorspronkelijk ter beschikking gestelde variant.
Voorgesteld wordt om per 2024 over te gaan tot tarifering van de wisseling naar een ander containerformaat voor zowel huishoudelijk restafval en GFT. Een structurele kosteloze omwisselmogelijkheid kan namelijk leiden tot doorlopende wijzigingsverzoeken. Bijvoorbeeld om na een warme periode door middel van een containeromwisseling over een fris exemplaar te kunnen beschikken. Met het tariferen wordt aangezet tot het bewust overwegen van het gebruikmaken van deze mogelijkheid. Voor de omwisseling naar een ander formaat container wordt een tarief van € 36,90 voorgesteld. Extra container Inwoners kunnen 1x per twee weken GFT aanbieden. Indien deze inzamelfrequentie in specifieke situaties niet toereikend is kan ‘kosteloos’ een tweede GFT container worden aangevraagd. Omdat clusterplaatsen niet onbeperkt plaats kunnen bieden aan rolcontainers Pagina 7 van 10
zijn alternatieve mogelijkheden beschikbaar om zeer grote hoeveelheden GFT af te voeren zoals de milieustraat en de bladkorf. Naast de hierboven genoemde aspecten gaan met de afvoer en verwerking van GFT tevens kosten gepaard. Daarom wordt voorgesteld om voor het voor het op aanvraag verstrekken van een extra (derde) container GFT een tarief op te nemen. De hoogte hiervan wordt voorgesteld op € 156,00, dit is gelijk aan 50% van het vaste basistarief van de afvalstoffenheffing voor een meerpersoonshuishouden. Tevens wordt de mogelijkheid geboden tot verstrekking (op aanvraag) van een tweede container voor huishoudelijk restafval. Een tweede container wordt uitsluitend verstrekt in de 240 liter variant. Voorgesteld wordt de tweede container te tariferen met € 312,00, dit is gelijk aan het vaste basistarief van de afvalstoffenheffing voor een meerpersoonshuishouden.
Vrijstellingen De volgende vrijstellingen worden voorgesteld voor een containeromwisseling of vervanging: - een nieuwe ingezetene van de gemeente kan binnen 3 maanden na het ontstaan van de belastingplicht kosteloos éénmaal van restafval en GFT containervolume wisselen; - een belastingplichtige die binnen de gemeente verhuist kan binnen 3 maanden kosteloos éénmaal van restafval en /of GFT containervolume wisselen; - een container bij een woning wordt kosteloos vervangen of gerepareerd wanneer de container beschadigd is door handelen van de gemeente. Overig Voor het vervangen van een container vanwege onzorgvuldig handelen van de gebruiker en bij vermissing wordt een tarief voorgesteld van € 42,20. Samengevat zijn in de verordening afvalstoffenheffing voor 2024 tariefprikkels aanwezig om de scheidingsresultaten te verbeteren en gewenst gedrag te stimuleren. Ten opzichte van voorgaande jaren speelt het principe van de vervuiler of afnemer betaalt een belangrijkere rol. De kosten als gevolg van het aanbieden van veel restafval en het gebruikmaken van specifieke dienstverlening als het ophalen van grof afval, de omwisseling van de container en de wisseling van afvalpas naar container (en vice versa) werken hierdoor in mindere mate door in de afvalstoffenheffing die iedere belastingplichtige in Bergen betaalt. k.
Leges Per 1 januari 2024 komt de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (WABO) te vervallen en treden de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging in werking. Met de invoering van de Omgevingswet (Ow) krijgt de gemeente ruime vrijheid in de keuze welke activiteiten gereguleerd moeten worden. Indien er geen regels worden gesteld, is in tegenstelling tot de WABO, de activiteit in beginsel zonder omgevingsvergunning toegestaan. De komst van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging hebben gevolgen voor de uitvoeringsorganisatie, de werkwijze en de legesverordening. Met de Wet Kwaliteitsborging vervalt de technische toetsing van een bouwvergunning grotendeels bij de gemeente. Dit heeft gevolgen heeft voor een deel van de legesopbrengsten- en kosten. Daarnaast wordt het mogelijk voor milieubelastende activiteiten leges te heffen. Uitgangspunt bij de implementatie van de Omgevingswet is een beleidsneutrale overgang (verwerken huidige verordening) op basis van de ‘Model Verordening leges’ van de VNG. Dit zorgt voor transparantie en eenduidigheid en verkleint de kans op financiële en juridische risico’s. In de vergadering van uw raad in december wordt door middel van een separaat voorstel de concept legesverordening inclusief tarieventabel aan uw raad voorgelegd. Hierbij wordt
Pagina 8 van 10
tevens de met de gewijzigde legesverordening gepaard gaande begrotingswijziging voorgelegd. l. Kwijtschelding In Bergen wordt bij de kwijtschelding uitgegaan van de meest ruime norm, de zogenaamde 100% norm. Dit houdt in, dat kwijtschelding wordt verleend aan belastingschuldigen die een inkomen hebben dat op of onder 100 procent van de landelijk geldende bijstandsnorm ligt. Kwijtschelding kan worden verleend aan belastingschuldigen die daartoe een verzoek doen en voldoen aan de voorwaarden zoals opgenomen in het kwijtscheldingsbesluit. Voor kwijtschelding komen rioolheffing en afvalstoffenheffing in aanmerking. Voor 2024 is € 106.000 kwijtschelding rioolheffing geraamd en € 156.000 afvalstoffenheffing. Bedrijven investeringszones (BIZ) Een BIZ is een afgebakend gebied op een bedrijventerrein of in een winkelgebied. Door het betalen van een BIZ bijdrage investeren de ondernemers binnen het BIZ gebied samen in de kwaliteit van de bedrijfsomgeving. De BIZ bijdrage wordt door de gemeente als aanslag opgelegd, hierdoor is de BIZ bijdrage niet vrijblijvend. De opbrengst uit de BIZ belasting wordt door de gemeente als subsidie uitgekeerd aan de ondernemersvereniging. De gemeente Bergen telt 2 bedrijven investeringszones, de BIZ Egmond aan Zee en de BIZ Duindorp Schoorl.
In december 2020 is de Verordening BIZ Egmond aan Zee 2021-2025 vastgesteld en in oktober 2022 is de Verordening BIZ Duindorp Schoorl 2023-2027 vastgesteld. Omdat beide verordeningen voor de duur van 5 jaar zijn vastgesteld wordt bij dit voorstel geen concept BIZ verordening voorgelegd. Eenmalig aansluitrecht In december 2022 is de Verordening eenmalig aansluitrecht 2023 vastgesteld. Hierin zijn tarieven opgenomen voor het tot stand brengen van een aansluiting op de gemeentelijke riolering, mede gebaseerd op werkelijk gemaakte kosten. Er wordt geen wijziging voorgesteld waardoor deze verordening ook van toepassing is op belastingjaar 2024. DOOR HET COLLEGE OVERWOGEN ALTERNATIEVEN Dit voorstel is een technische vertaling van de in de begroting 2024 opgenomen opbrengsten naar de tarieven voor de gemeentelijke belastingen. Alternatieven zijn niet aan de orde. REGIONALE SAMENWERKING EN COULEUR LOCALE Harmonisering verordening afvalstoffenheffing met betrekking tot de afvalstoffenheffing wordt in alle BUCH gemeenten een basistarief en een variabel tarief voorgesteld. Hierbij zijn de verordeningen qua tarievenstructuur zoveel als mogelijk geharmoniseerd. Harmonisering lijkbezorgingsrechten De tarievenstructuur en opbouw van de lijkbezorgingsrechten van de BUCH gemeenten zijn in 2018 zoveel als mogelijk geharmoniseerd.
RISICO’S Slechts op basis van belastingverordeningen waartoe uw raad heeft besloten en na publicatie daarvan vóór 1 januari, kan de gemeente voor 2024 aanslagen opleggen naar de voorgestelde uitgangspunten en tarieven. FINANCIËN Pagina 9 van 10
In de kadernota zijn de kaders aangegeven voor de groei. In de begroting 2024 zijn deze kaders nader uitgewerkt en zijn de opbrengsten van de gemeentelijke belastingen en heffingen opgenomen. Dit voorstel is een vertaling van de begrote opbrengsten naar de tarieven voor de gemeentelijke belastingen. Retributies en bestemmingsheffingen De tarieven voor gemeentelijke retributies (specifieke diensten) en bestemmingsheffingen (diensten met een algemeen karakter) mogen maximaal 100% kostendekkend zijn. Andere activiteiten dan die waarvoor de heffing bestemd is mogen uit deze opbrengsten niet worden bekostigd. Automatische incasso. Voor het in aanmerking komen van automatische incasso is er een drempelbedrag van toepassing van € 100,00. Het maximumbedrag waarover automatische incasso kan plaatsvinden is gesteld op € 5.000,00. COMMUNICATIE, PARTICIPATIE EN SAMENSPEL De verordeningen worden, naast de publicatie in het elektronisch blad van Bergen, tevens geplaatst op de website van de gemeentelijke belastingen Bergen https://bergen-nh.cocensus.nl/ Deze website is in beheer bij Cocensus.
DUURZAAMHEID PARTICIPATIE UITVOERING, PLANNING EN ORGANISATIE De verordeningen worden na vaststelling door de raad bekend gemaakt in het elektronisch blad van Bergen op www.officielebekendmakingen.nl en beschikbaar gesteld op www.overheid.nl De verordeningen moeten vóór 1 januari 2024 bekend gemaakt zijn, zodat de heffing op 1 januari 2024 kan ingaan. BIJLAGEN De belastingverordeningen en bijbehorende tarieventabellen. Tarieven mutatieoverzicht Bergen 2024. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen
mr. M.N. (Martijn) Schroor secretaris
L.Hj. (Lars) Voskuil burgemeester
Pagina 10 van 10