CConstaterende datBergen (NH)
Koppel je AI →
Document · PDF

Powerpoint_adviesrapport Kranenburgh dd 21 jan 2020.pdf

Informatie en Presentatie bijeenkomsten 21 januari 2021, gemeente Bergen (NH)Bij agendapunt: 3.: Presentatie 1e bevindingen integraal advies Kranenburgh6.632 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

De basis op orde Integraal eindadvies voor een toekomstbestendig Kranenburgh

Jan-Willem van Giessen Cor Wijn

Versie 14 januari 2020

Inhoud 0.

Samenvattend advies

1.

Inleiding: wat is de ambitie?

2.

De basis op orde

3.

Het oplossen van de depot-problematiek

4.

Het wegwerken van de achterstanden in het collectiebeheer

5.

De mogelijkheden tot optimalisatie van het verdienmodel

6.

Perspectieven voor de toekomst

Met 3 bijlagen

2

1. Inleiding: wat is de ambitie? 3

Aanleiding en opgave Aanleiding: brandbrief RvT Kranenburgh 23 okt 2019 • Knelpunten in de bedrijfsvoering • Depotproblematiek • Achterstallig onderhoud collecties

De diverse onderzoeken hebben een ruime doorlooptijd gehad. Museum Kranenburgh is steeds bij de onderzoeken betrokken geweest. Dit document brengt alle verzamelde kennis samen in één integraal eindadvies.

Opgave: een toekomstbestendig Kranenburgh.

Werkwijze: Er zijn deelstudies uitgevoerd door bureau RaadSaam (gespecialiseerd in oa collectie-waarderingen en beheer- en behoudprojecten) samen met BMC (organisatieadvies). In totaal zijn 7 deelrapportages vervaardigd, te weten over: • de exploitatie • het collectiebeheer • de depotproblematiek • de organisatorische situatie • de huisvestingssituatie • benchmark-onderzoek • aanbevelingen voor toekomstvarianten.

Daarnaast heeft de gemeenteraad tijdens de besluitvorming over coronasteun aan het museum een motie aangenomen. In de motie wordt het college opgedragen te onderzoeken hoe, en onder welke randvoorwaarden het verdienmodel van museum Kranenburgh kan worden geoptimaliseerd. Het antwoord hierop is opgenomen in dit integrale advies (hoofdstuk 5).

4

De opgave nader geduid: wat is de ambitie? In 2013 zijn na vernieuwbouw vijf organisaties op de locatie Hoflaan 26 aan de slag gegaan met het het rijke kunstzinnige verleden én het artistieke heden van het kunstenaarsdorp Bergen. Echter: om financiële redenen werd in het gebouw geen depot gerealiseerd en sloot de stichting Kranenburgh een lening af om de inrichting van het pand te kunnen verzorgen. En in de jaren nadien werd de subsidie niet verhoogd en evenmin geïndexeerd, waardoor er roofbouw werd gepleegd op de organisatie en elementaire functies (collectiebeheer; fondsenwerving) niet vervuld konden worden. Voor het bestuur van de stichting Kranenburgh is de grens bereikt: zij stuurden een brandbrief (zie hiervoor).

Uit een benchmark (zie bijlage) blijkt dat Kranenburgh slechts een kwart van de structurele subsidie ontvangt die vergelijkbare kunstmusea ontvangen. Aan de gemeente is nu de keuze om de ambitie van 2013 en van het Collegeprogramma vast te houden en de ingezette koers te voltooien. Of die ambitie los te laten en de stichting Kranenburgh een andere opdracht te geven, namelijk om verder te gaan als semiprofessioneel museum zonder (wissel)tentoonstellingen. Uiteraard heeft de keuze die wordt gemaakt niet alleen gevolgen voor de stichting, maar ook voor de aantrekkingskracht van de kern Bergen en de regio.

5

Uitgangspunten van beleid Gemeentelijke beleidsnota kunst & cultuur 2016-2019 • Bergen profileert zich als kunst- en cultuurgemeente. • Kranenburgh is belangrijke troef. • Kranenburgh => hét centrum van moderne beeldende kunst boven het Noordzeekanaal. • Museum moet haar collecties actief beheren en ontwikkelen. • Museum moet breed cultureel programmeren (ook muziek, literatuur et cetera). Formatieakkoord 2019-2022 Nieuw Vertrouwen • Kranenburgh moet landelijk aansprekende tentoonstellingen organiseren • Museum moet als expertisecentrum de ontwikkeling van kunst en cultuur in de kernen ondersteunen. • De vestiging en bekostiging van een nieuw depot moet integraal worden beoordeeld. • Iedere kern moet herkenbare uitingen hebben die verleden, heden en toekomst markeren. Het cultureel (im-)materieel erfgoed wordt gekoesterd.

Economisch perspectief • Museumbezoekers besteden ook in horeca en winkels. • Dagjesmensen spenderen ruim € 50,= per dag bij de middenstand. • Overnachters geven gemiddeld € 150,= per dag uit • 10.000 bezoekers per jaar extra = impuls van tenminste € 500.000. • Nabijheid van culturele voorzieningen leidt tot een beter vestigingsklimaat voor mensen en bedrijven.

Deze punten vormen tevens een afwegingskader voor de het beoordelen van de toekomstperspectieven voor het museum.

6

Gemeente kan kiezen uit drie perspectieven Wat betreft het toekomstig profiel van het museum kan de gemeente conform de adviezen van RaadSaam/BMC kiezen uit drie perspectieven. In hoofdstuk 6 bespreken we deze meer uitgebreid: A. Onder de kritische grens. De basis wordt niet op orde gebracht, de huidige situatie wordt voortgezet. Aan het einde van hoofdstuk 2 schetsen we hoe dit er uit zal zien: geen landelijk aansprekende exposities, een terugval in het bezoekersaantal, noodzaak van besparingen, risico op verlies museumregistratie/ toegang met museumkaart. B. De basis op orde. Als dit het geval is, ligt er een fundament om de Meerjarenvisie van het museum te realiseren. Wij noemen dit perspectief hierna dan ook ‘Museum in het groen’ conform de benaming van die visie. C. Als de basis op orde is kan het museum zijn blik richten op het ontwikkelpotentieel. Dit potentieel zit in het verbreden van de werking van Kranenburgh naar het dorp Bergen, de andere kernen en de regio. Wij noemen dit perspectief hierna: ‘Inspirerend Bergen’.

Aan het einde van hoofdstuk 6 zetten we deze perspectieven af tegen een afwegingskader dat we hebben afgeleid van de hiervoor genoemde beleidskaders.

7

2. De basis op orde

8

De relatie tussen gemeente en museum: opdrachtgever en opdrachtnemer De gemeente is voor het opdrachtgeverschap aan het museum. De gemeente is van de “wat” vraag: wat heeft de burger nodig als het gaat om cultuur en wat kan het museum betekenen?

Vanuit die maatschappelijke opgave formuleert de gemeente een opdracht aan het museum. Het museum gaat over de “hoe” vragen: • hoe gaan we om met de maatschappelijke opgave zoals geformuleerd door de gemeente, • wat is onze ambitie en • hoe zetten richten we onze organisatie en bedrijfsvoering daarop in?

In het subsidieproces spelen gemeente en museum dus verschillende rollen. Beide zijn vanuit hun rol verantwoordelijk voor het zichtbaar bereiken van resultaten bij het oplossen van de maatschappelijke vragen. In de praktijk worden de rollen van gemeente en museum geduid als “opdrachtgever” en “opdrachtnemer”, hoewel dit in bestuursrechtelijke zin geen juiste termen zijn. De relatie tussen gemeente en museum kan (nog) beter worden als de gemeente als opdrachtgever duidelijk de kaders stelt en het museum (toekomst)plannen bedenkt en vertaalt naar haar activiteiten en (tentoonstellings-) programma.

9

Kranenburgh in het kort Recente historie: ontwikkeling en groei In 1952 kocht de gemeente het Huis Kranenburg van de erven van voormalig burgemeester Van Reenen. In 1993 startte in de voormalige burgemeesterswoning een kleinschalig museum als hoeder van de geschiedenis van de Bergense schildersschool. In 2013 heropende het museum met een nieuwbouw. Sindsdien heeft het landelijk bekendheid gekregen. Met een klein team van acht betaalde (parttime) medewerkers en 175 veelal oudere vrijwilligers trekt het museum gemiddeld 55.000 bezoekers, met als uitschieter 70.000 in 2019.

Hoflaan 26: vijf organisaties onder één dak

Het tentoonstellingsprogramma eerde in de afgelopen jaren alle gezaghebbende Bergense kunstenaars: fotografe Ata Kandó, schilders Leo Gestel en Charley Toorop, schilder dichter Lucebert en componist Simeon ten Holt. In de ouderenprogramma’s en de scholierenprojecten brengt Kranenburgh de inwoners uit de dorpen en buurtschappen van gemeente Bergen bijeen; zo wordt de kring van liefhebbers alsmaar groter.

10

Vijf functies onder één dak, maar geen depot De vijf organisaties vervullen ieder een eigen rol, die mogelijk wordt gemaakt door de gezamenlijke huisvesting.

Bij de realisatie in 2013 van Hoflaan 26 is er bezuinigd op het aanleggen van extra kelderruimte voor een depot. Nu wordt deze functionaliteit erg gemist (zie ook hoofdstuk 3).

• De NHKC: beheert de historische collectie kunstwerken van en over Bergen en geeft die in bruikleen aan het museum. Toen in 2013 het vernieuwde Kranenburgh werd geopend was dat mede dankzij een financiële bijdrage van NHKC. • Het Kunstenaars Centrum Bergen (KCB) biedt een podium aan beeldend kunstenaars die een bijzondere band met Bergen of de omgeving van Bergen hebben. Het KCB heeft naast kunstenaarsleden ook kunstlievende leden en donateurs. Het KCB organiseert wisselende tentoonstellingen en telt zo’n 180 leden. • Stichting Beeldende Kunst Bergen (S.B.K.): zorgt voor de uitleen van schilderijen, grafiek, tekeningen, foto’s, keramiek en beelden (1200 stuks) en is gevestigd in het museum. • Het Sterkenhuis is het historisch museum van Bergen. Het beheert behalve de stijlkamer en boerenkeuken ook een grote collectie zilverwerk, glaswerk, sieraden en topografische prenten. Het Sterkenhuis maakt bestuurlijk deel uit van Museum Kranenburgh.

11

De basis op orde bij gemeente en museum Het floreren van een museum begint ermee dat de basis op orde wordt gebracht, zowel bij de gemeente als bij het museum. Hiernaast geven we de bevindingen weer uit de rapporten van RaadSaam/BMC. Via een stoplicht-rapportage geven we hierbij aan wat de stand van zaken is. Als de basis over en weer op orde is, dan kan in onderling overleg worden bepaald wat het gewenste toekomstperspectief is voor het museum (ontwikkelpotentieel) en hoe het museum hieraan gestalte kan geven.

Gemeente Zorg voor de collectie (zorgplicht gemeente én waarborg behoud museumstatus en -kaart)

Goed depot + capaciteit voor collectiebeheer ontbreken

Zorgen dat het museum financieel en organisatorisch op sterkte is.

In de sector zien we vaak meerjarenafspraken tussen gemeente en gesubsidieerde instelling over investeringen en subsidies (vier jaar is te doen gebruikelijk)

Indexering van de subsidies

Verdiscontering loon- en prijsontwikkelingen

Goede uitvoering van het gebouw- en terreinonderhoud op basis van een duidelijke demarcatie verhuurder/ huurder

Borgen van het toekomstig huurdersonderhoud conform MOP middels extra budget (€ 23.000 p.j.) En: een constructieve opstelling met begrip voor de eigenheden van de culturele bedrijfsvoering.

Oog voor de rol en betekenis van de Bergense kunstenaars en het kunstenaarscentrum.

Kranenburgh biedt onderdak aan meer dan alleen het museum. Overleg met andere actoren (oa KCB en Sterkenhuis) is wenselijk over de vraag wat er nodig is opdat zij zich verder kunnen ontwikkelen.

Museum Kranenburgh Adequaat collectiebeheer

De randvoorwaarden (menskracht en depot) hiervoor zijn nu niet aanwezig.

Goed financieel beheer

Positief zijn de reserves waarover het museum beschikt: in totaal 15,3% van de omzet. Negatief is de lening van de gemeente die op de exploitatie drukt.

Goed bestuur en een goede organisatie

Het ‘bestuursmodel’ functioneert naar tevredenheid, de organisatie heeft structurele versterking nodig.

Adequaat meerjarenplan

Er is een meerjarenvisie. De volgende stap is deze te vertalen in een meerjarenbegroting.

Goed gebouwbeheer op basis van een duidelijke demarcatie verhuurder/ huurder

Goede samenwerking met de gemeente

Optimalisatie van het vermogen om inkomsten uit de markt te halen.

De ruimtelijke en organisatorische randvoorwaarden hiervoor schieten nu tekort. 12

Advies aan de gemeente om de basis op orde te brengen Wij adviseren de gemeente om het volgende te doen om een goede financiële en organisatorische basis te leggen onder het huidig functioneren van Kranenburgh: 1.

De zorgplicht voor de collectie op te pakken en te zorgen voor een goed collectiebeheer, zowel formatief als qua depotvoorzieningen.

2.

Het museum financieel en organisatorisch op sterkte te brengen en daarbij de subsidie te indexeren zodat deze gelijke tred houdt met de loon- en prijsontwikkelingen (onder meer i.v.m. de jaarlijks stijgende huursom).

3.

Afspraken voor vier of vijf jaar te maken over de hoogte van de subsidie aan het museum en de te leveren prestaties.

4.

Periodiek overleg (bv 2x per jaar) tot stand te brengen tussen gemeente en museum over de onderhoudswerkzaamheden.

5.

In het beleid aandacht besteden aan (a) de inzetbaarheid van het museum in het sociaal-maatschappelijk domein (ouderenbeleid, jongerenperspectief) en (b) aan het optimaliseren van de verhoudingen tussen lokale kunstenaars en de lokale musea.

Tot slot: om met een schone lei te beginnen valt te overwegen om de gemeentelijke lening aan Kranenburgh (€ 350.000+) kwijt te schelden. Kwijtschelding geeft het museum meer lucht in de exploitatie.

Toelichting m.b.t. de lening 1. Initiële lening voor de inrichting Bij de (ver-)nieuwbouw van het museum (2013) bleek er geen budget voor de inrichting. Het museum heeft daarvoor destijds een lening bij de gemeente afgesloten van € 350.000,- met 3% rente. De eerste 5 jaar was deze aflossingsvrij, maar deze termijn is verstreken en bijgevolg wordt het museum nu geacht af te lossen. Het museum vraagt om kwijtschelding van de lening. 2. Opbouwen vervangingsreserve Daarnaast moet worden geanticipeerd op de toekomstige vervanging van de huidige inrichting en inventaris. De jaarlijkse kosten hiervan zijn geraamd op € 25.000 vanaf het jaar 2028 (15 jaar na 2013). Als we dit bedrag per 2028 omrekenen naar een bedrag per 2021, betekent het dat de kosten van afschrijving van de inrichting en inventaris (zijnde 15 jaren ad € 25.000 ofwel € 375.000) kunnen worden omgeslagen over 22 jaar in plaats van 15 jaar. Daarmee komt de jaarlijkse afschrijving uit op € 17.000,-. Kranenburgh moet dit bedrag vanaf 2021 jaarlijks opnemen in een bestemmingsreserve op de balans.

13

Advies aan Kranenburgh om de basis op orde te brengen Wij adviseren het museum om aan de slag te gaan met de volgende acties: 1. Uitvoering geven aan een adequaat collectiebeheer zodra de gemeente daarvoor de randvoorwaarden heeft gecreëerd. 2. De organisatie goed besturen (governance) en op sterkte brengen wat betreft (a) collectiebeheer en (b) fondsenwerving/verdiencapaciteit. 3. Een meerjarenbegroting maken op basis van de keuzes die de gemeente maakt. Dit zo mogelijk in het licht van een aantal inhoudelijke perspectieven. Zie ook hoofdstuk 6 van dit rapport. 4. Periodiek overleg (bv 2x per jaar) tussen museum en gemeente over de onderhoudswerkzaamheden. 5. Structureel tijd en energie steken in fondsenwerving.

In de rolverdeling tussen gemeente en museum adviseren wij het museum om proactief te zijn en – ondanks het onderzoekstraject en de coronacrisis - plannen te maken voor de toekomst. In de rolverdeling is het aan het museum om – als tenminste de basis op orde is - aan de slag te gaan met een meerjaren-begroting en een nadere concretisering van zijn huidige Meerjarenvisie. Dit kan op basis van de elementen die in de deelrapporten worden aangereikt, maar vergt in aanvulling daarop ook nog een exploratie van de opbrengsten en kosten van het tentoonstellingsprogramma voor de komende jaren. In hoofdstuk 5 gaan wij nader in op de mogelijkheden ter vergroting van de inkomsten van het museum uit fondsen, sponsors en activiteiten.

14

Wat kost het om de basis op orde te brengen? Exploitatie

Structureel (subsidie)

Eenmalig (investering)

Componenten uit de deelrapporten van RaadSaam/BMC: Huidige structurele subsidie Huidige incidentele subsidie Borgen van het toekomstig huurdersonderhoud van Hoflaan 26 conform MOP Tijdelijk project wegwerken achterstanden collectiebeheer 1 FTE structureel voor collectiebeheer Borgen toekomstige investeringen in herinrichting en vervangen inventaris 1 FTE voor fondsenwerving en versterken verdiencapaciteit

€ 500.000 € 20.000 € 23.000 € 217.000 of: 3 x € 72.334,- p.j € 70.000 € 17.000 € 75.000

“Plus”-opties (zie voor meer info over het perspectief “Inspirerend Bergen” in hoofdstuk 6) 0,5 Fte voor coördinatie van de vrijwilligers op grote(re) schaal (schaal 10 museum-cao). ‘Matchingsgeld’ voor het eventprogramma

€ 35.000 € 250.000

Geraamde investeringen Opknappen depot Berkenlaan voor de erfgoedcollectie (120 m2) Nieuwbouw depotvoorziening voor de kunstcollectie (Boekelermeer) Inrichtingskosten nieuw depot Verhuis- en transitiekosten Kwijtschelden lening 2013 Opstellen integraal plan voor de buitenruimte van het museum (beeldentuin)

€ 100.000 € 1.350.000 € 84.000 € 50.000 € 350.000 € 30.000

15

Wat zijn de consequenties als de basis niet op orde wordt gebracht? Zonder de geschetste maatregelen moet het museum op de huidige voet verder. Het moet dan besparingen doorvoeren ter grootte van structureel € 380.000 vanwege teruglopende bezoekersinkomsten. Het type museum dat resteert wordt op deze pagina weergegeven. Profiel: Kleinschalig kunsthistorisch museum met lokale en regionale betekenis (+ het Sterkenhuis als klein historisch museum van lokale betekenis). Kranenburgh presenteert uitsluitend de eigen collectie (de Bergense School). Geen/zeer beperkte wisseltentoonstellingen. Publieksbereik: Maximaal 20.000. Bedacht moet worden dat de collectie als zodanig niet heel uitzonderlijk is. Het Stedelijk Museum Alkmaar heeft bijvoorbeeld betere werken van de Bergense School in bezit. En ook elders zijn werken van de bekende Bergense kunstenaars te bewonderen. Organisatie: Nog slechts een kleine kern van professionals. Vooral vrijwillige inzet, met enige professionele begeleiding (voor collectiebeheer en management). Accent op samenwerking met (en presentatie van) lokale kunstenaars-gemeenschap en verenigingen KCB en NHKC

Financieel: Het huidige subsidieniveau (€ 500.000) wordt gecontinueerd. Door het achterwege blijven van wissel- tentoonstellingen ontstaat er ruimte om een deel van het gebouw te gebruiken als depot. Het museum moet besparingen doorvoeren ter grootte van structureel € 380.000 vanwege teruglopende bezoekersinkomsten Effecten: • Geen spraakmakende tentoonstellingen • Weinig economische spin off • Depotproblematiek kan inpandig worden opgelost door een deel van het museum hiervoor te benutten. • Blijvende achterstanden in het collectiebeheer. Nadelen: • Verminderde uitstraling • Gevaar van neerwaartse spiraal door alsmaar dalende bezoekersaantallen • Risico van achterstanden in het huurdersonderhoud.

16

Voortzetten huidige situatie betekent als perspectief: onder de kritische grens (perspectief A) Als de huidige stand van zaken wordt gecontinueerd treedt de situatie in zoals beschreven in de brandbrief van de RvT van de stichting Kranenburgh. Dit is perspectief A: onder de kritische grens. Dit betekent: - Geen landelijk aansprekende exposities meer. - Een terugval in het bezoekersaantal en dus publieksinkomsten. - Risico op verlies museumregistratie en toegang op basis van de museumkaart. - Noodzaak van besparingen:

Noodzakelijke besparingen

Het museum kan de kosten verlagen d.m.v. 1. Reorganiseren: afscheid nemen van merendeel van de professionele kernorganisatie. 2. Versoberen tentoonstellingsprogramma: geen grootschalige en spraakmakende wisseltentoonstellingen, maar de nadruk op de eigen (vaste) collectie 3. Depotvoorziening inpandig realiseren in het huidige auditorium/museumzaal (geschatte investering: € 100.000,-).

per jaar

Derving inkomsten uit kaartverkoop*)

€ 175.000

Derving inkomsten uit horeca en winkel

€ 95.000

Huidige tekort in de exploitatie

€ 110.000

Totaal

€ 380.000

17

3. Het oplossen van de depotproblematiek 18

Het museum heeft problemen met zijn depotvoorzieningen Huidige situatie Situatie is problematisch: er wordt is niet voldaan wordt aan de huidige wet en regelgeving en de eisen van Museumregistratie. Risico: uit het landelijke Museumregister gezet te worden, waardoor ook de Museumkaart niet meer gebruikt kan worden. NB: een goed depot = wettelijke taak (art. 25 Auteurswet). Eigenaren hebben een zorgplicht. Aard van de problemen: • Bouwkundige gebreken • Ongunstig binnenklimaat (Berkenlaan) • Te weinig m2 opslagruimte • Geen werkruimte voor de vrijwilligers die werken met de collectie van het Sterkenhuis • De commerciële depots die worden gehuurd zijn duur. • De gehuurde depots liggen te ver weg.

Twee collecties: M2

Wat is nodig?

300 m2

kunstcollectie Kranenburgh

hoogwaardige klimatisering.

120 m2

erfgoedcollectie Sterkenhuis

• beperkte klimatisering • grote werkruimte voor de vrijwilligers

420 m2

Alles op max. 15 min reisafstand

NB: het krijgen van bruiklenen van andere musea (bv voor tentoonstellingen) is lastiger voor Kranenburgh als de depotvoorzieningen versnipperd zijn en klimatologisch niet in orde. Als werken worden binnengehaald voor een expositie moeten ze vaak vooraf of na afloop tijdelijk worden opgeslagen.

19

De depotproblemen moeten in ieder geval worden opgelost Het advies is om de depotproblematiek van Kranenburgh sowieso op te lossen vanwege de geldende wettelijke verplichtingen. Als de situatie waarin het museum nu financieel verkeert wordt voortgezet, dan kan het kunstdepot worden ondergebracht in Museum Kranenburgh. De basis op orde houdt in: • Het pand Berkenlaan 2 geschikt te maken als depot voor de erfgoedcollectie van het Sterkenhuis (geschatte investering: • € 100.000). • In Boekelermeer een nieuw depotgebouw te realiseren voor de kunstcollectie. Geschatte investering: • € 1.350.000 excl. btw, aankoop grond, leges en bestrating rondom). • € 84.000 inrichtingskosten. • € 50.000 verhuis- en transitiekosten. • Rekening te houden met jaarlijkse lasten voor het eigenaarsonderhoud door de gemeente van deze depotruimtes (geschatte jaarlast: € 13.000,-) en voor het beheer door Kranenburgh (geschatte jaarlast: € 15.000,-).

Toelichting Naast de investeringslasten moet rekening worden gehouden met structurele gebouwgebonden lasten voor de gebruiker, d.w.z. het museum. Het gaat dan om de kosten van energie, verzekering, OZB, schoonmaak, klein onderhoud en beveiliging. Indicatief kan hiervoor worden gerekend met een bedrag van ca. € 50,- per m2, d.w.z. € 15.000,- per jaar. Deze kosten komen in de plaats van de depotkosten die het museum nu heeft. Per saldo is effect op de exploitatie naar verwachting gunstig. Mocht dit niet zo zijn, dan dient de subsidie hierop te worden aangepast. Voorts rekenen wij voor de lasten van het eigenaarsonderhoud € 13.000 per jaar (ca. 1% van de bouwwaarde). Deze kosten komen voor rekening van de gemeente. De kosten van het huurdersonderhoud zijn nog niet in beeld gebracht, maar zijn naar verwachting gering. Overgangsmaatregelen • Geef de collectie bij Imming meer ruimte ter voorkoming van schade; • Pak de collectie bij Kortmann uit; • Organiseer een eigen werkruimte voor de collectie bij minimaal een van de twee depots. • Plaats alles wat geen collectie is niet meer in het depot op de Berkenlaan en creëer meer ruimte voor de Sterkenhuis-collectie. 20

4. Het wegwerken van de achterstanden in het collectiebeheer 21

Om welke collecties gaat het? Kunstcollectie Kranenburg Kranenburgh beheert een verzameling kunst van 1900 tot heden. Het museum werd opgericht in 1993 (villa Kranenburgh). De kern van de collectie wordt gevormd door De Bergense School. Het museum beheert ook de collectie van Het Sterkenhuis, de collecties van de gemeente Bergen en het Noord-Hollands Kunstcentrum. De samenstelling:

Erfgoedcollectie Het Sterkenhuis De collectie is historisch en bestaat uit gebruiksvoorwerpen, kunst, documenten, archeologische vondsten en textiel (waaronder streekdracht). Het laat de bewoningsgeschiedenis van Bergen zien. De collectie bestaat uit circa 11.500 objecten. Deze zijn onderverdeeld in 28 deelcollecties.

• A-collectie: ruim 100 werken, stukken van goede kwaliteit, waarvan óf het kunsthistorisch belang onomstreden is, óf de (historische) relatie met Bergen uitzonderlijk, en vaak beide. 80% van deze topcollectie dateert uit de vooroorlogse periode. Dit deel van de collectie is gezichtsbepalend voor het museum. • B-collectie: ca. 400 werken die samen met categorie A de ruimere kerncollectie van Kranenburgh vormen. Ook hierbij is goed werk van Bergense (School) schilders, maar minder representatief. • De ‘studiecollectie’: werken van kunstenaars die de kerncollectie context geven. De studiecollectie telt ca. 1300 werken.

Zakelijke aspecten In 2011 is de gemeentelijke kunst- en erfgoedcollectie in bruikleen gegeven aan Kranenburgh. De verzekeringskosten zijn voor de gemeente, de beheerkosten voor het museum. Centraal staat de vraag waartoe de gemeente als eigenaar juridisch is gehouden om de bruikleennemer in staat te stellen het beheer naar behoren uit te voeren. De Auteurswet regelt een zorgplicht: de eigenaar moet zorgen voor een goed beheer, adequate registratie, veiligheidszorg en adequate opvolging bij schades.

22

Wegwerken achterstanden collectiebeheer Diagnose • Kranenburgh heeft een grote dynamiek in haar presentatie en publieksbeleid. Dit heeft grote impact op de werkdruk voor de afdeling collectiebeheer. • Het aantal besteedbare uren voor collectiebeheer geeft geen enkele ruimte voor de standaard basiswerkzaam-heden voor een goed collectiebeheer en de begeleiding van de Sterkenhuis-collectie, anders dan door tijdelijke externe inhuur. • Kijkend naar de 7 referentiemusea wordt duidelijk dat Kranenburgh met de 0,8 fte de minste vaste formatie ter beschikking heeft. • Uit de onderliggende berekeningen komt dat Kranenburgh eigenlijk in totaliteit 5,4 fte nodig heeft voor alle taken en verantwoordelijkheden, plus de noodzakelijke inhaalslag. • Kranenburgh heeft geen werkruimte beschikbaar in of naast de depots om de inhaalslag uit te voeren. • Voor de Sterkenhuis collectie ontbreekt het eveneens aan een goed depot en adequate werkruimtes: hierdoor is er achterstand in de zorg voor de collectie.

Advies 1. Depotproblematiek oplossen (zie hiervoor). 2. Achterstanden wegwerken via een tijdelijk project. Hiervoor is 3,1 fte nodig, wat neerkomt op een eenmalig extra budget van € 217.000 of € 72.334,- p.j. gedurende drie jaar. 3. De formatie voor collectiebeheer structureel uitbreiden, omdat Kranenburgh meer moet doen dan alleen ‘op de winkel passen’: minimaal is nodig 1 fte (= € 70.000).

23

5. De mogelijkheden tot optimalisatie van het verdienmodel 24

De eigen inkomsten van het museum zijn relatief hoog, beperkte ruimte om verdiencapaciteit te vergroten Situatie • Horeca en winkel/kunstuitleen functioneren redelijk goed. Ze zorgen bij Kranenburgh voor 13% van de eigen inkomsten. Museumcijfers 2019 geeft als landelijk gemiddelde 16%. • De baten uit entreegelden zorgen voor 38% van de inkomsten. De entreeprijzen zijn marktconform. • Dit betekent dat ruim 50% van de totale inkomsten van Kranenburgh als eigen inkomsten zijn te bestempelen. Dit is conform het landelijk gemiddelde, maar is relatief hoog voor een museum met de omvang van Kranenburgh. • Het museum heeft een beperkte horeca-vergunning: voor max. 30 culturele avondactiviteiten en 20 culturele zondagochtenden. • Het museum wil het terras publiekstoegankelijk hebben tussen 9.00 – 22.00 uur. De aanvraag daarvoor (omgevingsvergunning) is ingediend. • De inkomsten uit de kunstuitleen kunnen niet worden aangewend voor het museum. De spaartegoeden blijven eigendom van de leners. De verkoopopbrengsten zijn inkomen voor de kunstenaars.

Advies • Het potentieel aan eigen inkomsten kan worden vergroot wanneer het museum meer ruimte krijgt voor zakelijke events. • Reeds eerder, in 2012/2013, zijn hiervoor plannen gemaakt. • Het museum denkt zelf o.a. aan zakelijke bijeenkomsten, relatiemarketing voor sponsoren, recepties, huwelijks-ceremonies, symposia, voorlichtingsavonden en informatiemarkten. Maar ook culturele activiteiten behoren tot de mogelijkheden (zoals literaire avonden en concerten). • Het gebouw is er wat betreft voorzieningen en ruimten geschikt voor. • Het terras en de tuin kunnen beter benut worden. De gemeente zou dit kunnen faciliteren door het verlenen van vergunningen.

NB: het is belangrijk van deze inspanningen geen overspannen verwachtingen te hebben. Veel activiteiten vergen een flinke inzet (ook financieel) om ze mogelijk te maken. De extra inkomsten die wordt gerealiseerd moeten worden gezien als een meevaller, niet als een voorwaarde om op structurele basis de exploitatie sluitend te maken.

25

Terras en tuin kunnen beter worden benut Een belangrijk onderdeel van de Meerjarenvisie van het museum is het benutten van de potentie van de tuin en het bos rond Hoflaan 26 ten gunste van bijvoorbeeld een beeldentuin. Belemmeringen zijn op dit moment: • De tuin formeel geldt als openbaar terrein (publiek toegankelijk zonder entreeticket). • Onvoldoende afscheidingen rondom. • In het bestemmingsplan staat dat kunst- en cultuureducatie alleen binnen mogen plaatsvinden. • Voor wijzigingen in het aanwezige groen moet een omgevingsvergunning worden verkregen. • In het bestemmingsplan staat vermeld dat het museum geen buitenactiviteiten mag ontplooien (zoals bijvoorbeeld een zomerconcert in de tuin). • NB: drie jaren heeft het Kindermuziekfestival in de tuin plaatsgevonden. Daarvoor verleende de burgemeester jaarlijks een ontheffing voor 1 dag.

Advies: maak zo mogelijk een ontwikkelplan voor terras en tuin. Spreek als gemeente ten principale de wenselijkheid uit dat de buitenruimte van het museum voor culturele doeleinden wordt benut onder de conditie dat dit voor de buurt niet tot disproportionele vormen van overlast mag leiden. Stel hiertoe een integraal plan op dat handelt over de wijze van benutting van de tuin, de afgrenzing en beveiliging, de manier waarop met (veranderingen in) het groen wordt omgegaan en de soort en frequentie van de activiteiten die mogen plaatsvinden. Bespreek dit ontwikkelplan, tracht over de inhoud tot overeenstemming te komen en vertaal de inhoud van het plan vervolgens in de ruimtelijke regels die van toepassing zijn.

26

De inkomsten uit sponsoring en giften zouden omhoog kunnen, maar daar zijn ook kosten aan verbonden • Musea en kunstcollecties zijn populair bij vermogende particulieren. Veel musea hebben vrienden georganiseerd rondom ontmoetingen, bijeenkomsten en openingen. Dit zorgt voor inkomsten (lidmaatschappen, giften) maar ook voor betrokkenheid. • Kranenburgh zou structureel de samenwerking kunnen zoeken met (groepen van) particulieren, liefst met lokale binding. • De inkomsten uit sponsoring en giften zijn in de regel niet bedoeld voor de reguliere exploitatie, wel voor financiële ondersteuning van activiteiten zoals exposities en manifestaties. • Maar belangrijke voorwaarde is dat museum statuur moet hebben. Dit kan alleen als de basis op orde is. • Een tweede voorwaarde is dat het museum middelen (capaciteit en expertise) heeft om de vrienden aan zich te binden.

27

6. Perspectieven voor de toekomst

28

Gemeente kan kiezen uit drie perspectieven Wat betreft het toekomstig profiel van het museum kan de gemeente conform de adviezen van RaadSaam/BMC kiezen tussen drie perspectieven: A. Onder de kritische grens. De basis wordt niet op orde gebracht, de huidige situatie wordt voortgezet. Aan het einde van hoofdstuk 1 schetsen we hoe dit er uit zal zien: geen landelijk aansprekende exposities, een terugval in het bezoekersaantal, noodzaak van besparingen, risico op verlies museumregistratie/ toegang met museumkaart. B. De basis op orde. Als dit het geval is, ligt er een fundament om de Meerjarenvisie van het museum te realiseren. Wij noemen dit perspectief hierna dan ook ‘Museum in het groen’ conform de benaming van die visie. C. Als de basis op orde is kan het museum zijn blik richten op het ontwikkelpotentieel. Dit potentieel zit in het verbreden van de werking van Kranenburgh naar het dorp Bergen, de andere kernen en de regio. Wij noemen dit perspectief hierna: Inspirerend Bergen. 29

Perspectief A: voortzetten huidige situatie Profiel: Kleinschalig kunsthistorisch museum van lokale en regionale betekenis + klein historisch museum van lokale betekenis. Kenmerk: Kranenburgh vertoont alleen stukken uit de eigen collectie (de Bergense School).

Effecten: • Geen spraakmakende tentoonstellingen • Fors dalend bezoekersaantal • Weinig economische spin off • Depotproblematiek kan inpandig worden opgelost door een deel van het museum hiervoor te benutten.

Publieksbereik:Max. 20.000.

Investeringskosten: geen

Organisatie: Nog slechts een kleine kern van professionals. Vooral vrijwillige inzet, met enige professionele begeleiding (voor collectiebeheer en management). Accent op samenwerking met (en presentatie van) lokale kunstenaarsgemeenschap en verenigingen KCB en NHKC.

Risico’s: • Verminderde uitstraling • Gevaar van neerwaartse spiraal door alsmaar dalende bezoekersaantallen • Risico van achterstanden in het huurdersonderhoud • Risico van achterstanden in collectiebeheer

Financieel: Huidige subsidieniveau handhaven. Het museum moet besparingen doorvoeren ter grootte van structureel € 380.000 vanwege teruglopende bezoekersinkomsten

30

Perspectief B: museum in het groen Als de basis op orde is kan werk worden gemaakt van de Meerjarenvisie van het museum: “In de komende vijf jaar wil Kranenburgh het beeldenbos en de beeldentuin verder ontwikkelen. Het is een grote wens van het museum om het beeldenbos de komende jaren te ontsluiten als buitenmuseum (aanraken mag) waarin bezoekers de kunst kunnen ervaren met handen, hoofd en longen. Het beeldenbos zou heringericht moeten worden met betere paden en verlichting. De huidige beeldencollectie moet worden herschikt zodat ze een samenhangend verhaal vormt. (…). Met andere musea kan overlegd worden over bruiklenen. (…) In het buitenmuseum vieren we de seizoenen met buitenactiviteiten in de zomer. (….) Tussen droom en daad staat nog een aantal bezwaren, vaak van wettelijke aard. De museumtuin is gemeentelijk terrein en er geldt momenteel een beperkend bestemmingsplan. Het toekomstige beeldenbos zal in nauw overleg met de gemeente ontwikkeld moeten worden.”

Het benutten van tuin en bos kan Kranenburgh een bijzonder en eigentijds profiel geven, zeker als de natuur niet alleen als decor wordt benut, maar ook inhoudelijk wordt gethematiseerd. De aantrekkingskracht van Kranenburgh kan met buitenkunst fors worden versterkt, vooral omdat ‘groen’ en ‘buiten’ perfect passen bij de identiteit van Bergen.

31

B: museum in het groen: typering Profiel: Middelgroot kunstmuseum van bovenregionale en landelijke betekenis + klein historisch museum van lokale/regionale betekenis. (= het profiel van de afgelopen jaren, periode 2014-2019)

Effecten: • Kranenburgh en Bergen aantrekkelijk voor dagjesmensen • Dit geeft ook aardige economische spin off • Het gebouw moet state-of-the art blijven

Kenmerk: Kranenburgh heeft regelmatig opvallende tentoonstellingen en profileert zich daarmee regionaal én nationaal. Kranenburgh maakt werk van haar profiel als ‘Museum in het groen’: tuin en bos worden actief geprogrammeerd met buitenkunst. (NB: het depotprobleem moet worden opgelost).

Financieel: Om dit toekomstperspectief te realiseren is extra inzet voor fondsenwerving en versterken van de verdiencapaciteit (€ 75.000) essentieel.

Publieksbereik: Bezoekers: ca. 60.000 p.j. Toegang met museumkaart belangrijk. Organisatie: Professioneel museum: dit geldt voor de exposities, het collectiebeheer, fondsenwerving én de marketing en communicatie. Goede marketing is essentieel voor het beoogde publieksbereik.

32

Wat kan ‘museum in het groen’ opleveren? Artistieke waarde: • Inzicht in de Bergense School • Regelmatig wisseltentoonstellingen • Eigentijdse en relevante exposities • Beeldentuin met zelfstandige aantrekkingskracht • Impact op het publiek

Maatschappelijke waarde: • Ontmoeting, verbinding en integratie • Educatie • Persoonlijke beleving, emotie, ontwikkeling Economische waarde: • Meer bestedingen in horeca en detailhandel, ook in naburige kernen • Aantrekkingskracht op (nieuwe) inwoners en bedrijven

33

Perspectief C: Inspirerend Bergen Het potentieel van Kranenburgh reikt in onze optiek nog verder dan alleen het terrein van het museum zelf. Er zou ook ingezet kunnen worden op het thema ‘Inspirerend Bergen’ door meerdere aantrekkelijke culturele plekken in/rond het centrum van het dorp te creëren. Bergen wordt in dit perspectief gepositioneerd als inspiratieplek voor kunstenaars. Het dorp wordt dan actief ‘cultureel geladen’ door: • Beleid om meer inwoners te betrekken bij (projecten in en van) het Sterkenhuis. En daarmee het profiel van het huis als plek van cultuurhistorie versterken. • Zichtbaarheid Kunstenaars Centrum Bergen (KCB) verder versterken, ook in de dorpskern. • ‘Artists-in-residence locaties in Bergen, Egmond en andere kernen in de regio, evt gekoppeld aan ateliers.

Kranenburgh is in dit doorkijkje de aanjager van het geheel omdat alleen het museum hiervoor de organisatiekracht heeft. Het museum vervult dan tevens de rol van een expertisecentrum voor de ontwikkeling van kunst en cultuur in de kernen. In aanvulling op de verschillende culturele locaties in het dorp organiseert Kranenburgh regelmatig opvallende buitenkunstmanifestaties in het dorp met kunst van (inter)nationaal nivo).

Waar mogelijk worden ook Egmond, Schoorl en andere kernen in de regio bij de kunstmanifestaties betrokken. Zelfs is het denkbaar dat in BUCH-verband (Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo) aan deze ambitie wordt gewerkt. Denk dan aan een eventprogramma dat bovenlokaal is, zoals het kunstprogramma 6Beaufort langs de Vlaamse kust. Het benutten van dit ontwikkelperspectief kost: a. inzet van menskracht om de activiteiten van vrijwilligers in de kern Bergen en in andere kernen te coördineren en b. budget om bijdragen van fondsen en sponsors te kunnen matchen.

Referenties: Oerol (Terschelling) => theater Into the great wide open (Vlieland) => muziek Watou (Vlaanderen) => poëzie 6Beaufort (Belgische kust) => monumentale kunst Zomerse beeldententoonstelling op het Lange Voorhout, Den Haag (voorheen Den Haag Sculptuur) De kunstroute bij Kasteel Keukenhof 34

C: Inspirerend Bergen: typering Profiel: Middelgroot kunstmuseum van landelijke betekenis + klein historisch museum van lokale/regionale betekenis, ingebed in kunstenaarsdorp Bergen met meerdere aantrekkelijke culturele plekken. Kenmerk: Kranenburgh heeft regelmatig opvallende tentoonstellingen en profileert zich daarmee nationaal en internationaal (als bij C). Eventprogramma Bergen Buitenkunst (meerjarig, van (inter)nationaal nivo). (NB: het depotprobleem moet worden opgelost). Het dorp wordt actief ‘cultureel geladen’ door: • Beleid om meer bezoekers te trekken in het Sterkenhuis. • Goed positioneren van Kunstenaars Centrum Bergen (KCB). • ‘Artists-in-residence locaties in Bergen, Egmond en andere kernen in de regio, evt gekoppeld aan ateliers. Kranenburgh is van het geheel de aanjager. NB: overleg met andere actoren (oa KCB en Sterkenhuis) is wenselijk over de vraag wat er nodig is opdat zij zich verder kunnen ontwikkelen.

Het Sterkenhuis zou meer verbonden kunnen worden met het geheel van historische musea/verenigingen in de regio (Museum Egmond; Museum Slotkwartier, Huis van Hilde). Organisatie: Goede marcom én fondsenwerving door het museum zijn essentieel voor het beoogde effect. Publieksbereik: Bezoekers: 90.000+ p.j.

Effecten: • Bergen en naburige kernen aantrekkelijk voor toeristen • Flinke economische spin off • Het gebouw moet state-of-the art blijven • Het museum heeft intern meer ruimte nodig Subsidie: Het subsidieniveau moet verder worden opgehoogd, tenminste met: • € 35.000 voor coördinatie van bewonersparticipatie (activiteiten in het dorp) • € 250.000 als ‘matchingsgeld’ voor het eventprogramma in de buitenruimte (andere helft van het benodigde bedrag komt van sponsors en fondsen)

35

Wat kan ‘Inspirerend Bergen’ opleveren? Artistieke waarde: • Hoogwaardig eigentijds aanbod • Impact op het publiek • Schakel in de culturele keten Maatschappelijke waarde: • Ontmoeting, verbinding en integratie • Educatie, maatschappelijke bewustwording • Persoonlijke beleving, emotie, ontwikkeling • Opladen van het dorp • Betrekken van de andere kernen Economische waarde: • Meer bestedingen in horeca en detailhandel, ook in de regio. • Aantrekkingskracht op (nieuwe) inwoners en bedrijven • Meer werkgelegenheid

36

De perspectieven tegen elkaar afgewogen Perspectieven: A. Huidige situatie voortzetten

B. Basis op orde: opstap naar Museum in het groen

C Inspirerend Bergen

Formatieakkoord 2019-2022 Kranenburgh moet landelijk aansprekende tentoonstellingen organiseren

-

+

++

Museum moet als expertisecentrum de ontwikkeling van kunst en cultuur in de kernen ondersteunen.

-

+/-

+

De vestiging en bekostiging van een depot wordt integraal beoordeeld

+

+

+

Iedere kern moet uitingen hebben die verleden, heden en toekomst markeren. Het cultureel (im-)materieel erfgoed wordt gekoesterd.

-

+/-

++

Bergen profileert zich als kunst- en cultuurgemeente

-

+

+++

Kranenburgh is belangrijke troef.

-

+

++

Kranenburgh => hét centrum van moderne beeldende kunst boven het Noordzeekanaal.

-

+/-

++

Museum moet haar collecties actief beheren en ontwikkelen.

-

+

+

Museum moet breed cultureel programmeren (ook muziek, literatuur e.d.).

-

+

++

Dagjesmensen spenderen ruim € 50,= p.d.

-

+

++

Overnachters geven gem. € 150 uit

-

+/-

+

Gemeentelijke cultuurnota

Economisch perspectief

37

Samenvattend advies In prioritaire volgorde:

De basis bij de gemeente:

• Breng en houd de basis op orde, zowel aan de kant van de gemeente als aan de kant van het museum.

1.

De zorgplicht voor de collectie vertalen in beleid en geld: zorgen voor goede depotvoorzieningen en adequaat collectiebeheer.

• Werk de achterstanden in het collectiebeheer weg met een eenmalige impuls (project) en met het versterken van de structurele formatie van het museum.

2.

Het museum financieel en organisatorisch op sterkte te brengen en daarbij de subsidie indexeren.

3.

• Formuleer het Programma van Eisen voor het te realiseren depot in de Boekelermeer en maak een reservering voor de benodigde investering.

Meerjaren afspraken over de subsidie en de door het museum te leveren prestaties..

4.

• Geef het museum letterlijk en figuurlijk meer ruimte om het verdienmodel te optimaliseren.

Periodiek overleg tussen gemeente en museum over onder meer de onderhoudswerkzaamheden.

5.

In het beleid aandacht besteden aan (a) de inzetbaarheid van het museum in het sociaal-maatschappelijk domein en (b) aan het optimaliseren van de verhoudingen tussen lokale kunstenaars en de lokale musea.

• Investeer in versterken van de verdiencapaciteit wat betreft fondsen, sponsors en particuliere begunstigers. Voor de toekomst zijn er drie perspectieven: A. De basis niet op orde brengen en riskeren dat het museum door een kritische ondergrens zakt. B. C.

De basis op orde brengen en zo ervoor zorgen dat de Meerjarenvisie van het museum (Museum in het groen) kan worden uitgevoerd. Oog hebben voor het ontwikkelpotentieel van het museum en inzetten op een verder reikend perspectief: het museum als aanjager van ‘Inspirerend Bergen’.

De basis bij het museum: 1. De organisatie formatief op sterkte brengen op de onderdelen (a) collectiebeheer en (b) fondsenwerving/versterken verdiencapaciteit. 2.

Een meerjarenbegroting maken.

3.

Periodiek overleg tussen museum en gemeente over onder meer de onderhoudswerkzaamheden.

4.

Uitvoering geven aan een adequaat collectiebeheer.

5.

Tijd en energie steken in fondsenwerving. 38

Bijlagen

39

Achtergrondinfo: hoe zit het nu financieel? We onderscheiden output en overhead. De output bestaat uit de volgende ‘producten’: • Collectiebeheer, inclusief aankopen • Presentatie • Educatie en cultuur op school • Horeca • Winkel en kunstuitleen • Verhuur. De overhead bestaat uit: • Huisvesting en facilitaire zaken • Publiciteit • Beheer, administratie en ict • Rente- en bankkosten.

Jaarrek. 2018

Jaarrek. 2019

€ 405.734 € 12.500 € 78.337 € 220.720 € 207.115 € 6.939 € 131.030

€ 473.919 € 12.500 € 92.305 € 252.288 € 262.759 € 4.470 € 135.936

€ 9.500

€ 9.500

Totale baten

€ 1.071.875

€ 1.243.677

UITGAVEN Lasten collectiebeheer Lasten tentoonstellingen Publiciteitskosten Lasten cultuureducatie op school Kosten horeca (personeel en materieel) Kosten winkel en kunstuitleen Huisvestingslasten Kantoorkosten (personeel en materieel) Rente- en bankkosten Totale lasten

€ 101.823 € 375.883 € 125.318 € 115.483 € 171.659 € 144.966 € 276.833 € 255.791 € 13.815 € 1.581.571

€ 175.183 € 407.831 € 148.437 € 110.564 € 182.778 € 170.236 € 250.937 € 292.597 € 12.889 € 1.751.452

€ 509.696 € 510.000

€ 507.775 € 510.000

-€ 304

-€ 2.225

INKOMSTEN Baten tentoonstellingen Afdracht Kunstuitleen t.b.v. communicatie Inkomsten uit educatie (incl. subsidie cultuurcoaches) Opbrengst horeca Opbrengst winkel en kunstuitleen Baten uit verhuur Inkomsten uit schenkingen, donaties en sponsoring Bijdrage van St BKB in huisvesting

Exploitatietekort Gemeentesubsidie Saldo

40

Benchmark met 7 musea (Museana 2018) • De structurele exploitatiesubsidie ligt bij Kranenburgh aanmerkelijk lager dan bij vergelijkbare kunstmusea. Per bezoek ontvangt Kranenburgh € 8,50 aan structurele subsidie. Voor de vergelijkbare kunstmusea gaat het volgens Museana om een gemiddelde van € 35. • Dus: Kranenburgh ontvangt slechts een kwart aan structurele subsidie van wat de referentiemusea gemiddeld aan structureel subsidie ontvangen. • Echter: bij deze vergelijking valt de kanttekening te maken dat de huurcomponent afwijkend is geregeld bij de verschillende musea. Laten we de huurcomponent buiten beschouwing, dan ontvangt Kranenburgh echter nog steeds de minste subsidie van de lokale overheid. Gemiddeld ontvangen vier van de referentiemusea een exploitatiesubsidie van € 23,40 per bezoeker, tegen € 6,90 in het geval van Kranenburgh (verschil: € 16,50 per bezoek). • Een en ander vertaalt zich onder meer in grote verschillen in personeelsomvang.

€ 40,00 € 35,00

€ 30,00 € 25,00 € 20,00 € 15,00 € 10,00 € 5,00 € 0,00 Kranenburgh

Referentiemusea

Subsidie per bezoek incl. huisvesting Subsidie per bezoek excl. huisvesting

41

Benchmark: verschillen in personeelsomvang per 10.000 bezoeken (gebaseerd op cijfers 2018)

Nb: Kranenburgh trok in 2018 67.000 bezoekers, de referentiemusea gemiddeld 43.000

42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://www.raadbergen-nh.nl/api/v1/meetings/4461/documents/30619